AEG Electrolux KB9810EM Handleiding
Pagina's 76 Nederlands Magnetron
Bekijk de handleiding van AEG Electrolux KB9810EM gratis online of download de PDF. 120 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG Electrolux |
| Categorie: | Magnetron |
| Model: | KB9810EM |
Handleiding AEG Electrolux KB9810EM – volledige tekst
2Geachte klant,Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en bewaar de gebruiks-aanwijzing zodat deze later kan worden geraadpleegd.Geef deze gebruiksaanwijzing door aan een eventuele volgende eige-naar van het apparaat.De volgende symbolen worden in de tekst gebruikt:1VeiligheidsvoorschriftenWaarschuwing! Aanwijzingen ten behoeve van uw persoonlijke veilig-heid.Let op! Aanwijzingen om beschadiging van het apparaat te voorkomen.3Aanwijzingen en praktische tips2Milieu-informatie
3InhoudGebruiksaanwijzing. 5Veiligheidsvoorschriften. 5Afvalverwerking. 10Beschrijving van het apparaat. 11Totaalaanzicht. 11Bedieningspaneel. 11Uitrusting oven. 12Accessoires oven. 12Voor het in gebruik nemen. 13Dagtijd instellen en wijzigen. 13Eerste reiniging. 14Zo leert u het apparaat kennen. 14Bedienen van de oven. 15De elektronische ovenbesturing. 15Snelverwarmen. 17Ovenfuncties. 18Magnetron. 19Combifunctie. 21Magnetron Snelstart. 23Opmerkingen voor het instellen van het vermogen. 24Rooster en plaat plaatsen. 24Extra functies. 25Magnetronprogramma’s. 25Geheugenfunctie. 27Klokfuncties. 28Overige functies. 35Indicatie-uitschakeling. 35Kinderbeveiliging. 36Toets-zoemer. 36Veiligheidsuitschakeling van de oven. 37.
5Gebruiksaanwijzing1Veiligheidsvoorschriften5Dit apparaat is in overeenstemming met de volgende EG-richtlijnen:–73/23/EEG van 19.02.1973 Laagspanningsrichtlijn–89/336/EEG van 03.05.1989 EMC-richtlijn inclusief aangepaste richt-lijn 92/31/EEG–93/68/EEG van 22.07.93 CE-markeringsrichtlijnElektrische veiligheid•Het apparaat mag uitsluitend door een erkend installateur worden aangesloten.•In geval van storingen of beschadiging van het apparaat: zekeringen in de huisinstallatie uitschakelen.•Als de deursluiter en de deursluitingsoppervlakken beschadigd zijn, mag het apparaat tot de inbedrijfstelling niet in werking worden ge-steld.•Reparaties aan het apparaat mogen uitsluitend door vakmensen worden uitgevoerd. Door onvakkundig uitgevoerde reparaties kunnen grote gevaren ontstaan.
Wend u bij reparaties altijd tot onze service-afdeling of uw vakhandel.Kinderbeveiliging•Houd kleine kinderen altijd uit de buurt van het apparaat. Zorg dat kinderen niet met het apparaat spelen.•In het algemeen babyvoeding in glas of fles altijd zonder deksel of af-sluiting verwarmen. Opdat de warmte gelijkmatig wordt verdeeld dient de voeding na het opwarmen goed doorgeroerd of geschud te worden. Voordat u het kind de babyvoedig geeft, is het van groot belang dat eerst de temperatuur van de voeding wordt gecontro-leerd.•In de functie Grillen (alleen of in combinatie met magnetron) wordt het venster heet. Houd kleine kinderen daarom altijd uit de buurt van de deur van het apparaat.
6Veiligheid tijdens het gebruik•Dit apparaat mag alleen in het huishouden voor koken, braden, bak-ken van levensmiddelen worden gebruikt.•Wees voorzichtig bij het aansluiten van elektrische apparaten op stopcontacten in de buurt van het apparaat. Snoeren mogen niet in aanraking komen of onder de hete ovendeur ingeklemd raken.•Waarschuwing: Verbrandingsgevaar! Bij gebruik wordt de oven-ruimte heet.•Als u alcoholische ingrediënten in de oven gebruikt, kan evt. een licht ontvlambaar alcohol-luchtmengsel ontstaan. Open de deur in dat ge-val voorzichtig. Kom niet met vuur of vonken in de buurt van de oven.3Aanwijzing met betrekking tot acrylamideVolgens de laatste wetenschappelijke inzichten kan een intensieve brui-ning van levensmiddelen, met name bij zetmeelhoudende producten, een gevaar voor de gezondheid door acrylamide veroorzaken.
7Magnetron•Schakel het apparaat alleen met gerechten in de gaarruimte in. Zon-der gerechten kan het apparaat overbelasten.•Gebruik alleen voor de magnetron geschikt servies (zie hoofdstuk Gebruik, tabellen en tips: geschikt servies en materiaal).•Om het apparaat tegen corrosie in de gaarruimte of de deur van het apparaat door uittredende waterdampen of stoom (condenswater) te beschermen, het geheel na elk gebruik grondig droogwrijven.•Laat het apparaat niet onbeheerd staan als voedingsmiddelen in wegwerpverpakkingen van kunststof, papier of andere brandbare materialen verwarmd of gegaard worden.•Houd bij rookvorming het apparaat gesloten. Het apparaat uitschake-len en de aansluiting op de voeding verbreken.
Het apparaat nooit gebruiken als het niet meer probleemloos functioneert.•Plaats bij het verwarmen van vloeistoffen altijd een theelepeltje of een glazen staafje in de houder , om kookvertragingen te voor-komen. Bij kookvertragingen wordt de kooktemperatuur bereikt zonder dat de kenmerkende stoombelletjes vormen. Al bij het gering schudden van de houder kan de vloeistof dan plotseling heftig overkoken of springen/bar-sten. Gevaar voor verbranding!•Prik voordat het gaarproces start, meerdere keren met een vork in voedingsmiddelen met een “schil“ of “schaal“, zoals aardappelen, to-maten, worstjes, zodat het pro-duct niet barst.Controleer of bij het garen/verwarmen van gerechten een mini-male temperatuur van 70 °C wordt bereikt. Let hierbij a.u.b. op de indi-caties voor vermogen en tijd in de tabel.
8•Gerechten die met de magnetron zijn verwarmd geven warmte aan het servies af. Gebruik pannenlappen of iets dergelijks!•Kook gerechten niet te lang door een te hoog vermogen of een te lange tijd in te stellen. De gerechten kunnen dan op een bepaalde plaats uitdrogen, verbranden of ontbranden.•De gaarruimte, het verhittingsgedeelte van de gril en de accessoires worden tijdens de werking heet. Let hier a.u.b. op en gebruik daarom pannenlappen of iets dergelijks. Gevaar voor verbranding!•Materialen van metaal dienen ten minste 2 cm van de wand en deur van de gaarruimte verwijderd te zijn. Anders kan er vonkoverslag ont-staan en kan het apparaat beschadigen.•Indien niet anders geadviseerd, geen aluminiumfolie gebruiken.•Niets tussen de deur en het venster van de deur klemmen.•Houd de deursluiter, deursluitoppervlakken en de binnenruimte altijd schoon.
Het uitblijven van het reinigen van het apparaat kan tot gevaarlijke situaties leiden.•Bewaar geen brandbaar materiaal in de oven. Bij het inschakelen van de oven kan dit ontbranden.3Informatie emaillaagKleurveranderingen van de emaillaag van de oven als gevolg van het gebruik zijn niet van invloed op de deugdelijkheid van het apparaat voor regulier of contractueel gebruik. Dit zijn derhalve geen gebreken in de zin van het recht op garantie.
9Gebruik het apparaat niet...•voor het garen van ongepelde ei-eren (bij spiegeleieren eerst het eigeel breken) en wijngaard-slakken, omdat deze andersknappen, •voor het verwarmen van grotere hoeveelheden spijsolie (fondue, frituren) en voor dranken met een hoog alcoholpercentage. Zelfont-branding! Explosiegevaar!•voor het verwarmen van goed af-gesloten houders, bijv. conserven, flessen, glas met schroefsluiting,•voor het drogen van dieren, tex-tiel, papier,•voor servies van porselein, kera-miek of accenten, die kleine gaat-jes hebben, bijv. bij de greep of een bodem zonder beschermlaag. Vocht dat door gaatjes heendringt kan tijdens het verwarmen het servies laten barsten.
13Voor het in gebruik nemenDagtijd instellen en wijzigen3De oven functioneert alleen als u de tijd hebt ingesteld.Na het aansluiten van de elektrici-teit of na een stroomstoring knip-pert het symbool voor Dagtijd automatisch.1. Om een reeds ingestelde tijd te ver-anderen drukt u de tijdtoets Klokfuncties zo vaak in, tot het symbool voor Dagtijd knippert.2. Met de toets of de juiste tijd instellen.Na ca. 5 seconden stopt het knippe-ren en geeft de klok de ingestelde tijd aan.Het apparaat is klaar voor gebruik.3U kunt de dagtijd alleen veranderen, wanneer de kinderbeveiliging is uit-geschakeld, de klokfuncties Kookwekker , Duur of Einde niet zijn ingesteld en er geen ovenfunctie is ingesteld.
14Eerste reinigingAlvorens de oven in gebruik te nemen, moet u hem reinigen.1Let op: Gebruik geen scherpe schuurmiddelen! U zou de oppervlakken kunnen beschadigen.3Gebruik bij ovens met een metalen voorzijde de hiervoor in de handel verkrijgbare onderhoudsmiddelen.1. Open de ovendeur.De verlichting in de oven is nu ingeschakeld.2. Neem alle accessoires en geleiderails uit de oven en reinig deze met een warm sopje.3. Maak de oven ook schoon met een warm sopje en droog hem daarna.4. Veeg de voorzijde van de oven af met een vochtige doek.Zo leert u het apparaat kennenOm het apparaat uit te proberen of alle bedieningsstappen uit te voe-ren, kan de testfunctie worden gebruikt. De oven wordt niet warm.Testfunctie inschakelen1. Schakel het apparaat met de toets Stop uit. 2. Houd de toetsen Bak- en braadprogramma en tegelijk ingedrukt totdat een signaal klinkt en in de indicatie ”d“ brandt. 1.
15Bedienen van de ovenDe elektronische ovenbesturing 3Algemene aanwijzingen•De gekozen functie altijd door middel van het indrukken van de toets Start activeren. Wordt de gekozen functie niet binnen 30 seconden gestart, dan schakelt het apparaat automatisch uit.•Wanneer de gekozen functie wordt gestart, gaat de oven opwarmen of begint de ingestelde tijd te lopen.•Als tijdens de werking de ovendeur wordt geopend, stopt de functie. Doorgaan met de werking na het sluiten van de deur met de toets Start . Wordt de toets Start niet binnen 30 seconden ge-start, dan schakelt het apparaat automatisch uit.•De ovenverlichting is ingeschakeld zodra een functie start of de ovendeur is geopend.•Werking met de toets Stop aanhouden, doorgaan met de toets Start .
16Een ovenfunctie kiezen1. De toets of net zo vaak in-drukken totdat de gewenste ovenfunctie verschijnt. •In de temperatuurindicatie ver-schijnt een voorstel voor de tem-peratuur.2. Toets Start indrukken, om de in-gestelde functie te starten.Oventemperatuur wijzigenMet de toets of de tempera-tuur hoger of lager instellen.De instelling verloopt in stappen van 5 °C.Symbool thermometer•Het langzaam oplopende symbool thermometer geeft aan in hoe-verre de oven al is opgewarmd.•De drie na elkaar knipperende delen van het symbool thermometer geven aan dat de functie snel opwarmen is geactiveerd.Oven uitschakelen Voor het uitschakelen van de oven, de toets Stop herhaald indruk-ken, tot de dagtijd en evt. de rest-warmte worden aangegeven.3KoelventilatorZodra de oven in gebruik wordt genomen wordt de ventilator automa-tisch ingeschakeld om de oppervlakken van het apparaat koel te hou-den.
17SnelverwarmenNa het selecteren van een ovenfunctie kan met behulp van de extra-functie Snelverwarmen de lege oven in relatief korte tijd worden voorverwarmd.1Let op: Te garen producten a.u.b. eerst in de ovenplaatsen, als Snelver-warmen beëindigd is en de oven in de gewenste functie werkt.1. Gewenste ovenfunctie instellen (bijv. Multi Hetelucht) en starten. Evt. temperatuurvoorstel wijzigen.2. Toets Snelverwarmen indrukken. Het symbool brandt.De achtereenvolgend knipperende balken geven aan dat Snelverwar-men inwerking is.Bij het bereiken van de ingestelde temperatuur branden de balken van de temperatuurindicatie. Er klinkt een zoemer. Het symbool gaat uit.De oven verwarmt nu in de vooringestelde ovenfunctie en temperatuur verder. U kunt de te garen producten nu in de oven plaatsen.
18OvenfunctiesVoor de oven zijn de volgende functies beschikbaar:MagnetronTijdens de werking van de magnetron wordt de warmte direct in het voedingsmiddel opgebouwd. Voor het verwarmen van kant-en-klaarge-rechten en dranken, voor het ontdooien van vlees of fruit evenals voor het garen van groenten en vis.CombifunctieAan de wijze van verwarming van de ovenfunctie(s) kan de functie Magnetron worden toegevoegd. De gerechten worden in de kortst mogelijke tijd gegaard en tegelijkertijd gebruind.Magnetron SnelstartHet snel starten van het magnetronvermogen bij een uitgeschakeld ap-paraat, door het indrukken van de toets Start .Inschakelduur van 30 seconden tot 7 minuten. Elke druk op de toets voegt 30 sec.
aan de aangegeven bedrijfstijd toe.Ovenfunctie Toepassing Verwarmingsele-ment/ventilatorMulti Hetelucht Voor het bakken op maximaal drie niveaus tegelijk.Verwarmingsele-ment achterwand, ventilatorInfratherm Voor het braden van grotere stuk-ken vlees of gevogelte op één ni-veau. Deze functie is ook geschikt voor gratineren en kort bakken.Grill, ventilatorGrill Voor het grillen van vlakke le-vensmiddelen en om te roosteren.GrillOntdooien/Dro-genVoor het onrdooien en drogen van kruiden fruit of groenten.Verwarmingselement-achterwand, ven-tilator
19Magnetron1. Schakel het apparaat zo nodig uit met de toets Stop .2. Door het herhaald indrukken van de toets Magnetron het gewenste vermogen instellen. •De instelmogelijkheid volgt in stappen van 100tussen 1000 Watt tot 100 Watt.•Door het herhaald indrukken van de toets Magnetron begint de indicatie van het vermogen weer bij 1000 Watt.3. Met de toets of de gewenste duur instellen. Het symbool voor Duur knippert. •De gaartijden kunnen als volgt worden ingesteld: –van 0 tot 2 min. in stappen van 5 seconden,–van 2 tot 5 min. in stappen van 10 seconden,–van 5 tot 10 min. in stappen van 20 seconden,–van 10 tot 20 min. in stappen van 30 seconden,–vanaf 20 min. in stappen van 1 minuut.•De maximaal instelbare bedrijfsduur bedraagt:–bij 700 Watt tot 1000 Watt 0 tot 7 min. 40 sec.,–bij 100 Watt tot 600 Watt 0 tot 59 min.
204. Met het indrukken van de toets Start begint de ingestelde tijd af te lopen. Het symbool voor Duur brandt. •Als de tijd afloopt, kan het vermo-gen met de toets Magnetron worden veranderd.•Als de tijd afloopt, kan de duur met de toets en worden verhoogd of met de toets wor-den verlaagd. Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. De magnetron wordt uitgeschakeld. Het symbool voor Duur knippert en de indicatie van de dagtijd verschijnt.Zoemer uitschakelen: door op een willekeurige toets te drukken.
21CombifunctieEen overzicht van gerechten treft u in het hoofdstuk Toepassingen, ta-bellen en tips aan: Combi-functie.1. Schakel het apparaat zo nodig uit met de toets Stop .2. De toets of net zo vaak in-drukken totdat de gewenste ovenfunctie verschijnt. 3. Met de toets of de gewenste temperatuur instellen.4. Door het herhaald indrukken van de toets Magnetron het gewenste magnetronvermogen instellen (max. 600 Watt).5. Met de toets of de gewenste duur instellen. Het symbool voor Duur knippert.•De gaartijden kunnen als volgt worden ingesteld: –van 0 tot 2 min. in stappen van 5 seconden,–van 2 tot 0 min. in stappen van 10 seconden,–van 5 tot 10 min. in stappen van 20 seconden,–van 10 tot 20 min. in stappen van 30 seconden,–vanaf 20 min. in stappen van 1 minuut.De maximaal instelbare bedrijfsduur bedraagt 59 min.
226. Met het indrukken van de toets Start begint de ingestelde tijd af te lopen. Oven en magnetron zijn in werking. Het symbool voor Duur brandt. •Als de tijd afloopt, kan het vermo-gen met de toets Magnetron worden veranderd.•Als de tijd afloopt, kan de duur met de toets en worden verhoogd of met de toets worden verlaagd.Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. Apparaat wordt uitge-schakeld. Het symbool voor Duur knippert en de indicatie van de dagtijd verschijnt. Zoemer uitschakelen: door op een willekeurige toets te drukken.
23Magnetron Snelstart1. Schakel het apparaat zo nodig uit met de toets Stop .2. Toets Start zo vaak indrukken, tot de gewenste werkingsduur ver-schijnt. Het apparaat schakelt auto-matisch met het maximale magnetronvermogen in. •Elke druk op de toets voegt 30 sec. aan de aangegeven duur toe. Maximaal 7 min. bij een maximaal magnetronvermogen.•Als de tijd afloopt, kan de duur met de toets en worden verhoogd of met de toets worden verlaagd.•Door het herhaald indrukken van de toets Magnetron kan het magnetronvermogen worden gewijzigd.•Door het een keer indrukken van de toets Stop kan de werking worden onderbroken. Doorgaan met de werking door het indrukken van de toets Start .Door de toetstwee keer in te drukken, Stop schakelt het apparaat uit.Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. Apparaat wordt uitge-schakeld.
24Opmerkingen voor het instellen van het vermogenHet overzicht geeft aan bij welke instelling van het vermogen bepaalde processen kunnen worden doorgevoerd. De opgegeven tijden zijn richtwaarden. Rooster en plaat plaatsenPlaat plaatsen: De plaat is aan de linker- en rech-terzijde van een kleine ronding voorzien.
Deze ronding dient als een kantelbeveiliging en dient altijd naar achteren gericht te zijn.De plaat op het gewenste plaat-singsniveau plaatsen.Rooster plaatsen:Het rooster op het gewenste plaatsingsniveau plaatsen.Magnetron - Vermogen Geschikt voor1000 Watt900 Watt800 Watt700 Watt- Verwarmen van vloeistoffen- Aankoken bij het begin van een gaarproces- Garen van groenten- Garen van voedingsmiddelen- Smelten van gelatine en boter600 Watt500 Watt- Ontdooien en verwarmen van diepvriesgerechten- Verwarmen van diverse gerechten- Volledig garen van eenpansgerechten- Garen van gerechten met ei400 Watt300 Watt200 Watt- Verder garen van gerechten- Garen van kwetsbare levensmiddelen- Verwarmen van babyvoeding- Nakoken van rijst- Verwarmen van kwetsbare gerechten- Smelten van kaas100 Watt- Ontdooien van vlees, vis, brood- Ontdooien van kaas, room, boter- Ontdooien van fruit en taart (slagroomtaarten)- Gistdeeg laten rijzen- Licht verwarmen van koude gerechten en dranken
25Extra functiesMagnetronprogramma’s3Gebruik voor deze functie de genoemde programma’s (zie hoofdstuk Toepassingen, tabellen en tips: Programma’s).Programma kiezen1. Het apparaat zo nodig met de toets Stop uitschakelen.2. Toets Bak- en braadprogramma indrukken, dan de toets of zo vaak indrukken tot in de indicatie het gewenste programma (P 1 t/m P12) verschijnt. •In de indicatie wordt het voorge-programmeerde gewicht “gr” aangegeven. Het symbool voor Duur knippert. Gewicht = Duur3. Door het indrukken van de toets of kan de indicatie van het ge-wicht van het voedingsmiddel wor-den aangepast, minimaal 100 g, maximaal 1500 g (P 5 tot P10 maxi-maal 1000 g). •Door het invoeren van het ge-wicht wordt de duur van de wer-king van de magnetron automatisch geregeld.•Vervolgens altijd het lagere ge-wicht invoeren, bijv. brood weegt 460 g: Instellen van het gewicht op 400 g.
264. Met het indrukken van de toets Start begint de ingestelde tijd af te lopen. Het symbool voor Duur en “min.” brandt. •Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. De magnetron wordt uitgeschakeld. Het symbool voor Duur knippert.3Bij een aantal programma’s wordt na afloop van de tijd een warmhoud-functie gestart. Er klinkt een signaal en in de indicatie brandt “HH”. Na afloop van de warmhoud-functie klinkt gedurende 2 minuten een signaal. De magnetron wordt uitgeschakeld. Het symbool voor Duur knippert en de indicatie van de dagtijd verschijnt.Zoemer uitschakelen: door op een willekeurige toets te drukken.
27GeheugenfunctieMet de geheugenfunctie kan eeninstelling, die vaak wordt gebruikt, worden opgeslagen.1. Ovenfunctie, temperatuur en eventueel de klok-functies Duur en/of Einde instellenofmagnetronfunctie en Duur instellen.2. Houd de toetsen Bak- en braadprogramma gedurende ca. 2 seconden ingedrukt totdat er een zoemer klinkt. De instelling is opgeslagen. 3. Doorgaan met de toets Start of het apparaat uitschakelen met de toets Stop .3Om een andere instelling op te slaan, nogmaals de toets Bak- en braadprogramma gedurende ca. 2 seconden indrukken. De eerder opgeslagen instelling wordt door deze instelling vervangen.Het starten van de geheugenfunctie1. Schakel het apparaat zo nodig uit met de toets Stop . 2. Met de toets Bak- en braadprogramma de opgeslagen instelling oproepen.3. Toets Start indrukken.
28Klokfuncties KookwekkerVoor het instellen van de kookwekker. Na afloop klinkt een signaal.Deze functie heeft geen invloed op de werking van de magnetron en oven.Duur magnetron min.Voor het instellen hoe lang de magnetron in werking dient te zijn.DuurOm in te stellen hoe lang de oven ingeschakeld moet zijn.EindeOm in te stellen wanneer de oven weer moet worden uitgeschakeld.DagtijdMet deze functie kunt u de dagtijd instellen, veranderen of opvragen(zie ook het hoofdstuk „Voor het in gebruik nemen“).InsteltoetsenDagtijdKlokfunctiesKlokfunctiesTijdindicatiesDuur/Einde/Bedrijfstijd
293Algemene aanwijzingen•Na het kiezen van een klokfunctie knippert het bijbehorende symbool ca. 5 seconden. Gedurende deze tijd kan met de toets of de gewenste tijd worden ingesteld of veranderd.•Na het instellen van de gewenste tijd knippert het symbool nogmaals gedurende ca. 5 seconden. Daarna gaat het symbool branden. De in-gestelde Kookwekker begint te lopen.•De ingestelde tijd voor Duur en Einde begint na het starten van de gekozen functie te lopen.
30Kookwekker1. Toets Klokfuncties zo vaak in-drukken, tot het symbool voor Kookwekker knippert. 2.Stel met de toets of degewenste kookwekker in (max. 99.00 minuten). Na ca. 5 seconden geeft de indicatie de resterende tijd aan. Het symbool voor Kookwekker brandt.Na het verstrijken van de ingestelde tijd klinkt er gedurende 2 minuten een zoemer. “0.00“ brandt en het symbool voor Kookwekker knippert.Zoemer uitschakelen:Druk op een willekeurige toets.
31Duur magnetron min.1. Magnetronfunctie kiezen en door het herhaald indrukken van de toets Magnetron het vermogen instellen. 2. Met de toets of de gewenste gaartijd instellen. Het symbool voor Duur knippert. 3. Met het indrukken van de toets Start begint de ingestelde tijd af te lopen. Het symbool voor Duur brandt. 3Door het herhaald indrukken van de toets Klokfuncties kan het mag-netronvermogen worden opgevraagd.Als de tijd afloopt, kan de duur met de toets en worden ver-hoogd of met de toets worden verlaagd.Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. De magnetron wordt uitgeschakeld. “0.00“ wordt aangegeven en het symbool voor Duur knippert.Zoemer uitschakelen:Druk op een willekeurige toets.
32Duur1. Ovenfunctie en met de toets of de temperatuur kiezen. 2. Toets Klokfuncties zo vaak in-drukken, tot het symbool voor Duur knippert.3. Met de toets of de gewenste gaartijd instellen. 4. Met het indrukken van de toets Start begint de ingestelde tijd af te lopen. Het symbool voor Duur brandt. 3Door het herhaald indrukken van de toets Klokfuncties kan de actue-le dagtijd worden opgevraagd.Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. De oven wordt uitge-schakeld. “0.00“ wordt aangegeven en het symbool voor Duur knippert.Zoemer uitschakelen:Druk op een willekeurige toets.
33Einde1. Ovenfunctie en met de toets of de temperatuur kiezen. 2. Toets Klokfuncties zo vaak in-drukken, tot het symbool voor Einde knippert. 3. Met de toets of de gewenste uitschakeltijd instellen. De symbolen voor Einde en Duur branden. De oven wordt automatisch inge-schakeld.3Door het herhaald indrukken van de toets Klokfuncties kan de actue-le dagtijd worden opgevraagd.Na het verstrijken van de tijd klinkt er een zoemer gedurende 2 minuten. De ovenwordt uitge-schakeld. “0.00“ wordt aangegeven en de symbolen voor Einde en Duur knipperen.Zoemer uitschakelen:Druk op een willekeurige toets.
34Duur en Einde gecombineerd3Duur en Einde kunnen gelijktijdig worden gebruikt wanneer de oven op een later tijdstipautomatisch moet worden in- en uitgescha-keld. 1. Ovenfunctie en temperatuur kiezen. 2. Met de functie Duur kunt u de benodigde gaartijd voor het gerecht instellen,bijvoorbeeld 1 uur.3. Met de functie Einde het tijdstip instellen, waarop het gerecht klaar moet zijn, bijvoorbeeld: 14.05 uur.De symbolen voor Duur en Einde branden. De oven wordt automatisch inge-schakeld op het berekende tijdstip,bijvoorbeeld: 13:05 uur.Na het verstrijken van de ingestelde duur klinkt er gedurende 2 minuten een zoemer en wordt de oven auto-matisch uitgeschakeld,bijvoorbeeld: 14:05 uur.
35Overige functiesIndicatie-uitschakeling2U kunt energie besparen door de indicatie uit te schakelen.Indicatie uitschakelen1. Schakel het apparaat zo nodig met de toets Stop uit. Er mag geen restwarmte worden aangegeven.2. Druk net zo lang tegelijk op de toet-sen Klokfuncties en totdat de indicatie donker wordt3De indicatie wordt automatisch in-geschakeld wanneer het apparaat weer in gebruik wordt genomen. Wanneer u het apparaat weer uit-schakelt, gaat de indicatie weer uit.Wanneer u wilt dat de dagtijd weer blijvend wordt aangegeven, moet u de indicatie weer inschakelen.Indicatie inschakelen1. Schakel het apparaat zo nodig met de toets Stop uit.2. Houd de toetsen Klokfuncties en tegelijk ingedrukt, totdat de indicatie weer verschijnt.
36KinderbeveiligingZodra de kinderbeveiliging is ingeschakeld, kan het apparaat niet meer worden gebruikt.Kinderbeveiliging inschakelen1. Schakel het apparaat zo nodig uit met de Stop toets.Er mag geen ovenfunctie zijn ge-kozen. 2. Houd de toetsen en tegelijk ingedrukt, totdat in de indicatie SAFE verschijnt. De kinderbeveiliging is nu ingescha-keld.Kinderbeveiliging uitschakelen1. Het apparaat zo nodig met de toets Stop uitschakelen.2. Houd de toetsen programma’s bakken en braden en tegelijk in-gedrukt totdat in de indicatie SAFE dooft.De kinderbeveiliging is nu uitgeschakeld en de oven weer klaar voor ge-bruik.Toets-zoemerToets-zoemer uitschakelen1. Schakel het apparaat zo nodig met de toets Stop uit. 2. Houd de toetsen en tegelijk ingedrukt, totdat een zoemer klinkt (ca. 2 seconden).
37Veiligheidsuitschakeling van de oven3Wanneer de oven na een bepaalde tijd niet wordt uitgeschakeld of wanneer de temperatuur niet wordt veranderd, dan wordt de oven au-tomatisch uitgeschakeld.In de temperatuurindicatie knippert de temperatuur die als laatste is ingesteld en er klinkt een zoemer.De oven wordt uitgeschakeld bij een oventemperatuur van:Ingebruikname na veiligheidsuitschakelingSchakel de oven helemaal uit.Daarna kunt u de oven weer in gebruik nemen.30 - 120°C na 12,5 uur120 - 200°C na 8,5 uur200 - 250°C na 5,5 uur
39Algemene aanwijzingenU kunt met Multi Hetelucht ook twee vormen tegelijk naast elkaar op het rooster bakken. De baktijd duurt nauwelijks langer.3Bij diepgevroren gerechten kunnen de geplaatste bakplaten tijdens het gaarproces kromtrekken. Dit wordt veroorzaakt door het grote tempe-ratuurverschil tussen het diepgevroren gerecht en de oventemperatuur. Als de bakplaten zijn afgekoeld trekken ze weer recht.Aanwijzigen bij de baktabellenIn de tabellen vindt u een keuze aan gerechten met de bijbehorende temperatuurvoorschriften, gaartijden en gebruiksniveaus.•De temperaturen en baktijden zijn richtwaarden.
De waarden zijn na-melijk afhankelijk van de samenstelling van het deeg, de hoeveelheid en de bakvorm.•Als u voor de eerste keer gaat bakken, raden wij aan de laagste tem-peratuurwaarde in te stellen en pas als het nodig is een hogere tem-peratuur te kiezen (bijvoorbeeld wanneer het gebak niet bruin genoeg is of wanneer de baktijd te lang is).•Als u geen concrete aanwijzingen kunt vinden voor uw eigen recept, kijkt u dan bij een soortgelijk gebak.•Bij het op meerdere niveaus bakken van gebak op platen of in vormen kan de baktijd 10-15 minuten langer zijn.•Bereid vochtig gebak, zoals bijvoorbeeld pizza's en vruchtengebak, op één niveau.•Als het gebak niet overal even hoog is, wordt het gebak in het begin van het bakproces niet overal even bruin. Verander in dit geval de temperatuurinstelling niet.
In de loop van het bakproces wordt het gebak overal even bruin.2Bij langere baktijden kunt u de oven ca. 10 minuten voor het einde van de baktijd uitschakelen en gebruik maken van de restwarmte.Tenzij anders aangegeven, gelden de waarden in de tabellen voor het plaatsen van een gerecht in de koude oven.
42BaktipsBakresultaat Mogelijke oorzaak OplossingDe onderkant van het gebak is te licht van kleurVerkeerde inschuifhoogte Gebak lager inschuivenHet gebak zakt in (wordt klef, papperig, vochtig)Te hoge baktemperatuur Baktemperatuur iets lager instellenTe korte baktijd Baktijd verlengenBaktijden kunnen niet wor-den verkort door een hoge-re baktemperatuurTe veel vocht in het deeg Gebruik minder vloeistofLet op de kneedtijden, in het bijzonder bij het gebruik van keukenmachinesGebak is te droog Te lage baktemperatuur Baktemperatuur hoger in-stellenTe lange baktijd Baktijd verkortenGebak wordt ongelijk-matig bruinTe hoge baktemperatuur en te korte baktijdBaktemperatuur lager instel-len en baktijd verlengenHet deeg is ongelijkmatig ver-deeldHet deeg gelijkmatig over de bakplaat verdelenGebak wordt niet gaar binnen de aangege-ven baktijdTe lage temperatuur Baktemperatuur iets hoger instellen
44BradenOvenfunctie: Multi HeteluchtBraadservies•Om te braden is ieder hittebestendig servies geschikt (zie opgave fa-brikant!).•Wij adviseren alle magere vleessoorten in een braadpan met deksel te braden. Op deze manier blijft het vlees sappiger.•Alle soorten vlees die een korstje moeten krijgen, kunt u in een braadpan zonder deksel braden.3Aanwijzingen met betrekking tot de braadtabelDe gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richtlijn.•Wij raden u aan vlees en vis slechts vanaf 1 kg in de oven te braden.•Om het aanbranden van vleessap of vet te vermijden, raden wij aan een beetje vocht in het braadservies te doen.•Braadstukken naar behoefte (na 1/2 - 2/3 van de gaartijd) keren.•Grote braadstukken en gevogelte gedurende de gaartijd meerdere ke-ren met braadvocht begieten. Daarmee bereikt u een beter braadre-sultaat.•Schakel de oven ca.
46GrillOvenfunctie: Grill met maximale temperatuur-instelling1Let op: bij het grilleren moet de ovendeur altijd gesloten zijn.•Voor het grilleren moeten zowel het rooster als de braadslede worden gebruikt.•De grilltijden zijn richtwaarden.•Grilleren is bijzonder geschikt voor platte stukken vlees en vis.GrilltabelGerecht Inzetniveau Tijd1e zijde 2e zijdeFrikadellen 38-10 Min. 6-8 Min.Varkenshaas 210-12 Min. 6-10 Min.Braadworst 38-10 Min. 6-8 Min.Runderhaas, kalfsfilet 36-7 Min. 5-6 Min.Runderfilet, rosbief (ca. 1 kg) 210-12 Min. 10-12 Min.Geroosterd brood 1)1) Grillrooster zonder braadslede gebruiken34-6 Min. 3-5 Min.Snacks op toast 28-10 Min. ---
48OntdooienOvenfunktie: Ontdooien/Drogen (Temperatuurinstelliing 30°C)•Uitgepackte etenswarenop een bord op et rooster plaatsen.•Gebruik voor het afdekken geen borden of schotels, omdat deze de ontdooitijd aanzienlijk verlengen.•Om te omtdooien plaatst u het rooster op het eerste niveau van on-deren.OntdooitabelGerecht Ontdooitijd min.Nadooi-tijd min. OpmerkingKip, 1000 g 100-140 20-30Kip op een omgedraaid schoteltje in een groot bord leggenNa de helft van de tijd kerenVlees, 1000g 100-140 20-30 Na de helft van de tijd kerenVlees, 500g 90-120 20-30 Na de helft van de tijd kerenForel, 150g 25-35 10-15 ---Aardbeien, 300g 30-40 10-20 ---Boter, 250g 30-40 10-15 ---Room, 2 x 200g 80-100 10-15 Room kam ook met nog licht bevro-ren deeltjes goed worden gekloptGebak, 1400g 60 60 ---
49RoosterenOvenfunctie: Ontdooien/Drogen•Gebruik hiervoor een met boterhampapier of bakpapier belegde plaat.•U bereikt een beter resultaat als u na verloop van de helft van de roostertijd de ovenuitschakelt, opent en gedurende de nacht laat af-koelen.•Daarna het roostergerecht klaar laten roosteren. Roostergerecht Temperatuur in °C Gebruiksniveau Tijd in uren (richtwaarde)1 niveau 2 niveausGroenten Bonen 75 21 / 3 6-9Paprika (reepjes) 75 21 / 3 5-8Soepgroenten 75 21 / 3 5-6Paddestoelen 50 21 / 3 6-9Kruiden 40-50 21 / 3 2-4Fruit Pruimen 75 21 / 3 8-12Abrikozen 75 21 / 3 8-12Appelschijven 75 21 / 3 6-9Peren 75 21 / 3 9-13
50Inmaken/weckenOvenfunctie: Multi Hetelucht•Gebruik voor het inmaken/wecken alleen in de handel gebruikelijke glazen van hetzelfde formaat.•Glazen met een wring- of bajonetsluiting en metalen vormen zijn ongeschikt.•Voor het inmaken/wecken het eerste gebruiksniveau van onderen gebruiken.•Gebruik voor het inmaken/wecken de plaat. Hierop kunt u maximaal zes glazen met elk een inhoud van één liter plaatsen.•De glazen moeten allemaal tot dezelfde hoogte zijn gevuld en zijn dichtgeklemd.•Plaats de glazen zodanig op de plaat, dat ze elkaar niet aanraken.•Giet ca. 1/2 liter water op de plaat, zodat er voldoende vocht in de oven ontstaat.•Zodra de vloeistof in de eerste glazen begint te parelen (bij 1-liter- glazen na ca. 35-60 minuten), schakelt u de oven uit of verlaagt u de temperatuur tot 100°C (zie de tabel).
52MagnetronOpmerkingen t.a.v. de werkingAlgemeen•Laat de gerechten na het uitschakelen van het apparaat een aantal minuten staan (zie magnetrontabel: - tijd).•Verpakkingen van aluminiumfolie, metalen houders, enz. vóór het be-reiden van het gerecht verwijderenGaren–Indien mogelijk afgedekt garen, met voor de magnetron geschikt materiaal.
De gerechten alleen niet afgedekt garen als de korst moet blijven bestaan.–Gekoelde of bevroren gerechten hebben een langere gaartijd nodig.–Gerechten met saus moeten van tijd tot tijd omgeroerd worden.–Groenten met een vaste structuur, zoals wortelen, erwten of bloemkool, met water garen.–Keer grote stukken na ongeveer de helft van de gaartijd om.–Groenten indien mogelijk in stukken van gelijke grootte snijden.–Vlakke, brede houders of schalen gebruiken.Ontdooien van vlees, gevogelte, vis–De bevroren, uitgepakte voedingsmiddelen op een omgedraaid, klein bord met een houder daaronder of op een ontdooirooster of kunststofzeef plaatsen, opdat de ontdooivloeistof kan uitlopen.–Nadat de ontdooitijd van het voedingsmiddel voor de helft is verlo-pen, het product omkeren, indien mogelijk in stukken delen, ont-dooide stukken verwijderen.Ontdooien van boter, stukjes taart, kwark–Niet volledig in het apparaat, maar bij kamertemperatuur laten ontdooien.
Daardoor wordt het resultaat gelijkmatiger. Mogelijke metaal- of aluminiumverpakkingen of –delen vóór het ontdooien volledig verwijderen.Ontdooien van fruit, groenten–Fruit en groenten, dat onbewerkt verder moet worden bewerkt, niet geheel in het apparaat maar op kamertemperatuur ontdooien.–Fruit en groenten dat moet worden gekookt, kan niet direct met een hoger magnetronvermogen worden gegaard, zonder eerst ontdooid te zijn.
53Kant-en-klaargerechten–Kant-en-klaargerechten in metalen verpakkingen of kunststofscha-len met metalen deksel mogen alleen in de magnetron worden ont-dooid of verwarmd, als uitdrukkelijk wordt gesteld dat het geschikt is voor de magnetron.–Let a.u.b. op de informatie die door de fabrikant op de verpakking werd aangebracht (bijv. metalen deksel verwijderen en kunststoffolie inprikken).Geschikt servies en materiaal1) zonder zilver-, goud-, platina- of metalen delen/decoraties2) zonder kwarts- of metalen delen, geen metaalbevattend glazuur3) Volg a.u.b. de door de fabrikant aangegeven maximale temperaturen op!X Geschikt -- Niet geschiktServies/materiaalMagnetron Oven Grill Ont-dooienVer-warmen GarenVuurvast glas en porselein (zonder metaalbestanddelen, bijv. Pyrex, Jenaer Glas)X X X XNiet vuurvast glas en porselein 1) X-- -- --Glas- en vitrokeramiek uit vuur-/vorstvast materiaal (bijv.
543Wat nog aandacht behoeft...•Voedingsmiddelen hebben een verschillende vorm en aard. Zij worden in verschillende hoeveelheden bereid. Daarom zijn ook de noodzake-lijke tijden en vermogens voor het ontdooien, verwarmen of garen onderling afwijkend. Als algemene richtlijn geldt: Dubbele hoeveelheid = bijna dubbele tijd•Bij het verwarmen met de magnetron ontstaat de warmte in het voe-dingsmiddel zelf. Daarom kunnen niet alle plaatsen tegelijkertijd worden verwarmd. Als gevolg hiervan moeten met name grote hoe-veelheden die verwarmd moeten worden, geroerd, of omgedraaid worden.•In de tabel is de duur/tijd aangegeven. Laat het voedingsmiddel in het apparaat of buiten het apparaat staan, zodat de warmte nog ge-lijkmatiger kan worden verdeeld.•Met rijst bereikt u betere resultaten als u vlakke, brede schalen ge-bruikt
57Garen1) Alle groenten afgedekt garen.De aangegeven tijd geeft de richtwaarde weer en zijn afhankelijk van het soort en de kwaliteit van het voedingsmiddel.Melk 1kopjeca. 200 ml1000 1:15-1:45--- Lepel in ver-pakking plaat-senWater 1kopjeca. 200 ml1000 1:30-2 ---Saus 200 ml 600 1-2 --- Tussendoor omroerenSoep 300 ml 600 2-4 ---GerechtMagnetronHoeveel-heid gVermo-gen- WattDuur - min.Tijd – min. OpmerkingGroot stuk vis 500 500 8-10 --- Afgedekt garen,tussendoor de ver-pakking een aan-tal maal omkerenVisfilet 500 500 6-8 ---Groente, korte gaartijd, vers 1) 500 600 12-16 ---Ca.
591) Oven met de aangegeven temperatuur voorverwarmen.De aangegeven gaartijden en temperaturen geven de richtwaarde weer en zijn afhankelijk van het soort en de kwaliteit van het voedingsmiddel.Aardappel-gratinGlas-servies op rooster+250 600 120-25Kaasover het gerecht strooienLamsbout met been 1000 gGlas-servies op rooster+180 300 130-40 5min. - duurLamsbout zonder been 1000 gGlas-servies op rooster+200 300 130-40 5min. - duurLasagne 1200 gGratin-vorm op rooster+250 400 125-30Pasta-schotel 1800 gGratin-vorm op rooster+250 400 130-35 Na 20 min. roerenPeperoni gevuldGlas-servies op rooster+250 400 120-25Peperoni-helften met kaas-/groenten-vullingGebraden rund-vlees 1000 gGlas-servies op rooster+180 400 160-7010 min. - duur, 1x omke-ren, afge-dekt garenGebraden varkens-vlees -hals 1200 gGlas-servies op rooster+230 400 155-655min. - duur, 1x omke-renGerechtBak- /braad-serviesOven-functieTemp.
60Tips voor de magnetronResultaat OplossingVoor de bereide hoeveelheden treft u geen opgaven aan.Oriënteert u zich op soortgelijke voedingsmiddelen. Verleng of verkort de gaartijden op basis van de volgende regel: Dubbele hoeveelheid = bijna dubbele tijd Halve hoeveelheid = halve tijdHet gerecht is te droog geworden. Kortere gaartijd instellen of lager magnetronvermogen kiezen.Het gerecht is na afloop van de tijd nog niet ontdooit, heet of gaar.Langere gaartijd instellen of hoger magnetronvermogen kiezen.Let hierbij op dat hogere gerechten een lan-gere tijd nodig hebben.Na afloop van de gaartijd is het ge-recht aan de rand oververhit, in het midden echter nog niet gaar.Kies een volgende keer een lager vermogen en een langere tijd.Vloeibare gerechten, bijv. soep, tussendoor omroeren.
64AARDAPPELGRATIN (voor 4-5 personen) Ingrediënten:–750 g aardappelen–100 g greyerzer of emmentaler kaas, geraspt–1Ei–75 ml melk of room–2 eetlepel boter–1/2 eetlepel tijm–1 teentje knoflook geschild–zout, peper, nootmuskaatBereidingswijze:Aardappelen schillen, in ca. 3 mm dikke plakjes snijden, afdrogen, naar smaak peper en zout toevoegen.Verdeel de helft van de aardappelen in een ingevette, vuurvaste vorm en strooi er een beetje geraspte kaas over. Leg de overige aardappelen hier bovenop en strooi de rest van de geraspte kaas eroverheen.Pers het teentje knoflook en meng dit met de eieren, melk, room en tijm. Doe er een beetje zout bij en giet het geheel over de aardappelen.Snijdt de boter in kleine stukjes en verdeel deze over het gerecht.Instelling Gebruiksniveau DuurP 11 AARDAPPELGRATIN 2 30 min.
65KIP 1200 GIngrediënten:–1 kip (1000 - 1200 g)–2 eetlepel olie–zout, peper, paprika, kerriepoederBereidingswijze:Was de kip en droog deze af met keukenpapier.Meng de kruiden met de olie en bestrijk de binnen- en buitenkant van de kip gelijkmatig met het mengsel.Leg de kip vervolgens met de borstzijde naar beneden in een vuurvast vorm of in een ovenvaste glazen schaal met inzetpan (accessoire).Na de halve braadtijd, de kip omdraaien.Controleer na de eerste signaaltoon of het vlees gaar is. Indien noodza-kelijk, de resterende braadtijd tot de tweede signaaltoon (ca. 10 min.) verlengen.Instelling Gebruiksniveau DuurP12 KIP 1200 G 2 30 min.
66Reiniging en onderhoud1Waarschuwing: voor het schoonmaken moet het apparaat zijn uitge-schakeld en afgekoeld.Waarschuwing: uit veiligheidsoverwegingen is het niet toegestaan het apparaat met een stoom- of een hogedrukreiniger schoon te maken.Let op: gebruik geen schuurmiddelen, agressieve schoonmaakmid-delen of schurende voorwerpen.Buitenzijde van het apparaat•Neem de voorzijde van het apparaat af met een zachte doek en een warm sopje.•Gebruik bij metalen oppervlakken de hiervoor in de handel verkrijg-bare onderhoudsmiddelen.Binnenkant ovenReinig het apparaat na elk gebruik. Op deze manier brandt het vuil na-melijk niet aan en kunt u vuil het makkelijkst verwijderen.1. Bij het openen van de ovendeur schakelt automatisch de ovenverlichting in.2.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux KB9810EM stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Magnetron AEG Electrolux
Alle AEG Electrolux Magnetron handleidingen