Metabo G 400 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Metabo G 400 (96 pagina’s), behorend tot de categorie Slijpmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Metabo G 400 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/96
www.metabo.com
G 400
GP 400
de Originalbetriebsanleitung 5
en Original instructions11
fr Notice d'utilisation originale16
nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing22
it Istruzioni per l’uso originali28
es Manual original34
pt Manual original40
sv Bruksanvisning i original46
fi Alkuperäinen käyttöopas51
no Originalbruksanvisning 57
da Original brugsanvisning62
pl Instrukcja oryginalna68
el Πρωτότυπεςοδηγίεςλειτουργίας 74
hu Eredeti használati utasítás81
ruБазовоеруководствопо
эксплуатации87

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Metabo
Categorie: Slijpmachine
Model: G 400
Kleur van het product: Black,Green
Gewicht: 1500 g
Snoerlengte: 2.55 m
Stroombron: AC
Input vermogen: 380 W
Uitgangsvermogen: 250 W
Stationair toerental (max): 25000 RPM
Geluidsdrukniveau: 76 dB
Geluidsniveau onzekerheid: 3 dB
Trillingsniveau (slijpen): 12 m/s²
Maximale huls diameter: 6 mm
Spantang diameter: 43 mm
Nominale snelheid: 11700 RPM
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50/60 Hz
Type product: Rechte slijpmachine
Geluidsvermogensniveau: 87 dB

Handleiding Metabo G 400 – volledige tekst

NEDERLANDSnl22Oorspronkelijke gebruiksaanwijzingWij verklaren op eigen en uitsluitende verantwoor-ding: Deze rechte slijpers, geïdentificeerd door type en serienummer *1), voldoen aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij *4) - zie pagina 3. De rechte slijpers zijn bestemd. -. voor het fijnslijpen van metaal met slijpstiften. -. voor fijne doorslijpwerkzaamheden van metaal met kleine doorslijpschijven. -. voor het frezen met schachtfrezen van non-ferro metaal, kunststof, hardhout, etc. -. voor het werken met penseel- en ronde draad-borstels -. voor het werken met elastische polijstschijven -. voor het werken met viltpolijstschijven -. voor het werken met lamellen-schuurwielenNiet bestemd voor het werken met polijsttrommels. Alleen voor droogbewerking. Voor schade door oneigenlijk gebruik is alleen de gebruiker aansprakelijk.

De algemeen erkende veiligheidsvoorschriften en de bijgevoegde veiligheidsvoorschriften dienen te worden nageleefd. Let ter bescherming van uzelf en de machine op de met dit symbool aange-geven passages. WAARSCHUWING – Lees de gebruiksaan-wijzing om het risico van letsel te vermin-deren. WAARSCHUWING Lees alle veiligheids-voorschriften en aanwijzingen. Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen goed met het oog op toekomstig gebruik. Geef uw elektrisch gereedschap alleen met deze documenten aan anderen door. 4.

Neemt u de volgende aanwijzingen niet in acht, dan kan dit leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. b) Gebruik geen accessoires die door de fabrikant niet speciaal voor dit elektrisch gereedschap bestemd en aanbevolen zijn. Wanneer u de accessoires aan uw elektrisch gereedschap kunt bevestigen, garandeert dit nog geen veilig gebruik. c) Het toelaatbare toerental van het inzetgereedschap dient minstens zo hoog te zijn als het maximale toerental dat op het elektrisch gereedschap staat aangegeven. Accessoires die sneller draaien dan toelaatbaar kunnen breken en in het rond vliegen. d) De buitendiameter en de dikte van het inzetgereedschap dienen overeen te komen met de maataanduidingen van uw elektrisch gereedschap. Verkeerd bemeten inzetgereedschap kan niet voldoende worden afgeschermd of gecontroleerd.

e) Slijpschijven, slijpwalsen of andere accessoires dienen exact op de slijpspindel of spantang van uw elektrisch gereedschap te passen. Inzetgereedschap dat niet precies in de opname van het elektrisch gereedschap past, draait ongelijkmatig en trilt zeer sterk, hetgeen kan leiden tot verlies van controle. f) De doorn waarop een schijf, slijpcilinder, snijwerktuig of ander accessoire gemonteerd is, moet volledig in de spantang of spankop worden geplaatst. Het „uitstekende“ resp. vrijliggende deel van de doorn tussen slijpmiddel en spantang of spankop dient minimaal te zijn. Wanneer de doorn niet voldoende wordt gespannen of het slijpmiddel te ver naar voren staat, kan het inzetgereedschap losraken en met hoge snelheid worden uitgeworpen. g) Gebruik geen beschadigd inzetgereedschap.

Controleer inzetgereedschap, zoals slijpschijven, voor het gebruik altijd op afsplinteringen en scheuren, slijpwalsen op scheuren of (sterke) slijtage en draadborstels op losse of gebroken draden. Wanneer het het elektrisch gereedschap of het inzetgereedschap gevallen is, controleer het dan op beschadigingen of gebruik onbeschadigd inzetgereedschap.

Wanneer u het inzetgereedschap heeft gecontroleerd en ingebracht, zorg er dan voor dat u en eventuele andere personen in de buurt buiten bereik van het roterende inzetgereedschap blijven en laat het apparaat een minuut lang draaien op het hoogste toerental. In deze testperiode breekt beschadigd inzetgereedschap meestal. 1. Conformiteitsverklaring 2. Gebruik volgens de voorschriften 3. Algemene veiligheidsvoorschriften 4. Speciale veiligheidsvoorschriften.

NEDERLANDS nl23h) Draag een persoonlijke veiligheidsuitrusting. Draag afhankelijk van de toepassing volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of een veiligheidsbril. Zo nodig draagt u een stofmasker, gehoorbescherming, veiligheidshandschoenen of een speciaal schort, die u bescherming bieden tegen kleine slijp- en materiaaldeeltjes. Uw ogen dienen tegen rondvliegende vreemde voorwerpen, die bij verschillende toepassingen ontstaan, beschermd te worden. Stof- of zuurstofmaskers dienen het stof dat bij de toepassing ontstaat te filteren. Wanneer u lang aan hard geluid wordt blootgesteld, kan uw gehoor beschadigd raken. i) Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand van uw werkgebied bevinden. Iedereen die het werkgebied betreedt, dient een persoonlijke veiligheidsbescherming te dragen.

Gebroken inzetgereedschap of brokstukken van het werkstuk kunnen wegvliegen en letsel buiten het directe werkgebied veroorzaken. j) Houd het apparaat alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen of het eigen netsnoer kan raken. Door contact met een spanningvoerende geleider kunnen ook metalen apparaatonderdelen onder spanning worden gezet zetten en een elektrische schok teweeg worden gebracht. k) Houd het elektrisch gereedschap bij het starten steeds goed vast. Tijdens het aanlopen naar het volledige toerental kan het elektrisch gereedschap door het reactiemoment van de motor verdraaien. l) Gebruik, indien mogelijk, de schroefklemmen om het werkstuk te bevestigen. Werk nooit met een klein werkstuk in de ene hand en het elektrisch gereedschap in de andere.

Door het vastspannen van kleine werkstukken heeft u beide handen vrij voor een betere controle van het elektrisch gereedschap. Bij het doorslijpen van ronde werkstukken, zoals houten deuvels, staven of buizen, rollen deze gemakkelijk weg, waardoor het inzetgereedschap beklemd kan raken en naar u toe kan worden geslingerd.

m) Houd de aansluitkabel uit de buurt van draaiend inzetgereedschap. Wanneer u de controle over het apparaat verliest, kan het netsnoer worden doorgesneden of gegrepen en kan uw hand of uw arm in het draaiende inzetgereedschap komen. n) Leg het het elektrisch gereedschap nooit weg voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het steunvlak, waardoor u mogelijk de controle over het elektrisch gereedschap verliest. o) Draai na het wisselen van inzetgereedschap of het wijzigen van instellingen aan het apparaat de spantangmoer, de spankop of andere bevestigingselementen goed vast. Losse bevestigingselementen kunnen onverwacht van plaats veranderen en tot verlies van controle leiden; niet-bevestigde, draaiende componenten worden met geweld naar buiten geslingerd.

p) Laat het elektrisch gereedschap niet draaien terwijl u het draagt. Door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap kan uw kleding worden gegrepen en kan het inzetgereedschap zich in uw lichaam boren. q) Reinig regelmatig de ventilatiegleuven van uw elektrisch gereedschap. De motorventilator trekt stof in de behuizing, en een sterke opeenhoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken. r) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in de buurt van brandbaar materiaal. Door vonken kunnen deze materialen vlam vatten. s) Gebruik geen inzetgereedschap waarvoor een vloeibaar koelmiddel nodig is. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmedia kan leiden tot een elektrische schok. 4.

2 Veiligheidsinstructies met het oog op terugslagen en andere gevaarlijke situatiesEen terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van draaiend inzetgereedschap - zoals een slijpschijf, slijpband of draadborstel - dat blijft haken of blokkeert. Indien het draaiende inzetgereedschap blokkeert of blijft haken, komt het onmiddellijk tot stilstand.

Hierdoor wordt ongecontroleerd elektrisch gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereedschap in op de plaats van de blokkering versneld. Wanneer er bijv. een slijpschijf in het werkstuk blijft haken of blokkeert, kan de rand van de slijpschijf, die invalt in het werkstuk, vastraken, met het uitbreken van de slijpschijf of een terugslag als mogelijk gevolg. De slijpschijf beweegt zich dan naar of vanaf de bediener, afhankelijk van de draairichting van de schijf bij de plaats van de blokkering. Hierbij kunnen schuurschijven ook breken. Een terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik van het elektrisch gereedschap. Deze kan worden verhinderd door passende veiligheidsmaatregelen te nemen, zoals hieronder beschreven. a) Houd het het elektrisch gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in zo'n positie dat u de terugslagkrachten kunt opvangen.

De gebruiker kan door geschikte veiligheidsmaatregelen te nemen de terugslag- en reactiemomenten beheersen. b) Werk bijzonder voorzichtig bij hoeken, scherpe randen, enz. Zorg ervoor dat het inzetgereedschap niet van het werkstuk terugspringt en beklemd raakt. Het roterende inzetgereedschap heeft de neiging om bij hoeken, scherpe randen of ingeval het terugspringt beklemd te raken. Dit leidt tot verlies van controle of een terugslag. c) Gebruik geen getand zaagblad. Dit inzetgereedschap leidt vaak tot een terugslag of.

NEDERLANDSnl24verlies van controle over het elektrisch gereedschap. d) Geleid het inzetgereedschap altijd in dezelfde richting in het materiaal als waarin het snijgereedschap het materiaal verlaat (komt overeen met dezelfde richting waarin de spanen worden uitgeworpen). Wordt het elektrisch gereedschap in de verkeerde richting geleid, dan kan de snijkant van het inzetgereedschap uit het werkstuk breken, waardoor het elektrisch gereedschap in deze aanzetrichting wordt getrokken. e) Span het werkstuk altijd goed vast bij gebruik van draaivijlen, doorslijpschijven, hogesnelheids- of hardmetalen freesgereedschappen. Wanneer dit soort inzetgereedschap maar enigszins schuin in de groef komt te staan, blijft het haken en kan er een terugslag plaatsvinden. Wanneer een doorslijpschijf blijft haken, breekt deze gewoonlijk.

Blijven draaivijlen, hogesnelheids- of hardmetalen freesgereedschappen haken, dan kan het inzetgereedschap uit de groef springen, hetgeen tot verlies van controle over het elektrisch gereedschap kan leiden. 4. 3 Speciale veiligheidsinstructies voor het schuren en doorslijpen:a) Gebruik uitsluitend slijpmiddelen die voor uw elektrisch gereedschap zijn goedgekeurd en gebruik het alleen voor de aanbevolen toepassingsmogelijkheden. Bijvoorbeeld: Slijp nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor de materiaalafname met de rand van de schijf. Door zijwaartse krachtinwerking op deze schuurmiddelen kan de schijf breken. b) Gebruik voor conische en rechte slijpstiften met schroefdraad alleen onbeschadigde doornen van de juiste grootte en lengte, zonder achtersnijding aan de kraag. Geschikte doornen verminderen de mogelijkheid tot breuk.

c) Voorkom een te hoge aandrukkracht of een blokkering van de slijpschijf. Voer geen overmatig diepe snedes uit. Bij een overbelasting van de doorslijpschijf wordt ook de neiging tot schuin wegdraaien of blokkeren en daarmee de kans op een terugslag of breuk van het schuurmiddel verhoogd.

d) Mijd met uw hand het gebied voor en achter de roterende doorslijpschijf. Wanneer u de doorslijpschijf in het werkstuk van u af beweegt, kan ingeval van een terugslag het elektrisch gereedschap met de draaiende schijf direct naar u toe worden geslingerd. e) Indien de doorslijpschijf beklemd raakt of u het werk onderbreekt, schakel het apparaat dan uit en houd het rustig vast totdat de schijf tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende doorslijpschijf uit de snede te trekken, dit kan een terugslag veroorzaken. Stel de oorzaak van het beklemd raken vast en hef deze op. f) Schakel het elektrisch gereedschap nooit opnieuw in zolang het zich in het werkstuk bevindt. Laat de doorslijpschijf eerst het volle toerental bereiken voordat u voorzichtig verder gaat met de snede. Anders kan de schijf blijven haken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken.

g) Zorg voor een ondersteuning van platen of grote werkstukken om het risico van een terugslag als gevolg van een ingeklemde doorslijpschijf te verminderen. Grote werkstukken kunnen doorbuigen onder hun eigen gewicht. Het werkstuk dient aan beide kanten van de schijf, en zowel bij de doorslijpsnede als aan de rand, ondersteund te worden. h) U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij invalsnedes in bestaande wanden of andere gebieden waarvan u niet weet wat zich daarin bevindt. De invallende doorslijpschijf kan bij het snijden in gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag veroorzaken. 4. 4 Speciale veiligheidsinstructies voor het werken met draadborstels: a) Let erop dat de draadborstels ook tijdens het gewone gebruik draadstukken verliest. Overbelast de draden niet door een te hoge aandrukkracht.

Wegvliegende draadstukken kunnen heel gemakkelijk door dunne kleding en/of de huid heen dringen. b) Laat borstels voor gebruik minstens een minuut op werksnelheid draaien. Let erop dat er gedurende deze tijd geen andere persoon voor of in de lijn van de borstel staat.

Tijdens de inlooptijd kunnen losse draadstukken wegvliegen. c) Richt de roterende draadborstel van u af. Bij het werken met deze borstels kunnen kleine deeltjes en miniscule draadstukken met hoge snelheid wegvliegen en de huid doordringen. 4. 5 Overige veiligheidsvoorschriften:WAARSCHUWING – Draag altijd een veilig-heidsbril. Maak gebruik van elastische tussenlagen wanneer deze bij het slijpmateriaal ter beschikking gesteld en vereist zijn. Neem de opgaven van de fabrikant van het gereed-schap of de accessoires in acht. Zorg ervoor dat de schijven beschermd zijn tegen vet en stoten. Slijpmateriaal dient zorgvuldig, volgens de aanwij-zingen van de fabrikant, te worden bewaard en gebruikt. Doorslijpschijven mogen nooit worden gebruikt voor het voorslijpen. Doorslijpschijven mogen niet onderhevig zijn aan zijwaartse druk.

Het werkstuk dient stevig te liggen en beveiligd te zijn tegen wegglijden, bijv. met behulp van spanin-richtingen. Grote werkstukken dienen voldoende te worden ondersteund. Pak de draaiende onderdelen van de machine niet vast. Verwijder spanen en dergelijke uitsluitend bij een uitgeschakelde en stilstaande machine.

NEDERLANDS nl25Zorg ervoor dat het slijpmiddel voor gebruik correct aangebracht en bevestigd wordt, en laat het gereedschap 60 seconden onbelast in een veilige omgeving lopen en onmiddellijk stoppen, wanneer aanzienlijke trillingen optreden of wanneer andere gebreken vastgesteld worden. Wanneer deze toestand zich voordoet, controleer de machine dan om de oorzaak vast te stellen. Zorg ervoor dat vonken die tijdens het gebruik ontstaan geen gevaar veroorzaken, bijv. de gebruiker of andere personen raken of ontvlambare substanties laten ontsteken. Gevarenzones dienen met moeilijk ontvlambare dekens afgedekt te worden. Houd in zones met brandgevaar een geschikt blusmiddel bij de hand. Zorg er bij het werken onder stoffige omstandig-heden voor dat de ventilatieopeningen vrij zijn.

Mocht het nodig zijn om het stof te verwijderen, ontkoppel dan eerst het elektrisch gereedschap van het elektriciteitsnet (gebruik niet-metalen voor-werpen) en voorkom beschadiging van inwendige delen. Beschadigd, niet-rond resp. vibrerend gereed-schap mag niet worden gebruikt. Werk uit veiligheidsoverwegingen altijd met een gemonteerd rubbermanchet (4). Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat instelt, ombouwt, reinigt of er onderhoud aan pleegt. Bij de bewerking, met name van metaal, kan zich geleidende stof in de machine afzetten. Hierdoor kan elektrische energie overgaan op de machinebehuizing. Dit kan tijdelijk het risico van een elektrische schok met zich meebrengen. Daarom is het noodzakelijk om de lopende machine zeer regelmatig en grondig door de achterste ventilatiesleuven uit te blazen met perslucht. Hierbij dient de machine stevig te worden vastgehouden.

Het wordt aanbevolen om gebruik te maken van een stationaire afzuiginrichting en een aardlekschakelaar (FI) voor te schakelen. Wanneer de machine door de FI-veiligheidsschakelaar wordt uitgeschakeld, dient hij gecontroleerd en gereinigd te worden. Motorreiniging zie hoofdstuk8. Reiniging.

De stofbelasting verminderen:Stofdeeltjes die tijdens het werken met deze machine ontstaan, kunnen stoffen bevatten die kanker, allergische reacties, aandoeningen aan de luchtwegen, aangeboren afwijkingen of andere voortplantingsproblemen kunnen veroorzaken. Enkele voorbeelden van dergelijke stoffen zijn: Lood (in loodhoudende verf), mineraal stof (uit bakstenen, beton e. d. ), additieven voor de behandeling van hout (chromaat, houtverduurzamingsmiddelen), enkele houtsoorten (zoals eiken- of beukenstof), metalen, asbest. Het risico is afhankelijk van het feit hoe lang de gebruiker of in de buurt aanwezige personen aan de stofbelasting worden blootgesteld. Deze stofdeeltjes mogen niet in het lichaam terechtkomen. Om de belasting met deze stoffen te verminderen: Zorg voor een goede ventilatie van de werkplek en draag een geschikte veiligheidsbescherming, zoals bijv.

ademmaskers die in staat zijn om de microscopische kleine stofdeeltjes uit de lucht te filteren. Neem de voor uw materiaal, personeel, toepassingsgeval en locatie geldende richtlijnen in acht (bijv. arbeidsveiligheidsbepalingen, afvalbehandeling). Verzamel de ontstane stofdeeltjes op de plaats waar deze ontstaan, voorkom dat deze neerslaan in de omgeving. Gebruik voor speciale werkzaamheden geschikte accessoiores (zie hoofdstuk 10. ) Daardoor komen slechts weinig deeltjes ongecontroleerd in de omgeving. Gebruik een geschikte stofafzuiging. Verminder de stofbelasting door: - de vrijkomende stofdeeltjes en de af te voeren luchtstroom van de machine niet op de gebruiker zelf of in de buurt aanwezige personen of op neergeslagen stof te richten, - een afzuiginstallatie en/of een luchtfilter te plaatsen, - de werkplek goed te ventileren en door te stofzuigen schoon te houden.

1 Spantang 2 Spantangmoer3 Spindel4 Rubbermanchet *5 Schakelschuif * 6 Hoofdhandgreep 7 Inschakelblokkering * 8 Drukschakelaar **afhankelijk van de uitvoeringControleer alvorens het apparaat in gebruik te nemen of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en netfrequentie overeenkomen met de gegevens van het elektriciteitsnet. Schakel altijd een lekstroomschakelaar (RCD) met een max. schakelstroomsterkte van 30 mA voor de machine. 7. 1 SpantangenDe schachtdiameter van het gereedschap moet exact overeenkomen met het span-boorgat van de spantang (1). Er bestaan spantangen voor verschillende schacht-diameters. Zie het hoofdstuk Accessoires. 5. Overzicht 6. Ingebruikneming 7. Gebruik.

NEDERLANDSnl26 7. 2 Inzetten van het gereedschapHaal de stekker uit het stopcontact. Gebruik alleen gereedschap dat geschikt is voor het onbelast toerental van uw machine. Zie de technische gegevens. De schachtdiameter van het gereedschap moet exact overeenkomen met het span-boorgat van de spantang (1). Bij slijpstiften of doornen mag de door de fabri-kant aangegeven maximaal toelaatbare open schachtlengte l0 resp. maximaal toelaatbare lengte niet worden overschreden. De maximaal toegestane schachtlengte is de som van l0 en de maximale insteekdiepte Lmax (zie hoofdstuk 12. )Het gereedschap met de gehele lengte van de schacht in de spantang (1) inbrengen. De spindel (3) vasthouden met de meegeleverde 13-mm-steeksleutel. De spantangmoer (2) vasttrekken met de 19-mm-steeksleutel.

Wanneer er geen gereedschap in de span-tang is geplaatst, deze niet met de sleutel aantrekken maar met de hand vastschroeven. 7. 3 Het gereedschap eruit halenDe spindel (3) met de meegeleverde 13 mm-steeksleutel vasthouden. De spantangmoer (2) met de 19 mm-steeksleutel los draaien. Gereedschap verwijderen. 7. 4 In-/uitschakelenDe machine altijd met beide handen geleiden. Eerst inschakelen, dan het inzetgereedschap naar het werkstuk brengen. Voorkom onverhoeds aanlopen: De machine altijd uitschakelen wanneer de stekker uit het stopcontact wordt gehaald of wanneer zich een stroomonderbreking heeft voorgedaan. Bij de continu-inschakeling loopt de machine verder wanneer hij uit de hand wordt getrokken. Houd de machine daarom altijd met beide handen vast aan de hiervoor bestemde hand-grepen (4), (6), zorg ervoor dat u stevig staat en werk geconcentreerd.

)Inschakelen: inschakelblokkering (7) in de richting van de pijl schuiven en de drukschakelaar (8) indrukken. Uitschakelen: drukschakelaar (8) loslaten. 7. 5 Tips voor het werkSlijpen, schuren, werken met draadborstels, polijsten: Machine matig aandrukken en heen en weer bewegen over het oppervlak. Frezen: De machine matig aandrukkenDoorslijpen:Bij het doorslijpen altijd in tegenge-stelde richting (zie afbeelding) werken. Anders bestaat het gevaar dat de machine ongecontroleerd uit de snede springt. Werk met een matige, aan het materiaal aangepaste voorwaartse bewe-ging. Niet schuin wegdraaien, niet drukken, niet trillen. 8. 1 Reiniging van de motorDe machine zeer regelmatig en grondig via de achterste ventilatiesleuven uitblazen met perslucht. Hierbij dient de machine stevig te worden vastge-houden. Gebruik uitsluitend originele Metabo toebehoren.

Gebruik alleen toebehoren die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken. Toebehoren stevig aanbrengen. Wordt de machine in een houder gebruikt: De machine goed beves-tigen. Verlies van controle kan tot letsel leiden. A Spantangen (inclusief moeren)Ø 3 mm = 6. 31947Ø 1/8“ = 6. 31948Ø 6 mm = 6. 31945lo 8. Reiniging 9. Toebehoren0 I 50I 55555666665 6.

NEDERLANDS nl27Ø 1/4“ = 6. 31949Ø 8 mm = 6. 31946 B Spanraam 6. 28329 voor het inspannen bij het werken met flexibele assen, hiervoor: C Spanbeugels 6. 27107 voor een stevige bevesti-ging op de werktafel (spanschroef aantrekken). D Slijpstiften voor nauwkeurige slijpwerkzaamheden aan metaal. E Kleine doorslijpschijven voor nauwkeurige slijpwerkzaamheden aan metaal. Compleet toebehorenprogramma, zie www. metabo. com of de catalogus. Reparaties aan elektrisch gereedschap mogen uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd. Neem voor elektrisch gereedschap van Metabo dat gerepareerd dient te worden contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www. metabo. com. Onderdeellijsten kunt u downloaden via www. metabo. com.

Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijke verwijdering en voor de recycling van afgedankte machines, verpakkingen en toebe-horen. Alleen voor EU-landen: Geef uw elektrisch gereedschap nooit met het huisvuil mee. Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de verta-ling hiervanin de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd. Toelichting bij de gegevens op pagina 3. Wijzi-gingen in verband met technische ontwikkelingen voorbehouden.

n = onbelast toerental (hoogste toerental)n1= toerental onder belastingP1=nominaal vermogenP2=afgegeven vermogenDmax =maximale slijpschijfdiameterTmax =maximale dikte van gebonden slijp-schijven d =spanboorgat van de spantang m = gewicht zonder netsnoerLmax =maximale insteekdiepteMeetgegevens volgens de norm EN 60745. Machine van beveiligingsklasse II ~ WisselstroomDe vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de toepasselijke norm). EmissiewaardenDeze waarden maken een beoordeling van de emissie van het elektrisch gereedschap en een vergelijking van de verschillende elektrische gereedschappen mogelijk.

Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het elektrisch gereed-schap of het inzetgereedschap kan de daadwerke-lijke belasting hoger of lager uitvallen. Houd bij de beoordeling rekening met pauzes en fases met een lagere belasting. Bepaal op basis van de overeen-komstig aangepaste taxatiewaarden de maatre-gelen ter bescherming van de gebruiker, bijv. orga-nisatorische maatregelen. Totale trillingswaarde (vectorsom van drie richtingen) bepaald volgens EN 60745:ah, SG = trillingsemissiewaardeKh,SG = onzekerheid (trilling)U M = onbalansKarakteristiek A-gekwalificeerd geluidsniveau:LpA = geluidsdrukniveauLWA = geluidsvermogensniveauKpA, KWA = onzekerheidTijdens het werken kan het geluidsniveau de 80 dB(A) overschrijden. Draag gehoorbescherming. 10. Reparatie 11. Milieubescherming 12. Technische gegevens.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Metabo G 400 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden