Kuppersbusch IGV645.1 Handleiding


Pagina's 13 Nederlands

Bekijk gratis de handleiding van Kuppersbusch IGV645.1 (13 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 34 mensen. Heb je een vraag over Kuppersbusch IGV645.1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

31
GARANTIE
Voor het aangeschafte apparaat gelden de
garantiebepalingen die door de
vertegenwoordiging van de
moederorganisatie in het land van aankoop
zijn uitgegeven. Eventuele bijzonderheden
hiervoor zal de leverancier, bij wie het
apparaat is gekocht, desgevraagd
verschaffen. Om aanspraak te kunnen
maken op eventuele garantie is het
overleggen van de rekening in ieder geval
vereist.

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Kuppersbusch
Categorie: Vaatwasser
Model: IGV645.1

Handleiding Kuppersbusch IGV645.1 – volledige tekst

31GARANTIEVoor het aangeschafte apparaat gelden de garantiebepalingen die door de vertegenwoordiging van de moederorganisatie in het land van aankoop zijn uitgegeven. Eventuele bijzonderheden hiervoor zal de leverancier, bij wie het apparaat is gekocht, desgevraagd verschaffen. Om aanspraak te kunnen maken op eventuele garantie is het overleggen van de rekening in ieder geval vereist.

33VOOR HET GEBRUIK VAN DE AFWASMACHINE/AANSLUITINGEN 1. Verwijderen van de verpakking en controles: Controleer, nadat u de verpakking heeft verwijderd, of de afwasmachine tijdens het transport niet beschadigd is en of de deur perfect sluit. Wend u in geval van twijfel tot een vakman of tot de verkoper. •Het verpakkingsmateriaal (plastic zakken enz. ) moet buiten het bereik van kinderen gehouden worden, want het zou een bron van gevaren kunnen vormen. •De goede werking van de afwasmachine is in de fabriek getest. Na deze test kunnen enige lichte watervlekken overblijven die na de eerste afwasbeurt verdwijnen. 2.

Aansluiting op het elektriciteitsnet en op de waterleiding:Alle aansluitingen op de waterleiding en op het elektriciteitsnet moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel, aan de hand van de aanwijzingen van de fabrikant en conform de geldende plaatselijke veiligheidsvoorschriften (zie ook de bijgevoegde installatieaanwijzingen). Gebruik de afwasmachine uitsluitend in het huishouden en voor de doeleinden waarvoor ze bestemd is. Gebruik de afwasmachine niet als zij beschadigd is tijdens het transport. Wend u tot de Servicedienst of tot de verkoper. (Zie de afzonderlijke installatieaanwijzingen) 3. Toevoer en afvoer van het water:•Neem de geldende voorschriften van het waterleidingbedrijf in acht. Toevoerdruk van het water: 0,3 - 10 bar. •Controleer of de watertoevoer- en afvoerslangen niet gevouwen of afgekneld zijn.

•Als de slangen niet lang genoeg zijn, wend u dan tot de Servicedienst of de verkoper. •De toevoerslang moet veilig en hermetisch op de waterkraan worden aangesloten. •De temperatuur van het toegevoerde water is afhankelijk van het model. Toevoerslang met de aanduiding “25° C Max”: maximumtemperatuur 25° C. Alle andere modellen: maximumtemperatuur 60° C.

•Verzeker u er op het moment van installatie van dat het afvoerwater zonder problemen weg kan stromen (verwijder indien nodig ook het afsluitkapje in de sifon van de wasbak). •Bevestig de afvoerslang aan de sifon met een klembandje, zodat hij niet los kan raken. Alleen voor apparaten met waterstopsysteem: Als de aanwijzingen voor de installatie in acht worden genomen, kan het waterstopsysteem voorkomen dat er water uit de machine stroomt, dat schade zou kunnen aanrichten in uw woning. 4. Elektrische aansluiting:•Neem de geldende normen van het elektriciteitsbedrijf in acht. •De voedingsspanning staat vermeld op het plaatje dat rechts op de binnenkant van de deur is aangebracht. •De aarding van het apparaat is wettelijk verplicht. •Gebruik geen verlengsnoeren of meervoudige adapters. •Haal de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat verrichten.

•Als het nodig is moet de verbindingskabel met het net worden vervangen door een soortgelijk exemplaar, dat verkrijgbaar is bij de Servicedienst. De kabel dient te worden vervangen door een gespecialiseerd technicus. Waarschuwing op apparaten met LCD display:Na de installatie van het apparaat moet de aansluitstekker op elk willekeurig moment bereikbaar zijn. • Voor Oostenrijk: als er een lekstroomschakelaar in serie met het apparaat wordt geschakeld, moet deze gevoelig zijn voor pulserende stroom.

34ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN ADVIEZEN 1. Verpakking:De verpakking is 100% recycleerbaar, zoals aangegeven door het kringloopsymbool. 2. Energie en water besparen:•Spoel de vaat niet af onder stromend water. •Gebruik de vaatwasmachine steeds wanneer hij vol is, of selecteer, als er slechts één korf vol is, het vaatwasprogramma met halve belading/Multizone (indien beschikbaar). •Als er milieuvriendelijke energiebronnen ter beschikking staan, zoals bijvoorbeeld verwarming met zonnepanelen, warmtepompen of centrale verwarming, dient de afwasmachine te worden aangesloten op de warmwaterleiding met een temperatuur van hoogstens 60° C. Verzeker u ervan dat de watertoevoerleiding van het juiste type is. Zie het hoofdstuk “Aansluitingen” in deze Gebruiksaanwijzing. 3. Afdanken:Het apparaat is vervaardigd van recycleerbaar materiaal.

Bij het afdanken van de machine dienen de plaatselijke voorschriften voor afvalverwerking te worden gevolgd. Maak de afwasmachine in elk geval onbruikbaar door de voedingskabel door te snijden. •Om gevaarlijke situaties voor kinderen te voorkomen (b. v. verstikking), dient u het slot van de deur te breken, zodat deze niet meer gesloten kan worden. 4. Kinderbeveiliging:•Laat kinderen niet met de afwasmachine spelen. •Bewaar het afwasmiddel, het spoelglansmiddel en het zout op een droge plaats, buiten bereik van kinderen. 5. Veiligheidswaarschuwingen:•De geopende deur kan alleen het gewicht van de uitgeschoven korf dragen, met inbegrip van de vaat. Leun niet op de open deur en ga er niet op zitten of staan: de afwasmachine zou kunnen kantelen. •Gebruik geen oplosmiddelen in de wasruimte: dit veroorzaakt ontploffingsgevaar.

•Schakel het apparaat altijd uit voor reinigings- of onderhoudswerkzaamheden en draai de waterkraan dicht. •Doet er zich een storing voor, schakel de afwasmachine dan uit en draai de waterkraan dicht. •Schakel aan het einde van het programma de afwasmachine uit en draai de waterkraan dicht.

•Reparaties en technische wijzigingen mogen uitsluitend door gekwalificeerd personeel worden verricht. •Het water in de afwasmachine is geen drinkwater. •Bewaar geen brandbare vloeistoffen in de nabijheid van de afwasmachine. •Laat het apparaat niet buiten functioneren. 6. VorstbestendigIndien het apparaat in een vertrek is geplaatst dat aan vorst kan worden blootgesteld moet al het water worden afgevoerd. Draai de waterkraan dicht, koppel de toevoer- en afvoerslangen los en laat het water er vervolgens uitstromen. 7. Alleen voor apparaten met waterstopsysteem:In de watertoevoerslang en in de plastic doos bevinden zich elektrische onderdelen. Snijd de slang dus niet door en dompel de doos niet onder in water. Als de slang kapot is, moet de machine onmiddellijk uitgezet worden. 8. Het apparaat dient te worden gebruikt bij een temperatuur tussen de 5 en 45°C.

35HET ZOUTRESERVOIR VULLENVanaf een waterhardheid 1–2 (gemiddeld) dient u, alvorens de machine voor de eerste keer in gebruik te nemen, het reservoir te vullen met regenereerzout (vraag bij uw waterleidingbedrijf naar de hardheid van het water in uw omgeving of controleer die op de laatste waterrekening). Als de hardheidsgraad van het water niet overeenkomt met stand 3 (fabrieksinstelling) of als de waterhardheid veranderd is:Draai de keuzeknop op de goede stand (alleen voor afwasmachines zonder zoutsensor):Stel de hardheidsgraad van het water in door de keuzeknop (indien aanwezig) aan de binnenkant van de deur (linksboven) met behulp van een schroevendraaier op de goede stand te draaien.

Vullen van het zoutreservoir met ongeschikte producten, zoals afwasmiddel, heeft onherstelbare schade voor het onthardingssysteem tot gevolg. 1. Trek de onderste korf naar buiten. 2. Schroef de dop los door hem naar links te draaien. 3. Alleen voor het eerste gebruik van de afwasmachine: vul het waterreservoir tot de rand. 4. Vul het zoutreservoir tot de rand met regenereerzout (met de trechter); gebruik de eerste keer min. 1,5 kg en max. 2 kg en roer met de steel van een lepel.

5. Schroef de dop vast door hem naar rechts te draaien. 6. Breng de onderste korf aan. 7. Start onmiddellijk een afwasprogramma nadat u regenereerzout heeft toegevoegd (voorspoelen is niet voldoende), zodat de gemorste/overgelopen zoutoplossing meteen wordt verwijderd en corrosie voorkomen wordt. Indicator van het zoutniveau:De afwasmachine is voorzien van een elektrische of optische indicator van het zoutniveau (afhankelijk van het model). Elektrische indicator:Het controlelampje op het bedieningspaneel gaat branden wanneer het zoutreservoir moet worden gevuld. Optische indicator:wanneer het zoutreservoir voldoende gevuld is, is de vlotter goed zichtbaar in het venstertje van de dop. De vlotter daalt en is niet meer zichtbaar wanneer het zoutreservoir moet worden gevuld.

36HET DOSEERBAKJE VAN HET SPOELGLANSMIDDEL VULLENHet spoelglansmiddel bevordert het drogen van de vaat door het water er beter te laten afstromen, zodat er geen strepen of vlekken achterblijven. Vul het doseerbakje voor het eerste gebruik van de afwasmachine. Gebruik uitsluitend spoelglansmiddel voor afwasmachines.1. Druk op de toets A om het deksel te openen (zie tekening).2. Giet het spoelglansmiddel in de opening tot de stippellijn “max” (ongeveer 100 ml).Als u per ongeluk spoelglansmiddel morst, verwijder dat dan meteen! Op die manier voorkomt u overmatige schuimvorming die het resultaat negatief zou kunnen beïnvloeden.3. Sluit het deksel.Controleer vervolgens regelmatig het niveau van het spoelglansmiddel.De hoeveelheid spoelglansmiddel instellen:Fabrieksinstelling: Stand 4.Als u niet tevreden bent over het afwas- of droogresultaat, kunt u de dosis spoelglansmiddel veranderen.1.

Druk op de toets A om het deksel te openen (zie tekening). 2. Als de vaat strepen vertoont: zet de dosis spoelglansmiddel met een munt of een dergelijk voorwerp op een lagere stand (1-3). Als de vaat niet helemaal droog is: stel de dosis in op een hogere stand (5-6).3. Sluit het deksel.Indicator van het spoelglansmiddelniveau:Optische indicator:licht spoelglansmiddel toevoegendonker voldoende spoelglansmiddel.Elektrische indicator (indien aanwezig):Het controlelampje op het bedieningspaneel gaat branden wanneer er spoelglansmiddel moet worden toegevoegd.A

37HET DOSEERBAKJE VAN HET AFWASMIDDEL VULLEN Gebruik uitsluitend afwasmiddel voor afwasmachines. Vul het doseerbakje van het afwasmiddel pas vlak voordat u een afwasprogramma start (zie ook Beknopte handleiding). 1. Druk op de toets C om het deksel te openen. 2. Het doseerbakje van het afwasmiddel vullen. •Programma’s met voorspoelen:-Afwaspoeder en/of vloeibaar afwasmiddel: giet 2/3 van de door de fabrikant aanbevolen hoeveelheid afwasmiddel in het vak (A);giet 1/3 in het vak (B). -Tabletten: plaats een tablet in het vak (A) en/of volg de adviezen op de verpakking van het afwasmiddel. •Programma’s zonder voorspoelen:-Afwaspoeder en/of vloeibaar afwasmiddel, tabletten:giet de volledige door de fabrikant aanbevolen hoeveelheid afwasmiddel in het vak (A).

•Voor programma’s met de geactiveerde extra functie “Halve lading/Multizones” (indien beschikbaar):-Bij afwaspoeder en vloeibaar afwasmiddel kan de hoeveelheid met 1/3 worden teruggebracht. 3. Sluit het deksel. AfwasmiddelGebruik vloeibare afwasmiddelen, afwaspoeders en/of tabletten voor afwasmachines van merken die in de winkels verkrijgbaar zijn (gebruik geen handafwasmiddelen). Ter bescherming van het milieu is het raadzaam de aanwijzingen van de fabrikant op te volgen. Gebruik niet méér wasmiddel dan wordt aangegeven. Houdt u zich aan de veiligheidswaarschuwingen van de fabrikant. Bewaar deze producten buiten bereik van kinderenAls er afwasmiddelen in tabletten worden gebruikt, dient u zich nauwgezet te houden aan de aanwijzingen die door de fabrikant worden gegeven.

Als er gemengde afwasmiddelen worden gebruikt die het gebruik van spoelglansmiddel of zout overbodig maken, dient u zich aan de volgende aanwijzingen te houden:•producten met geïntegreerd spoelglansmiddel werken uitsluitend optimaal met bepaalde programma’s. •producten die het gebruik van zout overbodig maken, mogen uitsluitend worden gebruikt bij bepaalde hardheidsgraden van het water.

38REINIGING EN ONDERHOUDSchakel het apparaat altijd uit voor reinigings- of onderhoudswerkzaamheden en draai de waterkraan dicht.Reinigen van de buitenkant:Gebruik voor het reinigen van de buitenkant een vochtige doek en een neutraal schoonmaakmiddel. Reinig het bedieningspaneel enkel met een vochtige doek.Gebruik geen schuurmiddelen.Reinigen van de binnenkant van de afwasmachine:Maak regelmatig de afdichting en de binnenkant van de deur schoon met een vochtige doek, om eventuele voedselresten te verwijderen.Bovenste sproeiarm:1. Draai de moer (A) los (door hem naar links te draaien) en haal de sproeiarm weg door hem omlaag te trekken (B).2. Spoel de gaatjes af.3. Monteer de sproeiarm weer door hem in het midden te plaatsen en draai de moer vast (door hem naar rechts te draaien). Let er daarbij op de sproeiarm niet te buigen.

De moer moet goed vastgedraaid zijn, u dient een klik te horen!De sproeiarm moet ongehinderd kunnen draaien.Onderste sproeiarm:1. Draai de moer (C) los (door hem naar links te draaien) en haal de sproeiarm weg door hem omhoog te trekken (D).2. Spoel de gaatjes af.3. Monteer de sproeiarm weer door hem in het midden te plaatsen en draai de moer vast (door hem naar rechts te draaien). Let er daarbij op de sproeiarm niet te buigen.De moer moet goed vastgedraaid zijn, u dient een klik te horen!De sproeiarm moet ongehinderd kunnen draaien.ABDC

39REINIGING EN ONDERHOUDReiniging van de filters:1. Draai het microfilter naar links (in de richting van de pijl “0”) en haal hem weg (E).2. Plaats de centrale, grove filtergroep/microfilter op een vlakke steun en druk op de handgreep van het microfilter (F). Haal het naar voren geduwde, grove filter weg (G).3. Haal het fijnmazige filter eruit (H).4. Maak alle filters onder stromend water schoon, en let er daarbij op het fijnmazige filter niet te verbuigen. Controleer of er geen onzuiverheden in de afwasmachine zijn achtergebleven!5. Monteren:breng het grove filter in het microfilter aan en blokkeer het zodanig dat u een klik hoort! Breng het fijnmazige filter aan.

Het filter moet zich onder beide lipjes bevinden.Bevestig de centrale, grove filtergroep/microfilter door hem met de klok mee in de richting van de pijl “1” te draaien tot de stippellijnen op het microfilter en het fijnmazige filter samenvallen.Voor goede afwasresultaten is het belangrijk dat de filters goed worden aangebracht!HEGF

5019 696 93163NLIGV 645.1 Beknopte handleidingWij raden u aan voor het gebruik van de afwasmachine de montage- en gebruiksaanwijzingen te lezen!(Technische wijzigingen voorbehouden)Voeg spoelglansmiddel toeVoeg regenereerzout toe Voeg het zout pas vlak voor de start van het wasprogramma toe.

1) Programma voor het typeplaatje met de energiegegevens conform de richtlijn EN 50242; 2) Zie “Gebruik van het apparaat”; 3) De gegevens kunnen verschillen al naar gelang, bijvoorbeeld, de grootte van de belading, een andere temperatuur - hoger of lager dan 15°C - of hardheid van het water en de voedingsspanning, etc.Aan-ToetsUit-ToetsToets ProgrammakeuzeToets StartHet controlelampje gaat tijdens de werking branden, knippert wanneer er zich een storing voordoet en gaat uit aan het einde van het programma.IndicatorenProgrammatabel Afwasmiddel 2) Verbruik 3)Programma’s Tips voor het laden van de vaatwasmachine A B Liter MinutenkWhVoorspoelen koud Vaat die later gewassen moet worden. - - 4,0 0,03 14Snel 40°C Licht vervuild, zonder opgedroogde resten. X - 10,0 0,65 30Bio Normaal 1) 50°C Matig vervuild.

Gebruik van het apparaatZie voor nadere details de afzonderlijke hoofdstukken van de gebruiksaanwijzing.Druk op de toets ON.Groot vak A:Bij elk wasprogramma.Klein vakje B:Alleen voor programma’s met voorspoelen.Mechanische indicator C. Elektrisch controlelampje op het bedieningspaneel (indien aanwezig).Alleen als een onthardingssysteem aanwezig is.Mechanische indicator D. Elektrisch controlelampje op het bedieningspaneel (indien aanwezig).Zie de instructies voor het laden van de vaatwasmachine.Het laatst geselecteerde programma gaat branden. Druk op de toets totdat het gewenste programma gaat branden.Als dat nodig is (indien aanwezig).Het bijbehorende controlelampje gaat branden.Het geselecteerde programma wordt vervolgens in het geheugen opgeslagen (ook wanneer de stroom ontbreekt). - Open de deur alleen als dat noodzakelijk is (Let op: er kan stoom uit komen).

- Indien het apparaat nog voor de benodigde tijd uitgeschakeld wordt en vervolgens opnieuw gestart wordt, zal het programma verder gaan waar het onderbroken was.Aan het einde van het programma hoort u een geluidssignaal. Alleen nadat de toets START is uitgegaan: druk op de toets OFF.Alle lampjes gaan uit.Waarschuwing: bij het openen van de deur komt er stoom uit het apparaat!Laad het apparaat uit door met de onderste korf te beginnen.Open de deur, schakel het apparaat inHet doseerbakje van het afwasmiddel vullenA B CControleer hetspoelglansmiddelControleer hetregenereerzoutVul de korvenSelecteer het programmaSelecteer de extra functiesDruk op de toets START“Programma wijzigen”Houd de toets START 2 sec.

ingedrukt totdat het controlelampje Start gedoofd is;Selecteer opnieuw een programma en druk nogmaals op de toets START.Draai de waterkraan open,sluit de deurWasprogrammaSchakel het apparaat uitDraai de waterkraan dicht, laad de korven uit

Aanwijzingen voor het laden van de afwasmachine en de bij de korven geleverde accessoiresBovenste korf:Draaibaar glazenrek (A):Afhankelijk van de positie, bijvoorbeeld kleine glazen of glazen op voet.Vaatrekken (B):Afhankelijk van de positie, bijvoorbeeld borden, kopjes en glazen op voet.Instelling van de verticale hoogte van de korf (ook wanneer hij beladen is):Onderste instelling:Trek de twee handgrepen van de korf naar buiten (C)en laat de korf zakken.Bovenste instelling:Trek de handgrepen twee(C) naar boven totdat de korf vastklikt (Fabrieksinstelling).De zijkanten van de korf moeten zich op dezelfde hoogte bevinden.Onderste korf:Bordenrekken (D).Bestekkorf (E)Enkele modellen zijn voorzien van een roosterelement (F) dat op de bestekkorf kan worden geplaatst om het bestek gescheiden te houden.Zet bestek waaraan u zich zou kunnen verwonden in de bestekkorf, met het handvat omhoog.Gebruik uitsluitend vaatwerk dat geschikt is voor afwasmachines.

Wat moet u in de volgende gevallen doen. Mocht het apparaat storingen in de werking vertonen, dan wordt u verzocht de volgende punten na te gaan, alvorens contact op te nemen met de Servicedienst (* zie ook het bijbehorende hoofdstuk in de gebruiksaanwijzing). Wat is er aan de hand Oorzaak OplossingHet apparaat functioneert niet • Er wordt geen water aangevoerd. • De waterkraan opendraaien. • De machine laadt niet voldoende water. • Reinig het ingangsfilter op de waterkraan. • Controleer of de toevoerslang niet gevouwen is. • Is de stroom uitgevallen. • Steek de stekker in het stopcontact. • Druk op de toets START. • Sluit de deur. • Controleer de zekering in uw huis. • Start van het ingestelde programma. • Stel de start van het programma eventueel op “0” in. Als de vaat niet helemaal droog is • Onvoldoende spoelglansmiddel. • Verhoog de dosis *. • Er blijft water in de holtes achter.

• Zet het vaatwerk schuin. Als de vaat niet perfect schoon is • De waterstraal bereikt het vaatwerk niet goed. • Plaats het vaatwerk zo dat het elkaar niet raakt. Plaats het vaatwerk met de holle zijden naar beneden. • Onvoldoende afwasmiddel. • Doseer het afwasmiddel op basis van de aanwijzingen van de fabrikant. • Er is een verkeerd programma ingesteld. • Selecteer een afwasprogramma met een hogere intensiteit. • De sproeiarmen zijn geblokkeerd. • De sproeiarmen moeten ongehinderd kunnen draaien. • De gaten van de sproeiarmen zijn verstopt. • Verwijder de onzuiverheden die de waterstroom belemmeren *. • Ongeschikt/oud afwasmiddel. • Gebruik een merkproduct van goede kwaliteit. Zanderige en korrelige resten • De filters zijn verstopt. • Controleer de filters regelmatig en reinig hen eventueel *. • De filters zijn niet juist aangebracht.

• Gebruik, afhankelijk van het materiaal, zo nodig een afwasmiddel met een sterker bleekmiddel. Aanslag op het vaatwerk • afneembaar • Strepen op vaatwerk/glazen. • Verhoog de dosis spoelglansmiddel *. • Strepen/lijnen op de glazen. • Verlaag de dosis spoelglansmiddel *. • Zoutlaag op het vaatwerk/glazen. • Sluit het deksel van het zoutreservoir goed *. • niet afneembaar • Het water wordt onvoldoende onthard, kalkvlekken. • Wijzig de instelling van de keuzeknop van de waterhardheid, en voeg zo nodig zout toe *. Doffe/matte glazen • Niet afwasbaar in de vaatwasmachine. • Gebruik geschikte glazen. Roest op het bestek • Het bestek is niet van roestvrij staal. • Gebruik geschikt bestek. Vaststelling van de storingen van het apparaat • Het controlelampje START knippert. • Verzeker u ervan dat de filtergroep niet verstopt is en reinig hem eventueel *. Start het programma opnieuw.

Houd de toets START 2 seconden ingedrukt totdat het controlelampje START is gedoofd. Selecteer het programma opnieuw en druk nogmaals op de toets START. • Indicator F. (indien aanwezig). • Bel de Servicedienst. Als de storing na bovengenoemde controles aanhoudt, schakelt u het apparaat uit, draait u de waterkraan dicht en neemt u contact op met de Servicedienst (zie de garantie). Controleer of u over de volgende gegevens beschikt voordat u contact opneemt met de Servicedienst: • Het type storing. • Type en model van het apparaat. • Het servicenummer, oftewel het nummer op het typeplaatje van de Servicedienst aan de binnenkant van de deur rechts.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Kuppersbusch IGV645.1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden