Scheppach HM100LU Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Scheppach HM100LU (220 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 26 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Scheppach HM100LU of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Scheppach |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | HM100LU |
Handleiding Scheppach HM100LU – volledige tekst
42 NL/BENLWaarschuwing – Handleiding lezen om het letselrisico te verminderen!NLDraag een veiligheidsbril!NLLet op! Lichamelijk gevaar! Niet in het draaiende zaagblad grijpen!0NLLet op! LaserstralingNLBescherming klasse IINLDraag een gehoorbeschermer!NLDraag een stofmasker!Verklaring van de symbolen op het toestel
Schroef voor Lasera) 90° aanslagwinkelhaak (niet bij de omvang van de le-vering begrepen)b) 45° aanslagwinkelhaak (niet bij de omvang van de le-vering begrepen)c) Veerd) Binnenzeskantsleutel, 6 mm3. Inhoud van de levering• Open de verpakking en haal het apparaat er voor-zichtig uit. • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpak-kings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden). • Controleer of de inhoud van de levering volledig is. • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans-portschade. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver-strijken van de garantietijd. 1. InleidingFABRIKANT:scheppachFabrikation von Holzbearbeitungsmaschinen GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenGEACHTE KLANT,Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat.
ADVIES:• Volgens de van toepassing zijnde wet voor product-aansprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:• Onjuist gebruik,• Niet-naleving van de gebruiksinstructies,• Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werk-lui,• Installatie en vervanging van niet-originele reserve-onderdelen,• Ongepast gebruik, falen van het elektronisch systeem ten gevolge van niet-naleving van de elektrische spe-cicaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften. Aanbevelingen:Lees de volledige handleiding voor de montage en be-sturing van het apparaat. Deze handleiding is bedoeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te ma-ken voor u en om vertrouwd te geraken met het gebruik van het apparaat.
De handleiding bevat belangrijke nota’s over hoe veilig, goed en economisch gebruik te maken van uw appa-raat, en over hoe u gevaar kan vermijden, reparatie-kosten kann besparen, downtime kan verminderen en de betrouwbaarheid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding, moet u ook voldoen aan de geldende voorschriften van uw land in verband met het gebruik van het apparaat. Plaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plastic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en bewaar ze in de nabijheid van het apparaat. De instructies moeten gelezen en nauw ge-volgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken. Enkel getrainde personen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijkegevaren en risico’s mogen het apparaat gebruiken. De vereiste minimumleeftijd moet worden voldaan.
Als aanvulling op de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding en de speciale voorschriften van uw land, moeten ook de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtverwerkende apparaten in acht genomen worden.
44 NL/BEWij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, am-bachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aanspra-kelijk indien het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. 5. Belangrijke aanwijzingenLet op. Bij gebruik van elektrische apparaten dient u de volgende fundamentele veiligheidsmaatregelen te nemen ter bescherming tegen elektrische schokken, letsel en brandgevaar. Lees alle voorschriften alvorens deze machine te gebruiken en bewaar de veiligheids-voorschriften. Veilig werken1 Hou u uw werkplaats netjes – Wanorde op uw werkplaats leidt tot gevaar voor ongelukken. 2 Hou rekening met de omgevingsinvloeden – Stel elektrisch materieel niet bloot aan de regen. – Gebruik elektrisch materieel niet in vochtige of natte omgeving.
– Zorg voor een goede verlichting. – Gebruik elektrisch materieel niet in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen. 3 Bescherm u tegen elektrische schok – Vermijd lichamelijk contact met geaarde delen, b. v. buizen, radiatoren, fornuizen, koelkasten. 4 Hou kinderen weg. – Laat geen andere personen het gereedschap of de kabel raken, hou ze weg van uw werkgebied. 5 Bewaar uw gereedschappen op een veilige plaats – Niet gebruikte gereedschappen moeten in een droge gesloten ruimte buiten bereik van kinderen worden bewaard. 6 Overbelast uw gereedschap niet – U werkt beter en veiliger in het opgegeven ver-mogensgebied. 7 Gebruik het juiste gereedschap – Gebruik geen te zwakke gereedschappen of voor-zetstukken voor zwaar werk. – Gebruik gereedschappen niet voor doeleinden en werkzaamheden waarvoor ze niet bedoeld zijn; ge-bruik b. v.
geen handcirkelzaag om bomen te vellen of takken te kappen. – Gebruik de machine niet om brandhout mee te zagen. 8 Draag de gepaste werkkledij – Draag geen wijde kleding of sieraden. Ze kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
– Bij het werken in open lucht draagt u best rubber-handschoenen en slipvast schoeisel. – Draag bij lang haar een haarbescherming. 9 Maak gebruik van de beschermende uitrusting – Draag een veiligheidsbril. – Gebruik een stofmasker bij werkzaamheden waar-bij stof vrijkomt. LET OPHet apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed. Kinderen mogen niet metkunststof zakken, folies en kleine onderdelen spe-len. Er bestaat gevaar voor inslikken enverstikkingsgevaar. • Trek-, afkort- en verstekzaag• 1 x spaninrichting (7)• 2 x werkstukhouder (8)• Spaanopvangzak (17)• Binnenzeskantsleutel, (d)• 2 x 1,5 V AAA batterij • 2 x koolborstels• Gebruikshandleiding4. Reglementair gebruikDe trek-, afkort- en verstekzaag dient om hout`en kunst-stof af te korten overeenkomstig de grootte van de ma-chine. De zaag is niet geschikt voor het snijden van brandhout. Waarschuwing.
Het meegeleverde zaagblad is uit-sluitend bestemd voor het zagen van hout. Gebruik dit niet om kunststof mee te zagen. De machine mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waar-voor ze bedoeld is. Elk ander verder gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of letsel van welke aard dan ook is de gebruiker/bedie-ner, niet de fabrikant, aansprakelijk. Alleen de voor de machine gepaste zaagbladen mogen worden gebruikt. Het gebruik van snijschijven van welke soort dan ook is verboden. Het naleven van de veiligheidsvoorschrif-ten alsmede van de montage-instructies en aanwijzin-gen aangaande de werking vermeld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik. Personen, die de machine bedienen en onderhouden, moeten hiermee vertrouwd en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn.
Bovendien moeten de geldende voor-schriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden opgevolgd. Andere algemene regels op het gebied van de arbeidsgeneeskunde en veiligheid dienen in acht te worden genomen.
Veranderingen aan de machine sluiten een aansprakelijkheid van de fabrikant en daar-uit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks een doelmatig gebruik kunnen bepaalde resterende risico-factoren niet volledig uit de weg worden geruimd. Ten gevolge van de constructie en opbouw van de machine kunnen zich de volgende punten voordoen:• Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaag-gebied. • Grijpen in het draaiende zaagblad (snijwonden). • Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen. • Zaagbladbreuken. • Wegslingeren van defecte hardmetalen stukken van het zaagblad. • Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige gehoor-beschermer. • Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid.
45NL/BE19 Blijf steeds alert – Ga voorzichtig te werk. Gebruik uw gezond ver-stand tijdens de werkzaamheden. Gebruik de machine niet wanneer u niet geconcentreerd bent. 20 Controleer uw toestel op beschadigingen – Voordat u het gereedschap verder gebruikt dient u de veiligheidsinrichtingen of licht beschadigde onderdelen zorgvuldig op hun behoorlijke en re-glementaire werkwijze te controleren. – Controleer of de bewegelijke onderdelen naar behoren functioneren en niet klem zitten alsook of onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen moeten naar behoren gemonteerd zijn om de vei-ligheid van de machine te verzekeren. – De bewegende beschermkap mag niet in geopen-de stand worden vastgeklemd. – Beschadigde veiligheidsinrichtingen en onderde-len dienen deskundig door een erkende vakwerk-plaats te worden hersteld of vervangen tenzij in de handleidingen anders vermeld.
– Beschadigde schakelaars dienen door een klan-tendienst-werkplaats te worden vervangen. – Gebruik geen defecte of beschadigde aansluit-kabels. – Gebruik geen gereedschappen waarvan de scha-kelaar niet kan worden in- of uitgeschakeld. 21 LET OP. – Bij dubbele versteksneden is uiterste voorzichtig-heid geboden. 22 LET OP. – Bij gebruik van andere inzetstukken en andere ac-cessoires bestaat gevaar voor persoonlijk letsel. 23 Laat de machine repareren door een erkend elek-tricien – Dit elektrisch gereedschap beantwoordt aan de desbetreffende veiligheidsbepalingen. Herstellin-gen mogen enkel door een elektrovakman worden verricht, anders kunnen zich ongelukken voor de gebruiker voordoen. Aanvullende veiligheidsvoorschriften1 Veiligheidsmaatregelen – Waarschuwing. Gebruik geen beschadigde of vervormde zaagbladen. – Vervang een tafelinzetstuk als dit versleten is.
– Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen zaagbladen die voldoen aan EN 847-1. – Let erop dat u een zaagblad kiest dat geschikt is voor het te zagen materiaal. – Draag geschikte persoonlijke beschermingsmid-delen.
Hieronder wordt verstaan: – Gehoorbescherming om het risico op gehoor-beschadiging te beperken. – Bescherming van de ademhalingswegen om het risico op inademing van gevaarlijk stof te verminderen. – Draag handschoenen bij het hanteren van zaagbladen en onbewerkte materialen. Ver-voer zaagbladen, indien mogelijk, in een hou-der. 10 Sluit de stofafzuiginrichting aan – Indien inrichtingen voor het aansluiten van stofaf-zuiginrichtingen voorhanden zijn overtuig u er zich van dat deze aangesloten zijn en gebruikt worden. – Gebruik in afgesloten ruimtes is alleen toegestaan met een geschikt afzuigsysteem. 11 Onttrek de kabel niet aan zijn eigenlijke bestemming – Draag het gereedschap niet aan de kabel en ge-bruik de kabel niet om de stekker uit het stopcon-tact te trekken. Bescherm de kabel tegen hitte, olie en scherpe kanten.
12 Beveilig het werkstuk – Gebruik spaninrichtingen of een bankschroef teneinde het werkstuk vast te zetten. Het wordt zodoende veiliger vastgehouden dan met uw hand en maakt het mogelijk de machine met de beide handen te bedienen. – Voor lange werkstukken is extra ondersteuning (tafel, blokken enz. ) vereist om kantelen van de machine te voorkomen. – Druk het werkstuk stevig op het werkblad en tegen de aanslag, om te voorkomen dat het werkstuk gaat wiebelen of verschuiven. 13 Vermijd een onnatuurlijk lichaamshouding – Zorg er steeds voor dat u stevig en stabiel staat. – Voorkom dat u uw handen in een onhandige stand houdt waardoor een of beide handen het zaag-blad zouden kunnen raken bij een plotselinge verschuiving. 14 Onderhoud uw gereedschap zorgvuldig – Hou uw gereedschappen scherp en schoon om goed en veilig te werken.
– Neem – de onderhoudsvoorschriften en de instructies voor het verwisselen van gereedschappen in acht. – Controleer regelmatig de stekker en de kabel en laat deze bij beschadiging door een erkende vak-man vervangen. – Controleer de verlengkabel regelmatig en vervang beschadigde kabels.
– Hou handgrepen droog en vrij van olie en vet. 15 Neem de stekker uit het stopcontact – Verwijder nooit losse houtsplinters, houtkrullen of vastzittende houtstukken als het zaagblad draait. – Als u de machine niet gebruikt, voordat u onder-houd uitvoert of gereedschappen wisselt, zoals zaagbladen, boren en frezen. 16 Laat geen gereedschapssleutels steken – Controleer of de sleutels en afstelgereedschap-pen verwijderd zijn alvorens de zaag aan te zet-ten. 17 Voorkom onbedoelde inschakeling – Controleer of de schakelaar is uitgeschakeld wan-neer u de stekker in het stopcontact steekt. 18 Gebruik een verlengsnoer voor gebruik buitenshuis – Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld. – Gebruik de snoeren alleen als de trommel is af-gerold.
46 NL/BE – Lange werkstukken moeten worden ondersteund om te voorkomen dat ze na het zagen van de tafel vallen (bijvoorbeeld met een rolstaander of rolbok). Waarschuwing. Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het ri-sico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadple-gen voordat de machine wordt gebruikt. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE BEHANDELING VAN ZAAGBLADEN1 Gebruik alleen gereedschap als u weet hoe u ermee om moet gaan. 2 Houd rekening met het maximale toerental. Het maximale toerental dat op het gereedschap staat vermeld, mag niet worden overschreden. Houd u, indien aangegeven, aan het toerentalbereik.
3 Let op de draairichting van de motor en het zaag-blad. 4 Gebruik geen gereedschap dat barsten vertoont. Gooi het gereedschap weg als het barsten vertoont. Het is niet toegestaan om het te repareren. 5 De klemoppervlakken moeten van vuil, vet, olie en water worden ontdaan. 6 Gebruik geen losse pasringen of -bussen om de boring van cirkelzaagbladen te verkleinen. 7 Zorg ervoor dat de bevestigde pasringen voor de borging van het gereedschap dezelfde diameter hebben en dat ze minimaal 1/3 van de snijdiameter hebben. 8 Controleer of de bevestigde pasringen parallel aan elkaar lopen. 9 Wees voorzichtig bij het gebruik van de inzetstuk-ken. Bewaar ze bij voorkeur in de originele verpak-king en of in speciale houders. Draag beschermende handschoenen om de grip te vergroten en de kans op persoonlijk letsel nog verder terug te dringen.
10 Controleer voordat u de inzetstukken gebruikt of de veiligheidsvoorzieningen correct zijn aangebracht. 11 Controleer vóór gebruik of het toegepaste inzetstuk aan de technische eisen van deze machine voldoet en of het goed bevestigd is.
12 Gebruik het meegeleverde zaagblad alleen voor het zagen van hout en nooit voor het bewerken van metalen. Let op. LaserstralingNiet in de straal kijkenLaserklasse 20 – Draag een veiligheidsbril. Vonken die tijdens het werk ontstaan of vrijkomende houtsplinters, hout-krullen en stof uit het apparaat kunnen leiden tot verlies van het gezichtsvermogen. – Sluit de machine aan op een stofopvanginrich-ting wanneer u hout zaagt. De hoeveelheid stof die vrijkomt is onder andere afhankelijk van de te bewerken materiaalsoort, het belang van lokale opvang (opname of bron) en de juiste positione-ring van kappen, keerschotten en geleiders. – Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd sneldraaistaal (HSS-staal). 2 Onderhoud en instandhouding – Haal bij instel- of onderhoudswerkzaamheden altijd de stekker uit het stopcontact.
– De geluidsproductie is afhankelijk van verschil-lende factoren, zoals de kwaliteit van het zaagblad en de toestand van het zaagblad en de machine. Gebruik, indien mogelijk, zaagbladen die zijn ont-worpen voor een lagere geluidsproductie, voer regelmatig onderhoud uit aan machine en toebe-horen en verricht zo nodig herstelwerkzaamheden om de geluidsproductie te verminderen. – Meld aangetroffen fouten aan de machine, de veiligheidsvoorzieningen of opzetstukken direct aan de verantwoordelijke veiligheidsfunctionaris. 3 Veilig werken – Gebruik alleen zaagbladen waarvan het maxi-maal toegestane toerental is niet lager is dan het maximale spiltoerental van de tafelcirkelzaag en die geschikt zijn voor het te bewerken materiaal.
– Controleer of de zaag in geen enkele positie de draaitafel raakt door, nadat de stekker uit het stop-contact is gehaald, het blad met de hand in de standen 45° en 90° te draaien. Stel zo nodig de zaagkop opnieuw af. – Gebruik voor het transport van de machine al-leen de transportvoorzieningen. Gebruik nooit de veiligheidsvoorzieningen om het apparaat te hanteren of te transporteren.
– Zorg ervoor dat tijdens het transport het onderste deel van het zaagblad afgeschermd is, bijvoor-beeld door de veiligheidsvoorzieningen. – Let erop dat u alleen afstandsschijven en spilrin-gen gebruikt die geschikt zijn voor het door de fabrikant vermelde doel. – De vloer rondom de machine moet waterpas, schoon en vrij van losse deeltjes, zoals spanen en zaagresten, zijn. – De werkpositie bevindt zich altijd aan de zijkant van het zaagblad – Verwijder geen zaagresten of andere delen van het werkstuk uit de verwerkingszone zolang de machine draait en de zaageenheid zich nog niet in de rustpositie bevindt. – Zorg ervoor dat de machine, indien mogelijk, altijd op een werkbank of tafel bevestigd is.
47NL/BEVoorkom in ieder geval dat de vloeistof in aanraking komt met de ogen en de mond. Neem in dat geval onmiddellijk contact op met een arts. 18 Reinig de batterijpolen en de contactpunten in het apparaat voordat u de batterijen plaatst. 6. Technische gegevensWisselstroommotor: 230 V ~ 50HzVermogen 1800 WattBedrijfsmodus S1Nullasttoerental n04800 min-1Hardmetaalzaagblad ø 254 x ø 30 x 2,8 mmAantal tanden 60Zwenkbereik -45° / 0°/ +60°Versteksnede 0° bis 45° nach linksZaagbreedte bij 90° 305 x 75 mmZaagbreedte bij 45° 210 x 75 mmZaagbreedte bij 2 x 45° (dubbele versteksnede)210 x 45 mmBescherming klasse II Gewicht ca. 22 kgLaserklasse 2Golengte laser 650 nmVermogen laser ≤ 1 mWVoeding lasermodule 2 x 1,5 V Micro (AAA)Het werkstuk moet minimaal een hoogte van 3 mm en een breedte van 10 mm hebben. Zorg ervoor dat het werkstuk altijd met de klemin-richting is geborgd.
GeluidHet geluid van deze zaag is bepaald conform EN 61029Geluidsdrukniveau LpA86 dB(A)Onzekerheid KpA3 dBGeluidsvermogen LWA99 dB(A)Onzekerheid KWA3 dBDraag een gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn. Restrisico‘sDe machine is ontwikkeld volgens de huidige stand van de techniek en de erkende veiligheidsvoor-schriften. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn van enkele restrisico‘s. • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elek-triciteit bij gebruik van onjuiste snoeren. • Daarnaast kan er, ondanks alle voorzorgsmaatrege-len, sprake zijn van niet-zichtbare restrisico‘s. Bescherm u en uw omgeving tegen gevaar voor on-gelukken door de gepaste voorzorgsmaatregelen te nemen. • Niet met blote ogen rechtstreeks in de laserstraal kij-ken. • Nooit rechtstreeks in de stralengang kijken.
• De laserstraal nooit richten op weerkaatsende op-pervlakken, personen of dieren. Ook een laserstraal met een gering vermogen kan schade berokkenen aan het oog.
• Voorzichtig – als u anders te werk gaat dan hier be-schreven kan dit leiden tot een blootstelling aan ge-vaarlijke straling. • Lasermodule nooit openen. • Als u de afkortzaag langere tijd niet gebruikt, moet u de batterijen verwijderen. • De laser mag niet door laser van een ander type wor-den vervangen. • Reparaties aan de laser mogen uitsluitend door de fabrikant van de laser of een bevoegde dealer wor-den uitgevoerd. Veiligheidsvoorschriften voor batterijen1 Zorg er altijd voor dat de batterijen met de juiste polariteit (+ en -) worden geplaatst, zoals aange-geven op de batterij. 2 Voorkom dat de batterijen worden kortgesloten. 3 Niet-oplaadbare batterijen mag u niet opladen. 4 Voorkom dat de batterij te veel wordt ontladen. 5 Combineer geen oude en nieuwe batterijen of bat-terijen van verschillende typen of fabrikanten. Ver-vang de set batterijen gelijktijdig.
6 Verwijder lege batterijen direct uit het apparaat en voer ze op de juiste wijze af. 7 Batterijen niet verwarmen. 8 Niet rechtstreeks op batterijen solderen of lassen. 9 Batterijen niet demonteren. 10 Batterijen niet vervormen. 11 Batterijen niet in open vuur werpen. 12 Bewaar batterijen buiten het bereik van kinderen. 13 Voorkom dat kinderen zonder toezicht de batterijen kunnen vervangen. 14 Bewaar batterijen niet in de buurt van open vuur, kachels of andere warmtebronnen. Plaats de bat-terij niet in direct zonlicht en gebruik of bewaar ze niet bij warm weer in de auto. 15 Bewaar ongebruikte batterijen in hun originele ver-pakking en uit de buurt van metalen voorwerpen. Voorkom dat uitgepakte batterijen worden gemengd of bij elkaar worden gelegd. Dit kan kortsluiting van de batterij veroorzaken en beschadiging, brand-wonden of zelfs brandgevaar tot gevolg hebben.
16 Verwijder de batterijen uit het apparaat wanneer ze langere tijd niet wordt gebruikt, tenzij het gaat om noodgevallen. 17 Raak lekkende batterijen NOOIT aan zon-der adequate beschermingsuitrusting.
Indien nodig, de naald (19) met een kruiskop-schroevendraaier losdraaien, op de 0°-positie van de hoekschaal (18) zetten en de borgschroef weer vastdraaien. 8. 3 Kapsnede 90° en draaitafel 0° (g. 3/8)Bij zaagsnedes tot ca. 100 mm kan de trekfunctie van de zaag met de borgschroef (20) in de achterste posi-tie gexeerd worden. In deze positie kan de machine voor afkorten worden gebruikt. Mocht de zaagsnede boven 100 mm liggen, dan moet erop gelet worden, dat de borgschroef (20) los en de machinekop (4) be-weegbaar is. Let op. De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor 90° afkortsneden in de binnenste positie worden ge-xeerd. • Open de vergrendeling vleugelmoer (16b) van de verschuifbare aanslagrail en schuif de verschuifbare aanslagrail naar binnen.
• De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zodanig voor de binnenste positie worden gearrêteerd dat de af-stand tussen aanslagrail (16a) en zaagblad (6) maxi-maal 8 mm bedraagt. • Controleer voor het zagen dat tussen de aanslagrail (16a) en het zaagblad (6) geen botsing mogelijk is. • Vergrendeling vleugelmoer(16b) terug aanhalen. • Machinekop (4) naar de bovenste stand brengen.
• Machinekop (4) aan de handgreep (1) naar achte-ren schuiven en, indien nodig, in deze stand xeren. (naargelang de snijbreedte). • Het te snijden hout tegen de aanslagrail (16) en op de draaitafel (14) leggen. • Het materiaal op de vaststaande zaagtafel (15) vast-zetten m. b. v. de spaninrichting (7) zodat het tijdens het zagen niet kan verschuiven. • Op de ontgrendelhefboom (3) drukken teneinde de machinekop (4) vrij te zetten. • AAN / UIT-schakelaar (2) indrukken om de motor in te schakelen. • De restrisico‘s kunnen tot een minimum worden be-perkt wanneer aan de „Veiligheidsmaatregelen“ en het „Gebruik volgens bestemming“ wordt voldaan en de gebruiksaanwijzing in zijn geheel wordt opgevolgd.
• Voorkom onnodige belasting van de machine: als bij het zagen teveel druk wordt uitgeoefend, zal het zaagblad snel beschadigen, wat leidt tot geringere prestaties van de machine bij de verwerking en min-der nauwkeurige zaagsnedes. • Gebruik altijd klemmen wanneer u kunststof moet za-gen: de te zagen delen moeten altijd met klemmen worden vastgezet. • Voorkom dat u de machine onbedoeld inschakelt: als u de stekker in het stopcontact steekt, mag de start-knop niet worden ingedrukt. • Gebruik gereedschap dat in deze handleiding wordt aanbevolen. U verkrijgt dan optimale prestaties met uw afkortzaag. • Houd uw handen buiten de werkruimte, wanneer de machine in bedrijf is. • Voordat u instel- of onderhoudswerkzaamheden uit-voert, laat u de startknop los en trekt u de stekker uit het stopcontact. 7. Vóór ingebruikneming• De machine moet worden opgesteld zodat ze veilig staat, d. w. z.
ze moet op een werkbank, een universeel onderstel of iets dergelijks worden vastgeschroefd. • Vóór ingebruikneming dienen alle afdekkingen en vei-ligheidsinrichtingen naar behoren te zijn gemonteerd. • Het zaagblad moet vrij kunnen draaien. • Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen letten zoals b. v. nagels of schroeven etc.
• Voordat u de AAN-/UIT-schakelaar bedient moet het zaagblad correct gemonteerd zijn. Beweeglijke delen moeten gemakkelijk bewegen. • Vóór het aansluiten controleren of de gegevens ver-meld op het kenplaatje overeenstemmen met de ge-gevens van het stroomnet. 8. Montage en bediening8. 1 Zaag monteren (g. 1/2/3/4/5)• Om de draaitafel (14) te verstellen, Druk op CAPS LOCK (26). • De draaitafel (14) en naald (12) naar de gewenste hoek van de schaal (13)vrijlating Caps Lock (26). • Door de machinekop (4) licht naar beneden te druk-ken en gelijktijdig de borgpen (23) uit de motorbeu-gel te trekken, wordt de zaag uit de onderste stand ontgrendeld. • De machinekop (4) naar boven draaien, tot de ont-grendelingshendel (3) vastklikt. • De kleminrichting (7) kan zowel links als rechts aan de vaste zaagtafel (15) bevestigd worden.
49NL/BE• De instelling moet niet gexeerd worden, omdat de-ze door de voorspanning van de veer vastgehouden wordt. • Controleer ten slotte de positie van de hoekweer-gave. Indien nodig, de naald (19) met een kruiskop-schroevendraaier losdraaien, op de 45°-positie van de hoekschaal (18) zetten en de borgschroef weer vastdraaien. 8. 6 Versteksnede 0°tot 45° en draaitafel 0° (g. 1/2/3/12)Met de afkortzaag kunnen versteksneden naar links van 0° tot 45° ten opzichte van het werkvlak worden uitgevoerd. Let op. De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor versteksneden (schuin gezette zaagkop) in de buitenste positie worden gexeerd. • Open de vergrendeling vleugelmoer (16b) van de verschuifbare aanslagrail en schuif de verschuifbare aanslagrail naar buiten.
• De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zodanig voor de binnenste positie worden gearrêteerd dat de af-stand tussen aanslagrail (16a) en zaagblad (6) maxi-maal 8 mm bedraagt. • Controleer voor het zagen dat tussen de aanslagrail (16a) en het zaagblad (6) geen botsing mogelijk is. • Vergrendeling vleugelmoer (16b) terug aanhalen. • De machinekop (4) in de bovenste stand brengen. • De draaitafel (14) op de 0°-stand xeren. • De borgschroef (22) losdraaien en met de handgreep (1) de machinekop (4) naar links, schuin plaatsen, tot de naald (19) naar de gewenste hoek van de schaal (18) wijst. • De borgschroef (22) weer vastdraaien. • De bewerking uitvoeren als onder punt 8. 3 beschre-ven. 8. 7 Versteksnede 0°tot 45° en draaitafel 0°tot 45° (g.
2/3/4/13)Met de afkortzaag kunnen versteksneden naar links van 0° tot 45° ten opzichte van het werkvlak en meteen van 0° tot 45°naar links of van 0° tot 45° naar rechts ten op-zichte van de aanslagrail worden uitgevoerd (dubbele versteksnede). Let op. De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor versteksneden (schuin gezette zaagkop) in de buitenste positie worden gexeerd.
• Open de vergrendeling vleugelmoer (16b) van de verschuifbare aanslagrail en schuif de verschuifbare aanslagrail naar buiten. • De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zodanig voor de binnenste positie worden gearrêteerd dat de af-stand tussen aanslagrail (16a) en zaagblad (6) maxi-maal 8 mm bedraagt. • Controleer voor het zagen dat tussen de aanslagrail (16a) en het zaagblad (6) geen botsing mogelijk is. • Vergrendeling vleugelmoer (16b) terug aanhalen. • De draaitafel (14) te draaien door het vrijgeven van de vergrendelende toets (26). • Met de handgreep (11) de draaitafel (14) op de ge-wenste hoek instellen (zie daartoe ook punt 8. 4). • Bij gexeerde trekgeleiding (21): met de handgreep (1) de machinekop (4) gelijkmatig en met lichte druk omlaag bewegen tot het zaagblad (6) het werkstuk heeft doorsneden.
• Bij niet gexeerde trekgeleiding (21): Machinekop (4) helemaal naar voren trekken. Handgreep (1) gelijkma-tig en met lichte druk helemaal naar beneden duwen. • Dan de machinekop (4) traag en gelijkmatig helemaal naar achteren schuiven tot het zaagblad (6) het werk-stuk volledig heeft doorsneden. • Na het zagen de machinekop (4) terug naar zijn bo-venste ruststand brengen en AAN / UIT-schakelaar (2) loslaten. Let op. Door de terughaalveer slaat de machine van-zelf omhoog, daarom de handgreep (1) aan het einde van de zaagsnede niet loslaten, maar de machine-kop (4) langzaam en onder lichte tegendruk omhoog bewegen. 8. 4 Afkortsnede 90° en draaitafel 0°tot 45° (g. 9)Met de afkortzaag kunnen afkortsneden van 0° tot 45° naar links en van 0° tot 45° naar rechts ten opzichte van de aanslagrail worden uitgevoerd. Let op.
• De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zodanig voor de binnenste positie worden gearrêteerd dat de af-stand tussen aanslagrail (16a) en zaagblad (6) maxi-maal 8 mm bedraagt. • Controleer voor het zagen dat tussen de aanslagrail (16a) en het zaagblad (6) geen botsing mogelijk is. • Vergrendeling vleugelmoer (16b) terug aanhalen. • De borgschroef (26) losdraaien. • Met de handgreep (11) de draaitafel (14) op de ge-wenste hoek instellen. De naald (12) op de draaitafel moet met de gewenste hoek van de schaal (13) op de vaststaande zaagtafel (15) overeenkomen. • De borgschroef (26) weer vastdraaien om de draai-tafel (14) te xeren. • De bewerking uitvoeren als onder punt 8. 3 beschre-ven. 8. 5 Nauwkeurig instellen van de aanslag voor ver-steksnede 45° (g. 1/10/11)• De aanslagwinkelhaak is niet bij de levering be-grepen.
50 NL/BE• Uitschakelen: Aan/Uit-schakelaar (34) naar de stand “0” brengen. • Verwisselen van batterijen: Laser (33) uitschake-len. Deksel (36) van het batterijvak verwijderen. Bat-terijen uitnemen en vervangen door nieuwe (2 x 1,5 Volt type R03, LR 03 Micro, AAA). Bij het installeren van de batterijen op de juiste polariteit letten. Bat-terijvak (35) terug sluiten. 8. 12 Justeren van de laser (g. 21)Wanneer de laser (33) niet meer de correcte snijlijn aanduidt kan die worden bijgeregeld. Draai hiervoor de schroeven (37) los en stel de laser door zijdelingse verschuiving in zo-dat de laserstraal de snijtanden van het zaagblad (6) raakt. 8. 13 Montage van de Untergestells (Fig.
• Trekfunctie van de zaag in de achterste stand xe-ren d. m. v. de vastzetschroef voor trekgeleiding (20). • Machine aan de vaststaande zaagtafel (15) dragen. • Om de machine opnieuw op te bouwen gaat u te werk zoals beschreven onder 7. 10. Onderhoudm Onderhoud. Telkens voor het instellen, het uitvoeren van onderhoud of reparaties de stekker uit het stopcon-tact trekken.
Algemene onderhoudswerkzaamhedenVeeg van tijd tot tijd met een doek houtkrullen en stof van de machine af. Olie om de levensduur van het apparaat te verlengen eenmaal per maand de draaiende delen. • Vrij te geven aan de draaitafel de Caps Lock-toets (11) op te lossen. • De borgschroef (22) losdraaien. • Met de handgreep (1) de machinekop (4) naar links buiten en op de gewenste hoek van de schaal instel-len (zie daartoe ook punt 8. 6). • De borgschroef (22) weer vastdraaien. • De bewerking uitvoeren als onder punt 8. 3 beschre-ven. 8. 8 Snijdieptebegrenzing (g. 2/14)• Met de schroef (24) kan de snijdiepte traploos worden afgesteld. Te dien einde kartelmoer op de schroef (24) losdraaien. De aanslag voor het beperken van de snijdiepte (25) naar buiten zetten. De gewenste snijdiepte instellen door de schroef (24) in of uit te draaien. Daarna de kartelmoer op de schroef (24) opnieuw aanhalen.
• Controleer de afstelling aan de hand van een proef-snede. 8. 9 Spaanopvangzak (g. 1)De zaag is voorzien van een opvangzak (17) voor spa-nen. Knijp de uiteinden van de metalen klem van de stofzak (12) samen en breng de zak aan op de uitlaat-opening bij de motor. De spaanzak (17) kan via de rits-sluiting aan de onderkant worden leeggemaakt. 8. 10 Verwisselen van zaagblad (g. 15/16/17) Netstekker uit het stopcontact trekken. Let op. Draag voor het verwisselen van het zaagblad vei-ligheidshandschoenen. Lichamelijk gevaar. • Stekker uit het stopcontact trekken. • De zaag in the bovenste positie brengen. • Door drukken op de blokkade (3) de bescherming van het zaagblad (5) losmaken. • Bescherming van het zaagblad (5) zover mes beves-tigingsschroef (29) deie in de uitsparing van de be-schermkap verschijnt.
• Het zaagblad (6) voorzichtig verwijderen (gevaar van verwonding door de tanden van de zaag). • Het nieuwe zaagblad (6) op de inner ens (32) zet-ten (letten op de grootte en de draairichtig van het zaagblad (6)). • Het buitenste ens (30) monteren en de schroef (29)vastzetten. • De bescherming van het zaagblad (5) weer in de cor-recte positie brengen. 8. 11 Bedrijf laser (g. 3/19/20)• Inschakelen: Aan/Uit-schakelaar (34) naar de stand “1” brengen. Een laserlijn wordt op het te bewerken stuk geprojecteerd die exact aanduidt langs waar het snijden dient te gebeuren.
51NL/BE• Als gebruiker moet u ervoor zorgen, indien nodig in overleg met uw energiebedrijf, dat uw aansluitpunt, waarmee u uw product gebruiken wilt, aan een van beide genoemde eisen a) of b) voldoet. Belangrijke aanwijzingenBij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelfuit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer worden ingeschakeld. Defecte elektrische aansluitkabelBij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de isolatie op. Mogelijke oorzaken zijn:• Versleten plekken, als aansluitkabels door venster- of deuropeningen worden geleid. • Knikken door een onvakkundige bevestiging of gelei-ding van de aansluitkabel. • Snijplekken omdat over de aansluitkabel is gereden. • Beschadigde isolatie omdat de stekker uit het stop-contact is getrokken. • Scheuren door veroudering van de isolatie.
Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet worden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie is beschadigd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Let erop dat bij het controleren de aansluitkabel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten. Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend aansluitkabels met de aanduiding H05VV-F. Op de aansluitkabel moet de type-aanduiding vermeld staan. Wisselstroommotor• De netspanning moet 230 VAC zijn• Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m een doorsnede hebben van 1,5 vierkante millimeter. Aansluitingen en reparaties van de elektrische uitrus-ting mogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitgevoerd.
Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:• Stroomtype van de motor• Gegevens van het typeplaatje van de machine• Gegevens van het typeplaatje van de motor13. Afvalverwijdering en recyclageHet toestel bevindt zich in een verpakking om transport-schade te voorkomen.
Deze verpakking is een grond-stof en bijgevolg herbruikbaar of kan in de grondstof-kringloop teruggebracht worden. Batterijen horen niet thuis bij het huisvuil. Gooi ze niet in het vuur of in het water. Batterijen moeten worden ingezameld, gerecy-cleerd of milieuvriendelijk verwijderd. Het toestel en zijn accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b. v. metaal en kunststof. Ontdoe u van defecte onderde-len op de inzamelplaats waar u gevaarlijke afvalstoffen mag afgeven. Informeer u in uw speciaalzaak of bij uw gemeentebestuur. De motor niet oliën. Gebruik voor de reiniging van de kunststof geen bijtende middelen. BorstelinspectieControleer de borstels van de koolborstels bij een nieu-we machine na de eerste 50 bedrijfsuren, of wanneer er nieuwe borstels gemonteerd zijn. Controleer na de eer-ste controle om de 10 bedrijfsuren.
Wanneer de kool-stof tot een lengte van 6 mm versleten is, de veer of de nevensluitingsdraad verbrand of beschadigd is, moet u beide borstels vervangen. Wanneer de borstels na het demonteren als inzetbaar beschouwd worden, kunt u ze weer inbouwen. Service-informatieU moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen. Slijtstukken*:Carbon borstel, zaagblad, batterijen, tafel pads, stof tassen, riemen, duwstok, duwbeugel* niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen. 11. OpslagSla het apparaat en de hulpstukken op een donkere, droge en vorstvrije plaats en voor kinderen ontoegan-kelijke plaats op. De optimale opslagtemperatuur ligt tussen 5 en 30˚C. Bewaar het elektrisch apparaat in de originele verpakking.
Dek het elektrisch apparaat af om het tegen stof of vocht te beschermen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het elektrische ap-paraat. 12. Elektrische aansluitingDe geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aan-gesloten.
De aansluiting voldoet aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften. De netaansluiting van de klant en het gebruikte ver-lengsnoer moeten eveneens aan deze voorschrif-ten voldoen. • Het product voldoet aan de eisen vanEN 61000-3-11 en valt onder speciale aansluitings-voorwaarden. Dat betekent, dat gebruik op een wil-lekeurig vrij te kiezen aansluitpunt niet toegestaan is. • Het apparaat kan bij ongunstige elektriciteitsnet-omstandigheden tijdelijke spanningsschommelin-gen opleveren. • Het product is uitsluitend bestemd voor gebruik op de aansluitpunten diea) een maximaal toelaatbare netimpedantie “Z” (Zmax = 0. 382 Ω) niet overschrijden, of b) een belastbaarheid voor onafgebroken stroom van het net van minstens 100 A per fase hebben.
52 NL/BE14. Verhelpen van storingenStoring Mogelijke oorzaak OplossingDe motor functioneert nietMotor, kabel of stekker defect, zekeringen doorgebrandLaat de machine door een vakman controleren. Repareer de motor nooit zelf. Gevaar! Controleer de zekeringen en vervang ze zo nodigDe motor draait lang-zaam en bereikt het bedrijfstoerental niet.Spanning te laag, wikkelingen beschadigd of condensator doorgebrandLaat de spanning controleren door de energie-maatschappij. Laat de motor controleren door een vakman.
Laat de condensator vervangen door een vakmanDe motor maakt te veel lawaaiWikkelingen beschadigd, motor defect Laat de motor controleren door een vakmanDe motor bereikt het maximale vermogen niet.Groep van stroomnet overbelast (lampen, andere motoren enz.)Gebruik geen andere apparaten of motoren op de groepMotor raakt snel over-verhit.Overbelasting van de motor, ontoereikende koeling van de motorVoorkom overbelasting van de motor tijdens het zagen, verwijder stof van de motor om een optimale koeling van de motor te garanderenVerminderde prestaties bij het zagenZaagblad te klein (te vaak geslepen) Eindaanslag van de zaageenheid opnieuw instellenZaagsnede is ruw of gegolfdZaagblad bot, tandvorm niet geschikt voor materiaaldikteZaagblad slijpen of een geschikt zaagblad plaatsenWerkstuk breekt uit of versplintertZaagdruk te hoog of zaagblad niet geschikt voor toepassingPlaats een geschikt zaagblad
Endrings- og verditapskrav og øvrige skadeerstatnings-krav er utelukkede. Garanti DKMed denna maskin följer en 24 månaders garanti. Garantin täcker endast material- och konstruktionsfel. Defekta delar ersätts utan omkostningar, men kunden står för installationen. Vår garanti täcker endast orginal-delar. Anspråk på garanti öreligger inte för: garantin täcker ej, transportskador, skador orsakade av felaktig behandling och då skötselföreskrifter inte beaktats. Vidare kan garantikrav endast ställas för maskiner som inte har reparerats av tredje partGarantie NLZichtbare gebreken moeten binnen de 8 dagen na ontvangst van de goederen worden gemeld, zo niet verliest de verkoper elke aanspraak op grond van deze gebreken. Onze machines worden geleverd met een garantie voor de duur van de wettelijke garantietermijn. Deze termijn gaat in vanaf het moment dat de koper de machine ontvangt.
De garantie vervalt echter bij verkeerd gebruik of verkeerde behandeling van de machine. Voor onderdelen die wij niet zelf produceren, geven wij enkel de garantie die wij zelf krijgen van de oorspronkelijke leverancier. De kosten voor de montage van nieuwe onderdelen vallen ten laste van de koper. Eisen tot het aanbrengen van veranderingen of het toestaan van een korting en overige schade-loosstellingsclaims zijn uitgesloten. Garantie FIHavaittavista puutteista on ilmoitettava 8 päivän kuluessa tuotteen vastaanottamisesta, muuten ostaja menettää kaikki oikeutensa näiden vikojen korjaamiseen. Tarjoamme asianmukaisesti hoidetulle koneelle takuun luovutuspäivästä alkaen niin, että vaihdamme veloituksetta takuun aikana havaittavat materiaali- tai valmistusvirheistä aiheutuvat viat joiden takia kone olisi käyttökelvoton.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Scheppach HM100LU stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Scheppach
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine