Silver 1031 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Silver 1031 (69 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 52 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Silver 1031 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/69
Livrt d'insteructions
Handleiding
Instruction Manual
Livrt d'insteructions
Handleiding
Instruction Manual
Downloaded from www.Manualslib.commanuals search engine

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Silver
Categorie: Naaimachine
Model: 1031

Handleiding Silver 1031 – volledige tekst

NetherlandsBij gebruik van een elektrisch apparaat, dienen altijd de standaardveiligheidsmaatregelen in acht genomen te worden, waaronder devolgende:1. Laat deze naaimachine nooit onbeheerd achter terwijl de stekker inhet stopcontact zit. 2. Verwijder de stekker altijd uit het stopcontact na gebruik of alvorensde machine schoon te maken. 3. Haal de uit het stopcontact voordat het lampje vervangt. Vervang het lampje altijd door een lampje van 15 Watt van hetzelfde type(regio 220-240V). 1. Sta niet toe dat de machine gebruikt wordt als een stuk speelgoed. Extra oplettendheid is geboden wanneer deze naaimachine gebruiktwordt door of in de nabijheid van kinderen. 2. Gebruik deze naaimachine enkel zoals voorgeschreven in dezehandleiding. Gebruik enkel de door de fabrikant aanbevolenaccessoires vermeld in deze handleiding. 3.

Gebruik de naaimachine nooit als de stekker of de stroomkabelbeschadigd is, als deze niet werkt zoals het hoort, als deze op de grondof in het water gevallen is of als deze beschadigd is. Breng de machinenaar het dichtstbijzijnde erkende verdeelpunt of service center voorrevisie, reparatie, elektrische of mechanische afstelling. 4. Gebruik de machine nooit als één van de ventilatieopeningengeblokkeerd is. Houd de ventilatieopeningen van de naaimachine en devoetweerstand vrij van opeenhopingen van stof, pluisjes, losse stukjesstof en draad. 5. Houd uw vingers verwijderd van de bewegende delen. Uiterstevoorzichtigheid is geboden in de buurt van de naaimachinenaald. 6. Gebruik steeds de juiste naaldplaat. De verkeerde naaldplaat kan denaald doen breken. 7. Gebruik geen kromme naalden. 8. Trek niet aan de stof of duw de stof niet terwijl naait. Hierdoor kande naald buigen en dus breken. 9.

Schakel de machine altijd uit (schakelaar op stand "O") alsaanpassingen uitvoert in de buurt van de naald zoals het inrijgen van denaald, het wisselen van naald, het plaatsen van de spoel of hetwisselen van persvoetje, enz. 11.

Laat niets vallen of steek niets in de openingen van de machine. 12. Gebruik de machine niet buitenshuis. 13. Gebruik de machine niet in ruimtes waar spuitbussen gebruiktworden of waar zuurstof wordt toegediend. 15. Verwijder de stekker niet uit het stopcontact door aan de stroomkabel tetrekken maar grijp de stekker zelf vast en trek hieraan. 16. Het geluidsniveau bedraagt onder normale omstandigheden 75dB(A). Deze naaimachine is enkel bestemd voor huishoudelijk gebruik. Lees alle voorschriften goed door voordat u deze naaimachine in gebruikneemt. stekker altijd uuu10. Haal de stekker altijd uit het stopcontact voor het verwijderen vanafdekplaten, het oliën van de machine of voor het uitvoeren van om heteven welk ander onderhoudswerk beschreven in deze handleiding. 14.

Om de machine uit te schakelen, zet u alle schakelaars op de "uit"-stand("O") en haalt u vervolgens de stekker uit het stopcontact. 17. Zet de machine uit of haal de stekker uit het stopcontact wanneer demachine niet goed werkt. 18. Zet niets op het voetpedaal. 19. Als het snoer aan het voetpedaal is beschadigd, moet het wordenvervangen door de fabrikant, een erkende reparateur of een persoon metvergelijkbare kennis en ervaring om gevaar te voorkomen. 20. Dit toestel is niet bedoeld voor gebruik door personen (ook kinderen)met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of mentale functies, of metonvoldoende ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan ofgeïnstrueerd worden over het gebruik van het toestel door een persoondie verantwoordelijk is voor hun veiligheid. 21. Kinderen moeten onder toezicht staan, zodat ze niet met het toestelkunnen spelen.

11Connecting machine to power sourceAansluiten van de naaimachine GBNLSluit de machine aan zoals hiernaast getoond wordt. (1) Destroomkabel van de machine is voorzien van een 2-polige stekkerdie enkel geschikt is voor gebruik in combinatie met een 2-poligstopcontact. (2)Haal steeds de stekker uit het stopcontact als de machine nietgebruikt wordt. Met het voetpedaal regelt U de naaisnelheid van de machine. (3)Raadpleeg een gediplomeerde elektricien als U twijfelt over deaansluiting. Schakel de machine uit en verwijder de stekker uithet stopcontact als U de machine niet gebruikt. U mag enkel volgend type voetpedaal gebruiken: 4C-316B(110-120V zone)/ 4C-326G (230V zone)/ 4C-316C, 4C-326C(220-240V zone) vervaardigd door Panasonic Co. , Ltd. (TW),KD-1902 (110-120V zone) / KD-2902 (220-240V zone)vervaardigd door ZHEJIANG FOUNDER MOTORCORPORATION LTD.

2C112BAEen lampje vervangenGBNLFVerwijder de stekker uit het stopcontact.Vervang het lampje door een lampje van15 watt (regio 220-240V) van hetzelfdetype.- Draai schroef (A) los zoals getoond. (1)- Verwijder het voorkapje (B).- Schroef het lampje los en plaats eennieuw lampje (C). (2)- Plaats het voorkapje terug en schroef hetvast.In geval van problemen, raadpleeg uwplaatselijke verdeler.Débranchez la machine de la prise decourant avant de changer l'ampoule.Remplacez cette dernière une ampoulede 10 watts (110-120V area) ou 15 watts(220-240V area) du même type.- Desserrez la vis (A) comme indiqué. (1)- Enlevez le couvercle latéral (B).- Dévissez l'ampoule et installez unenouvelle (C).

25GBNLOnder-draadspanningBovendraadspanningOm de draadspanning te testen, haalt U de spoelhuls samen methet spoeiklosje uit de machine. Wanneer U de draad nu tussentwee vingers vastpakt en deze schoksgewijs beweegt, dient despoelhuls telkens met kleine stukjes ca. 1-2 cm te zakken.De draadspanning is te hoog, wanneer er niets gebeurt of te laagwanneer de spoelhuls te snel zakt. Met een kleineschroevedraaier kunt U de spanning lager of hoger zetten door deschroef, waarmee de spanningsveer is vastgezet losser of vasterte draaien. Met de klok mee, geeft een zwaardere draadspanning.etc.Basis-draadspanning is: 4Om de draadspanning te verhogen, draait u de knop op een hogernummer.Om de draadspanning te verlagen naar een lager getal.A. Normale draadspanning.B. Bovendraadspanning te zwaar.C.

31NL Naald- en garentabelNAALD-, STOF- EN GARENKEUZEAttentie: Hoe dikker de stof en hoe dikker het garen, des te sterker moet de naald zijn. NAALD NR. STOFFEN GAREN9-11(65-75)12(80)Fijne stoffen: dunne katoen, voile, serge, zijde, mousseline,gebreide katoen, tricot, jersey, crêpe-stoffen, gewevenpolyester, overhemd- en blousestoffen. Middelzware stoffen: katoen, satijn, zeildoek, dubbelgebreide stoffen,lichte wollen stoffen. Middelzware stoffen: katoenen zeildoek, wollen stoffen endikke gebreide stoffen, badstof en spijkerstof. Zware stoffen: zeildoek, wollen stoffen, tentstof en gequiltestof, spijkerstof en meubelbekledingstof (fijn tot middelzwaar). Dikke wollen stof, mantelstof, meubelbekledingstof, leer envinyl. 14(90)16(100)18(110)Licht katoen-, nylon- of polyestergaren. De meeste garens die in de handel verkrijgbaar zijn, zijnmiddeldik en geschikt voor deze stoffen en naalden.

Gebruikpolyestergaren voor synthetische stoffen en katoengarenvoor natuurlijke stoffen voor het beste resultaat. Gebruikaltijd hetzelfde garen voor de boven- en onderdraad. Extra dik garen, tapijtgaren (naaivoetdruk moet hogerworden ingesteld). Opmerkingen: 1. Tweelingnaalden kunnen voor algemeen gebruik en decoratieve stiksels worden gebruikt. 2. Wanneer u met een tweelingnaald naait, mag de steekbreedte niet meer dan "3" zijn. 3. 4. Vervang regelmatig de naald (ongeveer na elk kledingstuk) en/ of zodra de draad breekt of steken worden overgeslagen. Europeesche naalddikte wordt aangegeven met 65-75, 80, enz. Amerikaanse en Japanse met 9-11, 12, enz. NAALD- EN STOFKEUZEScherpe standaard naald. Dikte varieert van dun 9 (65) totdik 18 (110). Semi-ballpoint-naald. 9 (65) tot 18 (110). Ballpoint-naald. 9 (65) tot 18 (110). Leernaald. 12 (80) tot 18 (110).

34Rechte steek / Zigzagsteek GBNLSteekkeuzeknop op rechtsteek in-stellen.Algemene regel: Hoe dikker het materiaal, des te dikker moet hetgaren en de naald, en des te langer moet de steek zijn.De grootste steekbreedte voor zig-zagnaden is instelling "5". Debreedte kan voor ieder naaiwerk aangepast worden van 0-5. Bijgebruik van een tweelingnaald mag de instelling nooit breder zijndan "3" (afb.1)De dichtheid van de zigzagsteek wordt bepaald door desteeklengteknop naar beneden te duwen. De minimumsteeklengte moet altijd groter zijn als"0", omdat de machineanders niet meer transporteert, Voor normaal naaiwerk desteeklengteknop op ca. 2,5 instellen (afb.2)1. Zigzagknop (Steekbreedteknop)2. Steeklengteknop3. Alleen bij modellena. Achteruitnaaiknopb. Zigzagknop (Steekbreedteknop)c. Steeklengteknopd.

36GBNLVoor zomen aan gordijnen, broeken, rokken, enz.voor elastische stoffenvoor stevige stoffenDe machine zoals afgebeeld instellen. (1)Het vereist enige vaardigheid om een perfekte blindzoom tekunnen naaien. Maak daarom altijd eerst een proeflapje.De stof zoals afgebeeld omvouwen, met linkerkant naar boven. Deomgevouwen stof onder de naaivoet leggen. Het handwiel met dehand naar voren draaien tot de naald in de uiterst linkse standstaat. De naald dient maar net in de stofvouw te steken.

38Overlocksteken GBNL* De overlock voet is een extra accessoire en wordt niet bij demachine bijgeleverd.Naden, naaien en afwerken van kanten: Steeklengteknop op "S1" of"S2" zetten.

42How to sew buttonholesGBNLVoorbereidingen:Nb:Stof voorbereiden:Tips:Verwijder de zigzagvoet en monteer de knoopsgatvoet. Stel de steeklengte intussen "0,5" en "1". De steekdichtheid is afhankelijk van de stofdikteMaak altijd eerst een proefknoopsgat. Meet de diameter van de knoop en voeg 0,3 cm voor de versterkingsribben. Voeg bij dikke knopen wat meer toe. Teken op de stof de positie en de lengtevan het knoopsgat af. Plaats de stof zodanig dat de naald zich op het verst van u verwijderdemerkstreepje bevindt. Trek de knoopsgatvoet zo dicht mogelijk naar u toe. Breng de voet omlaag. 1. Draai de steekselectieknop op " ". Naai op matige snelheid tot aan heteindmerk. 2. Draai de steekselectieknop op " " en stik 5 à3. Draai de steekselectieknop op " " en naai het linkerdeel van hetknoopsgat tot aan het eindmerk. 4. Draai de steekselectieknop op " " en stik een paar verstevigingssteken.

48GBNLElastiet en kant aanzetten, verstellen (b.v. scheuren), stofkantversterken.Machine zoals afgebeeld instellen. (1)Verstellen: het lapje stof opnaaien.De steeklengte kan verminderd worden tot de steken heel dicht opelkaar komen te liggen. (2) Bij het verstellen van scheuren is het raadzaam een stukje stofonder de scheur te leggen (als versteviging).De steekdichtheid kan door midden van de steeklengte verarderdworden. Eerst over het midden naaien, dan aan beide zijdennogmaals naaien, waarbij de steken iets over elkaar heen vallen.Afhankelijk van de stof en de grootte van de scheur 3-5 rijennaaien. (2) Sewing on lace and elastic, darning, mending, reinforcing edges.Set the machine as illustrated.Place patch in position. The stitch length can be shortened toproduce very close stitches. (1)When mending tears, it is advisable to use a piece of backingfabric to reinforce.

60Opgepast:Naaldplaat verwijderen:Transporteurklauwen reinigen:Reinigen en oliën van de spoelhaak:Belangrijk:Neem de netsteker uit de wandcontactdoos. De naaimachine mag pas gereinigd worden wanneer dezespanningsloos is. Draai de naald met het handwiel in de hoogste stand. Open descharnierende kap aan de voorzijde en draai de schroeven van denaaldplaat los met de schroevendraaier (1). Verwijder de spoelhouder en maak het spoelhuis schoon met hetmeegeleverde borsteltje (2). Verwijder de spoelhouder. Draai de twee borgpallen (A) van despoelhaak naar buiten. Verwijder het loophuis (B) en de spoelhaak (C)en maak deze schoon met een zachte doek. Olie punt 6 in met 1 of 2druppels naaimachineolie (D). Draai het loophuis met het handwielnaar links (E). Breng de spoelhaak aan (C) en zet deze vast met detwee borgpallen. Breng de spoelhouder, de spoel en de naaldplaat aan.

62NLStoring Oorzaak OpheffingBovendraad breektOnderdraad breektSteken overslaanDe naald breektTijdens het naaien ontstaanlussenNaden trekkensamen/rimpelenOnregelmatigesteken/onregelmatig transportDe machine maakt lawaaiDe machine is geblokkeerd1. De machine is niet juist ingeregen2. De draadspanning is te sterk3. De draad is te dik voor de naald4. De naald is niet juist ingezet5. Het garen zit om de garenkloshouder6. De naald is beschadigd1. De spoelhuls is niet juist ingezet2. De spoelhuls is niet goed ingeregen3. De onderdraadspanning is te sterk1. De naald is niet juist ingezet2. De naald is beschadigd3. Verkeerde naald4. Verkeerde naaivoet1. De naald is beschadigd2. De naald is niet juist ingezet3. Stof te dik/verkeerde naalddikte4. Verkeerde naaivoet1. De machine is niet juist ingeregen2. De spoelhuls is niet juist ingeregen3. Naald/stof/draad-verhouding klopt niet4.

Verkeerde draadspanning1. De naald is te dik voor de stof2. De steeklengte is verkeerd ingesteld3. De draadspanning is te sterk1. Het garen is te zwak2. De spoelhuls is niet juist ingeregen3. Tijdens het naaien werd er aan de stof getrokken1. De machine moet geolied worden2. Dradd-of olieresten aan grijper en/of naaldstang3. Slechte kwaliteit olie, blijft aan de machine kleven4. De naald is beschadigdDraad in de grijper vastgeklemd1. Machine (draadgeleidingen) en naald opnieuw inrijgen2. Boverdraadspanning verminderen (op een lager getal zetten)3. Dikkere naald gebruiken (hoger getal)4. Naald opnieuw inzetten (platte kant naar achter)5. Garenklos verwijderen en opnieuw afwikkelen6. Naald vervangen1. Spoelhuls opnieuw inzetten en aan aan de draad trekken. Wanneer despoelhuls een beetje naar beneden zakt is de spanning goed. 2. Spoelklosje en spoelhuls kontroleren3.

Naald opnieuw inzerren (platte kant naar achter)3. Naalddikte aan de stof en het garen aanpassen4. De juiste naaivoet gebruiken1. Machine oppnieuw inrijgen2. Spoelhuls opnieuw inrijgen3. Naalddikte moet aan de stof en het garen aangepast worden4. Draadspanning korrigeren1. Dunnere naald gebruiken2. Steeklengte korrigeren3. Draadspanning kontroleren1. Uitsluitend kwaliteitsgaren gebruiken2. Spoelhuls opnieuw inrijgen en inzetten3. Niet aan de stof trekken. Deze moet automatisch getransporteerd worden1. Machine oliën (zie onderhoud)2. Grijper en transporteur reinigen (zie onderhoud)3. Machine uitsluitend met naaimachineolie oliën4. Naald vervangenBovendraad en spoelhuls verwijderen, het handwiel met kleine rukjes heen enweer bewegen. Draadresten verwijderen. Machine oliën (zie onderhoud). Opheffen van storingenDownloaded from www. Manualslib. com manuals search engine.

021V60302( ) Jan/108100-8700FNLGBVeuillez noter qu'en cas de destruction, ce produit doit bénéficier d'un recyclage sécurisé, conformeà la législation nationale applicable aux produits électriques/électroniques. En cas de doute, veuillezcontacter votre distributeur agréé.Let op! Dit product moet op een veilige manier gerecycled worden volgens de geldende nationalewetgeving voor elektrische/elektronische producten.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Silver 1031 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden