Microlife BP A100 Plus en T Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Microlife BP A100 Plus en T (121 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Microlife BP A100 Plus en T of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Microlife |
| Categorie: | Bloeddrukmeter |
| Model: | BP A100 Plus en T |
Handleiding Microlife BP A100 Plus en T – volledige tekst
40WeergaveGeachte klant,Uw nieuwe Microlife bloeddrukmonitor is een betrouwbaar medisch instrument voor het nemen van metingen aan de bovenarm. Het is eenvoudig in gebruik, nauwkeurig en uitermate geschikt voor het controleren van uw bloeddruk bij u thuis. Dit instrument is in samenwerking met artsen ontwikkeld en klinische testen hebben aangetoond dat de meetnauwkeurigheid bijzonder goed is.*Lees deze instructies a.u.b. zorgvuldig door zodat u alle functies en veiligheidsinformatie begrijpt. Wij willen dat u over het instrument zeer teveden bent. Mocht u vragen hebben of als er problemen zijn of u wilt reserveonderdelen bestellen, neemt u dan a.u.b. contact op met de Microlife-Klantenservice. Uw dealer of apotheek zullen u het adres van de Microlife dealer in uw land geven.
Natuurlijk kunt u ook een bezoek brengen aan het internet op www.microlife.nl waar u een rijkdom aan waardevolle informatie kunt vinden over onze producten.Blijf gezond – Microlife AG!* Dit instrument gebruikt dezelfde meettechnologie als het prijs toegekende model «BP 3BTO-A» getest volgens het British Hyper-tension Society (BHS) protocol.Lees alvorens deze instrumenten te gebruiken de instructies aandachtig door.Microlife BP A100 Plus NL1ON/OFF knop2Weergave3Insteekkaart4Manchetaansluiting5Hoofdadapteraansluiting6Manchetcompartiment7Batterijcompartiment8Manchet9ManchetconnectorAT M-knop (geheugen)AK MAM SchakelaarAL TijdknopAM Hart Aritmie IndicatorAN PolsfrequentieAO BatterijweergaveAP Opgeslagen waardenAQ Systolische waardeAR Diastolische waardeAS PulsBT Datum /tijdBK MAM ModusBL MAM IntervaltijdBM VerkeerslichtweergaveBN AlarmtijdGeleverd onderdeel type BF
41BP A100 Plus NLInhoudsopgave1. Belangrijke feiten over bloeddruk en het zelf opnemen hiervan•Hoe meet ik mijn bloeddruk. 2. Eerste gebruik van het instrument•Activeren van geplaatste batterijen•Instellen van datum en tijd•Selecteer de juiste manchet•Selecteer de meetmodus: standaard of MAM modus•MAM Modus3. Bloeddruk opnemen met behulp van dit instrument4. Weergave van de hart aritmie indicator voor vroegtijdige detectie5. Verkeerslichtindicatie in de weergave6. Datageheugen•Bekijken van de opgeslagen waarden•Geheugen vol•Wis alle waarden•Het niet opslaan van een uitlezing7. Vervangen van de insteekkaart8. Instellen van de alarmfunctie9. Batterij-indicator en batterijvervanging•Batterijen bijna leeg•Batterijen leeg – vervanging•Welke batterijen en welke werkwijze. •Gebruik van oplaadbare batterijen10. Gebruik van een hoofdadapter11. Foutmeldingen12.
Veiligheid, onderhoud, nauwkeurigheidstest en verwijdering•Veiligheid en bescherming•Instrumentonderhoud•Reinig de manchet•Nauwkeurigheidstest•Verwijdering13. Garantie14. Technische specificatiesGarantiebon (zie achterzijde)1. Belangrijke feiten over bloeddruk en het zelf opnemen hiervan•Bloeddruk is de druk waarmee het bloed door de aderen stroomt veroorzaakt door het pompen van het hart. Twee waarden, de systolische (boven) waarde en de diastolische (onder) waarde worden altijd gemeten. •Het instrument geeft ook de polsfrequentie (het aantal keren dat het hart per minuut slaat) aan. •Constante hoge bloeddruk waarden kunnen nadelig zijn voor uw gezondheid en moeten door uw arts worden behandeld. •Bespreek altijd uw waarden met uw arts en vertel hem/haar wanneer u iets ongebruikelijks heeft opgemerkt of onzeker bent. Vertrouw nooit op een enkel bloeddruk resultaat.
•Maak een notitie van uw resultaten in het bijgevoegde bloed-drukdagboek. Dit geeft uw arts een kort overzicht. •Er zijn verschillende oorzaken voor hoge bloeddrukwaarden.
Uw arts zal deze gedetailleerder met u bespreken en indien nodig een behandeling voorstellen. Naast medicatie, ontspanningsoefeningen, gewichtafname en oefening kunt u uw bloeddruk ook verlagen. •Verander nooit de doseringen van de geneesmiddelen zoals deze zijn voorgeschreven door uw arts. •Afhankelijk van lichamelijke inspanning en conditie, is bloed-druk onderhevig aan brede schommelingen gedurende de dag. U dient daarom de bloeddruk steeds onder dezelfde rustige omstandigheden op te nemen en wanneer u zich ontspannen voelt. Neem minimaal twee metingen per dag, één in de ochtend en één in de avond. •Het is vrij normaal wanneer twee metingen vlak na elkaar genomen opvallend verschillende resultaten opleveren. •Afwijkingen tussen metingen genomen door uw arts of de apotheek en die welke thuis zijn opgenomen zijn vrij normaal, omdat deze situaties volledig verschillend zijn.
•Verschillende metingen geven een veel duidelijker plaatje dan slechts een enkele meting. •Bouw een pauze in van minimaal 15 seconden tussen twee metingen. •Als u in verwachting bent moet u uw bloeddruk zeer nauwkeurig in de gaten houden omdat deze gedurende deze tijd drastisch kan veranderen.
42Hoe meet ik mijn bloeddruk. De hogere waarde is de waarde die de evaluatie beoordeelt. Bijvoorbeeld: een uitgelezen waarde tussen 150/85 of 120/98 mmHg toont «bloeddruk te hoog». De insteekkaart 3 aan de voorzijde van het instrument toont de bereiken 1-6 in de tabel. 2. Eerste gebruik van het instrumentActiveren van geplaatste batterijenTrek de beschermende uitstekende strip uit het batterijenvakje 7. Instellen van datum en tijdSelecteer de juiste manchetMicrolife biedt 3 verschillende manchet grootten: S, M en L. Selec-teer de manchetgrootte die overeenkomt met de omtrek van uw bovenarm (gemeten nauw aangesloten liggend om het midden van de bovenarm). M is de juiste maat voor de meeste mensen. Selecteer de meetmodus: standaard of MAM modusDit instrument laat u kiezen tussen óf standaard (standaard enkel-voudige meting) of modusMAM (automatische drievoudige meting).
Om standaard modus te selecteren, schuift u de MAM schakelaar AK aan de zijkant van het instrument omlaag in stand «1» en om MAM modus te selecteren, schuift u deze schakelaar omhoog in stand «3». MAM Modus•Als u lijdt aan onregelmatige hartslag (aritmie, zie «Para-graaf 4. »), moeten metingen genomen met dit instrument alleen worden beoordeeld in overleg met uw arts. •De polsfrequentie is niet geschikt voor het controleren van de frequentie van hart-pacemakers. Tabel voor het categoriseren van bloeddrukwaarden in overeen-stemming met de World Health Organisation (WHO) in 2003. Data in mmHg. Bereik Systo-lisch Diasto-lisch Adviesbloeddruk te laagz100z60Raadpleeg uw arts1. bloeddruk optimum100 - 120 60 - 80Zelfcontrole2. bloeddruk normaal120 - 130 80 - 85Zelfcontrole3. bloeddruk licht verhoogd130 - 140 85 - 90Raadpleeg uw arts4. bloeddruk te hoog140 - 160 90 - 100Win medisch advies in5.
U kunt het jaar instellen door op de M-knop te drukken AT. Om te bevestigen en vervolgens de maand in te stellen, drukt u op de tijdknop AL. 2. Nu kunt u de maand instellen met de M-knop. Druk op de tijd-knop om te bevestigen en stel dan de dag in. 3. Volg de bovenstaande instructies om dag, uur en minuten in te stellen. 4. Zodra u de minuten heeft ingesteld en de tijdknop indrukt, zijn de datum en tijd ingesteld en wordt de tijd weergegeven. 5. Als u de datum en de tijd wilt veranderen, houdt u de tijdknop ingedrukt gedurende ca. 3 seconden tot het jaarnummer begint te knipperen. Nu kunt u nieuwe waarden invoeren zoals hier-boven beschreven. Manchet grootte voor omtrek van de bovenarmS 17 - 22 cm (6. 75 - 8. 75 inches)M 22 - 32 cm (8. 75 - 12. 5 inches)L 32 - 42 cm (12. 5 - 16. 5 inches))Gebruik alleen Microlife manchetten.
XNeem contact op met Microlife Service, als de bijgesloten manchet 8 niet past. XSluit de manchet aan op het instrument door de manchet connec-tor 9 in de manchetaansluiting zover als het gaat in te steken 4. •In MAM modus, 3 metingen worden automatisch genomen in volgorde en het resultaat wordt dan automatisch geanalyseerd en weergegeven. Omdat de bloeddruk constant schommelt, is een op deze manier bepaald resultaat betrouwbaarder dan een die is verkregen door een enkele meting. •Na het indrukken van de ON/OFF knop 1, verschijnt de gese-lecteerde modus in het MAM display als het MAM-symbool BK.
43BP A100 Plus NL3. Bloeddruk opnemen met behulp van dit instrument4. Weergave van de hart aritmie indicator voor vroegtijdige detectieDit symbool AM geeft aan dat bepaalde polsonregelmatigheden tijdens het meten werden waargenomen. In dit geval kan het resul-taat afwijken van uw normale bloeddruk – herhaal de meting. In de meeste gevallen is dit geen reden voor ongerustheid. Echter, als het symbool regelmatig verschijnt (b. v. een paar keer per week met dagelijkse metingen) raden wij u aan dit aan uw arts te vertellen. Laat uw arts de volgende uitleg zien:•Het gedeelte onderaan rechts in de weergave toont een 1, 2 of 3 om aan te geven welke van de 3 metingen momenteel genomen wordt. •Er is een pauze van 15 seconden tussen de metingen (15 seconden zijn adequaat volgens «Blood Pressure Monitoring, 2001, 6:145-147» voor oscillometrische instrumenten).
Het aftellen toont de resterende tijd en een zoemer zal klinken 5 seconden voordat de 2e en 3e metingen beginnen. •De individuele resultaten worden niet weergegeven. Uw bloeddruk zal alleen worden getoond nadat alle 3 de metingen zijn verricht. •Verwijder de manchet niet tussen de metingen. •Als een van de afzonderlijke metingen twijfelachtig was, dan wordt een vierde automatisch genomen. Controlelijst voor het opnemen van een betrouwbare meting1. Vermijd activiteit, eten of roken direct vlak voor een meting. 2. Ga minimaal 5 minuten voor het opnemen zitten en ontspannen. 3. Meet altijd op dezelfde arm (normaal links). 4. Verwijder nauwsluitende kleding van de bovenarm. Om afklemmen te vermijden, moeten de mouwen niet worden opgerold -wanneer zij vlak liggen hinderen zij de manchet niet. 5.
•Ondersteun uw arm zodat hij ontspannen is. •Garandeer dat de manchet op dezelfde hoogte is als uw hart. 6. Druk op de ON/OFF knop 1 om de meting te starten. 7. De manchet zal nu automatisch oppompen. Ontspan, beweeg niet en span uw armspieren niet totdat het meetre-sultaat wordt getoond. Adem normaal en praat niet. 8. Wanneer de juiste druk is bereikt,stompt het pompen en daalt de druk langzaam. Als de gewenste druk niet werd bereikt, zal het instrument automatisch meer lucht in de manchet pompen. 9. Tijdens het meten knippert het hartsymbool in de weergave en een zoemer weerklinkt AN elke keer met de waarneming van een hartslag. 10. Het resultaat, inclusief de systolische AQ en de diastolische AR bloeddruk en de polsslag AS wordt weergegeven en een langere zoemer wordt gehoord. Neem ook de uitleg op verdere weergaven in dit boekje in acht. 11.
Wanneer een meting voltooid is, verwijder dan de manchet en verpak het in het instrument als getoond in afb. II. 12. Noteer het resultaat in het bijgevoegde bloeddrukpasje en schakel het instrument uit. (De monitor gaat automatisch uit na ongeveer. 1 min. ). )U kunt de meting op elk gewenst moment beëindigen door op de ON/OFF knop te drukken (b. v. wanneer u een onge-makkelijke of een onplezierige druk voelt). )Als bekend is dat de systolische bloeddruk heel hoogis, kan het gunstig zijn de druk individueel in te stellen. Druk op de ON/OFF knop nadat de monitor is opgepompt tot een niveau van ca. 30 mmHg (weergegeven in de display). Houd de knop ingedrukt totdat de druk ca 40 mmHg boven de verwachte waarde – laat dan de knop los.
Informatie voor de arts naar aanleiding van veelvuldige weergave van de aritmie indicatorDit instrument is een oscillometrische bloeddrukmonitor die ook polsfrequentie tijdens het meten analyseert. Het instrument is klinisch getest. Het aritmie symbool wordt weergegven na de meting, als polsonre-gelmatigheden tijdens het meten optreden. Als het symbool vaker verschijnt (b. v.
445. Verkeerslichtindicatie in de weergaveDe balken in de linkerhoek van de verkeerslichtweergave laten u het bereik zien waarbinnen de getoonde bloeddrukwaarde ligtBM. Afhankelijk van de hoogte van de balk ligt de uitleeswaarde of binnen het normale (groene), grensgebied (geel) of gevaren (rode) bereik. De classificatie komt overeen met de 6 bereiken in de tabel zoals gedefinieerd door de WHO, zoals beschreven in «Paragraaf 1. ». Verder verschillen de kleuren op de display volgens de uitlezingen. Als bijvoorbeeld de uitlezingen in het gebied van 1 tot 2 liggen is het lampje op de display groen, in gebied 3 geel en in het gebied 4, 5 en 6 rood. 6. DatageheugenAan het eind van een meting slaat dit instrument automatisch elk resultaat op inclusief datum en tijd. Bekijken van de opgeslagen waardenDruk eventjes op de M-button AT, wanneer het instrument is uitge-schakeld.
De weergave toont eerst «M» AP en dan een waarde, b. v. «M 17». Dit betekent dat er 17 waarden in het geheugen zijn. Het instrument schakelt dan naar het laatst opgeslagen resultaat. Wederom de M-knop indrukken toont de vorige waarde. Herhaal-delijk indrukken van de M-knop laat u heen en weer bewegen van de ene opgeslagen waarde naar de andere. Geheugen volWis alle waardenAls u zeker weet dat u alle waarden permanent wilt verwijderen, dan houdt u de M-knop (het instrument moet van te voren zijn uitgeschakeld) ingedrukt totdat «CL» verschijnt en dan laat u de knop los. Om het geheugen permanent te wissen, drukt u op de M-knop terwijl hij knippert «CL». Individuele waarden kunnen niet worden gewist. Het niet opslaan van een uitlezingDruk op de ON/OFF knop 1 terwijl de uitlezing wordt weerge-geven. Houd de knop ingedrukt totdat «M» AP knippert en laat hem weer los.
Het kan nuttig zijn uw arts de dosering van de geneesmiddelen te laten noteren of een noodtelefoonnummer op de kaart te schrijven. Extra kaarten worden geleverd met het instrument voor dit doeleinde. 8. Instellen van de alarmfunctieDit instrument laat u 2 alarmtijden instellen waarbij een alarmsig-naal geactiveerd zal worden. Dit kan een handig hulpmiddel zijn bijvoorbeeld ter herinnering voor het innemen van uw medicijnen. Let op dat de maximale geheugencapaciteit van 200 niet wordt overschreden. Als het geheugen vol is, worden de oude waarden automatisch overschreven door nieuwe. Om gegevensverlies te voorkomen, moeten waarden worden geëvalueerd door een arts voordat de maximale geheugencapaciteit is bereikt. 1.
Voor het instellen van de alarmtijd,drukt u op de tijdknop AL het instrument moet van tevoren zijn uitgeschakeld)en direct erna de M-knop AT en houdt beide ingedrukt tot het kloksymbool BN links onderaan in de weergave verschijnt. Laat dan beide knoppen los. Het knipperen «1» in de weergave geeft aan dat het eerst alarm nu kan worden ingesteld. 2. Druk op de tijdknop om de uren in te stellen – de urenweergave knippert en het indrukken van M-knop laat u de uren instellen. Druk op de tijdknop ter bevestiging3. Nu knippert de minutenweergave. De minuten kunnen met de M-knop worden ingesteld. ter bevestiging drukt u weer op de tijdknop. 4. Het kloksymbool zal nu knipperen. Gebruik de M-knop om te selecteren of de alarmtijd actief klok) of inactief moet zijn (door-gekruiste klok).
45BP A100 Plus NL9. Batterij-indicator en batterijvervangingBatterijen bijna leegWanneer de batterijen ongeveer ¾ verbruikt zijn zal het batterij-symbool AO knipperen zodra het instrument ingeschakeld is (gedeeltelijk geladen batterij wordt weergegeven). Alhoewel het instrument door zal gaan met betrouwbaar meten moet u vervan-gende batterijen op voorraad houden. Batterijen leeg – vervangingWanneer de batterijen leeg zijn, zal het batterijsymbool AO knip-peren zodra het instrument ingeschakeld is (lege batterij weerge-geven). U kunt niet verder meten en moet de batterijen vervangen. Welke batterijen en welke werkwijze. Gebruik van oplaadbare batterijenU kunt voor dit instrument ook oplaadbare batterijen gebruiken. 10. Gebruik van een hoofdadapterU kunt dit instrument met de Microlife hoofdadapter (DC 6V, 600mA) gebruiken.
Wanneer de hoofdadapter is aangesloten, wordt er geen batterij-stroom gebruikt. 11. FoutmeldingenAls er een foutmelding optreedt, wordt de meting onderbroken en wordt een foutmelding, b. v. «ERR 3», weergegeven. XOm het alarm permanent uit te schakelen als hierboven beschreven te werk gaan, en kies het doorgekruiste kloksym-bool. Dit zal dan van de weergave verdwijnen. XDe alarmtijden moeten opnieuw worden ingevoerd elke keer dat de batterijen vervangen zijn. 1. Maak het batterijenvakje open 7 aan de achterzijde van het instrumentdoor naar binnen te drukken bij de twee pijlen en het dekseltje van het batterijenvakje eruit te trekken. 2. Vervang de batterijen – garandeer de juiste polariteit zoals getoond door de symbolen in het compartiment. 3. Om de datum en de tijd in te stellen de procedure volgen zoals beschreven in «Paragraaf 2. ».
)Het geheugen bevat alle waarden alhoewel datum en tijd (en mogelijk ook ingestelde alarmtijden) gereset moeten worden – het jaartal knippert darom automatisch nadat de batterijen zijn vervangen. )Gebruik a. u. b. 4 nieuwe, long-life 1. 5V, size AA batterijen.
)Gebruik geen batterijen waarvan de uiterste verkoopdatum is verstreken. )Verwijder batterijen als het instrument voor een langere tijd niet gebruikt gaat worden. )Gebruik a. u. b. alleen type «NiMH» oplaadbare batterijen. )De batterijen moeten worden verwijderd en opgeladen, als het batterijsymbool (batterij leeg) verschijnt. Ze moeten niet in het instrument blijven, omdat ze beschadigd kunnen raken (volledige ontlading tengevolge van een minimaal gebruik van het instrument, zelfs wanneer het uitstaat). )Verwijder altijd de oplaadbare batterijen, als u niet van plan bent het instrument voor een week of langer te gebruiken. )De batterijen kunnen NIET worden opgeladen in de bloed-druk monitor. Laad deze batterijen op in een externe oplader en houdt u aan de informatie met betrekking tot het opladen, onderhoud en duurzaamheider.
)Gebruik alleen de hoofd Microlife adapterbeschikbaar als originele accessoire voor uw voedingsspanning,b. v. de Microlife 230V adapter». )Garandeer dat zowel de hoofdadapter als de kabel niet beschadigd zijn. 1. Steek de adapter kabel in de hoofdadapteraansluiting 5 in de bloeddrukmonitor. 2. Steek de adapterstekker in de wandcontactdoos. Fout Beschrijving Mogelijke oorzaak en oplossing«ERR 1» Signaal te zwakDe polssignalen op de manchet zijn te zwak. Plaats de manchet opnieuw en herhaal de meting. *«ERR 2» Foutmelding Tijdens het meten zijn foutmeldingen door de manchet geconstateerd, door bijvoorbeeld een beweging of samen-trekking van een spier. Herhaal de meting terwijl u uw arm stil houdt.
46* Neem a. u. b. contact op met uw arts wanneer dit of enig ander probleem vaker optreedt. 12. Veiligheid, onderhoud, nauwkeurigheidstest en verwijderingVeiligheid en beschermingInstrumentonderhoudReinig het instrument alleen met een zachte droge doek. Reinig de manchetU kunt de bekleding van de manchet op 30°C in de machine wassen (niet strijken. ). NauwkeurigheidstestWij adviseren om dit instrument elke 2 jaar op nauwkeuigheid te laten testen of na mechanische schok (b. v. na een val). Neem a. u. b. contact op met de Microlife-Service afdeling om een test te regelen (zie voorwoord). Verwijdering«ERR 3» Geen druk in de manchet Een adequate druk kan niet in de manchet worden geproduceerd. Er kan een lek zijn opgetreden. Controleer of de manchet goed is aangesloten en niet te los. Vervang de batterijen indien nodig. Herhaal de meting.
«ERR 5» Abnormaal resultaatDe meetsignalen zijn onnauwkeurig en daarom kan geen resultaat worden weergegeven. Lees de controlelijst door voordat u betrouwbare metingen verricht en herhaal dan de metingen. «ERR 6»MAM Modus Er waren teveel fouten tijdens het meten in MAM mode, wat het onmoge-lijk maakt om een betrouwbaar tresul-taat weer te geven. Lees de controlelijst door voordat u betrouwbare metingen verricht en herhaal dan de metingen. «HI» Polsslag of manchetdruk te hoogDe druk in de manchet is te hoog (boven 300 mmHg) OF de polsslag is te hoog (boven 200 slagen per minuut). Ontspan gedurende 5 minuten en herhaal de meting. *«LO» Polsslag te laagDe polsslag is te laag (lager dan 40 slagen per minuut). Herhaal de meting. *)Als u denkt dat de resultaten ongebruikelijk zijn, leest u dan a. u. b. zorgvuldig de informatie in «Paragraaf1. ».
•Dit instrument mag uitsluitend worden gebruikt voor het doel zoals in dit boekje beschreven. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade veroorzaakt door onjuiste toepassing.
•Dit instrument bevat gevoelige componenten en moet met voor-zichtigheid worden behandeld. Neem de bewaar- en bedie-ningscondities beschreven in de «Technische specificaties» paragraaf in acht. Fout Beschrijving Mogelijke oorzaak en oplossing•Bescherm het tegen:−water en vochtigheid−extreme temperaturen−schokken en laten vallen−vervuiling en stof−direct zonlicht−warmte en kou•De manchetten zijn gevoelig en moeten met zorgvuldigheid worden behandeld. •Alleen de manchet oppompen wanneer hij is aangebracht. •Gebruik het instrument niet dicht in de buurt van sterke elektro-magnetische velden zoals mobiele telefoons of radioinstallaties. •Gebruik het instrument niet wanneer u vermoedt dat het beschadigd is of wanneer u iets ongebruikelijks constateert. •Open het instrument nooit. •Wanneer het instrument voor een langere tijd niet gebruikt gaat worden moeten de batterijen worden verwijderd.
•Lees de verdere veiligheidsinstructies in de afzonderlijke para-grafen van dit boekje. Laat kinderen het instrument alleen onder toezicht van een volwassene gebruiken. Kleine onderdelen kunnen worden ingeslikt. WAARSCHUWING: U mag echter nooit het binnenste opblaasbare gedeelte wassen Verwijder altijd het gevoe-lige binnengedeelte uit de manchet voor het wassen en plaats het nadien weer zorgvuldig terug. Batterijen en elektronische instrumenten moeten volgens de plaatselijke regelgeving worden verwijderd, niet bij het huishoudelijke afval.
Technische specificatiesDit apparaat komt overeen met de normen van het Medical Device Directive 93/42/EEC.Technische wijzigingen voorbehouden.•Batterijen, manchet en slijtageonderdelen zijn niet inbegrepen.•Opening van of wijzigingen aan het instrument maken de garantie ongeldig.•De garantie dekt geen schade veroorzaakt door oneigenlijk gebruik, ontladen batterijen, ongelukken of het zich niet houden aan de bedieningsinstructies.Werkingstempe-ratuur:10 - 40 °C / 50 - 104 °F15 - 95 % relatieve maximum vochtigheidBewaartempera-tuur:-20 - +55 °C / -4 - +131 °F15 - 95 % relatieve maximum vochtigheidGewicht: 748 g (inclusief batterijen)Afmetingen: 160 x 140 x 98 mmMeetprocedure: oscillometrisch, volgens de Korotkoff methode: Fase I systolisch Fase V diastolischMeetbereik: 30 - 280 mmHg – bloeddruk40 - 200 slagen per minuut– polsslagManchetdruk weergave bereik: 0 - 299 mmHgResolutie: 1 mmHgStatische nauwkeurigheid: druk binnen ± 3 mmHgPolsslagnauw-keurigheid: ±5 % van de uitleeswaardeSpanningsbron: •4 x 1.5 V Batterijen; size AA•Hoofdadapter DC 6V, 600 mA (optioneel)Verwijzing naar normen:EN 1060-1 /-3 /-4; IEC 60601-1;IEC 60601-1-2 (EMC)
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Microlife BP A100 Plus en T stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Bloeddrukmeter Microlife
Handleiding Bloeddrukmeter
Nieuwste handleidingen voor Bloeddrukmeter