Practixx PX-TS-55 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Practixx PX-TS-55 (124 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Practixx PX-TS-55 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/124
Nachdrucke, auch auszugsweise, bedürfen der Genehmigung.
Technische Änderungen vorbehalten. Abbildungen beispielhaft!
Art.Nr.
39018029969
AusgabeNr.
39018029969_0101
Rev.Nr.
31/01/2023
http://www.practixx.com/de/service
PX-TS-55
DE
Tauchsäge
Originalbedienungsanleitung
7
GB
Plunge saw
Translation of original instruction manual
25
FR
Scie plongeante
Traduction des instructions d’origine
40
IT
Sega a immersione
La traduzione dal manuale di istruzioni originale
57
NL
Invalcirkelzaag
Vertaling van de originele gebruikshandleiding
74
ES
Sierra de incisión
Traducción del manual de instrucciones original
90
PT
Serra de mergulho alimentada
Tradução do manual de operação original
106

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Practixx
Categorie: Niet gecategoriseerd
Model: PX-TS-55

Handleiding Practixx PX-TS-55 – volledige tekst

w ww.practixx.com74 | NLVerklaring van de symbolen op het toestelHet gebruik van symbolen in deze handleiding moet uw aandacht vestigen op eventuele risico‘s. De veiligheidssym-bolen en verklaringen die hierbij gepaard gaan, moeten exact worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorko-men geen risico‘s en kunnen de juiste maatregelen betre?ende ongevallenpreventie niet vervangen.Lees voor ingebruikname de bedieningsinstructies en veiligheidsinstructies!Draag een gehoorbeschermer!Draag een stofmasker!Draag een veiligheidsbril!Bescherming klasse II (Dubbele isolatie)Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen.m WAARSCHUWING!In deze handleiding hebben wij de onderdelen die te maken hebben met uw veiligheid met het volgende symbool aangeduid

w ww. practixx. com76 | NLPlaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plas-tic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en bewaar ze in de nabijheid van het apparaat. De instructies moeten gelezen en nauw gevolgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken. Enkel getrainde personen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijke gevaren en risico’s mogen het apparaat gebruiken. De vereiste minimumleeftijd moet worden voldaan. Als aanvulling op de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding en de speciale voorschriften van uw land, moeten ook de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtverwerkende apparaten in acht genomen worden. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handlei-ding en van de veiligheidsinstructies. 2. Beschrijving van het toestel (afb. A - M)1. Afzuigaansluiting2.

Advies:Volgens de van toepassing zijnde wet voor produc-taansprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:• Onjuist gebruik,• Niet-naleving van de gebruiksinstructies,• Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werklui,• Installatie en vervanging van niet-originele reserve-onderdelen,• Ongepast gebruik, falen van het elektronisch sys-teem ten gevolge van niet-naleving van de elek-trische specicaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften. Aanbevelingen:Lees de volledige handleiding voor de montage en be-sturing van het apparaat. Deze handleiding is bedoeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te maken voor u en om ver-trouwd te geraken met het gebruik van het apparaat.

De handleiding bevat belangrijke nota’s over hoe vei-lig, goed en economisch gebruik te maken van uw apparaat, en over hoe u gevaar kan vermijden, repara-tiekosten kan besparen, downtime kan verminderen en de betrouwbaarheid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheidsvoorschriften in deze handlei-ding, moet u ook voldoen aan de geldende voorschrif-ten van uw land in verband met het gebruik van het apparaat.

w ww. practixx. comNL | 77 Het naleven van de veiligheidsvoorschriften alsme-de van de montage-instructies en aanwijzingen aan-gaande de werking vermeld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik. Personen, die de machine bedienen en onderhouden, moeten hiermee vertrouwd en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn. Bovendien moeten de geldende voorschriften ter voor-koming van ongevallen strikt worden opgevolgd. An-dere algemene regels op het gebied van de arbeids-geneeskunde en veiligheid dienen in acht te worden genomen. Veranderingen aan de machine sluiten een aanspra-kelijkheid van de fabrikant en daaruit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks een doelmatig gebruik kunnen bepaalde res-terende risicofactoren niet volledig uit de weg worden geruimd.

Ten gevolge van de constructie en opbouw van de machine kunnen zich de volgende punten voor-doen:• Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaag-gebied. • Grijpen in het draaiende zaagblad (snijwonden). • Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen. • Zaagbladbreuken. • Wegslingeren van defecte hardmetalen stukken van het zaagblad. • Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige ge-hoorbeschermer. • Oogletsel wanneer de vereiste veiligheidsbril niet wordt gedragen;• Gezondheidsschade wanneer de vereiste stofbe-schermingsmasker niet wordt gedragen;• Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid. Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commerci-eel, ambachtelijk of industrieel gebruik.

Wij zijn niet aansprakelijk indien het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. 3. Omvang van de levering• 1 stuk Inval-cirkelzaagmachine• 3 stuks Geleiderails a´ 500 mm• 2 stuk Railverbinding• 1 stuk Kantelbeveiliging• 1 stuk Zaagblad 48 tanden• 1 stuk inbussleutel 5 mm• Gebruiksaanwijzing4.

Reglementair gebruikDe invalcirkelzagen zijn conform beoogd gebruik voor-zien voor het zagen van hout, houtachtige grondstof-fen, alsook kunststo?en. Dit elektrisch gereedschap is uitsluitend bestemd en toegestaan voor het gebruik door geïnstrueerde perso-nen of vakpersoneel. Er mogen uitsluitend voor de machine geschikte zaag-bladen (HM- of CV-zaagbladen) worden gebruikt. HSS-zaagbladen en diamantslijpschijven, ongeacht het type, mogen niet worden gebruikt. Alle overige toepassingen zijn uitdrukkelijk uitgesloten en gelden als niet volgens de voorschriften. De fabrikant of dealer kan niet aansprakelijk worden gesteld voor letsel, verlies of schade die door gebruik of onjuist gebruik ontstaat.

Mogelijke voorbeelden voor niet beoogd gebruik of on-juist gebruik zijn:• Gebruik van de invalcirkelzaag voor andere doelein-den als waarvoor deze bestemd is;• Het niet in acht nemen van de veiligheidsvoorschrif-ten en onderhoud alsook de montage-, bedrijfs- en onderhouds- en reinigingsaanwijzingen die in deze gebruikshandleiding zijn opgenomen;• Het niet in acht nemen van eventuele voor het ge-bruik van invalcirkelzagen specieke en/of alge-meen geldende ongevallenpreventie-, arbeidsmedi-sche of veiligheidstechnische voorschriften;• Gebruik van accessoires en reserveonderdelen die niet bestemd zijn voor de invalcirkelzaag;• Wijzigingen aan de invalcirkelzaag;• Reparatie van de invalcirkelzaag door een andere dan de fabrikant of vakkracht;• Bedrijfsmatige, ambachtelijke of industrieel gebruik van de invalcirkelzaag;• Bediening of onderhoud van de invalcirkelzaag door personen die niet bekend zijn met de omgang van de invalcirkelzaag en/of die de hieraan verbonden gevaren niet begrijpen.

w ww. practixx. com78 | NLd) Gebruik het snoer niet om het elektrische gereedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van hitte, scher-pe randen of bewegende delen. Beschadigde of opgewikkelde snoeren verhogen het risico op een elektrische schok. e) Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een ver-lengsnoer dat ook geschikt is voor gebruik buitenshuis. De toepassing van een voor bui-tenshuis gebruik geschikt verlengsnoer vermin-dert het risico op een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereed-schap in een vochtige omgeving niet kan wor-den vermeden, gebruik dan een aardlekscha-kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok. 3.

Veiligheid van personena) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werk-zaamheden met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van on-achtzaamheid bij gebruik van het elektrische ge-reedschap kan leiden tot ernstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepassing ervan, verkleint het risico op verwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Con-troleer of het elektrisch gereedschap is uitge-schakeld voordat u het op de stroomvoorzie-ning en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt.

Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schake-laar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden.

d) Verwijder instelgereedschap of de moersleu-tel, voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel van het elektrische gereedschap bevindt, kan verwondingen veroor-zaken. 5. VeiligheidsvoorschriftenAlgemene veiligheidsvoorschriften voor elektri-sche apparaten m WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidsvoor-schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni-sche gegevens die bij dit elektrisch apparaat zijn meegeleverd. Het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij-zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip “Elektrisch gereedschap” is van toepassing op netge-voed elektrisch gereedschap (met netsnoer) of op ac-cugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer). 1.

Veiligheid op de werkpleka) Houd uw werkomgeving schoon en goed ver-licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen leiden tot ongevallen. b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeisto?en, gas of stof bevinden. Door elektrisch gereedschap ontstane vonken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische ge-reedschap. Bij aeiding kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen. 2. Elektrische veiligheida) De aansluitstekker van het elektrische ge-reedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Gebruik geen adapterstekker sa-men met geaard elektrisch gereedschap. On-gewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok.

w ww. practixx. comNL | 79 e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische apparaten en inzetstukken. Controleer of be-wegende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhou-den elektrisch gereedschap. f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden komt minder snel vast te zitten en is makkelijker te gebruiken. g) Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandigheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden.

Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot ge-vaarlijke situaties. h) Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greepoppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden. 5. Servicea) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd deskundig personeel re-pareren met uitsluitend originele reserveon-derdelen. Hiermee wordt de veiligheid van het elektrische gereedschap gewaarborgd. Veiligheidsinstructies voor alle zagena) m GEVAAR: Zorg ervoor, dat uw met uw han-den niet in het zaaggebied en aan het zaag-blad komt. Houd met uw tweede hand de ex-tra greep of de motorbehuizing vast. Als beide handen de zaag vasthouden, kunnen deze niet door het zaagblad verwond worden.

b) Grijp niet onder het werkstuk. De bescher-mingskap kan u onder het werkstuk niet voor het zaagblad beschermen. c) Pas de snijdiepte aan, aan de dikte van het werkstuk. Het dient minder dan een volledige tandhoogte onder het werkstuk zichtbaar te zijne) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding.

Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegrepen door bewegende delen. g) Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kun-nen worden gemonteerd, moeten deze worden aangesloten en juist worden toegepast. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in een fractie van een seconde tot ernstige verwondingen leiden. 4.

Gebruik en behandeling van het elektrisch ge-reedschapa) Zorg dat het elektrische gereedschap niet overbelast raakt. Gebruik voor de werkzaam-heden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrische gereed-schap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Een elektrisch gereed-schap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan wor-den, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver-wijder de uitneembare accu voordat u de appa-raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor-zorgsmaatregel voorkomt dat het elektrische ge-reedschap per ongeluk wordt gestart. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten buiten bereik van kinderen.

Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschap-pen zijn gevaarlijk als deze door onervaren perso-nen worden gebruikt.

w ww. practixx. com80 | NLEen terugslag is het gevolg van een fout of een onjuist gebruik van de zaag. Dit kan door passende voorzorg-maatregelen, zoals hierna beschreven, worden voor-komen. a) Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in een positie waarin u de terugslag-kracht kunt opvangen. Ga altijd aan de zijkant van het zaagblad staan, nooit met het zaagblad in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cirkelzaag terugspringen, echter kan de bedie-nende persoon door passende voorzorgsmaatre-gelen de terugslagkracht te bedwingen. b) Indien het zaagblad vast komt te zitten of wan-neer u het werk onderbreekt, schakel de zaag uit en houd ze in stil in het werkdeel, tot het zaagblad tot stilstand is gekomen. Probeer nooit, de zaag uit het werkstuk te verwijderen of naar achteren te trekken, zo lang het zaag-blad beweegt, anders kan dit in een terugslag resulteren.

Bepaal en verhelp de oorzaak voor het vastzitten van het zaagblad. c) Als u een zaag, die in een werkstuk vastzit, weer wilt starten, centreer dan het zaagblad in de zaaggleuf en controleer, of de zaagtanden niet in het werkstuk haken. Als het zaagblad vastzit, kan het uit het werkstuk bewegen of een terugslag veroorzaken, als de zaag opnieuw wordt gestart. d) Ondersteun grote platen, om het risico van een terugslag door een vastzittend zaagblad te verkleinen. Grote platen kunnen door uw eigen gewicht gaan doorbuigen. Platen moeten altijd aan beide zijden worden ondersteund, zowel in de buurt van de zaaggleuf alsmede aan de zijkant. e) Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbla-den. Zaagbladen met stompe of fout uitgelijnde tanden veroorzaken door een te nauwe zaaggleuf een verhoogde wrijving, een vastzitten van het zaagblad en terugslag.

f) Stel voor het zagen de zaagdiepte- en zaag-hoekinstellingen vast. Als er tijdens het zagen instellingen veranderen, kan het zaagblad gaan klemmen en kan tot een terugslag leiden.

g) Ga zeer voorzichtig om met ‚ondersneden’ in bestaande wanden of andere niet inzichtbare gebieden. Het binnendringende zaagblad kan bij het zagen in verborgen objecten blokkeren en een terugslag veroorzaken. d) Houd het te zagen werkstuk nooit in de hand of boven het been vast. Borg het werkstuk aan een stabiele houder. Het is belangrijk, het werkstuk goed vast te maken, om het gevaar van lichaamscontact, vastlopen van het zaagblad con-troleverlies te minimaliseren. e) Pak het elektrische gereedschap aan de ge-isoleerde greepvlakken vast, als u werkzaam-heden uitvoert, waarbij het gebruiksgereed-schap verborgen stroomleidingen of de eigen netkabel kan raken. Contact met een spannings-voerende leiding zet ook de metalen delen van het elektrische gereedschap onder stroom en leidt tot een elektrische schok.

f) Gebruik bij het in de lengte snijden altijd een aanslag of een rechte kantengeleiding. Deze verbetert de snijdnauwkeurigheid en verkleint de mogelijkheid dat het zaagblad vast gaat zitten. g) Gebruik altijd zaagbladen in de juiste afmeting en met een passende boring (bijv. stervormig of rond). Zaagbladen die niet op de montagedelen van de zaag passen, lopen niet rond en leiden tot controleverlies. h) Gebruik nooit beschadigde of onjuiste zaag-blad-onderlegringen of –schroeven. De zaag-blad-onderlegringen en –schroeven worden spe-ciaal voor uw zaag gemaakt, voor een optimale prestatie en bedrijfsveiligheid. i) Draag geschikte persoonlijke veiligheidsuit-rusting: Gehoorbescherming, veiligheidsbril, stofmasker bij werkzaamheden waarbij veel stof wordt veroorzaakt, veiligheidshandschoenen bij het wisselen van het gereedschap.

Meer veiligheidsinstructies voor alle zagenOorzaken en voorkomen van een terugslag:• Een terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van een hakende, vastzittende of onjuist uitgelijnd zaagblad, dat ertoe leidt, dat een ongecontroleerde zaag loskomt en uit het werkstuk in de richting van het bediend personeel beweegt.

• Als het zaagblad in de zich sluitende zaagsleuf blijft haken of vastzit, blokkeert het, en de motorkracht slaat de zaag in de richting van de bedienende per-soon terug. • Als het zaagblad in de zaagsnede verdraait of on-juist is uitgelijnd, kunnen de tanden van de achterste zaagbladkant in het opperlak van het werkstuk blij-ven haken, waardoor het zaagblad uit de zaagsleuf beweegt en de zaag in de richting van de bedienen-de persoon terugspringt.

w ww. practixx. comNL | 81 e) Bedien de zaag niet met een verbogen splijtwig. Reeds een kleine storing kan leiden tot het langzamer sluiten van de beschermkap. Aanvullende veiligheidsvoorschriften• Gebruik geen slijpschijven. • Zorg ervoor, dat de splijtwig zo is ingesteld, dat zijn afstand tot de tandkrans van het zaagblad 5 mm niet overschrijdt en de tandkrans niet meer dan 5 mm boven de onderkant van de splijtwig uitsteekt. • Zorg ervoor, dat de stofopvanginstallatie juist wordt gebruikt, zoals in deze handleiding is aangegeven. • Draag een stofmasker. Draag altijd gehoorbescher-ming. • Er mogen alleen de in deze handleiding geadviseer-de zaagbladen worden gebruikt. • Vervang de zaagbladen, als in deze handleiding wordt aangegeven.

• Als de netaansluitleiding van dit apparaat bescha-digd raakt, moet zij door de fabrikant of Door zijn klantenservice of door een overeenkomstig gekwali-ceerde persoon worden vervangen, om gevaarlijke situaties te voorkomen. • Gebruik alleen geadviseerde zaagbladen, die vol-doen aan EN 847-1. • Gebruik alleen originele zaagbladen van de fabri-kant met het kenmerk Ø 160 mm, 160 x 20 x 2. 4. • Zaagbladen, die niet overeenkomen met de in deze gebruikshandleiding aangegeven productgegevens, mogen niet worden gebruikt. Zaagbladen mogen niet door zijwaartse druk op het basiselement wor-den afgeremd. • Er moet op worden gelet, dat het zaagblad goed is bevestigd en in de juiste richting draait. • Houd het apparaat aan de geïsoleerde greepvlak-ken vast, als u werkzaamheden uitvoert, waarbij het gebruiksgereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen netkabel kan raken.

Het contact met een spanningsleidende leiding kan ook metalen appa-raatdelen onder spanning zetten en tot een elektri-sche schok leiden. m WAARSCHUWING. Dit elektrisch apparaat gene-reert een elektromagnetisch veld als het is ingescha-keld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implan-taten.

Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te be-perken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine wordt gebruikt. Veiligheidsinstructies voor handcirkelzagena) Controleer voor elk gebruik, of de bescherm-kap zonder problemen sluit. Gebruik de zaag niet, als de beschermkap niet vrij kan bewegen en niet onmiddellijk sluit. Klem of bind de be-schermkap nooit in geopende stand vast. In-dien de zaag onbedoeld op de grond valt kan de beschermkap worden verbogen. Zorg er-voor, dat de beschermkap vrij kan bewegen en bij alle zaaghoeken en –diepten noch het zaagblad noch andere delen aanraakt. b) Controleer de toestand en werking van de ve-ren voor de beschermkap. Laat de zaag voor het gebruik onderhouden, als de bescherm-kap en veren niet zonder problemen werken.

Beschadigde delen, kleverige afzettingen of op-hopingen van spanen zorgen voor een vertragen-de werking van de onderste beschermkap. c) Zorg ervoor, dat bij de ‘dieptesnede’, die niet rechthoekig wordt uitgevoerd, dat de gelei-dingsplaat van de zagen tegengesteld worden verschoven. Het zijwaarts verschuiven kan tot klemmen van het zaagblad en hiermee tot een te-rugslag leiden. d) Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond, zonder dat de beschermkap het zaag-blad beschermt. Een onbeschermd zaagblad beweegt de zaag tegen de snijrichting in en zaagt dat wat hij tegenkomt. Houd rekening met de na-looptijd van de zaag. Aanvullende veiligheidsinstructies voor alle zagen met splijtwiga) Gebruik de voor het gebruikte zaagblad pas-sende splijtwig. De splijtwig moet dikekr zijn dan de uitgangsbladdikte van het zaagblad, maar dun-ner dan zijn zaagbreedte.

b) Justeer de splijtwig zoals in deze gebruiks-handleiding wordt beschreven. Onjuiste dikte, stand en uitlijning kunnen de reden vormen, dat de splijtwig een terugslag niet actief voorkomt. c) Gebruik altijd de splijtwig, behalve bij diepte-sneden.

w ww. practixx. com82 | NLAanzuigaansluiting (mm)ø (inwendig) 35 /ø (uitwendig) 38Gewicht (zonder uitrustings-stukken) (kg)4,9Afmetingen L x B x H (mm) 340 x 260 x 235Technische wijzigingen voorbehouden. Geluids-/trillingsinformatiem WAARSCHUWING. Het werken zonder gehoorbescherming of bescherm-kleding kan schadelijk zijn voor de gezondheid. • Draag tijdens de werkzaamheden gehoorbescher-ming en de juiste beschermkleding. Gemeten conform EN 62841-2-5 & EN 62841-1. Het geluid op de werkplek kan 85 dB overschrijden, in dit geval moeten veiligheidsmaatregelen voor de gebrui-ker worden getro?en (geschikte gehoorbescherming dragen). Geluidsenergieniveau LWA 89,5 dBGeluidsniveau LpA 78,5 dBOnzekerheid Kwa/pA 3 dBDe hierboven vermelde waarden zijn geluidsemis-siewaarden en hoeven daarom niet gelijktijdig veilige werkplekwaarden weergeven.

Hoewel er geen samen-hang bestaat tussen emissie- en immissieniveaus, kan niet met zekerheid worden afgeleid of er extra voor-zorgsmaatregelen nodig zijn of niet. Factoren die de betre?ende aanwezige immissieni-veaus op de werkplek kunnen beïnvloeden, omvatten de specicatie van de werkruimte en de omgeving, de duur van de inwerkingen, andere geluidsbronnen etc. Neem bij de betre?ende werkplekwaarden ook moge-lijke afwijkingen in de nationale voorschriften in acht. De hierboven vermelde informatie stelt de gebruiker echter in staat, een betere inschatting van gevaren en risico’s te maken. Trillingsemissiewaarde ah (vectorsom van drie richtin-gen) en onzekerheid K bepaald conform EN 62841-2-5 & EN 62841-1:Overige risico’sHet apparaat is ontwikkeld met behulp van moder-ne technologie in overeenstemming met erkende veiligheidsregels. Er kunnen echter wel risico’s overblijven.

• Zelfs wanneer alle veiligheidsmaatregelen genomen zijn, kunnen sommige overblijvende risico’s nog steeds aanwezig zijn, zonder dat dit evident is. • Resterende risico’s kunnen geminimaliseerd wor-den door de volgende instructies uit de hoofdstuk-ken “Veiligheidsmaatregelen” en “Correct gebruik” en uit de volledige handleiding te volgen. • Forceer het apparaat niet onnodig: overmatige druk door het snijden kan leiden tot snelle verslechtering van het blad en een afname van de prestaties op het gebied van afwerking en precisie. • Gebruik altijd klemmen wanneer u kunststof moet zagen: de te zagen delen moeten altijd met klem-men worden vastgezet. • Voorkom dat u per ongeluk start: druk nooit op de start-knop terwijl de stekker in het stopcontact steekt. • Gebruik altijd het aanbevolen gereedschap om de beste resultaten te verkrijgen met uw apparaat.

w ww. practixx. comNL | 83 De selectie van dit apparaat moet in overeenstemming zijn met de elektrische specicaties zoals vermeld op de motor van de machine. AANWIJZING: Het elektrische systeem van de inval-cirkelzaag is voorzien van een onderspanningsrelais, dat automatisch het schakelcircuit opent, als de span-ning onder een vooraf ingestelde minimumgrens valt, en het zelfstandig resetten van de machinefuncties voorkomt, als de spanning terugkeert naar normaal niveau. Blijf rustig als de machine direct stopt. Controleer of er geen spanningsuitval in het elektrische systeem is opgetreden. 8. Aanpassenm WAARSCHUWING. Elektrische schokVoor alle werkzaamheden aan de machine altijd de voedingsstekker uit het stopcontact trekken. Aanpassen van de zaagdiepte (afb. F)De zaagdiepte kan van 0 tot 55 mm aangepast worden.

Maak de schroef voor het aanpassen van de zaagdiep-te (7) los en stel de gewenste diepte in met de schaal (2) en draai de schroef vast. De zaagaggregaat kan nu tot de ingestelde zaagdiepte naar onderen worden gedrukt. De afmetingen op het spoor tonen de zaagdiepte zon-der spoor. Snijhoek instellen tussen 0° en 45°: (afb. G)Het verstek vierkant kan van 0° tot 45° ingesteld wor-den. Draai de verstek-verstelschroeven (14) aan beide kan-ten los. Zwenk de zaag in de gewenste zaagsnedehoek (schaalverdeling voor verstekhoek (6)). Haal de verstekstelbouten (14) aan beide zijden aan. Aanwijzing: De beide standen (0° en 45°) zijn af fa-briek ingesteld en kunnen door de klantenservice wor-den aangepast. Het zaagblad vervangen afb. A-D, H, I)m VOORZICHTIG. Heet en scherp gereedschapGebruik geen stompe en defecte inzetstukken. Veilig-heidshandschoenen dragen.

• Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver-pakkings- en transportbeveiligingen (indien voor-handen). • Controleer of de inhoud van de levering volledig is. • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans-portschade. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver-strijken van de garantietijd. m LET OPHet apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed. Kinderen mogen niet met kunststof zakken, folies en kleine onderdelen spe-len. Er bestaat gevaar voor inslikken en verstik-kingsgevaar. • Het zaagblad moet vrij kunnen draaien. • Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen let-ten zoals b. v. nagels of schroeven etc. • Voordat u de AAN-/UIT-schakelaar bedient moet het zaagblad correct gemonteerd zijn. Beweeglijke delen moeten gemakkelijk bewegen.

• Vóór het aansluiten controleren of de gegevens ver-meld op het kenplaatje overeenstemmen met de ge-gevens van het stroomnet. • Sluit de machine alleen aan op een correct geïnstal-leerd geaard stopcontact dat met minimaal 16 A is gezekerd. Elektrische aansluitingenControleer of het elektrische systeem waarop de ma-chine is aangesloten geaard is in overeenstemming met de huidige veiligheidsvoorschriften en dat het stopcontact in perfecte staat is. Het elektrische systeem moet voorzien zijn van een magnetothermische beveiliging om alle geleiders te-gen kortsluiting en overbelasting te beschermen.

w ww. practixx. com84 | NL9. Inbedrijfstellingm WAARSCHUWING. Als de invalcirkelzaag ondeskundig werd gemonteerd, kan dit tot ernstig letsel leiden. • Controleer voor het inschakelen van de invalcirkel-zaag of het zaagblad juist is gemonteerd en bewe-gende onderdelen soepel lopen. Na het inschakelen van de zaag moet u wachten tot het zaagblad (15) het maximum toerental heeft bereikt, voordat u de zaagsnede uitvoert. Invalcirkelzaag in- en uitschakelen• Om de inval-cirkelzaagmachine in te schakelen, duwt u op de aan/uit schakelaar (8). De motor start. • Voor het uitschakelen de in-/uitschakelaar (8) losla-ten. Nadat u alle hiervoor beschreven stappen hebt uitge-voerd, kunt u beginnen met de bewerking. m VOORZICHTIG. Blijf altijd met uw handen uit de buurt van de verwer-kingszones en kom hier in geen geval tijdens het za-gen. Werken met de machinem LET OP.

Neem bij het werken altijd alle veiligheids-voorschriften en de volgende regels in acht:• Leid het elektrisch gereedschap alleen in ingescha-kelde toestand door het werkstuk. • Bevestig het werkstuk altijd zo dat deze zich bij de bewerking niet kan bewegen. • Schuif de zaag altijd naar voren, in geen geval naar achteren, naar u toe trekken. • Vermijd door een aangepaste aanvoersnelheid een oververhitting van het zagen• Gebruik een stofmasker bij werkzaamheden waarbij stof vrijkomt. • Zaag met beide handen vastpakken, hierbij legt u een hand op de hoofdhandgreep en de andere hand op de voorste greep. • Bij gebruik van geleiderails moet deze met schroef-klemmen worden bevestigd. • Let op dat de stroomkabel niet in de zaagrichting ligt. Zagen na het begin van een snedeDe zaagindicator geeft (afb. G, pos. G1) bij 0° en 45° zaagsnedes (zonder geleiderail) het zaagverloop weer. m WAARSCHUWING.

Druk op de insteektrekker (3), breng het zaagblad naar de zaagvervangingspositie (Afstelschroef voor de diepte van de snede moet op 25 mm wor-den afgesteld) en plaats de zeskantige sleutel in de sluitschroef van het blad (19). 2. Duw op het slot voor de as (18) en draai het zaag-blad (15) tot het slot op zijn plaats klikt. 3. Druk de borgschacht (18) naar beneden en draai de bladborgschroef (19) tegen de wijzers van de klok in open en houd hierbij het blad in debladin-stelpositie. 4. Verwijder de buitenste ens (20) en het zaagblad (15). m VOORZICHTIG. Veiligheidshandschoenen dragen. 5. Plaats het nieuwe zaagblad en ens (20). 6. Schroef de borgschroef van het zaagblad (19) vast terwijl u het slot voor de as ingedrukt houdt. 7. Plaats de insteekzaag in zijn oorspronkelijke po-sitie (0°). Instellen van de splits-wig (16) (afb.

A + K)Pas de afstand tussen het zaagblad (15) en de splits-wig (16) aan na de vervanging van het zaagblad, of wanneer dat nodig is. Plaats het zaagblad in dezelfde positie als wanneer u het zaagblad vervangt. Draai de instelschroef (17) los met een inbussleutel en stel de spits-wig (16) 2-3 mm hoger in dan het zaag-blad, en draai de instelschroef (17) vervolgens terug vast. Afzuiginrichting aansluitenEen huishoudstofzuiger is niet geschikt als afzuigin-richting. Een afzuiginrichting met een afzuigslang van 38 mm di-ameter (38 mm wordt geadviseerd vanwege een lager risico op verstopping) kan met de afzuigaansluiting (1) worden verbonden. m WAARSCHUWING. Schadelijk voor de gezond-heid door sto?enStof kan schadelijk voor de gezondheid zijn. Nooit zon-der afzuiging werken. Nationale voorschriften in acht nemen.

w ww. practixx. comNL | 85 De bescherming tegen terugstuiten (M2) zorgt voor een veilige geleiding tijdens het zagen in het werkstuk (niet inbegrepen). Door middel van de rail-verbinder (22), kunnen 2 gelei-derails met elkaar verbonden worden en dit zorgt voor lange, precieze sneden. De regeling van de rails op de montage van de gelei-derail kan door de twee instelschroeven (9) geregeld worden. Met de aangeboden onderdelen kunnen versteksne-des, hoeksnedes en aanpassend werk uitgevoerd worden. Bij het eerste gebruik van deze zaag op de optione-le geleidingsrails zal ze moeten worden afgesteld om met zo min mogelijk zijwaartse beweging over de ge-leidingsrails te gaan. De verstelbare nokken (9) zijn geplaatst om die reden. 1. Plaats zaag op de geleidingsrails. 2. Draai de nokken (9 tegen de klok in totdat ze vast zitten. 3. Dan enigszins met de klok mee om afvoer toe te staan. 4.

Zet vast door de kapschroeven van de ttingkop in het midden van elke nok (5mm inbussleutel bij de machine geleverd) vast te schroeven terwijl u de knoppen op hun positie houdt. 5. Beweeg de zaag heen en weer over de rails om er zeker van te zijn dat ze soepel glijdt. Stel indien nodig nader af. 6. Verdere afstelling kan in de toekomst nodig zijn afhankelijk van het gebruik van de zaag. SplinterschermenDe geleiderail wordt geleverd met splinterschermen, die voor het eerste gebruik moet geïnstalleerd worden. 1. Maak de geleiderail met de schroefklemmen vast aan een stuk schroothout. 2. Pas de regeling van de rails aan met de twee in-stelschroeven (9). 3. Stel de inval-zaag in met ongeveer 6 mm zaag-diepte. 4. Plaats de zaag aan het einde van de geleiderail. 5.

De machine met het voorste deel van de zaagtafel op het werkstuk plaatsen. 2. Schakel de machine aan met de aan/uit schake-laar (8). 3. Druk op de inval-trekker (3). 4. Duw de zaag naar beneden om de zaagdiepte te bereiken. 5. Duw de zaag gelijkmatig naar voren. 6. Na het afronden van het zagen, schakelt u de ma-chine uit en zet u het zaagblad omhoog. Doorsnedes zagen (invalcirkelzagen) (afb. L - O)m LET OP. Om terugslagen te vermijden, moeten bij invalcirkelzagen de volgende aanwijzingen in acht worden genomen:• Leg de machine altijd met de achter kant van de zaagtafel tegen een vaste aanslag. • Plaats bij de werkzaamheden met de geleiderail de machine tegen de terugslagstop (M2 / niet bij de le-vering inbegrepen) die op de geleiderail is vastge-klemd. Procedure1. Plaats de zaag op het werkstuk. 2.

Plaats de indicator voor het snijden met de achter-ste pijl (L1) op de gemarkeerde inval positie. Aanwijzing: De markering (L1/L2/L3) geven bij een maximum zaagdiepte en gebruik van de gelei-derail de voorste en achterste zaagsnede van het zaagblad (Ø 160 mm) aan. 3. Schakel de machine aan en duw de zaag naar be-neden tot u de ingestelde zaagdiepte bereikt. 4. Beweeg de zaag naar voren tot de indicator voor het snijden (L3) het aangeduide punt bereikt. 5. Na het afronden van de inval-snede, zet u het zaagblad omhoog en schakelt u de machine uit. Begeleidend systeem (afb. E + M)De geleiderails (21) helpen voor schone, precieze sne-denEn beschermen tegen schade aan oppervlaktes. Aanwijzing: Bij het zagen met de geleiderail is de zaagdiepte 4,5 mm minder dan de waarde van de schaal op de machine.

w ww. practixx. com86 | NLm WAARSCHUWING. Bij ondeskundige bediening bestaat bij het bedienen van de invalcirkelzaag gevaar op ernstig letsel. • Schakel de invalcirkelzaag direct uit en trek de stek-ker uit het stopcontact als het zaagblad zich in het werkstuk heeft vastgeklemd of overige blokkades optreden. • Gebruik veiligheidshandschoenen, grijp het zaag-blad niet vast met blote handen. 10. TransportSchakel het elektrisch apparaat altijd uit voor transport en koppel het los van de voeding. Til voor het transport het elektrisch gereedschap op aan de dwarsstangen. Bescherm het elektrisch apparaat tegen schokken, stoten en sterke trillingen, bijvoorbeeld tijdens trans-port in voertuigen. Beveilig het elektrisch apparaat tegen kantelen en wegglijden. 11. Onderhoud en reinigingm WAARSCHUWING.

Trek altijd de stekker uit het stopcontact voordat u in-stellings-, instandhoudings- of reparatiewerkzaamhe-den uitvoert. Algemene onderhoudswerkzaamheden• Houd ter garantie van de luchtcirculatie de luchtven-tilatieopeningen in de behuizing altijd vrij en schoon. • Om houtkrullen en -spaanders uit het elektrisch ge-reedschap te verwijderen, zuigt u alle openingen uit. • Wrijf het apparaat met een schone doek schoon of blaas het met perslucht bij een lage druk uit. • Wij adviseren om het apparaat direct na elk gebruik te reinigen. • Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Hierdoor kunnen de kunststofon-derdelen van het apparaat worden aangetast. Let op dat er geen water in het apparaat terecht komt. • Olie om de levensduur van het apparaat te verlen-gen eenmaal per maand de draaiende delen. De motor niet oliën.

: Tijdens het eerste gebruik wordt de rub-beren rand afgezaagd, waardoor er bescherming te-gen splinters is tot aan het zaagblad. 5. Duw de zaag gelijkmatig naar voren. 6. Na het afronden van het zagen, schakelt u de ma-chine uit en zet u het zaagblad omhoog. Invalcirkelzaagsnede met geleiding1. Plaats de zaag op de geleiderail op het aangedui-de punt. 2. Maak de bescherming tegen het terugstuiten of het rooster (onderdeel niet inbegrepen) vast aan het voorste en achterste snijpunt op de geleiderail. 3. Schakel de machine aan. 4. Duw de zaag langzaam naar voren tot aan de voor-af ingestelde zaagdiepte en duw de zaag gelijkma-tig over de geleiderail naar het voorste snijpunt. Kantelbeveiliging: Bij verstekzagen is het aangeraden om een kantelbe-veiliging te installeren (onderdeel niet inbegrepen). Dit beschermt de machine tegen kantelen terwijl het zich in een schuine positie bevindt.

Lichamelijke verwondingen en schade aan de machine kunnen daardoor vermeden worden. Na het zagen1. Schakel eerst de invalcirkelzaag en daarna de af-zuiginstallatie uit. Het zaagblad draait nog enige tijd na. 2. Verwijder het zaagafval pas van het zaagblad als het zaagblad zich weer in rustpositie bevindt. 3. Koppel de invalcirkelzaag los van de stroomvoor-ziening, door de voedingsstekker uit het stopcon-tact te trekken. 4. Laat de invalcirkelzaag volledig afkoelen. Vastgelopen materiaal verwijderen.

w ww. practixx. comNL | 87 Aansluitkabel vervangenWanneer het netsnoer van de invalcirkelzaag bescha-digd raakt, moet deze door de fabrikant, diens service-dienst of door een soortgelijk gekwaliceerde persoon vervangen worden om gevaar te vermijden. Invalcirkelzaag controlerenControleer regelmatig de staat van de invalcirkelzaag. Controleer of:• de schakelaars zijn beschadigd,• de accessoires in perfecte staat verkeren,• de netaansluiting en de netstekker onbeschadigd zijn,• de ventilatiesleuf vrij en schoon zijn. Gebruik evt. een zachte borstel of kwast voor het reinigen. Als u een beschadiging constateert, moet u deze door een gespecialiseerde werkplaats laten ver-helpen, om enig gevaar te vermijden. Service-informatieU moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp.

dat de volgen-de delen nodig zijn als verbruiksmaterialen. Slijtstukken*: Koolborstels, Zaagblad* niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen. Neem in het geval van reserveonderdelen en accessoi-res contact op met ons servicecentrum. Scan hiervoor de QR code op de voorpagina. 12. OpslagSla het apparaat en de hulpstukken op een donkere, droge en vorstvrije plaats en voor kinderen ontoegan-kelijke plaats op. De optimale opslagtemperatuur ligt tussen 5 en 30˚C. Bewaar het elektrisch apparaat in de originele verpak-king. Dek het elektrisch apparaat af om het tegen stof of vocht te beschermen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het elektrische apparaat. Koolborstels• Bij overmatige vonkvorming moet u de koolborstels door een elektricien laten controleren. m LET OP. De koolborstels mogen alleen door een elektricien worden vervangen. m WAARSCHUWING.

• Draag bij werkzaamheden aan de invalcirkelzaag de juiste veiligheidshandschoenen. • In deze invalcirkelzaag bevinden zich geen onder-delen die door de gebruiker kunnen worden gere-pareerd. Probeer nooit zelf de invalcirkelzaag te controleren. Maak altijd gebruik van een gekwali-ceerde technicien. m WAARSCHUWING. Het zaagblad kan tijdens het gebruik heet worden. U kunt zich hieraan verbranden. Laat het zaagblad voor elke reiniging volledig afkoelen. Aanwijzing. Water dat in de behuizing is gedrongen, kan een kort-sluiting veroorzaken, ondeskundige reiniging kan lei-den tot beschadiging aan de invalcirkelzaag. • Was de invalcirkelzaag niet en spuit deze ook niet af met een waterstraal. • Dompel de invalcirkelzaag nooit onder in water. • Let op dat er geen water in de behuizing dringt.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Practixx PX-TS-55 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden