Monacor PA-8120RCD Handleiding

Monacor Receiver PA-8120RCD

Bekijk gratis de handleiding van Monacor PA-8120RCD (26 pagina’s), behorend tot de categorie Receiver. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 49 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Monacor PA-8120RCD of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/26
ELECTRONICS FOR SPECIALISTS ELECTRONICS FOR SPECIALISTS ELECTRONICS FOR SPECIALISTS ELECTRONICS FOR SPECIALISTS
BEDIENUNGSANLEITUNG
INSTRUCTION MANUAL
MODE D’EMPLOI
ISTRUZIONI PER L’USO
GEBRUIKSAANWIJZING
MANUAL DE INSTRUCCIONES
INSTRUKCJA OBSŁUGI
SIKKERHEDSOPLYSNINGER
SÄKERHETSFÖRESKRIFTER
TURVALLISUUDESTA
ELA-Mischverstärker
mit Radio und CD-/MP3-Spieler
PA Mixing Amplifier
with Radio and CD/MP3 Player
PA-8120RCD
Bestell-Nr. • Order No. 0173040

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Monacor
Categorie: Receiver
Model: PA-8120RCD
Kleur van het product: Zwart
Gewicht: 10500 g
Breedte: 482 mm
Diepte: 450 mm
Hoogte: 110 mm
Connectiviteitstechnologie: Bedraad
Ingang stroom: Ja
Bedoeld voor: Optreden/podium
Equalizer-instellingen: Ja
Audio-uitgangskanalen: - kanalen
Signaal/ruis-verhouding: 65 dB
Totale harmonische vervorming (THD): 0.5 procent
XLR in: Ja
AC-ingangsspanning: 230 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Bedrijfstemperatuur (T-T): 0 - 40 °C
Piekvermogen per kanaal: 120 W
Speakers connectiviteit type: Klemmenaansluiting

Handleiding Monacor PA-8120RCD – volledige tekst

16NederlandsELA-mengversterker met radio en cd-/mp3-spelerDeze handleiding is bedoeld voor installateurs van geluidsinstallaties (hoofdstuk 1 –7) en voor gebrui-kers zonder specifieke vakkennis (hoofdstuk 1 – 3 en 6). Lees de handleiding grondig door, alvorens het apparaat in gebruik te nemen, en bewaar ze voor latere raadpleging. Op de uitklapbare pagina 3 vindt u een over-zicht van de bedieningselementen en de aan-sluitingen. 1 Overzicht1.

1 Frontpaneel1 Ingangsniveauregelaar INPUT 1 – 52 Equalizer BASS en TREBLE3 Regelaar MASTER voor het geluidsvolume van de aangesloten luidsprekers4 Display van de radio5 Cd-lade, kan met de toets (24) worden ge-opend en gesloten6 Toets om het afspelen te beëindigen7 Toetsen I  en I om de tracks te selecteren en snel vooruit / achteruit te zoekenEen track selecteren Telkens u op de toets drukt, gaat u Ieen track verder; door op de toets I te drukken, keert u terug naar het begin van de track; telkens u daarna op de toets drukt, gaat u een track terug. Snel vooruit / achteruit zoeken Houd de toets ingedrukt om vooruit Ite zoeken, de toets I om achteruit te zoeken.

8 Niveauweergave voor de luidsprekeruitgan-gen9 Schakelaar CHIME Als u wenst dat er (vóór elke aankondiging) bij het drukken op één van op de contacten PRIORITY (26) aangesloten drukknoppen een gongsignaal weerklinkt, dan drukt u op de schakelaar. 10 Toets SIREN voor het in- en uitschakelen van de alarmsirene11 Toets AM / FM om te wisselen tussen UKG-ont-vangst (FM) en middengolfontvangst (AM)12 De toetsen UP en DOWN voor het starten van de zenderzoekfunctie (toets langer ingedrukt houden) en voor het fijninstellen van de zen-der (slechts even op de toets drukken)13 Toets MEMORY voor het opslaan van een zender: 1. Zender instellen 2. Op toets MEMORY drukken 3.

Op zendertoets (14) drukken14 Zendertoetsen M1 – M 515 POWER-schakelaar voor de radio Om in te schakelen houdt u de toets ingedrukt tot het display (4) oplicht; om uit te schakelen houdt u de toets ingedrukt tot het display uitgaat. 16 Toetsen VOLUME voor het geluidsvolume van de radio17 USB-interface om een USB-stick in te pluggen18 Display van de cd-speler, details zie figuur 3a REP wordt weergegeven bij ingeschakelde herhalingsfunctieb Weergavesymboolc Pauzesymboold CD wordt weergegeven als er een gewone audio-cd werd ingelegde ALL wordt naast REP (a) weergegeven als alle tracks continu worden herhaaldf RAN wordt weergegeven als de tracks in willekeurige volgorde worden gespeeldg Nummer van de geselecteerde track of, met de letter F ervoor, het nummer van de geselecteerde map (bv. F04)h Reeds verstreken speeltijd van de tracki Weergave van het antischokgeheugen (☞hoofdstuk 6. 3.

4)19 Toets II om tussen afspelen en pauze om te schakelen20 Toets CD / USB om tussen CD- en USB-aanslui-ting te wisselen (17)21 Toets voor de bijkomende functies Her-haling en Willekeurig afspelen1de keer drukken op de toets: displaybericht REP continu herhaling van de track2de keer drukken op de toets: displaybericht REP ALL continu herhaling van alle tracks3de keer drukken op de toets: displaybericht RAN weergave van de tracks in willekeurige volgorde4de keer drukken op de toets: displaybericht RAN verdwijnt bijkomende functies uitgeschakeld22 Toetsen en voor het instellen van het geluidsvolume van de cd-speler23 POWER-schakelaar voor de cd-speler Na het drukken op de toets moet u minstens 3seconden wachten ervoor u opnieuw op de toets kunt drukken. 24 Toets voor het openen en sluiten van de cd-lade (5)25 POWER-schakelaar1.

2 Achterzijde26 Aansluitingen PRIORITY Als een hierop aangesloten drukknop of scha-kelaar wordt gesloten, worden de ingangen INPUT 2 – 4 en AUX 1/ 2 gedempt. Bij inge-drukte schakelaar CHIME (9) weerklinkt ook een gongsignaal.

27 Aansluitjack voor een FM-antenne28 Aansluitingen voor een afzonderlijke schake-laar om de alarmsirene te activeren29 Aansluitklemmen voor een middengolf- antenne30 Aansluitingen PRIORITY INPUT 1 Als deze contacten (bv. via een schakelaar of een draadbrug) met elkaar verbonden zijn, dan worden de ingangen INPUT 2 – 4 en AUX 1/ 2 uitgemengd, zolang een signaal op de ingang INPUT 1 aanwezig is (talkover). 31 Jumper: weg te nemen als er een audioappa-raat voor de signaalbewerking op de verster-ker moet worden aangesloten32 Cinch-jacks TAPE OUT voor een opnameap-paraat of voor het doorsturen van het meng-signaal naar een andere versterker33 Bussen AMP IN en PRE OUT voor het tussen-schakelen van een audioapparaat voor de signaalbewerking34 Cinch-jacks AUX 1 en AUX 2 voor het in-gangskanaal INPUT 5 U kunt twee (stereo-) apparaten aansluiten, die via de DIP-schakelaar nr.

1 (46) kunnen worden omgeschakeld. 35 Combi-jacks (XLR / 6,3 mm-jack, gebalanceerd) voor de ingangskanalen INPUT 1 – 4 voor het aansluiten van microfoons of apparaten met lijnuitgang; omschakelbaar met de DIP-scha-kelaars nr. 1 (47)36 Schroefaansluitingen* van de ingangskanalen 1 – 4, in de plaats van de XLR-jacks (35)37 POWER-jack voor aansluiting op een stop-contact (230 V/ 50 Hz) met behulp van het bijgeleverde netsnoer38 Houder voor de netzekering Vervang een gesmolten zekering uitsluitend door een zekering van hetzelfde type. 39 Aansluitingen voor laagohmige luidsprekers (impedantie min. 4 Ω, 8 Ω of 16 Ω)40 Aansluitingen voor luidsprekers van 70 of 100 V41 AfschermingenWAARSCHUWINGGebruik de versterker nooit zonder de afschermingen. Anders loopt u bij contact met de aansluitingen het risico van een elektrische schok. 42 Massaklem, kan bv.

bij storende bromgeluiden worden gebruikt43 Aansluitingen* voor een telefoonsignaal dat via de geluidsinstallatie te horen moet zijn44 Ingangsniveauregelaar GAIN voor het signaal op de aansluitingen TEL PAGING (43)45 Schroefaansluitingen* voor het kanaal INPUT5, in de plaats van de cinch-jacks (34)46 DIP-schakelblok voor de ingang 5 (34, 45); schakelaar nr. x in de stand ON: Nr. 1 = Ingang 2 geselecteerd Nr. 2 = Hogere ingangsgevoeligheid Nr. 3 = Hoogdoorlaatfilter aan Nr. 4 = Hogere ingangsgevoeligheid47 DIP-schakelaars voor de ingangen 1 – 4 (35, 36); schakelaar nr. x in de stand ON: Nr. 1 = Microfoonniveau voor de ingang Nr. 2 = Signaal 180° in de fase gedraaid Nr. 3 = Hoogdoorlaatfilter aan Nr. 4 = Fantoomvoeding aan (niet voor de stekkerbussen)* Om makkelijker te werken, kunt u de schroefklemmen uit de stekkerverbinding trekken.

2 VeiligheidsvoorschriftenHet apparaat is in overeenstemming met alle re-levante EU-Richtlijnen en is daarom gekenmerkt met. WAARSCHUWINGDe netspanning van het appa-raat is levensgevaarlijk. Open het apparaat niet, en zorg dat u niets in de ventilatie-openingen steekt. U loopt het risico van een elektrische schok. • Het apparaat is enkel geschikt voor gebruik binnenshuis; vermijd druip- en spatwater, plaat-sen met een hoge vochtigheid en uitzonderlijk warme plaatsen (toegestaan omgevingstempe-ratuurbereik: 0 – 40 °C). • Plaats geen bekers met vloeistof zoals drink-glazen etc. op het apparaat. • De warmte die in het toestel ontstaat, moet door ventilatie worden afgevoerd. Dek daarom de ventilatieopeningen van de behuizing niet af. • Schakel het apparaat niet in resp. trek onmid-dellijk de stekker uit het stopcontact,1. wanneer het apparaat of het netsnoer zicht-baar beschadigd is,2.

wanneer er een defect zou kunnen optreden nadat het apparaat bijvoorbeeld is gevallen,3. wanneer het apparaat slecht functioneert. Het apparaat moet in elk geval worden hersteld door een gekwalificeerd vakman.

17Nederlands• Trek de stekker nooit met het snoer uit het stopcontact, maar met de stekker zelf. • Verwijder het stof met een droge, zachte doek. Gebruik zeker geen water of chemicaliën. • In geval van ongeoorloofd of verkeerd gebruik, verkeerde aansluiting, foutieve bediening of van herstelling door een niet-gekwalificeerd persoon vervalt de garantie en de verantwoor-delijkheid voor hieruit resulterende materiële of lichamelijke schade. Wanneer het apparaat definitief uit be-drijf wordt genomen, bezorg het dan voor milieuvriendelijke verwerking aan een plaatselijk recyclagebedrijf. 3 ToepassingenDeze versterker met een sinusvermogen van 120 W is speciaal ontworpen voor het gebruik in geluidsinstallaties. U kunt zowel luidsprekers van 100 V resp. 70 V gebruiken als laagohmige luidsprekers (impedantie min. 4 Ω).

Uitrusting:4 × ingangskanaal omschakelbaar lijn- of mi-crofoonniveau en met XLR / 6,3 mm-jack- en schroefaansluitingen1 × ingangskanaal schakelbaar tussen twee lijn-stereosignaalbronnen en met schroef- en cinchaansluitingen1 × schroefaansluitingen voor telefoonsignaal1 × ingang en uitgang met cinch-jacks voor het tussenschakelen van een audioapparaat voor signaalbewerking (autom. volumeregeling, equalizer etc. )1 × cd- / mp3-speler1 × AM / FM-radio1 × alarmsirene, inschakelbaar via interne en externe schakelaar1 × geluidssignaal, activering via drukknop1 × voorrangschakeling voor INPUT 14 De versterker opstellenDe versterker is voorzien voor montage in een 19”-rack (482 mm), maar kan ook als tafelmodel gebruikt worden. In elk geval moet de lucht door alle ventilatieopeningen kunnen stromen, om vol-doende ventilatie van de versterker te verzekeren. 4.

1 De montage in een rackVoor de montage in een rack hebt u 2 RE (2rack- eenheden = 89 mm) nodig. Om te voorkomen dat het rack topzwaar wordt, dient de versterker in het onderste gedeelte van het rack gemonteerd te worden. De frontplaat alleen is niet voldoende voor een veilige bevestiging.

Het toestel moet links en rechts door rails of onderaan door een bodemplaat extra ondersteund worden. 5 Het apparaat aansluitenDe in- en uitgangen mogen enkel aangesloten en gewijzigd worden, wanneer de PA-8120RCD en de aan te sluiten apparatuur uitgeschakeld is. Veel aansluitingen bevinden zich onder de beide afschermingen (41), bv. deze van de luid-sprekers. Neem de afschermingen weg om aan te sluiten. WAARSCHUWINGGebruik de versterker nooit zonder de afschermingen (41). Anders loopt u bij con-tact met de aansluitingen het risico van een elektrische schok. 5. 1 LuidsprekersOfwel sluit u luidsprekers van 100 V of 70 V aan op de klemmen (40) [figuren 4a en 4b] – de versterker mag met door de maximaal 120 Wluidsprekers worden belast, anders kan hij be-schadigd gerakenof sluit u een luidspreker of luidsprekergroep met een totale impedantie van 4 Ω, 8 Ω of 16 Ω aan op de klemmen (39).

De figuren 4c tot 4n tonen verschillende manieren waarop een correcte im-pedantie wordt gerealiseerd. Er zijn nog echter andere mogelijkheden. Bij het aansluiten van de luidsprekers moet u steeds op de juiste polariteit letten, zoals het op de figuren is weergegeven. 5. 2 MicrofoonsVier microfoons met een XLR- of 6,3 mm-stekker kunnen op de XLR / 6,3 mm-combi-jacks (35) van de ingangen 1 – 4 worden aangesloten. Voor mi-crofoons met vrije verbindingskabels kunt u ook de schroefklemmen (36) gebruiken. Deze kunnen voor een comfortabeler aansluiting uit hun stek-kerverbinding worden getrokken. De microfoon op ingang 1 kan prioriteit krij-gen op alle andere ingangen, door een schakelaar te sluiten die met de klemmen PRIORITY (26) is verbonden. 1) Bij het aansluiten van een microfoon plaatst u de schakelaar nr. 1 van het betreffende DIP-schakelblok (47) in de onderste stand (ON).

2) Bij gebruik van een microfoon met fantoom-voeding plaatst u de schakelaar nr. 4 van het betreffende DIP-schakelblok (47) in de onder-ste stand (ON).

De fantoomvoeding is alleen op de XLR-contacten en de schroefklemmen aangesloten. Via stekker aangesloten micro-foons krijgen geen fantoomvoeding. VOORZICHTIG. 1. Bedien de schakelaar alleen bij uitgescha-keld apparaat (schakelploppen). 2. Bij ingeschakelde fantoomvoeding (48 V) mag geen microfoon met ongebalanceerde bedrading zijn aangesloten, omdat deze beschadigd kan worden. 3) Als het hoogdoorlaatfilter moet worden inge-schakeld, bv. om de verstaanbaarheid te ver-hogen of het contactgeluid te onderdrukken, plaats de schakelaar nr. 3 van de bijbehorende DIP-schakelblok dan in onderste stand (ON). 4) Als er tussen twee microfoons een verschil-lende faselengte ontstaat (slechte basweer-gave van een geluidsbron), dan kan de klank eventueel worden verbeterd door de scha-kelaar nr. 2 op van de overeenkomstige eenDIP-schakelblokken om te schakelen. 5.

3 Audioapparatuur met lijnuitgangEr kunnen 6 apparaten met lijnuitgang (meng-paneel, mp3-speler etc. ) worden aangesloten:1) Sluit apparaten met een mono-uitgang aan op de combi-jacks (35) of op de klemmen (36) van de ingangen 1 – 4. Plaats de bijbehorende DIP-schakelaars nr. 1 – 4 (47) voor de basisin-stelling in de bovenste stand. 2) Sluit apparaten met een stereo-uitgang aan op de cinch-jacks: (34) of op de klemmen (45) van kanaal 5. Kies met de schakelaar nr. 1 van het betreffende DIP-schakelblok (46) tussen de ingangsjacks AUX 1 (schakelaar bovenaan) en AUX 2 (schakelaar onderaan, ON). Met de schakelaars nr. 2 en nr. 4 kunt u het niveau re-gelen indien nodig. In de onderste stand(ON) neemt het geluidsvolume van het aangesloten apparaat toe. Gebruik bij het aansluiten van een stereo- apparaat op een van de ingangen 1 – 4 een stereo-monoadapter (bv.

SMC-1 van MONA-COR) en een adapterkabel (bv. MCA-154 van MONACOR). Anders kunnen er delen van het signaal ontbreken. 3) Als het hoogdoorlaatfilter moet worden inge-schakeld, bv. om de verstaanbaarheid te ver-hogen, plaats de bijbehorende DIP-schakelaar nr.

3 dan in onderste stand (ON). 5. 4 Audioapparatuur voor designaalbewerkingVia de cinch-jacks AMP IN en PRE OUT (33) kunt u voor de signaalbewerking een audioapparaat tussenschakelen (bv. een equalizer of een automa-tische volumeregeling). Neem de jumper (31) weg, sluit de ingang van het audioapparaat aan op de jack PRE OUT en de uitgang op de jack AMP IN. Opmerking: In de versterker wordt het signaal onder-broken, als slechts een van de beide jacks (33) is aan-gesloten of als het tussengeschakelde apparaat niet is ingeschakeld, defect is of niet correct is aangesloten. De luidsprekers blijven dan gedempt. 5. 5 Opnameapparaat of extraversterkerEen opnameapparaat en / of een andere verster-ker (bv. als er meer luidsprekers nodig zijn, dan toegelaten is) kunt u op de cinch-jacks TAPE OUT (32) aansluiten.

Op beide jacks is hetzelfde monosignaal be-schikbaar dat niet door de regelaar MASTER (3) noch door de equalizers BASS en TREBLE (2) wordt beïnvloed. De uitgangssignalen van deze jacks kunnen daarom naar twee verschillende appara-ten worden gestuurd. 5. 6 TelefooninstallatieVia een telefooninstallatie kunt u aankondigingen met de geluidsinstallatie weergeven. 1) Stuur het signaal van de telefooninstallatie (lijnniveau) naar de klemmen TEL PAGING (43). 2) Stel tijdens een aankondiging het volume in met de regelaar GAIN (44). Alle andere ingangssignalen, behalve het sire-nesignaal, worden automatisch uitgemengd, zodra een signaal op de ingang TEL. PAGING beschikbaar is. 5. 7 Voorrangsbesturing, talkoverMet een op de klemmen PRIORITY (26) aange-sloten schakelaar kunnen alle ingangssignalen, behalve deze van het kanaal INPUT 1 en het sire-nesignaal, worden gedempt.

Als de aansluitingen PRIORITY INPUT 1 (30) met behulp van een draadbrug of een schakelaar verbonden zijn, worden de ingangen INPUT 2 – 4 en AUX 1/ 2 automatisch uitgemengd, zolang er een signaal op de ingang INPUT 1 aanwezig is (talkover). 5. 8 Afzonderlijke schakelaar voordealarmsireneSluit voor de afstandsbediende activering van de alarmsirene een schakelaar aan op de klemmen SIREN (28). 5. 9 Antenne- en netaansluiting1) Sluit op de jack FM (27) een FM-antenne aan en op de klemmen AM (29) een middengolfan-tenne. Bij goede ontvangstcondities kunnen ook bijgeleverde antennes worden gebruikt. 2) Ten slotte plugt u het bijgeleverde netsnoer eerst in de POWER-jack (37) en vervolgens de netstekker in een stopcontact (230 V/ 50 Hz).

18Nederlands6 BedieningSchakel eerst de aangesloten apparatuur in, en vervolgens de versterker met de netschakelaar POWER(25). Zo vermijdt u inschakelploppen. De gele LED “PWR ON” van de niveauweergave (8) licht op. 6. 1 Versterkermodule1) Draai de regelaar MASTER (3) zover open dat de overige instellingen goed te horen zijn. 2) Meng de ingangssignalen met de regelaars INPUT 1 – 5 (1), het signaal van de radiomodule met de toetsen VOLUME (16) en het signaal van de cd-speler met de toetsen en (22), of meng ze in en uit indien nodig. Zet het geluidsvolume van de niet-gebruikte kanalen steeds op nul. 3) Stel met de regelaar MASTER het uiteindelijke geluidsvolume in. De LED-ketting (8) geeft het uitgangsniveau weer. Als de rode LED vaak op-licht, wordt de versterker overstuurd. Draai de regelaar MASTER dan overeenkomstig terug.

4) Stel de klank met de regelaars BASS en TREBLE (2) optimaal in. 5) -Als een schakelaar of drukknop op de klemmen PRIORITY (26) is aangesloten, kunt u met deze schakelaar alle signalen op de ingangen INPUT 2 – 4 en AUX 1/ 2 dempen. Daardoor wordt een aankondiging via de ingang INPUT1 beter verstaanbaar. Wenst u bovendien dat er vóór elke aan-kondiging bij het drukken op de aangesloten schakelaar of drukknop een gongsignaal weer-klinkt, dan schakelt u dit in met de schakelaar CHIME (9). 6) Voor de akoestische alarmering kunt u de si-rene inschakelen met de schakelaar SIREN (10). 7) Na gebruik schakelt u eerst de versterker uit, vervolgens alle andere aangesloten apparaten. 6. 2 RadiomoduleOm de radiomodule in te schakelen houdt u de toets POWER (15) ingedrukt tot het display (4) op-licht.

De radiomodule moet steeds extra worden ingeschakeld, ook na een stroomonderbreking of als u de versterker met de toets POWER (25) uit- en opnieuw inschakelt. Stel het geluidsvolume in met de toetsen VOLUME (16). 6. 2. 1 Zender opslaanU kunt 5 FM- en 5 middengolfzenders opslaan:1) Selecteer het instelbereik met de toets AM / FM (11).

Dit wordt links op het display (4) weer-gegeven:FM = UKWAM = middengolf2) Houd de toets UP of DOWN (12) ingedrukt tot de zenderzoekfunctie vooruit of achteruit start. 3) De zenderzoekfunctie stopt bij de eerstvol-gende zender. Start de zoekfunctie zo vaak als nodig is om de gewenste zender te vinden. 4) Als de zenders erg dicht bij elkaar liggen, voert u eventueel een fijninstelling door: druk slechts even op de toets UP of DOWN, zodat de ont-vangstfrequentie in kleine stappen verhoogt of verlaagt, tot de ontvangstkwaliteit optimaal is. 5) Om op te slaan, drukt u op de toets MEMORY (13). Op het display knippert helemaal rechts een horizontaal balkje. 6) Druk op de zendertoets M1 – M5 (14), waar-onder de zender moet worden opgeslagen. Het displaybericht OK bevestigt het opslaan. 7) Herhaal de bedieningsprocedure voor alle an-dere op te slagen zenders. De zenders blijven max.

een week lang opgeslagen, als de ver-sterker is uitgeschakeld. 6. 2. 2 Opgeslagen zenders oproepenSelecteer eerst het ontvangstbereik met de toets AM / FM (11) [wordt links op het display aange-duid] en dan de gewenste zender met de betref-fende zendertoets M1 – M5 (14). Het nummer van de ingestelde zender verschijnt helemaal rechts op het display. 6. 3 Cd / mp3-spelerOp de cd-speler kunnen gewone audio-cd's wor-den afgespeeld, en ook zelf gebrande cd's (cd-r). Bij herbeschrijfbare cd's (cd-rw) kan het afspelen naargelang het cd-type en gebruikte cd-bran-der echter problematisch verlopen. U kunt ook mp3-bestanden van cd's en via de USB-interface (17) afspelen. 6. 3. 1 Opmerking in verband met klankstoringen en leesfoutenSigarettenrook en stof dringen makkelijk in alle openingen van de cd-speler en zetten zich ook af op de optische onderdelen van het laser-aftast-systeem.

Mocht deze afzetting tot leesfouten en klankstoringen leiden, dan moet het apparaat door een gekwalificeerd vakman worden gerei-nigd. De kosten voor deze reiniging draagt de koper, ook tijdens de garantietermijn. 6. 3.

2 Track afspelen1) Schakel de cd-speler met toets (23) in. Hij moet steeds extra worden ingeschakeld; ook na een stroomonderbreking of als u de verster-ker met de toets POWER (25) uit- en opnieuw inschakelt. Aanwijzing: Na het drukken op de toets moet u minstens 3 seconden wachten ervoor u opnieuw op de toets kunt drukken. Anders kan de cd-speler worden geblokkeerd. In dit geval schakelt u het ap-paraat met de toets POWER (25) uit en in. 2) Open de cd-lade (5) met de toets (24) en plaats een cd met het label naar boven in de lade. Sluit de cd-lade met de toets. Na het inlezen (displaybericht ) start de 1ste track automatisch [displaybericht (b)]. 3) Bijkomend of als alternatief kunt u een USB-stick in de USB-aansluiting (17) pluggen.

Aanwijzing: Door de verscheidenheid aan opslag-geheugenfabrikanten en besturingsprogramma’s kan niet gegarandeerd worden, dat alle opslagmedia compatibel zijn met de cd / mp3-speler. 4) Om te wisselen tussen de USB-aansluiting en een cd drukt u op de toets CD / USB (20). 5) Stel het geluidsvolume van de cd-speler in met de toetsen en (22) (displaybericht … ). 6) U kunt het afspelen nu op elk moment onder-breken met de toets II (19) [het displaybericht II (c) verschijnt; de looptijd (h) knippert] en weer starten. 7) Om een andere track te selecteren, drukt u even op de toets (7) (een track vooruit Ispringen) of op de toets I (naar het begin van de track terugkeren; bij elke verdere druk op de toets een track terugspringen). Bij cd's met meerdere mappen (niet bij standaard au-dio-cd's) worden de tracks in onderstaande volgorde afgespeeld en geselecteerd:1.

alle tracks zonder mappen op het hoofd- niveau (root directory)2. alle tracks in mappen op het hoofdniveau3. alle tracks in submappen etc. 8) Tijdens het afspelen kan binnen een track snel vooruit of achteruit worden gezocht. Houd de toets I ingedrukt om vooruit te zoeken, de toets I om achteruit te zoeken.

9) Wenst u het afspelen voortijdig te beëindigen, druk dan op de toets (6). 6. 3. 3 Herhalingsfuncties en willekeurigafspelen1) Als de track moet worden herhaald, druk dan een keer op de toets (21). Op het display verschijnt REP (a). 2) Wenst u alle tracks van de cd te herhalen, druk dan een tweede keer op de toets. Op het display wordt nu REP ALL (e) weergegeven. 3) Om de tracks in willekeurige volgorde af te spelen, drukt u een derde keer op de toets. Op het display verschijnt nu RAN (f). 4) Om de extra functie uit te schakelen, drukt u enkele keren op de toets tot het display-bericht RAN verdwijnt. 6. 3. 4 AntischokgeheugenHet antischokgeheugen van de cd-speler kan kort-stondige storingen door schokken of trillingen bij het scannen van een cd compenseren, maar niet bij aanhoudend, hevig schudden.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Monacor PA-8120RCD stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden