Neff NL4GR31N1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Neff NL4GR31N1 (100 pagina’s), behorend tot de categorie Magnetron. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Neff NL4GR31N1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Neff |
| Categorie: | Magnetron |
| Model: | NL4GR31N1 |
| Apparaatplaatsing: | Boven het fornuis |
| Inhoud (binnenkant): | 21 l |
| Soort bediening: | Touch |
| Magnetronvermogen: | 900 W |
| Vermogen grill: | 1300 W |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Deurscharnieren: | Neer |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 18800 g |
| Breedte: | 596 mm |
| Diepte: | 318 mm |
| Hoogte: | 382 mm |
| Netbelasting: | 1990 W |
| Grill: | Ja |
| Snoerlengte: | 1.75 m |
| Uitgestelde start timer: | Ja |
| Deur open mechanisme: | Omlaag trekken |
| Verlichting binnenin: | Ja |
| Geïntegreerde klok: | Ja |
| Aantal automatische programma's: | 10 |
| Installatie compartiment breedte: | 560 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 300 mm |
| Installatie compartiment hoogte: | 382 mm |
| Afmetingen binnenkant (B x D x H): | 220 x 350 x 270 mm |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Type product: | Combinatiemagnetron |
| Type beeldscherm: | TFT |
Handleiding Neff NL4GR31N1 – volledige tekst
nl Veiligheid68InhoudsopgaveGEBRUIKERSHANDLEIDING1 Veiligheid. 682 Materiële schade vermijden. 723 Milieubescherming en besparing. 724 Uw apparaat leren kennen. 735 Accessoires. 746 Voor het eerste gebruik. 757 De Bediening in essentie. 758 Magnetron. 759 Magnetron-combi. 7710 Grill. 7811 Gerechten. 7912 Tijdfuncties. 8013 Kinderslot. 8114 Basisinstellingen. 8115 EasyClean. 8216 Reiniging en onderhoud. 8217 Storingen verhelpen. 8418 Afvoeren. 8619 Servicedienst. 8620 Zo lukt het. 8621 MONTAGEHANDLEIDING. 9421. 2 Veilige montage. 941 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voorvolgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1.
2 Bestemming van het apparaatApparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-cessen ononderbroken in het oog. ¡ In het huishouden en soortgelijke toepas-singen zoals bijvoorbeeld: in keukens voormedewerkers in winkels, kantoren en ande-re commerciële omgevingen, in boerderij-en; van klanten in hotels en andere verblij-ven, in bed and breakfasts. ¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-veau. Dit apparaat voldoet aan de norm EN55011resp. CISPR11.
Klasse B houdt in dat hetapparaat geschikt is voor huishoudelijk ge-bruik. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen.
Veiligheid nl691. 4 Veiliger gebruikAccessoires altijd op de juiste manier in debinnenruimte schuiven. →"Accessoires", Pagina74WAARSCHUWING‒Kans op brand. In de binnenruimte bewaarde brandbare voor-werpen kunnen vlam vatten. ▶ Bewaar nooit brandbare materialen in debinnenruimte. ▶ Wanneer er rook wordt geproduceerd moethet apparaat worden uitgeschakeld of destekker uit het stopcontact worden gehaalden moet de deur gesloten worden gehou-den om eventueel optredende vlammen tedoven. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnenin brand vliegen. ▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, deverwarmingselementen en de accessoiresvrij te maken van grove verontreiniging. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden het apparaat enhaar onderdelen die men kan aanraken heet. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen.
▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet. ▶ Neem hete accessoires en vormen altijdmet behulp van een pannenlap uit de bin-nenruimte. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten. De apparaatdeur kan open-springen. Er kunnen hete dampen en steek-vlammen naar buiten treden. ▶ Gebruik slechts geringe hoeveelhedendrank met een hoog alcoholpercentage. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 %vol. ) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) ver-hitten. ▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Bij het openen van de apparaatdeur kan hetestoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van detemperatuur niet altijd zichtbaar.
▶ Nooit water in de hete binnenruimte gieten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er krassen op het glas van de appa-raatdeur zitten, kan dit barsten. ▶ Gebruik geen scherp of schurend reini-gingsmiddel of scherpe metalen schrapervoor het reinigen van het glas van de appa-raatdeur omdat dit het oppervlak kan be-schadigen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeurbewegen de scharnieren zich en kunnen zeklem komen te zitten. ▶ Kom niet met uw handen bij de scharnie-ren. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat.
▶ Wanneer de netaansluitkabel of de appa-raataansluitkabel van dit apparaat bescha-digd raakt, moet deze worden vervangendoor een speciale netaansluitkabel of spe-ciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaaris bij de fabrikant of de klantenservice. Een beschadigde isolatie van het netsnoer isgevaarlijk. ▶ Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contactbrengen. ▶ Nooit het aansluitsnoer met scherpe puntenof randen in contact brengen. ▶ Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen ofveranderen. Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
nl Veiligheid70▶ Nooit een apparaat met gescheurd of ge-broken oppervlak gebruiken. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact halen of de ze-kering in de meterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina86WAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. ▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden. ▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. ▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. 1.
5 MagnetronBELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIF-TEN ZORGVULDIG LEZEN EN VOOR HETVERDERE GEBRUIK BEWARENWAARSCHUWING‒Kans op brand. Oneigenlijk gebruik van het apparaat is ge-vaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarm-de pantoffels, granen- pittenkussens kunnenbijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten. ▶ Droog nooit gerechten of kleding met hetapparaat. ▶ Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens,zwammen, vochtige poetslappen e. d. methet apparaat opwarmen. ▶ Gebruik het apparaat uitsluitend voor hetbereiden van gerechten en dranken. Levensmiddelen en de verpakkingen ervankunnen ontbranden. ▶ Nooit levensmiddelen opwarmen in verpak-kingen die bestemd zijn om ze warm tehouden. ▶ Levensmiddelen nooit zonder toezicht ver-warmen in voorwerpen van kunststof, pa-pier of ander brandbaar materiaal. ▶ Bij de magnetron nooit een te groot vermo-gen of te lange tijdsduur instellen.
brood, nooit met een te hoogmagnetronvermogen of gedurende een telange tijd ontdooien of verwarmen. Spijsolie kan vlam vatten. ▶ Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met demagnetron. WAARSCHUWING‒Kans op explosie. Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dichtafgesloten vormen kunnen gemakkelijk explo-deren. ▶ Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelenverhitten in dicht afgesloten vormen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Levensmiddelen met een vaste schil of pelkunnen tijdens, maar ook nog na het opwar-men, exploderen. ▶ Nooit eieren in de eierschaal koken ofhardgekookte eieren in de eierschaal op-warmen. ▶ Nooit schaal- en kreeftachtige dieren ko-ken. ▶ Bij spiegeleieren of eieren in een glas dientu eerst de dooier door te prikken. ▶ Bij levensmiddelen met een vaste schil ofpel, bijv. appels, tomaten, aardappelen enworstjes, kan de schil knappen.
Prik voorhet opwarmen gaatjes in de schil of vel. De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld inde babyvoeding. ▶ Warm nooit babyvoeding op in geslotenverpakkingen. ▶ Verwijder altijd het deksel of de speen. ▶ Na het verwarmen goed roeren of schud-den. ▶ Voordat de voeding aan het kind wordt ge-geven dient de temperatuur te worden ge-controleerd. Verhitte gerechten geven warmte af. De vor-men kunnen heet worden. ▶ Neem vormen en accessoires altijd met be-hulp van een pannenlap uit de binnenruim-te.
Veiligheid nl71De verpakking van luchtdicht verpakte levens-middelen kan knappen. ▶ Houd altijd de opgaven op de verpakkingaan. ▶ Neem gerechten altijd met een pannenlapuit de binnenruimte. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Het onjuiste gebruik van het apparaat is ge-vaarlijk. Voorwerpen zoals oververhitte pantof-fels, pitten- of graankussen, sponzen, vochtigeschoonmaakdoekjes e. d. kunnen verbrandingtot gevolg hebben. ▶ Droog nooit gerechten of kleding met hetapparaat. ▶ Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens,zwammen, vochtige poetslappen e. d. methet apparaat opwarmen. ▶ Gebruik het apparaat uitsluitend voor hetbereiden van gerechten en dranken. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Bij het verwarmen van vloeistof kan er kook-vertraging ontstaan.
Dit houdt in dat de kook-temperatuur wordt bereikt zonder de kenmer-kende bellen ontstaan. Al bij een kleine schokvan het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en weg-spatten. ▶ Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmenaltijd een lepel in de vorm staat. Zo wordtkookvertraging voorkomen. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Ongeschikte vormen kunnen barsten. Vormenvan porselein en keramiek kunnen kleinegaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een holleruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kandit barsten veroorzaken in de vormen. ▶ Alleen servies gebruiken dat geschikt isvoor de magnetron. Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnenvormen van metaal of vormen met metalencoating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat wordt dan beschadigd. ▶ Gebruik nooit metalen vormen bij gebruikvan uitsluitend de magnetron.
▶ Nooit de behuizing verwijderen. WAARSCHUWING‒Kans op ernstiggevaar voor de gezondheid. Gebrekkige reiniging kan het oppervlak vanhet apparaat vernietigen, de gebruiksduur ver-korten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoalsbijvoorbeeld naar buiten komende magnetron-energie. ▶ Het apparaat regelmatig schoonmaken enresten van voedingsmiddelen direct verwij-deren. ▶ Houd de binnenruimte, deurafdichting, deuren deuraanslag altijd schoon. →"Reiniging en onderhoud", Pagina82Het apparaat nooit gebruiken wanneer dedeur van de binnenruimte of deurdichting be-schadigd is. Er kan energie van de microgol-ven naar buiten komen. ▶ Het apparaat nooit gebruiken wanneer dedeur van de binnenruimte, de deurafdich-ting of de kunststof omlijsting van de deurbeschadigd is. ▶ Alleen door de servicedienst laten repare-ren.
nl Materiële schade vermijden72Materiële schade vermijden2 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenLET OP. Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont-vlammen en tot een permanente beschadiging van hetapparaat leiden. Door de explosieve verbranding kande apparaatdeur openspringen en er eventueel afval-len. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinte-ren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnen-ruimte naar binnen sterk vervormen. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol. ) in on-verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of over-gieten van gerechten) verhitten. Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat erwaterdamp. Door de temperatuurverandering kan erschade optreden. ▶ Giet nooit water in de hete binnenruimte. Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen-ruimte ontstaat er corrosie. ▶ Veeg het condenswater na elk bereiding af.
Laat naeen bereiding met hoge temperaturen de binnen-ruimte uitsluitend met gesloten deur laten afkoelen. ▶ Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurendelangere tijd in de gesloten binnenruimte. ▶ Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. ▶ Klem niets tussen de apparaatdeur. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdenshet gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel-fronten kunnen dan beschadigd raken. ▶ Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. ▶ Nooit het apparaat met beschadigde afdichting ofzonder afdichting gebruiken. Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak omiets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be-schadigd raken. ▶ Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen oflaten steunen. 2. 2 MagnetronVolg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetrongebruikt. LET OP.
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aankomt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be-schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkantkan worden aangetast.
▶ Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas,moeten minstens 2cm van de wanden van de bin-nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderdzijn. Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken ver-oorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het ap-paraat beschadigd. ▶ Gebruik geen vormen van aluminium in het appa-raat. Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in debinnenruimte leidt tot overbelasting. ▶ Start nooit de magnetron zonder dat er zich etens-waar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korteserviestest vormt hierop een uitzondering. De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn di-rect na elkaar met een te hoog magnetronvermogenkan leiden tot beschadiging van de binnenruimte. ▶ Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdereminuten afkoelen. ▶ Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in. ▶ Gebruik maximaal 600Watt.
▶ Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen. Ongeschikte vormen kunnen schade veroorzaken. ▶ Bij het gebruik van de grill, of de gecombineerdmagnetrongebruik alleen kookgerei gebruiken datbestand is tegen hoge temperaturen. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. De apparaatdeur tijdens de bereiding zelden openen. ¡De temperatuur in de binnenruimte blijft constanten het apparaat hoeft niet na te verwarmen. Twee kopjes met vloeistof tegelijkertijd opwarmen. ¡Het opwarmen van meerdere gerechten tegelijker-tijd vraagt minder energie dan het verwarmen vanmeerdere gerechten na elkaar.
Uw apparaat leren kennen nl73Uw apparaat leren kennen4 Uw apparaat leren kennen4. 1 BedieningspaneelVia het bedieningsveld kunt u alle functies van uw ap-paraat instellen en informatie krijgen over de gebruiks-toestand. Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op deafbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm. 12 21TouchdisplayHet touchdisplay is zowel display als bedie-ningselement. →"Touchdisplay", Pagina732TiptoetsenMet de tiptoetsen stelt u de verschillende func-ties direct in. →"Touchvelden", Pagina734. 2 TouchveldenTouch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Omeen functie te kiezen het betreffende veld selecteren. Tiptoets FunctieApparaat in- of uitschakelen. →"De Bediening in essentie",Pagina75Een instelling teruggaan. Werking starten of onderbreken.
→"De Bediening in essentie",Pagina75Tiptoets FunctieApparaatdeur openenIn het touchdisplay naar links navige-ren. In het touchdisplay naar rechts navi-geren. 4. 3 TouchdisplayIn het touchdisplay ziet u de keuzemogelijkheden ende instellingen bij de actuele functie. Om een van de punten uit te kiezen op het betreffendetekstveld tippen. InstelbereikHet instelbereik is in tegels weergegeven. Het aantal tegels toont u de actuele selectiemogelijkhe-den en reeds uitgevoerde instellingen. Druk op de be-treffende tegel om een functie te kiezen. Informatie wordt tevens in tegels weergegeven. Gebruik om meerdere tegels naar links of rechts te bla-deren de nagivatieknoppen en . Mogelijke symbolen in tegelsSymbool BetekenisDe instelwaarde bevestigen. De instelwaarde resetten. De tegel sluiten. De totaalweergave van de functie weer-geven, om instelwaarden te wijzigen. 4.
4 Automatische deuropenerAls u de automatische deuropening bedient, danspringt de apparaatdeur open. U kunt de apparaatdeurvolledig met de hand openen. Opmerkingen¡ Bij een stroomuitval werkt de automatische deur-opening niet. U kunt de deur met de hand openen.
¡ Als u de apparaatdeur tijdens het gebruik opent,wordt de werking onderbroken. ¡ Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking nietautomatisch voortgezet. Start de werking. ¡ Als het apparaat langere tijd is uitgeschakeld, dangaat de apparaatdeur bij het indrukken van de deur-openingstotes open met een kleine vertraging. 4. 5 Verwarmingsmethoden en functiesOm altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij uitleg over de verschil-len en toepassingen. Naam Vermogen/standen GebruikMagnetron 90/180/360/600/"Boost" Voor het ontdooien, bereiden en verwarmen van gerech-ten en vloeistoffen. →"Magnetron", Pagina75.
nl Accessoires74Naam Vermogen/standen GebruikGrill Grillstanden:¡ 1 = laag¡ 2 = gemiddeld¡ 3 = sterkPlatte producten, zoals worstjes of toast grillen. Gerech-ten gratineren. →"Grill", Pagina78Magnetron-combi 90/180/360W + grillstan-den1/2/3Ovenschotels en gegratineerde gerechten bakken. Degerechten worden bruin gebakken. →"Magnetron-combi", Pagina77Gerechten Voor vele gerechten zijn er voorgeprogrammeerde instel-lingen. Reiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimte kiezen. →"EasyClean", Pagina82Basisinstellingen Basisinstellingen aanpassen. →"Basisinstellingen", Pagina814. 6 BinnenruimteFuncties voor de binnenruimte vergemakkelijken hetgebruik van uw apparaat. Zelfreinigende oppervlakkenHet plafond in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelf-reinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagjeporeus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak.
Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreini-gende oppervlakken vetspetters van het bakken, bra-den of grillen op en breken ze af. Verlichting van de binnenruimteWanneer u de apparaatdeur opent, gaat de verlichtingvan de binnenruimte aan. Wanneer de apparaatdeurlanger dan ca. 15minuten is geopend, dan schakelt deverlichting van de binnenruimte uit. Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is deverlichting van de binnenruimte aan als het programmaloopt. Wanneer het gebruik eindigt, gaat de verlichtingvan de binnenruimte uit. KoelventilatorDe koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. Warme lucht komt vrij via de ventilatiesleuven boven deapparaatdeur. LET OP. Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt hetapparaat oververhit. ▶ Dek de ventilatiesleuven niet af. De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat debinnenruimte na gebruik sneller afkoelt.
De koelventilator kan blijven draaien, ook wanneerhet gebruik van de magnetron reeds is beëindigd. 4. 7 CondenswaterBij het bereiden kan in de binnenruimte en op de deurvan het apparaat condensvorming optreden. Condensis normaal en heeft geen invloed op de werking vanhet apparaat. Veeg na het bereiden het condens af. 4. 8 ApparaatdeurDe apparaatdeur kunt u met openen. Wanneer u deapparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de wer-king stopgezet. Wanneer de apparaatdeur weer is ge-sloten, kunt u het gebruik met hervatten. Accessoires5 AccessoiresGebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op hetapparaat afgestemd. De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhan-kelijk van het type apparaat.
Voor het eerste gebruik nl75Voor het eerste gebruik6 Voor het eerste gebruikStel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap-paraat en de accessoires. 6. 1 Eerste gebruikU moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uit-voeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken. Taal instellen1. Op drukken. 2. De gewenste taal kiezen. 3. Druk op . Tijd instellenVereiste:Op het display wordt 12:00 weergegeven. 1. Stel met en de uren in of selecteer een vooringe-stelde waarde op het display. 2. Druk om minuten om de minuten in te stellen. 3. Stel met en de minuten in of selecteer een voorin-gestelde waarde op het display. 4. Druk op . Datum instellenVereiste:Het display toont een datum. De dag knip-pert. 1. Met en de dag instellen. 2. Druk op de maand om de maand in te stellen. 3. Met en de maand instellen. 4. Druk op het jaar om het jaar in te stellen. 5. Met en het jaar instellen. 6.
Druk op . a Er wordt aan aanwijzing weergegeven dat de eersteinbedrijfstelling is afgesloten. 6. 2 Het apparaat reinigen voordat u het voorhet eerst gebruiktVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met hetapparaat dient u de binnenruimte en de accessoires tereinigen. 1. Zorg ervoor dat er zich in de binnenruimte geen ver-pakkingsresten, toebehoren of andere voorwerpenbevinden. 2. Reinig de gladde oppervlakken in de binnenruimtemet een zachte, vochtige doek. 3. Sluit de apparaatdeur. 4. Zolang het apparaat opwarmt, de ruimte ventileren. 5. Stel de grill in op stand 3. 6. Stel de tijdsduur in op 15minuten. 7. Laat het apparaat afkoelen. 8. Reinig wanneer de binnenruimte afgekoeld is, degladde oppervlakken met zeepsop en een schoon-maakdoekje. 6. 3 Accessoires reinigen▶Reinig de accessoires grondig met zeepsop en eenzacht schoonmaakdoekje.
a Het display geeft gedurende enkele minuten de tijdaan. 7. 3 In werking stellen▶Op drukken. 7. 4 Werking onderbreken1. Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken. 2. Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap-paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 7. 5 Werking afbreken▶Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Magnetron8 MagnetronMet de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen of ontdooien. 8. 1 MagnetronvermogenHier vindt u een overzicht van de magnetronvermogens en een aanbeveling voor het gebruik ervan. Magnetronvermogen in watt Maximale duur in uur Gebruik90W 1:30 Gevoelige gerechten ontdooien.
nl Magnetron76Magnetronvermogen in watt Maximale duur in uur Gebruik180W 1:30 Gerechten ontdooien en verder berei-den. 360W 1:30 Vlees en vis bereiden of gevoeligegerechten opwarmen. 600W 1:30 Gerechten verwarmen en bereiden. "Boost"900W 0:30 Vloeistoffen verwarmen. Opmerkingen¡ Ter bescherming van het apparaat wordt het maxi-male vermogen van de magnetron "Boost" geduren-de de eerste minuten trapsgewijs tot 600W geredu-ceerd. Het maximale vermogen is na een afkoelperi-ode weer beschikbaar. ¡ De magnetronvermogens komen niet overeen methet daadwerkelijke opgenomen vermogen van hetapparaat. 8. 2 Vormen en accessoires die geschikt zijnvoor de magnetronOm uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het ap-paraat niet te beschadigen, dient u geschikte vormenen accessoires te gebruiken.
Opmerking:Voordat u vormen voor de magnetron ge-bruikt dient u de informatie van de fabrikant in acht tenemen. Voer bij twijfel een serviestest uit. →"Vormen testen op hun magnetronbestendigheid",Pagina76Geschikt voor de magnetronVormen en accessoires ToelichtingVormen van hitte- enmagnetronbestendig ma-teriaal:¡ Glas¡ Glaskeramiek¡ Porselein¡ Temperatuurbestendi-ge kunststof¡ Volledig geglazuurdkeramiek zonder bar-stenDeze materialen laten mi-crogolven door. Microgol-ven beschadigen hittebe-stendige vormen niet. Bestek van metaal Opmerking:Om kookver-traging te voorkomenkunt u metalen bestek ge-bruiken, bijv. een lepel ineen glas. LET OP. Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aankomt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be-schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkantkan worden aangetast.
▶ Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas,moeten minstens 2cm van de wanden van de bin-nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderdzijn. Niet geschikt voor de magnetronVormen en accessoires ToelichtingVormen van metaal Metaal laat geen micro-golven door. De gerech-ten warmen nauwelijksop.
Servies met goud- of zil-verdecorMicrogolven kunnengouddecor en zilverdecorbeschadigen. Tip:Wanneer door de fa-brikant wordt gegaran-deerd dat de vorm ge-schikt is voor de magne-tron, kunt u de vorm ge-bruiken. 8. 3 Vormen testen op hunmagnetronbestendigheidControleer m. b. v. een serviestest of vormen geschiktzijn voor de magnetron. Het apparaat mag alleen bijeen serviestest met gebruik van de magnetronfunctiezonder gerechten worden gebruikt. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden. Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderde-len heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. 1. De lege vorm in de binnenruimte plaatsen. 2. Het apparaat gedurende ½ - 1 minuut op het maxi-male magnetronvermogen instellen. 3. In werking stellen. 4.
De vorm meerdere keren controleren:– Wanneer de vorm koud of handwarm is, dan isdeze geschikt voor de magnetron. – Wanneer de vorm heet is of er vonken ontstaan,dan de serviestest afbreken. De vorm is dan nietgeschikt voor de magnetron. 8. 4 QuickStart1. Druk op . 2. Start de werking met . a Het vooringestelde magnetronvermogen wordt ge-durende 1minuut gestart. Opmerking:De voorinstelling van het magnetronver-mogen kunt u wijzigen in de basisinstellingen. →Pagina81.
Magnetron-combi nl778. 5 Magnetron instellenOpmerking:Zorg voor de juiste omgang met de magnetron:¡ De veiligheidsaanwijzingen in acht nemen. →Pagina70¡ De aanwijzingen voor het vermijden van materiëleschade in acht nemen. →Pagina72¡ De aanwijzingen voor magnetronbestendige vormenen accessoires in acht nemen. 1. Druk op "Magnetron". 2. Druk op "Magnetron-vermogen". 3. Selecteer het gewenste magnetronvermogen. 4. Druk op . 5. Druk op "Tijdsduur". 6. Stel met en de minuten in of selecteer een voorin-gestelde waarde op het display. 7. Druk op de seconden om de seconden in te stellen. 8. Stel met en de seconden in of selecteer een voor-ingestelde waarde op het display. 9. Druk op . 10. Wanneer een uitgestelde werking is gewenst, steldeze dan in. ‒ Druk op "Klaar om". ‒ Stel de gewenste tijd in. ‒ Bevestig met . Het apparaat gaat automatisch aan en uit op de in-gestelde tijd. 11.
Start de werking met . a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. Tip:Om uw apparaat optimaal te gebruiken, kunt uzich aan de informatie in de insteladviezen oriënteren. →"Zo lukt het", Pagina868. 6 Magnetronvermogen wijzigenU kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wij-zigen. 1. Druk op . 2. Druk op "Magnetron-vermogen". 3. Selecteer het gewenste magnetronvermogen. 4. Druk op . 8. 7 Tijdsduur wijzigenU kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen. 1. Druk op de ingestelde tijdsduur. 2. Stel de gewenste tijdsduur in. 3. Druk op . 8. 8 Gerechten nagarenNa het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerechtnagaren. 1. Druk op "Voeg extra bereidingstijd toe". 2. Stel de gewenste duur in. →"Tijdsduur instellen", Pagina80Met kunt u de ingestelde duur resetten. 3. Druk op . 4. Start de werking met . 8. 9 Werking onderbreken1. Open de apparaatdeur of druk op .
10 Werking afbreken▶Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Magnetron-combi9 Magnetron-combiOm de gaarduur te verkorten of als u gerechten wiltopwarmen en tegelijk wilt laten bruinen, kunt u grill incombinatie met magnetron gebruiken. U kunt kiezen uit de volgende magnetronvermogens:¡ 90W¡ 180W¡ 360W9. 1 Magnetron bijschakelen instellenVereiste:Het apparaat is ingeschakeld. 1. Druk op "Grill". 2. Druk op "Stand". 3. De gewenste grillstand kiezen. 4. Druk op . 5. Druk op "Magnetron bijschakelen". 6. Selecteer het gewenste magnetronvermogen. 7. Druk op . a Op het display verschijnt een vooringestelde tijds-duur. 8. Druk op "Tijdsduur" wanneer de vooringestelde tijds-duur gewijzigd moet worden. ‒ Stel de gewenste tijdsduur in. ‒ Druk op . 9. Wanneer een uitgestelde werking is gewenst, steldeze dan in. ‒ Druk op "Klaar om". ‒ Stel de gewenste tijd in.
‒ Bevestig met . Het apparaat gaat automatisch aan en uit op de in-gestelde tijd. 10. Start de werking met . a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. 9. 2 Grillstand wijzigenU kunt de grillstand tijdens het gebruik wijzigen. 1. Druk op . 2. Druk op "Stand". 3. De gewenste grillstand instellen. 4. Druk op . 9. 3 Magnetronvermogen wijzigenU kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wij-zigen.
nl Grill781. Druk op . 2. Druk op "Magnetron-vermogen". 3. Selecteer het gewenste magnetronvermogen. 4. Druk op . 9. 4 Tijdsduur wijzigenU kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen. 1. Druk op de ingestelde tijdsduur. 2. Stel de gewenste tijdsduur in. 3. Druk op . 9. 5 Gerechten nagarenNa het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerechtnagaren. 1. Druk op "Voeg extra bereidingstijd toe". 2. Stel de gewenste duur in. →"Tijdsduur instellen", Pagina80Met kunt u de ingestelde duur resetten. 3. Druk op . 4. Start de werking met . 9. 6 Werking onderbreken1. Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken. 2. Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap-paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 9. 7 Werking afbreken▶Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Grill10 GrillMet de grill kunt u uw gerechten roosteren of gratine-ren.
U kunt de grill alleen of in combinatie met de mag-netron gebruiken. 10. 1 GrillstandenU kunt kiezen uit de volgende grillstanden. Grillstand Voedsel1 (zwak) ¡ Hoge ovenschotels¡ Soufflees2 (gemiddeld) ¡ Platte ovenschotels¡ Vis3 (sterk) ¡ Worstjes¡ Toast10. 2 VeiligheidsuitschakelingVoor uw beveiliging is het apparaat uitgerust met eenveiligheidsuitschakeling. Het apparaat schakelt automa-tisch uit als het lang in gebruik is. De tijdsduur tot de uitschakeling is afhankelijk van deinstelling:¡ Grill: 90minuten10. 3 Grill instellenVereiste:Het apparaat is ingeschakeld. 1. Druk op "Grill". 2. Druk op "Stand". 3. De gewenste grillstand kiezen. 4. Druk op . 5. Als een tijdsduur gewenst is, de tijdsduur instellen. ‒ Druk op "Tijdsduur"‒ Stel de gewenste tijdsduur in. ‒ Bevestig met . 6. Wanneer een uitgestelde werking is gewenst, steldeze dan in. ‒ Druk op "Klaar om".
a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. 10. 4 Grillstand wijzigenU kunt de grillstand tijdens het gebruik wijzigen. 1. Druk op . 2. Druk op "Stand". 3. De gewenste grillstand instellen. 4. Druk op . 10. 5 Tijdsduur wijzigenU kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen. 1. Druk op de ingestelde tijdsduur. 2. Stel de gewenste tijdsduur in. 3. Druk op . 10. 6 Gerechten nagarenNa het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerechtnagaren. 1. Druk op "Voeg extra bereidingstijd toe". 2. Stel de gewenste duur in. →"Tijdsduur instellen", Pagina80Met kunt u de ingestelde duur resetten. 3. Druk op . 4. Start de werking met . 10. 7 Werking onderbreken1. Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken. 2. Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap-paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 10. 8 Werking afbreken▶Op drukken.
Gerechten nl79Gerechten11 GerechtenMet de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij debereiding van verschillende gerechten en kiest u auto-matisch de optimale instellingen. 11. 1 Aanwijzingen bij de instellingen voorgerechtenOm een optimaal bereidingsresultaat te behalen volgt udeze aanwijzingen op:¡ Gebruik alleen levensmiddelen van onberispelijkekwaliteit. ¡ De levensmiddelen uit de verpakking nemen en af-wegen. Wanneer u het exacte gewicht op het appa-raat niet kunt instellen, dan rondt u het gewicht naarboven af. ¡ Gebruik uitsluitend voor magnetron geschikte vor-men, bijv. van glas of keramiek. ¡ Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnen-ruimte. Ontdooien¡ De levensmiddelen vlak en verdeeld in porties bij-18°C invriezen en bewaren. ¡ Leg de diepvriesproducten op een vlakke vorm, bij-voorbeeld een glazen of porseleinen bord.
¡ Het kan zijn dat levensmiddelen na beëindigen vanhet programma nog niet volledig zijn ontdooid. Delevensmiddelen kunnen echter goed verder wordenverwerkt. ¡ Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot30minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten,zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt. ¡ Bij het ontdooien van vlees of gevogelte ontstaatvloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. Devloeistof verder niet gebruiken of met andere levens-middelen in contact laten komen. ¡ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen. ¡ Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde enstukken gevogelte eerst met de kant van het vel opde vorm leggen. Groente¡ Verse groente: in stukken van gelijke grootte snij-den. Voeg per 100g één eetlepel water toe. ¡ Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voor-gekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente metroomsaus is niet geschikt.
¡ Aardappels in de schil: gebruik aardappels van ge-lijke grootte. Wassen en meerdere gaatjes in deschil prikken. Aardappelen nog vochtig in een vormzonder water doen. ¡ Aardappels in de oven: aardappels van gelijkegrootte gebruiken. Wassen, drogen en meerderegaatjes in de schil prikken. Rijst¡ Gebruik geen zilvervliesrijs of rijst in kookzakjes. ¡ Twee tot twee en een half keer de hoeveelheid wa-ter bij de rijst doen. Gevogelte¡ Gebruik alleen kipdelen die op koelkasttemperatuurzijn. ¡ Hier en daar een vork gaatjes in het vel prikken. ¡ Leg kipdelen met de huidzijde naar boven op hetrooster. Plaats het rooster in de glazen schaal. Lek-kende vloeistof wordt opgevangen. Lasagne¡ Het meest geschikt is diepvrieslasagne tot eenhoogte van ca. 3 cm. ¡ Lasagne uit de verpakking nemen en in een vormdoen die geschikt is voor de magnetron.
¡ Als u diepvrieslasagne in porties van meer dan 700g bereidt, plaats de vorm dan op een omgedraaidbord dat geschikt is voor de magnetron. 11. 2 Programma instellenVereiste:Het apparaat is ingeschakeld. 1. Druk op "Gerechten". 2. Een programma kiezen. 3. Druk op "Gewicht". 4. Stel met en het gewicht in of selecteer een voor-ingestelde waarde op het display. 5. Druk op . 6. Wanneer een uitgestelde werking is gewenst, steldeze dan in. ‒ Druk op "Klaar om". ‒ Stel de gewenste tijd in. ‒ Bevestig met . Het apparaat gaat automatisch aan en uit op de in-gestelde tijd. 7. De gerechten in de binnenruimte plaatsen. 8. Sluit de deur van het apparaat. 9. Start de werking met . a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. Opmerking:Bij vele programma's verschijnen tijdensde bereiding aanwijzingen op het display. Volg dezeaanwijzingen op.
Gerechten nagarenNa het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerechtnagaren. 1. Druk op "Voeg extra bereidingstijd toe". 2. Stel de gewenste duur in. →"Tijdsduur instellen", Pagina80Met kunt u de ingestelde duur resetten. 3. Druk op . 4. Start de werking met .
bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi,rode kool, spinazie0,15-1 Gesloten vormRijst2Rijst met lange korrel 0,05-0,3 Hoge, gesloten vormGekookteaardappelen2Aardappels met of zonder schil, aardappel-partjes even groot0,20-1 Gesloten vormAardappelen in deoven1Aardappels met schil, à 200-250 g 0,20-1,5 Rooster op glazen schaalLasagne, diepvries Lasagne of soortgelijke diepvries-ovenscho-tel0,30-1 Open vormStukken kip, vers Bovenste deel kippenpoot, onderste deel kip-penpoot, kippenpoten0,50-1 Rooster op glazen schaal1Let op het keersignaal. 2Let op het roersignaal. Tijdfuncties12 TijdfunctiesHet apparaat beschikt over tijdfuncties waarmee u detijdsduur, het einde van het programma kunt instellen. Tijdfuncties GebruikTijdsduur Wanneer u voor de werking eentijdsduur instelt, houdt het appa-raat na het verstrijken van de tijds-duur automatisch op met verwar-men.
Klaar om Voor de tijdsduur kunt u een tijdinstellen waarop de werking ein-digt. Het apparaat start automa-tisch zodat de werking op het ge-wenste tijdstip klaar is. 12. 1 TijdDe tijd verdwijnt, om het standby verbruik te reduceren. Wanneer u het display aanraakt, wordt de tijd kortston-dig weergegeven. 12. 2 Tijdsduur instellenDe tijdsduur voor de werking met "Boost" kunt u instel-len tot 30 minuten. De duur voor alle andere standenkunt u tot 90 minuten instellen.
Vereiste:Een functie en een stand zijn ingesteld. 1. Druk op "Tijdsduur". 2. Stel met en de minuten in of selecteer een voorin-gestelde waarde op het display. 3. Druk op de seconden om de seconden in te stellen. 4. Stel met en de seconden in of selecteer een voor-ingestelde waarde op het display. 5. Druk op . 6. Start de werking met . Gerechten nagarenNa het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerechtnagaren. 1. Druk op "Voeg extra bereidingstijd toe". 2. Stel de gewenste duur in. →"Tijdsduur instellen", Pagina80Met kunt u de ingestelde duur resetten. 3. Druk op . 4. Start de werking met . Tijdsduur wijzigenU kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen. 1. Druk op de ingestelde tijdsduur. 2. Stel de gewenste tijdsduur in. 3. Druk op . Tijdsduur afbrekenU kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken. 1. Druk op de ingestelde tijdsduur. 2. Reset de tijdsduur met .
Kinderslot nl81Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset hetapparaat de tijdsduur terug naar de vooringesteldewaarde. 3. Druk op . 12. 3 Starttijdvoorkeuze "Klaar om" instellenHet tijdstip waarop de tijdsduur van de werking moetzijn afgerond, kunt u tot maximaal 24 uur verschuiven. Opmerkingen¡ Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wij-zigt u het einde niet meer als de werking eenmaal isgestart. ¡ Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven,dient u ze niet te lang in de binnenruimte te latenstaan. Vereisten¡ Een functie en een stand zijn ingesteld. ¡ Er is een tijdsduur ingesteld. 1. Druk op "Klaar om". 2. Stel met en de minuten in of selecteer een voorin-gestelde waarde op het display. 3. Druk om de uren in te stellen op uren. 4. Stel met en de uren in of selecteer een vooringe-stelde waarde op het display. 5. Druk op . 6. Druk op a Het display toont de starttijd.
Het apparaat bevindtzich in de wachtstand. a Als de starttijd is bereikt, begint de werking en detijdsduur loopt af. a Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing dat de werking is beëindigd. a7. Voer wanneer de tijdsduur is verstreken één van devolgende acties uit:‒ Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Starttijdvoorkeuze "Klaar om" wijzigenOm een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt ude ingestelde tijd alleen wijzigen voordat de werkinggestart is en de tijdsduur afloopt. 1. Druk op . 2. Druk op "Klaar om". 3. De gewenste tijd instellen. 4. Druk op . Starttijdvoorkeuze "Klaar om" annuleren1. Druk op . 2. "Klaar om". 3. Reset de tijd met . 4. Druk op .
a De bedieningselementen zijn geblokkeerd. 13. 2 Kinderslot deactiveren1. Druk op . 2. Houd "Ontgrendel" ca. 4 seconden ingedrukt. a De bedieningselementen zijn gedeblokkeerd. Basisinstellingen14 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgensuw wensen instellen. 14. 1 Overzicht van de basisinstellingenHier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksin-stellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van deuitvoering van uw apparaat. Meer informatie over de afzonderlijke basisinstellingenkrijgt u op het display. Opmerkingen¡ Wijzigingen van de instellingen van de taal, de sen-sortoetstoon en de display-helderheid hebben directeffect. Alle andere instellingen zijn pas actief wan-neer u de instellingen opslaat. ¡ Uw wijzigingen van de basisinstellingen blijven ookna een stroomstoring bewaard.
Basisinstellingen KeuzeTaal Zie de selectie op het ap-paraatTijd Tijd in het 24 h-formaatDatum Datum in formaatDD. MM. JJJJDisplay KeuzeHelderheid Standen 1 t/m 8 1Tijd ¡ Indicaties(deze instelling ver-hoogt het energiever-bruik)¡ Tijdslimiet1¡ Niet weergeven1Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaat-type afwijken).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Neff NL4GR31N1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Magnetron Neff
Handleiding Magnetron
Nieuwste handleidingen voor Magnetron