AEG Electrolux regina 3 Handleiding


Pagina's 48 Nederlands Wasmachine

Bekijk de handleiding van AEG Electrolux regina 3 gratis online of download de PDF. 37 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

LAVAMAT REGINA
Wasautomaat
Informatie voor de gebruiker

Beoordeel deze handleiding


Alle foutcodes AEG Electrolux Wasmachine 27 foutcodes uit 15 handleidingen, met hun betekenis.

Product specificaties

Merk: AEG Electrolux
Categorie: Wasmachine
Model: regina 3

Handleiding AEG Electrolux regina 3 – volledige tekst

2Geachte klant,Lees deze gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en bewaar het boekje zodat u nog eens iets kunt nalezen.Geeft u deze gebruikersinformatie a.u.b. aan de eventuele volgende ei-genaar van het apparaat door.De volgende symbolen worden in de tekst gebruikt:1VeiligheidsaanwijzingenWaarschuwing! Aanwijzingen die voor uw eigen veiligheid dienen.Let op! Aanwijzingen die ter voorkoming van schade aan het apparaat dienen.3Aanwijzingen en praktische tips2Milieu-informatie

3InhoudGebruiksaanwijzing. 5Veiligheid. 5Afvalverwerking. 6Apparatuurbeschrijving. 7Bedieningspaneel. 7Indicaties in het display. 7Programmaoverzicht. 8. 9Voor de eerste ingebruikname. 10Het eerste in gebruik nemen - taalkeuze instellen. 10Timer instellen. 11Reiniging vóór het in gebruik nemen uitvoeren. 11Wasgoed voorbereiden en sorteren. 11Wasprogramma uitvoeren. 12Vuldeur openen/was in de machine doen. 12Was-/nabehandelingsmiddel doseren. 12Apparaat inschakelen/programma kiezen. 14Temperatuur wijzigen. 14Centrifugetoerental veranderen/spoelstop kiezen. 15Opties instellen. 15Voorwas, Behoedzaam, Vlekken, Nachtprogramma. 16Tijden instellen. 17Tijd besparen: KORT of EXTRA KORT. 17Starttijdkeuze. 18Programma starten. 19Verloop van het programma. 19Programma onderbreken/wasgoed toevoegen. 19Einde van het programma/wasgoed uit de machine nemen. 20Extra’s. 20Geheugen 1, 2, 3. 21Geluidsvolume.

4Kinderbeveiliging. 25Reiniging en onderhoud. 26Wat u moet doen als…. 27Kleine storingen zelf oplossen. 27Als het wasresultaat niet bevredigend is. 30Water aftappen. 31Afvoerpomp. 32Technische gegevens. 33Verbruikswaarden. 33Opstel- en aansluitaanwijzing. 34Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie. 34Opstelling van het apparaat. 35Het apparaat transporteren. 35Transportbeveiliging verwijderen. 35Plaats van opstelling. 36Het apparaat juist afstellen. 37Elektrische aansluiting. 38Wateraansluiting. 38Watertoevoer. 39Waterafvoer. 40Garantievoorwaarden. 41Adres service-afdeling. 43Service. 47.

5Gebruiksaanwijzing1VeiligheidVoor de eerste ingebruikname•Volg de “Opstel- en aansluitinstructies” op.•Als het apparaat in de wintermaanden wordt geleverd bij temperatu-ren onder het vriespunt: de wasautomaat voor de ingebruikname ge-durende 24 uur op kamertemperatuur laten acclimatiseren.Gebruik volgens de voorschriften•De wasautomaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik, voor het wassen van wasgoed. •Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan.•Alleen was- en nabehandelingsmiddelen gebruiken die voor huishou-delijke wasautomaten geschikt zijn.•Het wasgoed mag geen ontvlambare oplosmiddelen bevatten. Explosiegevaar!•De wasautomaat niet voor chemische reiniging gebruiken.•Kleur- en ontkleurmiddelen mogen alleen in de wasautomaat worden gebruikt als de fabrikant van dit product dit uitdrukkelijk vermeldt.

Voor eventuele schade zijn wij niet aansprakelijk.Veiligheid van kinderen•Verpakkingsonderdelen buiten bereik van kinderen houden. Verstik-kingsgevaar!•Kinderen kunnen de gevaren die aan het omgaan met elektrische ap-paraten verbonden zijn, vaak niet inschatten. Laat kinderen niet zon-der toezicht bij de wasautomaat.•Controleer of kinderen of huisdieren niet in de trommel kunnen klau-teren. Levensgevaar!Algemene veiligheid•Reparaties aan wasautomaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. •Neem de wasautomaat nooit in gebruik als het aansluitsnoer bescha-digd is of als het bedieningspaneel, het bovenblad of de sokkel van het apparaat dermate beschadigd zijn dat de binnenzijde van het ap-paraat open toegankelijk is.

6•Voor reiniging, onderhoud en reparatiewerkzaamheden dient de was-automaat uitgeschakeld te worden. Bovendien de stekker uit het stopcontact trekken of bij een vaste aansluiting de beveiligingsscha-kelaar in de zekeringkast uitschakelen of de schroefzekering geheel uitdraaien.•Als het apparaat gedurende een langere periode niet gebruikt zal gaan worden, dient het apparaat van de stroomvoorziening geschei-den te worden en dient de waterkraan gesloten te worden.•De netstekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.•Meerwegstekkers, koppelingen en verlengingsnoeren mogen niet worden gebruikt. Brandgevaar door oververhitting! •De wasautomaat niet met een waterstraal afspuiten. Risico op elektri-sche schokken!•Bij wasprogrammaís op hoge temperaturen wordt het glas van de vuldeur heet.

Niet aanraken!•Voor het aftappen van water, het reinigen van de afvoerpomp of noodontgrendeling van de vuldeur dient het sop eerst af te koelen.•Huisdieren kunnen snoeren en waterslangen doorbijten. Risico op elektrische schokken en gevaar voor wateroverlast! Huisdieren uit de buurt van de wasautomaat houden.Afvalverwerking2VerpakkingsmateriaalDe verpakkingsmaterialen zijn niet schadelijk voor het milieu en her-bruikbaar. De kunststoffen hebben de volgende aanduidingen, bijv. >PEPS

vulgewicht 1) (droog wasgoed)1) Een 10-liter emmer kan ongeveer 2,5 kg droge was bevatten (katoen).Opties Tijden CentrifugetoerentalVOORWASBEHOED-ZAAMVLEKKENNACHTPRO-GRAMMAKORTEXTRA KORTSTARTUITSTEL1600/140012001000/800/600/4000SPOELSTOPECO 2)2) Programma-instellingen voor tests conform EN 60 456 en IEC 60 456 zijn beschreven in het hoofd-stuk "Verbruikswaarden".6 kg • • • • - - • • • • • •WITTE WAS 6 kg • • • • • • • • • • • •BONTE WAS /KREUKHERSTELLEND60°, 50°, 40°, 30°, koud 6 kg • • •3)3) VLEKKEN kan alleen worden ingesteld bij wastemperaturen vanaf 40°C, aangezien vlekkenmiddelen pas bij hogere temperaturen werkzaam zijn.• • • • • • • • •40-60 MIX 6 kg • • • • - - • • • • • •FIJNE WAS 40°, 30°, koud 3 kg • - •3) • - • • - • • • •WOL (HANDWAS) 40°, 30°, koud 2 kg - - - - - - • - • • • •ZIJDE (HANDWAS) 1 kg - - - - - - • - • • • •CENTRIFUGEREN 6 kg - - - - - - - • • • - -FIJNSPOELEN 3 kg - - - - - - • - • • • •POMPEN -- - - - - - - - - - - -20 MIN.

9Toepassing/eigenschappen Waslabel-symbolen1)1) Het getal in het waslabelsymbool geeft de maximale temperatuur aan. Energiebesparend programma bij 60 °C voor licht tot normaal vervuilde witte/bonte was van katoen/linnen. M OProgramma bij 95 °C voor normaal tot sterk vervuilde witte/bonte was van katoen/linnen. OUniverseel programma voor witte/bonte was van katoen/linnen, evenals voor kreuk-herstellende mengweefsels en synthetische stoffen. Het programma past zich auto-matisch aan de verschillende soorten weefsels en vulgewichten aan. Voor een belading met kreukherstellend wasgoed, de wasautomaat met slechts 3 kg wasgoed vullen. J MI K NProgramma voor witte/bonte was waarvoor verschillende wastemperaturen zijn aan-gegeven. Wasgoed dat volgens het behandelingsetiket normaal gesproken bij 40 °C of 60 °C afzonderlijk moet worden gewassen, kan met dit programma samen worden gewassen.

Zo wordt de capaciteit van de trommel beter benut en daardoor wordt energie bespaard. Vanwege de langere wasduur wordt het wasresultaat van een nor-maal programma op 60° bereikt. J MKort programma voor fijne weefsels zoals mengvezels, microvezels, synthetische stof-fen, gordijnen (Max. 20 tot 25 m2 gordijnen in de machine doen). Met SPOELSTOP ook geschikt voor textiel met speciaal ademend membraan, bijvoorbeeld outdoorkleding. I KBijzonder behoedzaam programma voor in de machine en met de hand wasbare wol of gemengde wollen weefsels. Q L HZeer kort programma op 30 °C voor in de machine en met de hand wasbare zijde. Bij-zonder kwetsbare stukken afzonderlijk wassen. Q L HWegpompen en centrifugeren, bijvoorbeeld na een spoelstop/nachtprogramma, resp. afzonderlijk centrifugeren van met de hand gewassen witte/bonte was en kreukher-stellend wasgoed.

J M OI K NAfzonderlijk voorzichtig spoelen (3 spoelgangen, vloeibaar nabehandelingsmiddel uit het inspoelvakje wordt in de machine gespoeld, voorzichtig centrifugeren). J M OWegpompen na een spoelstop. Speciaal programma bij 30 °C, ca.

10Voor de eerste ingebruiknameHet eerste in gebruik nemen - taalkeuze instellenDe displayweergave wordt af fabriek standaard in het Engels ingesteld.3Belangrijk! In het geval dat het display na het inschakelen van de was-automaat niet het menu voor de taalkeuze weergeeft, werd de wasau-tomaat reeds eerder ingeschakeld. Zie in dit geval a.u.b. het hoofdstuk “Extra’s/Taalkeuze“.Voor het inschakelen van de wasautomaat kunt u de programmakeuze-knop op een gewenst programma draaien, bijv. WITTE WAS. Het display licht op en be-hoort er als de hiernaast weergegeven afbeelding uit te zien.Bovendien geeft het display het volgende weer:–“To change push OPTION key“–“To confirm push OK key“Als u deze taal wilt behouden: Druk op de toets OK. Als u de taal wilt wijzigen: 1. Zo vaak op de toets OPTIES drukken tot de gewenste taal in het display verschijnt, bijv. NEDERLANDS.2. Druk op de toets OK.

De indicatie NEDERLANDS knippert een aantal keren en het display moet er vervol-gens als de hiernaast weer-gegeven afbeelding uitzien.3. Om een programma uit te schakelen, draait u de pro-grammakeuzeknop op UIT.Language:ENGLISHaýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDTaalNEDERLANDSaýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDKOOK WAS 12.45Einde progr. om 15.0595C1600 aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

11Timer instellenOpdat de tijd en het einde van het programma op de juiste wijze wor-den aangegeven, adviseren wij u de indicatie in het display te controle-ren en indien nodig de actuele tijd in te stellen. Zie in dat geval a.u.b. het hoofdstuk “Extra’s/Tijd“.Reiniging vóór het in gebruik nemen uitvoerenOm eventuele restanten van de fabricage te verwijderen uit de trommel en het sopreservoir, moet de eerste wasgang zonder wasgoed worden uitgevoerd. Programma: BONTE WAS/KREUKHERST. 60 °C, extra functie TIJD BESPAREN: EXTRA KORT, ca. 1/4 maatbeker waspoeder toevoegen.Wasgoed voorbereiden en sorterenWasgoed voorbereiden•Zakken leegmaken. Vreemde voorwerpen (bijv.

muntstukken, paper-clips, spijkers, enz.) verwijderen.•Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen, dit om schade aan wasgoed te voorkomen.•Gordijnrolletjes verwijderen of in een net/waszak binden.•Kwetsbare delen en klein wasgoed in een net/kussensloop wassen, bijv. vitrage, nylonkousen, sokjes, zakdoeken, beha’s.Let op! Behaís en ander wasgoed met beugels uitsluitend in een net wassen. Beugels kunnen losraken en het apparaat beschadigen.Wasgoed sorteren•Op kleur: Wit en gekleurd wasgoed apart wassen. Wasgoed kan kleur-stof afgeven. •Op temperatuur, soort wasgoed en behandelingsetiket.Let op! Wasgoed met het behandelingsetiket G (= niet wassen!) niet in de wasautomaat wassen.

12Wasprogramma uitvoerenVuldeur openen/was in de machine doen1. Vuldeur openen: aan de deurgreep trekken.2. Wasgoed uiteenvouwen en losjes in de machine vullen. Grote en kleine stukken wasgoed door elkaar in de machine vullen.Let op! Zorg ervoor dat er geen wasgoed klem komt te zitten tussen de deur en de rubberen dichting. 3. Druk de vuldeur goed dicht. De slui-ting moet hierbij hoorbaar vastklikken.Was-/nabehandelingsmiddel doserenLet op! Alleen was- en nabehandelingsmiddel gebruiken die voor huis-houdelijke wasautomaten geschikt zijn.Was-/nabehandelingsmiddel volgens de aanwijzingen van de fabrikant van het was-/nabehandelingsmiddel doseren. Volg de aanwijzingen op de verpakkingen op.De dosering is afhankelijk van:–de mate van vervuiling van het wasgoed,–de hoeveelheid wasgoed–en de hardheid van het leidingwater.

•Als de fabrikant geen aanwijzingen voor kleine hoeveelheden was-goed op de verpakking geeft: bij een halve lading een derde minder wasmiddel, bij de laagste belading slechts de helft van het wasmiddel dat bij een volledige belading wordt geadviseerd.•Vanaf waterhardheid 2 (=middel) dient waterontharder gebruikt te worden. Het wasmiddel kan dan voor waterhardheid 1 (=zacht) wor-den gedoseerd. Informatie over de plaatselijke waterhardheid kunt u bij het betreffende waterleidingbedrijf verkrijgen.

131. De wasmiddellade zo ver mogelijk uittrekken.2. Was-/nabehandelingsmiddel doseren.3. De wasmiddellade geheel inschuiven.Waspoeder/-tabletten voor de hoofdwas Als u gebruik maakt van een waterontharder en het rechtervakje voor voorwasmiddel nodig heeft, de waterontharder op het hoofdwasmiddel in het linkervakje doseren.Wasverzachter, stijfsel Het vakje ten hoogste tot de markering MAX vullen. Dikvloeibaar con-centraat voor het doseren volgens de aanwijzingen van de fabrikant verdunnen. Poedervormig stijfsel oplossen.Als u vloeibaar wasmiddel gebruikt: Vloeibaar wasmiddel met de door de wasmiddelfabrikant aangeboden doseerhouder doseren.Vlekkenzout/-tablettenWaspoeder/-tablettenvoor de hoofdwasWasverzachter/stijfselWaspoeder/-tablettenvoor de voorwasof waterontharder

14Apparaat inschakelen/programma kiezen Het programma met de pro-grammakeuzeknop kiezen, bijv. BONTE WAS/KREUK-HERST.3Als u een programma kiest, schakelt u hiermee tevens het apparaat in.–Het display licht op en geeft het ingestelde pro-gramma, de actuele tijd evenals het verwachte einde van het programma aan.–Afhankelijk van het programma stelt de wasautomaat de tempera-tuur en het centrifugetoerental voor. Deze voorstellen kunt u wijzi-gen.–De verlichting van het display schakelt automatisch aan het eind van het programma uit of als er geen instelling van een programma werd gekozen schakelt het automatisch na 10 min. uit. Om de verlichting weer in te schakelen kan op een willekeurige toets worden gedrukt of kan aan de programmakeuzeknop worden gedraaid.Temperatuur wijzigen Druk net zo vaak op de toets TEMP. tot de gewenste tem-peratuur wordt aangegeven.KATOEN/SYNTH 12.45Einde progr.

15Centrifugetoerental veranderen/spoelstop kiezen Druk net zo vaak op de toets TPM tot het gewenste cen-trifugetoerental of SPOELSTOP verschijnt.3•Bij het centrifugetoerental “0“ wordt aan het einde van het programma het laatste spoelwater wegge-pompt, maar wordt het wasgoed niet gecentrifugeerd.•Bij SPOELSTOP blijft het wasgoed in het laatste spoelwater lig-gen. Aan het einde van het programma wordt niet gecentrifugeerd, er wordt wel tussendoor gecentrifugeerd. Het tussendoor centrifugeren is afhankelijk van het programma en kan niet worden gewijzigd.Opties instellenOpties kunnen aan een vooraf geselecteerd wasprogramma worden toegekend.Druk op de toets OPTIES. Het display geeft de symbolen voor de opties aan.VoorwasVoorwassen bij ca.

30 °C voor de automatisch volgende hoofd-wasgang.BehoedzaamVerbeterde spoelwerking door extra spoelgang bij een gelijktij-dig geringere trommelbeweging (weefsels worden ontzien). Ide-aal wanneer er vaak moet worden gewassen, bijvoorbeeld bij een overgevoelige huid. Een extra spoelgang kan tevens als vas-te instelling worden gekozen (zie hoofdstuk "Extra's").}VlekkenVoor sterk vervuilde of bevlekte was. Het vlekkenmiddel wordt op het optimale tijdstip tijdens het verloop van het programma in de machine gespoeld.KATOEN/SYNTH 12.45Einde progr. om 14.3750C 800 aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

163Er worden steeds alleen die opties in het display aangegeven die met het vooraf gekozen programma te combineren zijn. Voorwas, Behoedzaam, Vlekken, Nachtprogramma 1. Zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het gewenste symbool in het display ver-schijnt, bijv. VOORWAS. (Iedere keer nadat op de toets is gedrukt, knippert het volgende symbool – kijkend van links naar rechts.) 2. Druk op de toets OK. Het symbool stopt met knippe-ren. Onder het symbool ver-schijnt een zwarte balk. De extra functie is ingesteld. De indicatie wisselt naar de vol-gende optie. Om de extra functie uit te schakelen moet u zo vaak de toets OPTIES indrukken, tot het symbool van de extra functie knippert en moet u vervolgens de toets OK indruk-ken. De zwarte balk onder het symbool verdwijnt.3Als er nog meer extra functies gekozen moeten worden: Zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het gewenste symbool knippert.

Steeds met de toets OK bevestigen.NachtprogrammaDe was blijft in het laatste spoelwater staan. Aan het einde van het programma wordt niet gecentrifugeerd en er wordt niet tus-sendoor gecentrifugeerd. Het programma verloopt daarom zeer geruisloos. NACHTPROGRAMMA is daarom uiterst geschikt als u tijdens de nacht de wasautomaat wenst te gebruiken.Extra’ sDe onder Extra’s instelbare speciale functies blijven voortdurend in de wasautomaat opgeslagen, bijv. tijd, taalkeuze, enz. (zie hoofdstuk “Extra’s“), tot deze functies gewijzigd of uitgescha-keld worden.KATOEN/SYNTH 12.45Voorwas 14.37aýýýýýVýSýFýLýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDKATOEN/SYNTH 12.45Behoedzaam 14.56aýýýýýV_ýSýFýLýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

17 3. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot de indicatie voor het uitschakelen verschijnt. Het display geeft het sym-bool van de gekozen extra functie aan.Tijden instellenVerkorte programma’s en het uitstellen van de starttijd kunnen voor een vooraf gekozen wasprogramma worden ingesteld.Druk op de toets TIJD. Het display geeft de symbolen voor het tijd be-sparen en de starttijdkeuze aan.Tijd besparen: KORT of EXTRA KORT 1. Druk net zo vaak op de toets TIJD tot het symbool TIJD BESPAREN knippert.2. Druk op de toets OK. 3. Druk op de toets TIJD. Onder het symbool verschijnt een zwarte balk, in het dis-play verschijnt KORT of EXTRA KORT.Tijd besparen: KORT of EXTRA KORTVerkort wasprogramma voor licht vervuilde was.

–KORT: alleen mogelijk bij het programma WITTE WAS, BONTE WAS/KREUKHERST en STRIJKVRIJ –EXTRA KORT: alleen mogelijk bij het programma WITTE WAS, BONTE WAS/KREUKHERST, STRIJKVRIJ en FIJNE WAS. StarttijdkeuzeOm het starten van een programma van 30 minuten tot max. 20 uur uit te stellen.KATOEN/SYNTH 12.45Einde progr. om 14.5650C 800 aýýýýýVýaýaýaýaýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDTijd besparen 12.45NORMAAL 14.37aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýKýTTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

18 4. Om van KORT naar EXTRA KORT te wisselen, moet nog-maals op de toets TIJD wor-den gedrukt.3Met de toets TIJD kan tussen NORMAAL, KORT en EXTRA KORT worden gewisseld.5. Druk op de toets OK om de keuze te bevestigen. De indicatie wisselt naar het symbool voor de starttijdkeuze, d.w.z. de starttijdkeuze kan nu worden ingesteld. 6. Druk op de toets TIJD, als er geen starttijdkeuze ingesteld hoeft te wor-den. Het display geeft het symbool TIJD BESPAREN evenals de tijd van het einde van het programma aan.Starttijdkeuze1. Druk net zo vaak op de toets TIJD tot het symbool STARTUITSTEL knippert.2. Druk op de toets OK. In het display wordt “Start over 0 min.” aangege-ven. 3. Zo vaak op de toets TIJD drukken tot het display de gewenste startuitstelling aangeeft, bijv. “Start over 4 h” (=4 uur).

Onder het symbool verschijnt een zwarte balk.3Als 20 h wordt aangegeven en u drukt nogmaals op de toets, dan is de starttijdkeuze weer opgeheven. 4. Druk op de toets OK. Het display geeft het symbool STARTUITSTEL evenals de tijd van het einde van het programma aan (uitstellen van het starten). 5. Druk voor het activeren van de starttijdkeuze op de toets START/PAUZE. Het display geeft nu bijv. “Start over 4.00” (=4 uur) aan. De indi-catie van de resterende tijd tot het programma start, verlaagt per 30 minuten (bijv. 4.00, 3.30, 3.00, ... 0.30, 0). Tijd besparen 12.45EXTRA KORT 14.12aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýK_ýTTEMP. TPM OPTIES OK TIJDStartuitstel 12.45Start over 4h 18.37aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýKýT_TEMP. TPM OPTIES OK TIJDKATOEN/SYNTH 12.45Start in 4.0050C 800 aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýaýTTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

19Programma starten1. Controleer of de waterkraan is geopend.2. Toets START/PAUZE indrukken.Het programma wordt gestart resp. start na afloop van de ingestelde starttijdkeuze.3Als na het drukken op de toets START/PAUZE het display “Deur open“ aangeeft, dan is de vuldeur niet goed gesloten. Druk de deur goed dicht en druk de toets START/PAUZE opnieuw in.Verloop van het programma De display van het program-maverloop geeft de pro-grammastap aan die momenteel wordt uitge-voerd, evenals het tijdstip van het einde van het pro-gramma.3Het tijdstip van het einde van het programma kan tijdens het wassen wijzigen.

Dit wordt veroor-zaakt doordat het wasprogramma zich bij het wassen aan verschillende omstandigheden aanpast (bijvoorbeeld soort en hoeveelheid wasgoed, onbalansherkenning bij het centrifugeren, speciale spoelgang, enzo-voort).Programma onderbreken/wasgoed toevoegenProgramma onderbreken•Met toets START/PAUZE kunt u het programma op elk moment on-derbreken. Wanneer u toets START/PAUZE nog een keer indrukt, gaat de wasautomaat weer door met het programma.•Om een programma voortijdig te stoppen draait u de programmakeu-zeknop naar UIT. Let op! Houd rekening met het feit dat er zich water in het apparaat kan bevinden!Wasgoed toevoegen1. Op de toets START/PAUZE drukken. •Als het display afwisselend “Deur gesloten“ en “Pauze“ aangeeft, is het niet meer mogelijk om wasgoed toe te voegen, bijv. bij een te hoge waterstand.KATOEN/SYNTH 12.45Wassen 14.3750C 800 aýýýýýaýaýaýaýaýaýaýaýaTEMP.

20•Geeft het display afwisselend “Deur open“ en “Pauze“ aan, kunt u nog wasgoed toevoegen: 2. Deur openen.3. Wasgoed toevoegen en vuldeur weer sluiten.4. Druk opnieuw op de toets START/PAUZE. Het programma gaat door.Einde van het programma/wasgoed uit de machine nemenAan het einde van het programma klinkt 3x een lange zoemtoon (bij de instelling SIGNAALVOLUME NORMAAL of LAAG) en in de display ver-schijnt de indicatie “Einde“ en “Deur te openen“. 1. De deur openen en de was uit de machine nemen.2. Programmakeuzeknop op UIT zetten.3. Trek na het wassen de wasmiddellade iets naar buiten, zodat deze kan drogen. De deur op een kier laten staan, zodat de wasautomaat kan luchten.Wanneer u SPOELSTOP of NACHTPROGRAMMA L hebt gekozen: Na een spoelstop af na het einde van een programma met NACHTPRO-GRAMMA knippert de indicatie START/PAUZE.

In het display verschijnt afwisselend “Einde“ en “Deur gesloten“Eerst moet het water worden weggepompt.–De programmakeuzeknop naar UIT en vervolgens naar POMPEN draaien en de toets START/PAUZE indrukken (het water wordt zonder centrifugeren weggepompt), of –de programmakeuzeknop naar UIT draaien en vervolgens naar CEN-TRIFUGEREN. Indien gewenst het toerental aanpassen en de toets START/PAUZE indrukken (het water wordt weggepompt en aanslui-tend wordt gecentrifugeerd).Extra’sDe onder Extra’s instelbare speciale functies blijven onafhankelijk van het gekozen wasprogramma opgeslagen, ook na het uitschakelen van de wasautomaat en het uitnemen van de stekker uit het stopcontact.

21Geheugen 1, 2, 3Op de stand GEHEUGEN 1, 2, 3 kunnen programmacombinaties worden opgeslagen en vervolgens direct met de programmakeuzeknop worden gekozen. Daarvoor wordt allereerst de gewenste programmacombinatie samengesteld en aansluitend opgeslagen.Het geheugen instellen Voorbeeld: Aan de stand van het programma GEHEUGEN 1 moet de volgende program-macombinatie worden toe-gekend: BONTE WAS/KREUKHERST. 40 °C, 800 TPM, met optie VOORWAS.1. Programmakeuzeknop op BONTE WAS/KREUKHERST. zetten.2. Druk net zo vaak op de toets TEMP. tot 40 °C in het display verschijnt.3. Druk net zo vaak op de toets TPM tot 800 in het display verschijnt.4. Met de toets OPTIES de functie VOORWAS instellen en op de toets OK drukken. Onder het symbool VOORWAS verschijnt een zwarte balk.5. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot het symbool EXTRA’S knip-pert. 6. Druk op de toets OK.

Het dis-play wisselt naar het niveau voor de speciale functies. Als eerste wordt de program-maopslag GEHEUGEN 1 aan-geboden. 3Druk op OPTIES om naar een andere geheugen- of opslag-plaats te wisselen.7. Druk op de toets OK. De programmacombinatie is nu in de stand GEHEUGEN 1 van de pro-grammakeuzeknop opgeslagen en kan voortaan direct met de program-makeuzeknop worden gekozen.3Het geheugen kan op ieder gewenst moment met een nieuwe program-macombinatie overschreven worden (zie “Geheugen wijzigen“), maar niet worden verwijderd.KATOEN/SYNTH 12.45Einde progr. om 14.3740C 800 aýýýýýVýaýaýaýaýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDGeheugen 1:Progr. opslaan?aýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

22Geheugen wijzigen1. Nieuwe programmacombinaties naar keuze samenstellen (Zie voor voorbeelden “Geheugen instellen“, stap 1 tot 4).2. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot het symbool EXTRA’S knip-pert.3. Druk op de toets OK.4. Met de toets OPTIES de te wijzigen programmaplaats kiezen, bijv. GE-HEUGEN 1.5. Met de toets OK, nieuwe programmacombinaties opslaan.GeluidsvolumeHet geluidsvolume van de zoemer kan worden gekozen.1. De programmakeuzeknop op het gewenste programma draaien en zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het symbool EXTRA’S knippert. 2. Druk op de toets OK.3. Zo vaak op de toets OPTIES drukken, tot op het display SIGNAALVOLU-ME verschijnt.4. Druk op de toets OK. 5. Zo vaak op de toets OPTIES drukken, tot het gewenste geluidsvolume (NORMAAL, LAAG, UIT) in het display wordt aangegeven. 6. Druk op de toets OK om de instelling te bevestigen.

De indicatie wisselt naar de vol-gende speciale functie.7. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot de indicatie voor het uitscha-kelen verschijnt.Extra spoelen1. De programmakeuzeknop op het gewenste programma draaien en zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het symbool EXTRA’S knippert. 2. Druk op de toets OK.Signaalvolume:NORMAALaýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

23 3. Zo vaak op de toets OPTIES drukken, tot op het display EXTRA SPOELEN wordt aan-gegeven.4. Druk op de toets OK. Het symbool EXTRA SPOE-LEN verschijnt. De indicatie wisselt naar de volgende speciale functie. 5. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot de indicatie voor het uitscha-kelen verschijnt.Taalkeuze1. De programmakeuzeknop op het gewenste programma draaien en zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het symbool EXTRA’S knippert. 2. Druk op de toets OK. 3. Zo vaak op de toets OPTIES drukken, tot op het display TAALKEUZE verschijnt.4. Druk op de toets OK.5. Zo vaak op de toets OPTIES drukken tot de gewenste taalkeuze in het display ver-schijnt, bijv. NEDERLANDS.6. Druk op de toets OK. De indicatie wisselt naar de volgende speciale functie.7. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot de indicatie voor het uitscha-kelen verschijnt.Tijd1.

De programmakeuzeknop op het gewenste programma draaien en zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het symbool EXTRA’S knippert. 2. Druk op de toets OK.3. Zo vaak op de toets OPTIES drukken, tot op het display TIJD wordt aan-gegeven.4. Druk op de toets OK.Extra spoelenUITaýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDLanguageENGLISHaýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

24 5. Met de toets OPTIES de ge-wenste tijd instellen. Iedere keer dat op de toets wordt gedrukt, telt de indicatie per minuut door. Bij een inge-drukte toets wisselt de indi-catie in stappen van 10 minuten.6. Druk op de toets OK. De indicatie wisselt naar de volgende speciale functie.7. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot de indicatie voor het uitscha-kelen verschijnt.Contrast en helderheid1. De programmakeuzeknop op het gewenste programma draaien en zo vaak op de toets OPTIES drukken tot het symbool EXTRA’S knippert. 2. Druk op de toets OK.3. Zo vaak op de toets OPTIES drukken, tot op het display CONTRAST of HELDERHEID verschijnt. 4. Druk op de toets OK. 5. Met de toets OPTIES de ge-wenste instelling kiezen. Ie-dere keer nadat op een toets is gedrukt of terwijl een toets is ingedrukt, verplaatst de zwarte driehoek in het schema voor meer contrast of helderheid, verder naar rechts.

Als de driehoek aan het rechtereinde van het schema komt, start het weer aan de linkerzijde.6. Druk op de toets OK. Het display wisselt naar de volgende speciale functie of terug naar de indicatie voor het uitschakelen.7. Druk net zo vaak op de toets OPTIES tot de indicatie voor het uitscha-kelen verschijnt.Klok 11.17Tijd instellenaýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJDContrast:ƒ………………™………………‡aýýýýýaýaýaýaýBýaýaýaýaTEMP. TPM OPTIES OK TIJD

25KinderbeveiligingBij een geactiveerde kinderbeveiliging kan de vuldeur niet meer geslo-ten worden.Kinderbeveiliging instellen: De draaiknop (aan de binnenkant van de vuldeur) met een muntstuk zover mogelijk rechtsom draaien. 1Waarschuwing! De draaiknop mag zich na het instellen niet in inge-drukte positie bevinden omdat an-ders de kinderbeveiliging niet functioneert! De draaiknop moet volgens de afbeelding uitgetrokken zijn. Kinderbeveiliging opheffen: De draaiknop met een muntstuk zo-ver mogelijk linksom draaien.

26Reiniging en onderhoudLet op! Gebruik voor het reinigen van het apparaat geen reinigings-middelen voor meubels of agressieve reinigingsmiddelen. Neem het bedieningspaneel en de behuizing met een vochtige doek af.WasmiddelladeDe wasmiddellade dient regelmatig gereinigd te worden.1. Trek de wasmiddellade met een krachtige ruk uit het apparaat.2. Neem het inzetstuk voor de wasver-zachter uit het middelste vak. 3. Reinig alle delen met water.4. Het inzetstuk voor de wasverzachter zo ver mogelijk insteken, zodat het vast zit.5. Maak ook het gehele inspoelgedeelte van de wasautomaat en vooral ook de sproeiers aan de bovenkant van de inspoelvakjes met een borstel schoon.6. De wasmiddellade in de geleidings-rails plaatsen en naar binnen schuiven.WastrommelAls gevolg van roestende voorwerpen in het wasgoed of ijzerhoudend leidingwater kan roestvorming op de trommel ontstaan.Let op!

De trommel niet met zuurhoudende ontkalkingsmiddelen, chloor of ijzer bevattende schuurmiddelen of staalwol reinigen.1. Eventuele roestafzettingen op de trommel met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal verwijderen.2. Wasprogramma zonder wasgoed uitvoeren, om wasmiddelrestanten uit te spoelen. Programma: BONTE WAS/KREUKHERST. 60°, extra functie TIJD BESPAREN: EXTRA KORT, ca. 1/4 maatbeker waspoeder toevoegen.Vuldeur en rubberen ringRegelmatig controleren, of afzettingen of vreemde voorwerpen zich in de naden van de rubberen ring of aan de binnenkant van het deurven-ster hebben afgezet. Deurvenster en rubberen ring regelmatig reinigen.

27Wat u moet doen als…Kleine storingen zelf oplossenAls u tijdens de werking 3x een korte zoemer klinkt en een van de vol-gende indicaties in het display verschijnt: –“Geen watertoevoer/Controle kraan“,–“Pomp niet: check Afvoerslng/filer“ of “Pomp geblokkeerd“,–“Deur open“,raadpleeg dan de volgende tabel. Nadat de fout opgelost is, de toets START/PAUZE indrukken.Bij de indicatie van de “Foutcode: E en een cijfer of letter“: apparaat uitschakelen en vervolgens weer inschakelen. Programma opnieuw in-stellen. Op de toets START/PAUZE drukken. Als de foutcode opnieuw wordt weergegeven, dient u contact op te ne-men met de klantenservice om de foutcode door te geven.Storing Mogelijke oorzaak OplossingWasautomaat werkt niet.De stekker zit niet in het stopcontact of er is een probleem met de zeke-ring.De stekker in het stopcontact steken.

Zekering controleren.Deur is niet goed geslo-ten.Deur goed sluiten, zodat de vergrendeling hoorbaar vast-klikt.Toets START/PAUZE is niet lang genoeg inge-drukt.Toets START/PAUZE langer indrukken.Deur gaat niet dicht. Kinderbeveiliging is in-gesteld. Kinderbeveiliging opheffen.Display geeft aan: “Selectiefout“.De gekozen functie kan niet met andere pro-gramma-instellingen worden gecombineerd.Maak een andere keuze.Display geeft aan: “Deur open/Controleren a.u.b.“. Deur is niet goed geslo-ten. Deur goed sluiten, zodat de vergrendeling hoorbaar vast-klikt.Programma opnieuw starten.

28Display geeft aan: “Geen watertoevoer/Controle kraan“.Waterkraan is gesloten. Open de kraan.Zeef in schroefkoppe-ling van de toevoerslang is verstopt.De waterkraan dichtdraaien. Slang losschroeven, zeef ver-wijderen en schoonmaken.Waterkraan zit vol met kalkaanslag of is defect. Controleer de kraan, indien nodig laten repareren.Wasautomaat trilt tijdens het wassen of staat niet stil.Transportbeveiliging is niet verwijderd. Transportbeveiliging verwij-deren.Schroefpootjes zijn niet goed afgesteld.Voetjes afstellen volgens de aanwijzingen voor opstelling en aansluiting.Er zit te weinig wasgoed in de trommel (bijv. al-leen een badjas).Dit heeft geen nadelige in-vloed op de werking van het apparaat.Water loopt onder de was-automaat uit.Schroefkoppeling van de toevoerslang lekt. Toevoerslang vastschroeven.Afvoerslang is lek.

Afvoerslang vervangen.Deksel van de afvoer-pomp is niet goed geslo-ten. Deksel goed sluiten.Er zat wasgoed tussen de deur geklemd. De wasautomaat de volgen-de keer zorgvuldig vullen.Noodafvoerslang is lek. Noodafvoerslang goed aan-sluiten.Display geeft aan: “Foutcode EF3“.Afvoerpomp blijft voortdu-rend lopen - ook wanneer het apparaat is uitgescha-keld.De beveiliging tegen wa-teroverlast, aqua-con-trol, is in werking getreden.Waterkraan dichtdraaien, vervolgens de stekker uit het stopcontact trekken en contact met de service-afde-ling opnemen.Display geeft aan: “Over-dosering“.Waarschijnlijk hebt u te veel wasmiddel in de machine gedaan.Wasmiddel nauwkeurig vol-gens de aanwijzingen van de fabrikant doseren.Storing Mogelijke oorzaak Oplossing

29Display geeft aan: –“Pomp niet: check Afvoerslng/filter“ of –“Pomp geblokkeerd“.Knik in de afvoerslang. Knik uit de slang halen.Maximale pomphoogte van 1m is overschreden. Neem contact op met de klantenservice.Afvoerpomp is verstopt.Wasautomaat uitzetten. Stekker uit het stopcontact trekken.Afvoerpomp schoonmaken. Vreemde voorwerpen uit het pomphuis verwijderen.Bij een sifonaansluiting: De sifon is verstopt. De sifon reinigen.Wasverzachter wordt niet ingespoeld, vak voor nabehandelingsmiddel is met water gevuld.Het wasverzachter-in-zetbakje is niet goed in het vak voor nabehande-lingsmiddel gezet of is verstopt.Wasmiddelschuiflade reini-gen, inzetstuk voor wasver-zachter goed bevestigen.Deur kan bij ingeschakeld apparaat niet worden geo-pend.Deur is vergrendeld. Wacht tot het display afwisse-lend “Deur open“ en “Einde“ aangeeft. Stroomuitval!

30Als het wasresultaat niet bevredigend isHet wasgoed is grauw en kalk heeft zich in de trommel vastgezet.•Er is onvoldoende wasmiddel gebruikt.•Niet het juiste wasmiddel is gebruikt. •Speciale vervuilingen zijn niet voorbehandeld.•Programma of temperatuur zijn niet correct ingesteld.Op het wasgoed zijn grijze vlekken aanwezig •Met zalf, vet of olie vervuild wasgoed is met te weinig wasmiddel ge-wassen.•Er is op te lage temperatuur gewassen.•De meest voorkomende oorzaak is dat wasverzachter, en met name in geconcentreerde vorm, op het wasgoed terecht is gekomen. Dergelij-ke vlekken dienen zo snel mogelijk uitgewassen te worden en de be-treffende wasverzachter dient voorzichtig gebruikt te worden.Na de laatste spoelgang is nog schuim zichtbaar •Moderne wasmiddelen kunnen ook in de laatste spoelgang nog schuim veroorzaken.

Het wasgoed is echter voldoende gespoeld.Witte restanten op het wasgoed •Het betreft niet opgeloste bestanddelen van moderne wasmiddelen. Dit is niet het gevolg van onvoldoende spoelen. Wasgoed uitschudden of afborstelen. Eventueel het wasgoed in de toekomst voor het wassen binnenste buiten keren. Gekozen wasmid-del controleren en eventueel vloeibaar wasmiddel gebruiken.

31Water aftappen1Waarschuwing! Voor het aftappen de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken!Waarschuwing! Het sop dat uit de aftapslang komt kan heet zijn. Ver-brandingsgevaar! Vòòr het aftappen het sop laten afkoelen!1. Het klepje van de sokkel open klap-pen en lostrekken.2. De aftapslang uitnemen.3. Een vlakke opvangbak onder de slang plaatsen. Aansluitend de af-sluitstoppen linksom draaien en lostrekken.4. Het sop loopt weg. Indien noodza-kelijk de opvangbak meerdere keren legen en de aftapslang tussentijds met de afsluitstoppen sluiten.Als het sop afgetapt is:5. De afsluitstoppen goed in de aftapslang plaatsen en rechtsom vast-draaien.6. De aftapslang weer in de houder terug plaatsen.7. Het klepje van de sokkel inzetten en sluiten.

32AfvoerpompDe afvoerpomp is onderhoudsvrij. Het openen van de pompdeksel is al-leen in geval van een storing vereist, als er geen water weg wordt ge-pompt, bijv. bij een geblokkeerd pompwiel. Controleer altijd voor het vullen met wasgoed of er geen vreemde voorwerpen in de zakken zitten of tussen het wasgoed aanwezig zijn. Paperclips, spijkers, enz. die eventueel met het wasgoed in de wasauto-maat terechtkomen blijven in het pomphuis liggen (filter voor vreemde voorwerpen dat het pompwiel beschermt). 1Waarschuwing! Voor het openen van de pompdeksel de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken!1. Tap eerst het water uit de wasautomaat af.2. Leg een doek op de vloer voor het deksel van de afvoerpomp. Er kan restwater uitlopen.3. Het pompdeksel linksom losschroe-ven en uitnemen.4.

Eventuele vreemde voorwerpen en textielpluizen uit het pomphuis en van het pompwiel verwijderen.5. Controleer of het pompwiel hele-maal achter in het pomphuis rond kan worden gedraaid. (Het is nor-maal als het pompwiel stootsgewijs draait.) Als het pompwiel niet kan worden gedraaid dient u contact op te nemen met de service-afdeling.6. Pompdeksel weer terugplaatsen. Lipjes van de deksel zijdelings in de geleidingssleuven inschuiven en de deksel rechtsom vastdraaien. 7. De aftapslang sluiten en in de hou-der plaatsen.8. Klepje van de sokkel sluiten.

33Technische gegevens5Dit apparaat is in overeenstemming met de volgende EG-richtlijnen:–73/23/EEG van 19.02.1973 Laagspanningsrichtlijn–89/336/EEG van 03.05.1989 EMC-richtlijn inclusief aangepaste richt-lijn 92/31/EEG–93/68/EEG van 22.07.93 CE-markeringsrichtlijnVerbruikswaardenDe verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Deze waarden kunnen in het dagelijks gebruik afwijken. hoogte x breedte x diepte 850 x 598 x 640 mmDiepte bij geopende vuldeur. 1017 mmIn hoogte verstelbaar: ca. +10/-5mmVulhoeveelheid (programma-afhankelijk) max.

6 kgToepassingsgebied HuishoudenTrommeltoerental centrifugeren zie kenplaatjeWaterdruk 1-10bar (=10–100N/cm2=0,1–1,0MPa)Wasprogramma/temperatuur Type textiel Vulgewichtin kg1)1) De bepaling van het vulgewicht geschiedt volgens EN 60.456 Standard load.Waterin litersEnergie in kWhECO 2)2) Aanwijzing: programma-instelling voor tests volgens EN 60 456 en IEC 60 456.De verbruikswaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken, afhankelijk van de druk, de hardheid en de toevoertemperatuur van het water, de omgevingstempe-ratuur, het soort en de hoeveelheid wasgoed, het gebruikte wasmiddel, schommelin-gen in de netspanning en de gekozen extra functies.Katoen 639 1,02WITTE WAS 95 Katoen 654 2,10BONTE WAS/KREUKHERST. 40 2) Katoen 652 0,75BONTE WAS/KREUKHERST. 40TIJD BESPAREN: KORT 2) Synthetische stoffen 352 0,52FIJNE WAS 30 Synthetische stoffen 356 0,40WOL (Handwas) 30 Wol 250 0,35

34Opstel- en aansluitaanwijzing1Veiligheidsaanwijzingen voor de installa-tie•Deze wasautomaat is niet geschikt voor onderbouw.•Voor de ingebruikname dient het apparaat op transportschade ge-controleerd te worden. Een beschadigd apparaat in geen geval aan-sluiten. Neem in geval van schade contact op met uw leverancier.•Voor de ingebruikname dienen alle delen van de transportbeveiliging verwijderd te zijn.

Anders kan er bij het centrifugeren schade aan het apparaat of aan naburige meubels ontstaan.•Voor de inbedrijfname dient de spatwaterbeveiliging op het apparaat tot stand gebracht te zijn (zie “Transportbeveiliging verwijderen”).•De stekker altijd in een volgens de voorschriften geÔnstalleerd geaard stopcontact steken.•Bij een vaste aansluiting: Een vaste aansluiting mag uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd.•Controleer voor de ingebruikname of de op het typeplaatje van het apparaat vermelde nominale spanning en stroomsoort met netspan-ning en stroomsoort op de plaats van de opstelling overeenkomen.

Ook de elektrische zekering die nodig is kunt u van het typeplaatje aflezen.•Zijn voor de juiste wateraansluiting van de wasautomaat werkzaam-heden aan de waterinstallatie noodzakelijk, dan moeten deze door een erkend installateur worden uitgevoerd.•Zijn voor de juiste elektrische aansluiting van de wasautomaat werk-zaamheden aan het stroomnet noodzakelijk, dan moeten deze door een erkend installateur worden uitgevoerd.•Het aansluitsnoer van de wasautomaat mag uitsluitend door de servi-ce-afdeling of een erkend vakman worden vervangen.

35Opstelling van het apparaatHet apparaat transporteren1Waarschuwing! De wasautomaat heeft een hoog gewicht. Kans op ver-wonding! Voorzichtig bij het optillen.•Het apparaat niet op de voorzijde en niet op de rechter zijkant (vanaf de voorzijde gezien) neerleggen. De elektrische componenten kunnen nat worden.•Het apparaat nooit zonder transportbeveiliging transporteren. De transportbeveiliging dient pas op de plaats van de opstelling verwij-derd te worden! Het transporteren zonder transportbeveiliging kan tot beschadigingen aan het apparaat leiden.•Het apparaat niet aan de geopende vuldeur en ook niet aan de sokkel optillen.Bij het transporteren met een steekwagen:•De steekwagen alleen vanaf de zijkant onder het apparaat plaatsen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux regina 3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden