Miele W 5445 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Miele W 5445 (68 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 136 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Miele W 5445 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/68
Gebruiksaanwijzing voor de
wasautomaat
W 5445 WPS
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw wasautomaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.M.-Nr. 07 168 770
nl - NL

Beoordeel deze handleiding

4.3/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Wasmachine
Model: W 5445

Handleiding Miele W 5445 – volledige tekst

Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 2Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 6Bediening van de wasautomaat. 10 Bedieningspaneel. 10 Vóór de eerste wasbeurt. 12Tips om energie en water te besparen. 13Energie- en waterverbruik. 13 Wasmiddelen. 13Vuilgraad. 13Zo wast u goed. 14 Korte handleiding. 14 Vuilgraad, Extra water, Zoemer. 20 Vuilgraad. 20 Licht. 20 Normaal. 20 Sterk. 20 Extra water. 20Zoemer. 20Centrifugeren. 21 Maximaal centrifugetoerental. 21 Het centrifugeren tussen de spoelgangen. 21 Het kiezen van de spoelstop. 21Het overslaan van het centrifugeren tussen de spoelgangen en heteindcentrifugeren. 21 Programma-overzicht. 22 Programmaverloop. 24 Textielbehandelingssymbolen. 26Inhoud3.

Het wijzigen van het programmaverloop. 28Het afbreken van een programma / Het wisselen van programma. 28 Het onderbreken van een programma. 28 Het wijzigen van het gekozen programma. 28Het bijvullen van de trommel of het voortijdig verwijderen van wasgoed uit de trommel. 29Kinderbeveiliging. 29 Afsluitfunctie. 30 Wasmiddelen. 31 Het juiste wasmiddel. 31Wateronthardingsmiddel. 32 Wasmiddelen met verschillende componenten. 32 Middelen voor het nabehandelen van het wasgoed. 33 Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel. 33 Het kleuren en ontkleuren. 33 Reiniging en onderhoud. 34Het reinigen van de ommanteling, het bedieningspaneel en de trommel. 34 Het reinigen van de wasmiddellade. 34Het reinigen van de wasmiddelladekast. 35 Het reinigen van het watertoevoerzeefje. 36 Het oplossen van problemen. 37 Het programma begint niet.

37 Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding. 38 Algemene problemen met de wasautomaat. 39 Een tegenvallend wasresultaat. 40De deur kan met de Deur - toets niet worden geopend. 41Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval. 42 Afdeling Klantcontacten. 44Reparaties. 44 Programma-actualisering (Update). 44 Garantietermijn en garantievoorwaarden. 44 Bij te bestellen onderdelen. 44Inhoud4.

Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat. 45 Het apparaat van voren. 45 Het apparaat van achteren. 46 Plaats van opstelling. 47 Het plaatsen van de wasautomaat. 47Het verwijderen van de transportbeveiliging. 47 Het monteren van de transportbeveiliging. 49 Het stellen van de wasautomaat. 50 Het naar buiten draaien en vastzetten van de stelvoeten. 50Was-droogzuil. 51 Het Miele waterbeveiligingssysteem. 52 Het aansluiten van de watertoevoer. 53 Het aansluiten van de waterafvoer. 55 Elektrische aansluiting. 56 Verbruiksgegevens. 57 Technische gegevens. 58 Programmeerfuncties. 60 Systeem extra water. 60 Behoedzaam wassen. 61 Afkoeling van het sop. 62 Wastijdverlenging. 63Zoemer. 64Akoestisch signaal. 65 Memory. 66 Automatische voorwas bij sterke vuilgraad. 67Inhoud5.

Technische veiligheid~Controleer vóórdat het apparaatwordt geplaatst, of het zichtbaar be-schadigd is. Een beschadigde wasautomaat magniet worden geplaatst en niet in gebruikgenomen. ~Vergelijk vóórdat u de wasautomaataansluit de aansluitgegevens (zekering,spanning en frequentie) op het type-plaatje met die van het elektriciteitsnet. Deze moeten beslist overeenkomen. Raadpleeg bij twijfel een elektricien. ~De elektrische veiligheid van dewasautomaat is uitsluitend gegaran-deerd als deze wordt aangesloten opeen aardingssysteem dat volgens degeldende veiligheidsbepalingen is ge-ïnstalleerd. Laat de huisinstallatie bij twijfel dooreen vakman / vakvrouw inspecteren. De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die wordt ver-oorzaakt door een ontbrekende of be-schadigde aarddraad. ~Gebruik om veiligheidsredenengeen verlengsnoer.

Dit in verband met gevaar voor bijvoor-beeld oververhitting. ~Defecte onderdelen mogen alleendoor originele Miele-onderdelen wor-den vervangen. Alleen van deze Miele-onderdelen kunnen wij garanderen, datzij volledig voldoen aan de veiligheids-eisen die wij stellen aan onze appara-ten en onderdelen daarvan. ~Reparaties aan de wasautomaatmogen alleen door vakmensen vanMiele worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparatieskunnen onvoorziene risico's voor de ge-bruiker opleveren, waarvoor de fabri-kant niet aansprakelijk kan worden ge-steld. ~Wanneer de aansluitkabel is be-schadigd, moet de kabel door erkendevakmensen worden vervangen. ~Wanneer er een storing wordt ver-holpen en wanneer de wasautomaatwordt gereinigd en onderhouden mager geen elektrische spanning op dewasautomaat staan.

~Wanneer dit apparaat op een niet-stationaire locatie (bijv. op een boot ofin een camper) moet worden geplaatst,mag het uitsluitend door een vakman/vakvrouw worden ingebouwd en aan-gesloten. Hierbij moet aan alle voor-waarden voor een veilig gebruik wor-den voldaan. Gebruik~Plaats uw wasautomaat niet in vorst-gevoelige ruimten. Bevroren slangen kunnen scheuren ofbarsten en de betrouwbaarheid van deelektronische besturing kan door tem-peraturen onder het vriespunt afnemen. ~Verwijder voordat u de wasautomaatin gebruik neemt de transportbeveili-ging aan de achterzijde van het appa-raat. Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aanslui-ten van de wasautomaat", paragraaf:"Het verwijderen van de transportbevei-liging". Wanneer u de transportbeveiliging nietverwijdert, kan dat bij het centrifugerenschade veroorzaken aan uw wasauto-maat en aan de meubels / apparatendie ernaast staan.

~Sluit de kraan af als u langere tijd af-wezig bent (bijv. tijdens vakanties), ze-ker als er zich in de buurt van de was-automaat geen afvoer in de vloer zoalseen putje bevindt. ~Denk eraan dat er water kan over-stromen. Controleer daarom vóórdat u de water-afvoerslang in een wastafel of wasbakhangt, of het water snel genoeg weg-stroomt. Zorg er daarom ook voor dat de afvoer-slang niet weg kan glijden. Wanneer deslang niet goed vastzit kan hij door dekracht van het wegstromende water uitde wastafel of wasbak worden gedrukt. ~Let erop dat u voorwerpen zoalsspijkers, naalden, munten en paper-clips niet meewast. Deze kunnen namelijk onderdelen vande wasautomaat beschadigen (bijv. kuip, wastrommel). Beschadigde onderdelen kunnen ophun beurt weer schade aan het was-goed veroorzaken. ~Als u het wasmiddel op de juistemanier doseert is het niet nodig dat ude wasautomaat ontkalkt.

Mocht uw apparaat toch zo sterk ver-kalkt zijn, dat het beslist moet wordenontkalkt, gebruik daar dan speciale ont-kalkingsmiddelen voor die een anti-cor-rosiemiddel bevatten.

Bedieningspaneel aProgrammakeuze - toetsen e-Met deze toetsen kunt u een waspro-gramma instellen. bVuil - toetsMet deze toets kunt u de vuilgraadvan het wasgoed aangeven.Extra water - toetsMet deze toets kunt u de waterstandverhogen. cTemperatuur - toetsMet deze toets kunt u een tempera-tuur instellen. dToerental - toetsMet deze toets kunt u een centrifuge-toerental, de of Spoelstop Zondercentrifugeren instellen. eOptische interface PCOp deze plaats kunnen onze technicide wasprogramma's controleren, up-daten en in het geheugen van dewasautomaat opslaan. fVerloop - met controlelampjesDeze lampjes laten u tijdens het was-programma zien welke fase in hetprogrammaverloop is bereikt. gZoemer - toetsMet deze toets kunt u de zoemer in-en uitschakelen. hControle - met lampjesDeze controlelampjes geven eenprobleem aan.

iVoorprogrammering - toetsMet deze toets kunt u het starttijdstipvan het te kiezen programma van tevoren instellen. jStart / Stop - toetsMet deze toets kunt u:– het gekozen wasprogramma starten;– het gestarte wasprogramma afbre-ken. kI-Aan / 0-Uit - toetsMet deze toets kunt u de wasauto-maat in- en uitschakelen. lDeur - toetsMet deze toets kunt u de deur ope-nen. mDisplay (h min)Het display kan verschillende dingenaangeven.Zie volgende bladzijde.Bediening van de wasautomaat10

DisplayHet display kan verschillende dingenaangeven:– de programmaduur (resttijd);– de voorgeprogrammeerde tijd;– de programmeerfuncties.Programmaduur (resttijd)Wanneer u een programma start zon-der gebruik te maken van de voorpro-grammering, dan geeft het display inuren en minuten aan hoelang het pro-gramma waarschijnlijk gaat duren.Wanneer u een programma start metvoorprogrammering, dan geeft het dis-play pas na afloop van de voorgepro-grammeerde tijd aan hoelang het pro-gramma gaat duren.Tijdens de eerste 10 minuten berekentde wasautomaat hoelang het duurtvoordat het wasgoed het water heeftopgenomen en berekent op grond hier-van de belading.Het is mogelijk dat het programmadaardoor langer of korter gaat duren.Voorgeprogrammeerde tijdWanneer u een programma start metvoorprogrammering, dan geeft het dis-play eerst de voorgeprogrammeerdetijd aan, d.w.z.

geeft aan hoelang hetnog duurt voordat het gekozen pro-gramma begint.Na de programmastart wordt de voor-geprogrammeerde tijd in het display af-geteld, en wel– tot 10 h per uur;– vanaf 9 h 59 min per minuut.Na afloop van de voorgeprogram-meerde tijd start het programma auto-matisch en geeft het display aan hoe-lang het programma waarschijnlijk gaatduren.ProgrammeerfunctiesU kunt een aantal varianten program-meren om het wasprogramma nog be-ter af te stemmen op het soort wasgoeden de manier waarop u dit wilt wassen.Bij het programmeren ziet u devarianten in het display.Bediening van de wasautomaat11

Iedere wasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest.Het is mogelijk dat er als gevolg vandeze tests wat water in het apparaatachterblijft.Controleer voordat u uw wasauto-maat voor het eerst gebruikt of hetapparaat volgens de regels is ge-plaatst en aangesloten.Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aan-sluiten van de wasautomaat".Om veiligheidsredenen is het niet mo-gelijk om meteen bij de eerste wasbeurtte centrifugeren.Ter activering van het centrifugerenmoet u eerst een wasprogramma zon-der wasgoed en zonder wasmiddeldraaien.Wordt er wel wasmiddel gebruikt kan erovermatige schuimvorming optreden.Draait u eerst een wasprogramma zon-der wasgoed en zonder wasmiddelwordt daarmee tegelijk het kogelventielgeactiveerd.Het kogelventiel zorgt ervoor dat vanafde eerste wasbeurt steeds al het was -middel wordt gebruikt.^Draai de kraan open.^Druk op de - toets.I-Aan/O-Uit Het controlelampje van het programmaAutomatic gaat branden.^Druk één keer op de programmatoets Hom het programma Witte / Bontewas te kiezen.^Druk op de - toets.Start/Stop Het wasprogramma wordt gestart.Na afloop van het programma is dewasautomaat klaar voor de eerste was-beurt.Vóór de eerste wasbeurt12

Energie- en waterverbruik– Benut bij ieder programma dat ukiest de maximale beladingscapaci-teit van de trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,vergeleken met de totale hoeveel-heid wasgoed, het laagst.– Gebruik de programma's Automaticen voor kleinere hoeveelheExpress -den wasgoed.– Bij een geringe belading in de pro-gramma zorgt deWitte / Bonte was beladingsautomaat voor een vermin-dering van het water- en energiever-bruik en voor een verkorting van deprogrammaduur.Het is daardoor mogelijk dat de rest-tijd die in het display wordt aangege-ven in het verloop van het waspro-gramma wordt gecorrigeerd.

– Gebruik in plaats van het programmaWitte / Bonte was 95°C het program-ma .Witte / Bonte was 60°CDaarmee bespaart u 35 tot 45%energie.Wasmiddelen– Gebruik hoogstens zoveel wasmid-del als op de wasmiddelverpakkingaangegeven staat.– Reduceer bij geringere beladings-hoeveelheden de hoeveelheid was-middel.Bij halve belading kan ca. 1/3minderwasmiddel worden gebruikt.VuilgraadU kunt bij verschillende programma'sde vuilgraad van uw wasgoed aange-ven.Het wasprogramma past zich daaraanaan.–LichtHet wasgoed is niet zichtbaar vies,maar ruikt niet meer zo fris.–NormaalHet wasgoed vertoont zichtbare vlek-ken. –SterkHet wasgoed is duidelijk erg vies en /of heeft vlekken die er al langerinzitten.Tip voor machinaal drogenWilt u het wasgoed na afloop in dedroogautomaat drogen, kies dan hethoogste centrifugetoerental dat voor ditwasgoed mogelijk is.Tips om energie en water te besparen13

Korte handleidingWanneer u een kort overzicht wilt heb-ben over hoe u de wasautomaat moetbedienen, kunt u de met cijfers aange-duide stappen ( , , ABC, . . .) aanhou-den. AInspecteer en sorteer het wasgoeden behandel het voorHet inspecteren van het wasgoed ^Maak de zakken leeg.,Voorwerpen (spijkers, munten,paperclips e.d.) kunnen wasgoed enonderdelen van de wasautomaat be-schadigen.^Sluit de ritsen. Keer kleding met rit-sen eventueel binnenstebuiten.^Sluit eventuele haakjes en oogjes.^Zorg ervoor dat onderdelen van kle-ding, zoals bh-beugels, niet los kun-nen raken.

Losgeraakte onderdelenmoeten eerst worden vastgemaakt ofverwijderd.^Verwijder bij vitrage de haakjes enhet loodband of wikkel ze in eendoek.^Keer gebreid of tricot wasgoed bin-nenstebuiten als de fabrikant dat ad-viseert.^Knoop bed- en kussenovertrekkendicht zodat er geen andere textiel interecht kan komen.Het sorteren van het wasgoed^Sorteer het wasgoed naar kleur ennaar de symbolen in het wasetiket,dat zich in de kraag of in de zijnaadbevindt. ^Was geen textiel dat volgens hetwasetiket niet in de wasautomaat kanworden gewassen. Het symbooldaarvoor is: .h ^Donkergekleurd wasgoed geeft bijde eerste wasbeurten vaak iets af.Was licht en donker wasgoed daar-om apart.Het voorbehandelen van vlekken^Verwijder eventuele vlekken op hettextiel, als het even kan zodra ze ont-staan zijn.

BSchakel de wasautomaat in CBelaad de wasautomaat^Open de deur met de - toets.Deur ^Leg het wasgoed uit elkaar gevou-wen en losjes in de trommel.^Leg stukken wasgoed van verschil-lende grootte in de trommel.Daardoor wordt een beter wasresultaatbereikt en kan het wasgoed zich tijdenshet centrifugeren beter verdelen.^Gebruik de maximale belading.Bij een maximale belading is het ener-gie- en waterverbruik, vergeleken metde totale hoeveelheid wasgoed, hetlaagst.Bij overschrijding van de maximale be-ladingscapaciteit vallen de wasresulta-ten tegen en gaat het wasgoed snellerkreuken.Let erop dat er niets tussen deur enmanchet beklemd raakt.^Sluit de deur met een lichte klap. DKies een programma^ Druk zo vaak op de en/of - toets,e -totdat het controlelampje gaatbranden van het programma dat uwilt hebben.Zo wast u goed15

EGeef de vuilgraad van het was-goed aanMet de - toets kunt u de vuilgraadVuil van het wasgoed aangeven.De standaardinstelling is .Normaal ^Druk zo vaak op deze toets, totdathet controlelampje gaat branden vande vuilgraad van uw wasgoed.Dit is echter niet voor alle programma'smogelijk.Schakel eventueel de extra functieExtra water in^Druk op de toets , wanExtra water -neer u deze extra functie wilt inscha-kelen.Ook dit is niet voor alle programma'smogelijk.

FStel de temperatuur in ^Druk zo vaak op de -Temperatuur toets totdat het controlelampje oplichtvan de temperatuur die u wilt heb-ben.Het is niet mogelijk om bij ieder pro-gramma elke temperatuur te kiezen dieop het paneel staat aangegeven.Stel het centrifugetoerental in ^Druk zo vaak op de - toetsToerental totdat het controlelampje oplicht vanhet toerental dat u wilt hebben.Het is niet mogelijk om bij ieder pro-gramma elk centrifugetoerental te kie-zen dat op het paneel staat aangege-ven.Schakel eventueel de zoemer in^Druk op de - toets, wanneerZoemer u wilt dat de zoemer gaat na afloopvan een programma.Zo wast u goed16

GDoseer het wasmiddelHet is belangrijk om niet te weinig enniet te veel wasmiddel te doseren.Te weinig wasmiddel heeft tot gevolgdat– het wasgoed niet schoon en in deloop van de tijd grauw en hard wordt;– er zich vetbolletjes in het wasgoedvormen;– er zich kalk op de kuip en de verwar-mingselementen afzet.Te veel wasmiddel heeft tot gevolg dat – er zich te veel schuim vormt, de was-werking daardoor gering is en dereinigings-, spoel- en centrifugeerre-sultaten niet optimaal zijn; – er door een automatisch ingescha-kelde extra spoelgang meer waterwordt verbruikt; – het milieu extra wordt belast.^Trek de wasmiddellade naar buitenen doseer het middel in de vakjes.iVakje voor de voorwasWanneer u de vuilgraad hebtSterk gekozen, neem dan 1/4van de totaleaanbevolen wasmiddelhoeveelheid.jVakje voor de hoofdwas§Vakje voor wasverzachter of stijfsel^Schuif de wasmiddellade weer naarbinnen.Nadere bijzonderheden over wasmid-delen en de dosering daarvan treft uaan in het hoofdstuk: "Wasmiddelen".Zo wast u goed17

HProgrammeer eventueel de startvan het programma vòòrMet de voorprogrammering kunt u hettijdstip dat het door u gekozen pro-gramma start minimaal 30 minuten enmaximaal 24 uur van te voren instellen.Dit kunt u bijvoorbeeld doen om ge-bruik te maken van het nachttarief.Dit doet u met de -Voorprogrammering toets.Met iedere druk op deze toets ver-schuift de voor te programmeren tijd enwel: – tot 10 uur per 30 minuten; – vanaf 10 uur per 1 uur. ^Druk zo vaak op de Voorprogramme-ring - toets, totdat in het display detijd verschijnt die u wilt voorprogram-meren.Wanneer u op de toets blijft drukken,verspringt de tijd automatisch naar24 h.Het wissen van de voorgeprogram-meerde tijd^ Druk wanneer het display aan24 ^ -geeft nog eens op de Voorprogram-mering - toets.Het wissen van de voorgeprogram-meerde tijd, wanneer er al op deStart / Stop - toets is gedrukt.^Breek het programma af.

IStart het programmaDe - toets is aan het knippeStart / Stop -ren.^Druk op deze toets.Wanneer u de start heeft voorgepro-grammeerd, dan geeft het display devoorgeprogrammeerde tijd aan, d.w.z.geeft aan hoe lang het nog duurt voor-dat het gekozen programma begint.Deze tijd wordt in het display afgeteld.Na afloop van de voorgeprogram-meerde tijd start het programma engeeft het display aan hoelang het pro-gramma waarschijnlijk gaat duren.Wanneer u de start niet heeft voorge-programmeerd, dan geeft het displaydirect aan hoelang het programmawaarschijnlijk gaat duren.Tijdens de eerste 10 minuten berekentde wasautomaat hoe lang het duurtvoordat het wasgoed het water heeftopgenomen en berekent op grond hier-van de belading.Het is mogelijk dat het programmadaardoor langer of korter gaat durendan eerst aangegeven.Zo wast u goed18

JHaal na afloop van het programmahet wasgoed uit de automaatWanneer de controlelampjes Kreukbe-veiliging Einde Verloop en onder gaanbranden, is het programma afgelopen.^Open de deur met de - toets.Deur ^Haal het wasgoed uit de trommel.^Controleer of de trommel leeg is.Blijven er stukken wasgoed in detrommel liggen, loopt u het risico datze bij de volgende wasbeurt krim-pen of afgeven.^Controleer of er voorwerpen in demanchet van de deur zijn achterge-bleven.^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit - toets uit.^Sluit de deur.Doet u dat niet, dan bestaat het gevaardat er voorwerpen per vergissing in detrommel terechtkomen, worden meege-wassen en het wasgoed beschadigen.Zo wast u goed19

VuilgraadU kunt bij verschillende programma'sde vuilgraad van uw wasgoed aange-ven.Zo kunt u het wasprogramma aan devuilgraad aanpassen.LichtHet wasgoed is niet zichtbaar vies,maar ruikt niet meer zo fris.Bij deze vuilgraad duurt de hoofdwaskorter.NormaalHet wasgoed vertoont zichtbare vlek-ken.Bij deze vuilgraad wordt het standaard-wasprogramma uitgevoerd.SterkHet wasgoed is duidelijk erg vies en /of heeft vlekken die er al langerinzitten.Bij deze vuilgraad wordt een voorwasvan 15 minuten uitgevoerd en wordt dehoofdwas met 15 minuten verlengd.Het controlelampje onder Voorwas Ver-loop knippert.Doseer waspoeder in vakje .iU kunt echter ook de voorwas uitscha-kelen en de hoofdwas verlengen.Zie daarvoor het hoofdstuk: "Program-meerfuncties".Extra waterWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, wordt er bij de wasprogramma'smeer water gebruikt.U kunt tussen drie varianten kiezen.Op de toets Extra water kunt u de ge-wenste variant programmeren.Wanneer de wasautomaat wordt gele-verd, wordt de eerste keer dat u op deExtra water - toets drukt de waterstandbij het wassen en spoelen verhoogd.Voor het wijzigen van de variant ziehoofdstuk: "Programmeerfuncties", pa-ragraaf: "Systeem extra water".ZoemerWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, klinkt er aan het einde van eenprogramma of bij de spoelstop eenzoemer.De zoemer gaat zolang totdat de was-automaat wordt uitgeschakeld.De zoemer gaat bij alle programma'stotdat hij weer wordt uitgeschakeld.U kunt tussen twee geluidssterkten kie-zen.U kunt er ook voor kiezen om de zoe-mer uit te schakelen.Zie daarvoor hoofdstuk: "Programmeer-functies", paragraaf: "Zoemer".De waarschuwingstoon die bij sto-ringen gaat heeft met de zoemer nietste maken.Vuilgraad, Extra water, Zoemer20

Maximaal centrifugetoerentalHet maximale centrifugetoerental kanvan programma tot programma ver-schillen. Programma Omw/min Automatic 1200 Witte / Bonte was 1450 Fijne was 1200 Wol 1200 Zijde 400 Express 1450 Donker wasgoed 1200 Overhemden 600 Jeans 900 Pompen / Centrifugeren 1450U kunt een lager toerental instellen.Het centrifugeren tussen de spoel-gangenHet wasgoed wordt niet alleen aan heteind, maar ook na de hoofdwas en tus-sen de spoelgangen gecentrifugeerd.Stelt u een lager centrifugetoerental in,dan wordt er ook na de hoofdwas entussen de spoelgangen met een lagertoerental gecentrifugeerd.In het programma Witte / Bonte waswordt bij een toerental van lager dan700 omw/min een spoelgang ingelast.Het kiezen van de spoelstop^Kies met de - toets Toerental Spoel-stop.Het controlelampje brandt.Spoelstop Het wasgoed blijft na de laatste spoel-gang in het water liggen.

Dat heeft hetvoordeel dat het wasgoed minderkreukt wanneer u het niet direct uit detrommel haalt.– Toch eindcentrifugeren:^Kies een toerental.De automaat begint met centrifugeren. – Beëindigen programma: ^Druk op de - toets.Deur Het water wordt afgepompt. ^Druk opnieuw op de - toets.Deur De deur gaat open.Het overslaan van het centrifugerentussen de spoelgangen en het eind-centrifugeren^Kies .Zonder centrifugerenNa de laatste spoelgang wordt het wa-ter afgepompt en wordt de kreukbevei-liging ingeschakeld.In de programma's , Automatic Witte /Bonte was Fijne was Express , en wordteen spoelgang ingelast.Centrifugeren21

Automatic 40°C tot koud Maximaal 3,5 kg Wasgoed Wasgoed dat naar kleur is gesorteerd en een combinatie is vanwasgoed dat anders met het programma en wasWitte / Bonte was -goed dat anders met het programma wordt geKreukherstellend -wassen. Tip Beide soorten wasgoed worden zo behoedzaam mogelijk behan-deld en zo goed mogelijk gereinigd. Dit is mogelijk doordatwasparameters zoals waterstand, wasritme en centrifugeprofiel au-tomatisch worden aangepast.

Witte / Bonte was 95°C tot 30°C Maximaal 6,0 kg Wasgoed Wasgoed van katoen, linnen of mengweefsels; T-shirts, ondergoed,tafellakens en servetten Tip Gebruik alleen voor sterk vervuild en geïnWitte / Bonte was 95°C -fecteerd wasgoed.Instructie voor onderzoeksinstituten:Voor tests volgens norm EN 60456 moet worden inge-Witte / Bonte was 60°C steld.Voor kort programma: 3,0 kg belading en vuilgraad .Licht Fijne was 60°C tot koud Maximaal 3,0 kg Wasgoed – Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels of kreukherstel-lend gemaakt katoen– Vitrage die volgens de fabrikant in de wasautomaat kan wordengewassenTips – Vitrage trekt veel stof aan.

Het is daarom aan te bevelen om devuilgraad aan te geven, de extra functie in teSterk Extra water schakelen en niet meer dan 2 kg tegelijk te wassen.– Reduceer bij kreukgevoelige vitrage het centrifugetoerental ofcentrifugeer helemaal niet.Instructie voor onderzoeksinstituten:Voor tests volgens norm EN 60456 moet Fijne was 40°C en centrifugetoerental1200 omw/min worden ingesteld. Wol 40°C tot koud Maximaal 2,0 kg/ Wasgoed Wasgoed van wol en wolmengweefselsProgramma-overzicht22

Zijde 30°C tot koud Maximaal 2,0 kg/ Wasgoed Wasgoed van zijde en van alle stoffen zonder wol die met de handkunnen worden gewassen Tip Was panty's en bh's in een waszak. Express 40°C tot koud Maximaal 3,0 kg Wasgoed Een kleinere hoeveelheid wasgoed die uit katoen, linnen of meng-weefsels bestaat en alleen maar hoeft te worden opgefrist. Tip Wilt u afzonderlijke stukken wasgoed uitspoelen, kies dan dit pro-gramma met de temperatuur .Koud Donker wasgoed 40°C tot koud Maximaal 3,0 kg Wasgoed Zwart of ander donker wasgoed van katoen of mengweefsels Tip Was dit wasgoed binnenstebuiten. Overhemden 60°C tot koud Maximaal 2,0 kg Tips – Behandel kragen en manchetten vóór als dat nodig is. – Gebruik voor zijden overhemden en blouses het programma Zij-de. Jeans 60°C tot koud Maximaal 3,0 kg Tips – Was jeansstoffen binnenstebuiten.

De wasautomaat beschikt over een vol-ledig elektronische besturing met bela-dingsautomaat.Tijdens een wasprogramma zuigt hetwasgoed water op. Om hoeveel waterhet gaat hangt af van de hoeveelheidwasgoed en het soort textiel.Hoe groter het absorptievermogen vanhet wasgoed is, des te meer water ermoet worden bijgepompt.

De elektroni-ca van de wasautomaat kan de hoe-veelheid water meten die het wasgoedopneemt en die moet worden bijge-pompt.Het programmaverloop en de wastijdzijn bij de diverse programma's dusverschillend.Het programmaverloop van de hier ver-melde programma's slaat op het basis-programma met maximale belading.Eventueel gekozen extra functies zijnhier buiten beschouwing gelaten.De controlelampjes van het program-maverloop geven tijdens iedere was-beurt aan in welke fase het waspro-gramma zich op dat moment bevindt.Nadere bijzonderheden over het pro-grammaverloop:Kreukbeveiliging:De trommel beweegt nog 30 minutenna afloop van het programma omkreukvorming te voorkomen.Een uitzondering vormt het programmaWol.De wasautomaat kan altijd worden geo-pend.1) Wordt er een temperatuur gekozenvan 60°C tot 95°C, dan worden er 2spoelgangen uitgevoerd.Wordt er een temperatuur gekozenvan beneden de 60°C, dan wordener 3 spoelgangen uitgevoerd.Een 3e, resp.

4e spoelgang wordtuitgevoerd wanneer: – er teveel schuim in de trommel zit; – er een lager centrifugetoerental isgekozen dan 700 omw/min;–Zonder centrifugeren is gekozen.2) Een 3e spoelgang wordt uitgevoerdwanneer:Zonder centrifugeren is gekozen.Programmaverloop25

TextielbehandelingssymbolenWassenHet getal in de wastobbe geeft demaximale wastemperatuur aan. 9Normaal programma 4Mild programma cZeer mild programma /Handwas hNiet wassenVoorbeelden voor de programmakeu-ze Programma Textielbehandelings-symbolen Automatic 7621Witte / Bontewas9ö8E76 Fijne was 54321ac Wol / Zijde / Express 76TrommeldrogenDe punten geven de globale tempera-tuur aan. qOp een normale temperatuur rOp een lagere temperatuur sNiet drogen in de automaatStrijkenDe punten verwijzen naar de puntenop de regelaar van het strijkijzer engeven de temperatuur aan. Ica. 200°C Hca. 150°C Gca. 110°C JNiet strijkenChemisch reinigen fReiniging met chemische op-losmiddelen.De letters verwijzen naar hetreinigingsmiddel.p wNat reinigen DNiet chemisch reinigenBleken xElk bleekmiddel toegestaan {Alleen zuurstofbleekmiddeltoegestaan zNiet blekenProgrammaverloop26

In het wasgoed bevindt zich een etiketmet textielbehandelingssymbolen. Ditetiket doet aanbevelingen voor de juistebehandeling van het artikel waarop hetis aangebracht.Het mag niet worden verward met eengarantie hoe het textiel zich in het ge-bruik zal gedragen. Het behandelings-etiket waarborgt dat het textielproductbij de aanbevolen behandeling geenschade lijdt.Een artikel waarop een behandelings-etiket met de symbolen is aangebrachtmoet voldoen aan bepaalde eisen vanwasechtheid, wrijfechtheid en water-echtheid van de kleuren.Het mag niet teveel krimpen of vervor-men, de lijmen mogen niet loslaten enbij de eerste vier keer reinigen zijn ont-leding, smelten, vergelen, pillen en blij-vende kreukels ontoelaatbaar.Behandelingen en temperaturen diemilder zijn dan op het etiket aangege-ven zijn altijd toegestaan.Programmaverloop27

Het afbreken van een program-ma / Het wisselen van pro-grammaU kunt een wasprogramma ieder mo-ment afbreken, nadat u het heeft ge-start.^Druk kort op de - toets.Start/Stop De wasautomaat pompt het water weg.Het programma is afgebroken.Wilt u de was uit de automaat halen,^druk dan op de - toets.Deur Wilt u een ander programma kiezen,doe dan het volgende. ^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit - toets uit. ^Schakel het apparaat daarna weer in.

^Controleer of er nog wasmiddel in dewasmiddellade zit.Is dat niet het geval,^doseer genoeg wasmiddel.^Kies en start een ander programma.Het onderbreken van een pro-gramma^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit - toets uit.Wanneer u het programma weer wiltvoortzetten,^schakel het apparaat daarna weer in.Het wijzigen van het gekozenprogrammaHet basisprogrammaWanneer een programma eenmaal isgestart, kunt u geen ander programmameer kiezen zonder het lopende pro-gramma af te breken.De temperatuurDe temperatuur kunt u tot 5 minuten nade programmastart wijzigen.Het centrifugetoerentalHet centrifugetoerental kunt u tot vlakvoor het eindcentrifugeren wijzigen.De vuilgraadDe vuilgraad kunt u na de programma-start niet meer wijzigen.Extra functies: Extra water en Zoe-merExtra water kunt u na de programma-start niet meer in- of uitschakelen.De zoemer kan altijd worden in- en uit-geschakeld.Wanneer de kinderbeveiliging is in-geschakeld, is het niet mogelijk omhet programmaverloop te wijzigen.Het wijzigen van het programmaverloop28

Het bijvullen van de trommel ofhet voortijdig verwijderen vanwasgoed uit de trommel^Druk op de - toets totdat deDeur deur openspringt.^Leg wasgoed in de trommel of haaler wasgoed uit.^Sluit de deur.Het programma wordt automatischvoortgezet.Attentie:Nadat de wasautomaat een programmaeenmaal heeft gestart kan hij in de hoe-veelheid wasgoed geen wijzigingenmeer vaststellen.Daarom gaat de wasautomaat, ook na-dat u nog wasgoed in de trommel hebtgelegd of wasgoed uit de trommel heeftgehaald, altijd van de maximale bela-dingshoeveelheid uit.De resttijd kan langer zijn dan aange-geven.In een paar gevallen kan de deur nietmeer worden geopend, en wel wan-neer– de temperatuur van het sop bovende komt;55°C – de waterstand te hoog is;– de programmafase isCentrifugeren bereikt.Wanneer u in één van bovenstaandegevallen op de - toets drukt, gaatDeur het controlelampje Vergrendeldbranden.KinderbeveiligingMet het inschakelen van de kinderbe-veiliging voorkomt u dat de wasauto-maat tijdens het wassen wordt geo-pend of dat het wasprogrammawordt afgebroken of dat de tempera-tuur en/of het centrifugetoerental wor-den gewijzigd.Het inschakelen van de kinderbeveili-ging^Druk na het starten van het program-ma minstens 4 seconden op deStart / Stop - toets totdat het controle-lampje gaat branden.Vergrendeld De kinderbeveiliging is nu ingescha-keld.De wasautomaat accepteert nu geenwijzigingen meer en maakt het pro-gramma helemaal af.Na afloop van het wasprogrammawordt de kinderbeveiliging automatischopgeheven.Het uitschakelen van de kinderbevei-liging^Druk minstens 4 seconden op deStart / Stop - toets totdat het controle-lampje uitgaat.Vergrendeld Het wijzigen van het programmaverloop29

AfsluitfunctieMet het inschakelen van de afsluit-functie voorkomt u dat uw apparaatdoor vreemden kan worden gebruikt.Wanneer deze afsluitfunctie is inge-schakeld kan er geen programma wor-den gestart.Het inschakelen van de afsluitfunctieDit is alleen mogelijk als:– de wasautomaat uitgeschakeld is; – de deur gesloten is. ADruk op de toetsen enExtra water Temperatuur en blijf daar tot stap Dop drukken. BSchakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit - toets in. CDruk 3 x op de - toets Vuil Licht/Nor-maal/Sterk. DLaat de toetsen en Extra water Tem-peratuur los.Het controlelampje knipVergrendeld -pert. ESchakel de wasautomaat uit.Het uitschakelen van de afsluitfunc-tie^Herhaal de stappen tot en met .A DHet controlelampje gaatVergrendeld uit.Het wijzigen van het programmaverloop30

Het juiste wasmiddelU kunt alle wasmiddelen gebruiken die voor gebruik in de wasautomaat geschiktzijn. Tips voor gebruik en dosering van wasmiddelen voor volle belading staan opde wasmiddelverpakking. Universeel Color Fijn Automatic X X Witte / Bonte was X X Fijne was X X Wol Wolwasmiddel Zijde X Express X X X Donker wasgoed X1) Overhemden X X Jeans X1) 1) Alleen vloeibaar wasmiddelWasmiddelen31

Het doseren van het wasmiddelDe dosering is van verschillende facto-ren afhankelijk.– De mate waarin het wasgoed is ver-vuildLicht vervuildEr zijn geen vuile vlekken te zien,maar de kledingstukken ruiken nietmeer zo fris.Normaal vervuildEr zijn lichte vlekken te zien.Sterk vervuildEr zijn donkere vlekken te zien. – De waterhardheidWanneer u de hardheidsgraad in uwregio niet weet, informeer daar dannaar bij uw waterleidingbedrijf. – De hoeveelheid wasgoedWaterhardheidHardheids-graadEigenschapvan het waterDuitsehardheid°dH I Zacht 0 - 10 II Gemiddeld 10 - 16 III Hard totzeer hard> 16WateronthardingsmiddelWanneer het water harder is dan10° dH kunt u een wateronthardings-middel gebruiken om wasmiddel te be-sparen.De juiste dosering vindt u op de ver-pakking.Doseer eerst het wasmiddel en dan pashet onthardingsmiddel.Het wasmiddel kunt u normaal toevoe-gen, d.w.z.

Middelen voor het nabehande-len van het wasgoedWasverzachtersMet wasverzachters wordt uw wasgoedextra zacht en minder statisch.Synthetische stijfselsMet synthetische stijfsels krijgt u hetwasgoed beter in model.StijfselsMet gewone stijfsels wordt uw wasgoedstevig.Automatisch spoelen met wasver-zachter of stijfsel^Doseer één van bovenstaande pro-ducten in vakje .§Doseer niet hoger dan de pijl.De middelen worden automatisch methet laatste spoelwater in de trommelgespoeld.Aan het eind van het wasprogrammablijft er een klein beetje water in vakje §staan.Wanneer u verschillende keren auto-matisch met stijfsel heeft gespoeld,reinig dan de wasmiddellade.Reinig de zuighevel extra goed.Het kleuren en ontkleuren^Let erop dat gebruik van textielverf inde wasautomaat alleen is toegestaanvoor huishoudelijke doeleinden.Neem niet meer verf dan strikt nodigis.Wordt er teveel geverfd dan kan hetin de verf aanwezige zout het roest-vrij staal aantasten.Neem de aanwijzingen van de textiel-verffabrikant precies in acht.

,Haal vóórdat u de wasautomaateen reinigings- of onderhoudsbeurtgeeft de spanning van het apparaat.,Spuit de wasautomaat in geengeval met een waterspuit schoon.Het reinigen van de ommante-ling, het bedieningspaneel ende trommel^Reinig deze onderdelen met een mildreinigingsmiddel of sopje. ^Droog ze daarna met een zachtedoek.,Gebruik geen oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen, schuur-middelen, glas- of allesreinigers.Deze kunnen namelijk kunststof op-pervlakken en andere onderdelenbeschadigen.Het reinigen van de wasmid-delladeVerwijder eventuele resten wasmiddelregelmatig. ^Trek de wasmiddellade naar buitentotdat u weerstand voelt. ^Druk de ontgrendelingsknop in ^en haal de wasmiddellade uit het ap-paraat. ^Reinig de wasmiddellade met warmwater.Reiniging en onderhoud34

Het reinigen van de zuighevel^ Trek de zuighevel uit vakje (1)§ ^en reinig de hevel onder stromendwarm water. ^Reinig ook het pijpje, waar de zuig-hevel overheen wordt gestoken. ^Zet de zuighevel weer terug (2).Wanneer u verschillende kerenvloeibaar stijfsel hebt gebruikt, reinigde zuighevel dan extra goed.Vloeibare stijfsels klonteren snel.Het reinigen van de wasmid-delladekast^Reinig ook het gedeelte waar dewasmiddellade zit. Verwijder de was-middelresten en kalkaanslag en ge-bruik daarvoor een flessenborstel.Reiniging en onderhoud35

Het reinigen van het watertoe-voerzeefjeDe wasautomaat heeft één zeefje terbescherming van de watertoevoerklep.Dit zeefje, dat zich in de schroefkoppe-ling van de veiligheidsklep bevindt,moet u ongeveer 1 keer in het half jaarcontroleren. Wanneer de watertoevoervaak wordt onderbroken moet u mis-schien vaker controleren.^Draai de waterkraan dicht.^Schroef de toevoerslang van de wa-terkraan. ^Trek het rubberen dichtingsringetje 1uit de groef. ^Pak het kunststof zeefje met een2 combinatie- of punttang aan de op-staande rand in het midden vast entrek het eruit. ^Reinig het kunststof zeefje.^Monteer alles weer in omgekeerdevolgorde.^Schroef de slang stevig aan de kraanvast.^Draai de kraan open.^Draai de schroefkoppeling nog watvaster aan als er nog water uitloopt.Het zeefje nadat het is gereimoet -nigd weer worden teruggeplaatst.Reiniging en onderhoud36

Het oplossen van problemen . . .De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnenkrijgen kunt u zelf oplossen.In al die gevallen hoeft u onze technici niet te bellen en kunt u tijd en kosten be-sparen.De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uitde wereld te helpen. Bedenk echter:,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmen-sen worden uitgevoerd.

Gebeurt dit niet, dan loopt de gebruiker grote risico's.Het programma begint niet Probleem Oorzaak OplossingNadat de wasautomaatis ingeschakeld blijfthet display donker enbrandt er geen contro-lelampje.Er staat geen stroomop het apparaat.Controleer of – de stekker goed in de con-tactdoos zit; – de zekering in orde is.Het lampje Vergren-deld Controleonder knippert.De afsluitfunctie is in-geschakeld.Schakel de afsluitfunctie uit.U kiest het programmaPompen/Centrifugeren,maar het wil niet star-ten.De wasautomaat is nietklaar voor gebruik.Maak de wasautomaat klaarvoor gebruik zoals beschre-ven in het hoofdstuk: "Vóór deeerste wasbeurt".U drukt op de Start/Stop - toets, maar hetdoor u gekozen pro-gramma start niet.De deur is niet goedgesloten.Sluit de deur.Reiniging en onderhoud37

Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding Probleem Oorzaak Oplossing ADe zoemer klinkt en hetcontrolelampje Afvoeronder knippert.Controle In het display verschijnt:"– – –".De waterafvoer is ge-blokkeerd of belem-merd.Reinig het pluizenfilter en hetfilterhuis zoals beschreven inhet hoofdstuk: "Nuttige tips",paragraaf: "Het openen vande deur bij verstopte afvoeren/of stroomuitval."De waterafvoerslangligt te hoog.De maximale opvoerhoogteis 1 m.De zoemer klinkt en hetcontrolelampje Toevoeronder knippert.Controle In het display verschijnt:"– – –".De watertoevoer isgeblokkeerd of be-lemmerd.Controleer of – de kraan ver genoeg isopengedraaid; – er knikken in de watertoe-voerslang zitten.Het zeefje in de wa-tertoevoerslang isverstopt.Reinig het zeefje.De zoemer klinkt en decontrolelampjes Toevoeren onder Afvoer Controleknipperen.In het display verschijnt:"– – –".Het Miele-waterbe-veiligingssysteemheeft gereageerd.Neem contact op met de af-deling Klantcontacten.De zoemer klinkt en decontrolelampjes Voor-wassen Spoelstop of on-der knipperen.Verloop In het display verschijnt:"– – –".Er is sprake van eendefect.Start het programma nogeen keer.Volgt dezelfde foutmelding,neem dan contact op met deafdeling Klantcontacten.

Algemene problemen met de wasautomaat Probleem Oorzaak OplossingHet controlelampje Dose-ring Controleonder brandt.Er heeft zich tijdens hetwasprogramma teveelschuim gevormd.Gebruik de volgendekeer minder wasmiddelen neem de doseeraan-wijzingen op de wasmid-delverpakking in acht.Het controlelampjeSpoelen Verlooponder knippert.Er is sprake van een de-fect.Start het programma nogeen keer.Volgt dezelfde foutmel-ding, neem dan contactop met de afdeling Klant-contacten.De wasautomaat trilt tij-dens het centrifugeren.De stelvoeten staan nietgelijk en zijn niet met eencontramoer vastge-schroefd.Stel de wasautomaat ste-vig en schroef de stelvoe-ten met een contramoervast.De wasautomaat heefthet wasgoed niet nor-maal gecentrifugeerd enhet wasgoed is nog nat.Bij het eindcentrifugerenheeft de automaat eengrote onbalans herkenden het centrifugetoeren-tal gereduceerd.Vul de trommel met groteen kleine stukken was-goed om het wasgoedbeter in balans te krijgen.De wasautomaat maakteen pompend geluid.Dat is geen storing.

Wanneer het water wordt afge-pompt zijn dit soort geluiden normaal.In de wasmiddelladeblijft vrij veel wasmiddelachter.Er staat onvoldoendedruk op het water.– Reinig het zeefje in dewatertoevoer.– Kies eventueel de ex-tra functie .Extra waterPoedervormige wasmid-delen in combinatie metonthardingsmiddelenhebben de neiging tegaan plakken.Reinig de wasmiddelladeen doseer voortaan eersthet wasmiddel en danpas het onthardingsmid-del in het juiste vakje.De wasverzachter wordtniet volledig ingespoeldof er blijft teveel water in vakje staan.§De zuighevel zit nietgoed of is verstopt.Reinig de zuighevel.Zie hoofdstuk: "Reinigingen onderhoud", para-graaf: "Het reinigen vande wasmiddellade".Reiniging en onderhoud39

Een tegenvallend wasresultaat Probleem Oorzaak OplossingHet wasgoed wordtmet een vloeibaarwasmiddel nietschoon.In vloeibare wasmidde-len zitten geen bleekmid-delen.Fruit-, koffie- of theevlek-ken zijn er moeilijk uit tekrijgen.– Gebruik poedervormige was-middelen met een bleekmid-del.– Doseer vlekkenzout in vakje jen het vloeibare wasmid-del in een doseerbolletje.– Doseer vloeibaar wasmiddelen vlekkenzout nooit bij el-kaar in het wasmiddelvakje.Op het gewassenwasgoed zijn grij-ze, elastische bol-letjes achtergeble-ven (vetbolletjes).Er is te weinig wasmiddelgedoseerd. Het was-goed is te sterk met vet,bijv. crème of olie ver-vuild geweest. – Wanneer wasgoed zo ver-vuild is moet u óf meer was-middel doseren óf een vloei-baar wasmiddel gebruiken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele W 5445 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden