Scheppach HM305SL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Scheppach HM305SL (128 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 48 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Scheppach HM305SL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Scheppach |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | HM305SL |
Handleiding Scheppach HM305SL – volledige tekst
www.scheppach.comNL | 73 Verklaring van de symbolen op het apparaatHet gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico‘s. De vei-ligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico‘s en kunnen de juiste maatregelen betre?ende ongevallenpreventie niet vervangen.Lees voorafgaand aan de inbedrijfstelling de gebruikshandleiding en de veiligheids-voorschriften!Draag gehoorbescherming. Bescherm de luchtwegen bij stofontwikkeling!Draag een veiligheidsbril. Let op! Gevaar voor letsel! Raak het draaiende zaagblad niet aan!Let op! LaserstralingBeschermingsklasse II (dubbel geïsoleerd)m Let op!In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betre?en van dit teken voorzien.
www. scheppach. comNL | 75 1. InleidingFabrikant:Scheppach GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenGeachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. Aanwijzing:De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan-sprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:• ondeskundige behandeling,• veronachtzaming van de instructies voor de bedie-ning,• reparaties door derden, niet geautoriseerde vak-mensen,• inbouw en vervanging van niet-originele onderde-len,• niet doelmatig gebruik,• uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE0113. Let op:Lees voor de montage en voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding door.
De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelij-ker te maken, uw apparaat te leren kennen en de be-oogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten. De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwij-zingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, repa-ratiekosten uitspaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat ver-hoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze ge-bruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Bewaar de gebruiksaanwijzing bij het apparaat in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De gebru-iksaanwijzing moet door elke bediener van het appa-raat voor aanvang van het werk gelezen en zorgvuldig nageleefd worden.
Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn. De vereiste minimumleeftijd moet aangehouden worden.
Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen vei-ligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van ma-chines van hetzelfde type. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor on-gevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften. 2. Beschrijving van het toestel (afb. 1-21)1. Handgreep2. Aan/uit-schakelaar3. Blokkeerschakelaar4. Machinekop5. Beweegbare zaagbladbescherming5a. Bevestigingsschroef6. Zaagblad7. Kleminrichting7a. Stergreepschroef8. Werkstuksteun9. Vastzethendel voor werkstuksteun10. Tafelinzetstuk11. Handgreep / vastzetschroef voor draaitafel12. Aanwijzer13. Schaalverdeling14. Draaitafel15. Vaste zaagtafel16. Aanslagrail16a. Verschuifbare aanslagrail 16b. Vastzetschroef 17. Spaanopvangzak18. Hoekschaal19.
www. scheppach. com76 | NL30. Zaagasblokkering31. Binnenens32. Laser32a. Kruiskopschroef33. Aan/uit-schakelaar laser34. Geleidebeugel35. Vergrendelingshendel36. Borgbout zwenkfunctie37. Lengteaanslag38. StelschroefA. ) 90° aanslaghoek (niet bij de levering inbegrepen)B. ) 45° aanslaghoek (niet meegeleverd)C. ) Inbussleutel, 6 mm3. Meegeleverd• Afkort-, trek- en verstekzaag• 1 x kleminrichting (7)• 2 x werkstuksteun (8) (voorgemonteerd)• Spaanopvangzak (17)• Inbussleutel 6 mm (C)• Gebruikshandleiding4. Beoogd gebruikDe afkort-, trek- en verstekzaag wordt gebruikt voor het afkorten van hout en kunststof, overeenkomstig de ma-chinegrootte. De zaag is niet geschikt voor het zagen van brandhout. Waarschuwing. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het zagen van materialen die in de gebruikshandleiding zijn gespeci-ceerd. Waarschuwing.
Het meegeleverde zaagblad is uitsluitend bestemd voor het zagen van hout. Gebruik deze niet voor het zagen van brandhout. De machine mag uitsluitend voor het voorgeschreven doel worden gebruikt. Elk ander of verdergaand gebru-ik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/bedie-ner en niet de fabrikant is aansprakelijk voor ontstane schade of elke vorm van letsel. Er mogen uitsluitend voor de machine geschikte zaag-bladen worden gebruikt. Het gebruik van alle type snij-wielen is verboden. Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de gebru-ikshandleiding maken deel uit van het beoogd gebruik. Personen die de machine bedienen of die onderhoud aan de machine verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren.
Bovendien moeten de van kracht zijnde voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden nage-leefd. Andere algemene arbo-, gezondheids- en veiligheids-voorschriften moeten in acht worden genomen. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan de machine worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade.
Ondanks beoogd gebruik kunnen bepaalde restrisico-factoren niet volledig worden vermeden. Op grond van de constructie en montage van de machine kan het volgende optreden:• Aanraken van het zaagblad in het niet afgedekte zaaggebied. • In het draaiende zaagblad grijpen (snijwonden). • Terugslag van werkstukken en delen van werkstuk-ken. • Zaagbladbreuk. • Wegslingeren van slechte hardmetalen delen van het zaagblad. • Gehoorschade wanneer de vereiste gehoorbe-scherming niet wordt gedragen. • Schadelijke emissies van houtstof bij gebruik in af-gesloten ruimtes. Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd ge-bruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of indus-triële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in be-drijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemin-gen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet. 5.
VeiligheidsvoorschriftenAlgemene veiligheidsvoorschriften voor elektri-sche apparatenm WAARSCHUWING. Lees alle veiligheidsvoor-schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni-sche gegevens die bij deze elektrische machine zijn meegeleverd. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorza-ken.
www. scheppach. comNL | 77 Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij-zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip „Elektrisch gereedschap“ is van toepassing op netge-voed elektrisch gereedschap (met netsnoer) of op ac-cugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer). 1. Veiligheid op de werkplek• Houd uw werkomgeving schoon en goed ver-licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kun-nen leiden tot ongevallen. • Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeisto?en, gas of stof bevinden. Elektrisch gereedschap kan vonken veroorzaken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. • Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische gereed-schap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen. 2.
Elektrische veiligheid• De aansluitstekker van het elektrische gereed-schap moet in het stopcontact passen. De stek-ker mag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok. • Let op dat uw lichaam geen contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radiato-ren, elektrische haarden, koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. • Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elek-trische schok. • Gebruik het snoer niet om het elektrische ge-reedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken.
Houd het snoer uit de buurt van hitte, scherpe randen of bewegende delen. Beschadigde of opgewikkel-de snoeren verhogen het risico op een elektrische schok.
• Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een verlengsno-er dat ook geschikt is voor gebruik buitenshuis. De toepassing van een voor buitenshuis gebruik geschikt verlengsnoer vermindert het risico op een elektrische schok. • Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving niet kan worden ver-meden, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het ri-sico op een elektrische schok. 3. Veiligheid van personen• Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee be-zig bent en ga verstandig te werk bij werkzaam-heden met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van onachtzaamheid bij gebruik van het elektrisch gereedschap kan lei-den tot ernstig letsel.
• Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een vei-ligheidshelm of gehoorbescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepassing ervan, ver-kleint het risico op verwondingen. • Voorkom onbedoelde inbedrijfstelling. Contro-leer of het elektrisch gereedschap is uitgescha-keld voordat u het op de stroomvoorziening en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schakelaar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden. • Verwijder instelgereedschap of steeksleutels voordat u het elektrisch gereedschap inscha-kelt.
Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel van het elektrische gereed-schap bevindt, kan verwondingen veroorzaken. • Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat.
www. scheppach. com78 | NL• Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kle-ding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegre-pen door bewegende delen. • Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kunnen worden gemonteerd, moeten deze worden aan-gesloten en juist worden toegepast. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof vermin-deren. • Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in een fractie van een seconde tot ernstige ver-wondingen leiden. 4. Gebruik en behandeling van het elektrisch gereedschap• Zorg dat het elektrische gereedschap niet over-belast raakt. Gebruik voor de werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereed-schap.
Met het juiste elektrisch gereedschap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogens-bereik. • Gebruik geen elektrisch apparaat, waarvan de schakelaar defect is. Een elektrisch gereedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is ge-vaarlijk en moet gerepareerd worden. • Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver-wijder de uitneembare accu voordat u de appa-raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor-zorgsmaatregel voorkomt dat het elektrische ge-reedschap per ongeluk wordt gestart. • Bewaar ongebruikt elektrisch gereedschap bui-ten het bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk als deze door onervaren personen wor-den gebruikt.
Controleer of bewe-gende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of bescha-digd zijn, waardoor de functie van het elektri-sche gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhouden elektrische apparaten. • Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorg-vuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden klemt minder snel vast en is makkelijker te gebruiken. • Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwij-zingen. Houd daarbij rekening met de omstan-digheden waarin gewerkt wordt en de uit te voe-ren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties.
• Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en gree-poppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereed-schap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden. 5. Service• Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd deskundig personeel repa-reren met uitsluitend originele reserveonderde-len. Hiermee wordt de veiligheid van het elektrische gereedschap gewaarborgd. Veiligheidsvoorschriften voor afkort- en verstek-zagen a) Afkort- en verstekzagen zijn bedoeld voor het zagen van hout en houtachtige materialen. Ze zijn niet geschikt voor het zagen van ijzer-houdende materialen, zoals staven, stangen, bouten enz. Bewegende delen zoals de onderste beschermkap kunnen blokkeren door de schur-ende werking van het stof.
Zaagvonken veroorza-ken verbranding van de onderste beschermkap, de inlegplaat en andere kunststof onderdelen. b) Zet het werkstuk indien mogelijk vast met klemmen. Als u het werkstuk met de hand vasthoudt, moet u uw hand altijd minimaal 100 mm verwijderd houden van elke zijde van het zaagblad.
www. scheppach. comNL | 79 i) Zaag altijd maar één werkstuk tegelijk. Als er meerdere op elkaar gestapelde werkstukken wor-den gezaagd, kunnen ze niet goed vastgeklemd of vastgehouden worden, waardoor het zaagblad kan vastlopen of de werkstukken kunnen wegglijden. j) Zorg ervoor dat de afkort- en verstekzaag vóór gebruik op een vlak en stevig werkop-pervlak staat. Een vlak en stevig werkoppervlak verkleint het risico op instabiliteit van de afkort- en verstekzaag. k) Plan uw werkzaamheden. Let er bij het instel-len van de zaagbladhelling of verstekhoek op dat de verstelbare aanslag correct is afge-steld en dat het werkstuk wordt ondersteund, zonder in contact te komen met het zaagblad of de beschermkap.
Simuleer, zonder werkstuk op de tafel en zonder de machine in te schakelen, een volledige zaagbeweging met het zaagblad om te controleren of er geen belemmeringen zijn en er geen gevaar is dat in de aanslag wordt ge-zaagd. l) Bij werkstukken die breder of langer zijn dan het tafelblad, moet u voor voldoende onders-teuning zorgen, bijvoorbeeld met tafelverlen-gingen of zaagbokken. Werkstukken die langer of breder zijn dan de tafel van de afkort- en ver-stekzaag, kunnen omkantelen als ze niet stevig worden ondersteund. Als een afgezaagd stuk hout of het werkstuk omkantelt, kan het de onderste be-schermkap optillen of ongecontroleerd door het draaiende zaagblad worden weggeslingerd. m) Zet geen andere personen in als vervanging van een tafelverlenging of extra ondersteu-ning. Bij een instabiele ondersteuning van het werkstuk kan het zaagblad vastlopen.
Ook kan het werkstuk dan tijdens de zaagbeweging ver-schuiven, waardoor u of uw assistent in het draai-ende zaagblad wordt getrokken. n) Het afgezaagde deel mag niet tegen het draai-ende zaagblad worden gedrukt. Als er weinig ruimte is, bijvoorbeeld bij gebruik van lengteaans-lagen, kan het afgezaagde deel in het zaagblad vastklemmen en met geweld worden weggeslin-gerd.
o) Gebruik altijd een klem of een geschikte voor-ziening om ronde voorwerpen zoals staven of buizen naar behoren te ondersteunen. Staven hebben de neiging om weg te rollen tijdens het zagen, waardoor het zaagblad zich vastgrijpt en het werkstuk met uw hand in het zaagblad kan worden getrokken. c) Het werkstuk mag niet kunnen worden bewo-gen en moet worden vastgeklemd of tegen de aanslag en de tafel worden aangedrukt. Duw het werkstuk niet in het zaagblad en zaag het nooit uit de vrije hand. Losse en bewegende werkstukken kunnen met hoge snelheid worden weggeslingerd en letsel veroorzaken. d) Beweeg de zaag door het werkstuk. Voorkom dat u de zaag door het werkstuk trekt. Om een zaagsnede te maken, moet u eerst de zaagkop omhoog bewegen en zonder te zagen over het werkstuk trekken. Schakel vervolgens de motor in, zwenk de zaagkop naar beneden en duw de zaag door het werkstuk.
Bij een trek-kende zaagbeweging bestaat het risico dat het zaagblad bij het werkstuk omhoog komt en de gebruiker hard door de zaagbladeenheid wordt geraakt. e) Kom nooit met uw hand voorbij de beoogde zaaglijn, noch voor noch achter het zaagblad. Het is erg gevaarlijk om het werkstuk met gekru-iste handen te ondersteunen door het werkstuk met uw linkerhand rechts van het zaagblad vast te houden, of omgekeerd. f) Kom niet met uw hand achter de aanslag als het zaagblad draait. Overschrijd nooit de vei-ligheidsafstand van 100 mm tussen uw hand en het draaiende zaagblad (dit geldt voor beide zijden van het zaagblad, bijv. om hou-tresten te verwijderen). U hebt wellicht niet in de gaten dat uw hand zich dicht bij het draaiende zaagblad bevindt, wat ernstig letsel tot gevolg kan hebben. g) Controleer het werkstuk vóór het zagen.
Als het werkstuk gebogen of kromgetrokken is, moet u het met de naar buiten gekromde zij-de op de aanslag vastklemmen. Zorg er altijd voor dat er langs de zaaglijn geen spleet is tussen het werkstuk, de aanslag en de tafel.
Gebogen of kromgetrokken werkstukken kunnen verdraaien of verschuiven, waardoor het draai-ende zaagblad tijdens het zagen kan vastlopen. In het werkstuk mogen geen spijkers of andere vreemde objecten zitten. h) Gebruik de zaag pas als er geen gereed-schappen, houtresten en dergelijke meer op de tafel liggen; alleen het werkstuk mag op de tafel liggen. Klein afvalresten, losse stukken hout en andere voorwerpen die met het draaien-de zaagblad in contact komen, kunnen met hoge snelheid worden weggeslingerd.
www. scheppach. com80 | NL8. Gebruik alleen zaagbladen waarvan het maxi-maal toegestane toerental niet lager is dan het maximale spiltoerental van de afkort-, trek- en verstekzaag en die geschikt zijn voor het te be-werken materiaal. 9. Let op de draairichting van het zaagblad. 10. Gebruik zaagbladen alleen dan, als u ook weet hoe u ermee om moet gaan. 11. Houd rekening met het maximale toerental. Het maximale toerental dat op het zaagblad staat vermeld, mag niet worden overschreden. Houd u, indien aangegeven, aan het toerentalbereik. 12. De klemoppervlakken moeten van vuil, vet, olie en water worden ontdaan. 13. Gebruik geen losse pasringen of -bussen om de boring van zaagbladen te verkleinen. 14. Zorg ervoor dat de bevestigde pasringen voor de borging van het zaagblad dezelfde diameter heb-ben en dat ze minimaal 1/3 van de snijdiameter hebben. 15.
Zorg, dat bevestigde pasringen evenwijdig staan aan elkaar. 16. Wees voorzichtig bij het hanteren van de zaagbla-den. Bewaar ze liefst in de originele verpakking of in speciale houders. Draag veiligheidshand-schoenen om de grip te vergroten en de kans op persoonlijk letsel nog verder terug te dringen. 17. Controleer voordat u zaagbladen gebruikt, of de veiligheidsvoorzieningen correct zijn bevestigd. 18. Controleer vóór gebruik of het toegepaste zaag-blad aan de technische eisen van deze afkort-, trek- en verstekzaag voldoet en of het op de juiste wijze bevestigd is. 19. Gebruik het meegeleverde zaagblad alleen voor het zagen van hout en nooit voor het bewerken van metalen. 20. Gebruik alleen een zaagblad met een diameter die op de zaag staat aangegeven. 21. Gebruik extra werkstuksteunen als dit nodig is voor de stabiliteit van het werkstuk. 22.
Gebruik hiervoor de juiste zaagbladen. Vervang beschadigde of versleten zaagbladen tijdig. p) Laat het zaagblad op volle snelheid komen voordat u het in het werkstuk zaagt. Dit ver-kleint het risico dat het werkstuk wordt wegges-lingerd. q) Als het werkstuk wordt vastgeklemd of het zaagblad vastloopt, moet u de afkort- en verstekzaag uitschakelen. Wacht tot alle be-wegende delen tot stilstand zijn gekomen, trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu. Verwijder vervolgens het vastgeklemde materiaal. Als u bij een dergelijk blokkering doorgaat met zagen, kunt u de con-trole verliezen of kan de afkort- en verstekzaag beschadigd raken. r) Als de zaagsnede is voltooid, laat u de scha-kelaar los, houdt u de zaagkop omlaag en wacht u tot het zaagblad is gestopt voordat u het afgezaagde deel verwijdert.
Het is erg gevaarlijk om met uw hand in de buurt van het uitlopende zaagblad te komen. s) Houd de handgreep stevig vast als u een onvolledige zaagsnede uitvoert of als u de schakelaar loslaat voordat de zaagkop de on-derste positie heeft bereikt. Door de remwerk-ing van de zaag kan de zaagkop abrupt omlaag worden getrokken, wat tot verwonding kan leiden. Veiligheidsvoorschriften voor de behandeling van zaagbladen1. Gebruik geen beschadigde of vervormde zaag-bladen. 2. Gebruik geen zaagbladen met barsten of scheu-ren. Gooi zaagbladen met barsten weg. Repara-tie is niet toegestaan. 3. Gebruik geen zaagbladen die van sneldraaistaal zijn vervaardigd. 4. Controleer de staat van de zaagbladen voordat u de afkort-, trek- en verstekzaag gebruikt. 5. Gebruik uitsluitend zaagbladen die geschikt zijn voor het te zagen materiaal. 6. Gebruik uitsluitend de door de fabrikant aanbevo-len zaagbladen.
www. scheppach. comNL | 81 • Voorkom onnodige belasting van de machine: als bij het zagen teveel druk wordt uitgeoefend, zal het zaagblad snel beschadigen, wat leidt tot geringere prestaties van de machine bij de verwerking en min-der nauwkeurige zaagsnedes. • Gebruik altijd klemmen wanneer u kunststof moet zagen: de te zagen delen moeten altijd met klem-men worden vastgezet. • Voorkom dat u de machine onbedoeld inschakelt: als u de stekker in het stopcontact steekt, mag de startknop niet worden ingedrukt. • Gebruik gereedschap dat in deze handleiding wordt aanbevolen. U verkrijgt dan optimale prestaties met uw machine. • Houd uw handen buiten de werkomgeving, wanneer de machine in bedrijf is. • Voordat u instel- of onderhoudswerkzaamheden uit-voert, laat u de startknop los en trekt u de stekker uit het stopcontact. Waarschuwing.
Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagne-tisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ern-stig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fab-rikant van het medische implantaat te raadplegen voor-dat het elektrische apparaat wordt gebruikt. 6. Technische gegevensWisselstroommotor 220 - 240 V~ 50 HzVermogen S1* 2000 WattStationair toerental n05000 min-1Hardmetalen zaagblad ø 305 x ø 30 x 2,8 mmAantal tanden 48maximale tandbreedte van het zaagblad 3 mmdraaibereik -50° / 0°/ +50°versteksnede 0° tot 48° naar linksZaagbreedte bij 90° 340 x 105 mmZaagbreedte bij 45° 240 x 105 mmZaagbreedte bij 2 x 45° (Dubbele versteksnede) 240 x 60 mmStop de machine als het zaagblad oververhit raakt.
Laat het zaagblad afkoelen voordat u ver-der werkt met het apparaat. Let op:LaserstralingNiet in de laserstraal kijkenLaserklasse 2Bescherm uzelf en uw omgeving door het nemen van de juiste voorzorgsmaatregelen ten behoeve van ongevallenpreventie.
• Niet direct in de laserstraal kijken zonder oogbe-scherming. • Nooit direct in de straalbundel kijken. • Richt de laserstraal nooit op reecterende opperv-lakken en personen of dieren. Ook een laserstraal met een laag vermogen kan oogletsel veroorzaken. • Let op. Als andere dan de hier aangegeven handels-wijzen worden toegepast, kan dit tot een gevaarlijke stralingsexplosie leiden. • Lasermodule nooit openen. Dit kan tot onverwachte blootstelling aan straling leiden. • De laser mag niet door laser van een ander type worden vervangen. • Reparaties aan de laser mogen uitsluitend door de fabrikant van de laser of een bevoegde dealer wor-den uitgevoerd. Restrisico‘sHet elektrisch apparaat is vervaardigd volgens de stand van de techniek en de erkende veiligheids-technische regels. Toch kan tijdens de werkzaam-heden sprake zijn van enkele restrisico‘s.
• Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elek-triciteit bij gebruik van onjuiste snoeren. • Daarnaast kan er, ondanks alle voorzorgsmaatrege-len, sprake zijn van niet-zichtbare restrisico‘s. • De restrisico‘s kunnen tot een minimum worden be-perkt wanneer aan de „Veiligheidsmaatregelen“ en het „Gebruik volgens bestemming“ wordt voldaan en de gebruiksaanwijzing in zijn geheel wordt op-gevolgd.
www. scheppach. com82 | NL7. Voor de ingebruikname• Open de verpakking en haal het apparaat er voor-zichtig uit. • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver-pakkings- en transportbeveiligingen (indien voor-handen). • Controleer of de inhoud van de levering volledig is. • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans-portschade. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver-strijken van de garantietijd. LET OPHet apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen. Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkings-gevaar. • De machine moet stabiel staan. Bevestig ze hier-voor op een werkbank, het onderstel of iets derge-lijks. Zet 4 bouten (niet bij de levering inbegrepen) in de gaten in de vaste zaagtafel (15) Haal de schroe-ven goed aan.
• Stel de stelschroef (38) af op het niveau van de tafelplaat om te voorkomen dat de machine gaat wiebelen. • Voor ingebruikname moeten alle afdekkingen en veiligheidsvoorzieningen conform de voorschriften zijn gemonteerd. • Het zaagblad moet vrij kunnen draaien. • Let bij al bewerkt hout op vreemde voorwerpen, zo-als bijv. spijkers of schroeven enz. • Controleer, voordat u op de aan/uit-schakelaar drukt, of het zaagblad correct gemonteerd is en of de bewegende delen soepel lopen. • Overtuig u voor het aansluiten van de machine, dat de gegevens op het typeplaatje overeenkomen met de netwerkgegevens. 7. 1 Veiligheidsvoorziening beweegbare zaagblad-bescherming (5) reinigenDe zaagbladbescherming biedt bescherming tegen onbedoeld contact met het zaagblad en tegen rond-vliegende spanen.
Werking controleren Klap hiervoor de zaag naar beneden:• De zaagbladbescherming moet het zaagblad bij het omlaag zwenken vrijgeven zonder andere delen aan te raken. Zaaghoogte/zaagbreedte (kapsnede) 180 mm / 20 mmBeschermingsklasse II / Gewicht ca.
20,9 kgLaserklasse 2Aslengte laser 650 nmVermogen laser < 1 mW*Bedrijfsmodus S1:Continubedrijf bij constante belast-ingHet werkstuk moet minimaal een hoogte van 3 mm en een breedte van 10 mm hebben. Zorg ervoor dat het werkstuk altijd met de klemin-richting is geborgd. GeluidDe geluidswaarden zijn overeenkomstig EN 62841 be-paald. Geluidsdrukniveau LpA96 dB(A)Onzekerheid KpA3 dBGeluidsvermogensniveau LWA109 dB(A)Onzekerheid KWA3 dBDraag gehoorbescherming. Het e?ect van lawaai kan gehoorverlies zijn. De opgegeven geluidsemissiewaarden zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kunnen worden gebruikt om elektrische apparaten met elkaar te ver-gelijken. De aangegeven geluidsemissiewaarden kunnen ook worden gebruikt als eerste indicatie van de belasting. Waarschuwing:• De geluidsemissies kunnen van de opgegeven waarde afwijken wanneer de machine daadwerk-elijk wordt gebruikt.
Dit is afhankelijk van de wijze waarop het elektrisch apparaat wordt gebruikt en de aard van het werkstuk dat wordt bewerkt. • Probeer om de belasting zo gering mogelijk te hou-den. Zo kan bijvoorbeeld de werktijd worden be-perkt. Hierbij moeten alle aspecten van de bedrijfsc-yclus in aanmerking worden genomen (zoals de tijd dat de machine uitgeschakeld is en de tijd dat deze ingeschakeld is, maar onbelast draait).
www. scheppach. comNL | 83 • Gebruik voor het afzuigen van met name sto?en die gevaarlijk zijn voor de gezondheid of kankerverwek-kend kunnen zijn, een speciale afzuiginrichting. 8. 3 Fijnafstelling van de aanslag voor afkortsnede 90° (afb. 1/2/5/6)Benodigd gereedschap: - Inbussleutel 6 mm• Aanslaghoek niet bij de levering inbegrepen. • De machinekop (4) naar beneden laten zakken en met de borgpen (23) vastzetten. • Draai vastzetschroef (22) los. • De aanslaghoek (A) tussen zaagblad (6) en draai-tafel (14) plaatsen. • De stelschroef (26) zover verstellen, tot de hoek tussen zaagblad (6) en draaitafel (14) 90° bedraagt. • Controleer ten slotte de positie van de hoekweerga-ve. Indien nodig, de aanwijzer(19) met een kruiskop-schroevendraaier losdraaien, op de 0°-positie van de schaalverdeling (18) zetten en de borgschroef weer vastdraaien. 8.
4 Fijnafstelling van de aanslag voor versteksne-de 45° (afb. 1/2/5/9/10)Benodigd gereedschap: - Inbussleutel 5 mm (niet bij de levering inbegrepen) - Steeksleutel SW10 (niet bij de levering inbegrepen)• Aanslaghoek niet bij de levering inbegrepen. • De machinekop (4) naar beneden laten zakken en met de borgpen (23) vastzetten. • Zet de draaitafel (14) vast op de 0°-stand. Let op. De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor ver-steksneden (schuin staande zaagkop) in de buitens-te positie gexeerd worden. • Open de vastzetschroef (16b) van de verschuifbare aanslagrails (16a) en schuif de verschuifbare aans-lagrails (16a) naar buiten. • De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten zover worden vastgezet, dat de afstand tussen de aans-lagrails (16a) en het zaagblad (6) minste 8 mm be-draagt. • De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zich in de binnenste positie bevinden.
• Als de zaag naar de uitgangspositie omhoog wordt geklapt, moet de zaagbladbescherming automa-tisch het zaagblad afdekken. 8. Montage8. 1 Afkort-, trek- en verstekzaag monteren (afb. 1/2/4)• Om de draaitafel (14) te verstellen, moet u de hand-greep (11) ongeveer 2 slagen losdraaien en de ver-grendelingshendel (35) naar beneden drukken. • Verdraai de draaitafel (14) en aanwijzer (12) naar de gewenste hoek van de schaalverdeling (13) en zet ze vast met de handgreep (11). • Druk de machinekop (4) iets omlaag. Door de borg-bout (23) uit de motorbeugel te trekken, wordt de zaag uit de onderste stand ontgrendeld. • Borgbout (23) indrukken om deze in de ontgrendelde stand te xeren. • Zwenk de machinekop (4) omhoog. • De kleminrichting (7) kan op bijde zijden aan de vaste zaagtafel (15) bevestigd worden.
Steek de kle-minrichting (7) in de hiervoor bedoelde boorgaten aan de achterkant van de aanslagrail (16) en borg deze met behulp van de schroeven met stergreep (7a). Voor versteksnedes van 0° tot 48° moet de kle-minrichting (7) slechts aan de andere kant van de zaagkop worden gemonteerd. • De machinekop (4) kan door de borgschroef (22) los te draaien, naar links en naar rechts tot max. 50° schuin geplaatst worden. Trek hiervoor de borgbout zwenkfunctie (36) eruit en zwenk de machinekop. • De werkstuksteunen (8) moeten tijdens de werk-zaamheden altijd bevestigd en gebruikt worden. Stel het gewenste tafelformaat in door de vergren-delhendel (9) open te draaien. Trek daarna de ver-grendelhendel (9) weer vast. 8. 2 Spaanopvangzak (afb. 1/21)De zaag is uitgerust met een spaanopvangzak (17) voor spaanders. Bevestig de spaanopvangzak (17) aan de uitlaatope-ning in het motorgedeelte.
De spaanopvangzak (17) kan met de ritssluiting aan de onderzijde worden geleegd. 8. 2. 1 Aansluiting op een externe stofafzuiging• Sluit de afzuigslang aan op de stofafzuiging. • De stofafzuiging moet geschikt zijn voor het te ver-werken materiaal.
www. scheppach. com84 | NL• Klap de lengteaanslag (37) omhoog. • Open de vergrendelhendel voor de werkstuksteun (9). • Trek de werkstuksteun (8) er uit. • Stel de gewenste afstand tussen het zaagblad en de lengteaanslag (37) in. • Draai vergrendelhendel voor de werkstuksteun (9) weer vast. • Voer de snedes uit zoals onder 9. 4 t/m 9. 7 beschre-ven. 9. 4 Afkortsnede 90° en draaitafel 0° (afb. 1/2/7)Bij zaagsnedes tot ca. 90 mm kan de trekfunctie van de zaag met de borgschroef (20) in de achterste posi-tie gexeerd worden. In deze positie kan de machine voor afkorten worden gebruikt. Mocht de zaagbreedte boven 90 mm liggen, moet erop gelet worden, dat de vastzetschroef (20) los is en de machinekop (4) be-weegbaar is. Let op. De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten voor af-kortbewerkingen van 90° op de binnenste positie wor-den vastgezet.
• Open de vastzetschroeven (16b) van de verschuif-bare aanslagrails (16a) en schuif de verschuifbare aanslagrails (16a) naar binnen. • De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten dusda-nig worden geborgd dat de afstand tussen de aans-lagrails (16a) en het zaagblad (6) maximaal 8 mm is. • Controleer vóór de zaagsnede of de aanslagrails (16a) en het zaagblad (6) niet met elkaar in botsing kunnen komen. • Draai de vastzetschroeven (16b) weer vast. • De machinekop (4) in de bovenste positie brengen. • Machinekop (4) op de handgreep (1) naar achteren schuiven en evt. in deze positie xeren (afhankelijk van de zaagbreedte). • Leg het te zagen hout tegen de aanslagrail (16) en op de draaitafel (14). • Het materiaal met de spaninrichtingen (7) op de vaststaande zaagtafel (15) vastzetten, om verschui-ven tijdens het zagen te voorkomen.
• Bij gexeerde trekgeleiding (21):Machinekop (4) met de handgreep (1) gelijkmatig en met lichte druk omlaag bewegen, tot het zaagblad (6) het werkstuk heeft doorgezaagd. • De borgschroef (22) losdraaien en met de hand-greep (1) de machinekop (4) naar links, schuin plaat-sen op 45°. • De 45°-aanslaghoek (B) tussen zaagblad (6) en dra-aitafel (14) plaatsen. • Maak de contramoer (27a) los en verstel de stel-schroef (27) tot de hoek tussen zaagblad (6) en dra-aitafel (14) precies 45° bedraagt. • Draai de contramoer (27a) weer vast. • Controleer ten slotte de positie van de hoekweerga-ve. Indien nodig, de aanwijzer(19) met een kruiskop-schroevendraaier losdraaien, op de 45°-positie van de schaalverdeling (18) zetten en de borgschroef weer vastdraaien. • Herhaal dit proces om de 45°-positie aan de rechter-kant in te stellen. 9. Bediening9. 1 Bedrijf laser (afb.
18)• Inschakelen:Druk 1x op de aan/uit-schakelaar laser (33). Op het te bewerken werkstuk wordt een la-serlijn geprojecteerd die precies de plaats van de zaagsnede aangeeft. • Uitschakelen:Druk nogmaals op de aan/uit-schake-laar laser (33). 9. 2 Zaagdieptebegrenzing (groeven zagen) (afb. 3/13)m WAARSCHUWINGGevaar voor terugslag. Bij het aanbrengen van groeven is het zeer belangrijk dat er geen zijde-lingse druk op het zaagblad wordt uitgeoefend. De zaagkop kan anders plotseling omhoog slaan. Gebruik bij het aanbrengen van groeven een kle-minrichting. Vermijd zijdelingse druk op de zaag-kop. • Middels de schroef (24) kan de zaagdiepte traploos ingesteld worden. Hiertoe moet de kartelmoer op de schroef (24a) worden losgemaakt. De gewenste zaagdiepte door het indraaien of uitdraaien van de schroef (24) instellen. Aansluitend kartelmoer (24a) weer op de schroef (24) vastmaken.
www. scheppach. comNL | 85 9. 6 Versteksnede 0°- 48° en draaitafel 0° (afb. 1/2/11)Met de afkort-, trek- en verstekzaag kunnen versteks-neden naar links van 0°- 48° ten opzichte van het werk-oppervlak worden uitgevoerd. Let op. De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor versteks-neden (schuin staande zaagkop) in de buitenste positie gexeerd worden. • Open de vastzetschroef (16b) van de verschuifbare aanslagrails (16a) en schuif de verschuifbare aans-lagrails (16a) naar buiten. • De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten zover worden vastgezet, dat de afstand tussen de aans-lagrails (16a) en het zaagblad (6) minste 8 mm be-draagt. • De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zich in de binnenste positie bevinden. • Controleer vóór de zaagsnede of de aanslagrails (16a) en het zaagblad (6) niet met elkaar in botsing kunnen komen. • Draai de vastzetschroef (16b) weer vast.
• De machinekop (4) in de bovenste stand brengen. • Zet de draaitafel (14) vast op de 0°-stand. • De borgschroef (22) losdraaien. Met de handgreep (1) de machinekop (4) naar links kantelen tot de aan-wijzer (19) de gewenste hoek op de schaalverdeling (18) aanwijst. • De borgschroef (22) weer vastdraaien. • De bewerking uitvoeren als onder punt 9. 4 beschre-ven. 9. 7 Versteksnede 0°- 48° en draaitafel 0°- 50° (afb. 1/2/4/12)Met de afkort-, trek- en verstekzaag kunnen versteks-neden naar links van 0°- 48° ten opzichte van het werk-oppervlak en tegelijk van 0°- 50° ten opzichte van de aanslagrail worden uitgevoerd (dubbele versteksnede). Let op. De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor versteks-neden (schuin staande zaagkop) in de buitenste positie gexeerd worden.
• Bij niet-gexeerde trekgeleiding (21):Machinekop (4) volledig naar voren trekken. De handgreep (1) gelijkmatig en met lichte druk volledig omlaag bren-gen. Nu de machinekop (4) langzaam en gelijkmatig volledig naar achteren schuiven tot het zaagblad (6) het werkstuk volledig heeft doorgezaagd. • Na het zaagwerk de machinekop weer in de bovens-te rustpositie brengen en de in,- uitschakelaar (2) loslaten. Let op. Door de terughaalveer slaat de machine automatisch naar boven. De handgreep (1) na de zaagbewerking niet loslaten, maar de machinekop langzaam en onder lichte tegendruk naar boven be-wegen. 9. 5 Afkortsnede 90° en draaitafel 0°- 50° (afb. 1/7/8)Met de afkort-, trek- en verstekzaag kunnen schuine zaagsneden naar links en rechts van 0°- 50° worden uitgevoerd. Let op.
De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten voor af-kortbewerkingen van 90° op de binnenste positie wor-den vastgezet. • Open de vastzetschroef (16b) van de verschuifbare aanslagrails (16a) en schuif de verschuifbare aans-lagrails (16a) naar binnen. • De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten zover worden vastgezet, dat de afstand tussen de aans-lagrails (16a) en het zaagblad (6) minste 8 mm be-draagt. • Controleer vóór de zaagsnede of de aanslagrails (16a) en het zaagblad (6) niet met elkaar in botsing kunnen komen. • Draai de vastzetschroef (16b) weer vast. • Om de draaitafel (14) te verstellen, moet u de hand-greep (11) ongeveer 2 slagen losdraaien en de ver-grendelingshendel (35) naar beneden drukken. • Zet de draaitafel (14) in de gewenste hoek met be-hulp van de handgreep (11).
www. scheppach. com86 | NL1. Draai de schroeven op het tafelinzetstuk los. Ver-draai zo nodig de draaitafel en kantel de zaagkop om bij de schroeven te kunnen komen. 2. Verwijder het tafelinzetstuk. 3. Plaats een nieuw tafelinzetstuk. 4. Draai de schroeven op het tafelinzetstuk vast. 10. 4 Inspectie van de koolborstelsControleer de koolborstels bij een nieuwe machine na de eerste 50 bedrijfsuren of wanneer nieuwe koolbors-tels worden gemonteerd. Controleer na de eerste con-trole om de 10 bedrijfsuren. Wanneer de koolstof tot een lengte van 6 mm versleten is of de veer of shuntdraad verbrand of beschadigd is, moet u beide borstels vervangen. Wanneer de borstels na het demonteren als inzetbaar beschouwd worden, kunt u ze weer inbouwen. Open beide vergrendelingen linksom (zoals in afbe-elding 21 weergegeven) om onderhoud aan de kool-borstels te verrichten.
Verwijder vervolgens de kool-borstels. Plaats de koolborstels in omgekeerde volgorde terug. 10. 5 Vervangen van het zaagblad (afb. 1/2/14-17) Netstekker loskoppelen. Let op. Draag veiligheidshandschoenen bij het wisselen van het zaagblad. Gevaar voor letsel. • De machinekop (4) naar boven zwenken en met de borgbout (23) vastzetten. • Klap de zaagbladbescherming (5) zo ver omhoog dat de zaagbladbescherming (5) over de bevesti-gingsschroef (5a) zit en draai deze met een kruis-kopschroevendraaier los. WAARSCHUWING. Draai deze schroef er niet helemaal uit (afb. 14). • Klap vervolgens de zaagbladbescherming (5) om-hoog, zodat de ensschroef (28) vrij toegankelijk is en kan worden losgedraaid. • Zet met de ene hand de binnenzeskant- of inbuss-leutel (C) op de ensbout (28). • Zaagasblokkering (30) goed aandrukken en de ensbout (28) langzaam rechtsom draaien. Na max.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Scheppach HM305SL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Scheppach
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine