Liebherr GP 2033 Comfort Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr GP 2033 Comfort (14 pagina’s), behorend tot de categorie Vrieskast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 81 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Liebherr GP 2033 Comfort of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Vrieskast |
| Model: | GP 2033 Comfort |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Soort bediening: | Knoppen |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Breedte: | 600 mm |
| Diepte: | 632 mm |
| Hoogte: | 1250 mm |
| Netbelasting: | - W |
| Geluidsniveau: | 39 dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | F |
| Jaarlijks energieverbruik: | 235 kWu |
| Nettocapaciteit vriezer: | 158 l |
| Vriescapaciteit: | 19 kg/24u |
| Materiaal behuizing: | Staal |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Bewaartijd bij stroomuitval: | 24 uur |
| Aantal planken vriezer: | 5 |
| Aantal sterren: | 4* |
| No Frost system: | Nee |
| Plankmateriaal: | Kunststof |
| Stroomgebruik per dag: | 0.482 kWh/24u |
| Klimaatklasse: | SN-T |
| Automatische ontdooiing ( diepvries ): | Ja |
| Geluidsemissieklasse: | C |
| Verstelbare voeten: | Ja |
| Thermostaat: | Ja |
| Meeteenheid temperatuur: | °C |
| Type product: | Staand |
| Type beeldscherm: | LCD |
| Energie-efficiëntieschaal: | A tot G |
| Zwenkwieltjes: | Ja |
Handleiding Liebherr GP 2033 Comfort – volledige tekst
Inhoudsopgave 1 Het apparaat in vogelvlucht. 2 1. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzicht. 2 1. 2 Toepassingen van het apparaat. 2 1. 3 Conformiteit. 3 1. 4 Opstelafmetingen. 3 1. 5 Energie sparen. 3 2 Algemene veiligheidsvoorschriften. 3 3 Bedienings- en controle-elementen. 4 3. 1 Bedienings- en controle-elementen. 4 3. 2 Temperatuurdisplay. 4 4 In gebruik nemen. 4 4. 1 Apparaat transporteren. 4 4. 2 Apparaat opstellen. 5 4. 3 Draairichting deur veranderen. 5 4. 4 Inbouw in het keukenblok. 7 4. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 7 4. 6 Apparaat aansluiten. 7 4. 7 Apparaat inschakelen. 7 5 Bediening. 7 5. 1 Helderheid van het temperatuurdisplay. 7 5. 2 Kinderbeveiliging. 8 5. 3 Temperatuuralarm. 8 5. 4 Levensmiddelen invriezen. 8 5. 5 Bewaartijden. 8 5. 6 Levensmiddelen ontdooien. 9 5. 7 Temperatuur instellen. 9 5. 8 SuperFrost. 9 5. 9 Laden. 9 5. 10 Plateaus. 9 5. 11 VarioSpace.
10 6 Onderhoud. 10 6. 1 handmatig ontdooien. 10 6. 2 Apparaat reinigen. 10 6. 3 Technische Dienst. 10 7 Storingen. 11 8 Uitzetten. 11 8. 1 Apparaat uitschakelen. 11 8. 2 Buiten werking stellen. 11 9 Apparaat afdanken. 12 De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijn mogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht 1.
1 (1) (4)Transportgreep achter Typeplaatje (2) Bedienings- en contro-lepaneel (5) VarioSpace (3) (6)Lades Stelpootjes, transportwiel-tjes achter 1. 2 Toepassingen van het apparaatHet apparaat is alleen geschikt voor het koelen van levensmiddelen in huishoudelijke of soort- gelijke omgeving. Hiertoe behoort bijvoorbeeldhet gebruik-in personeelskeukens, bed and breakfasts,-door gasten in landhuizen, hotels, motels, enandere onderkomens,- voor catering en soortgelijke diensten in degroothandelGebruik het apparaat alleen voor huishoudelijke toepassingen. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan. Het apparaat is niet geschikt voor het bewaren en koelen van medicijnen,bloedplasma, laboratoriumpreparaten en derge-lijke stoffen en producten als genoemd in de richtlijn inzake medische hulpmiddelen 2007/47/EG.
Misbruik van het apparaat kan leiden tot schade aan bewaarde producten oftot bederf ervan. Daarnaast is het apparaat nietgeschikt voor gebruik op plaatsen waar ontplof-fingsgevaar kan heersen. Het apparaat is volgens de klimaatklassegebouwd voor gebruik bij bepaalde omgevings- temperaturen. De klimaatklasse van uw appa-raat vindt u op het typeplaatje. AanwijzinguRespecteer de opgegeven omgevingstempe-raturen, zoniet vermindert de koelprestatie. Het apparaat in vogelvlucht 2 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www. vandenborre. be.
Klimaat-klassevoor omgevingstemperaturen SN, N tot 32 °C ST tot 38 °C T tot 43 °CEen storingsvrije werking van het apparaat is gewaarborgd tot een minimum omgevingstem-peratuur van 5 °C. 1. 3 Conformiteit Het koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. Het apparaat voldoet aan de van toepassing zijnde veiligheidsbe- palingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG,2009/125/EG en 2010/30/EU. Aanwijzing voor keuringsinstituten: De keuringen moeten worden uitgevoerd volgens degeldende normen en richtlijnen. De voorbereiding en keuring van de apparaten moeten met inachtneming van de beladingsschema's van de fabri- kant aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing en deworden uitgevoerd. 1. 4 OpstelafmetingenFig. 2 H (mm) GP 2033 1250 GP 2433 1447 GP 2733 1644x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm (zie 4. 2) groter. 1.
5 Energie sparen-Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Ventila-tieopeningen resp. -roosters niet afdekken. -Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke. -Het energieverbruik is afhankelijk van opstellingsomstandig-heden b. v. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). -Open het apparaat zo kort mogelijk. - Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, des te hoger ishet energieverbruik. - Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt opslaan. Rijpvorming wordt vermeden. - Warme gerechten in de kast plaatsen: eerst laten afkoelentot kamertemperatuur. - Wanneer het apparaat een dikke rijplaag heeft: apparaatontdooien. Stof doet het energieverbruik toenemen:- de koelmachine met warmtewisselaar - metalen rooster aan de achterkant vanhet apparaat - eens per jaar afstoffen.
het veilige gebruik van het apparaat instructies hebben gekregen en de daaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. - Als u het stroomsnoer van het apparaat uit het stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. - Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. - Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. - Reparaties, aanpassingen aan het apparaat en het vervangen van het netsnoer alleenlaten uitvoeren door de Technische Dienst ofander daarvoor opgeleid vakpersoneel. - Het apparaat alleen conform de beschrijving in de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. - Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door.
Brandgevaar:- Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieu- vriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappendkoelmiddel kan vlam vatten. • De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. • Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. • Binnenin het apparaat geen elektrische apparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ). Algemene veiligheidsvoorschriften * afhankelijk van model en uitvoering 3Downloaded from www. vandenborre. be.
• Wanneer er koelmiddel weglekt: Zorg datzich geen open vuur of ontstekingsbronnen in de buurt van de lekkage bevinden. Ruimte goed ventileren. Contact opnemenmet de Technische Dienst. - Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan, propaan, pentaan enz. in het apparaat bewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaar aan de op de verpakking vermelde inhouds- stoffen of een vlammensymbool. Eventueel ontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en andere voorwerpen met open vlammen uit de buurt van het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre- dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz.
niet als voetensteun of om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:- Te lang opgeslagen levensmiddelen nietmeer nuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:- Langdurig huidcontact met koude opper- vlakken en gekoelde of ingevroren levens- middelen vermijden of veiligheidsmaatre- gelen treffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs of ijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren. Gevaar voor verwonding en beschadiging:- Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.
Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht: GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt.
VOOR-ZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwij-zingen en tips gegeven worden. 3 Bedienings- en controle-elementen 3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig. 3 (1) (6)Toets On/Off Insteltoets (2) (7)Toets SuperFrost Toets Alarm (3) (8)Symbool Helderheid Symbool Kinderbeveili-ging (4) (9)Symbool SuperFrost Symbool Menu (5) (10)Temperatuurdisplay Symbool Alarm 3. 2 TemperatuurdisplayBij normale werking wordt aangegeven:-de ingestelde vriestemperatuurDe temperatuurdisplay knippert:-de temperatuurinstelling wordt gewijzigd- na het inschakelen is de temperatuur nog niet voldoendekoud-de temperatuur is meerdere graden gestegen4 In gebruik nemen 4.
4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. u Het apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een ander apparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaar liggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaat bevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel.
Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. u De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWING Gevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier. qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke.
qStel het apparaat niet op zonder hulp. qDe plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 per 8 g R 600a koelmiddel over een volume van1 m3 beschikken. Indien de plaatsingsruimte te klein is, kan in geval van een lek in het koelmiddelcircuit een ontvlam- baar gas-lucht-mengsel ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan debinnenkant van het apparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordt bereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat- diepte ca. 35 mm groter.
Het apparaat functioneert zonder gebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. u Bij een apparaat met meegele- verde wandafstandhouders deze wandafstandhouders links en rechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5). u Stel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4.
3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx 25qTorx 15qSteeksleutel SW 6qSchroevendraaierqmeegeleverde steeksleutelqeventueel een tweede persoon voor de montageVOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. In gebruik nemen * afhankelijk van model en uitvoering 5Downloaded from www. vandenborre. be.
met behulp van een accuschroevendraaier weer goed (met4 Nm) vastschroeven. Fig. 6 u Aan de bovenkant afdekking Fig. 6 (7) en afdekking Fig. 6 (8) met een schroevendraaier losklikken en schuinnaar beneden verwijderen. uLagerbout Fig. 6 (9) uitdraaien en aan de andere kant goed(min. 4 Nm) vastschroeven. uAfdekking Fig. 6 (7) aan de kant van de lagerbout weeraanbrengen: achteraan inzetten, vooraan vastklikken. uAfdekking Fig. 6 (8) op de tegenoverliggende kantmonteren: achteraan inzetten, vooraan vastklikken. Fig. 7 uTil de stop Fig. 7 (12) uit de deurlagerbus en plaats hem om. u Monteer deurgreep, stop Fig. 7 (10) en drukplatenFig. 7 (11) af en monteer ze aan de tegenoverliggende kant. uLet er bij het monteren van de drukplaten op, dat deze goedvastklikken. uVeerklem Fig. 8 (20) verplaatsen: Sluitnok omlaag drukken, veerklem eroverheen en eraftrekken.
8 uDeur boven in de lagerbout Fig. 6 (9) hangen. u Deur aan de onderkant vastzetten en de lagerbout Fig. 8 (21) in de lagerbus aanbrengen. Evt. de lagerboutdraaien om deze te laten vastklikken. uBorgschroef Fig. 4 (1) onder in de lagerbout draaien envastschroeven. (met 4 Nm)u De deur eventueel via de beide langsgaten in de lagerbusten opzichte van de kast uitlijnen. Daartoe middelste schroefuitdraaien. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. u De lagerbussen/lagerbouten goed (met 4 Nm) vast-schroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. In gebruik nemen 6 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www. vandenborre. be.
4. 4 Inbouw in het keukenblokFig. 9 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast (2) (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2). Het apparaat Fig. 9 (2) kan worden ingebouwd in de keuken. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan te passen, kunt u er een passende opbouwkast Fig. 9 (1) opplaatsen. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kan het apparaat direct naast de keukenkast Fig. 9 (3) wordengeplaatst. Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mmx en in hetmidden 50 mmx uit ten opzichte van het keukenkastfront. Belangrijk voor de ventilatie:- Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. - De ventilatieruimte onder het plafond moet minstens300 cm2 bedragen. - Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt.
Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muur Fig. 9 (4) , dan moet de afstand tussen apparaat en muur minstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen- Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met poly-ethyleen*u Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenLET OPGevaar voor beschadiging van de elektronische componenten. uGebruik geen omvormer (omzetten van gelijkstroom naarwisselstroom) of spaarstekker. WAARSCHUWINGBrand- en oververhittingsgevaar.
Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard en een elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kan worden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenuToets On/Off Fig. 3 (1) indrukken. w Het apparaat is ingeschakeld. Het temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 3 (10) knipperen tot de temperatuurkoud genoeg is. w Wanneer op het display „DEMO” wordt aangegeven, is de demonstratiemodus geactiveerd. U kunt contact opnemenmet de Technische Dienst. 5 Bediening 5. 1 Helderheid van het temperatuurdis-play U kunt de helderheid van het temperatuurdisplay aanpassenaan het omgevingslicht. 5. 1.
1 Helderheid instellenDe achtergrondverlichting kan worden uitgeschakeld of op een van de 5 lichtsterktes worden ingesteld. Bij levering is deachtergrondverlichting uitgeschakeld. u Instelmodus activeren: toets SuperFrost Fig. 3 (2) ca. 5 sindrukken. w Het symbool Menu Fig. 3 (9) is verlicht en het symboolKinderbeveiliging Fig. 3 (8) knippert. uInsteltoets Fig. 3 (6) indrukken om de helderheidsfunctie opte roepen. w Het symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (8) gaat uit en hetsymbool Helderheid Fig. 3 (3) knippert. uBevestigen: toets SuperFrost Fig. 3 (2) kort indrukken. wHet symbool Helderheid Fig. 3 (3) is verlicht. Bediening * afhankelijk van model en uitvoering 7Downloaded from www. vandenborre. be.
u Met de insteltoets Fig. 3 (6) uitschakelen of de gewenste helderheid kiezen. Hoe meer velden van het temperatuur-display oplichten, hoe feller de verlichting. Geen enkel veldverlicht betekent "uit". uBevestigen: toets SuperFrost Fig. 3 (2) indrukken. wHet symbool Helderheid Fig. 3 (3) knippert. wDe helderheid is op de nieuwe waarde ingesteld. uInstelmodus deactiveren: toets On/Off Fig. 3 (1) indrukken. -of-u5 min. wachten. w Het symbool Helderheid Fig. 3 (3) en het symbool MenuFig. 3 (9) gaan uit. w Op het temperatuurdisplay wordt weer de temperatuuraangegeven. 5. 2 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor dat kinderen bij het spelen het apparaat niet onbedoeld uitscha-kelen. 5. 2. 1 Kinderbeveiliging inschakelenu Instelmodus activeren: toets SuperFrost Fig. 3 (2) ca. 5 sindrukken. w Het symbool Menu Fig. 3 (9) is verlicht en het symboolKinderbeveiliging Fig.
3 (8) knippert. uDe toets SuperFrost Fig. 3 (2) kort indrukken om de functieKinderbeveiliging op te roepen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (8) brandt. In het temperatuurdisplay zijn de LED's -15 °C en-21 °C verlicht. uDe toets SuperFrost Fig. 3 (2) kort indrukken om de kinder-beveiliging in te schakelen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (8) knippert. De LED's-15 °C en -21 °C gaan uit. uInstelmodus deactiveren: toets On/Off Fig. 3 (1) indrukken. -of-u5 min. wachten. wHet symbool Menu Fig. 3 (9) gaat uit en in het temperatuur-display wordt de temperatuur weer aangeven. Het symboolKinderbeveiliging Fig. 3 (8) brandt. 5. 2. 2 Kinderbeveiliging uitschakelenu Instelmodus activeren: toets SuperFrost Fig. 3 (2) ca. 5 sindrukken. w Het symbool Menu Fig. 3 (9) is verlicht en het symboolKinderbeveiliging Fig. 3 (8) knippert. uDe toets SuperFrost Fig.
3 (2) kort indrukken om de kinder-beveiliging uit te schakelen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (8) knippert. uInstelmodus deactiveren: toets On/Off Fig. 3 (1) indrukken. -of-u5 min. wachten. wHet symbool Menu Fig. 3 (9) gaat uit en in het temperatuur-display wordt de temperatuur weer aangeven. Het symboolKinderbeveiliging Fig. 3 (8) is niet meer verlicht. 5. 3 Temperatuuralarm Wanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af. Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 3 (10). De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:- warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezergelegd- bij het sorteren en uitnemen van de levensmiddelen isteveel warme lucht binnengekomen-de stroom is voor langere tijd uitgevallen-het apparaat is defectHet akoestisch alarm stopt automatisch, het symbool AlarmFig.
3 (10) gaat uit en de temperatuurdisplay houdt op metknipperen, wanneer de temperatuur weer laag genoeg is. Wanneer het alarm niet uitgaat (zie Storingen). Aanwijzing Wanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levens-middelen bederven. u De kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. 5. 3. 1 Temperatuuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd. Wanneer de temperatuur weer laag genoeg is, is de alarmfunctie weeractief. uToets Alarm Fig. 3 (7) indrukken. 5. 4 Levensmiddelen invriezen U kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen 24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De laden kunnen elk met max. 25 kg diepvriesproducten, deplateaus elk met max. 35 kg worden belast. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven.
Richtwaardes voor de opslagduur van de verschillendelevensmiddelen: Vis, mager 6 tot 12 maanden Kaas 2 tot 6 maanden Gevogelte, rundvlees 6 tot 12 maanden Groente, fruit 6 tot 12 maandenDe aangegeven bewaartijden zijn richtwaardes. 5. 6 Levensmiddelen ontdooien - bij kamertemperatuur - in een magnetron - in een oven/heteluchtovenu Neem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 7 Temperatuur instellenAanbevolen temperatuurinstelling: -18 °CU kunt de temperatuur doorlopend veranderen. Is de instelling-32 °C bereikt dan wordt opnieuw bij -15 °C begonnen. u Temperatuurverstelling oproepen: druk eenmaal op deinsteltoets Fig. 3 (6). w In het temperatuurdisplay knippert de LED van de huidigetemperatuur. uDruk net zo vaak op de insteltoets Fig.
3 (6) tot de LEDs degewenste temperatuur aangeven. Aanwijzingu Door de insteltoets lang in te drukken wordt binnen eenkleine temperatuurzone (b. v. : tussen -15 °C en -18 °C) eeniets koudere waarde ingesteld. In het temperatuurdisplay is dan de LED van de eerstvolgende lagere temperatuurzoneverlicht. 5. 8 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen snel tot op de kern invriezen. Het apparaat werkt met maximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. Bovendien bouwen reeds ingevroren levensmiddelen zo een„koudereserve op”. Daardoor blijven de levensmiddelen langerbevroren, wanneer u het apparaat ontdooit. U kunt maximaal zoveel nieuwe levensmiddelen binnen 24 hinvriezen, als op het typeplaatje onder „invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De invriescapaciteit is afhankelijk van hetmodel en de klimaatklasse van het apparaat.
Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die worden ingevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca.
6h, bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. In tevriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren producten in contact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen. SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te scha-kelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt- bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dag 5. 8. 1 Met SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 3 (2) kort indrukken. wHet symbool SuperFrost Fig. 3 (4) is verlicht. w De temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximalekoeling. Aanwijzingu Bij het indrukken van de toets SuperFrost kan de inge- bouwde inschakelvertraging ervoor zorgen dat het inscha- kelen van de compressor maximaal 8 minuten vertraagd wordt.
Deze vertraging verhoogt de levensduur van decompressor. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten. uVerpakte levensmiddelen in de onderste laden leggen. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen(zie typeplaatje):uca. 24 u wachten. u Onderste lade uitschuiven en de levensmiddelen direct inhet apparaat leggen, zodat ze contact met de bodem of dezijwanden hebben. wSuperFrost schakelt na ca. 65 u automatisch uit. wHet symbool SuperFrost Fig. 3 (4) gaat uit, wanneer hetinvriezen is afgesloten. w In de temperatuurdisplay is het temperatuurbereik verlicht,dat is ingesteld voor normaal bedrijf. uLevensmiddelen in de lade leggen en deze weer inschuiven. w Het apparaat werkt in de energiebesparende normalemodus verder.
5. 11 VarioSpace Naast de schuifladen kunt u tevens de plateaus verwijderen. Zo creëert u plaats voor levens- middelen van groot formaat. Gevogelte, vlees, groot wild enhoog gebak kunnen geheel en al worden ingevroren en laterverder verwerkt. u De laden kunnen elk met max. 25 kg diepvriespro- ducten, de plateaus elk metmax. 35 kg worden belast. 6 Onderhoud 6. 1 handmatig ontdooien In het apparaat vormt zich na langere gebruiksduur een rijp-resp. ijslaag. De vorming van een rijp- resp. ijslaag wordt in de hand gewerktdoor vaak de deur te openen of door warme levensmiddelen inte leggen. Een dikkere ijslaag verhoogt echter het energiever-bruik. Daarom moet u het apparaat regelmatig ontdooien. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. uVoor het ontdooien geen elektrische kacheltjes of stoomrei-nigers, open vuur of ontdooispray gebruiken.
uGebruik geen scherpe voorwerpen om ijs te verwijderen. u Schakel één dag voor het ontdooien de SuperFrost-functiein. wDe diepvriesproducten krijgen een „koudereserve”. uSchakel het apparaat uit. wDe temperatuurdisplay gaat uit. w Als de temperatuurdisplay niet uitgaat, dan is de kinderbe-veiliging (zie 5. 2) geactiveerd. uTrek de stekker uit of schakel de beveiliging uit. uBewaar de ingevroren levensmiddelen evt. in een diepvries- lade, en in kranten of dekens gewikkeld, op een koeleplaats. uPlaats een pan met heet, niet kokendwater op een plateau in het midden. wHet ontdooien wordt versneld. wDooiwater wordt in de lades opgevangen. u Laat tijdens het ontdooien de deur van het apparaat openstaan. uLosgeraakte ijsstukken uitnemen. u Dooiwater evt. meerdere keren met een spons of doekopnemen. uHet apparaat reinigen (zie 6. 2). 6.
uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. u Geen bijtende, schurende, chloor- resp. oplosmiddelbevat-tende schoonmaakproducten gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. u Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. u Kabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. u Laat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. u Gebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uLuchttoe- en -afvoerroosters regelmatig reinigen. wStof verhoogt het energieverbruik.
uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw- warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. LET OP De zijn voorzien van een hoogwaar-roestvrijstalen deuren dige oppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegdereinigingsmiddel worden behandeld. De oppervlaktecoating wordt door dit middel aangetast. uDe uitsluitend met een zachtegecoate deuroppervlakken schone doek afvegen. Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken. Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. u De kan met speciale in debuitenkant van roestvrijstaal handel verkrijgbare roestvrijstaalreiniger worden gereinigd. Vervolgens het meegeleverde rvs onderhoudsmiddel gelijk-matig in slijprichting aanbrengen. uGelakte zijwanden gelakte deuroppervlakken en uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen. Bij hardnekkigvuil een beetje water of allesreiniger gebruiken.
Naar keuzekan ook een microvezeldoek worden gebruikt. u Onderdelen met lauwwarm water en een beetje afwas-middel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen.
uSuperFrost inschakelen (zie 5. 8). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Technische Dienst Probeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zieStoringen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact opmet de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegdoverzicht. Onderhoud 10 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www. vandenborre. be.
WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan- sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie Onder- houd), uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uApparaataanduidingFig. 10 (1), service-nr. Fig. 10 (2) en serie-nr. Fig. 10 (3) van het typeplaatje aflezen. Het typeplaatje bevindt zich aan de linkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 10 u Contact opnemen met de Technische Dienst en het probleem, apparaataanduiding Fig. 10 (1) , service-nr. Fig. 10 (2) en serie-nr. Fig. 10 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. u Het apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. u Trek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit.
7 Storingen Uw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veilige werking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. → De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld.
u Om de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal.
Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleiding van de verschillende draaisnelheden verschillendegeluiden veroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→ Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens- middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Vibratiegeluiden. →Het apparaat staat niet stabiel op de grond.
Door het draai- ende koelaggregaat beginnen aangrenzende meubels envoorwerpen te trillen. uStel het apparaat af m. b. v. de stelpootjes. uFlessen en containers uit elkaar zetten. Het symbool SuperFrost Fig. 3 (4) knippert tegelijkertijd metde temperatuurdisplay. →Het betreft een storing. u Neem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). In de temperatuurdisplay brandt DEMO. →De demonstratie-modus is geactiveerd. u Neem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. → De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uLuchtrooster schoonmaken. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend.
→ Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. 8 Uitzetten 8. 1 Apparaat uitschakelenuToets On/Off Fig. 3 (1) indrukken, totdat het display donkerwordt. Toets loslaten. wWanneer het apparaat niet kan worden uitgeschakeld, is dekinderbeveiliging actief (zie 5. 2). 8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uStekker uittrekken. uApparaat reinigen (zie 6. 2). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. Storingen * afhankelijk van model en uitvoering 11Downloaded from www. vandenborre. be.
9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen en mag niet met het gewoon huis- of grofvuil worden meegegeven. Het recyclen van afgedankte appa- raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstigde plaatselijk geldende voorschriften en wetten. Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat het koelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen.uApparaat onbruikbaar maken.uTrek de stekker uit.uSnijd het aansluitsnoer door.Apparaat afdanken 12 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www.vandenborre.be
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr GP 2033 Comfort stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vrieskast Liebherr
Handleiding Vrieskast
Nieuwste handleidingen voor Vrieskast