HP Deskjet 4220e Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van HP Deskjet 4220e (83 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 136 mensen. Heb je een vraag over HP Deskjet 4220e of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | HP |
| Categorie: | Printer |
| Model: | Deskjet 4220e |
Foutcodes HP Deskjet 4220e
Foutcodes uit de officiële handleiding, met betekenis en oplossing.
| Code | Betekenis | Oplossing |
|---|---|---|
| E00 | Er is een probleem met de cartridge, zoals aangegeven door het knipperende pictogram Inktnivieau. | Kijk na of er een foutbericht verschijnt in HP software en los deze op door de aanwijzingen op het scherm te volgen. |
| E1 | Papierformaat onjuist. Tijdens het afdrukken heeft de printer gedetecteerd dat het papierformaat niet overeenkomt met de breedte van het geplaatste papier. | 1. Druk op de knop Hervatten om door te gaan met afdrukken met de fout of druk op de knop Annuleren. 2. Plaats papier van hetzelfde formaat als van de pagina die u wilt afdrukken of wijzig de papierformaatinstelling zodat dit overeenkomt met het papier dat in de printer is geplaatst. 3. Druk het document opnieuw af. |
| E2 | Papierlengte onjuist. Tijdens het afdrukken heeft de printer gedetecteerd dat de papierlengte niet overeenkomt met het geplaatste papier. | 1. Druk op de knop Hervatten om door te gaan met afdrukken met de fout of druk op de knop Annuleren. 2. Plaats papier van hetzelfde formaat als van de pagina die u wilt afdrukken of wijzig de papierformaatinstelling zodat dit overeenkomt met het papier dat in de printer is geplaatst. 3. Druk het document opnieuw af. |
| E3 | De cartridgewagen in de printer is vastgelopen. | 1. Open de voorklep en de toegangsklep van de cartridge. 2. Controleer of de wagen met cartridges niet wordt belemmerd. 3. Verwijder vastgelopen papier of andere objecten die de wagen met cartridges blokkeren. 4. Sluit de toegangsklep voor de cartridges. 5. Druk op de knop Hervatten om door te gaan met afdrukken of druk op de knop Annuleren. 6. Schakel de printer uit en weer in of neem contact op met HP als het probleem zich blijft voordoen. |
| E4 | Het papier is vastgelopen. | Verwijder het vastgelopen papier. Raadpleeg de sectie Papierstoringen en problemen met papieraanvoer voor gedetailleerde instructies. |
| E5 | De scanner werkt niet. | 1. Druk op de knop Annuleren en probeer nogmaals te scannen. 2. Als het scannen nog steeds mislukt, schakelt u de printer uit en vervolgens weer in. Opmerking: Ook wanneer de scanner niet werkt, kunt u blijven afdrukken. |
| E6 | De printer bevindt zich in een foutstatus. | 1. Zet de printer uit. 2. Trek de stekker uit het stopcontact. 3. Wacht ongeveer een minuut en sluit vervolgens het netsnoer weer aan. 4. Schakel de printer in. Neem contact op met HP als het probleem hiermee niet is verholpen. |
Handleiding HP Deskjet 4220e – volledige tekst
Mac, OS X, macOS, en AirPrint zijn in de Verenigde Staten en andere landen gedeponeerde handelsmerken van Apple Inc. ENERGY STAR en het ENERGY STAR logo zijn gedeponeerde handelsmerken van het Amerikaanse Environmental Protection Agency. Android en Chromebook zijn handelsmerken van Google LLC. iOS is een handelsmerk of gedeponeerd handelsmerk van Cisco in de VS en andere landen en wordt onder licentie gebruikt. VeiligheidsinformatieVolg altijd de standaard veiligheidsvoorschriften bij het gebruik van dit product. Op deze manier beperkt u het risico van verwondingen door brand of elektrische schokken. - Lees en begrijp alle instructies in de documentatie bij uw printer. - Neem alle op dit product vermelde waarschuwingen en instructies in acht. - Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact voordat u dit product reinigt.
- Zet het product op een veilige plaats waar niemand op het netsnoer kan trappen of erover kan struikelen en waar het netsnoer niet kan worden beschadigd. - Als het product niet normaal werkt, raadpleegt u Een probleem oplossen in deze handleiding. - U mag zelf geen onderdelen repareren. Voor reparatie- of onderhoudswerkzaamheden dient u contact op te nemen met een bevoegd technicus.
Inhoudsopgave1Aan de slag. 1Afbeeldingen van de printer. 1Voorzijde. 1Achteraanzicht. 2Bedieningspaneel. 2Kenmerken van het bedieningspaneel. 2Schermpictogrammen bedieningspaneel. 4Algemene taken uitvoeren op het bedieningspaneel van de printer. 6Rapporten afdrukken vanaf het bedieningspaneel van de printer. 6De printerinstellingen wijzigen. 7HP Smart (iOS, Android en Windows 10). 7De embedded web server (EWS). 7Het standaardwachtwoord of de standaard-PIN van de printer zoeken. 7De HP Smart-app gebruiken. 8De HP printersoftware gebruiken (Windows). 8Printer uitschakelen. 92Uw printer verbinden. 10Vereisten voor HP+ printers. 10Verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk. 10Voordat u begint. 10Via HP Smart verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk. 11Verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk via HP printersoftware (Windows). 12Verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk via Wi-Fi Protected Setup (WPS).
Afdrukken via een computer met Windows. 21Afdrukken vanaf een Mac-computer. 21Afdrukken vanaf mobiele apparaten. 225Kopiëren, scannen en Mobile Fax. 23Kopiëren vanaf de scannerglasplaat of de documentinvoer. 23Kopiëren of scannen vanaf een mobiel apparaat. 23Scannen met behulp van HP printersoftware (Windows). 24Webscan gebruiken. 24Webscan gebruiken. 24Scannen met Webscan. 24Tips voor scannen en kopiëren. 25Mobiele fax. 256Uw printer congureren. 26De EWS openen en gebruiken. 26HP Smart (iOS, Android en Windows 10). 26De EWS openen met een IP-adres (Wi-Fi-verbinding). 27De EWS openen met een IP-adres (Wi-Fi Direct-verbinding). 27De papierinstellingen wijzigen. 27Netwerkinstellingen weergeven of wijzigen. 27De printer in een netwerk een andere naam geven. 28Het systeemwachtwoord toewijzen of wijzigen. 28Webservices gebruiken. 28Webservices verwijderen via de EWS. 287Cartridges beheren.
Aan-uitlampje. 38Papierpictogram en fouten. 38Inktpictogrammen en -fouten. 40Waarschuwing printkopuitlijning. 41Wi-Fi-status, -lampje en -pictogrammen. 41Papierstoringen en problemen met papieraanvoer. 43Mogelijke storingslocaties. 43Vastgelopen papier verwijderen. 44Problemen met de papieraanvoer oplossen. 48Ontdek hoe u storingen en problemen met de papierinvoer kunt voorkomen. 49Cartridgeproblemen. 49Identiceer welke cartridge een probleem heeft. 49Problemen met cartridges oplossen. 50Reinig de contactpunten van de cartridge. 50Problemen met afdrukken. 51Problemen oplossen met HP+ printers die niet afdrukken. 52Afdrukproblemen oplossen (Windows). 52Afdrukproblemen oplossen (macOS). 53Problemen met afdrukkwaliteit oplossen. 54Cartridges uitlijnen en reinigen. 55De embedded web server (EWS). 56HP printersoftware (Windows). 56Kopieer- en scanproblemen. 56Netwerk- en verbindingsproblemen.
AchteraanzichtPrinteronderdelen aan de achterkant.Tabel 1-2 Achteraanzicht van de printerFunctie Beschrijving1 Aansluiting voor netsnoer2 USB-poortOPMERKING: HP+ printers werken niet zoals verwacht als u een USB-verbinding gebruikt. Als u alle beschikbare printerfuncties wilt kunnen gebruiken, voltooit u de installatie met behulp van HP Smart en een internetverbinding. Na het instellen kunt u zo nodig verbinding maken via een USB-kabel.BedieningspaneelDe knoppen, lampjes en pictogrammen op het display van het bedieningspaneel begrijpenKenmerken van het bedieningspaneelHet bedieningspaneel heeft knoppen voor directe interactie, lampjes en een display om de printerstatus en fouten aan te geven.Controleer afhankelijk van uw printermodel de details van het juiste bedieningspaneel hieronder.Zie ook Foutcodes, lampjes en pictogrammen interpreteren.2 Hoofdstuk 1Aan de slag
Tabel 1-3 Overzicht knoppen en lampjesFunctie Beschrijving1 Aan-uitknop: Hiermee schakelt u de printer in of uit.2 Scherm van bedieningspaneel: Geeft het aantal kopieën, de status van de draadloze communicatie en de signaalsterkte, de status van Wi-Fi Direct, waarschuwingen of fouten en de geschatte inktniveaus weer.3 Lampje Inktwaarschuwing: Geeft een laag inktniveau of cartridgeproblemen aan.4 Knop Annuleren: Beëindigt de huidige bewerking.5 Knop Hervatten: Hervat een taak na een verstoring (bijvoorbeeld na het laden van papier of het oplossen van een papierstoring).Lampje Hervatten: Geeft aan dat er een waarschuwing of fout in de printer is.6 Knop Wi-Fi De draadloze functie van de printer in- of uitschakelen.Lampje Wi-Fi: Geeft aan of de printer is verbonden met een Wi-Fi-netwerk.7 Knop Informatie: Druk een informatiepagina af.
De pagina biedt een overzicht van printerinformatie en de huidige status.Lampje Informatie:● Druk op de knop Informatie als het lampje wit knippert om de verbinding te bevestigen als u de Wi-Fi-conguratie uitvoert.● Druk op de knop Informatie als het lampje oranje brandt om de informatiepagina af te drukken. Controleer de pagina voor diagnostische informatie en volg de aanwijzingen om eventuele problemen op te lossen.Kenmerken van het bedieningspaneel 3
Tabel 1-3 Overzicht knoppen en lampjes (vervolg)Functie Beschrijving8 Knop Kleurenkopie: Start met kopiëren in kleur. Druk meerdere keren snel op de knop om het aantal kopieën te verhogen. 9 Knop Zwart-witkopie: Start met kopiëren in zwart-wit. Druk meerdere keren snel op de knop om het aantal kopieën te verhogen. Tabel 1-4 Overzicht knoppen en lampjesFunctie Beschrijving1 Knop Annuleren: Beëindigt de huidige bewerking. 2 Knop Hervatten: Hervat een taak na een verstoring (bijvoorbeeld na het laden van papier of het oplossen van een papierstoring). Lampje Hervatten: Geeft aan dat er een waarschuwing of fout in de printer is. 3 Knop Informatie: Druk een informatiepagina af. De pagina biedt een overzicht van printerinformatie en de huidige status. Lampje Informatie:● Druk op de knop Informatie als het lampje wit knippert om de verbinding te bevestigen als u de Wi-Fi-conguratie uitvoert.
● Druk op de knop Informatie als het lampje oranje brandt om de informatiepagina af te drukken. Controleer de pagina voor diagnostische informatie en volg de aanwijzingen om eventuele problemen op te lossen. 4 Knop Wi-Fi De draadloze functie van de printer in- of uitschakelen. Lampje Wi-Fi: Geeft aan of de printer is verbonden met een Wi-Fi-netwerk. 5 Scherm van bedieningspaneel: Geeft het aantal kopieën, de status van de draadloze communicatie en de signaalsterkte, de status van Wi-Fi Direct, waarschuwingen of fouten en de geschatte inktniveaus weer. 6 Lampje Inktwaarschuwing: Geeft een laag inktniveau of cartridgeproblemen aan. 7 Knop Kleurenkopie: Start met kopiëren in kleur. Druk meerdere keren snel op de knop om het aantal kopieën te verhogen. 8 Knop Zwart-witkopie: Start met kopiëren in zwart-wit. Druk meerdere keren snel op de knop om het aantal kopieën te verhogen.
Zie ook Foutcodes, lampjes en pictogrammen interpreteren.OPMERKING: De printerafbeeldingen en details kunnen variëren, afhankelijk van uw printermodel.Tabel 1-5 Schermpictogrammen bedieningspaneelPictogram BeschrijvingFoutcode/nummerteller● Geeft de letter E en een nummer weer wanneer de printer een foutstatus heeft.● Geeft het aantal kopiëen weer tijdens het kopiëren van documenten.
Het maximumaantal is 9.● Verandert in een knipperende "A" nadat de uitlijningspagina voor de printkop is afgedrukt.● Geeft een racebaan-animatie of draaiend pictogram weer als de printer bezig is.Zie Foutcodes.Foutpictogram: Geeft een waarschuwing of fout aan.Papierpictogram: Geeft problemen met papier aan (zoals papier op, papierstoring enzovoort).Pictogrammen Wi-Fi-status: Geeft de Wi-Fi-status en de signaalsterkte aan.● Pictogram Wi-Fi-waarschuwing ● Wi-Fi-signaalbalkjes Pictogram voor Wi-Fi Direct: Geeft de Wi-Fi Direct-status aan.● Aan: Wi-Fi Direct is ingeschakeld en klaar voor gebruik.● Uit: Wi-Fi Direct staat uit.● Bij 3 seconden lang snel synchroon knipperen met het Foutpictogram en blijven branden, heeft Wi-Fi Direct het maximumaantal van 5 verbindingen bereikt.● Bij 3 seconden lang snel synchroon knipperen met het Foutpictogram en het gaat uit, is Wi-Fi Direct uitgeschakeld door uw netwerkbeheerder.Pictogrammen Inktniveau: Geeft de geschatte inktniveaus van de cartridges aan.Het linkerpictogram geeft de kleurencartridge aan en het rechterpictogram geeft de zwarte cartridge aan.Schermpictogrammen bedieningspaneel 5
Algemene taken uitvoeren op het bedieningspaneel van de printerAlgemene taken uitvoeren met behulp van knoppen op het bedieningspaneel. Tabel 1-6 Algemene taken uitvoerenTaak InstructiesDe draadloze functie van de printer in- of uitschakelen● Als het blauwe Wi-Fi-lampje uit is, drukt u op de Wi-Fi-knop om dit in te schakelen. ● Druk nogmaals op de knop om de Wi-Fi-functie uit te schakelen. Wi-Fi Direct in- of uitschakelenDruk 3 seconden lang op de knop Wi-Fi en de knop Hervatten. Wanneer de functie aan staat, wordt het pictogram Wi-Fi Direct weergegeven op het printerdisplay. Rapporten afdrukken vanaf het bedieningspaneel van de printerInformatie over de rapporten die u rechtstreeks vanaf de printer kunt afdrukken en hoe u ze kunt afdrukken. Controleer voor u afdrukt of er papier in de invoerlade is geplaatst.
Tabel 1-7AfdrukrapportenPrinterrapport Afdrukprocedure BeschrijvingPrinterinformatiepaginaDruk op de knop Informatie. Biedt een overzicht van printerinformatie en -status, inclusief netwerk, Wi-Fi Direct, webservices, inkt enzovoort. Statusrapport printerDruk op de Annuleren knop en houd deze gedurende 3 seconden ingedrukt. Geeft een samenvatting van printerinformatie, huidige status en instellingen, inclusief verbindingsinstellingen, evenals afdruk- of scaninstellingen en gebruik. Wi-Fi-netwerktestrapport en netwerkconguratiepaginaDruk tegelijkertijd op de knop Wi-Fi en de knop Informatie. Het Wi-Fi-netwerktestrapport toont de diagnoseresultaten voor de status van het Wi-Fi-netwerk, de sterkte van het Wi-Fi-signaal, de gevonden netwerken en meer. De netwerkconguratiepagina toont de netwerkstatus, de hostnaam, de netwerknaam en meer.
Tabel 1-7 Afdrukrapporten (vervolg)Printerrapport Afdrukprocedure BeschrijvingWebservicerapportDruk tegelijkertijd op de knop Informatie en de knop Annuleren .Afhankelijk van de status van Webservices bevat het rapport instructies om u te helpen bij het inschakelen of instellen van Webservices en het oplossen van verbindingsproblemen.WPS-pagina met pincodeHoud de knop Informatie en de knop Wi-Fi tegelijkertijd 3 seconden lang ingedrukt.Geeft de PIN-code voor een WPS-verbinding.De printerinstellingen wijzigenU kunt printerinstellingen wijzigen met HP software of de embedded web server (EWS).HP Smart (iOS, Android en Windows 10)Volg deze stappen:1. Open de software op uw computer of mobiele apparaat. Maak een HP account aan of meld u daarbij aan als daarom wordt gevraagd.Zie De HP Smart-app gebruiken.2.
Selecteer uw printer en klik of tik op Printerinstellingen; u kunt ook op de afbeelding van uw printer klikken of tikken om de printerinstellingen te openen.3. Selecteer de gewenste optie en breng de nodige wijzigingen aan.De embedded web server (EWS) Volg deze stappen:1. Open de EWS. Zie De EWS openen en gebruiken.2. Zoek een instelling. Of klik op de gewenste functie of het gewenste tabblad en selecteer een instelling in het linkermenu.3.
Breng de benodigde wijzigingen aan.Het standaardwachtwoord of de standaard-PIN van de printer zoekenWanneer u tijdens het instellen of aansluiten van de printer om een wachtwoord wordt gevraagd, voert u de standaardpincode in die op het PIN-label op de printer staat vermeld.Open de voorklep en toegangsklep voor de cartridges om het PIN-etiket te vinden.Als u het wachtwoord in de embedded web server (EWS) hebt gewijzigd, voert u uw wachtwoord in wanneer u daarom wordt gevraagd.De printerinstellingen wijzigen7
De HP Smart-app gebruikenMet de HP software kunt u verschillende printertaken uitvoeren vanaf mobiele apparaten en computers.● Het instellen en verbinden van uw printer● Het afdrukken en scannen van documenten en foto's● Het delen van documenten via e-mail en andere applicaties● Het beheren van printerinstellingen, het controleren van de printerstatus, het afdrukken van rapporten en het bestellen van suppliesOPMERKING:● Deze software wordt ondersteund op mobiele apparaten en computers met sommige versies van iOS, Android, Windows 10 en macOS.● Het is alleen beschikbaar in bepaalde talen en ondersteunt enkel bepaalde bestandsindelingen.
Sommige functies zijn alleen beschikbaar op bepaalde printers of rmodellen.● U kunt downloaden vanuit de respectievelijke app-stores voor het apparaat.● Bezoek de website van HP ondersteuning op hp.com/support voor meer informatie.Volg de onderstaande stappen om de software te installeren.1. Ga naar 123.hp.com om de software te downloaden en op uw apparaat te installeren.2. Open de software.3. Maak een HP account aan of meld u aan en registreer de printer wanneer u daarom wordt gevraagd.4. Sluit de printer aan.Zie Uw printer verbinden.De HP printersoftware gebruiken (Windows)U kunt de HP printersoftware gebruiken om printerinstellingen te congureren, de geschatte inktniveaus te controleren, afdrukbenodigdheden te bestellen, de printer te onderhouden, afdrukproblemen op te lossen en meer.
2. Open de software.Windows 10: Klik in het bureaublad op Start, selecteer Alle HP uit de lijst met apps en selecteer het pictogram met de printernaam.Printer uitschakelenDruk op de Aan-uitknop om de printer uit te schakelen. Wacht tot het aan-uitlampje uitgaat voor u de stekker loskoppelt of een wandschakelaar omzet.VOORZICHTIG: Zorg ervoor dat u de juiste procedure volgt wanneer u de printer uitschakelt om problemen te voorkomen.Printer uitschakelen 9
Uw printer verbinden2Informatie over verschillende manieren om uw printer te verbinden.Vereisten voor HP+ printersControleer de vereisten voordat u de printer aansluit.Houd de printer verbonden met internetHP+ printers zijn cloudapparaten die verbonden moeten blijven met internet om te kunnen functioneren. Via de internetverbinding kan de printer specieke app-functies en rmware-updates voor HP+ leveren.Tijdens de installatie moet u de printer verbinden met internet via een ondersteunde netwerkverbinding. Na het installeren kunt u indien gewenst afdrukken via een USB-kabelverbinding, maar de printer moet ook verbonden blijven met internet.Gebruik originele HP cartridgesOriginele HP cartridges zijn cartridges die worden geproduceerd door HP en die worden verkocht in oiciële HP verpakkingen.
Als er niet-originele HP supplies of hervulde cartridges zijn geïnstalleerd, werken HP+ printers niet zoals verwacht.Maak een HP accountMaak een HP account of meld u aan met uw HP account om uw printer te beheren.Verbinding maken met een Wi-Fi-netwerkInformatie over verschillende manieren om verbinding te maken met uw Wi-Fi-netwerk.Voordat u begint Controleer het volgende voor een Wi-Fi-verbinding:● Uw Wi-Fi-netwerk is ingesteld en werkt correct.● De Wi-Fi-functies van de printer zijn ingeschakeld. Druk op de Wi-Fi-knop om het in te schakelen.Zie Wi-Fi-status, -lampje en -pictogrammen voor de Wi-Fi-status.● De printer staat in de Wi-Fi-installatiemodus. In de installatiemodus moet het Wi-Fi-lampje blauw knipperen.Stel de netwerkinstellingen van de printer opnieuw in als dat niet het geval is.
Tijdens het maken van verbinding met de printer wordt u mogelijk gevraagd de naam van het Wi-Fi-netwerk (SSID) en een Wi-Fi-wachtwoord in te voeren:● SSID is de naam van uw Wi-Fi-netwerk. ● Het Wi-Fi-wachtwoord voorkomt dat andere personen zonder toestemming verbinding maken met uw Wi-Fi-netwerk. Afhankelijk van het vereiste beveiligingsniveau, kan uw Wi-Fi-netwerk een WPA-code of een WEP-sleutel gebruiken. ● Als u de netwerknaam of de beveiligingscode niet hebt gewijzigd sinds het instellen van uw Wi-Fi-netwerk, vindt u deze mogelijk terug op de achterkant of zijkant van de draadloze router. ● Als u uw netwerkreferenties niet kunt vinden of bent vergeten, raadpleegt u de documentatie die bij de computer of de draadloze router is geleverd; of neem contact op met de netwerkbeheerder of de persoon die het Wi-Fi-netwerk heeft ingesteld.
OPMERKING:● Raadpleeg Netwerk- en verbindingsproblemen oplossen voor het oplossen van problemen met de netwerkverbinding. ● Ga naar het HP Wi-Fi Printing Center voor meer informatie over het instellen en draadloos gebruiken van de printer. Via HP Smart verbinding maken met een Wi-Fi-netwerkInstalleer en gebruik deze HP software op uw computer of mobiele apparaat om de printer te installeren of te verbinden met uw Wi-Fi-netwerk. Zie De HP Smart-app gebruiken. 1. Zorg ervoor dat uw computer of mobiele apparaat verbonden is met uw Wi-Fi-netwerk. Schakel Bluetooth en/of locatieservices in op uw mobiele apparaat. OPMERKING: De software maakt gebruik van Bluetooth voor het installeren van de printer. Afdrukken via Bluetooth wordt niet ondersteund. 2. Als Wi-Fi van uw printer eerder was uitgeschakeld, drukt u op de Wi-Fi-knop om dit in te schakelen. 3.
Controleer of de Wi-Fi-installatiemodus van de printer is ingeschakeld. Het Wi-Fi-lampje moet blauw knipperen. Stel de netwerkinstellingen van de printer opnieuw in als dat niet het geval is. Zie Netwerkinstellingen voor de printer resetten via het bedieningspaneel. 4.
Open de software op uw computer of mobiele apparaat. Maak een HP account aan of meld u daarbij aan als daarom wordt gevraagd. 5. Selecteer de optie om een printer toe te voegen en volg de aanwijzingen op het scherm om de printer toe te voegen of aan te sluiten. ● Als u om het wachtwoord voor de printer wordt gevraagd, voert u de standaardpincode in die op het PIN-label op de printer staat vermeld. Zie Het standaardwachtwoord of de standaard-PIN van de printer zoeken. ● Wanneer de printer verbonden is, stopt het Wi-Fi-lampje met knipperen en blijft het branden. Via HP Smart verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk11.
Verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk via HP printersoftware (Windows)Om de printer aan te sluiten op een ingebouwd draadloos WLAN 802.11-netwerk, moet u ervoor zorgen dat:● Een draadloos 802.11 b/g/n-netwerk met een draadloze router of een draadloos toegangspunt.OPMERKING: De printer ondersteunt alleen een verbinding van 2,4 GHz.● Een computer die al is verbonden met het Wi-Fi-netwerk waarmee u de printer wilt verbinden.● Netwerknaam (SSID).● WEP-sleutel of WPA-toegangscode (indien nodig).Volg deze stappen:1. Open de software.Zie De HP printersoftware gebruiken (Windows).2. Klik op Apparaatinstellingen en software.3. Klik op Een nieuw apparaat aansluiten.4.
Selecteer Handmatige installatie, selecteer de draadloze optie en volg de instructies op het scherm.Verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk via Wi-Fi Protected Setup (WPS)Deze Wi-Fi-installatiemethode kan worden gebruikt als uw router een WPS-knop heeft.1. Zorg ervoor dat uw router en printer niet te ver van elkaar af zijn geplaatst.2. Houd op het bedieningspaneel van de printer de Wi-Fi-knop ten minste 3 seconden ingedrukt om WPS te starten.3. Druk binnen 2 minuten op de WPS-knop op de router.OPMERKING: Ga nadat u de printer draadloos hebt verbonden naar 123.hp.com om de HP software te downloaden en op uw apparaat te installeren.Wi-Fi wijzigen via EWSVolg deze stappen:1. Open de EWS. Zie De EWS openen en gebruiken.2. Klik op het tabblad Netwerk.3. Klik in het linkermenu op de optie voor draadloze communicatie en selecteer vervolgens de gewenste instellingen voor draadloze communicatie.4.
2. Klik op Hulpprogramma's.3. Klik op Apparaatinstellingen en software.4. Selecteer Instellingen draadloos opnieuw congureren en volg de aanwijzingen op het scherm.Verbinding maken met Wi-Fi DirectMet Wi-Fi Direct kunt u uw computer of mobiele apparaat rechtstreeks aansluiten op de printer en draadloos afdrukken, zonder uw apparaat aan te sluiten op een bestaand netwerk.Ga naar hp.com/go/wirelessprinting voor meer informatie over Wi-Fi Direct.Let op het volgende voor u begint.● Zorg ervoor dat er op uw computer of mobiel apparaat HP software of compatibele software is geïnstalleerd.● De naam en het wachtwoord van Wi-Fi Direct kunt u vinden in de handleiding voor Wi-Fi Direct.
Zie Rapporten afdrukken vanaf het bedieningspaneel van de printer.● Wi-Fi Direct kan niet worden gebruikt om uw computer, mobiele apparaat of printer met internet te verbinden.● Er kunnen maximaal 5 computers en mobiele apparaten verbonden zijn met de printer via een Wi-Fi Direct-verbinding.Volg deze stappen:1. Als Wi-Fi Direct op uw printer eerder was uitgeschakeld, drukt u 3 seconden lang op de knop Wi-Fi en de knop Hervatten .Wanneer de functie aan staat, wordt het pictogram Wi-Fi Direct weergegeven op het printerdisplay.2. Zoek en selecteer op uw computer of mobiele apparaat de Wi-Fi Direct-naam van uw printer in de lijst met Wi-Fi-netwerken.3. Verbinding maken met de printer. Voer het Wi-Fi Direct-wachtwoord in wanneer daarnaar wordt gevraagd.Wi-Fi Direct-instellingen wijzigen via EWSVolg deze stappen:1. Open de EWS. Zie De EWS openen en gebruiken.2. Klik op het tabblad Netwerk.3.
Klik in het linkermenu op Wi-Fi Direct, selecteer Status en klik vervolgens op de knop Instellingen bewerken.4. Breng de benodigde wijzigingen aan en klik op Toepassen.De printer aansluiten met een USB-kabelU kunt uw printer aansluiten met een USB-kabelVerbinding maken met Wi-Fi Direct13
OPMERKING: HP+ printers werken niet zoals verwacht als u een USB-verbinding gebruikt. Als u alle beschikbare printerfuncties wilt kunnen gebruiken, voltooit u de installatie met behulp van HP Smart en een internetverbinding. Na het instellen kunt u zo nodig verbinding maken via een USB-kabel.1. Verbind de printer en de computer met een USB-kabel.2. Open HP software op uw computer. Maak een HP account aan of meld u daarbij aan als daarom wordt gevraagd.3. Selecteer de optie om een printer toe te voegen en volg de aanwijzingen op het scherm om de printer toe te voegen.Overschakelen van USB naar een Wi-Fi-verbindingKoppel de USB-kabel los van de printer en volg de instructies in Via HP Smart verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk.14 Hoofdstuk 2Uw printer verbinden
Afdrukmateriaal laden3Informatie over het plaatsen van papier en originelen.Let op het volgende voor u begint.● Om problemen te voorkomen, wijzigt u de papierinstellingen zodat deze overeenkomen met het papier in de invoerlade. Zie De papierinstellingen wijzigen.● Vul nooit papier bij terwijl de printer nog aan het afdrukken is.● Als er ander papier in de invoerlade zit, verwijdert u het papier voor u papier van een ander type of met een andere grootte plaatst.● Zie de printersoftware voor een volledige lijst van de ondersteunde afdrukmaterialen. Voor netwerkprinters kunt u ook de embedded web server (EWS) bekijken. Raadpleeg De EWS openen en gebruiken om EWS te openen.OPMERKING: De printerafbeeldingen en details kunnen variëren, afhankelijk van uw printermodel.Papier plaatsenVolg deze stappen:1. Til de invoerlade omhoog.2. Schuif de papierbreedtegeleider naar links.Afdrukmateriaal laden 15
3. Plaats het papier zo ver mogelijk in de invoerlade. Zorg dat het papier in de afdrukstand Staand is geplaatst, met de zijde waarop moet worden afgedrukt naar beneden.Als u een klein formaat papier plaatst (zoals fotopapier), moet u ervoor zorgen dat de papierstapel tegen de rechterkant van de lade plaatst.4. Schuif de papierbreedtegeleider naar rechts tot deze bij de hoek van het papier stopt.5. Laat de uitvoerlade zakken en trek het verlengstuk van de uitvoerlade naar buiten.Enveloppen plaatsenVolg deze stappen:1. Til de invoerlade omhoog.2. Schuif de papierbreedtegeleider naar links.16Hoofdstuk 3Afdrukmateriaal laden
3. Plaats een of meer enveloppen tegen de rechterzijde van de invoerlade en schuif de stapel naar beneden tot hij niet meer verder kan. De afdrukzijde moet naar boven wijzen.a. Voor enveloppen met een ap aan de lange zijde voert u deze verticaal in met de ap aan de linkerzijde en naar beneden gericht.b. Voor enveloppen met een ap aan de korte zijde voert u deze verticaal in met de ap aan de bovenzijde.4.Schuif de papierbreedtegeleider naar binnen totdat deze tegen de stapel enveloppen komt.5. Laat de uitvoerlade zakken en trek het verlengstuk van de uitvoerlade naar buiten.Een origineel op de glasplaat leggenVolg deze stappen:1. Til de scannerklep op.2. Plaats het origineel met de afdrukzijde naar beneden op de glasplaat (uitgelijnd in de aangegeven hoek).OPMERKING: De printerafbeeldingen en details kunnen variëren, afhankelijk van uw printermodel.Een origineel op de glasplaat leggen17
2. Schuif het verlengstuk van de lade uit.3. Schuif de papierbreedtegeleiders naar buiten.4. Plaats het origineel met de bedrukte zijde omhoog in de documentinvoer.5. Schuif de papierbreedtegeleiders naar binnen tot deze tegen de rand van het papier aankomen.Elementaire informatie over papierDe printer is ontwikkeld voor het correct verwerken van de meeste afdrukmaterialen voor kantoorgebruik. U kunt het beste een verscheidenheid aan papiersoorten testen voordat u grote hoeveelheden koopt.Gebruik HP afdrukmateriaal voor de beste afdrukkwaliteit. Ga naar hp.com voor meer informatie over HP papier.Elementaire informatie over papier19
HP beveelt gewoon papier met het ColorLok-logo aan voor het afdrukken van alledaagse documenten. Al het papier met het ColorLok-logo is onafhankelijk getest om aan de hoogste standaarden van betrouwbaarheid en afdrukkwaliteit te voldoen, en documenten te produceren met heldere, levendige kleuren, scherper zwart en die sneller drogen dan normaal papier. Zoek naar papier met het ColorLok-logo in verschillende gewichten en formaten van grote papierfabrikanten.20 Hoofdstuk 3Afdrukmateriaal laden
Afdrukken4Informatie over het afdrukken vanaf uw computer of mobiele apparaat.U kunt afdrukken en uw printer beheren vanaf al uw apparaten door HP software op elk apparaat te installeren.Afdrukken via een computer met WindowsVolg deze stappen:1. Zorg ervoor dat u HP software hebt geïnstalleerd.2. Open het document dat u wilt afdrukken.3. Klik in uw softwaretoepassing in het menu Bestand op Afdrukken.4. Klik op de knop waarmee u het dialoogvenster Eigenschappen opent.Afhankelijk van uw softwaretoepassing heeft deze knop de naam Eigenschappen, Opties, Instellingen of Voorkeuren.5. Zorg ervoor dat uw printer is geselecteerd.6. Wijzig de afdrukinstellingen en klik op OK.7. Klik op Afdrukken of de knop OK om af te drukken.Afdrukken vanaf een Mac-computerGebruik de opdracht Afdrukken vanuit elk geopend bestand.1. Voer de volgende stappen uit als u voor de eerste keer afdrukt.a.
Afdrukken vanaf mobiele apparatenU kunt afdrukken met HP Smart of AirPrint/HP Print Service Plugin wanneer het mobiele apparaat zich op hetzelfde netwerk bevindt als de printer of op een ander netwerk (via Wi-Fi Direct).● iOS: Op apparaten met iOS 4.2 of hoger is AirPrint vooraf geïnstalleerd.● Android: Download de HP Print Service Plugin (ondersteund door de meeste Android apparaten) uit de Google Play Store.● Ga naar hp.com/go/mobileprinting voor meer informatie over mobiel afdrukken.Als u wilt afdrukken via Wi-Fi Direct, verbind u de printer via Wi-Fi Direct (zie Verbinding maken met Wi-Fi Direct). Zodra de printer is verbonden, kunt u uw afdruktaak verzenden.22 Hoofdstuk 4Afdrukken
Kopiëren, scannen en Mobile Fax5Informatie over het gebruik van de functies voor kopiëren, scannen en mobiel faxen.Raadpleeg Tips voor scannen en kopiëren voordat u begint. Raadpleeg Kopieer- en scanproblemen als u problemen ondervindt.Kopiëren vanaf de scannerglasplaat of de documentinvoerOPMERKING: De documentinvoer is beschikbaar in bepaalde printermodellen.Alle documenten worden gekopieerd in de modus normale afdrukkwaliteit. U kunt de afdrukkwaliteit niet wijzigen tijdens het kopiëren.1. Plaats papier in de invoerlade.2. Plaats het origineel met de bedrukte zijde naar beneden op de glasplaat van de scanner of met de bedrukte zijde naar boven in de documentinvoer (sommige printermodellen).Zie Een origineel op de glasplaat leggen of Een origineel in de documentinvoer plaatsen (sommige printermodellen).3.
Druk op het bedieningspaneel van de printer op de knop Zwart-witkopie of de knop Kleurenkopie om het kopiëren te starten.Druk meerdere keren snel op de knop om het aantal kopieën te verhogen.Het kopiëren start 2 seconden na de laatste druk op de knop.Kopiëren of scannen vanaf een mobiel apparaatAls uw apparaat een camera heeft, kunt u de HP Smart app gebruiken om een afgedrukt document of een afgedrukte foto te scannen met de camera. U kunt de software vervolgens gebruiken om de afbeelding te bewerken, op te slaan, af te drukken of te delen.1. Open de HP software op uw mobiele apparaat. Maak een HP account aan of meld u daarbij aan als daarom wordt gevraagd.2. Zorg ervoor dat uw printer is geselecteerd.3. Selecteer een van de scan- of kopieeropties of -tegels.4. Wijzig instellingen.5.
Richt de camera op uw onderwerp en tik vervolgens op de ronde knop onder aan het scherm om een foto te maken.6. Breng de nodige wijzigingen aan en volg de aanwijzingen op het scherm om de taak te voltooien.Kopiëren, scannen en Mobile Fax23
Scannen met behulp van HP printersoftware (Windows)Zorg ervoor dat de software op uw computer is geïnstalleerd. 1. Plaats het origineel met de bedrukte zijde naar beneden op de glasplaat van de scanner of met de bedrukte zijde naar boven in de documentinvoer (sommige printermodellen). 2. Open de software. Zie De HP printersoftware gebruiken (Windows). 3. Klik op Scannen en klik vervolgens op Een document of foto scannen. 4. Selecteer het gewenste type scan en klik vervolgens op Scannen. Als u naar een bestand scant, kiest u de bestandsindeling om het document (of de foto) op te slaan. OPMERKING:● Klik op de koppeling Meer in de rechterbovenhoek van het dialoogvenster Scannen om de instellingen voor scans te controleren en te wijzigen. ● Als Voorbeeld weergeven na scannen werd geselecteerd, kunt u in het voorbeeldscherm aanpassingen aan de gescande afbeelding aanbrengen.
Webscan gebruikenWebscan is een functie van de EWS waarmee u foto's en documenten kunt scannen van uw printer naar uw apparaat met een webbrowser. Webscan biedt basisopties. gebruik HP software voor andere scanopties. OPMERKING: Voor uw beveiliging zijn bepaalde instellingen in de EWS beveiligd met een wachtwoord. Voer het wachtwoord in als dit wordt gevraagd. Dit is het wachtwoord dat u in de EWS hebt ingesteld of de standaard-PIN die op een label op de printer staat vermeld. Zie Het standaardwachtwoord of de standaard-PIN van de printer zoeken. Webscan gebruikenVolg deze stappen:1. Open de EWS. Zie De EWS openen en gebruiken. 2. Klik op het tabblad Instellingen. 3. Klik in het linkermenu op Beveiliging en selecteer vervolgens Beheerdersinstellingen. 4. Selecteer de optie om Webscan in te schakelen. 5. Klik op Toepassen. Scannen met WebscanVolg deze stappen:1.
3. Klik op het tabblad Scannen. 4. Klik in het linkermenu op Webscan. 5. Selecteer de gewenste opties en klik op Scan starten. Tips voor scannen en kopiërenVolg deze tips om problemen met kopiëren en scannen te voorkomen. ● Houd de glasplaat van de scanner en de achterkant van de scannerklep schoon. De scanner interpreteert alles wat hij op de glasplaat detecteert als een onderdeel van de afbeelding. ● Plaats het origineel met de bedrukte zijde naar beneden op de glasplaat van de scanner of met de bedrukte zijde naar boven in de documentinvoer (sommige printermodellen). ● Gebruik HP software als u scaninstellingen wilt wijzigen. ● Controleer of u de juiste bron hebt geselecteerd (bijvoorbeeld glasplaat van de scanner) wanneer u met de HP software scant.
● Om een grote kopie te maken van een klein origineel, scant u het origineel naar de computer, vergroot u de afbeelding in de scansoftware en drukt u vervolgens een kopie af van de vergrote afbeelding. ● Zorg ervoor dat de helderheid goed is ingesteld in de software, om verkeerde of ontbrekende gescande tekst te vermijden. Mobiele faxGebruik de functie in HP Smart om snel meerdere pagina's te scannen en faxen vanaf uw mobiele apparaat of computer. Ga naar hpsmart. com/mobile-fax voor meer informatie. 1. Zorg ervoor dat uw mobiele apparaat of computer verbonden is met een netwerk. 2. Open de HP software op uw computer of mobiele apparaat. Maak een HP account aan of meld u daarbij aan als daarom wordt gevraagd. 3. Selecteer de tegel Mobiele fax. Als de tegel ontbreekt, tikt of klikt u op Tegels personaliseren om deze aan uw beginscherm toe te voegen.
OPMERKING: Als u deze functie niet kunt vinden, is deze mogelijk niet beschikbaar in uw land/regio. 4. Vul de nodige informatie in en schakel indien gewenst een voorblad in. 5. Voeg een bestaand bestand toe om een nieuw bestand te faxen of te scannen met uw printer of mobiele apparaat. 6. Controleer de gegevens en verzend de fax wanneer deze gereed is.
Uw printer congureren6Informatie over het congureren van uw printer met de embedded web server (EWS).OPMERKING: De EWS is alleen beschikbaar voor netwerkprinters.U kunt EWS gebruiken om printerfuncties en -instellingen te beheren vanaf uw computer of mobiele apparaat.● Informatie printerstatus weergeven● De gegevens en status van de printersupplies controleren● Een melding ontvangen als er iets met de printer of de benodigdheden aan de hand is● De netwerk- en printerinstellingen bekijken en wijzigenDe EWS openen en gebruikenVoor het openen van de EWS kunt u kiezen uit:● HP Smart-app● HP printersoftware (Windows)● Webbrowser met IP-adres● Webbrowser met Wi-Fi Direct-verbindingLet op het volgende voor u begint.● Als de webbrowser een bericht weergeeft dat de website onveilig is, selecteert u de optie om door te gaan.
Het openen van de website zal uw apparaat niet beschadigen.● De standaard gebruikersnaam is "admin".● Voor uw beveiliging zijn bepaalde instellingen op de startpagina voor de printer of EWS beveiligd met een wachtwoord.– Wanneer u EWS voor de eerste keer opent, voert u de PIN in als u hierom wordt gevraagd. Dit persoonlijke identicatienummer (PIN) kunt u vinden op het PIN-etiket in de printer.– Open de voorklep en toegangsklep voor de cartridges om het PIN-etiket te vinden.– Zodra u toegang hebt tot EWS, kunt u het wachtwoord wijzigen via EWS.● Afhankelijk van de manier waarop de printer is aangesloten, zijn sommige functies mogelijk niet beschikbaar in EWS.● EWS is niet toegankelijk buiten de netwerkrewall.HP Smart (iOS, Android en Windows 10)Volg deze stappen:26Hoofdstuk 6Uw printer congureren
1. Open de software op uw computer of mobiele apparaat. Maak een HP account aan of meld u daarbij aan als daarom wordt gevraagd.2. Klik of tik op de afbeelding van uw printer om de printerinstellingen te openen.3. Selecteer Geavanceerde instellingen.U gaat nu naar de startpagina van de printer of EWS (embedded web server).OPMERKING: Als u om het wachtwoord voor de printer wordt gevraagd, voert u de standaardpincode in die op het PIN-label op de printer staat vermeld. Zie Het standaardwachtwoord of de standaard-PIN van de printer zoeken.De EWS openen met een IP-adres (Wi-Fi-verbinding)Volg deze stappen:1. Zoek het IP-adres. Druk op de knop Informatie op de printer om een informatiepagina af te drukken.2. Open een webbrowser, typ het IP-adres of de hostnaam in de adresbalk en klik of tik vervolgens op Enter.De EWS openen met een IP-adres (Wi-Fi Direct-verbinding)Volg deze stappen:1.
Zorg ervoor dat uw apparaat en de printer verbonden zijn via Wi-Fi Direct. Zie Verbinding maken met Wi-Fi Direct.2. Open een webbrowser, typ het volgende IP-adres of de hostnaam van de printer in de adresbalk en klik of tik vervolgens op Enter.IP-adres: 192.168.223.1De papierinstellingen wijzigenOm problemen te voorkomen, wijzigt u de papierinstellingen zodat deze overeenkomen met het papier in de invoerlade.Volg deze stappen:1. Open de EWS.2. Klik op het tabblad Instellingen.3. Klik in het linkermenu op Voorkeuren.4. Klik op Lade- en papierbeheer en breng de nodige wijzigingen aan.5. Klik op Toepassen .Netwerkinstellingen weergeven of wijzigenOpen de EWS en klik op het tabblad Netwerk om netwerkinformatie weer te geven of instellingen te wijzigen.De EWS openen met een IP-adres (Wi-Fi-verbinding)27
De printer in een netwerk een andere naam gevenDe printer in een netwerk een andere, unieke naam geven.1. Open de EWS.2. Klik op het tabblad Netwerk.3. Klik in het linkermenu op Algemeen.4. Klik op Netwerkidenticatie.5. Breng de benodigde wijzigingen aan en klik op Toepassen.Het systeemwachtwoord toewijzen of wijzigenWijs een beheerderswachtwoord toe voor toegang tot de printer en de EWS, zodat onbevoegde gebruikers de printerinstellingen niet kunnen wijzigen.1. Open de EWS.2. Klik op het tabblad Instellingen.3. Klik in het linkermenu op Beveiliging.4. Klik op Wachtwoordinstellingen.5. Breng de benodigde wijzigingen aan en klik op Toepassen.OPMERKING: Schrijf het wachtwoord op en bewaar het op een veilige plaats.Webservices gebruikenWebservices is tijdens de printerinstallatie ingeschakeld.
U kunt dit verwijderen van de startpagina van de printer of embedded web server (EWS).OPMERKING: Houd Webservices ingeschakeld als u gebruikmaakt van internetservices waarvoor de printer een internetverbinding met de HP server nodig heeft.U gebruikt bijvoorbeeld een HP+ printer of een HP Instant Ink-service.Webservices verwijderen via de EWSVolg deze stappen:1. Open de EWS.2. Klik op het tabblad Webdiensten.3. Klik in het linkermenu op Instellingen webservices, op Webservices verwijderen en volg de aanwijzingen op het scherm.28Hoofdstuk 6Uw printer congureren
Deze updates kunnen ook cartridges blokkeren die aangepaste elektronische circuits hebben of circuits die niet van HP zijn, zodat ze niet in de printer werken, inclusief cartridges die momenteel wel werken. Tenzij u zich hebt aangemeld voor bepaalde HP-programma’s zoals Instant Ink of andere services gebruikt waarvoor automatische online rmware-updates nodig zijn, kunnen de meeste HP printers gecongureerd worden om updates automatisch te ontvangen, of via een melding waarbij u kunt kiezen of u de printer wilt updaten of niet. Voor meer informatie over dynamische beveiliging en het congureren van online rmware-updates gaat u naar www. hp. com/learn/ds. Wat u moet weten als u cartridges gebruiktVolg deze richtlijnen. ● Gebruik originele HP cartridges. Als u een HP+ printer hebt, moet u originele HP cartridges gebruiken.
HP kan de kwaliteit of betrouwbaarheid van materiaal dat niet van HP is, niet garanderen. Onderhoud of herstellingen aan het apparaat die nodig zijn door het gebruik van dergelijk materiaal, worden niet gedekt door de garantie. Als het bericht 'Geen HP cartridge' in de printersoftware wordt weergegeven en u bent van mening een originele HP cartridge te hebben gekocht, gaat u naar hp. com/go/anticounterfeit. ● Hanteer de cartridges met de nodige voorzichtigheid. Door de cartridges tijdens de installatie te laten vallen, te schudden of ruw te behandelen, kunnen tijdelijke afdrukproblemen ontstaan. ● Bewaar cartridges bij kamertemperatuur (15 - 35 °C of 59 - 95 °F). ● Haal alle cartridges pas uit de originele luchtdichte verpakking als u ze nodig heeft. ● Open de cartridges niet en verwijder de beschermkap niet tot u de cartridge kunt installeren.
Hoe moet je scannen met de hp deskjet 4220e
T de Vries - 1 September 2026Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met HP Deskjet 4220e stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer HP
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer