Marynen cmf 616 Handleiding


Pagina's 31 Nederlands Wasmachine

Bekijk de handleiding van Marynen cmf 616 gratis online of download de PDF. 36 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

WASAUTOMAAT
CMF 616
GEBRUIKSAANWIJZING
132984990

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Marynen
Categorie: Wasmachine
Model: cmf 616

Handleiding Marynen cmf 616 – volledige tekst

Inhoud2Aanwijzingen m. b. t. de veiligheid 3-4Afvalverwerking 4Milieutips 4Technische gegevens 5Installatie 6●Transportbeveiliging 6●Plaatsen 6●Montage op een voetstuk 7●Watertoevoer 7●Waterafvoer 8●Elektrische aansluiting 8Uw nieuwe wasautomaat 9●Beschrijving van de machine 9●Controlelampje deurvergrendeling 9●Wasmiddellade 9Gebruik 10●Bedieningspaneel 10●Beschrijving van de bedieningselementen 10-11●Adviezen en tips voor het wassen 12Was niet te lang opsparen 12Sorteren 12Temperaturen 12Hoeveel wasgoed in de trommel. 12Vóór u het wasgoed in de trommel doet 13Welke wasmiddelen gebruiken.

13Traditionele poeder-wasmiddelen 14Vloeibare wasmiddelen 14Geconcentreerde poeder-wasmiddelen 14Wasverzachter 14Waterontharder 14●Een was doen 15-16Internationale behandelingsetiketten 17Programmatabel 18-19Onderhoud 20●De buitenkant 20●De deur 20●De wasmiddellade 20●Het toevoerfilter 20●De afvoerpomp 20●Waterafvoer in noodgevallen 21●Voorzorgsmaatregelen bij vorst 21Eenvoudige storingen 22-23Klantenservice 24Garantievoorwaarden 24-26Enkele paragrafen in deze gebruiksaanwijzing zijn voorzien van symbolen die de volgende betekenishebben:Met de waarschuwingsdriehoek geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid ofvoor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen. Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m. b. t. bediening en praktisch gebruik van hetapparaat. Dit symbool staat voor tips en aanwijzingen m. b. t.

economisch en milieuvriendelijk gebruik vanhet apparaat. Onze bijdrage aan het beschermen van het milieu: wij maken gebruik van kringlooppapier. Geachte klant,Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door. Lees vooral de aanwijzingen m. b. t. de veiligheid op de eerste pagina’s van deze gebruiksaanwijzing. Bewaarde gebruiksaanwijzing goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef hem door aan een eventuele volgendeeigenaar van het apparaat.

3Aanwijzingen m. b. t. de veiligheidInstallatie●Alle delen die tot de transportbeveiliging behorenmoeten beslist zijn verwijderd, alvorens hetapparaat in gebruik te nemen. Ernstige schadeaan het apparaat of andere zaken kan het gevolgzijn van het niet of niet geheel verwijderen van detransportbeveiliging. ●Een eventueel noodzakelijke wijziging aan deelektrische huisinstallatie ten behoeve van deinstallatie van dit apparaat, mag uitsluitend dooreen daartoe bevoegd persoon uitgevoerdworden. ●Een eventueel noodzakelijke wijziging van dewatertoe- en/of afvoervoorzieningen ten behoevevan de installatie van dit apparaat mag uitsluitenddoor een daartoe bevoegd persoon uitgevoerdworden. ●Overtuig u ervan dat het apparaat na deinstallatie of het verplaatsen niet op hetaansluitsnoer staat. Gebruik●Was geen artikelen in de wasautomaat die hierniet voor geschikt zijn.

Raadpleeg hettextielonderhoudsetiket. ●Overlaad het apparaat niet. Raadpleeg debetreffende adviezen in de gebruiksaanwijzing. ●Met vluchtige stoffen, zoals spiritus, benzine,terpentine en dergelijke, gereinigde artikelenmogen niet in de wasautomaat. Indien zulkereinigingsmiddelen gebruikt werden om voortijdsvlekken te verwijderen, dan moet met het wassenin de wasautomaat gewacht worden tot hetartikel volledig uitgedampt is. ●Was kleine artikelen, zoals babysokjes, ceintuursen dergelijke in een sloop. Zulke kleine artikelenkunnen tussen de trommel en de kuip slippen. ●Overtuig u ervan dat, vóór u een kledingstuk in dewasautomaat doet, de borst- en broekzakkenleeg zijn, ritssluitingen zijn gesloten en eventueelloshangende knopen verwijderd of eerstaangenaaid zijn. Was geen rafelig of gescheurdgoed; herstel het voortijds. Verwijder voortijdsverf-, inkt-, roest- en grasvlekken.

●Objecten zoals flippo’s, munten, veiligheids-spelden, naalden, spijkers, schroeven en andereharde of scherpe materialen behoren niet in dewasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schadeveroorzaken. ●Wees voorzichtig met wasverzachter. Een tegrote dosering kan schade aan het wasgoedtoebrengen. Raadpleeg de instructies van defabrikant van de wasverzachter. ●Kijk, vóór u de vuldeur (voorlader) opent, altijdeerst of het water weggepompt is. Indien dat niethet geval is, laat de machine dan eerst het waterafpompen. Raadpleeg in twijfelgeval degebruiksaanwijzing. ●Laat de vuldeur (voorlader) op een kier staanindien het apparaat niet gebruikt wordt. Dat isbeter voor de rubbermanchet en u voorkomt hetontstaan van een muffe lucht.

●Schakel na het gebruik altijd de stroomtoevoer uitdoor, afhankelijk van de wijze van installatie, destekker uit het stopcontact te nemen of debadkamertrekschakelaar op de UlT-stand teschakelen. Draai na het gebruik altijd dewatertoevoerkraan dicht. Algemene veiligheid●Tracht, in geval van een storing of defect, ditapparaat niet zelf te repareren. Reparaties diedoor niet-deskundige personen uitgevoerdworden, kunnen tot schade of letsel leiden. Raadpleeg ELECTROLUX Service. ●Netsnoer nooit aan het snoer uit het stopcontacttrekken, maar aan de stekker. Veiligheid van kinderen●Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan doorondeskundige omgang met elektrischeapparaten. Zorg daarom voor het nodige toezichtals de machine aanstaat en laat kinderen niet metde machine spelen - ze zouden zichzelf of anderekinderen in de machine kunnen opsluiten.

●Houd de verpakking uit de buurt van kinderen;vooral folie en styropor kunnen gevarenopleveren. Verstikkingsgevaar. Deze aanwijzingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben,alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.

4Milieutips●Normaal verontreinigd wasgoed hoeft u niet voorte wassen. Zo bespaart u wasmiddel, water entijd (en u ontziet het milieu).●De wasautomaat werkt het zuinigst met een volletrommel.●Door een geschikte voorbehandeling kunnenvlekken en lichte verontreinigingen verwijderdworden. Dan kunt u op een lagere temperatuurwassen.●Doseer het wasmiddel altijd volgens deaanwijzingen van de wasmiddelfabrikant.VerpakkingsmateriaalAlle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen zonder gevaar bij het afvalworden gezet.De kunststoffen kunnen hergebruikt worden enhebben de volgende aanduidingen:>PEPSPP

6InstallatieTransportbeveiligingWij adviseren u de verwijderde delen te bewaren; ingeval van verhuizing moeten ze wederomaangebracht worden. U gaat als volgt te werk:1. Schroef met een sleutel de twee ondersteschroeven aan de achterkant van de machine los. 2. Verwijder de twee afstandshulzen. 3. Leg de machine voorzichtig op z’n achterkant;zodanig dat de slangen niet kunnen beschadigen. 4. Verwijder het polystyrene vulblok uit de onderkantvan de machine en maak de 2 plastic zakken aande voorkant van het apparaat los. 5. Trek de linker plastic zak voorzichtig naar rechtsen dan naar beneden om hem te verwijderen. 6. Trek de rechter plastic zak voorzichtig naar linksen dan naar boven om hem te verwijderen. P1127P1126P1124231P0018P0001P1129Het is beslist noodzakelijk dat u detransportbeveiligingen verwijdert voor u demachine in gebruik neemt. 7.

Zet de machine rechtop en verwijder de bovensteschroef uit de achterwand. Verwijder debetreffende huls. 8. Dicht de gaten af met de doppen die bij degebruiksaanwijzing verpakt zijn. PlaatsenPlaats de machine op een vlakke, harde vloer. Laateen houten vloer met een 5 cm dikke hardhoutenplaat versterken, over ten minste twee draagbalken. De verstevigingsplaat moet aan alle kanten enkelecentimeters buiten de machine steken. Indien de machine op een bovenverdieping geplaatstwordt, neem dan zodanige maatregelen dat bij eeneventuele lekkage het water niet naar de verdiepingeronder kan lekken. Raadpleeg uw leverancier/installateur. Zorg ervoor dat de machine niet tegen de muur ofandere keukenmeubels kan leunen. Wij gaan er van uit dat de waterkraan, deafvoermogelijkheid en de elektriciteitsvoorzieningzich binnen het bereik van de machineslangen enhet aansluitsnoer bevinden.

Als dat niet zo is, danadviseren wij u uw installateur de kraan en/of deafvoer en/of het stopcontact te laten verplaatsen. Stel de machine waterpas op. Dat doet u doormiddel van het in- of uitdraaien van de verstelbarevoetjes.

7Montage op een voetstuk Afmetingen:hoogte: 30 cm.breedte: 60 cm.diepte: 60 cmDeze machine kan worden geïnstalleerd op eenstalen voetstuk met lade zodat u hem makkelijkerkunt vullen en leeghalen.Informeer bij uw vakhandelaar naar het geschiktevoetstuk.WatertoevoerDraai de wartel van de meegeleverde toevoerslangstevig op de 3/4" schroefdraad van de kraan.Gebruik alleen nieuwe slangen voor dewatertoevoer.Het andere eind van de toevoerslang, aan demachinekant, kan naar alle richtingen wordenverdraaid. Wartel iets losdraaien, haakse bochtverdraaien en wartel weer stevig vastdraaien.De toevoerslang mag niet verlengd worden.

Mochtde slang te kort zijn en wilt u de kraan niet latenverplaatsen, koop dan een langere, complete,hogedrukslang welke speciaal voor dit doel gemaaktis.P0021P0351P1216Als de aansluiting op nieuwe leidingen of opleidingen, die lange tijd niet zijn gebruikt, wordtgemaakt, is het raadzaam het water enige tijd telaten lopen alvorens de wasmaschine aan te sluiten.Hierdoor wordt voorkomen, dat zand, roest e.d. hetfilter in de toevoerslang verstoppen.Waterstop-systeemDe watertoevoerslang is met een «waterstop-systeem» uitgerust. Zou, door natuurlijkeveroudering, de binnenslang lek raken, dan blokkeerthet systeem de watertoevoer.Het optreden van deze storing kunt u zien aan eenrode sektor in de venstertjes «A» (links en rechts).Sluit de waterkraan en vervang de slang in z’ngeheel tegen een nieuwe.P1045A

8WaterafvoerDe bocht, aan het eind van de afvoerslang, kunt u opdrie manieren plaatsen:Over de rand van een wasbak. U moet er dan voorzorgen dat de bocht niet, door het snel uitstromende water, van de rand kan schieten. Bijvoorbeeld door de bocht met een touwtje aan dekraan of aan een haak in de muur op te hangen. In een aftakking van de wasbakafvoer. Dieaftakking moet boven de sifon (stankafsluiter) zittenen zodanig dat de bocht van de slang zich op tenminste 60 cm van de vloer bevindt. In een afvoerpijp. Wij adviseren een standpijp van65 cm hoogte; in ieder geval niet lager dan 60 cm enniet hoger dan 90 cm. Het eind van de afvoerslang moet altijd belucht zijn,dat wil zeggen dat de binnendiameter van de pijpgroter moet zijn dan de buitendiameter van hetslangeind. U mag de afvoerslang verlengen tot een maximaletotale lengte van 400 cm.

Gebruik een verlengslangvan tenminste dezelfde binnendiameter als deoriginele slang en gebruik een koppeling die voor datdoel bestemd is. De afvoerslang mag niet geknikt zijn. Voor een goede werking van de machine moet deafvoerslang worden vastgehaakt op de steun diezich bovenaan de achterzijde van het apparaatbevindt. P1118P0022Elektrische aansluitingDe machine is voor 220-230V / 50Hz gemaakt. De machine is voorzien van een drie-aderigaansluitsnoer en stekker met randaarde. De stekker mag u uitsluitend plaatsen in eenstopcontact met randaarde; de machine dientdeugdelijk geaard te zijn. Het aansluitsnoer mag u niet verlengen. Indien hetsnoer te kort blijkt te zijn, laat uw installateur dan ofeen langer snoer aan de machine monteren of hetstopcontact verplaatsen. Het gebruik van een verlengsnoer of kabelhaspel isniet toegestaan.

In bad- of doucheruimten moet doorgaans eenzogeheten vaste aansluiting gemaakt worden;raadpleeg uw installateur. Sluit de machine aan op een geaard stopcontact. De fabrikant is niet aansprakelijk voorschade of letsel, ontstaan door het nietvoldoen aan bovenstaande veiligheids-voorschriften.

U zult echter merken dat hetwasresultaat optimaal is.● De programmakiezer zorgt voor een eenvoudiggebruik van de wasautomaat; hiermee wordenzowel het programma als de temperatuurgekozen.● De automatische sopafkoeling op 60° C in hetwitte was-programma voor het afpompenvoorkomt dat kunststof afvoerbuizen vervormen.● Het speciale wolprogramma behandelt wollengoed uiterst voorzichtig.● Het stabilisatie-controlesysteem zorgt voorstabiliteit en rustige loop.● De "spaarklep" zorgt ervoor dat het wasmiddelgeheel wordt gebruikt en reduceert hetwaterverbruik; zo wordt energie bespaard.Uw nieuwe wasautomaatWasmiddelladeVoorwasmiddel, vlekkenzoutHoofdwasmiddelWasverzachterC0110

10GebruikBedieningspaneelCMF 616 1 Wasmiddellade2 ProgrammakiezerDeze knop is in 5 sectoren verdeeld:●Witte en bonte was (katoen en linnen)● Synthetica ● Fijne was● Wol (handwas)●Extra programma's De programmakiezer kan zowel naar rechts als naarlinks gedraaid worden. Symbolen op de programmakiezer●E = Energie besparen●KOUD = De machine wast met koud water. ●O/UIT = Programma annuleren, machineuitschakelen. Aan het einde van het programma moet deprogrammakiezer op O/UIT gedraaid worden. SNELWASCENTRIFUGERENPOMPENWASVERZACHTENSPOELENKORT CENTR. KOUDWOL30º40º 30ºUIT95º60º E60º40º E40º30ºKOUD60º60º E40ºKOUD30º 40ºWITTE WAS BONTE WASFIJNE WASSYNTHETICAKeuzetoetsenAfhankelijk van het programma kunnen verschillendefuncties met elkaar gecombineerd worden. Deze moeten worden gekozen nadat het programmais ingesteld en voordat toets START/PAUZE wordtingedrukt.

Als een toets wordt ingedrukt, gaat het betreffendelampje branden. Als de toets nogmaals wordtingedrukt, gaat het lampje uit. Als het lampje ca. 2 seconden knippert, betekent datdat een onjuiste keuze is gemaakt: in hetmultidisplay verschijnt code Err. 3 CENTR. Door indrukken van deze toets kunt u het maximalecentrifugetoerental voor het ingestelde programmareduceren of functie SPOELSTOP kiezen. Het lampje dat overeenkomt met de gekozen stand,gaat branden. De centrifugetoerentallen zijn aangepast aan debetreffende textielsoort. ●Witte en bonte was:700/900/1200 max 1600 toeren/min. ●Synthetica/Wol:700 max 900 toeren/min. ●Fijne was en Snelwas:max 700 toeren/min. SPOELSTOPAls u deze optie kiest blijft het wasgoed in hetlaatste spoelwater liggen; hiermee wordtkreukvorming voorkomen. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 11 1210LOOPTIJD16001200900700CENTR.

11Na beëindiging van het programma blijft hetcontrolelampje op de deur branden, lampjeSTART/PAUZE gaat uit en de lampjes EINDE enSPOELSTOP gaan branden en herinneren ueraan dat het water afgepompt moet worden. Het display laat een knipperende nul zien. Voordat u programma POMPEN, KORT CENTR. ofCENTRIFUGEREN kiest, moet de programmakiezerop O/UIT worden gedraaid. 4 VOORWAS Voorwassen op max. 30°C vóór de automatischvolgende hoofdwas. Deze functie kan niet niet bijinstelling WOL en in combinatie met INWEKENgekozen worden. De voorwas eindigt met een korte centrifugegang bijde programma’s witte/bonte was en synthetica enmet alleen pompen bij fijne was.

5 EXTRA KORTAls u deze toets indrukt, worden de wastijden alsvolgt verminderd: •46minuten voor witte was op 95°C• 46 minuten voor bonte was op 60°C• 27 minuten voor synthetica op 60°C• 25 minuten voor fijne was op 40°CDeze functie kan niet in combinatie met INTENSIEFgekozen worden. Dit programma is geschikt voor wasgoed dat lichtverontreinigd is. Deze functie kan niet bij instellingWOL en bij de energie-spaarprogramma’s60°E/40°E gekozen worden. 6 INTENSIEFVoor sterk verontreinigd wasgoed. Als u deze functie kiest wordt de wastijd metongeveer 10 minuten verlengd en het wasritmeversterkt. De functie kan alleen voor witte/bonte was ensynthetica gekozen worden, niet bij de energie-spaarprogramma’s 60°E / 40°E en in combinatie metfunctie EXTRA KORT. 7 EXTRA SPOELEN In alle programma’s mogelijk behalve voor WOL. De machine voert 2 extra spoelgangen uit.

Aanbevolen voor personen die allergisch zijn voorwasmiddelen en in gebieden met heel zacht water. 8 INWEKENTijdsduur van het inweken: ongeveer 30 minuten bij30°C. Met toets START UITSTEL kunt u de inweektijdverlengen tot maximaal 10 uur, hierna voert demachine automatisch de hoofdwas uit. Deze optiekan niet gekozen worden bij programma WOL en incombinatie met de functie VOORWAS.

Het inweken eindigt met een korte centrifugegang bijde programma’s witte/bonte was en synthetica enmet alleen pompen bij de fijne was programma’s. 9 START UITSTELMet deze toets kan het starten van het programma30’-60’-90’ en tot MAX 23 uur worden uitgesteld. Deuitgestelde starttijd (maximaal 23 uur) wordt doormiddel van de betreffende toets ingesteld en 3seconden lang op het display aangegeven, hiernaverschijnt opnieuw de duur van het gekozenprogramma. Deze functie kan niet ingeschakeld worden voor deprogramma’s POMPEN, KORT CENTR. ofCENTRIFUGEREN. Deze optie wordt gekozen nadat u het programmaingesteld heeft en voordat u op toets START/PAUZEdrukt. ●Wasautomaat inschakelen●Het programma kiezen. ●Uitgestelde start instellen. ●Toets START/PAUZE indrukken. De starttijd telt terug in stappen van 1 uur en natwee uur steeds met 30 minuten.

1210 MULTIDISPLAY (LOOPTIJD)Dit display geeft de volgende informatie:Duur van het gekozen programma - uitgesteldestarttijd - foutieve keuze -einde programma -foutcode.Nadat u het programma gekozen heeft, toont hetdisplay de duur van het programma in uren enminuten (bijvoorbeeld 2.05). De duur is berekend op de maximum belading voorelk type wasgoed.Na het starten van het programma (nadat u op toetsSTART/PAUZE gedrukt heeft) loopt de tijd instappen van een minuut terug.De duur van het programma is afhankelijk vanverschillende factoren zoals de hoeveelheidwasgoed, de watertemperatuur en deschuimvorming. Deze gegevens worden elektronischgeregistreerd en de resterende tijd wordt hieraanaangepast.

Wanneer het programma beëindigd is en de deurontgrendeld, knippert op het display het cijfer nul.De uitgestelde starttijd (maximaal 23 uur) wordt doormiddel van de betreffende toets ingesteld en 3seconden lang op het display aangegeven, hiernaverschijnt opnieuw de duur van het gekozenprogramma.De starttijd telt eerst terug in stappen van 30, 60, 90minuten en /of 1 uur.Uitgestelde start2.05Duur van het gekozen programmaAls u een functie kiest die niet met het gekozenprogramma gecombineerd kan worden, verschijnt inhet display Err.Aan het einde van het programma (ook als er nogwater in de trommel staat vanwege de SPOELSTOP functie) laat het display eenknipperende 0 zien.Sommige storingen worden in de vorm vanfoutcodes op het display aangegeven.Dit is nuttig voor de klant en voor deservicemonteurs, zoals bijvoorbeeld “E20” (ziehoofdstuk “Eenvoudige storingen”).E20Foutcode0Einde programmaFoutieve keuze

1311 START/PAUZEDeze toets heeft 2 functies: Door op de toets te drukken, wordt het gekozenprogramma gestart en het lampje van toetsSTART/PAUZE knippert niet meer maar brandtcontinu tijdens de duur van het programma.Als de functie START UITSTEL gekozen is, begint nuhet terugtellen. Het display toont de duur van het gekozenprogramma of de uitgesteldestarttijd.Bij het drukken op deze toets, wordt het lopendeprogramma onderbroken; druk opnieuw op de toetsen het programma wordt vervolgd.

Tijdens de pauzeknippert het lampje van toets START/PAUZE.PauzeStartSTART/PAUZE12 Indicatie van het programmaverloop Bij het kiezen van een programma geeft de indicatievan het programmaverloop aan, uit welkeonderdelen het programma bestaat.Na begin van het programma geeft de indicatie vanhet programmaverloop aan, met welk deel van hetprogramma de machine bezig is.Het einde van het programma wordt optischaangegeven: de deur kan geopend worden.Lampje EINDE knippert om een storing in hetfunctioneren van de machine aan te geven.Tegelijkertijd knippert een alarmcode om het typestoring aan te duiden:● E10 = storing bij de watertoevoer;● E20 = storing bij de waterafvoer;● E40 = deur open.

Raadpleeg hoofdstuk “Eenvoudige storingen” omhet defect op te heffen.Als aan het einde van het programma lampje FILTERknippert, is het afvoerfilter verstopt.VOORWASSENWASSENSPOELENSPOELSTOPPOMPENCENTRIFUGERENEINDEFILTER

14Informatie over de programma’sMet dit programma kunt u niet alleen in de machinewasbare wol met het etiket "Zuiver scheerwol"wassen maar ook wol en alle andere textiel met hetsymbool “Handwas”. Ook heel fijne was hoeft u nietmeer met de hand te wassen.Kort centrifugeren op max. 700 toeren/min voorsynthetische/fijne en wolwas.Dit is een apart programma dat het spoelen encentrifugeren van katoenen handwas mogelijkmaakt.De machine voert 3 spoelgangen uit en centrifugeerthet wasgoed met het maximale toerental. U kunt hetcentrifugetoerental bepalen met behulp van toetsCENTR. .Met de hand gewassen katoenen textiel kan metwasverzachter behandeld worden.Het apparaat voert 1 spoelgang uit en centrifugeerthet wasgoed met het maximale toerental. U kunt hetcentrifugetoerental verminderen met behulp vantoets CENTR.

.U kunt dit programma gebruiken aan het einde vaneen programma met spoelstop voor het wegpompenvan het laatste spoelwater. Draai eerst de programmakiezer op stand O/UIT enkies vervolgens programma POMPEN. Druk op toetsSTART/PAUZE. POMPENWASVERZACHTENSPOELENKORT CENTR.WolDit programma centrifugeert het wasgoed met hetmaximale toerental. Afhankelijk van het type wasgoed kunt u een lagercentrifugetoerental instellen met behulp van toetsCENTR. .Dit is een volledig programma dat met de volgendefuncties gecombineerd kan worden:SPOELSTOP en START UITSTEL.Dit programma kan gebruikt worden voor wasgoeddat niet erg vuil is bijvoorbeeld sportkleding dieslechts een keer gebruikt is of om textiel op tefrissen (behalve wol). Maximum belading 2,5 kg. De wastemperatuur is 30°C.Het programma duurt 30 minuten. Het centrifugetoerental is 700 toeren/min.

Als u een reeds ingesteld programma wilt annuleren,draait u de programmakiezer op stand O/UIT enkiest vervolgens een ander programma.Aan het einde van het programma draait u deprogrammakiezer op stand O/UIT om de machine uitte schakelen.O / UIT = Annuleren/Machine uitschakelenSNELWASCENTRIFUGEREN

1540°C: vrijwel alle textielsoorten kunnen op 40°Cgewassen worden. U kiest deze temperatuur ten eerste als dit op hetwasetiket aangegeven wordt, bijvoorbeeld voordonkergekleurde textiel, fijne was en wol. Daarnaast kiest u 40°C als het wasgoed zo weinigvuil is dat het met een lage temperatuur ook nogschoon wordt. 30°C: voor donkergekleurd textiel en teer wasgoed. Wij adviseren u zich altijd aan de etiket-temperatuurte houden. Hoeveel wasgoed in de trommel. Wilt u optimale resultaten bereiken, dan adviserenwij u, naast het kiezen van het juiste programma,ook de maximaal toegestane belading van detrommel niet te overschrijden. Wasgoed droog wegen voor u het in de trommeldoet, is erg omslachtig, dus helpen wij u op eenandere manier op weg:●Volle belading (maar niet proppen) voor katoen enlinnen. ●Halfvolle of iets meer dan halfvolle belading voorsterke synthetica en mengsels.

Ook zogehetenkreukherstellende stoffen vallen onder synthetica. ●Een derde van de trommel voor fijne was enmachine-wasbare wol. In onderstaande tabel geven wij u een indruk watwasgoed, bestaande uit katoen en linnen, ongeveerweegt. Voor synthetica, mengsels en fijne was is hetonmogelijk om gewichten op te geven, daar dezestoffen zeer verschillend van aard zijn. Voor machine-wasbare wol geven wij doorgaans eenmaximum van 2 kg op, maar feitelijk bedoelen wedat u wol in “ruim sop” moet wassen.

Tweepersoons laken 700 - 1000 gKussensloop 125 - 0200 gTafellaken 350 - 0500 gServet 70 - 0120 gTheedoek 75 - 0100 gBadhanddoek 150 - 0200 gBadlaken 700 - 1000 gOverhemd 200 - 0300 gSchort 150 - 0200 gAdviezen en tips voor hetwassenWas niet te lang opsparenIn de eerste plaats adviseren wij u wasgoed niet al telang op te sparen, in ieder geval niet als het vochtigis want het gaat dan schimmelen en veroorzaakt eenmuffe geur. Men zegt ook wel dat «het weer er in gekomen is»;weervlekken krijgt u er niet meer uit.

SorterenNeemt u vooral even de tijd om de in dit boekjeafgedrukte kaart voor de behandelingssymbolenaandachtig te lezen. Een streep onder de tobbe betekent dat u hetartikel niet met de krachtige katoenprogramma’smag wassen. Was gekleurd goed, met name donker gekleurd,eerst een keer apart. De kans is groot dat hetafgeeft. Sterke kreukherstellende stoffen, zoalspolyester/katoen, vallen onder synthetica. Tere stoffen, zoals acryl en meestal ook vitrages,vallen onder fijne was. Het wolwasprogramma van deze wasautomaat werddoor Woolmark goedgekeurd, op voorwaarde dat dekleding gewassen wordt overeenkomstig deinstructies op het kledingetiket en die van deproducent van deze wasautomaat. LicentienummerM9604. Bij alle andere wolsoorten en mengsels kan nietworden uitgesloten dat deze krimpen en/of verviltenin de wasmachine.

TemperaturenIn principe kiest u voor een bepaalde wasbeurt desoptemperatuur niet hoger dan het gevoeligste stukwasgoed nog kan verdragen. 95°C: voor wit of kookecht gekleurd katoen enlinnen, zoals beddengoed, tafellakens, theedoeken,handdoeken, zakdoeken en ondergoed. Gemakshalve wordt deze groep vaak “witte was”genoemd. 60°C: voor normaal verontreinigde witte was, voorlichtgekleurde bonte was en voor witte enlichtgekleurde synthetica.

16Vóór u het wasgoed in de trommel doetHerstel scheuren, gaten en halen voortijds. Naai loshangende knopen eerst aan of knip ze af. Sluit drukknopen en ritssluitingen. Was geen rafelig goed; herstel eerst de zomen. Haal de haken uit vitrage en doe de vitrage in eensloop of linnen zak. Verwijder voortijdsachtergebleven kleine voorwerpen uit borst- enbroekzakken. Behandel voortijds vlekken die er in de wasautomaatmoeilijk of in het geheel niet uit zullen gaan:Was- en kaarsvet. Zoveel mogelijk met een bot mesvoorzichtig afschrapen. Tussen twee papierenzakdoekjes de overgebleven was met de warmestrijkbout er uit strijken. Niet te heet bij synthetischestoffen. Inkt en ballpoint: Deppen met spiritus. De kleur vande stof kan aangetast worden door zowel de inkt alsde spiritus. Weer- en schroeivlekken. Bleken met eenverdunde oplossing van bleekwater. Roest.

Verwijderen met citroenzuur of een speciaalbehandelingsmiddel. Eerst koud spoelen en daarnawassen. Geen wasmiddel met bleekmiddelgebruiken. Kauwgom. Wegwrijven met ijsblokjes. Restantverwijderen met nagellak-remover. Pas op metremover bij synthetische stoffen. Verf. Geef de vlek geen kans om op te drogen. Meteen witte schone katoenen doek en een oplosmiddel(terpentine, wasbenzine of thinner) behandelen. Lippenstift. Deppen met spiritus. Met fijnwasmiddelnawassen. Nagellak. Verwijderen met nagellak-remover. Dit isniet mogelijk bij stoffen als acetaat, triacetaat enchloorvezel. Olie en teer. Met boter insmeren en laten intrekken. Daarna met terpentine deppen. Gras. Met spiritus vochtig maken en met eenzeepoplossing deppen. Als de kleur of de stof ertegen kan, nableken met bleekwater. Chocolade, thee, wijn, koffie en vruchtensap. Voorweken in warm water met een biologischvoorweekmiddel.

Verse vlekken met lauw water uitspoelen. Oude vlekken voorweken met een biologischvoorweekmiddel. Transpiratie- en deodorantvlekken. Verse vlekkenmet sodawater deppen. Oude vlekken met azijn ofspiritus deppen. Hars. Met een speciale vlekkenoplosser behandelen. Sterke stoffen, zoals katoen en linnen, metterpentine, wasbenzine of spiritus behandelen. Het gebruik van verdampende middelen, zoalsterpentine, wasbenzine, spiritus, thinner, aceton endergelijke is gevaarlijk; niet roken en geen open vuurgebruiken. Doe het karweitje buiten en laat het kledingstuk eerstuitdampen voor u het in de wasautomaat of dedroogautomaat doet. De fabrikant van uw wasautomaat is nietaansprakelijk voor schade of letsel ontstaan door hetgebruik van gevaarlijke stoffen. Welke wasmiddelen gebruiken. Een gouden regel is: gebruik altijd machine-wasmiddelen, dus nooit handwasmiddel of zeep inde machine.

Een nauwelijks minder belangrijke regel is: probeergewoon uit welk wasmiddel u het beste bevalt. Houd u aanvankelijk aan de doseringen die defabrikant van het wasmiddel op z'n verpakkingaangeeft en let daarbij op de waterhardheid (kunt uopvragen bij het waterleidingbedrijf). Het is demoeite waard om daarna uit te proberen of bijminder doseren uw wasgoed ook nog voldoendeschoon wordt. In ieder geval kunt u bij een kleinwasje aanzienlijk minder doseren. Er zijn totaal-wasmiddelen voor witte of bonte was,bleekvrije wasmiddelen voor bonte was, specialefijnwasmiddelen, machine-wolwasmiddelen enbiologische voorwas- of voorweekmiddelen. Belangrijk:Laat de machine regelmatig (minimaal 1 keer per 20wasbeurten) een was op 95°C zonder wasgoeduitvoeren om eventuele wasmiddelresten en vuil inde trommel, afvoerslang en manchet te verwijderen.

17Traditionele poeder-wasmiddelenDeze wasmiddelen doet u in de vakjes voor devoorwas of INVEKEN en voor de hoofdwas. Vloeibare wasmiddelenGebruikt u een vloeibaar wasmiddel, dan mag u dat,mits u geen voorwas doet, direct in het vakje voor het hoofdwasmiddel gieten. Wel meteen daarnade machine starten. Vloeibare wasmiddelen zijn zeer geschikt voor lagewastemperaturen, dus 30°C en 40°C. Voor hogeretemperaturen, 60°C tot 95°C, adviseren wij u eenpoedervormig wasmiddel te gebruiken. Geconcentreerde poeder-wasmiddelen(ULTRA’s, MICRO’s en dergelijke)Geconcentreerde wasmiddelen kunt u op dezelfdemanier als vloeibare wasmiddelen doseren. Uiteraard past u de hoeveelheid aan, omdat u vandeze wasmiddelen minder nodig hebt. WasverzachterTijdens de laatste spoelgang doseert de machineautomatisch een hoeveelheid vloeibarewasverzachter.

U hoeft geen wasverzachter tegebruiken maar dit kan soms toch wenselijk zijn. Bijvoorbeeld als u katoen binnenshuis droogt: hetwasgoed voelt dan minder stug aan. Of als usynthetisch wasgoed in de machine droogt: hetwordt dan niet statisch (knetteren, kleven). Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van dewasverzachter, maar de hoeveelheid wasverzachtermag nooit hoger dan het filternet in het doseervakjeof de maximum aanduiding komen. Erg dikke vloeistof voortijds met wat waterverdunnen. WaterontharderWater is «harder» naarmate er meer calcium enmagnesium in voorkomt. In Nederland wordt dehardheid aangegeven in «DH» (Duitse graden). Op deverpakking van het wasmiddel vindt u, in drie globalezones verdeeld, hoeveel wasmiddel u moet doseren. U ziet dat dat meer is naarmate de hardheid hoger is. Kalk slaat uit het water neer op zowel het wasgoedals op machinedelen.

Bekend is onder andere hetstug worden van wasgoed en het verkalken van hetverwarmingselement. Om dat te voorkomen doet de wasmiddelfabrikanteen kalkbindende stof in het wasmiddel. Voorheenwas dat fosfaat. Tegenwoordig, om redenen vanmilieutechnische aard, een fosfaatvervanger.

Het wasmiddel bestaat echter uit vele ingrediënten. Gaat u meer doseren, dan doet u dat feitelijk slechtsom meer kalkbindende stoffen aan het water toe tevoegen. Automatisch doseert u dan eigenlijk te veel van aldie andere actieve stoffen. U kunt dat verhelpendoor minder wasmiddel te doseren en het verschilopvangen door een onthardingsmiddel, zoalsCalgon, mee te doseren. Houd u aan deaanwijzingen van de fabrikant van hetonthardingsmiddel. HardheidFranseschaalBereik1234zachtgemiddeldhardzeer hard00-0708-1415-21meer dan 210-1516-2526-37meer dan 37DuitseschaalWaterhardheid.

18Een was doenGiet vóór het in gebruik nemen 2 liter water in hetvakje van de wasmiddellade om de spaarklep teactiveren. Voer dan een wasgang zonder wasgoeduit, opdat vetresten (die bij de fabricage zijnontstaan) uit de wastrommel en de kuip wordenverwijderd. Programma: bonte was 95°C, met eenhalve maatbeker wasmiddel.1. Wasgoed in de machine doenOpen de vuldeur. Doe de stukken wasgoed één vooréén in de trommel. Haal opgevouwen wasgoed eerstuit elkaar. Sluit de vuldeur; druk hem goed in hetslot.2. Wasmiddel doserenTrek de wasmiddellade uit het bedieningspaneel tothij niet verder kan.Meet de gewenste hoeveelheid wasmiddel in eenmaatbekertje af en giet het in het vakje voor hethoofdwasmiddel .Als u een programma met functie VOORWAS ofINWEKEN kiest, ook voorwasmiddel in vak doseren.3.

Wasverzachter doserenGiet, indien gewenst, wasverzachter in het daarvoorbestemde vakje .Overschrijd het niveau MAX niet.C0112C01114. Gewenst programma kiezenDraai de programmakiezer op het gewensteprogramma. Schakel de machine uit door deprogrammakiezer op stand O/UIT te draaien.De lampjes van de fasen waaruit het programmabestaat, gaan branden. Het lampje van toetsSTART/PAUZE gaat knipperen. 5. Centrifugetoerental instellenToets CENTR. indrukken tot het gewenstetoerental of de spoelstop functie ingesteld is; hetbetreffende controlelampje gaat branden. 6.

197. Functie START UITSTEL kiezenAls u de machine op een ander tijdstip wilt latenbeginnen, drukt u op toets START UITSTEL totdat ude gewenste starttijd bereikt; op het display ziet u deingestelde tijd 3 seconden lang. Na het indrukken van toets START/PAUZE begint demachine af te tellen. U kunt de deur tijdens de uitstelperiode nog openenom bijvoorbeeld wasgoed toe te voegen. Zet daneerst de machine in de pauze-stand met toetsSTART/PAUZE. Na het sluiten van de deur drukt uopnieuw op toets START/PAUZE. 8. Programma startenOp toets START/PAUZE drukken om het ingesteldeprogramma te starten; het betreffende lampjeknippert niet meer en het controlelampje van deprogrammafase, die de machine op dat momentuitvoert, blijft ingeschakeld. Het controlelampje op de deur gaat branden om aante geven dat de deurbeveiliging werkt. Hetprogramma start. START/PAUZELOOPTIJDSTARTUITSTEL9.

Wijzigen van een optie of een lopendprogrammaHet programma kan gewijzigd worden zolang u nogniet op toets START/PAUZE gedrukt heeft. Optie wijzigen: U kunt een optie wijzigen voordat het programmadeze heeft uitgevoerd. Als het programma al gestart is, moet u toetsSTART/PAUZE indrukken. Lopend programma wijzigen: Draai de programmakiezer op stand O/UIT en danop het gewenste programma. Het water in de kuipwordt niet weggepompt. Start het nieuweprogramma door op toets START/PAUZE tedrukken. 10. Onderbreken van het programmaDruk op toets START/PAUZE , het betreffendelampje knippert. Om het programma verder af tewerken drukt u opnieuw op toets START/PAUZE. 11. Annuleren van het programmaAls het programma al gestart is, kunt u het alleenannuleren door eerst de programmakiezer op standO/UIT te zetten. Het water blijft in de kuip. Kies hetnieuwe programma en druk opnieuw op toetsSTART/PAUZE. 12.

Openen van de deur tijdens eenlopend programmaDe deur kan geopend worden, nadat u de machinein de pauze-stand gezet hebt, mits:●de machine het water niet boven 55°C aan hetverwarmen is●het waterniveau niet hoog is●de trommel niet in beweging isAls dit niet het geval is, gaat het controlelampje opde deur uit als de machine in de pauze-stand wordtgezet en kan de deur geopend worden. Indien de deur niet geopend kan worden (zie boven)en dit absoluut noodzakelijk is, schakelt u demachine uit door de programmakiezer op standO/UIT te draaien. Na ongeveer 3 minuten kunt u de deur openen. Denk om het waterniveau en de soptemperatuur. U kunt nu het programma weer kiezen enopnieuw op toets START/PAUZE drukken, om hetprogramma verder af te werken.

2013. Einde van het programmaDe machine stopt automatisch. Als u functie SPOELSTOP gekozen heeft, dangaat lampje START/PAUZE uit en de lampjes SPOELSTOP en EINDE in de indicatie van hetprogrammaverloop blijven ingeschakeld. Het controlelampje op de deur licht op en hetdisplay laat een knipperende nul zien.U moet het water afpompen voordat u de deur kuntopenen. Draai de programmakiezer op stand O/UITen dan op programma POMPEN, KORT CENTR. ofCENTRIFUGEREN. Druk op toets START/PAUZE.Wanneer het controlelampje op de deur uitgegaan is,kunt u deze opendoen. Het openen van de deur wordt ook optischaangegeven (lampje EINDE licht op). Draai de programmakiezer op stand O/UIT.Open de vuldeur en neem het wasgoed uit detrommel.Controleer of de trommel helemaal leeg is, anderszou wasgoed bij de volgende wasbeurt kunnenbeschadigen (bijv.

/Wol Witte was95°Wit wasgoed, bijvoorbeeldwerkkleding die normaalverontreinigd is,beddengoed, tafellakens,ondergoed, handdoekenVOORWAS, EXTRA KORT,EXTRA SPOELEN,INTENSIEF, INWEKEN, CENTR. /VOORWAS, EXTRA KORT,EXTRA SPOELEN,INTENSIEF, INWEKEN, CENTR. /VOORWAS, EXTRA KORT,EXTRA SPOELEN,INTENSIEF, INWEKEN, CENTR. /VOORWAS, EXTRA KORT,EXTRA SPOELEN,INTENSIEF, INWEKEN, CENTR. /ENERGIE BESPARENHet programma WITTE WAS (SPAAR) 60°E is het referentie programma voor de gegevens op het verbruiksetiket,volgens EEGnorm 92/75.* De verbruikswaarden zijn richtlijnen en hangen af van soort en hoeveelheid wasgoed, van de temperatuurvan het leidingwater en van de omgevingstemperatuur.

24Onderhoud1. De buitenkantDe buitenkant van de machine kunt u, naar behoefte,reinigen met een vochtige doek en een neutraalhuishoudschoonmaakmiddel. Moderneschoonmaakmiddelen drogen doorgaans streeploosop.Nalappen met schoon water en daarna droogzemen.Belangrijk: Gebruik nooit spiritus, terpentine endergelijke oplosmiddelen.2. De deurRegelmatig controleren of zich aanslag of vreemdevoorwerpen in de rubber manchet achter de deurbevinden.3. De wasmiddelladeWasmiddelen en wasverzachter koeken na verloopvan tijd aan.Maak de wasmiddellade af en toe schoon onder destromende kraan. U kunt daartoe de lade geheel uitde machine nemen door op de pal links achterin tedrukken.De bovenkant van het vakje voor de wasverzachterkunt u voor het schoonmaken verwijderen.C0114C0113P1050Ook in de behuizing van de wasmiddellade kan zichop den duur wasmiddel verzamelen.

Maak debinnenkant met een oude tandenborstel schoon.Plaats de lade terug in z'n behuizing en laat demachine, zonder wasgoed, een spoelgang doen.4. Het toevoerfilter Wanneer u merkt dat de machine langer over hetwater innemen gaat doen, verdient het aanbevelingom het toevoerfilter te controleren op verstopping.Daartoe draait u eerst de kraan dicht en vervolgensdraait u de slangwartel van de kraan af.Reinig het filter met een borsteltje.Draai de wartel weer stevig op de kraan.5. De afvoerpompDe afvoerpomp moet regelmatig wordengecontroleerd en vooral als● de machine niet pompt en/of centrifugeert● de machine tijdens het pompen een ongewoongeluid maakt dat wordt veroorzaakt doorvoorwerpen als veiligheidsspelden, munten e.d.die de pomp blokkeren.P1090P0038

256. Waterafvoer in noodgevallenAls het water niet wordt weggepompt gaat u alsvolgt te werk om de machine te legen:● Trek de stekker uit het stopcontact. ● Draai de waterkraan dicht. ● Wacht, indien nodig, tot het water is afgekoeld. ● Open het pompdeurtje. ● Zet een bak op de vloer en leg het einde van denoodaftapslang in de bak. Verwijder de dop. Hetwater moet door de zwaartekracht in de bak lopen. Als de bak vol is, zet u de dop weer op de slang. Herhaal de procedure tot er geen water meeruitkomt. ● Maak de pomp eventueel schoon zoals eerderbeschreven. ● Zet de dop weer op de noodaftapslang en plaatsde slang terug. ● Draai het pompdeksel vast en sluit het deurtje. 7. Voorzorgsmaatregelen bijvorstIndien de wasautomaat wordt blootgesteld aantemperaturen onder 0°C moeten enkelevoorzorgsmaatregelen worden getroffen. ● Trek de stekker uit het stopcontact.

● Draai de waterkraan dicht en draai dewatertoevoerslang van de kraan los. ● Zet een bak op de vloer, leg het uiteinde van denoodaftapslang en van de toevoerslang in de baken laat het water uit de machine lopen. ● Schroef de watertoevoerslang weer op de kraan,zet de dop weer op de noodaftapslang en plaatsde slang terug. Het water dat in de leidingen is achtergebleven,wordt op deze manier afgevoerd en hiermee wordtvoorkomen dat er ijsvorming optreedt die demachine kan beschadigen. Controleer, wanneer u de wasautomaat opnieuw wiltgebruiken, of de omgevingstemperatuur hoger dan0°C is. Belangrijk. Elke keer dat u m. b. v. de noodaftapslang wateraftapt, moet u 2 liter water in het vak voorhoofdwasmiddel in de wasmiddellade gieten en danprogramma POMPEN instellen. Hierdoor wordt despaarklep geactiveerd en wordt voorkomen dat bijde volgende wasbeurt wasmiddel ongebruiktachterblijft.

Ga als volgt te werk:● Trek de stekker uit het stopcontact. ● Wacht, indien nodig, tot het water is afgekoeld. ● Open het pompdeurtje. ● Zet een bak op de vloer om evt. water op tevangen.

● Trek de noodaftapslang uit zijn plaats, leg hem inhet bakje en verwijder de dop. ● Als er geen water meer uitkomt, draai dan het pompdeksel los. ● Verwijder vreemde voorwerpen uit hetschoepenrad van de pomp door hem te draaien. ● Zet de dop weer op de noodaftapslang en plaatsde slang terug. ● Draai het pompdeksel volledig vast. ● Sluit het pompdeurtje. P1117P1115P1114.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Marynen cmf 616 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden