AEG DEM 100 Comfort EL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG DEM 100 Comfort EL (40 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 82 mensen. Heb je een vraag over AEG DEM 100 Comfort EL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Ketel & boiler |
| Model: | DEM 100 Comfort EL |
| Kleur van het product: | Wit |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 35000 g |
| Breedte: | 475 mm |
| Diepte: | 492 mm |
| Hoogte: | 1045 mm |
| Geluidsniveau: | 15 dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | C |
| Jaarlijks energieverbruik: | 2517 kWu |
| Soort: | Tank (wateropslag) |
| Internationale veiligheidscode (IP): | IP25 |
| LED-indicatoren: | Ja |
| Capaciteit watertank: | 100 l |
| Ondersteuning voor plaatsing: | Verticaal |
| Instelbare thermostaat: | Ja |
| Temperatuur (max): | 85 °C |
| Bereik thermostaat: | 20 - 85 °C |
| Maximaal vermogen: | 6000 W |
| Efficientie: | 40 procent |
| AC-ingangsspanning: | 230/400 V |
| Type beeldscherm: | LCD |
| Verwamingslocatie: | Binnen |
| Brandstof: | Electrisch |
| Warmwatercapaciteit: | - l/min |
| Minimum vermogen: | 1000 W |
| Elektronische stroom controlle: | Ja |
Handleiding AEG DEM 100 Comfort EL – volledige tekst
21Inhoud - Bijzondere infoBIJZONDERE INFOBEDIENING 1. Algemene aanwijzingen. 22 2. Veiligheid. 22 3. Toestelbeschrijving. 23 4. Instellingen. 23 5. Reiniging, verzorging en onderhoud. 26 6. Problemen verhelpen. 26 INSTALLATIE 7. Veiligheid. 27 8. Toestelbeschrijving. 27 9. Voorbereidingen. 27 10. Montage. 27 11. Ingebruikname. 29 12. Instellingen. 29 13. Buitendienststelling. 29 14. Storingen verhelpen. 30 15. Onderhoud. 31 16. Technische gegevens. 32GARANTIEMILIEU EN RECYCLINGBIJZONDERE INFO ◦Het toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar, alsmede door personen met verminderde fysieke, sensorische of geestelijke vermo-gens of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel geïnstrueerd zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben.
-Kinderen mogen niet met het toestel spelen. -Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging of gebruikersonderhoud uitvoeren. ◦Aansluiting op het stroomnet is alleen als vaste aansluiting toegestaan. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3 mm van de aansluiting van het net losgekoppeld kunnen worden. ◦Bevestig het toestel zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie/voorbereidingen". ◦Neem de maximaal toegelaten druk in acht (zie hoofdstuk "Installatie/technische gegevens/gegevenstabel"). Gesloten werkwijze: ◦Het toestel staat onder druk. Tijdens ver-warming druppelt expansiewater uit de veiligheidsklep. ◦Stel periodiek de veiligheidsklep in werking, zodat vastzitten, bijv. door kalkafzettingen, voorkomen wordt. ◦Tap het toestel af zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie/onderhoud/het toestel aftappen".
◦Monteer een type-gekeurd veiligheidsventiel in de koudwateraanvoerleiding. Let erop dat daarvoor, afhankelijk van de voedingsdruk, eventueel ook een reduceerafsluiter nodig is.
◦Dimensioneer de afvoerleiding op een wijze dat het water bij volledig geopende veiligheidsklep ongehinderd kan afgevoerd worden. ◦Monteer de afblaasleiding van de veilig-heidsklep met een constante afwaartse hel-ling in een vorstvrije ruimte. ◦De afblaasopening van de veiligheidsklep moet geopend blijven naar de atmosfeer.
22 Bediening - voor de gebruiker en de installateurBEDIENING 1. Algemene aanwijzingenDe hoofdstukken "Bijzondere info" en "Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en voor de installateur. Het hoofdstuk "Installatie" is bestemd voor de vakman. InfoLees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze op een veilige plaats. Overhandig de handleiding in voorkomende gevallen aan een volgende gebruiker. 1. 1 Veiligheidsaanwijzingen 1. 1. 1 Structuur veiligheidsaanwijzingen. TREFWOORD Soort gevaarHier staan mogelijke gevolgen, wanneer de veilig-heidsaanwijzing wordt genegeerd. » Hier staan maatregelen om het gevaar af te wen-den. 1. 1. 2 Symbolen, soort gevaar Symbool Soort gevaar Letsel Elektrische schok Verbranding(verbranding, verschroeiing) 1. 1.
3 Trefwoorden TREFWOORD Betekenis GEVAAR Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht genomen worden. WAARSCHU-WING Aanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht genomen worden. VOORZICHTIG Aanwijzingen die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht geno-men worden. 1. 2 Andere aandachtspunten in deze documentatie InfoAlgemene aanwijzingen worden aangeduid met het symbool dat hiernaast staat. » Lees de aanwijzingsteksten grondig door. Symbool Betekenis Materiële schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) Het toestel afdanken » Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De ver-eiste handelingen worden stapsgewijs beschreven. 1. 3 Maateenheden InfoTenzij anders wordt vermeld, worden alle maten in millimeter aangegeven. 2. Veiligheid 2.
1 Voorgeschreven gebruikHet toestel is bestemd voor het opwarmen van drinkwa-ter. Het toestel kan één en bij een gesloten (drukvaste) werkwijze ook meerdere tappunten voeden. Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke omgeving. Het kan veilig bediend worden door perso-nen die daarover niet geïnstrueerd zijn.
Het toestel kan eveneens buiten een huishouden gebruikt worden, bijv. in het kleinbedrijf, voor zover het op dezelfde wijze ge-bruikt wordt. Elk ander gebruik geldt niet als gebruik conform de voor-schriften. Als niet conform de voorschriften geldt ook het gebruik van het toestel voor het verwarmen van ande-re vloeistoffen dan water of water met chemicaliën, bijv. brine. Tot gebruik conform de voorschriften behoort ook het in acht nemen van deze handleiding evenals de hand-leidingen voor het gebruikte toebehoren. 2. 2 Algemene veiligheidsaanwijzingen WAARSCHUWING verbrandingDe kraan en de veiligheidsgroep kunnen tijdens de werking een temperatuur van meer dan 60 °C aan-nemen. Bij uitlooptemperaturen van meer dan 43 °C bestaat gevaar voor brandwonden.
WAARSCHUWING letselHet toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar, alsmede door personen met verminderde fysieke, sensori-sche of geestelijke vermogens of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel geïnstrueerd zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen mogen niet met het toe-stel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging of gebruikersonderhoud uitvoeren. Materiële schadeDe waterleidingen en de veiligheidsgroep moeten door de gebruiker tegen vorst beschermd worden. InfoGesloten werkwijze: Het toestel staat onder druk. Tijdens verwarming druppelt expansiewater uit de veiligheidsklep. » Waarschuw uw installateur, als er na het verwar-men nog water nadruppelt.
23Bediening - voor de gebruiker en de installateur 3. ToestelbeschrijvingHet toestel verwarmt op elektrische wijze drinkwater met normaal verwarmingsvermogen of met snelopwarming. Met de elektronische regeling is de energiebesparende instelling gemakkelijker te regelen. Afhankelijk van de stroomvoorziening en het gebruiksgedrag wordt het ver-warmen automatisch uitgevoerd tot aan de gevraagde temperatuur. Zowel een open (drukloze) als een gesloten (drukvaste) werkwijze is mogelijk. Het digitale display geeft informatie weer over de ingestel-de gevraagde temperatuur en de ingeschakelde functies. Het stalen binnenreservoir is voorzien van speciaal direct email en van een gelijkspanningsanode. Bij ingeschakel-de netspanning beschermt de anode het binnenreservoir op actieve wijze tegen corrosie.
Het expansiewater dat ontstaat wanneer het water wordt verwarmd, wordt afgevoerd via het veiligheidsventiel. De isolatie bestaat uit milieuvriendelijk en recyclebaar polyurethaanschuim. Het toestel is beschermd tegen vorst. Het veiligheidsven-tiel en de waterleidingen in de woning of in het huis zijn dat echter niet. Wanneer toestellen van het stroomnet zijn losgekoppeld, is de boiler niet tegen vorst beschermd. Bij kans op vorst moet in zo'n geval de boiler worden afgetapt. U kunt het toestel in éénkring-, tweekring- of boilerwer-king gebruiken. EénkringwerkingIn deze werkwijze verwarmt het toestel bij iedere gevraag-de temperatuurinstelling automatisch met het normale verwarmingsvermogen. Bovendien kunt u de snelopwar-ming inschakelen.
Als de maximaal mogelijke temperatuur is bereikt, schakelt het toestel uit en niet au-tomatisch weer in. 4. Instellingen 4. 1 Bedieningselementen, display en symbolen12326_02_07_0263 5321 4 1 Toets Min 2 Toets Plus 3 Toets Energiebesparingsmodus (ECO) 4 Toets Temperatuurbegrenzing 5 Toets SnelopwarmingDe gevraagde temperatuur wordt weergegeven. Sym-boolBeschrijvingService/storing (zie hoofdstuk "Probleemoplossing") Toetsblokkering Vorstbescherming Energiebesparingsmodus ECO Comfort Energiebesparingsmodus ECO Plus Energiebesparingsmodus ECO Dynamic Temperatuurbegrenzing Verwarmen SnelopwarmingDe ingeschakelde functies/instellingen zijn verlicht. Om energie te besparen, wordt de verlichtingssterkte ver-minderd, wanneer er ca. 5 minuten geen instelling uitge-voerd wordt. Zodra u op een toets drukt, zijn het display en de symbolen opnieuw helder verlicht.
24 Bediening - voor de gebruiker en de installateur 4. 2 FabrieksinstellingenNa de eerste ingebruikname is de gevraagde tempera-tuur ingesteld op een maximumwaarde van 85 °C. Via symbolen wordt weergegeven dat het toestel verwarmt en de energiebesparingsmodus ECO Comfort gekozen is. 12312326_02_07_0283 1 Weergave gevraagde temperatuur (fabrieksinstelling 85 °C) 2 Symbool Verwarmen 3 Symbool Energiebesparingsmodus ECO Comfort (fabrieksinstelling) 4. 3 Gevraagde temperatuur en vorstbescherming instellenDe actuele gevraagde temperatuur wordt weergegeven. Fabrieksinstelling: 85 °C » Stel met de toetsen Plus en Min de gevraagde temperatuur van 20 tot 85 °C in of kies met 7 °C voor de vorstbescherming. Zodra de watertemperatuur lager is dan de geselecteerde waarde, wordt automatisch de verwarming inge-schakeld.
Het symbool Verwarmen verschijnt tot de ingestelde gevraag-de temperatuur opnieuw is bereikt. 7Bij de instelling 7 °C wordt automa-tisch de vorstbescherming ingescha-keld en verschijnt het symbool Vorst-bescherming. InfoWanneer u de gevraagde temperatuur verandert, schakelt het toestel automatisch naar de energie-besparingsmodus ECO Comfort. Bij een laag waterverbruik of zeer kalkhoudend water wordt een lage gevraagde temperatuur aanbevolen, omdat water vanaf ca. 55 °C kalk afscheidt. 4. 3. 1 Vakantie en afwezigheid » Wanneer het toestel gedurende een langere periode niet wordt gebruikt, stelt u de gevraagde tempera-tuur uit het oogpunt van energiebesparing in op 7 °C (vorstbescherming). » Uit hygiënisch oogpunt dient u de inhoud van de boi-ler vóór het eerste gebruik één maal te verwarmen tot ruim 60 °C. 4.
4 Storingscode weergevenIndien er een storing is opgetreden, verschijnt het sym-bool Service/storing. Met de toets Energiebesparingsmo-dus kunt u de storingscode laten weergeven. E. Het symbool Service/storing is ver-licht, omdat er een storing is opge-treden. » Met de toets Energiebesparings-modus wordt de storingscode E.
knipperend weergegeven (zie hoofdstuk "Storingen verhelpen"). Na 15 seconden geeft het toestel automatisch opnieuw de gevraagde temperatuur aan. De eerder geko-zen energiebesparingsmodus blijft dezelfde. 4. 5 Energiebesparingsmodus instellen 4. 5. 1 EnergiebesparingsmodusMet de toets Energiebesparingsmodus kiest u achtereen-volgens de volgende ECO-instellingen: ◦ECO Comfort (fabrieksinstelling) ◦ECO Plus ◦ECO DynamicECO Comfort (fabrieksinstelling)Deze energiebesparingsmodus biedt u altijd de maximale hoeveelheid warm water en daardoor het hoogste com-fort. In de energiebesparingsmodus ECO Comfort wordt de gevraagde temperatuur na een week automatisch van 85 °C naar 60 °C verlaagd. In de energiebesparingsmodus ECO Comfort kunt u te allen tijde de gevraagde temperatuur handmatig tussen 61 °C en 70 °C instellen.
Dit is ook onmiddellijk na de ingebruikname mogelijk en na de automatische verlaging van de gevraagde temperatuur. Wanneer u de gevraagde temperatuur hoger dan 70 °C instelt, wordt de gevraag-de temperatuur na een week weer automatisch verlaagd naar 60 °C. ECO Plus (bij éénkringwerking)Deze energiebesparingsmodus biedt grote voordelen bij energiebesparing, omdat pas na een grote afgetapte hoe-veelheid wordt verwarmd. In de modus ECO Plus verwarmt het toestel automatisch tot de gevraagde temperatuur van 60 °C, nadat 40 % van de boilerinhoud werd afgetapt. ECO Dynamic (bij éénkringwerking)Deze energiebesparingsmodus biedt het maximale ener-gierendement door intelligente dynamische aanpassing aan uw gebruiksgedrag. Nadat u de modus ECO Dynamic hebt gekozen, evalu-eert het toestel gedurende een week uw aftaptijden en -hoeveelheden.
Deze energiebesparingsmodus is uiterst geschikt, wan-neer u in de loop van een week telkens op hetzelfde tijdstip warm water nodig hebt. Indien uw aftaptijden veranderen, is in de daaropvolgende week warm water beschikbaar op de veranderde tijdstippen. De gevraagde temperatuur wordt onmiddellijk op 60 °C ingesteld.
25Bediening - voor de gebruiker en de installateur InfoIn de commerciële modus (zie hoofdstuk "Commer-ciële modus") en in de bedrijfsmodus Boilerwerking (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving") is de toets Energiebesparingsmodus niet actief. Het is niet mogelijk energiebesparingsmodus ECO Plus of ECO Dynamic te kiezen, wanneer er een temperatuurbegrenzing is ingeschakeld of in het tweekringbedrijf de regeling achteruit actief is. Fabrieksinstelling 85 Fabrieksinstelling: ECO ComfortInstelling 60 » Met de eerste druk op de toets kiest u de actuele in-stelling van de volgende energiebesparingsmodus. Het symbool ECO Plus verschijnt. 60 » Wanneer u nog een keer op de toets Energiebesparingsmo-dus drukt, kiest u de volgende energiebesparingsmodus. Het symbool ECO Dynamic ver-schijnt.
» Wanneer u nog een keer op de toets Energiebesparingsmodus drukt, gaat u weer naar de eerste energiebesparingsmodus. Het symbool ECO Comfort verschijnt. De laatst ingestelde gevraagde tem-peratuur blijft behouden. 4. 5. 2 Commerciële modusDe installateur kan het toestel voor commerciële toepas-singen omschakelen, bijv. in praktijken of slagerijen (zie hoofdstuk "Installatie/instellingen"). De gevraagde tempe-ratuur wordt dan handmatig ingesteld. De toets Energie -besparingsmodus is niet actief in de commerciële modus. 4. 5. 3 Aangepast gebruik van tijden met nachttarief (regeling achteruit bij tweekringwerking)Deze functie is niet actief bij de fabrieksinstelling. De in -stallateur heeft de mogelijkheid de regeling achteruit van het toestel te activeren. D. w. z.
dat het toestel gedurende 7 dagen de tijden met laag tarief van uw energiemaatschappij evalueert om de tijden met nachttarief optimaal te gebruiken. Het doel is het verwarmen op een tijdstip te starten zodat u pas aan het einde van de nachttariefperiode kunt beschikken over de volledig op de gevraagde temperatuur verwarmde boi-lerinhoud (optimaal energieverbruik bij stand-by). 4.
6 Temperatuurbegrenzing instellen InfoWanneer de temperatuurbegrenzing in de energie-besparingsmodus ECO Plus of ECO Dynamic wordt ingeschakeld, schakelt het toestel automatisch om naar de energiebesparingsmodus ECO Comfort. Het is mogelijk de instelling van de gevraagde tempera-tuur te begrenzen van 40 tot 60 °C of de temperatuurbe-grenzing uit te schakelen. Inschakelen en instellen » Schakel met de toets de tempe-ratuurbegrenzing in. Het symbool Temperatuurbegrenzing wordt knipperend getoond. » Stel met de toetsen Plus en Min de waarde voor de temperatuur-begrenzing van 40 tot 60 °C in. Uitschakelen » Druk op de toets Temperatuurbegrenzing. 0 » -Schakel de temperatuurbegrenzing uit door met de toets Min de instelling 0 te kiezen. Het symbool Temperatuurbegrenzing wordt na ca. 15 seconden gedoofd. 4.
7 Snelopwarming in-/uitschakelenBij de snelopwarming wordt verwarmd tot de maxima-le temperatuur. Wanneer de temperatuurbegrenzing is ingeschakeld, is de ingestelde temperatuurbegrenzing tegelijkertijd de maximale waarde voor de gevraagde tem-peratuur. Het is te allen tijde mogelijk de snelopwarming handmatig weer uit te schakelen. Nadat de maximale temperatuur is bereikt, wordt de functie Snelopwarming automatisch uitgeschakeld. Bij een normaal verwarmings-vermogen is de eerder ingestelde gevraagde temperatuur opnieuw actief. » Schakel met de toets Snelopwarming de functie Snelopwarming in. Het symbool Snelopwarming verschijnt. De maximaal mogelijke gevraagde tem-peratuur wordt weergegeven. » Druk om uit te schakelen nog een keer op de toets Snelopwarming. Het symbool Snelopwarming wordt ge-doofd. De eerder ingestelde gevraagde temperatuur wordt weergegeven. 1231.
26 Bediening - voor de gebruiker en de installateur 4. 8 Toetsblokkering in-/uitschakelenWanneer de toetsblokkering is ingeschakeld en u op een toets probeert te drukken of een werkwijze probeert in te schakelen, knippert het symbool Toetsblokkering. » Druk gedurende 3 seconden tegelij-kertijd op de toetsen Plus en Min om de toetsblokkering in te schakelen. De toetsblokkering wordt weergegeven door het symbool. Wanneer er op een toets wordt gedrukt, knippert het symbool. » Om de toetsblokkering uit te schake-len, drukt u gedurende 3 seconden te-gelijkertijd op de toetsen Plus en Min. Gedurende deze tijd knippert het symbool Toetsblokkering en het dooft, wanneer de werkwijze werd uitgeschakeld. 5. Reiniging, verzorging en onderhoud » Laat de elektrische veiligheid van het toestel en de werking van het veiligheidsventiel periodiek door een installateur controleren.
» -Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen met oplosmiddelen. Een vochtige doek volstaat om het toestel te onderhouden en te reinigen. KalkaanslagBijna al het water geeft kalk af bij hoge temperaturen. De kalk slaat neer in het toestel en beïnvloedt de werking en de levensduur van het toestel. -De verwarmingselementen moeten daarom van tijd tot tijd ontkalkt worden. De installateur, die op de hoogte is van de plaatselijke waterkwaliteit, kan u meedelen wanneer het volgende onderhoud uitgevoerd moet worden. » Controleer periodiek de kranen. Verwijder kalk op de kraanuitlopen met in de handel verkrijgbare ontkalkingsmiddelen. » Stel periodiek de veiligheidsklep in werking, zodat vastzitten, bijv. door kalkafzettingen, voorkomen wordt. 6. Problemen verhelpen Probleem Oorzaak OplossingHet water wordt niet warm en het display is niet verlicht. Er is geen spanning.
Controleer de zeke-ringen van de huisin-stallatie. Het water wordt niet warm genoeg en het symbool Verwarmen is verlicht. De gevraagde tem-peratuur is te laag ingesteld. Stel de gevraagde temperatuur hoger in.
Het toestel verwarmt na, wanneer er bij-voorbeeld veel water is afgetapt. Wacht totdat het sym-bool Verwarmen is gedoofd. De uitstroomhoeveel-heid is laag. De straalregelaar in de kraan of de dou-chekop is verkalkt of vuil. Reinig en/of ontkalk de straalregelaar of de douchekop. Het toestel reageert niet, wanneer er op een toets wordt ge-drukt. Het symbool Toets-blokkering knippert. De toetsblokkering is ingeschakeld. Schakel de toetsblok-kering uit (zie hoofd-stuk "Instellingen/toetsblokkering in-/uitschakelen"). Het symbool Service/storing verschijnt. Waarschuw de instal-lateur. Laat bovendien de storingscode weer-geven (zie hoofdstuk "Instellingen/storings-code weergeven"). Waarschuw de installateur als u de oorzaak zelf niet kunt verhelpen. Om u nog sneller en beter te kunnen helpen, deelt u hem de nummers op het typeplaatje mee (000000 en 0000-000000):E-NO. : 000000F-NO.
27Installatie - voor de installateurINSTALLATIE 7. VeiligheidInstallatie, ingebruikname, evenals onderhoud en repara-tie van het toestel mogen alleen door een gekwaliceerde installateur uitgevoerd worden. 7. 1 Algemene veiligheidsaanwijzingenWij waarborgen de goede werking en de bedrijfszeker-heid uitsluitend bij gebruik van originele onderdelen en vervangingsonderdelen voor het toestel. 7. 2 Voorschriften, normen en bepalingen InfoNeem alle nationale en regionale voorschriften en bepalingen in acht. 8. Toestelbeschrijving 8. 1 Inhoud van het pakketBij het toestel wordt het volgende geleverd: ◦Gemonteerde wandbevestiging 8. 2 ToebehorenNoodzakelijk toebehorenVoor een gesloten (drukvaste) werkwijze zijn, afhankelijk van de voedingsdruk, verschillende veiligheidsgroepen leverbaar. Deze type-gekeurde veiligheidsgroepen be-schermen het toestel tegen een verboden drukoverschrij-ding.
Overig toebehorenVoor open werkwijze zijn kranen als toebehoren lever-baar. 9. Voorbereidingen 9. 1 MontageplaatsHet toestel is bestemd voor vaste montage aan de wand. Zorg ervoor dat de wand voldoende draagvermogen heeft. Voor het afvoeren van het expansiewater dient er een passende afvoer in de directe nabijheid van het toestel te zijn. » Monteer het toestel verticaal in een vorstvrije ruimte en in de buurt van het tappunt. 9. 2 Wandbevestiging monterenDe aan het toestel gemonteerde wandbevestiging is voor-zien van slobgaten voor haken, waardoor montage op reeds aanwezige ophangbouten van vorige toestellen meestal mogelijk is. D0000061460Bovendien kunt u de hoogte verstellen, doordat u de wandophanging met de 2 schroeven aan het toestel ver-plaatst (voor optionele hoogtes, zie hoofdstuk “Techni-sche gegevens/Afmetingen en aansluitingen”).
Kies bevesti-gingsmateriaal dat past bij de sterkte van de wand. » Hang het toestel met de wandbevestiging aan de schroeven of bouten. Houd daarbij rekening met het lege gewicht van het toestel (zie hoofdstuk "Tech-nische gegevens/gegevenstabel") en voer de werk-zaamheden eventueel met twee personen uit. » Lijn het toestel verticaal uit. 9. 3 Stroomaansluitkabel voorbereiden≥ 400≥ 150≥ 460D0000051469 10. Montage10. 1 Wateraansluiting. Materiële schadeVoer alle werkzaamheden voor wateraansluiting en installatie uit conform de voorschriften. » Spoel de koudwaterleiding grondig door vóór aan-sluiting van het toestel op de waterleiding, zodat er geen vreemde voorwerpen in de boiler of het veilig-heidsventiel terecht kunnen komen. » Sluit de hydraulische aansluitingen met een vlakke afdichting aan.
28 Installatie - voor de installateur10. 1. 1 Toegelaten materialen. Materiële schadeNeem de instructies van de fabrikant en het hoofd- stuk "Technische gegevens/storingssituaties" in acht bij het gebruik van kunststofbuizen. KoudwaterleidingAls materiaal is thermisch verzinkt staal, roestvast staal, koper of kunststof toegestaan. Een veiligheidsventiel is vereist. WarmwaterleidingAls materiaal is roestvast staal, koper en kunststof toe-gestaan. 10. 1. 2 Gesloten (drukvast) voor de voeding van verschillende tappunten InfoMonteer een type-gekeurd veiligheidsventiel in de koudwateraanvoerleiding. Als de waterdruk hoger is dan 0,6 MPa, moet in de "Koudwatertoevoer" een reduceerafsluiter inge-bouwd worden. Het toestel moet in gesloten (drukvaste) werkwijze met drukkranen gebruikt worden.
Het is verboden de maximaal toegelaten druk te over-schrijden (zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegeven-stabel"). » Monteer een type-gekeurd veiligheidsventiel in de koudwateraanvoerleiding. Let erop dat daarvoor, afhankelijk van de voedingsdruk, eventueel ook een reduceerafsluiter nodig is. » Dimensioneer de afvoerleiding op een wijze dat het water bij volledig geopende veiligheidsklep ongehin-derd kan afgevoerd worden. » Monteer de afblaasleiding van de veiligheidsklep met een constante afwaartse helling in een vorstvrije ruimte. » De afblaasopening van de veiligheidsklep moet geo-pend blijven naar de atmosfeer. 10. 1. 3 Open (drukloos) voor de voeding van één tappunt InfoBlokkeer de uitloop niet. Gebruik geen straalregelaars of luchtspuiters. Gebruik open kranen bij open (drukloze) werkwijze. 10.
2 Elektrische aansluiting WAARSCHUWING elektrische schokVoer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaanslui-tingen en installatie uit conform de voorschriften. Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteit-snet voor aanvang van alle werkzaamheden. WAARSCHUWING elektrische schokAansluiting op het stroomnet is alleen als vaste aan-sluiting toegestaan.
Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3 mm van de aanslui-ting van het net losgekoppeld kunnen worden. WAARSCHUWING elektrische schokZorg ervoor dat het toestel is aangesloten op de aardleiding. Materiële schadeNeem de gegevens op het typeplaatje in acht. De aangegeven spanning moet overeenkomen met de netspanning. 12326_02_07_0300 1 Elektronische module Regeling, positie X2 2 Aansluitkabel elektronische modules 3 Elektronische module Bediening » Draai de 4 schroeven eruit. » Verwijder de onderste kap. » Trek de aansluitkabel van de elektronische module Bediening, positie X2 eraf. » Steek de aansluitkabel door de kabeldoorvoer aan de onderzijde van het toestel. Materiële schadeSchakel de werkwijze alleen om, wanneer het toestel van het stroomnet is ontkoppeld.
26_02_07_0285 E Eénkringwerking Z Tweekringwerking B Boilerwerking » Selecteer de werkwijze met de schakelaar op de elektronische module Regeling. » Sluit het gewenste vermogen aan in overeenstem-ming met de elektriciteitsschema's (zie hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen"). » Kruis met een pen het geselecteerde aansluitvermo-gen en de aansluitspanning aan op het typeplaatje. » Steek de aansluitkabel op de elektronische module, positie X2 (zie hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen"). » Bevestig de onderste kap met de 4 schroeven. 10. 3 Montage afsluitenGesloten (drukvaste) werkwijze » Sluit de veiligheidsgroep aan op het toestel door de buizen op het toestel te schroeven. Open (drukloze) werkwijze » Schroef het toestel en de kraan op elkaar.
29Installatie - voor de installateur 11. Ingebruikname 11.1 Eerste ingebruikname InfoVul het toestel met water voor de elektrische aanslui-ting wordt uitgevoerd. Wanneer u een leeg toestel inschakelt, schakelt de veiligheidstemperatuurbe-grenzer het toestel uit. » Open de afsluitklep in de koudwateraanvoerleiding. » Open een tappunt tot het toestel gevuld is en het lei-dingnet luchtvrij is. » Stel het doorstroomvolume in. Let daarbij op het maximaal toegelaten doorstroomvolume bij volle-dig geopende kraan (zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel"). » Gesloten (drukvaste) werkwijze: Reduceer, indien gewenst, het doorstroomvolume op de smoring van de veiligheidsgroep. » Het toestel voert een Schakel de netspanning in.zelftest uit. » Controleer het functioneren van het toestel.
» Gesloten (drukvaste) werkwijze: Controleer de wer-king van het veiligheidsventiel.11.1.1 Overdracht van het toestel » Leg aan de gebruiker de werking van het toestel en van het veiligheidsventiel uit en maak hem vertrouwd met het gebruik. » Wijs de gebruiker op mogelijk gevaar, met name het gevaar van brandwonden. » Overhandig deze handleiding. 11.2 Opnieuw in gebruik nemenZie hoofdstuk "Eerste ingebruikname". 12. Instellingen 12.1 Commerciële modus inschakelenD0000051972 S Jumper ECO (energiebesparingsmodus) E ECO Aan (fabrieksinstelling) A ECO Uit (commerciële modus) » Verplaats de jumper om de commerciële modus in te schakelen. 12.2 Regeling achteruit inschakelenD0000051974R Jumper regeling achteruit E Regeling achteruit aan A Regeling achteruit uit (fabrieksinstelling) » Verplaats de jumper om de regeling achteruit in te schakelen. 13.
Buitendienststelling » Verbreek de verbinding tussen het toestel en de netspanning met de zekering in de huisinstallatie. » Tap het toestel af. Zie het hoofdstuk "Onderhoud/Het toestel aftappen".
30 Installatie - voor de installateur 14. Storingen verhelpen InfoBij temperaturen lager dan -15 °C kan de veiligheid- stemperatuurbegrenzer worden geactiveerd. Het toestel kan al tijdens opslag of transport aan deze temperaturen zijn blootgesteld. » Laat de storingscode weergeven (zie hoofdstuk "In-stellingen/storingscode weergeven"). » De koppelingen worden beschreven in het hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen". Storing Code Oorzaak OplossingDe opwarmtijd duurt erg lang en het sym-bool Verwarmen is verlicht. De verwarmingsflens is verkalkt. Ontkalk de verwarmingsflens. Het veiligheidsventiel druppelt en het sym-bool Verwarmen is niet verlicht. De klepzitting is vuil. Reinig de klepzitting. E2 De temperatuursensor heeft een storing. Controleer of stekker X10 er op de juiste wijze is ingestoken. E4 Controleer de temperatuursensor.
E1 28De communicatie tussen de elektronische modules Regeling en Bediening heeft een storing. Controleer of stekker X2 op de juiste wijze is ingestoken in beide modules. Controleer de modules en de aansluitkabel. Het water wordt niet warm. Het symbool Verwarmen wordt niet ge-toond. E8 De veiligheidstemperatuurbegrenzer is ge-activeerd. Controleer het toestel en verhelp de oorzaak. Druk op de resettoets (zie afbeelding). De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geac-tiveerd, omdat de regelaar defect is. Verhelp de oorzaak van de fout. Vervang de veiligheidstemperatuurbegrenzer. De veiligheidstemperatuurbegrenzer is ge-activeerd, omdat de temperatuur lager is dan -15 °C. Druk op de resettoets (zie afbeelding). De snelopwarming schakelt niet in. Controleer de toets. De verwarmingsflens is defect. Vervang de verwarmingsflens. Het water wordt niet warm. E6 De temperatuursensor is defect.
31Installatie - voor de installateur 15. Onderhoud WAARSCHUWING elektrische schokVoer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaanslui-tingen en installatie uit conform de voorschriften.Scheid alle polen van het toestel van de netspanning voor aanvang van alle werkzaamheden.Wanneer het toestel moet worden afgetapt, raadpleeg dan het hoofdstuk "Het toestel aftappen". 15.1 Veiligheidsventiel controleren » Het is verplicht het veiligheidsventiel regelmatig te testen. 15.2 Het toestel aftappen WAARSCHUWING verbrandingTijdens het aftappen kan er heet water uit het toestel lopen.Indien het toestel voor onderhoudswerkzaamheden of bij vorstgevaar moet worden afgetapt voor de bescherming van de volledige installatie, gaat u als volgt te werk: » Sluit de afsluitklep in de koudwateraanvoerleiding. » Open de warmwaterkleppen van alle tappunten tot het toestel afgetapt is.
» Laat het restwater af aan het veiligheidsventiel. 15.3 Ontkalken » Verwijder losse kalkafzettingen uit de boiler. » Ontkalk, indien noodzakelijk, het binnenreservoir met in de handel verkrijgbare ontkalkingsmiddelen. » Ontkalk de ens alleen na demontage. » Behandel het oppervlak van het reservoir en de ge-lijkspanningsanode niet met ontkalkingsmiddelen. 15.4 Veiligheidsweerstand tegen corrosieZorg ervoor dat bij het onderhoud de veiligheidsweer-stand tegen corrosie op de isolatieplaat niet beschadigd of verwijderd wordt. Monteer de veiligheidsweerstand tegen corrosie na vervanging weer conform de voorschriften.D0000051494 15.5 Temperatuurbegrenzer monteren26_02_07_03051 1 Begrenzersensor » Steek de begrenzersensor tot tegen de aanslag in de sensorhuls.
38 Garantie - milieu en recyclingGarantieVoor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen niet. Bovendien kan in landen waar één van onze dochtermaat-schappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze doch-termaatschappij. Een dergelijk garantie wordt alleen verstrekt, wanneer de dochtermaatschappij eigen garantievoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situaties wordt er geen garantie verleend.Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die onze producten verkopen, verlenen wij geen garantie. Een eventueel door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.Milieu en recyclingWij verzoeken u ons te helpen ons milieu te beschermen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG DEM 100 Comfort EL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden