Remeha Gas 2 HR Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Remeha Gas 2 HR (16 pagina’s), behorend tot de categorie Verwarmingsketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 32 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Remeha Gas 2 HR of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/16
Technische informatie
Energie besparende
gasketels
Algemene
beschrijving
De Remeha
ketel, type Gas 2 HR, is afgeleid van de
standaard ketel, type Gas 2 XR. De maximaal
toe-
gestane
watertemperatuur is 110oC bij
gesloten
in-
stallaties. De maximale bedrijf stemperatuur is
950C.
Bij retourwatertemperaturen boven 55oC zal in de
tweede warmtewisselaar
geen
kondensatie optre-
den. ln dit temperatuu rgebied zal alleen voelbare
warmte worden teruggewonnen.
Bij daling van de retourwatertemperatuur onder de
55oC zal kondens worden
gevormd.
In dit
gebied
zal
zowel voelbare als latente warmte worden terugge-
won nen.
De minimaal toegestane retou rwatertemperatu u r
bedraagt 20oC. Bii deze temperatuur
zal
geen
kon-
densatie
in het gietijzeren gedeelte
optreden bij
een watertransoort door de ketel overeenkomend
met een tem
peratu
u rversch i I tussen aanvoer en re-
tour van 1oo/o ol meer bij de nominale ketelbe-
lasting.
De ketel kan derhalve direkt weersaf hankeliik wor-
den
gestuurd.
Type:
Atmosferische
gasketel, geschikt
voor het stoken
van alle kwaliteiten aardgas.
De
ketel is uitgevoerd met een tweede warmtewis-
selaar
(economiser), geschikt
voor terugwinning
van
voelbare en latente
warmte.
Konstruktie:
Het ketelblok bestaat uit rem-casro
perlitisch giet
ijzeren leden, die d.m.v. konische nippels
zijn
sa-
mengebouwd.
De
tweede
warmtewisselaar, opge-
bouwd uit
gevinde pilpen,
is
gemaakt
van alumini-
um, voorzien
van
een duurzame
coating
Jem-ct
Ftr@,
waardoor een grote
korrosiebestendigheid ont-
staat.
Een verbrandingsgasafvoerventilator
zorgt
voor het transport van de verbrand ingsgassen door
het ketelblok, de tweede warmtewisselaar
en de
verbrandingsgasafvoerleid
i ng.
Toepassing:
Aansluiting en opstelling overeenkomstig de gel-
dendevoorschriften NEN 1078(GAVO
1984
en
NEN
3028.
De atmosferische branders
en de verbrand ingsgas-
afvoerventilator
zijn
geruisarm.
Gas 2 HR ketels kunnen in
geen geval
zonder
meer
op bouwkundige kanalen worden aangesloten. Er
dient
in voorkomend
geval gebruik
te worden
ge-
maakt van een
voeringspijp
(zie
tabellen over ver-
brandingsgasafvoersystemen
op blz. 15 en l6).
Gas 2 HR 39,6 t.m. 74,5 kW
m6t thermo-elektrische beveiliginglf'*g-,
o
De circulatiepomp
dient door middel van de inge-
bouwde
pompschakeling
te worden
gestuurd
(zie
paS.
8). De ingebouwde terugslagklep zal waak-
vlamkondensatie
gedurende
lange stilstandsperio-
den voorkomen.
Klasse-indeling:
zie
pag.
4.
Raadpleeg in geval
van twijfel het
plaatselijke gas-
bedrijf
en/of onze Produkt
Advies Dienst.
Ketelgebruiksrendement:
Het gebruiksrendement
wordt tijdens
de keuring
gemeten
bij een gemiddelde ketelwatertempera-
tuur van
45oC en een schakelcyclus
van 3 minuten
aan,7 minuten uit als de ketel in evenwicht
is en
moet minimaal 90% t.o.v. de calorische bovenwaar-
de van de brandstof bedragen
(of
100% t.o.v.
de ca-
lorische
onderwaarde).
Het door het
VEG-Gasinstituut
gemeten
gebruiks-
rendement bedraagt
91 % t.o.v. Hb.
Walezijdig rendement:
a. Ca. 88,0%
ten opzichte van Hb (97,7% ten op'
zichte van Ho) bij een
gem
iddelde watertempera-
tuur van 70"C
(80/60'C).
b. Ca.92,3oh ten opzichte
van Hb
(102,5%
ten op-
zichte
van Ho) bij een
gemiddelde watertempera-
tuur van 45oC
(50/40oC).
Stooktechnisch
rendomentl
a. Ca. 89,6% (schoorsteenverlies 10,4%) ten op'
zichte van Hb
(99,5%
ten opzichte
van Ho) bij een
gemiddelde watertemperatu
ur van 70oC
(80/60oC).
Luchtfaktor n
= 1,43
(8,2oh CO2I
b. Ca.93,8%
(schoorsteenverlies
6,2%) ten
opzich-
te van Hb
(104,1%
ten opzichte
van Ho) bij een
gemiddelde watertemperatu
u r van 45oC
(50/40oc).

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Remeha
Categorie: Verwarmingsketel
Model: Gas 2 HR

Handleiding Remeha Gas 2 HR – volledige tekst

Technische informatieEnergie besparende gasketelsAlgemene beschrijvingDe Remeha ketel, type Gas 2 HR, is afgeleid van destandaard ketel, type Gas 2 XR. De maximaal toe-gestane watertemperatuur is 110oC bij gesloten in-stallaties. De maximale bedrijf stemperatuur is950C. Bij retourwatertemperaturen boven 55oC zal in detweede warmtewisselaar geen kondensatie optre-den. ln dit temperatuu rgebied zal alleen voelbarewarmte worden teruggewonnen. Bij daling van de retourwatertemperatuur onder de55oC zal kondens worden gevormd. In dit gebied zalzowel voelbare als latente warmte worden terugge-won nen. De minimaal toegestane retou rwatertemperatu u rbedraagt 20oC.

Bii deze temperatuur zal geen kon-densatie in het gietijzeren gedeelte optreden bijeen watertransoort door de ketel overeenkomendmet een tem peratu u rversch i I tussen aanvoer en re-tour van 1oo/o ol meer bij de nominale ketelbe-lasting. De ketel kan derhalve direkt weersaf hankeliik wor-den gestuurd. Type:Atmosferische gasketel, geschikt voor het stokenvan alle kwaliteiten aardgas. De ketel is uitgevoerd met een tweede warmtewis-selaar (economiser), geschikt voor terugwinningvan voelbare en latente warmte. Konstruktie:Het ketelblok bestaat uit rem-casro perlitisch gietijzeren leden, die d. m. v. konische nippels zijn sa-mengebouwd. De tweede warmtewisselaar, opge-bouwd uit gevinde pilpen, is gemaakt van alumini-um, voorzien van een duurzame coating Jem-ct Ftr@,waardoor een grote korrosiebestendigheid ont-staat.

Een verbrandingsgasafvoerventilator zorgtvoor het transport van de verbrand ingsgassen doorhet ketelblok, de tweede warmtewisselaar en deverbrandingsgasafvoerleid i ng. Toepassing:Aansluiting en opstelling overeenkomstig de gel-dendevoorschriften NEN 1078(GAVO 1984 en NEN3028. De atmosferische branders en de verbrand ingsgas-afvoerventilator zijn geruisarm. Gas 2 HR ketels kunnen in geen geval zonder meerop bouwkundige kanalen worden aangesloten.

Erdient in voorkomend geval gebruik te worden ge-maakt van een voeringspijp (zie tabellen over ver-brandingsgasafvoersystemen op blz. 15 en l6). Gas 2 HR 39,6 t. m. 74,5 kWm6t thermo-elektrische beveiliging lf'*g-,oDe circulatiepomp dient door middel van de inge-bouwde pompschakeling te worden gestuurd (ziepaS. 8). De ingebouwde terugslagklep zal waak-vlamkondensatie gedurende lange stilstandsperio-den voorkomen. Klasse-indeling: zie pag. 4. Raadpleeg in geval van twijfel het plaatselijke gas-bedrijf en/of onze Produkt Advies Dienst. Ketelgebruiksrendement:Het gebruiksrendement wordt tijdens de keuringgemeten bij een gemiddelde ketelwatertempera-tuur van 45oC en een schakelcyclus van 3 minutenaan,7 minuten uit als de ketel in evenwicht is enmoet minimaal 90% t. o. v. de calorische bovenwaar-de van de brandstof bedragen (of 100% t. o. v. de ca-lorische onderwaarde).

Het door het VEG-Gasinstituut gemeten gebruiks-rendement bedraagt 91 % t. o. v. Hb. Walezijdig rendement:a. Ca. 88,0% ten opzichte van Hb (97,7% ten op'zichte van Ho) bij een gem iddelde watertempera-tuur van 70"C (80/60'C). b. Ca. 92,3oh ten opzichte van Hb (102,5% ten op-zichte van Ho) bij een gemiddelde watertempera-tuur van 45oC (50/40oC). Stooktechnisch rendomentla. Ca. 89,6% (schoorsteenverlies 10,4%) ten op'zichte van Hb (99,5% ten opzichte van Ho) bij eengemiddelde watertemperatu ur van 70oC(80/60oC). Luchtfaktor n = 1,43 (8,2oh CO2Ib. Ca. 93,8% (schoorsteenverlies 6,2%) ten opzich-te van Hb (104,1% ten opzichte van Ho) bij eengemiddelde watertemperatu u r van 45oC(50/40oc).

(Een circulatiepomp behoortniet tot de levering). Luc ht dr u k v er sc hi l sc hak el aar ter beveil iging vanhet v er br andingsgas t rans pon. Gasdrukschakelaar voor slu itstandbeveilig ingvan het g askom b inat ieblok. Eerste warmtewisselaar van perlitisch gietijzerrem-crsro met grote korrosiebestendigheld. o Tweede warmtewisselaar van aluminium metduurzame coating rem-caer" waqrdoor grotekorrosiebestendigheid verkregen wordt. o Luchtaanzuigopening bij de verbrand ingsgasaf-voerventilator ter vermenging lucht met verbran-di ngs gass en. Vermindering van de v or ming vankondensatiewater in het verbrandingsgasafvoer. kanaal. Plaatstalen bemanteling In rood en grijs, voor-zien van beschermfolie. o Sifon (wordt los meegeleverd). Een thermo-hydrometer wordt meegeleverd. o De ketel is voorzien van een terugslagklep in deaanvoerleiding. oooo.

WERKINGSPRINCI PE VAN DE HR.KETELDe verbrand ingsgassen staan bij deze ketel in eer-ste instantie een groot deel van hun warmte af aaneen eerste warmtewisselaar (1) die zich boven debranders bevindt. Daarna worden de verbrandinos-gassen verder afgekoeld in een tweede warmtew]s.selaar (2). Daar het relatief koude retourwater in te-genstroom is met de verbrandingsgassen, zullendeze..verbrandingsgassen uiteinieii;t

EHINSTALLATIEVOORSCH RI FT VOORAlgemeenDe Remeha ketel, type Gas 2 HR, komt kompleet be-manield in de verpakking aan. Verwijder het verpak-kingsmateriaal van de ketel. Indien de ketel te zwaar is om in zijn geheel op dejuiste plaats te zetten dient de ketel in twee han-teerbare delen gedemonteerd te worden. Zie hier-voot het demontagevoorschrift op blz. 14. OpstellingVoor de opstelling dienen de normen NEN 30281986 en NEN 1078 (GAVo 1987) te worden geraad-pleegd. De noodzakelijke minimale opstellings-ruimte van de ketel volgt uit onderstaande schets. a 500 mmb 100 mm c 700 mmd 1000 mmHoogte bovende ketel:min. 1000 mm. DE VERWARMINGS,INSTALLATEURKlasse-indelingIn de klasse-indeling voor toestellen werkend metmechanische afvoer van de verbrandingsgassenmet een belasting kleiner dan 130 kW op Hb (zoalsc. v.

-ketels en luchtverwarmers, waaronder HR-toe-st el l en) , z ijn de Gas 2 H R- ketels ingedeeld in de vol 'gende klas sen:Gas 2 HR, I en 10 l€den - loestolklasse BGas 2 HR, 12 en 14leden - loeslelklasse CVoor afvoerlengtes en diameters zie tabellen pag'1 5 e n 1 6. Aan het verbrandingsgasafvoersysteem te slellen6isen:Plaatsing:De toe te passen verbrandingsgasafvoerleidingdient voor wat betrefl de uitvoering en uitmondingle voldoen aan de GAVo 1987, sectie 5 of 6. ln situaties waarin niet aan deze eis kan worden vol-daan, adviseren wij U overleg te plegen met hetplaatselijk gasbedrijf of met onze Produkt AdviesDiens t. Algemene informatie:Materiaal:Aluminium, corrosievaststaal of kunststof (mitsGIVEG-gekeurd). Uitvoering:Enk el wandig, bui gbaar of niet buigbaar. V ent i I atoraan sl u i ti ng :Zi e t ek ening oP Pag. 2. Ver nauwingen c. q.

Konstruktie:De toe te passen verbrand ingsgasafvoerleidingdient qua konstruktie op naden en verbindingenlucht- en waterdicht of naadloos te worden uitge-voero. Indien voeringkanalen in bouwkundige schoorste'nen worden toegepast, (zie tabel 24 GAVO 1987)'kunnen deze worden vervaardigd uit luchtdicht, en'kelwandi g st ar al umi ni um, mits er geen koniak t ismet het bouwkundige gedeelte van de schoorsteen. Ook ziin toegestaan niet of wel buigbaar corrosie-vastmateriaal of kunststof (mits GIVEG gekeurd). InspeKie van het voeringkanaal moet mogelijk zijn. De ketel dient m. b. v. de luchtregelschuif in de ach-terwand van de tweede warmtewisselaar optimaalte worden ingaregeld (zie blz. 11). Aan de luchttoovoer te stellen olsen:Open toestellen betrekken de benodigde verbran-dingslucht uit hun omgeving.

Indien een open loestel in een kleine aparte ruimtewordt geplaatst, moeten er altiid ventilatieopenin-gen worden aangebracht in muur of deur van de be'tref fende ruimte (zie GAVO 1984. Voorts is het zo dat de aangezogen verDran'di ngs luc ht vanui t de ops tel lingsr ui m t e of de wo-ning niet allijd even schoon is, maar verontreinigdkatziin met bestanddelen uit waspoeders, haarlaketc. , welke een negalieve invloed kunnen hebbenop de levensduur van de ketelDerhalve verdient het aanbeveling de verbran-di ngs luc ht van buiten te betr ek ken. Om de goede werking van deze ketel met hoog ren-dement te waarborgen is het aan te bevelen de ketelin een goed geventileerde ruimte op te stellen metvoldoende luchttoevoer. Steunoppervlak Gas 2 HR 8 t/m 14 leden. Steunoppervlak: kunststol voetie a 30 mm (hoogte 15 mm).

Verbf andingsgasalvoelDe aansluiting op de verbrandingsgasafvoerleidingmoel overeenkomstig de eisen van NEN 1078(GAVO 1984 worden uitgevoero. De keiel is voorzien van een ingebouwde verbran-dingsgasafvoerventilator, daar natuurlijke afvoervan verbrandingsgassen niet zal plaatsvinden. oooo.

Geluidswaameming* Gas 2HR 3 1 s 6 3 1 2 5 25 o 5 oo Fr e qu e n l e (H z ) -" De gemeten waarden zijn gemiddelden uit diverse metingenop ca. 0,5 m afstand voor de ketel op een hoogle van ca. 1 m. GeluidsproduktieHet gemeten geluidsniveau van de ketel bedraagt57 tot 64 dBA (op ca. 0,5 m afstand). De spreidingwordt o. a. veroorzaakt door akoestische eigen-schappen van de opstellingsruimten. Indien dezegelu idsprodukt i e aanl ei di ng kan gev en tot proble-men in de d irekte omgeving, d ienen h iertoe gelu ids-werende of absorberende maatregelen te wordengenomen. In deze gevallen kunt U voor informatiekontakt oDnemen met onze Produkt Advies Dienst. Opmerking:Een hal fst eens ges loten sc heidingswand tus s enketelhuis en nevenvertrek zal reeds zoveel geluids-isolatie geven, dat het geluidsniveau in dit neven. vertrek nlet uitstijgt boven 25 dBA.

Kondensatiewateraf voerHet uit de HR-ketel tredende kondensatiewater, datgevormd wordt bij een retourwater-temperatuur la. ger dan 55oC, dient naar het riool te worden afge-voerd. Gezien de zuurgraad van dit kondensatiewa-ter (pH 3 tot 5) kunnen alleen harde P. V. C. -mat er ialen al s verbi ndingsl ei d ing wor den t oege-past. De kondensatiewaterbak van de tweede warmte-wiss el aar is voorz i en v an een al umi ni um sok met Gl" binnendr aad, waar i n een P. V. C. v er loops tuk 1"(uitw. ) x 32 mm (inw. ) is gemonteerd. De (los meegeleverde) sifon dient, na plaatsing vande ketel, aan de aan het verloopstuk bevestigde ver-bindingssok, te worden gelijmd m. b. v. normaleP. V. C. {ijm. De verbinding tussen sifon en kondensatiewater. af voerleidi ng di ent met een P. V. C. - koppel i ng teworden uitgevoerd, i. v. m. het eventueel verwiiderenvan de zi jmant el.

Dit met oog op bevriezingsgevaaren aantasting van de normaal toegepaste materi-aalsoorten voor dakgoten en regenwater-afvoer-sysremen. WateraansluitingDe aanvoer- en retou raanslu iting bevinden zich aande rechterzijde van de ketel. Aansluiten aan de lin-kerzijde is niet mogelijk. VeiligheidsklepOvereenkomst ig Ar t. 10. 3 en 12 v an de NEN 30281986 dient een veiligheidsklep te worden gemon-teerd. Deze dient tenminste y2" le ziin (wordt nietdoor Remeha geleverd). Zie artikel 10. 3 en 12 vanNEN 3028. Ez9NR 9 0NF 20.

EFIINSTALLATIEVOORSCHRIFT VOOR DE VERWARMINGS. TECHNISCHE INSTALLATEURToepassing van thermostatische radiato*ranen. Bii toepassing van thermostalische radiatorkranenzal de door de ketel stromende waterhoeveelheidsteeds varieren. Wii adviseren U in deze situaties, tussen aanvoer-en retourleiding, een kortslu itleid ing met regelven-tiel te plaats en. zle pr inclpesc hema. Het regelventiel dient eenmalig te worden inge-steld. Hiervoor dienen alle thermostatische radia-torkranen gesloten te worden. Opmerklng:De aanvoerl ei ding dientv oor zien tezi jn van een mo-geli jkheid tot ontluc hting. Indien de retourleiding nietviade ketelkan ontluch-ten, dient ook deze te worden voorzien van een mo-geli jkheid tot ontluc hting. Pri nci peschema bij toepassiog van thetmostatische radia-totkranen.

circulalieooooWaterbehandeling en circulaiieWaterbehandeling is onder normale omstandig-heden niet vereist (zie onze oublikatie 'Waterbe-handeling bij HR-ketels'). Hst ongekontroleerd toevoegen van chemischemiddelen wordt dringend ontraden. De installatie dient te worden gevuld mel genorma. liseerd drinkwater,De Ph-waarde van hei inslallatiewater dient te lig-gen tussen 7,0 en 1 1,0. De vereiste watercirculatie door de ketel en detweede warmtewisselaar volgt uit:a. Stromlngstechnische overwegingen. b. Rendementstechnische overwegingen. INSTALLATI EVOORSCH RIFT VOORGas aansl ui ting:De ketel moet overeenkomstig de in de GAVO 1987gestelde eisen op de gastoevoerleiding wordenaangesloten. In de nabijheid van het toestel dienteen gashoofdkraan te worden opgenomen. De ketelkan gasziidig zowel links als rechts worden aan-9esloten.

In deze situa-tie zal de in de ketel geplaatste maximaalther-mostaat niet aanspreken cq. vergrendelen. Deze sltuatie zal bijvoorbeeld in installaties metthermostatische radiatorkranen op alle radiatorenmoeten worden zekergesteld. De maximale waterhoeveelheid volgt uit:nominaal vermoqen (kW) _ _. _. m3/h9,3Deze waterhoeveelheid komt overeen met een ^tvan 8oC over de totale ketel. ad b. Rendementstechnische overweglngen:lnzaks het waterzijdig rendement is een maximale^t van 40oC als grenswaarde aan te houden. Dezewaarde volgt uit:nominaal vermogen (kW) __z t o. oHet optimale waterzijdige rendement zal wordenverkregen bij een ^t van 20oC. Oe daarbij behorendewaterhoeveelheid volgt uit:nominaal vermogen (kW =. m3/hzo. zTen opzichte van deze laatste situatie kan alsdoorstromingspercentage worden aangegeven:a - minimaal = ca. 28,5o/ov. d.

INSTALLATIEVOORSCHRIFT VOOR DEAlgemeenDe aans luiti ng op het el ek tri citei t snet d i ent te wor. den uitgevoetd volgens voorschrift van het plaatse-lijk el ek tri citei t sbedr ijf en NEN 1010. De ket et is ge-heel bedraad (elektrische aansluiting overeen,komst ig het aans luits chema op btadz ijde 8). De ketel is uitgevoerd met een snoer voorzien vaneen steker met randaarde (lengte ca. 1 m). KamerlhormostaatEen kamerthermostaat wordt niet meegeleverd. Dekamerthermostaat dient aangesloten te Worden opde k lemmen l0 en l1 (z ie aans l ui tsc hema).

Voor een kamerthermostaat gelden de volgendetechnische gegevens:- thermostaatcircuil 24 V -- warmteversnellerinstelling 0,2 A- maximale lengte aansluitkabel (0,5 mmr) 20 meter- maximale stroomsterkte 0,5 A- minimale stroomsterkte 0,05 ADe kamerthermostaat dient gemonteerd te worden:'l in het vertrek waarvan de temperatuur dient teworden geregeld. 2 op een tochtvriie plaats, vrij van direkte warmte-straling, bijvoorbeeld zonlicht, open haard, t. v. toestel, etc. 3 op een binnenmuur, op ca. 1y2 meter hoogte van-al de vloer. KlokthermoslaatZie technische gegevens kamefthermostaat. ledere twee-draads klokthermostaat met eigen voe-ding kan worden aangeslolen op de klemmen 1O en'l l. Klokthermostaten of weersaf hankel i jke regel ingenkunnen hun voeding betrekken van de klemmen 20en 21-GasdrukschakelaarDe gasdrukschakelaar (GDS) dient ter kontrole vanhet gaskombinatieblok.

Indien na einde warmle. vraag het gaskombinat ieblok niet geheet sluit, btijftde ventilator dfaaien. Luchtdruk. verschilschakelaarTer beveiliging van het verbrandingsgastransporttijdens bedrijf is de ketel voorzien van eenluchtdruk-vefsch ilschakelaar (LD2). Deze is gemon. teerd op de aansluitdoos van de ketel (zie de afbeel. d ing op bl adz ijde 9). Bi j voldoende ond6rdruk op demeetplaats (ca. '1,1 mba0 wordt het gaskombinatie-bl ok inges c hak el d. CirculaiiepompDe circulatiepomp dient te wordgn aangesloten opde kl emmen N en 1 in de aans l ui tdoos.

Dit ter vermijding van 'waakvlam kondensatie' tii-dens l angdur ige st i lst andsperi oden. Maximale aansluitwaarde: 220 V-50 Hz-1OO W. ELEKTROTECHNISCHE INSTALLATEURPompschakelaarDe ketel is voorzien van een pompschakeling over. eenkomstig de door het VEG Gasinstituut gestetdeeisen. Dit betekent onder andere, dat ca. 15 miDu-ten na het uitschakelen van de ketel ook de oomDuitschakelt (de circulatiepomp behoort niet tot deleveringsomvang van de ketel). Als er langer dan 48uur geen warmtevraag is (bijv. in de zomer) zal depomp 66nmaal per 2 etmalen gaan draaien. Indientijdens de zomermaanden de periodieke pompin-schakeling op een bepaald tijdstip moet plaatsvin-den (b. v. gedurende de dag om 16,00 uur), dient menop dal tijdstlp de kamerthermostaat 6en keer, gedu-rende een korte tijd, hoog in te stellen. Hierdoorwordt het goed funktioneren van de pomp na de zo-merperiode gewaarborgd.

De pompschakeling isalleen werkzaam indien er een circulatiepomp opde aansluitklemmen N en 1 van de pompschakelaaraangesloten is. Verder dient een kamerthermostaatop de aansluitklemmen 10 en 11 aangesloten teworden. Opmerklng:Pompschakelaar en votstthormostaatBevriezing van een zeer ongunstig geplaatstetoesiel, radiator of leiding is bii toepassing van eenpompschakeling niet uitgesloten. In een dergelijk geval zal een vooziening aange-bracht moeten worden, die de pompschakelingoverbrugt. Dit kan geschieden middels een vorst. thermostaat (wordt niet door Remeha geleverd), diegeplaatst moet worden in de ruimte waar bevrie-zingsgovaar bestaat. De vorstthermostaat kan aangesloten worden opde aansluitklemmen 12 en 13 (zie aansluitschemaop blz. 8). Pompschakelaar.

IN BEDRIJ FSTELLINGSVOORSCH RI FTvoor Remeha Gas 2 H R. thermo. elektrischHet in bedrijf stellen1 Verwijder de beschermfolie van de bemanteling. Plak, na veruijdering van de folie, de meegelever-de HR-sticker op de trontmantel. 2 Kontroleer de waterdruk (min. 0,8 bar) van de in-stallatie. 3 Stel de ketelthermostaat in oo de maximale waar-de. 4 Stel de kamerthermostaat hoog in (maximalewaarde). 5 Schakel de circulatiepomp in (indien de pomp opde pompschakelaar aangesloten is, gebeurt ditinschakelen automatisch, zie punt 7). 6 Open de gashoofdkraan bij de ketel. Druk de knopop het gaskombinatieblok goed in, waardoor hetwaakvlamgas vrij komt en ontstoken kan wordendoor middel van de oiezo-ontsteker. Gedurende30 sec. de knop ingedrukt houden, dan de knoploslaten (indien de waakvlam na het loslaten vande knop niet blijft branden, zie 'Richtlijnen bij sto-r i n ge n' ).

7 Schakel de elektriciteit t. b. v. de ketel in. Het volgende zal nu plaatsvinden:- De circulatiepomp gaat draaien (de pomp dientaangesloten te zijn op de pompschakelaar). -De verbrandingsgasafvoerventilator gaatdraaien. - Via luchtd ru kversch ilsc hakelaar (LD2) zal deketel een inschakelkommando ontvangen, hetgaskom binat ieblok zal vertraagd openen. - De ketel komt in bedriif. I Stel de ketelthermostaat in op de gewenste tem-peratuur. 9 Stel de kamerthermostaat in op de gewenste tem"peratuur. (Denk aan de instelling van de warmte-versneller op 0,2 A). Het inregelen1 Kontroleer de branderdruk en stel dezeindienno-dig af (zie opschriftplaat van de ketel en de tabelop blz. 2\. 2 Kontroleer de pompkapaciteit op basis van hetgewenste verschil in aanvoer- en retourtempera. t u ur. ( Max i ma al v er s ch il 30o C, mi ni m aal v e r s c hi l't 00c).

Het buiten bedrijf stellen1 Schakel de elektriciteit uit. 2 Sluit de gashoofdkraan. 3 Tap zonodig het water uit het ketelblok en uit detweede warmtewisselaar. Het ontluchten van de ketelHet ontluchten van de ketel geschiedt automatischd. m. v.

de op de ECO gemonteerde automatischeontluchter. Het vullen van de ketel moet rustig ge-beuren, zodat de lucht de tijd krijgt te ontsnappen. Kontroleer of het dopje van de automatische ont-luchter open gedraaid is. Tevens is het aan te bevelen om de in de aanvoergemonteerde terugslagklep tijdens het vullen enontluchten van de installatie in de oDen stand teblokkeren. U kunt dit doen door het schroefje aande zijkant van de terugslagklep te verdraaien. Na het ontluchten dient de schroef weer een % slagverdraaid te worden zodat de kleo weer kan funktio-neren als terugslagklep. Honeyweff V 8600 CVr"Remeha Gas 2 HR, I ledenHoneywell V 8800 C3lr"Re m eh a Ga s 2 HR. 1 0.

ooooEFHET VERBRAN DI NGSTECHNISCH KONTROLERENHet verbrand ingstechnisch kontroleren van de ke.tel door meting van het COr-percentage geschiedtaan de achterziide van de tweede warmtewisselaar.De daar aangebrachte luchtregelschuif is van fa.briekswege atgesteld op een sleufmaat die behoortbij een COr-percentage van 8,2czo.De tabel voor maximaal toegestane schoorsteen-lengtes (zie blz.

RICHTLIJNEN BIJwaakvlam doolt:Opmerklng:Ni doven ian de waakvlam 5 minulen wachten al'vorens de kelel opnieuw te ontsteken. a De waakvlam is te klein: meer gas geven d. m. v. de kleine instelschroef boven de waakvlamgas-Ieiding. Waak vlamgasv er br ui k af stell en op c a"24 ltt/uur (0,024 m3/uur). b De waakvlam blaast af: minder gas geven d. m. v. de kleine instelschroel boven de waakvlamgas-leiding. c De thermokoppelspanning is te laag: het ther-mokoppel is defekt: (spanning moet minimaal 7mV zij n - belas t gemeten). d De gasdruk is weggevallen: na herstel gasdrukde waak vlam oonieuw onts t ek en. e De ketel isonvoldoende met watergevutd (maxi-maalthermostaat spreekt aan). Kontroleer dewaterdruk en vul de installatie bij. f De c ir c ul at iepomp is defek t: de max imaal t her -mostaat verbreekt het thermo-koppel circuit ende waakvlam dooft. Kontroleer de circulatie-pomp.

g De maximaalthermostaat spreekt aan:kontroleer de maximaalthermostaat;kontrol eer of capill ai r van maxi maalt hermos taatoververhit wordt. Het capillair ma9 niet tegen hetgi et ijz er en bl ok l iggen. STORINGENKetel komt nlet in bedrill:a De zekering in de pompschakelaar is doorge'brand; na uitschakelen van de voeding nieuwezekering (800 cq. 630 mA Traag) aanbrengen. b De waakvlam brandt niet. c De spanning is wsggevallen, hierdoor sluit degastoevoerklep naar het branderbed: na hetterugkomen van de spanning zal de ketel automa'tisch weer in bedriil komen. d De thermostaten staan niet goed afgesteld ofvragen geen warmte. e Verbrandingsgaaatvoerventilator draait niet (in-stallateur waarschuwen). f De luchtdrukversch ilschakelaar schakelt nietom in veilige positie: Doorvoerweg verbrandings-gassen is geblokkeerd (installateur waarschu-wen). De minimale onderdruk is 1,1 mbar.

ONDERHOUDS. ENOnderhoudOe voor het jaarlijks onderhoud te verrichten werk-zaamheden omvatten:1 - Het reinigen van de gieti. izeren warmtewisse-laar (het ketelblok) met de kortharige nylonschoonmaakborstel (korte lijflengte). - Het inspekteren en zonodig reinigen van dealuminium warmtewisselaar (tweede warmte-wisselaar) met (warm) water en/of de lang-harige nylon schoon maakborstel (lange lijf-lengte). - Het reinigen van de branders en de verbran-di ngs rui mte. - Het reinigen van de waakvlambrander. - Hel r ei ni gen van het gas filt er. 2 - Het teston en kontroleren van de apparatuur opgoede werking en zonodig opnieuw afstellen. Het opnemen van het gasverbruik en het kon-trol er en van de verbr anding d. m. v. met ingen inde verbrandingsgassen. 3 - Het kontloleren van de waterdruk. Opmerking: De nylon schoonmaakborstels ziin te'gen meerprijs bij Remeha verkriigbaar.

De reinigingStel de ketel buiten bedriif (elektriciteit uitschake-len, gashootdkraan sluiten) en ga als volgt te werK:- Til de deur op en neem deze weg'- Neem de bovenmantel af. - Neem het branderbed uit de ketel na het los-draaien van de schroeven van de branderplaat ende koppel ing van het gas kombi nat i ebl ok. Verwiider de elektrische aansluitingen van het gas-kohbinatieblok en de gasdrukschakelaar. - Verwijder, na het wegnemen van de isolatie, hetschoonmaakdeksel op het verbrandingsgasver-zamelkap en reinig de verbrandingsgasziidigedoortochten tussen de gietijzeren leden met dekortharige nylon schoonmaakborstel. REINIGINGSVOORSCH RIFT- Reinig (alleen indien nodig) hierna, na het ver-wijderen van de verticaal geplaatste verbran-d ingsgasgeleid ingsp laten, de verbrandingska-nalen van de tweede warmtewisselaar, door dezekrachtig te spoelen met (warm) water.

Rei ni g zonodi g de u its troomopen ing van de kon-densatiewaterbak m. b. v. de kollharige nylonschoonmaakborstel. Spoel na deze reiniging de tweede warmtewisse-laar vanaf de bovenziide door na hermontage vanhet sif ondeks el. Kontroleer de schoepen van de ventilator opstotafzetting en relnig deze zonodig. - Reinig de brander s. Rei ni g de vloerpl aai en de v loer onder de ketel. - Monteer v er volgens al le losgenomen onderdelenweer op de juiste plaats (denk aan de afdlchtingtussen schoonmaakdeksel en de verbrandings-oasverzamelkao, alsmede de afdichting van deSranderplaat oi de gietiizeren leden). Bovenkantvan de verbrand ingsgasverzamelkap weer goedisoleren. Altappen- De ketelaf t aoDen d. m. v' dev ul 'en af tapk raan aande rechterziide van het ketelblok. - De tweede warmtewisselaar aftappen d. m. v. deattapkraan in de linker keerkast.

Let op; D€ tweede warmtewisselaar mag in geengeval aan do verbrandingsgasventllator ol helschoorsto€n. aansluitstuk worden opgelild. 13 Zet het ketelblok (10) op de juiste plaats. '14 Breng de tweede warmtewisselaar, kompleetmet verbrandingsgasvezamelkap, weer aan. Leter hierbij op dat de omgezette kant van de kon. densatiewaterbak weer tussen de vuurkist en deomgezette rand van het aan ds vuurkist bevestig-de Z-protiel komt te zitten. '15 Monteer alle onderdelen weer in de omgekeerdevolgorde. 16 Breng de slfon aan (zie kondensatiewaterafvoerop blz. 5) en monteer de vul- en aftapkraan in derechterzijde van het ketelblok. oooo.

51 GAVO 1987 en gegevens van sectle 5 on 6'Hoogbouw met laagbouw en aanbouw.Uitvoering van het verbrandingsgasalvoerleiding(niet bouwkundig)1 = Verbrand ingsgasafvoerleiding zonder boch-lenOpm.: geveluitmondlng is niet toegestaan.Bi j pl aat s ing in open ops t el llngsr ui m t e gel dt :8 t/m 10 leden, toestelklasse B, zonder kap alleen inqebied l.i2 t/m 20 leden, toestelklasse C, uitmonding zonderkap in de gebieden l, tl en lll.Verbrandingsgasafvoerleid ing met twee boch'ten 45" (R = D)Verbrandingsgasalvoerleiding met twee boch-ten 90o (R = D)Verbrandingsgasafvoerleiding met een haak-se instroming en een bocht 90" (R = D) of ver-brandingsgasafvoerleiding met twee bochten45o (R = D) en een regenKapGas 2 HR* Lengte verbrandings-gasafvoerleidinggroter dan 70 m.- Niet toepasbaarD (in mm)I leden 100110120130140150160170Uilmonding buitenGAVO-gebied (l)'vriie uitmonding'Uitmonding binnen GAvo'gebiedll en lll mel alvoerkap1 - ) 2'\ 3- ) 4- ) 1 ' ) 2'l 3 ' ) 4- )6,2 5.31 1 .

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Remeha Gas 2 HR stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden