Laserliner CondenseSpot Plus Handleiding

Laserliner Thermometer CondenseSpot Plus

Bekijk gratis de handleiding van Laserliner CondenseSpot Plus (64 pagina’s), behorend tot de categorie Thermometer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Laserliner CondenseSpot Plus of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/64
DE
EN
NL
DA
FR
ES
IT
PL
FI
PT
SV
NO
TR
RU
UK
CS
ET
LV
LT
RO
BG
EL
SL
HU
SK
02
10
18
26
34
42
50
58
66
CondenseSpot Plus
150
205
60
Con denseSp ot Pl us

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Laserliner
Categorie: Thermometer
Model: CondenseSpot Plus
Kleur van het product: Black,White
Gewicht: 384 g
Breedte: 150 mm
Diepte: 60 mm
Hoogte: 205 mm
Soort: Infrarood omgevingsthermometer
Stroombron: Batterij/Accu
Meeteenheid temperatuur: F,°C
Accu/Batterij voltage: 1.5 V
Nauwkeurigheid: 1 °C
Ondersteund aantal accu's/batterijen: 2
Bedoeld voor: Binnen
Batterij-indicator: Ja
Temperatuur bij opslag: -10 - 60 °C
Laser klasse: 2
Hoogte, in bedrijf: 0 - 2000 m
Bereik temperatuurmeting: -40 - 365 °C
Bedrijfstemperatuur (T-T): 0 - 50 °C
Relatieve vochtigheid in bedrijf (V-V): 0 - 80 procent
Batterijen inbegrepen: Ja
Type beeldscherm: Digitaal
Type batterij: AA
Schermformaat: Rechthoekig
Vermogen lasergolf: 1 mW
Laser-golflengte: 650 - 650 nm

Handleiding Laserliner CondenseSpot Plus – volledige tekst

18Lees de handleiding, de bijgevoegde brochure ‚Garantie- en aanvullende aanwijzingen‘ evenals de actuele informatie en aanwijzingen in de internet-link aan het einde van deze handleiding volledig door. Volg de daarin beschreven aanwijzingen op. Bewaar deze documentatie en geef ze door als u de laserinrichting doorgeeft. Functie / toepassingDe CondenseSpot Plus is een infrarood temperatuurmeettoestel met geïntegreerde hygrometer en is geschikt voor zowel de contactloze temperatuurmeting van oppervlakken als de berekening van de dauwpunttemperatuur. Het meettoestel meet de hoeveelheid afgestraalde elektromagnetische energie in het infrarode golengtebereik en berekent daaruit de resulterende oppervlaktetemperatuur. In combinatie met de geïntegreerde sensoren detecteert het toestel warmtebruggen en condensatievocht.

Algemene veiligheidsaanwijzingen– Gebruik het apparaat uitsluitend doelmatig binnen de aangegeven speccaties. – De meetapparaten en het toebehoren zijn geen kinderspeelgoed. Buiten het bereik van kinderen bewaren. – Ombouwwerkzaamheden of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan, hierdoor komen de goedkeuring en de veiligheidsspecicatie te vervallen. – Stel het apparaat niet bloot aan mechanische belasting, extreme temperaturen, vocht of sterke trillingen. – Het apparaat mag niet meer worden gebruikt als een of meerdere functies uitvallen of de batterijlading zwak is. – Neem de veiligheidsvoorschriften van lokale resp. nationale instantiesvoor het veilige en deskundige gebruik van het apparaat in acht. – Opgelet: Kijk nooit in de directe of reecterende straal. – Richt de laserstraal niet op personen.

in ziekenhuizen, in vliegtuigen, op pompstations of in de buurt van personen met een pacemaker, moeten in acht worden genomen. Een gevaarlijk effect op of storing van en door elektronische apparaten is mogelijk.– Bij de toepassing in de buurt van hoge spanningen of hoge elektromagnetische wisselvelden kan de meetnauwkeurigheid negatief worden beïnvloed.NL

20ON / OFF231 secON1.2.Let op dat de sensor voor de luchtvochtig-heid/omgevingstemperatuur (4) tijdens het transport ingeklapt is.!NL1Open het batterijvakje en plaats de batterijen overeenkomstig de installatiesymbolen. Let daarbij op de juiste polariteit.Batterijen plaatsenActiveer de laser (zie afbeelding) en houd de toets ingedrukt voor de doorvoering van een duurzame meting.Laat de toets los, zodra de gewenste meetplaats met de doellaser wordt gedetecteerd. De gemeten waarde wordt vastgehouden.Constante meting / HoldAutomatische uitschakeling na 15 seconden.

CondenseSpot Plus21ONON1 sec3 sec1 secSET1x = 0,852x = 0,753x = 0,654x = 0,555x = 0,955ONBij ongecoate metalen zoals metaaloxiden die op grond van hun geringe en temperatuurstabiele emissiegraad slechts beperkt geschikt zijn voor de IR-meting en bij oppervlakken met een onbekende emissiegraad kunnen, indien mogelijk, lakken of matzwarte stickers worden aangebracht om de emissiegraad op 0,95 te zetten. Als dat niet mogelijk is, moet met een contactthermometer worden gemeten.Na de inschakeling is de als laatste gebruikte emissiegraad ingesteld.

Controleer de instelling van de emissiegraad vóór iedere meting.!Het toestel beschikt over een snelkeuze van opgeslagen emissiegraden (0,95, 0,85, 0,75, 0,65, 0,55) en over een exacte instelling tussen 0,01 en 1,00.Snelle selectie emissiegraadNauwkeurige instelling emissiegraadKort indrukken: waarde + 0,01Lang indrukken: waarde doorlopend 0,01 … 1,00ModusselectieDauwpuntmodusWarmtebrugmodus4De geïntegreerde sensormeetkop ontvangt de hoeveelheid infraroodstraling die ieder lichaam afhankelijk van het materiaal-/oppervlak uitstraalt. De graad van de uitstraling wordt bepaald door de emissiegraad (0,01 tot 1,00). Bij de eerste inschakeling is de laser op een emissiegraad van 0,95 vooringesteld, een waarde die voor de meeste organische stoffen evenals niet-metalen, (kunststoffen, papier, keramiek, hout, rubber, verven, lakken en steen) van toepassing is.

22NLDe CondenseSpot Plus berekent het dauwpunt met behulp van de geïntegreerde sensoren voor omgevingstemperatuur en relatieve luchtvochtigheid. Tegelijkertijd wordt de oppervlaktetemperatuur van objecten bepaald met behulp van een infrarood-temperatuurmeting. Door vergelijken van deze temperaturen kunnen zo plekken worden gevonden die waar condensatievocht kan ontstaan. Het resultaat wordt door de condensatievocht-indicator (b) als staafdiagram weergeven.

Bij een grote kans op condensatievocht wordt de weergave ondersteund door optische en akoestische signalen.geen gevaar voor condensatievochtDe condensatievochtindicator (b) wordt in iedere modus van het toestel weergegeven.Het apparaat informeert dus voortdurend over het gevaar van condensatievocht.gering gevaar voor condensatievochtSymbool ‚dP‘ knippertgevaar voor condensatievochtSymbool ‚dP‘ knippert en een signaal klinkt6De dauwpunttemperatuur is de temperatuur die moet worden onderschreden, zodat de lucht de voorhanden waterdamp in de vorm van druppels, nevel of dauw kan afscheiden. Condensatievocht ontstaat dus als bijv. een binnenwand of raamkozijn een lagere temperatuur vertoont dan de dauwpunttemperatuur van het vertrek.

Deze punten zijn dan vochtig en vormen een voedingsbodem voor schimmels en materiaalschade.Dauwpuntmodus / condensatievocht-indicatorDe meetwaarden voor de relatieve luchtvochtigheid en de omgevingstemperatuur kunnen worden opgeroepen:SET SET

CondenseSpot Plus23De CondenseSpot Plus vergelijkt hiervoor de omgevingstemperatuur met de oppervlaktetemperatuur. Bij grotere verschillen tussen deze beide temperaturen genereert het toestel waarschuwingen in 2 gradaties. In het grensbereik verschijnt de opmerking ‚CHK‘ en bij zeer grote verschillen schakelt de displayverlichting over naar ‚blauw‘ of ‚rood‘.7Als warmtebrug worden plekken in gebouwen beschreven, bijv. aan een binnenwand, waar warmte sneller naar buiten wordt getransporteerd dan bij de rest van de binnenwand. De temperatuur op deze plekken is aan de binnenzijde kouder en aan de buitenzijde warmer dan de aangrenzende bereiken.

Dit is vaak een aanduiding voor slechte of onvoldoende isolatie.WarmtebrugmodusOmgevingstemperatuur: 20°Cgeen warmtebrugOmgevingstemperatuur: 20°Ceventueel een warmtebrug, bereik verder controlerenOmgevingstemperatuur: 20°Cwarmtebrug, displayverlichting is blauw en een signaal klinktOmgevingstemperatuur: 12°Cwarmtebrug, displayverlichting is rood en een signaal klinkt8ON SET °CONON°FOFFOFFSETSETSET SETCont LOKFAC3 secMenu-instellingenbevestigenbevestigenbevestigenConstante meting Schakel de functie ‚Cont LOK‘ in om constante metingen uit te voeren zonder dat u de activeringstoets ingedrukt moet houden. Fabrieksinstelling Met de functie ‚FAC‘ schakelt u het toestel terug naar de fabrieksinstellingen.Druk de activeringstoets kort in om de constante meting te starten. Op het display verschijnt een slot-symbool. Door het opnieuw indrukken van de toets wordt de waarde vastgehouden (HOLD).NL

24NLOpmerkingen inzake onderhoud en reinigingReinig alle componenten met een iets vochtige doek en vermijd het gebruik van reinigings-, schuur- en oplosmiddelen. Verwijder de batterij(en) voordat u het apparaat gedurende een langere tijd niet gebruikt. Bewaar het apparaat op een schone, droge plaats. KalibratieHet meetapparaat moet regelmatig gekalibreerd en gecontroleerd worden om de nauwkeurigheid van de meetresultaten te kunnen waarborgen. Wij adviseren, het apparaat een keer per jaar te kalibreren.

CondenseSpot Plus25NLEU-bepalingen en afvoer Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde normen voor het vrije goederenverkeer binnen de EU.Dit product is een elektrisch apparaat en moet volgens de Europese richtlijn voor oude elektrische en elektronische apparatuur gescheiden verzameld en afgevoerd worden.Verdere veiligheids- en aanvullende instructies onder: http://laserliner.com/info?an=cospplTechnische gegevens (Technische wijzigingen voorbehouden.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Laserliner CondenseSpot Plus stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden