Privileg Dynamic 6812 Handleiding


Pagina's 52 Nederlands Wasmachine

Bekijk de handleiding van Privileg Dynamic 6812 gratis online of download de PDF. 42 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Wasautomaat
Dynamic 6812 – 6814 – 6816
Gebruiksaanwijzing
VORWÄSCHE
HAUPTWÄSCHE
SPÜLEN
ABPUMPEN
SPÜLSTOPP
SCHLEUDERN
FLUSENSIEB
ENDE
SCHLEU-
DERN
VOR-
WÄSCHE
SPÜL-
STOPP
FLECKEN
OHNE
WASSER
PLUS
STARTZEIT-
VORWAHL
START/
PAUSE
1600
1000
700
500
EXTRA
KURZ
LAUFZEIT

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Privileg
Categorie: Wasmachine
Model: Dynamic 6812

Handleiding Privileg Dynamic 6812 – volledige tekst

2Geachte klant,hartelijk dank voor uw aankoop bijQuelle. Overtuig uzelf: u kunt op onzeproducten rekenen.Voor een gemakkelijke bediening heb-ben wij een uitvoerige beschrijving bij-gevoegd. Deze informatie zal u helpenom met het door u aangeschafte appa-raat vertrouwd te raken. Lees deze ge-bruiksaanwijzing a.u.b. voor deingebruikname zorgvuldig door en lettevens op de aangegeven veiligheids-instructies.Wij wensen u veel plezier met uw nieu-we wasautomaat.Uw QuelleTransportschadeEen aspect dient u in ieder geval directte controleren: of uw apparaat zonderschade bij u werd aangeleverd.

In hetgeval dat transportschade wordt gede-tecteerd, stelt u in geval van twijfel hetapparaat niet in bedrijf maar richt uzich tot het verkooppunt van Quelle,waar u het apparaat heeft aangeschaftof bij het regionale depot, die het appa-raat bij u heeft geleverd.De telefoonnummers treft u op de pa-gina met verkoopinformatie of op deafleveringsbon aan.Hotline  / Quelle directIndien de in de gebruiksaanwijzing ge-specificeerde instructies niet toerei-kend zijn, kunnen onze competentevakmensen u verder helpen.Neem telefonisch contact met ons op:maandag – vrijdag van 8.00 - 20.00 uurzaterdag van 9.00 - 14.00 uurInfo-telefoon + 00 49 180-52 54 757

3InhoudVerwijderen van de verpakking. 4Veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen. 5Tips. 6Beschrijving van het apparaat. 7Transportbeveiliging. 8Installatie. 10Opstelling. 10Watertoevoer/koud water. 11Waterafvoer. 12Elektrische aansluiting. 12Milieubeschermende en energiebesparende tips. 13Beschrijving van het bedieningspaneel. 15Functie van de bedieningselementen. 16Functietips. 21Programmatips. 22Het vullen van de wasautomaat. 23Deur openen. 23Vulgewichten. 23Wasmiddeldosering. 24Beknopte gebruiksaanwijzing. 25Wasvoorbereiding. 26Voorbehandeling van de was. 26Internationale textielbehandelingssymbolen. 28Vlekken in het wasgoed. 29Verven en ontkleuren. 30Vulgewicht. 30Type wasmiddel en hoeveelheid. 31Adviezen en tips. 33Verzorging en onderhoud. 34Verwijderen van het grove filter. 34Oplossen van kleine storingen. 38Wat is er aan de hand als. 38Klantendienst. 40Kinderbeveiliging.

4Verwijderen van de verpakkingVerpakkingen en verpakkingshulpstuk-ken van Quelle-Elektro-Huishoudelijkeapparaten zijn met uitzondering vanhout recyclebaar en dienen in principevoor hergebruik te worden aangebo-den.– Verpakkingen van groot apparatuurkunt u bij de aanlevering van hetapparaat aan onze transporteurmeegeven. Deze organisatie ver-zorgt vervolgens de aanleveringvoor hergebruik of herbewerking.Indien u van deze mogelijkheid geengebruik heeft gemaakt, adviseren wij u: – Papier, karton- en golfkartonver-pakkingen bij een daarvoor bestem-de verzamelplaats af te geven.– Kunststofverpakkingen dieneneveneens op een daarvoor bestem-de verzamelplaats afgegeven teworden.

Indien een dergelijke verza-melplaats niet binnen uw woon-plaats of omgeving daarvanbeschikbaar is kunt u deze materia-len met het huisvuil meegeven.Als verpakkingsmateriaal zijn bij Quel-le alleen recyclebare kunststoffen toe-gestaan, bijv.:In de voorbeelden staatOud apparatuur dient voor de sloop /herbewerking buiten werking te wor-den gesteld, dat wil zeggen dat devoedingskabel verwijderd dient te wor-den. Het is tevens van belang dat dedeurvergrendeling onklaar wordt ge-maakt zodat kinderen zich niet kunneninsluiten.Alle kunststofdelen van het apparaatzijn van internationaal erkende afkor-tingen voorzien. Daardoor is bij het ver-wijderen van apparatuur een scheidingvan kunststofafval voor een milieube-wust recyclen mogelijk.Neem a.u.b.

contact op met de binnenuw gemeente verantwoordelijke instan-tie voor informatie over de betreffendeverzamelplaats.Indien expliciet gevraagd nemen wij bijhet aanleveren van een nieuw appa-raat, het oude apparaat tegen betalingvan een kleine vergoeding, direct re-tour.PE voor polyethyleen** 02 PE-HD04 PE-LDPP voor polypropyleenPS voor polystyrolAfvoer van oud apparatuur

5Veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen• Het apparaat mag alleen door vol-wassenen worden gebruikt. Het isgevaarlijk wanneer u het apparaatdoor kinderen laat gebruiken of kin-deren met het apparaat laat spelen. • Het is niet toegestaan en bovendiengevaarlijk, om veranderingen aanhet apparaat of de eigenschappenhiervan door te voeren. • Laat de nodige werkzaamhedenvoor het aansluiten van het appa-raat op de elektriciteit en watertoe-voer uitvoeren door een vakkundigen erkend installateur. • Gebruik geen meerwegstekkers,koppelstukken en verlengsnoerenvoor de elektrische aansluiting. Brandgevaar door oververhitting. • Verwijder voor de ingebruiknemingzorgvuldig al het verpakkings- entransportbeveiligingsmateriaal, an-ders kunnen het apparaat en dewoning ernstig worden beschadigd(zie het betreffende deel van de ge-bruiksaanwijzing).

• Zorg ervoor dat het apparaat nietop het elektriciteitssnoer staat. • De opstelplaats mag niet zijn be-dekt met dikke vloerbedekking,hoogpolig tapijt, enzovoort, om er-voor te zorgen dat de ventilatie vande motor niet wordt gehinderd. • Het kan voorkomen dat huisdierenin de wasmachine kruipen. Contro-leer daarom voor gebruik van dewasmachine of zich alleen was-goed in de machine bevindt. • Het apparaat is bedoeld voor huis-houdelijk gebruik en is alleen ge-schikt voor het wassen van in dehuishouding gebruikelijk wasgoed. Wanneer de wasautomaat onjuistwordt gebruikt of voor verkeerdedoeleinden wordt ingezet, kan geenaansprakelijkheid worden aanvaardvoor eventuele schade.

• Wasgoed dat is voorbehandeld metreinigingsmiddelen die oplosmidde-len bevatten, bijvoorbeeld wasben-zine, vlekverwijderaars, endergelijke, moeten voor het wassenaan de lucht worden gedroogd om-dat anders explosiegevaar bestaat. • Tijdens het wassen op hoge tempe-raturen wordt de vuldeur zeer heet. Raak de deur daarom niet aan enhoud kinderen uit de buurt van hetapparaat.

Bewaar de gebruiksaanwijzing zorgvuldig, zodat deze ook in de toekomstkan worden geraadpleegd. Wanneer u het apparaat verkoopt of aan derdendoorgeeft, zorg er dan voor dat het apparaat compleet met de gebruiksaan-wijzing wordt overhandigd, zodat de nieuwe eigenaar zich op de hoogte kanstellen omtrent de werkwijze van het apparaat en de daarop betrekking heb-bende voorschriften. Deze voorschriften bevorderen de veiligheid en moeten om deze reden voorde installatie en ingebruikneming nauwlettend worden gelezen.

6• Controleer voordat u het apparaatopent altijd door de vuldeur of hetwater is weggepompt. Wanneer erzich nog water in de waskuip be-vindt, dient u dit weg te laten pom-pen voordat u de vuldeur opent. Ingeval van twijfel dient u de ge-bruiksaanwijzing te raadplegen.• Na gebruik van het apparaat onder-breekt u de stroomtoevoer en draaitu de betreffende waterkraan dicht.• Bij onderhouds- en reparatiewerk-zaamheden moet het apparaat wor-den losgekoppeld van hetelektriciteitsnet. Hiervoor moet destekker uit het stopcontact wordengetrokken of de zekering in de ze-keringkast moet worden uitgescha-keld of losgedraaid.• Ook een automatisch functionerendapparaat zoals de wasmachine magtijdens de looptijd niet gedurendelangere tijd zonder toezicht achterworden gelaten.

Wanneer u langeretijd niet bij het apparaat in de buurtbent, moet het wasprogramma wor-den onderbroken door het apparaatuit te schakelen.• Probeer in geen geval het apparaatzelf te repareren. Reparaties die nietworden uitgevoerd door vakmen-sen, kunnen leiden tot ernstige on-gevallen of bedrijfsstoringen.Neem contact op met de plaatselij-ke klantenservice. De adresgegeve-ns vindt u in de bronnencatalogus.• Eventueel bevindt zich in uw was-automaat nog een geringe hoeveel-heid restwater.

Dit is te wijten aande zeer grondige tests in de fabriek,waaraan ieder apparaat wordt on-derworpen.• Het in vergelijking met oudere was-machines afwijkende geluid bij hetcentrifugeren van uw nieuwe was-automaat is kenmerkend voor demoderne aandrijftechniek met eenelektronisch geregelde universelemotor.Deze nieuwe aandrijving maakt het vol-gende mogelijk– behoedzaam wassen met zachteaanloop;– betere verdeling van het wasgoedbij het centrifugeren;– een goede stabiliteit tijdens hetcentrifugeren.• De gebruiksaanwijzing is bedoeldvoor meerdere apparaten. Afhanke-lijk van het type apparaat kunnendetails dus verschillen.Tips

8TransportbeveiligingVerwijder de transportbeveili-gingenAttentie!Voordat u het apparaat voor de eer-ste keer in gebruik neemt is het vangroot belang dat alle beveiligings-mechanismen voor het transport alsvolgt zijn verwijderd.1. Aan de achterzijde van het apparaatde beide slanghouders openen ende slangen evenals de voedingska-bel uitnemen.2. De beide slanghouders met eenkrachtige ruk van het apparaat af-trekken.3. De schroef (D) met de specialesleutel (A) uitschroeven en incl.drukveer uitnemen.4. Het nu ontstane gat met de bijgele-verde afsluitdop (C) afsluiten.5. De 2 schroeven (E) met de bijgele-verde speciale sleutel (A) uitschroe-ven.6. De 4 schroeven (F) met de specialesleutel (A) uitschroeven.7. De transportgeleidingen (G) afne-men.8. De nu ontstane, zichtbare grote ga-ten met de bijbehorende afsluitdop-pen (B) afsluiten.

99. De 4 schroeven (F) weer opschroe-ven.Attentie! De afsluitdoppen zo vast in-drukken dat deze in de achterwandvastklikken.Uw apparaat is sproeiwaterbestendig.De wasautomaat is nu ontdaan vande transportbeveiligingen en kanworden aangesloten.Tip: Het is aan te bevelen om alletransportbeveiligingen te bewaren om-dat deze bij een eventuele verhuizingweer gemonteerd dienen te worden.

10InstallatieOpstellingDe wasautomaat kan op iedere vlakkeen stevige ondergrond worden ge-plaatst. De voeten van het apparaatmoeten alle vier stevig op de vloerstaan.Controleer de horizontale, correcte op-stelling bijvoorbeeld met een waterpas.Kleine oneffenheden kunnen wordengecorrigeerd door het naar buiten ofnaar binnen draaien van de vier appa-raatvoeten.De vier apparaatvoeten kunnen wor-den versteld door middel van de mee-geleverde speciale sleutel.Oneffenheden van de ondergrond mo-gen nooit gelijk worden gemaakt doorhout, karton of dergelijke materialenonder het apparaat te leggen.Bij een opstelvlak met een constructievan houten balken, adviseren wij hetapparaat op een minimaal 3 cm dikkeen 60 x 60 cm grote multiplexplaat teplaatsen.

Deze moet aan de onder-grond zijn vastgeschroefd.De wasautomaat kan, ook in combina-tie met een droger, het beste in eenhoek van de ruimte worden geplaatst.In een hoek is de vloer het beste inge-spand en zal deze zo min mogelijk deneiging hebben tot resoneren.Opstelling op een betonsokkelBij opstelling op een betonsokkel moe-ten om veiligheidsredenen in ieder ge-val standplaten worden gemonteerd,waarin de wasautomaat wordt ge-plaatst. De standplaten zijn verkrijg-baar via de klantenservice.

11Watertoevoer/koud waterHiervoor is een waterkraan nodig metslangverbinding 3/4".De waterdruk (stromingdruk) moet 10tot 100 N/cm2 (1-10 bar) bedragen.De wasautomaat kan zonder terug-stroomklep op iedere waterleiding wor-den aangesloten.Het apparaat is voorzien van veilig-heidsinrichtingen die vervuiling van hetdrinkwater door terugstroming voorko-men en die voldoen aan de wettelijkevoorschriften (bijvoorbeeld de DVGW-richtlijnen voor Duitsland).Let op!Apparaten die zijn bedoeld voor aan-sluiting op de koudwaterleiding mo-gen niet op warm water wordenaangesloten.De meegeleverde watertoevoerslangwordt met het hoekstuk aan het appa-raat bevestigd.Voor het vastschroeven van de kunst-stof moer moet eerst een afdichtringworden aangebracht, indien deze nogniet aanwezig is.Het andere uiteinde wordt aan de wa-terkraan bevestigd.De afdichtringen en de platte filter vindtu, wanneer deze niet reeds zijn aange-bracht, in het meegeleverde pakket.Controleer nu met geopende water-kraan (onder volledige druk) de aan-sluitingen op het apparaat en op dewaterkraan op eventuele lekkage.Ter voorkoming van waterschade moetde waterkraan na het wassen wordendichtgedraaid.Wanneer de reeds aan de achterzijdegemonteerde watertoevoerslang nietlang genoeg is, moet deze door deklantenservice vakkundig worden ver-lengd resp.

12WaterafvoerVoor de sifonaansluiting is op de af-voerslang een rubberen vormstuk ge-monteerd. De afvoerslang moet aan dekant van de sifon met de bevestigings-klem worden vastgemaakt. Bij het ont-breken van een sifonaansluiting moetde afvoerslang in het meegeleverdebochtstuk worden geschoven. Vervol-gens kan deze over de rand van eenvoldoende grote afwas- of spoelbak ofin een badkuip worden gehangen. Derand van de afwas-/spoelbak mag nietmeer dan 100 cm boven de vloer lig-gen. Er moet een voldoende grote ge-middelde afvoercapaciteitgegarandeerd zijn.

Kleine handwas-bakken zijn om deze reden niet ge-schikt.De afvoerslang mag niet worden ge-knikt en moet tijdens het gebruik tervoorkoming van vallen worden geze-kerd (bijvoorbeeld aan het oog van hetbochtstuk).Uitloophoogtemaximaal 100 cmElektrische aansluitingDe aansluiting mag alleen plaatsvindenop een volgens de voorschriften geïn-stalleerd, geaard stopcontact met 220-230 V (50 Hz).De aansluitwaarde bedraagt ca.2,15 kW.Noodzakelijke beveiliging:10 A - beveiligingsschakelaar.Het apparaat voldoet aan de VDE-voorschriften.Bijzondere voorschriften van het plaat-selijke energiebedrijf moeten nauwlet-tend in acht worden genomen.Alleen voor OostenrijkBij gebruik van een aardlekschakelaarvoor de installatie moet deze ook ge-schikt zijn voor pulserende lekstroom.

13Milieubeschermende en energiebesparende tipsEnergiebesparing en milieu-belasting zijn thema's die voor ie-dereen van belang zijn. Uw nieuwe wasautomaat is uitgerustmet een vulgewichtsensor en “Fuzzy-Logic”. Het hierdoor sensorgestuurde waspro-ces zorgt door • de watersproei-automaat;• de variabele spoelgangen;• de schuim- en beladingsonafhanke-lijke waterhoeveelheid;• en de onbalans-geregelde centrifu-ge voor de beste was- en spoelre-sultaten bij het laagste, automatischaangepaste waterverbruik. Verdere voordelen zijn:• De schepribben in de wastrommelzorgen ervoor dat de was intensiefen gelijkmatig met water doordrenktwordt. • Het programma voor in de machinewasbare en met de hand wasbarewol. Milieubewust wassen, dat wil zeggenenergie, water en wasmiddel besparenzonder dat het wasresultaat hierdoorwordt beïnvloed.

Om water en was-middel optimaal te benutten, duren dehuidige wasprogramma's iets langer. De belangrijkste bijdrage aan milieube-wust wassen kunt u echter zelf leverendoor de volgende besparingstips inacht te nemen:1. Maximale beladingU wast het zuinigst wanneer de maxi-male belading van het betreffende pro-gramma wordt gebruikt. 2. Wassen zonder voorwasBij normaal vervuild wasgoed is overhet algemeen een programma zondervoorwas voldoende. 3. Energiebesparende pro-gramma'sBij deze programma's kan tot 30%stroom worden bespaard. De langerewastijd zorgt voor een intensief gebruikvan de reinigingsactieve substantiesvan uw wasmiddel. Met name goed geschikt voor vloeiba-re wasmiddelen.

Uw wasautomaat is uitgerust met devolgende energiebesparende program-ma's:•Energie besparen - witte was E60°CDit programma wordt aangeradenvoor licht vervuilde witte was,bijvoorbeeld korte tijd gebruikt bed-dengoed en kort gedragen kleding,en onlangs vervuild geraakt tafellin-nen. •Energie besparen - bonte was E40°CMet dit energiebesparende pro-gramma kan licht vervuilde bontewas worden gewassen, die andersop 60°C zou worden gewassen.

145. Snel programma 30°C/30 minDit speciale programma is geschiktvoor licht vervuild of bezweet was-goed, bijvoorbeeld één keer gedragensportkleding.Wastemperatuur 30°C, wasduur ca. 30minuten, vulgewicht max. 2,5 kg.6. WasmiddeldoseringDoseer het wasmiddel conform de wa-terhardheid, de hoeveelheid wasgoeden de mate van vervuiling van het was-goed.Houd u aan de doseervoorschriften opde wasmiddelverpakking.7. WasverzachterGebruik alleen wasverzachter wanneerdat noodzakelijk is, bijvoorbeeld bijsynthetische mengweefsels om stati-sche elektriciteit te voorkomen. Wanneer u een wasdroger gebruikt,wordt uw wasgoed ook zonder was-verzachter zacht en wollig.

15Beschrijving van het bedieningspaneel1 Wasmiddelschuiflade2 Programmakeuzeknop en hoofdschakelaar3 Multidisplay4 Indicatie van het programmaverloop5 Toets “Centrifugeren” met toerentalindicatie6 Toets “Voorwas”7 Toets “Extra kort”8 Toets “Vlekken”9 Toets “Spoelstop”10 Toets “Spoelen +”11 Toets “Starttijdkeuze”12 Toets “Start/pauze”Tip: Het programma en de temperatuur zijn goed ingesteld wanneer in hetgewenste wasgedeelte de markering op de programmakeuzeknop (2) overeen-komt met de betreffende temperatuur resp. met het betreffende speciale pro-gramma.

16Functie van de bedieningselementen1 WasmiddelladeDe wasmiddellade bevindt zich aan delinkerkant van het bedieningspaneel.Houd de schuiflade bij de handgreepvast en trek deze voorwaarts naar buiten.In de verschillende vakken worden dewasmiddelen voor de voor- en hoofd-was, vlekkenzout, wasverzachter enstijfsel gevuld.Het wasmiddel wordt vervolgens over-eenkomstig het programma in de ma-chine gespoeld.Voor meer details gaat u naar pagina24.2 Programmakeuzeknop enhoofdschakelaarDe wasautomaat heeft 5 verschillendewasgroepen:• Witte en bonte wasMogelijke wastemperaturen: 95°,E 60°, 60°, E 40°, 40°, 30° C en koud.• KreukherstellendMogelijke wastemperaturen: 60°,E 40°, 40°, 30° C (= strijkvrij) en koud.• Fijne wasMogelijke wastemperaturen: 40° en30° C.•Wol / P (handwas)Mogelijke wastemperaturen: 40° en30° C en koud.• Extra programma'sInweken 30°, spoelen, stijven/wasver-zachten, pompen, normaalcentrifugeren, snel programma 30°/30min.Bij iedere groep horen de wastech-nisch noodzakelijke temperaturen.

Omdeze reden zijn wasprogramma entemperatuur met elkaar verbonden –de handige eenknopsautomaat metvrije temperatuurkeuze.ProgrammakeuzeDoor de programmakeuzeknop naarrechts of links te draaien, kiest u dewasgroep en de gewenste temperatuurresp. het gewenste speciale program-ma.Door het programma in te stellen wordttegelijkertijd het apparaat ingescha-keld.Het programma begint pas wanneer opde toets Start/pauze wordt gedrukt.Wanneer het programma is beëin-digd, moet het apparaat worden uit-geschakeld. Draai deprogrammakeuzeknop naar destand “Uit”.

17Programma's corrigerenZolang de toets Start/pauze niet is in-gedrukt, kan het programma nog wor-den gewijzigd.Wanneer een reeds gestart programmamoet worden gewist, draait u de pro-grammakeuzeknop naar de stand“Uit”.3 MultidisplayIn het multidisplay worden de volgendefuncties weergegeven:•(Resterende) looptijdDe looptijd van het gekozen pro-gramma resp. de resterende loop-tijd wordt in uren en minutenweergegeven.Voorbeeld:•StarttijdkeuzeDe gekozen starttijd van 1 tot 24 hresp. de resterende tijd tot de startvan het programma wordt weerge-geven in uren. Voorbeeld:•FoutcodeStoringen die u eventueel zelf kuntoplossen of waarover u de klanten-service belangrijke informatie kuntgeven, worden weergegeven,bijvoorbeeld “E10”.

Zie ook pagina39.Voorbeeld:4 Indicatie van het program-maverloop• Wanneer het gewenste programmais ingesteld, gaan de lampjes bran-den van de programmastappen diein dit programma worden uitgevoerd.• Nadat op de toets Start/pauze isgedrukt, wordt de actuele program-mastap aangegeven die op een be-paald moment wordt uitgevoerd.• Het programma is beëindigd wan-neer het lampje “Einde” brandt. Ukunt nu de wasmachinedeur ope-nen en de was uit de machine ne-men.

18• Wanneer het lampje “Pluizenfilter”brandt, kan het water niet volledigworden weggepompt omdat de af-voerslang geknikt of verstopt is, ofomdat de waterafvoer om een an-dere reden is geblokkeerd (zie ookpagina 38).5 Toets “Centrifugeren” met toerentalindicatieMet deze toets kunt u het maximalecentrifugetoerental wijzigen dat voorhet ingestelde programma is bedoeld.Door op de toets te drukken geeft uaan met welk centrifugetoerental uwwasgoed moet worden gecentrifu-geerd.Het indicatielampje van de gekozenfunctie brandt.De volgende centrifugetoerentallenkunnen worden gekozen:• Witte/bonte was1600 / 1000 / 700 / 500 toeren/mi-nuut• Kreukherstellend en wol1000 / 700 / 500 toeren/minuut• Fijne was en snel programma700 / 500 toeren/minuut• Witte/bonte was1400 / 1000 / 700 / 500 toeren/mi-nuut• Kreukherstellend en wol1000 / 700 / 500 toeren/minuut• Fijne was en snel programma 30°700 / 500 toeren/minuut• Witte/bonte was1200 / 1000 / 700 / 500 toeren/mi-nuut• Kreukherstellend en wol1000 / 700 / 500 toeren/minuut• Fijne was en snel programma700 / 500 toeren/minuutBij de instelling “0“ (niet centrifuge-ren) wordt aan het einde van het pro-gramma het laatste spoelwaterweggepompt, maar wordt het was-goed niet gecentrifugeerd.

Tip! Voor de wasgroep witte/bonte waskan de instelling “0“ (niet centrifuge-ren) niet worden gekozen.Het toerental voor het tussendoor cen-trifugeren is afhankelijk van het geko-zen programma en kan niet wordenveranderd.Tip!Het centrifugetoerental kan nogworden veranderd terwijl een pro-gramma wordt uitgevoerd.Om dit te doen– drukt u op de toets “Start/pauze”– verandert u het centrifugetoerental– drukt u opnieuw op de toets “Start/pauze”.Andere instellingen kunnen in dezesituatie niet meer worden veranderd.Dynamic 6816Dynamic 6814Dynamic 6812

196 Toets “Voorwas”Door op deze toets te drukken wordthet ingestelde wasprogramma uitge-voerd met een warme voorwas (30°C). Dit is alleen noodzakelijk bij zeer sterkvervuild wasgoed. De functie is actief wanneer het lampjeboven de functie brandt. Tip:In combinatie met de wasgroep“Wol” en de extra programma's is devoorwasfunctie niet actief. 7 Toets “Extra kort”Door op deze toets te drukken wordtde hoofdwasgang van het ingesteldeprogramma verkort. Geschikt voor lichtvervuilde was. Tip:Deze functie kan niet worden inge-steld in combinatie met de energie-besparende programma's E 60° en E40°, het wol- en het snelle program-ma. 8 Toets “Vlekken”Deze toets moet worden ingedruktwanneer vlekkenzout wordt gebruiktter behandeling van wasgoed metvlekken. De hoofdwasgang met optimale in-spoeling van het vlekkenzout wordthierdoor verlengd. Tips.

– De functie “Vlekken” kan alleenworden gekozen bij wastempera-turen vanaf 40 °C, aangezienvlekkenzout pas bij hogere tem-peraturen werkzaam is. – Deze functie kan niet worden in-gesteld in het wol- en snelle pro-gramma en wanneer de toets“Extra kort” is ingesteld. 9 Toets “Spoelstop”Als spoelstop wordt gekozen, blijft hetwasgoed in het laatste spoelwater lig-gen. Kreuken wordt hierdoor vermin-derd wanneer het wasgoed niet directuit de machine wordt genomen. Deze functie kan in combinatie met allewasgroepen worden gekozen. De spoelstop wordt in het multidisplayaangegeven door. Het lampje“0”“Start/pauze” knippert. Het laatste spoelwater moet nog wor-den weggepompt, voordat de wasma-chinedeur kan worden geopend. U kunt kiezen uit de volgende opties:• Op de toets “Start/pauze” drukken.

Het water wordt weggepompt enhet wasgoed wordt gecentrifu-geerd met het toerental dat voor hetgekozen programma was bedoeld. Tip. Nadat opnieuw op de toets“Start/pauze” is gedrukt, kan hettoerental ook tijdens het centrifuge-ren nog worden veranderd.

• Of draai de programmakeuzeknopeerst naar “Uit” en dan naar “Pom-pen” en druk op de toets “Start/pauze”. Het water wordt (zondercentrifugeren) weggepompt. 10 Toets “Spoelen +”Wanneer op deze toets wordt gedrukt,wordt bij de programma's witte/bontewas, kreukherstellend en fijne was eenextra spoelgang uitgevoerd. Dit kanwenselijk zijn in gebieden met zeerzacht water en voor mensen met eengevoelige huid.

2011 Toets “Starttijdkeuze”Door op deze toets te drukken kan destart van het ingestelde programma 1tot max. 24 uur worden uitgesteld. Druk zo vaak op de toets tot in hetmultidisplay het gewenste aantal urenwordt weergegeven waarmee de startmoet worden uitgesteld (1 h h-24 ). Na-dat op de toets “Start/pauze” is ge-drukt, wordt de resterende tijd tot destart van het programma steeds in heleuren weergegeven. • Tijdens het aflopen van de starttijd-keuze kan de vuldeur nog wordengeopend om wasgoed bij te vullen. Om dit te doen drukt u op de toets“Start/pauze”, zodat de deur kanworden geopend en het wasgoed inde machine kan worden gevuld. Sluit de vuldeur en druk opnieuw opde toets “Start/pauze”. • De starttijdkeuze kan tijdens het af-lopen worden gewijzigd of wordengeannuleerd. Druk eerst op de toets“Start/pauze”.

Druk vervolgens zovaak op de toets “Starttijdkeuze”tot de gewenste tijd wordt weerge-geven of tot er geen uren meer wor-den weergegeven. Wanneer deprogrammalooptijd van het gekozenprogramma in het multidisplay ver-schijnt, wordt het wasprogrammagestart. Instellen van de starttijdkeuze• Wasprogramma kiezen. • Eventueel op extra toetsen drukken. • Starttijdkeuze instellen zoals hier-boven is beschreven. • Op de toets “Start/pauze” drukken. • Het programma begint wanneer deingestelde tijd is afgelopen. 12 Toets “Start/pauze”Deze toets heeft 3 functies:•StartNadat op de toets is gedrukt, wordteen geselecteerd wasprogrammagestart. Het lampje boven de toetsbrandt vervolgens constant. Wanneer de functie starttijdkeuze isingesteld, wordt het aftellen van detijd gestart. Na afloop van de inge-stelde tijd begint het programmaautomatisch.

•PauzeEen wasprogramma dat reedswordt uitgevoerd, kan door op dezetoets te drukken worden onderbro-ken en door opnieuw op de toets tedrukken weer worden voortgezet. Tijdens de pauze knippert het lamp-je boven de toets. Tip.

Als het wasprogramma tijdensde pauze moet worden gewijzigd,moet de programmakeuzeknopeerst naar de stand “Uit” wordengedraaid. •Pompen/centrifugerenNadat op de toets “Start/pauze” isgedrukt, wordt– bij het programma “Inweken 30°”het water weggepompt;– bij programma's die met eenspoelstop eindigen het waterweggepompt en aansluitend hetwasgoed gecentrifugeerd.

21FunctietipsDruktoetsenDe druktoetsen zijn zgn. korte-slag-toetsen die niet vastklikken. Het volgende betreft de toetsen “Voor-was”, “Extra kort”, “Vlekken”, “Spoel-stop” en “Spoelen +”:• Door op de toets te drukken wordtde functie ingeschakeld, het bijbe-horende lampje gaat branden.• Om de functie uit te schakelendrukt u opnieuw op dezelfde toets.• Al naar gelang het wasprogrammakunnen verschillende functies metelkaar worden gecombineerd.

Alsechter bij een wasprogramma eenfunctie wordt gekozen die niet zin-vol is of niet is toegestaan, danknippert in het multidisplay de indi-catie “Err” en wordt de functie nietuitgevoerd.ProgrammalooptijdBij de programmakeuze wordt in hetmultidisplay de programmaduur weer-gegeven in uren en minuten.De programmaduur wordt echter doormeerdere factoren beïnvloed,bijvoorbeeld de hoeveelheid wasgoed,de temperatuur van het water dat in demachine wordt gespoeld, schuimvor-ming, enzovoort.

Deze factoren wor-den door de elektronica geregistreerden de indicatie van de resterende loop-tijd wordt overeenkomstig aangepast.Programma veranderenZolang het wasprogramma nog niet isgestart, kan de programmakeuze nogworden veranderd.Als het programma reeds is gestart:• Op de toets “Start/pauze” drukken.• Programmakeuzeknop op “UIT”draaien.• Nieuw programma kiezen.Programma onderbrekenOm een lopend programma te onder-breken drukt u op de toets “Start/pau-ze”. Het lampje boven de toetsknippert (zie pagina 20/positie 12).Om door te gaan met het programmadrukt u opnieuw op de toets “Start/pauze”.Programma-eindeWanneer een programma is beëindigd,brandt het lampje “Einde” in de indica-tie van het programmaverloop. U kuntnu de wasmachinedeur openen en dewas uit de machine nemen.

22ProgrammatipsWolprogramma PMet dit programma kan niet alleen inde machine wasbare wol met het was-voorschrift “vervilt niet” worden ge-wassen, maar ook met de handwasbare wol en andere met de handwasbare textielsoorten. Het lastigewassen in een wasbak wordt nu doorhet apparaat van u overgenomen. Strijkvrij programmaBij het strijkvrije programma wordt met30° C zo voorzichtig gewassen, dat ernauwelijks nog kreuken ontstaan. Kreukvrije overhemden of blouses diena het wassen op een kleerhangerworden gedroogd, hoeven helemaalniet of slechts heel even te worden ge-streken. Het vulgewicht mag in het pro-gramma “Strijkvrij” niet hoger zijn dan1 kg droog wasgoed. Inweken 30°Het inweekprogramma kan vooraf-gaand aan ieder wasprogramma wor-den ingeschakeld. De temperatuur bedraagt 30°C, deduur circa 20 minuten. Aan het eindeblijft het wasgoed in het inweeksop lig-gen (spoelstop).

Voordat het eigenlijke wasprogrammanu wordt ingesteld, moet eerst het in-weeksop worden weggepompt. – Druk hiervoor op de toets “Start/pauze”. Het inweeksop wordt weg-gepompt. – Of draai de programmakeuzeknopnaar “Centrifugeren” (eventueel toe-rental verminderen afhankelijk vanhet soort wasgoed). En aansluitendop de toets “Start/pauze” drukken. Het inweeksop wordt weggepompt enhet wasgoed wordt gecentrifugeerd. SpoelenAfzonderlijk spoelen (3 spoelgangen),bijvoorbeeld voor het spoelen van metde hand gewassen textiel. Vloeibaartoevoegmiddel uit het wasmiddelvakjeæ wordt ingespoeld. Centrifugerenmet het maximale toerental. Let op. Afhankelijk van het soort was-goed moet eventueel het toerentalworden verminderd. Stijven/wasverzachtenAfzonderlijk stijven of wasverzachten (1spoelgang). Vloeibaar toevoegmiddel(stijfsel/wasverzachter) uit het wasmid-delvakje æ wordt ingespoeld.

PompenPompen van het laatste spoelwater naprogramma's die eindigen met eenspoelstop. CentrifugerenAfzonderlijk centrifugeren met maxi-maal toerental, bijvoorbeeld voor hetcentrifugeren van met de hand gewas-sen textiel. Let op. Afhankelijk van het soort was-goed moet eventueel het toerentalworden verminderd. Snel programma 30°/30minVoor het opfrissen van slechts licht ver-vuild wasgoed bij 30°C. Duur ca. 30minuten. Niet geschikt voor wol.

23Het vullen van de wasautomaatDeur openen.Voor het openen van de deur dient dehandgreep “A” naar voren getrokken teworden.Als de deur vergrendeld is, licht hetcontrolelampje “B” boven de deur-greep op.Als het lampje zelfstandig dooft kan dedeur weer worden geopend.NoodopeningAls het absoluut noodzakelijk is om dedeur te openen voordat een program-ma is afgelopen: de programmakeuze-knop op de stand „UIT“ draaien.Na ca. 2 minuten kan de vuldeur wor-den geopend (Let op!

Let op het waterin de automaat).Deur sluiten.Na het plaatsen van de was, de deurgewoon dichtdrukken totdat de deur-vergrendeling hoorbaar inklikt.De wasautomaat start alleen als dedeur op de juiste wijze is gesloten.Het vullen van de wasauto-maatHet wasgoed vouwen en losjes in dewasautomaat leggen.Het liefst groot en klein wasgoed ge-mengd wassen.Let op het gewicht van het wasgoed.Als de trommel alleen met grote stuk-ken wasgoed is gevuld (bijv. badjas),kan een trilgeluid en een onrustige loopontstaan.

Dit heeft echter geen invloedop het functioneren van de wasauto-maat.Tip!Let op dat er geen wasgoed tussende deur wordt geklemd!Textiel evenals de rubbermachet vande deur kunnen hierdoor worden be-schadigd.VulgewichtenDe toegestane vulgewichten voor was-goed zijn als volgt:Witte/bonte wasnormaal vervuildsterk vervuild5,0 kg3,5 kgKreukherstellendwasgoedbij STRIJKVRIJ2,5 kg1,0 kgFijne was 2,5 kgWol 2,0 kg

24WasmiddeldoseringSchuiflade voor was- en nabe-handelingsmiddelPoedervormige wasmiddelen•Inspoelvak A (rechts)In dit vak vult u het wasmiddel voorvoorwas en inweken. Om ervoor te zorgen dat de midde-len volgens het programma wordeningespoeld, moet – bij de programma's Witte/bontewas, Kreukherstellend en Fijnewas op de toets “Voorwas” wor-den gedrukt;– bij inweken het speciale program-ma “Inweken 30°” zijn ingesteld.•Inspoelvak B (links)In dit vak vult u het wasmiddel voorde hoofdwas en eventueel water-ontharder.•Inspoelvak C (midden achter)Wanneer in combinatie met eenwasprogramma op de toets “VLEK-KEN” wordt gedrukt, moet in dit vakhet vlekkenzout worden gedo-seerd.

Het middel wordt dan op hetoptimale moment tijdens de hoofd-wasgang ingespoeld.•Inspoelvak D (midden voor)In dit vak doseert u de vloeibare na-behandelingsmiddelen, zoals was-verzachter, verzorgingsmiddel,vloeibaar stijfsel, enzovoort.Let op dat deze middelen slechtstot de markering “MAX” mogenworden bijgevuld, anders bestaatde mogelijkheid dat deze vroegtijdigworden weggezogen.Tip!Alle wasmiddelen worden voor destart van het programma in debetreffende vakjes van de was-middellade gedoseerd.Vloeibare wasmiddelen en wasmiddeltabsIn plaats van waspoeder kunnen ookvloeibare wasmiddelen en wasmiddelt-abs voor de hoofdwas worden ge-bruikt.Doseer deze middelen in het hoofd-wasvak B.Let op!Wanneer door het gebruik van de start-tijdkeuze het programma pas later be-gint, moet voor vloeibare wasmiddeleneen doseerhouder, bijvoorbeeld eenwasbol, worden gebruikt die door dewasmiddelfabrikant wordt aangebo-den.Voor tips omtrent was- en nabehan-delingsmiddelen gaat u naar pagina31/32.

25Beknopte gebruiksaanwijzingIngebruiknemingIs het transportbeveiligingsmateriaalverwijderd (zie pagina 8/9). De belangrijkste handelingen bij het ingebruik nemen van het apparaat zijnals volgt:1. Watertoevoerslang op het apparaaten op de waterkraan aansluiten ende waterkraan openen. 2. Waterafvoerslang in een afvoer ofdergelijke inrichting hangen en be-vestigen. 3. Stekker in een geaard stopcontactsteken. Voor het schoonmaken van detrommel en kuip adviseren wij eennormaal programma voor witte waszonder voorwas uit te voeren. Vuleen 1/2 maatbeker wasmiddel in dewastrommel en plaats voor dezereiniging geen enkel stuk wasgoedin de machine. Aansluitend kunt ude wasmachine volgens de voor-schriften in de gebruiksaanwijzingin gebruik nemen. Zo kunt u wassen. 4. De vuldeur openen en de voorge-sorteerde was in de machine plaat-sen. 5. Wasmiddel in de wasmiddelladevullen en de lade terugschuiven.

6. Programmakeuzeknop naar het ge-wenste programma draaien. Hetapparaat is ingeschakeld. In hetmultidisplay wordt de programma-duur, en in de indicatie van het pro-grammaverloop worden deprogrammastappen weergegeven. 7. Druk de toetsen voor de extra func-ties “Voorwas/Extra kort/Vlekken/Spoelen +” naar wens in. 8. Verminder eventueel het centrifuge-toerental of kies “Spoelstop”. 9. Wanneer het programma later moetstarten, stelt u de starttijdkeuze in,max. 24 uur. 10. Pas nu kunt u het apparaat startendoor op de toets “Start/pauze” tedrukken. Het programma wordt ver-der automatisch uitgevoerd. Wan-neer de spoelstopfunctie isingeschakeld, blijft de was aan heteinde van het programma in hetlaatste spoelwater liggen. (Op de in-dicatie van het programmaverloopbrandt het lampje Spoelstop.

Draai de programmakeuzeknopdaarom naar “Pompen” en drukvervolgens op de toets “Start/pau-ze” (water wordt zonder centrifuge-ren weggepompt); of druk op de toets “Start/pauze”(het water wordt weggepompt enhet wasgoed wordt gecentrifu-geerd met het toerental dat voor hetgekozen programma was bedoeld). 11. Deur openen. Pas wanneer in de in-dicatie van het programmaverloop“Einde” wordt weergegeven, kunt ude vuldeur openen en de was uit demachine nemen. 12. Na het einde van het programmadraait u de programmakeuzeknopop “Uit”. Het apparaat is uitgescha-keld. 13. Wanneer er niet meer wordt ge-wassen, sluit u de waterkraan. Laatde vuldeur op een kier open staan,zodat de trommel kan drogen.

26WasvoorbereidingWas sorterenLet op het behandelingsetiket in uwtextiel en de wasvoorschriften van defabrikant.Sorteer de was als volgt:• Witte was• Bonte was• Kreukherstellend weefsel• Fijne was• WolVoorbehandeling van de was• Gekleurd en wit textiel hoort niet sa-men gewassen te worden. Wittewas krijgt een grauwsluier door hetwassen.• Nieuw, gekleurd wasgoed kan tij-dens de eerste wasbeurt kleur afge-ven. Het is beter om dergelijkestukken voor de eerste keer sepa-raat te wassen.• Kleding en textiel van wol dienenvoorzien te zijn van een etiket methet wolmerk en de extra aanduiding“vervilt niet”, “geen vervilting” of“wasmachinebestendig”. Ook woldat met de hand gewassen kanworden, kan zonder problemen inde wasmachine worden gewassen.• Controleer of de zakken leeg zijn endat er geen metalen delen (bijvoor-beeld paperclips, veiligheidsspel-den, naalden, etc.) in de wasachterblijven.

Sluit ritsen, haken enogen en knoop overtrekken dicht.Losse riemen, lange delen van eenschort samenbinden.• Hardnekkige vlekken voor het was-sen verwijderen. Sterk vervuildeplekken eventueel met een spe-ciaal wasmiddel of een waspastainsmeren.• Gordijnen uiterst zorgvuldig behan-delen. Deze kunnen immers al bijgeopende ramen of bij het afnemenworden beschadigd (zgn. “trekker”).Haakjes uit de gordijnen verwijde-ren of in een wasnet of waszakplaatsen.Voor dergelijke schade kunnen wijnooit aansprakelijk worden gesteld.• Zeer kleine of zeer tere weefsels(bijvoorbeeld babysokjes, nylon-kousen, etc.) kunnen indien in eenklein kussensloop met een ritslui-ting of in een grotere sok gestopt,zonder problemen worden gewas-sen.

27Wasgoed in de machine doenVolg de aanwijzingen voor het maxi-male vulgewicht op!De aanwijzingen voor het maximalevulgewicht, gesorteerd naar type tex-tiel (inclusief voorbeelden), treft u in hetoverzicht aan.Vuistregels• Droge witte en bonte was tot eenhandbreedte onder de bovensterand van de trommel vullen.• Een emmer van 10 liter bevat onge-veer 2,5 kg droge was (katoen).• De was losjes in de wastrommelplaatsen, liefst grotere en kleinerestukken door elkaar.Tip:• Als de trommel met te weinig was-goed is gevuld (bijv. een enkelebadjas), kan een trilgeluid en eenonrustige loop ontstaan. Plaatsmeer textiel in de wastrommel.• U kunt nu wollen producten diemet de hand of de machine mo-gen worden gewassen, pro-bleemloos in uw toestel wassen.

Het geeft de wascycli weer die bijvoorbeeld geschikt zijn voorkreukherstellend en mechanisch kwetsbaar wasgoed.BLEKEN(Driehoek)QA BBleken met chloormiddel mogelijk Bleken met chloormiddel niet mogelijkSTRIJKEN(Strijkijzer)RC D E FHeet strijken Warm strijken Lauw strijken Niet strijkenDe punten verwijzen naar de punten op de regelknop van het strijkijzer.CHEMISCH REINIGEN(Stomen)SG I H K J LNiet chemischreinigenDe letters zijn symbolen voor de stomerij. Zij verwijzen naar het te gebruiken oplosmiddel.De streep onder de cirkel vereist bij het reinigen een beperking van de mechanischebeweging, de toevoeging van water en de temperatuur.TROMMELDROGEN(Droog-trommel)TM N ONormaaltextielHittegevoeligtextielNiet drogen in droogtrommelDe punten verwijzen naar de instellingen van de droogtrommel (wasdroger).

29Vlekken in het wasgoedHet verwijderen van vlekkenDe in het wasgoed aanwezige vlekkenworden indien deze oplosbaar zijn tij-dens het verloop van het wasprocesopgelost. Speciale vlekken kunnen echter niet al-leen met regulier wasmiddel wordenverwijderd. Bij het verwijderen vanvlekken op gekleurd textiel is voorzich-tigheid geboden. Verwijderingmidde-len kunnen zelf deels giftig ofbrandgevaarlijk zijn. Het is aan te beve-len om de vlekken vóór het wassen teverwijderen. Let op• Plaats nooit een ontkleuringmiddelin de trommel. • Zorg dat u geen grote hoeveelhe-den van de oplosmiddelen inademt. Deze zijn schadelijk voor de ge-zondheid. • Voorzichtig met brandgevaarlijkevlekkenverwijderingsmiddelen. • Houd alle vlekkenverwijderingsmid-delen uit de buurt van kinderen (ver-giftigingsgevaar. )Bloed: Recente vlekken kunnen metkoud water worden uitgespoeld.

Vlek-ken van gestold bloed dienen met eenspeciaal wasmiddel ca. 12 uur inge-weekt te worden. In het wasmiddelsopuitwrijven. Olieverf: Met wasbenzine deppen, vlekop een zachte ondergrond voorzichtigbekloppen, losmaken en nogmaals ofmeerdere malen deppen. Gestold vet: Met terpentine deppen enop een zachte ondergrond met de vin-gertoppen en een katoenen doek ‘uit-kloppen’. Textielverf: Met ontkleurder op kook-temperatuur behandelen (alleen witge-kleurde materialen). Roest: Zout, heet oplossen of “Roest-duivel” koud toepassen. Wees voor-zichtig met roestvlekken omdat decellulosevezels reeds aangetast zijn enhierdoor gaten in het textiel kunnen ko-men. Vochtvlekken: Met een sopje metchloor behandelen, goed spoelen (al-leen voor witte en chloorbestendig ge-kleurd textiel gebruiken). Gras: Heet zeepsopje met een weinigammonia, het restant met ontkleurderbehandelen.

Rode wijn: In een sopje inweken,spoelen en met azijn of citroensap be-handelen, vervolgens nogmaals spoe-len. Resterende vlek eventueel metontkleurder behandelen. Kleurstof: Afhankelijk van het typekleurstof eerst met aceton*) bevochti-gen en vervolgens met azijnzuur. Res-terende vlek in zachte materialen meteen chlooroplossing behandelen, goednaspoelen. Teervlekken: Met vlekkenwater, alco-hol of benzine voorbehandelen en ver-volgens met een zachte / groene zeepinsmeren. *) Aceton niet voor acetaatzijde ge-bruiken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Privileg Dynamic 6812 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden