Nordland VW1012 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Nordland VW1012 (40 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwassers. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 19 mensen. Heb je een vraag over Nordland VW1012 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Nordland |
| Categorie: | Vaatwassers |
| Model: | VW1012 |
Handleiding Nordland VW1012 – volledige tekst
Inhoud Veiligheidsinformatie 2 Beschrijving van het product 3 Bedieningspaneel 4 Bediening van het apparaat 5 De waterontharder instellen 5 Gebruik van zout voor de vaatwasser 6 Gebruik van glansspoelmiddel 6 De vaatwasser inruimen 7 Gebruik van vaatwasmiddelen 9Een afwasprogramma selecteren en starten 10 Wasprogramma's 11 Onderhoud en reiniging 12 Problemen oplossen 13 Technische gegevens 15 Montage 15 Aansluiting aan de waterleiding 16 Aansluiting aan het elektriciteitsnet 17 Milieubescherming 17Wijzigingen voorbehouden VeiligheidsinformatieLees voor uw eigen veiligheid en correc-te werking van het apparaat eerst dezehandleiding aandachtig door, alvorenshet apparaat te installeren. Bewaar dezeinstructies altijd bij het apparaat, zelfswanneer u deze verplaatst of verkoopt. Gebruikers moeten volledig op de hoog-te zijn van de bediening en veiligheids-functies van het apparaat.
Gebruik conform de voorschriften • Het apparaat is uitsluitend ontworpen voorhuishoudelijk gebruik. • Gebruik het apparaat alleen om huishou-delijk keukengerei dat geschikt is voor af-wasmachines, schoon te maken. • Doe geen oplosmiddelen in het apparaat. Pas op voor explosiegevaar. • Plaats de messen en alle voorwerpen metscherpe punten met de punt naar benedenin de bestekmand. Als dat niet past, leg zedan horizontaal op het bovenrek. • Gebruik alleen merkproducten voor af-wasmachines (afwasmiddel, zout, glans-spoelmiddel). • Als u de deur opent als het apparaat inwerking is, kan er hete stoom ontsnappen. Gevaar voor brandwonden. • Neem geen serviesgoed uit de afwasma-chine voordat het afwasprogramma is af-gelopen. • Haal, als het afwasprogramma is afgelo-pen, de stekker uit het stopcontact endraai de waterkraan dicht. • Alleen een bevoegde servicemonteur magdit apparaat repareren.
Gebruik alleen ori-ginele reserveonderdelen. • Voer de reparaties niet zelf uit om letsel enschade aan het apparaat te voorkomen. Neem altijd contact op met onze service-afdeling.
Algemene veiligheid • Mensen (met inbegrip van kinderen) metbeperkte lichamelijke, zintuiglijke of ver-standelijke vermogens of gebrek aan er-varing en kennis mogen dit apparaat nietgebruiken. Zij moeten onder toezicht staanof instructies krijgen over het gebruik vandit apparaat van iemand die verantwoor-delijk is voor hun veiligheid. • Volg de veiligheidsinstructies van de af-wasmiddelfabrikant op om brandwondenaan ogen, mond en keel te voorkomen. • Drink geen water uit de afwasmachine. Erkan afwasmiddel in uw apparaat achter-gebleven zijn. • Sluit de deur altijd als u het apparaat nietgebruikt om letsel te voorkomen. Boven-dien struikelt u zo niet over de deur. • Ga niet op de open deur zitten of staan. Veiligheid van kinderen • Alleen volwassenen mogen dit apparaatgebruiken. Kinderen moeten in de gatengehouden worden om te voorkomen datzij met het apparaat gaan spelen.
• Houd kinderen uit de buurt van de afwas-machine als de deur open staat.Installatie • Controleer of het apparaat niet is bescha-digd tijdens het vervoer. Sluit een bescha-digd apparaat niet aan. Neem, indien no-dig, contact op met de leverancier. • Verwijder de verpakking vóór de eerste in-gebruikneming. • Een gekwalificeerd en bekwaam persoonmoet de elektrische installatie uitvoeren. • Een gekwalificeerd en bekwaam persoonmoet het loodgieterswerk uitvoeren. • Wijzig de specificaties van dit product nieten verander dit product niet. Gevaar voorletsel en schade aan het apparaat. • Het apparaat niet gebruiken: – als de hoofdkabel of waterslangen be-schadigd zijn, – als het bedieningspaneel, werkblad ofplint zodanig beschadigd zijn, dat u bijhet inwendige van het apparaat kan ko-men.Neem contact op met onze service-afde-ling.
• Boor niet in de zijkanten van het apparaatom schade aan de hydraulische en elek-trische onderdelen te voorkomen.Waarschuwing! Volg nauwkeurig deinstructies op voor de elektrische enwateraansluitingen.Beschrijving van het product 1Bovenrek 2Instelschijf waterhardheid 3Zoutreservoir 4Afwasmiddeldoseerbakje 5Glansmiddeldoseerbakje 6Typeplaatje 7Filters 8Onderste sproeiarm 9Bovenste sproeiarm 10 Bovenblad 3
Bedieningspaneel5 42 31 1Programmaschakelaar 2Toets start/annuleren 3Toets halve lading 4Indicatielampjes 5Controlelampje Aan/uitIndicatielampjes EINDE Gaat aan als een wasprogramma is afgelopen. Hulpfunc-ties: • Niveau van de waterontharder. • Er klinkt een geluidssignaal als het apparaat een storingheeft.ZOUT1)Het indicatielampje gaat aan wanneer het zoutreservoirmoet worden bijgevuld. Zie hoofdstuk 'Gebruik van zoutvoor de vaatwasser'.Het indicatielampje voor zout kan enkele uren aanblijvennadat u het reservoir hebt gevuld.
Dit heeft geen ongewensteffect op de werking van het apparaat.GLASSPOELMIDDEL1)Gaat aan wanneer het glansmiddel moet worden bijgevuld.Zie hoofdstuk ''Gebruik van glansspoelmiddel.1) Wanneer het zoutreservoir en/of het glansmiddeldoseerbakje leeg zijn, gaat het bijbehorende indicatielampje niet aanals er een wasprogramma loopt.Toets halve ladingDe optie halve lading is niet beschikbaar vooralle afwasprogramma's. Zie hoofdstuk 'Was-programma's'. • Plaats de borden in het onder- en boven-rek. • Verminder de hoeveelheid afwasmiddel alsu de optie halve lading gebruikt. • Druk de toets halve lading in om de optiein te stellen.
– Het indicatielampje halve lading gaatbranden, wanneer de optie halve ladingis gekozen.Als u de toets Halve belading indrukt,wordt de tijdsduur en het water- en ener-gieverbruik verminderd.Programmaschakelaar encontrolelampje aan/uit • Draai de programmaschakelaar rechtsomof linksom om een afwasprogramma tekiezen. De programmamarkering op deprogrammaschakelaar moet overeenko-men met een van de afwasprogramma'sop het bedieningspaneel. – Het controlelampje aan/uit gaat bran-den (stand AAN). • Draai, om het apparaat in de stand uit tezetten, de programmaschakelaar totdatde programmamarkering overeenkomtmet het controlelampje aan/uit. – Het controlelampje aan/uit gaat uit (po-sitie UIT).4
Bediening van het apparaatZie de volgende instructies voor elke stap vande procedure: 1. Controleer of het niveau van de water-ontharder juist is voor de waterhardheidin uw omgeving. Stel, indien nodig, dewaterontharder in. 2. Vul het zoutreservoir met zout voor af-wasmachines. 3. Vul het glansmiddeldoseerbakje metglansmiddel. 4. Plaats bestek en serviesgoed in de af-wasmachine. 5. Stel het juiste programma in voor het typelading en mate van vervuiling. 6. Vul het afwasmiddeldoseerbakje met dejuiste hoeveelheid afwasmiddel. 7. Start het afwasprogramma.Als u afwasmiddeltabletten gebruikt, ziehoofdstuk 'Gebruik van vaatwasmidde-len '.De waterontharder instellenDe waterontharder verwijdert mineralen enzouten van de watertoevoer.
Mineralen enzouten kunnen een negatieve invloed heb-ben op de werking van het apparaat.De waterhardheid wordt gemeten in de vol-gende gelijkwaardige schalen: • Duitse graden (dH°). • Franse graden (°TH). • mmol/l (millimol per liter - een internatio-nale eenheid voor de hardheid van water).• Clarke.Stel de waterontharder af op de waterhard-heid in uw omgeving. Neem, indien nodig,contact op met het lokale waterschap.
Elektronische afstellingDe waterontharder is in de fabriek inge-steld op niveau 5. 1. Druk op de toets starten/annuleren enhoud vast. Draai de programmaschake-laar rechtsom, totdat de programmamar-kering overeenkomt met het eerste af-wasprogramma op het bedieningspa-neel. 2. Laat de toets starten/annuleren los wan-neer het controlelampje aan/uit en hetcontrolelampje starten/annuleren begin-nen te knipperen. – Tegelijkertijd knippert het controle-lampje einde programma om het ni-veau van de waterontharder te tonen. Voorbeeld:5 keer knipperen, pauze, 5 keer knip-peren, pauze, enz. = niveau 5 3. Druk één keer op de toets starten/annu-leren om het niveau van de wateronthar-der met één stap te verhogen. Het controlelampje einde programmageeft het nieuwe niveau aan. 4. Draai de programmaschakelaar naar destand uit om de bewerking op te slaan. Gebruik van zout voor de vaatwasserLet op.
Gebruik alleen zout voorafwasmachines. Andere soorten zoutdie niet geschikt zijn voorafwasmachines kunnen schadetoebrengen aan de waterontharder. Let op. Zoutkorrels en zout water op debodem van het apparaat kunnen roestveroorzaken. Vul het apparaat met zoutvoordat u een afwasprogramma startom roest te voorkomen. Volg deze stappen om het zoutreservoirte vullen: 1. Draai de dop linksom om het zoutreser-voir te openen. 2. Vul het zoutreservoir met 1 liter water (al-leen de eerste keer). 3. Gebruik de trechter om het zoutreservoirte vullen met zout. 4. Verwijder het zout rond de opening vanhet zoutreservoir. 5. Draai de dop rechtsom om het zoutre-servoir te sluiten. Het is normaal dat water uit het zoutre-servoir stroomt wanneer u dit vult metzout. Als u het niveau van de waterontharder elek-tronisch op niveau 1 heeft gezet, gaat het in-dicatielampje van het zout niet aan.
Gebruik van glansspoelmiddelLet op. Gebruik alleenmerkglansmiddelen voorafwasmachines. Vul het glansmiddeldoseerbakje nooitmet andere middelen (bijv. afwasmachi-nereinigingsmiddel, vloeibaar afwasmid-del).
Dit kan het apparaat beschadigen. Met glansmiddel wordt het serviesgoedzonder vlekken of strepen gedroogd. Glansmiddel wordt tijdens de laatstekeer spoelen automatisch toegevoegd. Volg deze stappen om het glansmiddeldo-seerbakje te vullen: 1. Draai de dop linksom om het glansmid-deldoseerbakje te openen. 6.
2. Vul het glansmiddeldoseerbakje metglansmiddel. De markering 'max.' toonthet maximale niveau.M A X1 2 3 4 + 3. Verwijder gemorst glansmiddel met eenabsorberend doekje om te voorkomendat er te veel schuim ontstaat tijdens hetwassen. 4. Zet de dop terug en draai hem rechtsomom het glansmiddeldoseerbakje te slui-ten.De glansmiddeldosering afstellenDe dosering van het glansmiddel is in de fa-briek ingesteld op stand 3.U kunt de dosering van het glansmiddel in-stellen tussen stand 1 (laagste dosering) enstand 4 (hoogste dosering).M A X1 2 3 4 + 1. Draai de glansmiddelknop om de dose-ring te verhogen of verlagen. – Verhoog de dosering als er waterdrup-pels of kalkresten op het serviesgoedachterblijven. – Verlaag de dosering als er strepen, wit-te vlekken of een blauwachtige laag ophet serviesgoed te zien is.De vaatwasser inruimenHandige aanwijzingen en tipsLet op!
Gebruik het apparaat alleen voorhuishoudelijk keukengerei dat geschiktis voor afwasmachines.Gebruik het apparaat niet om voorwerpendie water kunnen opnemen (sponzen, huis-houddoekjes, enz.) te reinigen. • Volg deze stappen voordat u serviesgoeden bestek laadt: – Verwijder alle voedselresten en vuil – Laat aangebakken voedselresten eerstinweken. • Volg deze stappen terwijl u serviesgoed enbestek laadt: – Plaats holle voorwerpen (bijv. kopjes,glazen en pannen) met de opening naarbeneden. – Zorg er voor dat het water niet in het re-servoir of een diepe pan kan verzame-len. – Zorg er voor dat serviesgoed en bestekniet in elkaar liggen. – Zorg er voor dat serviesgoed en bestekelkaar niet overlappen. 7
– Zorg er voor dat glazen andere glazenniet aanraken. – Leg kleine voorwerpen in de bestek-mand. • Voorwerpen van kunststof en pannen metteflon hebben de neiging waterdruppelsvast te houden. Voorwerpen van kunststofdrogen niet zo goed als porselein en stalenvoorwerpen. • Leg lichte voorwerpen in het bovenrek.Zorg er voor dat de voorwerpen niet ver-schuiven.Let op! Zorg er voor dat de sproeiarmenvrij kunnen ronddraaien voordat u eenafwasprogramma start.Waarschuwing! Sluit altijd de deurnadat u het apparaat vult of leeg haalt.Een geopende deur kan gevaarlijk zijn.OnderrekPlaats steelpannen, deksels, slakommen enbestek in het onderrek. Rangschik dekscha-len en grote deksels langs de rand van hetonderrek.BestekmandWaarschuwing! Plaats messen metlange punten niet rechtop in debestekmand. Leg lang en scherpsnijgereedschap horizontaal in hetbovenrek.
Wees voorzichtig metscherpe voorwerpen.Plaats vorken en lepels met het handvat naarbeneden.Plaats messen met het handvat naar boven.Meng lepels met ander bestek om te voor-komen dat zij aan elkaar kleven.Gebruik de bestekroosters. Als de afmetin-gen van het bestek het gebruik van de be-stekroosters voorkomen, verwijder ze dan.BovenrekHet bovenrek is geschikt voor borden (meteen maximale diameter tot 24 cm), steelpan-nen, slakommen, kopjes en glazen, koeke-pannen en pannen. Rangschik alle voorwer-pen zo dat het water er aan alle kanten bij kankomen.Plaats geen borden in de eerste drievoorste delen van het rek. Zorg ervoordat de borden voorover kantelen.Zet glazen met een lange voet onderstebo-ven in de kopjesrekken. Klap de kopjesrek-ken op voor langere voorwerpen.8
De hoogte van het bovenrek aanpassenAls u grote borden in het onderrek plaatst,moet u eerst het bovenrek in de hoogstestand zetten.Let op! Stel de hoogte af voordat u hetbovenrek gebruikt.Maximale hoogte van de borden bovenrek onderrek Bovenste stand 20 cm 31 cm Laagste stand 24 cm 27 cmVolg deze stappen om het bovenrek in debovenste stand te zetten: 1. Verwijder de vergrendelingen (A) van hetbovenrek. 2. Trek het rek er uit. 3. Zet het rek in de hoogste stand. 4. Zet de vergrendelingen (A) van het bo-venrek terug in hun oorspronkelijkestand.Let op! Als het rek zich in de bovenstestand bevindt, kunt u geen kopjes op hetkopjesrek plaatsen.Gebruik van vaatwasmiddelenGebruik alleen afwasmiddelen (poeder,vloeibaar of tablet) die geschikt zijn voorafwasmiddelen.Volg de gegevens op de verpakking op: • Dosering aanbevolen door de fabri-kant.
• Aanbevelingen omtrent opslag.Gebruik niet meer dan de juiste hoeveel-heid afwasmiddel om het milieu te spa-ren.Volg deze stappen om het afwasmiddelbakjete vullen: 1. Open het deksel van het afwasmiddel-bakje. 2. Vul het afwasmiddelbakje ( A) met afwas-middel. De markering toont de dosering:20 = ongeveer 20 g afwasmiddel30 = ongeveer 30 g afwasmiddel. 3. Als u een wasprogramma gebruikt meteen voorwasfase, doet u ook afwasmid-del in het voorwasdoseerbakje ( B). 9
AB 4. Als u afwasmiddeltabletten gebruikt,plaatst u deze in het afwasmiddelbakje( A). 5. Sluit het deksel van het afwasmiddelbak-je. Druk op het deksel totdat het op zijnplaats klikt. Gebruik van afwasmiddeltablettenDoe het afwasmiddeltablet in het afwasmid-deldoseerbakje ( A). Afwasmiddeltabletten bevatten: • afwasmiddel • glansmiddel • andere schoonmaakmiddelen. Volg deze stappen om afwasmiddeltablettente gebruiken: 1. Zorg er voor dat de afwasmiddeltablettengeschikt zijn voor de waterhardheid in uwomgeving. Zie de instructies van de fa-brikant. 2. Stel het laagste niveau in voor de water-hardheid en de glansmiddeldosering. Het is niet nodig om het zoutreservoir enhet glansmiddeldoseerbakje te vullen. Volg deze stappen als dedroogresultaten niet naar wens zijn: 1. Vul het glansmiddeldoseerbakje metglansmiddel. 2. Stel de dosering van het glansmiddel inop stand 2.
Volg deze stappen om opnieuwafwasmiddelpoeder te gebruiken: 1. Vul het zoutreservoir en het glansmiddel-doseerbakje. 2. Stel de waterontharder in op het hoogsteniveau. 3. Draai een wasprogramma zonder ser-viesgoed. 4. Stel de waterontharder af. Zie hoofdstuk'De waterontharder instellen'. 5. Stel de glansmiddeldosering af. Verschillende merken afwasmiddel heb-ben een ander oplostraject. Sommigeafwasmiddeltabletten geven niet hetbeste reinigingsresultaat tijdens kortewasprogramma's. Gebruik lange was-programma's als u afwasmiddeltablet-ten gebruikt om het afwasmiddel volle-dig te verwijderen. Een afwasprogramma selecteren en startenVolg deze stappen om een afwasprogrammain te stellen en te starten: 1. Sluit de deur. 2. Draai de programmaschakelaar om hetafwasprogramma in te stellen. Zie hoofd-stuk 'Afwasprogramma's'. – Het controlelampje aan/uit gaat aan.
– Het fasecontrolelampje voor het af-wasprogramma begint te knipperen. 3. Druk op de toets starten/annuleren. – Het afwasprogramma start automa-tisch. – Het controlelampje start/annulerengaat aan.
Waarschuwing! Onderbreek ofannuleer een afwasprogramma alleenals dit nodig is.Let op! Open de deur voorzichtig. Erkan hete stoom vrijkomen.Een afwasprogramma annuleren • Druk op de toets starten/annuleren enhoud deze ongeveer 5 seconden vast. – Het controlelampje starten/annulerengaat uit. – Het fasecontrolelampje begint te knip-peren.Het afwasprogramma is geannuleerd.Op dit punt kunt u de volgende stappenuitvoeren: 1. Schakel het apparaat uit. 2. Stel een nieuw afwasprogramma in.Vul het afwasmiddeldoseerbakje met af-wasmiddel voordat u een nieuw afwaspro-gramma instelt.Een afwasprogramma onderbrekenOpen de deur. • Het programma stopt.Sluit de deur. • Het programma gaat verder vanaf het puntdat het was onderbroken.Einde van het afwasprogrammaSchakel het apparaat in deze omstandighe-den uit: • Het apparaat stopt automatisch.
• Het controlelampje Einde gaat aan.Laat de deur enkele minuten op een kierstaan voor betere droogresultaten. Haal demachine daarna pas leeg.Laat het serviesgoed afkoelen voordat u hetuit de afwasmachine haalt. Hete borden be-schadigen sneller.De lading verwijderen • Verwijder eerst voorwerpen van het on-derrek en dan van het bovenrek. • Er kan water liggen aan de zijkanten en opde deur van het apparaat.
Programma Mate vanvervuilingSoort ser-viesgoedProgrammabeschrij-vingOptie halve ladingVOOR-SPOELEN Alles Gedeeltelijkelading (laterop de dagverder te vul-len).1 koude spoelgang (omte voorkomen dat voed-selresten kunnen aan-koeken).Vaatwasmiddel is met ditprogramma niet nodig.Niet selecteerbaar1) Als de optie halve lading is gekozen, wordt de voorwas overgeslagen Gebruik geen afwasmiddel voor de voorwasfase.2) Dit is een perfect dagelijks programma voor een halfvolle lading. Ideaal voor een familie bestaande uit 4 personenwaarbij alleen het serviesgoed en het bestek van de ochtend- en avondmaaltijd in de machine wordt geladen.3) Testprogramma voor testinstituten.
Raadpleeg de aparte bijgeleverde documentatie voor testgegevens.4) Als de optie halve lading is gekozen, wordt de duur van de wasfase verminderd.Verbruiksgegevens Programma Duur (in minuten) Energieverbruik(kWh)Water (in liters) INTENSIEF 85-95 1,8-2,0 22-25 NORMAAL 105-115 23-251,5-1,7 KORT 30 0,9 9 ECO 130-140 14-161,0-1,2 VOOR-SPOELEN 12 0,4 5De druk en temperatuur van het water,de variaties in stroomtoevoer en de hoe-veelheid vaat kan deze waarden veran-deren.Onderhoud en reinigingWaarschuwing! Schakel het apparaatuit voordat u de filters schoon maakt.De filters reinigenLet op! Gebruik het apparaat nietzonder filters. Zorg er voor dat de filtersjuist zijn geplaatst. Onjuiste plaatsingveroorzaakt slechte wasresultaten enschade aan het apparaat.Maak indien nodig de filters schoon. Vuile fil-ters verminderen de wasresultaten.De afwasmachine heeft drie filters: 1. grove filter (A) 2.
microfilter (B) 3. platte filter (C)ABCABCVolg deze stappen om de filters schoon temaken: 1. Open de deur. 2. Verwijder het onderste rek. 3. Draai het handvat van het microfilter (B)een kwartslag naar links om het filtersys-teem te ontgrendelen.12
4. Verwijder het filtersysteem. 5. Houd het grove filter (A) handmatig uit deopening. 6. Verwijder het grove filter (A) van het mi-crofilter (B). 7. Verwijder het platte filter (C) uit de bodemvan eht apparaat.D 8. Maak de filters schoon onder stromendwater. 9. Plaats het platte filter (C) terug in de bo-dem van het apparaat. Plaats het plattefilter juist terug onder de twee geleiders(D). 10. Plaats het grove filter (A) in het microfilter(B) en druk ze tegen elkaar. 11. Zet het filtersysteem op zijn plaats. 12. Draai het handvat van het microfilter (B)naar rechts totdat het op z'n plek klikt.Zo vergrendelt u het filtersysteem. 13. Plaats het onderste rek terug. 14.
Sluit de deur.Verwijder de sproeiarmen niet.Als de openingen in de sproeiarmen verstoptraken, verwijdert u de achterblijvende delenmet een coctailprikkertje.Schoonmaken van de buitenkantReinig de buitenoppervlakken van de machi-ne en het bedieningspaneel met een vochti-ge zachte doek. Gebruik alleen neutrale af-wasmiddelen. Gebruik geen schuurmidde-len, schuursponsjes of oplosmiddelen (ace-ton, trichloroethyleen enz).Voorzorgsmaatregelen bij vorstLet op! Installeer het apparaat niet opeen plek waar de temperatuur onder de0 °C komt. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor schade doorvorst.Als dit niet mogelijk is, leeg het apparaat ensluit de deur. Haal de watertoevoerslagn losen verwijder het water in de watertoevoers-lang.Problemen oplossenHet apparaat start of stopt niet tijdens dewerking.Als er een storing is, probeer dan eerst hetprobleem zelf op te lossen.
Als u het pro-bleem zelf niet kunt oplossen, neem dan con-tact op met de klantenservice.Let op! Schakel het apparaat uit en voerde hieronder voorgestelde corrigerendehandelingen uit. 13
Storingscode en storing Mogelijke oorzaak en oplossing • continu knipperen van het contro-lelampje starten/annuleren • 1 keer knipperen van het contro-lelampje EindeDe afwasmachine wordt niet gevuldmet water • De waterkraan is verstopt of aangezet met kalkaanslag. Maak de waterkraan schoon. • De waterkraan is dicht. Draai de waterkraan open. • Het filter in de watertoevoerslang is verstopt. Maak het filter schoon. • De aansluiting van de watertoevoerslang is niet juist. Deslang kan geknakt of ingedeukt zijn. Zorg er voor dat de aansluiting juist is. • continu knipperen van het contro-lelampje starten/annuleren • 2 keer knipperen van het contro-lelampje einde programmaHet afwaswater wordt niet afgevoerd • De gootsteenafvoer is geblokkeerd. Ontstop de gootsteenafvoer. • De aansluiting van de waterafvoerslang is niet juist. De slangkan geknakt of ingedeukt zijn.
Zorg er voor dat de aansluiting juist is. • continu knipperen van het contro-lelampje starten/annuleren • 3 keer knipperen van het contro-lelampje einde programmaDe anti-overstromingsinrichting isgeactiveerd • Draai de waterkraan dicht en neem contact op met onzeserviceafdeling. Het programma begint niet • De deur van het apparaat is niet gesloten. Sluit de deur. • De stekker zit niet in het stopcontact. Steek de stekker in het stopcontact. • De zekering in de meterkast is doorgebrand. Vervang de zekering. Schakel, na de controle, het apparaat in. Hetprogramma gaat verder vanaf het punt waarhet werd onderbroken. Als de storing zichweer voordoet, kunt u contact opnemen metonze serviceafdeling. Deze gegevens zijn nodig om u snel en cor-rect te kunnen helpen: • Modelbeschrijving (Mod. ) • Productnummer (PNC) • Serienummer (S. N. )Zie voor deze gegevens het typeplaatje.
De schoonmaakresultaten zijn slecht De borden zijn niet schoon • Het geselecteerde afwasprogramma is niet geschikt voor het typelading en mate van vervuiling. • De rekken zijn niet goed ingedeeld, zodat het water er niet aan allekanten bij kan. • De sproeiarmen kunnen niet vrij draaien als gevolg van een onjuisteplaatsing van het serviesgoed. • De filters zijn vuil of niet juist geplaatst. • Er is te weinig of geen afwasmiddel gebruikt. Er zitten kalkresten op de bor-den • Het zoutreservoir is leeg. • De waterontharder is ingesteld op het verkeerde niveau. • De dop van het zoutreservoir zit niet goed dicht. Het serviesgoed is nat en dof • Er is geen glansmiddel gebruikt. • Het glansmiddeldoseerbakje is leeg. De glazen en borden verto-nen strepen, melkachtigevlekken of een blauwzweem • Verminder de glansmiddeldosering. 14.
De schoonmaakresultaten zijn slechtOpgedroogde waterdruppelsop de glazen en de borden • Verhoog de dosering van het glansmiddel. • Het afwasmiddel kan de oorzaak zijn.Technische gegevens Afmetingen BreedteHoogteDiepte60 cm85 cm61 cmElektrische aansluiting - Voltage- Totale vermogen - ZekeringInformatie over de elektrische aansluiting is te vinden op het type-plaatje aan de binnenrand van de deur van de afwasmachine. Leidingwaterdruk MinimaalMaximaal0,05 MPa (0,5 bar)0,8 MPa (8 bar) Capaciteit 12 couvertsMontagePlaatsing onder een aanrechtWaarschuwing! Zorg er voor dat destekker uit het stopcontact is gehaaldtijdens de installatie.Zet het apparaat naast een waterkraan eneen afvoer. Verwijder het werkblad van deafwasmachine om het onder een aanrecht ofeen keukenwerkblad te installeren.
Zorg ervoor dat de afmetingen van de opening over-eenkomen met de gegeven afmetingen.Volg deze stappen om het werkblad vanhet apparaat te verwijderen: 1. Verwijder de achterste schroeven (1). 2. Trek het werkblad van achteren van hetapparaat (2). 3. Til het werkblad op en haal het uit devoorste gleuven (3). 4. Gebruik de afstelbare voetjes om het ap-paraat waterpas te zetten. 5. Installeer het apparaat onder het werk-blad van de keuken. Zorg er voor dat ergeen knikken in de waterslangen zitten endat de waterslangen niet bekneld raken.Als reparatie noodzakelijk is, moet het appa-raat gemakkelijk toegankelijk zijn voor de re-parateur. Installeer het werkblad op het ap-paraat als u de afwasmachine wilt gebruikenals een vrijstaand apparaat. 15
De sokkel van vrijstaande apparaten is nietverstelbaar. Het apparaat waterpas afstellenZorg er voor dat het apparaat waterpasstaat, zodat de deur goed kan sluiten en af-gedicht is. Als het apparaat waterpas staat,mag de deur de zijkanten van het keuken-kastje niet raken. Als de deur niet juist sluit,draai dan de afstelbare pootjes losser of va-ster totdat het apparaat waterpas staat. Aansluiting aan de waterleidingWatertoevoerslangSluit het apparaat aan een hete (max. 60°) ofkoude watertoevoer aan. Gebruik een heet watertoevoer om het ener-gieverbruik te verminderen, als het hete wa-ter door alternatieve, milieuvriendelijkereenergiebronnen geproduceerd wordt (bijv. zonne- of fotovoltaïsche panelen en wind). Sluit de watertoevoerslang aan op een wa-terkraan met een externe schroefdraad van3/4". Let op. Gebruik geen aansluitslangenvan een oud apparaat.
De waterdruk moet zich binnen de grenzenbevinden (zie hoofdstuk "Technische gege-vens"). Zorg er voor dat uw waterleidingbe-drijf u de gemiddelde leidingwaterdrukwaar-den in uw omgeving geeft. Zorg er voor dat er geen deuken in de wa-tertoevoerslang zitten en dat de slang niet isgeknakt of ingedeukt. Draai de toevoerslang naar links of rechtsvoor de installatie. Plaats de sluitmoer op dejuiste manier om waterlekkage te voorko-men. Let op. Sluit het apparaat niet aannieuwe leidingen aan of aan leidingen dielang niet zijn gebruikt. Laat het waterenkele minuten stromen en sluit dan detoevoerslang pas aan. Waterafvoerslang 1. Sluit de waterafvoerslang aan op een si-fon en maak deze vast onder het werk-oppervlak. Hiermee wordt voorkomendat het gootsteenwater terug de machinein loopt. 2.
Sluit de waterafvoerslang aan een be-staande leiding met een ventilatieopening(minimale binnendiameter 4 cm). max 85 cmmin 40 cmmax 400 cmZorg er voor dat de afvoerslang niet gekniktis of bekneld raakt om te voorkomen dat dewaterafvoerslang niet juist werkt.
Verwijder de gootsteendop als het apparaatwater afvoert om te voorkomen dat het waterterug in de machine loopt. Een verlenging van een afvoerslang mag nietlanger zijn dan 2 m. De binnendiameter magniet kleiner zijn dan de diameter van de slang. Verwijder het kunststofmembraan (A) als u dewaterafvoerslang aan een sifon onder degootsteen aansluit. Als u het membraan nietverwijdert, kunnen voedselresten een ver-stopping in de slang veroorzakenHet apparaat heeft een veiligheidsfunc-tie om te voorkomen dat vuil water terugin de machine loopt. Als uw gootsteen-afvoer is voorzien van een geïntegreerdeterugslagklep kan dit een goede water-afvoer van uw afwasmachine in de wegstaan. Verwijder de terugslagklep. Let op. Zorg er voor dat dewaterkoppelingen stevig vast zitten omwaterlekkage te voorkomen. 16.
Aansluiting aan het elektriciteitsnetWaarschuwing! De fabrikant is nietverantwoordelijk, als u dezeveiligheidsmaatregelen niet opvolgt.Aard het apparaat volgens de veilig-heidsmaatregelen.Zorg er voor dat het aangegeven voltageen het type stroom op het typeplaatjeovereenkomen met het voltage enstroomtype van uw lokale stroomleve-rancier.Gebruik altijd een juist geïnstalleerdschokbestendig stopcontact.Gebruik geen meerwegspluggen, con-nectors en verlengsnoeren. Gevaar voorbrand.Vervang de hoofdkabels niet zelf. Neemcontact op met de service-afdeling.Zorg er voor dat de stekker toegankelijkis na de installatie.Trek niet aan de kabel om het apparaatlos te halen.
Trek altijd aan de stekkerzelf.Milieubescherming Het symbool op het product of op deverpakking wijst erop dat dit product niet alshuishoudafval mag worden behandeld, maarmoet worden afgegeven bij eenverzamelpunt waar elektrische enelektronische apparatuur wordt gerecycled.Als u ervoor zorgt dat dit product op de juistemanier wordt verwijderd, voorkomt umogelijke negatieve gevolgen voor mens enmilieu die zich zouden kunnen voordoen ingeval van verkeerde afvalverwerking. Voorgedetailleerdere informatie over het recyclenvan dit product, kunt u contact opnemen metde gemeente, de gemeentereiniging of dewinkel waar u het product hebt gekocht.De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriende-lijk en herbruikbaar. De kunststofonderdelenzijn gemarkeerd, bijv. >PEPS
valt indien het gebrek niet binnen tweemaanden na vaststelling is gemeld. 4. Voor een beroep op garantie dient hetaankoopbewijs met aankoop- en/of le-veringsdatum te worden overlegd. Bijontbreken daarvan dient ander overtui-gend bewijs te worden overlegd. 5. De garantie heeft geen betrekking opschade aan kwetsbare onderdelen,zoals (vitrokeramisch) glas, kunststof,rubber, die ontstaan is door onzorgvul-dig gebruik. 6. De garantie heeft geen betrekking opkleine afwijkingen van de gestelde kwa-liteit die voor de waarde en deugdelijk-heid van het product onbeduidend zijn. 7. De garantie geldt evenmin voor schadeveroorzaakt door: – a. chemische en elektrochemische in-werking van water, – b. abnormale milieuomstandighedenin het algemeen, – c. voor het product oneigenlijke be-drijfsomstandigheden, – d. contact met agressieve stoffen. 8.
De garantie heeft geen betrekking op ge-breken door transportschade die buitenonze verantwoordelijkheid is ontstaan,niet-vakkundige installatie of montage,verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud,of het niet in acht nemen van de ge-bruiks- of montageaanwijzingen. 9. Het recht op garantie vervalt wanneerhet defect werd veroorzaakt door her-stelling of ingrepen door derden die nietbevoegd of niet deskundig zijn, of wan-neer het product voorzien werd van toe-behoren of onderdelen die niet origineelzijn en daardoor een defect veroorzaken. 10. Producten die gemakkelijk kunnen wor-den vervoerd dienen te worden overhan-digd aan of gezonden naar onze servi-cedienst. Herstelling ter plaatse kanslechts worden gevraagd voor grote ofingebouwde producten. 11.
Indien binnen de garantieperiode de her-stelling van hetzelfde defect herhaaldelijkmislukt of de herstellingkosten dispro-portioneel zijn wordt in overleg met degebruiker een gelijkwaardige vervanginggeleverd. In geval van vervanging be-houden we ons het recht voor om eenvergoeding te rekenen naar rato van deverstreken gebruiksperiode. 13. Herstelling onder garantie heeft geenverlenging van de garantietermijn nochaanvang van een nieuwe garantietermijntot gevolg. 14. Op herstellingen geven wij een garantievan 12 maanden, uitsluitend op hetzelf-de gebrek. 15. Verdere of andere aanspraken, in het bij-zonder vergoeding van schade ontstaanbuiten het product, zijn uitgesloten voorzover een aansprakelijkheid niet wettelijkis vastgelegd. 16. In geval van aansprakelijkheid zal eenvergoeding de aankoopwaarde van hetproduct niet overtreffen, tenzij wettelijkanders is bepaald.
Deze garantievoorwaarden gelden voor inNederland gekochte en/of in gebruik zijndeproducten. Indien een product naar het bui-tenland wordt gebracht dient de gebruiker nate gaan of het product voldoet aan de tech-nische voorwaarden ( o. a. spanning, fre-quentie, installatievoorschriften, gassoort,klimaatomstandigheden) in het betreffendeland. Voor in het buitenland aangeschafteproducten dient de gebruiker zich te verge-wissen van de bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aanpassingenvallen niet onder de garantie, en kunnen nietaltijd worden aangebracht. Ook na afloop van de garantietermijn staatonze servicedienst u ter beschikking. Adres Servicedienst: Electrolux ServiceVennootsweg 1 2404 CG ALPHEN AANDEN RIJN www. nordlandservice. nlReparatievoorwaardenOnze reparatievoorwaarden zijn con-form de afspraak tussen de Consumen-tenbond en Vlehan*. Art.
1:Aan de consument zal na een melding vaneen storing zo mogelijk direct, doch uiterlijkbinnen één werkdag worden medegedeeldop welke dag het bezoek van de technicuszal plaatsvinden. De reparatie zal als regel18.
binnen zeven werkdagen na de melding zijnuitgevoerd. Art. 2:a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal detechnicus een onderzoek uitvoeren naar devermoedelijke oorzaak van de gemelde sto-ring. Aan de hand hiervan zal hij een zo nauw-keurig mogelijke, gespecificeerde begrotingmaken van de totale reparatiekosten inclusiefvoorrijkosten en diagnosekosten. Desge-vraagd zal deze begroting door de technicusschriftelijk worden vastgelegd. b) Indien de consument met het begrote be-drag niet akkoord gaat, zal op verzoek het terepareren toestel worden teruggebracht inde staat waarin het aan de technicus werdaangeboden. Nadat dit is geschied, zullenalleen de kosten van voorrijden en arbeids-loon in rekening worden gebracht op basisvan de werkelijke bestede tijd, danwel vaneen vooraf vastgesteld tarief. Art.
3:Indien tijdens het uitvoeren van de reparatieduidelijk wordt dat:a) de oorspronkelijke reparatie door redelij-kerwijs niet te voorziene omstandighedenniet tegen het begrote bedrag kan wordenuitgevoerd, ofb) ook andere dan in de begroting voorzienereparaties noodzakelijk zijn, zal overleg metde consument plaatsvinden en een herzienekostenbegroting worden gemaakt. In geval de consument daarmee alsnog nietakkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2bbepaalde. Art. 4:De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens heteerste bezoek worden uitgevoerd. Indien omhet toestel in werkende staat te brengen eentweede bezoek noodzakelijk is, zal:a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdagdoor de betreffende service-organisatie ofdoor de technicus met de consument de da-tum voor een tweede bezoek worden afge-sproken. b) een herhalingsbezoek zal als regel binnentien werkdagen na de melding plaatsvinden.
c) voor een tweede of daaropvolgend bezoekzal geen voorrijdtarief in rekening worden ge-bracht, tenzij de noodzaak voor een herha-lingsbezoek aan de consument is toe teschrijven. Art.
5:De consument ontvangt een gespecificeerderekening met vermelding van type en serie-nummer van het apparaat, omschrijving vande diagnose, toegepaste tarieven, gebruikteonderdelen en materialen en een korte om-schrijving van de verrichte werkzaamheden. De betaling van de rekening dient tegen af-gifte van een reparatienota direct contant ofdoor middel van een gegarandeerd betaal-middel plaats te vinden. Art. 6:Op elke uitgevoerde en betaalde reparatie zalbij normaal huishoudelijk gebruik een volledi-ge garantie van minimaal 3 maanden wordengegeven. Deze garantie omvat het kosteloosuitvoeren van een hernieuwde reparatie. Opde uitgewisselde en betaalde onderdelengeldt een garantietermijn van 12 maanden. Bij een beroep op garantie op de reparatiedient de consument op verzoek de gespeci-ficeerde rekening van de voorgaande repa-ratie aan de technicus te overleggen. Art.
7:Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfdereparatie hetzelfde defect bij normaal huis-houdelijk gebruik opnieuw optreedt binnende onder art. 6 bedoelde garantietermijn enredelijkerwijs een afdoend resultaat bij hetopnieuw uitvoeren van de reparatie niet ver-wacht kan worden, zal aan de consumenteen nieuw exemplaar of soortgelijk toestelvan hetzelfde merk worden aangeboden te-gen bijbetaling op basis van een per productte bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage. Art. 8:Vervangen onderdelen stelt de technicusweer ter beschikking van de consument, metuitzondering van de onder garantie of tegeneen gereduceerde prijs vervangen onderde-len. Art.
9:Een reparatie dient op zodanige wijze te wor-den uitgevoerd, dat een toestel daarna weervolledig voldoet aan de veiligheidsvoorschrif-ten, die op grond van een van fabriekswegeaangebracht veiligheidskeurmerk gelden,danwel bij het ontbreken daarvan, aan dewettelijke vereisten terzake. Dit houdt onder-meer in, dat reparaties moeten worden uit-gevoerd met originele en door de fabrikantook terzake van veiligheidskeurmerken en -voorschriften gegarandeerde onderdelen. 19.
Als u het probleem(storing) niet kunt oplossen, neem dan con-tact op met het servicecentrum middels dewebsite www.nordlandservice.nl waar u di-rect een afspraak met een monteur kunt ma-ken. Ook is het mogelijk de storing te meldenin één van de winkels van Impact Retail BV;It’s, Prijstopper en Modern Electronics.Leg uw probleem zo duidelijk mogelijk uit omhet oplossen van uw probleem te vergemak-kelijken: de servicemonteur bepaalt dan ofhet noodzakelijk is een monteur te sturen.Schrijf het serienummer (Ser. nr.) en het pro-ductnummer op (Prod. nr.) die op het plaatjestaan. Ser. nr. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Prod. nr. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Nordland VW1012 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwassers Nordland
Handleiding Vaatwassers
Nieuwste handleidingen voor Vaatwassers