Husqvarna-Viking Emerald 122 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Husqvarna-Viking Emerald 122 (48 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 24 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Husqvarna-Viking Emerald 122 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/48
KEEPING THE WORLD SEWING
Handleiding

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Husqvarna-Viking
Categorie: Naaimachine
Model: Emerald 122

Handleiding Husqvarna-Viking Emerald 122 – volledige tekst

VEILIGHEIDSINSTRUCTIESDeze huishoudnaaimachine voldoet aan de eisen van IEC/EN 60335-2-28.Elektrische aansluitingDeze naaimachine moet worden gebruikt met het voltage dat is aangegeven op het betreffende plaatje.Opmerkingen over de veiligheid• Deze naaimachine is niet bedoeld voor gebruik door personen (ook kinderen) met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of mentale functies, of met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan of geïnstrueerd worden over het gebruik van de naaimachine door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.• Kinderen moeten onder toezicht staan, zodat ze niet met de naaimachine kunnen spelen.• Een naaimachine mag nooit zonder toezicht met de stekker in het stopcontact blijven staan.• Verwijder direct na gebruik en voordat u de machine schoonmaakt de stekker van de naaimachine uit het stopcontact.• Schakel de naaimachine uit (“0”) wanneer u iets wilt veranderen in de omgeving van de naald, zoals een draad door de naald halen, een andere naald plaatsen, een andere naaivoet plaatsen en dergelijke.• Gebruik de naaimachine nooit als het snoer of de stekker beschadigd zijn.• Houd uw vingers uit de buurt van alle bewegende delen.

Wees vooral voorzichtig in de buurt van de naaimachinenaald.• Gebruik deze naaimachine alleen voor de werkzaamheden waarvoor de naaimachine bedoeld is en zoals die worden beschreven in deze handleiding. Gebruik alleen hulpstukken die door de producent zijn aanbevolen zoals in deze handleiding wordt beschreven.• Haal altijd de stekker uit het stopcontact voordat u het lampje vervangt. Vervang het lampje door het zelfde type (voltage en watt).Let op! Dit product moet op een veilige manier gerecycled worden volgens de geldende nationale wetgeving voor elektrische/elektroni-sche producten. Raadpleeg bij twijfel uw leverancier voor advies.

5VerlengtafelVerwijderenPlaats uw vingers links onder de verleng-tafel en trek de tafel naar links.Naaien met de vrije armVoor het naaien van mouwen, banden, broekspijpen of andere ronde kleding-stukken.Voor het stoppen van sokken of verstel-len van knieën of ellebogen.BevestigenSchuif de verlengtafel op de machine, steek de pennen in de openingen en duw de verlengtafel aan tot deze op zijn plaats klikt. 1 Pen 2 Opening12Sommige stoffen geven nog verf af, waardoor andere stoffen of uw naaimachine kunnen verkleuren. Het kan moeilijk of onmogelijk zijn om deze verkleuring te verwijderen.Fleece- en denimstof in met name rood en blauw bevatten vaak overtollige verf.Wanneer u vermoedt dat uw stof/kledingstuk overtollige verf bevat, dan altijd voorwassen voordat u het naait of borduurt om verkleuring te voorkomen.

7Voordat u begintMachine op de voedingsspanning aansluitenZet de hoofdschakelaar op uit.Steek de stekker van het voetpedaal in de aansluiting op de machine.Steek het ene uiteinde van het snoer in de machine en het andere uiteinde in het stopcontact.Zet de machine aan. 1 Aan/Uit knop 2 Stekker van voetpedaal 3 Machinestekker 4 Machineaansluiting 5 Stekker 6 StopcontactLET OP: Voordat u het snoer aansluit eerst controleren of de spanning en frequentie van de machine overeenkomen met uw elektrische voeding. Welk type voetpedaal bij welke machine hoort, vindt u in de onderstaande tabel.124365Voor Emerald 118 en 12212, 345Voor Emerald 1166Voetpedaal Model Model 21361Emerald 122 en 118120 V of 230 – 240 VModelYC-190Emerald 116230 – 240 VModelYC-482Emerald 116120 V

8De naaisnelheid instellenU kunt de naaisnelheid op twee manie-ren instellen; met de snelheidsregelschuif of met het voetpedaal.Snelheidsregelschuif (bij model 118 en 122)Met de snelheidsregelschuif kunt u de naaisnelheid aan uw wensen aanpassen. De stand van de schuif bepaald hoe snel u kunt naaien.Schuif de regelaar naar rechts om de snelheid te verhogen.Schuif de regelaar naar links om de snel-heid te verlagen.VoetpedaalU kunt de naaisnelheid instellen met het voetpedaal. Hoe verder u het voetpedaal indrukt, hoe sneller uw naaimachine gaat naaien.Indien u het voetpedaal tot het einde indrukt, naait de machine op dezelfde maximumsnelheid als met de snelheids-regelschuif.Naald omhoog/omlaag (model 118 en 122)Als u de naald automatisch boven of in de stof wilt laten stoppen, drukt u op deze toets. Tegelijkertijd wordt de instel-ling van de naaldstoppositie gewijzigd.

LET OP: Voor stretchstoffen beveelt de naaigids referentiekaart aan om een zigzagsteek met een lengte tot 1.5 en steekbreedte tot 1.5 in te stellen voor een naad die met de stof mee rekt.AFWERKEN: werkt de randen van de stof af om rafelen te voorkomen en zorgt ervoor dat de stof plat blijft.NAAIEN/AFWERKEN: het naaien en afwerken van de naden vindt in één keer plaats.RIJGEN: het tijdelijk naaien voor het in elkaar zetten van kledingstukken, het maken van plooien en doorslaan. Gebruik de maximale steeklengte.LET OP: door rijgen ontstaan perma-nente gaten in leder en vinyl.BLINDZOMEN: zorgt voor een on-zichtbare zoom in kledingstukken.

Wordt niet aanbevolen voor dunne stoffen of leder/vinyl.ZOOM: selecteert de best zichtbare steek voor een doorgestikte zoom voor het stoftype dat u heeft gekozen.KNOOPSGAT: naait het knoopsgat dat het beste bij uw stof past.1324 5 6 871 Stof2 Naaivoetdruk3 Naaitechniek4 Steek5 Naaivoet6 Draadspanning7 Steeklengte8 Steekbreedte

10Hendel voor achteruit naaienWanneer u de hendel voor achteruit naaien omlaag duwt, naait de machine achteruit. Zo lang u de hendel ingedrukt blijft houden, zal de machine achteruit naaien.1 Hendel voor achteruit naaienKnop voor regeling naaivoetdrukVoor stoffen met een verschillende dikte, draait u de regelknop om de juiste druk van de naaivoet op de stof in te stellen. Voor normaal naaien moet de knop op 3 staan.Draai de knop op 2 voor applicaties, ajour borduurwerk en rijgen. Stel de druk in op 1 voor het naaien van stretch-stoffen, chiffon, kant, organza en andere À jne stoffen.

11De naaivoet omhoog en omlaag brengenDe naaivoet kan met de persvoetlichter omhoog en omlaag worden gebracht. De naaivoet moet omlaag worden gebracht om te naaien.Wanneer de persvoetlichter zo ver moge-lijk omhoog wordt gebracht, kan de hef-hoogte van de naaivoet nog 0,6 cm extra worden verhoogd. Zo kunt u de naaivoet gemakkelijker verwijderen of dikke stof onder de naaivoet leggen.1 Naaivoet omlaag2 Normale hoogte3 Extra hefhoogteNaaivoet verwisselen Zet de Aan/Uit knop op uit.1 Zorg ervoor dat de naald in de hoog-ste stand staat. Trek de naaivoet naar u toe.2 Om de naaivoet te plaatsen, zorgt u dat de dwarspen op de voet zich tussen de veer en de naaivoethouder bevindt. Druk het naar achteren totdat de voet vastklikt.1232312

12De naald verwisselen Zet de machine uit.Voor uw machine worden de standaard naalden gebruikt.1 Breng de naaivoet omlaag. Maak de naaldklemschroef los door deze tegen de klok in te draaien. Verwijder de naald.2 Duw de nieuwe naald zo ver moge-lijk omhoog met de platte zijde van u af. Draai de schroef stevig vast door hem rechtsom te draaien.a Stopb Platte zijdec NaaldklemschroefControle van de naald:leg de platte zijde van de naald op een vlakke ondergrond (steekplaat, glas enz.).De opening tussen de naald en de vlakke ondergrond moet consistent zijn.Gebruik in geen geval een botte naald. Een beschadigde naald kan blijvende haakjes en ladders in gebreide stoffen, zijde en zijdeachtige stoffen veroorzaken.LET OP: Controleer uw naalden regelmatig op beschadigingen en botte punten.abcc21

13Plaats het klosje op de garenpenPlaats het klosje zo op de garenpen dat de draad afrolt zoals afgebeeld.Bij grote klossen wordt het grote schijfje voor de draad geplaatst. Als u kleine klossen gebruikt, dient het kleine schijfje voor de draad te worden geplaatst.1 Grote garenschijf2 Kleine garenschijfHet spoeltje uitnemen Zet de machine uit.1 Schuif de vrijgaveknop voor het spoelhuisdeksel naar rechts en ver-wijder het deksel.a Vrijgaveknopb Spoelhuisdeksel2 Verwijder het spoeltje.12ab12

14Opspoelen1 Trek het handwiel uit om de machine in de opspoelstand te zetten (de naald beweegt niet meer).2 Geleid de draad rond de spangeleider voor de onderdraad in de spanschijf.3 Steek de draad van binnen naar buiten door het gat in het spoeltje. Plaats het spoeltje op de spoelas, waarbij het losse uiteinde van de draad er naar boven toe uitsteekt.4 Schuif de spoelas naar rechts. LET OP: Verschuif de spoelas nooit terwijl de machine draait.5 Terwijl u het vrije uiteinde van de draad vasthoudt, drukt u op het voetpedaal. Stop de machine nadat het spoeltje een paar omwentelingen is gedraaid, en knip de draad af zoals afgebeeld.6 Druk nogmaals op het voetpedaal. Wanneer het spoeltje vol is, stopt het spoelen automatisch.

Zet de spoelas weer in zijn oorspronkelijke positie door deze naar links te schuiven, en knip de draad af zoals afgebeeld.7 Druk het handwiel weer in.Om de verticale garenpen te gebruiken, plaatst u het vilt en de pen zoals hierboven afgebeeld.a Verticale garenpenb Vilt voor garenpenc Opening voor garenpenabc3131425672

15Het plaatsen van het spoeltje Zet de Aan/Uit knop op uit.1 Plaats het spoeltje in het spoelhuis met de draad naar buiten zoals afge-beeld.2 Geleid de draad naar de voorste inkeping (a) aan de voorkant van het spoelhuis. Trek de draad naar links en schuif hem daarbij tussen de delen van de spanveer.3 Trek de draad voorzichtig verder tot deze in de inkeping (b) aan de zijkant glijdt.4 Trek de draad nog ca. 10 cm aan. Breng het spoelhuisdeksel aan. Contro leer het inrijgen van de draad aan de hand van de afbeelding op het spoelhuisdeksel.ab1234

16Inrijgen van de machine Zet de Aan/Uit knop op uit.Zorg dat de naaivoet omhoog staat en de naald zich in zijn hoogste stand bevindt.1 Neem de draad van het klosje en steek deze door de draadgeleider. Trek de draad vervolgens door de rechter groef.2 Geleid de draad rond de onderkant van de draadgeleiderplaat.3 Trek de draad stevig van rechts naar links over de draadhefboom en breng hem omlaag door het oog van de draadhefboom.4 Haak de draad vanaf de linkerkant achter de draadgeleider van de naald-stang.5 Gebruik de naaldinsteker om de draad in de naald te steken (zie pagina 15).1452312354

17Draadinsteker Zet de Aan/Uit knop op uit.1 Zet de naald in de hoogste stand. Breng de draadinsteker zo ver mo-gelijk omlaag. Het haakje komt van achteren door het oog van de naald.2 Geleid de draad van links rond de geleider en onder het haakje door.a Geleiderb Haakje3 Ontspan de knop langzaam terwijl u het uiteinde van de draad met de hand vasthoudt. De draad wordt in een lus door het oog van de naald getrokken.4 Trek de rest van de draad door het oog van de naald.1234ab

20SteekkeuzeZet de naald in de hoogste stand.Draai de steekkeuzeknop tot het num-mer van de gekozen steek bij het merk-teken staat.1 Steekkeuzeknop2 MerktekenLET OP: Breng de naald altijd omhoog boven de stof en de naaivoet voordat u de steekkeuzeknop draait.SteeklengteDraai het steeklengtewieltje tot het num-mer van de gekozen steek bij het merk-teken staat. Hoe hoger het nummer, hoe langer de steek.Het symbool laat de afstelling voor het naaien van knoopsgaten zien.3 Wieltje voor steeklengteZet het wieltje voor de steeklengte op “stretch” wanneer u stretchsteken naait.LET OP: Breng de naald altijd omhoog boven de stof en de naaivoet voordat u het steeklengtewieltje draait.312232

21Stretchsteekbalans instellenIndien de stretchsteken niet in balans zijn terwijl u een bepaalde stof naait, ba-lanceer ze dan door het steeklengtewiel-tje binnen het stretchgebied te draaien.Om vervormde steken af te stellen:Als de steken te los (a) zijn, corrigeer ze dan door het wieltje in de “–” richting te draaien. Als de steken te dicht bij elkaar (b) staan, corrigeer ze dan door het wiel-tje in de “+” richting te draaien.SteekbreedteDraai het steekbreedtewieltje tot het nummer van de gekozen steek bij het merkteken staat.Hoe hoger het nummer, hoe breder de steek.1 Wieltje voor steekbreedte2 MerktekenLET OP: Breng de naald altijd omhoog boven de stof en de naaivoet voordat u het steekbreedtewieltje draait.Variabele naaldpositieDe naaldpositie voor het naaien van rechte steken kunt u met het steekbreed-tewieltje instellen tussen het midden (5) en uiterst links (0).12ab

22Bovendraadspanning instellenDe draadspanning moet afhankelijk van het te naaien materiaal, de lagen stof en de naaitechniek worden ingesteld.Correcte spanning:Bij de ideale rechte steek hechten de boven- en onderdraad, zoals afgebeeld, tussen twee lagen stof in elkaar.Voor een ideale zigzagsteek is de on-derdraad niet te zien aan de goede kant (bovenkant) van de stof, en de boven-draad is net zichtbaar aan de verkeerde kant (onderkant) van de stof.1 Bovendraad2 Onderdraad3 Bovenkant4 OnderkantDe bovendraadspanning is te hoog:De onderdraad verschijnt aan de boven-kant van de stof. Wanneer u het wieltje op een lager nummer draait, verlaagt u de spanning.De bovendraadspanning is te laag:De bovendraad verschijnt aan de onder-kant van de stof. Wanneer u het wieltje op een hoger nummer draait, verhoogt u de spanning.1234

26Nuttige stekenRaadpleeg de naaigids referentiekaart voor de gemakkelijkste manier om de beste steek, steeklengte, steekbreedte, draadspanning, naaivoet en naaivoetdruk voor uw naaitechniek en stof te bepalen.Basis zigzagstekenEenvoudige zigzagsteken worden hoofd-zakelijk gebruikt voor het afwerken, aanzetten van knopen enz.Driestaps zigzagsteekBij het gebruik van naaivoet J voor de driestaps zigzagsteek, moet u eerst controleren of de naald de pen in de opening van de steekplaat niet raakt.De driestaps zigzagsteek is geschikt voor het afwerken van de meeste stoffen. Het wordt gebruikt voor de naadtoeslag om te voorkomen dat de stof aan de randen gaat rafelen. Zorg ervoor dat de naald precies over de rand van de stof naait.Naaien en afwerkenDe overlocksteek naait de naad en werkt tegelijkertijd de rand af.

27Versterkte rechte steekMachine-instelling1 Soort steek: 12 Steekbreedte: 0 of 53 Steeklengte: stretch4 Draadspanning: 2 – 55 Naaivoet: naaivoet ADeze steek is sterker dan de gewone rechte steek, omdat het een drievoudige en elastische steek is.De versterkte rechte steek kan worden gebruikt voor dikke stoffen, voor naden die veel te verduren hebben en bij door-stikken in dikke stoffen.Knopen aanzettenMachine-instelling:1 Steek: 22 Steekbreedte: afstellen indien nodig3 Steeklengte: naar keuze4 Draadspanning: 3 – 75 Transporteur: omlaagGeef op de stof aan waar de knoop moet worden aangezet. Laat de transporteur verzinken. Leg de stof onder de naai-voethouder. Leg de knoop op de marke-ring en breng de naaivoetstang omlaag, zodat deze zich tussen de openingen in de knoop bevindt. Trek de draadeinden naar één kant.

Draai het handwiel om te controleren of de naald correct in de openingen in de knoop gaat. Naai 5 - 6 steken. Draai het steekbreedtewieltje op 0 en hecht de draden met enkele steken af.LET OP: Gebruik deze techniek nooit voor knopen die minder dan 1 cm breed zijn. Breng de transporteur na het aanzetten van de knoop weer omhoog.1243512453

28Automatisch knoopsgatMachine-instelling1 Soort steek: 2 Steekbreedte: 4 – 53 Steeklengte: 4 Draadspanning: 3 – 55 Naaivoet: Automatische knoopsgatvoet RLET OP: De grootte van het knoopsgat wordt automatisch ingesteld indien u de knoop in de automatische knoops-gatvoet R legt. De knoophouder op de voet meet de diameter van de knoop tot max. 2,5 cm. Maak een oefenknoopsgat op een proeÁ apje en gebruik daarbij dezelfde versteviging en stof als bij het eigenlijke kledingstuk. Gebruik verstevi-ging bij alle stoffen. Draai het handwiel naar u toe om de naald in de hoogste stand te zetten.1 Bevestig de automatische knoopsgat-voet R2 Trek de knoophouder naar achte-ren en leg de knoop erin. Duw de knoophouder terug tegen de knoop, zodat deze stevig wordt vastgehouden.1212453

29343 Trek de knoopsgathendel zo ver mogelijk omlaag.a Knoopsgathendel4 Breng de naaivoet omhoog en steek de bovendraad door het oog en onder de naaivoet door. Trek beide draden naar links. Leg de stof onder de naaivoet en breng de naald om-laag bij het beginpunt. Breng de voet omlaag.b Bovendraadc Onderdraadd Openinge BeginpuntLET OP: Zorg dat er geen ruimte tussen de lip en de front stop zit. Als er ruimte tussen zit, zal de lengte van de rechter en linker stekenrij van het knoopsgat verschillend zijn.f Lipg Front stoph Verschili Er mag geen tussenruimte zijn.bcedfigha

3065 Langzaam naaien. De machine zal het volledige knoopsgat naaien. Stop de machine op het beginpunt wan-neer het knoopsgat klaar is.De machine naait de voorste trens en linker stekenrij het eerst, daarna de achterste trens en rechter stekenrij.6 Breng de naaivoet omhoog en verwijder de stof. Knip de boven- en onderdraad af, maar zorg dat er ca. 10 cm vrije draad overblijft. Trek de bovendraad naar de achterkant van de stof door aan de onderdraad te trekken. Knoop de draden vervol-gens vast. Steek een speld aan het begin van elke trens, zodat u zich geen zorgen hoeft te maken dat u door de trenzen van het knoopsgat snijdt. Snij het knoopsgat dan open met het tornmesje.Voor het naaien van het volgende knoopsgat zet u de steekkeuzeknop op , dan weer op , zoals afgebeeld.

317 Duw de knoopsgathendel zo ver mogelijk omhoog wanneer u klaar bent.Steekdichtheid voor het knoopsgat instellenDraai het steeklengtewieltje binnen het gebied om de steekdichtheid voor het knoopsgat in te stellen.LET OP: Maak een testknoopsgat wan-neer de knoop heel dik is. Wanneer de knoop moeilijk door het testknoopsgat past, maakt u het knoopsgat langer door de knoophouder naar achteren te trekken.1 Opening71

32123Knoopsgat met inlegdraadMachine-instelling:1 Soort steek: 2 Steekbreedte: 4 – 53 Steeklengte: 4 Draadspanning: 3 – 55 Naaivoet: Automatische knoopsgatvoet R1 Breng de knoopsgatvoet omhoog, haak de inlegdraad rond het grijperje aan de achterkant van de knoopsgat-voet. Geleid de inlegdraad onder de voet door en haak de inlegdraad in de inkepingen aan de voorkant van de voet om deze goed vast te kun-nen houden.a Grijper2 Trek zowel de boven- als onderdraad naar links. Breng de naald omlaag in de stof op de plaats waar het knoopsgat moet beginnen en breng de voet omlaag. Druk het voetpedaal voorzichtig in en naai het knoopsgat over de inlegdraad. De naaivolgorde is gelijk aan die van het automatische knoopsgat.b Bovendraadc Onderdraadd Beginpunt3 Trek aan het linker uiteinde van het koord om het strak te trekken.

Steek het uiteinde van het koord door een stopnaald, steek het koord naar de achterkant van de stof en knip het af. Zie de instructies op pagina 28 wanneer u het knoopsgat openknipt.abcd12453

33Handmatig knoopsgatRaadpleeg de beknopte naaigids referentie-kaart voor de aanbevolen instellingen.Wanneer de diameter van de knoop gro-ter is dan 2,5 cm, moet het knoopsgat als volgt handmatig worden gemaakt:1 Plaats knoopsgatvoet C.2 Trek de knoopsgathendel zo ver mo-gelijk omlaag. Trek zowel de boven- als onderdraad naar links. Breng de naald omlaag in de stof op de plaats waar het knoopsgat moet beginnen en breng de voet omlaag.a Bovendraadb Onderdraadc Beginpunt12abc

362 Leg de goede kanten van de stof op elkaar. Naai een naad vanaf de on-derkant 2 cm vanaf de rechter rand tot het einde van de ritsopening. Naai nog enkele steken achteruit om af te hechten. Verlaag de steeklengte tot “4”, zet de bovendraadspanning op “1”, en rijg de lengte van de rits-opening.j 2 cmk Rijgenl Achteruit naaienm Einde van de openingn Rechte steekRits inzetten1 Bevestig de ritsvoet met de naald-stang aan de rechterzijde. Vouw de rechter naadtoeslag naar onderen om een vouw van 0,2 cm te maken.a Onderste laagb Einde van de openingc Ritstandend Marge van 0,4 cme Verkeerde kant van de stoff Openingsmaatg Vouwh Rijgsteeklijn2 Leg de ritstanden naast de vouw en speld de rits vast. Lijn de ritsvoet met de vouw. Zet de draadspanning en steeklengte terug op de originele instelling.

385 Verwijder de ritsvoet en bevestig hem weer met de stang aan de linkerzijde. Geleid de rand van de voet langs de ritstanden en stik door de stof en de ritsband op ca. 1 cm afstand van de rijglijn. Stop circa 5 cm vanaf de bovenkant van de rits.m Verwijder de rijgdraadn 1 cm 6 Rits de rits een paar centimeter open, zodat u ruimte heeft om te naaien. Aan het einde van de naad naait u een paar steken achteruit om af te hechten. Nadat de rits aan beide zijden is genaaid, gebruikt u het tornmesje om de rest van de rijgsteken te verwijderen.mn56

40Glijvoet HRaadpleeg de Naaigids referentiekaart voor de aanbevolen instellingen.Bij het naaien van schuimrubber, plastic, stoffen met plasticlaag, leder en imitatie-leer, glijdt de glijvoet H soepel over de stof zonder te haperen. Gebruik de naaivoet voor gewoon naaien en het maken van knoopsgaten in plastic of lederen stoffen.Bevestig glijvoet H.Kies de betreffende steek en begin met naaien.QuiltgeleiderDe quiltgeleider zorgt ervoor dat de stik-lijnen recht blijven.Schuif de geleider in de klem op de naai-voethouder. Pas de geleider naar links of naar rechts aan voor de juiste positie. Naai en geleid de quiltgeleider over de vorige rij steken.1 Klem2 Quiltgeleider3 TussenruimteNaaivoet alleen model 122Transparante voet BCordonsteken, tapse steken en decora-tieve steken. Lengte naar keuze. De tun-nel aan de onderkant van de voet glijdt soepel over de steken.

Omdat de voet transparant is met rode lijnen, zijn het zicht en de nauwkeurigheid verbeterd. Gebruik versteviging indien nodig.Bevestig de voet. Stel een decoratieve of cordonsteek in. Begin met naaien.312

41RimpelvoetRimpel de stof of rimpel de stof en maak een rouche. Geschikt voor dunne tot normale stoffen. Rechte steek, (linker naaldpositie), lengte 4. Hoe langer de steek, hoe meer de stof wordt gerim-peld. Bevestig de rimpelvoet.Voor gerimpelde stof:Leg de stof onder de rimpelvoet en begin met naaien. Verhoog de spanning van de bovendraad voor strakkere rimpels. Rimpelen en gerimpelde stof naaien in één stap:Leg de te rimpelen stof onder de naai-voet met de goede kant boven.Leg de stof waarvan de rouche wordt gemaakt in de gleuf van de voet met de goede kant omlaag.Begin met naaien en geleid de stof maar trek er niet aan. Houd de bovenste stof in de gleuf en laat dit zo constant moge-lijk meebewegen. Verhoog de steeklengte en spanning van de bovendraad voor meer rimpels.Quilter’s 1/4" patchworkvoet Naai een kleine 1/4" naadtoeslag.

42Verzorging en onderhoud Zet de Aan/Uit knop op uit.Demonteer de machine uitsluitend zoals beschreven in dit hoofdstuk. Reinig de buitenkant van de machine met een zachte doek en milde zeep.Maak de grijper en transporteur schoon1 Verwijder de naald en naaivoet. Verwij-der de schroef aan de linkerkant van de steekplaat met de bij de machine geleverde schroevendraaier. Verwijder de steekplaat en het spoeltje.a Schroef2 Til het spoelhuis op en verwijder het.3 Borstel stof en textielresten weg.4 Maak de transporteur en grijper met het borsteltje schoon.5 Veeg het geheel met een droge, schone doek schoon.LET OP: U kunt ook een stofzuiger gebruiken.a12345

43Het spoelhuis terug plaatsen Zet de Aan/Uit knop op uit.1 Plaats het spoelhuis in de grijper.2 Controleer of de knop van het spoel-huis precies naast de stopper in de grijper past.a Knopb Stopper3 Plaats het spoeltje. Plaats de steek-plaat, steek de twee geleidingspen-nen van de steekplaat in de gaten in de steekplaat. Plaats de schroef weer.c Geleidingsgatend SchroefHet gloeilampje vervangen Zet de Aan/Uit knop op uit. Wacht tot de gloeilamp is afgekoeld voordat u deze aanraakt.Verwijder de kap en de schroef. Verwij-der de voorplaat.(1) Emerald 116 (max 15 W)Verwijderen: Druk de lamp in en draai hem naar links.Vervangen: Druk de lamp in en draai deze naar rechts.(2) Emerald 118 en 122 (12 V, 5 W)Verwijderen: Langzaam eruit trekkenVervangen: Indrukken(1)(2)abdcc123

44Het verhelpen van storingenReferentiesPagina 14Pagina 20Pagina 10Pagina 10Pagina 21Pagina 22Pagina 13Pagina 40Vervang het spoeltje. Pagina 10Pagina 10Pagina 21Pagina 10Pagina 10Pagina 14Vervang de naald. Pagina 20Pagina 14Maak de steek korter. Pagina 40Maak de steek langer. Pagina 8Pagina 20Pagina 5Pagina 40Pagina 12Pagina 40Pagina 40Pagina 29Gebruik versteviging. Pagina 8Pagina 32Pagina 32Pagina 27Pagina 27Oorzaak1. Bovendraad onjuist ingeregen. 2. Bovendraad te strak. 3. De naald is verbogen. 4. Naald onjuist geplaatst. 5. De boven- en onderdraad zijn bij de start niet onder de naai-voet geplaatst. 6. De draden werden na het naaien niet naar achteren getrokken. 1. De onderdraad is niet correct in het spoelhuis geregen. 2. Textielresten in spoelhuis. 3. De spoel is beschadigd en draait niet goed. 1. De naald is onjuist geplaatst. 2. De naaldklemschroef zit los. 3.

De draden werden na het naaien niet naar achteren getrokken. 4. Naald onjuist aangebracht, verbogen of bot. 5. De naald c. q. het garen is ongeschikt voor de betreffende stof. 1. Bovendraad onjuist ingeregen. 2. Slechte kwaliteit naald gebruikt. 3. Bovendraad te strak. 1. Bovendraad onjuist ingeregen. 2. De steeklengte is te groot voor de stof. 1. Transporteur vol met textielresten. 2. De steeklengte is te kort. 3. De transporteur is na het naaien in de ”verzonken stand” niet omhoog gebracht. 1. Bovendraad te los. 1. De machine is niet op het net aangesloten. 2. Draad vast in de grijper. 3. De spoelas staat nog in de opspoelpositie. 1. Draad vast in de grijper. 2. Textielresten in het spoelhuis of de grijper. 1. De steekdichtheid is niet geschikt voor de te naaien stof. 2. Er is geen versteviging gebruikt bij het naaien van stretchstoffen. 1. Druk van naaivoet onjuist afgesteld. 1.

Intellectueel eigendomVIKING, KEEPING THE WORLD SEWING & bijbehorend ontwerp en EMERALD zijn handelsmerken van KSIN Luxem-bourg II, S.ar.l. HUSQVARNA en het “gekroonde H” merkte-ken zijn handelsmerken van Husqvarna AB.Alle handelsmerken worden onder licentie gebruikt door VSM Group AB.Wij behouden ons het recht voor de machine-uitrusting en het as sor ti ment toebehoren zonder voorafgaande kennisgeving te wij zi gen of wijzigingen aan te brengen in de prestaties of het ont werp.Dergelijke wijzigingen zullen echter altijd in het voordeel zijn van de gebruiker en ten goede komen aan het product.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Husqvarna-Viking Emerald 122 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden