Mac Audio MPX 4000 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Mac Audio MPX 4000 (68 pagina’s), behorend tot de categorie Receiver. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 41 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Mac Audio MPX 4000 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Mac Audio |
| Categorie: | Receiver |
| Model: | MPX 4000 |
| Kleur van het product: | Zwart, zilver |
| Gewicht: | 4650 g |
| Gebruikershandleiding: | Ja |
| Stroomvoorziening: | 12 V DC |
| Connectiviteitstechnologie: | Bedraad |
| Gemiddeld vermogen: | 320 W |
| Equalizer-instellingen: | Ja |
| Impedantie: | 2 Ohm |
| Audio-uitgangskanalen: | 4.0 kanalen |
| Frequentiebereik: | 5 - 50000 Hz |
| Lijningang: | Ja |
| Signaal/ruis-verhouding: | 100 dB |
| Aantal kanalen: | 4 kanalen |
| Afmetingen (B x D x H): | 319 x 59 x 226 mm |
| Inclusief RDS tuner: | Nee |
| Totale harmonische vervorming (THD): | 0.05 procent |
| Maximum input level: | 4 V |
| Afgegeven vermogen (DIN): | 2 Ω - 4x80 W; 4 Ω - 4x60/2x160 W |
Handleiding Mac Audio MPX 4000 – volledige tekst
19NLGeachte MAC AUDIO - klant,met uw nieuwe car hifi eindversterker MPX 4000 / MPX 4500 kunt u op soevereine wijze beantwoorden aanuw hoge eisen aan de klankweergave in de auto. De MPX 4000 / MPX 4500 biedt nieuwe kwaliteiten op hetgebied van car hifi-weergave in de auto; door de indrukwekkende capaciteitsreserve voor lage bassen, de lagevervormingsfactor of de neutrale weergave. De versterker wordt gekenmerkt door een lage driverstroom, snelleschakeling en een uitmuntende thermische stabiliteit. Door de aaneenschakeling van steeds tweeversterkerkanalen tot een versterker in brugbedrijf kan een verbeterde dynamiek worden bereikt in combinatiemet een hoger uitgangsvermogen. Beleef hoe dit high tech apparaat op perfecte wijze een groots klankgevoelverleent. Daarmee wensen wij u veel genoegen. Lees de montageaanwijzing a. u. b.
20NL2. BIJZONDERHEDEN· Complementaire balanseindtrap· Automatische in-/uitschakeling via de autoradio· Traploos instelbare hoog- en laagdoorlaatfilter· Traploos regelbare bascorrectie· Instelbare ingangsgevoeligheid· Brugbaar 4-/3-/2-kanaals bedrijf· Tri-modus bedrijf· Elektronische contactverbreker tegen kortsluiting, gelijkspannings-offset en boventemperatuur· Mute-schakeling ter onderdrukking schakelklikken· Laagniveau-uitgangen (cinch voetjes) voor de aansluiting van een subwoofer-versterker· Bedrijfsindicatie (groene LED) en overbelastingsindicatie (rode LED)3. BELANGRIJKE INSTRUCTIES VOOR DE MONTAGE · Dit apparaat is uitsluitend geschikt voor de aansluiting op een 12 volt systeem met negatieve massa. · De warmte die wordt afgegeven bij de krachtafgifte vereist een plaat van montage met voldoendeluchtcirculatie.
Het is van groot belang dat de koelribben van de warmteafleider niet tegen een plaat of eenoppervlak aanliggen waardoor de luchtcirculatie negatief zou kunnen worden beïnvloed. De versterkermag niet in kleine of ongeventileerde ruimten (bv. holte voor het reservewiel of onder de vloerbedekkingvan de auto) worden geïnstalleerd. De montage in de kofferbak verdient aanbeveling. · Monteer de versterker dusdanig dat hij verreweg is beveiligd tegen schokken, vuil en stof. · Let er op dat de in-/uitvoersnoeren ver genoeg van de stroomtoevoerkabels verwijderd zijn omdat er andersgevaar bestaat voor stoorinstraling. · Let er op dat de zekering en de bedieningselementen na de montage toegankelijk zijn. · Het vermogen en de betrouwbaarheid van de installatie is afhankelijk van de kwaliteit van de montage. Laat de montage bij voorkeur door een vakbedrijf doorvoeren.
Zovoorkomt u kortsluiting. De elektrische leidingen die over het algemeen voor auto's worden toegepast in boordnetten zijn niet voldoendesvoor de behoefte van een eindversterker. Let er op dat de elektrische leidingen naar GND en naar +12 V klemvoldoende gemissioneerd zijn. Voor de verbinding van de accu naar de stroomklemmen van de versterker dienteen kabeldoorsnede van ten minste 12 mm² te worden gebruikt. Maak eerst de verbinding tussen de GND-klem en de versterker en de minpool en de accu. Een goedeverbinding is van groot belang. Verwijder vuil zorgvuldig van het aansluitingspunt van de accu. Een losseaansluiting kan storing, storend geluid of vervorming veroorzaken. De versterkeraansluiting +12 V wordt nu met een stroomkabel met geïntegreerde zekering met de plus-poolvan de accu verbonden.
De zekering moet zich in de buurt van de accu bevinden, de kabel van de pluspoolvan de accu naar de zekering mag uit veiligheidsoverwegingen niet langer zijn dan max. 60 cm. Plaats dezekering pas na afloop van alle installatiewerkzaamheden inclusief luidsprekeraansluitingen. Sluit nu de afstandsbedieningsleiding van de car hifi receiver aan op de besturingsbus REM van de versterker. Voor de verbinding tussen de REMOTE-aansluiting van de versterker en het bedieningsapparaat is een kabelmet een dwarsdoorsnede van 0,75 mm² voldoende.
21NL4. 2 AUDIOKABELBij installatie van de audiokabel tussen de cinchuitgang van de autoradio en de cinchingang van de versterkerin de auto dient er zo mogelijk voor gezorgd te worden dat de audiokabel en de voedingskabel niet aan dezelfdekant van de auto worden gelegd. Het verdient de voorkeur de kabels ruimtelijk gescheiden te installeren, d. w. z. de stroomkabel in de linkerkabelschacht en de audiokabel in de rechterkabelschacht of omgekeerd. Hierdoorwordt beïnvloeding van het audiosignaal door stroomstoringen voorkomen. 4. 3 LUIDSPREKERAANSLUITINGEN· In de standaard bedrijfsmodus (dat betekent telkens een luidspreker aan elk afzonderlijk versterkerkanaal)bedraagt de kleinste afsluitweerstand 2 ohm per kanaal. · In brugmodus (telkens twee versterkeruitgangen samen geschakeld) wordt de kleinste afsluitweerstandverdubbeld tot op 4 ohm.
· In Tri-modus mag de impedantie niet minder bedragen dan 2 ohm per kanaal. · Sluit de luidspreker minklemmen nooit aan op het chassis van het voertuig. · Verbind de +12 V voedingsspanning nooit met een luidsprekeruitgang. Hierdoor wordt deversterkeruitgangstrap verwoest. Indien de versterker met lagere afsluitwaarden of zoals boven beschreven fout wordt bedreven, kanhierdoor de versterker zelf en de luidspreker worden beschadigd. In dit geval vervalt de garantie. 5. BEDIENINGSELEMENTEN EN IN-/UITGANGEN5. 1 INSTELLING VAN DE INGANGSGEVOELIGHEIDDe ingangsgevoeligheid kan aan elke autoradio of cassettedeck worden aangepast. Draai de volumeregelaarvan uw radio op gemiddeld volume en stel dan de ingangsniveauregelaar (3) en (4) dusdanig in, dat er eengemiddelde geluidssterkte hoorbaar is.
Bij deze instelling zijn over het algemeen voldoende capaciteitsreservesbij een optimale ruisspanningsafstand gegarandeerd. ATTENTIE: harde testsignalen slechts kortstondig weergeven om schade van de luidspreker te vermijden. 5.
2 LAAGDOORLAATFILTER MET REGELBARE KANTELFREQUENTIEAls de versterker als subwooferversterker wordt gebruikt, zet de schakelaar (9) resp. (10) dan op „LPF“. Stelmet de regelaar (7) resp. (8) de gewenste kantelfrequentie in. Met deze instelling kan de filter worden aangepastaan de betreffende laagweergever. De hoge flanksteilheid van de filter zorgt voor een exacte daling van gemiddelde en hoge frequentiebereiken. 5. 3 HOOGDOORLAATFILTER MET REGELBARE KANTELFREQUENTIEAls de versterker wordt gebruikt als versterker voor satellietluidsprekers (midden-/hogetonenluidsprekers) zetde regelaar (9) resp. (10) dan op „HPF“. Stel met regelaar (11) resp. (12) de gewenste kantelfrequentie in. Opdie wijze worden alleen frequenties boven de ingestelde kantelfrequentie versterkt.
Hierdoor kan vervormingdoor te grote membraanslag bij lage frequenties en kleine satellietluidsprekers effectief wordt gereduceerdzonder dat dit een negatieve invloed heeft op het lagetoonniveau. 5. 4 BAS-BOOSTMet behulp van de bas-boost-functie (5 resp. 6) wordt een opduw of correctie van de onderste basfrequentiesbereikt.
22NL5. 5 UITGANGEN VOOR DE AANSLUITING VAN EXTRA VERSTERKERSHet ingangssignaal van de LINE INPUT aansluitingen CH1, CH2, CH3, CH4 (1 en 2, afb. 7) wordt opgeteld endirect doorgegeven aan de uitgangen LINE OUT (14). De LINE OUT aansluitingen maken de aansluiting vaneen subwooferversterker zonder extra T-stukken en kabel mogelijk. AFB. 1 STROOMVOORZIENING-/AFSTANDSBEDIENINGS-AANSLUITINGEN(1) Aansluitklem GND voor de massa, naar de minpool van de accu(2) Aansluitklem REM voor afstandsbediening (3) Aansluitklem voor + 12 V accuspanning (4) Accu(5) Kabelzekering(6) Voor de aansluiting voor de automatische antenne van uw autoradioAls uw autoradio niet is voorzien van een aansluiting voor de automatische antenne, wordt deze kabel metde plus-pool (+) aangesloten op het contactslot. In dit geval dient er een in-/uitschakelaar tussen te wordengeschakeld.
Let er op dat deze schakelaar uitgeschakeld wordt als de versterker niet wordt gebruikt. AFB. 2 4 KANAAL - BEDRIJFAls de versterker door een autoradio met 4 uitgangskanalen wordt gestuurd en 4 luidsprekers moet bedrijven,dan dienen de aansluitingen en instellingen overeenkomstig afbeelding 2 te worden doorgevoerd: (1) Naar de autoradio, uitgang links voor(2) Naar de autoradio, uitgang rechts voor(3) Naar de autoradio, uitgang links achter(4) Naar de autoradio, uitgang rechts achter(5) Luidspreker links voor(6) Luidspreker rechts voor(7) Luidspreker links achter(8) Luidspreker rechts achterAFB. 3/4 3 KANAAL - MODUSIn de 3-kanaal-modus wordt er gebruik gemaakt van de hoogdoorlaatfilter voor de kanalen 1/2 en delaagdoorlaatfilter voor de kanalen 3/4. Zie alinea 5 voor de toepassing hiervan. AFB.
3Als de versterker door een autoradio met stereo-uitgang wordt gestuurd en stereo-satellietluidsprekers en eensubwoofer moet bedrijven, dan dienen de aansluitingen en instellingen overeenkomstig afbeelding 3 te wordendoorgevoerd(1) Naar de autoradio, uitgang links (2) Naar de autoradio, uitgang rechts (3) Satellietluidsprekers links(4) Satellietluidsprekers rechts(5) Subwoofer.
23NLAFB. 4Als de versterker door een autoradio met stereo-uitgang en een separate subwoofer-uitgang wordt gestuurden stereo-satellietluidsprekers en een subwoofer moet bedrijven, dan dienen de aansluitingen en instellingenovereenkomstig afbeelding 4 te worden doorgevoerd:(1) Naar de autoradio, uitgang links(2) Naar de autoradio, uitgang rechts(3) Naar de autoradio, subwoofer-uitgang(4) Satellietluidsprekers links(5) Satellietluidsprekers rechts(6) SubwooferAFB. 5 2 KANAAL - MODUSAls de versterker voor het bedrijf van een tweede subwoofer een hoger vermogen moet bereiken, dan dienende aansluitingen en instellingen overeenkomstig afbeelding 5 te worden doorgevoerd. Het gebruik van detoegepaste laagdoorlaatfilter wordt in hoofdstuk 5 beschreven. (1) Naar de autoradio, uitgang links(2) Naar de autoradio, uitgang rechts(3) Subwoofer(4) SubwooferAFB.
6 GEBRUIK ALS VERSTERKER VOOR 4 SATELLIETLUID-SPREKERS EN EEN SUBWOOFERMET TOEPASSING VAN EEN EXTRA 1-KANAAL VERSTERKER (MPX MONO)(1) Naar de autoradio, uitgang links voor(2) Naar de autoradio, uitgang rechts voor(3) Naar de autoradio, uitgang links achter(4) Naar de autoradio, uitgang rechts achter(5) Luidspreker links voor(6) Luidspreker rechts voor(7) Luidspreker links achter(8) Luidspreker rechts achter(9) SubwooferAFB.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Mac Audio MPX 4000 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Receiver Mac Audio
Handleiding Receiver
Nieuwste handleidingen voor Receiver