Tesy ModEco Ceramic 150 S Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Tesy ModEco Ceramic 150 S (80 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 27 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Tesy ModEco Ceramic 150 S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Tesy |
| Categorie: | Ketel & boiler |
| Model: | ModEco Ceramic 150 S |
Handleiding Tesy ModEco Ceramic 150 S – volledige tekst
70 Instructies voor gebruik en onderhoud NLI. BELANGRIJKE REGELS1. Deze technische omschrijving en gebruikshandleiding is bedoeld om u vertrouwd te maken met het product en met de gebruik en installatie voorwaarden. De instructies zijn ook bestemd voor de vakkundige technici, die het toestel zullen installeren, demonteren en eventuele storingen verhelpen. 2. De fabrikant kan op geen enkele manier aansprakelijk worden gesteld voor schade, veroorzaakt door exploatatie en/of installatie, die niet aan de instructies in deze handleiding voldoen. 3. De elektrische boiler voldoet aan de eisen van EN 60335-1, EN 60335-2-21. 4.
Dit toestel is bestemd voor exploitatie door kinderen ouder dan 8 jaar en personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke en geestelijke vermogens of door mensen met geen ervaring of kennis, indien ze onder toezicht zijn of ge nstructeerd werden ïovereenkomstig de zekere exploitatie van het toestel en indien ze de mogelijke gevaren verstaan. 5. Kinderen moeten met het toestel niet laten spleen6. De reiniging en de bediening van het toestel moet door niet onder toezicht zijnde kinderen niet uitgevoerd worden. WAARSCHUWING. ONJUISTE INSTALLATIE EN AANSLUITING VAN HET APPARAAT KAN ERNSTIGE GEVOLGEN VOOR DE GEZONDHEID VEROORZAKEN EN LEIDEN TOT DE DOOD VAN DE GEBRUIKERS. DAT KAN OOK SCHADE AAN EIGENDOMMEN OF PERSOONLIJK LETSEL VEROORZAKEN ALS GEVOLG VAN OVERSTROMING, EXPLOSIE OF BRAND.
Installatie, aansluiting op het waternet en aansluiting op het elektriciteitsnet moet worden uitgevoerd door gekwaliceerde technici. Een gekwaliceerde technicus is iemand die over de juiste competenties in overeenstemming met de voorschriften van het betreende land beschikt. Alle wijzigingen en reconstructies van de constructie en het elektrische schema van de boiler zijn verboden. Bij het vaststellen hiervan wordt de garantie geannuleerd.
Onder wijzigingen en reconstructies wordt verstaan iedere verwijdering van de door de fabrikant ingebouwde elementen, inbouwen van bijkomende componenten in de boiler, vervangen van elementen met analogische elementen die door de fabrikant niet goedgekeurd worden. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Installatie------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. De boiler monteren alleen in ruimtes met normale brandveiligheid. 2. Bij installatie in de badkamer moet hij op zo’n plaats gemonteerd zijn, dat hij niet door water wordt overgoten. 3.
Het is bedoeld voor gebruik in gesloten en verwarmde ruimtes, waar de tempeartuur niet lager is dan 4 °C en is niet geschikt voor continu werken in een “stromend water modus”. 4. Bij montage aan de wand wordt de boiler opgehangen aan de speciale beugel aan de behuizing met behulp van de twee in de wand deugdelijk gestoken (min. Ø 10 mm) ankerhoeken (niet meegeleverd). ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aansluiting van de boiler op watertoevoer------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1.
Het toestel is bedoeld om huishoudelijke objecten van warm water te voorzien en dient te worden aangesloten op een waterleidingnet met een waterdruk van ten hoogste 6 bar (0. 6 MPa). 2. De montage van de veiligheidsklep (meegeleverd) is verplicht. Zet hem aan de koudwater-ingang, in de richting van de pijl op de boilerbehuizing, die de richting van het watertoevoer aangeeft.
Uitzondering: Als de nationale verordeningen (normen) een andere veiligheids-/terugslagklep of inrichting vereisen (in overeenstemming met EN 1487 of EN 1489), dient die bijvoeglijk te worden aangeschaft. Voor toestellen conform EN 1487 mag de maximale werkdruk 0. 7 MPa zijn. Voor andere veiligskleppen mag de toegestane druk met 0. 1 MPa lager zijn dan de aangegeven druk op de typeplaat. In deze gevallen mag de meegeleverde terugslagklep niet worden gebruikt. 3. De terugslagklep en de leiding tot de boiler moeten worden beschermd tegen vorst. Bij gebruik van een uitlaatbuis moet het losse einde altijd open blijven (niet onderdompeld). Ook de buis moet tegen vorst beschermd worden. 4. Voor het veilig functioneren van de boiler dient de veilgeidsklep regelmatig gereinigd te worden evenals de functionatiteit van het ventiel gecontroleerd te worden.
In “hard-water” gebieden moet de klep ontkalkt worden. Deze dienst valt niet onder de garantiedekking. 5. Om materiële schades ter plaatse of bij (derde) personen te voorkomen als gevolg van eventuele storingen aan de warmwatervoorziening, moet de boiler enkel in lokalen worden ge nstalleerd met een deugdelijke waterdichting van de vloeren ïalsmede met een drainage (waterafvoer naar het riool). In geen geval mag de boiler op voorwerpen rusten die gevoelig zijn voor vocht. Indien de boiler zich in een onbeschermde ruimte moet bevinden, dan is het noodzakelijk om een carter onder de boiler te plaatsen, met een waterafvoergoot naar het rioolnet6. Bij opwarming van het water is het normaal dat water uit de uitlaatbuis van het veiligheidsventiel doorsijpelt. Die uitlaatbuis dient altijd open te blijven.
Het is noodzakelijk om de uitgelaten hoeveelheid water af te voeren of te verzamelen om schades te voorkomen. 7. Als er een mogelijkheid bestaat om de temperatuur in de ruimte onder 0 °С te dalen, moet men de boiler weglopen. Als aftappen noodzakelijk is, schakel eerst de stroomtoevoer naar de boiler uit.
Stop de toevoer van koud water naar het toestel. Zet de warmwaterkraan open. Open de kraan 7 (g. 4) om het water van de boiler af te tappen. Indien er een aftapinrichting afwezig is, de boiler kan afgetapt worden direct via de inlaatbuis, daarvoor moet hij van het waterleidingnet losgekoppeld worden8. De voorliggende handleiding is ook voor boiler met warmtewisselaar - alinea VII. Deze toestellen zijn voorzien van warmtewisselaar en ze zijn bestemd voor aansluiting op een verwarmingssysteem met hoogste temperatuur van de warmtedrager 80°C.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Elektrische aansluiting------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. Zorg ervoor, dat het apparaat met water is gevuld, voordat u het inschakelt en in werking stelt. 2. Bij elektrische aansluiting van de boiler moet de veiligheidsdraad juist aangesloten zijn (bij modellen zonder snoer met stekker). 3. Waterverwarmers zonder elektriciteitssnoer - Het apparaat moet worden aangesloten op een aparte stroomkring van het elektriciteitsnet.
De stroomkring moet voorzien zijn van een beveiligingsschakkelaar en van een ingebouwde inrichting met een contactscheiding in alle polen voor een volledige onderbreking volgens overspanningscategorie III4. Als het snoer (bij de modellen met een snoer) kapot is, moet die vervangen worden door een geautoriseerde servicedienst of een vakman met desbetreende kwalikacie om risico’s te voorkomen. 5. Tijdens de verwarming kan er een piepend geluid waarneembaar zijn (van kokend water). Dat is normaal en signaleert geen schade. Het geluid wordt sterker met de tijd en de oorzaak is de kalkaaanslag. Geachte klant, Geachte klant het TESY feliciteert u met uw aanschaf.
Op de ens staat er een elektrische verwarmer gemonteerd. Bij de boilers met glasceramische coating is eveneens een magnesumanode ingebouwd. De elektrische verwarmer dient voor verwarming van het water in de tank en wordt door de thermostaat bediend, die automatisch de voorаf ingestelde temperatuur regelt. Het toestel is van een ingebouwde beveilingingsinrichting voorzien, die de boiler tegen oververhitting beschermt (thermoschakelaar) door de verwarmer van het stroomnet af te koppelen, als de watertemperatuur te hoge waarden bereikt. 3. De veiligheidsklep werkt als terugslagventiel, d. w. z. voorkomt de gehele lediging van het toestel bij geen toevoer van koud water uit het waterleidingnet.
Hij beschermt de boiler van tegen overdruk bij een eventuele oververhitting (bij verwarming neemt het volume van het water toe en dat leidt tot hogere druk) door de overvloedige hoeveelheid door de uitlaatbuis af te voeren. De veiligheitsklep kan de boiler niet beschermen bij overdruk in de waterleiding. IV. MONTAGE EN INSCHAKELINGWAARSCHUWING. ONJUISTE INSTALLATIE EN AANSLUITING VAN HET APPARAAT KAN ERNSTIGE GEVOLGEN VOOR DE GEZONDHEID VEROORZAKEN EN LEIDEN TOT DE DOOD VAN DE GEBRUIKERS. DAT KAN OOK SCHADE AAN EIGENDOMMEN OF PERSOONLIJK LETSEL VEROORZAKEN ALS GEVOLG VAN OVERSTROMING, EXPLOSIE OF BRAND. Installatie, aansluiting op het waternet en aansluiting op het elektriciteitsnet moet worden uitgevoerd door gekwaliceerde technici. Een gekwaliceerde technicus is iemand die over de juiste competenties in overeenstemming met de voorschriften van het betreende land beschikt. 1.
InstallatieEr wordt aanbevolen om de montage van het toestel zowel mogelijk dichtbij de plekken voor gebruiken van warm water gedaan te worden om het warmteverlies in de pijpleiding te verminderen. Bij montage in een badkamer moet het toestel op een plek gemonteerd worden zodat het water uit de douche of douche hoofdtelefoon bovenop niet komt.
Bij montage op de wand wordt het toestel aan de op het corpus gemonteerde dragende plank opgehangen. Het ophangen geschiedt aan twee haken (min. Ф 10 mm) die aan de wand stevig vastgelegd zijn (de haken behoren niet tot de kit voor ophangen). De constructie van de dragende plank van de boilers voor verticale montage is universeel en laat de afstand tussen de haken van 220 tot 300 mm te zijn (afbeelding 1a). Bij de boilers voor horizontale montage zijn de afstanden tussen de haken verschillend voor de verschillende inhouden en deze zijn in tabel 2 van afbeelding 1b vermeld. Om materiële schades ter plaatse of bij (derde) personen te voorkomen als gevolg van eventuele storingen aan de warmwatervoorziening, moet de boiler enkel in lokalen worden geïnstalleerd met een deugdelijke waterdichting van de vloeren alsmede met een drainage (waterafvoer naar het riool).
In geen geval mag de boiler op voorwerpen rusten die gevoelig zijn voor vocht. Indien de boiler zich in een onbeschermde ruimte moet bevinden, dan is het noodzakelijk om een carter onder de boiler te plaatsen, met een waterafvoergoot naar het rioolnetOpmerking: de boven aanbevolen carter wordt niet meegeleverd. 2. Aansluiting van de boiler op watertoevoerFig. 4; waar: 1 – koudwater-verbindingsbuis; 2 – veiligheids-/terugslagklep; 3 - drukreduceerventiel (bij druk in de waterleiding boven 0. 6MPa); 4 – afsluitkraan; 5 – afvoerkanaal naar het riool; 6 – buis; 7 – aftapkraan. Bij de aansluiting van de boiler op watertoevoer moet er rekening gehouden worden met de kleur van de verwijstekens /ringen/ op de buizen: blauw – voor het koude /toevoer-/ water, rood – voor de warme /afvoer-/ water. De montage van de veiligheidsklep (meegeleverd) is verplicht.
Uitzondering: Als de nationale verordeningen (normen) een andere veiligheids-/terugslagklep of inrichting vereisen (in overeenstemming met EN 1487 of EN 1489), dient die bijvoeglijk te worden aangeschaft. Voor toestellen conform EN 1487 mag de maximale werkdruk 0. 7 MPa zijn. Voor andere veiligskleppen mag de toegestane druk met 0. 1 MPa lager zijn dan de aangegeven druk op de typeplaat. In deze gevallen mag de meegeleverde terugslagklep niet worden gebruikt. Een andere afsluitinrichting tussen de terugslagklep (veiligheidsventiel) en het toestel mag niet worden geplaatst. Het gebruik van andere (oude) terugslagkleppen kan uw apparaat een schade toebrengen en die moeten worden verwijderd. Voor het inschroeven van de klep mogen schroefdraden langer dan 10 mm niet gebruikt worden, anders kan de klep beschadigd worden, wat onveilig is voor uw toestel.
Bij boilers met verticale uitvoering moet de veiligheids/terugslagklep aan de toevoerbuis bij afgenomen plastic paneel van het toestel geplaatst worden. De terugslagklep en de leiding tot de boiler moeten worden beschermd tegen vorst. Bij gebruik van een uitlaatbuis moet het losse einde altijd open blijven (niet onderdompeld). Ook de buis moet tegen vorst beschermd worden. Om het toestel met water te vullen, draait u eerst de warmwaterkraan aan de menginrichting open. Daarna draait u de koudwaterkraan open. Zodra de boiler volledig gevuld is, komt er water uit de mengkraan te lopen met een ononderbroken straal. Sluit vervolgens de warmwaterkraan af. Als aftappen noodzakelijk is, schakel eerst de stroomtoevoer naar de boiler uit. Stop de toevoer van koud water naar het toestel. Zet de warmwaterkraan open. Open de kraan 7 (g. 4) om het water van de boiler af te tappen.
Indien er een aftapinrichting afwezig is, de boiler kan afgetapt worden direct via de inlaatbuis, daarvoor moet hij van het waterleidingnet losgekoppeld worden.
Bij wegnemen van de ens is het normaal dat het resterende water in de tank (een paar liter) uitloopt. Om schades te voorkomen tijdens het aftappen moeten er veiligheidsmaatregelen getroen worden. Als de werkdruk in het waterleidingnet hoger is dan de aangegeven in alinea I, dan moet u een passend drukreduceerventiel inbouwen, anders zal de boiler niet naar behoren geexploiteerd worden. De fabrikant aanvaardt geen verantwoordelijkheid voor schades die te wijten zijn aan incorrecte inbedrijfstelling. 3. Elektrische aansluiting. Zorg ervoor dat het apparaat met water is gevuld, voordat u het inschakelt en in werking stelt. 3. 1. Modellen, geleverd met een elektriciteitssnoer met stekker, worden aangesloten door de stekker in het stopcontact te steken. De ontkoppeling van de boiler van het stroomnet gebeurt door de stekker uit het stopcontact te trekken.
Het stopcontact moet juist aangesloten zijn aan een aparte stroomkring, beschermd met een beveiligingsschakelaar. Het moet een aardleiding hebben. 3. 2. Waterverwarmers geleverd met elektriciteitssnoer zonder stekkerHet apparaat moet worden aangesloten op een aparte stroomkring van het elektriciteitsnet, beschermd met een beveiligingsschakelaar met nominale stroom 16A (20A voor vermogen > 3700W). De stroomaansluiting moet vast zijn – zonder stekker-aansluitingen. De stroomkring moet voorzien zijn van een beveiligingsschakkelaar en van een ingebouwde inrichting met een contactscheiding in alle polen voor een volledige onderbreking volgens overspanningscategorie III.
Waterverwarmers zonder elektriciteitssnoerHet apparaat moet worden aangesloten op een aparte stroomkring van het elektriciteitsnet, beschermd met een beveiligingsschakelaar met nominale stroom 16A (20A voor vermogen > 3700W). Voor de aansluiting worden koperen eendradige (harde) leidingen gebruikt – installatiekabel 3 x 2,5 mm² voor totaalvermogen 3000W (installatiekabel 3 x 4. 0 mm² voor vermogen > 3700W).
72 Instructies voor gebruik en onderhoud NLOm de boiler op het elektriciteitsnet aan te sluiten, moet de plastic manteldeksel afgenomen worden (g. 2 a). De aansluiting van de elektriciteitsdraden volgt de aanwijzingen op de klemmen: •Fasedraad moet verbonden worden met symbool A of A1 of L of L1 • Nuldraad – met symbool N (B of B1 of N1) • De aarddraad moet verplicht verbonden zijn door een schroefaansluiting met symbool. Na de montage wordt de plastic deksel opnieuw geplaatst op de bolier. Toelichting aan afbeelding 3: T2 – thermoschakelaar; T1 – thermoregelaar; S – schakelaar; R – verwarmer; SL1, SL2, SL3 – signaallampje; F – ens. V. IN GEBRUIK NEMEN VAN HET TOESTEL1. Het toestel inschakelenVóór het aanvankelijke inschakelen van het toestel moet men ervoor zorgen dat de boiler op de juiste wijze in het elektrische netwerk ingeschakeld en vol met water is.
Het inschakelen van de boiler geschiedt door middel van de in de elektrische installatie ingebouwde installatie, omgeschreven in onder 3. 3 van paragraaf IV of door de stekker in het stopcontact te plaatsen (indien het model voorzien van een kabel met stekker is. 2. Boilers met elektrische en mechanische bediening Afbeelding 2. Legenda:1 - Thermoregelaar 2 - Vermogensschakelaar 3 - Lichtindicatoren Thermoregelaar (1) en lichtindicator „verwarming / gereed voor gebruik“ De temperatuurinstelling wordt gedaan door de omkering van de thermoregelaar te draaien (1). Deze instelling laat een gladde zetten van de gewenste temperatuur. De draairichting van de omkeren is weergegeven op afbeelding 2. e – Bij dit regime zal de watertemperatuur in het toestel rond 60°С liggen. Op deze wijze wordt het warmteverlies verminderd.
Geen licht, wanneer de vermogensschakelaar in uitgeschakelde toestand is. Vermogensschakelaar (2) en lichtindicatoren Vermogensschakelaar met één graad:0 – uitgeschakelde toestand;I – ingeschakelde toestand;Vermogen lichtindicator brandt bij ingeschakelde toestand van de schakelaar. I IVermogensschakelaar met twee graden:0 – uitgeschakelde toestand;I, II – ingeschakelde toestand;Keuze van vermogensgraad voor verwarming: Aangegeven vermogen (aangeduid op het bordje van het toestel) Ingeschakeld () graad Ingeschakeld () graad1200 W 600 W 1200 W1600 W 800 W 1600 W2400 W 1200 W 2400 WBij graad van de schakelaar brandt de vermogen lichtindicator. I IBij graad van de schakelaar brandt naast de vermogen lichtindicator , ook de II Ivermogen lichtindicator. II3.
Bescherming naar temperatuur (geldig voor alle modellen)Het toestel is voorzien van een speciale installatie (thermoschakelaar) bestemd voor bescherming tegen te hoge waterverwarming die de verwarmer van het elektrische netwerk uitschakelt, wanneer de temperatuur te hoge waarden bereikt. Nadat deze installatie in gang is gezet zal deze zich niet herstellen en het toestel zal niet werken. Om het probleem op te lossen moet men zich tot een erkende service dienstverlener of een bevoegde technicus richten. VI. MODELLEN VOORZIEN VAN WARMTEWISSELAAR SERPENTINE AFBEELDING 1C, AFBEELDING 1D, AFBEELDING. 1E EN AFBEELDING 3 ÷ 5Deze toestellen zijn voorzien van warmtewisselaar en ze zijn bestemd voor aansluiting op een verwarmingssysteem met hoogste temperatuur van de warmtedrager 80°C.
De bediening van de stroom door de warmtewisselaar betreft de oplossing van de bepaalde installatie en de keuze van de bediening hiervan moet bij het ontwerpen van de installatie gemaakt worden (bijvoorbeeld: buitenthermostaat die de temperatuur in het waterreservoir meet en circulatiepomp of magneetventiel bedient). De boilers voorzien van warmteweisselaar maken mogelijk het water verwarmd als volgt te worden:1.
Door middel van een warmtewisselaar (serpentine). Dit is een belangrijke wijze om het water te verwarmen. 2. Door middel van een elektrische hulpverwarmer voorzien van automatische bediening die in het toestel ingebouwd is. Deze wordt gebruikt als het nodig is om het water extra te verwarmen of in geval van renovatie van het systeem van de warmtewisselaar (serpentine). Het aansluiten op de elektrische installatie en hoe het toestel werkt zijn vermeld in de vorige paragrafen. MontageNaast de hierboven beschreven montagewijze, is het bijzondere bij deze modellen dat het niet nodig is om de warmtewisselaar op de verwarmingsinstallatie aan te sluiten, door het volgen van de richtingen van de op afbeelding 1c, afbeelding 1d en afbeelding 1e aangegeven pijlen. Wij bevelen u aan stopventielen op de ingang en de uitgang van de warmtewisselaar te monteren.
Bij het stoppen van de stroom van de warmtedrager door middel van het onderste (stop) ventiel zult u de ongewenste circulatie hiervan vermijden in de perioden waarin u slechts een elektrische verwarmer gebruikt. Tijdens demontage van uw warmtewisselaar moeten de twee ventielen gesloten zijn. Bij het aansluiten van de warmtewisselaar op een installatie van koperpijpen moeten dielektrische klemmen gebruikt worden. Om de corrosie te beperken moet in de installatie pijpen met beperkte gaas diusie gebruikt worden. Modellen voorzien van één warmtewisselaar en huls voor thermosensor Het installeren van het toestel is ten laste van de koper en moet door een bevoegde installateur uitgevoerd worden in overeenstemming met de hoofdconstructie en de onderhavige bijlage erbij. Technische karakteristieken:Type GCV6S 8047GCV9S 10047GCV9S 12047GCV9S 15047GCV11SO 15047Oppervlakte van de serpentine (m²) 0.
6Hoogste temperatuur van de warmtedrager (°C) 80 80 80 80 80Bij modellen met optie voor montage van de samen met het toestel aangeleverde huls op de thermosensor moet men deze op de met “TS” aangeduide uitgang monteren. De schroefdraad moet dichtgemaakt worden. Modellen voorzien van twee warmtewisselaars en huls voor thermosensor Deze modellen maken mogelijk om op twee buiten warmtebronnen aan te sluiten: zonnecollector en locale of centrale waterverwarming.
Opschriften op de serpentinen: • S1 en pijl naar de uitgang van de serpentine: ingang van serpentine S1 • S1 en pijl vanuit de uitgang van de serpentine naar buiten: uitgang van serpentine S1 • S2 en pijl naar de uitgang van de serpentine: ingang van serpentine S2 • S2 en pijl vanuit de uitgang van de serpentine: uitgang van serpentine S2 Op het waterreservoir staat een gelaste moer met een binnenschroefdraad ½” voor montage van thermosonde aangeduid met ‘TS”. Tot de kit van het toestel behoort een messing huls voor thermosonde die aan deze moer moet vastgedraaid worden. Technische karakteristieken:Type GCV7/4S 10047GCV7/4S 12047GCV7/4S 15047Oppervlakte van serpentine S1 (m²) 0. 5 0. 5 0. 5Oppervlakte van serpentine S2 (m²) 0. 3 0. 3 0. 3Inhoud van serpentine S1 (l) 2. 4 2. 4 2. 4Inhoud van serpentine S2 (l) 1. 4 1. 4 1. 4Werkdruk van serpentine S1 (MPa) 0. 6 0. 6 0.
6Werkdruk van serpentine S2 (MPa) 0. 6 0. 6 0. 6Hoogste temperatuur van de warmt-edrager (°C) 80 80 80VII. PERIODIEK ONDERHOUDBij normaal werk van de boiler, onder de invloed van de hoge temperatuur verzamelt zich op de oppervlak van de verwarmer kalk /ketelsteen/. Dat verslechtert de warmte-uitwisseling tussen de verwarmer en het water. De temperatuur op de oppervlak van en rondom het verwarmingselement stijgt. Er onstaat een specieek geluid /van kokend water/. De warmteregelaar begint zich vaker in- en uit te schakelen. Een “valse” activatie van de beveiligingsschakelaar is mogelijk.
Daarom adviseert de fabrikant periodiek onderhoud van uw boiler elk tweede jaar door een geautoriseerd servicecentrum of servicedienst, wat niet door de garantie wordt gedekt. Bij dit onderhoud moet de kalkaanslag verwijderd worden en (bij boilers met glaskeramische coating) zo nodig de anode worden vervangen. Reinig het toestel met een vochtige doek. Gebruik geen schuurmiddelen of reinigingsmiddelen. De fabricant accepteert geen aansprakelijkheid voor schade onstaan door het niet opvolgen van de instructies in deze handleiding. MilieubeschermingDe oude elektrische toestelen bevatten elementen die hergebruikt kunnen worden, daarom gooi het product niet met de huisvuil weg. We vragen u om actief bij te dragen aan de milieubescherming en het toestel af te geven bij een inzamelpunt van oude elektrische of elektronische apparaten (indien aanwezig).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Tesy ModEco Ceramic 150 S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Ketel & boiler Tesy
Handleiding Ketel & boiler
Nieuwste handleidingen voor Ketel & boiler