Parkside 360564 - IAN 360564 Handleiding

Parkside Zaagmachine 360564 - IAN 360564

Bekijk gratis de handleiding van Parkside 360564 - IAN 360564 (140 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 43 mensen. Heb je een vraag over Parkside 360564 - IAN 360564 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/140
8
MULTIFUNCTION SLIDING CROSS CUT MITRE SAW MPKZ 2000 A1
MULTIFUNKTIONS-KAPP-, ZUG- UND GEHRUNGSSÄGE MPKZ 2000 A1
SCIE À ONGLET RADIALE MULTIFONCTION MPKZ 2000 A1
IAN 360564_2010
CHAT
MULTIFUNKTIONS-KAPP-, ZUG- UND
GEHRUNGSSÄGE
Bedienungs- und Sicherheitshinweise
Originalbetriebsanleitung
DE
BE
MULTIFUNCTIONELE KAP-, TREK- EN
VERSTEKZAAG
Bedienings- en veiligheidsinstructies
Vertaling van de originele handleiding
NL
MULTIFUNCTION SLIDING CROSS CUT MITRE SAW
Operating and Safety Instructions
Translation of Original Operating Manual
GB IE
BE
SCIE À ONGLET RADIALE MULTIFONCTION
Consignes d‘utilisation et de sécurité
Traduction des instructions d’origine
FR
WIELOFUNKCYJNA TARCZÓWKA, PIŁA DWURĘCZ-
NA I ZE SKRĘTNĄ TARCZĄ
Wskazówki dotycce obsługi i bezpieczeństwa
Tłumaczenie oryginalnej instrukcji obsługi
PL
MULTIFUNKČNÁ SKRACOVACIA A POKOSOVÁ
PÍLA
Pokyny pre obsluhu a bezpečnostné pokyny
Preklad originálneho návodu na obsluhu
SK
MULTIFUNKČNÍ ZKRACOVACÍ A POKOSOVÁ PILA
Pokyny pro obsluhu a bezpečnostní pokyny
Překlad originálního provozního návodu
CZ
INGLETADORA TELESCÓPICA MULTIFUNCIONAL
Instrucciones de utilización y de seguridad
Traducción del manual de instrucciones original
ES
KAP-, TRÆK- OG GERINGSSAV
Drifts- og sikkerhedsinstruktioner
Oversættelse af den originale driftsvejledning
DK

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Parkside
Categorie: Zaagmachine
Model: 360564 - IAN 360564

Handleiding Parkside 360564 - IAN 360564 – volledige tekst

46 NL/BE1. Verklaring van de symbolen op het toestelNL BE Voor de ingebruikneming de gebruiksaanwijzing en veiligheidsinstructies lezen en na-leven!NL BE Draag een veiligheidsbril!NL BE Draag een gehoorbeschermer!NL BE Draag een stofmasker!NL BE Let op! Lichamelijk gevaar! Niet in het draaiende zaagblad grijpen!NL BE Let op! LaserstralingNL BE Beschermingsklasse II (dubbel geïsoleerd)NL BE Waarschuwings- en veiligheidsinstructies in acht nemen!NL BE LaserNL BE Led

47NL/BE2. InleidingFABRIKANT: scheppachFabrikation von Holzbearbeitungsmaschinen GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenBESTE KLANT, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe machine. OPMERKING: De fabrikant van dit apparaat is conform de geldende wet in-zake productaansprakelijkheid niet aansprakelijk voor schade, die aan of door dit apparaat ontstaat bij: • Ondeskundig gebruik,• Niet-naleving van de gebruiksaanwijzing,• Reparaties door derden, door onbevoegde personen,• Inbouw en vervanging van niet originele reserveonderdelen,• Niet-reglementair gebruik,• Het uitvallen van de elektrische installatie bij nietnaleving van de elektrische voorschriften en VDEbepalingen 0100, DIN 57113 / VDE 0113. Wij adviseren u het volgende:Lees voor de montage en ingebruikneming aandachtig de volledige gebruiksaanwijzing.

Dankzij deze gebruiksaanwijzing leert u uw machine en de reglementaire gebruiksmogelijkheden ervan kennen. U vindt hier belangrijke instructies over hoe u de machine veilig, vakkundig en rendabel gebruikt, over hoe u risico‘s vermijdt, reparatiekosten voorkomt, de stilstandtijd beperkt en de betrouwbaarheid en levensduur van de machine verhoogt. Bovenop de veiligheidsvoorschriften van deze gebruiksaanwij-zing moet u in elk geval ook de nationale bepalingen inzake het gebruik van deze machine respecteren. Bewaar de gebruiksaanwijzing in de buurt van de machine in een plastiek omhulsel als bescherming tegen vuil en vocht. Elke gebruiker moet deze handleiding voor het begin van de werkzaamheden lezen en zorgvuldig naleven. Enkel personen, die over het gebruik van de machine en de daarmee verbonden gevaren zijn geïnstrueerd, mogen de machine bedienen. Respecteer de vereiste minimumleeftijd.

Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies. 3. Beschrijving van het toestel (afb. 1-20)1. Handgreep2. AAN/UIT-schakelaar3. Blokkeerschakelaar4. Machinekop5. Zaagbladafdekking bewegelijk6. Zaagblad7. Spaninrichting7a. Vleugelschroef8. Werkstukhouder9. Vastzetschroef voor werkstukhouder10. Tafelinzetstuk11. Vastzetgreep12. Wijzer (verstekinstelling)13. Schaal (verstekinstelling)14. Draaitafel15. Vaststaande zaagtafel16. Aanslagrail16a. Verschuifbare aanslagrail16b. Vastzetschroef 17. Spaanopvangzak17a. Afzuigaansluiting18. Schaal (hoekinstelling)19. Aanwijzer (hoekinstelling)20. Vastzetschroef voor trekgeleiding21. Trekgeleiding22. Vastzetschroef23. Borgbout24. Kartelschroef voor snijdieptebeperking25. Aanslag voor snijdieptebeperking26. Justeerschroef (90°)27. Justeerschroef (45°)28.

48 NL/BE4. Leveringsomvang• Multifunctionele kap-, trek-, verstekzaag• Transportgreep• 2 x kruiskopschroef (5,0 x 25 mm)• 2 x spaninrichting (7) (voorgemonteerd)• 2 x werkstukhouder (8) (voorgemonteerd)• Spaanopvangzak (17)• Binnenzeskantsleutel 6 mm (C)• Binnenzeskantsleutel 3 mm (D)• Gebruikshandleiding5. Doelmatig gebruikDe multifunctionele kap-, trek- en verstekzaag wordt gebruikt om hout, kunststof, aluminium, koper en metaal te zagen (Rockwell-hardheid minder dan 15 HRC), afhankelijk van de machinegrootte. De zaag is niet geschikt voor het zagen van brandhout. De zaag is niet geschikt voor het snijden van brandhout. Waarschuwing. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het zagen van materialen die in de gebruikshandleiding zijn gespecificeerd. Waarschuwing.

Het meegeleverde zaagblad is uitsluitend bestemd voor het zagen van de volgende materialen:Hout, houtproducten (MDF, spaanplaat, multiplex, meubel-plaat, hardboard enz. ), hout met spijkers, kunststof, non-ferro-metalen en platen tot 3 mm. Opmerking: Hout met niet-gegalvaniseerde spijkers of schroeven kan ook worden gezaagd, mits dit voorzichtig gebeurt. Opmerking: Gebruik het zaagblad niet om gegalvaniseerd materiaal of hout met verzonken gegalvaniseerde spijkers mee te zagen. Gebruik het zaagblad niet om brandhout mee te zagen. De machine mag enkel na diens toestemming worden gebruikt. Elk verdergaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of letsels, van welke aard dan ook, is de gebruiker/bediener aansprakelijk en niet de fabrikant. Alleen de voor de machine gepaste zaagbladen mogen worden gebruikt.

Het gebruik van snijschijven van welke soort dan ook is verboden. Het naleven van de veiligheidsvoorschriften alsmede van de montage-instructies en aanwijzingen aangaande de werking vermeld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik.

Personen, die de machine bedienen en onderhouden, moeten hiermee vertrouwd en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn. Bovendien moeten de geldende voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden opgevolgd. Andere algemene regels op het gebied van de arbeidsge-neeskunde en veiligheid dienen in acht te worden genomen. Veranderingen aan de machine sluiten een aansprakelijkheid van de fabrikant en daaruit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks een doelmatig gebruik kunnen bepaalde resterende risicofactoren niet volledig uit de weg worden geruimd. Ten gevolge van de constructie en opbouw van de machine kun-nen zich de volgende punten voordoen:• Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaaggebied. • Grijpen in het draaiende zaagblad (snijwonden). • Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen. • Zaagbladbreuken. • Wegslingeren van defecte hardmetalen stukken van het zaagblad.

• Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige gehoorbe-schermer. • Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid. Houd er rekening mee dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik ontworpen zijn. Wij zijn niet aansprakelijk als de machine in industriële of ambachtelijke bedrijven of in soortgelijke activiteiten wordt gebruikt. 6. VeiligheidswaarschuwingenAlgemene veiligheidsvoorschriften voor elektri-sche apparatenm WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidsvoor-schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni-sche gegevens die bij dit elektrisch apparaat zijn meegeleverd. Het niet naleven van de onderstaande aan-wijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige ver-wondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij-zingen voor toekomstig gebruik.

Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip “Elektrisch gereedschap” is van toepassing op netgevoed elektrisch ge-reedschap (met netsnoer) of op accugevoed elektrisch gereed-schap (zonder netsnoer). 1. Veiligheid op de werkpleka) Houd uw werkomgeving schoon en goed ver-licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen lei-den tot ongevallen. b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeistoffen, gas of stof bevin-den. Door elektrisch gereedschap ontstane vonken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische gereed-schap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektri-sche apparaat verliezen.

49NL/BE2. Elektrische veiligheida) De aansluitstekker van het elektrische gereed-schap moet in het stopcontact passen. De stek-ker mag op geen enkele wijze worden gewij-zigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok. b) Let op dat uw lichaam geen contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radia-toren, elektrische haarden, koelkasten. Er be-staat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elek-trisch apparaat vergroot het risico op een elektrische schok. d) Gebruik het snoer niet om het elektrische ge-reedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken.

Houd het snoer uit de buurt van hitte, scherpe randen of bewe-gende delen. Beschadigde of opgewikkelde snoeren ver-hogen het risico op een elektrische schok. e) Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een ver-lengsnoer dat ook geschikt is voor gebruik buitenshuis. De toepassing van een voor buitenshuis gebruik geschikt verlengsnoer vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereed-schap in een vochtige omgeving niet kan wor-den vermeden, gebruik dan een aardlekscha-kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok. 3. Veiligheid van personena) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werk-zaamheden met elektrisch gereedschap.

Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van onacht-zaamheid bij gebruik van het elektrische gereedschap kan leiden tot ernstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril.

Het dragen van per-soonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, an-tislip-veiligheidsschoenen, een veiligheidshelm of gehoor-bescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepassing ervan, verkleint het risico op verwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Contro-leer of het elektrisch gereedschap is uitgescha-keld voordat u het op de stroomvoorziening en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische ge-reedschap uw vinger op de schakelaar hebt of het reeds in-geschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschap of de moersleu-tel, voordat u het elektrische gereedschap in-schakelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel van het elektrische gereedschap be-vindt, kan verwondingen veroorzaken.

e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elek-trische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kle-ding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegre-pen door bewegende delen. g) Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kunnen worden gemonteerd, moeten deze worden aan-gesloten en juist worden toegepast. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos han-delen kan in een fractie van een seconde tot ernstige ver-wondingen leiden. 4.

Gebruik en behandeling van het elektrisch gereedschapa) Zorg dat het elektrische gereedschap niet over-belast raakt. Gebruik voor de werkzaamhe-den het daarvoor bedoelde elektrische gereed-schap.

Met het juiste elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Een elektrisch gereedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver-wijder de uitneembare accu voordat u de appa-raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor-zorgsmaatregel voorkomt dat het elektrische gereedschap per ongeluk wordt gestart. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten buiten bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk als deze door onervaren personen worden ge-bruikt.

e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische apparaten en inzetstukken. Controleer of be-wegende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.

50 NL/BEf) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorg-vuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snij-randen komt minder snel vast te zitten en is makkelijker te gebruiken. g) Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandigheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greep-oppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden. 5. Servicea) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwalificeerd deskundig personeel re-pareren met uitsluitend originele reserveon-derdelen.

Hiermee wordt de veiligheid van het elektri-sche gereedschap gewaarborgd. Veiligheidsvoorschriften voor afkort- en verstekzagen a) Verstekzagen zijn bedoeld voor het zagen van hout of houtachtige producten en koud-werkend metaal wanneer ze zijn ingesteld op verschillende loopsnelheden. Bewegende delen zo-als de onderste beschermkap kunnen blokkeren door de schurende werking van het stof. Zaagvonken veroorzaken verbranding van de onderste beschermkap, de inlegplaat en andere kunststof onderdelen. b) Zet het werkstuk indien mogelijk vast met klemmen. Als u het werkstuk met de hand vast-houdt, moet u uw hand altijd minimaal 100 mm verwijderd houden van elke zijde van het zaagblad. Zaag met deze zaag geen werkstuk-ken die te klein zijn om vast te klemmen of met uw hand vast te houden.

Als uw hand te dicht bij het zaagblad is, bestaat er een verhoogd risico op letsel door contact met het zaagblad. c) Het werkstuk mag niet kunnen worden bewo-gen en moet worden vastgeklemd of tegen de aanslag en de tafel worden aangedrukt.

Duw het werkstuk niet in het zaagblad en zaag het nooit uit de vrije hand. Losse en bewegende werk-stukken kunnen met hoge snelheid worden weggeslingerd en letsel veroorzaken. d) Beweeg de zaag door het werkstuk. Voorkom dat u de zaag door het werkstuk trekt. Om een zaagsnede te maken, moet u eerst de zaagkop omhoog bewegen en zonder te zagen over het werkstuk trekken. Schakel vervolgens de motor in, zwenk de zaagkop naar beneden en duw de zaag door het werkstuk. Bij een trekkende zaagbeweging bestaat het risico dat het zaagblad bij het werkstuk omhoog komt en de gebruiker hard door de zaagbladeenheid wordt geraakt. e) Kom nooit met uw hand voorbij de beoogde zaaglijn, noch voor noch achter het zaagblad. Het is erg gevaarlijk om het werkstuk met gekruiste han-den te ondersteunen door het werkstuk met uw linkerhand rechts van het zaagblad vast te houden, of omgekeerd.

f) Kom niet met uw hand achter de aanslag als het zaagblad draait. Overschrijd nooit de vei-ligheidsafstand van 100 mm tussen uw hand en het draaiende zaagblad (dit geldt voor beide zijden van het zaagblad, bijv. om houtresten te verwijderen). U hebt wellicht niet in de gaten dat uw hand zich dicht bij het draaiende zaagblad bevindt, wat ernstig letsel tot gevolg kan hebben. g) Controleer het werkstuk vóór het zagen. Als het werkstuk gebogen of kromgetrokken is, moet u het met de naar buiten gekromde zij-de op de aanslag vastklemmen. Zorg er altijd voor dat er langs de zaaglijn geen spleet is tus-sen het werkstuk, de aanslag en de tafel. Gebo-gen of kromgetrokken werkstukken kunnen verdraaien of verschuiven, waardoor het draaiende zaagblad tijdens het zagen kan vastlopen. In het werkstuk mogen geen spijkers of andere vreemde objecten zitten.

Klein afvalresten, losse stukken hout en andere voorwerpen die met het draaiende zaagblad in contact komen, kunnen met hoge snelheid worden weggeslingerd. i) Zaag altijd maar één werkstuk tegelijk. Als er meerdere op elkaar gestapelde werkstukken worden ge-zaagd, kunnen ze niet goed vastgeklemd of vastgehouden worden, waardoor het zaagblad kan vastlopen of de werk-stukken kunnen wegglijden. j) Zorg ervoor dat de afkort- en verstekzaag vóór gebruik op een vlak en stevig werkopper-vlak staat. Een vlak en stevig werkoppervlak verkleint het risico op instabiliteit van de afkort- en verstekzaag. k) Plan uw werkzaamheden. Let er bij het instel-len van de zaagbladhelling of verstekhoek op dat de verstelbare aanslag correct is afgesteld en dat het werkstuk wordt ondersteund, zon-der in contact te komen met het zaagblad of de beschermkap.

Simuleer, zonder werkstuk op de tafel en zonder de machine in te schakelen, een volledige zaag-beweging met het zaagblad om te controleren of er geen belemmeringen zijn en er geen gevaar is dat in de aanslag wordt gezaagd. l) Bij werkstukken die breder of langer zijn dan het tafelblad, moet u voor voldoende onder-steuning zorgen, bijvoorbeeld met tafelverlen-gingen of zaagbokken. Werkstukken die langer of breder zijn dan de tafel van de afkort- en verstekzaag, kun-nen omkantelen als ze niet stevig worden ondersteund. Als een afgezaagd stuk hout of het werkstuk omkantelt, kan het de onderste beschermkap optillen of ongecontroleerd door het draaiende zaagblad worden weggeslingerd. m) Zet geen andere personen in als vervanging van een tafelverlenging of extra ondersteu-ning.

51NL/BEBij een instabiele ondersteuning van het werkstuk kan het zaagblad vastlopen. Ook kan het werkstuk dan tijdens de zaagbeweging verschuiven, waardoor u of uw assistent in het draaiende zaagblad wordt getrokken. n) Het afgezaagde deel mag niet tegen het draai-ende zaagblad worden gedrukt. Als er weinig ruimte is, bijvoorbeeld bij gebruik van lengteaanslagen, kan het afgezaagde deel in het zaagblad vastklemmen en met geweld worden weggeslingerd. o) Gebruik altijd een klem of een geschikte voor-ziening om ronde voorwerpen zoals staven of buizen naar behoren te ondersteunen. Staven hebben de neiging om weg te rollen tijdens het zagen, waardoor het zaagblad zich vastgrijpt en het werkstuk met uw hand in het zaagblad kan worden getrokken. p) Laat het zaagblad op volle snelheid komen voordat u het in het werkstuk zaagt. Dit verkleint het risico dat het werkstuk wordt weggeslingerd.

q) Als het werkstuk wordt vastgeklemd of het zaagblad vastloopt, moet u de afkort- en ver-stekzaag uitschakelen. Wacht tot alle bewe-gende delen tot stilstand zijn gekomen, trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu. Verwijder vervolgens het vastgeklemde materiaal. Als u bij een dergelijk blokkering doorgaat met zagen, kunt u de controle verliezen of kan de afkort- en verstekzaag beschadigd raken. r) Als de zaagsnede is voltooid, laat u de schake-laar los, houdt u de zaagkop omlaag en wacht u tot het zaagblad is gestopt voordat u het af-gezaagde deel verwijdert. Het is erg gevaarlijk om met uw hand in de buurt van het uitlopende zaagblad te komen. s) Houd de handgreep stevig vast als u een onvol-ledige zaagsnede uitvoert of als u de schake-laar loslaat voordat de zaagkop de onderste positie heeft bereikt.

2 Gebruik geen zaagbladen met barsten of scheuren. Gooi zaagbladen met barsten weg. Reparatie is niet toege-staan. 3 Gebruik geen zaagbladen die van sneldraaistaal zijn vervaardigd. 4 Controleer de staat van de zaagbladen voordat u de af-kort- en verstekzaag gebruikt. 5 Gebruik uitsluitend zaagbladen die geschikt zijn voor het te zagen materiaal. 6 Gebruik uitsluitend de door de fabrikant aanbevolen zaagbladen. De zaagbladen moeten, als ze bedoeld zijn om hout of dergelijk materiaal te bewerken, voldoen aan EN 847-1. 7 Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd sneldraai-staal (HSS). 8 Gebruik alleen zaagbladen waarvan het maximaal toege-stane toerental niet lager is dan het maximale spiltoerental van de zaag, en die bovendien geschikt zijn voor het te bewerken materiaal. 9 Let op de draairichting van het zaagblad. 10 Gebruik zaagbladen alleen dan, als u ook weet hoe u ermee om moet gaan.

11 Houd rekening met het maximale toerental. Het maximale toerental dat op het zaagblad staat vermeld, mag niet worden overschreden. Houd u, indien aangegeven, aan het toerentalbereik. 12 De klemoppervlakken moeten van vuil, vet, olie en water worden ontdaan. 13 Gebruik geen losse pasringen of -bussen om de boring van zaagbladen te verkleinen. 14 Zorg ervoor dat de bevestigde pasringen voor de borging van het zaagblad dezelfde diameter hebben en dat ze minimaal 1/3 van de snijdiameter hebben. 15 Zorg, dat bevestigde pasringen evenwijdig staan aan elkaar. 16 Wees voorzichtig bij het hanteren van de zaagbladen. Bewaar ze liefst in de originele verpakking of in speciale houders. Draag veiligheidshandschoenen om de grip te vergroten en de kans op persoonlijk letsel nog verder terug te dringen. 17 Controleer voordat u zaagbladen gebruikt, of de veilig-heidsvoorzieningen correct zijn bevestigd.

19 Gebruik het meegeleverde zaagblad alleen voor het za-gen van hout en nooit voor het bewerken van metalen. 20 Gebruik alleen zaagbladen met een diameter die op de zaag staat aangegeven. 21 Gebruik extra werkstuksteunen als dit nodig is voor de stabiliteit van het werkstuk. 22 De verlengstukken van de werkstuksteun moeten tijdens de werkzaamheden altijd bevestigd en gebruikt worden. 23 Vervang een versleten tafelinzetstuk. 24 Voorkom oververhitting van de zaagtanden. 25 Voorkom bij het zagen van kunststof dat de kunststof smelt. Gebruik hiervoor de juiste zaagbladen. Vervang bescha-digde of versleten zaagbladen tijdig. Stop de machine als het zaagblad oververhit raakt. Laat het zaagblad afkoelen voordat u verder werkt met het apparaat. Let op: LaserstralingNiet in de straal kijkenLaserklasse 2.

52 NL/BEBescherm u en uw omgeving tegen gevaar voor ongelukken door de gepaste voorzorgsmaatrege-len te nemen. • Niet met blote ogen rechtstreeks in de laserstraal kijken. • Nooit rechtstreeks in de stralengang kijken. • De laserstraal nooit richten op weerkaatsende oppervlak-ken, personen of dieren. Ook een laserstraal met een gering vermogen kan schade berokkenen aan het oog. • Voorzichtig – als u anders te werk gaat dan hier beschreven kan dit leiden tot een blootstelling aan gevaarlijke straling. • Lasermodule nooit openen. Dit kan tot onverwachte bloot-stelling aan straling leiden. • De laser mag niet door laser van een ander type worden vervangen. • Reparaties aan de laser mogen uitsluitend door de fabrikant van de laser of een bevoegde dealer worden uitgevoerd. Restrisico‘sDe machine is ontwikkeld volgens de huidige stand van de techniek en de erkende veiligheids-voorschriften.

Toch kan tijdens de werkzaamhe-den sprake zijn van enkele restrisico‘s. • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektriciteit bij gebruik van onjuiste snoeren. • Daarnaast kan er, ondanks alle voorzorgsmaatregelen, spra-ke zijn van niet-zichtbare restrisico‘s. • De restrisico‘s kunnen tot een minimum worden beperkt wan-neer aan de „Veiligheidsmaatregelen“ en het „Gebruik vol-gens bestemming“ wordt voldaan en de gebruiksaanwijzing in zijn geheel wordt opgevolgd. • Voorkom onnodige belasting van de machine: als bij het za-gen teveel druk wordt uitgeoefend, zal het zaagblad snel beschadigen, wat leidt tot geringere prestaties van de machi-ne bij de verwerking en minder nauwkeurige zaagsnedes. • Gebruik altijd klemmen wanneer u kunststof moet zagen: de te zagen delen moeten altijd met klemmen worden vastgezet.

• Voorkom dat u de machine onbedoeld inschakelt: als u de stekker in het stopcontact steekt, mag de startknop niet wor-den ingedrukt. • Gebruik gereedschap dat in deze handleiding wordt aanbe-volen.

U verkrijgt dan optimale prestaties met uw afkortzaag. • Houd uw handen buiten de werkruimte, wanneer de ma-chine in bedrijf is. • Voordat u instel- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert, laat u de startknop los en trekt u de stekker uit het stopcontact. Waarschuwing. Dit elektrisch apparaat genereert een elek-tromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk let-sel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine wordt gebruikt. 7. Technische gegevensWisselstroommotor. 220 - 240 V~ 50 HzVermogen S1. 2000 WattStationair toerental n0 1. versnelling. 3200 min-12. versnelling. 4500 min-1Hardmetaalzaagblad. ø 255 x ø 30 x 2,2 mmAantal tanden.

48Maximale tandbreedte van het zaagblad. 3 mmZwenkbereik. -45° / 0°/ +45°Versteksnede. 0° tot 45° naar linksZaagbreedte bij 90°. 340 x 90 mmZaagbreedte bij 45°. 240 x 90 mmZaagbreedte bij 2 x 45° (dubbele versteksnede). 240 x 45 mmBescherming klasse. II / Gewicht. ca. 14,7 kgLaserklasse. 2Golflengte laser. 650 nmVermogen laser. < 1 mW* Bedrijfsmodus S1, continubedrijfHet werkstuk moet minimaal een hoogte van 3 mm en een breedte van 10 mm hebben. Zorg ervoor dat het werkstuk altijd met de klem-inrichting is geborgd. GeluidHet geluid van deze zaag is bepaald conform EN 62841. Geluidsdrukniveau LpA. 97,2 dB(A)Onzekerheid KpA. 3 dBGeluidsvermogensniveau LWA. 110,2 dB(A)Onzekerheid KWA. 3 dBDraag een gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn.

De opgegeven geluidsemissiewaarden zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kunnen worden gebruikt om elektrische apparaten met elkaar te vergelijken. De aangegeven geluidsemissiewaarden kunnen ook worden gebruikt als eerste indicatie van de belasting.

Waarschuwing:• De geluidsemissies kunnen van de opgegeven waarde af-wijken wanneer de machine daadwerkelijk wordt gebruikt. Dit is afhankelijk van de wijze waarop het elektrisch appa-raat wordt gebruikt en de aard van het werkstuk dat wordt bewerkt. • Probeer om de belasting zo gering mogelijk te houden. Voor-beeldmaatregel: beperking van de werktijd. Hierbij moeten alle onderdelen van de bedrijfscyclus in aanmerking worden genomen (zoals de tijd dat de machine uitgeschakeld is en de tijd waarin deze ingeschakeld is, maar onbelast draait).

53NL/BE8. Vóór ingebruikneming• Open de verpakking en haal de machine er voorzichtig uit. • Verwijder het verpakkingsmateriaal, evenals de bescher-mingen bij de verpakking en voor het transport (indien voorhanden). • Controleer of de leveringsomvang volledig is. • Controleer de machine en de bijbehorende onderdelen op transportschade. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het einde van de garantieperiode. m GEVAARDe machine en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folie en kleine onderde-len spelen. Gevaar voor inslikken en verstikking. 8. 1 Transportgreep monteren (afb. 3. 1)LET OP. De juiste positie van de transportgreep (39) wordt aangegeven door een groef. • Monteer de transportgreep (39) met behulp van de kruis-kopschroeven 5,0 x 25 mm (40) op de machinekop (4).

• Haal aansluitend de beide kruiskopschroeven 5,0 x 25 mm (40) met een kruiskopschroevendraaier (niet bij de levering inbegrepen) aan. 8. 2 Machine opstellen (afb. 3. 2)• De machine moet stabiel staan. • Bevestig de machine op een werkbank, een onderstel of iets dergelijks. • Steek de 4 schroeven (niet bij de levering inbegrepen) in de boringen op de vaste zaagtafel (15). • Haal de schroeven goed aan. 8. 3 Kantelbeveiliging installeren (afb. 3. 2)• Maak de voorgeïnstalleerde kantelbeveiliging (36) aan de onderkant van de zaag los. • Trek de kantelbeveiliging (36) zover uit, dat deze nog vast-gezet kan worden met behulp van de inbusbouten. • Borg de kantelbeveiliging weer met behulp van de inbus-sleutel (D). 8. 4 Stelschroef instellen (afb. 3. 3)• Stel de stelschroef (37) af op het niveau van de tafelplaat om te voorkomen dat de machine gaat wiebelen. 8.

nagels of schroeven etc. • Voordat u de AAN-/UIT-schakelaar bedient moet het zaag-blad correct gemonteerd zijn. Beweeglijke delen moeten gemakkelijk bewegen. • Vóór het aansluiten controleren of de gegevens vermeld op het kenplaatje overeenstemmen met de gegevens van het stroomnet. 8. 6 Veiligheidsvoorziening beweegbare zaag-bladbescherming controleren (5)De zaagbladbescherming biedt bescherming tegen onbedoeld contact met het zaagblad en tegen rondvliegende spanen. 8. 6. 1 Werking controlerenKlap hiervoor de zaag naar beneden:• De zaagbladbescherming moet het zaagblad bij het om-laag zwenken vrijgeven zonder andere delen aan te raken. • Als de zaag naar de uitgangspositie omhoog wordt geklapt, moet de zaagbladbescherming automatisch het zaagblad afdekken. 9.

Steek de spaninrichtingen (7) in de hiervoor bedoelde boorgaten aan de achterkant van de aanslagrail (16) en borg deze met behulp van de vleugelschroeven (7a). Voor versteksnedes van 0° tot 45° moet de kleminrichting (7) slechts aan één kant (rechts) worden gemonteerd (zie afb. 14-15).

54 NL/BE9. 2 Spaanopvangzak (afb. 1/5)De zaag is voorzien van een opvangzak (17) voor spanen. Let op. De spaanopvangzak mag uitsluitend worden gebruikt voor het zagen van hout en houtachtige materialen. Bij het snijden van metaal bestaat het risico dat hete spaanders de spaanopvangzak ontbranden. Knijp de uiteinden van de metalen klem van de spaanopvang-zak (17) samen en breng de zak aan op de afzuigaansluiting (17a) bij de motor. De spaanzak (17) kan via de ritssluiting aan de onderkant wor-den leeggemaakt. 9. 2. 1 Externe stofafvoerinrichting• Sluit de afzuigslang van een werkplaatsstofzuiger aan de afzuigaansluiting (17a). • Het afzuigsysteem moet geschikt zijn voor het te bewerken materiaal. Let op. Neem altijd de veiligheids- en waarschuwingsaanwij-zingen van de gebruikte werkplaatsstofzuiger in acht.

• Gebruik voor het afzuigen van bijzonder schadelijke of kan-kerverwekkende stofsoorten een speciale afzuiginrichting. 9. 3 Fijne instelling van de aanslag voor kapsnede 90° (afb. 1/6/7)• De aanslagwinkelhaak is niet bij de levering begrepen. • De machinekop (4) naar beneden laten zakken en met de borgpen (23) vastzetten. • De borgschroef (22) losdraaien. • De aanslaghoek (A) tussen zaagblad (6) en draaitafel (14) plaatsen. • Draai de borgmoer (26a) los. • De stelschroef (26) zover verstellen, tot de hoek tussen zaag-blad (6) en draaitafel (14) 90° bedraagt. • Draai de borgmoer (26a) weer vast. • Controleer ten slotte de positie van de hoekweergave. Indien nodig, de naald (19) met een kruiskopschroevendraaier los-draaien, op de 0°-positie van de hoekschaal (18) zetten en de borgschroef weer vastdraaien. 9. 4 Nauwkeurig instellen van de aanslag voor versteksnede 45° (afb.

De verschuifbare aanslagrail (16a) moet voor ver-steksnedes (schuin staande zaagkop) in de buitenste positie gefixeerd worden (linkerzijde). • Open de borgschroef (16b) van de verschuifbare aansla-grails (16a) en schuif de verschuifbare aanslagrails (16a) naar buiten. • De verschuifbare aanslagrails (16a) moeten dusdanig wor-den geborgd dat de afstand tussen de aanslagrails (16a) en het zaagblad (6) maximaal 8 mm is. • De verschuifbare aanslagrail (16a) moet zich in de binnen-ste positie bevinden (rechterzijde). • Controleer vóór de zaagsnede of de aanslagrails (16a) en het zaagblad (6) niet met elkaar in botsing kunnen komen. • De borgschroef (22) losdraaien en met de handgreep (1) de machinekop (4) naar links, schuin plaatsen op 45°. • De 45°-aanslaghoek (B) tussen zaagblad (6) en draaitafel (14) plaatsen.

• Maak de borgmoer (27a) los en verstel de stelschroef (27) tot de hoek tussen zaagblad (6) en draaitafel (14) precies 45° bedraagt. • Draai de borgmoer (27a) weer vast. • Controleer ten slotte de positie van de hoekweergave. Indien nodig, de naald (19) met een kruiskopschroevendraaier los-draaien, op de 45°-positie van de hoekschaal (18) zetten en de borgschroef weer vastdraaien. 10. Bediening10. 1 Bedrijf laser / LED (afb. 18)Functie Aan/uit-schakelaar laser/led (33) indrukken 1x 1x 1x. OFF 1x10. 2 Wijzigen van het toerental (afb. 12)De zaag beschikt over 2 toerentalbereiken:• Om de zaag met een toerental van 3200 min-1 (metaal) te gebruiken, zet u de schakelaar (34) in stand I. • Om de zaag met een toerental van 4500 min-1 (hout) te gebruiken, zet u de schakelaar (34) in stand II. 10. 3 Snijdieptebegrenzing (groef zagen) (fig. 13)m WAARSCHUWINGGevaar voor terugslag.

Bij het aanbrengen van groeven is het zeer belangrijk dat er geen zijde-lingse druk op het zaagblad wordt uitgeoefend. De zaagkop kan anders plotseling omhoog slaan. Gebruik bij het aanbrengen van groeven een klem-inrichting. Vermijd zijdelingse druk op de zaagkop.

57NL/BEOpen beide vergrendelingen linksom (zoals in afbeelding 20 weergegeven) om onderhoud aan de koolborstels te verrich-ten. Verwijder vervolgens de koolborstels. Plaats de koolborstels in omgekeerde volgorde terug. 12. 7 Service-informatieU moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgen-de delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen. Slijtstukken*: koolborstels, zaagblad, tafelinzetstuk zwart (art. nr. 5901215010), spaanopvangzak* niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen. 13. OpbergenSla het apparaat en de hulpstukken op een donkere, droge en vorstvrije plaats en voor kinderen ontoegankelijke plaats op. De optimale opslagtemperatuur ligt tussen 5 en 30˚C. Bewaar het elektrisch apparaat in de originele verpakking.

Dek het elektrisch apparaat af om het tegen stof of vocht te beschermen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het elektrische apparaat. 14. Elektrische aansluitingDe geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangesloten. De aansluiting voldoet aan de rele-vante VDE- en DIN-voorschriften. De netaanslui-ting van de klant en het gebruikte verlengsnoer moeten eveneens aan deze voorschriften voldoen. 14. 1 Belangrijke aanwijzingenBij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelf uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer worden ingeschakeld. 14. 2 Defecte elektrische aansluitkabelBij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de iso-latie op. Mogelijke oorzaken zijn:• Versleten plekken, als aansluitkabels door venster- of deur-openingen worden geleid. • Knikken door een onvakkundige bevestiging of geleiding van de aansluitkabel.

Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet wor-den gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie is bescha-digd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op scha-de. Let erop dat bij het controleren de aansluitkabel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten. Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend snoeren met dezelfde aanduiding. Op de aansluitkabel moet de type-aanduiding vermeld staan. Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd is, moet dit wor-den vervangen door een speciaal uitgevoerd netsnoer, dat ver-krijgbaar is bij de fabrikant of diens klantenservice. 14. 3 WisselstroommotorDe netspanning moet 220 - 240 VAC zijn. • Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m een door-snede hebben van 1,5 vierkante millimeter.

Aansluitingen en reparaties van de elektrische uitrusting mo-gen uitsluitend door een elektromonteur worden uitgevoerd. Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:• Stroomtype van de motor• Gegevens van het typeplaatje van de motor15. Afvalverwijdering en recyclageHet toestel bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan in de grondstofkringloop teruggebracht worden Het toestel en zijn accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b. v. metaal en kunststof. Ontdoe u van defecte onderde-len op de inzamelplaats waar u gevaarlijke afvalstoffen mag afgeven. Informeer u in uw speciaalzaak of bij uw gemeente-bestuur. De verpakking is gemaakt van milieuvriendelijke materialen die u bij lokale recyclingcentra kunt inleveren.

Dit symbool geeft aan dat dit product conform de richt-lijn inzake verbruikte elektrische en elektronische ap-paratuur (2012/19/EU) en nationale wettelijke bepa-lingen niet bij het huishoudelijk vuil mag worden gegooid. Dit product moet bij een hiervoor bestemde verza-melpunt worden afgegeven. Dit kan bijv. door teruggave bij de aanschaf van een soortgelijk product of door inlevering bij een erkend inzamelpunt voor het recyclen van verbruikte elek-trische en elektronische apparatuur. Het onjuist afvoeren van oude apparatuur kan door mogelijke gevaarlijke stoffen, die veelal in verbruikte elektrische en elektronische apparatuur zijn verwerkt, negatieve effecten op het milieu en de gezond-heid van de mens hebben. Door een juiste afvoer van dit pro-duct levert u bovendien een bijdrage aan een effectief gebruik van natuurlijke ressources.

Informatie inzake inzamelpunten voor verbruikte apparatuur kunt u opvragen bij de gemeente, de publieke afvalverwerker, een erkend afvalverwerkingssta-tion voor het afvoeren van verbruikte elektrische en elektroni-sche apparatuur of uw afvalverwerkingsstation.

59NL/BE17. GarantiebewijsGeachte klant,onze producten zijn aan een strenge kwaliteitscontrole onderhevig. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, spijt het ons ten zeerste en vragen u zich tot onze servicedienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs te wenden. Wij staan ook graag telefo-nisch tot uw dienst via het hieronder vermelde servicetelefoonnummer. Voor vorderingen in verband met garantie geldt het volgende:• Deze garantievoorwaarden regelen bijkomende garantieprestaties. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor uw gratis. • De garantieprestatie heeft uitsluitend betrekking op gebreken die te wijten zijn aan materiaal- of fabricagefouten en is beperkt tot het verhelpen van deze gebreken of het vervangen van het apparaat.

Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet geconstrueerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Een garantieovereenkomst komt daarom niet tot stand als het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. Uitgesloten van onze garantie zijn verder schadeloosstellingen voor transportschade, schade door nietnaleving van de montage-instructies of op grond van ondeskundige installatie, niet-naleving van de handleiding (zoals door b. v. aansluiting op een verkeerde netspanning of stroomsoort), oneigenlijke of on-oordeelkundige toepassingen (zoals b. v. overbelasting van het apparaat of gebruik van niet toegestane inzetgereedschappen of toebeho-ren), niet-naleving van de onderhouds- en veiligheidsbepalingen, binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals b. v.

zand, stenen of stof), gebruikmaking van geweld of invloeden van buitenaf (zoals b. v. schade door neervallen) alsmede door normale slijtage die zich bij het doelmatig gebruik van het apparaat voordoet.

Er kan geen aanspraak op garantie worden gemaakt als op het apparaat reeds ingrepen werden uitgevoerd. • De garantieperiode bedraagt 3 jaar en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het geldend maken van garantie-claims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt noch tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstuk-ken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit. • Om een garantieclaim geldend te maken neem contact op met het hieronder vermelde serviceadres.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Parkside 360564 - IAN 360564 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden