Miele K 9457 ID Handleiding

Miele Koelkast K 9457 ID

Bekijk gratis de handleiding van Miele K 9457 ID (52 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 55 mensen. Heb je een vraag over Miele K 9457 ID of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/52
Montage- en gebruiksaanwijzing
Koelkast
met PerfectFresh-zone
en DynaCool
K 9457 iD
K 9557 iD
K 9757 iD
Lees de ge-in elk geval
bruiksaanwijzing voor u het toestel opstelt,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
schade aan uw toestel.M.-Nr. 07 471 390
nl - BE

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Koelkast
Model: K 9457 ID
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Rechts
Gewicht: 53200 g
Breedte: 557 mm
Diepte: 544 mm
Hoogte: 1218 mm
Netbelasting: - W
Kinderslot: Ja
Geluidsniveau: 39 dB
Jaarlijks energieverbruik: 150 kWu
Energie-efficiëntieklasse (oud): A+
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Geschikt voor paneelaanpassing: Ja
Nettocapaciteit koelkast: - l
Brutocapaciteit koelkast: 141 l
Koelkast binnenverlichting: Ja
Eierenrekje: Ja
Flessenrek: Ja
No Frost system: Nee
Automatisch ontdooien (koelkast): Ja
Totale brutocapaciteit: 201 l
Ingebouwde vriezer: Nee
Stroomvoorziening: 220-240 V, 50 Hz, 10 A
Installatie compartiment afmetingen(WxDxH): 570 x 550 x 1220 mm
Deur open alarm: Ja
Stroomgebruik per dag: 0.15 kWh/24u
Deurpaneel inbegrepen: Nee
Klimaatklasse: SN-ST
Water dispenser: Nee

Handleiding Miele K 9457 ID – volledige tekst

Beschrijving van het toestel. 4 Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu. 6 Opmerkingen omtrent uw veiligheid. 7Hoe kunt u energie besparen. 11 Toestel in- en uitschakelen. 12Vóór het eerste gebruik. 12 Vergrendeling. 12 Bij langdurige afwezigheid. 13 De juiste temperatuur. 14. in de. 14koelzone en in de Perfect-Fresh-zone Automatische temperatuurverdeling (DynaCool). 14 Temperatuur in de koelzone instellen. 14 Mogelijke instelwaarden voor de temperatuur. 15Temperatuur in de PerfectFresh-zone instellen. 15 Temperatuurindicator. 16Lichtsterkte van de temperatuurindicator. 16 Waarschuwingssignaal. 17Waarschuwingssignaal vroegtijdig uitschakelen. 17 Het waarschuwingssignaal inschakelen. 17Superkoel gebruiken. 18 De koelzone goed gebruiken. 19Verschillende koelgedeelten. 19Levensmiddelen die zeker niet gekoeld mogen worden. 20 Waarop moet u letten wanneer u levensmiddelen koopt.

De binnenruimte indelen. 24De legplaten verplaatsen. 24 Tweedelige legplaat. 24 Opdienset/flessenrek verplaatsen. 25 Universele box. 26 De flessenhouder verschuiven. 26Automatisch ontdooien. 27Koelzone en PerfectFresh-zone. 27 Reiniging en onderhoud. 28Binnenruimte, toebehoren. 28 Openingen voor luchttoevoer en -afvoer. 29 Deurdichting. 29Wat gedaan als. 30 Waar bepaalde geluiden vandaan komen. 32 Technische Dienst van Miele/garantie. 33 Elektrische aansluiting. 34 Montagerichtlijnen. 35Opstelplaats. 35 Klimaatklasse. 35Luchttoevoer en -afvoer. 35Vóór het inbouwen van het toestel. 36 Maakte het oude toestel gebruik van een andere scharniertechniek. 36 Voorzijde in roestvrij staal. 36 Inbouwafmetingen. 37 De deurscharnieren instellen. 38 De scharnieren verplaatsen. 39 Toesteldeur. 39Het toestel inbouwen. 42Gewicht van de meubeldeur. 42 Inbouw in een scheidingswand.

aVentilator bFlessenrek cLegplaat dDroog vak van de PerfectFresh-zone eVochtig vak van de PerfectFresh-zo-ne (volgens het model, 1 vak) fBoter- en kaasvak gEierhouder / opdienschaal hBinnenverlichting iUniversele box* jGootje en afvoeropening voor hetdooiwater kFlessenrek lFlessenhouder* mSchuifknop om de luchtvochtigheidin het vochtig vak in te stellen( volgens het model, 1 vak)* volgens het modelBeschrijving van het toestel5

Recycleerbare verpakkingDe verpakking behoedt het toestel voortransportschade. Er werd materiaal ge-kozen dat door het milieu wordt verdra-gen en opnieuw kan worden benut.Door de verpakking weer in kringloopte brengen, wordt er grondstof ge-spaard en verkleint de afvalberg. Geefdeze stoffen dus niet met het gewonevuilnis mee. Breng ze liever naar hetdichtstbijzijnde gemeentelijk container-park. Waar u dat vindt, komt u zeker bijuw gemeentebestuur aan de weet.Berging van uw oud toestelBij de aankoop van uw nieuw toestelheeft u een bijdrage betaald. Die wordtvolledig gebruikt voor de toekomstigerecyclage van dat toestel.

Dat bevattrouwens nog waardevol materiaal.Door te recycleren wordt er dan ookminder verspild en vervuild.Als u vragen heeft omtrent het af-danken van uw oud toestel, neem dancontact op met– de handelaar bij wie u het kochtof – de firma Recupel,telefoon 02 706 86 10,website: www.recupel.beof – uw gemeentebestuur als u uw toestelnaar een containerpark brengt.Zorg ervoor dat de buisleidingen vande compressor geen schade oplopenvoordat het toestel terdege wordtgeborgen. Zo vermijdt u dat er koelmid-del uit het koelcircuit of olie uit de com-pressor in het milieu terechtkomt.Zorg er ook voor dat het toestel kinder-veilig wordt bewaard voor u het laatwegbrengen.Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu6

Dit toestel voldoet aan de voorge-schreven veiligheidsvoorschriften.Door ondeskundig gebruik kunnengebruikers echter letsel oplopen enkan er schade optreden aan het toe-stel.Voor u het toestel in gebruik neemt,moet u de gebruiksaanwijzing aan-dachtig lezen. U vindt er belangrijkeopmerkingen omtrent uw veiligheid,de installatie, het gebruik en het on-derhoud van uw toestel. Dat is vei-liger voor uzelf en u voorkomt scha-de aan het toestel.Bewaar de gebruiksaanwijzing engeef ze door aan wie het toesteleventueel na u gebruikt.Juist gebruik~Gebruik het toestel uitsluitend in hethuishouden voor het bewaren van le-vensmiddelen.Gebruik voor andere doeleinden is niettoegelaten en kan gevaarlijk zijn.

De fa-brikant is niet verantwoordelijk voorschade die wordt veroorzaakt door eenander gebruik dan wat hier wordt ver-meld of door foutieve bediening.~Personen die door hun fysieke,zintuiglijke of geestelijke mogelijkhedenof hun onervarenheid of gebrek aankennis niet in staat zijn om het toestelveilig te bedienen, mogen dit toestelniet zonder het toezicht of de aanwij-zingen van een verantwoordelijkiemand gebruiken.Kinderen in het huishouden~Kinderen mogen het toestel alleenmaar gebruiken wanneer hen de bedie-ning ervan zo uitgelegd is dat ze hetveilig kunnen bedienen. Kinderen moe-ten de eventuele risico’s van een foutie-ve bediening kunnen beseffen.~Let op kinderen die in de buurt vanhet toestel komen. Laat kinderen nietmet het toestel spelen.Opmerkingen omtrent uw veiligheid7

Technische veiligheid~Vóórdat u de koelkast opstelt, con-troleert u het toestel op zichtbare scha-de. Een beschadigde koelkast mag u nietopstellen en in gebruik nemen. ~Dit toestel bevat het koelmiddel iso-butaan (R600a), een natuurlijk gas dathet milieu weinig belast, maar welbrandbaar is. Het is niet schadelijk voorde ozonlaag en draagt niet bij tot hetbroeikaseffect. Het gebruik van dit mi-lieuvriendelijke koelmiddel veroorzaaktwel een lichte verhoging van hetwerkingsgeluid. Naast dewerkingsgeluiden van de compressorkunnen er stromingsgeluiden in het vol-ledige koelcircuit voorkomen. Dat isjammer genoeg niet te vermijden, maarheeft geen invloed op de prestaties vanhet toestel. Let er bij het transporteren en het op-stellen van het toestel op dat geen en-kel onderdeel van het koelcircuit be-schadigd raakt. Wegspattend koelmid-del kan tot oogletsels leiden.

Bij beschadiging:- Vermijd open vuur ofontstekingsbronnen,- trek de stekker uit het stopcontact,- verlucht het vertrek waarin het toestelstaat enkele minuten langen- verwittig de TechnischeDienst van Miele. ~Hoe meer koelmiddel er in een toe-stel zit, hoe groter de ruimte moet zijnwaarin het toestel wordt opgesteld. Bijeen eventueel lek kan er in een tekleine ruimte een brandbaar mengselvan gas en lucht ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet het vertrekminstens 1 m3groot zijn. De hoeveel-heid koelmiddel is aangegeven op hettypeplaatje in het toestel. ~Voordat u het toestel aansluit, dientu eerst de aansluitgegevens (spanningen frequentie) op het typeplaatje metdie van het elektriciteitsnet te vergelij-ken. Die gegevens dienen absoluut overeente stemmen. Anders treedt er schadeop aan uw toestel. Vraag bij twijfel in-lichtingen aan uw installateur.

Laat de elektrische installatie inuw woning bij twijfel door een elektri-cien controleren. De fabrikant kan niet aansprakelijk ge-steld worden voor schade die werd ver-oorzaakt doordat de aardleiding onder-broken was of gewoon ontbrak (bijv. elektrische schokken). ~Als het aansluitsnoer beschadigd is,laat het dan vervangen door een vak-man die door Miele erkend is. Zo ver-mijdt u risico’s voor wie het toestel ge-bruikt. Opmerkingen omtrent uw veiligheid8.

~Een veilige werking van het toestelis alleen dan gewaarborgd als het toe-stel overeenkomstig de gebruiksaanwij-zing gemonteerd en aangesloten werd. ~Als u dit toestel niet op een vasteplaats installeert, bijv. op een schip,laat dit karwei dan enkel uitvoeren doorvakmensen. Die moeten ervoor zorgendat u het toestel veilig kunt gebruiken. ~Installatiewerken, onderhouds-werken en reparaties mogen alleendoor gekwalificeerde vakmensen wor-den uitgevoerd. Door ondeskundig uitgevoerdeinstallatie-, onderhouds- ofreparatiewerken kunnen er voor de ge-bruiker aanzienlijke risico’s ontstaanwaarvoor de fabrikant niet aansprakelijkkan worden gesteld. ~Het toestel is pas stroomloos indienaan een van deze voorwaarden werdvoldaan: – De stekker van het toestel is uitge-trokken. Trek daarbij niet aan het snoer, welaan de stekker. – De zekering op uw elektrische instal-latie is uitgeschakeld.

– De schroefzekering van de elek-trische installatie is helemaal uitge-draaid. ~Gebruik geen verlengsnoeren omhet toestel aan te sluiten op het elektri-citeitsnet. Die bieden niet voldoende veiligheids-garanties. Er bestaat onder meer gevaar vooroververhitting. Efficiënt gebruik~Bewaar geen explosieve stoffen engeen producten met brandbare drijf-gassen (bijv. spuitbussen) in het toe-stel. Als de thermostaat wordt inge-schakeld, kunnen er vonken ontstaan. Die kunnen ontvlambare mengsels totontploffing brengen. ~Gebruik geen elektrische toestellen in het toestel (bijv. om softijs te ma-ken). Er kunnen vonken ontstaan. Ont-ploffingsgevaar. ~Plaats dranken met een hoog alco-holpercentage enkel rechtop en goedafgesloten in de koelzone. Ontploffingsgevaar. ~Als u levensmiddelen eet die te langbewaard werden, bestaat er gevaarvoor voedselvergiftiging.

~Gebruik geen ontdooisprays of an-dere producten om te ontdooien. Die kunnen immers explosieve gassenvormen, bevatten mogelijk oplos- ofdrijfmiddelen die de kunststof aantas-ten of zijn mogelijk schadelijk voor degezondheid. ~Behandel de deurdichting niet metolie of vet. Daardoor wordt de deur-dichting na verloop van tijd poreus. ~Als u in het toestel of in de deur vet-of oliehoudende levensmiddelen be-waart, dient u ervoor te zorgen dateventueel uitlopend vet of uitlopendeolie niet in contact komt met dekunststofonderdelen. Er kunnen spanningsscheuren in dekunststof ontstaan, zodat die barst ofscheurt. ~Dek de aanzuigopening voor delucht in de voet en de afvoeropeningboven in de behuizing van de koelkastniet af. Als die openingen afgedekt zijn, kan ergeen goede luchtcirculatie plaatsvin-den. Het stroomverbruik stijgt en scha-de aan onderdelen kan niet worden uit-gesloten.

~Het toestel is geconstrueerd vooreen bepaalde klimaatklasse (bereik vande kamertemperatuur) waarvan deonder- en bovengrens gerespecteerdmoeten worden. De klimaatklasse isvermeld op het typeplaatje aan de bin-nenzijde van het toestel. Een lage kamertemperatuur heeft totgevolg dat de koelkast gedurende eenlange tijd stilstaat, zodat het toestel devereiste temperatuur niet kan aanhou-den. ~Gebruik in geen geval een stoomrei-niger om het toestel te reinigen. Stoom kan in aanraking komen met on-derdelen van het toestel die onderspanning staan en zo een kortsluitingveroorzaken. Wat met een afgedankte koel-kast. ~Vernietig het knip- of vergrendelslotvan uw oud toestel als u het toestel af-dankt. Op die manier voorkomt u dat spelendekinderen zich in het toestel opsluiten,wat levensgevaarlijk kan zijn. ~Beschadig geen onderdelen van hetkoelcircuit, bijv.

normaal energieverbruik verhoogd energieverbruik Opstellen In een verluchtbare ruimte. In een gesloten, niet te verluchtenruimteBeschermd tegen directezonnestraling.Bij directe zonnestraling.Niet naast een warmtebron (verwar-mingselement, fornuis).Naast een warmtebron (verwar-mingselement, fornuis).Bij een ideale kamertemperatuur van20 °C.Bij een hogere omgevingstempera-tuur.TemperatuurinstellingThermostaat"niveaugetallen"(regeling in niveaus)Bij een gemiddelde instelling van 2tot 3.Bij een hoge instelling: Hoe lager detemperatuur in het vriesvak, hoe ho-ger het energieverbruik!TemperatuurinstellingThermostaat"graadaanduidingen"(digitaal scherm)Keldervak van 8 tot 12 °CBij toestellen met een winterschake-ling moet u erop letten dat die scha-kelaar bij temperaturen boven 16resp.

18 °C uitgeschakeld is.Koelvak van 4 tot 5 °CPerfectFresh-zone bijna 0 °CVriesvak -18 °CWijnbewaarzone van 10 tot 12 °C Gebruik De deur alleen maar zo kort mogelijkopenen.De deur vaak en langdurig openen =koudeverliesLevensmiddelen goed gesorteerdinladen.Wanneer alles door elkaar ligt, moetu lang zoeken en blijft de deur langopenstaan.Laat warme gerechten en drankeneerst buiten het toestel afkoelen.Warme gerechten in het toestel doende compressor langdurig werken(het toestel probeert harder tekoelen).Levensmiddelen goed verpakt ofgoed afgedekt inladen.Wanneer vloeistoffen in de koelzoneverdampen en condenseren, leidtdat tot verlies van het koelvermogen.Leg ingevroren producten in dekoelzone om ze te ontdooien.Doe de vakken niet te vol zodat delucht kan circuleren.

Ontdooien Ontdooi het vriesvak bij een ijslaagvan 0,5 cm.Een ijslaag vermindert de overdrachtvan de koude aan de in te vriezen le-vensmiddelen en doet het stroom-verbruik stijgen.Hoe kunt u energie besparen?11

Vóór het eerste gebruikAls beveiliging tijdens het transport zijnde roestvrijstalen randen en oppervlak-ken voorzien van een beschermfolie.^Trek de beschermfolie pas weg nahet inbouwen.^Wrijf de roestvrijstalen oppervlakkenonmiddellijk na het afnemen van debeschermfolie in met een geschiktonderhoudsmiddel voor roestvrijstaal.Belangrijk! Het onderhoudsmiddelvoor roestvrij staal zorgt voor eenduurzame beschermende laag dievoorkomt dat de oppervlakken gauwvuil worden. ^Reinig het inwendige van de kast enhet toebehoren. Gebruik daarvoorlauw water; wrijf daarna alles droogmet een doek.Laat het toestel na het transport ca.1/2 tot 1 uur staan voor u het aan-sluit.

Dit is zeer belangrijk voor delatere werking!Het toestel inschakelen^Druk op de toets aan/uit.De temperatuurindicator gaat aan, hettoestel begint te koelen en de binnen-verlichting schakelt in als de deur wordtgeopend.Om zeker te zijn dat de temperatuurlaag genoeg is, dient u het toestel en-kele uren te laten voorkoelen voordat uvoor het eerst levensmiddelen in hettoestel plaatst.Het toestel uitschakelen^Druk op de toets aan/uit tot de tem-peratuurindicator uitgaat.De koeling is uitgeschakeld. (Als ditniet het geval is, is de vergrendelingingeschakeld!)VergrendelingMet de vergrendeling kunt u het toestelbeveiligen, zodat het niet ongewenstwordt uitgeschakeld.Vergrendeling in-/uitschakelen ^Hou de Superkoeling-toets geduren-de ca.

^Druk op de Superkoeling-toets om deinstelling op te slaan.Als de vergrendeling ingeschakeld is,brandt het vergrendelingcontrolelampjeX.^Beëindig de instelmodus door op detoets aan/uit te drukken.Na ca. 2 minuten schakelt de elektro-nische besturing op de normale wer-king over.Bij langdurige afwezigheidAls u het toestel gedurende lange tijdniet gebruikt: ^schakel het toestel uit, ^trek de stekker uit het stopcontact, ^maak het toestel schoon en^laat de toesteldeur op een kier staanom geurvorming te vermijden.Als het toestel bij langdurige af-wezigheid wordt uitgeschakeld maarniet gereinigd, bestaat er gevaarvoor schimmelvorming als de deurgesloten blijft.Toestel in- en uitschakelen13

De juiste temperatuurinstelling is zeerbelangrijk voor het bewaren van levens-middelen. Levensmiddelen bedervensnel ten gevolge van micro-organis-men, wat door de juiste bewaartempe-ratuur kan worden verhinderd of ver-traagd. De temperatuur beïnvloedt degroeisnelheid van de micro-organis-men. Hoe lager de temperatuur, hoelangzamer dit proces verloopt.De temperatuur in het toestel stijgt– als u vaak en gedurende lange tijdde toesteldeur opent, – als u er meer levensmiddelen in be-waart, – als de verse levensmiddelen warmzijn, – als de omgevingstemperatuur vanhet toestel hoog is.Het toestel is geconstrueerd vooreen bepaalde klimaatklasse (bereikvan de kamertemperatuur) waarvande onder- en bovengrensgerespecteerd moeten worden.. . .

in de koelzone en in dePerfect-Fresh-zoneIn de koelzone wordt een koeltempera-tuur van 4 °C aanbevolen.In de PerfectFresh-zone wordt de tem-peratuur automatisch geregeld tussen0 en 3 °C.Automatischetemperatuurverdeling(DynaCool)Als de koeling inschakelt, schakelt hettoestel automatisch ook de ventilator in.Op die manier wordt de koelte gelijk-matig verdeeld in de koelzone, zodatde levensmiddelen in de koelkast alle-maal ongeveer met dezelfde tempera-tuur worden gekoeld.Temperatuur in de koelzoneinstellenDe temperatuur in de koelzone kunt uinstellen met de twee toetsen onder detemperatuurindicator.Door het indrukken van detoets + : stijgt de temperatuurtoets - : daalt de temperatuurTijdens het instellen wordt deinsteltemperatuur knipperend aangege-ven.Volgende wijzigingen zijn in de tempe-ratuurindicator merkbaar als u op detoetsen drukt:–Een keer drukken: de laatst gekozentemperatuurwaarde wordt knippe-rend aangegeven.– Telkens als u nogmaals drukt:de temperatuurwaarde verandert instappen van 1 °C.– Toets ingedrukt houden: de tempera-tuurwaarde wijzigt constant.De juiste temperatuur14

Bijeen hoge omgevingstemperatuur kande laagste temperatuur niet altijd wor-den bereikt.Temperatuur in dePerfectFresh-zone instellenIn de PerfectFresh-zone wordt de tem -peratuur automatisch tussen 0 en 3 °Cgehouden. Als u het toch warmer ofkouder wenst, omdat u bijv. vis wenst tebewaren, dan kunt u de temperatuurlichtjes wijzigen.^Hou de Superkoeling-toets geduren-de ca. 5 seconden ingedrukt.Het controlelampje van deSuperkoeling-toets knippert en op detemperatuurindicator knippert een ;.^Druk enkele keren op een van de in-steltoetsen voor de temperatuur, totop de indicator een = wordt weerge-geven. Druk nogmaals op deSuperkoeling-toets.Op de indicator ziet u een =. ^Door op de insteltoetsen voor detemperatuur te drukken, kunt u nu detemperatuur in de PerfectFresh-zonewijzigen.

^Beëindig de instelmodus door op detoets aan/uit te drukken.Na ca. 2 minuten schakelt de elektro-nische besturing op de normale wer-king over.TemperatuurindicatorDe temperatuurindicator in het bedie-ningspaneel toont bij een normale wer-king de gemiddelde temperatuur in dekoelzone.Valt de temperatuur buiten het moge-lijke bereik van de temperatuurindica-tor, dan knipperen er daarin streepjes.Lichtsterkte van de temperatuur-indicatorDe lichtsterkte van de temperatuurindi-cator is bij levering van het toestel inge-steld op laag. Zodra de deur wordt ge-opend, een instelling wordt gewijzigd ofeen alarmtoestand heerst, brandt detemperatuurindicator gedurende ca. 1minuut met de grootste lichtsterkte.U kunt de lichtsterkte van de tempera-tuurindicator wijzigen:^Hou de Superkoeling-toets geduren-de ca.

5 seconden ingedrukt.Het controlelampje van de Superkoeling-toets knippert en op de temperatuurindicator knippert een ;.^Druk enkele keren op een van de in-steltoetsen voor de temperatuur, totop de indicator een ^wordt weerge-geven.^Druk nogmaals op deSuperkoeling-toets.Op de indicator ziet u een ^.^Door op de insteltoetsen voor detemperatuur te drukken, kunt u nu delichtsterkte van de indicator wijzigen. U kunt kiezen uit de standen tot :1 51: minimale lichtsterkte,5: maximale lichtsterkte. ^Druk op de Superkoeling-toets om deinstelling op te slaan.^Beëindig de instelmodus door op detoets aan/uit te drukken.Na ca. 2 minuten schakelt de elektro-nische besturing op de normale wer-king over.De juiste temperatuur16

Het systeem is met een waarschu-wingssysteem uitgerust omenergieverliezen bij een openstaandedeur te vermijden en om de ingevrorenlevensmiddelen tegen warmte te be-schermen.Het waarschuwingssignaal weerklinktaltijd als de toesteldeur langer dan ong.60 seconden open staat. Zodra de toe-steldeur wordt gesloten, schakelt hetwaarschuwingssignaal uit.Als de toesteldeur echter langer openmoet blijven en het waarschuwingssig-naal u stoort, is het raadzaam om datuit te schakelen.Waarschuwingssignaalvroegtijdig uitschakelen^Druk op de uitschakeltoets voor hetwaarschuwingssignaal.Het waarschuwingssignaal wordt uit-geschakeld.Het waarschuwingssignaalinschakelenHet waarschuwingssysteem wordt auto-matisch weer ingeschakeld zodra detoesteldeur gesloten wordt. Het moetniet extra worden ingeschakeld.Waarschuwingssignaal17

De functie SuperkoelMet de functie Superkoel wordt de koel-zone zeer snel op de koudste waardeafgekoeld (afhankelijk van de kamer-temperatuur).Superkoel inschakelenDe functie Superkoel is met name aante bevelen als u grote hoeveelhedenverse levensmiddelen of dranken snelwenst af te koelen. ^Druk op de toets Superkoel zodat hetcontrolelampje brandt.De temperatuur in het toestel daalt,omdat het toestel met het maximalekoelvermogen werkt.Superkoel uitschakelenDe functie Superkoel schakelt zich au-tomatisch na ca. 6 uur uit. Het controle-lampje gaat uit en het toestel werktweer met het normale koelvermogen.Om energie te sparen, kunt u de functieSuperkoel zelf uitschakelen zodra delevensmiddelen of dranken koud ge-noeg zijn.^Druk op de toets Superkoel zodat hetcontrolelampje uitgaat.De koeling van het toestel werkt weermet het normale vermogen.Superkoel gebruiken18

Verschillende koelgedeeltenDoor de natuurlijke luchtcirculatie is detemperatuur in de koelzone niet overalgelijk. De koude, zware lucht daalt naarhet onderste gedeelte van het toestel. Gebruik de verschillende koelgedeeltenwanneer u levensmiddelen in het toe-stel plaatst. Dit is een toestel met een automa-tische dynamische koeling waarbijer in het toestel een gelijkmatigetemperatuur heerst wanneer de ven-tilator draait. Tussen de verschil-lende koelgedeelten zijn er minderuitgesproken temperatuurverschil-len. Warmste gedeelteHet warmste gedeelte van de koelzonebevindt zich bovenaan aan de deur. Gebruik dit gedeelte bijv. om boter tebewaren, zodat ze gemakkelijk smeer-baar blijft, en voor kaas, zodat hij zijnaroma niet verliest. Koudste gedeelteHet koudste gedeelte van de koelzonebevindt zich direct boven de Perfect-Fresh-zone.

In de vakken onder de Per-fectFresh-zone zijn de temperaturennog lager. Gebruik het koudste gedeelte van dekoelzone en de PerfectFresh-zone vooralle gevoelige en snel bederfbare le-vensmiddelen zoals:– vis, vlees, gevogelte,– worst, kant-en-klaargerechten,– gebak en gerechten met eieren ofslagroom,– vers deeg, taart-, pizza- quichedeeg,– kaas en andere producten op basisvan verse melk,– in folie verpakte, bereide groenten enin het algemeen alle verse levens-middelen waarvan de minimalehoudbaarheidsdatum is gebaseerdop een bewaartemperatuur van min-stens 4 °C. Bewaar geen explosieve stoffen engeen producten met brandbare drijf-gassen (bijv. spuitbussen) in hettoestel. Ontploffingsgevaar. Sterke drank met een hoog alcohol-percentage enkel rechtop en goedafgesloten in het toestel plaatsen.

Als u in het toestel of in de deur vet-of oliehoudende levensmiddelen be-waart, dient u ervoor te zorgen dateventueel uitlopend vet of uitlopen-de olie niet in contact komt met dekunststofonderdelen. Er kunnen spanningsscheuren in dekunststof ontstaan, zodat die barstof scheurt. De levensmiddelen mogen niet te-gen de achterwand komen.

Plaats de levensmiddelen niet tedicht tegen elkaar zodat er gemak-kelijk lucht tussen kan circuleren.Dek de ventilator op de achterwandniet af - die is belangrijk voor hetkoelvermogen!Levensmiddelen die zeker nietgekoeld mogen wordenNiet alle levensmiddelen kunnen in dekoelkast bewaard worden. Daartoe be-horen onder andere: – fruit en groenten die gevoelig zijnvoor koude, zoals bananen,avocado’s, papaja’s, passievruchten,aubergines, paprika’s, tomaten enaugurken – fruit dat nog verder moet rijpen, – aardappelen, – harde kazen (parmezaan).Waarop moet u letten wanneeru levensmiddelen kooptDe belangrijkste voorwaarde om le-vensmiddelen lang te kunnen bewaren,is hun versheid. Dat is van het grootstebelang voor de bewaartijd van de prod-ucten. De koelketen mag indien moge-lijk niet onderbroken worden. Let erbijv.

op dat de levensmiddelen niet telang in een warme auto blijven liggen.Wanneer het verouderings- ofbederfproces ingezet is, kan dat nietmeer ongedaan gemaakt worden. Eenonderbreking van de koeling geduren-de twee uur zet het bederf al in gang.Levensmiddelen juist bewarenNormaal mag u levensmiddelen alleenverpakt of goed afgedekt in de koelzo-ne bewaren (voor de PerfectFresh-zonezijn er uitzonderingen). Zo vermijdt udat de levensmiddelen vreemde geu-ren opnemen of gaan uitdrogen. Tege-lijk voorkomt u de overdracht van even-tuele bacteriën. Een correcte instellingvan de temperatuur en een aangepastehygiëne vertragen devermenigvuldiging van bacteriën zoalssalmonella.Onverpakte dierlijke en plantaardigelevensmiddelenOnverpakte dierlijke en plantaardige le-vensmiddelen moet u van elkaar schei-den. Als de levensmiddelen samen be-waard moeten worden, dan moeten zein elk geval verpakt zijn.

LuchtvochtigheidHoe beter de vochtigheid van debewaarruimte met de eigen vochtigheidvan de levensmiddelen overeenstemt,hoe knapperiger en verser de levens-middelen gedurende langere tijd blij-ven. Het watergehalte van de levens-middelen blijft immers in grote mate be-houden. Welke voordelen biedt dePerfectFresh-zone u. Omdat de levensmiddelen tot drie keerlanger vers blijven, betekent dat voor u– meer genot met verse producten– meer comfort door een aangepastebewaring en– meer besparingen doorkwaliteitsbehoud. Bewaren in het droge envochtige vakDe PerfectFresh-zone is in twee zonesopgedeeld: het droge vak en het voch-tige vak (resp. de vochtige vakken). Droog vakIn het droge vak heerst een relatief lageluchtvochtigheid. Die stemt ongeveerovereen met de luchtvochtigheid dieook in de koelzone heerst.

In het droge vak gaat het dus hoofdza-kelijk om de lage temperatuur van 0 °C,minder om de luchtvochtigheid. Het droge vak is geschikt voor het be-waren van bijzonder gevoelige levens-middelen, zoals– verse vis, schaal- en schelpdieren,vlees, gevogelte, worst, zuivelpro-ducten en klaargemaakte slaatjes.

Bewaar die levensmiddelen alleen af-gedekt of verpakt. Uitzondering: vlees (De uitdroging vanhet vleesoppervlak remt de kiemvor-ming af en zorgt daardoor voor een be-tere houdbaarheid. Verschillende vlees-soorten mogen niet rechtstreeks met el-kaar in contact komen, maar moeten al-tijd door een verpakking wordengescheiden. Daardoor wordtvroegtijdige bederving doorkiemoverdracht vermeden. )Vochtig vakHet vochtige vak is voorzien van eenregelaar waarmee u de relatieve lucht-vochtigheid kunt wijzigen. Schuif daar-voor de regelaar op de gewenste rela- tieve luchtvochtigheid ( = hoge- luchtvochtigheid, = lage luchtvoch-, tigheid). Staat de regelaar op een hoge lucht- vochtigheid , dan kan de lucht-- vochtigheid tot 90 % bedragen als hetvochtige vak goed gevuld is. De lucht-vochtigheid hangt daarbij in grote mateaf van de soort en de hoeveelheid vande bewaarde levensmiddelen.

Hou er rekening mee dat de hogeluchtvochtigheid alleen bereikt wordt eninvloed op de levensmiddelen kan heb- ben, wanneer die niet verpakt zijn ofin een luchtdoorlatende verpakkingzitten. –Met een hoge luchtvochtigheid is- het vochtige vak aangewezen voorhet bewaren van vers geoogste -producten, zoals groente, sla,kruiden, champignons, kool en in-heems fruit. –Bij een lage luchtvochtigheid ,heersen er dezelfde omstandighe-den als in het droge vak. Neem de levensmiddelen ong. 30 - 60 minuten voor u ze gaat ge-bruiken, uit de PerfectFresh-zone. Pas bij kampertemperatuurontplooien het aroma en de smaakzich. Zijn er bepaalde levensmid-delen ongeschikt voor de Per-fectFresh-zone. Enkele fruit- en groentesoorten kunnenniet goed bij een temperatuur van 0 °Cbewaard worden omdat ze gevoeligzijn voor koude. Daartoe behoren bijv. alle zuidvruchten. Augurken bijv.

Voorbeelden van fruit en groentendie veel gas vrijgeven:appelen, abrikozen, peren, nectarines,perziken, pruimen, avocado’s, vijgen,bosbessen, meloenen, bonen.Voorbeelden van fruit en groentendie zeer gevoelig reageren op het na-tuurlijke gas van andere soorten fruiten groenten:kiwi’s, broccoli, bloemkool, spruiten,mango’s, honingmeloenen, appelen,abrikozen, augurken, tomaten, peren,nectarines, perziken.Voorbeeld : broccoli mag u niet samenmet appels bewaren omdat appels veelgas vrijgeven en broccoli daar zeer ge-voelig op reageert. Het gevolg is dat ude broccoli minder lang kunt bewarendan eigenlijk mogelijk is.PerfectFresh juist gebruiken23

Schuif ze met de uit-sparing over de steunribben en ver-plaats ze naar boven of naar onde-ren.De achterste boord van de legplaatmoet naar boven wijzen zodat de le-vensmiddelen niet tegen de achter-wand rusten en daaraan kunnen vast-vriezen.Schuifstoppen voorkomen dat delegplaten ongewild uit het toestel ge-trokken worden.Tweedelige legplaatOm hoge waren, zoals hoge flessen ofrecipiënten, te kunnen plaatsen, is ereen tweedelige legplaat, waarvan u hetvoorste deel voorzichtig onder het ach-terste deel kunt schuiven:^til de voorste helft van de glazenplaat lichtjes op en schuif die vervol-gens voorzichtig onder de achterstehelft.Om de tweedelige legplaats te ver-plaatsen,^neemt u de twee halve glazen platenuit het toestel,^plaatst u de twee houders links enrechts op de steunribben op de ge-wenste hoogte, ^en schuift u de glazen platen na el-kaar in het toestel.De glazen plaat met deaanslagboord moet achteraan lig-gen!De binnenruimte indelen24

Schuifladen van de Perfect-Fresh-zoneDe schuifladen van de PerfectFresh-zo-ne zijn op telescopische rails gemon-teerd en kunnen helemaal uit het toestelgetrokken worden om ze te vullen ofleeg te maken en om ze te reinigen.^Trek de schuifladen tot de aanslag uithet toestel en neem ze langs bovenweg.Schuif de telescopische rails vervol-gens weer naar binnen. Zo vermijdtu schade! ^Trek het deksel tussen deschuifladen voorzichtig iets naar vo-ren en neem het naar beneden weg. ^Om het deksel weer op zijn plaats tezetten, plaatst u het van onderennaar boven in de steunen. Schuif hetdan naar achteren tot het vastklikt.Om de schuiflade op zijn plaats te zet-ten,^legt u het op de telescopische railsdie helemaal uitgetrokken zijn a.

Detelescopische rails moeten vooraantegen de voorzijde van de schuifladekomen !b^Schuif de schuiflade in het toestel .cOpdienset/flessenrekverplaatsen^Neem de hangschalen langs bovenuit het roestvrijstalen frame.^Schuif het roestvrijstalen frame naaromhoog en neem dat langs vorenweg.^Plaats het roestvrijstalen frame opeen willekeurige plaats in het toestel.Zorg er daarbij voor dat het goed opde verhogingen vast gedrukt wordt.^Plaats de hangschalen in het roest-vrijstalen frame.U kunt de hangschalen helemaal uit deopdienset halen om ze te vullen of leegte maken en ze dan weer op hun plaatszetten.Op die manier kunt u de hangschalenook samen met de levensmiddelen di-rect op de tafel plaatsen.De binnenruimte indelen25

Universele box(volgens het model)In de universele box kunnen levensmid-delen bewaard en ook opgediend wor-den.De universele box bestaat uit een diepeschaal en een platte schaal - bei-a b de schalen kunnen als hangschalen inhet roestvrijstalen frame geplaatst wor-den.Wanneer u de universele box wilt ge-bruiken om levensmiddelen op te die-nen,^plaatst u de platte schaal in hetb roestvrijstalen frame en gebruikt u de diepe schaal als deksel .aZo kunt u de universele box helemaaluit de houder nemen en hem samenmet de levensmiddelen direct op de ta-fel plaatsen.De flessenhouder verschuiven(afhankelijk van het model)U kunt de flessenhouder naar rechts ofnaar links verschuiven. Daardoor zittende flessen goed vast als de deur wordtgeopend en gesloten.De flessenhouder kan helemaalweggenomen worden (bijv.

Koelzone enPerfectFresh-zoneDe koel- en PerfectFresh-zone ontdooi-en automatisch.Terwijl de compressor draait, kunnen errijm en waterpareltjes op de achterzijdevan de koel- en PerfectFresh-zone ont-staan. Die hoeft u niet te verwijderenomdat ze automatisch verdampen doorde warmte van de compressor.Het dooiwater loopt via een gootje eneen afvoerbuis naar eenverdampsysteem aan de achterzijdevan het toestel.Zorg ervoor dat het dooiwater altijdongehinderd kan weglopen. Houmet het oog daarop het gootje en deafvoeropening voor het dooiwaterschoon.Automatisch ontdooien27

Gebruik nooit een reinigingsmiddeldat zand, schuurmiddelen, soda, zu-ren of chloorverbindingen bevat.Gebruik ook geen chemische oplos-middelen.Ook ongeschikt zijn zogenaamdeschuurmiddelen die "vrij zijn vanschuurmiddelen", want die veroorza-ken matte vlekken.Gebruik voor het onderhoud van deroestvrijstalen oppervlakken een ge-schikt onderhoudsmiddel voor roest-vrij staal (dat u bij de TechnischeDienst van Miele kunt aanschaffen).Zorg ervoor dat er geen water in deelektronische besturing of de ver-lichting komt.Er mag geen reinigingswater doorde afvoeropening voor het dooiwaterlopen.Gebruik geen stoomreiniger. Destoom kan terechtkomen op onder-delen van het toestel die onderspanning staan en zo kortsluitingveroorzaken.Het typeplaatje in het toestel magniet worden verwijderd.

De informa-tie op dat plaatje is belangrijk in ge-val van een storing.Vóór het reinigen^Schakel het toestel uit en trek destekker uit het stopcontact.^Haal de gekoelde waren uit het toe-stel en bewaar ze op een koeleplaats.^Neem alle onderdelen die uit het toe-stel genomen kunnenworden, wegom ze te reinigen.^Om de opdienrekken in debinnendeur te reinigen, kunt u deinhangschalen uit de roestvrijstalenframes nemen.Binnenruimte, toebehorenDie reinigt u het best met lauwwarmwater waarin u een beetje afwasmiddeldoet. Was alle onderdelen met de handaf. Het botervlootje is geschikt voor deafwasautomaat.

^Reinig het toestel minstens één keerper maand.^Reinig het gootje en de afvoerope-ning voor het dooiwater regelmatigmet een staafje of iets dergelijks, zo-dat het dooiwater altijd ongehinderdkan weglopen.^Spoel de binnenruimte en het toebe-horen na de reiniging af met schoonwater en wrijf alles droog met eendoek. Laat de deur van het toestelkorte tijd openstaan.^Maak de roestvrijstalen oppervlakkenmet een geschikt reinigingsmiddelvoor roestvrij staal schoon.Reiniging en onderhoud28

^Wrijf de roestvrijstalen oppervlakkenna elke reiniging in met een geschiktonderhoudsmiddel voor roestvrijstaal.Het is belangrijk de roestvrijstalenoppervlakken na elke reiniging meteen onderhoudsmiddel voor roestvrijstaal te behandelen. Dit beschermtde roestvrijstalen oppervlakken enhet voorkomt dat de oppervlakkenweer gauw vuil worden.Openingen voor luchttoevoeren -afvoer ^Reinig alle openingen voor de lucht-toevoer en -afvoer regelmatig meteen borsteltje of een stofzuiger. Wan-neer er zich stof ophoopt, verhoogthet energieverbruik.DeurdichtingBehandel de deurdichting niet metolie of vet.

Anders wordt ze na ver-loop van tijd poreus.Reinig de deurdichting regelmatig uit-sluitend met schoon water en droog zedaarna grondig met een doek.Na het reinigen^Plaats alle onderdelen in het toestel.^Steek de stekker in het stopcontacten schakel het toestel in.^Schakel de functie Superkoeling eentijdje in, zodat het toestel snel koudwordt.^Plaats de levensmiddelen weer in hettoestel en sluit de deur.Reiniging en onderhoud29

Herstellingen aan elektrische toe-stellen mag u enkel en alleen dooreen vakman laten uitvoeren. Doorondeskundig uitgevoerde reparatieskunnen er niet te onderschattenrisico’s ontstaan voor de gebruiker.Wat gedaan als . . .. . . het toestel niet koelt?^Ga na of het toestel ingeschakeld is.De temperatuurindicator moet bran-den. ^Ga na of de stekker van het toestelgoed in het stopcontact zit. ^Controleer of de zekering op uw elek-trische installatie uitgeschakeld is.Als dit het geval is, doet u een be-roep op de Technische Dienst vanMiele.. . . de temperatuur in de koelzone tekoud is?^Stel een hogere temperatuur in.^de functie Superkoel nog ingescha-keld is. Die functie schakelt na 6 uurautomatisch uit.. . .

de inschakelfrequentie eninschakelduur van de compressortoenemen?^Ga na of de luchttoevoeropening on-deraan in de kastsokkel en de lucht-afvoeropening bovenaan in de om-bouwkast afgesloten of verstopt zijn.^De toesteldeur werd vaak geopendof er werden grote hoeveelheden le-vensmiddelen in het toestel geladen.^Ga na of de toesteldeur goed sluit.. . . in de temperatuurindicatorstreepjes knipperen?Controleer de temperatuurindicator ca.6 uur na het inschakelen van het toe-stel. Er wordt slechts een temperatuuraangegeven als de temperatuur in hettoestel binnen het weergeefbare bereikligt. . . . op de temperatuurindicator " "F0 tot " " verschijnt?F5Er zit een storing in het toestel. Doe eenberoep op de Technische Dienst vanMiele.. . . u het toestel niet kunt uitscha-kelen?De vergrendeling is ingeschakeld. . .

. . . de binnenverlichting niet meerwerkt?Was de deur van de koelzone geduren-de lange tijd geopend? De verlichtingschakelt automatisch uit als de deur 15minuten geopend is gebleven.Als de binnenverlichting ook niet werktals de deur maar eventjes open gaat,maar de temperatuurindicator werktwel, dan is de verlichting defect.^Doe een beroep op de TechnischeDienst van Miele.De LED-verlichting mag uitsluitend doorde Technische Dienst gerepareerd envervangen worden - risico van letselsen schade!Er ontstaat gevaar als de afdekkingbeschadigd of verwijderd is doorbeschadiging van het toestel —Opgepast! De verlichting niet meteen optisch instrument (een loep ofiets dergelijks) bekijken!. . .

de bodem van de koelzone natis?De afvoeropening voor het dooiwater zitverstopt.^Reinig het gootje en de opening voorhet dooiwater.Als u de storing niet kunt verhelpenaan de hand van deze aanwijzingen,dient u een beroep te doen op deTechnische Dienst van Miele.Om het koudeverlies zo beperkt mo-gelijk te houden, opent u indien mo-gelijk de deur van het toestel niet totde storing verholpen is.Wat gedaan als . . . ?31

Heel normale geluiden Waar komen ze vandaan? Brrrrr... Gebrom komt van de motor (compressor). Dat kan even wat har-der worden terwijl de motor ingeschakeld wordt. Blubb, blubb.... Geborrel, geklots of gezoem komt van het koelmiddel dat doorde buisjes vloeit. Klik.... U hoort een klik telkens als de thermostaat de motor in- of uit-schakelt. Sssrrrrr.... Bij toestellen met verschillende zones of bij No-Frostmodellenkan u een zacht geruis horen van de luchtstroming in de binnen-ruimte van het toestel.Bedenk echter dat motor- en stromingsgeluiden in de koelingskringloop niet tevermijden zijn!Geluid waaraan u vlot kanverhelpenWaar komt het vandaan en wat kan u ertegendoen?

Geklepper, gerammel, gerinkel Het toestel staat niet waterpas: Stel het toestel waterpas.Schroef de voetjes in of uit het toestel of leg iets onder het toe-stel.Het toestel raakt andere toestellen of meubels aan: Schuif hettoestel van de meubels of andere toestellen weg.Laden, korven of legplaten trillen of knellen: Controleer de uit-neembare onderdelen en zet ze eventueel opnieuw op hunplaats.Flessen of recipiënten raken elkaar: Schuif de flessen of reci-piënten wat uit elkaar.De snoerhouder hangt nog tegen de achterzijde van het toe-stel: Neem de snoerhouder weg.Waar bepaalde geluiden vandaan komen32

Neem in geval van storingen die u zelfniet kan verhelpen, contact op met^uw Miele-handelaarof^de Technische Dienst van Miele.Het adres en de telefoonnummers vanonze Technische Dienst vindt u op derugzijde van deze gebruiksaanwijzing.Wanneer u daar een beroep op doet,geef dan a.u.b. altijd het type- en hetmachinenummer van uw toestel op.Deze gegevens vindt u op het type-plaatje binnen in het toestel.Duur en voorwaarden van degarantieDe duur van de garantie bedraagt2 jaar.Meer informatie over de garantievoor-waarden kan uw bekomen op onze siteof per telefoon bij Miele. Zie keerzijdevan deze gebruiksaanwijzing.Technische Dienst van Miele/garantie33

Dit toestel wordt aansluitklaar geleverd,is dus voorzien van snoer en stekker.Het apparaat is geschikt om te wordenaangesloten op eenfasige stroom220 - 240 V, 50 Hz. Dit toestel mag en-kel op een degelijk geaard stopcontactworden aangesloten.Om de veiligheid te verhogen, verdienthet aanbeveling een verliesstroomscha-kelaar met een uitschakelstroom van30 mA voor het toestel te schakelen.U dient smeltveiligheden van 10 A tevoorzien.Plaats het stopcontact naast of vlakbijhet toestel. Dat dient vlot toegankelijk tezijn.Gebruik geen verlengsnoeren om hettoestel op het stroomnet aan te sluiten.Die waarborgen niet de nodige veilig-heid. Er is risico van oververhitting.Sluit uw toestel niet aan op stroomom-zetters die bij apart werkende stroom-voorziening worden gebruikt, bv. bijzonne-energie.

Bij het inschakelen vanuw toestel kunnen er anders span-ningspieken optreden waardoor hetvoor uw veiligheid wordt uitgeschakeld.Daardoor kan de elektronische bestu-ring echter schade oplopen!Gebruik uw toestel ook niet met zoge-heten .stroomsparende stekkersDaardoor wordt de stroomtoevoer naarhet toestel immers beperkt zodat hettoestel te warm wordt.Dient het aansluitsnoer te wordenvervangen, dan mag dat enkel wordenuitgevoerd door een erkend elektricien.Elektrische aansluiting34

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele K 9457 ID stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden