Miele V 4545 WPS Handleiding

Miele Wasmachine V 4545 WPS

Bekijk gratis de handleiding van Miele V 4545 WPS (68 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Miele V 4545 WPS of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/68
Gebruiksaanwijzing voor de
wasautomaat
METEOR V 4745WPS
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw wasautomaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.
M
M.-Nr. 05 695 250

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Wasmachine
Model: V 4545 WPS

Handleiding Miele V 4545 WPS – volledige tekst

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade.Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt.Door hergebruik van verpakkingsmate-riaal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van het apparaatAfgedankte apparaten bevatten meest-al nog waardevolle materialen. Zet uwapparaat daarom niet zomaar bij hetgrof vuil, maar informeer bij uw hande-laar of het mogelijk is om het apparaatterug te geven.Is dit niet mogelijk, informeer dan bij degemeente of bij een grondstoffenhan-delaar naar mogelijkheden voor herge-bruik van het materiaal (bijv. schrootver-werking).Zorg ervoor dat kinderen niet bij hetoude apparaat kunnen komen totdathet wordt weggehaald.

Het bijvullen van de trommel of het voortijdig verwijderen van wasgoeduit de trommel. 24Het onderbreken van een programma. 25Het wijzigen van het gekozen programma. 25Het overslaan van een programmafase. 25Het afbreken van een programma / Het wisselen van programma. 25Programmaverloop. 26Textielbehandelingssymbolen. 28Wasmiddelen. 30Het kiezen van wasmiddel. 30Het doseren van wasmiddel. 30Wateronthardingsmiddel. 30Wasmiddelen met verschillende componenten. 30Wasverzachters en stijfsels. 31Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel. 31Apart spoelen met wasverzachter of synthetisch stijfsel. 31Apart spoelen met stijfsel. 31Het kleuren en ontkleuren. 31Bedieningsfuncties. 32Elektronische programmavergrendeling. 32Elektronische afsluitfunctie. 33Reiniging en onderhoud. 34Het reinigen van de wasautomaat. 34Het reinigen van de wasmiddellade. 34Het reinigen van de zuighevel.

34Het reinigen van het watertoevoerzeefje. 35Nuttige tips. 36Het oplossen van problemen. 36Het programma begint niet. 36Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding. 37Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een foutmelding. 38Algemene problemen of een tegenvallend resultaat. 39De deur kan met de Deur - toets niet worden geopend. 41Inhoud4.

Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval. 42Verstopte afvoer. 42Het openen van de deur. 43Technische Dienst. 44Reparaties. 44Garantietermijn en garantievoorwaarden. 44Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat. 45Het apparaat van voren. 45Het apparaat van achteren. 46Plaats van opstelling. 47Het plaatsen van de wasautomaat. 47Het verwijderen van de transportbeveiliging. 47Het monteren van de transportbeveiliging. 49Het stellen van de wasautomaat. 50Het naar buiten draaien en vastzetten van de stelvoeten. 50Het plaatsen van de wasautomaat onder een werkblad of in een keukenblok 51Was-droogzuil. 51Het terugplaatsen van het bovenblad van de wasautomaat. 51Het Miele waterbeveiligingssysteem. 52Het aansluiten van de watertoevoer. 53Het aansluiten van de waterafvoer. 55Elektrische aansluiting. 56Verbruiksgegevens. 57Instructie voor de vergelijkende onderzoeken:.

Gebruik om veiligheidsredenengeen verlengsnoer. Dit in verband met gevaar voor bijvoor-beeld oververhitting. Het Miele-Waterproofsysteem iseen uitstekende bescherming te-gen waterschade op voorwaarde dat:– het water en de elektriciteit volgensde regels zijn aangesloten;– het apparaat bij beschadiging on-middellijk wordt gerepareerd. Defecte onderdelen mogen alleendoor originele Miele-onderdelenworden vervangen. Alleen van dezeMiele-onderdelen kunnen wij garande-ren, dat zij volledig voldoen aan de vei-ligheidseisen die wij stellen aan onzeapparaten en onderdelen daarvan. Wanneer de aansluitkabel bescha-digd is, moet de kabel door eenspeciale Miele-kabel worden ver-vangen. GebruikDit apparaat mag uitsluitend dooreen vakman/vakvrouw op eenniet-stationaire locatie (bijvoorbeeldeen boot of camper) worden inge-bouwd en aangesloten.

Hierbij moetaan alle voorwaarden voor een veiliggebruik worden voldaan. Plaats uw wasautomaat niet invorstgevoelige ruimten. Bevroren slangen kunnen scheuren ofbarsten en de betrouwbaarheid van deelektronische besturing kan door tem-peraturen onder het vriespunt afnemen. Verwijder voordat u de wasauto-maat in gebruik neemt de trans-portbeveiliging aan de achterzijde vanhet apparaat. Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aanslui-ten van de wasautomaat", paragraaf:"Het verwijderen van de transportbevei -liging". Wanneer u de transportbeveiliging nietverwijdert, kan dat bij het centrifugerenschade veroorzaken aan uw wasauto-maat en aan de meubels / apparatendie ernaast staan. Sluit de kraan af als u langere tijdafwezig bent (bijv. tijdens vakan-ties), zeker als er zich in de buurt vande wasautomaat geen afvoer in devloer zoals een putje bevindt. Denk eraan dat er water kan over-stromen.

Controleer daarom vóórdat u de water-afvoerslang in een wastafel of wasbakhangt, of het water snel genoeg weg-stroomt. Zorg er daarom ook voor dat de afvoer-slang niet weg kan glijden.

Als u het wasmiddel op de juistemanier doseert is het niet nodig datu de wasautomaat ontkalkt. Mocht uwapparaat toch zo sterk verkalkt zijn, dathet beslist moet worden ontkalkt, ge-bruik daar dan speciale ontkalkings-middelen voor die een anti-corrosiemid-del bevatten. Deze middelen zijn verkrijgbaar via uwMiele-vakhandelaar of bij de afdelingOnderdelen van Miele Nederland B. V. Volg de adviezen voor het gebruik vande ontkalkingsmiddelen strikt op. Wasgoed dat met oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen is be-handeld, moet vóórdat het in de wasau-tomaat wordt gewassen, grondig in hel-der water worden uitgespoeld. Gebruik in deze wasautomaat nooitreinigingsmiddelen die een oplos-middel bevatten, zoals wasbenzine. Wanneer u dat toch doet, kunnen on-derdelen van het apparaat bescha-digen en kunnen er giftige dampen ont-staan.

Het gevaar bestaat dan dat erbrand uitbreekt of zich een explosievoordoet. Wanneer u textielverf in de wasau-tomaat wilt gebruiken, kies dan tex-tielverf die daar geschikt voor is. Ge-bruik deze verf alleen voor huishoude-lijke doeleinden, neem niet meer verfdan strikt nodig is en neem de aanwij-zingen van de textielverffabrikant pre-cies in acht. Ontkleuringsmiddelen kunnen doorhun chemische samenstelling cor-rosie veroorzaken. Deze middelen mogen daarom niet inde wasautomaat worden gebruikt. Wanneer u op hoge temperaturenwast, denk er dan aan dat het glasvan de deur heet wordt. Zorg er dus voor dat kinderen het glasvan de deur tijdens het wasprogrammaniet aanraken. Gebruik van toebehorenAlleen originele Miele-toebehorenkunnen worden aan- of ingebouwd.

Wanneer er andere toebehoren wordenaan- of ingebouwd, kan Miele niet voorde gevolgen instaan en kan er geenberoep meer worden gedaan op bepa-lingen met betrekking tot garantie enproductaansprakelijkheid. Het afdanken van het apparaatTrek de stekker uit de contactdoosen maak deze samen met de aan-sluitkabel onbruikbaar. U voorkomt daarmee dat de wasauto-maat verkeerd wordt gebruikt.

Specifieke kenmerkenSpeciale programma's (Zijde ,/WOL /, Miniwas, Combinatiewas,Extra spoelen)–Zijde /In dit programma kan met de handwasbaar, kreukgevoelig textiel wor-den gewassen waar geen wol in zit.– WOL /In dit programma kan met de handwasbaar textiel van wol of wolmeng-weefsels worden gewassen.– MiniwasIn dit programma kan een kleine hoe-veelheid licht vervuild textiel wordengewassen dat anders met de bontewas meegaat.– CombinatiewasIn dit programma kunnen stukkenwasgoed van verschillende soortentextiel worden gewassen, als zemaar wel dezelfde kleur hebben.– Extra spoelenIn dit programma kan wasgoed wor-den behandeld dat alleen maar moetworden gespoeld en gecentrifu-geerd.Licht strijken in de programma'sFIJNE WAS en Zijde /In deze programma's wordt het was-goed bijzonder behoedzaam gewassenen gecentrifugeerd.

Daardoor kreukthet wasgoed minder en hoeft het min-der te worden gestreken.Systeem extra waterMet dit systeem is het mogelijk om meteen hogere waterstand te spoelen of tewassen en te spoelen.Bovendien is het met dit systeem mo-gelijk om voor de programma's WITTEWAS/BONTE WAS en KREUKHERSTEL-LEND een extra spoelgang te kiezen.Algemeen9

Voorkeuze h/minMet deVoorkeuze- toets kunt u het tijd-stip dat het door u gekozen programmastart minimaal 30 minuten en maximaal24 uur van te voren instellen.Bedieningsfuncties(Programmavergrendeling, afsluitfunc-tie)Elektronische programmavergrende-lingMet het inschakelen van de program-mavergrendeling voorkomt u dat dewasautomaat tijdens een wasprogram-ma wordt geopend en dat het waspro-gramma wordt afgebroken.Na afloop van het wasprogrammawordt de programmavergrendeling au-tomatisch opgeheven.Elektronische afsluitfunctieMet het inschakelen van de elektroni-sche afsluitfunctie voorkomt u dat uwapparaat door vreemden kan wordengebruikt.Wanneer deze afsluitfunctie is inge -schakeld kan:– de deur niet met deDeur- toets wor-den geopend;– er geen programma worden gestart.Programma-actualisering (Update)Wasmiddelen, textiel, wasgewoontenen wasvoorschriften zullen in de toe-komst veranderingen ondergaan.De was- en spoelprogramma's zullendaaraan moeten worden aangepast.De Technische Dienst zal in de toe-komst in staat zijn het wasprogrammate updaten en in het Novotronic-geheu-gen van uw wasautomaat op te slaan.Dit zal gebeuren via het controlelampjevoor de watertoevoer (PC = ProgrammeCorrection).Miele zal zelf aangeven wanneer deprogramma's kunnen worden geactuali-seerd.Algemeen10

BedieningspaneelaDisplayHet display geeft, wanneer u gebruikmaakt van de voorkeuze, de voorge-programmeerde tijd aan.bToets VoorkeuzeMet deze toets kunt u het tijdstip dathet door u gekozen programma startvan tevoren instellen.cToets STARTMet deze toets kunt u een waspro-gramma starten.dToetsen voor de extra functiesMet deze toetsen kunt u extra func-ties in- of uitschakelen.Wanneer u een extra functie inscha-kelt gaat het daarbij behorende con-trolelampje branden.Wanneer u een extra functie weer uit-schakelt gaat het daarbij behorendecontrolelampje uit.eToets "Centrifugeren"Met deze toets kunt u een andercentrifugetoerental,SpoelstopofZonder centrifugerenkiezen.fControlelampjes voor het gekozencentrifugetoerental, enSpoelstop Zonder centrifugerengProgrammakeuzeschakelaarMet deze schakelaar kunt u het ba-siswasprogramma en een daarbij ho-rende temperatuur kiezen.De programmakeuzeschakelaar kanrechts- of linksom worden gedraaid.hControlelampjes voor het program-maverloopDeze controlelampjes laten u tijdenshet wasprogramma zien welke fasein het programmaverloop is bereikt.iAndere controlelampjesDeze controlelampjes geven eenprobleem aan.jToets I-Aan/0-UitMet deze toets kunt u de wasauto-maat in- en uitschakelen en het pro-gramma onderbreken.kToets DeurMet deze toets kunt u de deur vande wasautomaat openen.Algemeen11

Belangrijke bedieningsele-mentenProgrammakeuzeschakelaarMet de programmakeuzeschakelaarkunt u een basisprogramma en eendaarbij behorende temperatuur instel-len. De ringverlichting gaat om energie tebesparen enkele minuten na het eindevan het programma uit. Toetsen voor de extra functiesMet deze toetsen kunt u extra functiesin- en uitschakelen. De extra functies dienen ter aanvullingvan de basiswasprogramma's. Een extra functie kunt u inschakelendoor op de desbetreffende toets tedrukken. Wanneer u dat doet gaat het daarbijbehorende controlelampje branden. Een gekozen extra functie kunt u uit-schakelen door nog een keer op dedesbetreffende toets te drukken. Wanneer u dat doet gaat het daarbijbehorende controlelampje uit. Extra functies die binnen het gekozenbasisprogramma niet van toepassingzijn, kunt u niet inschakelen.

Toets "Centrifugeren" met lampjesMet deze toets kunt u een centrifuge-toerental,SpoelstopofZonder centrifu-gerenkiezen. De controlelampjes geven aan wat ugekozen heeft. Het kiezen van een centrifugetoerentalMet bovengenoemde toets kunt u hetcentrifugetoerental wijzigen. Het maximale centrifugetoerental ver-schilt van programma tot programma. Max. toerentalBasiswasprogramma's1450 WITTE WAS/BONTE WAS, Miniwas,Stijven, Pompen/Centrifugeren1200 WOL, Extra spoelen900 KREUKHERSTELLEND,Combinatiewas600 FIJNE WAS400 ZijdeKiest u een hoger toerental dan binnenhet gekozen programma mogelijk is,dan accepteert de automaat dat niet. Het overslaan van het eindcentrifuge-ren^Druk op deCentrifugeren- toets tot-dat uSpoelstopheeft bereikt. Het wasgoed wordt niet gecentrifu-geerd en blijft na de laatste spoelgangin het water liggen.

Het wasgoed kreukt dan minder wan-neer u het niet direct na afloop van hetprogramma uit de trommel haalt. Wilt u het programma voortzetten:^kies dan een centrifugetoerental. Wilt u het programma beëindigen:^druk dan op deDeur- toets.

Iedere wasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest.Het is mogelijk dat er als gevolg vandeze tests wat water in het apparaatachterblijft.Controleer voordat u uw wasauto-maat voor het eerst gebruikt of hetapparaat volgens de regels is ge-plaatst en aangesloten.Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aan-sluiten van de wasautomaat".Om veiligheidsredenen is het niet mo-gelijk om meteen bij de eerste wasbeurtte centrifugeren. Ter activering van hetcentrifugeren moet u eerst een waspro-gramma zonder wasgoed en zonderwasmiddel draaien.Wordt er wel wasmiddel gebruikt kan erovermatige schuimvorming optreden.Draait u eerst een wasprogramma zon-der wasgoed en zonder wasmiddelwordt daarmee tegelijk het kogelventielgeactiveerd.

Het kogelventiel zorgt er-voor dat vanaf de eerste wasbeurtsteeds al het wasmiddel wordt gebruikt.^Draai de waterkraan open.^Druk deI-Aan/O-Uit- toets in.^Draai de programmakeuzeschake-laar op WITTE WAS/BONTE WAS40°C.^Druk zo vaak op deCentrifugeren-toets totdat het controlelampjeZon-der centrifugerenoplicht.^Druk op de START - toets.Na afloop van het programma is dewasautomaat klaar voor de eerstewasbeurt.Vóór de eerste wasbeurt13

Energie- en waterverbruik– Benut bij ieder programma dat ukiest de maximale beladingscapaci-teit van de trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,gerelateerd aan de totale hoeveel-heid wasgoed, het laagst.– Gebruik de programma'sCombina-tiewasofMiniwasvoor kleinere hoe-veelheden wasgoed.– Bij een geringe belading in het pro-gramma WITTE WAS/BONTE WASzorgt de beladingsautomaat vooreen vermindering van het water- enenergieverbruik en voor een verkor-ting van de programmaduur.– Gebruik in plaats van het programmaWITTE WAS/BONTE WAS 95°C hetprogramma WITTE WAS/BONTEWAS 60°C in combinatie met de ex-tra functie:Intensief.Daarmee bespaart u 35 tot 45%energie.Het programma duurt dan wellanger.

1/3minder wasmiddel worden gebruikt.Extra functies (Inweken, Voorwas,Intensief)– Kies voor:licht vervuild wasgoed een waspro-gramma zonder extra functies;normaal tot sterk vervuild wasgoedmet zichtbare vlekken een waspro-gramma met de extra functieInten-sief.– Gebruik de extra functieInwekeninplaats van de extra functieVoorwas.Bij het inweken en de hoofdwas diedaar direct op volgt wordt hetzelfdesop gebruikt.Tip voor machinaal drogen– Kies wanneer u het wasgoed na af-loop in de droogautomaat wilt dro-gen het hoogste centrifugetoerentaldat voor dit wasgoed mogelijk is.Tips om energie te besparen14

Korte handleidingTip: Het is belangrijk dat u zich met debediening van de automaat vertrouwdmaakt. Lees daarom de uitgebreide pa -ragrafen: "Voordat u gaat wassen","Wanneer u gaat wassen" en "Nadat uheeft gewassen" in dit hoofdstuk.Voordat u gaat wassenAInspecteer en sorteer het wasgoeden behandel het voor.Wanneer u gaat wassenBSchakel de wasautomaat in.COpen de deur.DVul de trommel.ESluit de deur.FKies een programma.GKies een centrifugetoerental.HKies eventueel (een) extra functie(s).IDoseer het wasmiddel.JSchakel eventueel een voorkeuze in.KStart het programma.Nadat u heeft gewassenLOpen de deur.MHaal het wasgoed uit de automaat.NSchakel de wasautomaat uit.ODraai de programmakeuzeschake -laar opEinde.PSluit de deur.Welk textiel in welk programma kanworden gewassen, kunt u in het volgen -de programma-overzicht vinden.Zo wast u goed15

FIJNE WAS acTextielsoort Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels, kunstzijdeof kreukherstellend gemaakt katoen, bijv. overhemden ofblousesVitrage die volgens de fabrikant in de wasautomaat kan wor-den gewassen.Extra functies Inweken / Voorwas / IntensiefBijzondere tips –Gebruik voor normaal tot sterk vervuild wasgoed de extrafunctieIntensief.–In dit programma kreukt het wasgoed minder ("Licht strij-ken").–Vitrage trekt veel stof aan en zal daarom vaak in een pro-gramma met de extra functieVoorwasmoeten worden ge-wassen.–Reduceer bij kreukgevoelige vitrage het centrifugetoerentalof centrifugeer helemaal niet.Wasmiddelen FijnwasmiddelenMax.

belading 1 kgZijde /Textielsoort Wasgoed van met de hand wasbaar, kreukgevoelig textielwaar geen wol in zitExtra functie Extra waterBijzondere tips –In dit programma kreukt het wasgoed minder ("Licht strij-ken").–Was panty's en bh's in een waszak.Wasmiddelen FijnwasmiddelenMax. belading 1 kgWOL /Textielsoort Wasgoed van wol en wolmengweefsels dat met de hand of inde wasautomaat mag worden gewassenWasmiddelen WolwasmiddelenMax. belading 2 kgZo wast u goed17

Miniwas 7Textielsoort Licht vervuild wasgoed dat in het programma voor de bontewas mag worden gewassenExtra functie Extra waterBijzondere tip –Doseer minder waspoeder. Dit programma heeft namelijkeen halve belading.Wasmiddelen Universele wasmiddelen, Color-wasmiddelen en vloeibarewasmiddelenMax. belading 2,5 kgCombinatiewas 72Textielsoort Wasgoed van katoenen en kreukherstellend textiel dat naarkleur is gesorteerdExtra functies Inweken / Voorwas / Intensief / Extra waterWasmiddelen Universele wasmiddelen, Color-wasmiddelen en vloeibarewasmiddelenMax. belading 3 kgStijvenTextielsoort Tafellakens, servetten, schorten en beroepskledingBijzondere tip Het wasgoed moet schoongewassen, maar mag niet met–wasverzachter nabehandeld zijn.Max. belading 5 kgExtra spoelenTextielsoort Wasgoed dat alleen maar moet worden uitgespoeld en gecen-trifugeerdMax.

Voordat u gaat wassenAInspecteer en sorteer het wasgoeden behandel het voorHet inspecteren van het wasgoed^Maak de zakken leeg.,Voorwerpen (spijkers, munten,paperclips e.d.) kunnen wasgoed enonderdelen van de wasautomaat be-schadigen.^Sluit de ritsen. Keer kleding met rit-sen eventueel binnenstebuiten.^Sluit eventuele haakjes en oogjes.^Zorg ervoor dat onderdelen van kle-ding, zoals bh-beugels, niet los kun-nen raken. Losgeraakte onderdelenmoeten eerst worden vastgemaakt ofverwijderd.^Verwijder bij vitrage de haakjes enhet loodband of wikkel ze in eendoek.^Keer gebreid of tricot wasgoed bin-nenstebuiten als de fabrikant dat ad-viseert.Het sorteren van het wasgoed^Sorteer het wasgoed naar kleur ennaar de symbolen in het wasetiket,dat zich in de kraag of in de zijnaadbevindt.^Was geen textiel dat volgens hetwasetiket niet in de wasautomaat kanworden gewassen.

Het symbooldaarvoor is: .h^Donkergekleurd wasgoed geeft bijde eerste wasbeurten vaak iets af.Was licht en donker wasgoed daar-om apart.Het voorbehandelen van vlekken^Verwijder eventuele vlekken op hettextiel, als het even kan zodra ze ont-staan zijn. Dit is nog belangrijker voormoeilijke vlekken als thee-, koffie-, ei-en bloedvlekken.Neem de vlekken met een tissue af.Wrijf de vlekken er niet in!,Gebruik in geen geval chemi-sche (oplosmiddelhoudende) reini-gingsmiddelen in de wasautomaat!Zo wast u goed19

Daardoorwordt een beter wasresultaat bereikt enkan het wasgoed zich tijdens het centri-fugeren beter verdelen.Benut bij ieder programma dat u kiestde maximale beladingscapaciteit vande trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,gerelateerd aan de totale hoeveelheidwasgoed, het laagst.Let erop dat wanneer de maximale be-ladingscapaciteit wordt overschreden,de wasresultaten tegenvallen en hetwasgoed sneller gaat kreuken.ESluit de deur^Sluit de deur met een lichte klap.Let erop dat er niets tussen deur enmanchet beklemd raakt.FKies een programma^door de programmakeuzeschakelaarop de gewenste stand te zetten.GKies een centrifugetoerental^door zo vaak op deCentrifugeren-toets te drukken totdat het controle-lampje oplicht van het door u ge-wenste centrifugetoerental.Het maximale centrifugetoerental kanvan programma tot programma ver-schillen.

bloed, vet, cacao).Wanneer u deze functie heeft ingescha-keld, dan gaat aan het eigenlijke was-programma een inweekprogrammavooraf.U kunt een inweektijd kiezen van mini-maal 30 minuten en maximaal 6 uur.^Druk op deInweken- toets.Het display geeft 30 minuten inweektijdaan.Met iedere druk op deInweken- toetsverlengt u de inweektijd met 30 minutentot een maximum van 6 uur.Nadat het programma is gestart ver-dwijnt de weergave in het display.Het wissen van de inweektijd^Druk wanneer het display 6 uur aan-geeft nog één keer op deInweken-toets.VoorwasVoor wasgoed waar veel stof of zandin zitIntensiefVoor normaal tot sterk vervuild was-goedWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, duurt de hoofdwas langer.Extra waterWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, wordt er bij de wasprogramma'smeer water gebruikt.Er zijn vier mogelijkheden, die wordenuiteengezet in het hoofdstuk: "Het pro-grammeren van aanvullende functies",paragraaf: "Systeem extra water".Wanneer de wasautomaat wordt gele-verd, wordt de eerste keer dat u deEx-tra water- toets indrukt de waterstandbij het wassen en spoelen verhoogd.ZoemerWanneer u deze functie hebt ingescha-keld, klinkt er aan het einde van eenprogramma of bij de spoelstop eenakoestisch signaal.De zoemer gaat zolang totdat de was-automaat wordt uitgeschakeld.De zoemer gaat bij alle programma'stotdat hij weer wordt uitgeschakeld.Zo wast u goed21

IDoseer het wasmiddelHet is belangrijk om niet te weinig enniet te veel te doseren, want . . .. . . te weinig wasmiddel heeft tot ge-volg dat:– het wasgoed niet schoon en in deloop van de tijd grauw en hard wordt;– er vetbolletjes in het wasgoed blijvenzitten;– er zich kalk in de kuip afzet.. . .

te veel wasmiddel heeft tot gevolgdat:– er sterke schuimvorming optreedt,de waswerking daardoor gering enhet reinigings-, spoel- en centrifu-geerresultaat niet optimaal is;– er door een automatisch ingescha-kelde extra spoelgang meer waterwordt verbruikt;– het milieu extra wordt belast.Wanneer u vloeibaar wasmiddel en te-vens de extra functieVoorwasgebruikt,let er dan op dat er in dat geval voorhet vloeibaar wasmiddel een apart bak-je in vakje moet worden geplaatst.jDit is verkrijgbaar bij de Miele vakhan-del of bij de afdeling Onderdelen vanMiele Nederland B.V.^Trek de wasmiddellade naar buitenen doseer het wasmiddel in de vak-jes.i= Vakje voor de voorwasWanneer u de extra functieVoorwashebt gekozen, neemdan 1/4van de totale aanbe-volen wasmiddelhoeveelheid.j= Vakje voor de hoofdwasen voor het inweken, wanneeru deze extra functie hebtgekozen.§= Vakje voor wasverzachterof stijfselNadere bijzonderheden over wasmid-delen en de dosering daarvan treft uaan in het hoofdstuk: "Wasmiddelen".Zo wast u goed22

VoorkeuzeJSchakel eventueel een voorkeuzeinMet iedere druk op deVoorkeuze-toets kunt u het tijdstip dat het pro-gramma start voorprogrammeren enwel:– tot 10 uur per 30 minuten;– vanaf 10 uur per 1 uur.^Druk zo vaak op deVoorkeuze- toetstotdat de tijd in het display verschijntdie u wilt voorprogrammeren.Het wissen van de voorkeuze^Druk nog eens op deVoorkeuze-toets wanneer het display aan24^ -geeft.KStart het programma^door op de START - toets te drukken.Nadat u heeft gewassenLOpen de deur^door op deDeur- toets te drukken ende deur open te klappen.MHaal het wasgoed uit de automaat^Controleer of er voorwerpen in demanchet van de deur zijn achterge-bleven.Kijk goed of er geen stukken was-goed in de trommel zijn blijven lig-gen.

Anders loopt u het risico dat zebij de volgende wasbeurt krimpen ofafgeven.NSchakel de wasautomaat uit^door op deI-Aan/0-Uit- toets te druk-ken.ODraai de programmakeuzeschake-laar op EindePSluit de deurAnders bestaat het gevaar dat er voor -werpen per vergissing in de trommel te-rechtkomen, worden meegewassen enhet wasgoed beschadigen.Zo wast u goed23

Het bijvullen van de trommel ofhet voortijdig verwijderen vanwasgoed uit de trommelU kunt bij de volgende programma'snog wasgoed in de trommel leggen ofwasgoed uit de trommel halen, nadat uhet programma heeft gestart:– WITTE WAS / BONTE WAS– KREUKHERSTELLEND–Miniwas–Combinatiewas–Stijven^Druk op deDeur- toets totdat dedeur openspringt.^Leg wasgoed in de trommel of haaler wasgoed uit.^Sluit de deur.Het programma wordt automatischvoortgezet.In een paar gevallen kan de deur nietmeer worden geopend, en wel wan-neer– de temperatuur van het sop bovende komt;55°C – de waterstand te hoog is;– de programmavergrendeling is inge-schakeld;– de programmafaseCentrifugerenisbereikt.Wanneer u in één van bovenstaandegevallen deDeur- toets indrukt, lichthet controlelampjeVergrendeldop.Zo wast u goed24

Het onderbreken van een pro-gramma^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.Wanneer u het programma weer wiltvoortzetten,^schakel de wasautomaat dan met deI-Aan/0-Uit- toets weer in.Het wijzigen van het gekozenprogrammaNadat u op de START - toets heeft ge-drukt, kunt u de volgende wijzigingenaanbrengen.– U kunt te allen tijde het centrifuge-toerental wijzigen, voor zover dat hetmaximum toerental van het gekozenprogramma niet overschrijdt.– U kunt tot 6 minuten nadat u op deSTART - toets heeft gedrukt de extrafunctiesExtra waterenIntensiefin-of uitschakelen of een andere tempe-ratuur kiezen.Nadat u op de START - toets heeft ge-drukt, kunt u geen ander programmameer kiezen.Wordt de programmakeuzeschakelaarna de start van het programma toch opeen ander programma gedraaid, heeftdat geen invloed op het programmaver-loop.

Het controlelampjeKreukbeveili-ging/Eindebegint te knipperen.Het controlelampje gaat uit wanneer deprogrammakeuzeschakelaar weer ophet programma wordt gedraaid dateerst was ingesteld.Het overslaan van een pro-grammafase^Draai de programmakeuzeschake-laar opEinde.Zodra in het programmaverloop hetcontrolelampje knippert van de pro-grammafase waarmee het programmamoet worden voortgezet,^draai dan de programmakeuzescha-kelaar binnen 4 seconden weer opde gewenste programmafase.Wanneer de programmavergrende-ling is ingeschakeld kan het pro-gramma niet worden afgebroken enkan er geen programmafase wordenovergeslagen.Het afbreken van een program-ma / Het wisselen van pro-gramma^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.^Draai de programmakeuzeschake-laar op standEinde.Het programma is nu afgebroken.^Schakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets in.^Kies een ander programma.^Druk op de START - toets.Zo wast u goed25

ProgrammaverloopDe wasautomaat beschikt over een vol-ledig elektronische besturing met bela-dingsautomaat.Tijdens een wasprogramma zuigt hetwasgoed water op. Om hoeveel waterhet gaat hangt af van de hoeveelheidwasgoed en het soort textiel.Hoe groter het absorptievermogen vanhet wasgoed is, des te meer water ermoet worden bijgepompt.

De elektroni-ca van de wasautomaat kan de hoe-veelheid water meten die het wasgoedopneemt en die moet worden bijge-pompt.Het programmaverloop en de wastijdzijn bij de diverse programma's dusverschillend.Het programmaverloop van de hier ver-melde programma's slaat op het basis-programma met maximale belading.Eventueel gekozen extra functies zijnhier buiten beschouwing gelaten.De controlelampjes voor het program-maverloop geven tijdens iedere was-beurt aan in welke fase het waspro -gramma zich op dat moment bevindt.WITTE WAS/BONTE WASHoofdwasWaterstand: laagWasritme: normaalSpoelenWaterstand: gemiddeldSpoelgangen: 2 of 31)CentrifugerenCentrifugerentussen de spoelgangen2): jaEindcentrifugeren: jaKREUKHERSTELLENDHoofdwasWaterstand: laagWasritme: normaalSpoelenWaterstand: hoogSpoelgangen: 2 of 33)CentrifugerenCentrifugerentussen de spoelgangen2): jaEindcentrifugeren: jaFIJNE WASHoofdwasWaterstand: hoogWasritme: behoedzaamSpoelenWaterstand: hoogSpoelgangen: 3CentrifugerenCentrifugerentussen de spoelgangen: neeEindcentrifugeren: jaZijde /HoofdwasWaterstand: gemiddeldWasritme: zijdeSpoelenWaterstand: gemiddeldSpoelgangen: 2CentrifugerenCentrifugerentussen de spoelgangen: neeEindcentrifugeren: jaZo wast u goed26

30 minuten nahet einde van het programma inge-schakeld.1) Een derde spoelgang wordt uitge-voerd wanneer:– er teveel schuim in de trommel zit;– er een lager centrifugetoerental isgekozen dan 700 omw/min;–Zonder centrifugerenis gekozen.2) Centrifugeren tussen de spoelgangenHet wasgoed wordt tussen de spoel-gangen gecentrifugeerd.3) Een derde spoelgang wordt uitge-voerd wanneer:–Zonder centrifugerenis gekozen.Tussen de spoelgangen wordt niet ge-centrifugeerd wanneerZonder centrifu-gerenis gekozen.Zo wast u goed27

In het wasgoed bevindt zich een etiketmet textielbehandelingssymbolen. Ditetiket doet aanbevelingen voor de juistebehandeling van het artikel waarop hetis aangebracht. Het mag niet wordenverward met een garantie hoe het tex-tiel zich in het gebruik zal gedragen.Het behandelingsetiket waarborgt dathet textielproduct bij de aanbevolen be-handeling lijdt.geen schade Een artikel waarop een behandelings-etiket met de symbolen is aangebrachtmoet voldoen aan bepaalde eisen vanwasechtheid, wrijfechtheid en water-echtheid van de kleuren. Het mag nietteveel krimpen of vervormen, de lijmenmogen niet loslaten en bij de eerste vierkeer reinigen zijn ontleding, smelten,vergelen, pillen en blijvende kreukelsontoelaatbaar.Behandelingen en temperaturen diemilder zijn dan op het etiket aangege-ven zijn altijd toegestaan.De waskaart is als handige sticker bijde VTWS verkrijgbaar.

U kunt deze stic -ker op uw Miele-wasautomaat plakken.Meer informatie over textiel en de reini-ging ervan treft u aan in het boekje"Textiel ABC". Ook dit boekje kunt u bijde VTWS verkrijgen en wel door over-making van 8,- op gironummerÄ666402 t.n.v. VTWS in Delft.Het telefoonnummer van de VTWS is015 - 261 12 05.Zo wast u goed29

Ook vloeibare,compacte (geconcentreerde) wasmid-delen, tabletten en wasmiddelen metverschillende componenten.U kunt ook eventueel bijgevoegde do-seerbolletjes of doseerzakjes ge -bruiken.Wasgoed van wol of wolmengweefselskunt u het beste met een wolwasmiddelwassen.Tips voor het gebruik en voor de dose-ring van de wasmiddelen bij volle bela-ding kunt u vinden op de wasmiddel-verpakking.Het doseren van wasmiddelDe dosering is van verschillende facto-ren afhankelijk.– De hoeveelheid wasgoed– De mate waarin dit is vervuildLicht vervuildEr zijn geen vuile vlekken te zien,maar de kledingstukken ruiken nietmeer zo fris.Normaal vervuildEr zijn lichte vlekken te zien.Sterk vervuildEr zijn donkere vlekken te zien.– De waterhardheidWanneer u de hardheidsgraad in uwregio niet weet, informeer daar dannaar bij uw waterleidingbedrijf.WaterhardheidHardheids-graadEigenschapvan het waterDuitsehardheid°dHI Zacht 0 - 10II Gemiddeld 10 - 16III Hard totzeer hard> 16WateronthardingsmiddelWanneer het water harder is dan10° dH kunt u een wateronthardings-middel gebruiken om wasmiddel te be-sparen.De juiste dosering vindt u op de ver-pakking.Doseer eerst het wasmiddel en dan pashet onthardingsmiddel.Het wasmiddel kunt u normaal toevoe-gen, d.w.z.

Wasverzachters en stijfselsMet wasverzachters wordt uw wasgoedextra zacht en minder statisch.Met synthetische stijfsels krijgt u hetwasgoed beter in model.Met andere stijfsels wordt wasgoed stijf.^Doseer de middelen volgens de aan-wijzingen van de fabrikant.Automatisch spoelen met wasver-zachter of stijfsel^Doseer de wasverzachter of het (syn -thetische) stijfsel in vakje . pDoseerniet hoger dan de pijl.De wasverzachter of het (synthetische)stijfsel wordt automatisch met hetlaatste spoelwater in de trommel ge-spoeld.

Aan het einde van het waspro-gramma blijft er een klein beetje waterin vakje staan.pWanneer u verschillende keren auto-matisch met stijfsel heeft gespoeld,reinig dan de wasmiddellade.Reinig vooral het kanaal voor dewasverzachter en de zuighevel.Zie hoofdstuk: "Reiniging en onder-houd", paragraaf: "Het reinigen vande wasmiddellade".Apart spoelen met wasverzachter ofsynthetisch stijfsel^Doseer de wasverzachter of het syn -thetische stijfsel in vakje .p^Draai de programmakeuzeschake-laar opStijven.^Kies een centrifugetoerental.^Druk op de START - toets.Apart spoelen met stijfsel^Doseer het stijfsel en bereid het voorzoals op de verpakking beschrevenstaat.^Doseer het stijfsel in vakje .i^Draai de programmakeuzeschake-laar opStijven.^Kies een centrifugetoerental.^Druk op de START - toets.Het kleuren en ontkleuren^Het gebruik van textielverf in de was-automaat is alleen toegestaan voorhuishoudelijke doeleinden.

Neem nietmeer verf dan strikt nodig is. Wordt erteveel geverfd dan kan het in de verfaanwezige zout het roestvrij staalaantasten. Neem de aanwijzingenvan de textielverffabrikant precies inacht.^Gebruik geen ontkleuringsmiddelenin de wasautomaat.Wasmiddelen31

Elektronische programmaver-grendelingMet het inschakelen van de program-mavergrendeling voorkomt u dat dewasautomaat tijdens het wassenwordt geopend en dat het waspro-gramma wordt afgebroken.Het inschakelen van de programma-vergrendeling^Druk na het starten van het program-ma minstens 4 seconden op deSTART - toets totdat het controle-lampjeVergrendelingbrandt.

Ditlampje bevindt zich rechts onder ophet bedieningspaneel.De programmavergrendeling is nu in-gesteld.Het apparaat accepteert nu geen wij-zigingen meer en maakt het waspro-gramma helemaal af.Na afloop van het wasprogrammawordt de programmavergrendeling au-tomatisch opgeheven.Het uitschakelen van de programma-vergrendeling^Druk minstens 4 seconden op deSTART - toets totdat het controle-lampjeVergrendelinguitgaat.Uitzondering:De programmakeuzeschakelaar is opeen andere stand gezet en in het pro-grammaverloop knippert het controle-lampjeKreukbeveiliging/Einde.^Draai de programmakeuzeschake-laar op het programma dat u eerderheeft ingesteld.Het controlelampjeKreukbeveili-ging/Eindegaat uit.^Druk minstens 4 seconden op deSTART - toets totdat het controle-lampjeVergrendelinguitgaat.Bedieningsfuncties32

Elektronische afsluitfunctieMet het inschakelen van de elektroni-sche afsluitfunctie voorkomt u dat uwapparaat door vreemden kan wordengebruikt.Wanneer deze afsluitfunctie is inge-schakeld kan:– de deur niet met deDeur- toets wor-den geopend;– er geen programma worden gestart.Het inschakelen van de afsluitfunctieDit is alleen mogelijk als:– de deur gesloten is– en de programmakeuzeschakelaarop standEindestaat.ASchakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets in.BDruk de toetsVoorwasin en houddeze tijdens de volgende stappen Ctot en met ingedrukt.ECDraai de programmakeuzeschake-laar langzaam, stap voor stap en metde klok mee op WITTE WAS/BONTEWAS 60°C.DDraai de programmakeuzeschake-laar langzaam, stap voor stap en te-gen de klok in op standEinde.EDraai de programmakeuzeschake-laar langzaam, stap voor stap en te-gen de klok in op FIJNE WAS koud.Het controlelampjeVergrendeldknip-pert.FLaat de toetsVoorwaslos.GDraai de programmakeuzeschake-laar op standEinde.HSchakel de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit.Het uitschakelen van de afsluitfunc-tie^Herhaal de stappen tot en met .A FHet controlelampjeVergrendeldgaatuit.Bedieningsfuncties33

,Haal vóórdat u de wasautomaateen reinigings- of onderhoudsbeurtgeeft de spanning van het apparaat.Het reinigen van de wasauto-maat^Reinig de wasautomaat met een mildreinigingsmiddel of sopje.Wrijf de automaat daarna met eenzachte doek droog.^Reinig de wastrommel met een reini-gingsmiddel voor roestvrij staal.Het reinigen van de wasmiddelladeVerwijder eventuele resten wasmiddelregelmatig.^Trek de wasmiddellade naar buitentotdat u weerstand voelt.^Druk de ontgrendelingsknop in^en trek de wasmiddellade naar bui-ten.^Reinig de wasmiddellade met warmwater.Het reinigen van de zuighevel^Trek de zuighevel uit vakje §^en reinig de hevel onder stromendwarm water.^Reinig ook het pijpje, waar de zuig-hevel overheen wordt gestoken.^Zet de zuighevel weer terug.,Gebruik geen oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen, schuur-middelen, glas- of allesreinigers.Deze kunnen namelijk kunststof op-pervlakken en andere onderdelenbeschadigen.Spuit de wasautomaat in geen gevalmet een waterspuit schoon.Reiniging en onderhoud34

Het reinigen van het watertoe-voerzeefjeDe wasautomaat heeft één zeefje terbescherming van de watertoevoerklep.Dit zeefje, dat zich in de schroefkoppe-ling van de veiligheidsklep bevindt,moet u ongeveer 1 keer in het half jaarcontroleren. Wanneer de watertoevoervaak wordt onderbroken moet u mis-schien vaker controleren.^Draai de waterkraan dicht.^Schroef de toevoerslang van de wa-terkraan.^Trek het rubberen dichtingsringetje 1uit de groef.^Pak het kunststof zeefje met een2 combinatie- of punttang aan de op-staande rand in het midden vast entrek het eruit.^Reinig het kunststof zeefje.^Monteer alles weer in omgekeerdevolgorde.^Schroef de slang stevig aan de kraanvast.^Draai de kraan open.^Draai de schroefkoppeling nog watvaster aan als er nog water uitloopt.Het zeefje nadat het is gereimoet -nigd weer worden teruggeplaatst.Reiniging en onderhoud35

Het oplossen van problemen . . .De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnenkrijgen kunt u zelf oplossen.In al die gevallen hoeft u de Technische Dienst niet te bellen en kunt u tijd en kos-ten besparen.De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uitde wereld te helpen. Bedenk echter:,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmen-sen worden uitgevoerd.

Gebeurt dit niet, dan kan de gebruiker grote risico's lo-pen.Om het u makkelijker te maken het probleem waar u mee te maken heeft en debijbehorende oplossing snel in de tabellen te vinden, hebben wij de problemen in-gedeeld in de volgende hoofdstukken:– Het programma begint niet– Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding– Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een foutmelding– Algemene problemen of een tegenvallend resultaat– De deur kan met deDeur- toets niet worden geopendHet programma begint nietFoutmelding Mogelijke oorzaak OplossingHet controlelampjeKreukbeveiliging/Eindebrandt niet of de START -toets knippert niet.Er staat geen stroom ophet apparaat.Controleer of–de stekker goed in decontactdoos zit;–de zekering in orde is.Het controlelampje Ver-grendeld brandt.De afsluitfunctie is inge-schakeld.Schakel de afsluitfunctieuit.Nadat u het programmaPompen/Centrifugerenheeft gekozen en op deSTART - toets heeft ge-drukt, begint het pro-gramma niet.De wasautomaat is nietklaar voor gebruik.Maak de wasautomaatklaar voor gebruik zoalsbeschreven in het hoofd-stuk: "Vóór de eerste was -beurt".Nuttige tips36

Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmeldingFoutmelding Mogelijke oorzaak Oplossing ADe zoemer klinkt en hetcontrolelampje Wateraf-voer knippert.In het display verschijnt:"– – –".De waterafvoer is ge-blokkeerd.Reinig het pluizenfilter enhet filterhuis zoals beschre-ven in het hoofdstuk: "Nut-tige tips", paragraaf: "Hetopenen van de deur bij ver-stopte afvoer en/of stroom-uitval."De waterafvoerslangligt te hoog.De maximale opvoerhoogteis 1m.De zoemer klinkt en hetcontrolelampje Water-toevoer knippert.In het display verschijnt:"– – –".De watertoevoer is ge-blokkeerd.Draai de waterkraan open.De zoemer klinkt en decontrolelampjes Water-toevoer enWaterafvoerknipperen.In het display verschijnt:"– – –".Het Waterproof-sys-teem heeft gerea-geerd.Neem contact op met deTechnische Dienst.De zoemer klinkt en inhet programmaverloopknippert het controle-lampje Inw/Voorwassenof .SpoelenIn het display verschijnt:"– – –".Er is sprake van eendefect.Start het programma nogeen keer.Volgt dezelfde foutmelding,neem dan contact op metde Technische Dienst.ASchakel om de foutmelding uit te schakelen de wasautomaat met deI-Aan/0-Uit- toets uit en draai de programmakeuzeschakelaar op standEinde.Nuttige tips37

Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een fout-meldingFoutmelding Mogelijke oorzaak Oplossing AHet controlelampjeWaterafvoer knippert.De waterafvoer isbelemmerd.Reinig het pluizenfilter en het fil-terhuis zoals beschreven in hethoofdstuk: "Nuttige tips", para-graaf: "Het openen van de deurbij verstopte afvoer en/of stroom-uitval."Het controlelampjeWatertoevoer knip-pert.De watertoevoer isbelemmerd.Controleer of–de waterkraan ver genoeg isopengedraaid;–er knikken in de toevoerslangzitten.Het zeefje in de wa-tertoevoerslang isverstopt.Reinig het zeefje.Het controlelampjeOverdosering brandt.Er heeft zich tijdenshet wasprogrammateveel schuim ge-vormd.Gebruik de volgende keer minderwasmiddel en neem de doseer-aanwijzingen op de wasmiddel-verpakking in acht.In het programmaver-loop knippert het con-trolelampje Wassen.Er is sprake van eendefect.Start het programma nog eenkeer.Volgt dezelfde foutmelding, neemdan contact op met de Techni-sche Dienst.In het programmaver-loop knippert het con-trolelampje Kreukbe-veiliging/Einde.Nadat het gekozen programma is gestart, is de pro-grammakeuzeschakelaar op een ander programma ge-draaid.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele V 4545 WPS stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden