Liebherr GIU 1313 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr GIU 1313 (11 pagina’s), behorend tot de categorie Vrieskast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 87 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Liebherr GIU 1313 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Vrieskast |
| Model: | GIU 1313 |
Handleiding Liebherr GIU 1313 – volledige tekst
33GIUNL* afhankelijk van model en uitvoeringBewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem eventueel aan de volgende eigenaar door. Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk. Wij feliciteren u met uw nieuwe apparaat. Door uw aankoop heeft u gekozen voor alle voordelen van de modernste koudetechniek, die u een hoogwaardige kwaliteit, een lange levensduur en een hoge bedrijfsze-kerheid garandeert. De uitvoering van uw apparaat biedt u elke dag opnieuw optimaal bedieningscomfort. Met dit apparaat, gefabriceerd met milieuvriendelijke technieken en recyclebare materialen, leveren u en wij gezamenlijk een actieve bijdrage aan het behoud van ons milieu. Lees, om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, a. u. b. de informatie in deze gebruiksaan-wijzing aandachtig door. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat.
Inhoud Pag. Gebruiksaanwijzing Het apparaat in vogelvlucht. 32 Algemene bepalingen. 33 Tips voor energiebesparing. 33 1 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 34 Aanwijzing m. b. t. afdanken. 34 Technische veiligheid. 34 Veiligheid bij gebruik. 34 Inbouw- en ventilatie-aanwijzing. 34 Aansluiten. 34 2 Ingebruikneming en controlepaneel. 35 In- en uitschakelen. 35 Temperatuur instellen. 35 Temperatuurdisplay. 35 Alarm - geluidssignaal, rood waarschuwingslampje. 35 3 SuperFrost. 36 Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren. 36 4 Info-systeem. 37 IJsblokjes maken. 37 5 Ontdooien. 37 Reinigen. 37 6 Storingen. 38 Technische dienst en typeplaatje. 38Inbouwhandleiding Draairichting deur veranderen. 38-39 Inbouwaanwijzingen. 38 Bevestiging en montage. 40-41Algemene bepalingen W Het apparaat werd ontworpen voor het invriezen en be-waren van levensmiddelen evenals het maken van ijs.
Het is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Bij professioneel gebruik (in de horeca, detailhandel enz. ) moeten de op de betreffende bedrijfstak van toepassing zijnde voor-schriften worden nageleefd.
W Het apparaat is afhankelijk van de klimaatklasse voor gebruik bij begrensde omgevingstemperaturen ontwor-pen. Deze temperaturen moeten worden aangehouden. De voor uw apparaat van toepassing zijnde klimaatklasse is op het typeplaatje gedrukt. Hierbij betekent: Klimaatklasse Ontworpen voor omgevingstemperaturen _____________________________________________ SN, N tot +32 °C ST tot +38 °C T tot +43 °C - Een storingvrij bedrijf van het apparaat is tot een laagste omgevingstemperatuur van +5 °C gewaarborgd. - Het koelmiddelcircuit is op lekkages gecontroleerd. - Het apparaat voldoet in de inbouwstaat aan de van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen evenals de EG-richtlijnen 73/23/EEG en 89/336/EEG. Tips voor energiebesparing W Houd de ventilatieopeningen vrij. W Laat de deur nooit onnodig lang open staan.
W Plaats de levensmiddelen soort bij soort in het apparaat; houdt u aan de maximale bewaartijd. W Bewaar alle levensmiddelen goed verpakt of afgedekt; rijpvorming wordt zo voorkomen. W Laat warme gerechten eerst tot kamertemperatuur afkoe-len voordat u ze in het apparaat plaatst. W Laat ingevroren levensmiddelen in de koelruimte ontdooien. W Ontdooi het apparaat bij een dikkere laag rijp. Hierdoor wordt de koudeovergang verbeterd en blijft het energie-verbruik laag. W Houd de deur van het apparaat bij een storing gesloten. Zo voorkomt u dat de temperatuur snel oploopt en blijft de kwaliteit van de levensmiddelen langer bewaard. §.
34 GIU* afhankelijk van model en uitvoering 1 Veiligheidsinstructies en waarschuwingenAanwijzing m. b. t. afdankenDe verpakking is van recyclebare materialen gefa-briceerd. - Golfkarton/karton - Voorgevormde delen van geschuimd polystyreen - Folies van polyetheen - Spanbanden van polypropeen W Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kin-deren - verstikkingsgevaar door folies. W Breng a. u. b. de verpakking naar een officiële inzamel-punt. Het afgedankte apparaat bevat nog waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesor-teerde afval worden afgevoerd. W Afgedankte apparaten onbruikbaar maken: trek de stekker uit het stopcontact, snijd het netsnoer door en zet de sluiting buiten werking zodat kinderen zich niet kunnen opsluiten. W Let erop dat het koelmiddelcircuit tijdens het transport van het afgedankte apparaat niet wordt beschadigd.
W Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het typeplaatje. W Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voor-schriften en wetten. Technische veiligheid W Om persoonlijk letsel en materiële schade te voorkomen, het apparaat alleen verpakt transporteren en met twee personen neerzetten. W Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvrien-delijk, maar brandbaar. W Leidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. Eruit spuitend koelmiddel kan oogletsel veroorza-ken of ontbranden. W Wanneer koelmiddel vrijkomt, dan open vuur of ontste-kingsbronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijderen, stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte goed ventileren. W Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aan-sluiten - bij de leverancier reclameren.
W In geval van een storing het apparaat van het net loskop-pelen: stekker uit het stopcontact trekken (hierbij niet aan de aansluitkabel trekken) of zekering laten aanspringen resp. eruit draaien. W Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de technische dienst laten uitvoeren, daar anders aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. Veiligheid bij gebruik W Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, pro-paan, pentaan enz. , in het apparaat. Eventueel vrijkomende gassen zouden door elektrische componen-ten kunnen ontbranden. U herkent dergelijke spuitbussen aan de erop gedrukte inhoudsvermelding of aan een vlamsymbool. W Producten met een hoog percentage alcohol alleen goed afgesloten en staande bewaren.
W In het inwendige van het apparaat geen open vuur of ontstekingsbronnen gebruiken. W Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebrui-ken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, verwarmingsappa-ratuur, ijsmakers enz. ). W Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te leunen misbruiken. W Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of perso-nen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschik-ken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden onderwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent. Kinde-ren mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorko-men dat ze met het apparaat spelen. W Voorkom voortdurend huidcontact met koude oppervlak-ken of te koelen/te bevriezen levensmiddelen want dat kan een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing veroorzaken.
Bij langdurig huidcontact veiligheidsmaatregelen treffen, bijv. handschoenen dragen. W Consumptie-ijs, met name waterijs of ijsblokjes, na het eruit nemen niet onmiddellijk en niet te koud consumeren. Door de lage temperaturen bestaat "Gevaar voor verbran-ding".
W Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken. Inbouw- en ventilatie-aanwijzing W Vermijd de inbouw direct in het zonlicht, naast een fornuis, radiator en dergelijke. W De ventilatieopeningen mogen niet afge-dekt worden. Altijd op een goede be- en ontluchting letten. Neem de aanwijzingen uit de appendix van de inbouw-handleiding in acht. W De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 ku-bieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koelmiddelcircuit geen ontvlambare gas-lucht-mengeling in de plaatsingsruimte van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. W Het apparaat alleen gebruiken, wanneer het is ingebouwd.
AansluitenStroomsoort (wisselstroom) en spanningop de opstellingsplaats moeten met de informatie op het typeplaatje overeenstemmen. Het typeplaatje bevindt zich aan de linker binnenkant, afb. AW Het apparaat alleen via een correct geïn-stalleerd randaardestopcontact aansluiten. W Het stopcontact moet d. m. v. een zekering van 10 A of zwaarder beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het ap-paraat liggen en goed toegankelijk zijn. W Het apparaat niet - op stand-alone ondulatoren aansluiten en - in combinatie met zgn. energiebesparingsstekkers gebruiken - de elektronica kan beschadigd worden, - samen met andere elektrische apparaten via een verdeel- lijst of een verlengkabel aansluiten - oververhittings- en brandgevaar. W Bij het loshalen van het netsnoer van de achterzijde van het apparaat de verwijderen, om rammelen kabelhouder te voorkomen.
35GIUNL* afhankelijk van model en uitvoering 2 Ingebruikneming en controlepaneelHet verdient aanbeveling, het apparaat voor ingebruikne-ming te reinigen, meer hierover in de paragraaf "Reinigen". Schakel het apparaat in ca. 4 uur voordat u de eerste le-vensmiddelen erin plaatst. Leg de in te vriezen levensmid-delen er pas in als het temperatuurdisplay ten minste -18 °C aangeeft. In- en uitschakelen Afb. A1 W Draai de temperatuurregelaar met een Inschakelen: 1muntstuk in de stand "1,5". - Het apparaat geeft een geluidssignaal (altijd bij eerste ingebruikneming en bij een "warm" apparaat). Met een druk op de Alarm-toets schakelt u het signaal uit. 4 - Het waarschuwingslampje brandt totdat de levensmid-delen voldoende koud zijn en gaat dan uit. Meer informa-tie vindt u in de paragraaf "Alarm - geluidssignaal, rood waarschuwingslampje". - Eén controlelampje van het temperatuurdisplay brandt.
W Draai de temperatuurregelaar in de Uitschakelen: stand "0". - Het temperatuurdisplay en alle lampjes zijn uit. Temperatuur instellen Afb. A1 W Verdraai de temperatuurregelaar met een muntstuk. De standen van de pijl betekenen: Stand "1" = hoogste temperatuur, kleinste koelcapaciteit ,Stand "4" = laagste temperatuur grootste koelcapaciteit W Zet de temperatuurregelaar bij voorkeur op ca. " " 1,5zodat de temperatuur in de vriesruimte gemiddeld ca. -18 °C bedraagt. TemperatuurdisplayAfb. /A1 3De afzonderlijke lampjes zijn aan temperatuurberei-ken toegewezen. De LED's -18 °C en -21 °C geven bij normaal gebruik de mi-nimumtemperatuur aan respectievelijk de hoogste tempera-tuur van de ingevroren levensmiddelen. - Wanneer u een nieuwe temperatuur instelt, controleer dan het display bij een weinig gevulde vriesruimte na 6 uur en bij een volledig gevulde vriesruimte na ca. 24 uur.
- Bij het erin leggen, eruit nemen en overpakken van levensmiddelen kan door de binnenstromende warme lucht de temperatuur kortstondig stijgen. Deze tempera-tuurschommeling heeft geen invloed op de ingevroren levensmiddelen. Alarm - geluidssignaal,rood waarschuwingslampjeAfb. A1Het geluidssignaal en het rode waarschuwingslampje helpen u, ingevroren levensmiddelen te beschermen en energie te besparen. W Het alarm stopt wanneer u op de Alarm-toets drukt 4en - automatisch wanneer de temperatuur weer voldoende ver gedaald is. - Het alarm blijft ingeschakeld zolang de levensmiddelen niet koud genoeg zijn (afhankelijk van de ingestelde tem-peratuur). - Tegelijkertijd knippert het rode waarschuwingslampje.
Mogelijk oorzaak van het alarm: - er werden warme, verse levensmiddelen in het apparaat gelegd; - bij het overpakken/eruit halen van levensmiddelen is te veel warme lucht in het apparaat gestroomd. - Wanneer u op de Alarm-toets drukt, stopt het waar-schuwingslampje met knipperen en brandt continu. Het lampje gaat pas uit wanneer de alarmtoestand beëindigd is en de temperatuur voldoende gedaald is. Hierdoor is het temperatuuralarm automatisch weer gereed voor bedrijf. W Pas wanneer het rode waarschuwingslampje tegelijk met het -15 °C-lampje knippert betekent dit: er is een storing opgetreden. Neem in dit geval contact op met de techni-sche dienst van uw leverancier en deel mee welke lamp-jes knipperen. Hierdoor wordt een snelle en efficiënte service mogelijk.
36 GIU* afhankelijk van model en uitvoeringSuperFrostAfb. / A1 2Met de SuperFrost-functie zorgt u ervoor dat verse levens-middelen zo snel mogelijk door en door bevriezen, terwijl reeds ingevroren levensmiddelen een "koudereserve" krijgen. Zo blijven voedingswaarde, uiterlijk en smaak van de ingevroren levensmiddelen het beste bewaard. W Op het typeplaatje (zie afb. , , onder "Invriescapaci-A2 4teit. kg/24h") vindt u hoeveel kilo verse levensmiddelen u binnen 24 uur maximaal kunt invriezen. De invriescapa-citeit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse van het apparaat. Invriezen met SuperFrost Afb. /A1 2W Druk kort op de SuperFrost-toets zodat de LED 2oplicht. De temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximale koeling. W Bij een geringe hoeveelheid in te vriezen levensmidde-len ca. 6 uur voorvriezen - gewoonlijk is dit lang genoeg.
Wacht bij de maximale hoeveelheid levensmiddelen, zie het typeplaatje onder "Invriescapaciteit", ca. 24 uur. W Daarna de verse levensmiddelen erin leggen, bij voorkeur in de onderste laden. Vries bij de maximale hoeveelheid de verpakte levens-middelen zonder laden in. Leg ze direct op de bodem van de vriesruimte en na het invriezen in de laden. - Na in totaal ca. 65 uur wordt SuperFrost automatisch uitgeschakeld. Het invriesproces is voltooid - de SuperFrost-LED gaat uit - het apparaat werkt weer in de normale energiebesparende stand. Opmerking: Schakel SuperFrost niet in - wanneer u reeds ingevroren diepvriesproducten in het apparaat legt; - bij het invriezen van minder dan 2 kg verse levensmidde-len per dag.
aluminium). W Breng in te vriezen levensmiddelen nooit in contact met ingevroren levensmiddelen. Leg uitsluitend droge verpak-kingen in het apparaat zodat ze niet aan elkaar kunnen vastvriezen. W Schrijf altijd de invriesdatum en inhoud op de verpakkin-gen. Houd u aan de maximale houdbaarheid om kwali-teitsverlies te voorkomen. W Verpak levensmiddelen die u zelf invriest altijd in afgeme-ten porties. Houd bij voorkeur de volgende hoeveelheden per portie aan, om de porties meteen door en door te laten bevriezen: - fruit, groente: max. 1 kg, - vlees: max. 2,5 kg. 3 SuperFrost, aanwijzingen voor het invriezen en bewaren W Blancheer na het wassen en afmeten van de groentenporties door ze 2-3 minuten in kokend water onder te dompelen en vervolgens snel onder koud water af te spoelen. Gebruikt u een stoompan of magnetron, lees dan de bijbehorende gebruiksaanwijzing.
W Voeg geen zout of specerijen toe aan verse levens-middelen en te blancheren groente. Voeg aan overige levensmiddelen slechts weinig zout en specerijen toe: verschillende specerijen veranderen door het invriezen van smaak. W Vries geen flessen en pakken met koolzuurhoudende dranken in aangezien deze kunnen exploderen. Haal fles-sen die u snel wilt koelen uiterlijk na één uur al weer uit het apparaat. W Bewaren: De afzonderlijke laden en plateaus kunnen max. 25 kg levensmiddelen dragen. W Als u het maximale volume wilt gebruiken, kunt u alle laden en plateaus eruit nemen. W Door de laden en draagplateaus eruit VarioSpace:te halen krijgt u over meerdere ladehoogten plaats voor grote levensmiddelen. Gevogelte, vlees, grote stukken wild en hoog gebak kunnen onverdeeld worden ingevroren en als "geheel" verder worden verwerkt. - , afb.
W Bewaar dezelfde soort levensmiddelen altijd bij elkaar. Zo voorkomt u dat de deur te lang open staat en bespaart u energie. W Houd u aan de voorgeschreven bewaartijden. W Haal steeds slechts zoveel levensmiddelen Ontdooien:uit het apparaat als u direct nodig hebt. Verwerk eenmaal ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk tot een ge-recht. Ingevroren levensmiddelen kunt u als volgt ontdooien: - in een oven/heteluchtoven; - in een magnetron; - bij kamertemperatuur; - in het koelgedeelte: de warmte die voor het ontdooien no-dig is, wordt aan de overige levensmiddelen onttrokken. - Reeds enigszins ontdooide platte porties vlees en vis kunnen heet bereid worden. - Groenten kunt u direct bereiden, zonder dat u ze ontdooit (in de helft van de tijd die normaal nodig is om gaar te worden).
37GIUNL* afhankelijk van model en uitvoering 4 Info-systeem, ijsblokjesHet info-systeem*De ingevroren levensmiddelen moeten binnen de aanbevo-len bewaartijd worden gebruikt. De getallen tussen de symbolen staan voor de bewaarduur in maanden voor meerdere soorten diepvriesproducten. De vermelde bewaartijden zijn richtwaarden voor vers in te vriezen levensmiddelen. Of de minimale of maximale be-waartijd geldig is, hangt van de kwaliteit van de levensmid-delen en de voorbehandeling af. Houd voor de wat vettere levensmiddelen altijd de minimale bewaartijd aan. IJsblokjes maken W De ijsblokjeshouder voor drie-kwart met water vullen. W IJsblokjeshouder in het apparaat zetten en laten bevriezen. W Vervorm de houder enigszins om de ijsblokjes eruit te laten sprin-gen of houd hem even onder stromend water. OntdooienIn de vriesruimte wordt na langere tijd een laag rijp resp.
ijs gevormd, afhankelijk van de veelvuldigheid waarmee de deur wordt geopend en de "warmte" van de levensmiddelen die erin werden gelegd. Dat is heel normaal. Een dikkere ijslaag zorgt echter wel voor een hoger energie-verbruik. Daarom moet u het apparaat regelmatig ontdooien: W Schakel één dag voor het ontdooien de SuperFrost-func-tie in. De ingevroren levensmiddelen krijgen een "koude-reserve". W Ontdooien: trek de stekker uit het stopcontact of zet de temperatuurregelaar op de stand "0". W Bewaar de ingevroren levensmiddelen evt. in een diep-vrieslade en in kranten of dekens gewikkeld op een koele plaats. W Plaats een pan heet (niet: kokend) water op een plateau om het apparaat sneller te laten ontdooien. Voor het ontdooien en verwijderen van ijs geen elektrische verwarmings- of stoomreinigingsap-paratuur, ontdoois-prays, open vlammen of metalen voorwerpen gebruiken.
Gevaar voor verwonding en beschadi-ging. W Laat de deur van het apparat tijdens het ontdooien open staan. Het dooiwater in de uitsparing van de bodem met een spons of een doek opnemen. Aansluitend het apparaat reinigen en droog wrijven.
Reinigen W Voor het reinigen altijd het apparaat uitscha-kelen. Stekker uit het stopcontact trekken of de voorgeschakelde zekeringen eruit schroe-ven resp. laten aanspringen. W Binnenruimte en delen van het interieur met lauw-warm water en een beetje schoonmaakmiddel met de hand reinigen. - Niet met stoomreinigingsapparatuur werken - gevaar voor verwonding en beschadiging. Gebruik nooit schurende/krassende sponsjes of ge-concentreerde schoonmaakmiddelen en gebruik geen producten die zand of zuren bevatten of chemische op-losmiddelen. - Gebruik bij voorkeur zachte poetsdoeken en een pH-neu-trale allesreiniger. - Let erop dat er geen schoonmaakwater in de ventilatie-roosters en elektrische onderdelen dringt. - Wrijf het apparaat droog. - Het typeplaatje op de binnenkant van het apparaat niet beschadigen of verwijderen - het is belangrijk voor de technische dienst.
W Sluit het apparaat nadat het ontdooien en reinigen vol-tooid is weer aan en schakel het in. Schakel de Super-Frost-functie in en leg de levensmiddelen weer terug in het apparaat zodra de temperatuur begint te dalen. Moet het apparaat langere tijd uitgeschakeld blijven, maak het dan leeg en trek de stekker uit het stopcontact. Reinig het zoals beschreven en laat de deur van het appa-raat openstaan, om geurvorming te voorkomen. 5 Ontdooien, reinigenkant-en-klare maaltijdenijsvisfruitgroenteworstjeswildgevogelterund-/kalfs-vleesbroodvarkensvleespaddestoelen2 2 - 6 6 -12 4 - 8.
38 GIU* afhankelijk van model en uitvoering 6 StoringenHet apparaat is zodanig geconstrueerd en gefabriceerd dat bedrijfszekerheid en een lange levensduur gegarandeerd zijn. Doet zich desondanks een storing voor controleer dan of deze tot een bedieningsfout te herleiden is. In dat geval moet u namelijk ook gedurende de garantieperiode de kos-ten die ontstaan vergoeden. De volgende storingen kunt u door controle van de moge-lijke oorzaken zelf verhelpen: Storing mogelijke oorzaak en oplossing ______________________________________________Voor het monteren heeft u bovendien het volgende werktuig nodig: accuschroevendraaier Torx® 15, 25, steeksleutel 30. Draairichting deur veranderenAfb. : Indien nodig kunt u de draairichting veranderen, zie A1anders de rest van deze handleiding, vanaf inbouwaanwij-zingen en afb. BW Afb.
: Wip het afdekdeel er met de hand en met A1 1 2behulp van een normale schroevendraaier naar voren af. W Detailafb. : Draai de bevestigingsschroeven in de A2 3behuizing boven en onder alleen los. - Schuif de deur naar buiten en til hem eruit. W Zet de bevestigingsschroeven naar de andere kant 3over, draai ze handvast. - Stopjes met het lemmet van een mes eruit wippen en 6de vrijgekomen bevestigingsgaten ermee afsluiten. W Afb. : Draai de schroeven voor de bevestiging van de A2deur eruit en verzet de scharnieren diagonaal. 4 Let op, scharnieren niet dichtklappen - Gevaar voor ver-wonding. W Sluit met de stopjes bl de vrijgekomen bevestigingsgaten af. W Hang de deur in de voorgemonteerde schroeven en 3draai de schroeven vast. W Zet de afdekdelen 1 en 2 elk aan de andere kant er weer op. Inbouwaanwijzingen - De be- en ontluchting vindt via de plint van het apparaat plaats.
Let op: - In het ombouwmeubel mogen zich geen openingen bevinden. Sluit de nis met een meubelachterwand af of laat zijwand en werkblad op de keukenmuur aansluiten (slechts een kleine opening voor kabel- en stekkerdoor-voer aanbrengen).
Lekstroming wordt hierdoor voorko-men; belangrijk voor de vereiste koeling van het aggre-gaat en een onberispelijke werking van het apparaat. - Plaats bij Side-by-Side-inbouw het vries- en koelapparaat naast elkaar, het vriesapparaat altijd rechts naast het koelapparaat (van voren gezien). Door de links inge-schuimde zijwandverwarming in het vriesapparaat wordt condensvorming tussen de apparaten voorkomen. W Controleer de inbouwmaten aan de hand van afb. B - Inbouwhoogte, plinthoogte en -diepte zijn variabel. Inbouwhoogte Plinthoogte/Ventilatie _____________________________________________ bij 820 mm 100 tot 170 mm (bij apparaten van de klimaatklasse ST en T* minimaal 120 mm) variabel door de hoogte van de meubelfrontplaat bij 870 mm 150 tot 220 mm variabel door de stelpoten en de hoogte van de meubelfrontplaat De diepte van de plint is instelbaar van 22 tot 77 mm.
InbouwhandleidingApparaat werkt niet - Is het apparaat correct ingeschakeld. - Zit de stekker goed in het stopcontact. - Is de zekering in de meterkast in orde. Geluiden zijn te hard - Staat het apparaat op een stevige ondergrond. Worden meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draai-ende aggregaat aan het trillen gebracht. Schuif het apparaat eventueel iets weg, stel het met de stelpoten waterpas, zet de flessen en verpakkingen van elkaar af. - Normaal zijn: stromingsgeluiden (borrelen of ruisen) ver-oorzaakt door het koelmiddel dat in het koelmiddelcircuit stroomt. Een kort klikken. Dit ontstaat altijd als de compressor (de motor) automatisch in- of uitgeschakeld wordt. Brommen van de motor. De motor bromt even iets harder als het aggregaat wordt ingeschakeld.
Het apparaat geeft een alarmsignaal, het rode waar-schuwingslampje brandt, de temperatuur is niet vol-doende laag - Hebt u er een te grote hoeveelheid verse levensmiddelen ingelegt zonder SuperFrost. (zie passage "SuperFrost") - Sluit de apparaatdeur goed. - Is er voldoende be- en ontluchting. Ventilatierooster eventueel vrijmaken.
- Is de omgevingstemperatuur te hoog. (zie passage "Al-gemene bepalingen") - Werd het apparaat te vaak of te lang geopend. - Eventueel afwachten of de gewenste temperatuur vanzelf weer wordt bereikt. Apparaat voelt aan de buitenkant op sommige plekken warm aan - Dat is helemaal in orde. De warmte van het koelmiddelcir-cuit wordt gebruikt ter voorkoming van condenswater. Technische dienst en typeplaatjeHebt u geen van de bovengenoemde oorzaken vastgesteld en kon u de storing niet zelf verhelpen of knipperen verscheidene lampjes tegelijkertijd, dan betekent dit: Er is een storing opgetreden. Neem in dit geval contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst (zie bijgevoegd overzicht). Geef de volgende gegevens op het typeplaatje door: de typeaanduiding , 1 het servicenummer 2, het apparaatnummer* 3en deel bovendien mee welke lampjesknipperen.
Dit maakt een snelle en ef-ficiënte service mogelijk. Het typeplaatje vindt u op de linker binnenkant van de vriesruimte. Laat het apparaat dicht tot de klantendienst komt om een nog groter koudeverlies te vermijden.
40 GIU* afhankelijk van model en uitvoeringInbouwhandleidingBevestiging en montage W Afb. : Het apparaat via de stelpoten horizontaal en verti-Bcaal richten. Hiervoor een steeksleutel met breedte 30 of een schroevendraaier maat 2 gebruiken. - alleen indien nodig uitrich-Bij 820 mm inbouwhoogte:ten via stelpoten. - Bij 870 mm inbouwhoogte: de stelpoten ca. 50 mm naar buiten draaien. W Leg het netsnoer zodanig dat de stroom na het inbouwen eenvoudig kan worden aangesloten. W Afb. : Schuif de opvulstrook in de opname, schroef Bbqhem met plaatschroeven op het apparaat. br W Plaats het apparaat vóór het inbouwen op de glijrails bs en schuif het in de nis. De in- en uitbouw wordt hierdoor vergemakkelijkt. W Afb. / : Schuif het apparaat in de nis, totdat de voor-B1 2kanten van de scharnieren in één lijn met de zijwand van het keukenkastje staan.
Houd bij keukenkastjes met deuraanslagdelen (noppen, afdichtlippen enz. ) rekening met de opbouwmaat. Laat de scharnieren met de opbouwmaat naar voren staan. Schuif het apparaat aan de scharnierkant tegen de wand van het keukenkastje aan. W Afb. : Apparaat boven met schroeven aan het werk-B3 btblad vastschroeven. De werkbladen van graniet en steen alleen door een vakman laten boren. W Afb. : Alle bevestigingselementen zijn bij het apparaat C gevoegd. Diepte van de plint instellenW Afb. : Schroeven door ca. 10 x te draaien tegen de D 9klok in losdraaien. W Afb. : Het ventilatierooster aan beide kanten vastpak- Eken, naar voren trekken en uitrichten conform de meubels die er naast staan, resp. bij doorlopende plint het ventila-tierooster laten aansluiten op de plintbekleding.
W Via schroeven plint van het apparaat vastmaken; 9schroeven met de wijzers van klok mee draaien totdat u een bepaalde weerstand voelt, afb. DKeukendeur monteren W Afb. : Controleer de voorinstelling van 8 mm (afstand F1 tussen de deur van het apparaat en de onderkant van de strip ). dm W Afb. : Schuif de montagehulpmiddelen tot aan de F dlhoogte van de keukendeur omhoog. Onderste aan-slagkant van het montagehulpmiddel = bovenkant van ▲ de te monteren keukendeur. W Hang de strip dm op de keukendeur: - Schroef hiervoor de borgmoeren eraf. dn - Afb. : Hang de strip met de montagehulpmiddelen op Gde binnenkant van de keukendeur en centreer hem. (Op de meubeldeur een korte middellijn aftekenen. Pijlpunt van de verbindingsstrip gelijk zetten met de middellijn. De afstanden tot de buitenrand moeten links en rechts gelijk zijn. )W Schroef strip dm gecentreerd vast: - Afb.
: bij deuren van spaanplaat met minimaal 6 schroe-Gven, - bij deuren met panelen met 4 schroeven aan de rand. - Trek de montagehulpmiddelen naar boven eruit en dlschuif ze gedraaid in de ernaast gelegen opnameopenin-gen. W Afb. : Hang de keukendeur op de deur van het apparaat/Hde stelschroeven. Draai de borgmoeren losjes op do dnde stelschroeven. Sluit de deur. W Afb. : Breng de keukendeur in de horizontale en verticale Hrichting in één lijn met de voorkanten van de aangrenzen-de keukenkastjes: zijdelingse verstelling door verschui-Xven, hoogteverstelling en zijdelingse hoek m. b. v. de Ystelschroeven - met een normale schroevendraaier. doW Afb. : Controleer de afstand van de deur t. o. v. de aan-J1grenzende keukendeuren. - Borgmoeren met een ringsleutel licht vastdraaien. dn co W Afb.
Boor vervolgens de bevestigingsgaten voor (evt. //met een kraspen markeren) en schroef de deur vast. W Lijn de keukendeur in de diepte uit:Z - Afb. : boven: Draai de kruiskopschroeven los. J2 dp - Afb. : onder: Draai de zeskantschroeven met de Jcs bijgevoegde ringsleutel los en verschuif de deur. co - Afb. : Stel tussen de keukendeur en de ombouwkast J1een luchtspleet van ca. 2 mm in. Houd de noppen en afdichtlippen vrij - belangrijk voor een correcte werking. W Controleer de uitlijning van de deur, corrigeer indien nodig. Draai alle schroeven vast. - Afb. : Draai de borgmoeren met de ringsleutel J1 dn covast, houd hierbij de stelschroeven met een normale doschroevendraaier tegen. W Afb. : Zet de bovenste afdekking erop en druk hem K clvast. - De afdekking zijdelings opschuiven, met een schroe-ctvendraaier overeenkomstig afb. K de afdekking naar voren trekken zodat ze goed vastklikt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr GIU 1313 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vrieskast Liebherr
Handleiding Vrieskast
Nieuwste handleidingen voor Vrieskast