Nokia 3100 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Nokia 3100 (126 pagina’s), behorend tot de categorie Mobiel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 56 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Nokia 3100 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Nokia |
| Categorie: | Mobiel |
| Model: | 3100 |
Handleiding Nokia 3100 – volledige tekst
CONFORMITEITSVERKLARINGNOKIA CORPORATION verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat het product RH-19 conform is aan de bepalingen van de volgende Richtlijn van de Raad: 1999/5/EC. Een kopie van de conformiteitsverklaring kunt u vinden op de volgende website: http://www.nokia.com/phones/declaration_of_conformity/.Copyright © 2003-2004 Nokia. Alle rechten voorbehouden.Onrechtmatige reproductie, overdracht, distributie of opslag van dit document of een gedeelte ervan in enige vorm zonder voorafgaande geschreven toestemming van Nokia is verboden.Nokia, Nokia Connecting People , Xpress-on en Pop-Port zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Nokia Corporation. Namen van andere producten en bedrijven kunnen handelsmerken of handelsnamen van de respectievelijke eigenaren zijn.Nokia tune is een geluidsmerk van Nokia Corporation.US Patent No 5818437 and other pending patents.
T9 text input software Copyright (C) 1997-2004. Tegic Communications, Inc. All rights reserved. Includes RSA BSAFE cryptographic or security protocol software from RSA Security.Java is a trademark of Sun Microsystems, Inc.Nokia voert een beleid dat gericht is op continue ontwikkeling. Nokia behoudt zich het recht voor zonder voorafgaande kennisgeving wijzigingen en verbeteringen aan te brengen in de producten die in dit document worden beschreven.In geen geval is Nokia aansprakelijk voor enig verlies van gegevens of inkomsten of voor enige bijzondere, incidentele, onrechtstreekse of indirecte schade.
De inhoud van dit document wordt zonder enige vorm van garantie verstrekt. Tenzij vereist krachtens het toepasselijke recht, wordt geen enkele garantie gegeven betreffende de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid of inhoud van dit document, hetzij uitdrukkelijk hetzij impliciet, daaronder mede begrepen maar niet beperkt tot impliciete garanties betreffende de verkoopbaarheid en de geschiktheid voor een bepaald doel. Nokia behoudt zich te allen tijde het recht voor zonder voorafgaande kennisgeving dit document te wijzigen of te herroepen.De beschikbaarheid van bepaalde producten kan per regio verschillen. Neem hiervoor contact op met de dichtstbijzijnde Nokia leverancier. Gebruikte batterijen moeten worden aangeboden voor hergebruik of op de voorgeschreven manier worden verwerkt.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved. Inhoudsopgave5InhoudsopgaveToetsen blokkeren. 28De covers verwisselen. 29De glow-in-the-dark-cover opladen. 303. Belangrijkste functies. 31Opbellen. 31Nummer kiezen met snelkeuzetoetsen. 32Conferentiegesprekken. 32Inkomende oproepen beantwoorden of weigeren. 33Wachtfunctie. 33Opties tijdens een gesprek. 33Luidspreker. 344. Tekst intoetsen. 35Tekstinvoer met woordenboek in- en uitschakelen. 35Tekstinvoer met woordenboek. 36Samengestelde woorden intoetsen. 37Gewone tekstinvoer. 37Tips voor het intoetsen van tekst. 375. De menu’s gebruiken. 40Een menufunctie activeren. 40Overzicht van de menufuncties. 42Berichten (menu 1). 47Tekstberichten. 47Berichten intoetsen en verzenden. 47Opties voor het verzenden van berichten. 49E-mailberichten intoetsen en verzenden via SMS. 49Een gewoon bericht of e-mailbericht lezen en beantwoorden.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved. Inhoudsopgave9InhoudsopgaveEen toepassing downloaden. 95Geheugenstatus voor toepassingen. 97Extra’s (menu 11). 98Rekenmachine. 98Valuta's omrekenen. 99Timerfunctie. 99Stopwatch. 100Tijd bijhouden en tussentijden opnemen. 100Rondetijden. 101Tijden weergeven en wissen. 101Diensten (menu 12). 101Basisstappen voor het activeren en gebruiken van diensten. 102De telefoon instellen voor een dienst. 102Als OTA-bericht ontvangen dienstinstellingen opslaan. 102De dienstinstellingen handmatig intoetsen. 103Verbinding maken met een dienst. 105Browsen door de pagina’s van een dienst. 106De toetsen van de telefoon gebruiken tijdens het browsen. 107Opties tijdens het browsen. 107Direct bellen. 108De verbinding met een dienst verbreken. 108Weergave-instellingen van de multi-mode browser. 109Cookie-instellingen selecteren. 109Bookmarks.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.VOOR UW VEILIGHEID11VOOR UW VEILIGHEIDVOOR UW VEILIGHEIDLees deze eenvoudige richtlijnen. Het overtreden van de regels kan gevaarlijk of onwettig zijn. Meer informatie vindt u in deze handleiding.Schakel de telefoon niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is, of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren.VERKEERSVEILIGHEID HEEFT VOORRANGGebruik geen telefoon terwijl u een auto bestuurt. Parkeer de auto eerst.STORINGAlle draadloze telefoons zijn gevoelig voor storing. Dit kan de werking van de telefoon beïnvloeden.SCHAKEL DE TELEFOON UIT IN ZIEKENHUIZENVolg alle regels en aanwijzingen op. Schakel de telefoon uit in de nabijheid van medische apparatuur.SCHAKEL DE TELEFOON UIT IN VLIEGTUIGENDraadloze telefoons kunnen storingen veroorzaken.SCHAKEL DE TELEFOON UIT TIJDENS HET TANKENGebruik de telefoon niet in een benzinestation.
Gebruik de telefoon niet in de nabijheid van benzine of chemicaliën.SCHAKEL DE TELEFOON UIT IN DE BUURT VAN EXPLOSIEVENGebruik de telefoon niet waar explosieven worden gebruikt. Houd u aan beperkende maatregelen en volg eventuele voorschriften of regels op.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.VOOR UW VEILIGHEID12VOOR UW VEILIGHEIDGEBRUIK DE TELEFOON VERSTANDIGGebruik de telefoon alleen zoals het is bedoeld. Raak de antenne niet onnodig aan.DESKUNDIG ONDERHOUDLaat alleen bevoegd personeel het apparaat installeren of repareren.ACCESSOIRES EN BATTERIJENGebruik alleen goedgekeurde accessoires en batterijen. Sluit geen ongeschikte producten aan.AANSLUITEN OP ANDERE APPARATENWanneer u het apparaat op een ander apparaat aansluit, moet u de gebruikershandleiding van dat apparaat lezen voor gedetailleerde veiligheidsinstructies. Sluit geen ongeschikte producten aan.MAAK BACK-UPSVergeet niet om een back-up te maken van alle belangrijke gegevens.WATERBESTENDIGHEIDDe telefoon is niet waterbestendig. Houd het apparaat droog.BELLENControleer of de telefoon is ingeschakeld. Toets het net- en abonneenummer in en druk op .
Als u een oproep wilt beëindigen, drukt u op . Als u een oproep wilt beantwoorden, drukt u op .ALARMNUMMER KIEZENControleer of de telefoon is ingeschakeld. Druk zo vaak als nodig is op om het scherm leeg te maken (bijvoorbeeld om een gesprek te beëindigen, een menu af te sluiten, enzovoort). Toets het alarmnummer in en druk op . Geef op waar u zich bevindt. Beëindig het gesprek niet voordat u daarvoor toestemming hebt gekregen.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.VOOR UW VEILIGHEID13VOOR UW VEILIGHEID■NetwerkdienstenDe draadloze telefoon zoals beschreven in deze handleiding is goedgekeurd voor gebruik op het EGSM 900-, GSM 1800- en GSM 1900-netwerk.De beschikbaarheid van triband is afhankelijk van het netwerk. Vraag uw netwerkexploitant of u zich op deze dienst kunt abonneren.Sommige functies die in deze handleiding worden beschreven zijn netwerkdiensten. Dit zijn speciale diensten waarop u zich via uw netwerkexploitant kunt abonneren.
U kunt pas gebruik maken van deze diensten nadat u zich via de exploitant van uw thuisnet op de gewenste dienst(en) hebt geabonneerd en u de gebruiksinstructies hebt ontvangen.Opmerking: Het is mogelijk dat sommige netwerken geen ondersteuning bieden voor bepaalde taalafhankelijke tekens en/of diensten.■AccessoiresControleer voor gebruik altijd het modelnummer van een oplader. Deze apparatuur is bedoeld voor gebruik met de volgende voedingsbronnen: ACP-7, ACP-12 en LCH-12.Waarschuwing: Gebruik alleen batterijen, laders en accessoires die door de fabrikant van de telefoon zijn goedgekeurd voor gebruik met dit type telefoon.
Het gebruik van andere types kan de goedkeuring en garantie doen vervallen en kan bovendien gevaarlijk zijn.Vraag uw leverancier naar de beschikbare goedgekeurde accessoires.Als u de stekker van een accessoire uit het stopcontact verwijdert, moet u aan de stekker trekken, niet aan het snoer.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Algemene informatie14Algemene informatieAlgemene informatie■Typografische conventies in deze handleidingDe tekst die in het display van de telefoon verschijnt, wordt blauw weergegeven. Bijvoorbeeld: SIM plaatsen.De displaytekst boven de selectietoetsen wordt in vetschrift aangeduid, bijvoorbeeld: Menu.■Toegangscodes•Beveiligingscode (5 tot 10 cijfers): de beveiligingscode beveiligt de telefoon tegen onbevoegd gebruik. Deze code wordt bij de telefoon geleverd. De standaardcode is 12345. Wijzig de code, houd de nieuwe code geheim en bewaar deze op een veilige plaats uit de buurt van de telefoon. Zie Beveiligingsinstellingen op pagina 85 om de code te wijzigen en de telefoon in te stellen op het vragen naar de code.•PIN-code en PIN2-code (4 tot 8 cijfers): de PIN-code (Personal Identification Number) beveiligt de SIM-kaart tegen onbevoegd gebruik.
De PIN-code wordt gewoonlijk bij de SIM-kaart geleverd.U kunt de telefoon instellen om telkens wanneer deze wordt ingeschakeld naar de PIN-code te vragen (zie Beveiligingsinstellingen op pagina 85).Voor bepaalde functies, zoals kostentellers, hebt u de PIN2-code nodig die bij sommige SIM-kaarten wordt geleverd.Als u verschillende keren na elkaar de verkeerde PIN-code intoetst, wordt de melding SIM geblokkeerd weergegeven en wordt u gevraagd om de PUK-code in te voeren. Neem contact op met de serviceprovider om de PUK-code te verkrijgen.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Algemene informatie15Algemene informatie•De PUK-code en PUK2-code (8 cijfers): de PUK-code (Personal Unblocking Key) is nodig om een geblokkeerde PIN-code te wijzigen. De PUK2-code is nodig om een geblokkeerde PIN2-code te wijzigen. Als de codes niet bij de SIM-kaart worden geleverd, neemt u contact op met de serviceprovider om de codes te verkrijgen.•Blokkeerwachtwoord (4 cijfers): het blokkeerwachtwoord is nodig als u Oproepen blokkeren gebruikt (zie Beveiligingsinstellingen op pagina 85). U krijgt dit wachtwoord van uw serviceprovider.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Overzicht van de functies van de telefoon16Overzicht van de functies van de telefoonOverzicht van de functies van de telefoonDe Nokia 3100 biedt een groot aantal functies die handig zijn in het dagelijks gebruik, zoals een agenda, klok, alarmklok, profielen en vele andere. Bovendien is een scala aan Xpress-onTM-covers voor de telefoon beschikbaar. Zie De covers verwisselen op pagina 29 voor informatie over het verwisselen van de covers.■Multimediaberichtendienst (MMS)U kunt met de telefoon multimediaberichten verzenden die tekst en een afbeelding bevatten en u kunt berichten met tekst, afbeeldingen en geluid ontvangen. De afbeeldingen en geluiden kunt u opslaan om de telefoon aan uw wensen aan te passen.
Zie Multimediaberichten op pagina 54.■Polyfoon geluid (MIDI)Polyfoon geluid bestaat uit verschillende geluidscomponenten die gelijktijdig als melodie door de luidspreker worden afgespeeld. Polyfone geluiden worden gebruikt als beltoon en als waarschuwingssignaal. De telefoon bevat geluiden van meer dan 40 instrumenten die voor polyfone geluiden kunnen worden gebruikt. Er kunnen echter slechts vier instrumenten gelijktijdig worden afgespeeld. De telefoon ondersteunt de indeling SP-MIDI (Scalable Polyphonic MIDI).U kunt meertonige beltonen ontvangen via de multimediaberichtendienst (zie Multimediaberichten lezen en beantwoorden op pagina 57), downloaden via het menu Galerij (zie Galerij (menu 7) op pagina 88 of downloaden via PC suite (zie PC Suite op pagina 115).
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Overzicht van de functies van de telefoon17Overzicht van de functies van de telefoon■General Packet Radio Service (GPRS)GPRS-technologie is een netwerkdienst voor mobiele telefoons waarmee gegevens worden verzonden en ontvangen via een netwerk op basis van het Internet Protocol (IP). GPRS is een gegevensdrager voor draadloze toegang tot gegevensnetwerken zoals internet. Toepassingen die van GPRS gebruik kunnen maken, zijn MMS en SMS (SMS, Short Message Service), browsersessies en het downloaden van Java-toepassingen. De telefoon ondersteunt twee gelijktijdige GPRS-verbindingen.
U kunt bijvoorbeeld multimediaberichten ontvangen en tegelijkertijd een browsersessie actief hebben.Voordat u GPRS-technologie kunt gebruiken• Informeer bij de netwerkoperator of serviceprovider naar de beschikbaarheid en abonnementsmogelijkheden van de GPRS-dienst.• Sla de GPRS-instellingen op voor elke toepassing die via GPRS wordt gebruikt.Zie De telefoon instellen voor een dienst op pagina 102 en Berichtinstellingen op pagina 60.Tarieven voor GPRS en toepassingenZowel de actieve GPRS-verbinding als de toepassingen die via GPRS worden gebruikt, moeten worden betaald. Neem contact op met de netwerkoperator of serviceprovider voor meer informatie over tarieven.■MIDP JavaTM-toepassingenDe telefoon ondersteunt Java-technologie en bevat een aantal MIDP JavaTM-spelletjes die speciaal voor mobiele telefoons zijn ontwikkeld. U kunt toepassingen en nieuwe spelletjes naar de telefoon downloaden.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Overzicht van de functies van de telefoon18Overzicht van de functies van de telefoon■Dienst voor OTA-instellingen van NokiaVoor verschillende diensten zijn aparte instellingen nodig. Deze instellingen kunt u rechtstreeks ontvangen als OTA-bericht (over-the-air) en hoeft u alleen maar op te slaan. Neem contact op met de dichtstbijzijnde bevoegde Nokia-leverancier voor meer informatie over de instellingen.■Gedeeld geheugenDe volgende functies in de telefoon maken gebruik van het gedeelde geheugen: lijst met contacten, tekst- en multimediaberichten, afbeeldingen en beltonen in de galerij, agenda, bookmarks, en Java-spelletjes en -toepassingen. Wanneer een van deze functies wordt gebruikt, is er minder geheugen beschikbaar voor de overige functies die van het gedeelde geheugen gebruikmaken.
Dit geldt met name als u een van deze functies intensief gebruikt. Als u bijvoorbeeld veel afbeeldingen of Java-toepassingen opslaat, kan dit al het geheugen in de telefoon in beslag nemen en wordt een bericht weergegeven dat het geheugen vol is. In dat geval verwijdert u enkele toepassingen of items uit de functies in het gedeelde geheugen voordat u verdergaat.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Uw telefoon19Uw telefoon1. Uw telefoon■Toetsen en aansluitingen1. Aan/uit-toets Hiermee schakelt u de telefoon in en uit. Als de toetsen geblokkeerd zijn, wordt door op deze toets te drukken het display ongeveer 15 seconden verlicht.2. Selectietoetsen en De functie van de toetsen is afhankelijk van de tekst die boven de toetsen wordt weergegeven, bijvoorbeeld Menu en Contact. in de standby-modus.3. Bladertoets in 4 richtingen met , , en Hiermee kunt u door namen, telefoonnummers, menu's of instellingen en in de agenda bladeren. Door vanuit de standby-modus op drukken, wordt het menu Bericht opstellen geopend en door op te drukken, wordt het menu Agenda geopend. Tijdens een gesprek kunt u het volume aanpassen door op en te drukken. Als u in de standby-modus en tijdens een gesprek op of drukt, wordt de lijst met contacten geopend.4.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Uw telefoon20Uw telefoon5. Met beëindigt u een actief gesprek. Hiermee sluit u elke functie af.6. - gebruikt u voor het invoeren van cijfers en letters. en worden voor verschillende bewerkingen in verschillende functies gebruikt.Als u ingedrukt houdt in de standby-modus, wordt het nummer van uw voicemail gebeld.Door vanuit de standby-modus de internettoets ingedrukt te houden, wordt de homepage van de actieve dienst geopend. Zie Verbinding maken met een dienst op pagina 105.7. Aansluiting voor de lader8. Pop-PortTM-aansluiting, bijvoorbeeld voor hoofdtelefoon en gegevenskabel.■Standby-modusWanneer de telefoon gereed is voor gebruik en geen tekens zijn ingevoerd, bevindt de telefoon zich in de standby-modus.1. Het operatorlogo.2. Toont de signaalsterkte van het cellulaire netwerk op uw huidige positie.
Hoe hoger de balk, des te sterker het signaal.3. Toont de capaciteit van de batterij. Hoe hoger de balk, des te groter de capaciteit van de batterij.4. De functie van de linkerselectietoets in de standby-modus is Menu.5. De functie van de rechterselectietoets in de standby-modus is Contact. of Favoriet. (persoonlijke snelkoppeling). Als u op de rechterselectietoets drukt wanneer•Contact. als functie is ingesteld, kunt u hiermee het menu Contacten openen.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Uw telefoon21Uw telefoon•Favoriet. als functie is ingesteld, kunt u naar een bepaalde functie (persoonlijke snelkoppeling) gaan en deze selecteren. Zie Persoonlijke snelkoppelingen op pagina 74 voor aanwijzingen om de functies voor uw persoonlijke snelkoppeling in te stellen. Dezelfde functies kunnen ook worden geactiveerd als u het menu Favorieten selecteert. Zie Favorieten (menu 13) op pagina 113.Zie ook Belangrijke indicatoren op pagina 22.AchtergrondU kunt de telefoon instellen om een achtergrondafbeelding weer te geven als de telefoon zich in de standby-modus bevindt. Zie Achtergrond op pagina 82.ScreensaverU kunt de telefoon instellen om een screensaver weer te geven als de telefoon zich in de standby-modus bevindt.
Zie Screensaver op pagina 75.EnergiebesparingEen digitale klok overschrijft het display om energie te besparen wanneer gedurende bepaalde tijd geen functies zijn gebruikt. Druk op een willekeurige toets om de screensaver uit te schakelen. Als u de tijd niet hebt ingesteld, wordt 00:00 weergegeven. Zie Klok op pagina 76 om de tijd in te stellen.U kunt ook een screensaver instellen vanuit het menu Galerij. Zie ook Screensaver op pagina 75.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Uw telefoon22Uw telefoonBelangrijke indicatorenU hebt een of meer tekst- of afbeeldingberichten ontvangen. Zie Een gewoon bericht of e-mailbericht lezen en beantwoorden op pagina 51.U hebt een of meer multimediaberichten ontvangen. Zie Multimediaberichten lezen en beantwoorden op pagina 57.U hebt een of meer spraakberichten ontvangen. Zie Spraakberichten op pagina 59.De toetsen van de telefoon zijn geblokkeerd. Zie Toetsen blokkeren op pagina 28.De telefoon geeft geen belsignaal bij een inkomend gesprek of tekstbericht wanneer Oproepsignaal is ingesteld op Stil en Berichtensignaaltoon is ingesteld op Uit. Zie Tooninstellingen op pagina 83.De alarmklok is ingesteld op Aan. Zie Alarmklok (menu 6) op pagina 87.De telefoon heeft een gemiste oproep geregistreerd. Zie Oproep-info (menu 2) op pagina 63.De timerfunctie is actief.
Zie Timerfunctie op pagina 99.De tijdopname met de stopwatch wordt uitgevoerd in de achtergrond. Zie Stopwatch op pagina 100.Er is een GPRS-inbelverbinding tot stand gebracht. Het pictogram wordt linksboven in het display weergegeven.Er is een inkomende of uitgaande oproep of een tekstbericht tijdens een GPRS-inbelverbinding. De GPRS-verbinding wordt onderbroken.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Uw telefoon23Uw telefoonAlle spraakoproepen doorschak.: alle gesprekken worden doorgeschakeld naar een ander nummer. Als u over twee telefoonlijnen beschikt, is het doorschakelpictogram voor de eerste lijn en voor de tweede lijn. Zie Doorschakelen op pagina 77. of Geeft de geselecteerde telefoonlijn aan als u over twee telefoonlijnen beschikt. Zie Lijn uitgaande oproepen op pagina 79.De luidspreker is geactiveerd. Zie Luidspreker op pagina 34.Geeft aan dat uw gesprekken beperkt zijn tot een beperkte groep gebruikers. Zie Beveiligingsinstellingen op pagina 85.Het tijdelijke profiel is geselecteerd. Zie Profielen (menu 4) op pagina 73., of De hoofdtelefoon, handsfree-eenheid of het hoorapparaat is op de telefoon aangesloten.Zie Klok op pagina 76 en Datum op pagina 76 om de tijd en datum weer te geven in de standby-modus.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Aan de slag24Aan de slag2. Aan de slag■De SIM-kaart en de batterij installerenHoud alle kleine SIM-kaarten buiten bereik van kleine kinderen.• De SIM-kaart en de contactpunten van de kaart kunnen gemakkelijk door krassen of buigen worden beschadigd. Wees daarom voorzichtig wanneer u de kaart vastpakt, plaatst of verwijdert.• Voordat u de SIM-kaart plaatst, moet u de telefoon altijd uitschakelen en loskoppelen van eventuele toebehoren.1. Verwijder de achtercover van de telefoon:Plaats de telefoon met de achterzijde naar boven, druk op de ontgrendelingsknop (1) en schuif de cover van de telefoon (2).Verwijder de batterij door deze bij de uitsparing uit de telefoon te tillen (3).
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Aan de slag26Aan de slag5. Plaats de batterij (8).6. Schuif de cover terug (9).■De batterij opladen1. Steek de stekker van de lader in de aansluiting op de onderkant van de telefoon.2. Sluit de lader aan op een gewone wandcontactdoos.Als de telefoon is ingeschakeld, wordt de tekst Batterij wordt opgeladen kort weergegeven. Als de batterij helemaal leeg is, duurt het vaak enkele minuten voordat de batterij-indicator wordt weergegeven of voordat u kunt bellen.U kunt de telefoon tijdens het opladen gewoon gebruiken.De oplaadtijd is afhankelijk van de gebruikte lader en batterij. Het opladen van een batterij van het type BL-5C met de lader ACP-7 duurt bijvoorbeeld ongeveer drie uur wanneer de telefoon zich in de standby-modus bevindt.
■De telefoon in- en uitschakelenWaarschuwing: Schakel de telefoon niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Aan de slag27Aan de slagHoud de aan/uit-toets ingedrukt.Als de tekst SIM plaatsen ook wordt weergegeven als de SIM-kaart juist is geplaatst, of als SIM-kaart niet ondersteund wordt weergegeven, neemt u contact op met de netwerkoperator of serviceprovider. De telefoon ondersteunt geen SIM-kaarten van 5 volt en mogelijk moet u de kaart vervangen.• Als daarom wordt gevraagd, toetst u de PIN-code (weergegeven als ****) in en drukt u op OK.Zie ook PIN-code vragen in Beveiligingsinstellingen op pagina 85 en Toegangscodes op pagina 14.• Als daarom wordt gevraagd, toetst u de beveiligingscode (weergegeven als ****) in en drukt u op OK.Zie ook Toegangscodes op pagina 14.■Normaal gebruikMaak alleen normaal gebruik van de telefoon.De telefoon heeft een ingebouwde antenne.
Zoals voor alle radiozendapparatuur geldt, dient onnodig contact met de antenne te worden vermeden als de telefoon is ingeschakeld. Het aanraken van de antenne kan een nadelige invloed hebben op de gesprekskwaliteit en kan ervoor zorgen dat de telefoon meer stroom verbruikt dan noodzakelijk is.Door de antenne tijdens een gesprek niet aan te raken, optimaliseert u de prestaties van de antenne en de gesprekstijd van de telefoon.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Aan de slag28Aan de slag■Toetsen blokkerenU kunt de toetsen blokkeren om te voorkomen dat toetsen per ongeluk worden ingedrukt, bijvoorbeeld als u de telefoon in uw tas hebt.•De toetsen blokkerenDruk vanuit de standby-modus op Menu en vervolgens binnen anderhalve seconde op .•De toetsen vrijgevenDruk op Vrijgeven en vervolgens binnen anderhalve seconde op .Als u een oproep wilt beantwoorden terwijl de toetsen geblokkeerd zijn, drukt u op . Tijdens een gesprek kan de telefoon op de normale wijze worden gebruikt.
Wanneer u het gesprek wilt beëindigen of weigeren, worden de toetsen automatisch weer geblokkeerd.Zie Automatische toetsblokkering op pagina 80 voor meer informatie over de automatische toetsblokkering.Zie Opties tijdens een gesprek op pagina 33 om de toetsen te blokkeren tijdens een gesprek.Opmerking: Wanneer de telefoon is vergrendeld, kunt u soms nog wel het alarmnummer kiezen dat is geprogrammeerd in het geheugen van uw telefoon (bijvoorbeeld 911, 112 of een ander officieel alarmnummer). Toets het alarmnummer in en druk op . Het nummer wordt pas weergegeven nadat u het laatste cijfer hebt ingetoetst.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Aan de slag29Aan de slag■De covers verwisselenSchakel de telefoon altijd uit en zorg ervoor dat de telefoon niet met een oplader of een ander apparaat is verbonden als u de cover wilt wisselen. Raak de elektronische onderdelen niet aan als u de covers verwisselt. Zorg er altijd voor dat u de covers weer bevestigt voordat u de telefoon opbergt of gebruikt.1. Verwijder de achtercover. Plaats de telefoon met de achterzijde naar boven, druk op de ontgrendelingsknop (1) en schuif de cover van de telefoon (2).2. Verwijder de voorcover door de telefoon beginnend bij de onderkant voorzichtig van de cover los te maken.3. Plaats de toetsensjabloon op de nieuwe voorcover.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Aan de slag30Aan de slag4. Plaats de voorcover terug door de telefoon en de cover tegen elkaar te plaatsen en vervolgens voorzichtig tegen de bovenzijde van de telefoon te drukken totdat het palletje vastklikt.5. Plaats de achtercover tegen de telefoon (1) en schuif de cover terug (2) totdat de ontgrendelingsknop vastklikt. ■De glow-in-the-dark-cover opladenDe voorcover van de Nokia 3100 bevat een element om licht uit te stralen in het donker. Om de lichtgevende werking te verkrijgen, moet de cover ten minste 15 minuten aan een krachtige lichtbron worden blootgesteld.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Belangrijkste functies31Belangrijkste functies3. Belangrijkste functies■Opbellen1. Toets het netnummer en telefoonnummer in. Druk op Wis als u een verkeerd teken hebt ingetoetst.Voor internationale gesprekken drukt u tweemaal op voor het internationale prefix (het +-teken staat voor de internationale toegangscode) en toetst u de landcode, het netnummer (laat zo nodig de eerste 0 weg) en het telefoonnummer in.2. Druk op om het nummer te bellen.3. Druk op om het gesprek te beëindigen of het kiezen te annuleren.Zie ook Opties tijdens een gesprek op pagina 33.Bellen met behulp van de lijst met contacten• Druk vanuit de standby-modus op of om naar de naam te zoeken, of toets de eerste tekens in van de naam waarnaar u zoekt. Zie ook Contacten opzoeken op pagina 68 en Namen telefoonnummers opslaan (Contact toevoegen) op pagina 66.
Druk op om het nummer in het display te bellen.Laatste nummer herhalen• Druk vanuit de standby-modus eenmaal op om de lijst met maximaal 20 laatstgekozen nummers weer te geven. Ga naar het gewenste nummer of de gewenste naam en druk op om het nummer te bellen.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Belangrijkste functies32Belangrijkste functiesUw voicemail bellen• Houd ingedrukt in de standby-modus, of druk op en .Als het nummer van uw voicemail wordt gevraagd, toetst u dit in en drukt u op OK. Zie ook Spraakberichten op pagina 59.Nummer kiezen met snelkeuzetoetsenU kunt een telefoonnummer toewijzen aan een van de snelkeuzetoetsen, van tot en met . Zie Snelkeuze op pagina 71. U kunt het nummer als volgt bellen:• Druk op de gewenste snelkeuzetoets en vervolgens op .•Als Snelkeuze is ingeschakeld, houdt u de gewenste snelkeuzetoets ingedrukt totdat het nummer is gekozen. Zie Snelkeuze op pagina 78.ConferentiegesprekkenMet de functie voor conferentiegesprekken kunnen maximaal zes personen deelnemen aan een conferentiegesprek.1. Bel de eerste deelnemer.2.
Als u een nieuwe deelnemer wilt bellen, drukt u op Opties en selecteert u Nieuwe oproep.3. Toets het telefoonnummer van de nieuwe deelnemer in of haal dit op uit de lijst met contacten en druk op Bellen. Het eerste gesprek wordt in de wachtstand geplaatst.4. Wanneer het nieuwe gesprek is beantwoord, kunt u de eerste deelnemer weer in het conferentiegesprek betrekken. Druk op Opties en selecteer Conferentie.5. Herhaal stap 2 tot en met 4 voor elke nieuwe deelnemer aan het gesprek.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Belangrijkste functies33Belangrijkste functies6. Als u een privé-gesprek met een van de deelnemers wilt voeren, gaat u als volgt te werk:Druk op Opties, selecteer Apart en selecteer de gewenste deelnemer. Keer terug naar het conferentiegesprek zoals wordt beschreven in stap 4.7. Druk op als u het conferentiegesprek wilt beëindigen.■Inkomende oproepen beantwoorden of weigerenDruk op als u een inkomende oproep wilt beantwoorden en druk op als u het gesprek wilt beëindigen.Druk op om het gesprek te weigeren.Druk op Stil (als deze optie beschikbaar is) om de beltoon uit te schakelen. U kunt de oproep vervolgens beantwoorden of weigeren.Tip: Als de functie Doorschakelen indien in gesprek is ingeschakeld om gesprekken door te schakelen, bijvoorbeeld naar uw voicemail, worden ook geweigerde inkomende gesprekken doorgeschakeld.
Zie Doorschakelen op pagina 77.WachtfunctieTijdens het gesprek drukt u op om het gesprek in de wachtstand te beantwoorden. Het eerste gesprek wordt in de wachtstand geplaatst. Druk op om het actieve gesprek te beëindigen. Zie Wachtfunctie op pagina 78 voor het activeren van de functie Wachtfunctieopties.■Opties tijdens een gesprekVeel van de opties die u tijdens een gesprek kunt gebruiken, zijn netwerkdiensten.
U kunt het wachtteken (w) en het pauzeteken (p) intoetsen door herhaaldelijk op te drukken.Wisselen om te schakelen tussen het actieve gesprek en het gesprek in de wachtstand, Doorverbinden om een gesprek in de wachtstand door te verbinden met het actieve gesprek en zelf de verbinding te verbreken.LuidsprekerTijdens een gesprek kunt u de geïntegreerde luidspreker gebruiken om handenvrij te telefoneren.Waarschuwing: Houd de radio niet tegen uw oor wanneer de luidspreker wordt gebruikt.
Het volume kan zeer luid zijn.U kunt de luidspreker activeren door op Opties te drukken en Luidspreker te selecteren, of druk op de selectietoets Luidspr., indien deze beschikbaar is.Als u de luidspreker tijdens een gesprek wilt uitschakelen, drukt u op Opties en selecteert u Telefoon, of drukt u op de selectietoets Telefoon, indien deze beschikbaar is.Als u de handsfree-eenheid CARK126 of de hoofdtelefoon op de telefoon hebt aangesloten, wordt de optie Telefoon in de lijst met opties vervangen door Handsfree of Hoofdtelefoon en wordt de selectietoets Telefoon vervangen door Handsfr. of Hoofdtel..
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Tekst intoetsen35Tekst intoetsen4. Tekst intoetsenU kunt op twee verschillende manieren tekst intoetsen, bijvoorbeeld wanneer u berichten wilt verzenden: via de methode voor gewone tekstinvoer en via de methode voor tekstinvoer met woordenboek.Tijdens het intoetsen van tekst wordt de modus voor tekstinvoer met woordenboek aangegeven met en de modus voor normale tekstinvoer met linksboven in het display. De lettermodus wordt aangeduid met , of naast de aanduiding voor de modus voor tekstinvoer. U kunt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters door op te drukken. De cijfermodus wordt aangeduid met .
U kunt tussen de letter- en cijfermodus schakelen door ingedrukt te houden.■Tekstinvoer met woordenboek in- en uitschakelenDruk tijdens het intoetsen van tekst op Opties en selecteer Woordenboek.• Als u de modus voor tekstinvoer met woordenboek wilt instellen, moet u een taal selecteren in de lijst met woordenboekopties. Tekstinvoer met woordenboek is alleen beschikbaar voor de talen die vermeld worden in de lijst.• Als u wilt terugkeren naar normale tekstinvoer, selecteert u Woordenbk uit.Tip: U kunt tekstinvoer met woordenboek snel in- en uitschakelen door tijdens het intoetsen van tekst tweemaal op te drukken of door Opties ingedrukt te houden.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Tekst intoetsen36Tekst intoetsen■Tekstinvoer met woordenboekU kunt letters met één druk op een toets invoeren. Deze tekstinvoer is gebaseerd op een ingebouwd woordenboek, waaraan u nieuwe woorden kunt toevoegen.1. Gebruik de toetsen tot en met om een woord in te toetsen. Druk eenmaal op een toets voor één letter. Het woord verandert na elke toetsaanslag.Voorbeeld: Als u Nokia wilt intoetsen terwijl de Nederlandse woordenlijst is geselecteerd, drukt u eenmaal op voor N, eenmaal op voor o, eenmaal op voor k, eenmaal op voor i en eenmaal op voor a:Als u een cijfer wilt invoegen terwijl de lettermodus is geactiveerd, houdt u de gewenste cijfertoets ingedrukt.Zie Tips voor het intoetsen van tekst op pagina 37 voor meer aanwijzingen voor het intoetsen van tekst.2.
Als u het gewenste woord hebt ingevoerd, bevestigt u de invoer door een spatie in te voegen met of door op een van de bladertoetsen te drukken. Door op een bladertoets te drukken, kunt u ook de cursor verplaatsen.Als het woord niet juist is, drukt u herhaaldelijk op of drukt u op Opties en selecteert u Suggesties. Als het gewenste woord verschijnt, bevestigt u dit.Als er een vraagteken (?) achter het woord wordt weergegeven, bevindt het woord dat u wilt intoetsen zich niet in het woordenboek. Als u het woord wilt toevoegen aan het woordenboek, drukt u op Spellen, toetst u het woord in (via normale tekstinvoer) en drukt u op Opslaan. Als het woordenboek vol is, vervangt het nieuwe woord het oudste woord dat u hebt toegevoegd.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Tekst intoetsen37Tekst intoetsen3. Start met het intoetsen van het volgende woord.Samengestelde woorden intoetsenToets het eerste deel van het woord in en bevestig de invoer door op te drukken. Toets het laatste deel van het woord in en bevestig het woord.■Gewone tekstinvoerDruk op een cijfertoets ( tot en met ) totdat het gewenste teken verschijnt. Op de toetsen staan niet alle tekens afgebeeld die onder een toets beschikbaar zijn. Welke tekens beschikbaar zijn, is afhankelijk van de taal die is geselecteerd in het menu Taal.
Zie Taal voor de telefoon op pagina 79.Als u een cijfer wilt invoegen terwijl de lettermodus is geactiveerd, houdt u de gewenste cijfertoets ingedrukt.• Als de volgende letter die u wilt invoeren zich onder dezelfde toets bevindt als de huidige letter, wacht u tot de cursor verschijnt of drukt u op een van de bladertoetsen en toetst u de letter in.• De meestgebruikte leestekens en andere speciale tekens zijn beschikbaar onder de cijfertoets .Zie Tips voor het intoetsen van tekst op pagina 37 voor meer aanwijzingen voor het intoetsen van tekst.■Tips voor het intoetsen van tekstDe volgende functies kunnen verder beschikbaar zijn voor het intoetsen van tekst:• Druk op om een spatie in te voegen.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Tekst intoetsen38Tekst intoetsen• Druk op de bladertoets , , of om de cursor respectievelijk naar links, rechts, omlaag of omhoog te verplaatsen.• Als u een teken links van de cursor wilt verwijderen, drukt u op Wis. Houd Wis ingedrukt om de tekens sneller te verwijderen.Als u alle tekens tegelijkertijd wilt verwijderen als u een bericht intoetst, drukt u op Opties en selecteert u Tekst wissen.• Als u een woord wilt invoegen wanneer de modus voor tekstinvoer met woordenboek is geactiveerd, drukt u op Opties en selecteert u Woord invoegen. Toets het woord in via de methode voor normale tekstinvoer en druk op Opslaan. Het woord wordt tevens toegevoegd aan het woordenboek.• Als u een speciaal teken wilt intoetsen, drukt u op Opties en selecteert u Symbool invoegen.
Als de modus voor normale tekstinvoer is geactiveerd, drukt u op en als de modus voor tekstinvoer met woordenboek is geactiveerd, houdt u ingedrukt .Druk op een van de bladertoetsen om naar een teken te gaan en druk op Kiezen om het teken te selecteren.U kunt ook naar een teken gaan door op , , of te drukken en het teken selecteren door op te drukken.• Als u een smiley wilt invoegen, drukt u op Opties en selecteert u Symbool invoegen. Als de modus voor normale tekstinvoer is geactiveerd, drukt u tweemaal op . Als de modus voor tekstinvoer met woordenboek is geactiveerd, houdt u ingedrukt om de lijst met speciale tekens te openen en drukt u daarna opnieuw op .Druk op een van de bladertoetsen om naar een smiley te gaan en druk op Kiezen om de geselecteerde smiley in te voegen.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.Tekst intoetsen39Tekst intoetsenU kunt ook naar een smiley gaan door op , , of te drukken en de smiley selecteren door op te drukken.• Als u een nummer wilt invoegen terwijl de lettermodus is geactiveerd, drukt u op Opties en selecteert u Nummer invoegen. Toets het telefoonnummer in of haal dit op uit de lijst met contacten en druk op OK.• Als u een naam uit de lijst met contacten wilt invoegen, drukt u op Opties en selecteert u Contact invoegen. Als u een telefoonnummer of tekstitem aan de naam wilt toevoegen, drukt u op Opties en selecteert u Gegev. bekijken. Selecteer het gewenste detail en druk op Select..
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.De menu’s gebruiken40De menu’s gebruiken5. De menu’s gebruikenDe telefoon biedt een uitgebreid scala aan functies, die gegroepeerd zijn in menu's. Bij de meeste functies is een korte Help-tekst beschikbaar. Als u de Help-tekst wilt bekijken, gaat u naar de gewenste menufunctie en wacht u ongeveer 15 seconden. Als u de Help-tekst wilt sluiten, drukt u op Terug. Zie Automatische Help-tekst op pagina 81.■Een menufunctie activerenDoor te bladeren1. Druk op Menu om het hoofdmenu te openen.2. Blader met of door de menu's en selecteer het gewenste menu, bijvoorbeeld Instellingen, door op Select. te drukken. 3. Als het menu is onderverdeeld in submenu's, selecteert u het gewenste submenu, bijvoorbeeld Oproepinstellingen.4. Als het geselecteerde submenu nog meer submenu's bevat, herhaalt u stap 3.
Selecteer het volgende submenu, bijvoorbeeld Opnemen met willekeurige toets.5. Selecteer de instelling van uw keuze.6. Druk op Terug om terug te keren naar het vorige menuniveau en druk op Uit om het hoofdmenu af te sluiten.Via het indexnummerDe menu’s, submenu’s en opties zijn genummerd en een aantal ervan kunnen worden geactiveerd via het indexnummer.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.De menu’s gebruiken41De menu’s gebruikenDruk op Menu om het hoofdmenu te openen. Toets binnen twee seconden het indexnummer in van de menufunctie die u wilt activeren. Als u de menufuncties in menu 1 wilt gebruiken, drukt u op Menu, toetst u en in en daarna de rest van het gewenste indexnummer.Druk op Terug om terug te keren naar het vorige menuniveau en druk op Uit om het hoofdmenu af te sluiten.
Mijn stijl 2 (dezelfde submenu's als Normaal)5. Instellingen1. Favorieten1. Rechter selectietoets1. Deze optie wordt alleen weergegeven als dit door de SIM-kaart wordt ondersteund. Informeer bij de netwerkoperator of serviceprovider naar de beschikbaarheid.2. Als Infonummers, Dienstnummers of beide niet ondersteund worden, verandert het nummer van dit menuitem.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.De menu’s gebruiken47De menu’s gebruiken■Berichten (menu 1)U kunt tekst-, multimedia- en e-mailberichten lezen, intoetsen, verzenden en opslaan. Alle berichten worden ingedeeld in mappen.Voordat u tekst-, afbeelding- of e-mailberichten kunt verzenden, moet u het nummer van uw berichtencentrale opslaan (zie Berichtinstellingen op pagina 60).TekstberichtenVia SMS (Short Message Service) kunt u berichten verzenden en ontvangen die uit meerdere gewone tekstberichten zijn samengesteld (netwerkdienst). De facturering kan worden gebaseerd op het aantal berichtdelen waaruit het bericht is samengesteld. Als u speciale (Unicode)-tekens gebruikt, is het mogelijk dat het bericht meer delen nodig heeft dan anders.
Bij tekstinvoer met woordenboek kan gebruik worden gemaakt van Unicode-tekens.U kunt ook tekstberichten met afbeeldingen verzenden en ontvangen.Opmerking: U kunt deze functie alleen gebruiken als deze wordt ondersteund door uw netwerkexploitant. U kunt alleen afbeeldingsberichten ontvangen en weergeven op toestellen die deze functie ondersteunen.Berichten intoetsen en verzenden1. Druk op Menu en selecteer achtereenvolgens Berichten, Tekstberichten en Bericht opstellen.Tip: U kunt het menu Bericht opstellen snel openen door op te drukken in de standby-modus.2. Toets een bericht in. Zie Tekst intoetsen op pagina 35. Het aantal beschikbare tekens en het nummer van het huidige gedeelte van een bericht uit meerdere delen wordt rechtsboven in het scherm weergegeven, bijvoorbeeld 120/2.
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.De menu’s gebruiken48De menu’s gebruiken• Als u een tekstsjabloon wilt invoegen, drukt u op Opties en selecteert u Sjabloon invgn. Selecteer de sjabloon die u wilt invoegen.• Druk op Opties om een afbeelding in te voegen. Selecteer Afb. invoegen en selecteer een afbeelding om deze te bekijken. Druk op Invoegen om de afbeelding in uw bericht in te voegen. Het pictogram in de kop van het bericht geeft aan dat een afbeelding is bijgesloten. Het aantal tekens dat u in een bericht kunt gebruiken, is afhankelijk van de grootte van de afbeelding. Elk afbeeldingbericht is samengesteld uit verschillende tekstberichten.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Nokia 3100 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Mobiel Nokia
Handleiding Mobiel
Nieuwste handleidingen voor Mobiel