Kyocera ECOSYS P2335dn Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Kyocera ECOSYS P2335dn (152 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Kyocera ECOSYS P2335dn of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Kyocera |
| Categorie: | Printer |
| Model: | ECOSYS P2335dn |
Handleiding Kyocera ECOSYS P2335dn – volledige tekst
> InleidingiInleidingHartelijk dank voor de aankoop van deze machine.Deze gebruikershandleiding is bedoeld om u te helpen het apparaat correct te bedienen, routine-onderhoud uit te voeren en storingen te voorkomen zodat het apparaat steeds in de optimale condities kan worden benut.Gelieve deze gebruikershandleiding aandachtig door te nemen alvorens het apparaat in gebruik te nemen.Om kwaliteitsredenen raden wij originele Kyocera tonercontainers aan die zijn onderworpen aan strenge kwaliteitscontroles.Het gebruik van niet-originele toners kan tot storingen leiden.Wij zijn niet aansprakelijk voor schade als gevolg van het gebruik van niet-originele artikelen voor dit apparaat.Op onze originele onderdelen is een label aangebracht, zoals hieronder weergegeven.Serienummer van het apparaat controlerenHet serienummer van het apparaat staat gedrukt op de plek aangegeven in de afbeelding.
U heeft het serienummer van het apparaat nodig als u contact opneemt met uw servicevertegenwoordiger. Controleer het nummer voor u contact opneemt met uw servicevertegenwoordiger.
iiInhoudInleiding. iInhoud. iiApparaatspecificaties. vHandleidingen meegeleverd met het apparaat. viiOver de gebruikershandleiding (deze handleiding). viiiOverzicht van de handleiding. viiiVormgevingselementen in deze handleiding. ix1 Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie. 1-1Mededeling. 1-2Veiligheidsaanduidingen in deze handleiding. 1-2Bedrijfsomgeving. 1-3Voorzorgsmaatregelen voor gebruik. 1-4Veiligheid van de laserstraal (Europa). 1-5EN ISO 7779. 1-6EK1-ITB 2000. 1-6Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van draadloze LAN (indien aanwezig). 1-6Beperkt gebruik van dit product (indien aanwezig). 1-7Wettelijke kennisgevingen. 1-8Energiebesparingsfunctie. 1-12Functie automatisch dubbelzijdig afdrukken. 1-12Energiezuinigheid - Papier. 1-12Milieuvoordelen van "Energiebeheer". 1-12Energy Star-programma (ENERGY STAR®). 1-122 Het apparaat installeren en configureren.
iii3 Voorbereiding voor het gebruik. 3-1Papier plaatsen. 3-2Voorzorgen voor papier plaatsen. 3-2Papierinvoereenheden selecteren. 3-3Cassettes vullen. 3-4Voorzorgen voor papier uitvoeren. 3-8Papierstopper. 3-84 Afdrukken vanaf PC. 4-1Scherm eigenschappen printerstuurprogramma. 4-2Het helpmenu van het printerstuurprogramma oproepen. 4-3De standaardinstellingen van het printerstuurprogramma wijzigen (Windows 8. 1). 4-3Afdrukken vanaf PC. 4-4Afdrukken op standaard papierformaten. 4-4Afdrukken op niet-standaard papierformaten. 4-6Een afdruktaak vanaf de computer annuleren. 4-9Mobiele printoplossingen. 4-10Printen met Google Cloud Print. 4-10Afdrukken via Mopria. 4-10Afdrukken met Wi-Fi Direct. 4-10De status van printer bewaken (Status Monitor). 4-11Toegang tot de Status Monitor. 4-11Verlaten van de Status Monitor. 4-11Sneloverzicht printerstatus. 4-11Tabblad voortgang afdruktaken.
4-12Tabblad status papierlade. 4-12Tabblad tonerstatus. 4-12Tabblad waarschuwing. 4-13Status Monitor snelmenu. 4-13Status Monitor instellingen kennisgeving. 4-14Configuration Tool. 4-15Het Configuration Tool openen. 4-15Het Configuration Tool afsluiten. 4-16Scherm Instellingen Configuration Tool. 4-175 Bediening van het apparaat. 5-1Papier in de multifunctionele lade plaatsen. 5-2Een taak onderbreken en hervatten. 5-5Taken annuleren. 5-5Rapport afdrukken. 5-66 Problemen oplossen. 6-1Regulier onderhoud. 6-2Reinigen. 6-2De binnenkant van de machine reinigen. 6-2Vervanging tonercontainer. 6-6Papier plaatsen. 6-9Gebruik van het Maintenance Menu. 6-10Problemen oplossen. 6-11Storingen oplossen. 6-11Problemen bij bediening machine. 6-11Problemen met afgedrukte afbeeldingen. 6-13Werking lampjes bij het optreden van fouten. 6-16Onderhoudsindicatie. 6-16Foutweergave. 6-26Papierstoringen verhelpen.
v > ApparaatspecificatiesApparaatspecificatiesDit apparaat is uitgerust met vele handige functies. Hier volgen enkele voorbeelden. Bespaar energie en kostenBespaar de nodige energie (Energiebesparingsfunctie)Dit apparaat is uitgerust met een energiebesparingsfunctie die automatisch de slaapstand inschakelt.Energiebesparingsfunctie (pagina 2-23)Toner besparen bij het afdrukken (EcoPrint)U kunt besparen op het tonerverbruik met deze functie.Als u alleen de gedrukte inhoud hoeft te controleren, zoals een proefafdruk of een kladversie, dan kunt u deze functie gebruiken om te besparen op het tonerverbruik.Gebruik deze functie wanneer geen hoogwaardige afdrukkwaliteit is vereist.Papierverbruik verminderen (Kopiëren op beide zijden van het papier)U kunt originelen afdrukken op beide zijden van het papier.
U kunt ook meerdere originelen op een vel afdrukken.Veiligheid verbeteren Functies efficiënter gebruikenVeiligheid verbeteren(Instellingen voor de beheerder)Voor meer veiligheid zijn voor beheerders diverse functies beschikbaar.Beveiligingsinstellingen wijzigen (pagina 2-37)Het apparaat stiller doen werken (Stille modus)U kunt het apparaat stiller doen werken door het loopgeluid ervan te reduceren. IN/UIT schakelen met één toetsbediening mogelijk.Stille modus (pagina 2-24)Het apparaat installeren zonder netwerkkabels (Draadloos netwerk)Bij een draadloze LAN-omgeving is het mogelijk om het toestel te installeren zonder te moeten zorgen voor netwerkbekabeling. Daarnaast worden ook Wi-Fi Direct enz. ondersteund.Het draadloos netwerk configureren (pagina 2-15)Wi-Fi Direct instellen (pagina 2-20)Off
vi > ApparaatspecificatiesFuncties efficiënter gebruikenWerking op afstand (Command Center RX)U kunt toegang op afstand krijgen tot het apparaat voor het afdrukken, verzenden of downloaden van gegevens.Beheerders kunnen het gedrag van het apparaat of de instellingen configureren.Command Center RX (pagina 2-35)
vii > Handleidingen meegeleverd met het apparaatHandleidingen meegeleverd met het apparaatBij dit apparaat worden de volgende handleidingen geleverd. Raadpleeg elke handleiding wanneer nodig. De inhoud van deze handleidingen kan zonder nadere kennisgeving worden aangepast wanneer de prestaties van het apparaat worden verbeterd. Gedrukte handleidingenHandleidingen (PDF) op de DVD (Product Library) Installeer de volgende versies van Adobe Reader om de handleidingen op de DVD te bekijken. Versie 8. 0 of hogerVoor een snel gebruik van dit apparaatQuick GuideBevat de basisfuncties van de machine, instructies voor optimaal gebruik van de functies, instructies voor routineonderhoud en instructies voor het oplossen van storingen. Voor een veilig gebruik van dit apparaatSafety GuideBevat informatie over veiligheid en waarschuwingen over installatieomgeving en gebruik van dit apparaat.
Lees deze handleiding voor u het apparaat in gebruik neemt. Safety Guide (ECOSYS P2235dn/ECOSYS P2235dw)Omvat de benodigde installatieruimte, de waarschuwingsetiketten en andere veiligheidsinformatie. Lees deze handleiding voor u het apparaat in gebruik neemt. Voor een attent gebruik van het apparaatGebruikershandleiding (deze handleiding)Bevat instructies voor het laden van papier en de basishandelingen alsook de standaardinstellingen en overige informatie. Machine-informatie eenvoudig registreren en instellingen configurerenCommand Center RX User GuideBevat instructies over toegang tot de machine vanaf een webbrowser op uw computer om de instellingen te controleren en te wijzigen. Gegevens vanaf een computer afdrukkenPrinter Driver User GuideBevat instructies over de installatie van de printerdriver en het gebruik van de printerfunctie.
Toezicht houden op het apparaat en printers van het netwerkKYOCERA Net Viewer User GuideBevat instructies over het toezicht op uw netwerkprinter systeem (het apparaat) met KYOCERA Net Viewer. Afdrukken zonder de printerdriver te gebruikenPRESCRIBE Commands Command ReferenceGeeft uitleg over de beschrijvingstaal van het apparaat (PRESCRIBE-commando's). PRESCRIBE Commands Technical ReferenceGeeft uitleg over de PRESCRIBE-command functies en de bediening voor elk emulatietype. De afdrukpositie aanpassenMaintenance Menu User GuideHet onderhoudsmenu (Maintenance Menu) geeft uitleg over hoe de afdrukinstellingen te configureren.
viii > Over de gebruikershandleiding (deze handleiding)Over de gebruikershandleiding (deze handleiding)Overzicht van de handleidingDeze gebruikershandleiding bestaat uit de volgende hoofdstukken.Hoofdstuk Inhoud1 Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatieBevat voorzorgsmaatregelen met betrekking tot het gebruik van het apparaat en informatie over handelsmerken.2 Het apparaat installeren en configurerenBeschrijft de onderdeelnamen, kabelaansluitingen, installatie van de software, aanmelden, afmelden, en andere zaken met betrekking tot het beheer van het apparaat.3 Voorbereiding voor het gebruik Beschrijft de nodige voorbereidingen en instellingen voor gebruik van de machine, zoals papier laden.4 Afdrukken vanaf PC Beschrijft de basisprocedure voor het afdrukken.5 Bediening van het apparaat Beschrijft de basishandelingen voor bediening van het apparaat6 Problemen oplossen Geeft instructies over wat te doen wanneer de toner op is, er een fout wordt weergegeven, of als het papier vastloopt of een ander probleem optreedt.7 Appendix Beschrijft handige opties die beschikbaar zijn voor het apparaat.
ix > Over de gebruikershandleiding (deze handleiding)Vormgevingselementen in deze handleidingAdobe Reader XI wordt als voorbeeld genomen in de onderstaande uitleg.Bepaalde items zijn in deze handleiding aangegeven met de onderstaande vormgevingselementen.OPMERKINGDe items die worden weergegeven in Adobe Reader variëren, afhankelijk van de gebruikswijze. Als de inhoudsopgave of de gereedschappen niet worden weergegeven, raadpleeg Adobe Reader Help.Vormgevings-elementBeschrijving[Vet] Geeft toetsen en knoppen aan."Standaard" Geeft een instelling aan.Klik om van de huidige pagina naar de vorige pagina te gaan.
Dit is handig als u wilt terugkeren naar de pagina van waaruit je naar de huidige pagina bent gegaan.Klik op een item in de inhoudsopgave om naar de bijbehorende pagina te gaan.VOORZICHTIGGeeft aan dat wanneer u onvoldoende aandacht besteedt aan of u zich niet op de juiste wijze houdt aan de betreffende punten, dit kan leiden tot lichamelijk letsel of materiële schade.OPMERKINGGeeft bijkomende verklaringen en referentie-informatie voor bewerkingen.BELANGRIJKGeeft de operationele eisen en beperkingen aan om de machine correct te doen werken en om schade aan het apparaat of andere apparatuur te voorkomen.RaadpleegKlik op de onderstreepte tekst om naar de bijbehorende pagina te gaan.
x > Over de gebruikershandleiding (deze handleiding)Formaat en richting van papierPapierformaten zoals A5 kunnen zowel in horizontale als in verticale richting worden gebruikt. Om deze afdrukrichtingen te kunnen onderscheiden, wordt "R" toegevoegd aan de formaten in de verticale afdrukrichting.Afdrukrichting Instelpositie(X=Lengte, Y=Breedte)Aangegeven formaat in deze handleiding*1*1 De bruikbare papierformaten zijn afhankelijk van de functie en de invoerlade. Voor meer informatie, raadpleeg:Specificaties (pagina 7-3)Verticale richting (-R) Cassette A5-RMultifunctionele lade A5-RHorizontale richting Cassette A5Multifunctionele lade A5
1-11 Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatieLees deze informatie voor u het apparaat in gebruik neemt. Dit hoofdstuk bevat informatie over de volgende onderwerpen. Mededeling. 1-2Veiligheidsaanduidingen in deze handleiding. 1-2Bedrijfsomgeving. 1-3Voorzorgsmaatregelen voor gebruik. 1-4Veiligheid van de laserstraal (Europa). 1-5EN ISO 7779. 1-6EK1-ITB 2000. 1-6Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van draadloze LAN (indien aanwezig). 1-6Beperkt gebruik van dit product (indien aanwezig). 1-7Wettelijke kennisgevingen. 1-8Energiebesparingsfunctie. 1-12Functie automatisch dubbelzijdig afdrukken. 1-12Energiezuinigheid - Papier. 1-12Milieuvoordelen van "Energiebeheer". 1-12Energy Star-programma (ENERGY STAR®). 1-12.
1-2Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingMededelingVeiligheidsaanduidingen in deze handleidingDe delen van deze handleiding en onderdelen van het apparaat die zijn aangeduid met symbolen, bevatten veiligheidswaarschuwingen ter bescherming van de gebruiker, andere personen en voorwerpen in de buurt. Ze zijn ook bedoeld voor een correct en veilig gebruik van het apparaat.
De symbolen met hun betekenis worden hieronder beschreven.WAARSCHUWING: Dit geeft aan dat wanneer u onvoldoende aandacht besteedt aan of u zich niet op de juiste wijze houdt aan de betreffende punten, dit kan leiden tot ernstig letsel of zelfs levensgevaar.VOORZICHTIG: Dit geeft aan dat wanneer u onvoldoende aandacht besteedt aan of u zich niet op de juiste wijze houdt aan de betreffende punten, dit kan leiden tot lichamelijk letsel of mechanische beschadiging.SymbolenHet symbool geeft aan dat het betreffende deel veiligheidswaarschuwingen bevat. Specifieke aandachtspunten worden binnenin het symbool aangegeven. ... [Algemene waarschuwing] ... [Waarschuwing voor hoge temperatuur]Het symbool geeft aan dat het betreffende deel informatie bevat over niet-toegestane handelingen. Specifieke informatie over de niet-toegestane handeling wordt binnenin het symbool aangegeven. ...
[Waarschuwing voor niet-toegestane handeling] ... [Demontage verboden]Het symbool geeft aan dat het betreffende deel informatie bevat over handelingen die moeten worden uitgevoerd. Specifieke informatie over de vereiste handeling wordt binnenin het symbool aangegeven. ... [Waarschuwing voor vereiste handeling] ... [Haal de stekker uit het stopcontact] ... [Sluit het apparaat altijd aan op een geaard stopcontact]Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger om één of meerdere vervangingsexemplaren te bestellen als de veiligheidswaarschuwingen in deze gebruikershandleiding onleesbaar zijn of als de handleiding zelf ontbreekt (tegen betaling).
1-3Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingBedrijfsomgevingDe geschikte bedrijfsomgeving voor het apparaat is:Vermijd de volgende plaatsen als installatieplaats voor het apparaat.• Vermijd plaatsen in de buurt van een raam of direct in het zonlicht.• Vermijd plaatsen met trillingen.• Vermijd plaatsen met sterke temperatuurschommelingen.• Vermijd plaatsen met directe blootstelling aan warme of koude lucht.• Vermijd slecht geventileerde plaatsen.Als de vloer niet bestand is tegen zwenkwieltjes, is het mogelijk dat de vloer beschadigd raakt wanneer het apparaat na de installatie wordt verplaatst.Tijdens het afdrukken komt er een kleine hoeveelheid ozon vrij, maar dit heeft geen nadelige gevolgen voor de gezondheid.
Als het apparaat echter langere tijd in een slecht geventileerde ruimte wordt gebruikt of wanneer er een zeer groot aantal afdrukken wordt gemaakt, kan de geur onaangenaam worden. Een juiste omgeving voor afdrukwerk moet goed geventileerd zijn.Temperatuur 10 tot 32,5 °CVochtigheid 10 tot 80%
1-4Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingVoorzorgsmaatregelen voor gebruikWaarschuwingen bij het gebruik van verbruiksartikelenVOORZICHTIGProbeer geen delen die toner bevatten te verbranden. De vonken kunnen brandwonden veroorzaken.Houd onderdelen die toner bevatten buiten het bereik van kinderen.Als er onverhoopt lekkage plaatsvindt uit delen die toner bevatten, voorkom dan inademing en inslikken en voorkom contact met uw ogen en huid.• Als u toch toner inademt, gaat u naar een plaats met frisse lucht en gorgelt u met veel water. Neem bij opkomende hoest contact op met een arts.• Als u toner binnenkrijgt, spoelt u uw mond met water en drinkt u 1 of 2 glazen water om de inhoud van uw maag te verdunnen. Neem indien nodig contact op met een arts.• Als u toner in uw ogen krijgt, spoelt u ze grondig met water.
Als uw ogen gevoelig blijven, neemt u contact op met een arts.• Als u toner op de huid krijgt, wast u uw huid met water en zeep.Probeer geen onderdelen die toner bevatten open te breken of te vernietigen.Overige voorzorgsmaatregelenLever de lege tonercontainer in bij uw dealer of servicevertegenwoordiger. De ingezamelde tonercontainers worden gerecycled of verwijderd conform de betreffende voorschriften.Bewaar het apparaat op een plaats die niet is blootgesteld aan direct zonlicht.Bewaar het apparaat op een plaats waar de temperatuur niet hoger wordt dan 40 ºC en waar zich geen sterke schommelingen in temperatuur of vochtigheid voordoen.Als het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt, verwijder dan het papier uit de cassette en de multifunctionele (MF) lade, leg het terug in de oorspronkelijke verpakking en maak deze weer dicht.
1-5Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingVeiligheid van de laserstraal (Europa)Laserstralen kunnen gevaarlijk zijn voor het menselijk lichaam. Om deze reden is de laserstraal in het apparaat hermetisch afgesloten binnen een beschermende behuizing en achter een externe afdekking. Bij normale bediening van het product door de gebruiker kan er geen straling uit het apparaat ontsnappen.Dit apparaat wordt geclassificeerd als een laserproduct van Class 1 volgens IEC/EN 60825-1:2014.Voor wat betreft CLASS 1 laserproducten, wordt informatie op het typeplaatje verstrekt.
1-6Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingEN ISO 7779Maschinenlärminformations-Verordnung 3. GPSGV, 06. 01. 2004: Der höchste Schalldruckpegel beträgt 70 dB (A) oder weniger gemäß EN ISO 7779. EK1-ITB 2000Das Gerät ist nicht für die Benutzung im unmittelbaren Gesichtsfeld am Bildschirmarbeitsplatz vorgesehen. Um störende Reflexionen am Bildschirmarbeitsplatz zu vermeiden, darf dieses Produkt nicht im unmittelbaren Gesichtsfeld platziert werden. Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van draadloze LAN (indien aanwezig)Bij draadloze LAN kan informatie worden uitgewisseld tussen draadloze toegangspunten in plaats van via een netwerkkabel, wat het voordeel biedt dat een volledig vrije LAN-verbinding mogelijk is in een ruimte waarin radiogolven kunnen worden overgedragen.
Anderzijds kunnen de volgende problemen optreden als de beveiligingsinstellingen niet zijn geconfigureerd, omdat radiogolven door obstakels heen gaan (met inbegrip van de muren) en overal binnen een bepaald gebied komen. Communicatie-inhoud in het geheim bekijkenEen persoon met kwalijke bedoelingen kan opzettelijk radiogolven controleren en onbevoegd toegang krijgen tot de volgende communicatie-inhoud. • Persoonlijke informatie met inbegrip van ID, wachtwoorden en creditcard nummers• Inhoud van e-mailberichtenIllegale gegevensinbraakEen persoon met kwalijke bedoelingen kan onbevoegde toegang krijgen tot persoonlijke of bedrijfsnetwerken en de volgende illegale handelingen verrichten.
• Persoonlijke en vertrouwelijke informatie inzamelen (informatielek)• Communicatie aangaan en zich daarbij voordoen als een bepaalde persoon en het distribueren van ongeoorloofde informatie (spoofing)• Onderschepte communicatie aanpassen en doorsturen (vervalsing)• Computervirussen doorgeven en gegevens en systemen vernietigen (vernietiging)Draadloze LAN-kaarten en draadloze toegangspunten bevatten ingebouwde beveiligingsmechanismen die deze problemen aanpakken en die de kans op het optreden van deze problemen reduceren door het configureren van de beveiligingsinstellingen van de draadloze LAN-producten wanneer het product wordt gebruikt.
Het is raadzaam dat klanten hun verantwoordelijkheid nemen en hun verstand gebruiken bij het configureren van de beveiligingsinstellingen en dat ze zich ten volle bewust zijn van de problemen die kunnen optreden wanneer het product wordt gebruikt zonder het configureren van de beveiligingsinstellingen.
Gebruik dit product dan na bestudering van het veiligheidsontwerp van het gehele systeem, met inbegrip van vaststelling van een storingsbestendig ontwerp en redundante werking voor betrouwbaarheid en veiligheidsbehoud van het gehele systeem. Dit product is niet bedoeld voor gebruik in toepassingen die een hoge betrouwbaarheid en veiligheid vereisen, met inbegrip van lucht-en ruimtevaartinstrumenten, kofferbak communicatieapparatuur, controleapparatuur voor nucleaire energie en medische apparatuur. Het besluit om dit product te gebruiken in deze toepassingen dient derhalve goed te worden overwogen en bepaald.
1-8Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingWettelijke kennisgevingenHet kopiëren of op een andere manier reproduceren van de gehele handleiding of een deel daarvan zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van KYOCERA Document Solutions Inc. is verboden. Wat betreft handelsnamen• PRESCRIBE en ECOSYS zijn geregistreerde handelsmerken van Kyocera Corporation. • KPDL is een handelsmerk van Kyocera Corporation. • Microsoft, Windows, Windows XP, Windows Server 2003, Windows Vista, Windows Server 2008, Windows 7, Windows Server 2012, Windows 8, Windows 8. 1, Windows 10 en Internet Explorer zijn gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van MicrosoftCorporation in de Verenigde Staten en/of andere landen. • PCL is een handelsmerk van Hewlett-Packard Company. • Adobe Acrobat, Adobe Reader en PostScript zijn handelsmerken van Adobe Systems Incorporated.
• Ethernet is een geregistreerd handelsmerk van Xerox Corporation. • Novell en NetWare zijn geregistreerde handelsmerken van Novell, Inc. • IBM en IBM PC/AT zijn handelsmerken van International Business Machines Corporation. • AppleTalk, Bonjour, Macintosh en Mac OS zijn handelsmerken van Apple Inc. , geregistreerd in de V. S. en andere landen. • Alle Europese lettertypen die in dit apparaat zijn geïnstalleerd, worden gebruikt onder licentieovereenkomst met Monotype Imaging Inc. • Helvetica, Palatino en Times zijn geregistreerde handelsmerken van Linotype GmbH. • ITC Avant Garde Gothic, ITC Bookman, ITC ZapfChancery en ITC ZapfDingbats zijn geregistreerde handelsmerken van International Typeface Corporation. • ThinPrint is een handelsmerk van Cortado AG in Duitsland en andere landen. • UFST™ MicroType® lettertypen van Monotype Imaging Inc. zijn geïnstalleerd in dit apparaat.
en andere landen. • iOS is een handelsmerk of geregistreerd handelsmerk van Cisco in de V. S. en andere landen en wordt onder licentie door Apple Inc. gebruikt• Google en Google Cloud Print™ zijn handelsmerken en/of geregistreerde handelsmerken van Google Inc. • Mopria™ is een geregistreerd handelsmerk van Mopria™ Alliance. • Wi-Fi en Wi-Fi Direct zijn handelsmerken en/of geregistreerde handelsmerken van Wi-Fi Alliance. Alle overige merk- en productnamen zijn geregistreerde handelsmerken of handelsmerken van de respectieve bedrijven. De symbolen ™ en ® worden niet gebruikt in deze gebruikershandleiding.
1-12Wettelijke kennisgevingen en veiligheidsinformatie > MededelingEnergiebesparingsfunctieHet apparaat is uitgerust met een slaapmodus, waarbij de printerfuncties in een wachtstand komen te staan, maar het energieverbruik tot een minimum wordt beperkt na verloop van een bepaalde interval sinds het apparaat voor het laatst werd gebruikt. Als het apparaat niet wordt gebruikt in de slaapstand, dan wordt de stroom automatisch uitgeschakeld. Automatische slaapstand (pagina 2-23)Uitschakeltimer (modellen voor Europa) (pagina 4-17)Functie automatisch dubbelzijdig afdrukkenDit apparaat heeft dubbelzijdig afdrukken als standaardfunctie. Bijvoorbeeld bij het afdrukken van twee originelen op een vel papier als dubbelzijdige afdruk, is het mogelijk om papierverbruik te verminderen. Afdrukken in de duplexmodus vermindert papierverbruik en draagt bij aan het behoud van bossen.
Duplexmodus vermindert tevens de hoeveelheid papier die ingekocht moet worden en vermindert daardoor de kosten. Het is daarom aan te bevelen dat machines die dubbelzijdig kunnen afdrukken, standaard worden ingesteld in de duplexmodus. Energiezuinigheid - PapierVoor het behoud en duurzaam gebruik van de bossen wordt aanbevolen om gerecycled en nieuw papier te gebruiken dat op de meest milieuvriendelijke manier wordt geproduceerd of voorzien is van erkende milieukeurmerken, en dat voldoe aan EN 12281:2002* of een vergelijkbare kwaliteitsstandaard. Deze apparatuur ondersteunt ook printen op papier van 64 g/m2. Wanneer dergelijk papier, dat minder ruwe grondstoffen bevat, gebruikt wordt, leidt dit tot meer besparingen van natuurlijke bronnen.
Milieuvoordelen van "Energiebeheer"Om het stroomverbruik te beperken, is dit apparaat voorzien van een functie voor energiebeheer die automatisch de energiebesparende stand inschakelt wanneer het apparaat gedurende een bepaalde tijd niet actief is. Hoewel het de apparatuur enige tijd vergt weer terug te keren naar modus KLAAR vanuit de spaarstand, is een belangrijke vermindering in energieverbruik mogelijk. Het wordt aanbevolen de machine te gebruiken met deactiveringstijd voor de spaarstand in de standaardinstelling. Energy Star-programma (ENERGY STAR®)Als bedrijf dat deelneemt aan het internationale Energy Star-programma hebben wij vastgesteld dat dit apparaat voldoet aan de standaarden zoals bepaald in het internationale Energy Star-programma.
ENERGY STAR® is een vrijwillig programma voor energie-efficiëntie met als doel het ontwikkelen en promoten van producten met een hoge energie-efficiëntie om zo het broeikaseffect te helpen voorkomen. Door ENERGY STAR® -gekwalificeerde producten aan te schaffen kunnen klanten helpen de emissies van broeikasgassen te verminderen tijdens gebruik van het product en te besparen op de energiegerelateerde kosten.
2-12Het apparaat installeren en configurerenDit hoofdstuk bevat informatie voor de beheerder van dit apparaat, zoals de onderdeelnamen, het aansluiten van kabels en het installeren van software. Onderdeelnamen (buitenzijde machine). 2-2Onderdeelnamen (aansluitingen/binnenzijde). 2-3Onderdeelnamen (met verbonden optionele apparatuur). 2-5Het apparaat en andere toestellen aansluiten. 2-6Kabels aansluiten. 2-7LAN-kabel aansluiten. 2-7USB-kabel aansluiten. 2-8Netvoedingskabel aansluiten. 2-8Aan- en uitzetten. 2-9Aanzetten. 2-9Uitzetten. 2-9Gebruik van het bedieningspaneel. 2-10Bedieningspaneel. 2-10Statuslampjes. 2-11Basisfuncties voor elke toets. 2-12Netwerkconfiguratie. 2-13Het bekabelde netwerk configureren. 2-13Het draadloos netwerk configureren. 2-15Wi-Fi Direct instellen. 2-20Energiebesparingsfunctie. 2-23Automatische slaapstand. 2-23Uitschakelvoorwaarde (modellen voor Europa).
2-6Het apparaat installeren en configureren > Het apparaat en andere toestellen aansluitenHet apparaat en andere toestellen aansluitenBereid de benodigde kabels voor naargelang de omgeving en het gebruik van het apparaat.Bij aansluiting van de machine op de pc via USBBij aansluiting van de machine op de pc of tablet via netwerkkabel, Wi-Fi of Wi-Fi Direct Compatibele kabelsOPMERKINGBij gebruik van draadloze LAN-verbinding, raadpleeg het volgende.Het draadloos netwerk configureren (pagina 2-15)Verbindingswijze Functie Benodigde kabelSluit een LAN-kabel op het apparaat aan.Printer LAN-kabel (10BASE-T, 100BASE-TX, 1000BASE-T)Sluit een USB-kabel op het apparaat aan.Printer Compatibel met USB 2.0-kabel (Hi-Speed USB-compatibel, max.
5,0 m, afgeschermd)BELANGRIJKHet gebruik van een andere dan een USB 2.0-compatibele kabel kan storingen veroorzaken.USBTa bletNetwerkVerbinding via netwerkkabelWi-Fi-verbinding*1Wi-Fi Direct verbinding*1Wi-Fi-toegangspunt*1 Alleen voor modellen met Wi-Fi.Wi-Fi-verbinding of Wi-Fi Direct-verbinding
2-7Het apparaat installeren en configureren > Kabels aansluitenKabels aansluitenLAN-kabel aansluiten1Sluit de kabel op het apparaat aan.1 Sluit de LAN-kabel aan op de netwerkpoort.2 Sluit het andere uiteinde van de kabel aan op de hub of de PC.2Schakel het apparaat in en configureer het netwerk.BELANGRIJKZorg ervoor dat de stroomtoevoer naar de machine is afgesloten.Uitzetten (pagina 2-9)LAN-kabel aansluiten (pagina 2-7)
2-8Het apparaat installeren en configureren > Kabels aansluitenUSB-kabel aansluiten1Sluit de kabel op het apparaat aan.1 Sluit de USB-kabel aan op de USB-aansluiting.2 Sluit het andere uiteinde van de kabel aan op de PC.2Zet het apparaat aan.Netvoedingskabel aansluiten1Sluit de kabel op het apparaat aan.Sluit een uiteinde van de meegeleverde stroomkabel aan op het apparaat en het andere uiteinde op een stopcontact.BELANGRIJKZorg ervoor dat de stroomtoevoer naar de machine is afgesloten.Uitzetten (pagina 2-9)BELANGRIJKGebruik uitsluitend de netvoedingskabel die bij het apparaat wordt geleverd.
2-9Het apparaat installeren en configureren > Aan- en uitzettenAan- en uitzettenAanzetten1Zet de hoofdschakelaar aan.Uitzetten1Zet de hoofdschakelaar uit.Het uitschakelen duurt ongeveer 3 minuten.VOORZICHTIGAls u dit apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt (bijvoorbeeld 's nachts), zet het dan uit met de hoofdschakelaar. Als u het apparaat nog langer niet gebruikt (bijvoorbeeld tijdens de vakantie), haal dan om veiligheidsredenen de stekker uit het stopcontact.BELANGRIJKVerwijder het papier uit de cassettes en berg het op in de afgesloten bewaarzak voor papier om het tegen vocht te beschermen.
2-10Het apparaat installeren en configureren > Gebruik van het bedieningspaneelGebruik van het bedieningspaneelBedieningspaneel1[Opgelet]-lampje2[PAPIERSTORING]-lampje3[Toner]-lampje4[Papier]-lampje5[Wi-Fi]-lampje*16[Spaarstand]-lampje7[Verwerken] -lampje*1 Alleen voor modellen met Wi-Fi.8[Stille modus]-toets9[GO]-toets10 [Annuleren]-toets11 [Wi-Fi Direct]-toets*1OPMERKINGVoor de betekenissen van de lampjes en functies van de toetsen, raadpleeg:Statuslampjes (pagina 2-11)Basisfuncties voor elke toets (pagina 2-12)1237651110849
2-11Het apparaat installeren en configureren > Gebruik van het bedieningspaneelStatuslampjesDe lampjes worden gebruikt om de status van de printer op een bepaald moment te identificeren. Om de printerstatus te identificeren, raadpleeg de lampjes op de printer en raadpleeg de onderstaande tabel.Nr. Naam Lampje Status Betekenis Pagina1 Opgelet Aan/KnipperendEr is een fout opgetreden. pagina 6-162 PAPIERSTORING Aan Er heeft zich een papierstoring voorgedaan. pagina 6-16pagina 6-283 Toner Aan De toner is op. pagina 6-6pagina 6-17Knipperend De toner is bijna op. pagina 6-6pagina 6-184 Papier Aan Het papier is op tijdens afdrukken. pagina 3-4pagina 6-24Knipperend Er zit geen papier in de aangegeven cassette of in de papierinvoer in de Gereed status. pagina 3-4pagina 6-195Wi-Fi*1*1 Alleen voor modellen met Wi-Fi.Aan Het apparaat is verbonden met Wi-Fi.
2-12Het apparaat installeren en configureren > Gebruik van het bedieningspaneelBasisfuncties voor elke toetsRaadpleeg de volgende tabel voor de beschrijving van de basisfuncties voor elke toets.Nr. Naam Toets Betekenis Pagina8 Stille modus Lagere afdruksnelheid voor stille verwerking. pagina 2-249 GO Verwijdert een specifieke fout en doet het apparaat uit de slaapstand ontwaken.pagina 2-23pagina 6-20pagina 6-21pagina 6-23pagina 6-2510 Annuleren Hiermee onderbreekt u een taak. pagina 5-5Druk 1 seconde op deze toets om een taak te annuleren. pagina 5-511 Wi-Fi Direct*1*1 Alleen voor modellen met Wi-Fi.Schakelt Wi-Fi Direct IN of UIT. pagina 2-20
2-13Het apparaat installeren en configureren > NetwerkconfiguratieNetwerkconfiguratieHet bekabelde netwerk configurerenHet apparaat is uitgerust met een netwerkinterface, die compatibel is met netwerkprotocollen zoals TCP/IP (IPv4), TCP/IP (IPv6), NetBEUI, en IPSec. Het maakt afdrukken via het netwerk op Windows, Macintosh, UNIX en andere platformen mogelijk.Stel TCP/IP (IPv4) in om verbinding te maken met het Windows-netwerk.Zorg ervoor dat de netwerkkabel is aangesloten voordat u de instellingen configureert.LAN-kabel aansluiten (pagina 2-7)Voor informatie over de overige netwerkinstellingen, raadpleeg:Command Center RX User GuideIPv4 instellingen1Roep het scherm op.1 Start uw internetbrowser.2 Voer het IP-adres of de hostnaam van het apparaat in de adres- of locatiebalk.U kunt het IP-adres of de hostnaam van het apparaat op de statuspagina controleren.
Om de statuspagina af te drukken, houd de toets [GO] op het bedieningspaneel 3 tot 9 seconden ingedrukt.3 Meld u aan met beheerdersbevoegdheden.De standaard fabrieksinstelling voor de standaardgebruiker met de bevoegdheden voor systeembeheerder wordt hieronder getoond. (Er wordt onderscheid gemaakt tussen hoofdletters en kleine letters (hoofdlettergevoelig).)Aanmelding gebruikersnaam: AdminAanmelding wachtwoord: Admin4 Kies vanaf de menu [Netwerkinstellingen] de optie [TCP/IP].
2-14Het apparaat installeren en configureren > Netwerkconfiguratie2Configureer de instellingen.1 In "TCP/IP" - "IPv4 instellingen (bedraad netwerk)", stel [DHCP/BOOTP] en [Auto-IP] in op [Uit].2 Configureer het [IP-adres] en het [Subnetmasker].3 Configureer zo nodig de [Standaard gateway], [DNS-Server], [WINS-Server], en [Hostnaam] in "IPv4 instellingen (Gemeenschappelijk)".4 Klik op [Verzenden].BELANGRIJKNa het wijzigen van instellingen moet u de netwerk-interfacekaart opnieuw opstarten.
Zet de machine uit en weer aan.U kunt ook het netwerk opnieuw opstarten door te klikken op [Resetten] in het menu [Beheerinstellingen] van de Command Center RX en vervolgens op [Netwerk opnieuw opstarten] in "Herstarten".OPMERKINGVraag vooraf het IP-adres aan uw netwerkbeheerder en houd deze bij de hand wanneer u deze instelling wenst te configureren.In de volgende gevallen moet het IP-adres van de DNS-server worden ingesteld op de Command Center RX.• Bij gebruik van de hostnaam met de instelling "DHCP" ingesteld op "Uit"• Bij gebruik van de DNS-server met IP-adres dat niet automatisch wordt toegewezen door DHCP.Het IP-adres van de DNS-server instellen, raadpleeg het volgende:Command Center RX User GuideOm terug te keren naar de standaard netwerkinstellingen, houd gelijktijdig de toetsen [Annuleren] en [Stille modus] gedurende ten minste 15 seconden ingedrukt en schakel de stroomtoevoer uit en weer in.
2-15Het apparaat installeren en configureren > NetwerkconfiguratieHet draadloos netwerk configurerenDe verbinding configureren via de WPS-knop op het bedieningspaneelAls uw toegangspunt de WPS-knop ondersteunt, dan kunt u de verbinding direct configureren door aan beide zijden te drukken op de WPS-knop. 1Schakel de Wi-Fi-modus in. Houd gelijktijdig de toetsen [GO] en [Wi-Fi Direct] op het bedieningspaneel 10 seconden of langer ingedrukt. 2Zet de machine uit en weer aan. 3Druk op de WPS-knop op het toegangspunt. 4Houd de toets [Wi-Fi Direct] op het bedieningspaneel 5 seconden ingedrukt. Het netwerk tussen dit apparaat en het toegangspunt wordt geconfigureerd. Als de functie draadloos netwerk beschikbaar is op het apparaat en de verbindingsinstellingen zijn geconfigureerd, dan is het mogelijk om af te drukken in een draadloos netwerk (draadloze LAN)-omgeving.
De volgende configuratiemethoden zijn mogelijk:Configuratiemethode Beschrijving ReferentiepaginaDe verbinding configureren via de WPS-knop op het bedieningspaneel*1*1 Configureer de instellingen op het bedieningspaneel als uw toegangspunt WPS ondersteunt. Command Center RX User GuideAls uw toegangspunt de WPS-knop ondersteunt, dan kunt u de verbinding direct configureren door aan beide zijden te drukken op de WPS-knop. De verbinding configureren via de WPS-knop op het bedieningspaneel (pagina 2-15)De verbinding configureren via het Wi-Fi-Setup hulpprogramma*2*2 Voordat u het draadloze netwerk configureert via de computer, sluit het apparaat rechtstreeks aan via een LAN-kabel of met de draadloze verbinding via Wi-Fi Direct. Voorbereiding voor het configureren van het draadloos netwerk via de computer (pagina 2-16)Dit hulpprogramma is opgenomen in de Product Library.
U kunt de verbinding configureren volgens de instructies van de wizard. De verbinding configureren via het Wi-Fi-Setup hulpprogramma (pagina 2-17)Verbindingen configureren op de webpagina*2De verbinding kan worden geconfigureerd in de Command Center RX.
Aansluitingen op de webpagina configureren (pagina 2-18)OPMERKINGOp een model met Wi-Fi-functie, wijzig de instellingen in "Primair netwerk (Client)" op de juiste manier als u naar een ander dan bekabeld netwerk-interface overschakelt. Command Center RX User GuideOPMERKINGU kunt Wi-Fi ook inschakelen vanaf Command Center RX. Aansluitingen op de webpagina configureren (pagina 2-18)Aan- en uitzetten (pagina 2-9)OPMERKINGDeze handeling impliceert het indrukken van een WPS-knop.
2-16Het apparaat installeren en configureren > NetwerkconfiguratieVoorbereiding voor het configureren van het draadloos netwerk via de computerVoordat u het draadloze netwerk configureert via de computer, dient u het apparaat als volgt aan te sluiten.Bekabelde verbinding rechtstreeks via LAN-kabel1Sluit het apparaat aan op een computer via LAN-kabel wanneer het apparaat is ingeschakeld.2Zet de computer aan.Het Auto-IP (Link-local) adres wordt toegewezen aan het apparaat en de computer.
Dit apparaat gebruikt Auto-IP als standaardinstelling.3Drukt de statuspagina af.Houd de [GO]-toets 3 à 9 seconden ingedrukt.4Noteer het IP-adres.Draadloze LAN-verbinding via Wi-Fi Direct1Schakel de Wi-Fi-Direct modus in.Houd gelijktijdig de toetsen [GO] en [Wi-Fi Direct] op het bedieningspaneel 3 seconden ingedrukt.2Zet de machine uit en weer aan.3Sluit een computer of een mobiel toestel aan op het apparaat.4Druk de servicestatuspagina af.Houd de [GO]-toets 10 seconden of langer ingedrukt.5Noteer netwerknaam (SSID), IP-adres en wachtwoord.Dit is afgedrukt in Wi-Fi Direct op het Netwerkstatuspagina.OPMERKINGU kunt Wi-Fi Direct ook inschakelen vanaf Command Center RX.Command Center RX User GuideAan- en uitzetten (pagina 2-9)Wi-Fi Direct instellen (pagina 2-20)OPMERKINGU kunt ook de netwerknaam (SSID), het IP-adres en het wachtwoord controleren vanaf Command Center RX.Command Center RX User Guide
2-17Het apparaat installeren en configureren > NetwerkconfiguratieDe verbinding configureren via het Wi-Fi-Setup hulpprogrammaVoor het verzenden van de Wi-Fi instellingen die zijn geconfigureerd in het Wi-Fi Setup hulpprogramma naar het apparaat, sluit de computer of het mobiel toestel lokaal aan op het apparaat.
De verbindingsmethoden zijn bekabelde verbinding via LAN-kabel of draadloze LAN-verbinding (Wi-Fi Direct).1Sluit het apparaat aan via een LAN-kabel of Wi-Fi Direct.2Plaats de DVD.3Roep het scherm op.4Druk op [Onderhoud].5[Wi-Fi Setup Tool] > [Uitvoeren]Bekabelde verbinding rechtstreeks via LAN-kabel (pagina 2-16)Draadloze LAN-verbinding via Wi-Fi Direct (pagina 2-16)OPMERKING• De installatie op Windows moet worden uitgevoerd door een gebruiker is aangemeld met beheerdersbevoegdheden.• Als het dialoogvenster "De wizard Nieuwe hardware gevonden” verschijnt, selecteer dan [Annuleren].• Als het autorun-scherm wordt weergegeven, klik dan op [Voer setup.exe uit].• Als het venster gebruikersaccountbeheer verschijnt, klik op [Ja] ([Toestaan]).1 Klik op [Licentieovereenkomst weergeven] en lees de licentieovereenkomst.2 Klik op [Accepteren].1212
Uw gebruikersnaam en wachtwoord zijn beide Admin.6 Configureer de communicatie-instellingen > [Volgende]7 Wijzig de instellingen van het toegangspunt zoals nodig> [Volgende]Het netwerk is geconfigureerd.Aansluitingen op de webpagina configurerenDe verbinding kan worden geconfigureerd in de Command Center RX.1Sluit het apparaat aan via een LAN-kabel of Wi-Fi Direct.2Roep het scherm op.1 Start uw internetbrowser.2 Voer het IP-adres of de hostnaam van het apparaat in de adres- of locatiebalk.U kunt het IP-adres of de hostnaam van het apparaat op de statuspagina controleren. Om de statuspagina af te drukken, houd de [GO]-toets 3 à 9 seconden ingedrukt.3 Meld u aan met beheerdersbevoegdheden.De standaard fabrieksinstelling voor de standaardgebruiker met de bevoegdheden voor systeembeheerder wordt hieronder getoond.
(Er wordt onderscheid gemaakt tussen hoofdletters en kleine letters (hoofdlettergevoelig).)Aanmelding gebruikersnaam: AdminAanmelding wachtwoord: Admin4 [Netwerkinstellingen] > [Draadloos LAN]OPMERKING• Er kan slechts één apparaat worden gedetecteerd met het Wi-Fi Setup hulpprogramma. Het detecteren van het apparaat kan enige tijd duren.• Als het apparaat niet wordt gedetecteerd, druk op [Geavanceerde instellingen] > [Volgende]. Kies [Snel installeren] of [Aangepast installeren] voor de apparaat detectiemethode en geef het IP-adres of de hostnaam op om het apparaat te zoeken.Bekabelde verbinding rechtstreeks via LAN-kabel (pagina 2-16)Draadloze LAN-verbinding via Wi-Fi Direct (pagina 2-16)
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Kyocera ECOSYS P2335dn stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer Kyocera
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer