Miele W 5660 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Miele W 5660 (64 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 41 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Miele W 5660 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/64
Gebruiksaanwijzing voor de
wasautomaat
W 5660
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw wasautomaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.
M
M.-Nr. 06 673 950

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Wasmachine
Model: W 5660

Handleiding Miele W 5660 – volledige tekst

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade.Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt.Door hergebruik van verpakkingsmate-riaal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van het apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio-neren en de veiligheid van het apparaatnodig waren. Als u het apparaat bij hetgewone afval doet of bij verkeerde be-handeling kunnen deze stoffen schade-lijk zijn voor de gezondheid en hetmilieu.

Verwijder het afgedankte appa-raat dan ook nooit met het gewone af-val.Lever het apparaat in bij een gemeen-telijk inzameldepot voor elektrische enelektronische apparatuur.Het afgedankte apparaat moet tot dietijd buiten het bereik van kinderen wor-den opgeslagen. Hierover vindt u meerinformatie in het hoofdstuk "Veiligheids-instructies en waarschuwingen".Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu2

Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 2Het verpakkingsmateriaal. 2Het afdanken van het apparaat. 2Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 6Algemeen. 9Bedieningspaneel. 9Display. 10Vóór de eerste wasbeurt. 11Tips om energie te besparen. 12Energie- en waterverbruik. 12Wasmiddelen. 12EXTRA FUNCTIES (Inweken, Voorwas, Intensief). 12Tip voor machinaal drogen. 12Zo wast u goed. 13Extra functies. 18Intensief. 18Voorwas. 18Inweken. 18Extra water. 18Zoemer. 18Centrifugeren. 19Maximaal centrifugetoerental. 19Het centrifugeren tussen de spoelgangen. 19Het kiezen van de Spoelstop. 19Het overslaan van het centrifugeren tussen de spoelgangen en heteindcentrifugeren. 19Programma-overzicht. 20Textielbehandelingssymbolen. 23Programmaverloop. 25Inhoud3.

Het wijzigen van het programmaverloop. 27Het afbreken van een programma. 27Het onderbreken van een programma. 27Het wijzigen van het gekozen programma. 27Het bijvullen van de trommel of het voortijdig verwijderen van wasgoeduit de trommel. 28Kinderbeveiliging. 29Afsluitfunctie. 29Wasmiddelen. 30Het kiezen van wasmiddel. 30Het doseren van wasmiddel. 30Wateronthardingsmiddel. 30Wasmiddelen met verschillende componenten. 30Wasverzachters en stijfsels. 31Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel. 31Apart spoelen met wasverzachter of synthetisch stijfsel. 31Apart spoelen met stijfsel. 31Het kleuren en ontkleuren. 31Reiniging en onderhoud. 32Het reinigen van de wasautomaat. 32Het reinigen van de wasmiddellade. 32Het reinigen van de zuighevel. 32Het reinigen van de watertoevoerzeefjes. 33Het reinigen van het zeefje in de watertoevoerslang.

33Het reinigen van het zeefje in het koppelstuk van de watertoevoerklep. 33Het oplossen van problemen. 34Het programma begint niet. 34Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding. 35Algemene problemen met de wasautomaat. 36Een tegenvallend wasresultaat. 37De deur kan met de Deur - toets niet worden geopend. 38Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval. 39Verstopte afvoer. 39Het openen van de deur. 40Inhoud4.

Technische Dienst. 41Reparaties. 41Programma-actualisering (Update). 41Garantietermijn en garantievoorwaarden. 41Bij te bestellen onderdelen. 41Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat. 42Het apparaat van voren. 42Het apparaat van achteren. 43Plaats van opstelling. 44Het plaatsen van de wasautomaat. 44Het verwijderen van de transportbeveiliging. 44Het monteren van de transportbeveiliging. 46Het stellen van de wasautomaat. 47Het naar buiten draaien en vastzetten van de stelvoeten. 47Het plaatsen van de wasautomaat onder een werkblad of in een keukenblok 48Was-droogzuil. 48Het terugplaatsen van het bovenblad van de wasautomaat. 48Het Miele waterbeveiligingssysteem. 49Het aansluiten van de watertoevoer. 50Het aansluiten van de waterafvoer. 51Elektrische aansluiting. 52Verbruiksgegevens. 53Instructie voor de vergelijkende onderzoeken. 53Technische gegevens. 54Programmeerfuncties.

Gebruik om veiligheidsredenengeen verlengsnoer. Dit in verband met gevaar voor bijvoor-beeld oververhitting. De wasautomaat mag alleen meteen nieuwe slangenset met toebe-horen op de waterleiding worden aan-gesloten. Een oude slangenset magniet opnieuw worden gebruikt. Defecte onderdelen mogen alleendoor originele Miele-onderdelenworden vervangen. Alleen van dezeMiele-onderdelen kunnen wij garande-ren, dat zij volledig voldoen aan de vei-ligheidseisen die wij stellen aan onzeapparaten en onderdelen daarvan. Wanneer de aansluitkabel is be-schadigd, moet de kabel door er-kende vakmensen worden vervangen. GebruikWanneer dit apparaat op een niet-stationaire locatie (bijv. op een bootof in een camper) moet worden ge-plaatst, mag het uitsluitend door eenvakman/vakvrouw worden ingebouwden aangesloten. Hierbij moet aan allevoorwaarden voor een veilig gebruikworden voldaan.

Plaats uw wasautomaat niet invorstgevoelige ruimten. Bevroren slangen kunnen scheuren ofbarsten en de betrouwbaarheid van deelektronische besturing kan door tem -peraturen onder het vriespunt afnemen. Verwijder voordat u de wasauto-maat in gebruik neemt de trans-portbeveiliging aan de achterzijde vanhet apparaat. Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aanslui-ten van de wasautomaat", paragraaf:"Het verwijderen van de transportbevei -liging". Wanneer u de transportbeveiliging nietverwijdert, kan dat bij het centrifugerenschade veroorzaken aan uw wasauto-maat en aan de meubels / apparatendie ernaast staan. Sluit de kraan af als u langere tijdafwezig bent (bijv. tijdens vakan-ties), zeker als er zich in de buurt vande wasautomaat geen afvoer in devloer (bijv. een putje) bevindt. Denk eraan dat er water kan over-stromen.

Controleer daarom vóórdat u de water-afvoerslang in een wastafel of wasbakhangt, of het water snel genoeg weg-stroomt. Zorg er daarom ook voor dat de afvoer-slang niet weg kan glijden.

Als u het wasmiddel op de juistemanier doseert is het niet nodig datu de wasautomaat ontkalkt. Mocht uwapparaat toch zo sterk verkalkt zijn, dathet beslist moet worden ontkalkt, ge-bruik daar dan speciale ontkalkings-middelen voor die een anti-corrosie-middel bevatten. Deze middelen zijn verkrijgbaar via uwMiele-vakhandelaar of bij de afdelingOnderdelen van Miele Nederland B. V. Volg de adviezen voor het gebruik vande ontkalkingsmiddelen strikt op. Wasgoed dat met oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen is be-handeld, moet vóórdat het in de wasau-tomaat wordt gewassen, grondig in hel-der water worden uitgespoeld. Gebruik in deze wasautomaat nooitreinigingsmiddelen die een oplos-middel bevatten, zoals wasbenzine. Wanneer u dat toch doet, kunnen on-derdelen van het apparaat bescha-digen en kunnen er giftige dampen ont-staan.

Het gevaar bestaat dan dat erbrand uitbreekt of zich een explosievoordoet. Wanneer u textielverf in de wasau-tomaat wilt gebruiken, kies dan tex-tielverf die daar geschikt voor is. Ge-bruik deze verf alleen voor huishoude-lijke doeleinden, neem niet meer verfdan strikt nodig is en neem de aanwij-zingen van de textielverffabrikant pre-cies in acht. Ontkleuringsmiddelen kunnen doorhun chemische samenstelling cor-rosie veroorzaken. Deze middelen mogen daarom niet inde wasautomaat worden gebruikt. Wanneer u op hoge temperaturenwast, denk er dan aan dat het glasvan de deur heet wordt. Zorg er dus voor dat kinderen het glasvan de deur tijdens het wasprogrammaniet aanraken. Gebruik van toebehorenAlleen originele Miele-toebehorenkunnen worden aan- of ingebouwd.

Wanneer er andere toebehoren wordenaan- of ingebouwd, kan Miele niet voorde gevolgen instaan en kan er geenberoep meer worden gedaan op bepa-lingen met betrekking tot garantie enproductaansprakelijkheid. Het afdanken van het apparaatTrek de stekker uit de contactdoosen maak deze samen met de aan-sluitkabel onbruikbaar. U voorkomt daarmee dat de wasauto-maat verkeerd wordt gebruikt.

BedieningspaneelaPROGRAMMAKEUZE - toetsen e-met controlelampjesMet deze toetsen kunt u een waspro-gramma kiezen.bEXTRA FUNCTIE - toetsenmet controlelampjesMet deze toetsen kunt u (een) extrafunctie(s) in- en uitschakelen.cTEMPERATUUR - toetsmet controlelampjesMet deze toets kunt u een tempera-tuur bij een wasprogramma kiezen.dCENTRIFUGEREN - toetsmet controlelampjesMet deze toets kunt u een andercentrifugetoerental, "Spoelstop" of"Zonder centrifugeren" kiezen.eOptische interface PCOp deze plaats kan de TechnischeDienst de wasprogramma's controle-ren, updaten en in het geheugen vande wasautomaat opslaan.fVERLOOPmet controlelampjesDeze controlelampjes laten u tijdenshet wasprogramma zien welke fasein het programmaverloop is bereikt.gZoemer - toetshCONTROLEDeze controlelampjes geven eenprobleem aan.iVoorkeuze - toetsMet deze toets kunt u het tijdstip dathet door u gekozen programma startvan te voren instellen.jStart/Stop - toetsMet deze toets kunt u:een gekozen wasprogramma startenen een gestart programma afbreken.kI-Aan/0-Uit - toetsMet deze toets kunt u:de wasautomaat in- en uitschakelenen een programma onderbreken.lDeur - toetsMet deze toets kunt u de deur vande wasautomaat openen.mDisplay (h min)Het display kan verschillende dingenaangeven.Zie volgende bladzijde.Algemeen9

DisplayHet display kan verschillende dingenaangeven:– de programmaduur (resttijd)– de voorgeprogrammeerde tijd– de programmeerfunctiesProgrammaduur (resttijd)Nadat u een programma heeft gekozenen gestart, geeft het display in uren enminuten aan hoelang dit programmamaximaal gaat duren.In een paar programma's berekent deelektronica van het wasautomaat hoe-lang het duurt voordat het wasgoed hetwater heeft opgenomen.Op grond hiervan berekent de elektro-nica tijdens de eerste 10 minuten dehoeveelheid wasgoed.Afhankelijk van de belading kan hetprogramma langer of korter duren.InwekenWanneer u een inweektijd kiest geefthet display een tijd aan die een optel-som is van de gekozen inweektijd ende wastijd van het gekozen program-ma.Voorgeprogrammeerde tijdWanneer u een programma kiest en ge-bruik maakt van de voorkeuzefunctie,dan geeft het display aan hoelang hetnog duurt voordat het gekozen pro-gramma begint.Nadat u op deStart/Stop- toets heeftgedrukt, wordt de voorgeprogram-meerde tijd in het display afgeteld enwel– van 24 tot 10 uur per uur en– van 9 uur en 59 minuten per minuut.Na afloop van de voorgeprogram-meerde tijd start het programma auto-matisch.ProgrammeerfunctiesU kunt een aantal varianten program-meren om het wasprogramma nog be-ter af te stemmen op het soort wasgoeden de manier waarop u dit wilt wassen.Bij het programmeren ziet u de geko-zen variant in het display.Algemeen10

Iedere wasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest.Het is mogelijk dat er als gevolg vandeze tests wat water in het apparaatachterblijft.Controleer voordat u uw wasauto-maat voor het eerst gebruikt of hetapparaat volgens de regels is ge-plaatst en aangesloten.Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aan-sluiten van de wasautomaat".Om veiligheidsredenen is het niet mo-gelijk om meteen bij de eerste wasbeurtte centrifugeren. Ter activering van hetcentrifugeren moet u eerst een waspro-gramma zonder wasgoed en zonderwasmiddel draaien.Wordt er wel wasmiddel gebruikt kan erovermatige schuimvorming optreden.Draait u eerst een wasprogramma zon-der wasgoed en zonder wasmiddelwordt daarmee tegelijk het kogelventielgeactiveerd.

Het kogelventiel zorgt er-voor dat vanaf de eerste wasbeurtsteeds al het wasmiddel wordt gebruikt.^Draai de waterkraan open.^Druk op deI-Aan/O-Uit- toets.Het wasprogrammaWitte was/Bontewas60°C is al automatisch gekozen.^Druk op deStart/Stop- toets.Na afloop van het programma is dewasautomaat klaar voor de eerstewasbeurt.Vóór de eerste wasbeurt11

Energie- en waterverbruik– Benut bij ieder programma dat ukiest de maximale beladingscapaci-teit van de trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,vergeleken met de totale hoeveel-heid wasgoed, het laagst.– Gebruik de programma'sAutomaticofMiniwasvoor kleinere hoeveelhe-den wasgoed.– Bij een geringe belading in het pro-grammaWitte was/Bonte waszorgtde beladingsautomaat voor een ver-mindering van het water- en energie-verbruik en voor een verkorting vande programmaduur.– Gebruik in plaats van het programmaWitte was/Bonte was 95°Chet pro-grammaWitte was/Bonte was 60°Cin combinatie met de EXTRA FUNC-TIEIntensief.Daarmee bespaart u 35 tot 45%energie.Het programma duurt dan wellanger.

In de meeste gevallen is ditgenoeg.– Gebruik voor wasgoed met hardnek-kige vlekken of vlekken die er al watlanger in zitten de EXTRA FUNCTIEInweken.Wasmiddelen– Gebruik hoogstens zoveel wasmid-del als op de wasmiddelverpakkingaangegeven staat.– Reduceer bij geringere beladings-hoeveelheden de hoeveelheid was-middel. Bij halve belading kan ca. 1/3minder wasmiddel worden gebruikt.EXTRA FUNCTIES (Inweken,Voorwas, Intensief)– Kies voor licht vervuild wasgoed eenwasprogramma zonder EXTRAFUNCTIES;– Kies voor normaal tot sterk vervuildwasgoed met zichtbare vlekken eenwasprogramma met de EXTRAFUNCTIEIntensief.– Gebruik de EXTRA FUNCTIEInwe-kenin plaats van de EXTRA FUNC-TIEVoorwas.

Bij het inweken en dehoofdwas die daar direct op volgtwordt hetzelfde sop gebruikt.Tip voor machinaal drogen– Kies wanneer u het wasgoed na af-loop in de droogautomaat wilt dro-gen het hoogste centrifugetoerentaldat voor dit wasgoed mogelijk is.Tips om energie te besparen12

Korte handleidingWanneer u een kort overzicht wilt heb-ben over hoe u de wasautomaat moetbedienen, kunt u de met cijfers aange-duide stappen ( , , , . . .) aanhouABC -den.AInspecteer en sorteer het wasgoeden behandel het voorHet inspecteren van het wasgoed^Maak de zakken leeg.,Voorwerpen (spijkers, munten,paperclips e.d.) kunnen wasgoed enonderdelen van de wasautomaat be-schadigen.^Sluit de ritsen. Keer kleding met rit-sen eventueel binnenstebuiten.^Sluit eventuele haakjes en oogjes.^Zorg ervoor dat onderdelen van kle-ding, zoals bh-beugels, niet los kun-nen raken.

Losgeraakte onderdelenmoeten eerst worden vastgemaakt ofverwijderd.^Verwijder bij vitrage de haakjes enhet loodband of wikkel ze in eendoek.^Keer gebreid of tricot wasgoed bin-nenstebuiten als de fabrikant dat ad-viseert.^Knoop bed- en kussenovertrekkendicht zodat er geen andere textiel interecht kan komen.Het sorteren van het wasgoed^Sorteer het wasgoed naar kleur ennaar de symbolen in het wasetiket,dat zich in de kraag of in de zijnaadbevindt.^Was geen textiel dat volgens hetwasetiket niet in de wasautomaat kanworden gewassen. Het symbooldaarvoor is: .h^Donkergekleurd wasgoed geeft bijde eerste wasbeurten vaak iets af.Was licht en donker wasgoed daar-om apart.Het voorbehandelen van vlekken^Verwijder eventuele vlekken op hettextiel, als het even kan zodra ze ont-staan zijn.

Daardoorwordt een beter wasresultaat bereikt enkan het wasgoed zich tijdens het centri-fugeren beter verdelen.Benut bij ieder programma dat u kiestde maximale beladingscapaciteit vande trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,vergeleken met de totale hoeveelheidwasgoed, het laagst.Let erop dat wanneer de maximale be-ladingscapaciteit wordt overschreden,de wasresultaten tegenvallen en hetwasgoed sneller gaat kreuken.ESluit de deur^Sluit de deur met een lichte klap.Let erop dat er niets tussen deur enmanchet beklemd raakt.FKies een programma^door zo vaak op de toets of deetoets te drukken totdat het contro--lelampje oplicht van het programmadat u wilt hebben.Zo wast u goed14

Met de bovenste toets kunt u een EX-TRA FUNCTIE of een combinatie vanEXTRA FUNCTIES kiezen en wel in devolgende volgorde:IntensiefofInten-siefenVoorwasofIntensiefenInwekenofVoorwasofInwekenof geen keuze.Met de onderste toets kunt u de EXTRAFUNCTIEExtra waterkiezen.^Kies eventueel (een) extra functie(s).Druk zo vaak op de bovenste toetstotdat het/de controlelampje(s) vande gewenste extra functie(s) gaat/nbranden.Niet alle EXTRA FUNCTIES kunnen bijalle wasprogramma's worden gekozen.Lukt het u niet om een extra functie inte schakelen, dan is deze voor hetdoor u gekozen programma niet vantoepassing.Met de TEMPERATUUR - en CENTRI-FUGEREN - toetsen kunt u de waardenveranderen die de vorige keer zijn inge-steld.Niet alle op het paneel aangegeventemperaturen en toerentallen kunnen bijalle programma's worden gekozen.^Druk zo vaak op de TEMPERATUUR -en CENTRIFUGEREN - toets totdatde controlelampjes gaan brandenvan de waarden die u wilt hebben.^Druk op deZoemer- toets wanneer uwilt dat er bij het einde van het pro-gramma een zoemer klinkt.Zo wast u goed15

GDoseer het wasmiddelHet is belangrijk om niet te weinig enniet te veel te doseren, want . . .. . . te weinig wasmiddel heeft tot ge-volg dat:– het wasgoed niet schoon en in deloop van de tijd grauw en hard wordt;– er vetbolletjes in het wasgoed blijvenzitten;– er zich kalk in de kuip afzet.. . .

te veel wasmiddel heeft tot gevolgdat:– er sterke schuimvorming optreedt,de waswerking daardoor gering enhet reinigings-, spoel- en centrifu-geerresultaat niet optimaal is;– er door een automatisch ingescha-kelde extra spoelgang meer waterwordt verbruikt;– het milieu extra wordt belast.^Trek de wasmiddellade naar buitenen doseer het wasmiddel in de vak-jes.iVakje voor de voorwas Wanneer u deextra functieVoorwashebt gekozen,neem dan 1/4van de totale aanbe-volen wasmiddelhoeveelheid.jVakje voor de hoofdwas en voor hetinweken, wanneer u deze extra func-tie hebt gekozen.§Vakje voor wasverzachter of stijfsel^Sluit de wasmiddellade.Nadere bijzonderheden over wasmid-delen en de dosering daarvan treft uaan in het hoofdstuk: "Wasmiddelen".Zo wast u goed16

HMaak eventueel gebruik van devoorkeuzefunctieMet de voorkeuze kunt u het tijdstip dathet door u gekozen programma startminimaal 30 minuten en maximaal 24uur van te voren instellen.Dit kunt u bijvoorbeeld doen om ge-bruik te maken van het nachttarief.Met iedere druk op deVoorkeuze-toets programmeert u het starttijdstipvòòr en wel– tot 10 uur per 30 minuten;– vanaf 10 uur per 1 uur.^Druk zo vaak op deVoorkeuze- toetstotdat de tijd in het display verschijntdie u wilt voorprogrammeren.Het wissen van de voorkeuze^Druk nog eens op deVoorkeuze-toets wanneer het display aan-24^geeft.Het wissen van de voorkeuze, wanneerer al opStart/Stopis gedrukt:^Breek het programma af.IStart het programma^door op de knipperende toetsStart/Stopte drukken.Het display geeft aan hoe lang het pro-gramma waarschijnlijk gaat duren.Deze tijd wordt in het display per mi-nuut afgeteld.In de eerste 10 minuten berekent deelektronica van het wasautomaat hoe-lang het duurt voordat het wasgoed hetwater heeft opgenomen.Op grond van deze berekening kan hetprogramma langer of korter duren.In het VERLOOP brandt het controle-lampjeKreukbeveiliging/Eindeen geeftdaarmee het einde van het programmaaan.JOpen de deur^door op deDeur- toets te drukken ende deur open te klappen.KHaal het wasgoed uit de trommelKijk goed of er geen stukken was-goed in de trommel zijn blijven lig-gen.

Anders loopt u het risico dat zebij de volgende wasbeurt krimpen ofafgeven.^Controleer of er voorwerpen in demanchet van de deur zijn achterge-bleven.LSchakel de wasautomaat uit^door op deI-Aan/0-Uit- toets te druk-ken.MSluit de deurAnders bestaat het gevaar dat er voor -werpen per vergissing in de trommel te-rechtkomen, worden meegewassen enhet wasgoed beschadigen.Zo wast u goed17

bloed, vet, cacao)Wanneer u deze functie hebt ingescha-keld, gaat aan het eigenlijke waspro-gramma een inweekprogramma vooraf.U kunt een inweektijd kiezen van mini-maal 30 minuten en maximaal 2 uur.Wanneer de wasautomaat wordt gele-verd bedraagt de inweektijd 2 uur.Voor het wijzigen van de inweektijd ziehoofdstuk: "Programmeerfuncties", pa-ragraaf: "Inweektijd".Extra waterWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, wordt er bij de wasprogramma'smeer water gebruikt.U kunt tussen drie varianten kiezen.Wanneer de wasautomaat wordt gele-verd, wordt, wanneer u op deExtra wa-ter- toets drukt, de waterstand bij hetwassen en spoelen verhoogd.Voor het kiezen van een andere variantzie hoofdstuk: "Programmeerfuncties",paragraaf: "Systeem extra water".ZoemerWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, klinkt er aan het einde van eenprogramma of bij de spoelstop eenzoemer.De zoemer gaat zolang totdat de was-automaat wordt uitgeschakeld.De zoemer gaat bij alle programma'stotdat hij weer wordt uitgeschakeld.U kunt tussen twee geluidssterkten kie -zen.U kunt er ook voor kiezen om de zoe-mer uit te schakelen.Zie daarvoor hoofdstuk: " Program-meerfuncties", paragraaf: "Zoemer".De waarschuwingstoon die bij sto-ringen gaat heeft met de zoemer nietste maken.Extra functies18

Maximaal centrifugetoerentalHet maximale centrifugetoerental kanvan programma tot programma ver-schillen.Programma Omw/minWitte was/Bonte was 1600Kreukherstellend 900Fijne was 600Wol 1200Zijde 400Miniwas 1600Automatic 900Extra spoelen 1200Stijven 1500Pompen/Centrifugeren 1600U kunt een lager toerental instellen.Het centrifugeren tussen de spoel-gangenHet wasgoed wordt ook na de hoofd-was en tussen de spoelgangen gecen-trifugeerd.Wordt er een lager eindcentrifugetoe -rental ingesteld, dan wordt er indien no-dig ook na de hoofdwas en tussen despoelgangen met een lager toerentalgecentrifugeerd.In de programma'sWitte was / Bontewaswordt bij een toerental van lagerdan 700 omw/min een spoelgang inge-last.Het kiezen van de Spoelstop^KiesSpoelstop.Het controlelampjeSpoelstopbrandt.Het wasgoed blijft na de laatste spoel-gang in het water liggen.

Dat heeft hetvoordeel dat het wasgoed minderkreukt wanneer u het niet direct uit detrommel haalt.Toch eindcentrifugeren:^Kies met de toets voor het centrifuge-ren het gewenste centrifugetoerental.De wasautomaat begint met eindcentri-fugeren.Beëindigen programma:^Druk op deDeur- toets.Het water wordt afgepompt.^Druk opnieuw op deDeur- toets.De deur gaat open.Het overslaan van het centrifugerentussen de spoelgangen en het eind-centrifugeren^KiesZonder centrifugeren.Na de laatste spoelgang wordt het wa-ter afgepompt.De kreukbeveiliging wordt ingescha-keld.Bij deze instelling wordt er in de pro-gramma'sWitte was / Bonte was,Kreukherstellend,AutomaticenMini-waseen extra spoelgang ingelast.Centrifugeren19

belading 2,0 kgWol / 40°C tot koudTextielsoort Wasgoed van wasbare wol en wolmengweefselsBijzondere tip Bij het eindcentrifugeren brandt het controlelampje1300 omw/min, maar het wasgoed wordt slechts met1200 omw/min gecentrifugeerd, omdat dat voor wol beter is.Wasmiddelen WolwasmiddelenMax. belading 2,0 kgProgramma-overzicht21

Miniwas 40°C tot koud 76eTextielsoort Een kleinere hoeveelheid, licht vervuild wasgoed dat in hetprogrammaBonte waskan worden gewassen.Extra functie Extra waterWasmiddelen Universele wasmiddelen en Color-wasmiddelenMax. belading 2,5 kgAutomatic 40°C tot koud 76e21fTextielsoort Wasgoed van katoenen en kreukherstellend textiel dat naarkleur is gesorteerdBijzondere tip Gebruik voor normaal tot sterk vervuild wasgoed met zichtba-re vlekken de extra functieIntensief.Extra functies Voorwas, Inweken, Intensief, Extra waterWasmiddelen Universele wasmiddelen en Color-wasmiddelenMax. belading 3 kgPompen/CentrifugerenVoor het centrifugeren van het wasgoed.

Neem het juiste toerental.Alleen pompen: zet het centrifugetoerental opZonder centrifugeren.Extra spoelenTextielsoort Wasgoed dat alleen maar moet worden uitgespoeld en ge-centrifugeerdBijzondere tip Bij het eindcentrifugeren brandt het controlelampje1300 omw/min, maar het wasgoed wordt slechts met1200 omw/min gecentrifugeerd, omdat dat voor wol beter is.Max. belading 5,0 kgStijvenTextielsoort Tafellakens, servetten en schortenBijzondere tips –Het wasgoed moet schoongewassen, maar mag niet metwasverzachter nabehandeld zijn.–Bij het eindcentrifugeren brandt het controlelampje1600 omw/min, maar het wasgoed wordt slechts met1500 omw/min gecentrifugeerd, omdat dat voor wol beteris.Max. belading 5 kgProgramma-overzicht22

In het wasgoed bevindt zich een etiketmet textielbehandelingssymbolen. Ditetiket doet aanbevelingen voor de juistebehandeling van het artikel waarop hetis aangebracht. Het mag niet wordenverward met een garantie hoe het tex-tiel zich in het gebruik zal gedragen.Het behandelingsetiket waarborgt dathet textielproduct bij de aanbevolen be-handeling lijdt.geen schade Een artikel waarop een behandelings-etiket met de symbolen is aangebrachtmoet voldoen aan bepaalde eisen vanwasechtheid, wrijfechtheid en water-echtheid van de kleuren. Het mag nietteveel krimpen of vervormen, de lijmenmogen niet loslaten en bij de eerste vierkeer reinigen zijn ontleding, smelten,vergelen, pillen en blijvende kreukelsontoelaatbaar.Behandelingen en temperaturen diemilder zijn dan op het etiket aangege-ven zijn altijd toegestaan.De waskaart is als handige sticker bijde VTWS verkrijgbaar.

U kunt deze stic -ker op uw Miele-wasautomaat plakken.Meer informatie over textiel en de reini-ging ervan treft u aan in het boekje"Textiel ABC". Ook dit boekje kunt u bijde VTWS verkrijgen en wel door over-making van 8,- op gironummerÄ666402 t.n.v. VTWS in Delft.Het telefoonnummer van de VTWS is015 - 261 12 05.Programma-overzicht24

De wasautomaat beschikt over een vol-ledig elektronische besturing met bela-dingsautomaat.Tijdens een wasprogramma zuigt hetwasgoed water op. Om hoeveel waterhet gaat hangt af van de hoeveelheidwasgoed en het soort textiel.Hoe groter het absorptievermogen vanhet wasgoed is, des te meer water ermoet worden bijgepompt.

De elektroni-ca van de wasautomaat kan de hoe-veelheid water meten die het wasgoedopneemt en die moet worden bijge-pompt.Het programmaverloop en de wastijdzijn bij de diverse programma's dusverschillend.Het programmaverloop van de hier ver-melde programma's slaat op het basis-programma met maximale belading.Eventueel gekozen extra functies zijnhier buiten beschouwing gelaten.De controlelampjes voor het program-maverloop geven tijdens iedere was-beurt aan in welke fase het waspro-gramma zich op dat moment bevindt.Nadere bijzonderheden over het pro-grammaverloop:Kreukbeveiliging:De trommel beweegt nog max.

30 mi-nuten na afloop van het programma omkreukvorming te voorkomen.Dit gebeurt niet in het programmaWol.De wasautomaat kan altijd worden geo-pend.1) Wordt er een temperatuur gekozenvan 60°C tot 95°C, dan worden er 2spoelgangen uitgevoerd.Wordt er een temperatuur gekozenvan beneden de 60°C, dan wordener 3 spoelgangen uitgevoerd.Een derde, resp. vierde spoelgangwordt uitgevoerd wanneer:– er teveel schuim in de trommel zit;– er een lager centrifugetoerental isgekozen dan 700 omw/min;–Zonder centrifugerenis gekozen.2) Centrifugeren tussen de spoel-gangenHet wasgoed wordt tussen de spoel-gangen gecentrifugeerd.3) Een derde spoelgang wordt uitge-voerd wanneer:–Zonder centrifugerenis gekozen.Programmaverloop26

Het afbreken van een program-maEen wasprogramma dat al is gestartkunt u ieder moment afbreken.^Druk kort op deStart/Stop- toets.De wasautomaat pompt het waswaterweg.Het programma is afgebroken.Wanneer u het wasgoed uit de auto-maat wilt halen:^druk dan op deDeur- toets.Wanneer u een ander programma wiltkiezen:^schakel de wasautomaat dan met deI-Aan/0-Uit- toets uit,^schakel de wasautomaat weer in^en kies een ander programma.Het onderbreken van een pro-gramma^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.Wanneer u het programma weer wiltvoortzetten,^schakel de wasautomaat dan met deI-Aan/0-Uit- toets weer in.Het wijzigen van het gekozenprogrammaHet wijzigen van het programma ofde temperatuurWanneer een programma eenmaal isgestart kunt u geen ander programmameer kiezen, zonder het lopende pro-gramma af te breken.Breek eerst het lopende programma af.U kunt tot 5 minuten nadat een pro-gramma is gestart de temperatuur wij-zigen.Het wijzigen van het centrifugetoe-rentalU kunt het centrifugetoerental tot vlakvoor het eindcentrifugeren wijzigen.Het wijzigen van de extra functiesU kunt geen extra functie meer in- ofuitschakelen.De zoemer kunt u wel ieder moment in-of uitschakelen.Wanneer de programmavergrende-ling is ingeschakeld is er geen pro-grammawijziging meer mogelijk.Het wijzigen van het programmaverloop27

Het bijvullen van de trommel ofhet voortijdig verwijderen vanwasgoed uit de trommelU kunt bij de volgende programma'snog wasgoed in de trommel leggen ofwasgoed uit de trommel halen, nadat uhet programma heeft gestart:– Witte was/Bonte was– Kreukherstellend– Automatic^Open de deur door op deDeur-toets te drukken.^Leg wasgoed in de trommel of haaler wasgoed uit.^Sluit de deur.Het programma wordt automatischvoortgezet.Attentie:Nadat de wasautomaat een programmaeenmaal heeft gestart kan hij in de hoe-veelheid wasgoed geen wijzigingenmeer vaststellen.Daarom gaat de wasautomaat, ook na-dat u nog wasgoed in de trommel hebtgelegd of wasgoed uit de trommel heeftgehaald, altijd van de maximale bela-dingshoeveelheid uit.De resttijd kan langer zijn dan aange-geven.In een paar gevallen kan de deur nietmeer worden geopend, en wel wan-neer:– de temperatuur van het waswater bo-ven de komt;55°C – het waterniveau te hoog is;– de programmafaseCentrifugerenisbereikt;– de kinderbeveiliging is ingeschakeld.Wanneer u in één van bovenstaandegevallen op deDeur- toets drukt, gaathet controlelampjeVergrendeldbranden.Het wijzigen van het programmaverloop28

KinderbeveiligingMet het inschakelen van de program-mavergrendeling voorkomt u dat dewasautomaat tijdens het wassenwordt geopend, het wasprogrammawordt afgebroken of de temperatuuren/of het centrifugetoerental wordengewijzigd.Het inschakelen van de Kinderbevei-liging^Druk na het starten van het program-ma minstens 4 seconden op deStart/Stop- toets totdat het controlelampjeVergrendeld(links naast het display)gaat branden.De Kinderbeveiliging is nu ingesteld.Het apparaat accepteert nu geen wijzi-gingen meer en maakt het waspro-gramma helemaal af.Na afloop van het wasprogrammawordt de Kinderbeveiliging automatischopgeheven.Het uitschakelen van de Kinderbevei-liging^Druk minstens 4 seconden op deStart/Stop- toets totdat het controle-lampjeVergrendeld(links naast hetdisplay) uitgaat.AfsluitfunctieMet het inschakelen van de afsluit-functie voorkomt u dat uw apparaatdoor vreemden kan worden gebruikt.Wanneer deze functie is ingeschakeld– kan de deur niet met deDeur- toetsworden geopenden– kan er geen programma worden ge-start.Het inschakelen van de afsluitfunctieDit is alleen mogelijk, wanneer:– de wasautomaat uitgeschakeld en– de deur gesloten is.ADruk op de toetsenExtra waterenTEMPERATUUR en blijf er tot en metstap op drukken.D BSchakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets in.CDruk drie maal op de toetsIntensief/Voorwas/Inweken.DLaat de toetsenExtra waterenTEMPERATUUR los.Het controlelampjeVergrendeldknip-pert.ESchakel de wasautomaat uit.Het uitschakelen van de afsluitfunc-tieHerhaal de stappen tot en met .A DHet controlelampjeVergrendeldgaatuit.Het wijzigen van het programmaverloop29

Ook vloeibare,compacte (geconcentreerde) wasmid-delen, tabletten en wasmiddelen metverschillende componenten.U kunt ook eventueel bijgevoegde do-seerbolletjes of doseerzakjes ge -bruiken.Wasgoed van wol of wolmengweefselskunt u het beste met een wolwasmiddelwassen.Tips voor het gebruik en voor de dose-ring van de wasmiddelen bij volle bela-ding kunt u vinden op de wasmiddel-verpakking.Het doseren van wasmiddelDe dosering is van verschillende facto-ren afhankelijk.– De hoeveelheid wasgoed– De mate waarin dit is vervuildLicht vervuildEr zijn geen vuile vlekken te zien,maar de kledingstukken ruiken nietmeer zo fris.Normaal vervuildEr zijn lichte vlekken te zien.Sterk vervuildEr zijn donkere vlekken te zien.– De waterhardheidWanneer u de hardheidsgraad in uwregio niet weet, informeer daar dannaar bij uw waterleidingbedrijf.WaterhardheidHardheids-graadEigenschapvan het waterDuitsehardheid°dHI Zacht 0 - 10II Gemiddeld 10 - 16III Hard totzeer hardü16WateronthardingsmiddelWanneer het water harder is dan10° dH kunt u een wateronthardings-middel gebruiken om wasmiddel te be-sparen.De juiste dosering vindt u op de ver-pakking.Doseer eerst het wasmiddel en dan pashet onthardingsmiddel.Het wasmiddel kunt u normaal toevoe-gen, d.w.z.

Wasverzachters en stijfselsMet wasverzachters wordt uw wasgoedextra zacht en minder statisch.Met synthetische stijfsels krijgt u hetwasgoed beter in model.Met andere stijfsels wordt wasgoed stijf.^Doseer de middelen volgens de aan-wijzingen van de fabrikant.Automatisch spoelen met wasver-zachter of stijfsel^Doseer de wasverzachter of het (syn -thetische) stijfsel in vakje . pDoseerniet hoger dan de pijl.De wasverzachter of het (synthetische)stijfsel wordt automatisch met hetlaatste spoelwater in de trommel ge-spoeld.

Aan het einde van het waspro-gramma blijft er een klein beetje waterin vakje staan.§ Wanneer u verschillende keren auto-matisch met stijfsel heeft gespoeld,reinig dan de wasmiddellade.Reinig vooral het kanaal voor dewasverzachter en de zuighevel.Zie hoofdstuk: "Reiniging en onder-houd", paragraaf: "Het reinigen vande wasmiddellade".Apart spoelen met wasverzachter ofsynthetisch stijfsel^Doseer de wasverzachter of het syn -thetische stijfsel in vakje .§^Kies het programmaStijven.^Druk op deStart/Stop- toets.Apart spoelen met stijfsel^Doseer het stijfsel en bereid het voorzoals op de verpakking beschrevenstaat.^Doseer het stijfsel in vakje .i^Kies het programmaStijven.^Druk op deStart/Stop- toets.Het kleuren en ontkleuren^Het gebruik van textielverf in de was-automaat is alleen toegestaan voorhuishoudelijke doeleinden. Neem nietmeer verf dan strikt nodig is.

Wordt erteveel geverfd dan kan het in de verfaanwezige zout het roestvrij staalaantasten. Neem de aanwijzingenvan de textielverffabrikant precies inacht.^Gebruik geen ontkleuringsmiddelenin de wasautomaat.Wasmiddelen31

,Haal vóórdat u de wasautomaateen reinigings- of onderhoudsbeurtgeeft de spanning van het apparaat.Het reinigen van de wasauto-maat^Reinig de wasautomaat met een mildreinigingsmiddel of sopje.Wrijf de automaat daarna met eenzachte doek droog.^Reinig de wastrommel met een reini-gingsmiddel voor roestvrij staal.Het reinigen van de wasmiddelladeVerwijder eventuele resten wasmiddelregelmatig.^Trek de wasmiddellade naar buitentotdat u weerstand voelt.^Druk de ontgrendelingsknop in^en trek de wasmiddellade naar bui-ten.^Reinig de wasmiddellade met warmwater.Het reinigen van de zuighevel^Trek de zuighevel uit vakje (1)§ ^en reinig de hevel onder stromendwarm water.^Reinig ook het pijpje, waar de zuig-hevel overheen wordt gestoken.^Zet de zuighevel weer terug (2).,Gebruik geen oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen, schuur-middelen, glas- of allesreinigers.Deze kunnen namelijk kunststof op-pervlakken en andere onderdelenbeschadigen.Spuit de wasautomaat in geen gevalmet een waterspuit schoon.Reiniging en onderhoud32

Het reinigen van de watertoe-voerzeefjesDe automaat heeft twee zeefjes ter be -scherming van de watertoevoerklep.Deze moeten worden gecontroleerdwanneer het controlelampje voor dewatertoevoer brandt.Het reinigen van het zeefje in de wa-tertoevoerslang^Draai de waterkraan dicht.^Schroef de toevoerslang van de wa-terkraan.^Trek het rubberen dichtingsringetje 1uit de groef.^Pak het kunststof zeefje met een2 combinatie- of punttang aan de op-staande rand in het midden vast entrek het eruit.^Reinig het zeefje.^Monteer alles weer in omgekeerdevolgorde.Het reinigen van het zeefje in hetkoppelstuk van de watertoevoerklep^Schroef de geribbelde kunststofmoer voorzichtig met een tang vanhet koppelstuk af.^Pak het kunststof zeefje met bijv.

Het oplossen van problemen . . .De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnenkrijgen kunt u zelf oplossen.In al die gevallen hoeft u de Technische Dienst niet te bellen en kunt u tijd en kos-ten besparen.De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uitde wereld te helpen. Bedenk echter:,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmen-sen worden uitgevoerd.

Gebeurt dit niet, dan loopt de gebruiker grote risico's.Het programma begint nietProbleem Mogelijke oorzaak OplossingNadat de wasautomaatis ingeschakeld blijfthet display donker enbrandt er geen contro-lelampje.Er staat geen stroomop het apparaat.Controleer of–de stekker goed in de con-tactdoos zit;–de zekering in orde is.Het CONTROLE - lamp-je Vergrendeld knip-pert.De afsluitfunctie is in-geschakeld.Schakel de afsluitfunctie uit.U kiest het programmaPompen/Centrifugeren,maar het wil nietstarten.De wasautomaat is nietklaar voor gebruik.Maak de wasautomaat klaarvoor gebruik zoals beschre-ven in het hoofdstuk: "Vóór deeerste wasbeurt".U drukt op toets Start/Stop, maar het door ugekozen programmastart niet.De deur is niet goedgesloten.–Sluit de deur.Reiniging en onderhoud34

Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmeldingProbleem Mogelijke oorzaak Oplossing ADe waarschuwingstoonklinkt en het CONTROLE -lampje Afvoer knippert.In het display verschijnt"– – –".De waterafvoer is ge-blokkeerd of belem-merd.Reinig het pluizenfilter en hetfilterhuis zoals beschreven inhet hoofdstuk: "Nuttige tips",paragraaf: "Het openen vande deur bij verstopte afvoeren/of stroomuitval."De waterafvoerslangligt te hoog.De maximale opvoerhoogteis 1 m.De waarschuwingstoonklinkt en het CONTROLE -lampje Toevoer knippert.In het display verschijnt"– – –".De watertoevoer isgeblokkeerd of be-lemmerd.Controleer of–de kraan ver genoeg isopengedraaid;–er knikken in de watertoe-voerslang zitten.Het zeefje in de wa-tertoevoerslang isverstopt.Reinig het zeefje.De waarschuwingstoonklinkt en de CONTROLE -lampjes Afvoer en Toe-voer knipperen.In het display verschijnt"– – –".Het Miele-water-beveiligingssysteemheeft gereageerd.Waarschuw de TechnischeDienst.De waarschuwingstoonklinkt en de VERLOOP -controlelampjes Inwekenof knipperen.SpoelenIn het display verschijnt"– – –".Er is sprake van eendefect.Start het programma nogeen keer.Volgt dezelfde foutmelding,neem dan contact op met deTechnische Dienst.ASchakel om de foutmelding uit te schakelen de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.Reiniging en onderhoud35

Algemene problemen met de wasautomaatProbleem Oorzaak OplossingHet CONTROLE - lampjeDosering brandt.Er heeft zich tijdenshet wasprogramma te-veel schuim gevormd.Gebruik de volgende keerminder wasmiddel en neemde doseeraanwijzingen opde wasmiddelverpakking inacht.Het VERLOOP - controle-lampje Wassen knippert.Er is sprake van eendefect.Start het programma nogeen keer.Volgt dezelfde foutmelding,neem dan contact op metde Technische Dienst.De wasautomaat trilt tij-dens het centrifugeren.De stelvoeten staanniet gelijk en zijn nietmet een contramoervastgeschroefd.Stel de wasautomaat stevigen schroef de stelvoetenmet een contramoer vast.De wasautomaat maakteen pompend geluid.Dat is geen storing.

Wanneer het water wordt afge-pompt zijn dit soort geluiden normaal.In de wasmiddelladeblijft vrij veel wasmiddelachter.Er staat onvoldoendedruk op het water.–Reinig het zeefje in dewatertoevoer.–Kies eventueel de extrafunctieExtra water.Poedervormige was-middelen in combina-tie met onthardings-middelen hebben deneiging te gaan plak-ken.Reinig de wasmiddelladeen doseer voortaan eersthet wasmiddel en dan pashet onthardingsmiddel inhet juiste vakje.De wasverzachter wordtniet volledig ingespoeldof er blijft teveel water invakje staan.§ De zuighevel zit nietgoed of is verstopt.Reinig de zuighevel.Zie hoofdstuk: "Reiniging enonderhoud", paragraaf: "Hetreinigen van de wasmiddel-lade".Reiniging en onderhoud36

Een tegenvallend wasresultaatProbleem Oorzaak OplossingHet wasgoed wordtmet een vloeibaarwasmiddel nietschoon.In vloeibare wasmiddelenzitten geen bleekmid-delen.Fruit-, koffie- of theevlek-ken zijn er moeilijk uit tekrijgen.–Gebruik poedervormige was-middelen met een bleekmid-del.–Doseer vlekkenzout in vakjej en het vloeibare wasmid-del in een doseerbolletje.–Doseer vloeibaar wasmiddelen vlekkenzout nooit bij el-kaar in het wasmiddelvakje.Op het gewassenwasgoed zijn grijze,elastische bolletjesachtergebleven(vetbolletjes).Er is te weinig wasmiddelgedoseerd.

Het wasgoedis te sterk met vet, bijv.crème of olie vervuild ge-weest.–Wanneer wasgoed zo ver-vuild is moet u óf meer was-middel doseren óf een vloei-baar wasmiddel gebruiken.–Draai vóór de volgende was-beurt een wasprogramma op60 °C met een vloeibaar was-middel en zonder wasgoed.Op het gewassenwasgoed zitten wit-te, wasmiddelach-tige bestanddelen.Het wasmiddel bevat nietin water op te lossen be-standdelen ter onthar-ding van het water, nl.zeolieten.Deze bestanddelen heb-ben zich op het textielvastgezet.–Probeer de resten met eenborstel te verwijderen wan-neer het wasgoed droog is.–Was donker wasgoed voort-aan met een wasmiddel datgeen zeolieten bevat. Vloei-bare wasmiddelen voldoenmeestal aan deze eis.Reiniging en onderhoud37

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele W 5660 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden