Kuppersbusch GEH 6300.1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Kuppersbusch GEH 6300.1 (20 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 14 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Kuppersbusch GEH 6300.1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Kuppersbusch |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | GEH 6300.1 |
Handleiding Kuppersbusch GEH 6300.1 – volledige tekst
60 GEH 6300. 1Hier vindt u. Lees eerst zorgvuldig de informatie in dit boekje door vooraleer u uw fornuis in gebruik neemt. Hier vindt u belangrijke richtlijnen voor uw veiligheid, het gebruik, het schoonmaken en het onderhoud van het apparaat, zodat u er lang plezier aan beleeft. Indien een storing optreedt, kijk dan eerst na in het hoofdstuk „Als iets niet functioneert”. Kleinere storingen kunt u vaak zelf verhelpen en u spaart op die manier onnodige servicekosten. Bewaar deze handleiding zorgvuldig. Geef deze gebruiksaanwijzing ter infor-matie en veiligheid aan een nieuwe eigenaar door. De volgende symbolen worden in deze gebruiksaanwijzing gebruikt:[De gevarendriehoek waarschuwt voor risico's voor uw gezondheid of voor schade die aan het apparaat kan worden veroorzaakt. FHier vindt u tips en nuttige informatie. Inhoud Overzicht van het apparaat. 61 Veiligheidsinstructies.
62 GEH 6300. 1VeiligheidsinstructiesVoor aansluiting en werking ■ Met dit Küppersbusch-fornuis mag alleen een van de bijhorende gas-kook-platen worden gecombineerd. ■ Het kooktoestel op gas moet volgens de geldende installatievoorwaarden worden opgesteld en aangesloten. ■ Het apparaat mag alleen in een goed geventileerde ruimte worden gebruikt, daar een gasvlam zuurstof verbruikt en tot de vorming van warmte en vocht in de opstellingsruimte leidt:Houdt u minstens een opening, bijv. een venster en/of deur open of gebruik een luchtafvoersysteem, bijv. een afzuigkap met luchtafvoer. ■ De gasaansluiting evenals het instellen en aanpassen mogen uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd. Daarbij moeten de wettelijk erkende voorschriften en de aansluitvoorwaarden van de plaatselijke gas-maatschappij strikt worden nageleefd. ■ Het apparaat niet gebruiken om de kamer te verwarmen.
■ Bij storingen onmiddellijk de gastoevoer dichtdraaien. ■ Onderhoud en reparatie van de apparaten mogen enkel door een door de fabrikant opgeleide service-technicus worden uitgevoerd. Bij reparaties aan onderdelen waar gas doorstroomt moet altijd de energietoevoer worden af-gesloten. Ondeskundig uitgevoerde werken vormen een risico voor uw vei-ligheid. ■ Bij het werken met vloeibaar gas (propaan/butaan) moeten alle verbindingen tussen de fles en het apparaat absoluut dicht zijn. ■ Losse toevoerslangen niet inklemmen of op warme oppervlakken leggen. ■ De oppervlakken van het fornuis, de ovendeur en het kooktoestel worden warm wanneer er wordt gewerkt. Kinderen steeds uit de buurt houden. ■ Het netsnoer van elektrische apparaten niet tussen de ovendeur klemmen. ■ Stoom- en/of drukreinigingsapparaten mogen niet worden gebruikt om de oven schoon te maken.
■ Het apparaat niet aan het handvat van de ovendeur optillen. Kookzones ■ De kookplaat alleen gebruiken indien er wordt gekookt. ■ Let erop dat de opsteekringen en de branderdeksels steeds op hun plaats liggen. ■ Oververhitte vetten en olie kunnen spontaan ontbranden. Bij het bereiden van gerechten met vet en olie, bijv. frieten, steeds in de buurt blijven. Bran-dend vet of olie nooit met water blussen. Een deksel op de pan leggen, de kookzone uitschakelen en de pan van de hete kookzone schuiven. ■ Snelkookpannen voortdurend in het oog houden tot de juiste druk bereikt is. De brander eerst op maximaal vermogen instellen en daarna (volgens de instructies van de pannenfabrikant) op tijd verlagen. ■ De ventilatiesleuven in de gasplaat mogen niet worden afgedekt.
■ Bij scheuren, barsten of een breuk in de keramische kookplaat het apparaat onmiddellijk uitschakelen en de klantenservice contacteren. Oven ■ Bij reparaties en het vervangen van de ovengloeilampen moet het apparaat stroomloos worden gemaakt (zekering uitschakelen). ■ Bij gesloten ovendeur mag men hoogstens 15 seconden achter elkaar pro-beren de oven aan te krijgen. Mocht de ontsteking na deze tijd niet zijn gelukt, dan eerst de deur van de oven openen en minstens 1 minuut ont-luchten; daarna opnieuw ontsteken. ■ In de oven nooit voorwerpen bewaren die een gevaar kunnen vormen wan-neer de oven toevallig wordt aangezet. ■ Voorzichtig bij het hanteren in de hete oven. Pannenlappen, handschoenen of dergelijke gebruiken. ■ Tenminste 5 cm afstand houden van de grill (toebehoren nr. 545). ■ De grill (toebehoren nr. 545) is uitneembaar.
De grill er alleen uit nemen als de oven uitgeschakeld en de grill afgekoeld is. ■ De oven mag niet met een open grillcontactdoos worden gebruikt of schoongemaakt: de blinde stek-ker of de infraroodgrill (toebehoren nr. 545) moeten altijd ingestoken zijn.
Behandel de grillcontactdoos zoals elke contactdoos: veeg ze in geen geval uit en vermijd dat er water of ovenspray in terecht komen. ■ De ovendeur moet goed sluiten. Bij beschadigingen van de deurpakking, de scharnieren, de afdichtingsvlakken of een gebroken deurglas het apparaat onmiddellijk buiten gebruik nemen tot een vakman het hersteld en gecon-troleerd heeft. ■ Ovendeur tijdens het bakken voorzichtig openen en sluiten, opdat de vlam van de ovenbrander niet uitgaat. ■ Opgelet. Bij het openen en sluiten van de ovendeur de scharnieren niet vastnemen. Gevaar voor verwondingen. ■ Bij bereidingen in de oven de ovendeur steeds volledig sluiten.
GEH 6300. 1 63Voor het eerste gebruikVerpakking en het oude apparaat verwijderenVerwijder de transportverpakking op een zo milieubewust mogelijke manier. In Duitsland neemt de handelaar, bij wie u het apparaat hebt gekocht, de transportverpakking terug. De recyclage van het verpakkingsmateriaal bespaart grondstoffen en vermindert de afvalberg. Oude apparaten bevatten nog bruik-bare materialen. Breng uw oude apparaat naar een recyclagecentrum. Oude apparaten moeten eerst onbruikbaar worden gemaakt voor ze worden wegge-bracht. Zo wordt misbruik voorkomen. Eerste schoonmaak – Losse voorwerpen en verpakking verwijderen. – Voor u de eerste keer levensmiddelen bereidt, moet het apparaat worden schoongemaakt. Keramische kookplaat of elektrische kookplaat, interieur van de oven, bak-platen, druippan, rooster enz. met een vochtige doek en wat afwasmiddel schoonmaken. – Oven opwarmen.
Ovendeur sluiten. Oven met boven- en onderverwarming op de maximale temperatuurstand 60 min. opwarmen. Daarbij de keuken goed luchten, zo verdwijnt de „nieu-we” geur. Montage van de infraroodgrill (toebehoren 545)[Schakel de zekering uit. –De blinde stekker uit de achterwand van de oven trekken. – De infraroodgrill in de con-tactdoos steken. Gebruik van de kookzonesGelieve de veiligheidsinstructies op pagina 62 te lezen. Gebruik van de brandersHet nominale vermogen van de verschillende branders is in de tabel „Tabel van de belasting” op pag. 78 vermeld. Gebruik van de verschillende branders:De krachtige brander wordt gebruikt - om vlees aan te braden - om grote hoeveelheden vloeistof aan de kook te brengen. De normale brander wordt gebruikt - om gemiddelde hoeveelheden te bereiden,- om vlees te braden.
Welke regelknop bij welke kookzone hoort, kunt u herkennen aan de symbolen op het bedieningspaneel. De kookzonebranders worden door een elektrische vonk aangestoken. Ze kunnen natuurlijk ook met een lucifer of iets dergelijks worden aangestoken (bijv. bij stroomuitval). Kookzonebranders aansteken: – De ingedrukte kookzoneregelaar door druk-ken eruit halen. – De regelknop half indrukken tot u een weer-stand voelt. De ontsteking begint. – De regelknop naar links op hoog draaien. Het gas wordt ontstoken, de vlam brandt. – Hou de kookzoneregelknop nog 5-10 se-conden ingedrukt en druk hem nog een keer krachtig in alvorens hem los te laten. De vlam brandt nu. Mocht het ontsteken een keer niet lukken, herhaalt u deze procedure na ca. 2. seconden. Druk de regelknop iets langer en ev. iets minder stevig in.
Vlamhoogte instellen:Op de kookzoneregelknoppen zijn de maximale en de minimale vlamhoogte aangegeven. De bran-ders kunnen tussen de grote en kleine stand op elke gewenste vlamhoogte worden ingesteld. – Bij voorkeur op een hoge stand aan de kook brengen en op een kleine stand doorkoken. Kookzonebranders uitzetten: – Draai de kookzoneregelknop naar rechts op nul. FAlle kookzonebranders zijn thermo-elektrisch beveiligd. Mocht de vlam per ongeluk een keer uitgaan (bijv. door overkoken of sterke tocht), dan wordt de gastoevoer automatisch uitgeschakeld.
64 GEH 6300. 1Kruis voor kleine pannen (alleen bij keramische kookplaten)Het kruis voor kleine pan-nen kan boven de sud-derbrander op de pannendrager worden geplaatst, zodat kleine pannen veilig kunnen worden gebruikt. Tips voor de juiste pannenMet de juiste pannen spaart u kooktijd en energie. Kies een pandiameter die bij de brandergrootte past. Stem de grootte van de pan en van de kookzone op elkaar af. De vlam dient de bodem van de pan volledig te bedekken. Ze mag niet onder de panbodem uit komen. Aanbevolen pandiameters: Krachtige brander: 22 - 24 cm Normale brander: 18 - 20 cm Sudderbrander*: 12 - 16 cm* Alleen op de sudderbrander van de keramische kookplaat kunnen m. b. v. het kruis voor kleine pannen ook kleinere pannen worden gebruikt. Leg steeds een deksel op de pan. De pan kookt alleen over als de vlam te groot is.
Met een beetje oefening zult u er snel in slagen de vlam zo te regelen dat ook wanneer het deksel op de pan ligt, niets meer overkookt. Vermijd het leegkoken. [Om gastechnische redenen is het niet toegestaan oplegplaatjes op de branders te gebruiken. De oven[Gelieve de veiligheidsinstructies op pagina 62 te lezen. [Opgelet, gevaar voor oververhitting. Bij het werken de ovenbodem niet met aluminiumfolie bedekken of potten, pannen e. d. erop plaatsen. De hitte zou zich ophopen, waardoor het email beschadigd raakt. FDe schakelaars voor de oveninstelling zijn indrukbaar; ze kunnen in elke stand worden ingedrukt. Door er even op te drukken komen ze weer naar voor. Met ingedrukte schakelaars kunnen geen instellingen worden uit-gevoerd. FDe ovenbrander is thermo-elektrisch beveiligd.
Mocht de vlam per onge-luk een keer uitgaan, wordt de gastoevoer automatisch uitgeschakeld en gaat de ovenbedrijfsweergave gas uit. Sluit de ovendeur tijdens het werken desondanks voorzichtig, opdat de vlam niet uitgaat. FDe koelventilator kan na het uitschakelen van de oven nog blijven lopen of zich wegens de restwarmte opnieuw inschakelen.
Schakelaarsymbolen en werkwijzenMet het toebehoren infraroodgrill is ook de volgende werkwijze mogelijk:[* Als u de werkwijzeschakelaar op "0" zet, wordt de oven niet uitgescha-keld. Zolang minstens één van beide bedrijfsindicaties brandt (ovenlamp of Ovenbedrijfsweergave gas), is de oven in werking. TemperatuurinstellingenOvenbrander ontstekenFDe ovenbrander alleen met geopende ovendeur aansteken. FDe ovenbrander wordt door een elektrische vonk ontstoken. Hij kan na-tuurlijk ook met een lucifer of iets dergelijks aan het ontstekingsgat (B) worden ontstoken (bijv. bij stroomuitval). FMocht de ontsteking een keer niet lukken, dan eerst de ovendeur openen en laten ontluchten, daarna opnieuw ontsteken. Sym-bool Werkwijze Voorzien voor0* UIT. Verlichting$Boven-/onder-verwarmingAltijd instellen voor conventionele werkwijze boven-/onderverwarming.
GEH 6300. 1 65 – De ingedrukte temperatuurregelaar door drukken eruit halen. – De regelknop half indrukken tot u een weer-stand voelt. De ontsteking begint. – De regelknop naar links op 280 °C draaien. Het gas wordt ontstoken, de vlam brandt. FDe oventemperatuurschakelaar niet ho-ger dan 280 °C instellen. Direct boven 280 °C wordt de oventemperatuurscha-kelaar weer gesloten. Ev. lichtjes in de richting van 260 °C corrigeren. – Houd de temperatuurregelknop nog 5 - 10 seconden ingedrukt totdat de ovenbe-drijfsweergave gas oplicht. – De temperatuurregelknop nog een keer krachtig indrukken alvorens hem los te la-ten. De vlam brandt nu. Temperatuur instellen – De temperatuurregelknop terugzetten op de gewenste temperatuur. De ovenbrander brandt op hoge vlam, totdat de gewenste temperatuur is bereikt. FDe oventemperatuurschakelaar niet hoger dan 280 °C instellen.
Direct boven 280 °C wordt de oventemperatuurschakelaar weer gesloten. Ev. lichtjes in de richting van 260 °C corrigeren. Alleen als de ovendeur gesloten is, wordt de temperatuur in de ovenruimte door de grootte van de vlammen geregeld. Is de ovendeur langer geopend, worden de vlammen automatisch groter. Werkwijze kiezenWerkwijze kiezen met de werkwijzeschakelaar (linker schakelaar). BedrijfsweergavenDe ovenlamp brandt als een werkwijze gekozen is. De ovenbedrijfsweergave gas op het bedieningspaneel licht op, wanneer de ovenbrander is ontstoken en gaat ca. 20 seconden nadat de ovenbrander is uitgezet uit. InschuifhoogtenU hebt 8 inschuifhoogten in de zijroosters. De inschuifhoogten worden van 0 tot 7 van beneden naar boven geteld. In de inschuifhoogte 1 kan bijv. de druip-pan worden geschoven. Zijrooster: De inschuifhoogte 0 is de laagst mogelijke inschuifhoogte.
■ Druippan en bakplaat met de beide gaten naar achter in de oven schuiven. Rooster: ■ Let erop dat de dwarse stang van de roosters altijd naar achter (van u weg) is gericht. Grillrooster met afzonder-lijk handvat om in de druippan te plaatsen (toebehoren) ■ Het grillrooster wordt in de druippan ge-plaatst. Met het handvat kunt u het gril-lrooster met de druippan samen uit de oven nemen. Er wordt niets gemorst en u kunt comfortabel serveren. Braadslede als spatbescherming bij het braden en grillen (toebehoren) ■ De braadslede wordt in de druippan geplaatst en verhindert dat vet uit de druippan spat. backmobil® (toebehoren nr. 600A)De backmobil® vervangt de bak-plaat-/roosterhouders in uw oven en kan als een wagen in zijn geheel uit de oven worden getrokken. Voor het schoonmaken kan hij uit de oven genomen en gedemonteerd worden.
Als uw oven met een backmobil® is uitgerust, moet u de handleiding le-zen die met de backmobil® is mee-geleverd. BradenFGebruik de druippan en het rooster. FDraai het vlees na 2/3 van de bereidingstijd. ■ Vlees of vis dient u pas vanaf een gewicht van 1 kg in de oven te bakken. ■ De braadduur is afhankelijk van de vleessoort, de kwaliteit en de dikte van het vlees. Het vlees lichtjes optillen om het te meten, daar het door zijn eigen gewicht inzakt. ■ De braadduur voor vlees met een vetlaag kan tot het dubbele oplopen. ■ Als u in de oven meerdere kleine stukken vlees of gevogelte bakt, wordt de be-reidingstijd per stuk met ca. 10 min. verlengd. De braadtijd voor een kip be-draagt bijv. ca. 60 min. , voor 2 kippen zo’n 65 tot 75 minuten. FOpmerkingen i. v. m. de inschuifhoogten altijd lezen. Bij vlees het rooster op het 3e niveau van onderen, de druippan op het 2e niveau plaatsen.
Braden in een pan (oven) ■ Magere vleessoorten dient u in een braadpan met gesloten deksel te braden (bijv. kalfsgebraad en gemarineerd gebraad, gesmoord rundvlees of diepge-vroren vlees). Zo blijft het vlees malser.
66 GEH 6300. 1U gaat het best als volgt te werk: – Pan met water uitspoelen of wat vet in de pan doen. – Voorbereid (gekruid) gebraad in de pan leggen. Deksel op de pan leggen en in de koude oven plaatsen. – Boven-/onderverwarming $ met een temperatuur van 180 tot 200 °C in-stellen. De saus bereidt u op de gebruikelijke manier. Richtwaarden braden* hele kippen 45-60 minutenBakkenBakvormenAltijd in het midden van het braadrooster plaatsen. Ze mogen niet over de rand van het rooster steken. Rechthoekige bakvormen dwars op het rooster plaat-sen. Gebruik altijd lichtgekleurde bakvormen om te bakken. FBakken alleen op één niveau. Opmerkingen bij de tabel: „Richtwaarden bakken“In de tabel in de volgende kolom vindt u voor een aantal bakproducten de vereiste temperaturen, bereidingstijden en inschuifhoogten.
■ Voor de temperatuur is meestal een bereik opgegeven, daar deze afhanke-lijk is van de samenstelling van het deeg, de hoeveelheid en de bakvorm. ■ Het is aanbevolen de eerste keer een lagere temperatuur in te stellen en pas indien nodig een hogere temperatuur te kiezen, bijv. als u het gebak bruiner wilt of als de baktijd te lang duurt. ■ Als u voor een eigen recept geen concrete gegevens vindt, kunt u zich aan gelijkaardig gebak oriënteren. ■ Hoogteverschillen bij het gebak kunnen tot gevolg hebben dat het gebak in het begin niet gelijkmatig bruin wordt. Verander in dat geval niet de tem-peratuurinstelling. Kleurverschillen verdwijnen in de loop van het bakproces. ■ Bij het bakken van vochtige taarten kan waterdamp ontstaan, die in de oven condenswater vormt. Een groot deel ontsnapt door het afzuigkanaal en kan zich op keukentegels en meubelfronten als condenswater afzetten.
GEH 6300. 1 67Grillen (alleen met toebehoren 545)[Alleen met gesloten ovendeur grillen. FDe werkwijzeschakelaar op grill * zetten. De temperatuurregelaar blijft op stand 0. – Alleen met gesloten ovendeur grillen. – Oven 5 tot 10 min. voorverwarmen. – Druippan met braadslede in de 1e inschuifhoogte van beneden, braadroos-ter in de inschuifhoogte volgens tabel schuiven. Schoonmaak en onderhoudLees eerst dit hoofdstuk volledig door voor u uw apparaat voor het eerst ge-bruikt. Met de juiste reiniging en regelmatig onderhoud kan het jarenlang mooi en schoon blijven. We hebben hier instructies samengesteld hoe u de verschil-lende oppervlakken behoedzaam maar grondig kunt schoonmaken en onder-houden. Voor alle oppervlakken[Stoom- en/of drukreinigingsapparaten mogen niet worden gebruikt om het apparaat schoon te maken.
Het apparaat kan zodanig worden be-schadigd dat er voor u levensgevaar bestaat. [Gevaar voor verbranding. Laat het apparaat afkoelen tot het ten minste lauwwarm is, vooraleer u het schoonmaakt. [Volg de gebruiksaanwijzing van alle schoonmaakproducten. Maak het apparaat telkens na gebruik schoon. Niet verwijderde verontreinigin-gen kunnen vastbranden als het apparaat weer heet wordt; deze verkorstingen zijn vaak niet meer restloos te verwijderen. Maak de oppervlakken bij lichte verontreiniging schoon met een doek, een zachte borstel of zachte spons en warm water met wat afwasmiddel. Spoel altijd met zuiver water, zodat er geen resten van schoonmaakproducten ach-terblijven en verkleuring of vlekken veroorzaken. Vervolgens droogwrijven. FVoor sterkere verontreinigingen vindt u in de volgende punten instructies voor de verschillende oppervlakken en onderdelen.
actieve zuurstof, chloor of bijtende stoffen bevatten. - krassende schoonmaakproducten zoals schuurmiddelen, staalwol, inge-zeepte staalwol, harde borstels, metalen sponsjes, plastic sponsjes of sponsjes met een krassend oppervlak (schuurkant). Verkorstingen verwijderenSterkere verkorstingen moeten eerst worden ingeweekt - het best met een natte doek. Daarna kunnen ze makkelijker verwijderd worden. Het gebruik van de reinigingsschraper[Opgelet, gevaar voor snijwonden. Het mes van de reinigingsschraper is zeer scherp. Houd de reinigingsschraper altijd plat en schuif de verkorstingen weg. [Kras niet met de hoek van de schraper en let erop dat u pakkingen niet met de hoek be-schadigt. Gebruik van ovenspray - instructies[Houdt u zich in elk geval aan de instructies van de fabrikant. Aluminium wordt door ovenspray beschadigd, net zoals gelakte vlakken en kunststof.
Omwille van het milieu is het aanbevolen helemaal geen ovenspray te gebrui-ken. Als u ze toch wenst gebruiken, spuit er dan alleen het interieur en geë-mailleerde bakplaten mee in. Vleessoort Niveau Grill F 1e kant 2e kantin Min. Varkenskotelet/ schnitzel 6 6-8 4-6 Varkensfilet 5 10-12 8-10 Braadworsten 6 6-8 4-6 Schaschlick 4 7-8 5-6 Gehaktballen 4 8-10 6-8 Runderfiletsteak 6 4-6 3-5 Leversneetjes 6 3-4 2-3 Kalfsschnitzel 5 5-7 4-5 Kalfssteak 5 6-8 4-6 Schapenkotelet 5 8-10 6-8 Lamskotelet 5 8-10 6-8 Halve kip 3 10-12 8-10 Visfilet 6 6-7 4-5 Forellen 4 4-7 3-6 Toastbrood 5 2-3 2-3 Belegd toastbrood 4 6-8.
68 GEH 6300. 1EmailOveninterieur, front, bakplaten, druippan, email-kookplaatSommige plastic sponsjes met schuurkant mogen worden gebruikt. Een aantal producten bevat echter in de schuurkant ingewerkte korreltjes, die krassen veroorzaken. Voorzichtig op een onopvallende plaats proberen. FEen reinigingsschraper voor keramische vlakken is goed geschikt om gro-ve verontreinigingen te verwijderen. FVoor een grondige reiniging adviseren we VSR O-FIX-C. Ovenspray mag worden gebruikt - maar niet op een email-kookplaat. Roestvrij staalRoestvrijstalen deurfront, bedieningspaneel, backmobil (toeb. 600A)[Roestvrij staal is bijzonder gevoelig voor krassen. Gebruik geen reinigingsschraper. [Kalk-, vet- en zetmeelresten meteen verwijderen, anders ontstaan er vlekken. Het schoonmaken kan met een schoonmaakproduct voor roestvrij staal gebeuren.
Wij adviseren één keer per week het roestvrijstalen oppervlak met een gebrui-kelijk onderhoudsproduct voor roestvrij staal te behandelen. Zo ontstaat een beschermlaag, die het roestvrijstalen vlak tegen verkleuringen beschermt. GlasBinnenkant van de deur - gecoat glas[Het is niet aanbevolen ovenspray te gebruiken omdat bij regelmatig ge-bruik het gecoat oppervlak van het glas kan worden vernield. Een reinigingsschraper voor keramische vlakken is goed geschikt om grove verontreinigingen te verwijderen. FVoor een grondige reiniging adviseren we VSR O-FIX-C of glasreiniger. Deurfront, bedieningspaneelFMaak het ovenfront alleen met warm water en wat afwasmiddel, een doek of een zachte spons schoon. Glasreiniger mag worden gebruikt. De keramische kookplaatVerwijder eerst grove verontreinigingen en etensresten met een reinigings-schraper, het best zolang de kookplaat nog warm is.
FResten van schoonmaakproducten kunnen verkleuringen veroorzaken als de kookplaat weer heet wordt. Ook door doeken of sponsjes die voor het schoonmaken van andere vlakken worden gebruikt, kunnen verkleuringen ontstaan. FDe wekelijkse behandeling met een onderhoudsproduct voor keramische oppervlakken beschermt tegen verkleuringen en kan vaak verkleuringen of hardnekkige vlekken verwijderen. BrandersFBranderdeksels en opsteekringen kunnen in de afwasmachine worden gereinigd. Maak de branderdeksels en de opsteekringen met heet afwaswater schoon. Laat beide onderdelen goed drogen, voor u ze weer opsteekt. Let erop dat de opsteekring en het branderdeksel na het schoonmaken correct op hun plaats liggen. Branderdeksel door draaien laten inklikken. KnoppenMaak de knoppen alleen met warm water en wat afwasmiddel, een doek of een zachte spons schoon.
GEH 6300. 1 69Ovendeur verwijderen en monterenOvendeur verwijderen – Ovendeur volledig openen. – De beugels aan de deurscharnieren naar voren klappen. – De ovendeur met beide handen aan de zijkant vastnemen en bijna volle-dig sluiten. – Til de deur lichtjes op en trek de scharnieren naar voren uit de deur-openingen. Ovendeur inzetten – De ovendeur met beide handen aan de zijkant vastnemen en de scharnie-ren in de overeenkomstige openingen in de oven schuiven. Het scharnier klikt vast. – De ovendeur langzaam helemaal openen. – De beugels aan de deurscharnieren weer terugklappen. – De ovendeur sluiten. Als iets niet functioneert[Reparaties mogen uitsluitend door een erkend vakman worden uitge-voerd. Een aantal storingen kunt u zelf verhelpen. Controleer eerst of u geen bedie-ningsfout hebt gemaakt.
Reparaties tijdens de garantieperiode zijn niet koste-loos als het probleem aan een bedieningsfout te wijten is of als u één van de volgende instructies niet hebt nageleefd. Storing Oorzaak OplossingOven en kookzones gaan niet aan. Stroom- en/of gastoevoer onderbroken. Zekering in orde. Stekker in-gestoken. Gastoevoer contro-leren Kookzones gaan niet aan. Etensresten of resten van reinigingsmiddelen tus-sen ontstekingsstift en brander. Voorzichtig vrijmaken en schoonmaken. Ontstekingskaars defect. Service contacteren. Tijdelijk lucifers gebruiken. Opsteekring, brander-deksel, ontstekings-kaars en/of thermovoeler vochtig. Onderdelen goed afdrogen, eventueel laten drogen. Een kookzone of de oven gaat niet aan - er is geen ontstekingsgeluid te horen. De knop is losgekomen - hij komt in ingedrukte toestand lichtjes boven het bedieningspaneel uit.
Knop bij het indrukken heel stevig indrukken; hij komt weer op de juiste plaats te zitten. [Laat de knoppen niet naar buiten springen als u ze eruit haalt; ze kun-nen ev. uit de houder los-komen waardoor de ontsteking dan niet meer werkt. Vlambeeld van de kook-zonebrander ineens veran-derd.
Opsteekringen of bran-derdeksels liggen scheef. Opsteekringen resp. brander-deksels door draaien laten inklikken. Opsteekring, branderdek-sel, ontstekingskaars en/of thermovoeler vochtig. Onderdelen goed afdrogen, eventueel laten drogen. Vlammen doven uit in kleinstand als een lade of een kastdeur gesloten wordt. Slechte luchtdoorgang door een ongunstige in-bouwsituatie. Vraag bij de Küppersbusch klantenservice naar een op-lossing. De regelknop moet ineens langer ingedrukt worden, tot de vlam brandt. Temperatuurvoeler ver-bogen. Temperatuursensor voorzich-tig weer recht buigen. Opsteekringen of bran-derdeksels liggen scheef. Opsteekringen resp. brander-deksels laten inklikken. Opsteekring, brander-deksel, ontstekings-kaars en/of thermovoeler vochtig. Onderdelen goed afdrogen, eventueel laten drogen. Oven warmt niet op. Temperatuurregelaar en/of werkwijzeschakelaar niet ingesteld.
Temperatuurregelaar en werkwijzeschakelaar instel-len. Vlam uitgedoofd. Opnieuw ontsteken. Ovenverlichting is uitgeval-len. Lamp defect. Ovenverlichting vervangen. Deurglas is gebroken. Apparaat uitschakelen, service contacteren. Ovendeur sluit niet. Deur of deurdichting ver-vuild. Vuil enkel met zeepsop en een vochtige doek van de deur en de pakking verwijderen. Fruitsap- of eiwitvlekken op geëmailleerde onderdelen. Vocht van gebak of vlees. Onschadelijke verkleuring van het email, niet te verhelpen.
70 GEH 6300. 1Ovenverlichting vervangen[Waarschuwing, gevaar voor elektrocutie. Voor u de afdekking van de ovenlamp opent, moet het apparaat van de stroomvoeding worden ge-scheiden. Zekering uitschakelen of uitdraaien. [Laat het apparaat en de lamp in elk geval afkoelen voor u de lamp ver-vangt. Lampen worden bij het gebruik heet. Type: 25 W, 230/240 V, fitting: E14Belangrijk: temperatuurbestendig tot 300 °C. Deze lampen zijn verkrijgbaar bij de KÜPPERSBUSCH klantenservice of in de gespecialiseerde elektriciteitszaak. [Als de glazen afdekking vast zit (dus niet meteen loskomt, bijvoorbeeld door vervuiling na langer gebruik) kan het bij het eruit lichten gebeuren dat er glas afspringt. Houd bij het eraf lichten dan een doek over de gla-zen afdekking om splinters op te vangen. Gloeilamp vervangen: – Houder bakplaat/rooster af-schroeven.
– Voorzichtig de glazen afdekking met een schroevendraaier eruit drukken. – Defecte gloeilamp uitdraaien en een nieuwe indraaien. – Glazen afdekking weer op zijn plaats drukken. TypeplaatjeAls u de klantenservice nodig hebt of als u reservedelen bestelt, vermeld dan de gegevens op het typeplaatje. Het typeplaatje van de oven bevindt zich rechts aan de zijkant en is zichtbaar als de ovendeur wordt geopend. – Noteer deze gegevens voor eventuele vragen aan onze klantenservice. Montage-instructies voor gespecialiseerd personeelVeiligheidsinstructiesLees ook de veiligheidsinstructies op pag. 62. ■ Opgelet. De voor de aansluiting van de apparaten toegelaten categorie kan regionaal verschillen. In geval van twijfel bij de plaatselijke gasmaatschappij informeren welke apparatencategorie in aanmerking komt.
Controleer of de gegevens op het typeplaatje met de plaatselijke aansluitvoorwaarden (gastype en gasdruk) en de instelling van het apparaat overeenkomen. Bij afwijkingen moet het apparaat desbetreffend worden aangepast. Alle instelwaarden voor het apparaat zijn in deze handleiding vermeld.
Dit apparaat wordt niet op een afvoerschouw voor verbrande gassen aangesloten. ■ Bij de aansluiting op het gasnet moeten in het bijzonder de specifieke voor-schriften en richtlijnen worden nageleefd van het land waar het apparaat wordt gebruikt. In Duitsland en Oostenrijk zijn dat:DVGW-TRGI 1986 Technische regels voor gasinstallatie (Duitsland)TRF 19881996 Technische regels vloeibaar gas (Duitsland)ÖVGW-TRGI en TRG 2 Deel 1 Technische regels (Oostenrijk) Voorschriften van de plaatselijke gasmaatschappij en van de overheid (bijv. brandveiligheid) moeten eveneens worden nageleefd. ■ Uitvoeren van de gasaansluiting en ingebruikneming evenals onderhoud, re-paraties en het instellen en aanpassen mogen uitsluitend door een erkend gasinstallateur en in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoor-schriften worden uitgevoerd.
Daarbij moeten de wettelijk erkende voorschrif-ten en de aansluitvoorwaarden van de plaatselijke gasmaatschappij strikt worden nageleefd. Ondeskundig uitgevoerde werken vormen een risico voor de veiligheid van de gebruiker. ■ Het apparaat is bij levering met een verbindingsstuk voor de aansluiting op een veiligheidsgasslang met een nippelverbinding volgens DVGW VP 618-2 uitgerust. De aansluiting met een door DVGW toegelaten nippelverbinding kan volgens de geldende veiligheidsbepalingen door de gebruiker worden uitgevoerd. ■ Als het verbindingsstuk omwille van een andere aansluitingswijze niet meer origineel door de fabrikant gemonteerd is, moet dit eerst door een erkend gasinstallateur weer gasdicht op de aansluitstomp worden geïnstalleerd. ■ Dit apparaat wordt niet op een afvoerschouw voor verbrande gassen aan-gesloten.
Het moet volgens de geldende installatievoorwaarden worden op-gesteld en aangesloten. In het bijzonder moet op een aangepaste ventilatie worden gelet.
■ Wanneer de aansluitstekker van het apparaat niet toegankelijk is, het apparaat door LS-schakelaars, zekeringen of contactoren met minstens 3 mm contact-openingswijdte beveiligen. ■ Bij alle reparaties het apparaat altijd met één van deze installaties stroom-loos maken en de gastoevoer afsluiten. ■ Het apparaat wordt met stekker geleverd en mag alleen op een reglementair geïnstalleerde, geaarde contactdoos worden aangesloten. De installatie van een contactdoos of het vervangen van de aansluitkabel mag alleen door een elektrotechnicus worden uitgevoerd, waarbij de geldende voorschriften moeten worden nageleefd. ■ De geaarde contactdoos moet buiten de inbouwruimte liggen. ■ De ventilatieopeningen mogen niet worden afgedekt. ■ Bij het omschakelen van aardgas op vloeibaar gas moeten in elk geval de hoofd- en kleinstandspuitstukken worden vervangen.
Er mogen alleen spe-ciale, bij de klantenservice bestelde spuitstukken worden gebruikt. Dat geldt ook in het omgekeerde geval. De aanpassing mag uitsluitend door een er-kend vakman worden uitgevoerd. Fabricagenummer ovenModelnaam ovenModelnaam kookplaat.
GEH 6300. 1 71 ■ Aanpassingen aan andere gassoorten moeten blijvend op het typeplaatje worden vermeld. Gebruik hiervoor steeds de stickers die met de speciale spuitstukken worden meegeleverd. ■ Wijzigingen aan het apparaat zijn alleen met uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant toegelaten. ■ Bij het ingebouwde apparaat mag geen contact mogelijk zijn met onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan. Inbouwvoorwaarden ■ De opstellingsplaats moet een volume van min. 20 m3 hebben en door een venster of een deur naar buiten kunnen worden gelucht. ■ Voor de gasaansluiting is in een aangrenzende kast extra ruimte noodzake-lijk. ■ De muurstrip moet uit hittebestendig materiaal bestaan en mag achter de kookplaat geen contactdozen hebben. Aanbevolen is een draaglijst van kunst-stof met een deklijst van aluminium. Het gedeelte dat op het aanrechtblad ligt, mag niet breder dan 30 mm zijn.
■ De muur boven de muurstrip moet in de nabijheid van het apparaat uit on-brandbaar materiaal bestaan. Hout, kunststof, PVC-folie enz. voldoen niet aan deze vereisten. ■ Bij normaal gebruik kunnen op de omringende meubels verhoogde tempe-raturen inwerken. De meubels moeten aan de eisen voor warmteapparatuur voldoen. Bij inbouwmeubels moet de kunststofbekleding of het fineer met een hittebestendige lijm (100 °C) zijn aangebracht. ■ De afstand aan de zijkant t. o. v. hoge kasten moet aan weerszijden ten min-ste 300 mm bedragen. ■ De minimumafstand van hangkasten en afzuigkappen boven de kookplaat bedraagt 650 mm. ■ Voor het inbouwen en na elke eventuele demontage van de kookplaat moet de pakking op beschadigingen en perfecte afsluiting worden gecontroleerd en ev. worden vervangen. Van extra vastplakken met silicone o. d.
dient te worden afgezien, daar het risico bestaat dat de gecoate aanrechtbladen be-schadigd worden als de kookplaat wordt afgenomen. Uitzondering: Bij oneffen aanrechtbladen (bijv.
met keramieken tegels) is een afdichting met temperatuurbestendig, blijvend elastisch afdichtingsma-teriaal noodzakelijk (bijv. met silicone, geschikt voor keramiek). Dit afdich-tingsmateriaal alleen rond de rand van de kookplaat aanbrengen, nooit onder de kookplaat. Toevoeraansluitingen plannenGasaansluitingIn Duitsland kan de gasaansluiting ofwel met behulp van een toegelaten veilig-heidsgasslang met contactdoos of vast met een gasafsluitkraan gebeuren. Het apparaat is bij levering met een verbindingsstuk voor de aansluiting op een veiligheidsgasslang met een nippelverbinding volgens DVGW VP 618-2 uit-gerust. De voor de aansluiting met een vaste verbinding of een veiligheidsgasslang volgens DIN 3383 en 3384 vereiste gasaansluiting R 1/2“ moet volgens de in het land van opstelling geldende wettelijke installatievoorschriften en richtlijnen worden aangesloten.
Bij het plannen van de toevoeraansluitingen met de volgende punten rekening houden:Gasaansluiting alleen met veiligheidsgasslang ■ Voor de aansluiting met een door DVGW toegelaten veiligheidsgasslang met nippelverbinding volgens DVGW VP 618-w is een veiligheidsgasdoos vol-gens DVGW VP 635-1 vereist. ■ Een veiligheidsgasslang volgens DVGW VP 618-2 wordt door middel van de nippelverbinding op het verbindingsstuk van het gasfornuis geschroefd. ■ Een veiligheidsgasslang volgens DIN 3383 wordt direct gasdicht op de aan-sluitpijp van de kookplaat geschroefd. ■ Aan te bevelen is een veiligheidsgasdoos in de kast rechts ernaast. Slanglengte 1000 mm tot aan de aansluiting van het apparaat. Bij aansluiting in de kast links ernaast slanglengte 1500 mm tot aan de aansluiting van het apparaat.
■ Bij veiligheidsgasslangen met nippelverbinding volgens DVGW VP 618-2 zijn slanglengten van 6000 mm alleen buitenshuis toegelaten. ■ De aansluiting moet kunnen worden afgesloten en moet bereikbaar zijn. Gasaansluiting met vaste verbinding ■ De aansluiting moet kunnen worden afgesloten en moet bereikbaar zijn.
Elektrische aansluitingDe elektrische aansluiting moet volgens de nationale en lokale voorschriften worden uitgevoerd. Voor de stroomtoevoer van de ovenverlichting en de één-hand-vonkontsteking is een geaard stopcontact met 230-240 V buiten de in-bouwruimte vereist. Het apparaat wordt met stekker geleverd.
72 GEH 6300. 1Inbouw in de keukenmeubelsHet apparaat moet in elk geval horizontaal worden in-gebouwd. FHet is aanbevolen de achterkant van het inbouwbereik naar de muur en de omringende kasten toe na de installatie af te dichten. Daardoor kan worden vermeden dat bij ongunstige luchtcirculatie de vlammen van de kookzone in kleine stand uitdoven als een deur of een lade van één van de omringende kasten niet voorzichtig wordt gesloten. Inbouwkast voorbereiden – Boven in de zijwand van de kast een voldoende grote opening (a x b) voor de toevoerleidingen uitzagen. [Let vooral op de afmetingen van de uitsparing. Tussen de ingebouwde oven en het aanrechtblad moet er een spleet van minstens 5 mm aan-wezig zijn, opdat het apparaat voldoende wordt belucht. FBelangrijk: Een eventueel aanwezige achterwand van de kast en de dwarslijst tussen de zijwanden verwijderen.
Uitsparing in het aanrechtblad uitzagen ■ Belangrijk: De uitsparing pas aftekenen wanneer het werkblad definitief op zijn plaats is gemonteerd. ■ Het aanrechtblad moet horizontaal liggen en zuiver uitgezaagd zijn. ■ Onder de uitsparing in het aanrechtblad mogen geen dwarslijsten liggen. Eventuele dwarslijsten moeten minstens tot aan de rand van de uitsparing worden weggezaagd. Voorste dwarslijst volledig verwijderen. Met het apparaat wordt ook een sjabloon meegeleverd om de uit-sparing in het werkblad af te te-kenen. Leg het sjabloon op gelijke hoog-te met de voorkant van de kast. Uitsparing in het werkblad afteke-nen en uitsnijden. Uitsparing verzegelen – Het is aanbevolen de snijvlakken van de uitsparing in het aanrechtblad met een waterdichte beschermlaag te verzegelen. Pakking controleren of vervangen – Controleren of de pakking van de kookplaat correct zit en volledig afsluit.
– Breng de afdichtingsmassa niet onder de kookplaat op het aanrechtblad aan, daar het aanrechtblad anders wordt beschadigd als de kookplaat er wordt uitgenomen. Transportveiligheden verwijderen – Plastic bandjes van de branderdeksels en de branderbuizen verwijderen. – De branderdeksels en de opsteekringen moeten van alle vier de branders worden afgenomen. De gasaansluiting uitvoeren[Aansluiting en ingebruikneming evenals onderhoud, reparaties en het in-stellen en aanpassen mogen uitsluitend door een erkend gasinstallateur en in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften worden uitgevoerd. Daarbij moeten de wettelijk erkende voorschriften en de aan-sluitvoorwaarden van de plaatselijke gasmaatschappij strikt worden nage-leefd. Ondeskundig uitgevoerde werken vormen een risico voor de veiligheid van de gebruiker.
[Het apparaat is bij levering met een verbindingsstuk voor de aansluiting op een veiligheidsgasslang met een nippelverbinding volgens DVGW VP 618-2 uitgerust. De aansluiting met een door DVGW toegelaten nippel-verbinding kan volgens de geldende veiligheidsbepalingen door de ge-bruiker worden uitgevoerd. [Controleer of de gegevens op het typeplaatje (zie pag. 70) met de plaat-selijke gaswaarden overeenkomen. Bij eventuele afwijkingen moet de gaskookplaat aan de overeenkomstige gassoort of -kwaliteit worden aan-gepast (zie pag. 76).
Gasaansluiting met veiligheidsgasslang volgens DVGW VP 618-2Aansluiting op het voorgemonteerde verbindingsstuk met behulp van een veiligheidsgasslang met nippel en wartelmoerHet apparaat is bij levering met een verbindingsstuk 3 voor de aansluiting op de veiligheidsgasslang met nippel en gekartelde moer volgens DVGW VP 618-2 uitgerust (draaibare steekaansluiting).
Overzicht van de nippelverbinding1 gekartelde moer / wartelmoer (behoort tot de veiligheidsgasslang)2 nippel met twee dichtingsringen (behoort tot de veiligheidsgasslang)3 verbindingsstuk (bij levering gasdicht gemonteerd, behoort tot het apparaat)4 aansluitstomp (behoort tot het apparaat)[Alleen als het verbindingsstuk 3 door de fabrikant al is gemonteerd, mag de aansluiting d. m. v. een nippelverbinding volgens DVGW VP 618-2 wor-den uitgevoerd. Een aansluiting met een adapter is niet toegelaten.
GEH 6300. 1 73[Als het verbindingsstuk 3 omwil-le van een andere aansluitings-wijze niet meer origineel door de fabrikant gemonteerd is, moet dit eerst door een erkend gasinstal-lateur weer gasdicht op de aan-sluitstomp 4 worden geïnstalleerd. Aansluiting uitvoeren[Eerst moet de aansluiting op het apparaat worden uitgevoerd. Pas na de aansluiting van het apparaat mag de wandaansluiting gebeuren. [Controleer aan de nippel van de veiligheidsgasslang vóór aansluiting op het apparaat of beide dichtingsringen aanwezig en onbeschadigd zijn. Als er beschadigingen aan de dichtingsringen te zien zijn, moeten deze met-een worden vervangen. Het vervangen mag alleen door een erkend gas-installateur gebeuren. – Nippel 2 met dichtingsringen volledig in het verbindingsstuk 3 schuiven. – Slangleiding zo leggen dat de slang losjes naar de wanddoos toe hangt. – Wartelmoer 1 met de hand stevig vastdraaien.
– Wandaansluiting op de veiligheidsgasdoos volgens DVGW VP 635-1 uitvoe-ren zoals beschreven in de met de veiligheidsgasslang meegeleverde mon-tagehandleiding. Gasaansluiting in vaste of flexibele uitvoering volgens DIN 3383 en 3384Aansluiting door de gasinstallateur direct op de aansluitstomp d. m. v. een veiligheidsgasslang of een vaste verbindingVoor de aansluiting moet het verbindingsstuk van de aansluitstomp worden verwijderd. Aansluiting uitvoeren[Let erop dat u het buisleidingsgedeelte niet verbuigt; de knoppen kunnen anders niet meer gejusteerd worden. – Verbindingsstuk 3 met twee gaffel-sleutels door tegenhouden van de aansluitstomp 4 van het fornuis af-draaien. [Als het verbindingsstuk eenmaal is afgeschroefd, mag het alleen door een erkend gasinstallateur weer op de aansluitstomp 4 gasdicht worden geïnstalleerd. – Veiligheidsgasslang c. q.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Kuppersbusch GEH 6300.1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Kuppersbusch
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis