Siemens iQ500 ED711FQ15E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Siemens iQ500 ED711FQ15E (68 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 35 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Siemens iQ500 ED711FQ15E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Siemens |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | iQ500 ED711FQ15E |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Touch |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Aantal vermogenniveau's: | 17 |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Timer: | Ja |
| Gewicht: | 23905 g |
| Breedte: | 710 mm |
| Diepte: | 522 mm |
| Hoogte: | 223 mm |
| Snoerlengte: | 1.1 m |
| Kinderslot: | Ja |
| Geluidsniveau: | 42 dB |
| Gewicht verpakking: | 28800 g |
| Breedte verpakking: | 956 mm |
| Diepte verpakking: | 666 mm |
| Hoogte verpakking: | 431 mm |
| Maximale afzuigcapaciteit: | 154 m³/uur |
| Soort materiaal (bovenkant): | Glaskeramiek |
| Vermogen brander/kookzone 2: | 2200 W |
| Vermogen brander/kookzone 3: | 2200 W |
| Vermogen brander/kookzone 1: | 2200 W |
| Aantal branders/kookzones: | 4 zone(s) |
| Type kookplaat: | Inductiekookplaat zones |
| Type brander/kookzone 1: | Groot |
| Type brander/kookzone 2: | Groot |
| Type brander/kookzone 3: | Groot |
| Aantal gaspitten: | 0 zone(s) |
| Aantal elektronische kook zones: | 4 zone(s) |
| Reguliere brander/kookzone diameter: | 210 mm |
| Normale brander/kookzone: | 2200 W |
| Controle positie: | Front / Top front |
| Aangesloten lading (elektrisch): | 7400 W |
| Installatie compartiment breedte: | 560 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 490 mm |
| Installatie compartiment hoogte: | 223 mm |
| Grote brander/kookzone diameter: | 360 mm |
| Grote brander/kookzone: | 3600 W |
| Aangesloten lading (gas): | - W |
| Automatisch uitschakelen: | Ja |
| Type timer: | Digitaal |
| Breedte kookplaat: | 70 cm |
| Vorm gewone pit/kookzone: | Rechthoekig |
| Vorm grote pit/kookzone: | Rechthoekig |
| Boost functie: | Ja |
| Restwarmte-indicator: | Ja |
| Panherkenning: | Ja |
| Certificering: | CE, VDE |
| Type brander/kookzone 4: | Groot |
| Vermogen brander/kookzone 4: | 2200 W |
| Voedingsbron brander/kookzone 1: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 2: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 3: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 4: | Electrisch |
| Kookzone 1 boost: | 3700 W |
| Kookzone 2 boost: | 3700 W |
| Kookzone 3 boost: | 3700 W |
| Kookzone 4 boost: | 3700 W |
| Positie brander/kookzone 1: | Links achter |
| Diameter brander/kookzone 1: | 210 mm |
| Positie brander/kookzone 2: | Links voor |
| Diameter brander/kookzone 2: | 210 mm |
| Positie brander/kookzone 3: | Rechts achter |
| Diameter brander/kookzone 3: | 210 mm |
| Positie brander/kookzone 4: | Rechts voor |
| Diameter brander/kookzone 4: | 210 mm |
| Energie-efficiëntieklasse (kap): | B |
| Kookzone 1 vorm: | Rechthoekig |
| Kookzone 2 vorm: | Rechthoekig |
| Kookzone 3 vorm: | Rechthoekig |
| Kookzone 4 vorm: | Rechthoekig |
| Combi-zone: | Ja |
| Flexibele kookzone: | Ja |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Inbouw afzuigkap: | Ja |
| Aantal flexibele kookzones: | 2 zone(s) |
| Geluidsniveau ventilatie (max): | 69 dB |
Handleiding Siemens iQ500 ED711FQ15E – volledige tekst
nl3InhoudsopgavenlGeb r ui ks aa nwi j z i ng8Gebruik volgens de voorschriften. 4(Belangrijke veiligheidsvoorschriften. 5]Oorzaken van schade. 77Milieubescherming. 7Tips voor energiebesparing. 7Milieuvriendelijk afvoeren. 7fKoken met inductie. 8Voordelen bij koken met inductie. 8Pannen. 8*Het apparaat leren kennen. 9Uw nieuwe apparaat. 9Speciale accessoires. 9Het bedieningspaneel. 10De kookzones. 10Restwarmte-indicatie. 10ÇGebruiksmogelijkheden. 11Gebruik met afvoerlucht. 11Gebruik met circulatielucht. 11KVoor het eerste gebruik. 11Functie instellen. 111Apparaat bedienen. 12Kookplaat in- en uitschakelen. 12De kookzone afstellen. 12Kookadvies. 13Handmatige ventilatieregeling. 15Intensief-stand. 15Automatische start. 15Naloop-functie. 15wCombiZone. 16Aanwijzingen voor het kookgerei. 16Activeren. 16Deactiveren. 16uMove-functie. 16Tips voor het gebruik van pannen. 16Activeren. 17Deactiveren.
17OTijdfuncties. 17Programmering van de bereidingstijd. 17De kookwekker. 18vPowerBoost-functie. 18Activeren. 18Deactiveren. 18AKinderslot. 19Het kinderslot activeren en deactiveren. 19Automatisch kinderslot. 19kWrijfbeveiliging. 19bAutomatische veiligheidsuitschakeling. 19QBasisinstellingen. 20Zo komt u bij de basisinstellingen:. 21[Weergave van het energieverbruik. 22tKookgerei-test. 22hPower-Manager. 23DReinigen. 23Schoonmaakmiddelen. 23Onderdelen die dienen te worden gereinigd. 24Kookplaatomlijsting (alleen bij apparaten die hiervan zijn voorzien). 24Kookplaat. 25Ventilatie. 25Overloopreservoir schoonmaken. 27{Veelgestelde vragen en antwoorden (FAQ). 283Wat te doen bij storingen. 304Servicedienst. 31Typenummer (E-nr. ) en fabricagenummer (FD-nr. ). 31ETestgerechten. 32ProduktinfoMeer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.
nl Gebruik volgens de voorschriften48Gebruik volgens de voorschriftenGebr ui k v ol ge ns de v oo r s ch r i f t e nLees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren. Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren. Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie. Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Het kookproces moet regelmatig worden gecontroleerd. Een kort kookproces moet continu in de gaten worden gehouden. Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes. Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2. 000 meter boven zeeniveau. Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. Gebruik uitsluitend beveiligingsvoorzieningen of kindertralies die door ons zijn goedgekeurd. Ongeschikte beveiligingsvoorzieningen of kindertralies kunnen tot ongevallen leiden. Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening. Er mag geen gevaarlijk of explosief materiaal of stoom worden weggezogen.
In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de ruimtes ernaast lucht onttrokken - zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden teruggezogen in de woonruimte. ■Zorg daarom altijd voor voldoende toegevoerde lucht. ■Een ventilatiekast in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen. U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin het kooktoestel zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd.
De afvoerlucht mag niet worden weggeleid via een rook- of afvoergasschoorsteen die in gebruik is, noch via een schacht die dient voor de ontluchting van ruimtes met stookplaatsen. Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of afvoergasschoorsteen die niet in gebruik is, dan dient u een vakbekwame schoorsteenveger te raadplegen.
Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer. Indien de afzuiging alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk. :Waarschuwing – Risico van brand. ■Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken. Risico van brand. ■De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen. Risico van brand. ■Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat. Risico van brand.
■De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Risico van brand. ■De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ontbranden. Vetfilter regelmatig reinigen. Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. Risico van brand. ■Als de ventilatie is ingeschakeld, kunnen de vetafzettingen in het vetfilter ontbranden. In de buurt van het apparaat nooit werken met een open vlam (bijv. flamberen). Het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen) installeren wanneer er een afgesloten, niet verwijderbare afscherming aanwezig is. Er mogen geen vonken wegspringen.
nl Belangrijke veiligheidsvoorschriften6:Waarschuwing – Risico van verbranding. ■De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Risico van verbranding. ■Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat. Brandgevaar. ■Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat. Risico van verbranding. ■Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. Als er hete vloeistoffen in het apparaat komen, het apparaat laten afkoelen alvorens het metalen vetfilter of het overloopreservoir of de afdekking te verwijderen. :Waarschuwing – Kans op een elektrische schok. ■Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ■Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok. ■Een defect toestel kan een schok veroorzaken.
Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok.
■Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. :Waarschuwing – Risico van letsel. ■Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen. Risico van letsel. ■Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
Oorzaken van schade nl7]Oorzaken van schadeOo r z a k en v a n s c had eAttentie. ■Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken. ■Gevaar van beschadiging door harde en puntige voorwerpen. Geen harde of puntige voorwerpen op de kookplaat laten vallen. ■Gevaar van beschadiging door het leegkoken van pannen. Pannen nooit leeg laten koken. ■Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken. ■Gevaar van beschadiging door aluminiumfolie of vormen van kunststof. Aluminiumfolie en vormen van kunststof nooit op een hete kookzone leggen. Geen beschermingsfolie voor het fornuis gebruiken. ■Beschadiging van het oppervlak, verkleuring en vlekken door ongeschikte reinigingsmiddelen. Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kookplaten.
■Beschadiging van het oppervlak en verkleuring door slijtage van de pan. Til de pannen op, ze mogen niet worden verschoven. ■Beschadiging van het oppervlak en vlekken door ingebrand voedsel. Overgelopen etensresten direct met een schraper verwijderen. ■Beschadiging van het oppervlak door zout, suiker en zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets op te zetten of als werkvlak. ■Beschadiging van het oppervlak door ruwe panbodems. Het kookgerei voor gebruik controleren. ■Oppervlaktebeschadiging of vorming van blaasjes door suiker en sterk suikerhoudende gerechten. Overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper verwijderen. 7MilieubeschermingMi l i eubes c her mi ngIn dit hoofdstuk krijgt u informatie over de besparing van energie en de afvoer van het apparaat. Tips voor energiebesparing■Gebruik voor elke pan altijd het passende deksel.
Koken zonder deksel verbruikt aanzienlijk meer energie. Gebruik een glazen deksel. Zo kunt u in de pan kijken zonder het deksel op te tillen. ■Gebruik pannen met een vlakke bodem. Door niet-egale bodems wordt het energieverbruik hoger.
■Let erop dat de diameter van de bodem van de pan overeenstemt met de grootte van de kookzone. Houd er rekening mee dat fabrikanten van kookgerei vaak de bovenste diameter van de pan aangeven. Deze is meestal groter dan de diameter van de panbodem. ■Gebruik voor kleine hoeveelheden kleine pannen. Een te grote, weinig gevulde pan heeft veel energie nodig. ■Kook gerechten met weinig water. Dat bespaart energie en bij groenten blijven de vitaminen en mineralen bewaard. ■Schakel tijdig terug naar een lagere kookstand. Anders wordt er energie verspild. ■Zorg tijdens het koken voor voldoende toevoer van lucht, zodat de ventilatie efficiënt en stil werkt. ■Ventilatorstand aanpassen aan de intensiteit van de kookdampen. Gebruik de intensiefstand alleen indien nodig. Een lagere ventilatorstand verbruikt minder energie. ■Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ventilatiestand.
Reeds in de keuken opgestegen kookdampen vragen een langere werkingstijd van de ventilatie. ■Schakel het apparaat uit wanneer u het niet langer nodig heeft. ■Om de effectiviteit van de ventilatie te verhogen en brandgevaar te voorkomen de filters vaker reinigen resp. vervangen. Milieuvriendelijk afvoerenVoer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
nl Koken met inductie8fKoken met inductieKo k e n met i n duc t i eVoordelen bij koken met inductieKoken met inductie is radicaal anders dan gebruikelijk, de warmte ontstaat direct in het kookgerei. Dit biedt vele voordelen: ■Tijdsbesparing bij het koken en bakken. ■Besparing van energie. ■Gemakkelijker te reinigen en te onderhouden. Overgelopen etenswaar brandt niet zo snel in. ■Warmteregeling en veiligheid: de kookplaat verhoogt of verlaagt de toevoer van warmte altijd direct na de bediening. Neemt u het kookgerei van de kookzone, dan wordt de warmtetoevoer direct onderbroken door de kookzone met inductie, zonder dat deze eerst is uitgeschakeld. PannenGebruik alleen ferromagnetische vormen voor inductiekoken, bijv. :■kookgerei van geëmailleerd staal■kookgerei van gietijzer■speciaal kookgerei van roestvrij staal dat geschikt is voor inductie.
In het hoofdstuk ~ "Kookgerei-test" kunt u lezen of het kookgerei geschikt is voor inductie. Voor een goed bereidingsresultaat dient het ferromagnetische gebied van de bodem van de pan overeen te komen met de grootte van de kookzone. Wordt het kookgerei niet herkend op een kookzone, probeer er dan een met een kleinere diameter. Er zijn ook inductievormen waarvan de bodem niet volledig ferromagnetisch is:■Is de bodem van het kookgerei slechts gedeeltelijk ferromagnetisch, dan wordt alleen het ferromagnetische oppervlak heet. Hierdoor wordt de warmte mogelijk niet gelijkmatig verdeeld. De temperatuur van het niet-ferromagnetische gebied kan dan te laag zijn om te koken. ■Bestaat het materiaal van de bodem van het kookgerei deels uit aluminium, dan is het ferromagnetische oppervlak ook kleiner. Mogelijk worden dit niet warm genoeg of zelfs helemaal niet herkend.
Niet geschikte pannenGebruik nooit straalplaten of pannen van:■dun normaal staal■glas■aardewerk■koper■aluminiumEigenschappen van de bodem van het kookgereiHet bereidingsresultaat kan worden beïnvloed door de kwaliteit van pannenbodem.
Gebruik pannen waarvan het materiaal de warmte gelijkmatig in de pan verdeelt, bijv. pannen met "sandwich-bodems" van roestvrij staal. Daarmee wordt tijd en energie bespaard. Gebruik kookgerei met vlakke bodems. Ongelijke bodems hebben invloed op de warmtetoevoer. Geen pan of ongeschikte afmetingAls er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit. Lege pannen of pannen met een dunne bodemVerwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem.
De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst. Herkenning van de panElke kookzone heeft een ondergrens voor de herkenning van de pan. Deze is afhankelijk van de ferromagnetische diameter en het materiaal van de bodem. Daarom dient u altijd de kookzone te gebruiken die het beste past bij de diameter van de pannenbodem. FP FPFP.
Het apparaat leren kennen nl9*Het apparaat leren kennenHe t app ar aa t l er en kennenInformatie over afmetingen en vermogens van de kookzones vindt u in~ Blz. 2Aanwijzing: . Afhankelijk van het apparaattype zijn kleur- en detailafwijkingen mogelijk.Uw nieuwe apparaatSpeciale accessoiresAl naar gelang de inbouwvariant van het apparaat zijn er verschillende accessoires, welke u in de vakhandel, bij de servicedienst of bij onze officiële website kunt kopen: ■Luchtafvoerset■Luchtcirculatieset■Actief koolstoffilter: voor luchtcirculatie■Akoestisch filter: voor luchtafvoerNr. Aanduiding1 Metalen vetfilter2 Actief koolstoffilter bij circulatiefunctie of akoestische filter bij afvoerluchtfunctie*3 Kookplaat4 Bedieningspaneel5 Overloopreservoir*al naar gelang de apparaatuitvoering#+
nl Het apparaat leren kennen10Het bedieningspaneelBedieningsvlakkenRaakt u een symbool aan, dan wordt de betreffende functie geactiveerd. Aanwijzingen■Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd schoon en droog is. Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.■Zorg ervoor dat er geen pannen in de buurt van indicaties en sensoren komen. De elektronica kan dan oververhit raken.De kookzonesRestwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Hiermee wordt aangegeven dat een kookzone nog heet is.
Raak de kookzone niet aan zolang de restwarmte-indicatie verlicht is.Afhankelijk van de hoogte van de restwarmte wordt het volgende weergegeven:■Indicatie : hoge temperatuur •■Indicatie : lage temperatuur œWanneer u de pan tijdens het koken van de kookzone neemt, knipperen afwisselen de restwarmte-indicatie en de gekozen kookstand.Is de kookzone uitgschakeld, dan is restwarmte-indicatie verlicht.
Ook wanneer de kookplaat al uitgeschakeld is, blijft de restwarmte-indicatie verlicht zolang de kookzone nog warm is.Keuzesensoren#Hoofdschakelaar»Kookzone kiezen0 IIIIIIIIIIII Instelgedeelte&Powerboost-functieIntensief ventilatiestandenüFunctie CombiZoneÿMove-functieÑBedieningspaneel blokkeren voor reini-gingsdoeleinden'Kinderslot0TijdfunctiesIHandmatige ventilatieregelingIndicatie‹Bedrijfstoestand‚ Š-Vermogensstanden‹‹ Tijdfuncties• œ/Restwarmte›Powerboost-functieIntensief ventilatiestand I›.Intensief ventilatiestand IIüFunctie CombiZoneÿMove-functiexAutomatische kooktijdVWekkeröTijdsweergaveKookzones"Kookzone met één ring Gebruik pannen met de juiste afmetingen¯Gecombineerde kookzone Zie het hoofdstuk of ~ "CombiZone" ~ "Move-functie"Uitsluitend pannen gebruiken die geschikt zijn voor inductie, zie het hoofdstuk ~ "Koken met inductie"
Gebruiksmogelijkheden nl11ÇGebruiksmogelijkhedenGebr ui k s mog el i j k hed enU kunt dit apparaat gebruiken voor luchtafvoer en circulatielucht.Gebruik met afvoerluchtAanwijzing: De afvoerlucht mag niet worden afgevoerd via een in gebruik zijnde rook- of gasafvoer, noch via een schacht die dient voor de ontluchting van ruimtes met vuurbronnen.■Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of gasafvoer die niet in gebruik is, dan dient u een vakbekwame schoorsteenveger te raadplegen.■Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te gebruiken.Gebruik met circulatieluchtAanwijzing: Om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van circulatielucht, dient u een actief koolfilter te monteren. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in het prospectus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak.
De daartoe benodigde toebehoren zijn verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of de Online-shop.KVoor het eerste gebruikVo o r he t e er s t e ge br u i kVolg voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt de volgende aanwijzing op:Het apparaat en de accessoires grondig schoonmaken.Voordat u uw nieuwe apparaat kunt gebruiken moet u enkele instellingen uitvoeren:De kookplaat met de hoofdschakelaar # in- en uitschakelen.Functie instellenHet apparaat wordt geleverd met vooringestelde circulatiefunctie. Wanneer de kookplaat met luchtafvoer naar buiten is geïnstalleerd, moet u de instelling ™‚ˆ op deze modus configureren.
Zie hoofdstuk .~ "Basisinstellingen"De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een actief koolfilter gereinigd en weer teruggeleid naar de keuken.
nl Apparaat bedienen121Apparaat bedienenAp p ar a a t be di en enIn dit hoofdstuk kunt u lezen hoe u een kookzone instelt. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten. Tip: Schakel de ventilatie in bij het begin van het koken en schakel deze pas enkele minuten na het einde van het koken weer uit. Zo wordt de keukendamp het effectiefst verwijderd. Aanwijzing: Gebruik het apparaat nooit zonder metalen vetfilter en overloopreservoir. Kookplaat in- en uitschakelenU schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit. Inschakelen: raak het symbool # aan. Er klinkt een signaal. De indicaties van de hoofdschakelaar en de kookzone-indicaties ‹ zijn verlicht. De kookplaat is bedrijfsklaar. Uitschakelen: het symbool # aanraken tot de indicatie verdwijnt. Alle kookzones zijn uitgeschakeld.
De restwarmte-indicatie blijft verlicht tot de kookzones voldoende zijn afgekoeld. Aanwijzingen■De kookplaat gaat automatisch uit wanneer alle kookzones langer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn. ■De gekozen instellingen blijven gedurende de eerste 4 seconden na uitschakeling van de kookplaat bewaard. Wanneer u in deze tijd de kookplaat opnieuw inschakelt, treedt deze in werking met de vorige instellingen. De kookzone afstellenRegel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone. Vermogensstand 1 = minimumvermogen. Vermogensstand 9 = maximumvermogen. Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt. Aanwijzingen■Om de gevoelige onderdelen van het apparaat te beschermen tegen oververhitting of elektrische overbelasting, kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht.
■Om geluidshinder van het apparaat te voorkomen kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht. Kookzone en kookstand kiezenDe kookplaat moet ingeschakeld zijn. 1. Raak het symbool van de gewenste kookzone »aan. Op het display is ¬ verlicht. 2.
Kies vervolgens in het instelgebied de gewenste kookstand. De kookstand is ingesteld. De vermogensstand wijzigenSelecteer de kookzone en regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone. De kookzone uitschakelenSelecteer de kookzone en stel af op ‹ in de programmeerzone. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt. Aanwijzingen■Als er geen pan op de inductiekookzone wordt geplaatst, gaat de geselecteerde vermogensstand knipperen. Na een tijdje wordt de kookzone uitgeschakeld. ■Als er een pan op de kookzone staat voordat de plaat wordt ingeschakeld, zal deze worden gedetecteerd binnen 20 seconden na het indrukken van de hoofdschakelaar en zal de kookzone automatisch worden geselecteerd. Selecteer, zodra deze is gedetecteerd, de vermogensstand binnen 20 seconden, anders wordt de kookzone uitgeschakeld.
Apparaat bedienen nl13KookadviesAdvies■Bij het warm maken van puree, crèmesoepen en dikvloeibare sauzen regelmatig roeren.■Voor het voorverwarmen kookstand 8 - 9 instellen.■Bij de bereiding met deksel de kookstand terugschakelen, zodra er tussen deksel en kookgerei stoom vrijkomt. Voor een goed bereidingsresultaat is geen stoom nodig.■Na de bereiding het kookgerei tot het opdienen gesloten houden.■Voor het koken met de snelkookpan de aanwijzingen van de fabrikant in acht nemen.■De gerechten niet te lang laten koken of bakken, om de voedingswaarde te behouden. Met de kookwekker kan de optimale bereidingstijd worden ingesteld.■Voor een gezonder bereidingsresultaat dient rokende olie te worden voorkomen.■Voor een bruine kleur van de gerechten deze na elkaar klaarmaken in kleine porties. ■Kookgerei kan tijdens de bereiding hoge temperaturen bereiken.
Het gebruik van pannenlappen is aan te bevelen.■Adviezen voor energie-efficiënt koken vindt u in het hoofdstuk ~ "Milieubescherming"BereidingstabelIn de tabel wordt voor alle gerechten weergegeven welke kookstand geschikt is. De bereidingstijd kan afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de gerechten variëren.Kookstand Bereidingstijd (min.)SmeltenChocolade, couverture 1 - 1. -Boter, honing, gelatine 1 - 2 -Opwarmen en warmhoudenEenpansgerecht, bijv. linzenschotel 1. - 2 -Melk* 1. - 2. -Worstjes in water verwarmen* 3 - 4 -Ontdooien en opwarmenSpinazie, diepvries 3 - 4 15 - 25Goulash, diepvries 3 - 4 35 - 55Gaarstoven, zachtjes laten kokenAardappelballetjes* 4. - 5. 20 - 30Vis* 4 - 5 10 - 15Witte sauzen, bijv. bechamelsaus 1 - 2 3 - 6Geklopte sauzen, bijv.
Apparaat bedienen nl15Handmatige ventilatieregelingU kunt de ventilatiestand handmatig besturen. Aanwijzing: Bij hoge pannen kan geen optimaal afzuigvermogen worden gegarandeerd. Het afzuigvermogen kan worden verbeterd door een deksel schuin op de pan te leggen. Activeren1. Raak het symbool aan. IDe ventilatie start bij de vooringestelde vermogensstand. 2. Kies in de volgende 10 seconden in het instelgebied de juiste kookstand. De ingestelde kookstand brandt. 3. Raak het symbool I aan om de gekozen instelling te bevestigen. De ventilatie is ingeschakeld. Wijzigen en uitschakelenRaak het symbool aan en kies de gewenste Ikookstand of in het instelgebied op ‹ instellen. Intensief-standEr zijn twee intensiefstanden voor de ventilatie. Wanneer u de intensiefstand activeert, werkt de ventilatie korte tijd met maximaal vermogen.
ActiverenRaak het symbool I aan en stel de gewenste vermogensstand in. ■Intensiefstand I: het symbool & twee keer aanraken. De aanwijzing brandt. De intensiefstand is ›geactiveerd. ■Intensiefstand II: het symbool & drie keer aanraken. De indicatie brandt. De intensiefstand is ›. geactiveerd. Aanwijzing: Na acht minuten schakelt het apparaat zelfstandig terug naar de vermogensstand. ŠWijzigen en uitschakelenRaak het symbool aan en kies de gewenste Ikookstand of in het instelgebied op ‹ instellen. Automatische startWanneer u voor een kookzone een kookstand kiest, dan schakelt de automatische start in. De ventilatie schakelt bij een kookstand overeenkomstig de betreffende kookstand van de kookzones in. Hoe u deze instelling wijzigt kunt u lezen in hoofdstuk ~ "Basisinstellingen".
Naloop-functieDe naloopfunctie laat het ventilatiesysteem na het uitschakelen van de kookplaat enkele minuten doorlopen. Zo wordt de nog aanwezige kookdamp verwijderd. Daarna schakelt het ventilatiesysteem automatisch uit. ActiverenDe nalooptijd wordt standaard met een maximale uitschakeltijd geactiveerd. Hoe u deze instelling wijzigt kunt u lezen in hoofdstuk.
~ "Basisinstellingen"Aanwijzing: De naloop schakelt alleen in wanneer er minstens één kookzone minimaal één minuut werd ingeschakeld. DeactiverenHandmatigRaak het symbool I aan. De naloopfunctie wordt uitgeschakeld. AutomatiekIn de volgende gevallen wordt de naloopfunctie uitgeschakeld:■De nalooptijd is afgelopen. ■Het apparaat wordt weer ingeschakeld.
nl CombiZone16wCombiZoneComb i Zo neMet deze functie kunt u de CombiZone verbinden en voor beide kookzones dezelfde vermogensstand instellen. De functie is bijzonder geschikt voor de bereiding met langwerpig kookgerei. Aanwijzingen voor het kookgereiGebruik voor een optimaal resultaat een pan die afgestemd is op het gebied van de beide kookzones. Zet de pan in het midden van de kookzone. Wanneer u op een van beide kookzones slechts één pan gebruikt, kunt u hem verplaatsen naar de tweede kookzone. In dit geval worden de vermogensstand en de gekozen instellingen overgenomen. Activeren1. Eén van de twee kookzones kiezen die bij de CombiZone horen en de kookstand instellen. 2. Het symbool aanraken. De indicatie is verlicht. ü üDe kookstand verschijnt in de indicatie van de onderste kookzone. De functie is geactiveerd. De vermogensstand wijzigenWijzig in de programmeerzone de vermogensstand.
DeactiverenKies een van beide kookzones voor deze functie en raak het symbool aan. üDe functie is gedeactiveerd. De beide kookzones functioneren nu als twee onafhankelijke kookzones. uMove-functieMo ve - f u nc t i eMet deze functie kunt u de CombiZone verbinden en voor beide kookzones verschillende vermogensstanden kiezen. Vooraf ingestelde vermogensstanden:Voorste kookzone = vermogensstand ŠAchterste kookzone = vermogensstand. ‚De vooraf ingestelde vermogensstanden kunnen voor elke kookzone onafhankelijk van elkaar worden veranderd. Aanwijzingen■Kookgerei op slechts één van de kookzones plaatsen. De functie wordt niet geactiveerd wanneer op elk van beide kookzones afzonderlijk kookgerei staat. ■In de indicatie van de kookzone waarop geen kookgerei staat, is de kookstand zwakker. Deze wordt pas geactiveerd wanneer de vorm op deze kookzone verplaatst en herkend wordt.
■Is de functie al geactiveerd en wordt er een tweede vorm op de vrije kookzone geplaatst, dan blijft de indicatie, net als daarvoor, zwak verlicht. De kookzone is dan niet actief.
De kookzone wordt pas actief wanneer de eerste kookvorm verwijderd wordt. Tips voor het gebruik van pannenOm te zorgen voor een goede detectie en verdeling van de warmte, wordt aanbevolen de pan correct te centreren:Gebruik slechts één pan die slechts een van de kookzones bedekt. De pan verplaatsen van de ene naar de andere kookzone:.
Tijdfuncties nl17Activeren1. Kies een van de twee kookzones die bij de Move-functie horen. 2. Het symbool aanraken. De indicaties zijn ÿ ÿverlicht. De kookstanden zijn verlicht in de indicaties van beide kookzones. De functie is geactiveerd. Aanwijzingen■De indicatie van de kookplaat met het kookgerei is helderder verlicht. ■In de indicatie van de gekozen kookzone is de indicatie verlicht. ¬Kookstand wijzigenEen van de twee kookzones kiezen die bij de Move-functie horen en de kookstand in het instelgebied veranderen. Aanwijzing: Wordt de functie gedeactiveerd, dan krijgen de kookstanden weer hun oorspronkelijke instellingen. DeactiverenHet symbool aanraken. ÿDe functie is gedeactiveerd. Aanwijzing: Wanneer één van de twee kookzones op ‹ wordt gezet, wordt de functie binnen ca. 10 seconden gedeactiveerd.
OTijdfunctiesTi j df unct i esUw kookplaat beschikt over twee timer-functies:■Programmering van de bereidingstijd■KookwekkerProgrammering van de bereidingstijdDe kookzone schakelt na afloop van de ingestelde tijd automatisch uit. Zo stelt u in:1. De kookzone en de gewenste kookstand kiezen. 2. Raak het symbool aan. In de indicatie van de 0kookzone is verlicht. In de timer-indicatie is x ‹‹verlicht. 3. Binnen de volgende 10 seconden in het instelgebied de gewenste bereidingstijd instellen. Na enkele seconden begint de tijd af te lopen. Aanwijzingen■Voor alle kookzones kan automatisch dezelfde bereidingstijd worden ingesteld. De ingestelde tijd loopt voor elk van beide kookzones onafhankelijk af. In het hoofdstuk vindt u ~ "Basisinstellingen"informatie over de manier waarop de bereidingstijd automatisch kan worden geprogrammeerd.
Indien in de programmeerzone de voorafgaande instelling van 6 tot 10, ingedrukt wordt, dan wordt de kooktijd met een minuut verlengd. De tijd wijzigen of annulerenSelecteer de kookzone en druk vervolgens op het symbool. 0Wijzig de kooktijd in de programmeerzone of stel af op ‹‹ om de tijd te annuleren. .
nl PowerBoost-functie18Na het verstrijken van de tijdDe kookzone wordt uitgeschakeld. Er klinkt een waarschuwingssignaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie licht ‹‹ 10 seconden lang op. Als op het symbool wordt gedrukt, gaan de 0indicators uit en stopt het akoestische signaal. Aanwijzingen■Is er een bereidingstijd voor meerdere kookzones geprogrammeerd, dan verschijnt altijd de tijdsopgave van de gekozen kookzone in de timer-indicatie. ■U kunt tot een bereidingstijd tot 99 minuten instellen. De kookwekkerMet de kookwekker kunt u een tijd tot 99 minuten instellen. Hij functioneert onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze functie schakelt een kookzone niet automatisch uit. Zo wordt dit geprogrammeerd1. Druk meerdere keren op het symbool tot de 0indicator W gaat branden. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt. ‹‹2.
Selecteer in de programmeerzone de gewenste tijd. Na enkele seconden begint tijd te verstrijken. De tijd wijzigen of annulerenDruk meerdere keren op het symbool tot de 0indicator oplicht. Wijzig de tijd in de Wprogrammeerzone of stel af op. ‹‹Na het verstrijken van de tijdEr klinkt een waarschuwingssignaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt en de ‹‹indicator gaat branden. Na 10 seconden gaan de Windicators uit. Als op het symbool wordt gedrukt, gaan de 0indicators uit en stopt het akoestische signaal. vPowerBoost-functiePo we r Bo o s t - f u nc t i eMet de PowerBoost-functie kunnen grote hoeveelheden water sneller worden verwarmd dan met de betreffende kookstand. ŠDeze functie kan alleen worden geactiveerd voor een kookzone wanneer de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is (zie Afb. ).
Aanwijzing: In het gebied van de combi-zone kan de powerboost-functie alleen worden geactiveerd wanneer de twee kookzones onafhankelijk van elkaar worden gebruikt. Activeren1. Kookzone kiezen. 2. Kies de kookstand en raak vervolgens het Šsymbool aan. De indicatie is verlicht. &› De functie is geactiveerd. Deactiveren1. De kookzone kiezen. 2. Symbool aanraken. &De indicatie › verdwijnt en de kookzone schakelt terug naar de kookstand. ŠDe functie is gedeactiveerd. Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan het voorkomen dat de PowerBoost-functie automatisch uitgaat, ter bescherming van de elektronische componenten binnenin de kookplaat. .
Kinderslot nl19AKinderslotKi nd er s l otMet het kinderslot kunt u voorkomen dat kinderen de kookplaat inschakelen. Het kinderslot activeren en deactiverenDe kookplaat moet uitgeschakeld zijn. Activeren: houd het symbool gedurende circa 4 ‚seconden ingedrukt. De indicator naast het symbool ‚ gaat branden gedurende 10 seconden. De kookplaat is geblokkeerd. Deactiveren: houd het symbool gedurende circa ‚4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd. Automatisch kinderslotMet deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgeschakeld. In- en uitschakelenIn het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen" kunt u lezen hoe u het automatische kinderslot inschakelt. kWrijfbeveiligingWr i j f bevei l i gi ngWanneer u over het bedieningspaneel wrijft als de kookplaat ingeschakeld is, kunnen er instellingen veranderen.
Om dit te voorkomen kan het bedieningspaneel voor reinigingsdoeleinden worden geblokkeerd. Activeren: het symbool Ñ aanraken. Er klinkt een signaal. Het bedieningspaneel is 35 seconden lang geblokkeerd. U kunt over het oppervlak van het bedieningspaneel wrijven zonder de instellingen te veranderen. Deactiveren: Na 35 seconden wordt het bedieningspaneel gedeblokkeerd. Om de functie voortijdig op te heffen het symbool aanraken. ÑAanwijzingen■30 seconden na activering klinkt een signaal. Hiermee wordt aangegeven dat de functie spoedig beëindigd is. ■De reinigingsblokkering heeft geen invloed op de hoofdschakelaar. De kookplaat kan op elk moment worden uitgeschakeld.
bAutomatische veiligheidsuitschakelingAu t omat i s c he vei l i ghei ds ui t s c hak el i ngWanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en er geen instellingen gewijzigd zijn, wordt de automatische veiligheidsuitschakeling geactiveerd. De kookzone warmt niet meer op. In de kookzone-indicatie van de kookzone knipperen afwisselend ” ‰, en de restwarmte-indicatie of. œ •Wordt een willekeurig symbool aangeraakt, dan schakelt de indicatie uit.
nl Basisinstellingen20QBasisinstellingenBasi s i ns t e l l i n genHet apparaat beschikt over verschillende basisinstellingen. Deze basisinstellingen kunnen aan uw persoonlijke behoeften worden aangepast.Indicatie Functie™‚ Kinderslot‹Handmatig*.‚ Automatisch.ƒFunctie gedeactiveerd.™ƒ Geluidssignalen‹ Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld.‚ Alleen het foutsignaal is ingeschakeld.ƒ Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld.„ Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld.*™„ Energieverbruik weergeven‹ Gedeactiveerd.*‚ Geactiveerd.™† Automatische programmering van de bereidingstijd‹‹ Uitgeschakeld.*‹‚ ŠŠ - Tijd tot de automatische uitschakeling.™‡ Duur van het geluidssignaal van de timer-functie‚10 seconden.*ƒ 30 seconden.„ 1 minuut.™ˆ Power-management functie.
Basisinstellingen nl21--------Zo komt u bij de basisinstellingen:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.1. De kookplaat inschakelen.2. In de volgende 10 seconden het symbool ca. '4 seconden lang aanraken.De eerste vier indicaties geven de productinformatie weer. Raak het instelgebied aan, om de afzonderlijke indicaties te kunnen zien.3. Wanneer u het symbool ' opnieuw aanraakt, komt u bij de basisinstellingen.In de indicaties knipperen ™ en ‚ afwisselend en ‹verschijnt als voorinstelling.4. Het symbool zo vaak aanraken tot de gewenste 'functie wordt weergegeven.5. Vervolgens in het instelgebied de gewenste instelling kiezen.6.
30 minuten met de kook-stand in.‚De naloopfunctie schakelt zich na het verstrijken van deze tijd automatisch uit.™‹ Terugzetten naar de standaard instellingen‹Individuele instellingen.*‚Terugzetten naar de fabrieksinstellingen. *Fabrieksinstelling **Het maximale vermogen van de kookplaat wordt aangegeven op het typeplaatje.Productinformatie IndicatieKlantenservice-index (KI) ‹‚Fabricagenummer ”šFabricagenummer 1 І.Fabricagenummer 2 ‹ †.
nl Weergave van het energieverbruik22[Weergave van het energieverbruikWe er ga ve v a n het ener g i ev er b r u i kDeze functie geeft op de kookplaat het totale energieverbruik weer van de laatste keer dat hij is gebruikt. Na uitschakeling van de kookplaat wordt gedurende 10 seconden het verbruik in kilowattuur weergegeven, bijv. ‚ ‹‰. kWh. De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet. In het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen" kunt u lezen hoe u deze functie inschakelttKookgerei-testKo o k ge r ei - t es tMet deze functie kunnen de snelheid en kwaliteit van het kookproces afhankelijk van het kookgerei worden gecontroleerd. Het resultaat is een referentiewaarde en hangt af van de eigenschappen van het kookgerei en de gebruikte kookzone. 1. De pan met ca.
200 ml water vullen en bij kamertemperatuur in het midden op de kookzone plaatsen, waarvan de diameter het best bij de diameter van de bodem van de pan past. 2. Ga naar de basisinstellingen en kies de instelling ™‚ ƒ. 3. Het instelgebied aanraken. In de kookzone-indicaties knippert. ADe functie is geactiveerd. Na 10 seconden verschijn in de kookzone-indicatie het resultaat over de kwaliteit en snelheid van het kookproces. Controleer het resultaat aan de hand van de volgende tabel:Raak het instelbereik aan om deze functie weer te activeren. Aanwijzingen■Is de gebruikte kookzone veel kleiner dan de diameter van het kookgerei, dan zal waarschijnlijk alleen het midden van de vorm warm worden en kan het resultaat niet zo goed mogelijk of naar tevredenheid uitvallen. ■Informatie over deze functie vindt u in het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen".
■Informatie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in het hoofdstuk. ~ "Koken met inductie"Resultaat‹Het kookgerei is niet geschikt voor de kookzone en wordt daarom niet verwarmd. *‚Het kookgerei wordt langzamer warm dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.
PowerManager nl23hPower-ManagerPo we r Ma nagerMet de functie Power-Manager kan het totale vermogen van de kookplaat worden ingesteld. De kookplaat is in de fabriek vooringesteld. Het hoogste vermogen is aangegeven op het typeplaatje. Met de functie Power-Manager kan de waarde volgens de vereisen van de betreffende elektro-installatie worden gewijzigd. Om deze instelwaarde niet te overschrijden, verdeelt de kookplaat het beschikbare vermogen automatisch over de ingeschakelde kookzones. Zolang de functie Power-Manager is geactiveerd, kan het vermogen van een kookzone tijdelijk onder de normale waarde vallen. Wordt er een kookzone ingeschakeld en is de vermogensbegrenzing bereikt, dan verschijnt kort in de kookstanden-indicatie. Het ¬apparaat regelt en kiest automatisch een zo hoog mogelijke vermogensstand.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Siemens iQ500 ED711FQ15E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Siemens
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis