HP Officejet Pro 8000 Handleiding

HP Printer Officejet Pro 8000

Bekijk gratis de handleiding van HP Officejet Pro 8000 (148 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 38 mensen. Heb je een vraag over HP Officejet Pro 8000 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/148
A809
OFFICEJET PRO 8000
Gebruikershandleiding

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: HP
Categorie: Printer
Model: Officejet Pro 8000
Kleur van het product: Black, Grey
Ingebouwd display: Nee
Gewicht: 7800 g
Breedte: 494 mm
Diepte: 479 mm
Hoogte: 180 mm
Gewicht verpakking: 11800 g
Kleur: Ja
Frequentie van processor: 384 MHz
USB-poort: Ja
Ethernet LAN: Ja
Geïntegreerde geheugenkaartlezer: Nee
Markt positionering: Thuis & kantoor
Aantal USB 2.0-poorten: 1
Stroomverbruik (in standby): 3.3 W
Stroomverbruik (indien uit): 0.22 W
Intern geheugen: 32 MB
Duurzaamheidscertificaten: ENERGY STAR
Ondersteunt Windows: Windows 2000, Windows XP Home, Windows XP Professional, Windows XP Professional x64
Stroomverbruik (PowerSave): 3 W
Temperatuur bij opslag: -40 - 60 °C
Power LED: Ja
Compatibele besturingssystemen: Windows OS\nMac OS\nLinux
Ondersteunde netwerkprotocollen: IPv4, IPv6
Ondersteunt Mac-besturingssysteem: Mac OS X 10.4 Tiger, Mac OS X 10.5 Leopard, Mac OS X 10.6 Snow Leopard
Luchtvochtigheid bij opslag: 5 - 85 procent
Mac-compatibiliteit: Ja
Netwerkfuncties: Ingebouwd
Maximale resolutie: 4800 x 1200 DPI
Aantal printcartridges: 4
Printkleuren: Black, Cyan, Magenta, Yellow
Papierlade mediatypen: Card stock, Envelopes, Photo paper, Plain paper, Transparencies
Geluidskracht: 7.2
Geluidsdruk: 64 dB
Gewicht (imperiaal): 17.2 lbs
Bedrijfstemperatuur, bereik: 59 - 95 °F
Printtechnologie: Thermische inkjet
Standaard interfaces: Ethernet, USB 2.0
Printsnelheid (zwart, standaardkwaliteit, A4/US Letter): 35 ppm
Printsnelheid (kleur, standaard, A4/US Letter): 34 ppm
Duplex printen: Ja
Paginabeschrijving talen: PCL 3
Gebruiksindicatie (maximaal): 15000 pagina's per maand
Totale invoercapaciteit: 250 vel
Totale uitvoercapaciteit: 150 vel
Maximale uitvoercapaciteit: 150 vel
Maximale ISO A-series papierformaat: A4
ISO A-series afmetingen (A0...A9): A4
Direct printen: Nee
Netwerkgereed: Ja
Gemiddeld stroomverbruik tijdens printen: 48 W
Maximaal intern geheugen: 32 MB
Totaal aantal invoerladen: 1
Maximale printafmetingen: 215 x 355 mm
Afmetingen enveloppen: 7 3/4, 10, DL
PictBridge: Nee
Aanbevolen temperatuur bij gebruik: 20 - 30 °C
Automatische papierherkenning: Nee
Standaard uitvoercapaciteit voor transparanten: 60 vel
Non-ISO print papierafmetingen: Executive (184 x 267mm), Legal (media size), Statement (140 x 216mm), Letter (media size)
Minimale systeemeisen: Internet Explorer 6.0
Minimale opslag schijfruimte: 160 MB
Minimale processor: Intel Pentium II/Celeron
Fotopapier afmetingen (imperial): 4x6, 5x7 "
Minimale RAM: 128 MB
Minimum systeemeisen voor Macintosh: PowerPC G3, G4, G5/Intel Core Duo\n500MB HDD\n256MB RAM
Printen zonder witranden: Ja
Stand-by LED: Ja
Envelopinvoer: Nee
Aanbevolen relatieve luchtvochtigheid bij gebruik: 15 - 75 procent
Ondersteunde gewicht(en) media: 110 lbs
SureSupply ondersteuning: Ja
Vivera inkt wordt ondersteund: Nee
Producten per pallet: 24 stuk(s)
Standaard uitvoercapaciteit voor enveloppen: 15 vel
Wifi: Nee
AC-ingangsspanning: 110 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 - 60 Hz
Bedrijfstemperatuur (T-T): 15 - 35 °C
Relatieve vochtigheid in bedrijf (V-V): 10 - 80 procent
Afmetingen (B x D x H) (Brits): 19.5 x 18.86 x 7.09 "

Handleiding HP Officejet Pro 8000 – volledige tekst

Copyright informatie© 2009 Copyright Hewlett-PackardDevelopment Company, L.P.Kennisgeving van Hewlett-Packard Company De informatie in dit document kanzonder kennisgeving worden gewijzigd.Alle rechten voorbehouden.Reproductie, aanpassing of vertalingvan dit materiaal is verboden zondervoorafgaande schriftelijketoestemming van Hewlett-Packard,met uitzondering van wat istoegestaan onder de wet op deauteursrechten.De garantie voor HP-producten enservices is vastgelegd in degarantieverklaringen bij debetreffende producten. Niets in ditdocument mag worden opgevat alsaanvullende garantiebepaling. HP kanniet aansprakelijk worden gehoudenvoor technische of redactionele foutenof omissies in de verklaringen.HandelsmerkenWindows en Windows XP zijn in deV.S. geregistreerde handelsmerkenvan Microsoft Corporation.

WindowsVista een gedeponeerd handelsmerkof handelsmerk van MicrosoftCorporation in de Verenigde staten en/of andere landen.VeiligheidsinformatieVolg altijd de standaardveiligheidsvoorschriften bij het gebruikvan dit product. Op deze manierbeperkt u het risico van verwondingendoor brand of elektrische schokken.1. Zorg dat u alle instructies in de bijhet apparaat behorende documentatiehebt gelezen en begrepen.2. Neem alle op dit product vermeldewaarschuwingen en instructies in acht.3. Haal de stekker van het netsnoeruit het stopcontact voordat u ditproduct reinigt.4. Plaats of gebruik dit product niet inde buurt van water of als u nat bent.5. Zorg dat het product stevig op eenstabiel oppervlak staat.6. Zet het product op een veiligeplaats waar niemand op het netsnoerkan trappen of erover kan struikelenen waar het netsnoer niet kan wordenbeschadigd.7.

Zie Problemen oplossen enonderhoud als het product niet naarbehoren werkt.8. Dit product bevat geen door degebruiker te onderhoudenonderdelen. Laatonderhoudswerkzaamheden over aanerkende onderhoudsmonteurs.9. Gebruik alleen de externenetadapter/batterij die bij het apparaatis geleverd.

Inhoudsopgave1 Aan de slagAndere bronnen over het product zoeken. 7Het modelnummer van het apparaat zoeken. 9Toegankelijkheid. 9De onderdelen van het apparaat kennen. 10Vooraanzicht. 10Bedieningspaneel. 11Achteraanzicht. 11Informatie over verbindingen. 12Het apparaat uitschakelen. 12Eco-tips. 122 De accessoires installerenDe duplexeenheid installeren. 14Lade 2 installeren. 14Accessoires inschakelen in de printerdriver. 15Accessoires inschakelen op computers met Windows. 15Accessoires inschakelen op computers met Macintosh. 153 Het apparaat gebruikenAfdrukmateriaal selecteren. 16Papiersoorten aanbevolen voor afdrukken. 16Tips voor het selecteren en gebruiken van afdrukmateriaal. 18Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaal. 19Ondersteunde formaten kennen. 20Informatie over ondersteunde types en gewichten van afdrukmaterialen. 22Minimummarges instellen.

4 Configureren en beherenHet apparaat beheren. 33Het apparaat controleren. 34Het apparaat beheren. 35Beheertools voor het apparaat gebruiken. 36Geïntegreerde webserver. 36De ingebouwde webserver openen. 37Pagina's geïntegreerde webserver. 38HP Werkset (Windows). 38De HP Werkset openen. 39HP Werkset tabs. 39Netwerkwerkset. 40Gebruik het HP Solution Center (Windows). 40HP Printerhulpprogramma (Mac OS X). 40Het HP Printerprogramma openen. 41Deelvensters van HP Printerhulpprogramma. 41HP Apparaatbeheer gebruiken. 42De diagnostische zelftestpagina begrijpen. 42De netwerkconfiguratiepagina of het draadloze (enkel voor bepaalde modellen)statusrapport begrijpen. 43Het apparaat configureren (Windows). 45Rechtstreekse verbinding. 45De software installeren voordat u het apparaat verbindt (aanbevolen werkwijze). 45het apparaat verbinden voordat u de software installeert.

46Het apparaat delen op een lokaal gedeeld netwerk. 46Netwerkverbinding. 47Het apparaat installeren op een netwerk. 47De software van het apparaat installeren op clientcomputers. 48De printerdriver toevoegen met Printer toevoegen. 48Het apparaat installeren in een volledige IPV6-netwerkomgeving. 48Het apparaat configureren (Mac OS X). 49De software installeren voor een netwerk of rechtstreekse verbinding. 49Het apparaat delen op een lokaal gedeeld netwerk. 50Het apparaat installeren voor draadloze communicatie (alleen sommige modellen). 51Instellingen van 802. 11-draadloos netwerk begrijpen. 52Daadloze communicatie installeren met het installatieprogramma (Windows). 53Daadloze communicatie installeren met het installatieprogramma (Mac OS X). 53Sluit het apparaat aan met een draadloze ad-hocverbinding. 54Draadloze communicatie uitschakelen.

54Configureer uw firewall zo dat deze kan samenwerken met HP-apparaten. 54De verbindingsmethode wijzigen. 56Richtlijnen voor het verzekeren van beveiliging op een draadloos netwerk. 56Hardware-adressen aan een WAP (Wireless Access Point) toevoegen. 56Overige richtlijnen.

De printkoppen onderhouden. 62De status van de printkoppen controleren. 63De pagina Diagnostiek van afdrukkwaliteit afdrukken. 63De printkoppen uitlijnen. 64De printkoppen reinigen. 65De contacten van de printkoppen handmatig reinigen. 65De regelinvoer kalibreren. 68De printkoppen vervangen. 68Printerbenodigdheden bewaren. 70Inktcartridges bewaren. 70Printkoppen bewaren. 70Tips en informatiebronnen voor het oplossen van problemen. 71Problemen met het afdrukken oplossen. 72Het apparaat schakelt onverwachts uit. 72Het apparaat reageert niet (drukt niet af). 72De lichtjes van de printer branden. 73Het afdrukken duurt lang. 73Tekst of illustraties zijn verkeerd geplaatst. 74Het apparaat drukt een half blad en werpt het papier dan uit. 74Apparaat drukt af vanuit de verkeerde invoerlade. 75Slechte afdrukkwaliteit en onverwachte afdrukresultaten.

75Algemene problemen in verband met de afdrukkwaliteit. 75Er worden vreemde tekens afgedrukt. 76De inkt wordt uitgesmeerd. 76De inkt vult de tekst of afbeeldingen niet volledig. 77De uitvoer is bleek of de kleuren zijn flets. 77Kleuren worden als zwart-wit afgedrukt. 77De verkeerde kleuren worden afgedrukt. 77De kleuren op de afdruk lopen door elkaar heen. 78De afdruk heeft een horizontale, vervormde strook aan de onderkant van de afdrukzonder rand. 78De kleuren zijn niet goed uitgelijnd. 79Tekst of illustraties vertonen strepen. 79De afdruk is niet correct of er ontbreken gedeelten. 79Problemen met de papierinvoer oplossen. 79Optionele lade 2 kan niet worden geplaatst. 79Afdrukmateriaal stopt halverwege. 80Er heeft zich een ander papierinvoerprobleem voorgedaan. 80Problemen met het apparaatbeheer oplossen. 81De ingebouwde webserver kan niet worden geopend. 82Netwerkproblemen oplossen.

Problemen met draadloze verbindingen oplossen. 83Algemene tips voor het oplossen van problemen met draadloos afdrukken. 83Geavanceerde tips voor het oplossen van problemen met draadloos afdrukken. 84Controleer of de computer met het netwerk is verbonden. 85Controleer of het HP-apparaat is verbonden met uw netwerk. 86Controleer of de firewallsoftware de communicatie blokkeert. 87Controleer of het HP-apparaat online en gereed is. 88Uw draadloze router maakt gebruik van een verborgen SSID. 88Controleer of de draadloze versie van het HP-apparaat alsstandaardprinterstuurprogramma is ingesteld (alleen Windows). 89Controleer of de service HP Network Devices Support wordt uitgevoerd (alleenin Windows). 89Hardwareadressen aan een WAP (Wireless Access Point) toevoegen. 90Installatieproblemen oplossen. 90Suggesties voor hardware-installatie. 90Suggesties voor hardware-installatie.

91Netwerkproblemen oplossen. 91Papierstoringen verhelpen. 93Verhelp een storing in het apparaat. 93Tips voor het vermijden van storingen. 94fout-. 95Printkop(pen) ontbreekt/ontbreken - Volgende printkop ontbreekt, is nietgedetecteerd, of niet goed geplaatst. 95Incompatibele printkop - Volgende printkop is niet geschikt voor deze printer. 95Probleem met de printkop - Volgende printkop vertoont een probleem. 96Apparaat niet aangesloten. 96De inktpatroon moet binnenkort worden vervangen - Vervang volgend inktpatroonbinnenkort. 96Probleem met inktpatroon - Volgend inktpatroon ontbreekt of is beschadigd. 96Probleem met inktpatroon - Volgend inktpatroon moet worden vervangen. 96Verkeerd papier - Papier dat werd gedetecteerd komt niet overeen met hetgeselecteerde formaat of type. 96De inktpatroonhouder kan niet bewegen. Schakel het apparaat uit.

Laad papier in de printer en druk op de doorgaanknopop de voorkant van de printer. 97Incompatibele cartridge(s) - Volgende cartridge is niet geschikt voor deze printer. 97Printer off line gebruiken - Uw printer is momenteel offline. 97Printer gepauzeerd - Uw printer is momenteel gepauzeerd. 98Het document kan niet worden afgedrukt - De taak werd onderbroken vanwege eenfout in het afdruksysteem. 98Algemene afdrukfout. 986 Lampjes van het bedieningspaneelBetekenis van de lampjes van het bedieningspaneel. 99A HP-benodigdheden en -accessoiresAfdrukbenodigdheden online bestellen. 105Accessores. 1054.

1Aan de slag In deze handleiding vindt u details over het gebruik van het apparaat en het oplossenvan problemen.•Andere bronnen over het product zoeken•Het modelnummer van het apparaat zoeken•Toegankelijkheid•De onderdelen van het apparaat kennen•Informatie over verbindingen•Het apparaat uitschakelen•Eco-tipsAndere bronnen over het product zoeken Voor productinformatie en hulpmiddelen voor het oplossen van problemen die niet indeze handleiding zijn opgenomen, zijn de volgende informatiebronnen beschikbaar:Bron Beschrijving LocatieInstallatieposter Bevat geïllustreerdeinstallatieaanwijzingen.Een gedrukte versie van ditdocument is bij het apparaatmeegeleverd.

Het is ookbeschikbaar op de HP-website www.hp.com/support.Leesmij-bestand en release-infoDeze bieden de laatsteinformatie en tips voor hetoplossen van problemen.Staat op de Starter-cd.Beknopte handleiding voordraadloze installatie (alleenbij sommige modellen)Bevat aanwijzingen voor hetinstalleren van de draadlozefunctie van het apparaat.Een gedrukte versie van hetdocument is bij het apparaatmeegeleverd.Hulpprogramma's voorapparaatbeheer(netwerkverbinding)Hiermee kuntu statusinformatie bekijken,instellingen wijzigen en hetapparaat beheren.Raadpleeg Geïntegreerdewebserver voor meerinformatie.Beschikbaar vanaf eencomputer met een verbinding.HP Werkset (Microsoft®Windows®)Biedt informatie over destatus van printkoppen engeeft toegang tot servicesvoor onderhoud.Raadpleeg HP Werkset(Windows) voor meerinformatie.Normaal samen met desoftware van het apparaatgeïnstalleerd.HP Printerprogramma (MacOS X)Bevat hulpmiddelen voor hetconfigureren vanNormaal samen met desoftware van het apparaatgeïnstalleerd.Aan de slag 7

Bron Beschrijving Locatieafdrukinstellingen, hetkalibreren van het apparaat,het reinigen van deprintkoppen, het afdrukkenvan de configuratiepagina, enhet zoeken van hulp op dewebsite.Raadpleeg HPPrinterhulpprogramma (MacOS X) voor meer informatie.Bedieningspaneel Geeft status-, fout- enwaarschuwingsinformatieover de werking.Raadpleeg Bedieningspaneelvoor meer informatie.Logs en rapporten Biedt informatie overgebeurtenissen die hebbenplaatsgevonden.Raadpleeg Het apparaatcontroleren voor meerinformatie.Configuratiepagina•Apparaatgegevens:◦Naam van product◦Modelnummer◦Serienummer◦Versienummer vande firmware•Geïnstalleerdeaccessoires (bijvoorbeeldlade 2)•Het aantal afgedruktepagina's uit de lades enaccessoires•Afdrukken statusbenodigdhedenRaadpleeg De diagnostischezelftestpagina begrijpen voormeer informatie.Pagina diagnostiek vanafdrukkwaliteit afdrukkenHiermee kunt u nagaan of erproblemen zijn die invloedhebben op de afdrukkwaliteiten kunt u beter beslissen ofhet nodig is om eenonderhoud uit te voeren omde kwaliteit van uw afdrukkente verbeteren.Raadpleeg De paginaDiagnostiek vanafdrukkwaliteit afdrukkenvoor meer informatie.HP-websites Biedt de meest recenteprintersoftware en product-en ondersteuningsinformatie.www.hp.com/supportwww.hp.comTelefonische ondersteuningvan HPBevat contactinformatie vanHP.Raadpleeg Telefonischeondersteuning van HP krijgenvoor meer informatie.HP Solution Center (Windows) Hiermee kunt u instellingenvan het apparaat wijzigen,benodigdheden bestellen,starten en de Help op hetscherm openen.

Bron Beschrijving Locatievan de apparaten die werdengeïnstalleerd, geeft het HPSolution Center extrafuncties, zoals toegang tot debeeldbewerkingssoftwarevan HP en defaxinstallatiewizard. Raadpleeg Gebruik het HPSolution Center (Windows)voor meer informatie. Het modelnummer van het apparaat zoekenNaast de naam van het model die wordt weergegeven aan de voorkant van hetapparaat, beschikt dit apparaat ook over een specifiek modelnummer. U kunt ditnummer gebruiken om te bepalen welke benodigdheden en accessoires beschikbaarzijn voor uw product, en wanneer u ondersteuning kunt krijgen. U vindt het modelnummer op een label dat zich in het apparaat bevindt, in de buurtvan de inktpatronen. ToegankelijkheidUw apparaat beschikt over een aantal functies die de printer toegankelijk maken voorgebruikers met bepaalde handicaps.

Visuele handicapDe software van het apparaat is geschikt voor gebruikers met een visuele handicap ofverminderd zicht dankzij de toegankelijkheidsopties en -functies van uwbesturingssysteem. Bovendien zijn er ondersteunende technieken beschikbaar voorgebruikers met een visuele beperking, zoals schermlezers, braillelezers enspraakherkenningstechnologie. Speciaal voor gebruikers die kleurenblind zijn, zijn degekleurde knoppen en tabbladen in de software en op het bedieningspaneel voorzienvan korte tekst of pictogramlabels die de functie ervan aangegeven. MobiliteitOm gebruikers met een beperkte mobiliteit te helpen, kunnen de softwarefuncties vanhet apparaat worden uitgevoerd met behulp van het toetsenbord. De softwareondersteunt ook Windows-toegankelijkheidsopties, zoals plaktoetsen, schakeltoetsen,filtertoetsen en muistoetsen.

De onderdelen van het apparaat kennen• Vooraanzicht•Bedieningspaneel•AchteraanzichtVooraanzicht1 Bedieningspaneel2 Uitvoerlade3 Lade 14 Breedtegeleiders5 Inktcartridgeklep6 Inktcartridges7 Printkopvergrendeling8 Printkoppen9 Lade 2 (Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie Accessores voor bestelinformatie.)Hoofdstuk 110Aan de slag

BedieningspaneelZie Lampjes van het bedieningspaneel voor meer informatie over het aflezen van delampjes op het bedieningspaneel.1 Inktpatroonlampjes2 PrintkoplampjesOpmerking De printkoplampjes branden enkel wanneer er een probleem is met een vande printkoppen.3Netwerkknop (beschikbaar op sommige modellen)Draadloosknop (beschikbaar op sommige modellen)4Annuleren knop5Doorgaan knop en lampje6 Knop en lampje Aan/UitAchteraanzicht1 Stroomaansluiting2 Ethernet-netwerkpoort3 USB (Universal Serial Bus)-poort achteraan4 Automatisch accessoire voor dubbelzijdig afdrukken (duplexeenheid)5 Vergrendeling van de achterklep van de duplexeenheidDe onderdelen van het apparaat kennen11

Informatie over verbindingenBeschrijving Aanbevolen aantalaangeslotencomputers voor debeste prestatiesOndersteundesoftwarefunctiesInstructies bij deinstallatieUSB-aansluitingEén computer die viaeen USB-kabel isaangesloten op desnelle USB 2. 0-poortaan de achterzijde vanhet apparaat. Alle functies wordenondersteund. Zie de installatiepostervoor uitgebreideinstructies. Ethernet-verbinding (viakabel)Maximaal vijf computersdie aan het apparaatzijn aangesloten via eenhub of een router. Alle functies wordenondersteund. Volg de instructies in deBeknopte handleidingen raadpleegvervolgens Het apparaatdelen op een lokaalgedeeld netwerk in dezehandleiding voorverdere instructies. Printers delenMaximaal vijf computers. De hostcomputer moetaltijd aanstaan, anderskunnen de anderecomputers niet op hetapparaat afdrukken. Alle functies die op dehostcomputer aanwezigzijn, wordenondersteund.

Alleenafdrukken wordt vanafde andere computersondersteund. Volg de instructies in hetgedeelte Het apparaatdelen op een lokaalgedeeld netwerk. 802. 11 draadloos(alleen bepaaldemodellen)Maximaal vijf computersdie aan het apparaatzijn aangesloten via eenhub of een router. Alle functies wordenondersteund. Volg de instructies in hetgedeelte Het apparaatinstalleren voordraadloze communicatie(alleen sommigemodellen). Het apparaat uitschakelenSchakel het HP-product uit door te drukken op de knop Aan/uit die zich op hetapparaat bevindt. Wacht tot wanneer het aan/uit-lampje brandt voordat u het netsnoeruittrekt of een stopcontact uitschakelt. Als u het HP-product niet op de juiste manieruitschakelt, beweegt de printcartridge mogelijk niet naar de uitgangspositie. Dit kanproblemen veroorzaken met de printkoppen en de afdrukkwaliteit.

dit product, kunt u ook de HP Eco Solutions-website bezoeken voor meer informatieover de milieu-initiatieven van HP.www.hp.com/hpinfo/globalcitizenship/environment/• Dubbelzijdig afdrukken: Maak gebruik van papierbesparende printing omdocumenten dubbelzijdig af te drukken met meerdere pagina's op hetzelfde vel ompapiergebruik te reduceren. Zie Afdrukken op beide zijden van de pagina(dubbelzijdig afdrukken) voor meer informatie.• Smart Web printing: De HP Smart Web Printing-interface omvat een vensterClipboek en Clips bewerken waarin u clips die u op het web hebt verzameld,kunt opslaan, organiseren, of afdrukken.

2De accessoires installerenDit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•De duplexeenheid installeren•Lade 2 installeren•Accessoires inschakelen in de printerdriverDe duplexeenheid installerenU kunt automatisch op beide zijden van een vel papier afdrukken. Zie Afdrukken opbeide zijden van de pagina (dubbelzijdig afdrukken) voor informatie over het gebruikvan de duplexeenheid.Zo installeert u de duplexeenheid.▲ Schuif de duplexeenheid in het apparaat totdat deze vastklikt. Druk bij deinstallatie niet op de knoppen aan weerszijden van de duplexeenheid, maargebruik de knoppen alleen om de eenheid uit de printer te verwijderen.Lade 2 installerenOpmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie Accessores voorbestelinformatie.Lade 2 kan maximaal 250 vellen normaal papier bevatten.Lade 2 installeren als volgt.1.

Pak de lade uit, verwijder verpakkingstape en -materiaal en breng de lade naar devoorbereide locatie. Het oppervlak moet stevig en vlak zijn.2. Schakel het apparaat uit en koppel het netsnoer los.3. Plaats het apparaat boven op de lade.Let op Plaats uw vingers en handen niet aan de onderzijde van het apparaat.4. Sluit het netsnoer aan en zet het apparaat aan.5. Activeer lade 2 in het printerstuurprogramma. Zie Accessoires inschakelen in deprinterdriver voor meer informatie.14De accessoires installeren

Accessoires inschakelen in de printerdriver• Accessoires inschakelen op computers met Windows•Accessoires inschakelen op computers met MacintoshAccessoires inschakelen op computers met WindowsAls de software van het apparaat geïnstalleerd is op een computer met Windows,moet lade 2 in de printerdriver worden ingeschakeld om deze met het apparaat tekunnen laten werken. (De duplexeenheid moet niet worden ingeschakeld.)1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers en faxapparaten.-of-Klik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers.2. Klik met de rechtermuisknop op het betreffende printerstuurprogramma en klik opEigenschappen.3. Kies een van de volgende tabbladen: Configuratie, instellingen apparaat, ofApparaatopties. (De naam van het tabblad is afhankelijk van hetprinterstuurprogramma en het besturingssysteem.)4.

Klik op het geselecteerde tabblad het accessoire dat u wilt inschakelen, klikGeïnstalleerd uit het vervolgmenu en klik vervolgens op OK.Accessoires inschakelen op computers met MacintoshMac OS X schakelt in de printerdriver automatisch alle accessoires in bij hetinstalleren van de software van het apparaat. Doe het volgende als u later een nieuwaccessoire toevoegt:Mac OS X (v10.4)1. Dubbelklik op Macintosh HD, dubbelklik op Programma's, dubbelklik opHulpprogramma's, en dubbelklik op Installatieprogramma voor printer.2. Klik in de Lijst met printers op het apparaat dat u wilt installeren.3. Kies Toon info in het menu Printers.4. Klik in het vervolgmenu Namen en locaties op Installeerbare opties.5. Vink het accessoire aan dat u wilt activeren.6. Klik op Toepassen .Mac OS X (v10.5)1. Open deSysteemvoorkeuren en selecteer Afdrukken en faxen.2. Klik op Opties en benodigdheden.3.

3Het apparaat gebruikenDit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•Afdrukmateriaal selecteren•Afdrukmateriaal plaatsen•Lades configureren•De afdrukinstellingen wijzigen•Afdrukken op beide zijden van de pagina (dubbelzijdig afdrukken)•Afdrukken op aangepast afdrukmateriaalformaat•Afdrukken zonder randen•Een webpagina afdrukken (enkel Windows)•Een afdruktaak annulerenAfdrukmateriaal selecterenHet apparaat is geschikt voor gebruik met de meeste soorten afdrukmateriaal. Wijraden u aan om eerst een aantal soorten afdrukmateriaal uit te proberen voordatu grote hoeveelheden aanschaft. Gebruik HP papier voor het beste afdrukresultaat.Ga naar de website van HP op www.hp.com om meer te weten over afdrukmateriaalvan HP.HP beveelt gewoon papier met het ColorLok-logo aan voor hetafdrukken en kopiëren van alledaagse documenten.

Zoek naar papiermet het ColorLok-logo dat bestaat in verscheidene formaten engewichten en gemaakt wordt door verschillende fabrikanten.Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen:•Papiersoorten aanbevolen voor afdrukken•Tips voor het selecteren en gebruiken van afdrukmateriaal•Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaal•Minimummarges instellenPapiersoorten aanbevolen voor afdrukkenVoor een optimale afdrukkwaliteit adviseren wij u alleen HP-papier te gebruiken datvoor deze bepaalde afdruktaak is bedoeld.Het is mogelijk dat in uw land/regio bepaalde papiersoorten niet beschikbaar zijn.HP brochurepapier Papier met aan beide zijden een glanzend of mat gecoate laag voordubbelzijdig afdrukken. Dit papier is een ideale keuze voor16Het apparaat gebruiken

HP SuperiorInkjetpapierreproducties van fotokwaliteit, omslagen van bedrijfsrapporten,speciale presentaties, brochures, mailings en kalenders. HP Bright White InkjetPapierHP Bright White Inkjet Papier levert contrastrijke kleuren en scherpafgedrukte tekst op. Dit papier is dik genoeg voor dubbelzijdigafdrukken in kleur, zodat het ideaal is voor nieuwsbrieven, rapportenen folders. Met ColorLok-technologie voor minder inktuitloop,donkerder zwart en levendiger kleuren. HP-afdrukpapier HP Printing Papier is multifunctioneel papier van hoge kwaliteit. Hiermee vervaardigt u documenten die er veel professioneler uitziendan documenten die op standaardpapier of kopieerpapier zijnafgedrukt. Met ColorLok-technologie voor minder inktuitloop,donkerder zwart en levendiger kleuren. Het bevat geen zurenwaardoor de levensduur van de documenten wordt verlengd.

HP Office papier HP Office Papier is multifunctioneel papier van hoge kwaliteit. Het isgeschikt voor kopieën, concepten, memo's en andere dagdagelijksedocumenten. Met ColorLok-technologie voor minder inktuitloop,donkerder zwart en levendiger kleuren. Het bevat geen zurenwaardoor de levensduur van de documenten wordt verlengdHP Multipurpose papier HP Multipurpose Papier is multifunctioneel papier van hoge kwaliteit. Met ColorLok-technologie voor minder inktuitloop, donkerder zwarten levendiger kleuren. Het bevat geen zuren waardoor delevensduur van de documenten wordt verlengd. HP PremiumpresentatiepapierHP Professional PapierDit heavyweight papier met aan beide zijden een mat gecoate laag isperfect voor presentaties, voorstellen, rapporten en nieuwsbrieven. Ze zijn heavyweight en bieden daardoor een indrukwekkendehoogwaardige uitstraling.

HP PremiumtransparantenHP Premium Inkjet Transparency Film maakt uw presentaties inkleur meer levendig en nog indrukwekkender. Deze transparantenzijn gemakkelijk in het gebruik en drogen snel en zonder vlekken.

HP AdvancedfotopapierDit dik fotopapier heeft een speciale afwerking die ervoor zorgt datde inkt onmiddellijk droogt, zodat u de afdrukken gemakkelijk envlekkeloos kunt verwerken. Dergelijke foto's zijn bestand tegenwater, vegen, vingerafdrukken en vochtigheid. De foto's die u opdeze papiersoort afdrukt, lijken op foto’s die u in een winkel hebtlaten afdrukken. Dit papier is verkrijgbaar in diverse formaten,waaronder A4, 8. 5 x 11 inch, 10 x 15 cm (4 x 6 inch), 13 x 18 cm (5x 7 inch) en twee afwerkingen – hoogglanzend of licht glanzend(satijn mat). Het bevat geen zuren waardoor de levensduur van dedocumenten wordt verlengd. HP EverydayFotopapierDruk kleurrijke, alledaagse foto's voor een lage prijs op papier dat isontworpen voor het afdrukken van gewone foto's. Dit betaalbarefotopapier droogt snel zodat u de afdrukken gemakkelijk kuntverwerken.

Verkrijg scherpe, heldere afbeeldingen wanneer u ditpapier gebruikt in een inktjetprinter. Verkrijgbaar in mat in 8. 5 x 11inch, A4, en 10 x 15 cm (4 x 6 inch). Het bevat geen zuren waardoorde levensduur van de documenten wordt verlengd. Als u papier en andere materialen van HP wilt bestellen, gaat u naar www. hp. com/buy/supplies. Selecteer desgevraagd uw land/regio, volg de aanwijzingen om uw productte selecteren en klik vervolgens op een van de koppelingen voor bestellingen op depagina. (vervolg)Afdrukmateriaal selecteren17.

Opmerking Momenteel zijn bepaalde onderdelen van de website van HP alleenbeschikbaar in het Engels. HP Photo Value Packs:HP Photo Value Packs zijn pakketten die originele inktpatronen van HP en HPAdvanced Photo Papier bevatten waardoor u tijd bespaart en u niet meer hoeft na tedenken over het afdrukken van betaalbare professionele foto's met uw HP-printer. Originele HP-inkt en HP Advanced Photo Papier zijn op elkaar afgestemd zodat delevensduur van uw foto's wordt verlengd en uw foto's, afdruk na afdruk, levendig zijn. Zeer geschikt voor het afdrukken van een vakantie vol foto's of meerdere afdrukkendie men kan delen. Tips voor het selecteren en gebruiken van afdrukmateriaalVoor de beste resultaten moet u zich aan de volgende richtlijnen houden:• Gebruik altijd afdrukmateriaal dat voldoet aan de specificaties van het apparaat.

Raadpleeg Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaal voormeer informatie. • Plaats slechts één papiersoort tegelijkertijd in een lade. Als u een speciaal soortafdrukmateriaal bovenop gewoon afdrukmateriaal plaatst, kan het papier vastlopenof de afdruk onjuist zijn. • Voor lade 1 en lade 2 plaatst u het papier met de afdrukzijde naar beneden entegen de achterkant van de lade. Centreer het afdrukmateriaal in de invoerlade enstel de papierlengtegeleiders in. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. Opmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie Accessores voorbestelinformatie. • Lade 2 is uitsluitend geschikt voor normaal papier. • Plaats niet te veel papier. Zie Informatie over de specificaties van ondersteundafdrukmateriaal voor meer informatie. HP beveelt aan om speciaal afdrukmateriaalniet hoger te laden dan 2/3 vol.

• Om vastgelopen papier, een slechte afdrukkwaliteit en andere printerproblemen tevoorkomen, kunt u het volgende afdrukmateriaal het beste vermijden:◦ Formulieren die uit meerdere delen bestaan◦ Afdrukmateriaal dat is beschadigd, gekruld of verkreukeld◦ Afdrukmateriaal met inkepingen of perforaties◦ Afdrukmateriaal met een zware textuur of reliëf of afdrukmateriaal dat inkt nietgoed absorbeert◦ Afdrukmateriaal dat te dun is of gemakkelijk kan worden uitgerektHoofdstuk 318Het apparaat gebruiken.

Kaarten en enveloppen• Gebruik geen enveloppen met een hele gladde afwerking, zelfklevende randen,sluitingen of vensters. Gebruik ook geen kaarten en enveloppen met dikke,onregelmatige of gekrulde randen of enveloppen die gekreukt, gescheurd ofanderszins beschadigd zijn.• Gebruik platte, strak gevouwen enveloppen.• Zorg ervoor dat de enveloppen met de flappen omhoog en aan de rechter- of deachterkant van het apparaat worden geladen.Fotopapier• Gebruik de modus Beste voor het afdrukken van foto’s. In deze modus neemt hetafdrukken meer tijd in beslag omdat meer computergeheugen vereist is.• Verwijder elk vel dat uit de printer komt en leg het weg om te drogen.

Wanneer natafdrukmateriaal zich opstapelt kunnen vlekken ontstaan.Transparanten• Plaats transparanten met de ruwe kant naar beneden en de plakstrip wijzend naarde achterzijde van het apparaat.• Verwijder elk vel dat uit de printer komt en leg het weg om te drogen. Wanneer natafdrukmateriaal zich opstapelt kunnen vlekken ontstaan.Speciaal papierformaat• Gebruik alleen speciaal papierformaat dat wordt ondersteund door het apparaat.• Als uw toepassing speciaal papierformaat ondersteunt, stelt u het papierformaateerst in de toepassing in voordat u het document afdrukt. Zo niet, stelt u hetpapierformaat in het printerstuurprogramma in.

U moet wellicht de opmaak vanbestaande documenten aanpassen om deze correct te kunnen afdrukken opspeciaal afdrukformaat.Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaalMet de tabellen Ondersteunde formaten kennen en Informatie over ondersteundetypes en gewichten van afdrukmaterialen kunt u bepalen welke media goed zijn vooruw apparaat en welke functies bij uw papier zullen functioneren.Afdrukmateriaal selecteren19

Let erop dat u de juiste mediatype-instellingen in het printerstuurprogramma gebruikt,en configureer de lades voor het juiste mediatype. HP adviseert dat u papiersoortenuitprobeert voordat u grote hoeveelheden aanschaft.•Ondersteunde formaten kennen•Informatie over ondersteunde types en gewichten van afdrukmaterialenOndersteunde formaten kennenOpmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie Accessores voorbestelinformatie.Papierformaat Lade 1 Lade 2DuplexeenheidStandaardformaten afdrukmateriaalU.S. Letter (216 x 279 mm; 8,5 x 11 inches)216 x 330 mm (8,5 x 13 inches) U.S. Legal (216 x 356 mm; 8,5 x 14 inches) A4 (210 x 297 mm; 8,3 x 11,7 inches)U.S. Executive (184 x 267 mm; 7,25x 10,5 inches)U.S.

Statement8,5 x 13 inchB5A5KaartenSpeciaal papierformaatAfdrukmateriaal voor foto's3,3 mm (0,13inch)3,3 mm (0,13inch)3,3 mm (0,13inch)3,3 mm (0,13inch)Enveloppen 3,3 mm (0,13inch)3,3 mm (0,13inch)16,5 mm(0,65 inch)16,5 mm(0,65 inch)Opmerking Als u de automatische duplexeenheid gebruikt om dubbelzijdig af tedrukken, mogen de minimummarges boven en onder niet groter zijn dan 12 mm(0,47 inch).Opmerking Voor Mac OS X is de minimale ondermarge voor alleafdrukmaterialen (behalve enveloppen, Hagaki, en Ofuku Hagaki) 12 mm (0,47inch).Afdrukmateriaal plaatsenDit gedeelte bevat aanwijzingen voor het plaatsen van afdrukmateriaal in het apparaat.Afdrukmateriaal plaatsen23

Opmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire. Zie Accessores voorbestelinformatie.Lade 1 vullen (hoofdlade)1. Trek de uitvoerlade naar boven.2. Schuif de materiaalgeleiders naar buiten in de breedste instelling.3. Schuif het afdrukmateriaal met afdrukzijde naar beneden in het midden van delade, zorg dat het afdrukmateriaal niet over de lijnmarkering in de lade hangt.Schuif de papierbreedtegeleiders naar het midden tot wanneer ze de linker- enrechterkant van het afdrukmateriaal raken, en duw de papierstapel zachtjes tottegen de achterkant van de lade.Opmerking Vul nooit papier bij als het apparaat nog aan het afdrukken is.4. Klap de uitvoerlade omlaag.5. Trek het verlengstuk op de uitvoerlade uit.Opmerking Als het afdrukmateriaal langer is dan 11 inch, trekt u hetverlengstuk uit tot in de maximum positie.Hoofdstuk 324Het apparaat gebruiken

Lade 2 vullen1. Pak de lade onder aan de voorkant vast en trek de lade uit het apparaat.2. Schuif de materiaalgeleiders naar buiten in de breedste instelling.3. Schuif het afdrukmateriaal met afdrukzijde naar beneden in het midden van delade, zorg dat het afdrukmateriaal niet over de lijnmarkering in de lade hangt.Schuif de papierbreedtegeleiders naar het midden tot wanneer ze de linker- enrechterkant van het afdrukmateriaal raken, en duw de papierstapel zachtjes tottegen de achterkant van de lade.Opmerking Vul nooit papier bij als het apparaat nog aan het afdrukken is.4. Plaats de lade voorzichtig terug.5. Trek het verlengstuk op de uitvoerlade uit.Opmerking Als het afdrukmateriaal langer is dan 11 inch, trekt u hetverlengstuk uit tot in de maximum positie.Lades configurerenOpmerking Lade 2 wordt verkocht als een accessoire.

Zie Accessores voorbestelinformatie.Om lades te configureren, moet lade 2 geïnstalleerd en ingeschakeld zijn in deprinterdriver.Het afdrukmateriaal wordt standaard uit lade 1 ingevoerd. Als lade 1 leeg is, wordt hetafdrukmateriaal uit lade 2 gehaald (indien geïnstalleerd en gevuld metafdrukmateriaal). Met de volgende functies kunt u deze standaardinstelling wijzigen:• Ladevergrendeling: hiermee kunt u voorkomen dat speciaal afdrukmateriaal,zoals afdrukmateriaal met een briefhoofd en voorbedrukt papier, per ongeluk wordtgebruikt.

Als het afdrukmateriaal tijdens het afdrukken opraakt, wordt geenmateriaal uit een vergrendelde lade gebruikt om de afdruktaak te voltooien.• Standaardlade: met deze functie kunt u bepalen welke lade eerst wordt gebruiktom afdrukmateriaal te laden.Opmerking Als u de ladevergrendeling en standaard lade-instellingen wiltgebruiken, moet u de optie voor automatische ladeselectie selecteren in desoftware van het apparaat. Als het apparaat is aangesloten op een netwerk enu een standaardlade instelt, geldt deze instelling voor alle gebruikers van hetapparaat.Lades configureren25

Lade 2 is uitsluitend geschikt voor normaal papier. De volgende tabel geeft een overzicht van de verschillende manieren waarop u depapierlades kunt gebruiken. Ik wil… Voer de volgende stappen uitIn beide lades hetzelfde afdrukmateriaalplaatsen en de printer afdrukmateriaal vaneen lade laten namen als de andere leeg is. •Plaats het afdrukmateriaal in lade 1 enlade 2. Zie Afdrukmateriaal plaatsen voormeer informatie. •Controleer of de ladevergrendeling isuitgeschakeld. Zowel speciaal afdrukmateriaal (zoalstransparanten of briefpapier) als gewoonpapier in de lades plaatsen. •Plaats speciaal afdrukmateriaal in lade 1en gewoon papier in lade 2. •Controleer of lade 2 de standaardlade is. •Controleer of de ladevergrendeling isingesteld voor lade 1. Afdrukmateriaal in beide lades plaatsen maarhet apparaat eerst afdrukmateriaal latennemen uit een specifieke lade.

•Plaats afdrukmateriaal in lade 1 en lade 2. •Controleer of de juiste lade alsstandaardlade is ingesteld. De lades configureren1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld. 2. Voer één van de volgende handelingen uit:• Geïntegreerde webserver: Open het tabblad Instellingen en klik opPapierverwerking in het linkerdeelvenster. • HP Werkset (Windows): Klik op het tabblad Printerservice en klik opPapierverwerking. • HP Printerprogramma (Mac OS X): Klik op Ladeconfiguratie in hetdeelvenster Printerinstellingen. 3. Stel de gewenste lade-instellingen in en klik op OK of Toepassen. De afdrukinstellingen wijzigenU kunt de afdrukinstellingen (zoals papierformaat of -soort) wijzigen vanuit eentoepassing of de driver van de printer. Wijzigingen in een toepassing hebben voorrangop wijzigingen in de driver van de printer.

Raadpleeg de online Help bij de printerdriver van Windows voor meer informatieover de functies van de driver. Voor meer informatie over het afdrukken vanuit eenspecifieke toepassing kunt u de documentatie van de betreffende toepassingraadplegen. • Instellingen voor huidige taken aanpassen vanuit een toepassing (Windows)•De standaardinstellingen wijzigen voor alle toekomstige taken (Windows)•Instellingen wijzigen (Mac OS X)Hoofdstuk 326Het apparaat gebruiken.

Instellingen voor huidige taken aanpassen vanuit een toepassing (Windows)1. Open het document dat u wilt afdrukken. 2. Klik in het menu Bestand op Afdrukken en klik vervolgens op Instellingen,Eigenschappen of Voorkeuren. (Specifieke opties kunnen afwijken, afhankelijkvan de software die u gebruikt. )3. Kies de gewenste snelkoppeling voor afdrukken en klik op OK, Afdrukken of eengelijkaardige taak. De standaardinstellingen wijzigen voor alle toekomstige taken (Windows)1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers en faxapparaten. -of-Klik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers. Opmerking Voer het wachtwoord van de beheerder van de computer in alsdit wordt gevraagd. 2. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van de printer en klik opEigenschappen, Standaardinstellingen voor document ofVoorkeursinstellingen voor afdrukken. 3.

Wijzig de gewenste instellingen en klik vervolgens op OK. Instellingen wijzigen (Mac OS X)1. Klik op Pagina-instelling in het menu Bestand. Opmerking In Mac OS X (v10. 5) hebben sommige programma's geen menuPagina-instelling omdat het deel uitmaakt van het menu Afdrukken. 2. Wijzig de gewenste instellingen (zoals papierformaat) en klik vervolgens op OK. 3. Klik in het menu Bestand op Afdrukken om het printerstuurprogramma te openen. 4. Wijzig de gewenste instellingen (zoals het type afdrukmateriaal) en klik vervolgensop OK of Afdrukken. Afdrukken op beide zijden van de pagina (dubbelzijdigafdrukken)U kunt een vel dubbelzijdig afdrukken. Dit kan automatisch met het accessoire voorautomatisch dubbelzijdig afdrukken (duplexeenheid) of handmatig door hetafdrukmateriaal om te draaien en opnieuw in het apparaat in te voeren.

• Bedruk nooit beide zijden van transparanten, enveloppen, fotopapier, glanzendafdrukmateriaal of papier dat lichter is dan 60 g/m2 of zwaarder dan 105 g/m2. Deze soorten afdrukmateriaal kunnen vastlopen. • Bij verschillende afdrukmaterialen is het bij dubbelzijdig afdrukken vereist dat hetmateriaal in een bepaalde richting wordt ingevoerd. Dit geldt bijvoorbeeld voorpapier met briefhoofd, voorbedrukt papier en papier met een watermerk ofvoorgeperforeerd papier. Wanneer u afdrukt vanuit Windows, wordt de voorkantvan het afdrukmateriaal eerst afgedrukt. Wanneer u afdrukt vanuit Mac OS X,wordt eerst de achterkant afgedrukt. Plaats het afdrukmateraal met de voorzijdenaar beneden. • Wanneer één kant van het afdrukmateriaal is afgedrukt, wordt bij automatischdubbelzijdig afdrukken het materiaal in het apparaat vastgehouden om de inkt telaten drogen.

Wanneer de inkt droog is, wordt het afdrukmateriaal opnieuwingevoerd in het apparaat en wordt de andere kant afgedrukt. Wanneer beidezijden van het afdrukmateriaal zijn afgedrukt, wordt het afdrukmateriaal uitgevoerdin de uitvoerlade. Pak het afgedrukte materiaal pas nadat het afdrukken is voltooid. • U kunt op beide zijden van ondersteunde, speciale afdrukmateriaalformatenafdrukken door het afdrukmateriaal om te draaien en opnieuw in het apparaat tevoeren. Raadpleeg Informatie over de specificaties van ondersteundafdrukmateriaal voor meer informatie. Dubbelzijdig afdrukkenOpmerking U kunt handmatig dubbelzijdig afdrukken door eerst de onevengenummerde pagina’s af te drukken, de pagina’s om te draaien en vervolgens deeven genummerde pagina’s af te drukken. Automatisch afdrukken op beide zijden van een pagina (Windows)1. Plaats het juiste afdrukmateriaal.

Open het af te drukken document, klik in het menu Bestand op Afdrukken enselecteer vervolgens op een snelkoppeling voor afdrukken. 4. Pas eventueel andere instellingen aan en klik op OK. 5. Druk het document af. Automatisch afdrukken op beide zijden van een pagina (Mac OS X)1. Plaats het juiste afdrukmateriaal. Zie Richtlijnen voor dubbelzijdig afdrukken enAfdrukmateriaal plaatsen voor meer informatie. 2. Zorg ervoor dat de duplexeenheid correct is geplaatst. Raadpleeg Deduplexeenheid installeren voor meer informatie. 3. Controleer of u de juiste printer en het juiste paginaformaat gebruikt in de Pagina-instellingen. 4. Klik op Afdrukken in het menu Bestand. 5. Selecteer Aantal en pagina's in het de vervolgkeuzelijst. 6. Selecteer de optie Dubbelzijdig afdrukken. Hoofdstuk 328Het apparaat gebruiken.

7. Selecteer de bindrichting door te klikken op het bijbehorende pictogram.8. Pas eventueel andere instellingen aan en klik op Afdrukken.Afdrukken op aangepast afdrukmateriaalformaat Afdrukken op speciaal papierformaat (Windows)1. Plaats het juiste afdrukmateriaal. Raadpleeg Afdrukmateriaal plaatsen voor meerinformatie.2. Kies wanneer een document is geopend de opdracht Afdrukken in het menuBestand en klik vervolgens op Instellingen, Eigenschappen of Voorkeuren.3. Klik op het tabblad Functies.4. Selecteer het materiaalformaat in de vervolgkeuzelijst Formaat. Als u het formaatvan het afdrukmateriaal niet ziet, maakt u een aangepast formaat aan.Een speciaal papierformaat instellena. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Aangepast.b. Typ een naam voor het nieuwe aangepaste formaat.c. Bij Breedte en Hoogte voert u de afmetingen in en vervolgens klikt u opOpslaan.d.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met HP Officejet Pro 8000 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden