HP LaserJet M5039 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van HP LaserJet M5039 (294 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 35 mensen. Heb je een vraag over HP LaserJet M5039 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | HP |
| Categorie: | Printer |
| Model: | LaserJet M5039 |
Handleiding HP LaserJet M5039 – volledige tekst
Copyright en licentie© 2010 Copyright Hewlett-PackardDevelopment Company, L.P.Verveelvoudiging, bewerking en vertalingzonder voorafgaande schriftelijketoestemming zijn verboden, behalve zoalstoegestaan door het auteursrecht.De informatie in dit document kan zondervooraankondiging worden gewijzigd.De enige garantie voor producten enservices van HP wordt uiteengezet in degarantieverklaring die bij dergelijkeproducten en services wordt geleverd. Nietsin deze verklaring mag worden opgevat alseen aanvullende garantie.
HP is nietaansprakelijk voor technische ofredactionele fouten of weglatingen in dezeverklaring.Onderdeelnummer: CE966-90907Edition 1, 03/2010HandelsmerkenAdobe®, Acrobat® en PostScript® zijnhandelsmerken van Adobe SystemsIncorporated.Linux is een in de Verenigde Statengedeponeerd handelsmerk van LinusTorvalds.Microsoft®, Windows® en Windows NT® zijnin de Verenigde Staten gedeponeerdehandelsmerken van Microsoft Corporation.UNIX® is een gedeponeerd handelsmerkvan The Open Group.ENERGY STAR® en het ENERGY STAR-logo® zijn in de Verenigde Statengedeponeerde handelsmerken van hetEnvironmental Protection Agency (bureauvoor milieubescherming van de overheidvan de VS).
Inhoudsopgave1 Basisinformatie. 1Apparaatfuncties. 2Vergelijking tussen de functies. 3Rondleiding. 5Onderdelen van het apparaat. 5Interfacepoorten. 6Apparaatsoftware. 7Ondersteunde besturingssystemen. 7Ondersteunde printerdrivers. 7De juiste printerdriver selecteren. 7Universele printerdrivers. 8Driver-autoconfiguratie. 8Nu bijwerken. 8HP Driver Configuration. 9Prioriteit van afdrukinstellingen. 9De printerdrivers openen. 10Software voor Macintosh-computers. 10Software verwijderen uit het Macintosh-besturingssysteem. 11Hulpprogramma's. 11HP Web Jetadmin. 11Geïntegreerde webserver. 11Overige componenten en hulpprogramma's. 122 Bedieningspaneel. 13Het bedieningspaneel gebruiken. 14Indeling bedieningspaneel. 14Beginscherm. 15Knoppen op het aanraakscherm. 16Help-systeem op het bedieningspaneel. 16Het menu Beheer gebruiken. 17Navigeren in het menu Beheer. 17Menu Informatie.
6 Afdruktaken. 93Functies van de Windows-printerdriver gebruiken. 94Snelinstellingen maken en gebruiken. 94Watermerken gebruiken. 95Formaat van documenten wijzigen. 95Aangepast papierformaat instellen in de printerdriver. 96Ander papier gebruiken en omslagbladen afdrukken. 96Een lege eerste pagina afdrukken. 96Meerdere pagina's op een vel papier afdrukken. 96Op beide zijden van het papier afdrukken. 97Automatisch dubbelzijdig afdrukken gebruiken. 98Handmatig dubbelzijdig afdrukken. 98Pagina-indelingsopties voor dubbelzijdig afdrukken. 98Het tabblad Services gebruiken. 99Functies van de Macintosh-printerdriver gebruiken. 100Voorinstellingen maken en gebruiken. 100Een omslagblad afdrukken. 100Meerdere pagina's op een vel papier afdrukken. 101Op beide zijden van het papier afdrukken. 101Een afdruktaak annuleren. 103De huidige afdruktaak stoppen via het bedieningspaneel.
E-mailserverinstellingen configureren. 118Gateways zoeken. 119De SMTP-gateway zoeken via het bedieningspaneel. 119De SMTP-gateway zoeken vanuit een e-mailprogramma. 119Het scherm E-mail verzenden gebruiken. 121Basisfuncties voor e-mail uitvoeren. 122Documenten plaatsen. 122Documenten verzenden. 122Een document verzenden. 122De functie voor automatisch invullen gebruiken. 123Het adresboek gebruiken. 124Een lijst met ontvangers maken. 124Het lokale adresboek gebruiken. 124E-mailadressen toevoegen aan het lokale adresboek. 125E-mailadressen verwijderen uit het lokale adresboek. 125E-mailinstellingen wijzigen voor de huidige taak. 126Scannen naar een map. 127Scannen naar een workflow-bestemming. 1289 Faxen. 129Analoge fax. 130Het faxaccessoire installeren. 130Faxaccessoire op een telefoonlijn aansluiten. 133Faxfuncties configureren en gebruiken. 134Digitale fax.
13510 Het apparaat beheren en onderhouden. 137Informatiepagina’s gebruiken. 138E-mailwaarschuwingen configureren. 140De geïntegreerde webserver gebruiken. 141De geïntegreerde webserver openen via een netwerkverbinding. 141Gebieden van de geïntegreerde webserver. 142HP Web Jetadmin-software gebruiken. 144De HP Printer Utility voor Macintosh gebruiken. 145De HP Printer Utility openen. 145Functies van de HP Printer Utility. 145Benodigdheden beheren. 147Levensduur van benodigdheden. 147Vervangingstijden voor printcartridges (bij benadering). 147De printcartridge beheren. 147Opslag van printcartridges. 147Originele HP-printcartridges gebruiken. 147Beleid van HP ten aanzien van printcartridges die niet van HP zijn. 147NLWW vii.
Echtheidscontrole van printcartridges. 148HP fraudehotline en -website. 148Benodigdheden en onderdelen vervangen. 149Richtlijnen voor vervanging. 149De printcartridge vervangen. 149Preventief onderhoud uitvoeren. 151Preventief onderhoud van de afdrukmotor. 151De ADF-onderhoudskit. 152Het apparaat reinigen. 153De buitenkant reinigen. 153De glasplaat van de scanner reinigen. 153De onderzijde van de scannerklep reinigen. 154De ADF reinigen. 155De papierbaan reinigen. 156De scanner kalibreren. 15711 Problemen oplossen. 159Controlelijst voor het oplossen van problemen. 160Factoren die van invloed zijn op de prestaties. 160Stroomdiagram voor het oplossen van problemen. 161Algemene afdrukproblemen oplossen. 167Soorten berichten op het bedieningspaneel. 170Berichten op het bedieningspaneel. 171Veelvoorkomende oorzaken van papierstoringen. 180Storingslocaties. 181Storingsherstel.
183Storingen verhelpen. 184Storingen in de automatische documentinvoer (ADF) verhelpen. 184Storingen met de nietmachine/stapelaar verhelpen. 187Storingen in de uitvoerbaan verhelpen. 189Storingen in de optionele duplexeenheid verhelpen. 191Papierstoringen in het gebied rondom de printcartridge verhelpen. 192Storingen in het gebied rondom de invoerladen verhelpen. 194Verhelpen van storingen in het invoergedeelte van lade 1. 194Het verhelpen van storingen in de invoergedeelten van laden 2 en 3. 194Het verhelpen van storingen in de invoergedeelten van de optionele laden. 196Regelmatig terugkerende storingen verhelpen. 197Nietstoringen verhelpen. 199Problemen met de afdrukkwaliteit oplossen. 202Problemen met afdrukkwaliteit veroorzaakt door papier. 202Problemen met afdrukkwaliteit veroorzaakt door de omgeving. 202Problemen met afdrukkwaliteit veroorzaakt door papierstoringen.
Geheugen. 231Kabels en interfaces. 232Afdrukmateriaal. 232Bijlage B Specificaties. 235Productspecificaties. 236Stroomvoorziening. 237Akoestische emissie. 238Bedrijfsomgeving. 239Bijlage C Overheidsinformatie. 241FCC-voorschriften. 242Milieuvriendelijke producten. 243Milieubescherming. 243Ozonproductie. 243Lager energieverbruik. 243Tonerverbruik. 243Papierverbruik. 243Plastic onderdelen. 243Afdrukbenodigdheden voor HP LaserJet. 243Informatie over het programma voor het retourneren en recyclen van benodigdhedenvan HP. 244Papier. 244Materiaalbeperkingen. 245Voorschriften voor het afdanken van apparaten voor privé-huishoudens in deEuropese Unie. 245Material Safety Data Sheet (MSDS, chemiekaart). 246Meer informatie. 246Telecomverklaring. 247Conformiteitsverklaring. 248Veiligheidsverklaringen. 249Laserverklaring. 249Canadese DOC-voorschriften. 249VCCI-verklaring (Japan).
Vergelijking tussen de functiesFunctie OmschrijvingPrestaties●Processor van 460 MHzGebruikers-interface● Bedieningspaneel met grafisch aanraakscherm en Help op het bedieningspaneel● Printerdrivers voor Windows® en Macintosh●Geïntegreerde webserverPrinterdrivers●HP PCL 5● HP PCL 6● PostScript® 3-emulatieResolutie●FastRes 1200: geeft een afdrukkwaliteit van 1200 dots per inch (dpi) voor het snel afdrukken van tekst enafbeeldingen met een hoge kwaliteit voor professionele doeleinden● ProRes 1200: geeft een afdrukkwaliteit van 1200 dpi voor de beste kwaliteit in lijnwerk en illustratiesOpslagfuncties ● Harde schijf van 40 GB●Lettertypen, formulieren en andere macro's● Taak vasthoudenLettertypen ● 80 interne lettertypen beschikbaar voor PCL- en PostScript 3-emulatie● 80 schermlettertypen in TrueType-formaat beschikbaar bij de software● Er kunnen extra lettertypen worden toegevoegd door een USB-lettertypenkaart te installeren.Accessoires ● Faxfunctionaliteit ● Geïntegreerde stelling met drie invoerladen voor 500 vel.●Duplexeenheid ● Automatische nietmachine voor 30 pagina's en een uitvoerbak voor 500 vel● 100-pins 133-MHz DIMM-modules (Dual Inline Memory Module)Kopiëren enverzenden●Modi voor indelingen van tekst, afbeeldingen en combinaties van tekst en afbeeldingen● Een functie voor taakonderbreking (tussen exemplaren van kopieertaken)● Meerdere pagina's per vel●Animaties op het bedieningspaneel (bijvoorbeeld voor storingsherstel)● E-mailcompatibiliteit● Een sluimerfunctie die stroom bespaart●Automatisch dubbelzijdig (duplex) scannenOPMERKING: Voor dubbelzijdig kopiëren is een automatische duplexeenheid vereist.NLWW Vergelijking tussen de functies 3
Functie OmschrijvingConnectiviteit●Hi-Speed USB 2.0-aansluiting (een USB-A-connector voor de externe host, een externe USB-B connectorvoor een extern apparaat en twee USB-A-connectors voor interne hosts)● Volledig functionele geïntegreerde HP Jetdirect-printserver●HP Web Jetadmin-software● EIO-sleuf (Enhanced Input/Output)● FIH-connectorMilieu-voorzieningen●Instelling voor sluimervertraging● Voldoet aan ENERGY STAR®Toebehoren ● De statuspagina biedt informatie over het niveau van de toner, het aantal afgedrukte pagina's en hetgeschatte aantal resterende pagina's.●Het apparaat controleert of nieuw geïnstalleerde printcartridges originele cartridges van HP zijn.Toegang ● De online gebruikershandleiding is geschikt voor schermlezers● U kunt de printcartridge met één hand installeren en verwijderen●U kunt alle panelen en kleppen met één hand openen● U kunt afdrukmateriaal met één hand in de invoerlades plaatsen.4 Hoofdstuk 1 Basisinformatie NLWW
RondleidingOnderdelen van het apparaatHet is verstandig vertrouwd te raken met de onderdelen van het apparaat, alvorens u het in gebruikneemt.Afbeelding 1-1 HP LaserJet M5039XS1 Aan/uit-schakelaar2 Voedingsaansluiting3 Automatische duplexeenheid4 Toegangsklep voor storingen (voor toegang tot papierstoringen)5 Linkerbovenklep6 Bovenklep ADF (voor toegang tot storingen in de ADF)7 Invoerlade ADF (voor het faxen/kopiëren/scannen van documenten)8 Bedieningspaneel9 Automatische nietmachine10 Uitvoerbak11 Lade 212 Lade 313 Laden 4, 5 en 614 Uitvoerbak ADF15 Uitvoerbak nietmachine16 Rechterbovenklep (voor toegang tot de printcartridge)17 Interfacepoorten (zie Interfacepoorten op pagina 6)18 Lade 1 (naar buiten trekken om te openen)NLWW Rondleiding 5
19 Toegangsklep rechterkant20 Toegangsklep rechtsonderInterfacepoortenHet apparaat heeft één EIO-sleuf en drie poorten voor het maken van verbinding met een computerof een netwerk.1 EIO-sleuf2 "Heartbeat"-LED3 Hi-Speed USB 2.0-aansluiting4 Aansluiting USB-accessoire5 FIH-poort (Foreign Interface Harness)6 Netwerkaansluiting7 Faxaansluiting (voor aansluiting van een optionele analoge fax)6 Hoofdstuk 1 Basisinformatie NLWW
Zie destarthandleiding voor installatie-instructies.Het afdruksysteem wordt geleverd met software voor eindgebruikers en netwerkbeheerders, enprinterdrivers voor toegang tot de functies en communicatie met de computer.OPMERKING: Ga voor een lijst van printerdrivers en bijgewerkte software naar www.hp.com/go/ljm5039mfp_softwareOndersteunde besturingssystemenDe volgende besturingssystemen worden door het apparaat ondersteund:Alleen printerdriver● Windows XP (32-bits en 64-bits)●Windows Server 2003 (32-bits en 64-bits)● Windows Vista (32-bits en 64-bits)● Windows 7 (32-bits en 64-bits)●Mac OS X v10.3, v10.4 en hoger● Linux (alleen Internet)● UNIX modelscripts (alleen Internet)OPMERKING: Voor Mac OS X 10.4 en hoger worden Macs met PPC- en Intel Core-processorenondersteund.Ondersteunde printerdriversBesturingssysteem PCL 5 PCL 6 Postscript niveau 3-emulatieWindowsMac OS X V10.2,8, V10.3, V10.4 en hogerLinux11Voor Linux dowloadt u de PostScript level 3-emulatiedriver vanaf www.hp.com/go/linuxprinting.De printerdrivers hebben een online Help met aanwijzingen voor veelvoorkomende afdruktaken eneen beschrijving van de knoppen, selectievakjes en vervolgkeuzelijsten van de printerdriver.De juiste printerdriver selecterenPrinterdrivers geven toegang tot de functies van het apparaat en zorgen dat de computer met hetapparaat kan communiceren (via een printerbesturingstaal).NLWW Apparaatsoftware 7
Het apparaat gebruikt de PDL-drivers (Printer Description Language) voor PCL 5, PCL 6 enPostScript 3-emulatie. ● Gebruik de PCL 6-printerdriver voor de beste algehele prestaties. ● Gebruik de PCL 5-printerdriver voor algemene afdruktaken. ● Gebruik de PS-driver voor het afdrukken vanuit programma's die op PostScript zijn gebaseerd,voor compatibiliteit met PostScript Level 3 of voor ondersteuning van PS Flash-lettertypen. Besturingssysteem1PCL 5 PCL 6 PS 3-emulatieWindows XP (32-bits)2Windows Vista (32-bits en 64-bits)Windows 7 (32-bits en 64-bits)Windows Server 2003 (32-bits)Windows Server 2003 (64-bits)Mac OS X 10. 2 en later1Niet alle functies zijn beschikbaar in alle drivers of besturingssystemen. 2Voor Windows XP (64-bits) downloadt u de PCL 6-driver vanaf www. hp. com/go/ljm5039mfp_software.
De printerdrivers hebben een online Help met aanwijzingen voor veelvoorkomende afdruktaken eneen beschrijving van de knoppen, selectievakjes en vervolgkeuzelijsten van de printerdriver. Universele printerdriversDe HP Universal Print Driver-serie voor Windows bevat afzonderlijke HP Postscript niveau 3-emulatieen HP PCL 5-versies van één enkele driver. Deze driver biedt toegang tot bijna elk HP-apparaat envoorziet de systeembeheerder tegelijkertijd van hulpmiddelen voor een effectiever beheer vanapparaten. Ga voor meer informatie naar www. hp. com/go/universalprintdriver. Driver-autoconfiguratieTijdens de installatie worden apparaataccessoires automatisch door de PCL 5-, PCL 6- en PS level3-emulatiedrivers voor Windows XP, Windows XP van de HP LaserJet herkend en worden de driversautomatisch geconfigureerd.
HP Driver ConfigurationHP Driver Configuration is een softwaresysteem en pakket hulpprogramma's waarmee u softwarevan HP kunt aanpassen en verspreiden in beheerde zakelijke afdrukkomgevingen. Met HP DriverConfiguration kunnen IT-beheerders afdruk- en standaardinstellingen voor HP-printerdriversconfigureren alvorens de drivers in de netwerkomgeving te installeren. Raadpleeg voor meerinformatie de ondersteuningsgids bij HP Driver Configuration, die u kunt vinden op www. hp. com/go/dcu. Prioriteit van afdrukinstellingenWijzigingen die u in de afdrukinstellingen aanbrengt, hebben prioriteit afhankelijk van waar dewijzigingen zijn aangebracht:OPMERKING: Namen van opdrachten en dialoogvensters kunnen variëren afhankelijk van hetprogramma dat u gebruikt. ●Dialoogvenster Pagina-instelling.
Het dialoogvenster wordt geopend wanneer u klikt opPagina-instelling of een vergelijkbare opdracht in het menu Bestand van het programmawaarin u werkt. Als u hier wijzigingen aanbrengt, worden alle gewijzigde instellingen ergensanders teniet gedaan. ●Dialoogvenster Afdrukken. Het dialoogvenster wordt geopend wanneer u klikt op Afdrukken,Afdrukinstelling of een vergelijkbare opdracht in het menu Bestand van het programma waarinu werkt. Instellingen die in het dialoogvenster Afdrukken worden gewijzigd hebben een lagereprioriteit en doen wijzigingen in het dialoogvenster Pagina-instelling niet teniet. ● Dialoogvenster Printereigenschappen (printerdriver). De printerdriver wordt geopendwanneer u klikt op Eigenschappen in het dialoogvenster Afdrukken.
Met de standaardinstellingen in de printerdriverworden de instellingen voor alle afdruktaken bepaald, tenzij de instellingen worden gewijzigd ineen van de dialoogvensters Pagina-instelling, Afdrukken en Eigenschappen voor printer,zoals hierboven beschreven. ● Instellingen op het bedieningspaneel van de printer. De instellingen die op hetbedieningspaneel worden gewijzigd, hebben een lagere prioriteit dan instellingen die eldersworden gewijzigd. NLWW Apparaatsoftware 9.
Klik op het tabbladApparaatinstellingen. Mac OS X v10. 3,v10. 4 en hoger1. Kies Print in het menuArchief. 2. Wijzig de gewensteinstellingen in deverschillende pop-upmenu's. 1. Kies Print in het menuArchief. 2. Wijzig de gewensteinstellingen in deverschillende pop-upmenu's. 3. Klik in het pop-upmenuInstellingen op Opslaanals en typ een naam voorde voorinstelling. Deze instellingen worden in hetmenu Instellingen opgeslagen. Als u de nieuwe instellingen wiltgebruiken, moet u deopgeslagen voorinstellingselecteren wanneer u eenprogramma opent en wiltafdrukken. 1. Klik in het menu Voltooivan de Finder opProgramma's. 2. Open Hulpprogramma'sen vervolgensPrinterconfiguratie. 3. Klik op de afdrukwachtrij. 4. Klik in het menu Printersop Toon info. 5. Klik op het menuInstallatiemogelijkheden. OPMERKING: Configuratie-instellingen zijn mogelijk nietbeschikbaar in de Classic-modus.
Gebruik bij netwerkaansluitingen de geïntegreerde webserver (EWS) om het apparaat teconfigureren. Raadpleeg Geïntegreerde webserver op pagina 11. De afdruksysteemsoftware bestaat uit de volgende onderdelen:● PPD-bestanden (PostScript Printer Description)De PPD-bestanden bieden in combinatie met de Apple PostScript-printerdrivers toegang totapparaatfuncties. Gebruik de Apple PostScript-printerdriver die bij de computer is geleverd. ● HP Printer Utility10 Hoofdstuk 1 Basisinformatie NLWW.
Gebruik de HP Printer Utility om de apparaatfuncties in te stellen die niet beschikbaar zijn in deprinterdriver:◦ Geef het apparaat een naam. ◦ Wijs het apparaat toe aan een zone op het netwerk. ◦ Wijs een IP-adres (Internet Protocol) toe aan het apparaat. ◦Download de bestanden en lettertypen. ◦Configureer het apparaat voor afdrukken via IP of AppleTalk. U kunt de HP Printer Utility gebruiken als uw apparaat met een USB-kabel (Universal SerialBus) op een computer is aangesloten of is aangesloten op een TCP/IP-netwerk. Raadpleeg DeHP Printer Utility voor Macintosh gebruiken op pagina 145 voor meer informatie. OPMERKING: De HP Printer Utility is geschikt voor Mac OS X 10. 3 of later. Software verwijderen uit het Macintosh-besturingssysteemAls u software van een Macintosh-computer wilt verwijderen, sleept u de PPD-bestanden naar deprullenbak.
Hulpprogramma'sHet apparaat is voorzien van verschillende hulpprogramma's waarmee u het apparaat eenvoudig ineen netwerk kunt controleren en beheren. HP Web JetadminHP Web Jetadmin is een op browsertechnologie gebaseerd hulpmiddel voor printers die viaHP Jetdirect zijn aangesloten op een intranet, en moet alleen op de netwerkcomputer van debeheerder worden geïnstalleerd. Ga voor het downloaden van de laatste versie van HP Web Jetadmin en voor de nieuwste lijst metondersteunde hostsystemen naar www. hp. com/go/webjetadmin. Als HP Web Jetadmin op een hostserver is geïnstalleerd, is het programma vanaf elke clientcomputertoegankelijk via een ondersteunde webbrowser, zoals Microsoft® Internet Explorer 4. x of NetscapeNavigator 4. x of hoger. In de browser kunt u naar de HP Web Jetadmin-host navigeren.
Geïntegreerde webserverHet apparaat beschikt over een geïntegreerde webserver, die toegang geeft tot informatie overapparaat- en netwerkactiviteiten. Deze informatie wordt weergegeven in een webbrowser, zoalsMicrosoft Internet Explorer of Netscape Navigator. De geïntegreerde webserver bevindt zich in het apparaat.
Hij is niet geladen op een netwerkserver. De geïntegreerde webserver biedt een interface met het apparaat die toegankelijk is voor iedereenmet een standaard webbrowser en een op het netwerk aangesloten computer. Er is geen specialesoftware die moet worden geïnstalleerd en geconfigureerd, maar u moet wel een ondersteundewebbrowser op de computer hebben. Als u naar de geïntegreerde webserver wilt gaan, typt u het IP-adres van het apparaat in de adresregel van de browser. (Als u het IP-adres niet weet, drukt u eenconfiguratiepagina af. Meer informatie over het afdrukken van een configuratiepagina vindt u in Informatiepagina’s gebruiken op pagina 138. )NLWW Apparaatsoftware 11.
Zie De geïntegreerde webserver gebruiken op pagina 141 voor een volledig overzicht van defuncties van de geïntegreerde webserver.Overige componenten en hulpprogramma'sWindows Macintosh OS● Een programma voor het automatisch installeren vanhet afdruksysteem● PPD-bestanden (PostScript Printer Description) – voorgebruik met de Apple PostScript-drivers die wordengeleverd met het besturingssysteem van de Macintosh(Mac OS)●De HP Printer Utility - apparaatinstellingen wijzigen,status bekijken en meldingen van printergebeurtenissenop een Mac instellen. Dit hulpprogramma wordtondersteund voor Mac OS X v10.3 en hoger.12 Hoofdstuk 1 Basisinformatie NLWW
Het bedieningspaneel gebruikenHet bedieningspaneel heeft een VGA-aanraakscherm dat toegang biedt tot alle functies van hetapparaat. Gebruik de knoppen en het numerieke toetsenbord om taken en de apparaatstatus teregelen. De LED's geven de algemene status van apparaat weer.Indeling bedieningspaneelHet bedieningspaneel bestaat uit een grafisch aanraakscherm, bedieningsknoppen voor taken, eennumeriek toetsenbord en drie LED's voor de status. 1 Attentie-lampje Het Attentie-lampje geeft aan dat het apparaat een probleem heeftwaarvoor ingrijpen nodig is.
Voorbeelden hiervan zijn een lege papierladeof een foutbericht op het aanraakscherm.2 Gegevens-lampje Het Gegevens-lampje geeft aan dat het apparaat gegevens ontvangt.3 Klaar-lampje Het Klaar-lampje geeft aan dat het apparaat klaar is om een taak uit tegaan voeren.4 Wieltje helderheidsregeling Draai aan het wieltje om de helderheid van het aanraakscherm teregelen.5 Grafisch aanraakscherm Gebruik het aanraakscherm om alle functies van het apparaat te openenen in te stellen.6 Numeriek toetsenbord Hiermee kunt u numerieke waarden typen, bijvoorbeeld voor het aantalvereiste exemplaren.7 Knop Sluimer Als het apparaat is langere tijd niet actief is, gaat het automatisch naar desluimermodus.
Druk op de knop Sluimer om het apparaat in desluimermodus te zetten of het te reactiveren.8 Knop Opnieuw instellen Hiermee worden de taakinstellingen teruggezet naar destandaardfabriekswaarden of door de gebruiker gedefinieerde waarden.9 Knop Stoppen Hiermee wordt de actieve taak gestopt. Na het stoppen toont hetbedieningspaneel de opties voor de gestopte taak (als u bijvoorbeeld opde knop Stop drukt terwijl het apparaat een afdruktaak uitvoert vraagt hetbericht op het bedieningspaneel u om de afdruktaak te annuleren of tehervatten).10 Knop Start Hiermee wordt een kopieertaak of digitaal verzenden gestart, of wordteen onderbroken taak voortgezet.14 Hoofdstuk 2 Bedieningspaneel NLWW
BeginschermHet beginscherm biedt toegang tot de apparaatfuncties en geeft de huidige status van het apparaatweer.OPMERKING: De functies die op het beginscherm worden weergegeven zijn afhankelijk van dedoor de systeembeheerder ingestelde apparaatconfiguratie.1 Functies De hier weergegeven functies kunnen het volgende omvatten, afhankelijk van de door desysteembeheerder ingestelde apparaatconfiguratie:● Kopiëren●Fax●E-mail● Secundaire e-mail● Netwerkmap● Taakopslag● Workflow●Status benodigdheden● Beheer2 Statusregel apparaat De statusregel geeft informatie over de algemene status van het apparaat. Hier wordenverschillende knoppen weergegeven, afhankelijk van de huidige status.
Zie Knoppen op hetaanraakscherm op pagina 16 voor een beschrijving van elke knop die in de statusregel kanworden weergegeven.3 Aantal kopieën Het veld Aantal kopieën geeft het aantal exemplaren weer dat het apparaat zal gaan maken.4 Knop Help Raak de knop Help aan om het geïntegreerde helpsysteem te openen.5 Schuifbalk Raak de pijlen omhoog of omlaag op de schuifbalk aan om een volledige lijst vanbeschikbare functies te zien.6 Afmelden Raak Afmelden aan om u bij het apparaat af te melden als u zich hebt aangemeld voorbeperkt toegankelijke functies. Na het afmelden stelt het apparaat alle opties in op destandaardinstellingen.7 Netwerkadres Raak Netwerkadres aan om gegevens over de netwerkverbinding op te zoeken.8 Datum en tijd Hier worden de huidige datum en tijd weergegeven.
Knoppen op het aanraakschermDe statusregel op het aanraakscherm biedt informatie over de status van het apparaat. Hier kunnenverschillende knoppen worden weergegeven. De onderstaande tabel beschrijft elke knop. Knop Beginscherm. Raak de knop beginscherm aan om vanuit elk willekeurig scherm naar hetbeginscherm te gaan. Knop Start Raak de knop Start aan om te beginnen met de gekozen functie. OPMERKING: De naam van deze knop verandert bij elke functie. Zo heet de knop Kopiëren startenbij de functie Kopiëren. Knop Stoppen Als het apparaat bezig is met een afdruk- of faxtaak wordt de knop Stoppenweergegeven in plaats van de knop Start. Raak de knop Stoppen aan om de actuele taak teonderbreken. Het apparaat vraagt of de taak moet worden geannuleerd of hervat. Knop Fout. De knop Fout wordt weergegeven als er sprake is van een fout waarbij ingrijpen nodig isom te kunnen doorgaan.
Raak de knop Fout aan om een bericht te lezen dat de fout beschrijft. Hetbericht bevat ook aanwijzingen voor het oplossen van het probleem. Knop Waarschuwing. De knop Waarschuwing wordt weergegeven als het apparaat een probleemheeft maar kan doorgaan. Raak de knop Waarschuwing aan om een bericht te lezen waarin de foutwordt beschreven. Het bericht bevat ook aanwijzingen voor het oplossen van het probleem. Knop Help. Raak de knop Help aan om het ingebouwde online Help-systeem te openen. RaadpleegHelp-systeem op het bedieningspaneel op pagina 16 voor meer informatie. Help-systeem op het bedieningspaneelHet apparaat heeft een ingebouwd Help-systeem dat het gebruik van elk scherm uitlegt. Raak deknop Help () in de rechterbovenhoek van het scherm aan om het Help-systeem te openen. Voor sommige schermen opent Help een algemeen menu waarin kan worden gezocht naarspecifieke onderwerpen.
U kunt door de menustructuur bladeren door het aanraken van demenuknoppen. Voor schermen met instellingen voor afzonderlijke taken opent Help een onderwerp dat de optiesvoor dat scherm uitlegt.
Het menu Beheer gebruikenGebruik het menu Beheer om de standaardwerking van het apparaat in te stellen en anderealgemene instellingen te maken, bijvoorbeeld de taal en de notatie voor datum en tijd. Navigeren in het menu BeheerRaak op het beginscherm Beheer aan om de menustructuur te openen. Mogelijk moet u omlaagbladeren in het beginscherm om deze functie te zien. Het menu Beheer heeft verschillende submenu's die op de linkerzijde van het scherm staan. Raak denaam van een menu aan om de structuur uit te klappen. Een plus-teken (+) naast een menunaambetekent dat het menu submenu's bevat. Ga door met het openen van de structuur totdat u bij deoptie komt die u wilt configureren. Raak Terug aan om terug te gaan naar het vorige niveau. Raak de knop Beginscherm () in de linkerbovenhoek van het scherm aan om het menu Beheer teverlaten.
Het apparaat heeft een ingebouwde Help, waarin alle functies worden uitgelegd die in de menu'sbeschikbaar zijn. Er is Help beschikbaar voor veel menu's op de rechterzijde van het aanraakscherm. U kunt ook het algemene Help-systeem openen door de knop Help () in de rechterbovenhoek vanhet scherm aan te raken. De tabellen in de volgende gedeelten geven de algemene structuur van elk menu aan. Menu InformatieU kunt dit menu gebruiken om informatiepagina's en rapporten die intern op het apparaat zijnopgeslagen af te drukken. Tabel 2-1 Menu InformatieMenu-item Submenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingConfiguratie-/statuspagina'sMenustructuurBeheer Knop Afdrukken Toont de basisstructuur van het menuBeheer en de huidige beheerinstellingen. Configuratiepagina Knop Afdrukken Een reeks configuratiepagina's die dehuidige instellingen van het apparaatweergeven.
Menu-item Submenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingFaxrapporten Faxactiviteitenlog Knop Afdrukken Bevat een lijst van de faxen die zijnverzonden of ontvangen door dit apparaat.RapportFaxoproepenRapportFaxoproepenKnop Afdrukken Een gedetailleerd rapport van de laatsteverzonden of ontvangen fax. Miniatuur op rapport JaNee (standaard)Kies of u al dan niet een miniatuur van deeerste pagina van de fax op het rapportwenst. Wanneer rapportafdrukkenNooit automatisch afdrukkenRapport afdrukken na faxtakenRapport afdrukken na faxverzendtakenRapport afdrukken na faxfoutenRapport alleen afdrukken na verzendfoutenRapport alleen afdrukken na ontvangstfoutenRapportFactuurcodes Afdrukken Een lijst van factuurcodes die zijn gebruiktvoor uitgaande faxen.
Dit rapport geeft weerhoeveel faxen zijn gefactureerd naar iederecode.Lijst metgeblokkeerde faxen Afdrukken Een lijst van telefoonnummers die zijngeblokkeerd voor het verzenden van faxennaar dit apparaat.Snelkieslijst Afdrukken Geeft de snelkiesnummers weer die zijningesteld voor dit apparaat.Voorbeeldpagina's/-lettertypenPCL-lettertypenlijst Afdrukken Een lijst van PCL-lettertypen (printer controllanguage) die momenteel op het apparaatbeschikbaar zijn.PS-lettertypenlijst Afdrukken Een lijst van PS-lettertypen (PostScript) diemomenteel op het apparaat beschikbaarzijn.Menu Standaard taakoptiesU kunt dit menu gebruiken om standaard taakopties voor iedere functie te definiëren.
Als de gebruikergeen taakopties opgeeft bij het samenstellen van een taak worden de standaardopties gebruikt.Het menu Standaard taakopties bevat de volgende submenu's:● Standaardopties voor originelen●Standaard kopieeropties●Standaard faxopties●Standaard e-mailopties● Standaardopties voor verzenden naar map● StandaardafdrukoptiesTabel 2-1 Menu Informatie (vervolg)18 Hoofdstuk 2 Bedieningspaneel NLWW
Standaardopties voor originelenOPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen. Sommigemenu-items hebben geen standaardwaarde. Tabel 2-2 Standaardopties voor het menu OriginelenMenu-item Waarden OmschrijvingPapierformaat Selecteer een papierformaat inde lijst. Selecteer het papierformaat dat meestal wordt gebruikt voor deoriginelen voor kopiëren of scannen. Aantal zijden 1 (standaard) Selecteer of originelen voor kopiëren of scannen meestalenkelzijdig of dubbelzijdig zijn. 2Afdrukstand Staand (standaard) Selecteer de afdrukstand die meestal wordt gebruikt voor deoriginelen voor kopiëren of scannen. Selecteer Staand als de kortezijde bovenaan is of selecteer Liggend als de lange zijde bovenaanis.
LiggendTekst/afbeelding optimaliseren Handmatig aanpassen(standaard)U kunt deze instelling gebruiken om de uitvoer voor een bepaaldtype origineel te optimaliseren. U kunt de uitvoer voor tekst,afbeeldingen of een combinatie daarvan optimaliseren. Als u Handmatig aanpassen selecteert, kunt u de combinatie vantekst en afbeeldingen die het meest zal worden gebruikt opgeven. TekstFotoAfbeelding aanpassen Donkerheid U kunt deze instelling gebruiken om de uitvoer te optimaliserenvoor donkerdere of lichtere originelen die u scant of kopieert. Achtergrond opruimen Verhoog de instelling Achtergrond opruimen om vage afbeeldingenop de achtergrond of een lichte achtergrondkleur te verwijderen. Scherpte Pas de instelling Scherpte aan om de afbeelding helderder ofzachter (vloeiender) te maken. Standaard kopieeroptiesOPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen.
Sommigemenu-items hebben geen standaardwaarde. Tabel 2-3 Menu Standaard kopieeroptiesMenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingAantal kopieën Voer het aantalexemplaren in. Defabrieksinstelling is 1. Stel het standaardaantal exemplaren voor eenkopieertaak in. Aantal zijden 1 (standaard)2Stel het standaardaantal zijden voor kopieën in.
Nieten/sorteren Nieten Geen (standaard)Eén links schuinStel opties voor het nieten en sorteren van reeksenkopieën in. Als u meerdere kopieën maakt van eendocument, worden de pagina's door sorteren op dejuiste volgorde geplaatst, één reeks tegelijk, in plaatsvan alle exemplaren van iedere pagina bij elkaar teplaatsen. Sorteren UitAan (standaard)NLWW Het menu Beheer gebruiken 19.
Menu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingUitvoerbak Uitvoerbak Selecteer indien van toepassing de uitvoerbak voorkopieën. Rand-tot-rand Normaal (aanbevolen)(standaard)Uitvoer rand-tot-randAls het originele document dicht bij de randen wordtafgedrukt, kunt u de functie Rand-tot-rand gebruikenom te vermijden dat er schaduwen verschijnen langsde randen. U kunt deze functie combineren met defunctie Vergroten/verkleinen om ervoor te zorgen datde hele pagina wordt afgedrukt. Standaard faxoptiesOPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen. Sommigemenu-items hebben geen standaardwaarde. Tabel 2-4 Menu Fax verzendenMenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingResolutie Standaard (100x200 dpi)(standaard)Fijn (200x1200 dpi)Extra fijn (300x300 dpi)U kunt deze functie gebruiken om de resolutie voor teverzenden documenten in te stellen.
Afbeeldingenmet een hogere resolutie bevatten meer dpi (dots perinch), dus de afbeelding wordt gedetailleerderweergegeven. Afbeeldingen met een lagere resolutiebevatten minder dpi en worden minder gedetailleerdweergegeven, maar de bestanden zijn minder groot. Faxkopregel Vooraan toevoegen(standaard)SjabloonU kunt deze functie gebruiken om de plaats van defaxkopregel op de pagina te selecteren. Selecteer Vooraan toevoegen als u de faxkopregelboven het faxbericht wilt afdrukken en het faxberichtomlaag op de pagina wilt verplaatsen. SelecteerSjabloon als u de faxkopregel over het faxbericht wiltafdrukken, zonder het faxbericht omlaag teverplaatsen. Met het gebruik van deze optie kan vermedenworden dat een fax van een enkele pagina doorlooptop een volgende pagina.
Tabel 2-5 Menu FaxontvangstMenu-item Waarden OmschrijvingFax doorsturen Een fax doorsturenPIN wijzigenSelecteer Een fax doorsturen en Aangepast om ontvangen faxendoor te sturen naar een andere faxapparaat. Als u dit menu-itemvoor de eerste keer selecteert, wordt u gevraagd een PIN-code inte stellen.
Iedere keer dat u dit menu gebruikt, wordt u gevraagd dePIN-code in te voeren. De PIN-code is dezelfde als die wordtgebruikt voor toegang tot het menu Fax afdrukken. Ontvangen faxen stempelen IngeschakeldUitgeschakeld (standaard)U kunt deze optie gebruiken om de datum, tijd, telefoonnummervan de afzender en het paginanummer toe te voegen aan iederepagina van de faxen die dit apparaat ontvangt. Tabel 2-3 Menu Standaard kopieeropties (vervolg)20 Hoofdstuk 2 Bedieningspaneel NLWW.
Menu-item Waarden OmschrijvingAanpassen aan pagina Ingeschakeld (standaard)UitgeschakeldU kunt deze functie gebruiken om faxen die groter zijn dan Letter-of A4-formaat te verkleinen zodat ze passen op een pagina vanLetter- of A4-formaat. Als deze functie is ingesteld opUitgeschakeld, worden faxen die groter zijn dan Letter of A4afgedrukt op meerdere pagina's.Papierlade fax Maak een selectie in de lijst metladen.Selecteer de lade die het formaat en de soort papier bevat die u wiltgebruiken voor inkomende faxen.Uitvoerbak Maak een selectie in de lijst metuitvoerbakken.Selecteer indien van toepassing de standaard uitvoerbak voorfaxen.Standaard-e-mailoptiesU kunt dit menu gebruiken om standaardopties in te stellen voor e-mails die vanaf dit apparaatworden verzonden.OPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen.
Sommigemenu-items hebben geen standaardwaarde.Menu-item Waarden OmschrijvingBestandstype document PDF (standaard)JPEGTIFFM-TIFFKies de bestandsindeling voor de e-mail.Uitvoerkwaliteit Hoog (groot bestand)Gemiddeld (standaard)Laag (klein bestand)Als u een hogere kwaliteit kiest voor de uitvoer, is hetuitgevoerde bestand groter.Resolutie 75 dpi150 DPI (standaard)200 DPI300 DPIU kunt deze functie gebruiken om de resolutie in te stellen.Gebruik een lagere instelling om kleinere bestanden temaken.Kleur/zwart Kleurenscan (standaard)Z/W scannenGeef aan of de e-mail in zwart-wit of in kleur is.TIFF-versie TIFF 6.0 (standaard)TIFF (hoger dan 6.0)U kunt deze functie gebruiken om de TIFF-versie op tegeven die moet worden gebruikt bij het opslaan vangescande bestanden.Standaardopties voor Verzenden naar mapU kunt dit menu gebruiken om standaardopties in te stellen voor scantaken die naar de computerworden verzonden.OPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen.
Menu-item Waarden OmschrijvingKleur/zwart KleurenscanZ/W scannen (standaard)Geef aan of het bestand in zwart-wit of in kleur is.Bestandstype document PDF (standaard)M-TIFFTIFFJPEGKies de bestandsindeling voor het bestand.TIFF-versie TIFF 6.0 (standaard)TIFF (na 6.0)U kunt deze functie gebruiken om de TIFF-versie op tegeven die moet worden gebruikt bij het opslaan vangescande bestanden.Uitvoerkwaliteit Hoog (groot bestand)Gemiddeld (standaard)Laag (klein bestand)Als u een hogere kwaliteit kiest voor de uitvoer, is hetuitgevoerde bestand groter.Resolutie 75 dpi150 DPI (standaard)200 DPI300 DPIU kunt deze functie gebruiken om de resolutie in te stellen.Gebruik een lagere instelling om kleinere bestanden temaken.StandaardafdrukoptiesU kunt dit menu gebruiken om standaardopties in te stellen voor taken die vanaf een computerworden verzonden.OPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen.
Sommigemenu-items hebben geen standaardwaarde.Tabel 2-6 Standaardafdrukopties menuMenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingKopieën per taak Voer een waarde in. Gebruik deze functie om het standaardaantalexemplaren voor afdruktaken in te stellen.Standaard papierformaat (Lijst met ondersteundeformaten.)Kies een papierformaat.Standaard aangepastpapierformaatMaateenheid MillimetersInchConfigureer het standaard papierformaat dat wordtgebruikt als de gebruiker Aangepast selecteert alshet papierformaat voor de afdruktaak.X-afmeting Configureer de breedtemaat voor het Standaardaangepast papierformaat.Y-afmeting Configureer de lengtemaat voor het Standaardaangepast papierformaat.Uitvoerbak Selecteer de standaard uitvoerbak voor afdruktaken.22 Hoofdstuk 2 Bedieningspaneel NLWW
Menu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingAfdrukzijden Enkelzijdig (standaard)DubbelzijdigU kunt deze functie gebruiken om te selecteren ofafdruktaken standaard enkelzijdig of dubbelzijdigmoeten zijn.Dubbelzijdig formaat BoekstijlOmslagstijlU kunt deze functie gebruiken om de standaardstijlvoor dubbelzijdig afgedrukte taken in te stellen. AlsBoekstijl is geselecteerd, wordt de achterzijde van depagina met de juiste zijde omhoog afgedrukt. Dezeoptie is geschikt voor afdruktaken die langs delinkerrand worden gebonden. Als Omslagstijl isgeselecteerd, wordt de achterzijde van de paginaomgekeerd afgedrukt. Deze optie is geschikt voorafdruktaken die langs de bovenrand wordengebonden.Menu Tijd/schema'sMet dit menu stelt u opties in voor het instellen van de tijd en het in- en uitschakelen van desluimermodus.OPMERKING: Waarden die zijn voorzien van “(standaard)” zijn de fabrieksinstellingen.
Sommigemenu-items hebben geen standaardwaarde.Tabel 2-7 Menu Tijd/schema'sMenu-item Submenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingDatum/tijd Datumnotatie JJJJ/MMM/DD(standaard)MMM/DD/JJJJDD/MMM/JJJJMet deze functie stelt u de huidige datum entijd en de datum- en tijdsnotatie in die wordtgebruikt bij het dateren van uitgaandefaxen.Datum MaandDagJaar Tijdsindeling 12-uurs (VM/NM)(standaard)24-uursTijd UurMinuutVMNM Tabel 2-6 Standaardafdrukopties menu (vervolg)NLWW Het menu Beheer gebruiken 23
Menu-item Submenu-item Submenu-item Waarden OmschrijvingSluimervertraging 1 minuut5 minuten(standaard)10 minuten30 minuten45 minuten1 uur (60 minuten)90 minuten2 uurMet deze functie stelt u de tijd in gedurendewelke het apparaat inactief moet zijnvoordat de sluimermodus ingaat.Wektijd MaandagDinsdagWoensdagDonderdagVrijdagZaterdagZondag Uit (standaard)AangepastKies Aangepast om een wektijd voor elkedag van de week in te stellen. Desluimermodus wordt uitgeschakeld volgensdit schema. Het gebruik van eensluimerschema helpt bij het besparen vanenergie en bereidt het apparaat voor opgebruik; gebruikers hoeven dan niet tewachten tot het apparaat is opgewarmd.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met HP LaserJet M5039 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer HP
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer