Oki C3300n Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Oki C3300n (147 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 24 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Oki C3300n of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Oki |
| Categorie: | Printer |
| Model: | C3300n |
| Gewicht: | 21000 g |
| Stroomvoorziening: | 220–240 VAC; 50/60 Hz |
| Kleur: | Ja |
| Frequentie van processor: | 200 MHz |
| Stroomverbruik (in standby): | 100 W |
| Intern geheugen: | 32 MB |
| Meegeleverde software: | Template Manager 2006 (Win)\nColour Correct\nColour Swatch V2\nOki LPR (Win)\nStatus Monitor (Win)\nMac Printer Menu Utility (OS X)\nWeb Print (Win)\nNIC Setup Tool |
| Compatibele besturingssystemen: | Windows 98/Me/NT 4.0/2000/XP\nWindows XP Professional x64\nWindows Server 2003\nWindows Server 2003 x64\nMac OS 9 +\nMac OS X PowerPC 10.2 +\nMac OS X Intel 10.4.4 + |
| Mac-compatibiliteit: | Ja |
| Netwerkfuncties: | 10/100-TX Ethernet |
| Maximale resolutie: | 600 x 1200 DPI |
| Printtechnologie: | Laser |
| Printsnelheid (zwart, standaardkwaliteit, A4/US Letter): | 16 ppm |
| Printsnelheid (kleur, standaard, A4/US Letter): | 12 ppm |
| Gebruiksindicatie (maximaal): | 35000 pagina's per maand |
| Totale invoercapaciteit: | 250 vel |
| Totale uitvoercapaciteit: | 150 vel |
| Maximale ISO A-series papierformaat: | A4 |
| ISO A-series afmetingen (A0...A9): | A4,A5,A6 |
| Netwerkgereed: | Ja |
| Gemiddeld stroomverbruik tijdens printen: | 490 W |
| Geluidsdrukniveau (afdrukken): | 55.6 dB |
| Maximale printafmetingen: | 210 x 297 mm |
| ISO B-series afmetingen (B0...B9): | B5 |
| Afmetingen (B x D x H): | 372 x 478 x 290 mm |
| Papierlade 2 invoercapaciteit: | 1 vel |
| Geluidsvermogens (stand-by): | 37 dB |
| Mediagewicht lade 1: | 80 g/m2 |
| Ondersteunde mediaformaten voor dubbelzijdig printen: | A4, A5, B5 |
| Mediaformaten (lade 2): | A4, A5, B5, A6, Labels (Avery 7162, 7664, 7666) |
| Bedrijfstemperatuur (T-T): | 10 - 32 °C |
| Relatieve vochtigheid in bedrijf (V-V): | 20 - 80 procent |
| Ondersteund mediagewicht, duplex printen (aanbevolen gr/m²): | 75 - 105 g/m² |
| Mediagewicht lade 2: | 75-203 g/m2 |
Handleiding Oki C3300n – volledige tekst
Voorwoord> 2VOORWOORDWe hebben ernaar gestreefd de informatie in dit document volledig, accuraat en up-to-date weer te geven. De fabrikant is niet aansprakelijk voor de gevolgen van fouten waarvoor deze niet verantwoordelijk is. De fabrikant kan ook niet garanderen dat wijzigingen in software en apparatuur die zijn aangebracht door andere fabrikanten en waarnaar in deze handleiding wordt verwezen, geen invloed hebben op de toepasbaarheid van de informatie in de handleiding. De fabrikant is niet noodzakelijkerwijs aansprakelijk voor softwareproducten die door andere bedrijven zijn gemaakt en die in deze handleiding worden genoemd. Hoewel redelijkerwijs alles heeft gedaan om dit document zo accuraat en nuttig mogelijk te maken, verleent geen expliciete of impliciete garantie met betrekking tot de accuratesse of volledigheid van de betreffende informatie.
De meest recente stuurprogramma's en handleidingen zijn beschikbaar op:http://www. okiprintingsolutions. comCopyright © 2008 Oki Europe Ltd. Alle rechten voorbehouden. Oki en Microline zijn gedeponeerde handelsmerken van Oki Electric Industry Company, Ltd. Energy Star is een handelsmerk van het United States Environmental Protection Agency. Hewlett-Packard, HP en LaserJet zijn gedeponeerde handelsmerken van Hewlett-Packard Company. Microsoft, MS-DOS en Windows zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation. Apple, Macintosh, Mac en Mac OS zijn gedeponeerde handelsmerken van Apple Computer. Andere product- en merknamen zijn gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van de betreffende rechthebbenden. Als deelnemer aan het Energy Star-programma heeft de fabrikant vastgesteld dat dit product voldoet aan de Energy Star-normen voor zuinig energieverbruik.
Eerste hulp bij ongevallen> 3EERSTE HULP BIJ ONGEVALLENWees behoedzaam met tonerpoeder:Laat indien ingeslikt kleine hoeveelheden water drinken en schakel medische hulp in. NIET laten braken.Indien er tonerpoeder wordt ingeademd, moet de persoon naar buiten worden gebracht voor frisse lucht. Raadpleeg onmiddellijk een arts.Indien er tonerpoeder in de ogen is terechtgekomen, dienen deze gedurende ten minste 15 minuten met veel water te worden uitgespoeld terwijl de ogen geopend blijven.
Raadpleeg onmiddellijk een arts.Indien er tonerpoeder wordt gemorst, moet dit met koud water en zeep worden verwijderd om vlekken op de huid of kleding te voorkomen.FABRIKANTOki Data Corporation,4-11-22 Shibaura, Minato-ku,Tokyo 108-8551,JapanIMPORTEUR VOOR DE EU/ERKEND VERTEGENWOORDIGEROKI Europe Limited (handelend als OKI Printing Solutions)Blays HouseWick RoadEghamTW20 0HJVerenigd KoninkrijkNeem voor algemene vragen en alle vragen over verkoop en ondersteuning contact op met uw plaatselijke leverancier.MILIEU-INFORMATIE
Inhoud> 5Afdrukken in Mac. 40 Mac OS 9. 40 Afdrukopties kiezen. 40 De standaardafdrukinstellingen wijzigen. 40 Opties voor Pagina-instelling - Algemeen. 41 Opties voor Pagina-instelling - Lay-out. 42Opties voor Pagina-instelling - Aangepast papierformaat. 43 Afdrukopties - Algemeen. 43 Afdrukopties - Afdrukbeheer. 45 Afdrukopties - Kleur. 46 Afdrukopties - Lay-out. 48 Afdrukopties - Opties. 49 Afdrukopties - Watermerk. 51 Afdrukopties - Informatie. 52 Mac OSX. 53 Afdrukopties instellen. 53 Afdrukopties opslaan. 54De standaardprinter en het papierformaat wijzigen. 55 Opties voor pagina-instelling. 55 Afdrukopties – Aantal en pagina's. 57 Opties voor de printerinstelling. 66 Printeropties. 66 Afdrukken. 70 Proefafdruk. 70Hiermee wordt een voorbeeldpagina afgedrukt. 70 Druk een statuspagina af. 70 Dubbelzijdig afdrukken (alleen in Windows). 70Handmatig duplexafdrukken met de cassettelade.
Inhoud> 6Afdrukken in kleur. 78Factoren die van invloed zijn op het uiterlijk van afdrukken. 78 Tips voor afdrukken in kleur. 80 Foto's afdrukken. 80Afdrukken vanuit Microsoft Office- toepassingen. 80Specifieke kleuren afdrukken (bijvoorbeeld een bedrijfslogo). 80De helderheid of intensiteit van een afdruk aanpassen. 80 Toegang tot de kleuraanpassingsopties. 81 Kleuraanpassingsopties instellen. 82 De functie Kleurmonster gebruiken. 84Het hulpprogramma voor kleurcorrectie gebruiken. 85 De printersoftware gebruiken. 86 Status Monitor (alleen Windows). 86 De Status Monitor gebruiken. 87 Tabblad Printerstatus. 87 Tabblad Printerinstellingen. 87 Tabblad Voorkeuren. 89 Printerfuncties (Gebruikersinstellingen). 90 Gebruikersinstellingen. 90 Hulpprogramma Printer Menu (alleen Mac). 93 Printermenu's. 93 Menu Informatie. 93 Menu Afsluiten. 94 Menu Afdrukken. 94 Menu Media. 95 Menu Kleur.
Opmerking, Let op en Waarschuwing> 8OPMERKING, LET OP EN WAARSCHUWINGOPMERKINGOpmerkingen zijn toelichtingen of tips met extra informatie om u te helpen het product beter te gebruiken en begrijpen.LET OP!Deze tekst bevat extra informatie die, indien deze wordt genegeerd, tot schade of storingen in het apparaat kan leiden.WAARSCHUWING!Deze tekst bevat extra informatie die, indien deze wordt genegeerd, kan leiden tot een risico op persoonlijk letsel.
Inleiding> 9INLEIDINGGefeliciteerd met de aankoop van een Oki-kleurenprinter. Uw nieuwe printer is uitgerust met geavanceerde mogelijkheden voor heldere, levendige afdrukken in kleur en scherpe afdrukken in zwart-wit met hoge snelheid op een aantal verschillende afdrukmedia.Uw printer biedt de volgende mogelijkheden: >De ProQ2400-meerlaagstechnologie zorgt voor verfijnde tinten en een vloeiender kleurverloop, zodat uw documenten worden afgedrukt in fotokwaliteit. >De 3400n drukt maximaal 16 pagina's per minuut af en de C3300 drukt maximaal 12 kleurenpagina's per minuut af zodat u snel belangrijke kleurenpresentaties en andere documenten kunt afdrukken. >De 3400n drukt maximaal 20 pagina's per minuut af en de C3300 drukt maximaal 16 zwart-witpagina's per minuut af zodat u snel en efficiënt alle algemene documenten kunt afdrukken waarvoor geen kleur nodig is.
>De afdrukresolutie bedraagt 600 x 600 dpi (dots per inch), 1200 x 600 dpi en 600 x 600 dpi x 2 bit voor beeldreproductie van hoge kwaliteit waarop het kleinste detail is te zien (ProQ2400). >Digitale LED-kleurentechnologie met enkele doorvoer voor een snelle verwerking van uw afdruktaken. >10Base-T- en 100Base-TX-netwerkverbinding voor het delen van de printer met andere gebruikers in uw kantoornetwerk. >High speed USB 2.0-interface (C3400n) en Full Speed USB 2.0-interface (C3300). >'Vraag Oki' (alleen Windows): een splinternieuwe, gebruikersvriendelijke functie waarmee u de beschikking krijgt over een directe koppeling vanuit het scherm van de printerdriver (die echter niet altijd in de illustraties van deze handleiding wordt weergegeven) naar een speciale website voor het exacte model waarmee u werkt.
Inleiding> 10Bovendien is ook de volgende optionele functie beschikbaar (alleen C3400n): >Extra geheugen, zodat u complexere pagina's kunt afdrukken.PRINTEROVERZICHTVOORAANZICHT 1. Printerdeksel. 2. Bedieningspaneel.Statuslampjes en bedieningsknoppen. 3. Ontgrendeling van de universele lade.(druk erop om de lade te openen). 4. Universele lade (geopend weergegeven).Deze lade wordt gebruikt voor handmatig dubbelzijdig afdrukken, en de invoer van zwaarder papier, enveloppen en andere speciale media. Indien nodig kan deze lade ook voor handmatige invoer van enkele vellen worden gebruikt. 5. Cassettelade.Standaardlade voor blanco papier. Kan maximaal 250 vel papier van 80 g/m² bevatten. 6. Ontgrendeling voor printerdeksel (druk erop om dit te openen). 7. Ontgrendeling voor voorklep (druk erop om deze te openen). 8. AAN/UIT-knop.12345687
Inleiding> 11ACHTERAANZICHTHier ziet u het verbindingspaneel en het uitvoervak aan de achterzijde.Als de klep van het uitvoervak aan de achterzijde is uitgeklapt, wordt het papier aan de achterzijde van de printer uitgevoerd en wordt het papier gestapeld met de afgedrukte zijde naar boven. Het uitvoervak aan de achterkant wordt voornamelijk gebruikt voor zwaardere afdrukmedia. Als het uitvoervak wordt gebruikt in combinatie met de universele lade, wordt het papier in een rechte baan door de printer geleid. Papier hoeft niet via allerlei bochten in de papierbaan door de printer te worden geleid en dit maakt het mogelijk media te gebruiken tot maximaal 203 g/m². 9. Uitvoervak, afgedrukte zijde naar benedenStandaarduitvoervak voor afdrukken. Kan maximaal 150 vel papier van 80 g/m² bevatten. 10. Achteruitvoervak, afdrukzijde omhoog.
Inleiding> 12BINNEN IN DE PRINTERDruk op de ontgrendeling voor het printerdeksel (7) om dit te openen en kijk in de printer. 13. Fusereenheid.De fusereenheid bevat een verwarmde rol die de toner op het afdrukmateriaal (papier of kaart) fixeert. 14. Fuserhendel.De hendel heeft een stand waarin de tonercartridge is vergrendeld en een stand waarin de cartridge kan worden verwijderd en vervangen. 15. Tonercartridges en tonercartridgehendels.De vier tonercartridges bevatten droge poederinkt. Met de hendel zet u de tonercartridge vast op de afbeeldingstrommel of kunt u de cartridge ontgrendelen en verwijderen. 16. Afbeeldingstrommels. De toner van de tonercartridges hecht zich aan de buitenplaat van de afbeeldingstrommel. De toner wordt vervolgens van de afbeeldingstrommel overgebracht op het afdrukmateriaal wanneer dit door de printer wordt vervoerd. 17.
Inleiding> 13HET BEDIENINGSPANEELHet bedieningspaneel maakt bediening door de operator mogelijk. Bovendien wordt hierop aangegeven dat de printer normaal werkt of dat deze aandacht vereist. Uitgebreide informatie over de printerstatus wordt door de statusmonitor in Windows of de printerdriver in Mac geleverd. (Zie 'De Status Monitor gebruiken' op pagina 87.) Het bedieningspaneel heeft de volgende drie lampjes (LED's) en twee drukknoppen (van links naar rechts): 1. Voedingslampje (Gereed) (groen) 2. Papierlampje (oranje) 3. Alarmlampje (oranje) 4. Knop ON LINE (ONLINE) 5. Knop CANCEL (ANNULEREN)Met de knoppen kan de printer worden bediend, terwijl de lampjes de status van de printer aangeven.
Inleiding> 14KNOPPENWerkingOp het bedieningspaneel vindt u twee schakelaars genaamd ON LINE (ONLINE) en CANCEL (ANNULEREN). Elke knop heeft de volgende vier bedieningsmodi:FunctieHieronder volgt een overzicht van de resultaten van het gebruik van de knoppen onder verschillende omstandigheden: MODUS BESCHRIJVINGKort indrukken (1 seconde indrukken)Druk op de knop en laat deze binnen 2 seconden weer los. Wanneer u de knop loslaat, wordt de handeling gestart.2 seconden indrukken(2 sec. indrukken)Druk op de knop en laat deze na 2 tot 5 seconden weer los. Wanneer u de knop loslaat, wordt de handeling gestart (behalve wanneer u een taak annuleert).5 seconden indrukken(5 sec. indrukken)Druk op de knop en houd deze 5 seconden of langer ingedrukt.
De bewerking wordt 5 seconden nadat u op de knop hebt gedrukt gestart, zelfs als u de knop langer dan 5 seconden ingedrukt houdt.Indrukken tijdens inschakelenTijdens het inschakelen drukt u de knop inSTATUS VÓÓR INDRUKKEN KNOP ON LINE (ONLINE) KNOP CANCEL (ANNULEREN)1 SECONDE12 SECONDEN INDRUKKEN5 SECONDEN INDRUKKEN1 SECONDE12 SECONDEN INDRUKKEN5 SECONDEN INDRUKKENONLINE (inactieve modus)OFFLINE wordt actiefMenu-overzicht wordt afgedrukt (*1)Voor-beeld-pagina wordt afgedrukt– – –
Inleiding> 15OFFLINE (inactieve modus)ONLINE wordt actiefMenu-overzicht wordt afge-drukt (*2)Voor-beeld-pagina wordt afge-drukt (*2) – – –ONLINE (gegevens worden ontvangen, verwerkt of afgedrukt)OFFLINE wordt actief – – – Taak wordt gean-nuleerd(*3)–Er wordt om handmatige invoer gevraagdLaadt papier vanuit de cassettelade – – – Taak wordt gean-nuleerd(*3)–Papier is ingesteld in de universele lade (geen afdruktaak)OFF LINE wordt actiefMenu-overzicht wordt afge-drukt (*1)Voor-beeld-pagina wordt afge-druktVoert krachtig het papier uitGeen papier in de cassettelade of cassettelade geopend - - - – Taak wordt gean-nuleerd(*3)–Geheugen-overflow of ongeldige gegevensDe fout wordt hersteld en ON LINE wordt actiefMenuoverzicht wordt afge-drukt (*1)Voor-beeld-pagina wordt afge-drukt– – –STATUS VÓÓR INDRUKKEN KNOP ON LINE (ONLINE) KNOP CANCEL (ANNULEREN)1 SECONDE12 SECONDEN INDRUKKEN5 SECONDEN INDRUKKEN1 SECONDE12 SECONDEN INDRUKKEN5 SECONDEN INDRUKKEN
Inleiding> 16*1:Het menuoverzicht (of de statuspagina) bevat details van de printerinstellingen en statusinformatie.*2:ONLINE wordt actief nadat het afdrukken is gestart.*3:De taak wordt 2 seconden nadat op de knop is gedrukt geannuleerd (zelfs als de knop langer ingedrukt is gehouden).LED-DISPLAYSAlgemeenDe printerstatus (die wordt aangegeven door de lampjes) kan ruwweg als volgt worden gecategoriseerd: 1. Normale status (groen): de printer werkt normaal. De printer is bijvoorbeeld ON LINE of bezig met verwerken. 2. Waarschuwingsstatus (geel): u kunt doorgaan met het gebruik van de printer zonder in te grijpen, maar er kan een fout optreden. 3. Foutstatus (geel, knipperend): u kunt niet doorgaan met het gebruik van de printer. Ingrijpen is vereist om de fout te corrigeren. Fatale fouten kunnen niet worden gecorrigeerd.
U moet in dat geval bellen voor service.Als er van verschillende statussituaties tegelijk sprake is, wordt met behulp van de lampjes alleen de status met de hoogste prioriteit weergegeven. De lampjes geven een waarschuwingsstatus aan in combinatie met de normale status met de hoogste prioriteit. Papierstoring – – – – – –STATUS VÓÓR INDRUKKEN KNOP ON LINE (ONLINE) KNOP CANCEL (ANNULEREN)1 SECONDE12 SECONDEN INDRUKKEN5 SECONDEN INDRUKKEN1 SECONDE12 SECONDEN INDRUKKEN5 SECONDEN INDRUKKEN
Inleiding> 17FunctieHieronder volgt een overzicht van de functies van elk lampje: LAMPJE KLEUR FUNCTIEVoeding (Gereed)Groen (statisch)Dit lampje geeft POWER ON, ON LINE en OFF LINE aan. Verder wordt hiermee aangegeven dat de energiebesparing is ingeschakeld, gegevens worden ontvangen, de printer bezig is met afdrukken, er taken worden geannuleerd, de printer bezig is met opwarmen of de dichtheid/temperatuur wordt aangepast. Papier Groen (statisch) en geel (knipperend)Dit lampje geeft aan dat het papier op is (waarschuwing of alarm) of dat om handmatige invoer wordt gevraagd.Verbruiks-materialen-lampjeGroen (statisch) en geel (knipperend)Dit lampje geeft aan dat de levensduur van de verbruiksmaterialen is verstreken (waarschuwing of alarm) of dat een fout is opgetreden bij de installatie van verbruiksmaterialen.
Inleiding> 18Verlichtingspatronen en betekenisBij de lampjes worden de volgende verlichtingspatronen gebruikt om een groot aantal statussituaties afzonderlijk en in combinatie te kunnen weergeven: LAMPJE VERLICHTINGS-PATROONSTATUSVoeding (Gereed)Groen OFF Stroom UIT Aan ONLINE (inactief)Knipperend 1 (elke 2 sec.)OFF LINE (dit knipperpatroon wordt altijd gebruikt bij foutsituaties)Knipperend 2 (elke 0,5 sec.)Er worden gegevens ontvangen of afgedrukt, de printer is bezig met opwarmen of de dichtheid/temperatuur wordt aangepastKnipperend 3 (elke 0,12 sec.)Taak wordt geannuleerdKnipperend 4 (4,5 seconden AAN en 0,5 seconde UIT)Energiebesparende modusPapier, verbruiks-materialen, alarm(Oranje) OFF ONLINE Aan Er wordt een waarschuwing aangegeven (afdrukken is mogelijk)Knipperend 1 (elke 2 sec.)Er is een fout opgetreden, maar het afdrukken kan doorgaan als u op de knop ONLINE of ANNULEREN drukt.Knipperend 2 (elke 0,5 sec.)Er is een fout opgetreden.
U moet bijvoorbeeld verbruiksmaterialen vervangen of vastzittend papier verwijderen. De fout wordt vervolgens hersteld en de printer kan weer afdrukken.Knipperend 3 (elke 0,12 sec.)Er is een ernstige fout opgetreden. U moet de printer opnieuw opstarten of bellen voor service.
Inleiding> 19De statusmonitor in Windows bevat een leesbare omschrijving van de printerstatus die overeenkomt met de aanwijzingen van de LED's. In Mac krijgt u van de printerdriver statusinformatie nadat u een document bent gaan afdrukken. Als u in Windows de voorkeursinstellingen voor de statusmonitor hebt ingesteld op Popup bij waarschuwingen, wordt dit leesbare bericht telkens op het scherm weergegeven wanneer zich een abnormale situatie voordoet. Zie “De printersoftware gebruiken' op pagina 86 voor meer informatie.Foutmelding voor serviceafdelingWanneer de foutmelding voor de serviceafdeling optreedt, knipperen alle LED's snel en tegelijk met intervallen van 120 ms.
Aanbevolen papier> 20AANBEVOLEN PAPIERDe printer kan allerlei afdrukmedia verwerken, waaronder papier van verschillende gewichten en formaten, zoals enveloppen. In deze sectie wordt een algemeen advies gegeven over de keuze van de media en wordt uitgelegd hoe elk type moet worden gebruikt.U krijgt de beste prestaties als u standaardpapier van 75-90 g/m² gebruikt dat is ontworpen voor het gebruik in kopieermachines en laserprinters. Geschikte papiersoorten zijn: • Ajro Wiggins Conqueror Colour Solutions 90 g/m²; • Colour Copy van Neusiedler.Het gebruik van papier met veel reliëf of papier met een ruw oppervlak wordt niet aangeraden.Voorbedrukt papier kan worden gebruikt, maar de inkt mag niet uitlopen wanneer het papier wordt blootgesteld aan de hoge fusertemperaturen die bij het afdrukproces worden gebruikt.Enveloppen mogen geen vouwen, krullen of andere vervormingen hebben.
De enveloppen moeten ook een rechthoekige sluitklep te hebben, met lijm die intact blijft onder de druk van de hete fuser in dit type printer. Vensterenveloppen zijn niet geschikt.Etiketten moeten ook van het type zijn dat wordt aanbevolen voor kopieermachines en laserprinters. De etiketvellen moeten geheel bedekt zijn met etiketten. Andere typen etiketvellen kunnen de printer beschadigen wanneer de etiketten loslaten tijdens het afdrukproces. Geschikte papiersoorten zijn: • Avery White Laser Labels van het type 7162, 7664, 7666 (A4) of 5161 (Letter); • Kokuyo A693X-serie (A4) of A650 (B5).
Aanbevolen papier> 21CASSETTELADEIn de cassettelade kunt u papier plaatsen met een gewicht van 64g/m² tot 120g/m². De cassettelade is ideaal om A4-documenten die meer dan één pagina beslaan af te drukken. MULTI PURPOSE TRAYIn de universele lade kan papier met dezelfde formaten worden gebruikt als in de cassetteladen, maar kan zwaarder papier worden gebruikt tot maximaal 203 g/m². Voor bijzonder zwaar papier moet u altijd het uitvoervak aan de achterzijde gebruiken. Als u deze stapelaar gebruikt, wordt het papier in een vrijwel rechte baan door de printer geleid.In de universele lade kan papier met een breedte van 100mm en een lengte van maximaal 1200 mm (voor het afdrukken van banners) worden gebruikt*.
Aanbevolen papier> 22Papier met watermerken of briefhoofdpapier moeten met de afdrukzijde omhoog en met de bovenzijde als eerste in de printer worden geplaatst. UITVOERVAK (AFDRUKZIJDE NAAR BENEDEN)In het uitvoervak (met afdrukzijde naar beneden) boven op van de printer kan maximaal 150 vel standaardpapier van 80 g/m² worden geplaatst. Dit uitvoervak ondersteunt papiersoorten met een gewicht van maximaal 120 g/m². Pagina's die in leesvolgorde worden afgedrukt (pagina 1 als eerste), worden in leesvolgorde gesorteerd (de laatste pagina ligt bovenop met de afgedrukte zijde omlaag).STAPELAAR, AFDRUKZIJDE OMHOOGU moet de stapelaar met de afdrukzijde omhoog aan de achterkant van de printer openen en de papiersteun uittrekken als u dit vak wilt gebruiken.
Papier plaatsen> 24PAPIER PLAATSENCASSETTELADE 1. Verwijder de cassettelade uit de printer.2.Waaier het papier aan de korte zijden (1) en de lange zijden (2) uit om ervoor te zorgen dat er geen vellen aan elkaar kleven en tik vervolgens met de zijden van het papier op een vlak oppervlak om er weer een rechte stapel van te maken (3).1 2 3
Papier plaatsen> 25 3. Stel de achterste schuif (1) en de papiergeleiders (2) in op het gebruikte papierformaat. Gebruik de markeringen op de printer als richtlijn. 4. Plaats het papier (1). Gebruik de niveau-indicaties (2) als een richtlijn. Plaats briefhoofdpapier met de bedrukte zijde naar beneden en met de bovenzijde in de richting van de voorkant van de printer.1212
Papier plaatsen> 26Vastlopen van papier voorkomen: • Laat geen ruimte vrij tussen het papier en de geleiders, en het papier en de achterste schuif. • Plaats niet te veel papier in de cassettelade. Hoeveel papier er kan worden geladen, hangt af van het soort papier. • Plaats geen beschadigd papier. • Plaats geen papier van verschillend formaat in de papierlade. • Trek de papiercassette tijdens het afdrukken niet uit de printer. 5. Sluit de papiercassette voorzichtig.
Papier plaatsen> 27 6. Als u wilt afdrukken en papier wilt uitvoeren met de afgedrukte zijde naar beneden, controleert u of het uitvoervak aan de achterzijde van de printer is gesloten (het papier wordt nu aan de bovenzijde van de printer uitgevoerd). De capaciteit van het vak is ongeveer 150 vel, afhankelijk van het papiergewicht. 7. Als u wilt afdrukken en het papier met de afgedrukte zijde naar boven wilt uitvoeren, controleert u of het uitvoervak aan de achterzijde van de printer is geopend en de papiersteun (1) is uitgetrokken. Het papier wordt in omgekeerde volgorde geplaatst en de ladecapaciteit bedraagt ongeveer 10 vellen A4, afhankelijk van het papiergewicht, of 1 enveloppe of 1 vel zwaar papier. 8.
Gebruik altijd de stapelaar met de afdrukzijde omhoog (achterkant) voor zwaar papier, zoals indexkaarten.LET OP!Open of sluit de het uitvoervak aan de achterzijde van de printer niet tijdens het afdrukken omdat hierdoor het papier kan vastlopen.1
Papier plaatsen> 28MULTI PURPOSE TRAY 1. Open de universele lade en druk de papiersteun (2) voorzichtig naar beneden om ervoor te zorgen dat de steun vastzit in de onderste stand. 2. Pas de papiergeleiders (1) aan aan het formaat van het papier waarop u gaat afdrukken en gebruik de markeringen op de papiersteun. 3. Plaats een vel papier op de papiersteun zodat het wordt vastgepakt. • Plaats één vel papier van uw keus tegelijk. • Voor afdrukken op voorbedrukt papier plaatst u het papier in de universele lade met de voorbedrukte zijde naar boven en met de bovenzijde als eerste in de printer. • Een enveloppe moeten met de afdrukzijde naar boven worden geplaatst. De bovenzijde moet aan de linkerkant worden geplaatst zodat de korte zijde als eerste in de printer wordt ingevoerd.Stel in het menu Media het juiste papierformaat voor de universele lade in.
Afdrukken in Windows> 29AFDRUKKEN IN WINDOWSDe printermenu's bieden toegang tot een groot aantal opties. Zie 'De printersoftware gebruiken' op pagina 86 voor meer informatie.Ook de printerdriver van Windows bevat veel instellingen voor dezelfde opties. Als opties in de printerdriver overeenkomen met opties in de menu's en u documenten vanuit Windows afdrukt, hebben de instellingen van de Windows-printerdriver voorrang boven de instellingen in de menu's.Op de afbeeldingen in dit hoofdstuk ziet u de C3400n-printer in Windows XP/2000. De opties voor de C3400n zijn echter gelijk aan de opties van de C3300. In andere versies van Windows worden mogelijk dialoogvensters weergegeven die iets afwijken van deze afbeeldingen, maar de principes zijn hetzelfde.INSTELLINGEN VOOR PRINTERSTUURPROGRAMMAEen printerdriver is een softwareprogramma dat een printer aanstuurt.
De printerdriver stuurt gegevens over de afdrukvereisten voor een document naar de printer.U kunt opties voor het printerstuurprogramma instellen in het venster Printers van Windows (dit wordt 'Printers en faxapparaten' genoemd in Windows XP) of in een Windows-toepassing. De driverinstellingen die u in het Windows-dialoogvenster 'Voorkeursintellingen voor afdrukken' aanbrengt, zijn hoofdzakelijk standaardinstellingen die worden opgeslagen voor alle Windows-sessies. De driverinstellingen die u in een Windows-toepassing maakt, bijvoorbeeld in het dialoogvenster Bestand –> Afdrukken in Microsoft Word, zijn instellingen die nodig zijn voor een specifieke taak die niet worden onthouden nadat u de toepassing hebt gesloten. In beide gevallen kunt u specifieke sets met driverinstellingen opslaan en een naam geven (op het tabblad Instellingen) en deze in de toekomst opnieuw gebruiken.
Afdrukken in Windows> 30VOORKEURSINSTELLINGEN VOOR AFDRUKKEN IN WINDOWS-TOEPASSINGENAls u een document vanuit een Windows-toepassing afdrukt, verschijnt het dialoogvenster Afdrukken. In dit dialoogvenster wordt gewoonlijk de naam van de printer weergegeven waarop het document wordt afgedrukt. Naast de naam van de printer bevindt zich de knop Eigenschappen.Als u op Eigenschappen klikt, wordt er een nieuw venster geopend met een korte lijst met printerinstellingen die beschikbaar zijn in het stuurprogramma en die u voor dit document kunt selecteren. In de toepassing zijn alleen instellingen beschikbaar die u eventueel wilt wijzigen voor specifieke toepassingen of documenten. De instellingen die u hier wijzigt, zijn meestal alleen geldig totdat de desbetreffende toepassing wordt afgesloten.
Afdrukken in Windows> 31TABBLAD INSTELLINGENAls u op de knop Eigenschappen klikt vanuit het dialoogvenster Afdrukken van uw toepassing, wordt het drivervenster geopend waarin u uw afdrukvoorkeuren voor het huidige document kunt opgeven. 1. Het papierformaat moet overeenkomen met het papierformaat van uw document (tenzij u de afdruk wilt aanpassen aan een ander formaat) en overeenkomen met het formaat van het papier dat in de printer is geladen. 2. U kunt de papierbron instellen. Dit kan lade 1 (de cassettelade) of de universele lade zijn. U kunt de lade selecteren in de vervolgkeuzelijst of u kunt op het deel van de printerafbeelding klikken om uw voorkeurslade te selecteren. 3. De instelling voor het papiergewicht moet zijn afgestemd op het soort papier waarop u wilt afdrukken. 4.
Afdrukken in Windows> 32 5. U kunt allerlei afwerkingsopties selecteren, bijvoorbeeld voor het afdrukken van één pagina per vel of afdrukken van X op één (waarbij X een getal tot maximaal 16 kan zijn) voor het verkleind afdrukken van meer dan één pagina per vel.Kies de optie voor het afdrukken van posters om grote pagina’s verdeeld over meerdere vellen af te drukken. 6. U kunt afdrukken op één kant van een vel of dubbelzijdig afdrukken (duplex) gebruiken. U kunt met uw printer handmatig dubbelzijdig afdrukken. Dit betekent dat u het papier tweemaal door de printer moet voeren. Zie 'Dubbelzijdig afdrukken (alleen in Windows)' op pagina 70 voor meer informatie. Druk op de knop Duplex Help voor richtlijnen bij handmatig dubbelzijdig afdrukken. 7.
Als u sommige printerinstellingen hebt gewijzigd en onder een specifieke naam als set hebt opgeslagen, kunt u die in de driverinstellingen oproepen. Sla driverinstellingen op om te voorkomen dat u telkens weer afdrukinstellingen apart moet instellen wanneer u deze nodig hebt. 8. Klik op de knop Standaard om de standaardafdrukinstellingen te herstellen.
Afdrukken in Windows> 33TABBLAD TAAKOPTIES 1. De uitvoerresolutie van de afgedrukte pagina kan als volgt worden ingesteld. • De ProQ2400-instelling drukt meerlaags bij 600 x 600 dpi af. Voor deze instelling is het meeste printergeheugen vereist en is de afdruktijd het langst. Het is de beste optie voor het afdrukken van foto's en de reproductie van kleurendetails. • Met de instelling Fijn/Detail drukt u bij 1200 x 1600 dpi af. Dit is de beste optie voor het afdrukken van vectorobjecten, zoals afbeeldingen en tekst. • Met de instelling Normaal drukt u bij 600 x 600 dpi af. Deze instelling is voor de meeste afdruktaken geschikt. 2. Kies deze optie om de kwaliteit van foto's te verbeteren. 3. Kies deze optie om toner te besparen. 4. Kies deze optie om te voorkomen dat lege pagina's in uw document worden uitgevoerd. 5.
Afdrukken in Windows> 34 6. De afdrukstand kan worden ingesteld op staand (lengte) of liggend (breedte). 7. De afgedrukte pagina's kunnen worden aangepast aan groter of kleiner papier. 8. U kunt watermerktekst afdrukken achter de afbeelding van de hoofdpagina. Dit is handig voor het markeren van documenten als concept, vertrouwelijk, enzovoort. 9. U kunt toegang tot aanvullende instellingen krijgen door op de knop Geavanceerd te klikken. Zo kunt u bijvoorbeeld zwarte gebieden laten afdrukken met 100%K toner (waarmee een matter resultaat wordt verkregen). 10. Klik op de knop Standaard om de standaardafdrukinstellingen te herstellen.TABBLAD KLEUR 1. De kleuruitvoer van de printer kan automatisch of, voor geavanceerde besturing, handmatig worden ingesteld. Meestal kan de automatische instelling worden gebruikt. De overige opties in dit venster worden alleen zichtbaar
Afdrukken in Windows> 35wanneer u een andere optie dan Automatisch selecteert. Bij afdrukken in grijswaarden werkt de printer op de snelste afdruksnelheid (ongeveer 20 ppm) en worden alle pagina's in zwart-wit afgedrukt. 2. U kunt kiezen uit diverse kleuraanpassingsopties, afhankelijk van de afbeeldingsbron van het document. Voor een foto die met een digitale camera is genomen, hebt u bijvoorbeeld een andere kleuraanpassing nodig dan voor een bedrijfsafbeelding die met een werkbladtoepassing is gemaakt. In het algemeen kunt u het beste de instelling Automatisch gebruiken. 3. De uitvoer kan lichter of donkerder worden afgedrukt. Daarnaast kunnen de kleuren levendiger en met meer verzadiging worden afgedrukt. 4.
Zwarte gebieden kunnen worden afgedrukt met 100% cyaan, magenta en geel, waardoor de gebieden meer glans krijgen (composiet zwart), of met alleen zwarte toner, waardoor de gebieden matter worden weergegeven (echt zwart). Als u de instelling Automatisch kiest, kan via de driver de beste keuze worden gemaakt, afhankelijk van de inhoud van de afbeelding. 5. Klik op de knop Standaard om de standaardafdrukinstellingen te herstellen.
Afdrukken in Windows> 36INSTELLINGEN IN HET CONFIGURATIESCHERM VAN WINDOWSWanneer u het venster met drivereigenschappen rechtstreeks opent vanuit Windows in plaats van via een toepassing, zijn er meer instellingen beschikbaar. De wijzigingen die u hier aanbrengt, beïnvloeden in het algemeen alle documenten die u afdrukt vanuit Windows-toepassingen en worden opgeslagen voor alle Windows-sessies.TABBLAD ALGEMEEN 1. Hier worden enkele van de belangrijkste functies van uw printer vermeld. 2. Met deze knop worden dezelfde vensters geopend als de vensters voor items die kunnen worden ingesteld in toepassingen en die eerder zijn beschreven in 'Voorkeursinstellingen voor afdrukken in Windows-toepassingen' op pagina 30. De wijzigingen die u hier aanbrengt worden echter de nieuwe standaardinstellingen voor alle Windows-toepassingen. 3.
Afdrukken in Windows> 37TABBLAD GEAVANCEERD 1. U kunt opgeven op welke tijd van de dag de printer beschikbaar is. 2. De huidige prioriteit wordt aangegeven, van 1 (laagste) tot 99 (hoogste). Documenten met de hoogste prioriteit worden het eerst afgedrukt. 3. Hiermee geeft u op dat documenten in de wachtrij moeten worden geplaatst (opgeslagen in een speciaal afdrukbestand) voordat deze worden afgedrukt. Het document wordt vervolgens op de achtergrond afgedrukt, zodat de toepassing sneller beschikbaar wordt. 4. Hiermee geeft u op dat het afdrukken pas moet worden gestart wanneer de laatste pagina in de wachtrij is geplaatst. Als tijdens het afdrukken door de toepassing verdere berekeningen moeten worden uitgevoerd, waardoor de afdruktaak langer wordt onderbroken dan een korte periode, wordt mogelijk aangenomen dat het afdrukken van het document al is voltooid.
Als u deze optie inschakelt, wordt deze situatie voorkomen, maar wordt de afdruktaak iets later voltooid, omdat het begin van de afdruktaak wordt uitgesteld.1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12
Afdrukken in Windows> 38 5. Deze optie is het tegenovergestelde van de optie die hiervóór is genoemd. Het afdrukken wordt direct gestart nadat het document in de wachtrij wordt geplaatst. 6. Hiermee kunt u opgeven dat het document niet in de wachtrij moet worden geplaatst, maar direct moet worden afgedrukt. De toepassing kan normaal gesproken niet verder worden gebruikt totdat de afdruktaak is voltooid. Aangezien er in dit geval geen wachtrijbestand is, is er minder ruimte nodig op de vaste schijf van de computer. 7. Hiermee kunt u aangeven dat de spooler de documentinstellingen moet controleren en deze moet afstemmen op de printerinstellingen voordat het document naar de printer wordt verzonden.
Als er een fout wordt gedetecteerd, blijft het document in de wachtrij staan en wordt het pas afgedrukt wanneer de printerinstellingen zijn gewijzigd en het document opnieuw wordt geactiveerd vanuit de afdrukwachtrij. Ook wanneer de wachtrij documenten bevat waarvan de instellingen niet zijn afgestemd, worden de correct afgestemde documenten wel afgedrukt. 8. Hiermee geeft u aan dat de spooler bij het bepalen van de afdrukvolgorde voorrang moet geven aan documenten die al volledig in de wachtrij zijn geplaatst, zelfs als voltooide documenten een lagere prioriteit hebben dan documenten die nog niet volledig in de wachtrij zijn geplaatst. Als er nog geen documenten volledig in de wachtrij zijn geplaatst, hebben grotere documenten in de wachtrij voorrang boven kleinere documenten. Gebruik deze optie als u de efficiëntie van de printer wilt optimaliseren.
Wanneer deze optie is uitgeschakeld, worden er alleen documenten gekozen op basis van de prioriteitsinstellingen. 9. Hiermee geeft u aan dat er geen documenten via de spooler mogen worden verwijderd nadat deze zijn voltooid. Hierdoor kunnen documenten opnieuw vanaf de spooler naar de printer worden verzonden in plaats van deze opnieuw af te drukken vanuit de toepassing.
Afdrukken in Windows> 39zijn, afhankelijk van de printer. Laat deze optie ingeschakeld voor normale afdruktaken. U kunt de functie uitschakelen bij compatibiliteitsproblemen. In dat geval zijn deze geavanceerde opties echter mogelijk niet beschikbaar, hoewel deze wel door de hardware worden ondersteund. 11. Met deze knop hebt u toegang tot dezelfde instellingsvensters als bij het afdrukken vanuit toepassingen. Wijzigingen die zijn aangebracht in het Configuratiescherm van Windows worden de Windows-standaardinstellingen. 12. U kunt een scheidingspagina ontwerpen en opgeven die wordt afgedrukt tussen de verschillende documenten. (Dit is met name handig bij een gedeelde printer, omdat elke gebruiker zo makkelijk zijn of haar eigen documenten in de uitvoerstapel kan terugvinden.)
Afdrukken in Mac> 40AFDRUKKEN IN MACMAC OS 9AFDRUKOPTIES KIEZENGebruik de printdialoog om uw printer te kiezen en opties te selecteren voor het afdrukken van uw document. 1. Open het document dat u wilt afdrukken. 2. Als u het papierformaat of de paginastand wilt wijzigen, kiest u Archief > Pagina-instelling. 3. Kies Archief > Print. 4. Selecteer uw printer in het venstermenu Printer. 5. Als u de instellingen van de printerdriver wilt wijzigen, kiest u de benodigde opties in de printerdialoog. U kunt meer opties selecteren in het menu Aantal en pagina's. In “De standaardafdrukinstellingen wijzigen” wordt uitgelegd hoe u de printerdriveropties instelt. 6. Klik op PrintDE STANDAARDAFDRUKINSTELLINGEN WIJZIGENAls u een document afdrukt en de printerdriverinstellingen wijzigt, worden die instellingen alleen voor dat bepaalde document onthouden.
Afdrukken in Mac> 41 4. Klik op Afdrukvoorkeuren. 5. Wijzig indien nodig de voorkeuren voor de pagina-instelling of de afdrukvoorkeuren. Deze nieuwe instellingen worden opgeslagen als de standaardinstellingen van de printerdriver.OPTIES VOOR PAGINA-INSTELLING - ALGEMEENPapierKies het papierformaat dat overeenkomt met uw document en het papier dat u in de printer hebt geplaatst. De papiermarge is aan alle kanten 4,2 mm (1/6 inch).RichtingSelecteer Staand (hoog) of Liggend (breed).Als u Liggend gebruikt, kunt u de richting 180 graden omdraaien.
Afdrukken in Mac> 42Vergroten of verkleinenU kunt documenten op verschillende papierformaten vergroten of verkleinen.OPTIES VOOR PAGINA-INSTELLING - LAY-OUTU kunt meerdere pagina's verkleinen en op één vel papier afdrukken. Als u bijvoorbeeld 4-up kiest, worden vier pagina's van uw document op één vel papier afgedrukt. U kunt de volgorde waarin documenten worden afgedrukt instellen en tevens een rand om elke documentpagina maken.
Afdrukken in Mac> 43OPTIES VOOR PAGINA-INSTELLING - AANGEPAST PAPIERFORMAATU kunt aangepaste papierformaten maken en bewerken. Deze formaten staan in het menu Papierformaat en kunnen net als alle andere papierformaten worden geselecteerd.AFDRUKOPTIES - ALGEMEENAantalGeef het aantal af te drukken exemplaren op.Als u Gesorteerd hebt geselecteerd, worden alle pagina's van het document afgedrukt voordat het volgende exemplaar wordt afgedrukt.
Afdrukken in Mac> 44Pagina'sKies of u alle pagina's van uw document of een deel daarvan wilt afdrukken.PapierbronKies de papierlade die u voor de afdruktaak wilt gebruiken.KwaliteitBepaalt de afdrukresolutie.De instelling ProQ2400 produceert de beste grafische afbeeldingen maar het afdrukken duurt langer.Foto verbeterenGebruik Foto verbeteren om de afdrukkwaliteit van foto's aanzienlijk te verbeteren. De printerdriver analyseert fotobeelden en verwerkt deze om het algehele uiterlijk te verbeteren. U kunt deze instelling niet in combinatie met de afdrukkwaliteitinstelling ProQ2400 gebruiken.Bespaar tonerBij Bespaar toner wordt minder toner gebruikt wanneer u uw document afdrukt. Dit is het meest geschikt voor conceptdocumenten omdat de afdruk aanmerkelijk lichter is.
Afdrukken in Mac> 47Kleuraanpassing Zwarte afwerkingBepaalt de manier waarop zwart afgedrukt wordt in kleurendocumenten.Samengesteld zwart (CMYK): Gebruikt de vier tonerkleuren om zwart te produceren. Aanbevolen voor kleurenfoto's.Puur zwart (K): Gebruikt 100% zwarte toner om zwart te produceren. Aanbevolen voor tekst en zakelijke grafische afbeeldingen.Helderheid / VerzadigingVerhoog de helderheid voor een lichtere afdruk. Wijzig de verzadiging om de kracht (of puurheid) van kleur te wijzigen. KLEUR BESCHRIJVINGMonitor (6.500K)PerceptueelGeoptimaliseerd voor het afdrukken van foto's. Bij het afdrukken van de kleuren ligt de nadruk op de verzadiging.Monitor (6500K) - LevendigGeoptimaliseerd voor het afdrukken van foto's maar met nog meer verzadigde kleuren. Monitor (9300K) Geoptimaliseerd voor het afdrukken van afbeeldingen vanuit toepassingen als Microsoft Office.
Bij het afdrukken van de kleuren ligt de nadruk op de helderheid. Digitale camera De resultaten variëren naar gelang het onderwerp en de omstandigheden waarin de foto's zijn genomen. sRGB De printer reproduceert de sRGB-kleurruimte. Deze instelling kan handig zijn bij het aanpassen van de kleuren van een sRGB-invoerapparaat, zoals een scanner of digitale camera.
Afdrukken in Mac> 48Als de afgedrukte kleuren te sterk zijn, verlaagt u de verzadiging en verhoogt u de helderheid. Als algemene regel geldt dat de verzadiging met dezelfde mate dient te worden verlaagd als de mate waarmee de helderheid wordt verhoogd. Als u bijvoorbeeld de verzadiging met 10 verlaagt, verhoogt u ter compensatie de helderheid met 10.AFDRUKOPTIES - LAY-OUTU kunt meerdere pagina's verkleinen en op één vel papier afdrukken. Als u bijvoorbeeld 4-up kiest, worden vier pagina's van uw document op één vel papier afgedrukt. U kunt de volgorde waarin documenten worden afgedrukt instellen en tevens een rand om elke documentpagina maken.
Afdrukken in Mac> 49AFDRUKOPTIES - OPTIESPapiergewichtSelecteer de dikte/het type van het papier in de printer. Het is belangrijk om deze optie correct in te stellen omdat het de temperatuur beïnvloedt waarmee de toner op het papier wordt gefixeerd.
Als u bijvoorbeeld op gewoon papier afdrukt, moet u niet Etiketten selecteren omdat de toner dan vlekt en het papier vastloopt.PapierformaatcontroleKies Papierformaatcontrole als u wilt dat de printer u waarschuwt wanneer het papierformaat van het document afwijkt van het papier in de printer.Er wordt een waarschuwingsbericht weergegeven en de afdruk wordt voortgezet nadat u het correcte papier hebt geladen en op ONLINE hebt gedrukt.Indien deze optie is uitgeschakeld, gebruikt de printer het papier in de geselecteerde lade, ongeacht het documentformaat.Handmatige invoer vanuit de universele ladeKies deze optie als u wilt dat de printer wacht totdat u op de knop ON LINE (ONLINE) hebt gedrukt wanneer u papier invoert vanuit de universele lade.Dit kan van pas komen als u op enveloppen afdrukt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Oki C3300n stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer Oki
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer