Liebherr GNP 1066 Premium Handleiding

Liebherr Vrieskast GNP 1066 Premium

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr GNP 1066 Premium (12 pagina’s), behorend tot de categorie Vrieskast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 79 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Liebherr GNP 1066 Premium of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/12
Gebruiksaanwijzing
Tafelmodel diepvrieskast
290814 7081992 - 02
GN(P) 10.. ... 6

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Vrieskast
Model: GNP 1066 Premium
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Soort bediening: Knoppen
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 42100 g
Breedte: 602 mm
Diepte: 628 mm
Hoogte: 851 mm
Netbelasting: 132 W
Kinderslot: Ja
Geluidsniveau: 39 dB
Energie-efficiëntieklasse: E
Jaarlijks energieverbruik: 186 kWu
Gewicht verpakking: 44800 g
Breedte verpakking: 617 mm
Diepte verpakking: 711 mm
Hoogte verpakking: 911 mm
Brutocapaciteit vriezer: 102 l
Nettocapaciteit vriezer: 99 l
Vriescapaciteit: 14 kg/24u
Materiaal behuizing: Staal
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Geschikt voor paneelaanpassing: Nee
Bewaartijd bij stroomuitval: 22 uur
Snelvriesfunctie: Ja
Aantal planken vriezer: 3
Aantal sterren: 4*
Temperatuur alarm: Nee
No Frost system: Ja
Plankmateriaal: Glas
Deur open alarm: Ja
Stroomgebruik per dag: 0.409 kWh/24u
Stroom: 1.3 A
Klimaatklasse: SN-ST
Automatische ontdooiing ( diepvries ): Ja
Geluidsemissieklasse: C
Markt positionering: Tafelblad
Omzetbare vriezer: Nee
VarioSpace-systeem: Ja
SuperFrost-functie: Ja
Pakketgewicht: 44.8 kg
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Bedrijfstemperatuur (T-T): 10 - 38 °C
Type product: Tafelblad
Energie-efficiëntieschaal: A tot G

Handleiding Liebherr GNP 1066 Premium – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaat- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingen van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Opstelmaten. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 43. 1 Bedienings- en controle-elementen. 43. 2 Temperatuurdisplay. 44 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Scharnierpunt deur omwisselen. 54. 4 Inbouw in het keukenblok. 64. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 64. 6 Apparaat aansluiten. 64. 7 Apparaat inschakelen. 65 Bediening. 75. 1 Helderheid van het temperatuurdisplay. 75. 2 Kinderbeveiliging. 75. 3 Deuralarm. 75. 4 Temperatuuralarm. 75. 5 Levensmiddelen invriezen. 75. 6 Levensmiddelen ontdooien. 85. 7 Temperatuur instellen. 85. 8 SuperFrost. 85. 9 Laden. 85. 10 Plateaus. 85. 11 VarioSpace. 95. 12 Info-systeem. 95. 13 Koudeaccu's.

96 Onderhoud. 96. 1 Ontdooien met NoFrost. 96. 2 Apparaat reinigen. 96. 3 Technische Dienst. 97 Storingen. 108 Uitzetten. 108. 1 Apparaat uitschakelen. 108. 2 Buiten werking stellen. 119 Apparaat afdanken. 11De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1.

1 (1) Bedienings- encontrole-elementen(5) Verstelbare poten(2) VarioSpace* (6) NoFrost-inrichting(3) Schuiflade (7) Koude accu's(4) Typeplaatje1. 2 Toepassingen van het apparaatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is alleen geschikt voor het koelenvan levensmiddelen in huishoudelijke of soort-gelijke omgeving. Hiertoe behoort bijvoorbeeldhet gebruik-in personeelskeukens, bed and breakfasts,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere onderkomens,-voor catering en soortgelijke diensten in degroothandel. Gebruik het apparaat alleen voor huishoudelijketoepassingen. Alle andere toepassingen zijnniet toegestaan.

Te voorzien verkeerd gebruikDe volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-het bewaren en koelen van medicijnen,bloedplasma, laboratoriumpreparaten endergelijke stoffen en producten als genoemdin de richtlijn inzake medische hulpmiddelen2007/47/EG,-het gebruik in explosiegevaarlijke gebieden,Misbruik van het apparaat kan leiden tot schadeaan bewaarde producten of tot bederf ervan. KlimaatklassenHet apparaat is volgens de klimaatklassegebouwd voor gebruik bij bepaalde omgevings-temperaturen. De klimaatklasse van uw appa-raat vindt u op het typeplaatje. Het apparaat in vogelvlucht2 * afhankelijk van model en uitvoering.

AanwijzinguRespecteer de opgegeven omgevingstempe-raturen, zoniet vermindert de koelprestatie. Klimaat-klassevoor omgevingstemperaturenSN, N tot 32 °CST tot 38 °CT tot 43 °CEen storingsvrije werking van het apparaat isgewaarborgd tot een minimum omgevingstem-peratuur van 5 °C. 1. 3 ConformiteitHet koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. Hetapparaat voldoet aan de van toepassing zijnde veiligheidsbe-palingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG,2009/125/EG en 2010/30/EU. Aanwijzing voor keuringsinstituten:De keuringen moeten worden uitgevoerd volgens degeldende normen en richtlijnen. De voorbereiding en keuring van de apparaten moeten metinachtneming van de beladingsschema's van de fabri-kant en de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzingworden uitgevoerd. 1. 4 OpstelmatenFig. 2 Modell h a g e e' d c c'GN 10. 851 602 611 628 657 1174 613 640GNP 10.

851 602 611x628x657x1174x613 640x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2). 1. 5 Energie sparen-Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Ventila-tieopeningen resp. -roosters niet afdekken. -Ventilatorluchtspleten altijd vrij houden. -Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke. -Het energieverbruik is afhankelijk van opstellingsomstandig-heden b. v. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). -Open het apparaat zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, des te hoger ishet energieverbruik. -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt opslaan. Rijpvorming wordt vermeden. -Levensmiddelen slechts zolang als nodig buiten het appa-raat laten staat, zodat ze niet te warm worden. -Warme gerechten in de kast plaatsen: eerst laten afkoelentot kamertemperatuur.

2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaaren ouder, evenals door personen metbeperkte fysische, sensorische of mentalecapaciteiten of gebrek aan ervaring en kennisworden gebruikt, wanneer ze onder toezichtstaan of m. b. t. het veilige gebruik van hetapparaat instructies hebben gekregen en dedaaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is.

-Reparaties, aanpassingen aan het apparaaten het vervangen van het netsnoer alleenlaten uitvoeren door de Technische Dienst ofander daarvoor opgeleid vakpersoneel. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieu-vriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappendkoelmiddel kan vlam vatten. •De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. •Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. Algemene veiligheidsvoorschriften* afhankelijk van model en uitvoering 3.

•Binnenin het apparaat geen elektrischeapparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ). •Wanneer er koelmiddel weglekt: Zorg datzich geen open vuur of ontstekingsbronnenin de buurt van de lekkage bevinden. Ruimte goed ventileren. Contact opnemenmet de Technische Dienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard.

Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen nietmeer nuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levens-middelen vermijden of veiligheidsmaatre-gelen treffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.

Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwij-zingen en tips gegeven worden. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig.

3 (1) Aan/uit-toets (6) Symbol alarm(2) Insteltoets (7) Symbool menu(3) Temperatuurdisplay (8) Symbool kinderbeveiliging(4) SuperFrost-toets (9) Alarm-toets(5) Symbool SuperFrost (10) Symbool stroomstoring3. 2 TemperatuurdisplayBij normale werking wordt aangegeven:-de warmste vriestemperatuurDe temperatuurdisplay knippert:-de temperatuurinstelling wordt gewijzigd-na het inschakelen is de temperatuur nog niet voldoendekoud-de temperatuur is meerdere graden gestegenOp de display knipperen streepjes:-de vriestemperatuur is hoger dan 0 °C. De volgende aanduidingen wijzen op een storing. Mogelijkeoorzaken en maatregelen voor het oplossen (zie Storingen). -F0 tot F5-Het symbool stroomuitval knippert. Bedienings- en controle-elementen4 * afhankelijk van model en uitvoering.

4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd trans-port. uHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet alleen transporteren. 4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen.

uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel. Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier.

qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke.

qOptimale standplaats is een droge en goed geventileerderuimte. qHet apparaat met de achterkant en indien gewenst inclusiefde meegeleverde wandafstandhouders (zie beneden) directtegen de muur plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverschoven. qStel het apparaat niet op zonder hulp. qHoe meer koelmiddel R 600a er in het apparaat is, des tegroter moet de ruimte zijn, waarin het apparaat staat. In tekleine ruimtes kan bij een lek een brandbaar mengsel vangas en lucht ontstaan. Volgens de norm EN 378 moet per11 g koelmiddel R 600a de plaatsingsruimte ten minste 1 m3groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel van uw apparaat staatop het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen.

Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat-diepte ca. 35 mmgroter. Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezewandafstandhouders links enrechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5). uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4.

3 Scharnierpunt deur omwisselenIndien nodig is kan het scharnierpunt worden verwisseld. Zorg ervoor dat het volgende gereedschap klaarligt:qTorx® 25qTorx® 15qmeegeleverde steeksleutelqevt.

VOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. Fig. 4 bij apparaten met handgreepuGa te werk in de volgorde van de nummering in de afbeel-ding. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan dedeur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen/lagerbouten goed (met 4 Nm) vast-schroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. 4. 4 Inbouw in het keukenblokFig. 5 (1) Opbouwkast (3) Keukenkast(2) Apparaat (4) Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2). Het apparaat Fig. 5 (2) kan worden ingebouwd in de keuken.

Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kunt u er een passende opbouwkast Fig. 5 (1) opplaatsen. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 5 (3) wordengeplaatst. Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mmx en in hetmidden 50 mmx uit ten opzichte van het keukenkastfront. Ventilatie-eisen:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. -De ventilatieruimte onder het plafond moet minstens300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt. Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 5 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4.

De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met poly-ethyleen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenLET OPGevaar voor beschadiging van de elektronische componenten. uGebruik geen omvormer (omzetten van gelijkstroom naarwisselstroom) of spaarstekker. WAARSCHUWINGBrand- en oververhittingsgevaar. uGebruik geen verlengsnoer of verdeeldoos. Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje (zieHet apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A.

Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenuToets On/Off Fig. 3 (1) indrukken. In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.

wHet apparaat is ingeschakeld. Het temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 3 (6) knipperen tot de temperatuurkoud genoeg is. wWanneer op het display „DEMO” wordt aangegeven, is dedemonstratiemodus geactiveerd. U kunt contact opnemenmet de Technische Dienst. 5 Bediening5. 1 Helderheid van het temperatuurdis-playU kunt de helderheid van het temperatuurdisplay aanpassenaan het omgevingslicht. 5. 1. 1 Helderheid instellenDe helderheid is instelbaar tussen h 0 (minimale verlichting) enh 5 (maximale lichtsterkte). uInstelmodus activeren: toets SuperFrost Fig. 3 (4) ca. 5 sindrukken. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 3 (7) weerge-geven. wOp de display knippert c. uMet de Insteltoets Fig. 3 (2)h selecteren. uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (4) kort bevestigen. wOp de display verschijnt de laatst ingesteldehelderheidswaarde. uMet de Insteltoets Fig.

3 (2) de gewenste waarde tussen h 0en h 5 selecteren. uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (4) de nieuw ingesteldehelderheidswaarde kort bevestigen. wOp de display knippert h. wDe helderheid is ingesteld. uInstelmodus na de verandering deactiveren: Aan/uit-toetsFig. 3 (1) één keer indrukken. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. Is de instelmodus al geactiveerd, maar moet de oude helder-heidswaarde worden gehandhaafd:uAan/uit-toets Fig. 3 (1)twee keer indrukken, om de instel-modus de deactiveren. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. 5. 2 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor dat kinderenbij het spelen het apparaat niet onbedoeld uitscha-kelen. 5. 2. 1 Kinderbeveiliging instellenMoet de functie worden ingeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 3 (4)gedurende ca. 5 seconden in.

wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 3 (7) weerge-geven. wOp de display knippert c. uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (4) kort bevestigen. wOp het display verschijnt c1. uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (4) kort bevestigen.

wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (8) op dedisplay gaat branden. wOp de display knippert c. wDe functie kinderbeveiliging is ingeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off Fig. 3 (1) kort in. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. Moet de functie worden uitgeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 3 (4)gedurende ca. 5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 3 (7) weerge-geven. wOp de display knippert c. uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (4) kort bevestigen. wOp het display verschijnt c0. uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (4) kort bevestigen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (8) gaat uit. wOp de display knippert c. wDe functie kinderbeveiliging is uitgeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off Fig. 3 (1) kort in. -of-u5 min.

wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. 5. 3 DeuralarmWanneer de deur langer dan 60 seconden geopendis, gaat het akoestisch alarm af. Het akoestisch alarm stopt automatisch, zodra dedeur gesloten wordt. 5. 3. 1 Deuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgescha-keld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat. uToets Alarm Fig. 3 (9) indrukken. wHet akoestisch alarm gaat uit. 5. 4 TemperatuuralarmWanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af. Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 3 (6). Het akoestisch alarm stopt automatisch, het symbool AlarmFig. 3 (6) gaat uit en de temperatuurdisplay houdt op met knip-peren, wanneer de temperatuur weer laag genoeg is. Wanneer het alarm niet uitgaat (zie Storingen). 5. 4.

5 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De laden kunnen elk met max. 25 kg diepvriesproducten, deplateaus elk met max. 35 kg worden belast. Bediening* afhankelijk van model en uitvoering 7.

VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen. Om de levenmiddelen snel door en door te laten bevriezen,mag u de volgende hoeveelheden per verpakking niet over-schrijden:- fruit, groente max. 1 kg- vlees max. 2,5 kguVerdeel de levensmiddelen in porties en doe ze in diepvries-zakjes of in herbruikbare bakjes van kunststof, metaal ofaluminium. 5. 6 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5.

7 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de ruimtetemperatuur op de opstellocatie-de aard, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: -18 °CDe Temperatuur kan doorlopend gewijzigd worden. Is deinstelling -28 °C bereikt, wordt weer bij -14 °C begonnen. uTemperatuurfunctie oproepen: Eenmaal Instel-toets Fig. 3 (2) indrukken. wOp het temperatuurdisplay wordt de tot nog toeingestelde waarde knipperend aangegeven. uTemperatuur wijzigen in stappen van 1 °C: Drukde insteltoets () net zo vaak in totdat degewenste temperatuur op het temperatuurdis-play oplicht. uTemperatuur doorlopend veranderen: insteltoets ingedrukthouden. wTijdens het instellen wordt de waarde knipperend weerge-geven. wCa.

5 seconden nadat de toets voor de laatste keer werdingedrukt, wordt de nieuwe instelling overgenomen en dedaadwerkelijke temperatuur weer aangegeven. De tempera-tuur in de binnenruimte past zich langzaam aan de nieuweinstelling aan. 5. 8 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen.

Het apparaat werkt metmaximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. U kunt maximaal zoveel nieuwe levensmiddelen binnen 24 hinvriezen, als op het typeplaatje onder „invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De invriescapaciteit is afhankelijk van hetmodel en de klimaatklasse van het apparaat. Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die wordeningevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca. 6h, bijde maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. In tevriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren producten incontact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen.

SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te scha-kelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dag5. 8. 1 Met SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 3 (4) eenmaal kort indrukken. wHet symbool SuperFrost Fig. 3 (5) is verlicht. wDe temperatuur daalt, het apparaat werkt met maximalekoeling. AanwijzinguBij het indrukken van de toets SuperFrost kan het voor-komen dat de compressor door de ingebouwde inschakel-vertraging maximaal 8 minuten later wordt ingeschakeld. Deze vertraging verhoogt de levensduur van decompressor. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten. uVerpakte levensmiddelen in de diepe onderste ladenleggen. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 24 u wachten.

5. 11 VarioSpaceNaast de schuifladen kunt u tevensde plateaus verwijderen. Zo creëertu plaats voor levensmiddelen vangroot formaat. Gevogelte, vlees,groot wild en hoog gebak kunnengeheel en al worden ingevroren enlater verder verwerkt. uDe laden kunnen elk met max. 25 kg diepvriesproducten, deplateaus elk met max. 35 kgworden belast. 5. 12 Info-systeemFig. 6 (1) Kant-en-klaregerechten, ijs(4) Vleeswaren, brood(2) Varkensvlees, vis (5) Wild, paddestoelen(3) Fruit, groenten (6) Gevogelte, rund-/kalfs-vleesDe getallen geven telkens voor meerdere soorten ingevrorenlevensmiddelen de bewaartijd in maanden aan. De vermeldebewaartijden zijn richtwaarden. 5. 13 Koudeaccu'sDe koudeaccu's verhinderen bij stroomuitval, dat de tempera-tuur te snel stijgt. 5. 13. 1 Koudeaccu's gebruikenuDe bevroren koudeaccu's bovenin het voorste vriesgedeelte opde ingevroren levensmiddelenleggen. 6 Onderhoud6.

1 Ontdooien met NoFrostHet NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch. Het vocht slaat neer op de verdamper, wordt regelmatigontdooid en verdampt dan. uU hoeft het apparaat niet handmatig te ontdooien. 6. 2 Apparaat reinigenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen bijtende, schurende, chloor- resp. oplosmiddelbevat-tende schoonmaakproducten gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen.

uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. LET OPDe roestvrijstalen deuren zijn voorzien van een hoogwaar-dige oppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegdereinigingsmiddel worden behandeld. De oppervlaktecoating wordt door dit middel aangetast. uDe gecoate deuroppervlakken uitsluitend met een zachteschone doek afvegen. Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken. Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. uDe buitenkant van roestvrijstaal kan met speciale in dehandel verkrijgbare roestvrijstaalreiniger worden gereinigd. Vervolgens het meegeleverde rvs onderhoudsmiddel gelijk-matig in slijprichting aanbrengen.

uGelakte zijwanden en gelakte deuroppervlakken uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen. Bij hardnekkigvuil een beetje water of allesreiniger gebruiken. Naar keuzekan ook een microvezeldoek worden gebruikt. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 8). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zieStoringen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact opmet de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegdoverzicht. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie Onder-houd), uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren.

uApparaataanduidingFig. 7 (1), service-nr. Fig. 7 (2) en serie-nr. Fig. 7 (3) van hettypeplaatje aflezen. Het typeplaatjebevindt zich aan delinkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 7 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 7 (1), service-nr. Fig. 7 (2) en serie-nr. Fig. 7 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt.

In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal.

Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillendegeluiden veroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt.

uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Vibratiegeluiden. →Het apparaat staat niet stabiel op de grond. Door het draai-ende koelaggregaat beginnen aangrenzende meubels envoorwerpen te trillen. uStel het apparaat af m. b. v. de stelpootjes. uFlessen en containers uit elkaar zetten. In de temperatuurdisplay wordt aangegeven: F0 tot F5. →Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd).

Op het temperatuurdisplay knippert stroomuitval. Ophet temperatuurdisplay wordt de warmste temperatuurweergegeven, die tijdens de stroomuitval werd bereikt. →De vriestemperatuur was door stroomuitval of een stroom-onderbreking in de afgelopen uren of dagen te hoog. Zodrade stroomonderbreking voorbij is, werkt het apparaat weerverder met de laatste temperatuurinstelling. uAanduiding van de warmste temperatuur wissen: toetsAlarm Fig. 3 (9) indrukken. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. Ontdooide levensmid-delen niet meer opnieuw invriezen. In de temperatuurdisplay brandt DEMO. →De demonstratie-modus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal.

Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uLuchtrooster schoonmaken. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2).

→Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelfwordt bereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie Onderhoud). →U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrostopgeslagen. uOplossing: (zie 5. 8)→De temperatuur is verkeerd ingesteld. uStel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur. →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. In de display worden streepjes („- -”) aangegeven. →De vriestemperatuur is door stroomuitval of een stroomon-derbreking boven nul gestegen. uZie ook “Stroomuitval” en “ ”8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenuToets On/Off Fig. 3 (1) indrukken, totdat het display donkerwordt. Toets loslaten. wWanneer het apparaat niet kan worden uitgeschakeld, is dekinderbeveiliging actief (zie 5. 2).

8.2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken.uStekker uittrekken.uApparaat reinigen (zie 6.2) .uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan.9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstigde plaatselijk geldende voorschriften en wetten.Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen.uApparaat onbruikbaar maken.uTrek de stekker uit.uSnijd het aansluitsnoer door.Apparaat afdanken* afhankelijk van model en uitvoering 11

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr GNP 1066 Premium stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden