Parkside PWS 125 A1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Parkside PWS 125 A1 (108 pagina’s), behorend tot de categorie Slijpmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 76 mensen. Heb je een vraag over Parkside PWS 125 A1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Parkside |
| Categorie: | Slijpmachine |
| Model: | PWS 125 A1 |
Handleiding Parkside PWS 125 A1 – volledige tekst
77 NL/BEInhoudsopgaveInleidingDoelmatig gebruik. Pagina 78Uitvoering. Pagina 78Leveringsomvang. Pagina 78Technische gegevens. Pagina 78Algemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen1. Veiligheid op de werkplek. Pagina 792. Elektrische veiligheid. Pagina 793. Veiligheid van personen. Pagina 804. Zorgvuldige omgang met en gebruik van elektrische apparaten. Pagina 805. Service. Pagina 81Veiligheidsinstructies voor alle toepassingen. Pagina 81Terugslag en dienovereenkomstige veiligheidsinstructies. Pagina 82Bijzondere veiligheidsmaatregelen voor het slijpen en doorslijpen. Pagina 83Andere bijzondere veiligheidsinstructies voor het doorslijpen. Pagina 83Bijzondere veiligheidsinstructies voor het schuren. Pagina 84Bijzondere veiligheidsinstructies voor het polijsten. Pagina 84Bijzonder veiligheidsinstructies voor het werken met draadborstels.
78 NL/BEInleidingHaakse slijper PWS 125 A1 Slijpen, voorbewerken, doorslijpen Q InleidingGefeliciteerd met de koop van uw nieuwe apparaat. U heeft voor een hoogwaardig product gekozen. De gebruiksaanwijzing is een deel van het product. Deze bevat belangrijke aanwijzingen voor veilig-heid, gebruik en verwijdering. Maakt U zich voor de ingebruikname van het product met alle bedie-nings- en veiligheidsvoorschriften vertrouwd. Gebruik het apparaat alleen zoals beschreven en voor de aangegeven toepassingsgebieden. Overhandig alle documenten bij doorgifte van het product aan derden. Q Doelmatig gebruikHet apparaat is geschikt voor het slijpen, afbramen en borstelen van metaal zonder gebruik van water. Ledere wijziging of ieder verderstrekkend gebruik van het product is niet doelmatig en houdt een aanzien-lijk ongevallenrisico in.
Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit ondoelmatig gebruik. Het apparaat is niet bestemd voor commercieel ge-bruik. Opmerking: voor gleuven in dragende muren geldt de norm DIN 1053 deel 1 of gelden landsspecieke bepalingen. Deze voorschriften moeten absoluut in acht worden genomen. Pleeg vóór het begin van de werkzaam-heden overleg met de verantwoordelijke staticus of de verantwoordelijke bouwleiding. Q Uitvoering1 Inschakelblokkering2 Schakelaar AAN / UIT3 Afdekking koolborstels4 Extra handgreep5 Verstelbare beschermkap 6 Spanmoer7 Montagespil8 Montageens9 Toets spilvergrendeling10 Stelwiel toerentalvoorselectie 11 Spansleutel (afb.
Het A-geluidsniveau van het elektrische gereedschap bedraagt karakteristiek:Geluidsdrukniveau: 91 dB(A)Geluidsvermogen: 102 dB(A)Onzekerheid K: 3 dBGehoorbescherming dragen. Totale trillingswaarden bepaald volgens EN 60745:Slijpen aan de oppervlakte (afbramen): trillingsemissiewaarde ah, AG = 13,431 m/s 2, onzekerheid K = 1,5 m/s2. Het in deze aanwijzin-gen vermelde trillingsniveau werd gemeten conform een in EN 60745 genormeerde meetprocedure en kan voor de vergelijking met andere apparaten worden gebruikt. De aangegeven trillingsemissie-.
79 NL/BEInleiding / Algemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappenwaarde kan ook worden gebruikt voor een inlei-dende inschatting van uitslag. Het trillingsniveau zal overeenkomstig het gebruik van het elektrische gereedschap veranderen en kan in sommige gevallen boven de in deze aanwijzingen vermelde waarde liggen. De trillingsbelasting zou kunnen worden onderschat wanneer het elektrische gereedschap regelmatig op een dergelijke wijze wordt gebruikt. Opmerking: Voor een nauwkeurige inschatting van de trillingsdruk tijdens een bepaalde werkperiode moet ook rekening worden gehouden met de tijd waar-in het apparaat uitgeschakeld is of wel loopt, maar niet werkelijk gebruikt wordt. Dit kan de trillingsdruk over de hele werkperiode aanzienlijk verminderen. Algemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen Lees alle veiligheidsinstructies en aanwij-zingen.
Nalatigheden bij de naleving van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kun-nen elektrische schokken, brand en / of ernstig let-sel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidstechnische instructies en aanwijzingen om deze eventueel later te kunnen raadplegen. Het in de veiligheidsinstructies toegepaste begrip “elektrische gereedschappen” heeft betrekking op elektrische gereedschappen op netvoeding (met netkabel) en op elektrische gereedschappen op accuvoeding (zonder netkabel). 1. Veiligheid op de werkplek a) Houd het werkbereik schoon en goed verlicht. Door wanorde en onverlichte werk-bereiken kunnen ongevallen ontstaan. b) Werk met het apparaat niet in een explosiegevaarlijke omgeving met brandbare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die stof of dampen zouden kunnen ontsteken.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik weg van het elek-trische gereedschap. In geval van aeiding zou u de controle over het apparaat kunnen verliezen. 2. Elektrische veiligheid a) De netsteker van het apparaat moet in de contactdoos passen.
De steker mag op geen enkele wijze worden veran-derd. Gebruik géén adaptersteker in combinatie met geaarde apparaten. Ongewijzigde stekers en passende contactdozen verminderen het risico van elektrische schokken. b) Vermijd lichaamscontact met geaarde oppervlakken zoals buizen, verwar-mingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico voor elektrische schokken wanneer uw lichaam geaard is. c) Stel het apparaat niet bloot aan regen en vocht. Het binnendringen van water in een elektrisch apparaat verhoogt het risico van elektrische schokken. d) Gebruik de kabel nooit ondoelmatig, bijv. om het apparaat te dragen, op te hangen of om de steker uit de con-tactdoos te trekken. Houd de kabel verwijderd van hitte, olie, scherpe randen of bewegende apparaaton-derdelen. Verwarde of beschadigde kabels verhogen het risico van elektrische schokken.
e) Gebruik alléén verlengkabels die ook voor het buitenbereik geschikt zijn wanneer u met een elektrisch gereed-schap in de openlucht werkt. Het gebruik van een voor het buitenbereik geschikte kabel vermindert het risico van elektrische schokken. f) Wanneer u met een elektrisch gereed-schap in een vochtige omgeving moet werken, dient u een foutstroom-veilig-heidsschakelaar te gebruiken. Het ge-bruik van een foutstroom-veiligheidsschakelaar vermindert het risico van elektrische schokken.
80 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen3. Veiligheid van personena) Wees steeds opmerkzaam, let op wat u doet en ga met overleg te werk met een elektrisch gereedschap. Gebruik het apparaat niet wanneer u moe bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicijnen staat. Een moment van onachtzaamheid tijdens het gebruik van het apparaat kan tot ernstig letsel leiden. b) Draag naast de persoonlijke veilig-heidsuitrusting altijd een veiligheidsbril. Het dragen van een persoonlijke veiligheids-uitrusting zoals stofmasker, slipvaste veilig-heidsschoenen, -helm of gehoorbescherming helpt, al naargelang het soort en de toepassing van het elektrische gereedschap, het risico voor letsel te verminderen. c) Vermijd een ongewenste ingebruikna-me van het apparaat.
Waarborg dat het elektrische gereedschap uitgescha-keld is voordat u het op de stroomvoor-ziening aansluit, in de hand neemt of draagt. Wanneer u tijdens het dragen van het apparaat de vinger aan de AAN- / UIT-Schakelaar hebt of het apparaat in-geschakeld is, kan dit tot ongevallen leiden. d) Verwijder de instelgereedschappen of schroefsleutel voordat u het appa-raat inschakelt. Een gereedschap of sleutel dat / die zich in een draaiend onderdeel van het apparaat bevindt, kan letsel veroorzaken. e) Vermijd een abnormale lichaamshou-ding. Zorg altijd voor een veilige stand en houd te allen tijde het evenwicht. Op deze wijze kunt u het apparaat vooral in onverwachte situaties beter controleren. f) Draag geschikte werkkleding. Draag géén wijde kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen van bewegende onderdelen verwijderd.
Vlotte kleding, sieraden of haren kunnen door bewegende onderdelen wordt ingetrokken. g) Wanneer stofafzuigingsinrichtingen en -opvanginrichtingen gemonteerd worden, dient u te waarborgen dat deze zijn aangesloten en correct worden gebruikt. Het gebruik van deze inrichtingen vermindert het gevaar door stof. 4.
Zorgvuldige omgang met en gebruik van elektrische apparatena) Belast het apparaat nooit te zwaar. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde gereedschap. Met het geschikte elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger in het voorgeschreven vermogensbereik. b) Gebruik géén elektrisch gereedschap met een defecte schakelaar. Een elektrisch gereedschap dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd. c) Trek de steker uit de contactdoos voor-dat u apparaatinstellingen uitvoert, toebehoren vervangt of het apparaat weglegt. Hierdoor voorkomt u dat het appa-raat abusievelijk ingeschakeld wordt. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten het bereik van kinderen. Laat géén personen met het apparaat werken die niet vertrouwd zijn met het apparaat of die deze aan-wijzingen niet hebben gelezen.
Elektri-sche gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer ze door onervaren personen worden gebruikt. e) Onderhoud het apparaat zorgvuldig. Controleer of bewegende apparaat-onderdelen optimaal functioneren en niet klemmen en of onderdelen gebro-ken of zodanig beschadigd zijn dat de functie van het apparaat belemmerd wordt. Laat beschadigde onderdelen vóór het gebruik van het apparaat repareren. Veel ongelukken zijn terug te voeren op slecht onderhouden elektrische apparaten. f) Houd snijgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig gereinigde snijgereed-schappen met scherpe snijranden gaan minder vaak klemmen en kunnen eenvoudiger worden geleid.
81 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappeng) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, hulpgereedschap enz. overeenkomstig deze aanwijzingen en zoals het voor dit apparaattype voorgeschreven is. Houd daarbij re-kening met de werkomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de bestemde toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. 5. Servicea) Laat uw apparaten door het servicepunt of een gekwalificeerd vakpersoneel en alléén met originele onderdelen repa-reren. Op deze wijze wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het apparaat behouden blijft.
Veiligheidsinstructies voor alle toepassingenAlgemene veiligheidsinstructies voor het slijpen, schuren, werken met draad-borstels, polijsten en doorslijpen:a) D it elektrische gereedschap dient alleente worden gebruikt als slijpmachine, schuurmachine, draadborstel, polijsten doorslijpmachine. Neem alle veilig-h -eidsinstructies, aanwijzingen, afbeeldingen en gegevens in acht die bij dit apparaat worden meegeleverd. Het negeren van de volgende aanwijzingen kan leiden tot elektrische schokken, brand en / of ernstig letsel. b) Normatieve zin / Opmerking voor dit gereed-schap niet van toepassing. c) Gebruik geen toebehoren dat door de fabrikant niet speciaal voor dit elektrische gereedschap bestemd is. Ook al kunt u het toebehoren op uw elektrische gereedschap bevestigen, vormt dit nog geen garantie voor een veilig gebruik.
d) Het geoorloofde toerental van het toebehoren moet minimaal zo hoog zijn als het op het gereedschap ver-melde maximale toerental. Toebehoren dat sneller draait dan is toegestaan, kan breken of wegvliegen. e) Buitendiameter en dikte van het toebe-horen moeten voldoen aan de maatge-gevens van uw elektrische gereedschap. Toebehoren met verkeerde afmetingen kan niet voldoende worden afgeschermd of gecontroleerd.
f) Slijpschijven, flenzen, schuurschijven of ander toebehoren moet exact op de slijpspil van uw elektrische gereedschap passen. Toebehoren dat niet exact op de slijpspil past, draait ongelijkmatig, trilt erg en kan leiden tot controleverlies. g) Gebruik geen beschadigd toebehoren. Controleer vóór ieder gebruik toebe-horen zoals slijpschijven op afsplinte-ringen en scheuren, schuurschijven op scheuren of sterke slijtage. Controleer draadborstels op losgeraakte of ge-broken draden. Wanneer het elektrische gereedschap of het toebehoren valt, dient u te controleren of het beschadigd is. Gebruik nooit beschadigd toebeho-ren. Houd afstand, wanneer u het toe-behoren gecontroleerd en geplaatst hebt, zorg dat in de buurt aanwezige personen buiten het bereik van het roterende toebehoren blijven en laat het apparaat gedurende een minuut met maximaal toerental draaien.
Bescha -digd toebehoren breekt meest al in de testperiode. h) Draag persoonlijke veiligheidskleding. Gebruik al naargelang de toepassing een volledig gezichtsmasker, oogbe-scherming of veiligheidsbril. Draag in-dien nodig een stofmasker, gehoorbe-scherming, veiligheidshandschoenen of een speciale schort die u beschermt tegen kleine slijp- en materiaaldeeltjes. De ogen moeten worden beschermd tegen rondvliegende vreemde voorwerpen die bij verschillende toepassingen ontstaan, stof- of ademhalingsmaskers moeten het tijdens de werk-zaamheden ontstane stof lteren. Wanneer u langer wordt blootgesteld aan hard lawaai, kan dit leiden tot gehoorverlies.
82 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappeni) Let bij andere personen op een veilige afstand t. o. v. uw werkbereik. Iedereen die het werkbereik betreedt, moet persoonlijke veiligheidsuitrusting dra-gen. Afbrekende stukken van het werkstuk en gebroken toebehoren kunnen wegvliegen en ook buiten het directe werkbereik letsel veroorzaken. j) Houd de machine alléén aan de geïso-leerde grijpvlakken vast, wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij het toebehoren verborgen stroomleidin-gen of de eigen netkabel zou kunnen raken. Het contact met een spanningvoerende leiding kan ook de metalen apparaatdelen on-der spanning zetten en zo tot een elektrische schok leiden. k) Houd de netkabel verwijderd van draaiend toebehoren.
Wanneer u de controle over het apparaat verliest, kan de net-kabel doorgesneden of meegetrokken worden waardoor uw hand of arm in contact kan komen met het draaiende toebehoren. l) Leg het elektrische gereedschap nooit weg voordat het toebehoren volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende toebehoren kan in contact komen met de on-dergrond waardoor u de controle over het elektrische gereedschap zou kunnen verliezen. m) Laat het elektrische gereedschap niet lopen terwijl u het draagt. Uw kleding kan door toevallig contact met het draaiende toebehoren worden meegetrokken waardoor het toebehoren zich in uw lichaam zou kunnen boren. n) Reinig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap regelmatig. De motorventilator trekt stof in de behuizing en een grotere ophoping metaalstof kan leiden tot elektrische gevaren.
o) Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt van brandbare mate-rialen. Door vonken kunnen deze materialen ontbranden. p) Gebruik geen toebehoren dat vloei-baar koelmiddel vereist. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan leiden tot elektrische schokken.
Terugslag en dienovereenkom-stige veiligheidsinstructiesEen terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van een hakend of blokkerend toebehoren zoals een slijpschijf, schuurschijf, draadborstel enz. Blijven haken of blokkeren leidt tot een abrupte stop van het rote-rende toebehoren. Daardoor wordt een ongecon-troleerd elektrisch gereedschap op het blokkeerpunt tegen de draairichting van het toebehoren in versneld. Wanneer bijv. de slijpschijf blokkeert of in het werk-stuk blijft haken, kan de rand van de slijpschijf, die zich in het werkstuk bevindt, blijven hangen waardoor de slijpschijf wegschiet of een terugslag veroorzaakt. De slijpschijf beweegt dan in richting van de bedie-nende persoon of van hem weg, al naargelang de draairichting van de schijf op het blokkeerpunt. In dit geval kunnen slijpschijven ook breken.
Een terugslag is het gevolg van een verkeerde be-diening van het elektrische gereedschap. Een terug-slag kan met behulp van de volgende maatregelen worden voorkomen. a) Houd het elektrische gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in een positie, waarin u de terugslag-krachten kunt opvangen. Gebruik altijd de extra handgreep, indien voorhanden, om de grootst mogelijke controle over t en erugslagkrachten of reactiemomentbij het opstarten te hebben. De bediener kan door middel van geschikte voorzorgsmaat-regelen de terugslag- en reactiekrachten be-heersen. b) Houd uw hand nooit in de buurt van draaiend toebehoren. Het toebehoren kan in geval van een terugslag over uw hand bewegen. c) Kom met uw lichaam niet binnen het bereik waarin het elektrische gereed-schap in geval van een terugslag be-weegt.
83 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappentoebehoren van het werkstuk terug-kaatst en klem raakt. Het roterende toe-behoren neigt ertoe in hoeken, scherpe randen of in geval van terugkaatsten, klem te raken. Dit kan leiden tot een controleverlies of terugslag. e) Gebruik geen ketting- of getand zaag-blad. Dergelijke toebehoren veroorzaken vaak terugslagen of leiden tot controleverlies van het elektrische gereedschap. Bijzondere veiligheidsmaat-regelen voor het slijpen en doorslijpena) Gebruik uitsluitend de voor uw elek-trische gereedschap goedgekeurde slijphulpstukken en de voor het slijp-hulpstuk bestemde beschermkap. Slijphulpstukken die niet voor het elektrische gereedschap bedoeld zijn, kunnen niet vol-doende worden afgeschermd en zijn onveilig.
b) De beschermkap moet veilig aan het elektrische gereedschap zijn aange-bracht en zodanig ingesteld zijn dat een maximum aan veiligheid wordt bereikt, d. w. z. het kleinst mogelijke deel van het slijphulpstuk wijst open naar de gebruiker. De beschermkap moet de gebruiker beschermen tegen afgebroken stukken en toevallig contact met het slijphulpstuk. c) Slijphulpstukken mogen alléén voor de aanbevolen toepassingsmogelijk-heden worden gebruikt. Bijvoorbeeld: slijp nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bedoeld voor het doorslijpen van materiaal met de rand van de schijf. Door zijwaartse krachtinwerkingen kunnen slijphulpstukken breken. d) Gebruik altijd onbeschadigde span-flenzen in de correcte maten en vormen voor de door u gekozen slijpschijf. Geschikte enzen steunen de slijpschijf en ver-minderen daardoor het gevaar van een slijp-schijfbreuk.
Slijpschijven voor grotere elektrische gereedschap-pen zijn niet geconcipieerd voor de hogere toeren-tallen van kleinere elektrische gereedschappen en kunnen dus breken. Andere bijzondere veiligheids-instructies voor het doorslijpena) Voorkom het blokkeren van de doorslijpschijf of een te hoge aanpers-druk. Voer geen overmatig diepe sne-den uit. Door overbelasting van de doorslijp-schijf stijgt de belasting en daarmee het risico van kantelen of blokkeren met als gevolg een terugslag of breuk van het slijphulpstuk. b) Vermijd het bereik vóór en achter de roterende doorslijpschijf. Wanneer u de doorslijpschijf in het werkstuk van u weg be-weegt, kan het elektrische gereedschap met de draaiende schijf in geval van een terugslag direct in uw richting worden geslingerd.
c) Wanneer de doorslijpschijf klemt of u de werkzaamheden onderbreekt, schakelt u het apparaat uit en houdt u het werkstuk rustig totdat de schijf tot stilstand is gekomen. Tracht nooit, de nog draaiende doorslijpschijf uit de snede te trekken, daardoor kan een terugslag ontstaan. Stel de oorzaak voor het klemmen vast en verhelp deze. d) Schakel het elektrische gereedschap niet in zolang de doorslijpschijf nog in het werkstuk steekt. Wacht totdat de doorslijpschijf het volle toerental heeft bereikt, voordat u de snede voorzichtig voortzet. In het andere geval kan de schijf blijven haken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken. e) Steun de platen of werkstukken goed om het risico van een terugslag door een ingeklemde doorslijpschijf te mi-nimaliseren. Grote werkstukken kunnen op grond van hun eigengewicht doorbuigen.
84 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappenf) Wees bijzonder voorzichtig bij “gleufsneden” in bestaande muren of andere onoverzichtelijke bereiken. De binnendringende doorslijpschijf kan tijdens het snijden in gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag ver-oorzaken. Bijzondere veiligheidsinstructies voor het schuren Gebruik geen te grote schuurbladen, maar neem de voorschriften van de fabrikanten m. b. t. de maten van het schuurblad in acht. Schuurbladen die boven de schuurschijf uitsteken kunnen letsel veroorza-ken, tot blokkeren of scheuren van de schuur-bladen leiden of een terugslag veroorzaken. Bijzondere veiligheidsinstructies voor het polijsten Let op dat geen losse onderdelen van de polijstkap, vooral bevestigingsdra-den, voorhanden zijn. Berg de bevestigings-draden op of kort deze in.
Losse, meedraaiende bevestigingsschroeven kunnen uw vingers raken en verwonden of in het werkstuk blijven hangen. Bijzonder veiligheidsinstructies voor het werken met draad-borstelsa) L ns et op dat de draadborstel ook tijdehet normale gebruik draadstukken verliest. Overbelast de draden niet door een te hoge aanpersdruk. Weg-vliegende draadstukken kunnen probleemloos door dunne kleding en / of de huid dringen. b) Wanneer een beschermkap aanbevo-len wordt, dient u te vermijden dat de beschermkap en de draadborstel el-kaar kunnen raken. Schijf- en komborstels kunnen door aanpersdruk en centrifugale krachten hun diameter vergroten. Q Veiligheidsinstructies voor haakse slijpmachines GEVAAR VOOR ELEKTRISCHE SCHOKKEN. Gebruik het apparaat niet wanneer de voedingskabel of de netsteker be-schadigd is. GEVAAR VOOR ELEKTRISCHE SCHOKKEN.
Raak de voedingskabel niet aan wan-neer hij tijdens het werk beschadigd of doorgesneden wordt. Onderbreek onmiddellijk de stroomtoevoer en laat het apparaat vervolgens uitsluitend repareren door een vakman of het bevoegde servicepunt. GEVAAR VOOR ELEKTRISCHE SCHOKKEN.
Gebruik het apparaat niet wanneer het vochtig is en ook niet in een voch-tige omgeving. GEVAAR VOOR ELEKTRISCHE SCHOKKEN. Wanneer u het apparaat in de open lucht gebruikt, dient u het via een foutstroom-veiligheidsschakelaar (FI-schakelaar) met maximaal 30 mA aan te sluiten. Gebruik alléén een voor het buitenbereik toegestaan verlengsnoer. Draag het apparaat niet aan de netka-bel en hang het niet aan de netkabel op. Leid de kabel altijd naar achteren van het apparaat weg. In het andere ge-val kan het apparaat beschadigd worden. Slijpschijven moeten goed en overeen-komstig de aanwijzingen van de fabri-kant bewaard en behandeld worden. In het andere geval zouden deze beschadigd kunnen raken. Waarborg dat slijpgereedschappen volgens de aanwijzingen van de fa-brikant zijn gemonteerd. In het andere geval kunnen deze van het apparaat losraken en letsel en / of materiële schade veroorzaken.
Waarborg dat tussenlagen worden gebruikt wanneer deze met het slijp-gereedschap beschikbaar gesteld worden en verplicht zijn. Gebruik géén gescheiden verloopbus-sen of adapter om slijpschijven met een groter gat passend te krijgen.
85 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen Waarborg bij slijpschijven met een schroefdraadinzet dat de schroefdraad lang genoeg is om de spillengte op te nemen. In het andere geval kunnen de slijp-schijven van het apparaat losraken en letsel en / of materiële schade veroorzaken. Voorkom dat het spileinde de gaten-bodem van de slijpmachine raakt. Werk niet op verborgen plaatsen waar stroom-, gas- of waterleidingen zouden kunnen liggen. Gebruik een geschikt zoekapparaat of vraag na bij de plaat-selijke nutsbedrijven. Het contact met stroomleidingen kan brand en een elektrische schok veroorzaken. De beschadiging van een gasleiding kan tot een explosie leiden. Bescha-diging van een waterleiding kan materiële schade en een elektrische schok veroorzaken. GIFTIGE DAM-PEN.
Het bewerken van schadelijke / giftige stoffen vormt een gevaar voor de gezondheid van de bedienende persoon of in de buurt aanwezige personen. Sluit het apparaat aan op een geschi-kte, externe afzuiginstallatie, als u langer bezig bent met het bewerken van metaal. Zorg bij de bewerking van kunststof-fen, verf, lak enz. voor afdoende ventilatie. Drenk materialen of te bewerken oppervlakken niet met oplosmiddel-houdende vloeistoffen. GEVAAR VOOR LETSEL. Draag nauw-sluitende kleding en bij lange haren een haarnetje of een geschikte hoofd-bedekking. Om veiligheidsredenen mag dit appa-raat alleen met de extra handgreep 4 gebruikt worden. De verstelbare kap 5 moet altijd ge-monteerd zijn wanneer u werkt met voorbewerkings- of doorslijpschijven. In het andere geval bestaat gevaar voor letsel. Gebruik bij ernstige stofbelasting altijd de stofafzuiginrichting.
Gebruik alleen speciaal goedgekeurde stofafzuigin-richtingen. Gebruik alleen geoorloofd gereedschap. Controleer of het op de schuur- / slijp-schijven vermelde toerental hoger dan of gelijk is aan de nominale snelheid van het apparaat.
Let op de draairichting en houd het apparaat altijd zodanig vast dat von-kenregen en slijpstof van het lichaam weg vliegen. In het andere geval bestaat gevaar voor letsel. Waarborg dat de afmetingen van de schijf overeenstemmen met het appa-raat en dat de schijf zonder problemen op de montageflens 8 past. Q ArbeidsinstructiesOpmerking. Slijpgereedschappen mogen alléén voor de aanbevolen toepassingsmogelijkheden wor-den gebruikt. In het andere geval kunnen deze breken of anderszins beschadigd raken en letsel veroorzaken. Voorbewerken (zie afb. G): Gebruik nooit doorslijpschijven voor de voorbewerking. Beweeg de haakse slijper met matige druk over het werkstuk. Beweeg de voorbewerkingsschijf bij zachte materialen in een vlakke hoek over het werkstuk, bij harde materia-len in een iets steilere hoek. Doorslijpen (zie afb. E, F): Gebruik nooit voorbewerkings-schijven om door te slijpen.
Gebruik alleen gekeurde, met vezelstof versterkte doorslijp- of slijpschijven die zijn goedgekeurd voor een randsnelheid van minstens 80 m / s. VOORZICHTIG. Na het uitschakelen loopt het slijpgereedschap nog na. Rem het niet af door er opzij tegen te drukken.
86 NL/BEAlgemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen / Bediening Beveilig het gereedschap. Gebruik de spaninrichting / bankschroef om het werkstuk vast te zetten. Het wordt daarin veiliger gehou-den dan in uw hand. Schakel het apparaat altijd uit en wacht totdat het volledig tot stilstand is gekomen voordat u het neerlegt. Ontgrendel de AAN- / UIT-Schakelaar onmiddellijk bij een stroomuitval of wanneer de netsteker uit de contact-doos getrokken wordt. Schakel hem naar de UIT-stand. Hierdoor voorkomt u een ongecontroleerde herstart. Gebruik het apparaat alléén voor droog snijden resp. droog slijpen. De extra handgreep 4 moet bij alle werkzaamheden met het apparaat gemonteerd zijn. Asbesthoudend materiaal mag niet worden bewerkt. Asbest geldt als kanker-verwekkend. Tip. Zo handelt u correct. GEVAAR. Beweeg het ap-paraat altijd in tegenloop door het werkstuk.
Bij de tegenovergestelde richting bestaat het gevaar van een terugslag. Het apparaat kan uit de snede worden gedrukt. Plaats het apparaat altijd ingeschakeld tegen het werkstuk. Til het apparaat na de bewerking van het werkstuk en schakel het dan pas uit. Houd het apparaat tijdens het werk altijd met beide handen vast (zie ook afb. G). Zorg voor een veilige stand. Voor een optimaal slijpresultaat beweegt u het apparaat gelijkmatig onder een hoek van 15° - 30° (tussen slijpschijf en werkstuk) over het werkstuk heen en weer. Bij de bewerking van grote opper-vlakken mag het apparaat niet met kracht op het werkstuk gedrukt worden. Wanneer het toerental sterk terugloopt, moet u de aandrukkracht verminderen om veilig en ef-fectief te kunnen werken. Wanneer het appa-raat plotseling afremt of blokkeert, moet u onmiddellijk de stroomtoevoer uitschakelen.
Doorslijpen: werk niet te snel en zorg dat de slijpschijf niet vastslaat. Voorbewerkings- en doorslijpschijven worden tijdens het werk zeer heet – laat ze dan ook volledig afkoelen voordat u ze aanraakt. Gebruik het apparaat nooit ondoel-matig.
Let altijd op dat het apparaat uitge-schakeld is voordat u de netsteker in de contactdos steekt. Trek in geval van gevaar de steker uit de contactdoos. Zorg ervoor dat apparaat en netsteker goed toegankelijk en in noodge-vallen goed bereikbaar zijn. Onderbreek altijd de stroomtoevoer vóór pauzes, vóór alle werkzaamhe-den aan het apparaat en wanneer u het werk beëindigd hebt. Het apparaat moet steeds schoon, droog en vrij van olie of andere smeermiddelen zijn. Wees steeds waakzaam. Let altijd op wat u doet en ga steeds met overleg te werk. Gebruik het apparaat in geen geval wanneer u ongeconcentreerd bent of u niet goed voelt. Q BedieningQ In- en uitschakelenControleer het gereedschap altijd vóór gebruik. Het gereedschap moet correct gemonteerd zijn, mag niet vochtig zijn, geen scheuren vertonen en moet vrij draaien. Laat het apparaat 30 seconden proefdraaien.
87 NL/BEBediening / Toebehoren gebruikenUitschakelen: Laat de schakelaar AAN / UIT 2 weer los. Q Toerental instellen Stel het toerental al naargelang de vereiste vooraf in. Zet het stelwiel voor de toerentalvoorselectie 10 op de gewenste instelling. Het vereiste toeren-tal is afhankelijk van het te bewerken materiaal en kan in een praktische test worden bepaald. De onderstaande tabel geeft de instellingen aan voor de meest gangbare toepassingen. Deze waarden zijn vrijblijvend. Het beschreven toe-behoren is deels niet bij de levering inbegrepen.
Toerentalvoorselectie:Materi-aalGebruikGereedschapStelwielKunststof, lakpolijsten hoes van lamsvel1jn schurenpolijstschijf van vilt1Metaal jn schuren lappenschijf 1verf verwijderenschuurblad 2–3Hout, metaalborstelen, ontroestenschotelborstel, schuurblad3Metaal slijpen slijpschijf 4–6Metaal voorbewerken voorbewer-kingsschijf6Metaal doorslijpen 6doorslijpschijfQ Slijpgereedschappen vervangen Draag altijd veiligheidshandschoenen tijdens het vervangen van doorslijp- / voorbewerkingsschijven. Vergrendel de toets voor de spilvergrendeling 9 alléén bij stilstaande montagespil 7, afb. A. Druk op de toets voor de spilvergrendeling 9 om het drijfwerk te blokkeren. Draai de spanmoer 6 los met behulp van een spansleutel 11 , afb. B. Plaat de voorbewerkings- of doorslijpschijf met de bedrukt zijde naar het apparaat op de montageens 8.
Plaats vervolgens de spanmoer 6 met de ver-hoogde zijde naar boven weer op de monta-gespil 7. Druk op de toets voor de spilvergrendeling 9 om het drijfwerk te blokkeren. Draai de spanmoer 6 weer vast met behulp van de spansleutel 11. Opmerking: wanneer de schijf na het ver-vangen onrustig loopt of trilt, moet deze schijf onmiddellijk weer worden vervangen. Laat het apparaat na een schijfvervanging om veiligheidsredenen gedurende 30 seconden in nullast lopen. Let op ongewone geluiden en vonkenvorming. Controleer of alle bevestigingsonderdelen cor-rect aangebracht zijn.
Let op dat de draairichtingspijl op de doorslijp- of voorbewerkingsschijven (ook dia-mant-doorslijpschijven) en de draairichting op het apparaat (draairichtingspijl op het appa-raathoofd) overeenstemmen. Q Toebehoren gebruikenQ Doorslijp- / voorbewerkings-schijvenU kunt de onderstaand vermelde doorslijp-/voorbe-werkingsschijven op dit apparaat monteren. Afmetingen: ø 125 x 22,2 mm tot max. 6 mm dikte (omgebogen) Toerental: min. 12000 o / minRandsnelheid: 80 m / sec.
88 NL/BEToebehoren gebruikenQ Lamellenschijven voor metaalAfmeting: ø 125 mmToerental: min. 12000 o / minQ Verder toebehorenU kunt bovendien de hiernaast afgebeelde slijpge-reedschappen, met de onderstaand vermelde tech-nische gegevens gebruiken. Spildraad: M14Toerental: min. 12000 o / minSteun voor de schuurbladenAfmeting: ø 115 mm / 125 mmSchuurbladen voor hout / steen met klitbandhechtingAfmeting: ø 115 mm / 125 mmOpmerking! Kan alléén in combinatie met de steun worden gebruikt!Komborstels, gegolfde draad Afmeting: ø 75–100 mmToerental: min. 12000 o / minKomborstels, gevlochten draad Afmeting: ø 75 mmToerental: min. 12000 o / minRoterende borstels, gevlochten draadAfmeting: ø 115 mmToerental: min. 12000 o / minQ Veiligheidskap verstellen GEVAAR VOOR LETSEL! Trek vóór alle werkzaamheden aan het apparaat altijd eerst de netsteker uit de contactdoos!
89 NL/BEToebehoren gebruiken / Onderhoud en reiniging / Service / Garantie125 GEVAAR VOOR LETSEL. Gebruik de haakse slijper altijd met gemonteerde veiligheidskap 5. De veiligheidskap moet correct op de haak-se slijper gemonteerd worden. Stel de kap zo-danig in dat een maximum aan veiligheid wordt bereikt, d. w. z. het kleinst mogelijke deel van het slijpgereedschap wijst open naar de ge-bruiker (zie afb. C, D). De veiligheidskap 5 moet de gebruiker tegen afgebroken stukken en toevallig contact met het slijpgereedschap beschermen. De veiligheidskap beschikt over 5 vergrendelingsstanden. Draai de veiligheidskap 5 in de vereiste positie (werkpositie). De gesloten zijde van de veiligheidskap 5 moet altijd naar de gebruiker wijzen. Q Extra handgreep gebruiken VOORZICHTIG. Om veiligheidsredenen mag dit apparaat alleen met de extra handgreep 4 gebruikt worden.
De extra handgreep 4 kan al naargelang de werkwijze links, rechts of boven de apparaatkop worden ingeschroefd. Q Onderhoud en reiniging GEVAAR VOOR LETSEL. Trek vóór alle werkzaamheden aan het apparaat altijd eerst de netsteker uit de contactdoos. Gebruik géén scherpe voorwerpen voor de reiniging van het apparaat. Er mogen géén vloeistoffen in het ap-paraat dringen. In het andere geval kan het apparaat beschadigd worden. Laat de vervanging van de koolborstels uitslui-tend door het servicepunt of een erkende vak-werkplaats uitvoeren. Voor de rest is het appa-raat onderhoudsvrij. Reinig het apparaat regelmatig, het best direct na beëindiging van de werkzaamheden. Gebruik voor de reiniging van de behuizing een droge doek - gebruik nooit benzine, oplosmidde-len of reinigmiddelen die de kunststof aantasten. Voor de grondige reiniging van het apparaat hebt u een stofzuiger nodig.
De luchtopeningen moeten altijd vrij blijven. Verwijder het aanhechtende schuurstof met een kwast. Q Service Laat uw apparaten door het servicepunt of een gekwalifi-ceerd vakpersoneel en alléén met ori-ginele onderdelen repareren.
Op deze wijze wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het apparaat behouden blijft. Laat de steker of de aansluitleiding altijd door de fabri-kant van het apparaat of door diens technische dienst repareren. Op deze wijze wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het apparaat behouden blijft. Q GarantieU heeft op dit apparaat 3 jaar garantie vanaf de aankoopdatum. Het apparaat is met de grootst mogelijke zorg vervaar-digd en voorafgaand aan de levering nauwkeurig gecontroleerd. Bewaar a. u. b. de kassabon als aankoopbewijs. Als u aanspraak wilt maken op garantie, neem dan a. u. b. telefonisch contact op met uw servicefiliaal. Alleen op die manier is een kostenloze verzending van uw product gegarandeerd.
90 NL/BEGarantie / Afvoerlaars of accu’s. Het product is uitsluitend bestemd voor privé-gebruik en niet voor bedrijfsmatige doel-einden.Bij verkeerd gebruik en ondeskundige behandeling, bij gebruik van geweld en bij reparaties die niet door ons geautoriseerd serviceliaal zijn uitgevoerd, vervalt de garantie. Uw wettelijke rechten worden door deze garantie niet beperkt.De garantieperiode wordt niet verlengd door de aan-sprakelijkheid. Dit geldt eveneens voor vervangen en gerepareerde onderdelen. Schade en gebreken die mogelijk reeds bij de aankoop aanwezig zijn, moeten direct na het uitpakken worden gemeld, ui-terlijk echter twee dagen na de dag van aankoop.
Na verstrijken van de garantieperiode moeten alle voorkomende reparaties vergoed worden.NLService NederlandTel.: 0900 0400223 (0,10 EUR/Min.)e-mail: [email protected] 93523BEService BelgiëTel.: 070 270 171 (0,15 EUR/Min.)e-mail: [email protected] 93523Q Afvoer De verpakking bestaat uit milieuvriende-lijke materialen die u via de plaatselijke recyclingdiensten kunt afvoeren. Voer elektronische gereedschap-pen niet af via het huisafval!Conform de Europese richtlijn 2002 / 96 / EC betref-fende afgedankte elektrische en elektronische appara-tuur en de omzetting daarvan naar nationaal recht moeten oude elektrische gereedschappen separaat worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze worden gerecycled.Uw gemeentelijke milieudienst kan u informatie geven over de afvalverwijdering van uitgediende apparaten.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Parkside PWS 125 A1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Slijpmachine Parkside
Handleiding Slijpmachine
Nieuwste handleidingen voor Slijpmachine