HP Officejet Pro 8000 Enterprise Handleiding

HP Printer Officejet Pro 8000 Enterprise

Bekijk gratis de handleiding van HP Officejet Pro 8000 Enterprise (114 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 39 mensen. Heb je een vraag over HP Officejet Pro 8000 Enterprise of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/114
OFFICEJET PRO 8000
A811
Gebruikersgids

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: HP
Categorie: Printer
Model: Officejet Pro 8000 Enterprise
Gewicht: 7800 g
Breedte: 494 mm
Diepte: 591 mm
Hoogte: 180 mm
Gewicht verpakking: 11800 g
Kleur: Ja
Beeldscherm: LCD
Frequentie van processor: 360 MHz
USB-poort: Ja
Ethernet LAN: Ja
Markt positionering: Thuis & kantoor
Aantal USB 2.0-poorten: 1
Stroomverbruik (in standby): 2.7 W
Certificering: CE, GOST, IEC 60950, EU LVD, EN 60950
Stroomverbruik (indien uit): 0.31 W
Intern geheugen: 256 MB
Duurzaamheidscertificaten: ENERGY STAR
Stroomverbruik (PowerSave): 2.3 W
Temperatuur bij opslag: -40 - 60 °C
Power LED: Ja
Compatibele besturingssystemen: Windows XP SP2\nWindows Vista\nWindows 7\nWindows Server 2003\nWindows Server 2008\nWindows Server 2008 R2\nMac OS X 10.5.8 - 10.6\nLinux
Ondersteunde netwerkprotocollen: IPv4, IPv6
Ondersteunt Mac-besturingssysteem: Mac OS X 10.5 Leopard, Mac OS X 10.6 Snow Leopard
Luchtvochtigheid bij opslag: 5 - 85 procent
Mac-compatibiliteit: Ja
Netwerkfuncties: Ingebouwd
Maximale resolutie: 600 x 600 DPI
Aantal printcartridges: 4
Printkleuren: Black, Cyan, Magenta, Yellow
Papierlade mediatypen: Card stock, Envelopes, Photo paper, Plain paper, Transparencies
Geluidsdruk: 63 dB
Printtechnologie: Thermische inkjet
Standaard interfaces: Ethernet, USB 2.0
Printsnelheid (zwart, standaardkwaliteit, A4/US Letter): 15 ppm
Printsnelheid (zwart, concept, A4/US Letter): 15 ppm
Printsnelheid (kleur, standaard, A4/US Letter): 14 ppm
Duplex printen: Ja
Paginabeschrijving talen: PCL 5, PCL 6
Gebruiksindicatie (maximaal): 15000 pagina's per maand
Totale invoercapaciteit: 250 vel
Totale uitvoercapaciteit: 150 vel
Maximale ISO A-series papierformaat: A4
ISO A-series afmetingen (A0...A9): A4, A5, A6
Direct printen: Nee
Printsnelheid (kleur, concept, A4/US Letter): 14 ppm
Netwerkgereed: Ja
Gemiddeld stroomverbruik tijdens printen: 18.2 W
Maximaal intern geheugen: 256 MB
Totaal aantal invoerladen: 1
Papierlade mediagewicht: 60 - 250 g/m²
Maximale printafmetingen: 210 x 297 mm
Afmetingen enveloppen: C5, C6, DL
Aanbevolen temperatuur bij gebruik: 20 - 30 °C
Automatische papierherkenning: Nee
Minimale opslag schijfruimte: 200 MB
Fotopapier afmetingen (imperial): 10x15 "
Minimale RAM: 512 MB
Minimum systeemeisen voor Macintosh: PowerPC G4, G5/Intel Core\n300MB HDD
Printen zonder witranden: Nee
Aangepaste mediabreedte: 76 - 216 mm
Aangepaste medialengte: 127 - 356 mm
Stand-by LED: Ja
Envelopinvoer: Nee
Aanbevolen relatieve luchtvochtigheid bij gebruik: 15 - 75 procent
SureSupply ondersteuning: Ja
AC-ingangsspanning: 110 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 - 60 Hz
Bedrijfstemperatuur (T-T): 15 - 35 °C
Relatieve vochtigheid in bedrijf (V-V): 10 - 80 procent
Geluidsvermogensniveau (PowerSave): 6.9 dB

Handleiding HP Officejet Pro 8000 Enterprise – volledige tekst

gedeponeerdehandelsmerken van MicrosoftCorporation.ENERGY STAR en het ENERGYSTAR-logo zijn in de VSgedeponeerde handelsmerken.VeiligheidsinformatieVolg altijd de standaardveiligheidsvoorschriften bij het gebruikvan dit product. Op deze manierbeperkt u het risico van verwondingendoor brand of elektrische schokken.1. Zorg dat u alle instructies in deprinterdocumentatie hebt gelezen enbegrepen.2. Neem alle op dit product vermeldewaarschuwingen en instructies in acht.3. Haal de stekker van het netsnoer uithet stopcontact voordat u dit productreinigt.4. Plaats of gebruik dit product niet inde buurt van water of als u nat bent.5. Zorg dat het product stevig op eenstabiel oppervlak staat.6. Zet het product op een veiligeplaats waar niemand op het netsnoerkan trappen of erover kan struikelenen waar het netsnoer niet kan wordenbeschadigd.7.

Inhoudsopgave1 Aan de slagToegankelijkheid. 5Eco-Tips. 6De onderdelen van de printer kennen. 6Vooraanzicht. 6Bedieningspaneel. 7Achteraanzicht. 8Het modelnummer van de printer vinden. 8Afdrukmateriaal selecteren. 8Aanbevolen papier voor afdrukken en kopiëren. 9Aanbevolen papiersoorten om foto's af te drukken. 10Tips voor de keuze en het gebruik van media. 11Afdrukmateriaal plaatsen. 11Afdrukmateriaal met een standaardformaat plaatsen. 11Enveloppen plaatsen. 14Kaarten en fotopapier plaatsen. 15Transparanten plaatsen. 15Afdrukmateriaal met een speciaal formaat plaatsen. 16Lades configureren. 17De afdrukinstellingen wijzigen. 18De instellingen voor de huidige opdrachten wijzigen vanuit een toepassing (Windows). 18De standaardinstellingen wijzigen voor alle komende opdrachten (Windows). 19Instellingen wijzigen (Mac OS X). 19De accessoires installeren. 19De duplexeenheid installeren.

Foto's afdrukken. 25Foto's afdrukken op fotopapier (Windows). 25Foto's afdrukken op fotopapier (Mac OS X). 25Afdrukken op afdrukmateriaal van speciaal formaat. 26Afdrukken op speciaal papier of een aangepast papierformaat (Mac OS X). 263 Werken met printcartridgesInformatie over printcartridges en de printkoppen. 29De geschatte inktniveaus bekijken. 30De inktcartridges vervangen. 30Printerbenodigdheden bewaren. 32Inktcartridges bewaren. 32Printkoppen bewaren. 324 Een probleem oplossenHP-ondersteuning. 33Elektronische ondersteuning krijgen. 33Telefonische ondersteuning van HP. 34Voordat u belt. 34Periode voor telefonische ondersteuning. 35Telefoonnummers voor telefonische ondersteuning. 35Na de periode van telefonische ondersteuning. 35Algemene tips en bronnen voor het oplossen van problemen. 35Problemen met het afdrukken oplossen. 36De printer wordt onverwacht uitgeschakeld.

36Het uitlijnen is mislukt. 36De printer reageert niet (drukt niet af). 36Het afdrukken duurt lang. 37Er wordt een blanco of deels bedrukte pagina afgedrukt. 38De afdruk is niet correct of er ontbreken gedeelten. 38Tekst of afbeeldingen zijn verkeerd geplaatst. 39Problemen met de afdrukkwaliteit oplossen. 39Algemene problemen in verband met de afdrukkwaliteit. 40Er worden vreemde tekens afgedrukt. 40De inkt wordt uitgesmeerd. 41De inkt vult de tekst of afbeeldingen niet volledig. 41De afdruk is vaag of de kleuren zijn dof. 42Kleuren worden in zwart-wit afgedrukt. 42De verkeerde kleuren worden afgedrukt. 42De kleuren op de afdruk lopen door elkaar. 42De kleuren zijn niet goed uitgelijnd. 43Tekst of illustraties vertonen strepen. 43De afdruk is niet correct of er ontbreken gedeelten. 43Onderhoud van de printkoppen. 43De status van de printkoppen controleren.

Problemen met de papierinvoer oplossen. 52Problemen met het printerbeheer oplossen. 53De geïntegreerde webserver kan niet worden geopend. 53Installatieproblemen oplossen. 54Suggesties voor hardware-installatie. 54Suggesties voor de installatie van de HP-software. 55Netwerkproblemen oplossen. 55De configuratiepagina kennen. 57De netwerkconfiguratiepagina kennen. 58Storingen verhelpen. 61Papierstoringen verhelpen. 61Papierstoringen voorkomen. 63A Technische informatieInformatie over de garantie. 64Verklaring van beperkte garantie - Beperkte garantie verklaring van Hewlett-Packard. 65Inktpatroon garantieinformatie. 66Printerspecificaties. 67Fysieke specificaties. 67Productkenmerken en -mogelijkheden. 67Specificaties processor en geheugen. 68Systeemvereisten. 68Netwerkprotocolspecificaties. 68Specificaties van de geïntegreerde webserver. 69Mediaspecificaties.

1 Aan de slagIn deze handleiding vindt u informatie over het gebruik van de printer en het oplossenvan problemen. •Toegankelijkheid•Eco-Tips•De onderdelen van de printer kennen•Het modelnummer van de printer vinden•Afdrukmateriaal selecteren•Afdrukmateriaal plaatsen•Lades configureren•De afdrukinstellingen wijzigen•De accessoires installeren•De printer uitschakelenOpmerking Indien u de printer gebruikt met een computer onder Windows XPStarter Edition, Windows Vista Starter Edition of Windows 7 Starter Edition, zijnbepaalde functies mogelijk niet beschikbaar. Zie Ondersteundeclientbesturingssystemen voor meer informatie. ToegankelijkheidDe printer beschikt over een aantal functies die de printer toegankelijk maken voorgebruikers met bepaalde handicaps.

Visuele handicapDe software van HP die bij de printer wordt geleverd, is toegankelijk voor gebruikersmet een visuele handicap of verminderd zicht via de toegankelijkheidsopties en -functies van uw besturingssysteem. Ook ondersteunt de software de meestetechnologische hulpprogramma's zoals schermlezers, braillelezers en spraak-naar-tekst toepassingen. Speciaal voor gebruikers die kleurenblind zijn, zijn de gekleurdeknoppen en tabbladen in de HP-software en op het bedieningspaneel van de printervoorzien van korte tekst of pictogramlabels die de functie ervan aangeven. MobiliteitVoor gebruikers met mobiliteitsproblemen kunnen de functies van de HP-softwareworden uitgevoerd via toetsenbordopdrachten. De HP-software ondersteunt ook detoegankelijkheidsopties van Windows zoals StickyKeys, ToggleKeys, FilterKeys enMouseKeys.

De printerkleppen, knoppen, papierladen en papiergeleiders kunnenbediend worden met beperkte kracht en beperkt bereik. OndersteuningMeer informatie over de toegankelijkheid van deze printer en het streven van HP naaroptimale producttoegankelijkheid vindt u op de website van HP op www. hp. com/accessibility.

Eco-TipsHP zet zich ervoor in om klanten te helpen hun ecologische voetafdruk te verminderen.HP biedt deze Eco-tips, zodat u zich kunt richten op manieren om de impact vast testellen en te verminderen die uw afdrukkeuzen op het milieu hebben. Naast specifiekefuncties in dit product kunt u de HP Eco Solutions-website bezoeken voor meerinformatie over de milieu-initiatieven van HP.www.hp.com/hpinfo/globalcitizenship/environment/• Duplex afdrukken: Gebruik Papierbesparend afdrukken om tweezijdigedocumenten met meervoudige pagina's op hetzelfde vel af te drukken ompapiergebruik te verminderen.

1 Bedieningspaneel2 Uitvoerlade3 Lade 14 Breedtegeleiders5 Inktcartridgeklep6 Inktcartridges7 Printkopvergrendeling8 Printkoppen9 Lade 2 (Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie HP-benodigdheden en -accessoires voor bestelinformatie.)BedieningspaneelOK9 10 1128761 4351 Waarschuwingslampje2 Venster van het bedieningspaneel3 Knop Terug4 Knop OK5 Knop Help6 Knop Annuleren7 Knop en lampje Doorgaan8 Knop en lampje Aan/Uit9 Inktcartridge-markeringen10 Knop Pijl naar links11 Knop Pijl naar rechtsDe onderdelen van de printer kennen 7

Achteraanzicht123451 Stroomaansluiting2 Ethernet-poort3 USB (Universal Serial Bus)-poort achteraan4 Automatisch accessoire voor dubbelzijdig afdrukken (duplexeenheid)5 Vergrendeling van de achterklep van de duplexeenheidHet modelnummer van de printer vindenNaast de modelnaam die op de voorkant van de printer verschijnt, heeft deze printereen specifiek modelnummer. U kunt dit nummer gebruiken als u contact opneemt metde klantenservice en om te bepalen welke benodigdheden en accessoires erbeschikbaar zijn voor uw product.Het modelnummer staat op een label aan de binnenkant van de printer, in de buurt vande printcartridges.Afdrukmateriaal selecterenDe printer is ontwikkeld voor het correct verwerken van de meeste afdrukmaterialenvoor kantoorgebruik. Wij raden aan om enkele afdrukmaterialen te testen voordat u ergrote hoeveelheden van aankoopt.

Gebruik HP-afdrukmateriaal voor de besteafdrukkwaliteit. Bezoek de website van HP op www.hp.com voor meer informatie overHP-afdrukmateriaal.HP raadt eenvoudig papier met het ColorLok-logo aan voor hetafdrukken en kopiëren van alledaagse documenten. Al hetpapier met het ColorLok-logo is onafhankelijk getest om aan dehoogste standaarden van betrouwbaarheid en afdrukkwaliteit tevoldoen, en documenten te produceren met heldere kleuren,scherper zwart en die sneller drogen dan normaal eenvoudigpapier. Zoek naar papier met het ColorLok-logo in verschillendegewichten en formaten van grote papierfabrikanten.Hoofdstuk 18 Aan de slag

Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•Aanbevolen papier voor afdrukken en kopiëren•Aanbevolen papiersoorten om foto's af te drukken•Tips voor de keuze en het gebruik van mediaAanbevolen papier voor afdrukken en kopiërenVoor een optimale afdrukkwaliteit adviseren wij u alleen HP-papier te gebruiken datvoor deze bepaalde afdruktaak is bedoeld. Het is mogelijk dat in uw land/regio bepaalde papiersoorten niet beschikbaar zijn. HP BrochurepapierHP SuperiorinkjetpapierDit papier heeft een glanzende of matte laag aan beide kanten voordubbelzijdig gebruik. Dit papier is een ideale keuze voor reproductiesvan fotokwaliteit, omslagen van bedrijfsrapporten, specialepresentaties, brochures, mailings en kalenders. HP HelderwitinkjetpapierHP Helderwit Inkjetpapier levert contrastrijke kleuren en scherpafgedrukte tekst op.

Dit papier is dik genoeg voor dubbelzijdigafdrukken in kleur, zodat het ideaal is voor nieuwsbrieven, rapportenen folders. Het heeft ColorLok-technologie voor minder vlekken,scherpere zwart en intensere kleuren. HP-afdrukpapier HP-afdrukpapier is multifunctioneel papier van hoge kwaliteit. Hiermee maakt u documenten die er veel professioneler uitzien dandocumenten die op standaardpapier of kopieerpapier zijn afgedrukt. Het heeft ColorLok-technologie voor minder vlekken, scherpere zwarten intensere kleuren. Het is zuurvrij voor duurzame documenten. HP Office Paper HP Office Paper is multifunctioneel papier van hoge kwaliteit. Het isgeschikt voor kopieën, schetsen, memo's en andere alledaagsedocumenten. Het heeft ColorLok-technologie voor minder vlekken,scherpere zwart en intensere kleuren.

Het is zuurvrij voor duurzamedocumentenHP Office GerecycledpapierHP Office Gerecycled papier is multifunctioneel papier van hogekwaliteit, gemaakt met 30% gerecyclede vezels. Het heeft ColorLok-technologie voor minder vlekken, scherpere zwart en intenserekleuren. Het is zuurvrij voor duurzame documenten.

HP PremiumPresentatiepapierHP ProfessioneelpapierDit is zwaar dubbelzijdig mat papier, perfect voor presentaties,voorstellen, rapporten en nieuwsbrieven. Het is extra zwaar papiermet een imponerende uitstraling. HP Premium InkjetTransparantOp HP Premium Inkjet transparanten komen uw kleurenpresentatiesbeter tot hun recht. Deze transparanten zijn gemakkelijk in hetgebruik en drogen snel en zonder vlekken. HP AdvancedfotopapierDit dikke fotopapier heeft een sneldrogende, veegvaste afwerking. Het papier is bestand tegen water, vegen, vingerafdrukken envochtigheid. De foto's die u op deze papiersoort afdrukt, lijken opfoto's die u in een winkel hebt laten afdrukken. Het is beschikbaar inverschillende formaten, waaronder A4, 8,5 x 11 inch, 10x15 cm (4x6inch), 13x18 cm (5x7 inch) en met twee afwerkingen – glanzend ofzachte glans (gesatineerd mat). Het is zuurvrij voor duurzamedocumenten.

HP EverydayFotopapierDruk kleurrijke, alledaagse kiekjes tegen lage kosten af, met papierdat voor het afdrukken van gewone foto's is ontworpen. Dit voordeligefotopapier droogt snel en is direct te verwerken. Dit papier produceertscherpe foto's met elke inkjetprinter. Beschikbaar met semi-glanzende afwerking in 8,5 x11 inch, A4, 4x6 inch and 10x15 cm. Hetis zuurvrij voor duurzame documenten. Ga naar www. hp. com/buy/supplies om HP-papier en andere benodigdheden tebestellen. Selecteer desgevraagd uw land of regio, volg de aanwijzingen om uw printerte selecteren en klik vervolgens op een van de links voor het doen van bestellingen opde pagina. Opmerking Momenteel zijn sommige delen van de website van HP alleenbeschikbaar in het Engels.

Aanbevolen papiersoorten om foto's af te drukkenVoor een optimale afdrukkwaliteit adviseren wij u alleen HP-papier te gebruiken datvoor deze bepaalde afdruktaak is bedoeld. Het is mogelijk dat in uw land/regio bepaalde papiersoorten niet beschikbaar zijn. HP Advanced fotopapierDit dikke fotopapier heeft een sneldrogende, veegvaste afwerking. Het papier isbestand tegen water, vegen, vingerafdrukken en vochtigheid. De foto's die u op dezepapiersoort afdrukt, lijken op foto's die u in een winkel hebt laten afdrukken. Het isbeschikbaar in verschillende formaten, waaronder A4, 8,5 x 11 inches, 10x15 cm (4x6inches), 13x18 cm (5x7 inches) en met twee afwerkingen – glanzend of zachte glans(gesatineerd mat). Het is zuurvrij voor duurzame documenten. HP Everyday FotopapierDruk kleurrijke, alledaagse kiekjes tegen lage kosten af, met papier dat voor hetafdrukken van gewone foto's is ontworpen.

HP Photo Value Packs:In de HP Photo Value Packs worden oorspronkelijke HP printcartridges en HPGeavanceerd fotopapier handig samen verpakt om u tijd te besparen en het giswerkvoor het afdrukken van professionele foto's met uw HP-printer weg te nemen. Oorspronkelijke HP inkten en HP Geavanceerd fotopapier zijn ontworpen om samen tewerken zodat uw foto's duurzaam en intens zijn, afdruk na afdruk. Uitstekend voor hetafdrukken van alle foto's van de vakantie of van meerdere afdrukken om te delen. Ga naar www. hp. com/buy/supplies om HP-papier en andere benodigdheden tebestellen. Selecteer desgevraagd uw land of regio, volg de aanwijzingen om uw printerte selecteren en klik vervolgens op een van de links voor het doen van bestellingen opde pagina. Opmerking Momenteel zijn sommige delen van de website van HP alleenbeschikbaar in het Engels. Hoofdstuk 1(vervolg)10 Aan de slag.

Tips voor de keuze en het gebruik van mediaVoor de beste resultaten moet u zich aan de volgende richtlijnen houden.• Gebruik altijd afdrukmateriaal dat geschikt is voor de printerspecificaties. ZieMediaspecificaties voor meer informatie.• Plaats slechts één papiersoort tegelijkertijd in een lade.• Zorg ervoor dat het papier goed in de lades is geplaatst. Zie Afdrukmateriaalplaatsen voor meer informatie.• Plaats niet te veel papier in de lade.

Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meerinformatie.• Om papierstoringen, een matige afdrukkwaliteit en andere afdrukproblemen tevermijden, moet u de volgende papiersoorten niet in de lades plaatsen:ƕ Formulieren die uit meerdere delen bestaanƕ Afdrukmateriaal dat is beschadigd, gekruld of verkreukeldƕ Afdrukmateriaal met inkepingen of perforatiesƕ Afdrukmateriaal met een zware textuur of reliëf of afdrukmateriaal dat inkt nietgoed absorbeertƕ Afdrukmateriaal dat te dun is of gemakkelijk kan worden uitgerektƕ Afdrukmateriaal met nietjes of paperclipsAfdrukmateriaal plaatsenDit gedeelte bevat aanwijzingen voor het plaatsen van afdrukmateriaal in de printer.Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•Afdrukmateriaal met een standaardformaat plaatsen•Enveloppen plaatsen•Kaarten en fotopapier plaatsen•Transparanten plaatsen•Afdrukmateriaal met een speciaal formaat plaatsenAfdrukmateriaal met een standaardformaat plaatsenDit gedeelte bevat aanwijzingen voor het plaatsen van afdrukmateriaal in de printer.Opmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire.

Plaats afdrukmateriaal met een standaardformaat aan de hand van deze instructies.Lade 1 vullen (hoofdlade)1. Trek de uitvoerlade naar boven.2. Schuif de materiaalgeleiders naar buiten in de breedste instelling.3. Schuif het afdrukmateriaal met afdrukzijde naar beneden in het midden van delade, zorg dat het afdrukmateriaal niet over de lijnmarkering in de lade hangt.Schuif de papierbreedtegeleiders naar het midden tot wanneer ze de linker- enrechterkant van het afdrukmateriaal raken, en duw de papierstapel zachtjes tottegen de achterkant van de lade.Opmerking Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.Hoofdstuk 112 Aan de slag

4. Klap de uitvoerlade omlaag.5. Trek het verlengstuk op de uitvoerlade uit.Opmerking Als het afdrukmateriaal langer is dan 11 inch, trekt u hetverlengstuk uit tot in de maximum positie.Lade 2 vullen1. Trek de lade uit de printer door de lade aan de voorkant vast te pakken.2. Schuif de materiaalgeleiders naar buiten in de breedste instelling.3. Schuif het afdrukmateriaal met afdrukzijde naar beneden in het midden van delade, zorg dat het afdrukmateriaal niet over de lijnmarkering in de lade hangt.Schuif de papierbreedtegeleiders naar het midden tot wanneer ze de linker- enrechterkant van het afdrukmateriaal raken, en duw de papierstapel zachtjes tottegen de achterkant van de lade.Opmerking Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.4. Plaats de lade voorzichtig terug.5.

Enveloppen plaatsenEnveloppen plaatsenPlaats enveloppen aan de hand van deze instructies.1. Trek de uitvoerlade naar boven.2. Schuif de papierbreedtegeleider zo ver mogelijk naar buiten.Opmerking Als u afdrukmateriaal van een groter formaat plaatst, trek deinvoerlade dan uit.3. Plaats enveloppen volgens de afbeelding. Zorg ervoor dat de stapel enveloppenniet hoger wordt dan de lijnmarkering in de lade aangeeft.Opmerking Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.4. Stel de mediageleiders in de lade af op het formaat dat u in de lade hebt geplaatst.5. Klap de uitvoerlade omlaag.6. Trek het verlengstuk van de lade eruit.Hoofdstuk 114 Aan de slag

Kaarten en fotopapier plaatsenKaarten en fotopapier plaatsenPlaats fotopapier aan de hand van deze instructies.1. Trek de uitvoerlade naar boven.2. Schuif de papierbreedtegeleider zo ver mogelijk naar buiten.Opmerking Als u afdrukmateriaal van een groter formaat plaatst, trek deinvoerlade dan uit.3. Schuif het afdrukmateriaal met afdrukzijde naar beneden in het midden van delade, zorg dat het afdrukmateriaal niet over de lijnmarkering in de lade hangt.Controleer of de stapel goed tegen de rechter- en achterkant van de lade ligt enniet over de lijnmarkering in de lade hangt. Als het fotopapier een tab langs de randheeft, zorg er dan voor dat de tab naar de voorkant van de printer wijst.Opmerking Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.4. Stel de mediageleiders in de lade af op het formaat dat u in de lade hebt geplaatst.5. Klap de uitvoerlade omlaag.6.

Trek het verlengstuk van de lade eruit.Transparanten plaatsenTransparanten plaatsen1. Trek de uitvoerlade naar boven.2. Schuif de papierbreedtegeleider zo ver mogelijk naar buiten.Opmerking Als u afdrukmateriaal van een groter formaat plaatst, trek deinvoerlade dan uit.3. Voer de transparanten in met de ruwe zijde, of afdrukzijde, in het midden van dehoofdlade. Zorg ervoor dat de plakstrip naar de achterkant van de printer wijst endat de stapel transparanten tegen de rechterkant en de achterkant van de printer isgeplaatst. Zorg er ook voor dat de stapel niet hoger wordt dan de lijnmarkering inde lade aangeeft.Opmerking Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.4. Stel de mediageleiders in de lade af op het formaat dat u in de lade hebt geplaatst.Afdrukmateriaal plaatsen 15

5. Klap de uitvoerlade omlaag.6. Trek het verlengstuk van de lade eruit.Afdrukmateriaal met een speciaal formaat plaatsenKaarten en fotopapier plaatsenPlaats afdrukmateriaal met een speciaal formaat aan de hand van deze instructies.Let op Gebruik alleen afdrukmateriaal van speciaal formaat dat wordtondersteund door de printer. Zie Mediaspecificaties voor meer informatie.1. Trek de uitvoerlade naar boven.2. Schuif de papierbreedtegeleider zo ver mogelijk naar buiten.Opmerking Als u afdrukmateriaal van een groter formaat plaatst, trek deinvoerlade dan uit.3. Plaats het afdrukmateriaal met de afdrukzijde naar beneden in het midden van dehoofdlade. Controleer of de stapel goed tegen de rechter- en achterkant van delade ligt en niet over de lijnmarkering in de lade hangt.Opmerking Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.4.

Lades configurerenOpmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie HP-benodigdheden en-accessoires voor bestelinformatie. Om lades te configureren, moet lade 2 geïnstalleerd en ingeschakeld zijn in deprinterdriver. Het afdrukmateriaal wordt standaard uit lade 1 ingevoerd. Als lade 1 leeg is, wordt hetafdrukmateriaal uit lade 2 gehaald (indien geïnstalleerd en gevuld metafdrukmateriaal). Met de volgende functies kunt u deze standaardinstelling wijzigen:• Ladevergrendeling: hiermee kunt u voorkomen dat speciaal afdrukmateriaal,zoals afdrukmateriaal met een briefhoofd en voorbedrukt papier, per ongeluk wordtgebruikt. Als het afdrukmateriaal tijdens het afdrukken opraakt, wordt geenmateriaal uit een vergrendelde lade gebruikt om de afdruktaak te voltooien. • Standaardlade: met deze functie kunt u bepalen welke lade als eerste wordtgebruikt om afdrukmateriaal te laden.

Opmerking Als u de ladevergrendeling en standaard lade-instellingen wiltgebruiken, moet u de optie voor automatische ladeselectie selecteren in desoftware van het apparaat. Als het apparaat is aangesloten op een netwerk en ueen standaardlade instelt, geldt deze instelling voor alle gebruikers van hetapparaat. Lade 2 is uitsluitend geschikt voor normaal papier. De volgende tabel geeft een overzicht van de verschillende manieren waarop u depapierlades kunt gebruiken. Ik wil… Voer de volgende stappen uitIn beide laden hetzelfde afdrukmateriaalplaatsen en de printer afdrukmateriaal van eenlade laten namen als de andere leeg is. •Plaats het afdrukmateriaal in lade 1 enlade 2. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voormeer informatie. •Controleer of de ladevergrendeling isuitgeschakeld. Zowel speciaal afdrukmateriaal (zoalstransparanten of briefpapier) als gewoonpapier in de lades plaatsen.

De lades configureren1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.2. Voer één van de volgende handelingen uit:• Geïntegreerde webserver: Klik op het tabblad Instellingen en klik opPapierverwerking in het linkerdeelvenster.• HP-hulpprogramma (Mac OS X): Klik op Ladeconfiguratie in het deelvensterPrinterinstellingen.3. Stel de gewenste lade-instellingen in en klik op OK of Toepassen.De afdrukinstellingen wijzigenU kunt de afdrukinstellingen (zoals papierformaat of -soort) wijzigen vanuit eentoepassing of het stuurprogramma van de printer. Wijzigingen die worden aangebrachtvanuit een toepassing hebben voorrang boven wijzigingen die worden aangebrachtvanuit het printerstuurprogramma.

Als u toepassing hebt afgesloten, worden destandaardinstellingen van het stuurprogramma echter hersteld.Opmerking Afdrukinstellingen die van toepassing zijn op alle afdruktaken moetenworden geselecteerd in de driver van de printer.Raadpleeg de online Help bij het printerstuurprogramma van Windows voor meerinformatie over de functies van het stuurprogramma. Voor meer informatie over hetafdrukken vanuit een specifieke toepassing kunt u de documentatie van debetreffende toepassing raadplegen.• De instellingen voor de huidige opdrachten wijzigen vanuit een toepassing(Windows)•De standaardinstellingen wijzigen voor alle komende opdrachten (Windows)•Instellingen wijzigen (Mac OS X)De instellingen voor de huidige opdrachten wijzigen vanuit een toepassing(Windows)1. Open het document dat u wilt afdrukken.2.

De standaardinstellingen wijzigen voor alle komende opdrachten (Windows)1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers enfaxapparaten.-of-Klik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers.Opmerking Voer het wachtwoord van de beheerder van de computer in als ditwordt gevraagd.2. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van de printer en klik opEigenschappen, Standaardinstellingen voor document ofVoorkeursinstellingen voor afdrukken.3. Wijzig de gewenste instellingen en klik vervolgens op OK.Instellingen wijzigen (Mac OS X)1. Klik op Pagina-instelling in het menu Bestand.Opmerking In Mac OS X (v10.5 of v10.6) hebben sommige programma'sgeen menu Pagina-instelling omdat het deel uitmaakt van het menuAfdrukken.2. Wijzig de gewenste instellingen (zoals papierformaat) en klik vervolgens op OK.3.

Klik in het menu Bestand op Afdrukken om het printerstuurprogramma te openen.4. Wijzig de gewenste instellingen (zoals het type afdrukmateriaal) en klik vervolgensop OK of Afdrukken.De accessoires installerenDit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•De duplexeenheid installeren•Lade 2 installeren•Accessoires inschakelen in het printerstuurprogrammaDe accessoires installeren 19

De duplexeenheid installerenU kunt automatisch op beide zijden van een vel papier afdrukken. Zie Afdrukken aanbeide zijden (dubbelzijdig afdrukken) voor informatie over het gebruik van deduplexeenheid.Zo installeert u de duplexeenheid.Ÿ Schuif de duplexeenheid in de printer totdat de eenheid vastklikt. Druk bij deinstallatie niet op de knoppen aan weerszijden van de duplexeenheid, maar gebruikde knoppen alleen om de eenheid uit de printer te verwijderen.Lade 2 installerenLade 2 kan maximaal 250 vellen normaal papier bevatten. Zie HP-benodigdheden en -accessoires voor bestelinformatie.Lade 2 installeren als volgt.1. Pak de lade uit, verwijder verpakkingstape en -materiaal en breng de lade naar devoorbereide locatie. Het oppervlak moet stevig en vlak zijn.2. Schakel de printer uit en koppel het netsnoer los.3.

Plaats de printer boven op de lade.Let op Plaats uw vingers en handen niet aan de onderzijde van de printer.4. Sluit het netsnoer aan en zet de printer aan.5. Lade 2 activeren in de printerdriver. Raadpleeg Accessoires inschakelen in hetprinterstuurprogramma voor meer informatie.Accessoires inschakelen in het printerstuurprogramma• Accessoires inschakelen op computers met Windows•Accessoires inschakelen op computers met MacintoshHoofdstuk 120 Aan de slag

Accessoires inschakelen op computers met Windows1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers enfaxapparaten.-of-Klik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers.2. Klik met de rechtermuisknop op het printerpictogram en klik vervolgens opEigenschappen.3. Selecteer het tabblad Apparaatinstellingen. Klik op het accessoire dat u wiltinschakelen, klik in het vervolgmenu op Geïnstalleerd en klik vervolgens op OK.Accessoires inschakelen op computers met MacintoshHet Mac OS schakelt in het printerstuurprogramma automatisch alle accessoires inwanneer u de printersoftware installeert. Neem de volgende stappen als u later eennieuw accessoire toevoegt:1. Open deSysteemvoorkeuren en selecteer Afdrukken en faxen.2. Selecteer de printer.3. Klik op Opties en benodigdheden.4. Klik op het tabblad Driver.5.

Selecteer de opties die u wilt installeren en klik op OK.De printer uitschakelenSchakel de printer uit door te drukken op de knop Aan/Uit op de printer. Wacht tot hetlampje uitgaat voor u de stekker loskoppelt of een wandschakelaar omzet. Als u deprinter verkeerd uitschakelt, wordt de wagen met de printcartridges mogelijk niet op dejuiste positie teruggezet. Dit kan problemen met de printcartridges en de afdrukkwaliteitveroorzaken.De printer uitschakelen 21

2 AfdrukkenDe meeste afdrukinstellingen worden door de softwaretoepassing automatischafgehandeld. Wijzig de instellingen uitsluitend handmatig indien u de afdrukkwaliteitwilt veranderen, u wilt afdrukken op speciale papiersoorten of als u speciale functieswilt gebruiken. Voor meer informatie over het selecteren van de beste afdrukmaterialenvoor uw documenten, zie Afdrukmateriaal selecteren.Kies een afdruktaak om verder te gaan:Documenten afdrukkenBrochures afdrukkenAfdrukken op enveloppenFoto's afdrukkenAfdrukken op afdrukmateriaal van speciaalformaatDocumenten afdrukkenOpmerking Met sommige papiersoorten kunt u op beide zijden van een bladpapier afdrukken ("dubbelzijdig afdrukken" of "duplex afdrukken").

Documenten afdrukken (Windows)1. Plaats papier in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Klik op Afdrukken in het menu Bestand van uw softwaretoepassing. 3. Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is. 4. Klik op de knop waarmee u het dialoogvenster Eigenschappen opent om deinstellingen te wijzigen. Afhankelijk van uw softwaretoepassing heeft deze knop de naam Eigenschappen,Opties, Printerinstellingen, Printer of Voorkeuren. 5. Wijzig de afdrukstand op het tabblad Afwerking en de papierbron, papiersoort,papierformaat, en kwaliteitsinstellingen op het tabblad Papier/Kwaliteit. Klik op hettabblad Kleur en wijzig de optie Afdrukken in grijstinten om in zwart-wit af tedrukken. 6. Klik op OK. 7. Klik op Afdrukken of OK om het afdrukken te starten. Documenten afdrukken (Mac OS X)1. Plaats papier in de lade.

Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Klik in het menu Bestand van het programma op uw computer op Afdrukken. 3. Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is. 4. Wijzig de afdrukinstellingen voor de optie in de pop-upmenu's, in overeenstemmingmet uw project. Opmerking Klik op het blauwe weergavedriehoekje naast de selectie Printerom naar deze opties te gaan. 5. Klik op Afdrukken om te beginnen met afdrukken. Brochures afdrukkenVolg de instructies voor uw besturingssysteem. •Brochures afdrukken (Windows)•Brochures afdrukken (Mac OS X)Brochures afdrukken (Windows)Opmerking Maak de wijzigingen in de HP-software die bij de printer is geleverdom de afdrukinstellingen voor alle afdruktaken in te stellen. Zie Hulpprogramma'sprinterbeheer voor meer informatie over de HP-software. 1. Plaats papier in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2.

5. Wijzig de afdrukstand op het tabblad Afwerking en de papierbron, papiersoort,papierformaat, en kwaliteitsinstellingen op het tabblad Papier/Kwaliteit. Klik op hettabblad Kleur en wijzig de optie Afdrukken in grijstinten om in zwart-wit af tedrukken.6. Klik op OK.7. Klik op OK.8. Klik op Afdrukken om te beginnen met afdrukken.Brochures afdrukken (Mac OS X)1. Plaats papier in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie.2. Klik in het menu Bestand van het programma op uw computer op Afdrukken.3. Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is.4. Selecteer in het pop-upmenu Afwerking het juiste soort brochurepapier.5. Selecteer Beste of Normaal in het pop-upmenu Kleur/kwaliteit.6.

Selecteer eventueel nog andere afdrukinstellingen en klik op Afdrukken om hetafdrukken te starten.Afdrukken op enveloppenSelecteer geen enveloppen met een zeer glad oppervlak, een zelfklevende laag,klemmetjes of vensters. Ook enveloppen met dikke, onregelmatig gevormde ofgekrulde kanten of gekreukelde, gescheurde of anderszins beschadigde gedeeltenkunt u beter niet gebruiken.Zorg ervoor dat de enveloppen die u in de printer plaatst stevig gemaakt en goedgevouwen zijn.Opmerking Zie voor meer informatie over afdrukken op enveloppen dedocumentatie van het softwareprogramma dat u gebruikt.Volg de instructies voor uw besturingssysteem.•Afdrukken op enveloppen (Windows)•Afdrukken op enveloppen (Mac OS X)Afdrukken op enveloppen (Windows)1. Plaats enveloppen in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie.2. Klik op Afdrukken in het menu Bestand van uw softwaretoepassing.3.

Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is.4. Klik op de knop waarmee u het dialoogvenster Eigenschappen opent om deinstellingen te wijzigen.Afhankelijk van uw softwaretoepassing heeft deze knop de naam Eigenschappen,Opties, Printerinstellingen, Printer of Voorkeuren.5. Wijzig op het tabblad Afwerking de afdrukstand in Liggend.Hoofdstuk 224 Afdrukken

6. Klik op Papier/kwaliteit en selecteer vervolgens de juiste envelopsoort in devervolgkeuzelijst Papierformaat. Tip U kunt meer opties voor de afdruktaak wijzigen aan de hand van debeschikbare functies, die u op de andere tabbladen in het dialoogvenster kuntvinden. 7. Klik op OK, en klik vervolgens op Afdrukken of OK om het afdrukken te starten. Afdrukken op enveloppen (Mac OS X)1. Plaats enveloppen in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Klik in het menu Bestand van het programma op uw computer op Afdrukken. 3. Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is. 4. Selecteer in het pop-upmenu Papierformaat de juiste envelop. 5. Selecteer het tabblad Afwerking. Opmerking Als uw computer Mac OS X (v10. 5 of v10. 6) gebruikt, klik dan ophet blauwe driehoekje naast de selectie Printer om toegang te krijgen tot dezeopties. 6.

Selecteer eventueel nog andere afdrukinstellingen en klik op Afdrukken om hetafdrukken te starten. Foto's afdrukkenLaat ongebruikt fotopapier niet in de invoerlade zitten. Het fotopapier kan omkrullen,waardoor de afdrukkwaliteit kan verminderen. Fotopapier moet vlak zijn om er goed opte kunnen afdrukken. Volg de instructies voor uw besturingssysteem. •Foto's afdrukken op fotopapier (Windows)•Foto's afdrukken op fotopapier (Mac OS X)Foto's afdrukken op fotopapier (Windows)1. Plaats papier in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Klik op Afdrukken in het menu Bestand van uw softwaretoepassing. 3. Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is. 4. Als u instellingen wilt wijzigen, klikt u op de optie om het dialoogvensterEigenschappen van de printer te openen.

4. Selecteer in het pop-upmenu Afwerking het juiste soort fotopapier. 5. Selecteer Beste of Normaal in het pop-upmenu Kleur/kwaliteit. 6. Selecteer eventueel nog andere afdrukinstellingen en klik op Afdrukken om hetafdrukken te starten. Afdrukken op afdrukmateriaal van speciaal formaatAls uw toepassing een aangepast papierformaat ondersteunt, stelt u het papierformaateerst in de toepassing in voordat u het document afdrukt. Als dit niet kan, stel hetformaat dan in het printerstuurprogramma in. U moet wellicht de opmaak vanbestaande documenten aanpassen om deze correct te kunnen afdrukken op eenaangepast papierformaat. Gebruik alleen papier van aangepast formaat dat wordt ondersteund door de printer. ZieMediaspecificaties voor meer informatie. Opmerking Met sommige papiersoorten kunt u op beide zijden van een bladpapier afdrukken ("dubbelzijdig afdrukken" of "duplex afdrukken").

Zie Afdrukkenaan beide zijden (dubbelzijdig afdrukken) voor meer informatie. Volg de instructies voor uw besturingssysteem. •Afdrukken op speciaal papier of een aangepast papierformaat (Mac OS X)Afdrukken op speciaal papier of een aangepast papierformaat (Mac OS X)Opmerking Voordat u op aangepast papier kunt afdrukken, moet u hetaangepaste formaat instellen in de HP-software die bij de printer is geleverd. Zievoor instructies Aangepaste formaten instellen (Mac OS X)1. Laad het juiste papier in de lade. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meerinformatie. 2. Klik in het menu Bestand van het programma op uw computer op Afdrukken. 3. Zorg ervoor dat de printer die u wilt gebruiken geselecteerd is. 4. Selecteer het aangepaste formaat dat u in het pop-upvenster voor hetpapierformaat hebt gemaakt. Selecteer eventueel nog andere afdrukinstellingen en klik op Afdrukken om hetafdrukken te starten. 5.

Pas eventueel andere instellingen aan en klik op Afdrukken om het afdrukken testarten. Aangepaste formaten instellen (Mac OS X)1. Klik in het menu Bestand van het programma op uw computer op Afdrukken. 2.

5. Bij Breedte en Hoogte voert u de afmetingen in en stelt u vervolgens de margesin, indien u die wilt aanpassen. 6. Klik op OK. Afdrukken aan beide zijden (dubbelzijdig afdrukken)U kunt op beide zijden van het afdrukmateriaal afdrukken met de duplexeenheid. Opmerking Het printerstuurprogramma ondersteunt geen dubbelzijdig afdrukken. Voor dubbelzijdig afdrukken moet een HP-accessoire voor automatischdubbelzijdig afdrukken (duplexeenheid) op de printer zijn geïnstalleerd. Tip Als de boven- en ondermarges van het document minder dan 12 mm (0,47inches) bedragen, wordt het document wellicht niet goed afgedrukt. Om hetdocument goed af te drukken, kiest u in het bedieningspaneel van de printer deoptie Aanpassen aan marge. Hiertoe drukt u op de knop OK en selecteert uachtereenvolgens Papierverwerking, Aanpassen aan marge en Aan. Dubbelzijdig afdrukken (Windows)1.

Plaats het juiste afdrukmateriaal. Zie Richtlijnen voor dubbelzijdig afdrukken enAfdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Zorg ervoor dat de duplexeenheid correct wordt geplaatst. Zie De duplexeenheidinstalleren voor meer informatie. 3. Zorg dat het document is geopend, klik op Afdrukken in het menu Bestand enselecteer vervolgens Dubbelzijdig afdrukken op het tabblad Afwerking. 4. Pas eventueel andere instellingen aan en klik op OK. 5. Druk het document af. Dubbelzijdig afdrukken (Mac OS X)Opmerking Volg deze aanwijzingen om het dubbelzijdig afdrukken in teschakelen en de opties voor binden te wijzigen. Mac OS 10. 5. Klik op Dubbelzijdig afdrukken onder Aantal en pagina's enselecteer vervolgens het geschikte type binding. Mac OS 10. 6. Schakel in het afdrukdialoogvenster het selectievakje Dubbelzijdig innaast de opties Aantal en Gesorteerd.

Als de optie Dubbelzijdig niet beschikbaaris, controleert u of de duplexeenheid is ingeschakeld in het printerstuurprogramma. Selecteer het type binding in het paneel Lay-out. 1. Plaats het juiste afdrukmateriaal.

Zie Richtlijnen voor dubbelzijdig afdrukken enAfdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Zorg ervoor dat de duplexeenheid correct wordt geplaatst. Zie De duplexeenheidinstalleren voor meer informatie. 3. Controleer of u de juiste printer en het juiste paginaformaat gebruikt in de Pagina-instellingen. 4. Klik op Afdrukken in het menu Bestand. Afdrukken aan beide zijden (dubbelzijdig afdrukken) 27.

3 Werken met printcartridgesAls u ervan verzekerd wilt zijn dat de afdrukkwaliteit van de printer optimaal blijft, moetu enkele eenvoudige onderhoudsprocedures uitvoeren. In dit deel vindt u richtlijnenvoor het hanteren van printcartridges, instructies voor het vervangen vanprintcartridges en voor het uitlijnen en schoonmaken van de printkop. Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•Informatie over printcartridges en de printkoppen•De geschatte inktniveaus bekijken•De inktcartridges vervangen•Printerbenodigdheden bewarenInformatie over printcartridges en de printkoppenLees de volgende tips voor het omgaan met en het onderhouden van HP-inktpatronenals u verzekerd wilt zijn van een consistente afdrukkwaliteit. • De instructies in deze gebruikershandleiding zijn voor het vervangen vanprintcartridges en zijn niet bedoeld voor de eerste installatie.

• Als u een printcartridge moet vervangen, wacht dan tot u beschikt over een nieuweprintcartridge om te installeren voordat u de oude cartridge verwijdert. Let op Wacht tot u een nieuwe printcartridge beschikbaar hebt voordat u deoude printcartridge verwijdert. Laat de printcartridge niet voor een langereperiode buiten de printer. • Haal printcartridges pas uit de originele luchtdichte verpakking als u ze nodig hebt. • Bewaar de printcartridges in dezelfde richting als waarin de verpakkingen in dewinkel hangen of, als ze uit de doos zijn, met het label omlaag. • Zorg ervoor dat u de printer op de juiste manier uitschakelt. Zie De printeruitschakelen voor meer informatie. • Bewaar printcartridges bij kamertemperatuur (15 - 35 °C of 59 - 95 °F). • U hoeft de cartridges pas te vervangen als de printer u vraagt deze te vervangen,en niet eerder.

• Als de afdrukkwaliteit ineens aanzienlijk minder wordt, kan dat worden veroorzaaktdoor een verstopte printkop. U kunt dit probleem mogelijk oplossen door deprintkoppen te reinigen. Voor het reinigen van de printkoppen wordt een beetje inktgebruikt.

• Wees voorzichtig bij het oppakken en vervoeren van inktcartridges. Als u decartridges laat vallen of ergens tegenaan laat botsen of als u de cartridgesverkeerd behandelt tijdens de installatie, kunnen er tijdelijke afdrukproblemenontstaan. • Als u de printer vervoert, doet u het volgende om te voorkomen dat er inkt uit deprinter lekt of dat de printer beschadigd raakt:ƕZorg ervoor dat u de printer uitschakelt door te drukken op de (Aan/uit). Deprintkoppen moeten aan de rechterkant van de printer in het onderhoudsstationworden geplaatst. Zie De printer uitschakelen voor meer informatie. ƕ Zorg ervoor dat u de printcartridges en de printkoppen op hun plaats houdt. ƕ De printer moet vlak worden getransporteerd en mag niet op de zijkant,achterkant, voorkant of bovenkant worden geplaatst.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met HP Officejet Pro 8000 Enterprise stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden