Roland P-6 Handleiding
Pagina's 152 Niet gecategoriseerd
Bekijk de handleiding van Roland P-6 gratis online of download de PDF. 8 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Roland |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | P-6 |
Handleiding Roland P-6 – volledige tekst
2InhoudBovenpaneel. 4Achterpaneel. 8Wat zijn samples. 9De samples spelen. 10Schakelen tussen samplebanken. 11De geluidskwaliteit van het afspelen van sampleswijzigen (Lo-Fi). 12De intensiteit van het Lo-Fi-effect instellen encontroleren. 13De afspeelmodus voor samples wijzigen (gate/one-shot). 14De afspeelrichting van de sample selecteren. 15Samples in een lus afspelen. 17Dezelfde sample over elkaar leggen en triggeren(polyfoon). 18De klavierknoppen gebruiken om de samples af tespelen. 19Schakelen tussen de octaven van de klavierknoppen. 20De instellingen van de samplepad herstellen. 21Sampling. 22Het invoerniveau aanpassen. 24Instellingen voor sampling. 25Gelijkmatig verdeelde samples maken (stapsampling). 27Een samplegeluid bewerken. 29Een sample kopiëren. 31Schakelen tussen samples (verwisselen). 32Een sample verwijderen. 33De granulaire sampler begrijpen.
66Een patroon kopiëren om de lengte te vergroten. 67Een sequentie kopiëren. 68De huidige patrooninstellingen herstellen naar hunoorspronkelijke status. 70De sequentiegegevens van het huidige patroonherstellen. 71De MFX-effecten gebruiken. 72Effecten op de gewenste tijd in-/uitschakelen. 73Schakelen tussen bussen voor het verzenden vangeluid. 74De instellingen voor samplepad, patroon eneffectparameters opslaan (WRITE). 75Aansluiten op een computer of mobiel apparaat. 77Aansluiten op uw computer. 78Aansluiten op een iOS-apparaat (USB Type-C®-poort). 79Een iOS-apparaat aansluiten (Lightning-aansluiting). 80Een extern MIDI-apparaat aansluiten. 82Een back-up maken van de patronen op uw computer. 83De patronen herstellen (Restore). 84Een back-up maken van samples op uw computer(Export). 85Samples laden (Import). 87De fabrieksinstellingen herstellen (Factory Reset).
4Bovenpaneel12 34561. Poorten en aansluitingenBedieningselement UitlegCHARGE-indicatorBij opladen via USB-poort:Oranje (opgelicht): wordt opgeladen.Groen (opgelicht): opladen is voltooid.Groenen oranje (knipperend): er is een oplaadfout opgetreden.Neem contact op met uw dealer of Roland-support.https://www.roland.com/support/Bij niet opladen via USB-poort:Rood (opgelicht): het resterende batterijvermogen is laag.
Laad de batterij op.De P-6 wordt binnen 30 minuten uitgeschakeld.SYNC IN-aansluiting Gebruik deze aansluiting om synchronisatiesignalen van een extern apparaat in te voeren.SYNC OUT-aansluiting Gebruik deze aansluiting om synchronisatiesignalen naar een extern apparaat uit te voeren.MIX IN-aansluiting Dit is een invoeraansluiting voor audiosignalen.Het geluid van aangesloten apparaten wordt uitgevoerd vanaf de MIX OUT-aansluiting.MIX OUT/HEADSET-aansluiting Dit is een uitvoeraansluiting voor audiosignalen.Op deze aansluiting kunt u een hoofdtelefoon aansluiten.U kunt hier ook een headset aansluiten.Als u een headset op deze aansluiting hebt aangesloten, werkt de aansluiting ook als een MIC IN-aansluiting.[VOLUME]-regelaar Regelt het volume van de audio van de MIX OUT-aansluiting.MEMO¹ Gebruik een kabel met monoministekkers om verbinding te maken met/van de SYNC (IN/OUT)-aansluitingen.
Deze aansluitingen werken nietcorrect wanneer u een kabel met stereoministekkers gebruikt.¹ Sluit geen audioapparaat aan op de SYNC OUT-aansluiting. Dit kan een defect veroorzaken.¹ Als een extern apparaat is aangesloten op de SYNC IN-aansluiting, synchroniseert het apparaat met de klokken die zijn ingevoerd naar deSYNC IN-aansluiting, ongeacht de MIDI Clock Sync-instelling.
Bovenpaneel5¹ Gebruik kabels met stereoministekkers om verbinding te maken met/van de MIX (IN/OUT)-aansluitingen. Deze aansluitingen werken nietcorrect wanneer u een kabel met monoministekkers gebruikt. ¹ Gebruik een headset met een CTIA-ministekker (4-polig) wanneer u deze aansluit op de MIX OUT/HEADSET-aansluitingen. 2. AlgemeenBedieningselement UitlegDisplayDit is een leddisplay met vier cijfers en zeven segmenten. [TEMPO/VALUE]-regelaarWijzigt de waarden die worden weergegeven op het display. [SHIFT]-knopGebruik deze in combinatie met andere bedieningselementen. [PATTERN]-knopZet het apparaat in de patroonselectiemodus. [ø]-knopSpeelt het patroon af. Druk opnieuw op de knop om het afspelen te stoppen. [ó]-knopSchakelt een patroon dat in realtime werd ingevoerd naar de opnamestand-bymodus.
In deze modus kunt u de patroonopname starten door op de [ø]-knop te drukken (Uw uitvoering in realtimeopnemen (real-time input) (p. 46)). 3. EffectenBedieningselement Uitleg[CTRL1]–[CTRL3]-regelaarsConfigureert de effecten. Raadpleeg “Effecten en effectparameters (p. 125)” voor meer informatie. [LOOPER]-knopSchakelt de DJFX Looper (p. 126) in/uit. Dit effect herhaalt het geluid in korte cycli. U kunt ook de afspeelrichting (vooruit/achteruit) en de afspeelsnelheid wijzigen voor het ingevoerde geluid. [PITCH]-knopSchakelt de Chromatic PS (p. 127) in/uit. Dit effect verandert de toonhoogte. [DELAY]-knopSchakelt de Sync Delay (p. 128) in/uit. Geeft een echo-effect gesynchroniseerd met het tempo. [FILTER]-knopSchakelt de Filter+Drive (p. 129) in/uit. Dit is een filter met overdrive. Het kapt de gespecificeerde frequenties af en voegt vervorming toe. [SCATTER]-knopSchakelt de Scatter (p.
130) in/uit. Dit effect verwisselt het geluid dat wordt afgespeeld door een lus in stappen en wijzigt de afspeelrichting engate-lengte. Dit zorgt voor een digitaal groove-gevoel bij het afspelen van de lus. [MFX]-knopSchakelt de effecten in/uit.
Bovenpaneel6Bedieningselement Uitleg[SAMPLING]-knopHiermee kunt u samplen. U kunt ook samples importeren vanaf een computer. Raadpleeg “Samples laden (Import) (p. 87)” voor meer informatie. [LO-Fi]-knopAls deze is ingeschakeld, wordt het Lo-Fi-effect gebruikt om de geluidskwaliteit van het afspelen te verlagen(waardoor de bitsnelheid van de sample wordt verlaagd). Druk op de [LO-Fi]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de intensiteit van het Lo-Fi-effect in testellen (De intensiteit van het Lo-Fi-effect instellen en controleren (p. 13)). [GATE]-knopWijzigt de afspeelmodus voor samples. De manier waarop samples worden afgespeeld wanneer u op samplepads drukt, is afhankelijk van deafspeelmodus. Raadpleeg “De afspeelmodus voor samples wijzigen (gate/one-shot) (p. 14)” voor meer informatie.
Druk op de [GATE]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt zodat de toetsen van het klaviertegelijkertijd de samples laten activeren. Raadpleeg “Dezelfde sample over elkaar leggen en triggeren (polyfoon) (p. 18)” voor meer informatie. [DELETE]-knopVerwijdert een sample. Wanneer de [SAMPLING]-knop brandt (in de samplemodus), drukt u op de [DELETE]-knop om de microfoon tedempen. [LOOP]-knopAls deze is ingeschakeld, wordt de sample in een lus afgespeeld. U kunt de richting wijzigen waarin de lus wordt afgespeeld. Raadpleeg “De afspeelrichting van de sample selecteren (p. 15)” voor meer informatie. MEMOWanneer de [GATE]-knop is uitgeschakeld (one-shot), stopt de lus niet met afspelen, zelfs niet nadat u uwvingers van de samplepads hebt gehaald. Als u het afspelen van de sample wilt stoppen, drukt u opnieuw opde samplepads.
Druk op de [A/E]-[D/H]-knoppen terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de banksamples te dempen. 5. PadsBedieningselement UitlegSamplepads [1]–[6]Deze spelen de samples af die aan elke samplepad zijn toegewezen. MEMO¹ De instellingen voor elke samplepad worden opgeslagen in het systeem van de P-6 en worden door allepatronen gemeenschappelijk gebruikt. ¹ Druk op een samplepad terwijl u de [PATTERN]-knop ingedrukt houdt om een samplepad te selecterenzonder deze af te spelen. ¹ Druk op samplepads terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de noten van de pads te dempen. De dempinstellingen worden opgeslagen in de patronen.
Bovenpaneel7Bedieningselement Uitleg[GRANULAR]-padDeze activeert de granulaire sampler.MEMO¹ De klankinstellingen worden opgeslagen in de patronen.¹ Druk op een samplepad terwijl u de [PATTERN]-knop en de [GRANULAR]-pad ingedrukt houdt om eensample te selecteren die door de granulaire sampler wordt gebruikt.¹ Druk op de [GRANULAR]-pad terwijl u de [PATTERN]-knop ingedrukt houdt om de [GRANULAR]-pad teselecteren zonder de granulaire sampler te activeren.¹ Druk op de [GRANULAR]-pad terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de noten van de [GRANULAR]-pad te dempen.De dempinstellingen worden opgeslagen in de patronen.¹ Druk op de [GRANULAR]-pad terwijl u de stapknop ingedrukt houdt om elke stap te bewerken.6.
Stap/klavierknoppenBedieningselement UitlegStapknoppenDeze knoppen worden gebruikt voor het schakelen tussen patronen en banken, het invoeren van noten voor desampler en de granulaire sampler, enzovoort.Stap 1 Stap 16. . . . .[KYBD]-knopWanneer de [KYBD]-knop is ingeschakeld, werken de stapknoppen als klavierknoppen.U kunt de klavierknoppen gebruiken om de sample die u hebt geselecteerd af te spelen met de samplepads alsnoten op een schaal.
8Achterpaneel1 2 3Nummer Naam Uitleg1[POWER]-schakelaar Schakelt het apparaat in of uit.2USB-poort (USB type-C®)Gebruik een in de handel verkrijgbare USB 2.0-kabel (USB AÐ USB Type-C®, USB Type-C®ÐUSBType-C®) om deze poort met uw computer te verbinden.Gebruik ze voor de overdracht van USB MIDI- en USB-audiogegevens.Gebruik geen USB-kabel die alleen is bedoeld om op te laden. Kabels die alleen voor opladenworden gebruikt, kunnen geen gegevens verzenden.3MIDI (IN/OUT)-aansluitingenGebruik TRS/TRS-verbindingskabels (BCC-serie, apart verkrijgbaar) of TRS/MIDI-verbindingskabels(BMIDI-serie, apart verkrijgbaar) om dit apparaat op een extern MIDI-apparaat aan te sluiten.U kunt de P-6 synchroon laten spelen met een MIDI-apparaat door verbinding te maken tussen deapparaten met een in de handel verkrijgbare MIDI-kabel.Gebruik deze aansluitingen niet om audioapparaten aan te sluiten.
9Wat zijn samplesEen sample is een verzameling gegevens die het gesamplede geluid (opgenomen audiogegevens), de werking van de sample pad en de lus-instellingen van de sample omvatten.De samples worden gespecificeerd volgens bank (A–H) en volgens samplenummer (1–6), voor een totaal van 48 samples.Samples kunnen worden toegewezen aan samplepads op de P-6 en afgespeeld, of u kunt ze gebruiken als delen van patronen om uw nummersamen te stellen.BANK ABANK BBANK CBANK HDe samples worden intern opgeslagen in een speciaal toegewezen gebied op de P-6 en worden door alle patronen gemeenschappelijk gebruikt.De volgende instellingen met betrekking tot de werking van de samplepads worden ook samen met de samples beheerd.¹ [LO-Fi]-knopinstellingen (De geluidskwaliteit van het afspelen van samples wijzigen (Lo-Fi) (p.
10De samples spelenZodra de P-6 opstart, kunt u de samplepads gebruiken om de samples af te spelen.MEMOHet tempo van het huidige patroon wordt op het display weergegeven.11 Druk op samplepads om de samples af te spelen.Hiermee worden de samples afgespeeld die aan de samplepads zijn toegewezen.MEMO¹ Wanneer u op de [KYBD] (HOLD)-knop drukt terwijl u een samplepad ingedrukt houdt, blijft de samplepad in de ingedrukte toestand.¹ U kunt schakelen tussen de banken van de samplepads.Raadpleeg “Schakelen tussen samplebanken (p. 11)” voor meer informatie.
De samples spelen12De geluidskwaliteit van het afspelen van samples wijzigen (Lo-Fi)U kunt het Lo-Fi-effect gebruiken om de geluidskwaliteit van het afspelen te verlagen, waardoor de samples worden afgespeeld met een lageresample-bitsnelheid.121 Druk op de samplepads [1]–[6] waarop u het Lo-Fi-effect wilt toepassen of druk op de [GRANULAR]-pad.2 Druk op de [LO-Fi]-knop om het Lo-Fi-effect in/uit te schakelen.[LO-Fi]-knop UitlegUit (gedoofd)Het Lo-Fi-effect wordt niet toegepast.Aan (opgelicht)Het Lo-Fi-effect wordt toegepast, waardoor de geluidskwaliteit afneemt.MEMOU kunt de intensiteit van het Lo-Fi-effect instellen.Raadpleeg “De intensiteit van het Lo-Fi-effect instellen en controleren (p.
De samples spelen13De intensiteit van het Lo-Fi-effect instellen en controlerenU kunt de intensiteit instellen waarmee het Lo-Fi-effect wordt toegepast (de mate waarin de geluidskwaliteit afneemt).12 4351 Druk op de [LO-Fi]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.2 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om "LoFi" te selecteren.3 Druk op de [C´] (ENTER)-knop.4 Draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de effectintensiteit in te stellen.5 Druk op de [C] (EXIT)-knop om de instellingen te sluiten.MEMOSelecteer “S÷P.r” in stap 2 en druk vervolgens op de [C´] (ENTER)-knop om de samplefrequentie voor de huidige sample weer te geven.Druk op de [C] (EXIT)-knop om het controleren van de samplefrequentie te voltooien.
De samples spelen14De afspeelmodus voor samples wijzigen (gate/one-shot)Hier leest u hoe u de afspeelmodus voor samples wijzigt.De manier waarop samples worden afgespeeld wanneer u op samplepads drukt, is afhankelijk van de afspeelmodus.121 Druk op de samplepad waarvoor u de afspeelmodus wilt wijzigen.2 Druk op de [GATE]-knop om de afspeelmodus in te stellen.[GATE]-knop UitlegUitDe sample wordt afgespeeld in de one-shotmodus.In deze modus wordt de sample tot het einde afgespeeld, zelfs nadat u uw vinger van de samplepad hebt gehaald.AanDe sample wordt afgespeeld in gatemodus.In deze modus wordt de sample alleen afgespeeld terwijl u op de samplepad drukt.MEMOU kunt de instellingen van de samplepads herstellen naar de manier waarop ze waren voorafgaand aan het bewerken (dit is de laatst opgeslagentoestand).Raadpleeg “De instellingen van de samplepad herstellen (p. 21)” voor meer informatie.
De samples spelen15De afspeelrichting van de sample selecterenU kunt kiezen in welke richting een sample wordt afgespeeld.11 Druk op de [LOOP]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Dit verandert de richting waarin de sample wordt afgespeeld.De afspeelrichting van de sample verandert zoals hieronder weergegeven telkens wanneer u op de [LOOP]-knop drukt terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Display [LOOP]-knop UitlegFrľd (Forward)Licht zwak op De sample wordt vooruit afgespeeld (normale modus).rvrS (Reverse)Opgelicht De sample wordt omgekeerd afgespeeld.ALt (Alternate)Knipperend In deze modus wordt de sample afwisselend vooruit en achteruit afgespeeld.MEMODe sample wordt in een lus afgespeeld wanneer de Alternate-modus is geselecteerd.
De samples spelen17Samples in een lus afspelenHier leest u hoe u samples in een lus kunt afspelen.11 Druk op de [LOOP]-knop.Dit schakelt het afspelen van samples in een lus in.MEMO¹ Wanneer de [GATE]-knop is uitgeschakeld (one-shot), stopt de lus niet met afspelen, zelfs niet nadat u uw vingers van de samplepads hebtgehaald.Als u het afspelen van de sample wilt stoppen, drukt u opnieuw op de samplepads.¹ Druk op de [C] (EXIT)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om het afspelen van alle samples te stoppen.¹ U kunt de instellingen van de samplepads herstellen naar de manier waarop ze waren voorafgaand aan het bewerken (dit is de laatstopgeslagen toestand).Raadpleeg “De instellingen van de samplepad herstellen (p. 21)” voor meer informatie.
De samples spelen18Dezelfde sample over elkaar leggen en triggeren (polyfoon)U kunt tot 16 noten van een enkele sample over elkaar leggen en triggeren.Hiermee kunt u samples als akkoorden triggeren of dezelfde samples afspelen die u met de opdeelfunctie tegelijkertijd splitst.211 Druk op samplepads om een sample te selecteren.MEMOAls de [KYBD]-knop is ingeschakeld, kunt u de klavierknoppen gebruiken om de samples die u hebt geselecteerd af te spelen als noten op eenschaal.Raadpleeg “De klavierknoppen gebruiken om de samples af te spelen (p.
19)” voor meer informatie.2 Druk op de [GATE]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Het apparaat schakelt over naar de polyfone modus.Op het display wordt “PoLy” weergegeven.3 Om de polyfone modus uit te schakelen, drukt u nogmaals op de [GATE]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Hiermee schakelt u de polyfone modus uit en schakelt u over naar monofoon.Op het display wordt “÷ono” weergegeven.MEMOU kunt de instellingen van de samplepads herstellen naar de manier waarop ze waren voorafgaand aan het bewerken (dit is de laatst opgeslagentoestand).Raadpleeg “De instellingen van de samplepad herstellen (p. 21)” voor meer informatie.
De samples spelen19De klavierknoppen gebruiken om de samples af te spelenU kunt de klavierknoppen gebruiken om de sample af te spelen die u hebt geselecteerd met de samplepads of de [GRANULAR]-pad, als noten opeen schaal.U kunt de klavierknoppen ook gebruiken om elk van de samples te spelen die u hebt gesampled met behulp van stap-sampling of splitsen via deopdeelfunctie.MEMOU kunt de samples die u hebt gesampled niet afspelen met behulp van stap-sampling of de samples die u hebt gesplitst met de opdeelfunctie alsnoten op een schaal.Raadpleeg "Gelijkmatig verdeelde samples maken (stapsampling) (p. 27)" en "Opdeelfunctie (Chop (p.
108))" voor meer informatie.132 41 Druk op de samplepad of de [GRANULAR]-pad.2 Druk op de [KYBD]-knop.De [KYBD]-knop licht op en de stapknoppen schakelen naar klavierknoppen.3 Druk op de klavierknoppen om de samples te spelen.4 Als u de knoppen niet meer als klavierknoppen wilt gebruiken, drukt u op de [KYBD]-knop.De [KYBD]-knop wordt gedoofd en de klavierknoppen schakelen terug naar stapknoppen.MEMOIn polyfone modus kunt u samples als akkoorden triggeren of dezelfde samples afspelen die u met de opdeelfunctie tegelijkertijd splitst.Raadpleeg “Dezelfde sample over elkaar leggen en triggeren (polyfoon) (p. 18)” voor meer informatie over de polyfone modus.
De samples spelen20Schakelen tussen de octaven van de klavierknoppenU kunt het toetsenbereik dat wordt gedekt door de klavierknoppen in eenheden van één octaaf wijzigen.211 Druk op de [KYBD]-knop.De [KYBD]-knop licht op en de stapknoppen schakelen naar klavierknoppen.2 Druk op de [OCT-] [OCT+]-knop.Elke keer dat u op de [OCT-]-knop drukt, wordt het toetsenbereik met één octaaf verlaagd en elke keer dat u op de [OCT+]-knop drukt, wordthet toetsenbereik met één octaaf verhoogd.Het aantal veranderde octaven verschijnt op het display.MEMO¹ De [OCT-]- en [OCT+]-knoppen knipperen sneller als de octaafverandering toeneemt.¹ Druk tegelijkertijd op de [OCT-]- en [OCT+]-knoppen om de octaafinstelling terug te zetten op “0”.
De samples spelen21De instellingen van de samplepad herstellenHier leest u hoe u de instellingen van een geselecteerde samplepad kunt herstellen naar de manier waarop ze waren voorafgaand aan debewerkingen (dit is de laatst opgeslagen toestand).1221 Druk op de [OCT+] (MENU)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Dit toont de parameter (in te stellen item).2 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “rL.Pd” (Reload Pad) te selecteren en druk op de [C´] (ENTER)-knop.De instellingen van de samplepad worden hersteld naar hun waarden voordat ze bewerkt werden.U kunt deze bewerking gebruiken om de volgende parameters te herstellen.¹ [LO-Fi]-knopinstellingen (De geluidskwaliteit van het afspelen van samples wijzigen (Lo-Fi) (p. 12))¹ [GATE]-knopinstellingen (De afspeelmodus voor samples wijzigen (gate/one-shot) (p.
22SamplingDit laat zien hoe u de audio die in de P-6 is ingevoerd, kunt samplen (opnemen) om uw eigen samples te maken.De samples die u maakt, worden toegewezen aan een samplepad.MEMOElke sample wordt intern opgeslagen in een speciaal toegewezen gebied op de P-6 en wordt door alle patronen gemeenschappelijk gebruikt.321 41 Druk op de [SAMPLING]-knop om de samplingmodus te openen.De [SAMPLING]-knop licht op.MEMODe stapknoppen geven het audio-ingangsniveau in de samplingmodus aan.Raadpleeg “Het invoerniveau aanpassen (p.
24)” voor meer informatie.2 Druk op de samplepad (die knippert) waaraan u de sample wilt toewijzen.De geselecteerde samplepad licht op en de [SAMPLING]-knop knippert.MEMOU kunt geen samplepad selecteren waaraan al een sample is toegewezen, wat betekent dat die pad niet kan worden gebruikt voor het samplen.Om te samplen, selecteert u een samplepad waaraan geen sample is toegewezen (samplepads zonder toewijzingen knipperen) of verwijdert uvooraf een sample van de gewenste samplepad.Raadpleeg “Een sample verwijderen (p. 33)” voor het verwijderen van een sample van een samplepad.3 Druk op de [SAMPLING]-knop.Het samplen begint.MEMODe timing waarop het samplen begint, is afhankelijk van de triggerinstelling die wordt gebruikt voor het starten van het samplen.Raadpleeg “Instellingen voor sampling (p. 25)” voor meer informatie.
Sampling234 Druk op de [SAMPLING]-knop om het samplen te verlaten.De sample wordt opgeslagen op dit apparaat en toegewezen aan de samplepad.MEMO¹ De methode om het samplen te stoppen is afhankelijk van de condities (lengte) die worden gebruikt.U kunt ook andere gedetailleerde instellingen configureren die betrekking hebben op sampling. Raadpleeg “Instellingen voor sampling (p.25)” voor meer informatie.¹ De sample-gegevens worden automatisch geoptimaliseerd (genormaliseerd) wanneer het samplen eindigt."nor÷” (Normalize) wordt weergegeven wanneer een sample wordt geoptimaliseerd.¹ Het kan even duren om een sample toe te wijzen (op te slaan).Zodra “ľrit” (Write) verschijnt, wacht u tot “ donE” op het display knippert.
Sampling24Het invoerniveau aanpassenU kunt het invoerniveau van de ingebouwde microfoon of de headsetmicrofoon aanpassen die voor sampling wordt gebruikt.Het werkelijke invoerniveau kan worden aangepast terwijl u het controleert, zodat u het optimale niveau kunt instellen.121 Druk op de [SAMPLING]-knop.Het apparaat gaat naar de samplingmodus.Controleer de indicators van de stapknoppen.0 (dB)-1-2-3-4-5-6-9-12-18-24-36-48-60-722 Gebruik de [LEVEL]-regelaar om het invoerniveau aan te passen zodat de [C]–[TIE]-knoppen (-3 tot 0 dB) af en toe oplichten.MEMO¹ Het invoerpiekniveau wordt weergegeven wanneer u op de [SHIFT]-knop drukt.¹ Wanneer u wat u op de samplepads afspeelt samplet (of re-samplet), gebruik dan een van de volgende methoden om het samplevolume aante passen.¹ Verlaat de samplingmodus en gebruik vervolgens de [LEVEL]-regelaar om het volume voor elke samplepad aan te passen.¹ Gebruik de "Volume (p.
92)"-parameter om het volume voor het hele patroon aan te passen.¹ Als de geluidsinvoer naar de MIX IN-aansluiting vervormd klinkt, zelfs als het 0 dB-segment op de niveaumeter niet oplicht, past u het volumeaan op een van de volgende manieren.¹ Pas het volume van de aangesloten externe apparaten aan.¹ Pas de “Ext. In Gain (p. 95)”-parameter aan.
Sampling25Instellingen voor samplingU kunt de samplingparameters (opname-instellingen) voor dit apparaat bewerken.1221 Druk op de [SAMPLING]-knop.Het apparaat gaat naar de samplingmodus.2 Gebruik de volgende bedieningselementen om de samplingparameters te configureren.Bedieningselement Waarde Uitleg[LO-Fi]-knop(De samplefrequentie veranderttelkens wanneer u op de [LO-Fi]-knop drukt.)Stelt de samplefrequentie in.44.1kDe [LO-Fi]-knop licht zwak op.Het apparaat samplet op 44,1 kHz.22.0kDe [LO-Fi]-knop licht opHet apparaat samplet op 22,05 kHz.14.7kDe [LO-Fi]-knop knippert snelHet apparaat samplet op 14,7 kHz.11.0kDe [LO-Fi]-knop knippertHet apparaat samplet op 11,025 kHz.[DELETE]-knop Schakelt de microfoon in/uit (mic mute).De [DELETE]-knop licht op Dempt de microfoon.De [DELETE]-knop licht zwak op Schakelt de microfoon in.[PITCH]-regelaar Stelt in of er in mono of in stereo wordt gesampled.÷onoHet apparaat samplet in mono.StErHet apparaat samplet in stereo.
Sampling26Bedieningselement Waarde Uitleg[START]-regelaar Stelt de samplelengte in.MEMODe lengte die u kunt instellen, is afhankelijk van het tempo, de samplefrequentie en de mono/stereo-instelling.FREEHet samplen stopt als u op de [SAMPLING]-knop drukt.MEMORaadpleeg “Maximale sampletijd (p. 151)” in debelangrijkste specificaties voor de maximale tijd die voorelke sample beschikbaar is.÷.1/4 (1 van de 4 beats in een maat), ÷.2/4 (2van de 4 beats in een maat), ÷.3/4(3 van de 4beats in een maat), ÷. 1–÷.
29Stelt de samplelengte in (aantal maten).[END]-regelaar Dit stelt de trigger in die wordt gebruikt om het samplen te starten.t.OFFDruk op de [SAMPLING]-knop om het samplen te starten.SynCDruk op de [SAMPLING]- of [ø]-knop of gebruik de invoervan de start-opdrachten (FA)/stop-opdrachten (FC) vaneen extern MIDI-apparaat om het samplen te starten en testoppen.-3db–-24d (-3–-24 dB)Het samplen begint zodra de audio-invoer het hieringestelde niveau overschrijdt.[LEVEL]-regelaarG. 0–G.255Stelt de microfoongevoeligheid in.Raadpleeg “Het invoerniveau aanpassen (p.
24)” voormeer informatie.Draai aan de [PITCH]-regelaar terwijlu de [SHIFT]-knop ingedrukt houdtDit voert stapsampling uit, waardoor een aantal afzonderlijke (gesplitste) samples wordt gemaakt op basisvan de sampletijd die u opgeeft met de [START]-regelaar.Aan elke sample wordt een nootnummer toegewezen nadat het samplen is voltooid.Raadpleeg “Gelijkmatig verdeelde samples maken (stapsampling) (p. 27)” voor meer informatie over deinstellingen van stapsampling.S.OFFDe functie stapsampling wordt niet gebruikt.S. 2–S. 64Stelt het aantal afzonderlijke slices (divisies van eensample) in dat wordt gemaakt door de functiestapsampling.
Sampling27Gelijkmatig verdeelde samples maken (stapsampling)Stapsampling is een functie die een aantal afzonderlijke (gesplitste) samples maakt op basis van de sampletijd die u opgeeft met de [START]-regelaar.Hoewel een normale sampling één sample per samplepad maakt, kunt u met stapsampling meerdere samples maken voor één samplepad.Nadat het samplen is voltooid, wordt aan elke sample een nootnummer toegewezen en kunt u de klavierknoppen of een extern MIDI-klaviergebruiken om de samples af te spelen.312 411 Gebruik “Instellingen voor sampling (p. 25)” om de functie stapsampling in te schakelen.Stelt het aantal afzonderlijke samples (S. 2–S.
64) in dat wordt gemaakt door de functie stapsampling.Configureer ook de samplefrequentie, mono/stereo, samplelengte en de trigger die wordt gebruikt om het samplen te starten indien nodig.2 Druk op de samplepad waaraan u de sample wilt toewijzen.De [SAMPLING]-knop knippert.
Sampling28MEMOU kunt geen samplepad selecteren waaraan al een sample is toegewezen, wat betekent dat die pad niet kan worden gebruikt voor het samplen.Om te samplen, selecteert u een samplepad waaraan geen sample is toegewezen (samplepads zonder toewijzingen knipperen) of verwijdert uvooraf een sample van de gewenste samplepad.Raadpleeg “Een sample verwijderen (p. 33)” voor het verwijderen van een sample van een samplepad.3 Druk op de [SAMPLING]-knop.Het samplen begint.MEMO¹ De timing waarop het samplen begint, is afhankelijk van de triggerinstelling die wordt gebruikt voor het starten van het samplen.Raadpleeg “Instellingen voor sampling (p.
25)” voor meer informatie.¹ U kunt de samples die u eerder hebt gemaakt tijdens stapsampling opnieuw uitvoeren als u niet tevreden bent met wat u hebt gedaan.Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de stap te selecteren waarvoor u het samplen opnieuw wilt uitvoeren (de “splitspositie”) en drukvervolgens op de [SAMPLING]-knop.4 Herhaal stap 3 (met andere woorden, herhaal het samplen).Zodra u het opgegeven aantal samples hebt bereikt door het samplingproces te herhalen, knippert “End” op het display.De samples worden nu opgeslagen op de pad die u hebt opgegeven en aan elke sample wordt een nootnummer toegewezen.De nootnummers worden als volgt toegewezen.Gesplitste (individuele) samples Nootnummer (toets)Sample #160 (C4)Sample #261 (C´4) : :Sample #64123 (D ´9)MEMO¹ De toonhoogte van de samples veranderen niet (wat betekent dat er geen schaal wordt toegepast), zelfs niet wanneer er nootnummers aan deafzonderlijke samples worden toegewezen.¹ Raadpleeg “De klavierknoppen gebruiken om de samples af te spelen (p.
19)” voor meer informatie over hoe u het geluid van de individuelesamples kunt controleren.¹ Raadpleeg “Dezelfde sample over elkaar leggen en triggeren (polyfoon) (p. 18)” voor meer informatie over hoe u individuele samples overelkaar kunt leggen en afspelen.
Sampling29Een samplegeluid bewerkenHier leest u hoe u de sampleparameters aanpast om de geluiden te bewerken.23 4351 Volg de instructies in “De samples spelen (p. 10)” om de sample te selecteren waarvoor u het geluid wilt bewerken.2 Gebruik de hieronder weergegeven handelingen volgens de parameter die u wilt bewerken.Te bewerken parameter/item Handeling ReferentieTijdgebaseerde veranderingen in toonhoogte bewerkenDruk op de [F´] (P.ENV)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.SAMPLE EDIT (P.ENV)-instellingen (p. 98)De toonhoogte, het bereik of de tijdgebaseerdeveranderingen van het volume of filter van het afspelenvan de sample bewerkenDruk op de [G] (VOICE)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.SAMPLE EDIT (VOICE)-instellingen (p.
106)Een filter gebruiken om het geluid te bewerkenDruk op de [G´] (FILTER)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.SAMPLE EDIT (FILTER)-instellingen (p. 110)Het samplevolume en de pan, de uitgevoerdebusinstellingen bewerken en de hoeveelheid verzendennaar delay/reverbDruk op de [A] (MIXER)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.SAMPLE EDIT (MIXER)-instellingen (p. 112)3 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om een parameter te selecteren en druk op de [C´] (ENTER)-knop.4 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de waarde te bewerken.MEMOU kunt sommige parameters ook aanpassen met de [CTRL1]–[CTRL3]-regelaars en de [PITCH]-, [START]-, [END]- en [LEVEL]-regelaars.Raadpleeg “Functies van de regelaars (p. 124)” voor meer informatie.5 Druk twee keer op de [C] (EXIT)-knop om het bewerken te voltooien.
Sampling31Een sample kopiërenU kunt een sample die is toegewezen aan een samplepad naar een andere samplepad kopiëren.123451 Druk op de [SHIFT]-knop en de [ø] (COPY)-knoppen terwijl u de samplepad die u wilt kopiëren ingedrukt houdt.2 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om "COPY" te selecteren.3 Druk op de [C´] (ENTER)-knop.4 Druk op de samplepad van de kopieerbestemming (degene die knippert).MEMO¹ U kunt zo nodig tussen de banken van de samplepads van de kopieerbestemming schakelen.Raadpleeg “Schakelen tussen samplebanken (p. 11)” voor hoe u kunt schakelen tussen banken van samplepads.¹ U kunt ook een sample kopiëren naar een samplepad die geen toegewezen sample bevat (d.w.z.
een lege samplepad).U kunt geen samplepad selecteren waaraan al een sample is toegewezen, wat betekent dat de pad niet kan worden gebruikt voor hetkopiëren.Om te kopiëren, selecteert u een samplepad waaraan geen sample is toegewezen (samplepads zonder toewijzingen knipperen) of verwijdert uvooraf een sample van de gewenste samplepad.Raadpleeg “Een sample verwijderen (p. 33)” voor het verwijderen van een sample van een samplepad.5 Druk op de [C´] (ENTER)-knop.De sample is gekopieerd.
Sampling32Schakelen tussen samples (verwisselen)Hier leest u hoe u kunt schakelen samples tussen twee samplepads (verwisselen).123451 Druk op de [SHIFT]-knop en de [ø] (COPY)-knoppen terwijl u de samplepad (voor de eerste sample) die u wilt verwisseleningedrukt houdt.2 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om "EXCG" te selecteren.3 Druk op de [C´] (ENTER)-knop.4 Druk op de samplepad van de bestemming om te verwisselen (de tweede sample: een samplepad die knippert).MEMO¹ U kunt zo nodig schakelen tussen de banken van de samplepads voor de bestemming om te verwisselen.Raadpleeg “Schakelen tussen samplebanken (p. 11)” voor hoe u kunt schakelen tussen banken van samplepads.¹ U kunt geen samples verwisselen met een samplepad die geen toegewezen sample bevat (d.w.z. een lege samplepad).5 Druk op de [C´] (ENTER)-knop.De eerste sample wordt nu verwisseld met de tweede.
Sampling33Een sample verwijderenHier leest u hoe u de sample die aan een pad is toegewezen, verwijdert.1231 Druk op de [DELETE]-knop.Op het display wordt “dEL” weergegeven.2 Druk op de samplepads (die knipperen) waarvan u een sample wilt verwijderen.MEMOU kunt zo nodig tussen de banken van de samplepads schakelen.Raadpleeg “Schakelen tussen samplebanken (p. 11)” voor hoe u kunt schakelen tussen banken van samplepads.3 Druk op de [DELETE]-knop.Hiermee wordt de sample gewist die aan de samplepad was toegewezen.
34De granulaire sampler begrijpenDe term “granulair” in “granulaire sampler” komt van het woord “grain” (korrel).Met deze functie kunt u nieuwe geluiden maken van “grains”. Dit zijn samples die zijn opgesplitst in minieme secties.U kunt de hieronder vermelde grain-gerelateerde parameters bedienen om het oorspronkelijke beeld van het geluid te wijzigen.¹ Wijzig de grootte en afspeelpositie van een grain¹ Verhoog het aantal grains¹ Wijzig willekeurig de afspeelrichting van de grain, de stereopositie (pan), enz.Op de P-6 wordt de functie voor het gebruiken en spelen van grains de “granulaire sampler” genoemd.U kunt de granulaire sampler op de P-6 gebruiken om geluiden te maken van samples die u al hebt opgenomen.
De granulaire sampler gebruiken36Het regelen van de grainsHier ziet u hoe u de grain aanpast om het geluid te bewerken.23 4351 Volg de stappen in “De granulaire sampler gebruiken (p. 35)” om de sample die u wilt verwerken met de granulaire samplertoe te wijzen aan de [GRANULAR]-pad.2 Druk op de [G] (VOICE)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Hiermee kunt u de sample bewerken.3 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om een parameter te selecteren en druk op de [C´] (ENTER)-knop.MEMORaadpleeg “SAMPLE EDIT (VOICE)-instellingen (p. 106)” voor meer informatie over de parameters die u kunt instellen.4 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de waarde te bewerken.
De granulaire sampler gebruiken37Head position Grain shapeGrain sizeSpreadHead speedMEMO¹ U kunt sommige parameters ook aanpassen met de [CTRL1]–[CTRL3]-regelaars en de [PITCH]-, [START]-, [END]- en [LEVEL]-regelaars.Raadpleeg “SAMPLE EDIT (VOICE)-instellingen (p. 106)” voor meer informatie.¹ U kunt een voorbeeld van het granulaire samplergeluid dat u bewerkt, bekijken door te drukken op de [GRANULAR]-pad.De afspeelstatus van de grain wordt op dat moment aangegeven door de stapknoppen.5 Druk twee keer op de [C] (EXIT)-knop om de bewerking af te sluiten.MEMOU kunt de instellingen voor de [GRANULAR]-pad herstellen naar hoe ze waren voordat ze werden bewerkt.Raadpleeg “De instellingen van de [GRANULAR]-pad herstellen (p. 38)” voor meer informatie.
De granulaire sampler gebruiken38De instellingen van de [GRANULAR]-pad herstellenDit herstelt de instellingen van de [GRANULAR]-pad naar de manier waarop ze waren voorafgaand aan het bewerken (wat de laatst opgeslagenstatus betekent).1221 Druk op de [OCT+] (MENU)-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Dit toont de parameter (in te stellen item).2 Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “rL.Gr” (Reload Granular Pad) te selecteren en druk op de [C´] (ENTER)-knop.De instellingen van de [GRANULAR]-pad worden hersteld naar hun waarden voordat ze bewerkt werden.
39Patronen begrijpenWat is een patroon?Een patroon is een set gegevens die de volgorde bevat waarin de samples moeten worden afgespeeld.Patroon 1-01Bank HBank AStap1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 . . .Bank ABank AGebruik de patroonsequencer om patronen op te nemen.Op de P-6 worden de volgende gegevens verwerkt als een “patroon”.¹ Uitvoeringsgegevens met behulp van de patroonsequencer (Opnemen wat u speelt met de patroonsequencer (p. 45))¹ Patroonvolume (Volume (p. 92))¹ Patroontranspositie (Transpose (p. 92))¹ Lengte van elke stap in het patroon (Pattern Scale (p. 92))¹ Dempinstellingen voor elke samplepad en de [GRANULAR]-pad (Een sample dempen (p. 43))¹ Kwantisatie-instellingen voor elke samplepad (Play Quantize (p. 93))¹ Geluidsparameters voor de [GRANULAR]-pad¹ [A´] (DELAY/REVERB)-knopparameters (DELAY/REVERB-instellingen (p. 114); wanneer Global Delay/Reverb SW (p.
40Een patroon afspelenHier leest u hoe u het momenteel geselecteerde patroon kunt afspelen.11 Druk op de [ø]-knop.Het momenteel geselecteerde patroon wordt afgespeeld.MEMO¹ U kunt schakelen tussen patronen voor het afspelen.Raadpleeg “Een patroon selecteren (p. 42)” voor meer informatie.¹ U kunt de functie "Play quantize" gebruiken om de timing van de uitvoeringsgegevens die u met de samplepads hebt opgenomen, te latenovereenkomen met de invoer in realtime.Raadpleeg de “Play Quantize (p. 93)”-parameter voor meer informatie.
Een patroon afspelen41Het tempo instellenHet tempo wordt altijd op het display weergegeven.121 Draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar om het tempo in te stellen.Het tempo kan worden ingesteld binnen een bereik van 40.0–300.0.2 Draai de [TEMPO/VALUE]-regelaar terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om het tempo precies a te stellen.U kunt de waarde instellen in eenheden van 0.1.
Een patroon afspelen42Een patroon selecterenDit laat zien hoe u van patroon kunt wisselen en de uitvoeringsgegevens op de P-6 kunt oproepen.1321 Druk op de [PATTERN]-knop.De [PATTERN]-knop licht op en het apparaat gaat over naar de patroonselectiemodus.2 Druk op een stapknop terwijl u de [PATTERN]-knop ingedrukt houdt om een bank te selecteren.De meest linkse vier stapknoppen komen overeen met banken 1–4.De pad van de geselecteerde bank licht op terwijl u op de [PATTERN]-knop drukt en de stapknoppen van de andere banken knipperen.Als u de [PATTERN]-knop ingedrukt houdt, maar vervolgens uw vinger van de [PATTERN]-knop haalt zonder een bank te selecteren, kunt udoorgaan naar stap 3 (het patroonnummer selecteren) zonder de bank te veranderen.3 Haal uw vinger van de [PATTERN]-knop om een patroonnummer te selecteren met de stapknoppen.De stapknoppen komen overeen met de patroonnummers 1–16.Deze actie roept het patroon op dat u hebt geselecteerd.Stapknop(patroonnummer)UitlegOpgelichtGeeft een patroon (het geselecteerde patroon) aan dat wordt afgespeeld.KnipperendGeeft het volgende patroon aan zal worden afgespeeld (het “up next” (volgende)-patroon).MEMO¹ U kunt ook de [TEMPO/VALUE]-regelaar gebruiken om een patroon te selecteren.¹ Als u het patroon wijzigt terwijl nog een ander patroon speelt, specificeert dit welk patroon als volgende wordt afgespeeld.De stapknop voor het geselecteerde patroon en het display knipperen.Zodra het huidige patroon klaar is met spelen, begint het volgende patroon dat u gereserveerd hebt, automatisch te spelen.4 Druk op de [PATTERN]-knop om de patroonselectiemodus af te sluiten.De [PATTERN]-knop wordt gedoofd.
Een patroon afspelen43Een sample dempenU kunt een bepaalde samplepad of de [GRANULAR]-pad dempen wanneer een patroon wordt afgespeeld.11 Druk op de samplepad of de [GRANULAR]-pad terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.Dit dempt het afspelen van de geselecteerde pad.2 Druk op de samplepad of de [GRANULAR]-pad terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om het dempen te annuleren.MEMO¹ Als u op de BANK [A/E]–[D/H]-knoppen drukt terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt, worden alle samples voor de geselecteerde bankgedempt.Druk opnieuw op de BANK [A/E]-[D/H]-knoppen terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om het dempen te annuleren.¹ De dempinstellingen worden in elk patroon opgeslagen.
Een patroon afspelen44Specifieke stappen in een lus afspelen (step loop)U kunt een geselecteerde stap laten afspelen in een lus tijdens het afspelen van een patroon.U kunt ook meerdere stappen selecteren.13241 Druk op de [ø]-knop om de step te laten oplichten, waarna het afspelen begint.2 Druk op de [PATTERN]-knop terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt.De [PATTERN]-knop licht op en het apparaat gaat over naar de Step loop-modus.3 Blijf op de stapknoppen drukken die u herhaaldelijk wilt laten spelen.De stappen die u hebt geselecteerd worden herhaaldelijk afgespeeld.4 Druk op de [PATTERN]-knop om het menu te verlaten.
.Bank ABank AWat is een sequencer?Een sequencer is een systeem dat opgenomen uitvoeringsgegevens (een “sequentie”) zoals toonhoogtes, lengtes, timings enzovoort gebruikt omeen geluidsbron te triggeren en een geluidsbron af te spelen.De patroonsequencer op de P-6 legt de volgende uitvoeringsgegevens vast in tijdseenheden die “stappen” worden genoemd en beheert ze alspatronen.¹ Toonhoogte (nootnummer)¹ Hoe hard een noot wordt gespeeld (snelheid)¹ De waarschijnlijkheid dat de noot klinkt (waarschijnlijkheid)¹ Nootlengte (gatetijd)¹ Gedetailleerde timing-aanpassingen (micro-timing)¹ Noten herhaald achter elkaar spelen (substappen)¹ Wijzigingen in klankparameters (passages)
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Roland P-6 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden