Miele V 5535 WP S Handleiding

Miele Wasmachine V 5535 WP S

Bekijk gratis de handleiding van Miele V 5535 WP S (68 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 31 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Miele V 5535 WP S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/68
Gebruiksaanwijzing voor de
wasautomaat
Meteor V 5735WPS
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw wasautomaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.
M
M.-Nr. 06 033 790

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Wasmachine
Model: V 5535 WP S

Handleiding Miele V 5535 WP S – volledige tekst

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade.Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt.Door hergebruik van verpakkingsmate-riaal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van het apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio-neren en de veiligheid van het apparaatnodig waren. Als u het apparaat bij hetgewone afval doet of bij verkeerde be-handeling kunnen deze stoffen schade-lijk zijn voor de gezondheid en hetmilieu.

Verwijder het afgedankte appa-raat dan ook nooit met het gewone af-val.Lever het apparaat in bij een gemeen-telijk inzameldepot voor elektrische enelektronische apparatuur.Het afgedankte apparaat moet tot dietijd buiten het bereik van kinderen wor-den opgeslagen. Hierover vindt u meerinformatie in het hoofdstuk "Veiligheids-instructies en waarschuwingen".Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu2

Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 2 Het verpakkingsmateriaal. 2 Het afdanken van het apparaat. 2Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 6 Algemeen. 9Specifieke kenmerken. 9 Speciale programma's (Zijde , Wol , Miniwas, Automatic, Extra spoelen) 9/ /Licht strijken in de programma's Fijne was en Zijde. 9/ Systeem extra water. 9 Programma-actualisering (Update). 10 Bedieningspaneel. 11 Belangrijke bedieningselementen. 13 Programmakeuzeschakelaar. 13 Toetsen voor de extra functies. 13 Toets "Centrifugeren" met lampjes. 13 Vóór de eerste wasbeurt. 14Tips om energie en water te besparen. 15Energie- en waterverbruik. 15 Wasmiddelen. 15 Extra functies (Inweken, Voorwas, Intensief). 15Tip voor machinaal drogen. 15Zo wast u goed. 16 Korte handleiding. 16 Programma-overzicht. 17 Voordat u gaat wassen. 20 Wanneer u gaat wassen. 21 Extra functies. 22 Nadat u heeft gewassen.

Het onderbreken van een programma. 26 Het wijzigen van het gekozen programma. 26Het overslaan van een programmafase. 26Het afbreken van een programma / Het wisselen van programma. 26 Programmaverloop. 27Textielbehandelingssymbolen. 29 Wasmiddelen. 31Het kiezen van wasmiddel. 31 Het doseren van wasmiddel. 31 Wateronthardingsmiddel. 31Wasmiddelen met verschillende componenten. 31 Wasverzachters en stijfsels. 32 Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel. 32 Apart spoelen met wasverzachter of synthetisch stijfsel. 32 Apart spoelen met stijfsel. 32 Het kleuren en ontkleuren. 32 Reiniging en onderhoud. 33 Het reinigen van de wasautomaat. 33Het reinigen van de wasmiddellade. 33 Het reinigen van de zuighevel. 33 Het reinigen van het watertoevoerzeefje. 34 Nuttige tips. 35 Het oplossen van problemen. 35 Het programma begint niet.

35Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding. 36 Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een foutmelding. 37Algemene problemen of een tegenvallend resultaat. 38De deur kan met de Deur - toets niet worden geopend. 40Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval. 41 Verstopte afvoer. 41Het openen van de deur. 42 Technische Dienst. 43Reparaties. 43 Garantietermijn en garantievoorwaarden. 43Bij te bestellen onderdelen. 43Inhoud4.

Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat. 44 Het apparaat van voren. 44 Het apparaat van achteren. 45 Plaats van opstelling. 46 Het plaatsen van de wasautomaat. 46Het verwijderen van de transportbeveiliging. 46 Het monteren van de transportbeveiliging. 48 Het stellen van de wasautomaat. 49 Het naar buiten draaien en vastzetten van de stelvoeten. 49 Het plaatsen van de wasautomaat onder een werkblad of in een keukenblok 50Was-droogzuil. 50 Het terugplaatsen van het bovenblad van de wasautomaat. 50 Het Miele waterbeveiligingssysteem. 51 Het aansluiten van de watertoevoer. 52 Het aansluiten van de waterafvoer. 54 Elektrische aansluiting. 55 Verbruiksgegevens. 56 Instructie voor de vergelijkende onderzoeken:. 56 Technische gegevens. 57 Programmeerfuncties. 60 Systeem extra water. 60 Behoedzaam wassen. 62 Afkoeling van het sop. 63 Memory. 64Inweektijd. 65Inhoud5.

Gebruik om veiligheidsredenengeen verlengsnoer. Dit in verband met gevaar voor bijvoor-beeld oververhitting. Het Miele-Waterproofsysteem iseen uitstekende bescherming te-gen waterschade op voorwaarde dat:– het water en de elektriciteit volgensde regels zijn aangesloten;– het apparaat bij beschadiging on-middellijk wordt gerepareerd. Defecte onderdelen mogen alleendoor originele Miele-onderdelenworden vervangen. Alleen van dezeMiele-onderdelen kunnen wij garande-ren, dat zij volledig voldoen aan de vei-ligheidseisen die wij stellen aan onzeapparaten en onderdelen daarvan. Wanneer de aansluitkabel is be-schadigd, moet de kabel door er-kende vakmensen worden vervangen. GebruikWanneer dit apparaat op een niet-stationaire locatie (bijv. op een bootof in een camper) moet worden ge-plaatst, mag het uitsluitend door eenvakman/vakvrouw worden ingebouwden aangesloten.

Hierbij moet aan allevoorwaarden voor een veilig gebruikworden voldaan. Plaats uw wasautomaat niet invorstgevoelige ruimten. Bevroren slangen kunnen scheuren ofbarsten en de betrouwbaarheid van deelektronische besturing kan door tem-peraturen onder het vriespunt afnemen. Verwijder voordat u de wasauto-maat in gebruik neemt de trans-portbeveiliging aan de achterzijde vanhet apparaat. Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aanslui-ten van de wasautomaat", paragraaf:"Het verwijderen van de transportbevei -liging". Wanneer u de transportbeveiliging nietverwijdert, kan dat bij het centrifugerenschade veroorzaken aan uw wasauto-maat en aan de meubels / apparatendie ernaast staan. Sluit de kraan af als u langere tijdafwezig bent (bijv. tijdens vakan-ties), zeker als er zich in de buurt vande wasautomaat geen afvoer in devloer zoals een putje bevindt. Denk eraan dat er water kan over-stromen.

Controleer daarom vóórdat u de water-afvoerslang in een wastafel of wasbakhangt, of het water snel genoeg weg-stroomt. Zorg er daarom ook voor dat de afvoer-slang niet weg kan glijden.

Als u het wasmiddel op de juistemanier doseert is het niet nodig datu de wasautomaat ontkalkt. Mocht uwapparaat toch zo sterk verkalkt zijn, dathet beslist moet worden ontkalkt, ge-bruik daar dan speciale ontkalkings-middelen voor die een anti-corrosie-middel bevatten. Deze middelen zijn verkrijgbaar via uwMiele-vakhandelaar of bij de afdelingOnderdelen van Miele Nederland B. V. Volg de adviezen voor het gebruik vande ontkalkingsmiddelen strikt op. Wasgoed dat met oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen is be-handeld, moet vóórdat het in de wasau-tomaat wordt gewassen, grondig in hel-der water worden uitgespoeld. Gebruik in deze wasautomaat nooitreinigingsmiddelen die een oplos-middel bevatten, zoals wasbenzine. Wanneer u dat toch doet, kunnen on-derdelen van het apparaat bescha-digen en kunnen er giftige dampen ont-staan.

Het gevaar bestaat dan dat erbrand uitbreekt of zich een explosievoordoet. Wanneer u textielverf in de wasau-tomaat wilt gebruiken, kies dan tex-tielverf die daar geschikt voor is. Ge-bruik deze verf alleen voor huishoude-lijke doeleinden, neem niet meer verfdan strikt nodig is en neem de aanwij-zingen van de textielverffabrikant pre-cies in acht. Ontkleuringsmiddelen kunnen doorhun chemische samenstelling cor-rosie veroorzaken. Deze middelen mogen daarom niet inde wasautomaat worden gebruikt. Wanneer u op hoge temperaturenwast, denk er dan aan dat het glasvan de deur heet wordt. Zorg er dus voor dat kinderen het glasvan de deur tijdens het wasprogrammaniet aanraken. Gebruik van toebehorenAlleen originele Miele-toebehorenkunnen worden aan- of ingebouwd.

Wanneer er andere toebehoren wordenaan- of ingebouwd, kan Miele niet voorde gevolgen instaan en kan er geenberoep meer worden gedaan op bepa-lingen met betrekking tot garantie enproductaansprakelijkheid. Het afdanken van het apparaatTrek de stekker uit de contactdoosen maak deze samen met de aan-sluitkabel onbruikbaar. U voorkomt daarmee dat de wasauto-maat verkeerd wordt gebruikt.

Specifieke kenmerkenSpeciale programma's (Zijde ,/ Wol /, Miniwas, Automatic,Extra spoelen)– Zijde /In dit programma kan met de handwasbaar, kreukgevoelig textiel wor-den gewassen waar geen wol in zit.– Wol /In dit programma kan met de handwasbaar textiel van wol of wolmeng-weefsels worden gewassen. – MiniwasIn dit programma kan een kleine hoe-veelheid licht vervuild textiel wordengewassen dat anders met de bontewas meegaat. – AutomaticIn dit programma kunnen stukkenwasgoed van verschillende soortentextiel worden gewassen, als zemaar wel dezelfde kleur hebben.– Extra spoelenIn dit programma kan wasgoed wor-den behandeld dat alleen maar moetworden gespoeld en gecentrifu-geerd.Licht strijken in de programma'sFijne was en Zijde /In deze programma's wordt het was-goed bijzonder behoedzaam gewassenen gecentrifugeerd.

Daardoor kreukthet wasgoed minder en hoeft het min-der te worden gestreken.Systeem extra waterMet dit systeem is het mogelijk om meteen hogere waterstand te spoelen of tewassen en te spoelen.Bovendien is het met dit systeem mo-gelijk om voor de programma'sWittewas/Bonte wasenKreukherstellendeen extra spoelgang te kiezen.Algemeen9

Programma-actualisering (Update)Wasmiddelen, textiel, wasgewoontenen wasvoorschriften zullen in de toe-komst veranderingen ondergaan.De was- en spoelprogramma's zullendaaraan moeten worden aangepast.De Technische Dienst zal in de toe-komst in staat zijn het wasprogrammate updaten en in het Novotronic-geheu-gen van uw wasautomaat op te slaan.Dit zal gebeuren via het controlelampjevoor de watertoevoer (PC = ProgrammeCorrection).Miele zal zelf aangeven wanneer deprogramma's kunnen worden geactuali-seerd.Algemeen10

Bedieningspaneel aDisplayDit kan verschillende dingen aange-ven. Zie volgende bladzijde. bToets StartMet deze toets kunt u een waspro-gramma starten. cToetsen voor de extra functiesMet deze toetsen kunt u extra func-ties in- of uitschakelen.Met de bovenste toets kunt u ófIn-tensiefófVoorwasófInwekenófcombinaties daarvan kiezen.Met de onderste toets kunt uExtrawaterkiezen.Wanneer u een extra functie inscha-kelt gaat het daarbij behorende con-trolelampje branden.Wanneer u een extra functie weer uit-schakelt gaat het daarbij behorendecontrolelampje uit. dControlelampjes voor het gekozen centrifugetoerental, enSpoelstop Zonder centrifugeren eToets "Centrifugeren"Met deze toets kunt u een andercentrifugetoerental,SpoelstopofZonder centrifugerenkiezen.

fProgrammakeuzeschakelaarMet deze schakelaar kunt u het ba-siswasprogramma en een daarbij ho-rende temperatuur kiezen.De programmakeuzeschakelaar kanrechts- of linksom worden gedraaid. gControlelampjes voor het program-maverloopDeze controlelampjes laten u tijdenshet wasprogramma zien welke fasein het programmaverloop is bereikt. hAndere controlelampjesDeze controlelampjes geven eenprobleem aan. iToets I-Aan/0-UitMet deze toets kunt u de wasauto-maat in- en uitschakelen en het pro-gramma onderbreken. jToets DeurMet deze toets kunt u de deur vande wasautomaat openen.Algemeen11

Programmaduur (resttijd)Nadat u een programma heeft gekozenen gestart, geeft het display in uren enminuten aan hoelang dit programmamaximaal gaat duren.In de programma's:– Witte was/Bonte was– Kreukherstellend– Automaticberekent de wasautomaat hoelang hetduurt voordat het wasgoed het waterheeft opgenomen.De automaat berekent op grond hier-van tijdens de eerste 10 minuten de be-lading.Wanneer de automaat merkt dat hij nietmaximaal beladen is, verkort hij de pro-grammaduur. Programma Tijdverkorting max. Normaal Intensief Witte was/Bonte was 37 min 52 min Kreukherstellend 12 min 13 min Automatic 13 min 18 minInwekenWanneer u de extra functieInwekenin-schakelt, geeft het display een tijd aandie een optelsom is van de ingesteldeinweektijd en de wastijd van het geko-zen programma.Algemeen12

Belangrijke bedieningsele-mentenProgrammakeuzeschakelaarMet de programmakeuzeschakelaarkunt u een basisprogramma en eendaarbij behorende temperatuur instel-len. Toetsen voor de extra functiesMet deze toetsen kunt u extra functiesin- en uitschakelen. De extra functies dienen ter aanvullingvan de basiswasprogramma's. Met de bovenste toets kunt u óf de ex-tra functieIntensiefófVoorwasófInwe-kenóf combinaties daarvan kiezen. Met de onderste toets kunt u de extrafunctieExtra waterkiezen. Wanneer het controlelampje van eenfunctie brandt, is deze functie inge-schakeld. Extra functies die binnen het gekozenbasisprogramma niet van toepassingzijn, kunt u niet inschakelen. Toets "Centrifugeren" met lampjesMet deze toets kunt u een centrifuge-toerental,SpoelstopofZonder centrifu-gerenkiezen. De controlelampjes geven aan wat ugekozen heeft.

Het kiezen van een centrifugetoerentalMet bovengenoemde toets kunt u hetcentrifugetoerental wijzigen. Het maximale centrifugetoerental ver-schilt van programma tot programma. Toerental Basiswasprogramma's1350 Witte was/Bonte was, Miniwas,Stijven, Pompen/Centrifugeren1200 Wol, Extra spoelen900 Kreukherstellend, Automatic600 Fijne was400 ZijdeKiest u een hoger toerental dan binnenhet gekozen programma mogelijk is,dan accepteert de automaat dat niet. Het overslaan van het eindcentrifuge-ren ^Druk op deCentrifugeren- toets tot-dat uSpoelstopheeft bereikt. Het wasgoed wordt niet gecentrifu-geerd en blijft na de laatste spoelgangin het water liggen. Het wasgoed kreukt dan minder wan-neer u het niet direct na afloop van hetprogramma uit de trommel haalt. Wilt u het programma voortzetten:^kies dan een centrifugetoerental. Wilt u het programma beëindigen:^druk dan op deDeur- toets.

Het overslaan van het centrifugerentussen de spoelgangen en het eind-centrifugeren^Druk op deCentrifugeren- toets toten metZonder centrifugeren. Het wasgoed wordt niet gecentrifu-geerd.

Iedere wasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest.Het is mogelijk dat er als gevolg vandeze tests wat water in het apparaatachterblijft.Controleer voordat u uw wasauto-maat voor het eerst gebruikt of hetapparaat volgens de regels is ge-plaatst en aangesloten.Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aan-sluiten van de wasautomaat".Om veiligheidsredenen is het niet mo-gelijk om meteen bij de eerste wasbeurtte centrifugeren. Ter activering van hetcentrifugeren moet u eerst een waspro-gramma zonder wasgoed en zonderwasmiddel draaien.Wordt er wel wasmiddel gebruikt kan erovermatige schuimvorming optreden.Draait u eerst een wasprogramma zon-der wasgoed en zonder wasmiddelwordt daarmee tegelijk het kogelventielgeactiveerd.

Het kogelventiel zorgt er-voor dat vanaf de eerste wasbeurtsteeds al het wasmiddel wordt gebruikt.^Draai de waterkraan open.^Druk deI-Aan/O-Uit- toets in.^Draai de programmakeuzeschake-laar opWitte was/Bonte was 40°C.^Druk zo vaak op deCentrifugeren-toets totdat het controlelampjeZon-der centrifugerenoplicht.^Druk op deStart- toets.Na afloop van het programma is dewasautomaat klaar voor de eerstewasbeurt.Vóór de eerste wasbeurt14

Energie- en waterverbruik– Benut bij ieder programma dat ukiest de maximale beladingscapaci-teit van de trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,vergeleken met de totale hoeveel-heid wasgoed, het laagst.– Gebruik de programma'sAutomaticofMiniwasvoor kleinere hoeveelhe-den wasgoed.– Bij een geringe belading in het pro-grammaWitte was/Bonte waszorgtde beladingsautomaat voor een ver-mindering van het water- en energie-verbruik en daardoor voor een ver-korting van de programmaduur. – Gebruik in plaats van het programmaWitte was/Bonte was 95°Chet pro-grammaWitte was/Bonte was 60°Cin combinatie met de extra functie:Intensief.Daarmee bespaart u 35 tot 45%energie.Het programma duurt dan wellanger.

In de meeste gevallen is ditgenoeg.– Gebruik voor wasgoed met hardnek-kige vlekken of vlekken die er al watlanger in zitten de extra functieInwe-ken.Wasmiddelen– Gebruik hoogstens zoveel wasmid-del als op de wasmiddelverpakkingaangegeven staat.– Reduceer bij geringere beladings-hoeveelheden de hoeveelheid was-middel. Bij halve belading kan ca. 1/3minder wasmiddel worden gebruikt. Extra functies (Inweken, Voorwas,Intensief)– Kies voor licht vervuild wasgoed eenwasprogramma zonder extra func-ties. – Kies voor normaal tot sterk vervuildwasgoed met zichtbare vlekken eenwasprogramma met de extra functieIntensief.

– Gebruik de extra functieInwekeninplaats van de extra functieVoorwas.Bij het inweken en de hoofdwas diedaar direct op volgt wordt hetzelfdesop gebruikt.Tip voor machinaal drogen– Kies wanneer u het wasgoed na af-loop in de droogautomaat wilt dro-gen het hoogste centrifugetoerentaldat voor dit wasgoed mogelijk is.Tips om energie en water te besparen15

Korte handleidingTip: Het is belangrijk dat u zich met debediening van de automaat vertrouwdmaakt. Lees daarom de uitgebreide pa-ragrafen: "Voordat u gaat wassen","Wanneer u gaat wassen" en "Nadat uheeft gewassen" in dit hoofdstuk.Voordat u gaat wassen AInspecteer en sorteer het wasgoeden behandel het voor.Wanneer u gaat wassen BSchakel de wasautomaat in. COpen de deur. DVul de trommel. ESluit de deur. FKies een programma. GKies een centrifugetoerental. HKies eventueel (een) extra functie(s). IDoseer het wasmiddel. JStart het programma.Nadat u heeft gewassen KOpen de deur. LHaal het wasgoed uit de automaat. MSchakel de wasautomaat uit. NDraai de programmakeuzeschake-laar opEinde. OSluit de deur.Welk textiel in welk programma kanworden gewassen, kunt u in hetvolgende programma-overzicht vinden.Zo wast u goed16

Fijne was ac Textielsoort Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels, kunstzijdeof kreukherstellend gemaakt katoen, bijv. overhemden ofblousesVitrage die volgens de fabrikant in de wasautomaat kan wor-den gewassen. Extra functies Inweken / Voorwas / IntensiefBijzondere tips –Gebruik voor normaal tot sterk vervuild wasgoed de extrafunctieIntensief.–In dit programma kreukt het wasgoed minder ("Licht strij-ken").–Vitrage trekt veel stof aan en zal daarom vaak in een pro-gramma met de extra functieVoorwasmoeten worden ge-wassen. –Reduceer bij kreukgevoelige vitrage het centrifugetoerentalof centrifugeer helemaal niet. Wasmiddelen Fijnwasmiddelen Max.

belading 1 kgZijde / Textielsoort Wasgoed van met de hand wasbaar, kreukgevoelig textielwaar geen wol in zit Extra functie Extra waterBijzondere tips –In dit programma kreukt het wasgoed minder ("Licht strij-ken").–Was panty's en bh's in een waszak. Wasmiddelen Fijnwasmiddelen Max. belading 1 kgWol / Textielsoort Wasgoed van wol en wolmengweefsels dat met de hand of inde wasautomaat mag worden gewassen Wasmiddelen Wolwasmiddelen Max. belading 2 kgZo wast u goed18

Miniwas 7 Textielsoort Licht vervuild wasgoed dat in het programma voor de bontewas mag worden gewassen Extra functie Extra waterBijzondere tip –Doseer minder waspoeder. Dit programma heeft namelijkeen halve belading. Wasmiddelen Universele wasmiddelen en Color-wasmiddelen Max. belading 2,5 kgAutomatic 72 Textielsoort Wasgoed van katoenen en kreukherstellend textiel dat naarkleur is gesorteerd Extra functies Inweken / Voorwas / Intensief / Extra water Bijzondere tip Gebruik voor normaal tot sterk vervuild wasgoed de extra–functieIntensief. Wasmiddelen Universele wasmiddelen en Color-wasmiddelen Max. belading 3 kgStijven Textielsoort Tafellakens, servetten, schorten en beroepskleding Bijzondere tip Het wasgoed moet schoongewassen, maar mag niet met–wasverzachter nabehandeld zijn. Max.

belading 5 kgExtra spoelen Textielsoort Wasgoed dat alleen maar moet worden uitgespoeld en ge-centrifugeerd Max. belading 5 kgPompen/CentrifugerenBijzondere tip –Alleen pompen: zet het centrifugetoerental opZonder cen-trifugeren. Max. belading 5 kgZo wast u goed19

Voordat u gaat wassen AInspecteer en sorteer het wasgoeden behandel het voorHet inspecteren van het wasgoed ^Maak de zakken leeg.,Voorwerpen (spijkers, munten,paperclips e.d.) kunnen wasgoed enonderdelen van de wasautomaat be-schadigen.^Sluit de ritsen. Keer kleding met rit-sen eventueel binnenstebuiten.^Sluit eventuele haakjes en oogjes.^Zorg ervoor dat onderdelen van kle-ding, zoals bh-beugels, niet los kun-nen raken. Losgeraakte onderdelenmoeten eerst worden vastgemaakt ofverwijderd.^Verwijder bij vitrage de haakjes enhet loodband of wikkel ze in eendoek.^Keer gebreid of tricot wasgoed bin-nenstebuiten als de fabrikant dat ad-viseert.Het sorteren van het wasgoed^Sorteer het wasgoed naar kleur ennaar de symbolen in het wasetiket,dat zich in de kraag of in de zijnaadbevindt.^Was geen textiel dat volgens hetwasetiket niet in de wasautomaat kanworden gewassen.

Het symbooldaarvoor is: .h^Donkergekleurd wasgoed geeft bijde eerste wasbeurten vaak iets af.Was licht en donker wasgoed daar-om apart.Het voorbehandelen van vlekken ^Verwijder eventuele vlekken op hettextiel, als het even kan zodra ze ont-staan zijn. Dit is nog belangrijker voormoeilijke vlekken als thee-, koffie-, ei-en bloedvlekken.Neem de vlekken met een tissue af.Wrijf de vlekken er niet in!,Gebruik in geen geval chemi-sche (oplosmiddelhoudende) reini-gingsmiddelen in de wasautomaat!Zo wast u goed20

Wanneer u gaat wassen BSchakel de wasautomaat in^door op deI-Aan/0-Uit- toets te druk-ken. COpen de deur^door op deDeur- toets te drukken ende deur open te klappen. DVul de trommel^door het wasgoed ontvouwd en los-jes in de trommel te leggen.Leg stukken wasgoed van verschillen-de grootte in de trommel. Daardoorwordt een beter wasresultaat bereikt enkan het wasgoed zich tijdens het centri-fugeren beter verdelen.Benut bij ieder programma dat u kiestde maximale beladingscapaciteit vande trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,vergeleken met de totale hoeveelheidwasgoed, het laagst.Let erop dat wanneer de maximale be-ladingscapaciteit wordt overschreden,de wasresultaten tegenvallen en hetwasgoed sneller gaat kreuken. ESluit de deur^Sluit de deur met een lichte klap.Let erop dat er niets tussen deur enmanchet beklemd raakt.

FKies een programma^door de programmakeuzeschakelaarop de gewenste stand te zetten.Het display geeft in uren en minuten demaximale programmaduur aan. GKies een centrifugetoerental^door zo vaak op deCentrifugeren-toets te drukken totdat het controle-lampje oplicht van het door u ge-wenste centrifugetoerental.Wanneer u een hoger centrifugetoeren-tal kiest dan binnen het gekozen was-programma mogelijk is, accepteert deautomaat dat niet.Zo wast u goed21

Extra functies HKies eventueel (een) extra func-tie(s)Met de toetsen voor de extra functieskunt u extra functies inschakelen, alsdeze binnen het gekozen basispro-gramma mogelijk zijn. U kunt ze metdeze toetsen ook weer uitschakelen.Met de bovenste toets kunt u een extrafunctie of een combinatie van extrafuncties kiezen en wel in de volgendevolgorde:IntensiefofIntensiefenVoor-wasofIntensiefenInwekenofVoorwasofInwekenof geen keuze.Met de onderste toets kunt u de extrafunctieExtra waterkiezen.^Druk op de toets van de gewensteextra functie.

bloed, vet, cacao)Wanneer u deze functie hebt ingescha-keld, gaat aan het eigenlijke waspro-gramma een inweekprogramma vooraf.U kunt tussen vier inweektijden kiezen,te weten 2 uur, 1 uur en 30 minuten,1 uur en 30 minuten.Op de toetsInwekenkunt u de ge-wenste variant programmeren.Wanneer de wasautomaat wordt gele-verd is de inweektijd op 2 uur ingesteld.Voor het wijzigen van de inweektijd ziehoofdstuk: "Programmeerfuncties", pa-ragraaf: "Inweektijd".Extra waterWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, wordt er bij de wasprogramma'smeer water gebruikt.U kunt tussen vier varianten kiezen.Op de toetsExtra waterkunt u de ge-wenste variant programmeren.Wanneer de wasautomaat wordt gele-verd, wordt de eerste keer dat u op deExtra water- toets drukt de waterstandbij het wassen en spoelen verhoogd.Voor het wijzigen van de variant ziehoofdstuk: "Programmeerfuncties", pa-ragraaf: "Systeem extra water".Zo wast u goed22

IDoseer het wasmiddelHet is belangrijk om niet te weinig enniet te veel te doseren, want . . .. . . te weinig wasmiddel heeft tot ge-volg dat:– het wasgoed niet schoon en in deloop van de tijd grauw en hard wordt;– er vetbolletjes in het wasgoed blijvenzitten;– er zich kalk in de kuip afzet.. . .

te veel wasmiddel heeft tot gevolgdat: – er sterke schuimvorming optreedt,de waswerking daardoor gering enhet reinigings-, spoel- en centrifu-geerresultaat niet optimaal is; – er door een automatisch ingescha-kelde extra spoelgang meer waterwordt verbruikt; – het milieu extra wordt belast.Wanneer u vloeibaar wasmiddel en te-vens de extra functieVoorwasgebruikt,let er dan op dat er in dat geval voorhet vloeibaar wasmiddel een apart bak-je in vakje moet worden geplaatst.j Dit is verkrijgbaar bij de Miele vakhan-del of bij de afdeling Onderdelen vanMiele Nederland B.V.^Trek de wasmiddellade naar buitenen doseer het wasmiddel in de vak-jes. i= Vakje voor de voorwasWanneer u de extra functieVoorwashebt gekozen, neemdan 1/4van de totale aanbe-volen wasmiddelhoeveelheid. j= Vakje voor de hoofdwasen voor het inweken, wanneeru deze extra functie hebtgekozen.

Nadat u heeft gewassen KOpen de deur^door op deDeur- toets te drukken ende deur open te klappen. LHaal het wasgoed uit de automaat ^Controleer of er voorwerpen in demanchet van de deur zijn achterge-bleven.Kijk goed of er geen stukken was-goed in de trommel zijn blijven lig-gen. Anders loopt u het risico dat zebij de volgende wasbeurt krimpen ofafgeven. MSchakel de wasautomaat uit^door op deI-Aan/0-Uit- toets te druk-ken. NDraai de programmakeuzeschake-laar op Einde OSluit de deurAnders bestaat het gevaar dat er voor -werpen per vergissing in de trommel te-rechtkomen, worden meegewassen enhet wasgoed beschadigen.Zo wast u goed24

^Sluit de deur.Het programma wordt automatischvoortgezet.Attentie:Nadat de wasautomaat een programmaeenmaal heeft gestart kan hij in de hoe-veelheid wasgoed geen wijzigingenmeer vaststellen.Daarom gaat de wasautomaat, ook na-dat u nog wasgoed in de trommel hebtgelegd of wasgoed uit de trommel heeftgehaald, altijd van de maximale bela-dingshoeveelheid uit.De resttijd kan langer zijn dan aange-geven.In een paar gevallen kan de deur nietmeer worden geopend, en wel wan-neer– de temperatuur van het sop bovende komt;55°C – de waterstand te hoog is;– de programmafaseCentrifugerenisbereikt.Zo wast u goed25

Het onderbreken van een pro-gramma^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.Wanneer u het programma weer wiltvoortzetten,^schakel de wasautomaat dan met deI-Aan/0-Uit- toets weer in.Het wijzigen van het gekozenprogrammaNadat u op deStart- toets heeft ge-drukt, kunt u de volgende wijzigingenaanbrengen. – U kunt te allen tijde het centrifuge-toerental wijzigen, voor zover dat hetmaximum toerental van het gekozenprogramma niet overschrijdt. – U kunt max. 6 minuten nadat het ge-kozen programma is gestart een an-dere temperatuur kiezen.– U kunt max. 6 minuten nadat het ge-kozen programma is gestart de extrafunctie "Extra water" in- of weer uit-schakelen.Nadat u op deStart- toets heeft ge-drukt, kunt u geen ander programmameer kiezen.Wordt de programmakeuzeschakelaarna de start van het programma toch opeen ander programma gedraaid, heeftdat geen invloed op het programmaver-loop.

Het controlelampjeKreukbeveili-ging/Eindebegint te knipperen.Het controlelampje gaat uit wanneer deprogrammakeuzeschakelaar weer ophet programma wordt gedraaid dateerst was ingesteld.Het overslaan van een pro-grammafase^Draai de programmakeuzeschake-laar opEinde.Zodra in het programmaverloop hetcontrolelampje knippert van de pro-grammafase waarmee het programmamoet worden voortgezet, ^draai dan de programmakeuzescha-kelaar binnen 4 seconden weer opde gewenste programmafase.Het afbreken van een program-ma / Het wisselen van pro-gramma ^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.^Draai de programmakeuzeschake-laar op standEinde.Het programma is nu afgebroken.^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets in.^Kies een ander programma.^Druk op deStart- toets.U bent nu van programma gewisseld.Zo wast u goed26

De wasautomaat beschikt over een vol-ledig elektronische besturing met bela-dingsautomaat.Tijdens een wasprogramma zuigt hetwasgoed water op. Om hoeveel waterhet gaat hangt af van de hoeveelheidwasgoed en het soort textiel.Hoe groter het absorptievermogen vanhet wasgoed is, des te meer water ermoet worden bijgepompt.

De elektroni-ca van de wasautomaat kan de hoe-veelheid water meten die het wasgoedopneemt en die moet worden bijge-pompt.Het programmaverloop en de wastijdzijn bij de diverse programma's dusverschillend.Het programmaverloop van de hier ver-melde programma's slaat op het basis-programma met maximale belading.Eventueel gekozen extra functies zijnhier buiten beschouwing gelaten.De controlelampjes voor het program-maverloop geven tijdens iedere was-beurt aan in welke fase het waspro-gramma zich op dat moment bevindt.Nadere bijzonderheden over het pro-grammaverloop:Kreukbeveiliging:De trommel beweegt nog 30 minutenna afloop van het programma omkreukvorming te voorkomen.

Een uit-zondering vormt het programmaWol.De wasautomaat kan te allen tijde wor-den geopend.1) Een derde spoelgang wordt uitge-voerd wanneer:– er teveel schuim in de trommel zit; – er een lager centrifugetoerental isgekozen dan 700 omw/min;–Zonder centrifugerenis gekozen.2) Centrifugeren tussen de spoel-gangenHet wasgoed wordt tussen de spoel-gangen gecentrifugeerd.3) Een derde spoelgang wordt uitge-voerd wanneer:–Zonder centrifugerenis gekozen.Tussen de spoelgangen wordt niet ge-centrifugeerd wanneerZonder centrifu-gerenis gekozen.Zo wast u goed28

In het wasgoed bevindt zich een etiketmet textielbehandelingssymbolen. Ditetiket doet aanbevelingen voor de juistebehandeling van het artikel waarop hetis aangebracht. Het mag niet wordenverward met een garantie hoe het tex-tiel zich in het gebruik zal gedragen.Het behandelingsetiket waarborgt dathet textielproduct bij de aanbevolen be-handeling lijdt.geen schade Een artikel waarop een behandelings-etiket met de symbolen is aangebrachtmoet voldoen aan bepaalde eisen vanwasechtheid, wrijfechtheid en water-echtheid van de kleuren. Het mag nietteveel krimpen of vervormen, de lijmenmogen niet loslaten en bij de eerste vierkeer reinigen zijn ontleding, smelten,vergelen, pillen en blijvende kreukelsontoelaatbaar.Behandelingen en temperaturen diemilder zijn dan op het etiket aangege-ven zijn altijd toegestaan.De waskaart is als handige sticker bijde VTWS verkrijgbaar.

U kunt deze stic -ker op uw Miele-wasautomaat plakken.Meer informatie over textiel en de reini-ging ervan treft u aan in het boekje"Textiel ABC". Ook dit boekje kunt u bijde VTWS verkrijgen en wel door over- making van 8,- op gironummerÄ666402 t.n.v. VTWS in Delft.Het telefoonnummer van de VTWS is015 - 261 12 05.Zo wast u goed30

Het kiezen van wasmiddelU kunt alle moderne wasmiddelen ge-bruiken die geschikt zijn voor huishoud-wasautomaten. Ook vloeibare,compacte (geconcentreerde) wasmid-delen, tabletten en wasmiddelen metverschillende componenten.U kunt ook eventueel bijgevoegde do-seerbolletjes of doseerzakjes ge -bruiken.Wasgoed van wol of wolmengweefselskunt u het beste met een wolwasmiddelwassen.Tips voor het gebruik en voor de dose-ring van de wasmiddelen bij volle bela-ding kunt u vinden op de wasmiddel-verpakking.Het doseren van wasmiddelDe dosering is van verschillende facto-ren afhankelijk.

– De hoeveelheid wasgoed– De mate waarin dit is vervuildLicht vervuildEr zijn geen vuile vlekken te zien,maar de kledingstukken ruiken nietmeer zo fris.Normaal vervuildEr zijn lichte vlekken te zien.Sterk vervuildEr zijn donkere vlekken te zien.– De waterhardheidWanneer u de hardheidsgraad in uwregio niet weet, informeer daar dannaar bij uw waterleidingbedrijf.WaterhardheidHardheids-graadEigenschapvan het waterDuitsehardheid°dH I Zacht 0 - 10 II Gemiddeld 10 - 16 III Hard totzeer hard ü16WateronthardingsmiddelWanneer het water harder is dan10° dH kunt u een wateronthardings-middel gebruiken om wasmiddel te be-sparen.De juiste dosering vindt u op de ver-pakking.Doseer eerst het wasmiddel en dan pashet onthardingsmiddel.Het wasmiddel kunt u normaal toevoe-gen, d.w.z.

Wasverzachters en stijfselsMet wasverzachters wordt uw wasgoedextra zacht en minder statisch.Met synthetische stijfsels krijgt u hetwasgoed beter in model.Met andere stijfsels wordt wasgoed stijf.^Doseer de middelen volgens de aan-wijzingen van de fabrikant.Automatisch spoelen met wasver-zachter of stijfsel^Doseer de wasverzachter of het (syn -thetische) stijfsel in vakje . pDoseerniet hoger dan de pijl.De wasverzachter of het (synthetische)stijfsel wordt automatisch met hetlaatste spoelwater in de trommel ge-spoeld.

Aan het einde van het waspro-gramma blijft er een klein beetje waterin vakje staan.p Wanneer u verschillende keren auto-matisch met stijfsel heeft gespoeld,reinig dan de wasmiddellade.Reinig vooral het kanaal voor dewasverzachter en de zuighevel.Zie hoofdstuk: "Reiniging en onder-houd", paragraaf: "Het reinigen vande wasmiddellade".Apart spoelen met wasverzachter ofsynthetisch stijfsel^Doseer de wasverzachter of het syn -thetische stijfsel in vakje .p^Draai de programmakeuzeschake-laar opStijven. ^Kies een centrifugetoerental. ^Druk op deStart- toets.Apart spoelen met stijfsel ^Doseer het stijfsel en bereid het voorzoals op de verpakking beschrevenstaat.

^Doseer het stijfsel in vakje .i^Draai de programmakeuzeschake-laar opStijven.^Kies een centrifugetoerental.^Druk op deStart- toets.Het kleuren en ontkleuren^Het gebruik van textielverf in de was-automaat is alleen toegestaan voorhuishoudelijke doeleinden. Neem nietmeer verf dan strikt nodig is. Wordt erteveel geverfd dan kan het in de verfaanwezige zout het roestvrij staalaantasten. Neem de aanwijzingenvan de textielverffabrikant precies inacht.^Gebruik geen ontkleuringsmiddelenin de wasautomaat.Wasmiddelen32

,Haal vóórdat u de wasautomaateen reinigings- of onderhoudsbeurtgeeft de spanning van het apparaat.Het reinigen van de wasauto-maat^Reinig de wasautomaat met een mildreinigingsmiddel of sopje.Wrijf de automaat daarna met eenzachte doek droog.^Reinig de wastrommel met een reini-gingsmiddel voor roestvrij staal.Het reinigen van de wasmiddelladeVerwijder eventuele resten wasmiddelregelmatig.^Trek de wasmiddellade naar buitentotdat u weerstand voelt.^Druk de ontgrendelingsknop in^en trek de wasmiddellade naar bui-ten.^Reinig de wasmiddellade met warmwater.Het reinigen van de zuighevel ^Trek de zuighevel uit vakje (1)§ ^en reinig de hevel onder stromendwarm water. ^Reinig ook het pijpje, waar de zuig-hevel overheen wordt gestoken.

Het reinigen van het watertoe-voerzeefjeDe wasautomaat heeft één zeefje terbescherming van de watertoevoerklep.Dit zeefje, dat zich in de schroefkoppe-ling van de veiligheidsklep bevindt,moet u ongeveer 1 keer in het half jaarcontroleren. Wanneer de watertoevoervaak wordt onderbroken moet u mis-schien vaker controleren.^Draai de waterkraan dicht.^Schroef de toevoerslang van de wa-terkraan. ^Trek het rubberen dichtingsringetje 1uit de groef. ^Pak het kunststof zeefje met een2 combinatie- of punttang aan de op-staande rand in het midden vast entrek het eruit.^Reinig het kunststof zeefje.^Monteer alles weer in omgekeerdevolgorde.^Schroef de slang stevig aan de kraanvast.^Draai de kraan open.^Draai de schroefkoppeling nog watvaster aan als er nog water uitloopt.Het zeefje nadat het is gereimoet -nigd weer worden teruggeplaatst.Reiniging en onderhoud34

Het oplossen van problemen . . .De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnenkrijgen kunt u zelf oplossen.In al die gevallen hoeft u de Technische Dienst niet te bellen en kunt u tijd en kos-ten besparen.De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uitde wereld te helpen. Bedenk echter:,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmen-sen worden uitgevoerd.

Gebeurt dit niet, dan kan de gebruiker grote risico's lo-pen.Het programma begint niet Foutmelding Mogelijke oorzaak OplossingHet controlelampje Kreuk-beveiliging/Einde brandtniet of het lampje van deStart - toets knippert niet.Er staat geen stroomop het apparaat.Controleer of –de stekker goed in decontactdoos zit; –de zekering in orde is.Nadat u het programmaPompen/Centrifugeren heeftgekozen en op de -Start toets heeft gedrukt, beginthet programma niet.De wasautomaat isniet klaar voor gebruik.Maak de wasautomaatklaar voor gebruik zoalsbeschreven in hethoofdstuk: "Vóór deeerste wasbeurt".Nuttige tips35

Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding Foutmelding Mogelijke oorzaak Oplossing AHet controlelampje Wa-terafvoer knippert.In het display ver-schijnt: "– – –".De waterafvoer is ge-blokkeerd.Reinig het pluizenfilter en hetfilterhuis zoals beschreven inhet hoofdstuk: "Nuttige tips",paragraaf: "Het openen vande deur bij verstopte afvoeren/of stroomuitval."De waterafvoerslangligt te hoog.De maximale opvoerhoogteis 1 m.Het controlelampje Wa-tertoevoer knippert.In het display ver-schijnt: "– – –".De watertoevoer isgeblokkeerd.Draai de kraan open.Het zeefje in de wa-tertoevoerslang is ver-stopt.Reinig het zeefje.De controlelampjes Wa-tertoevoer en Wateraf-voer knipperen.In het display ver-schijnt: "– – –".Het waterbeveiligings-systeem heeft gerea-geerd.Neem contact op met deTechnische Dienst.In het programmaver-loop knippert het con-trolelampje Inw/Voor-wassen Spoelenof .In het display ver-schijnt: "– – –".Er is sprake van eendefect.Start het programma nog eenkeer.Volgt dezelfde foutmelding,neem dan contact op met deTechnische Dienst.

Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een fout-melding Probleem Oorzaak Oplossing AHet controlelampjeWaterafvoer knippert.De waterafvoer isbelemmerd.Reinig het pluizenfilter en het fil-terhuis zoals beschreven in hethoofdstuk: "Nuttige tips", para-graaf: "Het openen van de deurbij verstopte afvoer en/of stroom-uitval."Het controlelampjeWatertoevoer knip-pert.De watertoevoer isbelemmerd.Controleer of–de waterkraan ver genoeg isopengedraaid; –er knikken in de toevoerslangzitten.Het zeefje in de wa-tertoevoerslang isverstopt.Reinig het zeefje.Het controlelampjeOverdosering brandt.Er heeft zich tijdenshet wasprogrammateveel schuim ge-vormd.Gebruik de volgende keer minderwasmiddel en neem de doseer-aanwijzingen op de wasmiddel-verpakking in acht.In het programmaver-loop knippert het con-trolelampje .WassenEr is sprake vaneen defect.Start het programma nog eenkeer.Volgt dezelfde foutmelding, neemdan contact op met de Tech-nische Dienst.In het programmaver-loop knippert het con-trolelampje Kreukbe-veiliging/Einde.Nadat het gekozen programma is gestart, is de pro-grammakeuzeschakelaar op een ander programma ge-draaid.

Algemene problemen of een tegenvallend resultaat Probleem Mogelijke oorzaak OplossingDe wasautomaattrilt tijdens het cen-trifugeren.De stelvoeten staan nietgelijk en zijn niet meteen contramoer vastge-schroefd.Stel de wasautomaat stevig enschroef de stelvoeten met eencontramoer vast.Het wasgoed is nietnormaal gecentrifu-geerd.Het ingestelde centrifu-getoerental was te laag.Kies bij de volgende wasbeurteen hoger centrifugetoerental.In de wasmiddella-de blijft vrij veelwasmiddel achter.Er staat onvoldoendedruk op het water.–Reinig het zeefje in de wa-tertoevoer.

–Druk eventueel toetsExtrawaterin.Poedervormige wasmid-delen in combinatie metonthardingsmiddelenhebben de neiging tegaan plakken.Doseer voortaan eerst het was-middel en dan pas het onthar-dingsmiddel in de wasmiddel-lade.De wasverzachterwordt niet volledigingespoeld of erblijft teveel water invakje staan.§ De zuighevel zit nietgoed of is verstopt.Reinig de zuighevel.Zie hoofdstuk: "Reiniging enonderhoud", paragraaf: "Hetreinigen van de wasmiddella-de".Nuttige tips38

Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet wasgoed wordtmet een vloeibaarwasmiddel nietschoon.In vloeibare wasmidde-len zitten geen bleek-middelen.Fruit-, koffie- of theevlek-ken zijn er moeilijk uit tekrijgen.–Gebruik poedervormige was-middelen met een bleekmid-del.–Doseer vlekkenzout in vakjej en het vloeibare wasmid-del in een doseerbolletje.–Doseer vloeibaar wasmiddelen vlekkenzout nooit bij el-kaar in het wasmiddelvakje.Op het gewassenwasgoed zijn grijzeelastische bolletjesachtergebleven(vetbolletjes).Er is te weinig wasmid-del gedoseerd. Het was-goed is sterk met vet,bijv. crème of olie ver-vuild geweest.–Wanneer wasgoed zo ver-vuild is moet u óf meer was-middel doseren óf een vloei-baar wasmiddel gebruiken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele V 5535 WP S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden