Scheppach MNF2250 Handleiding
Pagina's 228 Niet gecategoriseerd
Bekijk de handleiding van Scheppach MNF2250 gratis online of download de PDF. 60 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Scheppach |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | MNF2250 |
Handleiding Scheppach MNF2250 – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Inleiding. 532 Productbeschrijving (afb. 1). 543 Inhoud van de levering (afb. 2). 544 Beoogd gebruik. 545 Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektri-sche apparaten. 556 Uitpakken. 587 Technische gegevens. 588 Voor de ingebruikname. 599 Bediening. 6010 Werkinstructies. 6111 Elektrische aansluiting. 6112 Transport. 6213 Reiniging en onderhoud. 6214 Opslag. 6215 Reparatie & bestellen van reserveonderdelen. 6216 Afvalverwerking en hergebruik. 6317 Verhelpen van storingen. 6318 EU-conformiteitsverklaring. 6419 Explosietekening. 224Verklaring van de symbolen op hetproductHet gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeldom uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De vei-ligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goedworden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomengeen risico's en kunnen de juiste maatregelen betreffendeongevallenpreventie niet vervangen.
Lees voorafgaand aan de ingebruikname degebruikshandleiding en de veiligheidsvoor-schriften. Let op. Het niet in acht nemen van de op hetproduct aangebrachte veiligheidstekens enwaarschuwingen alsook het niet in acht ne-men van de veiligheids- en bedieningsaan-wijzingen kan tot ernstig of zelfs dodelijk let-sel leiden. Draag een veiligheidsbril. Draag gehoorbescherming. Bescherm de luchtwegen bij stofontwikke-ling. Draag veiligheidshandschoenen. Stevig schoeisel dragen. Zorg ervoor dat andere personen voldoendeveiligheidsafstand aanhouden. Bij gevaar het product uitschakelen en devoedingsstekker loskoppelen. Geen defect snijwiel gebruiken. Let op. Gevaar voor letsel. Niet in het rote-rende snijwiel grijpen. Niet toegestaan voor nat slijpenSnijgevaar bij het snijwiel.
Aanwijzing:De fabrikant van dit product is volgens de van kracht zijn-de wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijkvoor schade die aan dit product of door dit product ont-staan bij:• Ondeskundige behandeling• Het niet in acht nemen van de gebruikshandleiding• Reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmen-sen• Inbouw en vervanging van niet-originele reserveon-derdelen• Gebruik dat niet conform de voorschriften is• uitvallen van de elektrische installatie bij het niet inacht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE0113. Let op:De gebruikshandleiding maakt deel uit van dit product. Deze bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het pro-duct veilig, vakkundig en economisch werkt, hoe u geva-ren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitvaltijden vermin-dert en de betrouwbaarheid en levensduur van het pro-duct verhoogt.
Aanvullend op de veiligheidsbepalingenvan deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor dewerking van het product geldende voorschriften van uwland in acht nemen. Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekendmet alle bedienings- en veiligheidsinstructies. Gebruik hetproduct uitsluitend als beschreven en voor de aangege-ven toepassingsbereiken. Bewaar de gebruikshandleidingdaarom goed, en verstrek alle documentatie als het pro-duct wordt doorgegeven aan derden. 2 Productbeschrijving (afb. 1)1. Achterste handgreep2. vergrendelhendel3. Afdekkap4. Voorste handgreep5. Steunrollen6. snijwiel7. Opnamespindel8. flensmoer9. afzuigmof10. Aan/uit-schakelaar11. Inschakelblokkering12. Schaalverdeling snijdiepte13. Spindelvergrendeling14. Opnameflens3 Inhoud van de levering (afb. 2)Pos. Aantal Aanduiding6. 4 x Snijwiel (voorgemonteerd)A. 1 x FlenssleutelB. 3 x Afstandschijf 4,7 mmC.
3 x Afstandschijf 6,7 mm1 x Muurgroeffrees1 x Gebruikshandleiding4 Beoogd gebruikDe muurgroeffrees is een product voor het maken vansleuven in overwegend minerale materialen (zoals beton ofmetselwerk) zonder het gebruik van water. Gebruik geengelijmde snijwielschijven of opruwschijven. Materialen die gevaarlijk stof of dampen produceren tijdensde verwerking mogen niet worden bewerkt (bijv. asbest). Het snijden met een koelvloeistof is niet toegestaan. Het product mag uitsluitend worden gebruikt waarvoor hetbedoeld is. Elk ander of verdergaand gebruik is niet vol-gens de voorschriften. De gebruiker/bediener en niet defabrikant is aansprakelijk voor ontstane schade of elkevorm van letsel. Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de mon-tagehandleiding en de aanwijzingen in de gebruikshand-leiding maken deel uit van het beoogd gebruik.
Personen, die het product bedienen of onderhoud aan hetproduct verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op dehoogte zijn van de mogelijke gevaren. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aanhet product worden aangebracht en de hieruit voortvloei-ende schade. Het product mag uitsluitend met de originele onderdelen enoriginele accessoires van de fabrikant worden gebruikt. De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van defabrikant alsook de in de technische gegevens aangege-ven afmetingen moeten in acht worden genomen. Let erop dat onze producten volgens het beoogd gebruikniet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toe-passingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aanspra-kelijkheid wanneer het product in bedrijfsmatige, ambach-telijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijkewerkzaamheden worden ingezet.
Verklaring van de signaalwoorden inde gebruikshandleiding GEVAARSignaalwoord voor aanduiding van een directaanwezige, gevaarlijke situatie die, indien de-ze niet wordt vermeden, de dood of ernstigeverwondingen tot gevolgd heeft.
WAARSCHUWINGSignaalwoord voor aanduiding van een mo-gelijke gevaarlijke situatie die, indien dezeniet wordt vermeden, tot de dood of ernstigeverwondingen kan leiden. VOORZICHTIGSignaalwoord voor aanduiding van een mo-gelijke gevaarlijke situatie die, indien dezeniet wordt vermeden, tot geringe of matigeverwondingen kan leiden. LET OPSignaalwoord voor aanduiding van een mo-gelijke gevaarlijke situatie die, indien dezeniet wordt vermeden, materiële schade aanproducten of eigendommen tot gevolg kanhebben. 54 | NL www. scheppach. com.
5 Algemeneveiligheidsvoorschriften voorelektrische apparaten WAARSCHUWINGLees alle veiligheidsvoorschriften, aanwijzin-gen, afbeeldingen en technische gegevensdie bij dit elektrische gereedschap zijn mee-geleverd. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaandeaanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/ofernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwijzingenvoor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip "Elek-trisch gereedschap" is van toepassing op netgevoed elek-trisch gereedschap (met netsnoer) of op accugevoedelektrisch gereedschap (zonder netsnoer). 1) Veiligheid op de werkpleka) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen lei-den tot ongevallen.
b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in eenexplosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brand-bare vloeistoffen, gas of stof bevinden. Elektrischapparaat produceert vonken, waardoor stof of dam-pen kunnen ontbranden. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het ge-bruik uit de buurt van het elektrische gereed-schap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elek-trische apparaat verliezen. 2) Elektrische veiligheida) De aansluitstekker van het elektrische gereed-schap moet in het stopcontact passen. De stekkermag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Ge-bruik geen adapterstekker samen met geaard elek-trisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en pas-sende stopcontacten verminderen het risico op elektri-sche schok. b) Let op dat u geen fysiek contact maakt met geaar-de onderdelen zoals bijv. buizen, radiatoren, elek-trische haarden, koelkasten.
Er bestaat een ver-hoogd risico op een elektrische schok als uw lichaamgeaard is. c)Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van re-gen of vocht. Het indringen van water in een elektrischapparaat vergroot het risico op een elektrische schok.
d) Gebruik het netsnoer niet om het elektrische ge-reedschap te dragen, aan op te hangen of om destekker uit het stopcontact te trekken. Houd hetnetsnoer uit de buurt van hitte, scherpe randen ofbewegende delen. Beschadigde of opgewikkeldesnoeren verhogen het risico op een elektrische schok. e) Als u met een elektrisch gereedschap in de openlucht werkt, gebruik dan alleen een verlengsnoerdat ook geschikt is voor gebruik buitenshuis. Detoepassing van een voor buitenshuis gebruik geschiktverlengsnoer vermindert het risico op een elektrischeschok. f) Als het gebruik van het elektrische gereedschapin een vochtige omgeving niet kan worden verme-den, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het ge-bruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risicoop een elektrische schok.
3) Veiligheid van personena) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezigbent en ga verstandig te werk bij werkzaamhedenmet elektrisch gereedschap. Maak geen gebruikvan elektrisch gereedschap als u moe bent of on-der invloed bent van drugs, alcohol of medica-menten. Een moment van onachtzaamheid bij ge-bruik van het elektrische gereedschap kan leiden toternstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ookaltijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlij-ke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, an-tislip-veiligheidsschoenen, een veiligheidshelm of ge-hoorbescherming, al naar gelang het soort gereed-schap en de toepassing ervan, verkleint het risico opverwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Contro-leer of het elektrisch gereedschap is uitgescha-keld voordat u het op de stroomvoorziening en/ofde accu aansluit, het gereedschap oppakt ofdraagt.
Als u tijdens het dragen van het elektrischegereedschap uw vinger op de schakelaar hebt of hetreeds ingeschakelde elektrische apparaat op destroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en onge-vallen leiden. d) Verwijder instelgereedschap of de moersleutel,voordat u het elektrische gereedschap inschakelt.
Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draai-end onderdeel van het elektrische gereedschap be-vindt, kan verwondingen veroorzaken. e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat ualtijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrischegereedschap in onverwachte situaties beter ondercontrole houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kledingof sieraden. Houd haren en kleding uit de buurtvan bewegende delen. Loszittende kleding, sieradenof lange haren kunnen worden vastgegrepen door be-wegende delen. g) Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kunnenworden gemonteerd, moeten deze worden aange-sloten en juist worden toegepast. Het gebruik vaneen stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. 4) Gebruik en behandeling van hetelektrische gereedschapa) Zorg dat het elektrische gereedschap niet overbe-last raakt.
Gebruik voor de werkzaamheden hetdaarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Methet juiste elektrische apparaat werkt u beter en veili-ger in het aangegeven vermogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch apparaat, waarvan deschakelaar defect is. Een elektrisch gereedschap,dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is ge-vaarlijk en moet gerepareerd worden. NL | 55www. scheppach. com.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijderde uitneembare accu voordat u de apparaatinstel-lingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektri-sche apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregelvoorkomt dat het elektrische gereedschap per ongelukwordt gestart. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten bui-ten bereik van kinderen. Laat het elektrisch appa-raat niet gebruiken door personen die er niet meevertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebbengelezen. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk als zedoor onervaren personen worden gebruikt. e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische ap-paraten en inzetstukken. Controleer of bewegendedelen probleemloos functioneren en niet klem-men, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn,waardoor de functie van het elektrische gereed-schap wordt beïnvloed.
Laat beschadigde onder-delen voor gebruik van het elektrische apparaateerst repareren. Veel ongevallen ontstaan doorslecht onderhouden elektrische apparaten. f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvul-dig onderhouden snijgereedschap met scherpe snij-randen klemt minder snel vast en is makkelijker te ge-bruiken. g) Gebruik elektrische apparaten, inzetstuk, inzet-stukken enz. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandighedenwaarin gewerkt wordt en de uit te voeren werk-zaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschapvoor andere toepassingen dan het voorgeschrevengebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. 5) Servicea) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend doorgekwalificeerd deskundig personeel reparerenmet uitsluitend originele reserveonderdelen. Hier-mee wordt de veiligheid van het elektrische gereed-schap gewaarborgd. 5.
1 Veiligheidsvoorschriften voordoorslijpmachinesa) De bij het elektrisch gereedschap behorende af-dekkap moet veilig zijn aangebracht en dusdanigzijn afgesteld dat de hoogste mate aan veiligheidkan worden verkregen, dit betekent het kleinstmogelijke deel van het slijpelement open naar debedieningspersoon toe is gericht. U en de perso-nen in uw nabijheid dienen uit het bereik van deroterende slijpschijf te blijven. De afdekkap is be-doeld om de operator te beschermen tegen fragmen-ten en onvoorzien contact met slijpelementen. b) Gebruik uitsluitend diamanten snijwielen voor uwelektrisch gereedschap. Alleen omdat u de acces-soire op uw elektrisch gereedschap kunt bevestigen,wil niet zeggen dat het ook veilig gebruikt kan worden. c) Het toegestane toerental van het inzetstuk moetminimaal zo hoog zijn als het op het elektrisch ge-reedschap aangegeven maximale toerental.
Acces-soires die sneller draaien dan toegestaan, kunnen af-breken en weggeslingerd worden. d) Slijpelementen mogen uitsluitend voor de aanbe-volen toepassingen worden gebruikt. Bijvoor-beeld: Slijp nooit met het zijvlak van het snijwiel. Doorslijpschijven zijn ontworpen voor het verwijderenvan materiaal met de rand van de schijf. De zijdeling-se krachtinwerking die op deze slijpelementen wordtuitgeoefend, kan ervoor zorgen dat ze breken. e) Gebruik altijd een onbeschadigde spanflens in dejuiste grootte en vorm voor de door u geselecteer-de slijpschijf. Geschikte flenzen ondersteunen deslijpschijf en verminderen zo het risico op breuk vande slijpschijf. f) De buitendiameter en de dikte van het inzetstukmoeten overeenkomen met de afmetingen van uwelektrisch gereedschap. Verkeerd gedimensioneer-de inzetstukken kunnen niet voldoende worden afge-schermd of gecontroleerd.
Inzetstukken die niet precies op de slijpspindelvan het elektrisch gereedschap passen, draaien onge-lijkmatig, trillen zeer sterk en kunnen leiden tot contro-leverlies. h) Gebruik geen beschadigde slijpschijven. Contro-leer voor elk gebruik de slijpschijven op splinter-vorming en scheuren. Als het elektrisch gereed-schap of de slijpschijf naar beneden valt, contro-leer dan of deze beschadigd is of gebruik een on-beschadigde slijpschijf. Als u de slijpschijf gecon-troleerd en geplaatst hebt, zorg er dan voor datuzelf en andere personen buiten het bereik van deroterende slijpschijf blijven en laat het apparaatgedurende een minuut met het maximale toerentallopen. Beschadigde slijpschijven breken meestal inde testtijd. i) Draag uw persoonlijke beschermingsuitrusting. Gebruik afhankelijk van de toepassing volledigegezichtsbescherming, oogbescherming of een vei-ligheidsbril.
Draag eventueel een stofmasker, ge-hoorbescherming, veiligheidshandschoenen ofeen speciaal schort die kleine schurende en mate-riële deeltjes van u weghoudt. De ogen moetenworden beschermd tegen splinters die bij verschillen-de toepassingen ontstaan. Stof- of luchtwegmaskermoet het tijdens het gebruik ontstane stof filteren. Alsu langere tijd aan harde geluiden wordt blootgesteld,kan dit tot gehoorverlies lijden. j) Let op dat overige personen zich op een veilige af-stand bevinden ten opzichte van uw werkomge-ving. Een ieder die de werkomgeving betreedt,moet een persoonlijke beschermingsuitrustingdragen. Fragmenten van het werkstuk of gebroken in-zetstukken kunnen wegvliegen en verwondingen ver-oorzaken, ook buiten het directe werkbereik.
k) Pak het apparaat alleen gereedschap aan de ge-isoleerde greepvlakken, als u werkzaamheden uit-voert, waarbij het inzetstuk verborgenstroomsnoeren kan raken. Als de machine in con-tact komt met een onder spanning staande kabel,kunnen de metalen onderdelen van het apparaat on-der spanning komen te staan en elektrische schokkenveroorzaken.
m) Leg het elektrische gereedschap nooit weg voor-dat het insteekgereedschap volledig tot stilstandis gekomen. Het roterende insteekgereedschap kanin contact komen met het steunvlak, zodat u de con-trole over het gereedschap verliest. n) Laat het elektrisch gereedschap niet draaien ter-wijl u loopt. Bij accidenteel contact met het roterendegereedschap kan uw kleding bekneld raken en kanhet gereedschap in uw lichaam dringen. o) Reinig regelmatig de ventilatiesleuven van hetelektrische gereedschap. De motorventilator zuigtstof in de behuizing en een ophoping van metaalstofkan elektrische gevaren veroorzaken. p) Gebruik het elektrisch gereedschap niet nabijbrandbare materialen. Vonken kunnen deze materia-len ontsteken. q) Gebruik geen inzetstukken waarvoor vloeibaarkoelmiddel is vereist. Het gebruik van water of ande-re vloeibare koelmiddelen kan leiden tot een elektri-sche schok. 5.
2 Terugslag en overeenkomstigeveiligheidsvoorschriftenTerugslag is de plotselinge reactie die wordt veroorzaaktdoor een vastlopende of geblokkeerd inzetstuk, zoals eenslijpschijf, draaischijf, etc. Een vastlopende of geblok-keerd inzetstuk leidt tot een abrupte stop van het roteren-de inzetstuk. Hierdoor wordt een ongecontroleerd elek-trisch gereedschap tegen de draairichting van het inzet-stuk op het blokkeerpunt versnelt. Als bijv. een slijpschijf vastloopt of blokkeert in het werk-stuk, kan de rand van de slijpschijf die in het werkstukvalt, vast komen te zitten, waardoor de slijpschijf kan af-breken of een terugslag kan veroorzaken. De slijpschijfbeweegt zich vervolgens naar de gebruiker of van hem af,afhankelijk van de richting van de schijf op de geblokkeer-de plek. Hierbij kunnen de schuurschijven ook breken.
Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerdgebruik van het elektrisch gereedschap. Dit kan door ge-schikte voorzorgsmaatregelen, zoals hierna zijn beschre-ven, worden voorkomen.
a) Houd het elektrisch gereedschap goed vast enbreng uw lichaam en armen in een positie waarinu de terugslagkrachten kunt opvangen. Gebruikaltijd de extra handgreep, indien aanwezig, om demaximale controle over terugslag of reactie tij-dens het opstarten te krijgen. Het bedieningsperso-neel kan door juiste voorzorgsmaatregelen de terug-slag- en reactiekrachten onder controle houden. b) Breng uw hand nooit in de buurt van roterende in-steekgereedschappen. Het insteekgereedschap kantijdens een terugslag over uw hand bewegen. c) Vermijd het bereik voor en na het roterende snij-wiel. De terugslag stuurt het elektrische gereedschaptegen de beweegrichting van de slijpschijf op de ge-blokkeerde plek. d) Werk extra voorzichtig in de buurt van hoeken,scherpe randen etc. Verhinder dat insteekgereed-schappen van het werkstuk terugkaatsen en zicherin vastklemmen.
Het roterende insteekgereed-schap neigt ertoe zich in hoeken, scherpe randenof als het terugkaatst vast te klemmen. Dit veroor-zaakt een verlies van controle of terugslag. e) Gebruik geen ketting‑ of getand zaagblad of eengesegmenteerde diamantslijpschijf met een sleufvan meer dan 10 mm. Dergelijke inzetstukken ver-oorzaken vaak een terugslag of verlies van controleover het elektrische gereedschap. f) Vermijd het blokkeren van het snijwiel of een tehoge aandrukkracht. Voer geen overmatig diepesnedes uit. Een overbelasting van het snijwiel ver-hoogt de spanning en de gevoeligheid voor vastlopenof blokkeren en daarmee de kans op terugslag ofbreuk van de slijpschijf. g) Als het snijwiel vastloopt of als u het werk onder-breekt, schakelt u het apparaat uit en houdt u dezestil tot de schijf tot stilstand is gekomen.
Probeernooit een draaiend snijwiel uit de snede te trek-ken, anders kan er een terugslag volgen. Bepaalde oorzaak voor het vastklemmen en verhelp dit. h) Schakel het elektrisch apparaat niet weer in alsdeze zich nog in het werkstuk bevindt.
Laat hetsnijwiel op volle snelheid komen voordat u desnede voorzichtig verder slijpt. Anders kan de schijfvast komen te zitten, uit het werkstuk springen of te-rugslag veroorzaken. i) Ondersteun platen of grote werkstukken om het ri-sico op een terugslag door een ingeklemd snijwielte verminderen. Grote werkstukken kunnen onderhet eigen gewicht doorbuigen. Het werkstuk moet aanbeide zijden van de schijf worden ondersteund, zowelin de buurt van het snijwiel, alsook aan de zijkanten. j) Wees vooral voorzichtig bij "Invalsneden" in be-staande wanden of andere gebieden met slechtzicht. Het snijwiel kan bij het doorslijpen van gas- enwaterleidingen, elektrische kabels of andere voorwer-pen een terugslag veroorzaken. 5. 3 Aanvullendeveiligheidsvoorschriften WAARSCHUWING– Stoffen van materialen zoals loodhoudendeverflaag, enkele houtsoorten en metaal kunnen ge-vaarlijk voor de gezondheid zijn.
– Het contact of het inademen van stof kan een ge-vaar voor de gebruiker of de mensen in de buurt op-leveren. – Draag een veiligheidsbril en stofmasker. WAARSCHUWINGInzetstukken kunnen scherp zijn en tijdens het gebruikheet worden. Draag altijd veiligheidshandschoenen, alsu met inzetgereedschap werkt. • Schuif het product in voorgeschreven richting door hette bewerken materiaal. Let hierbij op de markeringen (draairichting van hetsnijwiel en de looprichting van het product op de afdekkap. Anders kan het snijwiel vast komen te zitten, uit hetwerkstuk springen of terugslag veroorzaken. NL | 57www. scheppach. com.
• Zorg ervoor dat er zich geen elektriciteits-, water- ofgasleidingen in het gebied bevinden waaraan gewerktmoet worden. Gebruik geschikte zoekapparatuur omverborgen toevoerleidingen op te sporen, of raadpleegde plaatselijk nutsbedrijf. • Gebruik het elektrisch gereedschap niet nabijbrandbare materialen. Vonken kunnen deze materia-len ontsteken. • Vermijd stofophoping op de werkplek. Stoffen kunnen gemakkelijk ontbranden. • Houd het product tijdens het werk altijd goed vastmet beide handen. Zorg voor een veilige stand. Restrisico'sHet product is vervaardigd volgens de stand van detechniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn vanenkele restrisico's. • Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd als de“veiligheidsvoorschriften” en het “gebruik conform devoorschriften” alsook de bedieningshandleiding wor-den opgevolgd.
• Gebruik het product zoals in deze gebruikshandleidingwordt aanbevolen. U verkrijgt dan optimale prestatiesmet uw product. • Bovendien kunnen er ondanks alle getroffen voorzie-ningen verborgen restrisico's bestaan. • Houd uw handen buiten de werkomgeving, wanneerhet product in bedrijf is. • Beschadiging van het gehoor, als de voorgeschrevengehoorbescherming niet wordt gedragen. • Schade aan de longen als de voorgeschreven adem-halingsbescherming niet wordt gedragen. •Gevaar voor letsel door wegslingerend gereedschap bijondeskundige bediening of ondeskundige geleiding. • Risico op letsel door het aanraken van het slijpge-reedschap in het onbedekte gebied. • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektri-citeit bij gebruik van onjuiste snoeren. • Voorkom dat u het product onbedoeld inschakelt: alsu de stekker in het stopcontact steekt, mag de aan/uit-schakelaar niet worden ingedrukt.
WAARSCHUWINGDit elektrisch apparaat genereert een elektromagne-tisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onderbepaalde omstandigheden interfereren met actieve ofpassieve medische implantaten. Om het risico op ern-stig of dodelijk letsel te beperken, raden we personenmet medische implantaten aan om hun arts en de fabri-kant van het medische implantaat te raadplegen voor-dat het elektrische apparaat wordt gebruikt. WAARSCHUWINGDeeltjes die vrijkomen bij het werken met dit productkunnen stoffen bevatten die kanker, allergische reactiesof aandoeningen aan de luchtwegen kunnen veroorza-ken. WAARSCHUWINGBij langdurige werkzaamheden kunnen door de trillin-gen stoornissen in de doorbloeding in de handen vande gebruiker optreden (witte vinger syndroom). Raynaud-syndroom (dove vingers) is een vaatziekte,waarbij kleine bloedvaten in de vingers en tenen acuutverkrampen.
De desbetreffende lichaamsdelen wordendan niet meer voldoende van bloed voorzien waardoorze een bleke kleur krijgen. Het frequente gebruik vantrillende producten kan zenuwbeschadigingen veroorza-ken bij personen met een verminderde doorbloeding(bijv. rokers, diabetici). Als u ongewone beperkingen bespeurt, stopt u direct dewerkzaamheden en raadpleegt u een arts. 6 Uitpakken WAARSCHUWINGHet product en de verpakkingsmaterialen zijn geenkinderspeelgoed. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies enkleine onderdelen spelen. Er bestaat gevaar voorinslikken en verstikkingsgevaar. • Open de verpakking en haal het product er voorzichtiguit. • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver-pakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhan-den). • Controleer of de inhoud van de levering volledig is. • Controleer het product en de hulpstukken op trans-portschade.
Meld eventuele schade direct bij hettransportbedrijf dat het product heeft bezorgd. Recla-maties op een later tijdstip worden niet erkend. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver-strijken van de garantietijd.
• Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekendmet het product aan de hand van de gebruikshandlei-ding. • Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveon-derdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveon-derdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier. • Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook typeen bouwjaar van het product aan. 7 Technische gegevensNominale spanning 230-240 V~, 50 HzAansluitvermogen 1800 Watt (S1*)2250 Watt (S3**, 2min 30s ON/7min 30s OFF)stationair toerental (n) 5400 min-158 | NL www. scheppach. com.
Afmetingen 506x235x187 mmsnijwiel ø 125 mmØ 22, 23 mmDikte van de snijwielen 1,9 mmSnijwiel max. toerental 8500 min-1Groefdiepte 0–40 mmGroefbreedte 8-40 mmGewicht 5,50 kgBeschermingsklasseII / (dubbel afgeschermd)Beschermingsgraad IPX0Technische wijzigingen voorbehouden. *Bedrijfsmodus S1 (continubedrijf)Het product kan continu met het aangegeven vermogenworden gebruikt. **Bedrijfsmodus S3 (periodieke intervalwerking)Het bedrijf is opgebouwd uit een nominale last en stil-standtijd. WAARSCHUWINGLawaai kan ernstige gezondheidsklachten tot gevolghebben. Als het geluid van de machine hoger is dan 85dB, draag dan geschikte gehoorbescherming voor u enpersonen in de omgeving.
Informatie over de geluidsproductie gemeten volgens derelevante normen (EN ISO 3744:1995, ISO 8528-10:1998):GeluidswaardenGeluidsdruk LpA102,2 dBGeluidsvermogen LwA113,2 dBMeetonnauwkeurigheid KpA3 dBTrillingseigenschappenVibratie ahVoorste handgreep 4,207 m/s2Achterste handgreep 2,359 m/s2Meetonnauwkeurigheid K 1,5 m/s28 Voor de ingebruikname WAARSCHUWINGGevaar voor letsel. Steek de voedingsstekker pas in het stopcontact als hetproduct klaar is voor gebruik. WAARSCHUWINGInzetstukken kunnen scherp zijn en tijdens het gebruikheet worden. Draag altijd veiligheidshandschoenen, alsu met inzetgereedschap werkt. Aanwijzingen:• Voor ingebruikname moeten alle afdekkingen en vei-ligheidsvoorzieningen conform de voorschriften zijngemonteerd. Beschadigde of onleesbare stickersmoeten worden vervangen.
• Overtuig u voor het aansluiten van het product, dat degegevens op het typeplaatje overeenkomen met degegevens van het stroomnet. • Toegestane snijwielconstructies:gesegmenteerde diamantslijpschijven met maximalesleuven tussen de segmenten van 10 mm, alleen metnegatieve snijhoek. Schijfdiameter: 125 mm schijfdikte: 1,9 mm8. 1 Snijwiel (6) monteren/demonteren(afb. 1, 3)LET OPRisico op materiële schade. Bedien de spindelvergrendeling alleen bij een stilstaan-de opnamespindel.
Anders kan het elektrische gereed-schap beschadigd raken. WAARSCHUWINGZorg er altijd voor dat het inzetgereedschap correct isaangebracht. Aanwijzingen:Vervang snijwielen alleen per paar. Gebruik geen afzonderlijke reductiebussen of adapterstuk-ken om grote snijwielen met een groot gat aan te passen. Tussen twee snijwielen moet minstens één afstandsschijfworden gemonteerd. 1. Druk de spindelvergrendeling (13) in om de opname-spindel (7) te fixeren. Houd de spindelvergrendeling (13) ingedrukt. 2. Demonteer de flensmoer (8). Gebruik de bijgeleverdeflenssleutel (A). U kunt de spindelvergrendeling (13) losmaken. 3. Verwijder de snijwielen (6) en de afstandsschijven (B/C). De opnameflens (14) blijft op de opnamespindel (7)zitten. Als u de opnameflens (14) hebt verwijderd, zorg erdan voor dat deze correct wordt geplaatst. De contourvan de opnameflens (14) moet in de richting van demotor wijzen.
Wanneer u de opnameflens (14) draait,moet de opnamespindel (7) ook draaien. 4. Breng het snijwiel (6) van onderaf door de afdekkap(3) en plaats deze op de opnamespindel (7). Let op de juiste draairichting van het snijwiel. De draairichting wordt aangegeven door pijlen op hetsnijwiel (6) en door pijlen op de afdekkap (3). 5. Stel de gewenste snijbreedte in door de afstandsschij-ven (B/C) te kiezen. Schuif deze op de opnamespindel (7). 6. Schroef de flensmoer (8) op de opnamespindel (7) enzet de snijwielen (6) en de afstandsschijf (B/C) vast. 7. Druk de spindelvergrendeling (13) in om de opname-spindel (7) te fixeren. Houd de spindelvergrendeling (13) ingedrukt. 8. Draai de flensmoer (8) vast. Gebruik de bijgeleverdeflenssleutel (A). NL | 59www. scheppach. com.
8. 1. 1 Groefbreedte instellen (afb. 1, 3, 10) WAARSCHUWINGOngeacht de gewenste groefbreedte moetenalle meegeleverde afstandsschijven altijd ge-monteerd zijn. Anders kan het snijwiel tijdenshet gebruik losraken en letsel veroorzaken. De groefbreedte is het resultaat van het aantal afstands-schijven (B/C) tussen de snijwielen (6) en de snijbreedtevan de snijwielen (6). De groefbreedte wordt als volgt berekend:Groefbreedte = dikte van de afstandsschijven (B/C) +breedte van de snijwielen (6). Dikte van de afstandsschij-ven:Afstandsschijven (B) 4,70 mmAfstandsschijven (C) 6,70 mmDikte van de snijwielen:Snijwiel (6) 1,90 mmLet op de toegestane groefbreedte in de technische gege-vens (zie hoofdstuk 7). Gebruik altijd de flensmoer (8) en de opnameflens (14). U mag het product met maximaal vier snijwielen (6) ge-bruiken. 8. 2 Zaagdiepte instellen (afb. 4)1. De vergrendelhendel (2) losdraaien. 2.
Stel de snijdiepteschaal (12) op de afdekkap (3) in opde gewenste diepte. 3. Draai de vergrendelhendel (2) van de snijdiepteschaal(12) weer vast. 8. 3 stofafzuigingHet product produceert een aanzienlijke hoeveelheid stoftijdens de werkzaamheden. Draag daarom een stofmasker en sluit altijd een afzuigin-stallatie* aan om de stofbelasting te verminderen. Als het stofafzuigsysteem niet goed werkt, stop dan metwerken en verhelp de storing. * = niet altijd meegeleverd. 8. 3. 1 Montage van de stofafzuiging (afb. 5)Aanwijzingen:Schade aan de motor door een gebrek aan afzuiging valtniet onder de garantie. De afzuiginstallatie moet goedgekeurd zijn voor de afzui-ging van steenstof. 1. Bevestig de slang van een geschikte afzuiginstallatie*(bijv. een industriële stofzuiger) rechtstreeks op de af-zuigmof (9). * = niet meegeleverd.
9 Bediening WAARSCHUWINGZorg er altijd voor dat het inzetgereedschap correct isaangebracht. VOORZICHTIGHoud uw handen uit de buurt van het inzetgereed-schap, wanneer het product in bedrijf is. • Houd het product tijdens het werk altijd goed vastmet beide handen.
Zorg voor een veilige stand. • Let op dat overige personen zich op een veilige af-stand bevinden ten opzichte van uw werkomge-ving. Een ieder die de werkomgeving betreedt,moet een persoonlijke beschermingsuitrustingdragen. Fragmenten van het werkstuk of gebroken in-zetstukken kunnen wegvliegen en verwondingen ver-oorzaken, ook buiten het directe werkbereik. Opmerking:Sleuven in dragende muren zijn onderhevig aan de DIN1053 Deel 1 norm of landspecifieke voorschriften. Dezevoorschriften moeten worden nageleefd. Raadpleeg deverantwoordelijke bouwkundige, architect of verantwoor-delijke bouwchef voordat u met de werkzaamheden be-gint. 9. 1 Product in-/uitschakelen (afb. 6)Inschakelen1. Grijp de achterste handgreep (1) vast. 2. Druk de inschakelvergrendeling (11) met de wijsvingerin en houd deze ingedrukt. 3. Druk op de aan/uit-knop (10) en houd deze ook inge-drukt. 4. Het product start.
Wacht na het inschakelen tot het product het maximumtoerental heeft bereikt. Pas daarna begint u aan de werk-zaamheden gaan. Zodra het product is opgestart, kunt u de inschakelver-grendeling weer loslaten. Uitschakelen1. Om uit te schakelen, maakt u de aan/uit-schakelaar(10) en de inschakelvergrendeling (11) los. VOORZICHTIGNa het uitschakelen loopt het product na. Wacht tot hetproduct volledig tot stilstand is gekomen. 9. 2 TestrunVoer voorafgaande aan de eerste werkzaamheden en naelke wisseling van het inzetstuk een onbelaste testrun uit. Schakel het product onmiddellijk uit als het inzetstuk on-gelijk loopt, als er aanzienlijke trillingen zijn of als u abnor-male geluiden hoort. 9. 3 OverbelastingsbeveiligingBij overbelasting van het product schakelt het vanzelf uit. Na een afkoeltijd (variërend in tijd) kan het product weerworden ingeschakeld. 60 | NL www. scheppach. com.
10 WerkinstructiesLET OPGebruik een leidingdetector om wanden en murente controleren op verborgen elektriciteits-, gas- enwaterleidingen voordat u met het product gaat wer-ken. Gebogen sneden zijn niet mogelijk, anders zal het snijwielin het werkstuk vastlopen. Bescherm het snijwiel tegen stoten, schokken en vet. Oefen geen zijdelingse druk uit op het snijwiel. Oefen geen zijdelingse druk uit om te voorkomen dat hetsnijwiel wegloopt. 10. 1 Werken met de muurgroeffrees(afb. 7-9)Aanwijzingen:• Houd het product tijdens het werk altijd goed vastmet beide handen. Zorg voor een veilige stand. • Groeven met een grotere diepte in hard materiaal(bijv. beton) kunnen niet in één keer worden doorge-zaagd. • Bij het zagen van bijzonder hard materiaal, bijv. betonmet een hoog kiezelgehalte, kan het snijwiel overver-hit raken en daardoor beschadigd raken.
Dit wordtduidelijk aangegeven door een vonkenring die rondomhet snijwiel loopt. Onderbreek in dit geval het doorslijpen en laat hetsnijwiel korte tijd stationair draaien op maximale snel-heid om af te koelen. LET OPGebruik een leidingdetector om wanden en murente controleren op verborgen elektriciteits-, gas- enwaterleidingen voordat u met het product gaat wer-ken. WAARSCHUWINGProbeer nooit een roterend snijwiel uit desnede te trekken, anders kan er een terug-slag volgen. 1. Houd het product altijd bij de achterste (1) en voorstehandgreep (4) vast. 2. Terwijl het product ingeschakeld is (met roterendesnijwielen), plaatst u de voorste steunrol (5) tegen hetmetselwerk. 3. Duw de snijwielen (6) in het metselwerk totdat de in-gestelde snijdiepte is bereikt en de achterste steunrol-len (5) ook contact maken met het metselwerk. 4.
Duw het product in de voorgeschreven richting doorhet te bewerken materiaal. Let op de markeringen (draairichting van het snijwielen de looprichting van het product ) op de af-dekkap (3). Anders kan het snijwiel (6) vast komen te zitten, uithet werkstuk springen of een terugslag veroorzaken. 5.
Wanneer u klaar bent met het snijden van de groef,schakelt u het product uit en houdt u het stil totdat hetsnijwiel (6) tot stilstand is gekomen. 6. Haal het product uit de snede en leg het opzij. 7. Verwijder het restmateriaal met een stripper*. * = niet altijd meegeleverd. 10. 2 Gebruik het product met slechtséén snijwiel (6)1. Demonteer de snijwielen (6) zoals beschreven onder8. 1. 2. Laat het achterste snijwiel (6) op het product zitten enmonteer de flensmoer (8) weer zoals beschreven on-der 8. 1. Het product is nu ook geschikt om door te snijden(bijv. tegels). 11 Elektrische aansluitingDe geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aange-sloten. De aansluiting voldoet aan de relevante VDE-en DIN-voorschriften. De netaansluiting van de klanten het gebruikte verlengsnoer moeten eveneens aandeze voorschriften voldoen. 11.
1 Beschadigde elektrischeaansluitkabels aansluittype YBij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan deisolatie op. Mogelijke oorzaken zijn:• Drukpunten, als aansluitkabels door venster- of deuro-peningen worden geleid,• Knikken door een onvakkundige bevestiging of gelei-ding van het netsnoer,• Snijplekken omdat over de snoer is gereden,• Beschadigde isolatie omdat de stekker uit de wand-contactdoos is getrokken,• Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen nietworden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie isbeschadigd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig opschade. Let erop dat bij het controleren het netsnoer nietop het stroomnet is aangesloten. Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE-en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend aansl-uitkabels met dezelfde aanduiding H05VV-F.
Veiligheidsvoorschriften voor het vervangen vanbeschadigde of defecte netsnoerenAansluittype YAls het netsnoer moet worden vervangen, dan moet ditdoor de fabrikant of zijn vertegenwoordiger worden ge-daan om veiligheidsrisico's te voorkomen. 11. 2 Belangrijke aanwijzingenBij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelf uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motorweer worden ingeschakeld. NL | 61www. scheppach. com.
11. 3 WisselstroommotorAansluitingen en reparaties van de elektrische apparatuurmogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitge-voerd. • De netspanning moet 230 V – 240 V~ zijn. • Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m eendoorsnede hebben van 1,5 vierkante millimeter. 12 Transport1. Om het product te transporteren koppel het eerst losvan het stopcontact en zet het vervolgens op de be-stemde plaats. 2. Om beschadigingen en letsel te vermijden, moet hetproduct tijdens het transport in voertuigen worden be-veiligd tegen omvallen en wegglijden. 13 Reiniging en onderhoud WAARSCHUWINGLaat reparatie- en onderhoudswerkzaamhe-den, die niet in deze gebruikshandleiding be-schreven staan, uitvoeren door een gespeci-aliseerde werkplaats. Gebruik uitsluitend ori-ginele reserveonderdelen. Er bestaat gevaar voor ongevallen.
Voer on-derhouds- en reinigingswerkzaamheden altijduit bij een uitgeschakelde motor en losge-maakte voedingsstekker. Er bestaat gevaarvoor verwonding. Laat het product altijd af-koelen voordat onderhouds- of reinigings-werkzaamheden worden uitgevoerd. Elemen-ten van de motor zijn heet. Er bestaat gevaarvoor letsel en brandwonden. Het product kan onverwacht starten en kan daardoorverwondingen veroorzaken. – Schakel het product uit voordat u reinigings- en on-derhoudswerkzaamheden uitvoert. – Laat het product afkoelen. – Trek de voedingsstekker uit het stopcontact. 13. 1 Reiniging• Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleu-ven en de motorbehuizing zo stof- en vuilvrij mogelijkzijn. Wrijf het product met een schone doek* af enblaas deze met perslucht* bij lage druk uit. Wij advise-ren u, om het product direct na elk gebruik te reinigen.
• Dompel het product om te reinigen nooit onder in wa-ter of andere vloeistoffen. • Maak het product regelmatig schoon met een vochtigedoek en een beetje zachte zeep. Gebruik geen reini-gingsmiddelen of oplosmiddelen; deze kunnen dekunststofonderdelen van het product aantasten.
Zorgervoor dat er geen water in het product kan komen. • Het product moet altijd schoon, droog en vrij van olieof smeervet zijn. Verwijder alle stof na elk gebruik envoor het bewaren. 13. 2 OnderhoudHet product is onderhoudsvrij. In dit product bevinden zich geen onderdelen die door degebruiker kunnen worden gerepareerd. Neem contact opmet een gekwalificeerde specialist om het product te latencontroleren en repareren. • Controleer het product voor elk gebruik op zichtbaredefecten, zoals losse, versleten of beschadigde on-derdelen. 14 OpslagBewaar het product en de bijbehorende accessoires opeen donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontoe-gankelijke plaats. De optimale bewaartemperatuur ligt tussen 5 °C en 30 ˚C. Bewaar het product in de originele verpakking. Dek het product af om het te beschermen tegen stof ofvocht. Bewaar de gebruikshandleiding bij het product.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Scheppach MNF2250 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden