Remeha Quinta Ace 135 Handleiding

Remeha CV Ketel Quinta Ace 135

Bekijk gratis de handleiding van Remeha Quinta Ace 135 (92 pagina’s), behorend tot de categorie CV Ketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 149 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Remeha Quinta Ace 135 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/92
Nederland
nl
nl
nl
nlnl
Installatie-, gebruikers- en servicehandleiding
Installatie-, gebruikers- en servicehandleiding
Installatie-, gebruikers- en servicehandleiding
Installatie-, gebruikers- en servicehandleidingInstallatie-, gebruikers- en servicehandleiding
Hoog rendement gaswandketel
Quinta Ace
Quinta Ace
Quinta Ace
Quinta AceQuinta Ace
135
160
HMI S-control

Beoordeel deze handleiding

4.7/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Remeha
Categorie: CV Ketel
Model: Quinta Ace 135

Handleiding Remeha Quinta Ace 135 – volledige tekst

Inhoudsopgave 1 1 1 1 1 Veiligheid. Veiligheid. Veiligheid. Veiligheid. Veiligheid. 666661. 1 Algemene veiligheidsvoorschriften. 61. 2 Aanbevelingen. 71. 3 Specifieke veiligheidsinstructies. 81. 3. 1 Aanvullende richtlijnen. 81. 4 Aansprakelijkheden. 81. 4. 1 Aansprakelijkheid van de fabrikant. 81. 4. 2 Aansprakelijkheid van de installateur. 91. 4. 3 Aansprakelijkheid van de gebruiker. 9 2 2 2 2 2 Over deze handleiding. Over deze handleiding. Over deze handleiding. Over deze handleiding. Over deze handleiding. 999992. 1 Algemeen. 92. 2 Aanvullende documentatie. 92. 3 Gebruikte symbolen. 92. 3. 1 In de handleiding gebruikte symbolen. 9 3 3 3 3 3 Technische specificaties. Technische specificaties. Technische specificaties. Technische specificaties. Technische specificaties. 10101010103. 1 Goedkeuringen. 103. 1. 1 Certificeringen. 103. 1. 2 Gaskeurlabels. 103. 1. 3 MIA/Vamil-eisen. 113. 1.

4 Toestelcategorieën. 113. 1. 5 Richtlijnen. 113. 1. 6 Fabriekstest. 113. 2 Technische gegevens. 123. 3 Afmetingen en aansluitingen. 143. 4 Elektrisch schema. 15 4 4 4 4 4 Beschrijving van het product. Beschrijving van het product. Beschrijving van het product. Beschrijving van het product. Beschrijving van het product. 15151515154. 1 Algemene beschrijving. 164. 2 Werkingsprincipe. 164. 2. 1 Gas-/luchtregeling. 164. 2. 2 Verbranding. 164. 2. 3 Besturingsvoorziening. 164. 2. 4 Regeling. 164. 2. 5 Watertemperatuurregeling. 174. 2. 6 Watergebrekbeveiliging. 174. 2. 7 Waterdoorstroming. 174. 2. 8 Waterdruksensor. 174. 2. 9 Luchtdrukverschilschakelaar. 174. 2. 10 Circulatiepomp. 184. 2. 11 Boileraansluiting. 184. 2. 12 Cascadesysteem. 184. 3 Voornaamste componenten. 184. 4 Beschrijving van het bedieningspaneel. 194. 4. 1 Betekenis van de toetsen. 194. 4.

3 Montage van het bedieningspaneel. 416. 6. 4 Aansluiten van de aansluitbox. 426. 6. 5 De aansluitprint CB-01. 436. 7 Aansluiten PC/laptop. 466. 8 Vullen van de installatie. 466. 8. 1 Waterkwaliteit en waterbehandeling. 466. 8. 2 Sifon vullen. 466. 8. 3 Vullen van de installatie. 47 7 7 7 7 7 Inbedrijfstelling. Inbedrijfstelling. Inbedrijfstelling. Inbedrijfstelling. Inbedrijfstelling. 47474747477. 1 Algemeen. 477. 2 Gascircuit. 477. 3 Hydraulisch circuit. 477. 4 Elektrische aansluitingen. 477. 5 Inbedrijfstellingsprocedure. 487. 6 Gasinstellingen. 487. 6. 1 Aanpassing aan een ander type gas. 487. 6. 2 Controle en instelling van de verbranding. 507. 7 Laatste aanwijzingen. 52 8 8 8 8 8 Werking. Werking. Werking. Werking. Werking. 53535353538. 1 Gebruik van het bedieningspaneel. 538. 1. 1 Betekenis van de symbolen op het display. 538. 1. 2 Navigeren door de menu's. 548. 2 Uitschakelen.

1 Veiligheid 1. 1 1. 1 1. 1 1. 1 1. 1 Algemene veiligheidsvoorschriftenAlgemene veiligheidsvoorschriftenAlgemene veiligheidsvoorschriftenAlgemene veiligheidsvoorschriftenAlgemene veiligheidsvoorschriftenVoor de installateur:GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarIndien u gas ruikt:1. Gebruik geen vuur, rook niet, gebruik geen elektrische contacten of schakelaars (bel, verlichting, motor, lift, etc. ). 2. Sluit de gasaanvoer af. 3. Open de ramen. 4. Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze onmiddellijk af. 5. Zit het lek vóór de gasmeter, waarschuw dan het gasbedrijf. GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarIndien u rookgassen ruikt:1. Schakel de ketel uit. 2. Open de ramen. 3. Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze onmiddellijk af. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletControleer de hele verwarmingsinstallatie op lekkages na onderhouds- en servicewerkzaamheden.

Voor de eindgebruiker:GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarIndien u gas ruikt:1. Gebruik geen vuur, rook niet, gebruik geen elektrische contacten of schakelaars (bel, verlichting, motor, lift, etc. ). 2. Sluit de gasaanvoer af. 3. Open de ramen. 4. Ontruim de woning. 5. Neem contact op met een erkend installateur. GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarIndien u rookgassen ruikt:1. Schakel de ketel uit. 2. Open de ramen. 3. Ontruim de woning. 4. Neem contact op met een erkend installateur. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingRaak de rookgaspijpen niet aan. Afhankelijk van de ketelinstellingen kan de temperatuur van de rookgaspijpen hoger dan 60 °C worden. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingRaak radiatoren niet langdurig aan. Afhankelijk van de ketelinstellingen kan de temperatuur van de radiatoren hoger dan 60 °C worden.

WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingHet gebruik van de ketel en de installatie door u als eindgebruiker dient zich te beperken tot de handelingen zoals omschreven in deze handleiding. Uitgebreidere handelingen dienen uitsluitend door een erkend installateur te geschieden. 1 Veiligheid6 7621955 - v. 16 - 23062021.

WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingDe condenswaterafvoer mag niet worden gewijzigd of afgedicht. Wanneer een condensaat-neutralisatiesysteem is toegepast, dient dit regelmatig volgens de voorschriften van de fabrikant te worden gereinigd. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletZorg dat de ketel wordt onderhouden. Neem contact op met een erkend installateur of sluit een onderhoudscontract af voor de servicebeurt van de ketel. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletEr mogen alleen originele reserveonderdelen worden gebruikt. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkControleer regelmatig of de verwarmingsinstallatie met water is gevuld en onder druk staat. 1. 2 1. 2 1. 2 1. 2 1.

2 AanbevelingenAanbevelingenAanbevelingenAanbevelingenAanbevelingenGevaarGevaarGevaarGevaarGevaarDit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf acht jaar en mensen met een lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke beperking, of met een gebrek aan ervaring en kennis, mits zij onder toezicht staan en worden geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaran verbonden gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Zonder begeleiding mag schoonmaak en gebruikers onderhoud niet door kinderen worden gedaan. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingDe installatie en het onderhoud van de ketel moeten door een erkend installateur worden uitgevoerd volgens de plaatselijke en nationale regelgeving.

WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingHet niet juist installeren en onderhouden van de ketel door een erkend installateur volgens de bij de ketel meegeleverde handleiding, kan tot gevaarlijke situaties leiden en/of lichamelijk letsel tot gevolg hebben. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingDe ketel moet door een erkend installateur worden verwijderd en afgevoerd volgens de plaatselijke en nationale regelgeving.

WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingAls het netsnoer is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant zelf, zijn dealer of vergelijkbare bekwame personen om gevaarlijke situaties te voorkomen. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingBij werkzaamheden aan de ketel, de ketel altijd spanningsvrij maken en de hoofdgaskraan sluiten. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingControleer de hele installatie na onderhouds- en servicewerkzaamheden op lekkages. GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarOm veiligheidsredenen raden wij aan om op geschikte plekken rookmelders en een CO-detector bij het apparaat te plaatsen. 1 Veiligheid7621955 - v. 16 - 23062021 7.

OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletZorg dat de ketel op ieder moment te bereiken is. De ketel moet in een vorstvrije ruimte worden geïnstalleerd. Bij vaste aansluiting van het netsnoer dient altijd voor de ketel een dubbelpolige hoofdschakelaar te worden aangebracht met een contactopening van ten minste 3 mm ( EN 60335-1 ). Tap de ketel en de cv-installatie af, als u voor langere tijd geen gebruik maakt van de woning en er kans is op vorst. De vorstbeveiliging werkt niet als de ketel buiten bedrijf is. De ketelbeveiliging is alleen voor de ketel bedoeld, en niet voor de complete installatie. Controleer regelmatig de waterdruk van de installatie. Als de waterdruk lager is dan 0,8 bar, moet de installatie worden bijgevuld(aanbevolen waterdruk tussen 1,5 en 2,0 bar). BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBewaar dit document in de nabijheid van de ketel.

BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkManteldelen mogen alleen verwijderd worden voor onderhouds- en servicewerkzaamheden. Plaats na de onderhouds- en servicewerkzaamheden alle manteldelen terug. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkInstructie- en waarschuwingsstickers mogen nooit verwijderd of afgedekt worden en moeten gedurende de totale levensduur van de ketel leesbaar zijn. Vervang beschadigde of onleesbare instructie- en waarschuwingsstickers onmiddellijk. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkWijzigingen in de ketel mogen alleen worden uitgevoerd na schriftelijke toestemming van. RemehaRemehaRemehaRemehaRemeha 1. 3 1. 3 1. 3 1. 3 1. 3 Specifieke veiligheidsinstructiesSpecifieke veiligheidsinstructiesSpecifieke veiligheidsinstructiesSpecifieke veiligheidsinstructiesSpecifieke veiligheidsinstructies1. 3. 1 1. 3. 1 1. 3. 1 1. 3. 1 1. 3.

1 Aanvullende richtlijnenAanvullende richtlijnenAanvullende richtlijnenAanvullende richtlijnenAanvullende richtlijnenNaast de wettelijke voorschriften en richtlijnen, moeten ook de aanvullende richtlijnen in deze handleiding worden opgevolgd. Voor alle voorschriften en richtlijnen, zoals genoemd in deze handleiding, geldt dat aanvullingen of latere voorschriften en richtlijnen op het moment van installeren van toepassing zijn. 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 AansprakelijkhedenAansprakelijkhedenAansprakelijkhedenAansprakelijkhedenAansprakelijkheden 1. 4. 1 1. 4. 1 1. 4. 1 1. 4. 1 1. 4. 1 Aansprakelijkheid van de fabrikantAansprakelijkheid van de fabrikantAansprakelijkheid van de fabrikantAansprakelijkheid van de fabrikantAansprakelijkheid van de fabrikantOnze producten worden vervaardigd volgens de eisen van de verschillende van toepassing zijnde richtlijnen.

Ze worden daarom afgeleverd met de -markering en eventueel noodzakelijke documenten. In het belang van de kwaliteit van onze producten brengen wij doorlopend verbeteringen aan. Daarom houden wij ons het recht voor de in dit document vermelde specificaties te wijzigen. In de volgende gevallen zijn wij als fabrikant niet aansprakelijk:Het niet opvolgen van de instructies voor de installatie en het onderhoud van het apparaat. Het niet opvolgen van de gebruiksvoorschriften van het apparaat. Gebrekkig of onvoldoende onderhoud van het apparaat. 1 Veiligheid8 7621955 - v. 16 - 23062021.

1. 4. 2 1. 4. 2 1. 4. 2 1. 4. 2 1. 4. 2 Aansprakelijkheid van de installateurAansprakelijkheid van de installateurAansprakelijkheid van de installateurAansprakelijkheid van de installateurAansprakelijkheid van de installateurDe installateur is aansprakelijk voor de installatie en de eerste inbedrijfstelling van het apparaat. De installateur moet de volgende instructies in acht nemen:Lees de voorschriften van het apparaat in de meegeleverde handleidingen en neem deze in acht. Installeer het apparaat overeenkomstig de geldende wetgeving en normen. Voer de eerste inbedrijfstelling en eventueel benodigde controles uit. Leg de installatie uit aan de gebruiker. Als onderhoud noodzakelijk is, waarschuw dan de gebruiker voor de controle- en onderhoudsplicht betreffende het apparaat. Overhandig alle handleidingen aan de gebruiker. 1. 4. 3 1. 4. 3 1. 4. 3 1. 4. 3 1. 4.

3 Aansprakelijkheid van de gebruikerAansprakelijkheid van de gebruikerAansprakelijkheid van de gebruikerAansprakelijkheid van de gebruikerAansprakelijkheid van de gebruikerOm het optimaal functioneren van het apparaat te garanderen moet u de volgende aanwijzingen in acht nemen:Lees de voorschriften van het apparaat in de meegeleverde handleidingen en neem deze in acht. Vraag de hulp van een erkend installateur voor de installatie en de uitvoering van de eerste inbedrijfstelling. Vraag aan de installateur uitleg over uw installatie. Laat de benodigde inspecties en onderhoud uitvoeren door een erkend installateur. Bewaar de handleidingen in goede staat en in de buurt van het apparaat. 2 Over deze handleiding 2. 1 2. 1 2. 1 2. 1 2. 1 AlgemeenAlgemeenAlgemeenAlgemeenAlgemeenDeze handleiding beschrijft de installatie, het gebruik en het onderhoud van de Quinta Ace ketel.

2 Aanvullende documentatieAanvullende documentatieAanvullende documentatieAanvullende documentatieAanvullende documentatieNaast deze handleiding is de volgende documentatie beschikbaar:Installatie- en gebruikershandleiding voor bedieningspaneelWaterkwaliteitsvoorschrift2. 3 2. 3 2. 3 2. 3 2. 3 Gebruikte symbolenGebruikte symbolenGebruikte symbolenGebruikte symbolenGebruikte symbolen 2. 3. 1 2. 3. 1 2. 3. 1 2. 3. 1 2. 3. 1 In de handleiding gebruikte symbolenIn de handleiding gebruikte symbolenIn de handleiding gebruikte symbolenIn de handleiding gebruikte symbolenIn de handleiding gebruikte symbolenIn deze handleiding worden verschillende gevarenniveaus gebruikt om aandacht op de bijzondere aanwijzingen te vestigen. Wij doen dit om de veiligheid van de gebruiker te verhogen, problemen te voorkomen en om de technische bedrijfszekerheid van het apparaat te waarborgen.

1 CertificeringenCE-identificatienummerPIN 0063CQ3781 PIN 0063CQ3781 PIN 0063CQ3781 PIN 0063CQ3781 PIN 0063CQ3781 NOx-klasse (1) 6 6 6 6 6 Type rookgasaansluitingB23P (2)C33 , C53 , C63 , C93(1) EN 15502–1(2) Als een ketel wordt geïnstalleerd met een aansluiting van het type B23P, dan wordt de IP-codering van de ketel verlaagd tot IP20. 3. 1. 2 3. 1. 2 3. 1. 2 3. 1. 2 3. 1. 2 GaskeurlabelsGaskeurlabelsGaskeurlabelsGaskeurlabelsGaskeurlabelsDe ketel heeft diverse Gaskeurlabels. Deze onafhankelijke prestatielabels worden door College van Deskundigen Energie Prestatie Keur toegekend aan die gasverbruiksapparaten die voldoen aan specifieke eisen met betrekking tot een aantal doelmatigheids-, milieutechnische-, en comfortaspecten.

Gaskeur HR (Hoog rendement verwarming)Gaskeur HR (Hoog rendement verwarming)Gaskeur HR (Hoog rendement verwarming)Gaskeur HR (Hoog rendement verwarming)Gaskeur HR (Hoog rendement verwarming)Dit houdt in dat het rendement van de ketel (die tenminste een energielabel A voor cv draagt) tijdens cv-bedrijf hoog is. Binnen de brede bandbreedte die hoort bij het energielabel A komen de rendementsprestaties van de ketel tijdens cv-bedrijf in de top van de band uit. Dit betekent dat de ketel zuinig is met energie, dus minder energiekosten oplevert en beter is voor het milieu. Afb. 1 Gaskeur HRAD-3000777-013 Technische specificaties10 7621955 - v. 16 - 23062021.

3. 1. 3 3. 1. 3 3. 1. 3 3. 1. 3 3. 1. 3 MIA/Vamil-eisenMIA/Vamil-eisenMIA/Vamil-eisenMIA/Vamil-eisenMIA/Vamil-eisenDe Quinta Ace voldoet aan de MIA/Vamil emissie-eisen. De NOx-emissies worden gemeten volgens Scope 6 van SCIOS, zonder correctie van de meetwaarden door de meetonzekerheid. De Quinta Ace staat vermeld op de positieve lijst voor B 4309 (NOx < 20 mg/Nm3) van producten die voldoen aan de MIA/Vamil-eisen. Daarom komen installaties met Quinta Ace-ketels in aanmerking voor een flink belastingvoordeel. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkScan de QR-code voor meer informatie over de MIA/Vamil-eisen. Zie het hoofdstuk voor de Vamil-instellingen van de ketel. 3. 1. 4 3. 1. 4 3. 1. 4 3. 1. 4 3. 1. 4 ToestelcategorieënToestelcategorieënToestelcategorieënToestelcategorieënToestelcategorieënTab.

2 Toestelcategorieën LandLandLandLandLand CategorieCategorieCategorieCategorieCategorie GassoortGassoortGassoortGassoortGassoort Aansluitdruk (mbar)Aansluitdruk (mbar)Aansluitdruk (mbar)Aansluitdruk (mbar)Aansluitdruk (mbar)Nederland II2EKP3P(1)I2HI2EI2 (43,46 - 45,3 MJ/m3 (0 °C))(1)G25. 3 (K-gas)G20 (H-gas)G31 (propaan)252030-50(1) Dit apparaat is geschikt voor categorie I2K dat tot 20% waterstofgas (H2) bevat. II2EK3P. Dit toestel is afgesteld voor de toestelcategorie K (I2K) en is hiermee geschikt voor het gebruik van G en G+ distributiegassen volgens de specificaties zoals die zijn weergegeven in de NTA 8837:2012 Annex D met een Wobbe-index van 43,46 – 45,3 MJ/m3 (droog, 0°C, bovenwaarde) of 41,23 – 42,98 (droog, 15°C, bovenwaarde).

Dit toestel kan daarnaast opnieuw worden afgeregeld voor de toestelcategorie E (I2E) en is dan geschikt voor het gebruik van hoogcalorische distributiegassen met een Wobbe-index van 52,07 – 54,18 MJ/m3 (droog, 0°C, bovenwaarde) of 49,4 – 51,4 MJ/m3 (droog, 15°C, bovenwaarde).

Voorwaarde voor het hoogcalorische distributiegas is dat de samenstelling niet meer dan 7% propaan, 12% ethaan, 1,5% koolstofdioxide, 0,5% waterstof en 1,8% waterdamp bevat. Het totale PE getal (propaanequivalent) mag niet hoger dan 7% zijn. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBovengenoemde grenswaarden voor de Wobbe-index zijn de waarden die gewaarborgd worden door de tests volgens de toestelnorm EN 15502-2-1 met de extreme grensgassen die voor de genoemde toestelcategorieën gelden. 3. 1. 5 3. 1. 5 3. 1. 5 3. 1. 5 3. 1. 5 RichtlijnenRichtlijnenRichtlijnenRichtlijnenRichtlijnenNaast de wettelijke voorschriften en richtlijnen, moeten ook de aanvullende richtlijnen in deze handleiding worden opgevolgd.

Voor alle voorschriften en richtlijnen, zoals genoemd in deze handleiding, geldt dat aanvullingen of latere voorschriften en richtlijnen op het moment van installeren van toepassing zijn. 3. 1. 6 3. 1. 6 3. 1. 6 3. 1. 6 3. 1. 6 FabriekstestFabriekstestFabriekstestFabriekstestFabriekstestIedere ketel wordt voor het verlaten van de fabriek optimaal ingesteld en getest op:Elektrische veiligheid. Afstelling van O2. Waterdichtheid. Gasdichtheid. Afb. 2 QR-code naar Vamil-websiteAD-3000847-013 Technische specificaties7621955 - v. 16 - 23062021 11.

2 WerkingsprincipeWerkingsprincipeWerkingsprincipeWerkingsprincipeWerkingsprincipe 4. 2. 1 4. 2. 1 4. 2. 1 4. 2. 1 4. 2. 1 Gas-/luchtregelingGas-/luchtregelingGas-/luchtregelingGas-/luchtregelingGas-/luchtregelingDe ketel is voorzien van een bemanteling die tevens als luchtkast dient. De ventilator zuigt de verbrandingslucht aan. In de venturi wordt het gas ingespoten en gemengd met de verbrandingslucht. Afhankelijk van de instellingen, de warmtevraag en de heersende temperaturen die worden gemeten door de temperatuursensoren, wordt het toerental van de ventilator geregeld. De gas-/luchtkoppeling zorgt ervoor dat de hoeveelheid gas en lucht precies op elkaar worden afgestemd. Hierdoor ontstaat een optimale verbranding over het hele belastingbereik. Het gas-/luchtmengsel gaat naar de brander, waar het wordt ontstoken door de ontstekingselektrode.

BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkVoor iedere branderstart, met een minimum van 1 maal per 24 uur, wordt de verbrandingsluchttoevoer gecontroleerd. Houdt er bij continu bedrijf (bijvoorbeeld bij het leveren van proceswarmte) rekening mee dat de ketelregeling iedere 24 uur een reset uitvoert. 4.

2. 2 4. 2. 2 4. 2. 2 4. 2. 2 4. 2. 2 VerbrandingVerbrandingVerbrandingVerbrandingVerbrandingDe brander verwarmt het CV-water dat door de warmtewisselaar stroomt. Als de temperatuur van de rookgassen lager is dan het condensatiepunt (ca. 55°C), condenseert de waterdamp in de warmtewisselaar. De warmte die bij dit condensatieproces vrijkomt (de zogenaamde latente- of condensatiewarmte) wordt eveneens aan het CV-water overgedragen. De afgekoelde rookgassen worden afgevoerd via de rookgasafvoerleiding. Het condenswater wordt via een sifon afgevoerd. 4. 2. 3 4. 2. 3 4. 2. 3 4. 2. 3 4. 2. 3 BesturingsvoorzieningBesturingsvoorzieningBesturingsvoorzieningBesturingsvoorzieningBesturingsvoorzieningDe besturingselektronica zorgt voor een slimme en betrouwbare e-Smarte-Smarte-Smarte-Smarte-Smartwarmtelevering.

Dit houdt in dat de ketel praktisch omgaat met negatieve invloeden uit de omgeving (zoals geringe waterdoorstroming en luchttransportproblemen). De ketel gaat bij dergelijke invloeden niet in storing, maar moduleert in eerste instantie terug. En afhankelijk van de aard van de omstandigheden kan een waarschuwing, een blokkering of vergrendeling volgen. De ketel kan warmte blijven leveren, zolang zich geen gevaarlijke situaties voordoen. Dankzij deze aansturing is de ketel ook voorbereid voor beheer en bewaking op afstand. 4. 2. 4 4. 2. 4 4. 2. 4 4. 2. 4 4. 2. 4 RegelingRegelingRegelingRegelingRegelingAan/uit-regelingAan/uit-regelingAan/uit-regelingAan/uit-regelingAan/uit-regeling4 Beschrijving van het product16 7621955 - v. 16 - 23062021.

De belasting tussen de minimale en de maximale waarde varieert op basis van de op de ketel ingestelde aanvoertemperatuur. Op de ketel kan een 2-draads aan/uit thermostaat of een power stealing thermostaat worden aangesloten. Modulerende regelingModulerende regelingModulerende regelingModulerende regelingModulerende regelingDe belasting tussen de minimale en de maximale waarde varieert op basis van de door de modulerende regelaar bepaalde aanvoertemperatuur. Het vermogen van de ketel kan modulerend worden geregeld met een daarvoor geschikte regelaar. Analoge regeling (0 – 10 V)Analoge regeling (0 – 10 V)Analoge regeling (0 – 10 V)Analoge regeling (0 – 10 V)Analoge regeling (0 – 10 V)De belasting tussen de minimale en de maximale waarde varieert op basis van de op de analoge ingang aangeboden spanning. 4. 2. 5 4. 2. 5 4. 2. 5 4. 2. 5 4. 2.

5 WatertemperatuurregelingWatertemperatuurregelingWatertemperatuurregelingWatertemperatuurregelingWatertemperatuurregelingDe ketel is voorzien van een elektronische temperatuurregeling met een aanvoer- en een retoursensor. De aanvoertemperatuur is instelbaar tussen 20°C en 90°C. De ketel moduleert terug als de ingestelde aanvoertemperatuur is bereikt. De uitschakeltemperatuur is de ingestelde aanvoertemperatuur + 5°C. 4. 2. 6 4. 2. 6 4. 2. 6 4. 2. 6 4. 2. 6 WatergebrekbeveiligingWatergebrekbeveiligingWatergebrekbeveiligingWatergebrekbeveiligingWatergebrekbeveiligingDe ketel is voorzien van een watergebrekbeveiliging op basis van temperatuurmetingen. Door terug te moduleren op het moment dat de waterdoorstroming te klein dreigt te worden, blijft de ketel zo lang mogelijk in bedrijf. Bij geen- of te weinig water geeft de ketel een waarschuwing.

7 WaterdoorstromingWaterdoorstromingWaterdoorstromingWaterdoorstromingWaterdoorstromingDe modulerende regeling van de ketel begrenst het maximale verschil tussen aanvoertemperatuur en retourtemperatuur. Daarnaast is een warmtewisselaartemperatuursensor gemonteerd om de minimale waterdoorstroming te bewaken. Deze begrenst de maximale stijging van de warmtewisselaartemperatuur en bewaakt het maximale verschil tussen de aanvoer-, retour- en warmtewisselaartemperatuur. Hierdoor is de ketel ongevoelig voor te kleine waterdoorstroming. 4. 2. 8 4. 2. 8 4. 2. 8 4. 2. 8 4. 2. 8 WaterdruksensorWaterdruksensorWaterdruksensorWaterdruksensorWaterdruksensorDe waterdruksensor registreert de waterdruk in de ketel. Wijzig de grenswaarde van de waterduksensor met parameter.

AP006AP006AP006AP006AP006Voor meer informatie, zieVoor meer informatie, zieVoor meer informatie, zieVoor meer informatie, zieVoor meer informatie, zieInstellingen van de CU-GH06c-regeleenheid, pagina 57Parameters wijzigen, pagina 55 4. 2. 9 4. 2. 9 4. 2. 9 4. 2. 9 4. 2. 9 LuchtdrukverschilschakelaarLuchtdrukverschilschakelaarLuchtdrukverschilschakelaarLuchtdrukverschilschakelaarLuchtdrukverschilschakelaarDe luchtdrukverschilschakelaar is een beveiliging tegen een verstopte sifon of verstopte luchttoevoer/ rookgasafvoer. Voor de start en als de ketel in bedrijf is, meet de luchtdrukverschilschakelaar het drukverschil tussen de meetpunten APSAPSAPSAPSAPSop de condensbak ppppp+++++ en de luchtkast ppppp-----. Is dit drukverschil groter dan 6 mbar, dan vergrendelt de ketel. Na het opheffen van de storingsoorzaak kan de ketel worden ontgrendeld. 4 Beschrijving van het product7621955 - v.

4. 2. 10 4. 2. 10 4. 2. 10 4. 2. 10 4. 2. 10 CirculatiepompCirculatiepompCirculatiepompCirculatiepompCirculatiepompΔPΔPΔPΔPΔP Ketelweerstand (mbar)QQQQQ Debiet (m3/h)De ketel wordt zonder pomp geleverd. Houd bij de keuze van de pomp rekening met de ketelweerstand en de installatieweerstand. ZieZieZieZieZieTechnische gegevens, pagina 12. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletHet maximum opgenomen vermogen mag 300 VA zijn. Gebruik een hulprelais voor een pomp met een groter vermogen. 4. 2. 11 4. 2. 11 4. 2. 11 4. 2. 11 4. 2. 11 BoileraansluitingBoileraansluitingBoileraansluitingBoileraansluitingBoileraansluitingOp de ketel kan een boiler worden aangesloten. Ons leveringsprogramma bevat diverse boilers. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkNeem contact met ons op voor meer informatie. 4. 2. 12 4. 2. 12 4. 2. 12 4. 2. 12 4. 2.

4. 4 4. 4 4. 4 4. 4 4. 4 Beschrijving van het bedieningspaneelBeschrijving van het bedieningspaneelBeschrijving van het bedieningspaneelBeschrijving van het bedieningspaneelBeschrijving van het bedieningspaneel 4. 4. 1 4. 4. 1 4. 4. 1 4. 4. 1 4. 4. 1 Betekenis van de toetsenBetekenis van de toetsenBetekenis van de toetsenBetekenis van de toetsenBetekenis van de toetsen1 1 1 1 1 hEscape Terug naar vorig niveau. Reset Handmatige reset. 2 2 2 2 2 CV aanvoertemperatuurToegang tot het instellen van de CV aanvoertemperatuur. Min Waarde verlagen of één menu-item teruggaan. 3 3 3 3 3 SWW temperatuur Toegang tot het instellen van de SWW temperatuur. Plus Waarde verhogen of één menu-item vooruit gaan. 4 4 4 4 4 CV/SWW functie Schakelt functie aan of uit. Enter Bevestiging van selectie of waarde.

5 5 5 5 5 SchoorsteenvegermodusDruk tegelijk op toetsen en om 11111 22222de schoorsteenvegermodus te starten. 6 6 6 6 6 33333 44444Menu Druk tegelijk op toetsen en om het menu te openen. 4. 4. 2 4. 4. 2 4. 4. 2 4. 4. 2 4. 4. 2 Betekenis van de symbolen op het displayBetekenis van de symbolen op het displayBetekenis van de symbolen op het displayBetekenis van de symbolen op het displayBetekenis van de symbolen op het displayTab. 10 Mogelijke pictogrammen op het display (afhankelijk van de beschikbare apparaten of functies)Informatiemenu: uitlezen diverse actuele waarden. Gebruikersmenu: parameters op gebruikersniveau kunnen worden aangepast. Installateursmenu: parameters op installateursniveau kunnen worden aangepast. Handbedieningsmenu: handbedrijf kan worden ingesteld. Storingsmenu: storingen kunnen worden uitgelezen.

Het vermogensniveau van de brander (1 tot 5 balkjes en per balkje 20% vermogen)De warmtepomp is ingeschakeld. - Weergave van de dagenCentrale verwarming-functie is uitgeschakeld. Sanitair warm water-functie is uitgeschakeld. De zonneboiler is ingeschakeld en weergave opwarmniveau van de zonneboiler. Weergave van de installatie waterdruk. Het vakantieprogramma (inclusief vorstbeveiliging) is actief. Koelingsmodus is actief. Centrale verwarming-functie is ingeschakeld. Sanitair warm water-functie is ingeschakeld. Weergave van de gekozen besturingsprint. Driewegklep-indicator. De circulatiepomp draait. Afb. 7 BedieningspaneelAD-3000833-0112345 64 Beschrijving van het product7621955 - v. 16 - 23062021 19.

ECO-modus is actief.Schakel het apparaat uit en weer aan. 4.4.3 4.4.3 4.4.3 4.4.3 4.4.3 Navigeren door de menu'sNavigeren door de menu'sNavigeren door de menu'sNavigeren door de menu'sNavigeren door de menu'sBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkAfhankelijk van de aangesloten apparaten of besturingsprinten, toont het bedieningspaneel in bepaalde menu’s verschillende keuzemogelijkheden.Selecteer eerst een apparaat, besturingsprint of zone om een instelling te bekijken of te wijzigen.1. Druk op een willekeurige toets om de regelaar vanuit het stand-by-scherm te activeren. 2. Druk tegelijkertijd op de twee toetsen rechts om de mogelijke menukeuzes te activeren.

Tab.11 Mogelijke menukeuzesInformatiemenuGebruikersmenuInstallateursmenuHandbedieningsmenuStoringsmenuUrentellers- / klokprogramma- / tijdsweergavemenuMenu besturingsprints(1)(1) Het pictogram wordt alleen weergegeven als een optionele besturingsprint is geïnstalleerd.3. Druk op de toets om de cursor naar rechts te verplaatsen. 4. Druk op de toets om de cursor naar links te verplaatsen. 5. Druk op de toets om de selectie van het gewenste menu of parameter te bevestigen. 6. Druk op de toets of om de waarde te wijzigen. 7. Druk op de toets om de waarde te bevestigen. Afb.8 Stap 1MW-3000377-02Afb.9 Stap 2MW-3000299-01Afb.10 Stap 3MW-3000300-02Afb.11 Stap 4MW-3000301-02Afb.12 Stap 5MW-3000302-01Afb.13 Stap 6MW-3000303-01Afb.14 Stap 7MW-3000304-014 Beschrijving van het product20 7621955 - v.16 - 23062021

Zie voor installatie of montage van eventueel met de ketel meegeleverde accessoires, de bijbehorende montage-instructies. 4. 6 4. 6 4. 6 4. 6 4. 6 Accessoires en keuzemogelijkhedenAccessoires en keuzemogelijkhedenAccessoires en keuzemogelijkhedenAccessoires en keuzemogelijkhedenAccessoires en keuzemogelijkhedenVoor de ketel zijn diverse accessoires te verkrijgen. BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkNeem contact met ons op voor meer informatie. 5 Voor de installatie 5. 1 5. 1 5. 1 5. 1 5. 1 InstallatievoorschriftenInstallatievoorschriftenInstallatievoorschriftenInstallatievoorschriftenInstallatievoorschriftenWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingDe installatie van de ketel moet door een erkend installateur worden uitgevoerd volgens de plaatselijk en nationaal geldende regelgeving. 5. 2 5.

5. 3. 2 5. 3. 2 5. 3. 2 5. 3. 2 5. 3. 2 Plaats van de ketelPlaats van de ketelPlaats van de ketelPlaats van de ketelPlaats van de ketelBepaal de juiste plaats voor montage van de ketel aan de hand van de richtlijnen en de benodigde opstellingsruimte. Houd bij de bepaling van de juiste opstellingsruimte rekening met de toegestane positie van de rookgasafvoer- en/of luchttoevoeruitmonding. Zorg voor voldoende ruimte rond de ketel voor een goede bereikbaarheid en vereenvoudiging van het onderhoud. GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarHet is verboden om, zelfs tijdelijk, brandbare producten en stoffen in de ketel of in de buurt van de ketel op te slaan. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletMonteer de ketel aan een stevige en massieve muur (tenminste metselwerk van halfsteens kalkzandsteen). Breng een verstevigingsconstructie aan, indien nodig.

De ketel moet in een vorstvrije ruimte geïnstalleerd worden. Bij de ketel moet een wandcontactdoos met randaarde aanwezig zijn. Voor de condensafvoer moet er een aansluiting op het riool in de buurt van de ketel zijn. De aangegeven minimale ruimte is nodig voor standaard onderhoudswerkzaamheden. Voor installatie en ingrijpende servicewerkzaamheden, is recht vóór de ketel een vrije ruimte nodig van minimaal 1 m x 1 m. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletBij vaste aansluiting van het netsnoer dient altijd voor de ketel een dubbelpolige hoofdschakelaar te worden aangebracht met een contactopening van ten minste 3 mm ( EN 60335-1 ). 5. 4 5. 4 5. 4 5. 4 5. 4 TransportTransportTransportTransportTransportDe ketel wordt op een pallet geleverd. De levering omvat 2 verpakkingen. Een verpakking met de ketel en een verpakking met losse onderdelen en technische documentatie.

5.6 5.6 5.6 5.6 5.6 Aansluitschema'sAansluitschema'sAansluitschema'sAansluitschema'sAansluitschema's 5.6.1 5.6.1 5.6.1 5.6.1 5.6.1 Gebruik van de installatievoorbeeldenGebruik van de installatievoorbeeldenGebruik van de installatievoorbeeldenGebruik van de installatievoorbeeldenGebruik van de installatievoorbeeldenIn dit hoofdstuk worden enkele installatievoorbeelden gegeven. Elk voorbeeld geeft een snel overzicht van een eenvoudige hydraulische opstelling, samen met de aansluitingen die moeten worden gemaakt en de parameters die op de printplaten moeten worden ingesteld.BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkVoor het gebruik van deze voorbeelden is basiskennis van installatietechniek vereist.De tabellen met installatievoorbeelden zien er als volgt uit:Afb.20 Ketel uitpakkenAD-0000137-0211234 55 Voor de installatie24 7621955 - v.16 - 23062021

De schema's zijn opgedeeld in kolommen. Alle relevante aansluitingen en instellingen zijn per kolom gegroepeerd.Warmtevraag: De bovenste rij toont de warmtevraag (indien van toepassing) voor de zone.Hydraulische aansluitingen: Alleen de belangrijkste onderdelen worden getoond; de op een printplaat aan te sluiten onderdelen zijn genummerd.Elektrische aansluitingen: De nummers in de hydraulische aansluitingen verwijzen naar connectoren in deze rij. Er zijn meerdere cijfers om het type aansluiting te identificeren:A A A A A Apparaat warmtevraag. 1,2,... 1,2,... 1,2,... 1,2,... 1,2,... De nummers in de hydraulische aansluitingen verwijzen naar connectoren in deze rij. Verbind component nr. 1 van het hydraulische schema met de connector die wordt getoond in regel 1.Te overbruggen elektrische verbindingen: Deze connectoren moeten worden overbrugd.

Sommige bruggen zijn al in de fabriek gemonteerd, andere moeten worden gemonteerd voor het specifieke installatievoorbeeld.In te stellen parameters: De parameters zijn onderverdeeld per printplaat en moeten op die specifieke printplaat worden ingesteld.De connectoren zijn te vinden op de genoemde printplaat. Houd bij het maken van de verbindingen rekening met het volgende:Deze connectoren kunnen normaal aangesloten worden.Afb.21 ZoneAD-3001510-01Afb.22 WarmtevraagAD-3001506-01Afb.23 Hydraulische aansluitingenAD-3001507-01Afb.24 Te maken elektrische verbindingenAD-3001508-02Afb.25 Te overbruggen elektrische verbindingenAD-3001997-01Afb.26 In te stellen parametersAD-3001509-01Afb.27 Normale connectorAD-3001511-01LN AUXLN AUX5 Voor de installatie7621955 - v.16 - 23062021 25

Deze connectoren combineren twee stekkers in één connector. In de installatievoorbeelden verschijnen ze met één gemarkeerd deel dat gebruikt moet worden.Rij toont alle te overbruggen connectoren. Sluit een brug op deze BBBBBconnector aan. 5.6.2 5.6.2 5.6.2 5.6.2 5.6.2 Hoe u het gewenste installatievoorbeeld kunt vindenHoe u het gewenste installatievoorbeeld kunt vindenHoe u het gewenste installatievoorbeeld kunt vindenHoe u het gewenste installatievoorbeeld kunt vindenHoe u het gewenste installatievoorbeeld kunt vindenElk voorbeeld heeft een code die de hydraulische opstelling beschrijft. De hydraulische code bestaat uit acht delen.

Het eerste deel is een letter en elk van de volgende delen bestaat uit twee cijfers:Tab.13 Betekenis van de letter en cijfersCijfersCijfersCijfersCijfersCijfers1 1 1 1 1 2 2 2 2 2 3 3 3 3 3 4 4 4 4 4 5 5 5 5 5 6 6 6 6 6 7 7 7 7 7 8 8 8 8 8 De zones, SWW-zone en SWW-uitbreidingszone kunnen naargelang de gebruikte apparaten verschillende namen hebben. Een "1" achter de zonenaam betekent dat de zone wordt geregeld door een uitbreidingsprint waarvan de draaischakelaar is ingesteld op "1". De zonenaam staat bovenaan de kolommen.De nummers van elk deel worden gekoppeld aan een specifieke configuratie.

Tab. 22 Te overbruggen elektrische verbindingen op CB-01 WarmteopwekWarmteopwekWarmteopwekWarmteopwekWarmteopwekkerkerkerkerker AansluitingAansluitingAansluitingAansluitingAansluiting CH 1 / CircB 1CH 1 / CircB 1CH 1 / CircB 1CH 1 / CircB 1CH 1 / CircB 1 DHW 1DHW 1DHW 1DHW 1DHW 1 B B B B B (1)CB-01 CB-01 CB-01 CB-01 CB-01 BL (1) Bridge: Deze connectoren moeten worden overbrugd. Sommige bruggen zijn al in de fabriek gemonteerd, andere moeten worden gemonteerd voor dit specifieke installatievoorbeeld. Tab.

6 Installatie 6. 1 6. 1 6. 1 6. 1 6. 1 AlgemeenAlgemeenAlgemeenAlgemeenAlgemeenWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingDe installatie van de ketel moet door een erkend installateur worden uitgevoerd volgens de plaatselijk en nationaal geldende regelgeving. 6. 2 6. 2 6. 2 6. 2 6. 2 VoorbereidingVoorbereidingVoorbereidingVoorbereidingVoorbereiding6. 2. 1 6. 2. 1 6. 2. 1 6. 2. 1 6. 2. 1 Positionering van de ketelPositionering van de ketelPositionering van de ketelPositionering van de ketelPositionering van de ketelDankzij de ophangstrip aan de achterzijde van de mantel, kan de ketel direct aan de ophangbeugel gehangen worden. De ketel wordt geleverd met een montagesjabloon. 1. Plak de montagesjabloon van de ketel met plakband op de muur.

WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingControleer met een waterpas of het montagesjabloon perfect horizontaal hangt. Bescherm de ketel tegen bouwstof en dek de rookgasafvoer en luchttoevoer aansluitpunten af. Verwijder deze afdekking pas bij montage van de betreffende aansluitingen. 2. Boor 4 gaten van Ø 10 mm. 3. Plaats de Ø 10 mm pluggen. 4. Bevestig de ophangbeugel met de meegeleverde Ø 10 mm bouten aan de muur. 5. Hang de ketel op aan de ophangbeugel ter hoogte van de pijlen aan de zijkant van de ketel. WaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingHet gewicht van de ketel is groter dan het maximum gewicht dat één persoon kan dragen. Neem de geldende regelgeving in acht. Wij adviseren het gebruik van een tilhulp. Neem alle benodigde veiligheidsmaatregelen wanneer u de ketel op de wandmontagebeugel hijst.

6. 3. 2 6. 3. 2 6. 3. 2 6. 3. 2 6. 3. 2 Aansluiten van het verwarmingscircuitAansluiten van het verwarmingscircuitAansluiten van het verwarmingscircuitAansluiten van het verwarmingscircuitAansluiten van het verwarmingscircuit1. Verwijder de stofdop op de aansluiting aanvoer CV onder aan de ketel. 2. Monteer de uitgaande leiding voor CV-water op de aansluiting aanvoer CV. 3. Verwijder de stofdop op de aansluiting retour CV onder aan de ketel. 4. Monteer de ingaande leiding voor CV-water op de aansluiting retour CV. 5. Monteer voor het vullen en het aftappen van de ketel een vulkraan/aftapkraan in de retour CV-leiding. 6. Monteer de installatiepomp in de retour CV-leiding.

ZieZieZieZieZieVoor het elektrisch aansluiten van de installatiepomp: Aansluiten installatiepomp, pagina 43BelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkBelangrijkMonteer in de aanvoer CV-leiding en de retour CV-leiding een serviceafsluiter, voor het uitvoeren van servicewerkzaamheden. OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletPlaats, bij montage van serviceafsluiters, de vulkraan/aftapkraan, het expansievat en het overdrukventiel tussen de afsluiter en de ketel. Volg bij gebruik van kunststof leidingen de (aansluit) aanwijzingen van de fabrikant op. 6. 3. 3 6. 3. 3 6. 3. 3 6. 3. 3 6. 3. 3 Aansluiten van het expansievatAansluiten van het expansievatAansluiten van het expansievatAansluiten van het expansievatAansluiten van het expansievat1. Zorg voor een expansievat met de juiste inhoud en voordruk. 2. Monteer het expansievat op de retour CV-leiding. 6. 3. 4 6. 3. 4 6. 3. 4 6. 3. 4 6. 3.

4 Aansluiten van de condensatie-afvoerleidingAansluiten van de condensatie-afvoerleidingAansluiten van de condensatie-afvoerleidingAansluiten van de condensatie-afvoerleidingAansluiten van de condensatie-afvoerleidingBij de ketel wordt standaard de sifon los meegeleverd (inclusief flexibele kunststof afvoerslang en een doorzichtig verlengslangetje voor de automatische ontluchter). Monteer deze onderdelen onder de ketel. Afb.

1. Verwijder de stofdop op de sifonaansluiting onder aan de ketel. 2. Trek de vergrendelingsschuif van de sifon naar achteren. 3. Druk de sifon stevig in de daarvoor bestemde opening. 4. Duw de vergrendelingsschuif van de sifon naar voren. 5. Controleer of de sifon stevig vastzit in de ketel. 6. Monteer een kunststof afvoerpijp Ø 32 mm of groter, uitkomend op het riool. 7. Bevestig de meegeleverde sifonslang aan de uitgang van de sifon en steek het andere eind in de kunststof afvoerpijp. 8. Duw het meegeleverde doorzichtige slangetje in de aansluittule van de automatiche ontluchter en steek het andere eind in de kunststof afvoerpijp. 9. Monteer een stankafsluiter of sifon in de afvoerpijp. GevaarGevaarGevaarGevaarGevaarDe sifon moet altijd voldoende gevuld zijn met water. Dit voorkomt dat er rookgassen in het vertrek komen.

OpgeletOpgeletOpgeletOpgeletOpgeletDicht de condensafvoer nooit af. Afschot afvoerpijp minimaal 30 mm per meter, maximale horizontale lengte 5 meter. Het lozen van condenswater op een dakgoot is niet toegestaan. 6. 4 6. 4 6. 4 6. 4 6. 4 GasaansluitingGasaansluitingGasaansluitingGasaansluitingGasaansluitingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingWaarschuwingSluit de hoofdgaskraan voor de start van de werkzaamheden aan de gasleidingen. Controleer voor montage of de gasmeter voldoende capaciteit heeft. Houd daarbij rekening met het verbruik van alle apparaten. Waarschuw het plaatselijke energiebedrijf als de gasmeter te weinig capaciteit heeft. 1. Verwijder de stofdop op de gasaansluiting onder aan de ketel. 2. Monteer de gasaanvoerleiding. 3. Monteer in deze leiding direct onder de ketel een gaskraan. 4. Monteer de gasleiding op de gaskraan.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Remeha Quinta Ace 135 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden