Novy 3772 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Novy 3772 (64 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 9 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Novy 3772 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/64
Gebruiksaanwijzing en installatievoorschriften
Super Flex Zone en Wok
Mode d’emploi et d’installation
Super Flex Zone et Wok
Montage- und Bedienungsanleitung
Super Flex Zone und Wok
Instructions for use and installation
Super Flex Zone and Wok
37623772 /
Super Flex Zone / Wok

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Novy
Categorie: Fornuis
Model: 3772
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Soort bediening: Touch
Kleur van het product: Zwart
Aantal vermogenniveau's: 9
Ingebouwd display: Nee
Timer: Ja
Breedte: 380 mm
Diepte: 520 mm
Hoogte: 121 mm
Vermogen brander/kookzone 1: 2300 W
Aantal branders/kookzones: 1 zone(s)
Type kookplaat: Inductiekookplaat zones
Type brander/kookzone 1: Wok
Aantal gaspitten: 0 zone(s)
Aantal elektronische kook zones: 1 zone(s)
Normale brander/kookzone: 3000 W
Controle positie: Boven voorzijde
Aangesloten lading (elektrisch): 3000 W
Installatie compartiment breedte: 366 mm
Installatie compartiment diepte: 466 mm
LED-indicatoren: Ja
Aan/uitschakelaar: Ja
Voedingsbron brander/kookzone 1: Electrisch
Kookzone 1 boost: 3000 W
Positie brander/kookzone 1: Centraal
Diameter brander/kookzone 1: 380 mm
Kookzone 1 vorm: Rond
Domino: Ja

Handleiding Novy 3772 – volledige tekst

3Geachte klant Bedankt voor de beslissing om onze inductie kookplaat aan te schaffen Teneinde er voor te zorgen dat u optimaal gebruik kunt maken van deze apparatuur, adviseren wij om deze handleiding nauwkeurig te lezen en te bewaren voor eventueel later gebruik. INHOUD VEILIGHEID. 4 V OORZORGSMAATREGELEN VOOR GEBRUIK VAN HET TOESTEL. 4 G EBRUIK VAN HET APPARAAT. 4 V OORZORGSMAATREGELEN TEGEN BESCHADIGING. 5 V 5 OORZORGSMAATREGELEN BIJ DEFECT VAN HET APPARAAT. A NDERE VOORZORGSMAATREGELEN. 5 BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT 6. T ECHNISCHE KENMERKEN. 6 B 6 EDIENINGSPANEEL. GEBRUIK VAN HET APPARAAT. 7 D ISPLAY. 7 V ENTILATIE. 7 IN WERKING STELLEN EN GEBRUIK VAN HET APPARA AT. 7 V OOR HET EERSTE GEBRUIK. 7 P RINCIPE VAN INDUCTIE. 7 T 8 IPTOETSEN. S LIDER VOOR REGELING VAN VERMOGENNIVEAU EN TIMER. 8 I 8 NWERKINGSTELLING. A 9 ANDUIDING RESTWARMTE. POWER FUNCTIE EN UPER OWER FUNCTIES P.

4VEILIGHEID Voorzorgsmaatregelen voor gebruik van het toestel  Verwijder alle verpakkingen.  De installatie en de elektrische aansluiting van het apparaat dienen aan een erkende vakman toevertrouwd te worden. De fabrikant kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor eventuele schade voortkomend uit een foutieve inbouw of aansluiting.  Het apparaat mag enkel gebruikt worden wanneer het gemonteerd en geïnstalleerd is in een meubel met een gehomologeerd en aangepast werkvlak.  Het is enkel bestemd voor gewoon huishoudelijk gebruik (bereiding van voedingsmiddelen) met uitsluiting van alle ander huishoudelijk, commercieel of industrieel gebruik.  Verwijder alle etiketten en zelfklevers van het vitrokeramische glas.  Het apparaat niet ombouwen of wijzigen.  De kookplaat dient niet als ondergrond of werkvlak.

 De veiligheid wordt enkel verzekerd wanneer het apparaat volgens de vereiste voorschriften op een aardleiding is aangesloten.  Gebruik geen verlengkabel voor de aansluiting op het elektrische net.  Het apparaat mag niet gebruikt worden boven een vaatwasmachine of een droogkast, de vrijgekomen damp kan de elektronische apparatuur beschadigen. Gebruik van het apparaat  Schakel de warmtebron na gebruik steeds uit.  Waak steeds over bereidingen die oliën en vetten bevatten want deze kunnen vlug vlam vatten.  Pas op voor brandwonden tijdens en na het gebruik van het apparaat.  Kinderen het apparaat niet laten manipuleren.  Verzeker u ervan dat geen enkele elektrische kabel van een vast of los apparaat met het warme kookvlak of met een warme kookpot in contact komt.

 Magnetisch gevoelige voorwerpen (creditcards, informaticadiskettes, rekenmachines) mogen zich niet in de onmiddellijke nabijheid van het functionerende apparaat bevinden.  Gebruik enkel de hiertoe voorziene kookpotten. Bij onverhoeds aanschakelen of restwarmte zouden andere materialen kunnen smelten of ontbranden.

 Bedek het apparaat nooit met een doek of een beschermblad. Het zou kunnen verhitten en ontvlammen.  Dit toestel is niet geschikt voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met verminderd lichamelijke, zintuiglijke waarneming of geestelijke vermogens of gebrek aan kennis en ervaring, tenzij zij begeleiding of instructies krijgen over het gebruik van het toestel door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.  Kinderen moeten zodanig begeleid worden dat het zeker is dat zij niet gaan spelen met het toestel.  Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet geplaatst worden op het glazen kookoppervlak omdat deze dan heet kunnen worden.

5Voorzorgsmaatregelen tegen beschadiging  Beschadigde kookpotten of kookpotten met ruwe bodem (niet geëmailleerd gietijzer) kunnen het glas beschadigen.  De aanwezigheid van zand of andere schuurmaterialen kunnen het glas beschadigen.  Laat geen voorwerpen (zelfs kleine) op het glas vallen.  Vermijd het stoten van kookpotten tegen de rand van het glas.  Verzeker u ervan dat de ventilatie van het apparaat verloopt volgens de instructies van de fabrikant.  Plaats of laat geen lege kookpotten op de kookplaat.  Vermijd het contact van suiker, synthetische stoffen of aluminiumfolie met de hete zones. Deze stoffen kunnen tijdens het afkoelen het vitrokeramische glas doen barsten of aantasten: schakel het apparaat uit en verwijder ze onmiddellijk van de nog hete zones (opgepast: risico voor brandwonden).  Plaats nooit een warme kookpot op de bedieningszone.

 Indien er onder het inbouwapparaat een lade is, zorg dan voor een voldoende afstand (2 cm) tussen de inhoud van de lade en de onderkant van het apparaat teneinde een goede ventilatie te verzekeren.  Leg geen ontvlambare voorwerpen (bvb. sprays) in de lade onder de kookplaat. Eventuele bestekbakken dienen in warmtebestendig materiaal te zijn uitgevoerd. Voorzorgsmaatregelen bij defect van het apparaat  Bij het vaststellen van een defect, het apparaat uitzetten en de elektrische toevoer uitschakelen.  Schakel onmiddellijk de elektrische stroom van het apparaat uit indien er een barst of spleet in het vitrokeramische glas is en verwittig de dienst na verkoop.  De herstellingen dienen enkel door gespecialiseerd personeel te worden uitgevoerd. In geen geval het apparaat zelf openen.

 Als het glazen kookoppervlak gebroken is, schakel het toestel uit om WAARSCHUWING:een mogelijke elektrische schok te voorkomen. Andere voorzorgsmaatregelen  Zorg ervoor dat de kookpot steeds in het midden van de kookzone staat. De bodem van de kookpot moet de kookzone zoveel mogelijk bedekken.

 Een magnetisch veld kan elektronische apparatuur beïnvloeden. Personen die een pacemaker dragen doen er goed aan eerst de verdeler of een arts te raadplegen.  Gebruik geen synthetische of aluminium kookpannen: deze kunnen op de nog hete zones smelten. HET GEBRUIK VAN NIET GESCHIKTE POTTEN EN PANNEN OF VAN VERWIJDERBARE ACCESSOIRES OM POTTEN, NIET GESCHIKT VOOR INDUCTIE, OP TE WARMEN, VALT NIET ONDER DE GARANTIEVOORWAARDEN. DE FABRIKANT KAN NIET VERANTWOORDELIJK GEHOUDEN WORDEN VOOR BESCHADIGINGEN AAN DE KOOKPLAAT EN HAAR OMGEVING DIE HIERVAN HET GEVOLG KUNNEN ZIJN.

6BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT Technische kenmerken Type Total vermogen Zones Normaal* Met Power* Super Power* Detectie kookpan 3762 Super Flex Zone 3700 W 2 zones 220 x 180 mm 2100 W 2600 W 3700 W 100 mm 3772 Wok 3200 W 314 mm 2000 W 2500 W 3200 W - * het vermogen kan variëren in functie van de afmetingen en het materiaal van de kookpotten Bedieningspaneel Slider voor regeling vermogenniveau en timer (zone achter) Slider voor regeling vermogenniveau en timer (zone voor) Timer toets Aanduiding van de timer Aanduiding van het vermogenniveau Warmhoud lampje Bridge lampje Timer lampje Zone Warmhoudfunctie Vergrendeltttoets Aan / Uit Stop&Go toets

7GEBRUIK VAN HET APPARAAT Display Display Aanduiding Omschrijving 0 Nul Kookzone geactiveerd 1…9 Vermogenniveau Keuze kookniveau U Detectie kookpan Geen of onaangepaste kookpan A Onmiddellijke opwarming Aankookautomaat E Foutmelding Defect elektronisch circuit H Restwarmte De kookzone is warm P Power Power is geactiveerd Super Power Super Power is geactiveerd U Warmtebehoud Automatisch behoud op 42, 70, 94° II Stop&Go Stop&Go is geactiveerd Ventilatie De koelingsventilator functioneert helemaal automatisch. Hij komt langzaam op gang zodra de door de elektronica vrijgekomen calorieën een bepaalde hoeveelheid overschrijden. De ventilatie schakelt naar de tweede snelheid over wanneer het kookvlak intensief gebruikt wordt. De ventilator vermindert snelheid en stopt automatisch zodra het elektronische circuit voldoende is afgekoeld.

IN WERKING STELLEN EN GEBRUIK VAN HET APPARAAT Voor het eerste gebruik Poets uw toestel met een vochtige doek en droog het af. Gebruik geen detergent, deze kan op het glas een blauwachtige waas doen verschijnen. Principe van inductie Onder elke kookzone bevindt zich een inductiespoel. Wanneer deze in werking is, produceert ze een variabel elektromagnetisch veld, dat op zijn beurt inductiestroom produceert in de magnetische bodem van de kookpot. Hierdoor verwarmt de kookpot die op de kookzone staat. Uiteraard zijn aangepaste kookpotten vereist:  Aanbevolen zijn alle metalen kookpotten met magnetische basis (eventueel met een magneet te controleren) zoals: gietijzeren ketel, zwarte ijzeren pan, geëmailleerde metalen kookpotten, i n inox met magnetische bodem, …(zie ook p.

8Tiptoetsen Uw apparaat is uitgerust met tiptoetsen waarmee u de verschillende functies kan instellen. Het aanraken van de toets zet de functie in werking. Deze activering wordt weergegeven door een lichtje, een aflezing en/of een geluidssignaal. Niet op meerdere toetsen tegelijk duwen bij normaal gebruik. Slider voor regeling van vermogenniveau en timer Voor de selectie van het vermogen volstaat het om met uw vinger over de slider te glijden. U heeft ook rechtstreeks toegang tot een bepaald niveau door met uw vinger het gewenste niveau te selecteren.

9Detectie van de kookpot. Deze kookplaat is uitgerust met een interactief controlesysteem dat het gebruik van de kookplaat nog vereenvoudigd. Wanneer u een kookpot op de ingeschakelde kookplaat plaatst, wordt deze automatisch gedecteerd. Bovendien krijgt u een indicatie [0] welke slider u dient te gebruiken voor de desbetreffende zone. De detectie van de kookpot verzekert een optimale veiligheid. De inductiekookplaat werkt niet:  indien er geen kookpot op de kookzone staat of wanneer de kookpot ongeschikt is voor inductie. In dit geval is het onmogelijk het vermogen op te voeren en het symbool [ U ] verschijnt op de display. Wanneer een kookpot op de kookzone wordt geplaatst verdwijnt de [ U ].  De werking wordt onderbroken wanneer tijdens het koken de kookpot van de kookzone wordt genomen. Het symbool [ U ] verschijnt op de display.

De [ U ] verdwijnt wanneer de kookpot terug op het kookvlak wordt geplaatst. Het koken gaat door op het voordien gekozen vermogen. Schakel de kookzone uit na gebruik De pandetectie U ] blijft dan niet actief. [ Aanduiding restwarmte Als de kookzones nog warm zijn na het uitzetten ervan of na het volledig uitzetten van de kookplaat, wordt dit aangegeven door [ H ]. Het symbool [ H ] gaat uit wanneer de kookzones zonder gevaar kunnen aangeraakt worden. Zolang het lampje van de restwarmte blijft branden, de kookzones niet aanraken en geen enkel warmtegevoelig voorwerp op de kookzones plaatsen. Gevaar voor brand of brandwonden. Power functie en Super Power functie De Power functie [ P ] Super Power verlenen aan de gekozen kookzone een opgevoerd en [ ] vermogen. Indien deze functie geactiveerd is, werken deze kookzones gedurende 10 minuten met een aanmerkelijk hoger vermogen.

 In- en uitschakelen van Power: Actie Bedieningspaneel Display Power inschakelen Tot het einde van de « SLIDER » [ P ] ijden of meteen op het einde gl van de “SLIDER” duwen Power uitschakelen [ 9 ] naar [ 0 ] Glijden over de “SLIDER“  In- en uitschakelen van Super Power: Actie Bedieningspaneel Display Power inschakelen Tot het einde van de « SLIDER » [ P ] glijden of meteen op het einde van de “SLIDER” duwen Super Power inschakelen Druk op + ] [ en P ] [ Super Power uitschakelen Druk opnieuw + ] [ P ] naar [ 0 ] [ Power uitschakelen Glijden [ 9 ] naar [ 0 ] over de “SLIDER“.

10Beheer van het maximaal vermogen: Het geheel van de kookplaat is voorzien van een maximaal vermogen. Wanneer de Power functie geactiveerd is en om dit maximaal vermogen niet te overschrijden vermindert de elektronische – –bediening automatisch het kookniveau van een andere kookzone. Gedurende enkele seconden geeft de display van deze kookzone al knipperend [ 9 ] weer, vervolgens wordt het hoogst mogelijke kookniveau weergegeven: Gekozen kookzone Andere kookzone (bijvoorbeeld: kookniveau 9 ) [ P ] wordt weergegeven [ 9 ] wordt [ 6 ] of [ 8 ] naargelang de kookzone Timer functie De timerfunctie kan voor alle kookzones tegelijk gebruikt worden en dit met verschillende tijdsaanduidingen ( van 0 tot 999 minuten ) voor elke zone.

 Regeling of wijziging van de kooktijd: Actie Bedieningspaneel Display Selecteer het vermogen over « SLIDER » [ 1 ] tot [ P ] ”glijden“ Selecteer de timer druk tegelijkertijd op [ - en [ + ] zandloper van de zone ] van de timer tot de zandloper van de licht op desbetreffende zone oplicht Duurtijd verminderen druk op [ - ] van de timer [ 60 ] gaat naar 59… Duurtijd verlengen druk op ] van de timer de tijd verlengt [ +Na enkele seconden knippert de led [min] niet meer. De tijd is geselecteerd en het aftellen begint.  Uitschakelen van de timerfunctie: Actie Bedieningspaneel Display Selecteer de timer tegelijkertijd drukken op - ] de tijd wordt [ en [ + ] van de timer tot de gewenste weergegeven zandloper oplicht Stop de timer blijf op [ - ] van de timer drukken [ 000 ] Indien verschillende timers geactiveerd zijn, volstaat het deze actie te herhalen.

 Gebruik van de timer zonder koken: De timer werkt ook onafhankelijk van de zones en wordt gedesactiveerd. van zodra een zone in werking treedt. Indien de kooktafel wordt uitgeschakeld loopt de onafhankelijke kookwekker nog verder tot het einde van de ingestelde tijd.

Actie Bedieningspaneel Display De kookplaat inschakelen druk op [ 0/I ] [ 0 ] Selecteer de timer druk tegelijkertijd op [ - ] en [ + ] [ 000 ] van de timer Duurtijd verminderen druk op [ - ] van de timer [ 60 ] gaat naar 59… Duurtijd verlengen druk op ] van de timer de tijd verlengt [ +Na enkele seconden knippert de led [min] niet meer. De tijd is geselecteerd en het aftellen begint.  Automatisch uitschakelen op het einde van de kooktijd: Zodra de geselecteerde kooktijd afgelopen is, g de display knipperen [ 000 ], er klinkt een aatsignaal en de kookzone stopt. Om het geluidssignaal en het knipperen te stoppen drukt u op [ - ] of [ + ] van de timer.

11Programmeren van de aankookautomaat Alle kookzones zijn uitgerust met een aankookautomaat. De kookzone functioneert eerst een zekere tijd op volle kracht en vermindert dan automatisch tot het gekozen vermogen.  Programmeren van de aankookautomaat: Actie Bedieningspaneel Display Het vermogen kiezen [ 7 ] over de “SLIDER glijden tot (vb. « 7 en 3s blijven duwen [ 7 ] knippert met [ A ] »)  Stopzetten van de aankookautomaat: Actie Bedieningspaneel Display Het vermogen kiezen ] tot [ 9 ] Glijdt over de “SLIDER“ [ 0Stop&Go Functie Deze functie onderbreekt de activiteit van de kookplaat tijdelijk en laat een herstart met dezelfde instellingen toe.

 Aan- en uitzetten van Stop&Go: Actie Bedieningspaneel Display Stop&Go aanzetten druk op [ II ] [ II ] verschijnt Stop&Go uitzetten druk op [ II ] geanimeerde « SLIDER » druk op de geanimeerde « SLIDER » de vorige instellingen verschijnen Herhalingfunctie Na het uitzetten van de kookplaat [ 0/I ] is het mogelijk de laatst gekozen instellingen te herhalen:  Staat van alle kookzones (vermogen)  Minuten en seconden van de geprogrammeerde kookzones door de timers  Functie “automatisch koken”  Warmhoud functie De herhalingsprocedure is als volgt:  Duw op de toets [ 0/I ]  Duw op voor het knipperen stopt. [ II ]  De vorige instellingen zijn opnieuw actief. Warmhoudfunctie Deze functie maakt het mogelijk een temperatuur van 42°C, 70°C of 94°C te bereiken en automatisch te behouden. Dit voorkomt dat vloeistoffen overlopen en dat gerechten aan de bodem van de kookpot gaan kleven.

12Bridge Functie (lenkel bij 3762) Deze functie laat toe om 2 zones tegelijkertijd te laten werken en te bedienen. Gebruik van de Power functie is in dit geval niet mogelijk. Actie Bedieningspaneel Display Kookplaat aanzetten Selecte [ 0/I ] [ 0 ] er Bridge activeren tegelijkertijd op de zone onder ] duwen 0 ] en ] [ [ [ van de 2 te combineren zones Bridge verhogen over de « SLIDER » [ 1 tot 9 ] glijden tot het gewenste vermogen Bridge stopzetten tegelijkertijd op de zone onder ] duwen [ 0 ] [ van de 2 gecombineerde zones Vergrendeling van het bedieningspaneel Om te vermijden dat een selectie van de kookplaat wordt gewijzigd, bijvoorbeeld bij het poetsen van het glas, kan het bedieningspaneel worden vergrendeld (behalve de toets aan/uit [ 0/I ]).

13KOOKADVIES Kwaliteit van de kookpotten Aangepaste kookpotten: staal, geëmailleerd staal, gietijzer, inox met magnetische bodem, aluminium met magnetische bodem. Niet aangepaste kookpotten: aluminium en inox zonder magnetische bodem, koper, messing, keramiek, porselein. De fabrikanten vermelden wanneer hun producten geschikt zijn voor inductie. Om u ervan te verzekeren dat de kookpotten geschikt zijn:  Giet een beetje water in een kookpot en plaats deze op een inductie kookzone ingesteld op [ 9 ]. Het water moet binnen enkele seconden opwarmen.  Houd een magneet tegen de bodem van de kookpot. De magneet moet blijven plakken. Sommige kookpotten zoemen wanneer ze op een inductie kookzone geplaatst worden. Dit wil niet zeggen dat het apparaat defect is en het beïnvloedt het functioneren helemaal niet.

Afmetingen van de kookpotten De kookzones passen zich in zekere mate automatisch aan de diameter van de kookpot aan. De bodem van deze kookpot dient wel een minimum diameter te hebben in functie van de diameter van de gekozen kookzone. Plaats de kookpot goed in het midden van de kookzone teneinde een optimaal rendement van uw kooktafel te verkrijgen. De wok moet echter een diameter hebben die aangepast is aan de vorm van t vitrokeramische heglas. Standaard wordt een aangepaste wok meegeleverd. U kunt ook steeds bij uw handelaar terecht om een wok te bekomen met een diameter van 314 mm of gebruik de meegeleverde wok.

14Voorbeelden van vermogenregeling (de hieronder vermelde waarden zijn enkel richtgevend) 1 - 2 Smelten Opwarmen Sauzen, boter, chocolade, gelatine Kant- en klaargerechten 2 - 3 Opzwellen Ontdooien Rijst, pudding en bereidde gerechten Groenten, vis, diepgevroren producten 3 - 4 Stoom Groenten, vis, vlees 4 - 5 Water Gekookte aardappelen, soep, pasta Verse groenten 6 - 7 Zachtjes koken Vlees, lever, eieren, braadworsten Goulash, rollade, pens 7 - 8 Koken Braden Aardappelen, beignets, platte koeken 9 Braden Op kooktemperatuur brengen Steaks, omeletten Water P e n Braden Op kooktemperatuur brengen Aan de kook brengen van grote hoeveelheden water ONDERHOUD EN REINIGI NGLaat het apparaat eerst afkoelen, anders is er risico brandwonden. op  Verwijder de kookresten met een beetje water met afwasproduct of een in de handel aanbevolen product voor vitrokeramisch glas.

 Gebruik in geen geval toestellen die met “stoom” of met “druk” werken.  Geen voorwerpen gebruiken die het vitrokeramische glas kunnen beschadigen (zoals schuursponzen of mespunten…).  Gebruik geen schuurproducten, deze kunnen het apparaat beschadigen.  Droog het apparaat met een propere doek.  Verwijder onmiddellijk suiker of spijzen die suiker bevatten.

KLEINE STORINGEN VERHELPEN De kookplaat of de kookzone werkt niet:  de kookplaat is slecht op het elektrisch net aangesloten  de veiligheidszekering is gesprongen  kijk na of de vergrendeling niet is ingeschakeld  de tiptoetsen zijn met water of vet bespat  er staat een voorwerp op de tiptoetsen Het symbool [ U ] licht op:  er staat geen kookpot op de kookzo ne  de kookpot is niet geschikt voor inductie  de diameter van de bodem van de kookpot is te klein in vergelijking met de kookzone Het symbool [ E ] licht op:  Het elektronisch systeem is ontregeld  Ontkoppel de kookplaat en sluit opnieuw aan  Doe beroep op de dienst na verkoop

15Een enkele zone of alle zones vallen uit:  de veiligheid is in werking getreden  deze treedt in werking wanneer u een kookzone bent vergeten uit te schakelen  de veiligheid treedt eveneens in werking wanneer één of meerdere tiptoetsen bedekt zijn  een kookpan is leeg en de bodem is oververhit  de kookplaat beschikt eveneens over een automatische vermindering van het vermogen en over een automatische uitschakeling bij oververhitting De ventilator blijft doorwerken na het uitzetten van de kooktafel:  dit is geen defect, de ventilator beveiligt zo de elektronische apparatuur  de ventilator stopt vanzelf. De bediening van automatisch koken treedt niet in werking:  de kookzone is nog warm [ H ]  het maximum kookniveau staat aan [ 9 ] Het symbool [ U ] licht op:  Zie hoofdstuk “Warmhouden“.Het symbool [ II ] licht op:  Zie hoofdstuk “Stop&Go“.

  MILIEUBESCHERMING  de verpakkingsmaterialen zijn ecologisch en recycleerbaar.  de elektronische apparaten bevatten edele metalen. Informeer u bij uw gemeente over de recyclagemogelijkheden. Werp het apparaat niet weg met het huisvuil Doe beroep op de daartoe voorziene ophaaldienst of breng uw elektrisch apparaat naar het containerpark van uw gemeente

16INSTALLATIEVOORSCHRIFTEN De montage dient enkel door erkende specialisten uitgevoerd te worden. De gebruiker dient de wetgeving en de normen van het land van zijn verblijfplaats na te leven. Plaatsen van de waterdichte strip De zelfklevende strip geleverd met het apparaat vermijdt infiltratie in het meubel. Het plaatsen dient met grote zorg volgens onderstaande tekening te worden uitgevoerd. Inbouw  De uitsparing in het tablet volgens model kookplaat:  De afstand tussen de kookplaat en de muur dient minstens 50 mm te bedragen.  De kookplaat is een apparaat toebehorend aan de beschermingsklasse « Y ». Ingebouwd mag zich een hoge kastwand of een muur aan een zijde en aan de achterzijde bevinden. Aan de andere zijde mag geen enkel meubel of apparaat hoger zijn dan het kookvlak.  De bekledingen van de werkbladen dienen in warmtebestendige materialen (100°C) te worden uitgevoerd.

 De materialen van het werkblad kunnen opzwellen bij contact met vocht. Om de uitsnijding te beschermen, bestrijk deze met een vernis of een speciale lijm.  De strippen aan de muurranden dienen hittebestendig te zijn.  Installeer de kookplaat niet boven een niet-geventileerde oven of een vaatwasmachine.  Onder de omkasting van het apparaat voorzien om een goede een afstand van 20 mmverluchting van de elektronische apparatuur te verzekeren.  Indien er zich een lade onder de kookplaat bevindt, vermijd er ontvlambare voorwerpen in op te bergen (bv. spray) en voorwerpen die niet warmtebestendig zijn.  Voor de afstand tussen de kookplaat en de erboven geplaatste dampkap, dient u de instructies van de fabrikant van de dampkap te volgen. Bij gebrek aan instructies, dient u een afstand van minimum 760 mm te respecteren.

17ELEKTRISCHE AANSLUITING  De installatie en de aansluiting op het elektrische net mag enkel toevertrouwd worden aan een vakman (elektricien) die op de hoogte is van de voorgeschreven normen.  Na het monteren moeten de stukken die onder spanning staan beschermd blijven.  De nodige aansluitgegevens staan op het kenplaatje en het aansluitingsplaatje aan de onderkant van het apparaat.  Het apparaat dient door middel van een meerpolige stroomonderbreker van het net gescheiden te zijn. Staat deze open (niet aangesloten), dan moet de contactopening minstens 3mm bedragen.  Het elektrische circuit dient van het net gescheiden te zijn door middel van de nodige voorzieningen zoals bijvoorbeeld beveiligingsschakelaars, zekeringen, differentiële schakelaars en contacten.

 Indien het toestel niet voorzien is van een bereikbaar stopcontact, dan moeten middelen voor uitschakeling aan de vaste installatie toegevoegd worden, overeenstemming met de ininstallatieregeling.  De voedingsslang moet zo geplaatst worden dat deze de hete delen van de kookplaat of de oven niet raakt. Let op ! Dit apparaat is voorzien voor aansluiting op een netspanning van 230V~ 50 / 60 HZ. Verbind steeds de aarding. Respecteer het aansluitingsschema. Gebruik de aansluitkabel die meegeleverd is. De groen/gele draad correspondeert met de aarddraad, de blauwe met de neutraal en de bruine met de fase. * berekend met de coëfficiënt van gelijktijdigheid volgens de standaard EN 60 335-2-6/1990 Let op ! De draden goed doorsteken en de schroeven goed aanspannen.

Netwerk Aansluiting Kabel diameter Kabel Beschermingskaliber 230 V~ /60 50 Hz1 fase +N 3 x 2 ,5 mm2 H 05 VV - F H 05 RR - F 16 A * We kunnen niet verantwoordelijk gesteld worden voor ongevallen voortkomend uit een slechte aansluiting of ongevallen die gebeuren door toestellen zonder of met een defecte aarding.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Novy 3772 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden