HP Laser 107w Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van HP Laser 107w (117 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 77 mensen. Heb je een vraag over HP Laser 107w of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | HP |
| Categorie: | Printer |
| Model: | Laser 107w |
| Ingebouwd display: | Nee |
| Gewicht: | 4160 g |
| Breedte: | 331 mm |
| Diepte: | 215 mm |
| Hoogte: | 178 mm |
| AC invoer voltage: | 110 - 240 V |
| Gewicht verpakking: | 5700 g |
| Breedte verpakking: | 384 mm |
| Diepte verpakking: | 280 mm |
| Hoogte verpakking: | 261 mm |
| AC invoer frequentie: | 50/60 Hz |
| Kleur: | Nee |
| Temperatuur, in bedrijf: | 10 - 30 °C |
| Frequentie van processor: | 400 MHz |
| Wi-Fi: | Ja |
| Wi-Fi-standaarden: | 802.11b,802.11g,Wi-Fi 4 (802.11n) |
| Ethernet LAN: | Nee |
| Markt positionering: | Bedrijf |
| Land van herkomst: | China |
| Stroomverbruik (indien uit): | 0.2 W |
| Wi-Fi Direct: | Ja |
| Inclusief netsnoer: | Ja |
| Intern geheugen: | 64 MB |
| Relatieve luchtvochtigheid, in bedrijf: | 10 - 80 procent |
| Duurzaamheidscertificaten: | Blue Angel |
| Aantal per pallet: | 90 stuk(s) |
| Type processor: | Ja |
| Ondersteunt Windows: | Ja |
| Maximale resolutie: | 1200 x 1200 DPI |
| Aantal printcartridges: | 1 |
| Printkleuren: | Zwart |
| Papierlade mediatypen: | Bond paper,Card stock,Envelopes,Labels,Plain paper,Pre-Printed,Recycled paper,Thick paper,Thin paper |
| HP-segment: | Midden- en kleinbedrijf |
| Opwarmtijd: | 32 s |
| Printtechnologie: | Laser |
| Standaard interfaces: | USB 2.0,Wireless LAN |
| Modus voor dubbelzijdig afdrukken: | Handmatig |
| Afdrukresolutie zwart: | 1200 x 1200 DPI |
| Printsnelheid (zwart, standaardkwaliteit, A4/US Letter): | 21 ppm |
| Duplex printen: | Ja |
| Paginabeschrijving talen: | SPL |
| Gebruiksindicatie (maximaal): | 10000 pagina's per maand |
| Totale invoercapaciteit: | 150 vel |
| Maximum invoercapaciteit: | 150 vel |
| Totale uitvoercapaciteit: | 100 vel |
| Maximale uitvoercapaciteit: | 100 vel |
| Maximale ISO A-series papierformaat: | A4 |
| ISO A-series afmetingen (A0...A9): | A4,A5 |
| Stroomverbruik (gereed): | 33 W |
| Mobiele printing technologieën: | Apple AirPrint,Google Cloud Print,Mopria Print Service |
| Tijdsduur tot de eerste pagina (zwart, normaal): | 8.3 s |
| Vervangende cartridges: | HP 105A Black Original Laser Toner Cartridge ( 1000 yield) W1105A; HP 106A Black Original Laser Toner Cartridge ( 1000 yield) W1106A; HP 107A Black Original Laser Toner Cartridge ( 1000 yield) W1107A |
| Netwerkgereed: | Ja |
| Gemiddeld stroomverbruik tijdens printen: | 320 W |
| Maximaal intern geheugen: | 64 MB |
| Aantal lagen per pallet: | 9 |
| Gewicht pallet: | 261 g |
| Totaal aantal invoerladen: | 1 |
| Maximumaantal invoerladen: | 1 |
| JIS B-series maten (B0...B9): | B5 |
| Papierlade mediagewicht: | 60 - 163 g/m² |
| Energy Star Typical Electricity Consumption (TEC): | 0.775 kWh/week |
| HP Auto-Aan/Auto-Uit: | Ja |
| ISO B-series afmetingen (B0...B9): | B5 |
| Afmetingen enveloppen: | C5,DL |
| Aantal dozen per pallet: | 10 |
| Cartridge(s) meegeleverd: | Ja |
| Afmetingen pallet (B x D x H): | 1200 x 1000 x 2350 mm |
| HP dynamische veiligheid: | Ja |
| Pallet brutogewicht: | 523 g |
| Producten per pallet: | 90 stuk(s) |
| Wifi: | Ja |
| AC-ingangsspanning: | 110 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Bedrijfstemperatuur (T-T): | 10 - 30 °C |
| Relatieve vochtigheid in bedrijf (V-V): | 10 - 80 procent |
| Code geharmoniseerd systeem (HS): | 84433210 |
| Lagen per pallet: | 9 stuk(s) |
| Aantal (buitenste) hoofdverpakkingen per pallet: | 10 stuk(s) |
| Aantal dozen per palletlaag: | 10 stuk(s) |
Handleiding HP Laser 107w – volledige tekst
Auteursrecht en licentie | 2Auteursrecht en licentie© Copyright 2019 HP Development Company, L. P.Reproductie, aanpassing of vertaling zonder voorafgaande schriftelijke toestemming is verboden, behalve zoals toegestaan onder de wetten op het auteursrecht.De informatie in dit document is onderhevig aan verandering zonder kennisgeving.De enige garanties voor HP-producten en -diensten zijn vastgelegd in de garantieverklaringen bij de betreffende producten en diensten. Niets hierin mag worden opgevat als een aanvullende garantie. HP is niet aansprakelijk voor technische of redactionele fouten of weglatingen in dit document.• Adobe®, Adobe Photoshop®, Acrobat® en PostScript® zijn handelsmerken van Adobe Systems Incorporated.• Apple en het Apple-logo zijn handelsmerken van Apple Inc., geregistreerd in de V.S. en andere landen.• OS X is een handelsmerk van Apple Inc., geregistreerd in de V.S.
3Inleiding Belangrijkste voordelen 6Functies per model 7Nuttig om te weten 9Informatie over deze gebruikershandleiding 10Veiligheidsinformatie 11Apparaatoverzicht 17Overzicht van het bedieningspaneel 20Het apparaat inschakelen 21De software installeren 22De basisfuncties leren kennenDe standaardinstellingen van het apparaat 24Afdrukmateriaal en lade 25Een via een netwerk aangesloten apparaat gebruikenNetwerkinstallatie 34Installeren van een stuurprogramma over het netwerk36Draadloos netwerk instellen 37HP Embedded Web Server gebruiken 42HP Smart app 45Afdrukken Standaard afdruk 48Een afdruktaak annuleren 49Voorkeursinstellingen openen 50Voorkeursinstellingen gebruiken 51Help gebruiken 52Afdrukfuncties 53HP Easy Printer Manger gebruiken 59Printerstatus-programma's gebruiken 62Onderhoud Verbruiksartikelen en toebehoren bestellen 65Beschikbare verbruiksartikelen 66Verkrijgbare onderdelen voor onderhoud 67De tonercassette bewaren 68Inhoudsopgave
4Toner herverdelen 70De tonercassette vervangen 71Het apparaat reinigen 72Problemen oplossen Tips om papierstoringen te voorkomen 76Papierstoringen verhelpen 77Informatie over de LED's 79Een bericht "Low Toner" of "Very Low Toner" wordt weergegeven in het rapport informatie over benodigheden. 81Problemen met papierinvoer 82Problemen met de voeding en het netsnoer 83Andere problemen oplossen 84Oplossen van problemen met het draadloze netwerk95Bijlage Algemene specificaties 99Specificaties van de afdrukmedia 100Systeemvereisten 102
InleidingIn dit hoofdstuk staat informatie die u nodig heeft om het apparaat te gebruiken.• Belangrijkste voordelen 6• Functies per model 7• Nuttig om te weten 9• Informatie over deze gebruikershandleiding 10• Veiligheidsinformatie 11• Apparaatoverzicht 17• Overzicht van het bedieningspaneel 20• Het apparaat inschakelen 21• De software installeren 22
Belangrijkste voordelen | 6Belangrijkste voordelenMilieuvriendelijk• Om papier te besparen kunt u meerdere pagina's printen op een enkel vel papier.• Dit apparaat bespaart automatisch elektriciteit door het stroomverbruik aanzienlijk te beperken wanneer het apparaat niet wordt gebruikt.• We raden aan kringlooppapier te gebruiken om energie te besparen.Gemak• Als u toegang hebt tot internet, kunt u hulp, ondersteuningsapplicatie, besturingsprogramma's van de printer, handleidingen, en informatie bestellen van de HP website, www.hp.com/support/laser100.Grote functionaliteit en brede ondersteuning van toepassingen.• Ondersteunt verschillende papiermaten.• Watermerken afdrukken: U kunt uw documenten voorzien van een watermerk (bijv.
"Vertrouwelijk").• Posters afdrukken: De tekst en afbeeldingen op alle pagina's van uw document worden vergroot en afgedrukt over meerdere vellen papier, en deze kunnen vervolgens worden samengevoegd tot een poster.Ondersteund verschillende instellingsmethoden voor draadloze netwerken. Afhankelijk van het model is een draadloos netwerk mogelijk niet beschikbaar. • De (Draadloos) gebruiken- U kunt gemakkelijk verbinding maken met een draadloos netwerk met behulp van de (Draadloos) knop op het apparaat en het toegangspunt (draadloze router).• De USB-kabel gebruiken- U kunt verbinding maken en verschillende instellingen voor het draadloze netwerk configureren met behulp van een USB-kabel.• Wi-Fi Direct gebruiken- U kunt eenvoudig vanaf uw mobiele apparaat afdrukken met Wi-Fi of Wi-Fi Direct.
Functies per model | 7Functies per modelSommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land.Besturingssysteem(●: Ondersteund, leeg: niet ondersteund)Software(●: Ondersteund, leeg: niet ondersteund)Model/productnummerHP Laser 107aHP Laser 107rHP Laser 108aHP Laser 103aHP Laser 107wHP Laser 108wWindows ● ●MacLinuxModel/productnummerHP Laser 107aHP Laser 107rHP Laser 108aHP Laser 103aHP Laser 107wHP Laser 108wPrinterstuurprogramma ● ●HP Easy Printer Manager ● ●Printerstatus ● ●HP Embedded Web Server ●● ●
U kunt de productservice-informatie bekijken.De meldings-LED knippert of blijft branden.• Schakel het apparaat uit en weer in.• Zoek de betekenis van de LED-indicatorlampjes in deze handleiding en los het probleem op (zie "Informatie over de LED's" op pagina 79).Er is papier vastgelopen.• Open en sluit de bovenklep (zie "Voorkant" op pagina 18).• Zoek de instructies voor het verwijderen van vastgelopen papier in deze handleiding en los het probleem op (zie "Papierstoringen verhelpen" op pagina 77).De afdrukken zijn vaag.• Het toner is mogelijk op of ongelijk verdeeld.
Schud de tonercassette heen en weer.• Probeer een andere instelling voor de resolutie.• Vervang de tonercassette.Het apparaat drukt niet af.• Open de afdruklijst en verwijder het document uit de lijst (zie "Een afdruktaak annuleren" op pagina 49).• Verwijder het stuurprogramma en installeer deze opnieuw (zie "De software installeren" op pagina 22).• Selecteer uw printer als de standaardprinter in Windows.
Informatie over deze gebruikershandleiding | 10Informatie over deze gebruikershandleidingDeze gebruikershandleiding bevat basisinformatie over het apparaat en biedt tevens gedetailleerde informatie over de verschillende procedures die doorlopen moeten worden bij het gebruik van het apparaat.• Gooi deze handleiding niet weg, maar bewaar deze ter referentie.• Lees de veiligheidsinformatie voor u het apparaat in gebruik neemt.• Raadpleeg het hoofdstuk over probleemoplossing als u problemen ondervindt bij gebruik van het apparaat.• De termen die in deze gebruikershandleiding worden gebruikt, worden uitgelegd in het hoofdstuk met de woordenlijst.• De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met het door u gekochte apparaat.• De schermafbeeldingen in deze gebruikershandleiding kunnen afwijken van de schermweergave van uw apparaat afhankelijk van de firmware-/stuurprogrammaversie.• De procedures in deze gebruikershandleiding zijn voornamelijk gebaseerd op Windows 7.AfsprakenSommige in deze gebruikershandleiding gebruikte termen zijn verwisselbaar:• Document is synoniem met origineel.• Papier is synoniem met materiaal of afdrukmateriaal.• Apparaat verwijst naar printer of multifunctionele printer.Algemene pictogrammenPictogram Tekst OmschrijvingWaarschuwingGebruikt om gebruikers te waarschuwen voor de mogelijkheid op persoonlijk letsel.Opgepast Biedt gebruikers informatie om het apparaat te beschermen tegen mogelijke mechanische schade of defecten.Opmerking Biedt aanvullende informatie of gedetailleerde uitleg over een functie of voorziening van het apparaat.
Veiligheidsinformatie | 11VeiligheidsinformatieDeze waarschuwingen en voorzorgen moeten eventuele beschadigingen aan uw apparaat en verwondingen aan uzelf of anderen voorkomen. aandachtig voor u het Lees deze instructies apparaat in gebruik neemt.
Bewaar dit document goed nadat u het hebt gelezen.Belangrijke veiligheidssymbolenVerklaring van alle pictogrammen en symbolen in dit hoofdstukBedrijfsomgeving WaarschuwingWaarschuwingGevaren of onveilige praktijken die ernstig letsel of de dood kunnen veroorzaken.Opgepast Gevaren of onveilige praktijken die een klein letsel of eigendomsschade kunnen veroorzaken.Niet gebruiken als de stekker beschadigd is of als het stopcontact niet geaard is.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.Plaats niets op het apparaat (water, kleine metalen of zware voorwerpen, kaarsen, brandende sigaretten, enzovoort).Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.• Als het apparaat oververhit raakt, komt er rook uit, maakt het vreemde geluiden of verspreidt het vreemde geuren.
Schakel onmiddellijk de stroomschakelaar uit en koppel het apparaat los.• De gebruiker moet bij het stopcontact kunnen om in geval van nood de stekker uit het stopcontact te kunnen trekken.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.Buig het netsnoer niet en plaats er geen zware voorwerpen op.Het trappen op of beknellen van het netsnoer door een zwaar voorwerp kan een elektrische schok of brand veroorzaken.Haal de stekker niet uit het stopcontact door aan het netsnoer te trekken; trek de stekker er niet uit met natte handen.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.
Veiligheidsinformatie | 12 OpgepastBedieningswijze OpgepastHaal de stekker uit het stopcontact tijdens onweer of als u het apparaat niet gebruikt.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.Opgelet, het papieruitvoergebied is heet.U kunt brandwonden oplopen.Als het apparaat is gevallen of als de behuizing beschadigd lijkt, koppelt u het apparaat volledig los en roept u de hulp in van een gekwalificeerd technicus.Zo niet kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken.Als het apparaat niet goed werkt nadat u deze instructies hebt uitgevoerd, koppelt u het apparaat volledig los en roept u de hulp in van een gekwalificeerd technicus.Zo niet kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken.Probeer de stekker niet in het stopcontact te forceren als hij er moeilijk ingaat.U riskeert een elektrische schok.
Neem contact op met een elektricien om het stopcontact te vervangen.Voorkom dat huisdieren op het netsnoer, de telefoonkabel of de kabel naar de computer bijten.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken en/of uw huisdier verwonden.Trek het papier niet uit de printer tijdens het afdrukken.Dit kan het apparaat beschadigen.Houd uw hand niet tussen het apparaat en de papierlade.U kunt letsel oplopen.Wees voorzichtig wanneer u papier vervangt of vastgelopen papier verwijdert.Nieuw papier heeft scherpe randen die snijwonden kunnen veroorzaken.
Houd kinderen uit de buurt.Zij kunnen brandwonden oplopen.Gebruik geen tang of scherpe metalen voorwerpen om vastgelopen papier te verwijderen.Dit kan het apparaat beschadigen.Vermijd het stapelen van te veel papier in de papieruitvoerlade.Dit kan het apparaat beschadigen.Blokkeer de ventilatieopening niet of duw er geen voorwerpen in.Hierdoor kunnen onderdelen warm worden en kan er brand ontstaan of kan het apparaat beschadigd raken.Het gebruik van sturingen of instellingen of het uitvoeren van procedures die afwijken van deze hier vermeld kan resulteren in gevaarlijke blootstelling aan straling.Het apparaat wordt gevoed via het netsnoer.Om de stroom uit te schakelen, trekt u het netsnoer uit het stopcontact.Plaats het apparaat niet in een stoffige of vochtige ruimte of op een plek waar water lekt.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.Plaats de machine in een omgeving die voldoet aan de gestelde specificaties voor werkingstemperatuur en vochtigheid.Gebruik het apparaat niet bij vriestemperaturen of nadat het pas vanuit een plaats met vriestemperaturen werd verplaatst.
Dit kan het apparaat beschadigen. Gebruik het apparaat alleen wanneer de interne apparaattemperatuur zich binnen de bedrijfstemperatuur- en vochtigheidsspecificaties bevindt.Dit kan de afdrukkwaliteit negatief beïnvloeden en het apparaat beschadigen.Zie "Algemene specificaties" op pagina 99.
Veiligheidsinformatie | 14 OpgepastSchakel de stroom uit en maak alle kabels los voordat u het apparaat verplaatst. De onderstaande informatie bevat slechts aanbevelingen gebaseerd op het apparaatgewicht. Wanneer u vanwege uw medische conditie niet kunt tillen, til het apparaat dan niet op. Voor veilig tillen moet u anderen vragen om u te helpen en het apparaat altijd met het juiste aantal personen optillen. Til vervolgens het apparaat op deze wijze op:• Een apparaat dat minder dan 20 kg weegt, mag door één persoon worden opgetild. • een apparaat dat 20 - 40 kg weegt, moet door twee personen worden opgetild. • een apparaat dat meer dan 40 kg weegt, moet door vier of meer personen worden opgetild. Het apparaat zou kunnen vallen en verwondingen of schade veroorzaken. Kies een locatie met een vlakke ondergrond en voldoende ventilatie voor het apparaat.
Houd ook rekening met een ruimte die nodig is voor het deksel en de laden. De ruimte moet goed geventileerd zijn en het apparaat mag niet worden blootgesteld aan direct zonlicht, hitte en vocht. Wanneer u het apparaat langdurig gebruikt of een groot aantal pagina's in een niet-geventileerde ruimte afdrukt, kan de lucht vervuild raken en schadelijk worden voor uw gezondheid. Plaats het apparaat in een goed geventileerde ruimte of open regelmatig een raam om schonen lucht binnen te laten. Plaats het apparaat niet op een onstabiel of schuin oppervlak. Het apparaat zou kunnen vallen en verwondingen of schade veroorzaken. Gebruik alleen telefoondraad van Nr. 26 AWGa of, indien nodig, een grotere telefoondraad. Zo niet kan het apparaat beschadigd raken. Sluit het netsnoer aan op een geaard stopcontact. Zo niet kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken.
Gebruik voor een veilige bediening het netsnoer dat met uw apparaat werd meegeleverd. Als u een snoer gebruikt dat langer is dan 2 meter voor een apparaat van 110 V, moet het snoer minstens 16 AWG dik zijn.
Veiligheidsinformatie | 15Onderhoud/controle OpgepastSluit niet te veel apparaten op hetzelfde stopcontact of verlengsnoer aan.Dit kan de prestaties verminderen en een elektrische schok of brand veroorzaken.Het apparaat moet aangesloten worden op een spanningsbron met hetzelfde energieniveau als op het label.Als u niet zeker bent en het spanningsniveau wilt controleren, neemt u contact op met de elektriciteitsmaatschappij.a.AWG: American Wire GaugeTrek het netsnoer van het apparaat uit het stopcontact als u de binnenkant van het apparaat wilt reinigen.
Reinig uw apparaat niet met benzeen, verdunningsmiddel of alcohol, en spuit geen water in het apparaat.Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken.Zorg ervoor dat het apparaat niet werkt als u verbruiksartikelen in het apparaat vervangt of de binnenkant schoonmaakt.U kunt letsel oplopen.Houd reinigingsproducten uit de buurt van kinderen.Kinderen kunnen letsel oplopen.U mag het apparaat niet zelf demonteren, herstellen of weer in elkaar steken.Dit kan het apparaat beschadigen.
Neem contact op met een professioneel technicus als het apparaat gerepareerd moet worden.Volg de richtlijnen uit de gebruikershandleiding die met het apparaat werd meegeleverd om het apparaat te reinigen en te bedienen.Zo niet, dan kunt u het apparaat beschadigen.Houd het netsnoer en het contactoppervlak van de stekker stof- en watervrij.Zo niet kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken.• Verwijder geen kleppen of beveiligingselementen die vastgeschroefd zijn.• Fixeereenheden mogen alleen worden hersteld door een gekwalificeerde servicemedewerker. Reparatie door niet-gekwalificeerde technici kan brand of elektrische schokken veroorzaken.• Het apparaat mag alleen worden hersteld door een HP-servicemedewerker.
Veiligheidsinformatie | 16Gebruik van verbruiksartikelen OpgepastHaal de tonercassette niet uit elkaar.Tonerstof kan gevaarlijk zijn bij inademing of opname.Verbrand geen verbruiksartikelen zoals een tonercassette of fixeereenheid.Dit kan een explosie of onbeheersbare brand veroorzaken.Houd kinderen uit de buurt van de plaats waar u verbruiksartikelen (bijvoorbeeld tonercassettes) bewaart.Tonerstof kan gevaarlijk zijn bij inademing of opname.Het gebruik van gerecycleerde verbruiksartikelen, zoals toner, kan het apparaat beschadigen.Bij schade als gevolg van het gebruik van gerecyclede verbruiksartikelen zullen reparatiekosten in rekening worden gebracht.Volg de onderstaande instructies voor verbruiksartikelen die tonerstof bevatten (tonercartridge, cassette voor gebruikte toner, beeldeenheid, enzovoort).• Volg de instructies voor verwijdering wanneer u de verbruiksartikelen weggooit.
Raadpleeg de plaatselijke verkoper voor verwijderingsinstructies.• De verbruiksartikelen mogen niet gewassen worden.• Gebruik de cassette voor gebruikte toner niet opnieuw nadat u deze hebt geleegd.Als u de bovenstaande instructies niet opvolgt, kan dit resulterende defecten in het apparaat of verontreiniging van het milieu. De garantie dekt geen kosten die zijn veroorzaakt door nalatigheid van de gebruiker.Als er tonerstof op uw kleding terechtkomt, moet u geen warm water gebruiken.Door warm water hecht de toner zich aan de stof. Gebruik altijd koud water.Zorg ervoor dat er geen tonerstof op uw lichaam of kledij terechtkomt bij het vervangen van de tonercassette of het verwijderen van vastgelopen papier.Tonerstof kan gevaarlijk zijn bij inademing of opname.
Apparaatoverzicht | 18Voorkant • Deze afbeelding kan afhankelijk van het model afwijken van uw apparaat.• Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 7). 1Uitvoerlade2Bedieningspaneel3Lade4Papieruitvoersteun5Bovenklep6Tonercassette7Papierbreedtegeleider1276534
Overzicht van het bedieningspaneel | 20Overzicht van het bedieningspaneel Dit bedieningspaneel kan afhankelijk van het model afwijken van uw apparaat. Er zijn verschillende types bedieningspanelen.
1 Toner-LED Toont de status van de toner (zie "Toner-LED/ Draadloze LED/ Aan/Uit-LED" op pagina 79).2 DraadloosHiermee kunt u de draadloze netwerkverbinding gemakkelijk configureren zonder computer (zie "Draadloos netwerk instellen" op pagina 37).3Hervatten/Annuleren• Configuratiepagina en netwerkconfiguratiepagina- Houd deze knop ongeveer 10 seconden ingedrukt totdat het Aan/uit- LED langzaam knippert en laat los.• Drukt een informatierapport/foutrapport af met gegevens over de verbruiksartikelen- Houd deze knop ongeveer 15 seconden ingedrukt totdat het Aan-uit LED snel knippert en laat los.• Afdrukken annuleren- Druk op deze knop tijdens het afdrukken.• Handmatig afdrukken- Druk op deze knop om de andere kant van alle pagina’s af te drukken als u Dubbelzijdig afdrukken (handmatig) in uw stuurprogramma hebt geselecteerd.4 Aan/uit • U kunt de stroom in- of uitschakelen.• U kunt apparaat wakker maken uit de slaapstand.5Meldings-LEDToont de status van uw printer (zie "Meldings-LED" op pagina 79).12345
De software installeren | 22De software installerenInstalleer de printersoftware nadat u de printer hebt geïnstalleerd en op uw computer hebt aangesloten. U moet de software pakketten van de website van HP downloaden om de printersoftware te installeren.Vóór de installatie, controleer of uw computers besturingssysteem de software ondersteunt (zie "Besturingssysteem" op pagina 7).Ga naar www.hp.com/support/laser100 voor HP's allesomvattende hulp.Vindt de volgende ondersteuning:• Installeren en configureren• Leren en gebruiken• Problemen oplossen• Download software- en firmware-updates• Meld u aan bij ondersteuningsfora• Vindt informatie met betrekking tot garantie en regelgeving Een lokale printer is een printer die via een kabel rechtstreeks op uw computer is aangesloten.
Als uw apparaat met een netwerk is verbonden, slaat u de onderstaande stappen over en gaat u verder met de installatie van het stuurprogramma voor een netwerkapparaat (zie "Installeren van een stuurprogramma over het netwerk" op pagina 36). Gebruik alleen een USB-kabel die niet langer is dan 3 meter (118 inch).
De standaardinstellingen van het apparaat | 24De standaardinstellingen van het apparaatNadat de installatie is voltooid, kunt u de standaardinstellingen van het apparaat opgeven.Standaardinstellingen apparaatU kunt de in het apparaat ingestelde apparaatinstellingen wijzigen vanaf HP Easy Printer of HP Embedded Web Server.• Als uw apparaat op het netwerk is aangesloten, kunt u de apparaatinstellingen instellen vanaf HP Easy Printer Manager > Geavanceerde instellingen > Apparaatinstellingen (zie "HP Easy Printer Manger gebruiken" op pagina 59).• Als uw apparaat op het netwerk is aangesloten, kunt u de apparaatinstellingen instellen vanaf HP Embedded Web Server > tabblad Settings > Machine Settings (zie "HP Embedded Web Server gebruiken" op pagina 42).Aanpassing aan luchtdruk of hoogteDe afdrukkwaliteit wordt beïnvloed door de atmosferische druk, die wordt bepaald door de hoogte boven zeeniveau waar het apparaat staat.
De volgende informatie zal u helpen bij de instelling van uw apparaat voor de beste afdrukkwaliteit.Ga na op welke hoogte u zich bevindt en stel de juiste luchtdruk in.• Normaal: 0 ~ 1.000 m• Hoog 1: 1.000 m ~ 2.000 m• Hoog 2: 2.000 m ~ 3.000 m• Hoog 3: 3.000 m ~ 4.000 m• Hoog 4: 4.000 m ~ 5.000 m U kunt de hoogtewaarde instellen van HP Easy Printer Manager of HP Embedded Web Server.• Als uw apparaat op het netwerk is aangesloten, kunt u de apparaatinstellingen instellen vanaf HP Easy Printer Manager > Geavanceerde instellingen > Apparaatinstellingen (zie "HP Easy Printer Manger gebruiken" op pagina 59).• Als uw apparaat op het netwerk is aangesloten, kunt u de apparaatinstellingen instellen vanaf HP Embedded Web Server > tabblad Settings > Machine Settings (zie "HP Embedded Web Server gebruiken" op pagina 42).
Afdrukmateriaal en lade | 25Afdrukmateriaal en ladeIn dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe u afdrukmedia in uw apparaat plaatst.Afdrukmateriaal selecterenU kunt afdrukken op verschillende afdrukmedia, zoals op gewoon papier, enveloppen, etiketten en transparanten. Gebruik altijd afdrukmedia die voldoen aan de richtlijnen voor gebruik met uw machine.Richtlijnen om afdrukmedia te selecterenAfdrukmedia die niet aan de richtlijnen uit de gebruikershandleiding voldoen kunnen de volgende problemen veroorzaken:• Slechte afdrukkwaliteit.• Meer papierstoringen• Versnelde slijtage van het apparaat.De eigenschappen van het papier, zoals gewicht, samenstelling, vezel- en vochtgehalte, zijn van grote invloed op de prestaties van het apparaat en de afdrukkwaliteit.
Houd bij de keuze van afdrukmedia rekening met het volgende:• Het type, formaat en gewicht van het afdrukmateriaal voor uw apparaat worden beschreven in de specificaties van afdrukmateriaal (zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 100).• Gewenst resultaat: de afdrukmedia die u kiest moeten geschikt zijn voor het doel.• Helderheid: sommige afdrukmaterialen zijn witter dan andere en leveren scherpere, helderdere en levendigere afbeeldingen op.• Gladheid van het oppervlak: de gladheid van de afdrukmedia bepaalt hoe scherp de afdrukken er uitzien op papier. • Het is mogelijk dat bepaalde afdrukmedia aan alle richtlijnen van deze gebruikershandleiding voldoen en toch geen bevredigende resultaten opleveren.
Dit kan het gevolg zijn van eigenschappen van de vellen, een onjuiste bediening, een ongewenst temperatuur- en vochtigheidsniveau of andere variabele omstandigheden waarover men geen controle heeft.• Voordat u grote hoeveelheden afdrukmedia koopt, controleert u of het papier voldoet aan de vereisten in deze handleiding.
Afdrukmateriaal en lade | 26 • Wanneer u afdrukmateriaal gebruikt dat niet voldoet aan deze specificaties, kan dit problemen veroorzaken waarvoor reparatie vereist is. Deregelijke reparaties worden niet gedekt door HP's garantie of de service-overeenkomsten.• Hoeveel papier u in de lade kunt plaatsen is afhankelijk van het gebruikte afdrukmateriaal (zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 100).• Zorg ervoor dat u geen fotopapier voor inkjetprinters gebruikt. Dit kan uw apparaat beschadigen.• Gebruik van ontvlambaar afdrukmateriaal kan brand veroorzaken.• Gebruik aangegeven afdrukmateriaal (zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 100). Het gebruik van ontvlambaar materiaal of het achterblijven van vreemde materialen in de printer kan oververhitting veroorzaken en in zeldzame gevallen brand.
Hoeveel papier u in de lade kunt plaatsen is afhankelijk van het gebruikte afdrukmateriaal (zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 100).Lade overzichtOm het formaat te wijzigen, moet u de papiergeleiders aanpassen. Als u de geleiders niet aanpast, kan dit tot gevolg hebben dat de afdruk scheef of op de verkeerde plaats afgedrukt wordt, of dat het papier vastloopt. 1. Papierbreedtegeleider2. Lade21
Afdrukmateriaal en lade | 27Papier in de lade plaatsen1Open de lade.2Buig de papierstapel of waaier het papier uit, om de pagina's van elkaar te scheiden voor u het papier in het apparaat plaatst.3Stel het formaat van de lade in op het formaat van de te plaatsen afdrukmaterialen (zie "Lade overzicht" op pagina 26). Plaats het papier in de lade met de te bedrukken zijde naar boven en open de uitvoerlade.4Houd de breedtegeleider ingedrukt en schuif deze tegen de stapel papier, zonder het papier te buigen.2134
Afdrukmateriaal en lade | 28 • Als u de geleiders niet aanpast, kan dit tot gevolg hebben dat de afdruk scheef of op de verkeerde plaats afgedrukt wordt, of dat het papier vastloopt.• Druk de papierbreedtegeleider niet te hard tegen de rand van het papier, omdat het papier daardoor kan buigen.• Als u de breedtegeleider niet aanpast, kan het papier vastlopen.• Gebruik geen papier waarvan de voorste rand opgekruld is. Hierdoor kan het papier vastlopen of kreukelen.
5Stel het papiertype en -formaat voor de lade in als u een document wilt afdrukken (zie "Papierformaat en papiertype instellen" op pagina 32).Afdrukken op speciale afdrukmediaDe onderstaande tabel toont de te gebruiken speciale afdrukmedia voor elke lade.Om de ingestelde papierinstelling in de machine te wijzigen, selecteert u in Voorkeursinstellingen voor afdrukken > het tabblad Papier > de optie Type (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 50). Voor het gebruik van speciale afdrukmedia raden wij u aan om telkens een vel per keer in te voeren (zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 100). Zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 100voor papiergewicht per vel.Types LadeNormaal papier ●
Afdrukmateriaal en lade | 29(●: ondersteund)EnvelopOf enveloppen goed worden bedrukt, is afhankelijk van de kwaliteit.Plaats een envelop op de volgende manier om deze te bedrukken.Als u Envelop selecteert in het venster Afdrukvoorkeuren, maar de afgedrukte afbeeldingen worden gemakkelijk gewist, selecteer de grootte van de enveloppe en probeer opnieuw af te drukken.
Dit kan echter lawaai veroorzaken bij het afdrukken.• Houd bij de keuze van enveloppen rekening met de volgende factoren:-Gewicht: niet zwaarder dan 90g/m2, anders kunnen de enveloppen vastlopen.-Samenstelling: plat liggend met minder dan 6 mm opkrullende rand, zonder lucht.-Toestand: geen gekrulde, verkreukelde of beschadigde enveloppen.-Temperatuur: dienen tegen de warmte en druk van het apparaat in werking te kunnen.• Gebruik alleen goed gevormde enveloppen met scherpe vouwen.• Gebruik geen afgestempelde enveloppen.• Gebruik geen enveloppen met sluithaakjes, knipsluitingen, vensters, gecoate binnenbekleding, zelfklevende sluitingen of andere synthetische materialen.• Gebruik geen beschadigde enveloppen of enveloppen van slechte kwaliteit.• Controleer of de naad aan beide uiteinden van de envelop helemaal doorloopt tot in de hoek.Zwaar 90-120 g ●Licht 60-69 g ●Bankpost ●Kleur ●Extra zwaar 121-163 g ●Etiketten ●Enveloppen ●Voorbedrukt ●Kringlooppapier ●Types Lade
Afdrukmateriaal en lade | 30• Enveloppen met een verwijderbare strip of met meer dan één zelfklevende vouwbare klep moeten van een kleefmiddel zijn voorzien dat gedurende 0,1 seconde bestand is tegen de fixeertemperatuur van het apparaat (ongeveer 170C). De extra kleppen en strips kunnen kreuken, scheuren en papierstoringen veroorzaken, en kunnen zelfs de fixeereenheid beschadigen.• Voor de beste afdrukkwaliteit plaatst u de marges best niet dichter dan 15mm van de rand van de envelop.• Druk niet af op de plaats waar de naden van de envelop samenkomen.EtikettenOm beschadigingen aan het apparaat te voorkomen, gebruikt u uitsluitend etiketten die speciaal zijn ontworpen voor laserprinters.• Bij de keuze van etiketten dient u rekening te houden met de volgende factoren:-Kleefstoffen: Bestand tegen de fixeertemperatuur van het apparaat.
Controleer de specificaties van uw apparaat voor informatie over de fixeertemperatuur (ongeveer 170°C).-Schikking: gebruik uitsluitend etiketvellen waarvan het rugvel tussen de etiketten niet blootligt. Bij etiketvellen met ruimte tussen de etiketten kunnen de etiketten loskomen van het rugvel. Dit kan ernstige papierstoringen tot gevolg hebben.-Krullen: Moet plat liggen en in geen enkele richting meer dan 13 mm omkrullen.-Toestand: gebruik geen etiketten die gekreukt zijn, blaasjes vertonen of loskomen van het rugvel.• Let op dat er tussen de etiketten geen zelfklevend materiaal blootligt. Blootliggende delen kunnen ervoor zorgen dat etiketten tijdens het afdrukken loskomen, waardoor het papier kan vastlopen. Ook kunnen hierdoor onderdelen van het apparaat beschadigd raken.• Plaats geen gebruikte etiketvellen in het apparaat.
De klevende achterzijde mag slechts een keer door het apparaat worden gevoerd.• Gebruik geen etiketten die loskomen van het rugvel, blaasjes vertonen, gekreukt of anderszins beschadigd zijn.
Afdrukmateriaal en lade | 31Kartonpapier/papier van een aangepast formaat• Stel de marges in de softwaretoepassing in op ten minste 6,4mm van de zijkanten van de afdrukmedia.Voorbedrukt papierBij het plaatsen van voorbedrukt papier moet de bedrukte zijde bovenaan liggen en mag de voorzijde niet gekruld zijn. Bij invoerproblemen draait u het papier om. Er zijn geen garanties wat de afdrukkwaliteit betreft.• Briefhoofden moeten afgedrukt worden met hittebestendige inkt die niet smelt, verdampt of schadelijke gassen uitstoot als ze gedurende 0,1 seconde worden blootgesteld aan de fixeertemperatuur (ongeveer 170 °C) van het apparaat.• De inkt op het voorbedrukt papier mag niet ontvlambaar zijn en mag de printerrollen niet beschadigen.• Voor u voorbedrukt papier in de lade plaatst, controleert u of de inkt op het papier droog is.
Afdrukmateriaal en lade | 32Papierformaat en papiertype instellenNadat u papier in de papierlade hebt geplaatst, stelt u het papierformaat en de papiersoort in.Om de ingestelde papierinstelling in de machine te wijzigen, selecteert u in Voorkeursinstellingen voor afdrukken > het tabblad Papier > de optie Type (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 50). Als u een speciaal papierformaat wilt gebruiken, zoals factuurpapier, selecteert u Aangepast Papier op het tabblad in Voorkeursinstellingen voor afdrukken (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 50).
Een via een netwerk aangesloten apparaat gebruikenIn dit hoofdstuk wordt stap voor stap uitgelegd hoe u een apparaat instelt dat via het netwerk aangesloten is en hoe u de software instelt.• Netwerkinstallatie 34• Installeren van een stuurprogramma over het netwerk 36• Draadloos netwerk instellen 37• HP Embedded Web Server gebruiken 42• HP Smart app 45 De ondersteunde optionele apparaten en functies kunnen van model tot model verschillen (zie "Functies per model" op pagina 7).
Netwerkinstallatie | 34NetwerkinstallatieEen netwerkconfiguratierapport afdrukkenU kunt een netwerkconfiguratierapport afdrukken vanaf het bedieningspaneel van het apparaat, waarin de huidige netwerkinstellingen van uw apparaat worden weergegeven. Dit zal u helpen bij de installatie van een netwerk.Druk ongeveer 10 seconden op de knop (Hervatten/Annuleer) op het bedieningspaneel.In dit netwerkconfiguratierapport kunt u het MAC-adres en IP-adres van uw apparaat vinden.Voorbeeld:• MAC-adres: 00:15:99:41:A2:78• IP-adres: 169.254.192.192Het IP-adres instellenEerst moet u een IP-adres instellen voor het beheren van en afdrukken via het netwerk. In de meeste gevallen wordt een IP-adres automatisch toegewezen via een DHCP-server (Dynamic Host Configuration Protocol Server) die zich in het netwerk bevindt.IPv4-configuratieOok kunt u de TCP/IPv4 vanaf Embedded Web Server instellen.
Wanneer het venster Embedded Web Server wordt geopend, verplaatst u de muiscursor over de Settings van de bovenste menubalk, en klik vervolgens op Network Settings ("Het tabblad Settings" op pagina 43).IPv6-configuratieIPv6 wordt alleen juist ondersteund in Windows Vista of latere versies.Het apparaat ondersteunt de volgende IPv6-adressen voor het afdrukken vanaf het netwerk en voor netwerkbeheer.• Link-local Address: zelfgeconfigureerde lokale IPv6-adressen (adres begint met FE80).• Stateless Address: automatisch door een netwerkrouter geconfigureerd IPv6-adres.• Stateful Address: Door een DHCPv6-server geconfigureerd IPv6-adres.• Manual Address: Door de gebruiker handmatig geconfigureerd IPv6-adres.Volg in een IPv6-netwerkomgeving de volgende procedure om het IPv6-adres te gebruiken.
Netwerkinstallatie | 35IPv6 activeren1Open een webbrowser in Windows, zoals Internet Explorer. Typ het IP-adres van het apparaat (http://xxx.xxx.xxx.xxx) in het adresveld en druk op de Enter-toets of klik op Ga naar.2Als u voor de eerste keer inlogt op HP Embedded Web Server, moet u zich aanmelden als beheerder. Typ de standaard ID (admin) in. Wij raden u aan om het standaard wachtwoord in te stellen vanwege veiligheidsredenen.3Wanneer het venster Embedded Web Server wordt geopend, verplaatst u de muiscursor over de Settings van de bovenste menubalk, en klik vervolgens op Network Settings.4Klik op TCP/IPv6 in het linkerdeelvenster van de website.5Schakel het selectievakje IPv6 Protocol in om IPv6 te activeren.6Klik op de knop Apply.7Zet het apparaat uit en weer aan.
• U kunt ook DHCPv6 instellen.• Ga als volgt te werk om het IPv6-adres handmatig in te stellen:Schakel het selectievakje Manual Address in. Vervolgens wordt het tekstvak Address/Prefix geactiveerd. Voer de rest van het adres in (bijv. 3FFE:10:88:194::AAAA. "A" is de hexadecimaal 0 tot 9, A tot F). IPv6-adresconfiguratie1Start een webbrowser zoals Internet Explorer die IPv6-adressering als URL ondersteunt.2Selecteer een van de IPv6-adressen (Link-local Address, , Stateless Address Stateful Address, Manual Address) uit het netwerkconfiguratierapport (zie "Een netwerkconfiguratierapport afdrukken" op pagina 34).3Voer de IPv6-adressen in (bijv. http://[FE80::215:99FF:FE66:7701]). De adressen moeten tussen vierkante haakjes ("[ ]")worden geplaatst.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk | 36Installeren van een stuurprogramma over het netwerk • Vóór de installatie, controleer of uw computers besturingssysteem de software ondersteunt (zie "Besturingssysteem" op pagina 7).• Wanneer het apparaat de netwerkinterface niet ondersteunt, kunt u deze functie niet gebruiken (zie "Achterkant" op pagina 19).• U moet de software pakketten van de website van HP downloaden om de printersoftware te installeren. Ga naar www.hp.com/support/laser100 voor HP's allesomvattende hulp. Windows De firewallsoftware blokkeert mogelijk de netwerkcommunicatie. Voordat u het apparaat aansluit op het netwerk, schakel de firewall van de computer uit. 1Controleer of het apparaat met het netwerk is verbonden en ingeschakeld is.
Het IP-adres van uw apparaat moet reeds ingesteld zijn (zie "Het IP-adres instellen" op pagina 34).2Download het printerstuurprogramma van de HP website (www.hp.com/support/laser100).3Schakel het apparaat in.4Pak het stuurprogrammapakket uit en voer de installatie van het stuurprogramma uit.5Volg de instructies in het installatievenster.
Draadloos netwerk instellen | 37Draadloos netwerk instellen Afhankelijk van het model is een draadloos netwerk mogelijk niet beschikbaar (zie "Functies per model" op pagina 7). Draadloze netwerken vereisen een hoger beveiligingsniveau. Als u voor het eerst een toegangspunt installeert, worden een netwerknaam (SSID), een beveiligings-id en een Netwerkwachtwoord voor het netwerk gegenereerd. Vraag uw netwerkbeheerder om deze informatie voordat u verder gaat met de installatie van het apparaat.Methoden voor het instellen van een draadloos netwerkU kunt de instellingen van uw draadloze netwerk configureren vanaf het apparaat of de computer. Kies de instellingsmethode uit de onderstaande tabel.
• Sommige installatiemethoden voor het draadloze netwerk zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van het model of land.• Het wordt ten strengste aangeraden dat u het wachtwoord instelt op toegangspunten. Als u het wachtwoord niet instelt op toegangspunten kunnen onbekende apparaten, waaronder pc's, smartphones en printers, mogelijk illegaal toegang krijgen. Raadpleeg de gebruikershandleiding toegangspunten voor de wachtwoordinstellingen.
InstallatiemethodeVerbindingsmethode Beschrijving & ReferentieMet toegangspuntVia de computerZie "Instellen via USB-kabel" op pagina 38voor Windows.Zie "Toegangspunt zonder USB-kabel" op pagina 39voor Windows.Vanaf het bedieningspaneel van het apparaatZie "De WPS-instellingen gebruiken" op pagina 38.Van de HP Smart-app Zie "Verbinden met gebruik van de HP Smart-app" op pagina 45.Wi-Fi Direct instellen Zie "Wi-Fi Direct voor mobiel printen instellen" op pagina 40.
Draadloos netwerk instellen | 38Herstellen van de instellingen van het draadloze netwerkU kunt de standaard netwerkinstellingen terugzetten.Druk op en houd de knop ( ) op het bedieningspaneel gedurende ongeveer Draadloos 20 seconden ingedrukt.
Als de (Meldings)-LED en de (Aan/Uit)-LED samen beginnen te knipperen, laat de knop (Draadloos) los.De WPS-instellingen gebruikenAls uw apparaat en toegangspunt (of draadloze router) Wi-Fi Protected Setup™ (WPS) ondersteunen, dan kunt u de instellingen van het draadloze netwerk eenvoudig configureren via de menuknop (Draadloos) zonder dat u een computer nodig heeft.Wat u nodig hebt• Controleer of het toegangspunt (of de draadloze router) Wi-Fi Protected Setup™ (WPS) ondersteunt.• Controleer of uw apparaat Wi-Fi Protected Setup™ (WPS) ondersteunt.1Druk de knop (Draadloos) op het bedieningspaneel gedurende ten minste 3 seconden in en laat de knop los.Er wordt verbinding gemaakt met het draadloze netwerk.2Druk binnen 2 minuten op de knop WPS (PBC) op het toegangspunt (of de draadloze router).a. Het apparaat is bezig verbinding te maken met het toegangspunt (of de draadloze router).b.
Wanneer het apparaat succesvol s verbonden met het draadloze netwerk, blijft het LED-lampje branden.3Ga door met het installeren van de software.Instellen met WindowsInstellen via USB-kabelWat u nodig hebt• Toegangspunt• Netwerkcomputer• U moet de software pakketten van de website van HP downloaden om de printersoftware te installeren. Ga naar www.hp.com/support/laser100 voor HP's allesomvattende hulp.• Een apparaat met een daarop geïnstalleerde interface voor draadloze netwerken• USB-kabel
Draadloos netwerk instellen | 39Opzetten van de netwerkinfrastructuur1Controleer of de USB-kabel op het apparaat is aangesloten.2Zet de computer, het toegangspunt en het apparaat aan.3Download het printerstuurprogramma van de HP website (www.hp.com/support/laser100).4Pak het stuurprogrammapakket uit en voer de installatie van het stuurprogramma uit.5Controleer en accepteer de installatie-overeenkomst in het installatievenster. Klik daarna op Volgende.6Selecteer Draadloos in het scherm Type printerverbinding. Klik daarna op Volgende.7Selecteer in het scherm Stelt u uw printer voor de eerste keer in? de optie Ja, ik wil het draadloze netwerk voor mijn printer instellen.
Klik daarna op Volgende.Als uw printer al is verbonden met het netwerk, selecteert u Nee, mijn printer is al verbonden met mijn netwerk.8Selecteer Een USB-kabel gebruiken op het scherm Selecteer de installatiemethode voor een draadloze verbinding. Klik daarna op Volgende.9Na de zoekactie toont het venster de draadloze netwerkapparaten. Selecteer de naam (SSID) van het toegangspunt dat u wilt gebruiken en klik op Volgende.10Als het instellen van het draadloze netwerk is voltooid, verwijder dan de USB-kabel tussen de computer en de printer. Klik op Volgende.11 Selecteer de onderdelen die u wilt installeren.12 Volg de instructies in het installatievenster.Toegangspunt zonder USB-kabelWat u nodig hebt• PC met WiFi en Windows 7 of hoger en een toegangspunt (router)• U moet de software pakketten van de website van HP downloaden om de printersoftware te installeren.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met HP Laser 107w stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer HP
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer