Schumacher SL471 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Schumacher SL471 (92 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 17 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Schumacher SL471 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Schumacher |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | SL471 |
Handleiding Schumacher SL471 – volledige tekst
- 56 -NLLaad de booster onmiddellijk op na aankoop, na elk gebruik en elke 30 dagen of wanneer het laadniveau onder 85% daalt, om de interne batterij volledig opgeladen te houden en delevensduur van de batterij te verlengen. 1. Lees de gebruiksaanwijzing alvorens het apparaat te gebruiken. Bewaar deze gebruiksaanwijzing voor verdere raadpleging. In deze handleiding wordt uitgelegd hoe het apparaat veilig en doeltreend te gebruiken. Lees en volg deze handleiding en veiligheidsvoorschriften zorgvuldig. Doet u dit niet, dankan dit leiden tot ernstig letsel of de dood. Lees aandachtig en volg alle instructies met betrekking tot de batterij, het voertuig en alle gebruikte apparatuur. Controleer de waarschuwingslabels opde batterij en op de motor. Niet blootstellen aan regen, sneeuw, vocht of stof.
WAARSCHUWING: Explosieve gassen. Vermijd vlammen en vonken. Zorg voor voldoende ventilatie tijdens het opladen/gebruik. Risico op elektrische schokken. Risico op brand. Risico op schadelijke stoen. Draag beschermende kleding; volledige bescherming van ogen en lichaam, inclusief veiligheidsbril. 1. 1 Buiten het bereik van kinderen houden. 1. 2 Het apparaat mag niet worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten, of met gebrek aan ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen. 1. 3 Let erop dat kinderen niet met het apparaat spelen. 1. 4 Niet gebruiken met niet-oplaadbare batterijen. 1. 5 Gebruik dit apparaat in een droge, goed geventileerde ruimte, uit de buurt van vloeistoffen. 1. 6 Gebruik alleen hulpstukken die door de fabrikant worden aanbevolen. 1.
8 Open of demonteer het apparaat niet; breng het naar een gekwalificeerde technicus wanneer onderhoud of reparatie nodig is. 1. 9 Gebruik het apparaat niet als het een harde klap heeft gekregen, is gevallen of op een andere manier is beschadigd. 1. 10 Steek geen vingers of handen in het apparaat. 1. 11 Plaats het apparaat nooit bovenop de batterij terwijl u het gebruikt. 1. 12 Probeer een beschadigde batterij niet te starten. 1. 13 Start nooit een bevroren batterij. Zorg ervoor dat de interne batterij van het apparaat niet kan bevriezen. 1. 14 Sluit het apparaat nooit aan op een batterij of starter die in kortsluiting is. 1. 15 Gebruik de booster niet om een voertuig te boosten terwijl de interne batterij aan het opladen is.
20 Als batterijzuur in contact komt met uw huid of kleding, moet u die zone onmiddellijk gedurende ten minste 30 minuten met water spoelen. Komt er zuur in uw ogen, spoel ze dan onmiddellijk met stromend water gedurende ten minste 10 minuten en zoek onmiddellijk medische hulp. 1. 21 Als batterijzuur per ongeluk wordt ingeslikt, mogen er geen braakneigingen opgewekt worden. Zoek onmiddellijk medische hulp. 1. 22 Bepaal de spanning van de batterij aan de hand van de handleiding van het voertuig encontroleer of de uitgangsspanning van het apparaat correct is. 1. 23 Plaats de uitgangskabels zodanig dat het risico van beschadiging door de motorkap, deur en bewegende of hete motoronderdelen wordt beperkt.
Indien de motorkap gesloten moet worden terwijl de startkabels in gebruik zijn, zorg er dan voor dat de motorkap niet het metalen deel van de batterijklemmen raakt of de isolatie van de kabel doorsnijdt. 1. 24 De batterijklem die niet met het chassis is verbonden, moet eerst worden aangesloten. De andere aansluiting moet op het chassis worden gemaakt, ver van de batterij en de brandstofleiding. 1.
25 Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor reiniging en gebruikersonderhoud. 1. 26 De schoonmaak en het gebruikersonderhoud mogen niet uitgevoerd worden door kinderen zonder toezicht. 1. 27 Het toestel mag alleen worden gevoed met de extra lage veiligheidsspanning die weergegeven wordt op de markering van het apparaat. 1. 28 Dit product bevat een lithium-ion batterij. Neem in het geval van brand voor hulp contact op met de hulpdiensten. U kunt een speciale brandblusser gebruiken om de brand teblussen. Gebruik water pas als laatste redmiddel. Probeer nooit om een heet rokend ofbrandend product op te pakken of te verplaatsen, want u kunt daarbij gewond raken. 2. ALGEMENE INFORMATIE2. 1 Beschrijving1. Stroomknop2. Leds die het laadniveau weergeven3. Slimme kabel met accuklemmen4. Uitgang voor slimme kabel5. USB-uitgangspoort 5 V - 2,4 A6.
- 58 -NLHet aantal leds dat brandt geeft het oplaadniveau aan: llll100% opgeladen llll 75% opgeladen llll 50% opgeladen llll 25% opgeladenLaad de interne batterij als de display minder dan 75% aanduidt. 3. 2 Laad de interne batterij opLaad het apparaat zo snel mogelijk na elk gebruik op. Ontlaad de batterij nooit volledig. Gebruik een USB-oplader van 2 A (niet meegeleverd) of een USB-oplaadpoort van 2 A om de booster snel op te laden. Met een oplader van minder dan 2 A zal het langer duren om op te laden. 1. Steek het USB-C-uiteinde van de oplaadkabel in de ingangspoort. Sluit vervolgens het USB-uiteinde van de oplaadkabel aan op een USB-poort van de oplader. 2. Sluit uw lader aan op een werkend stopcontact (AC of DC). 3. Wanneer de batterij volledig is opgeladen, koppelt u de oplader los van het stopcontact en verwijdert u vervolgens de oplaadkabel van de oplader en het apparaat. 4.
DE LEDLAMP GEBRUIKEN1. Druk op de stroomknop. 2. Houd de stroomknop 3 seconden ingedrukt. 3. Zodra het ledlampje brandt, drukt u kort op de displayknop om de volgende modi tedoorlopen: - Continu schijnen; - Een SOS-signaal knipperen; - In stroboscoopmodus knipperen4. Als u klaar bent met het ledlampje, houdt u de stroomknop ingedrukt totdat het lampje uitgaat. 5. Laad de booster zo snel mogelijk na elk gebruik op. 5. EEN MOBIEL APPARAAT OPLADEN VIA DE USB-POORTDe USB-poort levert tot 2,4 A bij 5 V DC. 1. Sluit een oplaadkabel aan op de ingang van uw mobiele apparaat. Sluit vervolgens het USB-uiteinde van de oplaadkabel aan op de USB-poort van de booster. 2. Het opladen begint dan in principe nadat u de stroomknop hebt ingedrukt. 3. De oplaadtijd varieert, afhankelijk van de batterijgrootte van het mobiele apparaat. 4.
OPMERKING: Als er geen USB-apparaat is aangesloten, wordt de stroom naar de USB-poorten automatisch na 30 seconden uitgeschakeld. 6. BEDIENINGSINSTRUCTIES6. 1 Een voertuig startenBELANGRIJK:- Het gebruik van de booster zonder dat er een batterij in het voertuig is geïnstalleerd, zal het elektrische systeem van het voertuig beschadigen. - Boost alleen voertuigen met een loodzuurbatterij van 12 V. - Gebruik voor de boostfunctie alleen de slimme kabel die bij het product is geleverd. OPMERKING: De interne batterij moet minstens 50% opgeladen zijn om een voertuig te boosten. Zet het contact uit (OFF) en schakel alle elektrische functies (verwarming, lichten. ) uit alvorens de booster te gebruiken. Leg de gelijkstroomkabels uit de buurt van ventilatorbladen, riemen, schijven en andere bewegende onderdelen.
- 59 - NL1. Aansluiting op de booster - Stand-bymodusSteek de slimme kabel van de accuklemmen in de boosteruitgang. De groene led knippert op de slimme kabel, wat betekent dat de booster in de 'Boost Stand-bymodus' staat. 2. Aansluiting op de batterijControleer eerst of de negatieve klem is aangesloten/geaard op het chassis. Zo niet, neem dan contact op met uw dealer. Sluit de rode klem (+) aan op de positieve pool (+) van de accu en sluit vervolgens de zwarte klem (-) aan op de aarding/het chassis van het voertuig (een stevig metalen deel van het chassis of motorblok. Niet aansluiten op de carburateur of brandstoeidingen). 3. BoostmodusDe groene led op de slimme kabel blijft op groen staan, wat betekent dat de booster zich in de modus "Klaar om te boosten"-modus bevindt.
OPMERKING: Als de accu van het voertuig extreem ontladen is, kan de initiële stroomafname van de booster de kortsluitbeveiliging in de slimme kabel activeren. Wanneer het probleem verholpen is, wordt de slimme kabel automatisch gereset. 4. Start de motorStart de motor maximaal 3 seconden en wacht ten minste 1 minuut voor een tweede poging. 5. Koppel de uitgangskabel losWanneer de motor aanslaat, maakt u de accuklemmen los van de boosteraansluiting. 6. LoskoppelenOntkoppel eerst de zwarte klem (-) en vervolgens de rode klem (+). 7. OpladenLaad het apparaat zo snel mogelijk weer op. 6. 2 StartpogingenWanneer u de booster gebruikt om een motor te starten, start dan niet langer dan 3 seconden en wacht ten minste 1 minuut voor een tweede poging. Als de auto ook de tweede keer niet start, controleer dan de slimme kabel om te zien of de groene led vast brandt.
Als u een pieptoon hoort of als een ledlampje knippert, raadpleeg dan het hoofdstuk 'Problemen oplossen'. OPMERKING: Koud weer kan de prestaties van de lithiumbatterij van de booster beïnvloeden.
Als u alleen een klik hoort en de motor niet ronddraait, probeer dan het volgende:Terwijl de booster aangesloten is op de accu van de auto en de groene led op de slimme kabel brandt, zet u alle lichten en elektrische functies gedurende 1 minuut aan. Dit onttrekt stroom aan de booster en warmt de batterij op. Probeer nu opnieuw de motor te starten. Draait hij niet rond, herhaal dan de procedure. Bij extreem koud weer kan het nodig zijn de batterij twee of drie keer op te warmen voordat de motor start. BELANGRIJK: Probeer uw voertuig NIET meer dan drie keer na elkaar te boosten. Als het voertuig na drie pogingen niet start, raadpleeg dan een onderhoudstechnicus. 7.
ONDERHOUD EN OPSLAGNadat u de stekker uit het stopcontact hebt gehaald en het toestel hebt losgekoppeld, veegt u met een droge doek alle batterijcorrosie en ander vuil of olie van de batterijklemmen, desnoeren en de buitenste behuizing. Laad de batterij op tot volledige capaciteit voordat u de booster opbergt. Gebruikt u de booster niet vaak, laad hem dan ten minste één keer per maand op om diepontlading te voorkomen. Bewaar dit apparaat op een droge plaats bij temperaturen tussen -10 °C en +45 °C om het tebeschermen tegen vocht.
- 60 -NL8. PROBLEMEN OPLOSSEN8.1 BoosterProbleem OplossingDe laatst overgebleven led knippert en gaat dan uit.Diepontlading. Laad de interne batterij opnieuw op.Alle vier de leds knipperen. Het apparaat is te warm of te koud. De leds stoppen met knipperen wanneer het probleem verholpen is.De booster laadt niet opnieuw op. Controleer of het stopcontact werkt.Controleer of de oplaadkabel goed is aangesloten.De booster gaat aan, maar start mijn voertuig niet.Controleer de aansluitingen.Controleer of het laadniveau van de booster ten minste 50% is.Probeer uw voertuig NIET meer dan drie keer na elkaar te starten.
Als het voertuig nog steeds niet start, raadpleeg dan een gekwaliceerde onderhoudstechnicus.Controleer de rode/groene led op de kabel en bekijk inonderstaande tabel wat het probleem is.8.2 Led van de slimme kabel en waarschuwingenLed schermzoemer waarschuwingLed en zoemerbeschrijvingBeschrijving / oorzaakGroene ledKnipperendGeen pieptoonStand-bymodusKabel correct aangesloten op de booster, maarer is geen batterij aangesloten.WAT TE DOEN: Sluit de booster aan op debatterij van het voertuig. Valse detectie van hoge spanningEr is een 'valse' detectie van hoge accuspanning, maar de beveiliging tegen omgekeerde polariteit werd niet geactiveerd. WAT TE DOEN: Draai de sleutel om om het voertuig te boosten.Groene led brandt vastGeen pieptoonKlaar om te boosten-modusKabel goed aangesloten op zowel booster alsbatterij.WAT TE DOEN: Klaar om de motor te boosten.
Controleer vervolgens debatterij van de auto en vervang deze indiennodig.Rode en groene led brandenPiept één keer per secondeTemperatuurbeveiligingDe booster is automatisch in temperatuurbeveiliging geschakeld.WAT TE DOEN: Laat de booster afkoelen voordat u het opnieuw probeert.Elektrische producten mogen niet bij het huisvuil worden gegooid. Afgedankte elektrische producten moeten afzonderlijk worden ingezameld en worden afgevoerd naar speciaal daarvoor bestemde inzamelpunten. Neem contact op met de plaatselijke overheid of met uw handelaar voor advies over recyclage.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Schumacher SL471 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Niet gecategoriseerd Schumacher
Handleiding Niet gecategoriseerd
Nieuwste handleidingen voor Niet gecategoriseerd