Stiebel Eltron FET Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Stiebel Eltron FET (136 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 36 mensen. Heb je een vraag over Stiebel Eltron FET of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Stiebel Eltron |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | FET |
Handleiding Stiebel Eltron FET – volledige tekst
32 | FETINHOUD | BEDIENING Algemene aanwijzingenBEDIENING1. Algemene aanwijzingenHet hoofdstuk "Bediening" is bedoeld voor de gebruiker van het toestel en voor de installateur. Het hoofdstuk "Installatie" is bedoeld voor de installateur. InfoLees voor gebruik deze handleiding zorgvuldig door en bewaar deze. Overhandig de handleiding zo nodig aan een volgen-de gebruiker. 1. 1 Geldende documenten Handleiding WPM1. 2 Veiligheidsaanwijzingen1. 2. 1 Structuur veiligheidsaanwijzingen TREFWOORD soort gevaarHier staan mogelijke gevolgen wanneer de veilig-heidsvoorschriften worden genegeerd. f Hier staan maatregelen om gevaren te voorko-men. 1. 2. 2 Symbolen, soort gevaarSymbool Soort gevaar Letsel 1. 2. 3 TrefwoordenTREFWOORD BetekenisGEVAAR Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht worden genomen.
WAARSCHU-WINGAanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of over-lijden, wanneer deze niet in acht worden genomen. VOORZICHTIG Aanwijzingen die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht worden genomen. 1. 3 Andere aandachtspunten in deze documentatie InfoAlgemene aanwijzingen worden aangeduid met het hiernaast afgebeelde symbool. f Lees de aanwijzingen grondig door. Symbool Betekenis Materiële schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) Het toestel afdanken BEDIENING1. Algemene aanwijzingen ��������������������� 321. 1 Geldende documenten ______________________ 321. 2 Veiligheidsaanwijzingen ______________________ 321. 3 Andere aandachtspunten in deze documentatie __ 321. 4 Maateenheden _____________________________ 332. Veiligheid ��������������������������������� 332. 1 Reglementair gebruik ________________________ 332.
BEDIENING VeiligheidFET | 33NEDERLANDSf Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De vereiste handelingen worden stap voor stap beschreven. Deze symbolen geven het niveau van het softwaremenu aan (in dit voorbeeld het 3eniveau). 1. 4 Maateenheden InfoTenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in mil-limeter aangegeven. 2. Veiligheid2. 1 Reglementair gebruikHet toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke om-geving. Het kan op een veilige manier bediend worden door ongeschoolde personen. Het toestel kan ook buiten het huis-houden gebruikt worden, bijv. in een klein bedrijf, voor zover het op dezelfde wijze gebruikt wordt. Elk ander gebruik dat verder gaat dan wat hier wordt omschre-ven, geldt als niet-reglementair. Onder reglementair gebruik valt ook het in acht nemen van deze handleiding evenals de handleidingen voor het gebruikte toebehoren. 2.
2 Algemene veiligheidsaanwijzingen WAARSCHUWING LetselHet toestel kan door kinderen vanaf 8jaar, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geeste-lijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze onderricht zijn hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke gevaren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging of gebruikersonder-houd uitvoeren. - De elektrische installatie en de installatie van het verwar-mingscircuit mogen alleen uitgevoerd worden door een erkende, gekwaliceerde installateur of door technici van onze klantendienst. - De installateur is tijdens de installatie en de eerste inge-bruikname verantwoordelijk voor het naleven van de gel-dende voorschriften.
- Gebruik het toestel enkel als het volledig geïnstalleerd is en als alle veiligheidsvoorzieningen aangebracht zijn. - Bescherm het toestel tegen stof en vuil tijdens de bouwfase. 2. 3 KeurmerkZie het typeplaatje op het toestel. 3.
ToestelbeschrijvingDe digitale afstandsbediening FET maakt de comfortabele bediening van een verwarmingszone mogelijk. De afstands-bediening meet de relatieve vochtigheid en de kamertempe-ratuur. De software is onderverdeeld in de programmamenu's en het menu INSTELLINGEN. Via de programmamenu's komt u snel terecht bij de afzonder-lijke programma's. Via het menu INSTELLINGEN kunt u enkele menuopties per-manent wijzigen. 4. Bediening4. 1 BedieningselementenOKMENUD000006471112341 Sensortoets "OK"2 Aanraakwiel3 Sensortoets "MENU"4 DisplayHet aanraakwiel heeft een aanraakgevoelige sensor. Links en rechts daarvan bevindt zich telkens een sensortoets. Met behulp van het aanraakwiel en de sensortoetsen kunt u alle noodzakelijke toestelfuncties instellen.
InfoWanneer u handschoenen draagt, natte handen hebt of het bedieningspaneel vochtig is, bemoeilijkt dit de herkenning van uw vingercontact en de uitvoering van de door u gewenste acties. Onder de menuoptie INSTELLINGEN/ ALGEMEEN/ TOUCHGE-VOELIGHEID kunt u de aanraakgevoeligheid van het aanraak-wiel en de sensortoetsen laten aanpassen door uw installateur.
BEDIENING Bediening34 | FET4. 2 Startscherm22° 14°16. 06. D00000645841865732MA16. 06. 41 Datum2 Weer3 Buitentemperatuur4 Menuniveau5 Tijd6 Kamertemperatuur/rel. luchtvochtigheid7 Actieve bedrijfsmodus8 Dag van de weekSymbolen BinnentemperatuurSymbool voor de binnentemperatuur KlokprogrammaIndien de kamertemperatuur voor een afgebakende periode werd gewijzigd, verschijnt het kloksymbool. Stand-bywerkingWanneer de warmtepomp via de warmtepompma-nager uitgeschakeld is, wordt het stand-bysymbool weergegeven. SneeuwvlokIndien de buitentemperatuur lager dan 3°C is, ver-schijnt het sneeuwvlokjessymbool. BuitentemperatuurSymbool voor de buitentemperatuurSelectiemarkeringIn het menu INSTELLINGEN geeft een selectiemarkering steeds de huidige positie weer. Het geselecteerde menupunt heeft daarbij een donkere achtergrond. Bovenaan op het display wordt het actuele menuniveau weergegeven. 4.
3 AanraakwielD00000647104. 3. 1 Programmamenu'sDoor in de diverse programmamenu's met uw vinger het aan-raakwiel met de wijzers van de klok mee of tegen de wijzers van de klok in te draaien, geeft u een andere waarde in voor het betreende menu. 4. 3. 2 Menu INSTELLINGENIndien u in het menu INSTELLINGEN met uw vinger het aan-raakwiel met de wijzers van de klok mee draait, zal de selec-tiemarkering in de lijst een positie naar beneden gaan. Met een draaibeweging tegen de wijzers van de klok in gaat de gemarkeerde positie naar boven. Naast het navigeren binnen de menustructuur is het aanraak-wiel bedoeld om parameters in te stellen. Om de waarde te verhogen, draait u met de wijzers van de klok mee aan het wieltje. Om de waarde te verlagen, draait u tegen de wijzers van de klok in. 4. 4 Sensortoetsen InfoBij een te lange aanraking geeft het toestel geen re-actie.
BEDIENING MenuFET | 35NEDERLANDS4. 4. 2 Menu INSTELLINGEN InfoAls de gebruiker langer dan 10 minuten niets doet (d. w. z. geen draaibeweging maakt en niet op "MENU" of "OK" tikt), gaat het display van het toestel automa-tisch uit de menustructuur terug naar het startmenu. Eerder uitgevoerde parameterwijzigingen die nog niet met "OK" zijn bevestigd, gaan verloren. De parameters behouden de waarden die tot dusver werden opge-slagen. Sensortoets "MENU"Met de sensortoets "MENU" gaat u telkens een menuniveau terug. Sensortoets "OK"In het menuniveau bevestigt u telkens met de sensortoets "OK" de menuoptie die u gemarkeerd hebt. Hiermee gaat u naar het onderliggende menuniveau totdat u op het menuniveau van de parameters beland bent. Op het parameterniveau slaat u met de sensortoets "OK" de op dat moment ingestelde parameter op.
Klikt u in het menuniveau op VORIGE, gaat u een niveau hoger in het menu. 5. Menu InfoWanneer het zomerbedrijf actief is in de warmtepomp-manager, zijn de instellingen op de afstandsbediening FET niet actief. 5. 1 Programmamenu's5. 1. 1 StartschermOp het startscherm kunt u de kamertemperatuur voor de res-pectievelijke kamer aanpassen. 22° 14°16. 06. D0000064584MA 16. 06. f Houd uw vinger op het aanraakwiel. Er verschijnt een cir-kel rond de op dat moment ingestelde waarde. 20°. 5D0000064591f Maak met uw vinger een draaibeweging over het aan-raakwiel om de kamertemperatuur aan te passen. f Haal uw vinger van het aanraakwiel. Het display toont nog enkele seconden de geselecteerde instelling en gaat dan automatisch terug naar het startscherm. De ingevoerde waarde is opgeslagen. InfoDe wijziging van de kamertemperatuur is slechts tijde-lijk van kracht.
Na het verstrijken van een in te stellen tijdsinterval wordt de kamertemperatuur weer door de warmtepompmanager bepaald. f Het tijdsinterval stelt u in het menu INSTELLIN-GEN/ INSTELLINGEN/ VERWARMEN/ TIJDSINTER-VAL. ToepassingVoor temperatuuraanpassingen van korte duur. 5. 1.
2 ECOVia dit menu kunt u de verwarmingsmodus en onder bepaalde voorwaarden ook het warmwaterbedrijf voor een bepaalde periode op een lager pitje zetten. De temperatuur voor de verlaagde modus (ECO-temperatuur) wordt door de warm-tepompmanager geregeld (zie menu INSTELLINGEN/ WARM WATER/ WARMWATERTEMPERATUREN/ ECO TEMPERATUURin de warmtepompmanager). InfoPas vanaf een ingesteld tijdsinterval van 3 dagen is de verlaagde modus ook van toepassing op de warmwa-terbereiding. OffECOD0000064585ECOUITf Ga met de sensortoetsen "MENU" of "OK" naar het menu ECO. Op het display ziet u de waarde zoals die momenteel staat ingesteld.
BEDIENING Menu36 | FETf Houd uw vinger op het aanraakwiel. Er verschijnt een cir-kel rond de op dat moment ingestelde waarde. 8D0000064590f Maak met uw vinger een draaibeweging over het aan-raakwiel om het tijdsinterval voor de verlaagde modus in te stellen. Via de eerste halve cirkel kunt u een tijdsinterval instellen van UIT tot 24uur. Draait u nog verder aan het aanraakwiel, kunt u het tijdsinterval verlengen van 2 tot 30 dagen. f Haal uw vinger van het aanraakwiel. Het display toont nog enkele seconden de geselecteerde instelling en gaat dan automatisch terug naar het bijbehorende menu. De ingevoerde waarde is opgeslagen. InfoNa het verstrijken van het tijdsinterval vinden de ver-warmingsmodus en de modus voor warm water plaats volgens de in de warmtepompmanager ingestelde tijden (zie menu PROGRAMMA'S/ VERWARMEN en PROGRAMMA'S/ WARM WATER in de warmtepomp-manager).
ToepassingBij langdurige afwezigheid,(bijv. vakantie). 5. 1. 3 COMFORTVia dit menu kunt u de comforttemperatuur voor de kamer permanent wijzigen. 20°. 5D0000064586COMFORTf Ga met de sensortoetsen "MENU" of "OK" naar het menu COMFORT. Op het display ziet u de waarde zoals die mo-menteel staat ingesteld. f Houd uw vinger op het aanraakwiel. Er verschijnt een cir-kel rond de op dat moment ingestelde waarde. 20°. 5D0000064591f Maak met uw vinger een draaibeweging over het aan-raakwiel om de comforttemperatuur aan te passen. f Haal uw vinger van het aanraakwiel. Het display toont nog enkele seconden de geselecteerde instelling en gaat dan automatisch terug naar het bijbehorende menu. De ingevoerde waarde is opgeslagen. InfoDe in de warmtepompmanager ingestelde waarde voor de comforttemperatuur werd voor het betref-fende verwarmingscircuit gewijzigd.
4 WARM WATERVia dit menu kunt u het water in de warmwaterboiler eenmalig of voor 1 tot 3 dagen laten opwarmen tot de in de warmte-pompmanager ingestelde comforttemperatuur (zie menu IN-STELLINGEN/ WARM WATER/ WARMWATERTEMPERATUREN/ COMFORT TEMPERATUUR). 35°D0000064587 WARM WATERf Ga met de sensortoetsen "MENU" of "OK" naar het menu WARM WATER. Op het display ziet u de waarde zoals die momenteel staat ingesteld. f Houd uw vinger op het aanraakwiel. Er verschijnt een cir-kel rond de op dat moment ingestelde waarde.
BEDIENING MenuFET | 37NEDERLANDS1D0000064592f Maak met uw vinger een draaibeweging over het aanraak-wiel om de opwarmfunctie van de warmwaterboiler in te stellen. De warmwaterboiler kan eenmalig of voor 1 tot 3 dagen worden opgewarmd tot de comforttemperatuur.f Haal uw vinger van het aanraakwiel. Het display toont nog enkele seconden de geselecteerde instelling en gaat dan automatisch terug naar het bijbehorende menu. De ingevoerde waarde is opgeslagen. InfoNa het verstrijken van de ingestelde waarde ver-loopt de warmwaterbereiding weer volgens de in de warmtepompmanager ingestelde tijden (zie menu PROGRAMMA'S/ WARM WATER in de warmtepomp-manager).ToepassingWanneer u meer warm water nodig hebt (bijv. bij bezoek).5.2 INSTELLINGENIn dit menu kunt u informatie aezen en enkele instellingen doen.
De menunavigatie lijkt sterk op die van de warmtepomp-manager.D0000064588 INSTELLINGENf Ga met de sensortoetsen "MENU" of "OK" naar het menu INSTELLINGEN. Op het display verschijnt een slot.f Houd uw vinger op het aanraakwiel. Er verschijnt een cirkel.D0000064589f Maak met uw vinger een draaibeweging over het aan-raakwiel om het menu te ontgrendelen. Nu verschijnt de menustructuur.D0000069310HOOFDMENUINFO ►PROGRAMMA‘S ►INSTELLINGEN ►VORIGE ►f Maak met uw vinger een draaibeweging tot aan de menuoptie waarin u aanpassingen wilt doen.INFO SOFTWARE BEDIENINGSPANEELOnder deze menuoptie vindt u de softwareversie die op uw toestel is geïnstalleerd. VERWARMINGSCIRCUITOnder deze menuoptie ziet u welk verwarmingscircuit is ge-koppeld aan het toestel.
InfoHet verwarmingscircuit werd vastgelegd in de wizard voor ingebruikname.PROGRAMMA'S VERWARMINGSPROGRAMMAOnder de menuoptie VERWARMINGSPROGRAMMAkunt u de tijden bepalen waarin er tot de comforttemperatuur moet worden verwarmd. In de tussenliggende tijdspannen wordt er verwarmd tot de ECO-temperatuur.
BEDIENING Menu38 | FET InfoDe waarden voor de gevraagde temperatuur kunt op het toestel instellen onder de menuoptie INSTEL-LINGEN/ VERWARMEN/ COMFORT TEMPERATUURen ECO TEMPERATUUR of via de warmtepompmanager onder de menuoptie INSTELLINGEN/ VERWARMEN/ VERWARMINGSCIRCUIT/ COMFORT TEMPERATUUR en ECO TEMPERATUUR. f Stel de tijden voor het verwarmingsprogramma in. InfoEen uitvoerige beschrijving over hoe u het tijdspro-gramma moet instellen, vindt u in de handleiding van de warmtepompmanager WPM. INSTELLINGEN ALGEMEEN TAALOnder de menuoptie TAAL kunt u de taal wijzigen. f Met behulp van het aanraakwiel kunt u de gewenste taal instellen. Bevestig met "OK". CONTRASTOnder de menuoptie CONTRAST kunt u het schermcontrast aanpassen. f Dit gebeurt met behulp van het aanraakwiel. Bevestig met "OK".
CONTRASTOnder de menuoptie CONTRAST kunt u het contrast van de schermverlichting aanpassen. Wanneer u het toestel bedient, licht het scherm op met de ingestelde helderheidsgraad. f Dat instellen gebeurt met behulp van het aanraakwiel. Bevestig met "OK". CONTRAST UITOnder de menuoptie CONTRAST UIT kunt u het contrast van de schermverlichting aanpassen. Wanneer u voor een bepaal-de tijd geen gegevens invoert op het toestel, wordt de hel-derheidsgraad van de displayverlichting verlaagd tot de hier ingestelde waarde. f Dat instellen gebeurt met behulp van het aanraakwiel. Bevestig met "OK". KAMERTEMP CORRECTIE InfoStel deze parameter in wanneer de temperatuursen-sor van de afstandsbediening vanwege de plaats waar hij is gemonteerd, niet correct de kamertemperatuur meet. Onder de menuoptie KAMERTEMP CORRECTIE kunt u de weer-gegeven kamertemperatuur met +/-5°C bijstellen.
REL LUCHTVOCHTIGHEID CORRECTIE InfoGebruik deze parameter wanneer de vochtigheidssen-sor van de afstandsbediening vanwege de plaats waar hij is gemonteerd, niet correct de relatieve vochtigheid meet. Onder de menuoptie REL LUCHTVOCHTIGHEID CORRECTIE kunt u de weergegeven relatieve luchtvochtigheid in de kamer met +/-5% bijstellen. f Het corrigeren gebeurt met behulp van het aanraakwiel. Bevestig met "OK". TOUCHGEVOELIGHEIDOnder de menuoptie TOUCHGEVOELIGHEID kunt u de aanraak-gevoeligheid van het aanraakwiel en de sensortoetsen laten aanpassen door uw installateur. VERWARMEN COMFORTOnder de menuoptie COMFORT kunt u de gewenste kamer-temperatuur voor de comfortwerking instellen. Indien de warmtepomp in de comfortwerking staat (zie PROGRAMMA'S/ VERWARMINGSPROGRAMMA), warmt de warmtepomp het cv-water op tot de hier ingestelde waarde.
f Stel met het aanraakwiel de gewenste temperatuur in. Bevestig met "OK". ECO TEMPERATUUROnder de menuoptie ECO TEMPERATUUR kunt u de gewenste kamertemperatuur voor het ECO-bedrijf instellen. Indien de warmtepomp in het ECO-bedrijf staat (zie PROGRAMMA'S/ VERWARMINGSPROGRAMMA), warmt de warmtepomp het cv-water op tot de hier ingestelde waarde. f Stel met het aanraakwiel de gewenste temperatuur in. Bevestig met "OK". TIJDSINTERVALOnder de menuoptie TIJDSINTERVAL kunt u het tijdsinterval instellen waarvoor de wijziging van de kamertemperatuur die is ingegeven op het startscherm, geldt (zie het hoofdstuk "Menu / Startscherm"). f Stel met het aanraakwiel het gewenste tijdsinterval in. Bevestig met "OK". CODE INVOERENOnder de menuoptie CODE INVOEREN kunt u de vooraf inge-stelde code invoeren om de geblokkeerde menu's voor een bepaalde tijd te ontgrendelen.
INSTALLATIE Problemen verhelpenFET | 39NEDERL ANDSf Geef met behulp van het aanraakwiel de cijfers van de code in. Bevestig met "OK". 6. Problemen verhelpenWaarschuw de installateur als u de oorzaak zelf niet kunt ver-helpen. Hij kan u sneller en beter helpen als u hem het nummer op het typeplaatje doorgeeft (000000-0000-000000). INSTALLATIE7. VeiligheidInstallatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwaliceerde installateur uitgevoerd worden. 7. 1 Algemene veiligheidsaanwijzingenWij waarborgen de goede werking en de bedrijfszekerheid uitsluitend bij gebruik van originele onderdelen en vervan-gingsonderdelen voor het toestel. 7. 2 Voorschriften, normen en bepalingen InfoNeem alle nationale en regionale voorschriften en bepalingen in acht. 8.
ToestelbeschrijvingHet toestel wordt aan een verwarmingscircuit gekoppeld en kan de waarden van het gekoppelde circuit beïnvloeden. In een warmtepompinstallatie kunnen er maximaal vijf toe-stellen worden aangesloten. Maximaal drie toestellen kunnen worden verbonden met de warmtepompmanager WPM en maximaal twee toestellen met de warmtepompuitbreidings-module WPE. 8. 1 Toebehoren8. 1. 1 Noodzakelijke accessoires - Warmtepompmanager WPM9. Montage9. 1 MontageplaatsHoud bij het kiezen van de montageplaats rekening met de volgende eisen om een correcte werking van het systeem te verzekeren. f Bevestig het toestel op een binnenmuur, maar niet in een nis. f Dek het toestel niet af met gordijnen of iets gelijkaardigs. f Stel het niet bloot aan directe externe warmtebronnen (bijv. zon, verwarming of een tv-toestel). f Voorkom directe tocht die door ramen en deuren veroor-zaakt wordt. 9.
f Gebruik een vieraderige CAN-buskabel om de warmte-pompmanager aan te sluiten op de plaats waar het toe-stel is gemonteerd. De CAN-buskabel moet voor de montage 20 tot 30cm uit de wand steken. 9. 2. 1 Montage met inbouwcontactdoosVoor de wandbevestiging adviseren wij een inbouwcontact-doos die dit stuk van de CAN-buskabel kan herbergen. f Let erop dat de schroefopeningen van de inbouwcontact-doos horizontaal respectievelijk verticaal ten opzichte van elkaar zijn geplaatst. 9. 2. 2 Montage zonder inbouwcontactdoosf Boor vier gaten voor het bevestigen van de wandop-bouwbehuizing (Ø5mm). f Let er bij het leggen van de CAN-buskabel op dat u bij het boren van de bevestigingsgaten de kabel niet beschadigt. In het gebied van de kabeldoorvoeropening (achter de wandopbouwbehuizing) moet een ruimte voor het herbergen van 20 tot 30cm datakabel beschikbaar zijn.
Ingebruikname11.1 Eerste ingebruiknameWanneer u het netsnoer van het toestel hebt aangesloten op de warmtepompmanager, start de wizard voor ingebruikname.f Congureer het verwarmingscircuit dat moet worhier den geregeld met dit toestel. Het verwarmingscircuit kunt u ook via de warmtepompmanager koppelen (INSTELLIN-GEN/ VERWARMEN / AFSTANDSBEDIENING/ VOORKEUZE VERW. CIRCUIT).11.2 Overdracht van het toestelf Leg aan de gebruiker de werking van het toestel uit en maak hem vertrouwd met het gebruik ervan. InfoOverhandig deze bedienings- en installatiehandlei-ding om deze zorgvuldig te bewaren. Alle informatie in deze aanwijzing moet zeer nauwkeurig worden op-gevolgd. Hier vindt u instructies voor de veiligheid, de bediening, de installatie en het onderhoud van het toestel.12.
FET | 41NEDERLANDSGARANTIE | MILIEU EN RECYCLING Elektrische aansluitingGarantieVoor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen niet. Bovendien kan in landen waar één van onze dochtermaat-schappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze doch-termaatschappij. Een dergelijk garantie wordt alleen verstrekt, wanneer de dochtermaatschappij eigen garantievoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situaties wordt er geen garantie verleend.Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die onze producten verkopen, verlenen wij geen garantie.
Een eventueel door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.Milieu en recyclingf Gooi het toestel en de materialen na gebruik weg con-form de nationale voorschriften.f Wanneer op het toestel een doorgestreepte vuilcontainer is afgebeeld, brengt u het toestel voor hergebruik en recycling naar de gemeente-lijke inzamelpunten of terugnamepunten in de handel.Dit document bestaat uit recyclebaar papier.f Gooi het document na de levenscyclus van het toestel overeenkomstig de nationale voorschrif-ten weg.GARANTIEGARANTIEMILIEU EN RECYCLINGMILIEU EN RECYCLING
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Stiebel Eltron FET stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden