Neff KI8526F30 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Neff KI8526F30 (115 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 56 mensen. Heb je een vraag over Neff KI8526F30 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Neff |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | KI8526F30 |
Handleiding Neff KI8526F30 – volledige tekst
nl88nl Inhoudnl Gebr ui ks a anwi j z i ng( Veiligheidsvoorschriften. 90Over deze gebruiksaanwijzing. 90Kans op explosie. 90Gevaar voor een elektrische schok. 90Verbrandingsgevaar door kou. 90Risico op letsel. 91Gevaren door of van het koelmiddel. 91Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen. 91Materiële schade. 92Gewicht. 928 Correct gebruik van het apparaat. 927 Milieubescherming. 93Verpakking. 93Oude apparaten. 935 Installeren en aansluiten. 94Inhoud van de verpakking. 94Technische gegevens. 94Apparaat installeren. 94Nisdiepte. 94Energie besparen. 95Voor het eerste gebruik. 96Elektrische aansluiting. 96* Het apparaat leren kennen. 97Apparaat. 97Bedieningselementen. 97Uitrusting. 971 Apparaat bedienen. 98Apparaat inschakelen. 98Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen. 98Temperatuur instellen. 99Supervriezen. 99M Alarm. 99Deuralarm. 99U Koelvak.
100In acht nemen bij het bewaren. 100Let op de koudezones in het koelvak. 100TVerskoelruimte. 101Groentelade. 101Verskoellade. 101Bewaartijden bij 0 °C. 101W Vriesvak. 102Deur van het vriesvak. 102Maximale invriescapaciteit. 102Inkopen van diepvriesproducten. 102Attentie bij het inruimen. 102Verse levensmiddelen invriezen. 103Ontdooien van diepvrieswaren. 104= Ontdooien. 104Koelvak. 104Vriesvak. 104D Schoonmaken. 105Schoonmaken van het interieur. 105.
nl Veiligheidsvoorschriften90( VeiligheidsvoorschriftenVei l i gh ei d sv o or sc hr i f t e nDit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord.Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.Over deze gebruiksaanwijzing■Lees de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding en neem deze in acht. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.■De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding negeert.■Bewaar alle documenten voor later gebruik en voor eventuele volgende eigenaars.Kans op explosie■Gebruik nooit elektrische apparaten in het apparaat (bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders).■Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv.
spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan.■Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.Gevaar voor een elektrische schokOnvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.■Bij een beschadigd aansluitsnoer: Maak het apparaat direct los van het stroomnet.■Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters.■Het apparaat uitsluitend laten repareren door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.■Gebruik alleen originele onderdelen van de fabrikant.De fabrikant garandeert dat deze onderdelen voldoen aan de veiligheidseisen.Verbrandingsgevaar door kou■Diepvrieswaren nadat u ze uit het vriesvak hebt gehaald, nooit onmiddellijk in de mond nemen.■Voorkom dat de huid langdurig in contact komt met diepvrieswaren, ijs en de buizen in het vriesvak.
Veiligheidsvoorschriften nl91Risico op letselFlessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten. Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.Gevaren door of van het koelmiddelDoor de leidingen van het koelcircuit stroomt een kleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maar brandbaar koelmiddel (R600a). Dit is niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect niet.
Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten.■Leidingen niet beschadigen.Bij beschadiging van de leidingen:■Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden.■De ruimte ventileren.■Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.■Contact opnemen met de servicedienst.Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personenEr bestaat gevaar voor:■kinderen;■personen met lichamelijke, geestelijke of zintuiglijke beperkingen;■personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat.Maatregelen:■Zorg dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn.■Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren.■Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.■Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen.■Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.
nl Bestemming van het apparaat92Kans op stikken■Bij een apparaat met deurslot: Sleutel buiten bereik van kinderen opbergen.■Verpakkingsmateriaal en onderdelen van het apparaat zijn geen speelgoed voor kinderen.Materiële schadeOm materiële schade te voorkomen:■Niet op de sokkel, uitschuifdelen of deuren staan of leunen.■Kunststof onderdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij houden.■Aan de stekker trekken – niet aan de aansluitkabel.GewichtHoud er bij plaatsing en transport van het apparaat rekening mee dat het apparaat erg zwaar kan zijn.
~ "De juiste opstelplaats" op pagina 948 Correct gebruik van het apparaatBes t e mmi ng v an het app ar a atGebruik dit apparaat■uitsluitend voor het koelen en invriezen van levensmiddelen en voor ijsbereiding.■uitsluitend voor privégebruik en huishoudelijk gebruik.■uitsluitend volgens deze gebruiksaanwijzing.Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
Milieubescherming nl937 MilieubeschermingMi l i eu bes c her mi n gVerpakkingAlle materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen hergebruikt worden.■Zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.■Informatie over het afvoeren van afval en het oude apparaat kunt u opvragen bij uw speciaalzaak of bij de gemeente.Oude apparatenDoor een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.:WaarschuwingKinderen kunnen zichzelf in het apparaat opsluiten en stikken! ■Legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen, om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen.■Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.Attentie!Er kan koelmiddel en schadelijk gas vrijkomen.Buizen van de koelmiddelkringloop en isolatie niet beschadigen.1. Stekker uit het stopcontact halen.2. Aansluitsnoer doorknippen.3.
nl Installeren en aansluiten945 Installeren en aansluitenI n s t a l l e r e n en aa ns l ui t enInhoud van de verpakkingControleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade. Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst. ~ "Servicedienst" op pagina 110De levering bestaat uit de volgende onderdelen:■Inbouwapparaat■Uitrusting (modelafhankelijk)■Montagemateriaal■Gebruiksaanwijzing■Installatievoorschrift■Klantenserviceboekje■Garantiebijlage■Informatie over energieverbruik en geluidenTechnische gegevensKoelmiddel, netto inhoud van het apparaat en andere technische gegevens vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 97Apparaat installerenDe juiste opstelplaatsHoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld.
In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 97Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 60 kg bedragen. Toegestane omgevingstemperatuurDe toegestane binnentemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat. Informatie over de klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 97Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een binnentemperatuur van +5 °C.
NisdiepteVoor het apparaat wordt een nisdiepte van 56 cm aanbevolen. Bij een kleinere nisdiepte – minstens 55 cm – wordt het energieverbruik iets hoger. Klimaatklasse Toegestane omgevingstemperatuurSN +10 °C. 32 °CN+16 °C.
Installeren en aansluiten nl95Energie besparenWanneer u de volgende aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom. Aanwijzing: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat. Apparaat installerenApparaat niet blootstellen aan direct zonlicht. Bij een lage omgevingstemperatuur hoeft het appa-raat minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen plaatsen:Naast elektrische of gasfornuizen: 3 cm. Naast een cv-installatie: 30 cm. Aanwijzing: Als dat niet mogelijk is een isolatie-plaat aanbrengen tussen het apparaat en de warmte-bron. Een opstelplaats met een binnentemperatuur van ca. 20 °C kiezen. Een nisdiepte van 56 cm aanhouden. Attentie. Gevaar voor verbranding. Sommige onderdelen van het apparaat worden tij-dens het gebruik heet.
Aanraking van deze onderde-len kan brandwonden veroorzaken. De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren. De ruimte dagelijks luchten. Gebruik van het apparaatDeur van het apparaat slechts kort openen. De lucht in het apparaat wordt niet veel warmer. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Gekochte levensmiddelen in een koeltas transporte-ren en snel in het apparaat leggen. Warme levensmiddelen en dranken eerst laten afkoelen en daarna in het apparaat leggen. Diepvrieswaren ter ontdooiing in het koelvak leggen, om de koude van de diepvrieswaren te benutten. Altijd wat ruimte openlaten tussen de levensmidde-len en de achterwand. De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant.
nl Installeren en aansluiten96--------Voor het eerste gebruik1. Infomateriaal eruit nemen en zowel plakband als beschermfolie verwijderen. 2. Apparaat schoonmaken. ~ "Schoonmaken" op pagina 105Elektrische aansluitingAttentie. Het apparaat niet aansluiten op een elektronische electronische energiebesparende stekker. Aanwijzing: U kunt het apparaat aansluiten op netvoedingsinverters en sinusinverters. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties met rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen dient u sinusinverters gebruiken. Losstaande systemen, bijv. op schepen of in berghutten, hebben geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. 1. Na plaatsing van het apparaat minstens 1 uur wachten met aansluiten, om beschadiging van de compressor te voorkomen. 2.
Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact. Het stopcontact moet voldoen aan de volgende voorwaarden:Buiten Europa: controleren of de vermelde stroomsoort van het apparaat overeenkomt met de waarden van uw elektriciteitsnet. De gegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 973. Sluit het apparaat aan op een stopcontact in de buurt van het apparaat. Het stopcontact moet ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn. :WaarschuwingGevaar voor een elektrische schok. Indien het aansluitsnoer niet lang genoeg is, mag u in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren gebruiken. Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen. Vriesvak regelmatig ontdooien.
Een laag rijp of ijs in het vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en ver-hoogt het energieverbruik. Deur van het vriesvak zorgvuldig sluiten. Er treedt sterke ijsvorming in het vriesvak op. Het apparaat moet vaker koelen en verbruikt meer stroom. Gebruik van het apparaatStopcontact met 220 V.
Het apparaat leren kennen nl97* Het apparaat leren kennenHe t ap par a at l er en k enn enKlap het laatste blad met afbeeldingen open. Afhankelijk van de uitrusting kunnen er verschillen zijn tussen uw apparaat en de afbeeldingen.Apparaat~ Afb. !* Niet bij alle modellen.Bedieningselementen~ Afb. "Uitrusting(niet bij alle modellen)Legplateau~ Afb. #U kunt het legplateau variëren:■Legplateau eruit trekken en verwijderen.Varioplateau~ Afb. $U kunt hoge voorwerpen koelen (bijv. kannen of flessen):■Het voorste deel van het legplateau verwijderen en onder het achterste deel schuiven.Uittrekbaar legplateau~ Afb. %U kunt zorgen voor een beter overzicht:■Legplateau eruit trekken.U kunt het legplateau geheel verwijderen: 1. Beide knoppen onder het legplateau indrukken en ingedrukt houden.2.
Legplateau eruit trekken, laten zakken en zijwaarts naar buiten draaien.#Vriesvak+Koelvak3Verskoelruimte( H... BedieningselementenPVerlichtingX* Uittrekbaar legplateau`Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaarhGroentelade)" Verskoellade)* Typeplaatje)2* Boter- en kaasvak): Vak voor grote flessen(Toets #Schakelt het apparaat in of uit.0Toets vriesvak SuperSchakelt het supervriezen in of uit.8Toets K J/ Stelt de temperatuur in.@Indicatie temperatuur koelvak Toont de ingestelde temperatuur in °C.HToets AlarmSchakelt het alarmsignaal uit.
nl Apparaat bedienen98Reservoir~ Afb. &U kunt de lade verwijderen: ■Lade achteraan iets optillen en verwijderen.U kunt de lade aanbrengen:■Lade op de rails plaatsen en in het apparaat schuiven.Botervak en kaasvak~ Afb. 'U kunt het vak op simpele wijze openen:■Onderaan in het midden van de klep licht indrukken.Het vak wordt naar onderen geopend. De klep schuift onder het vak.Voorraadvakken~ Afb. (U kunt het flessenrek verwijderen:■Flessenrek optillen en verwijderen.Flessenhouder~ Afb. )Wanneer u de deur opent en sluit:■Het flessenrek voorkomt dat de flessen kantelen.IJsbakjeU kunt ijsblokjes maken:1. Het ijsbakje voor 3/4 met water vullen en in het vriesvak zetten zetten.Aanwijzing: Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (bijv. steel van een lepel).2.
Om de ijsblokjes los te maken: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden.1 Apparaat bedienenApp a r a at b ed i enenApparaat inschakelen1. Toets indrukken.#Het apparaat begint te koelen.2. De gewenste temperatuur instellen. ~ "Temperatuur instellen" op pagina 99Opmerkingen bij/voor het gebruik■Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. Geen levensmiddelen inruimen voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.■De voorzijde van het apparaat achter de deur wordt gedeeltelijk licht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting wordt voorkomen. Apparaat uitschakelen en buiten werking stellenApparaat uitschakelen■Toets indrukken.#Het apparaat koelt niet meer.Apparaat buiten werking stellenAls u het apparaat langere tijd niet gebruikt:1. Toets indrukken.#Het apparaat koelt niet meer.2.
Alarm nl99Temperatuur instellenAanbevolen temperatuurKoelvak■Toets K J/ meermaals indrukken tot de gewenste temperatuur verschijnt op de display.VerskoelruimteDe temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.Aanwijzing: Wanneer rijp op de kleine koelproducten in de verskoelruimte voorkomt: De temperatuur warmer instellen. ~ "Storingen, wat te doen?" op pagina 108VriesvakDe temperatuur in de koelruimte beïnvloedt de temperatuur in het vriesvak. Verander de temperatuur in de koelruimte om de temperatuur in het vriesvak te veranderen. Hoger ingestelde koelruimtetemperaturen zorgen voor hogere vriesvaktemperaturen.SupervriezenBij het supervriezen wordt het vriesvak zo koud als mogelijk is. Het supervriezen inschakelen bijv.:■om levensmiddelen snel tot in de kern in te vriezen■4 ... 6 uur vóór opslag van een levensmiddelhoeveelheid vanaf 2 kg■om het max.
vriesvermogen te benutten ~ "Maximale invriescapaciteit" op pagina 102Aanwijzing: Als het supervriezen is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.Na ca. 1 ^ dag schakelt het apparaat over op normale werking.Supervriezen in-/uitschakelen: ■Toets indrukken.SuperDe toets brandt als het supervriessysteem is ingeschakeld.M AlarmAl ar mDeuralarmAls de deur van het apparaat langer dan twee minuten open staat, wordt het deuralarm (aanhoudend geluidssignaal) ingeschakeld.■Deur sluiten of toets Alarm indrukken. Het alarmsignaal wordt uitgeschakeld.Koelvak: +4 °C
nl Koelvak100U KoelvakKoel v a kHet koelvak is geschikt voor het bewaren van melkproducten, eieren, bereide gerechten, bakproducten, geopende conserven en harde kaas.De temperatuur is van +3 °C ... +8 °C instelbaar.Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de temperatuur, hoe langzamer de gistingsprocessen, de chemische processen en het bederf door micro-organismen verloopt. Een temperatuur van +4 °C of lager waarborgt een optimale versheid en veiligheid van de levensmiddelen.In acht nemen bij het bewaren■Verse, onbeschadigde levensmiddelen inruimen.
Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard.■Bij kant-en-klaarproducten en gebottelde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum niet overschrijden.■De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma/smaak, kleur en versheid te bewaren.Zo voorkomt u smaakvermenging en verkleuring van de kunststof onderdelen.■Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, dan in het koelvak zetten.Let op de koudezones in het koelvakDoor de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan verschillende koudezones.Koudste zoneDe koudste zone is op de scheidingsplaat en in het vak voor grote flessen.Warmste zoneDe warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.Opmerkingen■Bewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter.
Verskoelruimte nl101TVerskoelruimteVe r s k o e l r ui mt eDe temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden. De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid zorgen voor ideale omstandigheden voor het bewaren van verse levensmiddelen. Door de verskoelmogelijkheid kunt u verse levensmiddelen tot wel drie keer langer vers houden dan in het koelvak – voor het langer vers blijven, een langer behoud van voedingsstoffen en een betere smaak. Groentelade~ Afb. *De groentelade is de optimale plaats voor het bewaren van vers fruit en verse groente. Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen.
De luchtvochtigheid in de groentelade kunt u instellen afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen:■overwegend fruit en bij hoge belading – lagere luchtvochtigheid instellen■overwegend groente en bij gemengde belading of geringe belading – hogere luchtvochtigheid instellenAanwijzingen■Koudegevoelige soorten fruit (bijv. ananas, bananen, papaja's en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten het apparaat op temperaturen van circa +8 °C. +12 °C te worden bewaard. ■Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de groentelade condenswater vormen. Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar. Verskoellade~ Afb. /.
nl Vriesvak102W VriesvakVr i es v akHet vriesvak is geschikt voor:■bewaren van diepvriesproducten;■maken van ijsblokjes;■om levensmiddelen in te vriezen. De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in de koelruimte. Door diepvriesopslag kunt u bederfelijke levensmiddelen vrijwel zonder kwaliteitsafname langdurig bewaren, omdat de lage temperatuur het bederf sterk vertraagt of stopzet. Het uiterlijk, het aroma en alle belangrijke inhoudsstoffen blijven grotendeels behouden. De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van de volgende factoren:■ingestelde temperatuur■soort levensmiddel■vulling van het vriesvak■bewaarde hoeveelheid en soort levensmiddelenDeur van het vriesvak~ Afb. +Neem de volgende punten in acht:■De stand van de handgreep geeft aan of het vriesvak goed gesloten is.
■De deur van het vriesvak sluit met een hoorbare klik. ■Als de deur van het vriesvak open staat, ontdooien de opgeslagen diepvrieswaren. Er treedt sterke ijsvorming in het vriesvak op. Maximale invriescapaciteitHet maximum vriesvermogen geeft de hoeveelheid levensmiddelen aan die in 24 uur tot in de kern kunnen worden ingevroren. Gegevens over de maximale invriescapaciteit vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 97Voorwaarden voor max. invriesvermogen1. Bij het inruimen van verse waren: supervriezen inschakelen. ~ "Supervriezen" op pagina 992. Verse levensmiddelen zo dicht mogelijk bij de zijwanden invriezen. Inkopen van diepvriesproducten■Op onbeschadigde verpakking letten. ■Houdbaarheidsdatum niet overschrijden. ■De temperatuur in de supermarktvriezer moet –18 °C of kouder zijn.
■De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen. Attentie bij het inruimen■Levensmiddelen over een groot oppervlak van het vriesvak verdelen. ■In te vriezen levensmiddelen niet in aanraking brengen met ingevroren levensmiddelen.
Niet geschikt om in te vriezen■groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes;■ongepelde of hardgekookte eieren;■wijndruiven/druiven;■hele appels, peren en perziken;■yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonaise. Diepvrieswaren verpakkenDe juiste verpakking en materiaalkeuze bepalen in belangrijke mate het behoud van de productkwaliteit en het voorkomen van vriesbrand. 1. Levensmiddelen in de verpakking leggen. 2. Lucht eruit drukken. 3. Verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen. 4. Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum. Als verpakking geschikt:■kunststoffolie;■wrapfolie van polyethyleen (PE);■aluminiumfolie;■diepvriesdozen. Geschikte afsluitingen:■rubber ringen;■kunststofclips;■koudebestendig plakband.
nl Ontdooien104Ontdooien van diepvrieswarenDe ontdooimethode dient te worden aangepast aan het levensmiddel en het gebruiksdoel, om de productkwaliteit zo goed mogelijk te behouden.Ontdooimethoden:■in het koelvak (vooral geschikt voor dierlijke levensmiddelen zoals vis, vlees, kaas, kwark)■op kamertemperatuur (brood)■magnetron (levensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding)■oven/fornuis (levensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding)Attentie!Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Pas nadat het is verwerkt tot een panklaar gerecht (gekookt of gebraden), kunt u het opnieuw invriezen.De maximale opslagtijd van het diepvrieswaren niet meer volledig benutten.= OntdooienOn t doo i enKoelvakHet ontdooien wordt automatisch uitgevoerd.VriesvakOmdat de diepvrieswaren niet mogen ontdooien, wordt het vriesvak niet automatisch ontdooid.
Een laag rijp of ijs in het vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.■De laag rijp of ijs regelmatig verwijderen.Attentie!Schade aan de leidingen van het koelcircuit voorkomen.Vrijkomend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of vlam vatten.■Een laag rijp of ijs niet met een mes of een scherp voorwerp afschrapen.Ga als volgt te werk:1. Ca. 4 uur voor het ontdooien het supervriezen inschakelen.De levensmiddelen worden daardoor tot zeer lage temperaturen afgekoeld, zodat u deze langer op kamertemperatuur kunt bewaren.2. Diepvrieswaren verwijderen en tussentijds op een koele plaats bewaren.3. Apparaat uitschakelen.4. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.5. Om het ontdooiproces te versnellen: een pan met heet water op een onderzetter in het vriesvak zetten.6. Met een doek of spons het smeltwater opnemen.7.
Schoonmaken nl105D SchoonmakenScho o nma k e nAttentie!Beschadiging van het apparaat en de uitrustingsonderdelen vermijden.■Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.■Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.■De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden. Ze kunnen vervormen.Ga als volgt te werk:1. Apparaat uitschakelen.2. De stekker uit het stopcontact trek-ken of de zekering uitschakelen.3. Levensmiddelen verwijderen en op een koele plaats bewaren.De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.4. Indien aanwezig: Wachten tot de rijplaag is ontdooid.5.
Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel.Attentie!Het afwaswater mag niet in de ver-lichting of via het afvoergat in het verdampingsgedeelte terechtkomen.6. Deurafdichting afvegen met schoon water en goed afdrogen.7. Apparaat weer aansluiten, inschake-len en levensmiddelen inruimen.Schoonmaken van het interieurDe variabele onderdelen uit het apparaat nemen. ~ "Uitrusting" op pagina 97Scheidingsplaat en afdekking groenteladeScheidingsplaat verwijderen~ Afb. ,■Hendel aan de onderzijde aan beide zijden indrukken, scheidingsplaat naar voren trekken, optillen en zijwaarts naar buiten draaien.Afdekking van de groentelade verwijderen■Afdekking optillen, naar voren trek-ken en zijwaarts naar buiten draaien.Afdekking van de groentelade en scheidingsplaat aanbrengen~ Afb. -1. Afdekking van de groentelade aanbrengen.2.
Verlichting nl1079 VerlichtingVe r l i c h t i n gHet apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.Alleen de klantenservice of een geautoriseerde vakman mag de verlichting repareren.> GeluidenGel ui d enNormale geluidenBrommen: Er loopt een motor, bijv. koelaggregaat, ventilator.Borrelen, zoemen of gorgelen: Koelmiddel stroomt door de buizen.Klikgeluiden: Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.Gekraak: automatische ontdooiing wordt uitgevoerd.Voorkomen van geluidenHet apparaat staat niet waterpas: Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Indien nodig er iets onderleggen.Lades, legplateaus of flessenrekken wiebelen of klemmen: Uitneembare uitrustingsonderdelen controleren en eventueel opnieuw aanbrengen.Flessen of serviesgoed raken elkaar: Flessen of schalen uit elkaar zetten.
nl Storingen, wat te doen?1083 Storingen, wat te doen?St o r i ng en , wa t t e doe n?Controleer aan de hand van deze tabel of u de storing zelf kunt verhelpen, voordat u de klantenservice belt.De temperatuur wijkt erg af van de instelling.Apparaat 5 minuten uitschakelen. ~ "Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen" op pagina 98Wanneer de temperatuur te hoog is, de temperatuur na een paar uur opnieuw controleren.Wanneer de temperatuur te laag is, de temperatuur de volgende dag opnieuw controleren.Geen enkele indicatie brandt.De stekker zit niet goed in het stopcontact. Stekker in het stopcontact steken.De zekering is geactiveerd. Zekeringen controleren.De stroom is uitgevallen. Controleren of er stroom is.De indicatie geeft E... aan.De elektronica heeft een fout geconstateerd. Contact opnemen met de servicedienst.
~ "Servicedienst" op pagina 110Het apparaat koelt niet, de indicatie en verlichting branden.Presentatielicht ingeschakeld. Zelftest starten. ~ "Zelftest apparaat" op pagina 110Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.
Storingen, wat te doen? nl109--------In de verskoelruimte is het te warm of te koud.De standaardinstelling is te hoog of te laag inge-steld (bijv. bij vorst in de verskoelruimte).U kunt de temperatuur in het verskoelvak 3 standen warmer of kouder instellen. Als de temperatuur in het koelvak op stand 0 is ingesteld, heeft het vers-koelvak een temperatuur van omstreeks 0 °C.Aanwijzing: Een verandering van de standaardin-stelling beïnvloedt de temperatuur in het koelvak en het vriesvak.1. Toets Vriesvak indrukken en ingedrukt Superhouden totdat de indicatie Temperatuur koelvak knippert.2. Toets K J/ indrukken om de instelling te wijzigen.Stand –3 is de koudste instelling.Stand +3 is de warmste instelling.Na een minuut wordt de ingestelde stand opgeslagen.
nl Servicedienst1104 Servicedienst Ser v i c ed i e ns tAls het u niet lukt om de storing zelf te verhelpen, kunt u contact opnemen met onze klantenservice. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van de monteur te voorkomen. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u hier of in de lijst met Servicedienstadressen. Vermeld bij het telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (E-Nr.) en het productnummer (FD), die u op het typeplaatje vindt. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 97 Vertrouw op de competentie van de fabrikant. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.Zelftest apparaatUw apparaat beschikt over een zelftestprogramma dat fouten aangeeft, die uw klantenservice kan verhelpen.1.
Terwijl de zelftest wordt uitgevoerd, klinkt ondertussen een lang geluidssignaal.■Als na afloop van de zelftest 2 geluidssignalen klinken en de ingestelde temperatuur wordt weergegeven: uw apparaat is in orde.■Als na afloop van de zelftest 5 geluidssignalen klinken en de toets Super Vriesvak 10 seconden knippert: contact opnemen met de Servicedienst.Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.Verzoek om reparatie en advies bij storingenDe contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.--------GarantieMeer informatie over de garantieperiode en de garantievoorwaarden in uw land zijn verkrijgbaar bij uw klantenservice, uw speciaalzaak en op onze website.NL 088 424 4040B 070 222 143
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Neff KI8526F30 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden