Overmax Multipic 5.2 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Overmax Multipic 5.2 (132 pagina’s), behorend tot de categorie Beamer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 21 mensen. Heb je een vraag over Overmax Multipic 5.2 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Overmax |
| Categorie: | Beamer |
| Model: | Multipic 5.2 |
Handleiding Overmax Multipic 5.2 – volledige tekst
NLInleidingBeste Klant. Bedankt voor het vertrouwen dat uin ons stelt en voor Overmax kiest. Dankzij het gebruik van hoogwaardige materialen en moderne technologische oplossingen, bieden wij ueen product dat ideaal is voor dagelijks gebruik. Wij zijn ervan overtuigd dat het, dankzij de grote zorg die aan de vervaardiging ervan is besteed, aan uw eisen zal voldoen. Lees de volgende gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat uhet product gebruikt. Als uopmerkingen of vragen heeft over het gekochte product, neem dan contact met ons op: pomoctechniczna@overmax. plWAARSCHUWINGEN:Lees de handleiding aandachtig door voordat ude projector gebruikt en volg dan de instructies in deze handleiding. De verkeerde bediening kan een elektrische schok of brand veroorzaken. Bij gebruik van het projector moeten de volgende instructies in acht worden genomen. 1.
Voor een betere beeldkwaliteit gebruikt ude projector in ruimten met gesloten gordijnen of in donkere kamers. 2. Gebruik de projector met zorg. Door vallen of storingen kunnen onderdelen beschadigd raken of kan een wazig beeld en een onjuiste weergave ontstaan. 3. Demonteer het appraat nooit zelfstandig - het risico van elektrische schok. 4. Bescherm het apparaat tegen vocht en houd het uit de buurt van water of andere vloeistoen. 5. Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen van het apparaat niet bedekt zijn wanneer de projector wordt aangeschakeld. Plaats het daarom niet op zachte oppervlakken of bedek het niet met materialen. 6. Alleen het meegeleverde netsnoer mag rechtstreeks op de projector worden aangesloten. 7. Wees voorzichtig bij het gebruik van het netsnoer, vermijd overmatig buigen vanhet snoer; schade aan het netsnoer kan leiden tot elektri-sche schokken of brand. 8.
Kijk niet in de lens als het appaat tijdens de werking. 9. Het is aangeraden de projector uit te schakelen na 6 uur continu gebruik. 10. Trek de stekker uit het stopcontact nadat het is uitgezet. 11.
NL13. Stel de projector niet aan zonlicht bloot. 14. Gebruik de projector niet in een vochtige omgeving. 15. Bewaar de projector uitsluitend in een droge omgeving bij gematigde temperatuur. 16. Het apparaat is enkel bedoeld voor huishoudelijk gebruik. Gebruik het ap-paraat niet voor andere doeleinden dan deze waarvoor het is ontworpen.WAARSCHUWINGEN VOOR DE BATTERIJ EN DE AFSTANDSBEDIENING1. Er mogen geen niet-oplaadbare wegwerpbatterijen worden opgeladen.2. Plaats geen verschillende soorten batterijen of batterijen met een ver-schillend verbruik in de afstandsbediening. 3. Batterijen moeten met de juiste polariteit worden geplaatst. 4. Verwijder lege batterijen uit de afstandsbediening. 5. Sluit determinalen van de batterij niet kort.6. Verwijder de batterijen uit het batterijcompartiment als het product lange tijd niet wordt gebruikt.OMSCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN (AFB. A)1.
NLSPECIFICATIES VAN HET APPARAAT Spanning: 100-240V ~ 50/60Hz 2,5A Vermogen: 120WAansluitingen: USB-A, HDMI, 3,5mm Jack, IR Ondersteunde videoformaten: MP4/VOB/3GP/TS/F4V/DAT/MOV/FLV/TRP Ondersteunde audiotypen: MP3/WMA/M4A/MP2/OGG/WAV/FLAX Ondersteunde afbeeldingsformaten: JPG/BMP/PNG Let op! Let op: dit apparaat ondersteunt geen Dolby-gecodeerde audio als gevolg van auteursrechtbescherming BEDIENING VAN HET APPARAAT BATTERIJEN PLAATSEN IN DE AFSTANDSBEDIENING (FIG. 1)Let op! Batterijen niet meegeleverd. 1. Schuif het deksel van het batterijvakje af.2. Plaats twee AAA 1,5V batterijen. Let vooral op de polariteit van de bat-terijen.3. Doe het deksel weer op.AAN- EN UITZETTENWanneer de projector op een voedingsbron is aangesloten, zal de aan/uit-schakelaar (1, fig. A) rood oplichten. Om de projector in te schakelen, druk op de aan/uit-knop aan de bovenkant van de behuizing (1, fig.
A) of druk op de aan/uit-knop op de afstandsbediening (1, fig. B). Wanneer de projector is ingeschakeld en klaar is voor gebruik, licht de aan/uit-schakelaar blauw op. Als uhet apparaat wilt uitschakelen, drukt uop de aan/uit-schakelaar (1, fig. A) of op de aan/uit-knop op de afstandsbediening (1, fig. B). Bevestig dat je het apparaat wilt uitschakelen met de bevestigingstoets (10, fig. B) of druk nogmaals op de uitschakelknop op de afstandsbediening. Wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld, licht de schakelaar boven op de behuizing weer rood op. BESTURING MET MUIS/TOETSENBORD De projector kan worden bediend met de muis en/of het toetsenbord: • De bediening van het projectorsysteem wordt mogelijk door het apparaat aan te sluiten op de USB-poort (10, fig. A).
NLSELECTIE VAN DE MEDIABRON (FIG. 2)Om een mediabron te selecteren, drukt uop de knop ‚Bronselectie’ op de afstandsbediening (2, fig. B) of:1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, afb. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu. 2. Selecteer de signaalbron („Signaalbron”). Aan de rechterkant verschijnt een menu. De geselecteerde instelling wordt blauw weergegeven. 3. Druk op de richtingsknop naar rechts (9, fig. B) op de afstandsbedie-ning, selecteer de signaalbron met de richtingsknoppen (6,7, fig. B) en druk op de bevestigingsknop (10, fig. B). Druk op de knop Terug op de afstandsbediening (11, fig. B) om terug te keren naar het zijmenu. 4. Met de projector kunt uinhoud van verschillende apparaten weergeven. Afhankelijk van het apparaat, gebruik de juiste ingang aan de achter-kant van de projectorbehuizing (fig. A). • HDMI-ingang (8, fig.
A) – apparaten zoals computer, laptop, console, satellietontvanger, telefoon (ondersteunend MHL-technologie, alleen via een geschikte MHL-kabel). • USB-ingang (10, fig. A) - pendrives, externe harde schijven. GTV CONFIGURATIEGTV is een apart apparaat dat in de projector is geïnstalleerd. Het heeft aparte instellingen die niet afhankelijk zijn van de instellingen van de projector. LET OP. Om de GTV-functie te gebruiken, moet je je aanmelden met een bestaand Google-account. 1. Volg de instructies op het scherm om de afstandsbediening met de pro-jector te koppelen. Gebruik de richtingstoetsen (6-9, fig. B) om de taal en de regio te selecteren. 2. Maak verbinding met het gekozen WiFi-netwerk. Let op. Verbinding maken met WiFi via het GTV-paneel gebeurt los van de projectorconfi-guratie (zie: WI-FI NETWERKSELECTIE). 3.
Log in met je bestaande Google-account en volg de instructies op het scherm om je GTV-service-instellingen te wijzigen. 4. Bevestig je abonnementskeuze. Wacht tot het apparaat klaar is met het installeren van applicaties.
NLbediening of verbonden apparaat. Selecteer het apparaat waarmee je verbinding wilt maken en vervolgen Pair.Voor meer informatie over de beschikbare GTV-functies:1. Google Help Centre: https://support.google.com/googletv. 2. Selecteer Google TV uit de beschikbare opties.3. Voer de naam van een functie in het zoekveld in of selecteer een inte-ressant artikel uit de beschikbare helponderwerpen.PROJECTOR CONFIGURATIETAALSELECTIE (FIG. 3)1. Ga naar de projectorinstellingen met de corresponderende knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu.2. Selecteer Algemeen („General”). Aan de rechterkant verschijnt een menu. De geselecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 3. Druk op de richtingsknop naar rechts op de afstandsbediening (9, fig. B), selecteer ‚Taalinstellingen’ (“Language Settings”), kies de gewenste taal en druk op de bevestigingsknop (10, fig.
B).PROJECTOR INSTALLATIE METHODEN (FIG. 4)Raadpleeg een professionele installateur om de projector aan het plafond te monteren. Juiste projectorposities: 1. Plafondbevestiging voor de frontprojectie. 2. Plaatsing de projector op een standaard voor de frontprojectie. 3. Plafondbevestiging voor achterprojectie. 4. Plaatsing de projector op een standaard voor achterprojectie.Waarschuwing: De projector kan beschadigd raken als hij verkeerd op een plafond of ander oppervlak is gemonteerd. • Gebruik de projector alleen in een omgeving waar de temperatuur niet hoger is dan 5°C tot 35°C. Bij het niet navolgen ervan, kan de projector beschadigd raken. • Er kunnen storingen optreden als de projector in een stoge, natte, vochtige of rokerige omgeving wordt geplaatst. • Slechte ventilatie kan oververhitting veroorzaken, wat kan leiden tot schade aan de projector en tot levensbedreigende situaties.
NLVoor de beste beeldkwaliteit wordt aanbevolen de projector loodrecht te plaatsen op de plaats waar het beeld wordt geprojecteerd.Zie de tabel hieronder om het beeldformaat en de projectorafstand in te stellen. Verhouding van proporties 16:9Beelddiagonaal (meters / inches) Projectieafstand (meters / inches)1.70 / 50 1.45 / 57.091.77 / 70 2.00 / 78.742.54 / 100 2.90 / 114.173.04 / 120 3.50 / 137.83.81 / 150 4.30 / 169.295.08 / 200 5.80 / 228.35 Let op! Als de afstand tussen de projector en het scherm kleiner of te groot is dan de minmale vereiste afstand, kan het beeld wazig zijn. De beeldweergave-instellingen van de projector wijzigen:1. Voer de projectorinstellingen in met de corresponderende knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu. 2. Ga naar de projectiemethode voor beeld („Projectiebeeldinstelling”). Aan de rechterkant verschijnt een menu.3.
Druk de richtingsknop naar rechts op de afstandsbediening (9, fig. B) en selecteer de projectiemethode met behulp van de richtingspijlen (afb. 6). De geselecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. Het apparaat biedt 4 weergaveopties: vooraanzicht, achteraanzicht, plafondvoora-anzicht en plafondachteraanzicht.4. Druk op de bevestigingsknop (10, fig. B) om te bevestigen. Om terug te gaan naar het hoofdmenu, druk op de richtingsknop naar links (8, fig. B). FOCUS INSTELLEN (SCHERPSTELLING) Het apparaat is voorzien van een Auto Focus. De afbeelding mag dan niet worden geblokkeerd, zodat de beeldscherpte correct kan worden afgesteld.AUTOFOCUS (FIG. 7)1. Voer de projectorinstellingen in met de corresponderende knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu.2. Selecteer Afbeelding („Picture”). Aan de rechterkant verschijnt een menu.
NLrichtingsknop naar rechts op de afstandsbediening (9, fig. B). 3. Vink de optie Automatisch scherpstellen („Boot Auto Focus”) aan. Druk op de bevestigingsknop (10, fig. B) om de automatische scherpstelling in of uit te schakelen. Om terug te gaan naar de geselecteerde optie in het hoofdmenu, druk op de richtingsknop naar links (8, fig. B). 4. Ukunt de automatische scherpstelling ook activeren met de scherpstelk-nop (3, fig. A). Gebruik de knoppen voor scherpstelling op de afstands-bediening (17, 18, fig. B) om de scherpte van het geprojecteerde beeld handmatig te verbeteren. ZOOMINSTELLINGEN (FIG. 8)1. Om het beeld van de projector te vergroten, drukt uop de knop appara-atinstellingen (5, fig. B) of selecteert uhet tandwiel in de rechterboven-hoek van het hoofdmenu. 2. Selecteer Beeld („Picture”) en vink de optie Schaling („Zoom Screen”) aan. 3.
Volg de instructies op het scherm om het scherm aan te passen aan je voorkeuren. Druk op de knop Terug op de afstandsbediening (11, fig. B) om de instelling te verlaten. KEYSTONE-INSTELLINGEN (FIG. 9)Als de projector ongelijk met het projectiescherm is geplaatst, wordt het beeld trapeziumvormig geprojecteerd. Om de afbeelding te corrigeren:1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu. 2. Selecteer Afbeelding („Picture”). Aan de rechterkant verschijnt een menu. De geselecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 3. Druk op de richtingstoets naar rechts op de afstandsbediening, zoek de optie Automatische Keystone Correctie („Boot Auto Keystone”) en druk vervolgens op de bevestigingstoets (10, fig. B) om het Keystone-eect in/uit te schakelen.
Voor configuratie:1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu. 2. Selecteer Afbeelding („Picture”). Aan de rechterkant verschijnt een menu. De geselecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 3. Druk op de rechter richtingsknop (9, afb. B) op de afstandsbediening,.
NLzoek de optie Handmatige Keystone Correctie („Manual Keystone Set-ting”) en volg de instructies op het scherm. 4. Druk op de knop Terug op de afstandsbediening (11, fig. B) om de instel-ling te verlaten. SELECTIE VAN WI-FI-NETWERK (FIG. 10)1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu. 2. Selecteer Netwerk (“Network”). Aan de rechterkant verschijnt een menu. De geselecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 3. Druk de richtingsknop naar rechts op de afstandsbediening (9, fig. B) en selecteer de instelling met de bevestigingsknop (10, fig. B). 4. Om je WiFi-netwerk in of uit te schakelen, ga naar WiFi-instellingen (“WiFi Settings”) en selecteer vervolgens de WiFi-schakelaar (“WiFi Switch”). 5.
Selecteer in de lijst met beschikbare apparaten het netwerk waarmee je verbinding wilt maken en voer het wachtwoord in met het toetsenbord op het scherm. 6. Om een nieuw WiFi-netwerk toe te voegen, gaat unaar WiFi-instel-lingen („WiFi Settings”), selecteert u vervolgens Netwerk toevoegen („Add WiFi”) en voert ude naam en het wachtwoord van het netwerk waarmee uverbinding wilt maken in met behulp van het toetsenbord op het scherm. VERBINDEN DOOR BT (FIG. 11)Om verbinding te maken met je apparaat via BT, selecteer je het BT-pictogram in de bovenhoek van het hoofdmenu en volg je de stappen van stap 4 of:1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu. Selecteer vervol-gens „BT”. Aan de rechterkant verschijnt een menu. De geselecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 2.
Selecteer Scannen voor apparaten („Scanning for devices”) in het zij-menu en druk op de bevestigingstoets (10, fig. B). Uitgelichte appara-ten worden hieronder weergegeven. Kies het apparaat uit de lijst waar-mee je verbinding wilt maken. 4. Druk op de knop Terug op de afstandsbediening (11, fig. B) om terug te keren naar het hoofdmenu.
NLMIRACAST (FIG. 12)Let op! De functie is alleen voor Android-apparaten.1. Sluit de projector en de mobiele telefoon op hetzelfde Wi-Fi-netwerk aan. 2. In het hoofdmenu selecteert ude knop Miracast en drukt uop de beve-stigingsknop (10, fig. B). 3. Open de app voor het klonen van het scherm, selecteer deze functie op je telefoon en maak verbinding met het apparaat door de naam van het apparaat te selecteren. Om af te sluiten, verbreek je de verbinding met de schermkloneringstoepassing via de overeenkomstige knop.IOS CAST (FIG. 13)1. Sluit de projector aan op een Wi-Fi-netwerk (zie: WI-FI NETWERKSE-LECTIE).2. Selecteer in het hoofdmenu de knop IOS Cast en druk op de bevestigin-gsknop (10, fig. B). Volg dan de instructies op het scherm.3.
Open de app voor het klonen van schermen, selecteer deze functie op je telefoon en maak verbinding met het apparaat door “MULTI-PIC5.2-6190”.’ te selecteren.SOFTWARE-UPDATE1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu.2. Selecteer Systeem. Aan de rechterkant verschijnt een menu. De gese-lecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 3. Druk op de richtingsknop naar rechts op de afstandsbediening (9, fig. B), selecteer Systeem Upgrade („System Upgrade”) en vervolgens On-line Upgrade („Online Upgrade”) in het zijmenu en druk op de bevesti-gingsknop (10, fig. B).FABRIEKSINSTELLINGEN HERSTELLEN 1. Ga naar de projectorinstellingen met de knop (5, fig. B) of selecteer het tandwiel, dat zich in de rechterbovenhoek van het hoofdmenu bevindt.2. Selecteer Systeem. Aan de rechterkant verschijnt een menu.
De gese-lecteerde instelling wordt blauw gemarkeerd. 3. Druk op de richtingstoets naar rechts op de afstandsbediening (9, fig. B), selecteer Systeemupgrade („System Upgrade”) en vervolgens Fa-brieksreset („Factory Reset”) in het zijmenu.4. Druk op de bevestigingsknop (10, fig. B) en volg de instructies op het scherm.
NLREINIGING EN ONDERHOUD1. Koppel altijd de stroomkabel los voordat uhet apparaat schoonmaakt. 2. Reinig de behuizing regelmatig met een vochtige doek. 3. Gebruik voor de reiniging van de projectorlens een brillendoekje of een zachte doek om krassen te voorkomen. Reinig de ventilatieopeningen van de projector en de luidsprekers regelmatig met een zachte borstel, anders kan de ventilatie geblokkeerd raken.OPLOSSING VAN PROBLEMEN Probleem Mogelijke oorzaakDe projector werkt niet wanneer de schakelaar (1, fig. A) wordt ingedrukt.Het netsnoer is niet correct aangesloten.De schakelaar (1, fig. A) is defect.De projector werkt niet met de afstandsbediening.Geen batterijen in de afstandsbediening of de batterijen zijn leeg.
Zie voor het plaatsen/vervangen van batterijen: INSTALLATIE VAN BATTERIJEN IN DE AFSTANDSBEDIENING.De afstandsbediening is niet gericht op de infraroodontvanger.De infraroodontvanger staat onder sterke verlichting.Geen beeld Ingangsbron niet correctIngangskabel niet aangeslotenAls je een laptop gebruikt, controleer dan of het uitgangssignaal HDMI is.Ventilatie van de projector is verstoptAutomatische uitschakeling. Spanning is niet stabielProjector oververhit, controleer de ventilator op beschadigingDe afbeeldingen dienen alleen ter illustratie, het werkelijke uiterlijk van de producten kan van het uiterlijk op de afbeeldingen verschillen.
NL: Het product voldoet aan de vereisten van de Europese richtlijnen. In overeenstemming met Richtlijn 2012/19/EU moet dit product gescheiden worden ingezameld. Het product mag niet met het huisvuil worden weggegooid omdat het een bedreiging kan vormen voor het milieu en de volksgezondheid. Lever uw oude product in bij het daarvoor bestemde inzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. LT: Produktas atitinka Europos Sąjungos direktyvų reikalavimus. Pagal 2012/19/ES direktyvą, šio produkto atliekoms turi būti taikomas atskiras surinkimas. Produkto negalima išmesti kartu su komunalinėmis atliekomis, nes tai gali kelti grėsmę aplinkai ir žmonių sveikatai. Panaudotą produktą reikia grąžinti į elektros ir elektroninės įrangos perdirbimo punktą. HR: Proizvod je uskladu sa zahtjevima direktiva Europske unije.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Overmax Multipic 5.2 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Beamer Overmax
Handleiding Beamer
Nieuwste handleidingen voor Beamer