Monacor LA-202 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Monacor LA-202 (34 pagina’s), behorend tot de categorie Receiver. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 63 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Monacor LA-202 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/34
ELECTRONICS FOR SPECIALISTS ELECTRONICS FOR SPECIALISTS ELECTRONICS FOR SPECIALISTS ELECTRONICS FOR SPECIALISTS
BEDIENUNGSANLEITUNG
INSTRUCTION MANUAL
MODE D’EMPLOI
ISTRUZIONI PER L’USO
GEBRUIKSAANWIJZING
MANUAL DE INSTRUCCIONES
INSTRUKCJA OBSŁUGI
SIKKERHEDSOPLYSNINGER
SÄKERHETSFÖRESKRIFTER
TURVALLISUUDESTA
Schleifenverstärker
für induktive Audioübertragung
Loop Amplifier
for inductive audio transmission
LA-202
Bestell-Nr. • Order No. 17.6360
LA-402
Bestell-Nr. • Order No. 17.9160

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Monacor
Categorie: Receiver
Model: LA-202

Handleiding Monacor LA-202 – volledige tekst

20Lusversterker voor inductieveaudio-overdrachtDeze handleiding is bedoeld voor installateurs met vakkennis op het vlak van inductieve sig-naaloverdracht. Lees de handleiding grondig door, alvorens het apparaat in gebruik te nemen, en bewaar ze voor latere raadpleging. Op de uitklapbare pagina 3 vindt u een overzicht van alle bedieningselementen en de aansluitingen. 1 Overzicht1. 1 Frontpaneel1 3,5 mm-stekkerbus voor een hoofdtele-foon; hierlangs kan het signaal voor de inductielus worden gecontroleerd2 Regelaars voor het instellen van het geluidsvolume van de ingangskanalen (INPUT 1 tot INPUT 3)3 KlankregelaarsBASS = basregelaarTREBLE = regelaar hoge tonen4 Regelaar MASTER voor de veldsterkte in de inductielus (maximaal geluidsvolume)5 ON bedrijfsledSIG signaalaanduiding met 3 erboven liggende leds voor niveauweergavePROT storingsaanduiding6 POWER-schakelaar1.

2 Achterzijde7 POWER-jack voor de aansluiting op een stopcontact (230 V/ 50 Hz) met behulp van het bijgeleverde netsnoer8 Houder voor de netzekeringVervang een gesmolten zekering uitslui-tend door een zekering van hetzelfde type. 9 Schroefklemmen LOOP OUTPUT voor de aansluiting van de inductielus10 Schroefklemmen MESSAGE TRIGGER voor een externe schakelaar voor het afspelen van de op de geheugenkaart (18) beschik-bare MP3-bestanden (alarmberichten)11 Regelaar METAL LOSS CORRECTION (alleen in gebruik als de jumper J2 in de stand ON steekt, zie hoofdstuk 6. 2)12 Bus SLAVE IN / OUT voor de aansluiting van een bijkomende lusversterker (zie afb. 4)13 Cinch-ingangsbussen INPUT 3 LINE voor het aansluiten van een (stereo-)audio- apparaat met lijnniveau-uitgang (cd /mp3- speler, radio, mengpaneel etc.

)14 XLR-aansluiting INPUT 3 MIC voor een microfoon15 DIP-schakelaars:1 = fantoomvoeding voor INPUT 32 = fantoomvoeding voor INPUT 23 = ingangsgevoeligheid voor INPUT 2: microfoon- of lijnniveau16 XLR-aansluiting INPUT 1 en 2 voor micro-foons of audioapparatuur17 DIP-schakelaars voor INPUT 1:1 = voorrangsfunctie (INPUT 2 en 3 wor-den bij aanwezig signaal gedempt)2 = fantoomvoeding (40 V)3 = ingangsgevoeligheid microfoon- of lijnniveau18 Sleuf voor een geheugenkaart om alarm-berichten af te spelen (zie ook positie 10)2 VeiligheidsvoorschriftenHet apparaat is in overeenstemming met alle relevante EU-Richtlijnen en is daarom geken-merkt met het -kenmerk. WAARSCHUWINGDe netspanning van het apparaat is levensgevaar-lijk. Open het apparaat niet, en zorg dat u nietsin de ventilatieopeningen steekt. U loopt immers het risico van een elektrische schok.

De in- en uitgangen mogen pas worden aangesloten resp. gewijzigd, nadat de ge-luidsinstallatie is uitgeschakeld. • Het apparaat is enkel geschikt voor gebruik binnenshuis. Vermijd druip- en spatwater evenals plaatsen met een hoge vochtigheid. Het toegestane omgevingstemperatuurbe-reik bedraagt 0 – 40 °C. • Plaats geen bekers met vloeistof zoals drinkglazen etc. op het apparaat. • De warmte die in het apparaat ontstaat, moet door ventilatie afgevoerd worden. Dek de ventilatieopeningen niet af. • Schakel het apparaat niet in resp. trek on-middellijk de stekker uit het stopcontact:1. wanneer het apparaat of het netsnoer zichtbaar beschadigd is,2. wanneer u een defect vermoedt nadat het apparaat bijvoorbeeld gevallen is. 3. wanneer het apparaat slecht functio-neert. Het apparaat moet in elk geval worden hersteld door een gekwalificeerd vakman.

• Trek de stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact, maar aan de stekker zelf. • Verwijder het stof enkel met een droge, zachte doek. Gebruik zeker geen chemi-caliën of water.

• In geval van ongeoorloofd of verkeerd gebruik, verkeerde aansluiting, foutieve bediening of van herstelling door een niet- gekwalificeerd persoon vervalt de garantie en de verantwoordelijkheid voor hieruit re-sulterende materiële of lichamelijke schade. • Zo kunnen wij ook niet aansprakelijkheid worden gesteld voor gegevensverliezen als gevolg van foutieve bediening of een de-fect, noch voor de schade die hieruit volgt. Wanneer het apparaat definitief uit bedrijf wordt genomen, bezorg het dan voor milieuvriendelijke verwer-king aan een plaatselijk recyclage-bedrijf. NederlandsInhoud1 Overzicht. 201. 1 Frontpaneel. 201. 2 Achterzijde. 202 Veiligheidsvoorschriften. 203 Toepassingen. 214 Opstelmogelijkheden. 214. 1 De montage in een rack. 215 Installatie. 215. 1 Inductielus. 215. 1. 1 Kabeldoorsnede. 215. 1. 2 Aansluiting van de inductielus 21. 5. 1. 3 Gebruik met twee lusversterkers. 215.

21Nederlands3 ToepassingenDe LA-202 / LA-402 is een actieve lusverster-ker volgens de constante stroomtechniek met dynamiekcompressor voor de opbouw van een inductieve geluidsinstallatie. Hij dient om audiosignalen door te sturen naar luis-terapparatuur met een “telefoonspoel” en naar inductieve ontvangers (bijv. LR-202 van MONACOR). Een voordeel van inductieve geluidsinstallaties is de draadloze transmis-sie. De gebruiker kan zich binnen de lus vrij bewegen. Inductieve geluidsinstallaties worden voor diverse toepassingen gebruikt, bijvoorbeeld als hulpmiddel voor slechthorenden in kerken, theaters, filmzalen, wachtkamers en recreatie-ruimten, als tolkinstallaties, bij voordrachten in musea, tentoonstellingen etc. Bij inductieve geluidsinstallaties wordt een inductielus met een constante-stroomver-sterker aangestuurd.

Een inductielus bestaat uit een draadwikkeling die in de vloer, in de muur of in het plafond wordt aangebracht. In deze lus ontstaat een magneetveld dat in de inductieontvanger een spanning induceert. Deze spanning wordt door de ontvanger op-nieuw in een audiosignaal omgezet. In een inductielus kunt u een willekeurig aantal ont-vanger gebruiken. De versterker kan met de inductielus in het gunstigste geval een oppervlakte tot 200 m2 (LA-202) 750 m2 (LA-402) inductief verzorgen. Deze oppervlakte zal in de praktijk echter omwille van veldsterktever-liezen door metaal in plafonds en vloeren niet steeds kunnen worden bereikt. 4 OpstelmogelijkhedenDe lusversterker is voorzien voor montage in een 19”-rack (482 mm), maar kan ook als vrijstaand tafelmodel worden gebruikt.

In elk geval moet de lucht door alle ventilatieope-ningen kunnen stromen, om voldoende ven-tilatie van de eindversterkers te verzekeren. 4. 1 De montage in een rackVoor de montage in een rack schakelt u zo nodig de metaalverliescorrectie met de jum-per J2 in. De versterker moet daarvoor geo-pend worden (hoofdstuk 6. 2).

Voor de montage in een rack schroeft u de beide bijgeleverde montagebeugels vast op de zijkanten van het apparaat. Om de lus-versterker in het rack te monteren, zijn twee rack-eenheden (2 RE = 89 mm) nodig. Om te voorkomen dat het rack topzwaar wordt, dient de versterker in het onderste gedeelte van het rack gemonteerd te worden. De frontplaat alleen is niet voldoende voor een veilige bevestiging. Het apparaat moet links en rechts ook door rails of onderaan door een bodemplaat ondersteund worden. 5 InstallatieOPGELET. De in- en uitgangen mogen enkel door een gekwalificeerde vakman uitgevoerd worden en in elk geval wanneer de versterker uitgeschakeld is. Tips1. Alvorens de geluidsinstallatie te installe-ren, moet u absoluut met een ontvan-ger (bijv. LR-202) controleren of er op de plaats van installatie magnetische storingen zijn.

Deze kunnen de werking nadelig beïnvloeden of zelfs onmoge-lijk maken. Storingen worden bijv. door transformatoren, sterkstroomleidingen, fluorescentielampen met conventioneel voorschakelapparaat en gegevensinvoer-bussen veroorzaakt. 2. Behalve magnetische storingsvelden kan een inductieve geluidsinstallatie bijv. ook door vloeren in gewapend beton of door vloerverwarming met koperen leidingen worden gestoord. Ook hier breidt het magnetische veld zich niet gelijkmatig uit en is het gebruik van een inductieve geluidsinstallatie in extreme gevallen niet mogelijk. Indien de storingen die door het gewapende beton worden veroor-zaakt, niet te groot zijn, dan kunt u de frequentiecurve met de regelaar METAL LOSS CORRECTION (zie hoofdstuk 6. 2) aanpassen. 3.

Indien een inductielus in buizen wordt voorzien, zorg dan dat deze uit kunststof zijn vervaardigd; metalen buizen kunnen magnetische veld van de lus immers in hoge mate nadelig beïnvloeden. 5. 1 InductielusDe lus wordt rond het geluidsgebied gelegd. De afstand tot de oorhoogte moet ca. 1 m bedragen. Vermijd dat de lus op verschillende hoogten wordt gelegd.

Als inductielus dient een gewone leiding. Indien de plaatselijke omstandigheden een rechthoekige plaatsing van de lus niet toelaten, dan is een speciaal lusontwerp noodzakelijk dat door een deskundige moet worden berekend. Nadat de afmetingen van de inductielus zijn vastgelegd, berekent u de doorsnede van de kabel:5. 1. 1 KabeldoorsnedeDe omsche weerstand van de lus moet 0,2 – 2 Ω bedragen. Nadat de lengte van de lus gemeten werd, berekent u de kabeldoor-snede. Uit de afbeeldingen 5 en 6 kunt u voor de vastgelegde kabellengte de nodige doorsnede aflezen:0,25 0,5 0,75 1,0 1,25 1,5 1,75 2,0 2,25 2,5 2,75 3,0255075100toegelaten bereikkabeldoorsnede [mm2]kabellengte [m]max. lusweerstand 2 Ωmin. lusweerstand 0,2 ΩAfb. 5 Vereiste kabeldoorsnede voor de inductielusKabeldoorsnede in mm20,5 0,75 1,0 1,5 2,5Lus- lengtemin. bij 0,2 Ω max.

bij 2,0 Ω 6 m 56 m 9 m 84 m 12 m 110 m 17 m 168 m 28 m 280 mAbb. 6 minimale en maximale luslengte bij bepaalde kabeldoorsneden (koper)Voor de berekening van de lusweerstand (R) bij een koperen kabel kan ook de volgende formule worden gebruikt:R = l× ρcu = l× 0,01786 Ω × mm2A A mA = kabeldoorsnede in mm2 l = luslengte in m ρcu = specifieke weerstand van koper5. 1. 2 Aansluiting van de inductielusDe lusversterker moet buiten de lus staan (figuur 3 en 4). 1) Rol het kabelgedeelte op tussen de ver-sterker en de lus. 2) Alvorens de inductielus op de versterker aan te sluiten, voert u met een ohmmeter een controle uit om te garanderen dat de lus niet met de aarding is verbonden. 3) Sluit de kabeleinden van de lus aan op de klemmen LOOP OUTPUT (9) aansluiten. 5. 1.

3 Gebruik met twee lusversterkersAls een lusversterker niet volstaat om de benodigde oppervlakte te bedienen, kunt u twee lussen installeren die elk door een ver-sterker worden aangestuurd. Daarbij functi-oneert de ene versterker als Master (waarop signaalbronnen zijn aangesloten) en de an-dere als Slave.

Stuur het audiosignaal van de Master- versterker naar de Slave-versterker. In afb. 4 ziet u een voorbeeld met adapters uit het assortiment van MONACOR:1) Steek in de bus SLAVE (12) van het Master- apparaat een adapter 6,3 mm-stereostek-ker / 2 × cinch-koppeling (bijv. NTA-178). Aan de punt van de stekker bevindt zich het uitgangssignaal dat naar de tweede lusversterker moet worden gestuurd. 2) Door de aansluiting van de jack SLAVE wordt in de Master-versterker de sig-naalweg tussen het mengniveau en de uitgangsversterker onderbroken. Daarom moet u met een Y-kabel (bijv. CBA-25 / BL) die met de adapter NTA-178 wordt ver-bonden, deze signaalweg opnieuw sluiten. 3) Stuur het uitgangssignaal van de Y-kabel via een adapterkabel 2 × cinch / 6,3 mm- stereojack (bijv. MCA-302) naar de bus SLAVE van de Slave-versterker. Het sig-naal moet aan de ring van de stereostek-ker beschikbaar zijn.

22Nederlands5. 2 MicrofoonsU kunt tot drie microfoons aansluiten op de XLR-aansluitingen INPUT 1 tot INPUT 3 (14, 16). Voor de microfoon op de ingang INPUT 1 kan de microfoon-voorrangsschakeling worden geactiveerd (hoofdstuk 6. 1, stap 8). 1) Stel bij het aansluiten van een microfoon op de kanalen INPUT 1 en 2 de bijbeho-rende DIP-schakelaar nr. 3 (15, 17) in de stand MIC stellen. 2) -Bij gebruik van microfoons met fantoomvoeding schakelt u de de 40 V-fantoom-voeding in. OPGELET. Schakel de fantoomspanning alleen bij uitgeschakelde versterker in (luide schakelploppen mogelijk) en alleen als op de bijbehorende uitgang geen microfoon met ongebalanceerde uitgang is aangesloten. Een dergelijke microfoon kan anders beschadigd raken. Zet de bijbehorende DIP-schakelaars PH. PWR in de onderste stand ON:Kanaal DIP-SchakelaarsINPUT 1 Stand 17, nr. 2INPUT 2 Stand 15, nr. 2INPUT 3 Stand 15, nr.

1ON MIC2 ON MIC1INPUT 1LINE/MICINPUT 2LINE/MICINPUT 3 MICINPUT 3LINELR32 1PH. PWRLINE2PH. PWRLINE1PRIO1 2 31 2 313 14 15 16 17 Afb. 7 Ingangen en DIP-schakelaars5. 3 Apparaten met lijnniveauU kunt maximaal drie audioapparaten met lijnniveau-uitgang (bijv. cd / mp3-speler, meng-paneel, radio) op de XLR-aansluitingen (16) van de ingangen 1 en 2 en op de cinch-jacks (13) van de ingang 3 aansluiten. Zet bij het aansluiten op de XLR-aan-sluitingen de bijbehorende DIP-schakelaars (15, 17) met de nr. 3 in de stand LINE. Plaats de bijbehorende DIP-schakelaar PH. PWR (nr. 2) in elk geval in de bovenste stand OFF. Anders kan het aangesloten apparaat worden beschadigd. 5. 4 Externe schakelaar voor alarmberichtenAlarmberichten die vooraf in mp3-formaat op een SD-geheugenkaart bijv. vanaf een com-puter werden opgenomen, kunnen indien nodig via de versterker worden afgespeeld.

Als u de kaart er weer wilt uitnemen, drukt u ze iets in, zodat ze ontgrendelt. 2) Sluit een schakelaar aan op de klemmen MESSAGE TRIGGER (10). 3) Om af te spelen sluit u de schakelaar: De mp3-bestanden op de geheugenkaart worden na elkaar afgespeeld en het vo-lume van alle andere audiosignalen neemt automatisch af. 5. 5 Gebruik in een geluidsinstallatieAls de lusversterker in een bestaande geluids-installatie moet worden geïntegreerd:1) Stuur het audiosignaal van de geluidsin-stallatie naar een van de ingangen INPUT1 tot INPUT 3 (13, 16). Het signaal moet lijn-niveau (0,2 – 1 V) hebben en onafhankelijk van de volumeregelaar van de geluidsver-sterker zijn. 2) Zet bij het aansluiten op een van de XLR-aansluitingen de bijbehorende DIP-schake-laars (15, 17) met de nr. 3 in de stand LINE. Plaats de bijbehorende DIP-schakelaar PH. PWR (nr. 2) in elk geval in de bovenste stand OFF.

Anders kan het aangesloten apparaat worden beschadigd. 5. 6 VoedingsspanningTen slotte verbindt u het meegeleverde net-snoer eerst met de jack (7) en plugt u de stek-ker ervan in een stopcontact (230 V/ 50 Hz). 6 Bediening6. 1 Eerste ingebruikname1) U kunt het signaal voor de inductielus via een hoofdtelefoon (impedantie ten minste 32 Ω) beluisteren. Sluit de hoofdtelefoon aan op de jack PHONES (1). 2) Alvorens in te schakelen, draait u de re-gelaars INPUT 1 tot 3 (2) en MASTER (4) eerst naar nul. 3) Schakel de versterker in met de schakelaar POWER (6). De rode led ON (5) brandt. 4) Speel een opgeslagen alarmbericht af (of, indien beschikbaar, een testsignaal met 1 kHz, 0 dB): Sluit de schakelaar aan op de klemmen MESSAGE TRIGGER (10). 5) Draai de regelaar MASTER iets open en meet met een veldsterktemeter de veld-sterkte in de lus.

Volgens de Europese norm EN 60118-4 wordt een veldsterkte van 100 mA / m aanbevolen en de maximale veldsterkte mag de waarde van 400 mA / m niet overschrijden. Beide waarden hebben betrekking op de referentiefrequentie van 1 kHz.

Stel met de regelaar MASTER de veldsterkte overeenkomstig in. De ledket-ting (5) geeft het uitgangsniveau weer. Als er geen veldsterktemeter beschik-baar is, voert u de instelling door met een inductieontvanger (bv. LR-202 van MONACOR). Stel de regelaar MASTER in op de beste audio- en ontvangstkwaliteit. 6) Stuur een signaal naar de aangesloten ingangen (testsignaal, muziekfragment of microfoonaankondiging) en stel met de bijbehorende regelaars INPUT (2) het volume in. 7) Met de klankregelaars BASS en TREBLE (3) stelt u de optimale klank in. 8) Het signaal van kanaal 1 kan voorrang krij-gen op de kanalen 2 en 3. Stel hiervoor de DIP-schakelaar PRIO (17) met het n. 1 in op de stand ON. Daarmee worden bijv. bij een aankondiging via het kanaal 1 de signalen van de kanalen 2 en 3 gedempt. Op deze manier is de aankondiging verstaanbaar.

23Nederlands6. 2 MetaalverliescorrectieIn vele gebouwen is een grote hoeveelheid metaal in plafonds en vloeren verwerkt. Dit metaal kan tot frequentieafhankelijk verlies van de veldsterkte leiden. Het verlies bedraagt 3 dB / octaaf bij een onderste grensfrequentie tussen 0,01 Hz en 100 Hz. De metaalverliescorrectie compenseert dit door frequenties onder 1 kHz te dempen en frequenties boven deze waarde tot 3 dB / octaaf te versterken. De berekening van de invloed van het metaal op de frequentiecurve is omslachtig en vereist het gebruik van ge-specialiseerde apparatuur. Maar u kunt ook gewoon het lussignaal met een inductieont-vanger (bijv. LR-202) beluisteren:Correctie activeren en instellenWAARSCHUWINGVoor het activeren van de metaalverliescorrectie moet het apparaat wor-den geopend. Daarommag dit uitsluitend door een gekwalificeerde vakman worden uitgevoerd.

U loopt immers het risico van een elektrische schok. 1) Trek de netstekker uit het stopcontact. 2) Schroef het deksel los. 3) Om de functie te activeren, steekt u de jumper J1 in de stand ON. De jumper be-vindt zich tussen de dunne zekering FU2 en de relais RY1. 4) Schroef het deksel weer vast. 5) Zet de regelaar METAL LOSS CORRECTION (11) eerst in op 0 dB. 6) Schakel de versterker in en stel de regelaar METAL LOSS CORRECTION bij een aankon-diging in op optimale verstaanbaarheid. 7 GebruikDe in het hoofdstuk 6 voorgenomen instellin-gen hoeven niet meer te worden gewijzigd. Voor het normale gebruik hoeft u de lusver-sterker alleen nog maar in te schakelen. De apparaten van een geluidsinstallatie moeten in de onderstaande volgorde worden inge-schakeld:1. de audioapparaten (signaalbronnen)2. de geluidsversterker3.

de lusversterkerOm de installatie uit te schakelen volgt u de omgekeerde procedure. 7. 1 BeveiligingscircuitBij een storing (defect, oververhitting) brandt de rode led PROT (5) en wordt het signaal voor de inductielus uitgeschakeld.

In dit geval schakelt u de versterker uit en laat u de sto-ring door deskundig personeel verhelpen. Mocht de versterker door een ontoe-reikende ventilatie of bij een te hoge om-gevingstemperatuur oververhit zijn, kan hij na het afkoelen opnieuw in gebruik worden genomen. Zorg eventueel voor een betere luchtcirculatie. 8 Technische gegevensInductielus Lusstroom LA-202:. 7 A max. LA-402:. 14 A max. Toegelaten piek- weerstand:. 0,2 – 2 Ω Max. lusoppervlakte LA-202:. 200 m2 LA-402:. 750 m2 Aansluiting:. schroefklemmenIngangenGevoeligheid / impedantie; aansluiting MIC:. ; 1,5 mV/6,8 kΩXLR, gebalanceerd Fantoomvoeding:. 40 V, individueel inschakelbaar LINE XLR:. ; 630 mV/10 kΩgebalanceerd Cinch:. , 630 mV/4,7 kΩongebalanceerdFrequentiebereik:. 50 – 8000 HzKlankregelaars Lage tonen:. ±10 dB bij 100 Hz Hoge tonen:. ±10 dB bij 10 kHzTHD:. < 1 %Omgevings-temperatuurbereik:.

0 – 40 °CVoedingsspanning:. 230 V/ 50 HzVermogensopname LA-202:. 150 VA max. LA-402:. 230 VA max. AfmetingenB × H × D:. 482 × 88 × 280 mm 2 UGewicht:. 7 kgWijzigingen voorbehouden. Deze gebruiksaanwijzing is door de auteurswet be schermd eigendom van MONACOR ® INTERNATIONAL GmbH & Co. KG. Een reproductie – ook gedeeltelijk – voor eigen commerciële doeleinden is verboden.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Monacor LA-202 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden