Liebherr CTP 3316-23 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr CTP 3316-23 (14 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Liebherr CTP 3316-23 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | CTP 3316-23 |
Handleiding Liebherr CTP 3316-23 – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaat- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingen van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Opstelmaten. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 43. 1 Bedienings- en controle-elementen. 43. 2 Temperatuurdisplay. 44 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Draairichting deur veranderen. 64. 4 Inbouw in het keukenblok. 74. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 74. 6 Apparaat aansluiten. 84. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 85. 1 Helderheid van het temperatuurdisplay. 85. 2 Kinderbeveiliging. 85. 3 Koelgedeelte. 85. 4 Vriesgedeelte. 106 Onderhoud. 116. 1 handmatig ontdooien. 116. 2 Apparaat reinigen. 116. 3 Binnenverlichting met LED-lamp vervangen. 126. 4 Technische Dienst. 127 Storingen. 128 Uitzetten. 138. 1 Apparaat uitschakelen. 138.
2 Buiten werking stellen. 139 Apparaat afdanken. 13De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Apparaat- en uitrustingsoverzichtAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend.
1 (1) (8)Transportgreep achter Deuropbergvakken,verstelbaar(2) Bedienings- encontrole-elementen(9) Afvoeropening(3) (10)Boter- en kaasvak Koudste zone(4) (11)Binnenverlichting Typeplaatje(5) (12)Schap, deelbaar Deuropbergvak voor hogeflessen(6) (13)Schap, verstelbaar Stelvoeten, transport-greep voor, transportrollenachter(7) (14)Groentelade IJsblokjeshouder1. 2 Toepassingen van het apparaatHet apparaat is alleen geschikt voor het koelenvan levensmiddelen in huishoudelijke of soort-gelijke omgeving. Hiertoe behoort bijvoorbeeldhet gebruik-in personeelskeukens, bed and breakfasts,-door gasten in landhuizen, hotels, motels, enandere onderkomens,-voor catering en soortgelijke diensten in degroothandelGebruik het apparaat alleen voor huishoudelijketoepassingen. Alle andere toepassingen zijnniet toegestaan.
Het apparaat is niet geschiktvoor het bewaren en koelen van medicijnen,bloedplasma, laboratoriumpreparaten en derge-lijke stoffen en producten als genoemd in derichtlijn inzake medische hulpmiddelen2007/47/EG. Misbruik van het apparaat kanleiden tot schade aan bewaarde producten oftot bederf ervan. Daarnaast is het apparaat nietgeschikt voor gebruik op plaatsen waar ontplof-fingsgevaar kan heersen. Het apparaat in vogelvlucht2 * afhankelijk van model en uitvoering.
Het apparaat is volgens de klimaatklassegebouwd voor gebruik bij bepaalde omgevings-temperaturen. De klimaatklasse van uw appa-raat vindt u op het typeplaatje. AanwijzinguRespecteer de opgegeven omgevingstempe-raturen, zoniet vermindert de koelprestatie. Klimaat-klassevoor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C tot 32 °CN 16 °C tot 32 °CST 16 °C tot 38 °CT 16 °C tot 43 °C1. 3 ConformiteitHet koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. Hetapparaat voldoet aan de van toepassing zijnde veiligheidsbe-palingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG,2009/125/EG en 2010/30/EU. Aanwijzing voor keuringsinstituten:De keuringen moeten worden uitgevoerd volgens degeldende normen en richtlijnen. De voorbereiding en keuring van de apparaten moeten metinachtneming van de beladingsschema's van de fabri-kant aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing en deworden uitgevoerd. 1. 4 OpstelmatenFig.
2 A (mm)CTP(esf) 30. 1611CTP(esf) 33. 1761CT(esf)(sl) 33. 1761x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2). 1. 5 Energie sparen-Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Ventila-tieopeningen resp. -roosters niet afdekken. -Ventilatorluchtspleten altijd vrij houden. -Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke. -Het energieverbruik is afhankelijk van opstellingsomstandig-heden b. v. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). -Open het apparaat zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, des te hoger ishet energieverbruik. -Zet de levensmiddelen soort bij soort. (zie Het apparaat invogelvlucht). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt opslaan. Rijpvorming wordt vermeden.
-Wanneer het apparaat een dikke rijplaag heeft: apparaatontdooien. Stof doet het energieverbruik toenemen:-de koelmachine met warmtewisselaar -metalen rooster aan de achterkant vanhet apparaat - eens per jaar afstoffen. 2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaaren ouder, evenals door personen metbeperkte fysische, sensorische of mentalecapaciteiten of gebrek aan ervaring en kennisworden gebruikt, wanneer ze onder toezichtstaan of m. b. t. het veilige gebruik van hetapparaat instructies hebben gekregen en dedaaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken.
-Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties, aanpassingen aan het apparaaten het vervangen van het netsnoer alleenlaten uitvoeren door de Technische Dienst ofander daarvoor opgeleid vakpersoneel. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. -De lampen voor speciale doeleinden (gloei-lampen, led, TL-lampen) in het apparaat zijnbedoeld om de binnenruimte te verlichten enniet geschikt als kamerverlichting. Algemene veiligheidsvoorschriften* afhankelijk van model en uitvoering 3.
Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieu-vriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappendkoelmiddel kan vlam vatten. •De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. •Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. •Binnenin het apparaat geen elektrischeapparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ). •Wanneer er koelmiddel weglekt: Zorg datzich geen open vuur of ontstekingsbronnenin de buurt van de lekkage bevinden. Ruimte goed ventileren. Contact opnemenmet de Technische Dienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten.
-Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen nietmeer nuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levens-middelen vermijden of veiligheidsmaatre-gelen treffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren.
Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOOR-ZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwij-zingen en tips gegeven worden. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig.
3 (1) (6)Aan/uit-toets Symbool SuperFrost(2) (7)Insteltoets Symbool kinderbeveiliging(3) Temperatuurdisplaykoelgedeelte(8) Symbool ventilatie(4) (9)Ventilator-toets Symbool menu(5) SuperFrost-toets3. 2 TemperatuurdisplayBij normale werking wordt aangegeven:-de gemiddelde koeltemperatuurDe temperatuurdisplay knippert:-de temperatuurinstelling wordt gewijzigdDe volgende aanduidingen wijzen op een storing. Mogelijkeoorzaken en maatregelen voor het oplossen (zie Storingen). -F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9 tot Bedienings- en controle-elementen4 * afhankelijk van model en uitvoering.
4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd trans-port. uHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet alleen transporteren. 4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen.
uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel. Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier.
qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke.
qHet apparaat met de achterkant en indien gewenst inclusiefde meegeleverde wandafstandhouders (zie beneden) directtegen de muur plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverschoven. qStel het apparaat niet op zonder hulp. qDe plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de normEN 378 per 8 g R 600a koelmiddel over een volume van1 m3 beschikken. Indien de plaatsingsruimte te klein is, kanin geval van een lek in het koelmiddelcircuit een ontvlam-baar gas-lucht-mengsel ontstaan. Informatie over dehoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan debinnenkant van het apparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. uHaal de beschermfolie van de buitenzijde van het apparaat.
*LET OPDe roestvrijstalen deurenzijn voorzien van een hoogwaar-dige oppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegdereinigingsmiddel worden behandeld. De oppervlaktecoating wordt door dit middel aangetast. uDe uitsluitend met een zachtegecoate deuroppervlakkenschone doek afvegen. uDe met een roestvrijstaalreinigerroestvrijstalen zijwandenin de slijprichting van het materiaal behandelen. De laterereiniging wordt hierdoor makkelijker. uGelakte zijwanden gelakte deuroppervlakken en uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen. uTrek de beschermfolie van de sierlijsten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat-diepte ca. 35 mm groter.
Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezewandafstandhouders links enrechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5).
uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. uVervolgens de deur onder-steunen: stelvoet bij lagerbus(B) uitdraaien tot deze op devloer komt, daarna 90° verderdraaien. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2). In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 5.
Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx® 25qTorx® 15qschroevendraaierqeventueel accuschroevendraaierqeventueel een tweede persoon voor de montage4. 3. 1 Bovenste deur afnemenAanwijzinguVerwijder levensmiddelen uit de deurvakken voordat dedeur wordt afgenomen, zodat er geen levenmiddelen uitvallen. Fig. 4 uBovenste deur sluiten. uAfdekking Fig. 4 (1) naar voren en boven wegtrekken. uAfdekking Fig. 4 (2) eraf nemen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. uBovenste lagerbus Fig. 4 (3) losschroeven (2 maal Torx®25) Fig.
6 (29) en in hettegenoverliggende opnamegat van de lagerbus omzetten enweer vastschroeven. uAfdekking aan de greepzijde Fig. 6 (27) voorzichtig optillenen op de tegenoverliggende zijde plaatsen. uLagerbus Fig. 6 (25) aan de nieuwe scharnierzijde evt. metbehulp van een accuschroevendraaier weer goed (met4 Nm) vastschroeven. uStop Fig. 6 (21) weer in het andere gat aanbrengen. uLagerbout Fig. 6 (22) compleet met schijfje en stelpootjeweer aanbrengen. Er daarbij erop letten, dat de sluitnoknaar achter wijst. 4. 3. 5 Greep omzettenZowel op de bovenste als op de onderste deur:In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.
uPlaats de bovenste lagerbus Fig. 4 (3) aan de nieuwe schar-nierkant in de deur. uBovenste lagerbus vastschroeven (2goed (met 4 Nm)maal Torx® 25) Fig. 4 (4). Steek de schroefgaten indiennodig voor of gebruik de accuschroevendraaier. uAfdekking Fig. 4 (1) en afdekking Fig. 4 (2) elk op de tegen-overliggende zijde van buiten aanbrengen en vastklikken. 4. 3. 8 Deuren uitlijnenuDe deuren eventueel via de beide langgaten in de onderstelagerbus Fig. 6 (25) en middelste lagerbus Fig. 5 (13) tenopzichte van de kast uitlijnen. Eerst de middelste schroef inde onderste lagerbus Fig. 6 (25) uitdraaien. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan dedeur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen met 4 Nm goed vastschroeven.
Het apparaat Fig. 9 (2) kan worden ingebouwd in de keuken. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kunt u er een passende opbouwkast Fig. 9 (1) opplaatsen. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 9 (3) wordengeplaatst. Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mmx en in hetmidden 50 mmx uit ten opzichte van het keukenkastfront. Belangrijk voor de ventilatie:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. -De ventilatieruimte onder het plafond moet minstens300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt. Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 9 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur.
4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met poly-ethyleen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 7.
4. 6 Apparaat aansluitenLET OPGevaar voor beschadiging van de elektronische componenten. uGebruik geen omvormer (omzetten van gelijkstroom naarwisselstroom) of spaarstekker. WAARSCHUWINGBrand- en oververhittingsgevaar. uGebruik geen verlengsnoer of verdeeldoos. Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje (zieHet apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4.
7 Apparaat inschakelenAanwijzinguAls het koelgedeelte ingeschakeld wordt, wordt automatischook het vriesgedeelte ingeschakeld. Neem het apparaat ca. 4 uur vóór de eerste vulling met diep-vriesproducten in gebruik. Plaats de diepvriesproducten pasnadat het vriesgedeelte koud is. uAan/uit-toets Fig. 3 (1) indrukken. wDe temperatuurdisplay gaat branden. Koelgedeelte envriesgedeelte zijn ingeschakeld. wWanneer op het display „DEMO” wordt aangegeven, is dedemonstratiemodus geactiveerd. U kunt contact opnemenmet de Technische Dienst. 5 Bediening5. 1 Helderheid van het temperatuurdis-playU kunt de helderheid van het temperatuurdisplay aanpassenaan het omgevingslicht. 5. 1. 1 Helderheid instellenDe helderheid is instelbaar tussen (minimale verlichting) enh 0h 0h 0h 0h 0h 5h 5h 5h 5h 5 (maximale lichtsterkte). uInstelmodus activeren: toets SuperFrost Fig. 3 (5) ca. 5 sindrukken.
uMet de Insteltoets Fig. 3 (2) de gewenste waarde tussen h 0h 0h 0h 0h 0en selecteren. h 5h 5h 5h 5h 5uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (5) de nieuw ingesteldehelderheidswaarde kort bevestigen. wOp de display knippert. hhhhhwDe helderheid is ingesteld. uInstelmodus na de verandering deactiveren: Aan/uit-toetsFig. 3 (1) één keer indrukken. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. Is de instelmodus al geactiveerd, maar moet de oude helder-heidswaarde worden gehandhaafd:uAan/uit-toets Fig. 3 (1)twee keer indrukken, om de instel-modus de deactiveren. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. 5. 2 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor dat kinderenbij het spelen het apparaat niet onbedoeld uitscha-kelen. 5. 2. 1 Kinderbeveiliging instellenMoet de functie worden ingeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig.
3 (5)gedurende ca. 5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 3 (9) weerge-geven. wOp de display knippert. cccccuMet de toets SuperFrost Fig. 3 (5) kort bevestigen. wOp het display verschijnt. c1c1c1c1c1uMet de toets SuperFrost Fig. 3 (5) kort bevestigen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (7) op dedisplay gaat branden. wOp de display knippert. cccccwDe functie kinderbeveiliging is ingeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off Fig. 3 (1) kort in. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. Moet de functie worden uitgeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 3 (5)gedurende ca. 5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 3 (9) weerge-geven. wOp de display knippert. cccccuMet de toets SuperFrost Fig. 3 (5) kort bevestigen. wOp het display verschijnt.
Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off Fig. 3 (1) kort in. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. 5. 3 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de groen-Bediening8 * afhankelijk van model en uitvoering.
telades en tegen de achterkant is het het koudste. Voorin aande bovenkant en in de deur is het het warmste. 5. 3. 1 Levensmiddelen koelenAanwijzingHet energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bijonvoldoende ventilatie. uVentilatieluchtspleten altijd vrijlaten. uBederfelijke etenswaren, bereide gerechten, vlees en vlees-waren bewaart u in de koudste zone. In het bovengedeelteen in de deur boter en conserven bewaren. (zie Het appa-raat in vogelvlucht)uGebruik om te verpakken herbruikbare dozen van kunststof,metaal, aluminium, glas en vershoudfolie. uLevensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak opnemen ofafgeven, zoals vloeistoffen, altijd in gesloten verpakking ofafgedekt bewaren. uLevensmiddelen die veel ethyleengas afgeven of daargevoelig voor zijn, zoals fruit, groenten en salades, altijdapart bewaren of verpakken, om de bewaartijd niet teverkorten; bijv.
tomaten niet samen bewaren met kiwi's ofkool. uLeg de levensmiddelen niet te dicht bij elkaar, zodat de luchtgoed kan circuleren. uFlessen tegen omvallen beveiligen: de flessenhouderverschuiven. 5. 3. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de ruimtetemperatuur op de opstellocatie-de aard, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: 5 °CIn het vriesgedeelte ontstaat dan een gemiddelde temperatuurvan ca. -18 °C. De Temperatuur kan doorlopend gewijzigd worden. Is deinstelling 2 °C bereikt, wordt weer met 9 °C begonnen. uTemperatuurfunctie oproepen: Druk de instel-toets Fig. 3 (2) in. wOp het temperatuurdisplay wordt de tot nog toeingestelde waarde knipperend aangegeven. uTemperatuur in 1 °C stappen wijzigen: Druk deinsteltoets Fig.
3 (2) net zo vaak in, totdat degewenste temperatuur op het temperatuurdis-play oplicht. uTemperatuur doorlopend veranderen: insteltoetsingedrukt houden. wTijdens het instellen wordt de waarde knippe-rend weergegeven. wCa.
5 seconden nadat de toets voor de laatste keer werdingedrukt, wordt de nieuwe instelling overgenomen en dedaadwerkelijke temperatuur weer aangegeven. De tempera-tuur in de binnenruimte past zich langzaam aan de nieuweinstelling aan. 5. 3. 3 VentilatorMet de ventilator kunt u grote hoeveelheden verselevensmiddelen snel afkoelen of een relatief gelijk-matige temperatuurverdeling op alle schappenbereiken. De circulatiekoeling is aan te bevelen:-bij hoge kamertemperatuur (hoger dan 33 °C )-bij hoge luchtvochtigheidDe circulatiekoeling heeft een iets hoger energieverbruik. Omenergie te besparen, gaat de ventilator bij geopende deur auto-matisch uit. De ventilator kan ook bij uitgeschakelde ventilatorfunctiedraaien. Dit heeft te maken met de normale werking en isvolledig normaal als de ruimtetemperatuur onder 18 °C ligt enbij ingeschakelde SuperFrost-functie.
Ventilator inschakelenuDruk kort op de toets Ventilatie Fig. 3 (4). Fig. 10 wHet symbool Ventilatie Fig. 3 (8) brandt. wDe ventilator is actief. Bij sommige apparaten wordt dezepas ingeschakeld, wanneer de compressor draait. Ventilator uitschakelenuDruk kort op de toets Ventilatie Fig. 3 (4). wHet symbool Ventilatie Fig. 3 (8) gaat uit. wDe ventilator is uitgeschakeld5. 3. 4 DraagplateausDraagplateaus verplaatsenDe plateaus zijn door uittrekstops beveiligd tegen ongewilduittrekken. uTil het draagplateau op entrek het naar voren uit. uDraagplateau inschuiven,met de aanslagrand aan deachterzijde en naar boventoe wijzend. wDe levensmiddelen vriezenniet aan de achterwand vast. Draagplateaus demonterenuDe plateaus kunnen wordengedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 3. 5 Deelbare draagplateau gebruikenFig. 11 uDe glasplaat met aanslagrand (2) moet achteraan liggen.
5. 3. 6 OpbergvakkenOpbergvakken in de deur verplaatsenuVakken uitnemen volgens de afbeel-ding. Opbergvakken demonterenuDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 3. 7 Flessenhouder uitnemenuFlessenhouder volgens afbeeldinguitnemen. 5. 4 VriesgedeelteIn het vriesgedeelte kunt u diepvriesproducten of ingevrorenlevensmiddelen bewaren, ijsblokjes maken en verse levens-middelen invriezen. 5. 4. 1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen.
Om de levenmiddelen snel door en door te laten bevriezen,mag u de volgende hoeveelheden per verpakking niet over-schrijden:- fruit, groente max. 1 kg- vlees max. 2,5 kguVerdeel de levensmiddelen in porties en doe ze in diepvries-zakjes of in herbruikbare bakjes van kunststof, metaal ofaluminium. 5. 4. 2 BewaartijdenRichtwaardes voor de opslagduur van de verschillendelevensmiddelen in het vriesgedeelte:Consumptie-ijs 2 tot 6 maandenRichtwaardes voor de opslagduur van de verschillendelevensmiddelen in het vriesgedeelte:Worst, ham 2 tot 6 maandenBrood en banket 2 tot 6 maandenWild, varkensvlees 6 tot 10 maandenVis, vet 2 tot 6 maandenVis, mager 6 tot 12 maandenKaas 2 tot 6 maandenGevogelte, rundvlees 6 tot 12 maandenGroente, fruit 6 tot 12 maandenDe aangegeven bewaartijden zijn richtwaardes. 5. 4.
3 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- bij kamertemperatuur- in een magnetron- in een oven/heteluchtovenuNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 4.
4 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen. Het apparaat werkt metmaximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. U kunt maximaal zoveel nieuwe levensmiddelen binnen 24 hinvriezen, als op het typeplaatje onder „invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De invriescapaciteit is afhankelijk van hetmodel en de klimaatklasse van het apparaat. Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die wordeningevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca. 6h, bijde maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. In tevriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren producten incontact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen.
SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te scha-kelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dagMet SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 3 (5) kort indrukken. Fig. 12 wHet symbool SuperFrost Fig. 3 (6) is verlicht. wDe temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximalekoeling. Bediening10 * afhankelijk van model en uitvoering.
AanwijzinguBij het indrukken van de toets SuperFrost kan de inge-bouwde inschakelvertraging ervoor zorgen dat het inscha-kelen van de compressor maximaal 8 minuten vertraagdwordt. Deze vertraging verhoogt de levensduur van decompressor. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen(zie typeplaatje):uca. 24 u wachten. uLevensmiddelen in het vriesvak leggen, zodat ze contactmet de bodem of de zijwanden hebben. wSuperFrost schakelt na ca. 65 u automatisch uit. wHet symbool SuperFrost Fig. 3 (6) gaat uit, wanneer hetinvriezen is afgesloten. wHet apparaat werkt in de energiebesparende normalemodus verder. Om energie te besparen kan SuperFrost, ook voordat de volle-dige 65 uur invriestijd is verstreken, door het opnieuwindrukken van de toets SuperFrost Fig. 3 (5) uitgeschakeldworden.
SuperFrost alleen uitschakelen als de temperatuur-18 °C of lager is. 5. 4. 5 PlateausuPlateau uitnemen: vooraan optillen enuittrekken. uPlateau terugplaatsen: tot aanslaginschuiven. 6 Onderhoud6. 1 handmatig ontdooienHet ontdooit automatisch. Het dooiwaterkoelgedeelteverdampt door de vrijkomende warmte van de compressor. Waterdruppels op de achterwand zijn normaal en wijzen nietop een storing. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater wegkan lopen (zie 6. 2). In het vormt zich na langere gebruiksduur eenvriesgedeelterijp- resp. ijslaag. De vorming van een rijp- resp. ijslaag wordt in de hand gewerktdoor vaak de deur te openen of door warme levensmiddelen inte leggen. Een dikkere ijslaag verhoogt echter het energiever-bruik. Daarom moet u het apparaat regelmatig ontdooien. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom.
wDe diepvriesproducten krijgen een „koudereserve”. uSchakel het apparaat uit. wDe temperatuurdisplay gaat uit. uTrek de stekker uit of schakel de beveiliging uit. uPlaats een pan met heet, niet kokendwater op een plateau in het midden. wHet ontdooien wordt versneld. uLaat tijdens het ontdooien de deur van het apparaat openstaan. uLosgeraakte ijsstukken uitnemen. uDooiwater evt. meerdere keren met een spons of doekopnemen. uHet apparaat reinigen (zie 6. 2). 6. 2 Apparaat reinigenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen bijtende, schurende, chloor- resp.
oplosmiddelbevat-tende schoonmaakproducten gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. LET OPDe zijn voorzien van een hoogwaar-roestvrijstalen deurendige oppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegdereinigingsmiddel worden behandeld.
De oppervlaktecoating wordt door dit middel aangetast. uDe uitsluitend met een zachtegecoate deuroppervlakkenschone doek afvegen. Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken.
Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. uDe kan met speciale in debuitenkant van roestvrijstaalhandel verkrijgbare roestvrijstaalreiniger worden gereinigd. Vervolgens het meegeleverde rvs onderhoudsmiddel gelijk-matig in slijprichting aanbrengen. uGelakte zijwanden gelakte deuroppervlakken en uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen. Bij hardnekkigvuil een beetje water of allesreiniger gebruiken. Naar keuzekan ook een microvezeldoek worden gebruikt. Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 11.
uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen. uOnderdelen met lauwwarm water en een beetje afwas-middel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 4. 4). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Binnenverlichting met LED-lampvervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp aangebracht voorde verlichting van de binnenruimte. Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp met max. 25 W en fitting E14 gebruiken. qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanopstelling moeten overeenkomen met de informatie op hettypeplaatje (zie Het apparaat in vogelvlucht). Bij gebruik van een LED-lamp:qUitsluitend de originele LED-lamp van de fabrikant magworden gebruikt.
De lamp kan worden verkregen via deklantenservice of de vakhandel (zie 6. 4). WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen met delaserklasse 1/1M. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. WAARSCHUWINGBrandgevaar door LED-lamp. Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhit-tings- resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant. uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering inde meterkast uit. uHet afdekkapje van de lampboven en onder vastpakkenFig. 13 (1). uHet afdekkapje achterlosklikken en verwijderenFig. 13 (2). uVervang de lamp Fig. 13 (3). uZet het afdekkapje achterterug en klik de zijkanten vast. Fig. 13 6.
4 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zieStoringen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact opmet de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegdoverzicht.
WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie Onder-houd), uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uApparaataanduidingFig. 14 (1), service-nr. Fig. 14 (2) en serie-nr. Fig. 14 (3) van hettypeplaatje aflezen. Het typeplaatjebevindt zich aan delinkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 14 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 14 (1), service-nr. Fig. 14 (2) en serie-nr. Fig. 14 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit.
7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld.
uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid.
Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Een lage bromtoon. →Het geluid ontstaat door luchtstromingsgeluiden van deventilator. uHet geluid is normaal. Vibratiegeluiden. →Het apparaat staat niet stabiel op de grond. Door het draai-ende koelaggregaat beginnen aangrenzende meubels envoorwerpen te trillen. uStel het apparaat af m. b. v. de stelpootjes.
uFlessen en containers uit elkaar zetten. In de temperatuurdisplay wordt aangegeven: tot F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9→Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). In de temperatuurdisplay brandt DEMO. →De demonstratie-modus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uLuchtrooster schoonmaken. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelfwordt bereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie Onderhoud).
→Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De deur was langer dan 15 min. open. uDe binnenverlichting schakelt bij geopende deur naca. 15 min. automatisch uit. →Als de binnenverlichting niet brandt, maar de temperatuur-weergave brandt wel, is de verlichting (levering met LED-verlichting) defect. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen met delaserklasse 1/1M. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. uVervang de verlichting (zie Onderhoud). 8 Uitzetten8.
1 Apparaat uitschakelenAanwijzinguOm het volledige apparaat uit te schakelen, hoeft alleen hetkoelgedeelte uitgeschakeld te worden. Daarbij wordt auto-matisch het vriesgedeelte uitgeschakeld. uAan/uit-toets Fig. 3 (1) ca. 2 seconden indrukken. wDe temperatuurdisplay gaat uit. Het apparaat is uitgescha-keld. wDe binnenverlichting gaat uit. 8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uStekker uittrekken. uApparaat reinigen (zie 6. 2). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. 9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstigde plaatselijk geldende voorschriften en wetten.
Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen. uApparaat onbruikbaar maken. uTrek de stekker uit. uSnijd het aansluitsnoer door. Uitzetten* afhankelijk van model en uitvoering 13.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr CTP 3316-23 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast